Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Simpelveld

Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieSimpelveld
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingBesluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010
CiteertitelBesluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpmaatschappelijke zorg en welzijn
Eigen onderwerp
Externe bijlagenToelichting Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010 Bijlage Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Deze regeling vervangt het besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2007.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. Wet Maatschappelijke Ondersteuning, art. 4
  2. Wet Maatschappelijke Ondersteuning, art. 6
  3. Verordening Individuele Voorzieningen Maatschappelijke Ondersteuning 2010

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen.

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

01-02-201401-02-2014intrekking

28-01-2014

Weekblad d’r Troebadoer, 04-02-2014

C, 28-01-2014
15-01-201001-01-201001-02-2014nieuwe regeling

21-12-2009

Weekblad Parkstad, 07-01-2010

R, 21-12-09

Tekst van de regeling

Intitulé

Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010

BESLUIT MAATSCHAPPELIJKE ONDERSTEUNING GEMEENTE SIMPELVELD 2010

 

Het college van de gemeente Simpelveld, gelet op artikel 4 en 6 van de Wet Maatschappelijke Ondersteuning, gelet op de Verordening Individuele Voorzieningen Maatschappelijke Ondersteuning 2010, gehoord de gemeentelijke adviesorganen, overwegende dat het noodzakelijk is om uitvoeringsregels op te stellen naar aanleiding van de te treffen voorzieningen om de beperkingen, die iemand ondervindt bij het participeren in de samenleving, te compenseren, besluit het volgende Besluit vast te stellen:

PARAGRAAF 1 ALGEMENE BEPALINGEN
Artikel 1 Begripsbepalingen

In dit besluit wordt verstaan onder:

  • a.

    Wet: Wet maatschappelijke ondersteuning.

  • b.

    Het college: het college van burgemeester en wethouders gemeente Simpelveld.

  • c.

    Aanvrager: 1. een persoon met beperkingen van 18 jaar en ouder oftewel de wettelijk vertegenwoordiger of diens gemachtigde 2. de wettelijk vertegenwoordiger oftewel een gemachtigde van een persoon met beperkingen van jonger dan 18 jaar.

  • d.

    Persoon met beperkingen: een persoon die ten gevolge van ziekte of gebrek, inclusief chronische psychische en psychosociale problemen, aantoonbare beperkingen ondervindt bij het uitvoeren van activiteiten op het gebied van het voeren van het huishouden, bij het normale gebruik van de woning; bij het verplaatsen in en om de woning, bij het zich lokaal verplaatsen per vervoermiddel of bij het ontmoeten van medemensen en het op basis daarvan aangaan van sociale verbanden

  • e.

    Algemene voorziening: een voorziening die wordt geleverd op basis van directe beschikbaarheid, een beperkte toegangsbeoordeling en die een snelle, regelarme en adequate oplossing biedt voor een persoon met beperkingen.

  • f.

    Individuele voorziening: een voorziening die individueel wordt aangeboden indien een algemene voorziening geen adequate oplossing biedt.

  • g.

    Eigen bijdrage of eigen aandeel in de kosten: een door het college van burgemeester en wethouders vast te stellen bijdrage, die bij respectievelijk de verstrekking van een voorziening in natura, een financiële tegemoetkoming of een persoonsgebonden budget betaald moet worden en op waarop de regels van het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010 van toepassing zijn.

  • h.

    Meerkosten: kosten van een mogelijk krachtens de wet te verlenen voorziening, voor zover dit deel van de kosten uitgaat boven voor die persoon als algemeen gebruikelijk te beschouwen kosten voor een dergelijke voorziening.

  • i.

    Voorzieningen in natura: een voorziening die in eigendom, in bruikleen, in huur of in de vorm van persoonlijke dienstverleningwordt verstrekt.

  • j.

    Persoonsgebonden budget (PGB): een geldbedrag waarmee de aanvrager één of meer aan hem te verlenen compenserende voorzieningen kan verwerven en waarop de in de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010 en het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010 te stellen regels van toepassing zijn.

  • k.

    Financiële tegemoetkoming: een bijdrage in de kosten van een voorziening, al dan niet met inachtneming van een eigen bijdrage of een eigen aandeel.

  • l.

    Inkomen: Het verzamelinkomen van de aanvrager, waarbij de gegevens van de belastingdienst gehanteerd worden.

  • m.

    Hoofdverblijf: de woonruimte, bestemd en geschikt voor permanente bewoning, waar de persoon met beperkingen zijn vaste woon,- en verblijfplaats heeft en in de gemeentelijke basisadministratie staat ingeschreven dan wel zal staan ingeschreven, dan wel het feitelijke woonadres indien de persoon met beperkingen met een briefadres is ingeschreven.

  • n.

    Gemeenschappelijke ruimte: gedeelte(n) van een woongebouw, niet behorende tot de onderscheiden woningen, bestemd en noodzakelijk om de woning van de persoon met beperkingen vanaf de toegang tot de woning te bereiken.

  • o.

    Compensatiebeginsel: de algemene verplichting aan het gemeentebestuur om personen met aantoonbare beperkingen op grond van ziekte of gebrek door het treffen van voorzieningen een gelijkwaardige uitgangspositie te verschaffen zodat zij zelfredzaam zijn en in staat tot maatschappelijke participatie.

  • p.

    collectieve vervoersvoorziening / CVV: Collectief vraagafhankelijk vervoer is een vorm van openbaar vervoer waarvan iedereen binnen het vervoersgebied gebruik kan maken en dat tevens voorziet in het deur tot deur vervoer van gehandicapten, al dan niet gebruik makend van een rolstoel.

  • q.

    Norminkomen: De inkomensgrens die gehanteerd wordt bij het bepalen van de eigen bijdrage, en die tevens dient als grens voor het wel of niet in aanmerking komen van een voorziening.

  • r.

    Algemeen gebruikelijk: Naar geldende maatschappelijke normen tot het gangbare gebruiks- en bestedingspatroon van een persoon behorend.

  • s.

    Collectieve voorziening: Deze voorzieningen zijn algemeen van aard en bedoeld voor iedere ingezetene van de gemeente, ongeacht diens eventuele beperkingen.

  • t.

    Voorliggende voorziening:

    Een voorliggende voorziening betreft:

    • a.

      voorzieningen die tot 1 januari 2010 onder de Welzijnswet vallen en na die datum onder de Wmo plús

    • b.

      de algemene voorzieningen (een voorziening die wordt geleverd op basis van directe beschikbaarheid, een beperkte toegangsbeoordeling en die een snelle, regelarme en adequate oplossing biedt voor de beperkingen die een persoon ondervindt).

      Deze voorzieningen zijn immers algemeen van aard en bedoeld voor iedere ingezetene van de gemeente, ongeacht diens eventuele beperkingen.

PARAGRAAF 2 VORM VAN TE VERSTREKKEN VOORZIENINGEN
Artikel 2 Persoonsgebonden budget
  • 1.

    Verstrekking van een toegekende individuele voorziening, zoals bedoeld in artikel 3 van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010, in de vorm van een persoonsgebonden budget vindt plaats op verzoek van de aanvrager.

  • 2.

    Het persoonsgebonden budget is inclusief onderhoud en reparatie zoals dat door het college aan de leverancier wordt betaald bij de verstrekking van een voorziening in natura.

  • 3.

    Verstrekking van het persoonsgebonden budget, zoals bedoeld in artikel 3 van de verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010, vindt niet plaats indien:

    • a.

      op grond van aanwijzingen die tijdens het onderzoek duidelijk zijn geworden het ernstig vermoeden bestaat dat de aanvrager problemen zal hebben bij het omgaan met een persoonsgebonden budget;

    • b.

      op grond van aanwijzingen die tijdens het onderzoek duidelijk zijn geworden het ernstig vermoeden bestaat dat de aanvrager niet kan voldoen aan lopende financiële verplichtingen.

    • c.

      op grond van aanwijzingen die tijdens het onderzoek duidelijk zijn geworden het ernstig vermoeden bestaat dat de verstrekking van het persoonsgebonden budget niet bijdraagt aan het leveren van een adequate voorziening.

  • 4.

    De verstrekking van een persoonsgebonden budget wordt na toekenning op basis van bevoorschotting als volgt uitgekeerd:

    • 1.

      persoonsgebonden budget “hulp bij het huishouden” tot € 2.500 op jaarbasis: in één keer;

    • 2.

      persoonsgebonden budget “hulp bij het huishouden” tussen € 2.500 en € 5.000 op jaarbasis: per half jaar;

    • 3.

      persoonsgebonden budget “hulp bij het huishouden” tussen € 5.000 en € 25.000 op jaarbasis: per kwartaal;

    • 4.

      persoonsgebonden budget “hulp bij het huishouden” boven € 25.000 op jaarbasis: maandelijks;

    • 5.

      persoonsgebonden budget “woonvoorzieningen, vervoersvoorzieningen en rolstoelen”: in één keer vooraf na toekenning

     

    HOOGTE PERSOONSGEBONDEN BUDGET

    VERSTREKKINGSTERMIJN

    PGB HbH tot € 2.500,=

    In één keer

    PGB HbH tussen € 2.500,= en € 5.000,=

    Per half jaar

    PGB HbH tussen € 5.000,= en € 25.000,=

    Per kwartaal

    PGB HbH boven € 25.000,=

    Maandelijks

    PGB woon-, vervoersvoorzieningen en rolstoelen

    In één keer

  • 5.

    Een ieder die een persoonsgebonden budget toegekend heeft gekregen, legt hier verantwoording over af binnen zes weken na afloop van de verstrekking dan wel conform het onderstaande verantwoordingsritme:

    • a.

      persoonsgebonden budget “hulp bij het huishouden” tot € 2.500 op jaarbasis: in één keer;

    • b.

      persoonsgebonden budget “hulp bij het huishouden” tussen € 2.500 en € 5.000 op jaarbasis: per

      half jaar;

    • c.

      persoonsgebonden budget “hulp bij het huishouden” boven € 5.000 op jaarbasis: per kwartaal;

    • d.

      persoonsgebonden budget “woonvoorzieningen, vervoersvoorzieningen en rolstoelen”: na

      ontvangst van de verstrekking of afronding van de aanpassing.

       

    HOOGTE PERSOONSGEBONDEN BUDGET

    VERANTWOORDINGSFREQUENTIE

    PGB HbH tot € 2.500,=

    In één keer

    PGB HbH tussen € 2.500,= en € 5.000,=

    Per half jaar

    PGB HbH tussen € 5.000,= en € 25.000,=

    Per kwartaal

    PGB HbH boven € 25.000,=

    Maandelijks

    PGB woon-, vervoersvoorzieningen en rolstoelen

    In één keer

  • 6.

    De controle van de verantwoording van het persoonsgebonden budget door de budgethouder aan het college, zoals bedoeld in artikel 6 onder lid 6 van de , Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010, vindt steekproefsgewijs plaats waarbij de steekproef minimaal een omvang heeft van 10% van de verstrekte persoonsgebonden budgetten, na afloop van de verstrekking dan wel na afloop van enig kalenderjaar.

  • 7.

    Het persoonsgebonden budget ten behoeve van hulp bij het huishouden kent een vrij besteedbaar bedrag, waarover geen verantwoording verschuldigd is. Dit bedraagt 1,5% van het totaal toegekende bedrag, met een minimum van € 250,00 en een maximum van € 1.250,00 op jaarbasis.

  • 8.

    Een toegekende verstrekking van het persoonsgebonden budget kan achteraf worden teruggevorderd of ingetrokken bij gebleken misbruik of onverantwoord gebruik van het toegekende persoonsgebonden budget.

  • 9.

    Bij de verstrekking van de hoogte van een persoonsgebonden budget voor individuele voorzieningen, zoals bedoeld in artikel 12 van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuningen gemeente Simpelveld 2010, wordt een eigen bijdrage in rekening gebracht zoals bedoeld in artikel 4 van het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010, tenzij anders is bepaald.

Artikel 3 Vaststelling persoonsgebonden budget bij individuele voorzieningen
  • 1.

    Voor het persoonsgebonden budget voor individuele voorzieningen, met uitzondering van de hulp in de huishouding, wordt een bruto bedrag beschikbaar gesteld dat 100% is van het bedrag zoals de kosten van de te verstrekken voorziening in natura bedragen. De kosten in natura zijn de kosten zoals door de gemeente overeengekomen met de dienstverlenende organisatie die deze voorziening biedt, dan wel is vastgesteld op basis van de goedkoopst adequate offerte.

  • 2.

    Bij de toekenning en vaststelling van een persoonsgebonden budget voor individuele voorzieningen kan een eigen bijdrage worden geheven, zoals vermeld in artikel 4 onder 3 tot en met 6 van het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010, tenzij anders is bepaald.

Artikel 4 Omvang van eigen bijdragen, eigen aandeel en inkomensgrenzen
  • 1.

    Aan personen aan wie maatschappelijke ondersteuning is verleend, wordt, voor zover deze ondersteuning bestaat uit het verstrekken van een individuele voorziening of een persoonsgebonden budget een eigen bijdrage gevraagd, tenzij anders is bepaald.

  • 2.
    • a.

      Onder gehuwd zijn wordt verstaan: gehuwd zijn voor de burgerlijke stand, een geregistreerd partnerschap of samenwonend met een fiscaal partnerschap.

    • b.

      Onder ongehuwd zijn wordt verstaan: alleenstaand, zonder dat er sprake is geregistreerd partners of samenwonend met een fiscaal partnerschap.

  • 3.

    Het bedrag dat personen, aan wie een individuele voorziening is verleend, dienen te betalen wordt jaarlijks vóór 1 januari door het college vastgesteld aan de hand van het jaarlijkse ministeriële besluit (AmvB), tenzij anders is bepaald.

  • 7.

    Ter bepaling of een aanvrager in aanmerking komt voor een vervoersvoorziening en / of een eigen bijdrage (aandeel) in de kosten van een woonvoorziening dient te betalen, wordt per categorie de grens van het betreffende jaar gehanteerd (zie tabel in de toelichting).

  • 8.

    Voor voorzieningen, uitgezonderd hulp bij het huishouden, waarvan de kosten per aanvraag minder dan € 50,= bedragen, wordt geen financiële tegemoetkoming verleend.

Artikel 5 negenendertig perioden van vier weken
  • 1.

    Indien een voorziening bestaat uit een niet roerende zaak of uit een bouwkundige of woontechnische aanpassing van een woning, wordt gedurende een periode van 39 maal vier weken een eigen bijdrage in rekening gebracht. Bij de vaststelling van de hoogte van een financiële tegemoetkoming gedurende die periode wordt een met toepassing van

    het in artikel 4 van het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010 vastgestelde bedrag in mindering gebracht (de eigen bijdragen mogen de werkelijke kosten niet overschrijden).

PARAGRAAF 3 HULP BIJ HET HUISHOUDEN / INDIVIDUELE BEGELEIDING
Artikel 6 vaststelling persoonsgebonden budget hulp bij het huishouden en individuele begeleiding
  • 1.
    • a.

      Voor het persoonsgebonden budget ten aanzien van hulp bij het huishouden daar waar het alleen schoonmaakwerkzaamheden betreft (HbH basis) wordt een bedrag per uur beschikbaar gesteld van €14,92.

    • b.

      Voor het persoonsgebonden budget ten aanzien van hulp bij het huishouden daar waar het schoonmaakwerkzaamheden met lichte ondersteuning in de huishouding betreft (HbH plus) wordt een bedrag per uur beschikbaar gesteld van €18,07.

    • c.

      Voor het persoonsgebonden budget ten aanzien van individuele begeleiding wordt een bedrag per uur beschikbaar van €36,37 (planbare zorg).

    • d.

      Voor het persoonsgebonden budget ten aanzien van individuele begeleiding extra wordt een bedrag per uur beschikbaar van €38,96 (onplanbare zorg).

  • 2.

    De in artikel 6, lid 1 van dit besluit genoemde bedragen gelden voor 2010 en zullen jaarlijks worden verhoogd met het CBS loonindexcijfer.

  • 3.

    Bij de toekenning en vaststelling van een persoonsgebonden budget voor individuele voorzieningen wordt een eigen bijdrage in rekening gebracht, zoals vermeld in artikel 4 onder 3 tot en met 6 van het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010, tenzij anders is bepaald.

PARAGRAAF 4 WOONVOORZIENINGEN
Artikel 7 Hoogte financiële tegemoetkoming in de kosten van woonvoorzieningen
  • 1.
    • a.

      De hoogte van de financiële tegemoetkoming, zoals bedoeld in artikel 18. onder d van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010, minus het eventuele eigen aandeel voor de woonvoorziening, wordt vastgesteld als tegenwaarde van het bedrag zoals vermeld in de door het college geaccepteerde offerte dan wel het door het college voor dergelijke voorziening vastgesteld maximum voor kleine woningaanpassingen: de maximale vergoedingen staan beschreven in bijlage II.

    • b.

      De hoogte van of het persoonsgebonden budget zoals bedoeld in artikel 18. onder c van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010 minus de eventuele eigen bijdrage voor de woningvoorziening, wordt vastgesteld als tegenwaarde van het bedrag zoals vermeld in de door het college geaccepteerde offerte dan wel het door het college voor dergelijke voorziening vastgesteld maximum.

    • c.

      budget voor de kosten van een woonvoorziening als bedoeld in artikel 18 van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010, bedraagt bij inkomens tot en met de inkomensgrenzen zoals genoemd in artikel 4 lid 7 van het Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010, 100% van de voor subsidie in aanmerking komende kosten.

  • 2.

    De hoogte van de door het college te verlenen financiële tegemoetkoming voor een woonvoorziening als bedoeld in artikel 20 onder a van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010 (tegemoetkoming in de verhuis- en herinrichtingskosten) bedraagt maximaal € 2.270,00.

  • 3.

    Een financiële tegemoetkoming in de kosten van onderhoud, keuring en reparatie ten behoeve van een verstrekte voorziening zoals bedoeld in artikel 20 onder b, c en d van de verordening wordt verstrekt indien;

    • a.

       de woonvoorziening nog in het kader van de verordening Wet Voorzieningen Gehandicapten is verleend of;

    • b.

      de woonvoorziening in het kader van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010 is verleend;

    • c.

      én de woonvoorziening voorkomt op de in bijlage IV genoemde voorzieningen;

    • d.

      én de gehandicapte ten tijde van het onderhoud, keuring of reparatie de woonruimte als hoofdverblijf heeft en bewoont.

  • 4.

    Indien een woonvoorziening zoals bedoeld in artikel 20 onder b, c en d van de verordening wordt verstrekt en het betreft het uitbreiden van bestaande woningen, dan wel het groter bouwen van een nieuw te bouwen woning dan zonder de voorzieningen nodig zou zijn, kunnen burgemeester en wethouders een bijdrage verlenen voor de extra te verwerven grond die ten hoogste overeenkomt met de bijdrage voor het aantal vierkante meters per vertrek en een gedeelte van de buitenruimte bij de woning, zoals vermeld in bijlage III.

  • 5.

    Het bedrag dat als maximum verstrekt wordt bij het bezoekbaar maken van de woonruimte, zoals bedoeld in artikel 24 lid 4 van de Verordening individuele maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010, bedraagt € 3.000,00. De financiële tegemoetkoming kan worden toegekend voor het bezoekbaar maken van maximaal één woning.

  • 6.

    Indien de technische levensduur van de woonwagen ten tijde van de indiening van de aanvraag minder dan 5 jaar is, of de standplaats van de woonwagen binnen 5 jaar voor opheffing in aanmerking komt, bedraagt de hoogte van de aanpassingskosten de werkelijke kosten met een maximum van € 2.500,00.

  • 7.

    Het in artikel 26 van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010 afschrijvingsschema luidt als volgt:

    terugbetaling:

    in het eerste jaar 100% van de meerwaarde van de woning na subsidie in het tweede jaar 90%  van de meerwaarde van de woning na subsidie

    in het derde jaar 80% van de meerwaarde van de woning na subsidie

    in het vierde jaar 70% van de meerwaarde van de woning na subsidie

    in het vijfde jaar 60%  van de meerwaarde van de woning na subsidie

    in het zesde jaar 50% van de meerwaarde van de woning na subsidie

    in het zevende jaar 40% van de meerwaarde van de woning na subsidie

    in het achtste jaar 30% van de meerwaarde van de woning na subsidie

    in het negende jaar 20% van de meerwaarde van de woning na subsidie

    in het tiende jaar 10% van de meerwaarde van de woning na subsidie

  • 8.

    Indien de kosten van woningaanpassing € 6.500,= of meer bedragen voor voorzieningen zoals genoemd in artikel 20 van Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010 , dient de aanvrager in principe te verhuizen naar een voor hem / haar geschikte aangepaste woning, voor zover deze binnen een termijn van zes maanden beschikbaar is. Dit wordt het verhuisprimaat genoemd. De tegemoetkoming als bedoeld in artikel 7, lid 2 van dit besluit (de verhuiskostenvergoeding) wordt alsdan verstrekt.

PARAGRAAF 5 HET ZICH VERPLAATSEN PER VERVOERMIDDEL
Artikel 8 Vaststelling persoonsgebonden budget
  • 1.

    Bij de verstrekking of toekenning van een algemene of individuele vervoersvoorziening geniet de voorziening, zoals bedoeld in artikel 27, onder a (collectief vervoer) en b (scootmobiel) van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010, altijd het primaat boven de verstrekking van een persoonsgebonden budget. Uitzondering hierop zijn de vervoersvoorzieningen die om een medische reden en/of andere zwaarwegende redenen niet ingevuld kunnen worden door de verstrekking van een collectieve vervoersvoorziening en scootmobielen.

  • 2.

    Het persoonsgebonden budget voor een scootmobiel wordt vastgesteld op basis van de tegenwaarde van de huurprijs dan wel de koopprijs van de goedkoopst- adequate voorziening inclusief onderhoud en reparatie zoals dat door het college aan de gecontracteerde leverancier(s) wordt betaald.

Artikel 9 Eigen bijdragen en hoogte financiële tegemoetkomingen in de kosten van vervoersvoorzieningen
  • 1.

    Indien het inkomen, zoals bedoeld onder artikel 1 lid t van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010 van een ongehuwde persoon of het gezamenlijk inkomen van gehuwde personen, meer bedraagt dan 1,5 maal de in artikel 4 lid 7 van dit Besluit voor de genoemde inkomensgrenzen, wordt de aanvrager geacht de kosten van het lokaal vervoer of het bezit en gebruik van een auto zelf te kunnen dragen en derhalve algemeen gebruikelijk geacht, zodat een auto of een met een auto vergelijkbare voorziening en de daarmee samenhangende gebruiks- en onderhoudskosten niet in aanmerking komen voor verstrekking of vergoeding.

  • 2.

    De hoogte van een door het college te verlenen financiële tegemoetkoming voor de aanpassing van een eigen auto wordt vastgesteld als tegenwaarde van het bedrag zoals vermeld in de door het college geaccepteerde offerte dan wel het door het college voor dergelijke voorziening vastgesteld maximum. De vergoeding wordt éénmaal per 5 jaar verstrekt.

     

    Indien als gevolg van toepassing van dit artikel extra verzekeringskosten en hogere kosten i.v.m. de motorrijtuigenbelasting ontstaan, komen deze meerkosten voor vergoeding in aanmerking. Bij tussentijdse hernieuwde aanvraag (aanschaf andere auto) wordt naar rato van de verstreken tijd een vergoeding verleend. Op de vergoeding wordt dan een mindering toegepast gebaseerd op de eerdere vergoeding voor hetzelfde type uitvoering van de auto. De korting wordt niet toegepast indien de hernieuwde aanvraag een gevolg is van een calamiteit.

  • 3.

    Indien het CVV (artikel 27 a van de verordening) geen adequate voorziening is, het inkomen niet meer bedraagt dan de in artikel 4 lid 7 van dit besluit voor de genoemde inkomensgrenzen, kan desgevraagd een financiële tegemoetkoming in de kosten van een autoaanpassing van de eigen auto, in plaats van het tegen gereduceerde tarief (blauwe strippenkaarttarief) gebruik van het CVV, verstrekt worden. Deze financiële tegemoetkoming wordt ten hoogste éénmaal per vijf jaar verstrekt. De hoogte van de vergoeding bedraagt maximaal 50% van het bedrag zoals opgenomen in artikel 9 lid 4 van dit besluit (één van de opties) gedurende 5 jaar. Met de toepassing van dit artikel komen verdere aanspraken op basis van artikel 27 onder a, van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010 gedurende een periode van 5 jaren te vervallen.

  • 4.

    Het bedrag dat verstrekt wordt voor het gebruik van vervoersvoorziening zoals bedoeld in artikel 27 onder c van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente  Simpelveld 2010 bedraagt:

    • a.

      voor een tegemoetkoming in de kosten van het gebruik van personenvervoer maximaal € 994,00 per jaar;

    • b.

      voor een tegemoetkoming in de kosten van het gebruik van een rolstoelvervoer maximaal € 1.490,00 per jaar.

    • c.

      voor het gebruik van een eigen auto per kilometer een vergoeding die gelijk is aan de som van het fiscaal belaste en onbelaste deel reiskostenvergoeding werkverkeer (dus gelijk aan het huidige algemeen gehanteerde bedrag) met een maximum van 2.000 kilometer per jaar.

       

      De cliënt aan wie een vergoeding, uitgezonderd Pgb, zoals bedoeld in artikel 27 onder c van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010 verstrekt wordt, is geen verantwoording van dit bedrag aan de gemeente verschuldigd.

  • 5.

    Indien aan een persoon een combinatie van vervoersvoorzieningen als bedoeld in artikel 27 onder b en c van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010 toegekend is (b.v. scootermobiel en een Pgb), bedraagt de hoogte van de financiële vergoeding of het Pgb maximaal 75% van de hoogte zoals genoemd in dit besluit onder artikel 9 lid 5.

  • 6.

    Indien beide echtgenoten een aanvraag indienen, wordt bij een voorziening zoals bedoeld onder artikel 27 onder c van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010, niet meer dan anderhalf maal een enkele vergoeding zoals genoemd in dit besluit onder artikel 9 lid 5 toegekend.

Artikel 10 Besparingsbijdrage

Het bedrag dat door de aanvrager ten gevolge van de verstrekking van een voorziening door de aanvrager wordt bespaard, omdat deze verstrekte voorziening (driewielfiets, fiets in bijzondere uitvoering, scootermobiel) een algemeen gebruikelijke voorziening vervangt of kan vervangen (fiets, snorfiets of brommer), bedraagt € 250,= voor verzamelinkomens hoger dan de inkomensgrenzen zoals genoemd onder artikel 4 lid 7 van dit besluit.

PARAGRAAF 6 VERPLAATSEN IN EN ROND DE WONING
Artikel 11 Vormen van rolstoelvoorzieningen en overige hulpmiddelen
  • 1.

    rolstoelvoorzieningen en overige hulpmiddelen worden in natura en in bruikleen of in de vorm van een persoonsgebonden budget verstrekt. Indien de rolstoelvoorziening of een hulpmiddel in de vorm van een persoongebonden budget verstrekt wordt, wordt de hoogte van de vergoeding bepaald door het gestelde zoals opgenomen in artikel 3 van dit besluit. Het wederom verstrekken van een persoonsgebonden budget voor een reeds eerder verstrekte soortgelijke rolstoelvoorziening of hulpmiddel, kan slechts dan geschieden indien de economische afschrijvingstermijn, zoals deze gelden bij het verstrekken van een voorziening in natura,van de betreffende rolstoelvoorziening of hulpmiddel verstreken is.

  • 2.

    In uitzondering op het gestelde in artikel 11 lid 1 van dit besluit wordt een sportrolstoel altijd als financiële tegemoetkoming/persoonsgebonden budget verstrekt. De hoogte van een door het college te verlenen financiële tegemoetkoming/persoonsgebonden budget voor een sportrolstoel zoals bedoeld in artikel 32 onder d, van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010, is een vaste financiële tegemoetkoming en bedraagt € 2.295,00 per 3 jaar.

PARAGRAAF 7 ADVISERING EN SAMENHANGENDE AFSTEMMING
Artikel 12 Advisering
  • 1.
    • a.

      Het bedrag waarboven ingevolge artikel 37 lid 2 van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010, advisering moet worden gevraagd bedraagt: € 25.000,00. De advisering dient te geschieden door een onafhankelijk extern medisch adviesorgaan.

    • b.

      Indien het bedrag ingevolge artikel 37 lid 2 van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010 lager is dan € 25.000,00 kan het college besluiten om de advisering te laten geschieden door een onafhankelijk extern medisch adviesorgaan conform artikel 37, lid 2b van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010.

  • 2.

    Bij de navolgende aanvragen voor een voorziening, niet zijnde de 1e aanvraag in het kader van de Wmo , is artikel 37 lid 2 sub b van de verordening niet van toepassing (wordt de indicatievrije verstrekking toegepast na toepassen van toetsingscriteria):

    • -

      aanvraag voor een collectief systeem van aanvullend al dan niet openbaar vervoer door personen van 75 jaar en ouder.

    • -

      aanvraag voor het verminderen of verhogen van het aantal uren “hulp in het huishouden” binnen de vastgestelde klasse conform artikel 11 van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010.

       

    VOORZIENINGEN

    CRITERIA

    Aanvraag CVV

    Aanvrager is 75 jaar of ouder

    Aanvraag verlaging of verhoging uren HbH

    Binnen vastgestelde klasse

Artikel 13 Samenhang en afstemming
  • 1.

    Om de verkrijging van individuele voorzieningen samenhangend af te stemmen op de situatie van de aanvrager wordt bij het verzoek inzake het advies ex artikel 38 van de Verordening individuele voorzieningen maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010, indien van toepassing aandacht besteed aan:

  • a.

    de algemene gezondheidstoestand van de aanvrager;

  • b.

    de beperkingen die de aanvrager in zijn of haar functioneren ondervindt als gevolg van ziekte of gebrek;

  • c.

    de woning en woonomgeving van de aanvrager;

  • d.

    de psychisch en sociaal functioneren van de aanvrager;

  • e.

    de sociale omstandigheden van de aanvrager.

     

Bij de besluitvorming en de motivering van het besluit wordt door het college bij deze bevindingen aangesloten.

PARAGRAAF 8 SLOTBEPALINGEN
Artikel 14 Inwerkingtreding
  • 1.

    Het besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010 treedt in werking op 1 januari 2010.

  • 2.

    Het besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2007 wordt per 1 januari 2010 ingetrokken.

Artikel 15 Citeertitel

Dit besluit kan worden aangehaald als: 'Besluit maatschappelijke ondersteuning gemeente Simpelveld 2010'.

Aldus vastgesteld door het college van de Gemeente Simpelveld op 21 december 2009.

De secretaris, De burgemeester,

P.J.J.M. Schillings H.G.G. Bogman