<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR99554_1</dcterms:identifier><dcterms:title>VERORDENING OP DE UITGANGSPUNTEN VOOR HET FINANCIEEL BELEID, ALSMEDE                            VOOR HET FINANCIEEL BEHEER EN VOOR DE INRICHTING VAN DE FINANCIËLE                            ORGANISATIE VAN DE GEMEENTE MOERDIJK</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Moerdijk</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-12-20</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Moerdijk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Moerdijkse Bode, week 19</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Financiële verordening gemeente Moerdijk</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=212&amp;g=2017-07-01">artikel 212 van de Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-04-28</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-05-16</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-12-31</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>VERORDENING OP DE UITGANGSPUNTEN VOOR HET FINANCIEEL BELEID, ALSMEDE
                            VOOR HET FINANCIEEL BEHEER EN VOOR DE INRICHTING VAN DE FINANCIËLE
                            ORGANISATIE VAN DE GEMEENTE MOERDIJK</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label/><nr/><titel/></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Definities</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><al>a.administratie:</al><al>Het systematisch verzamelen, vastleggen, verwerken en verstrekken van
                            informatie ten behoeve van het besturen, het functioneren en het
                            beheersen van (onderdelen van) de organisatie van de gemeente Moerdijk
                            en ten behoeve van de verantwoording die daarover moet worden
                            afgelegd.</al><al/><al>b.financiële administratie:</al><al>Het onderdeel van de administratie dat omvat het systematisch maken en
                            verwerken van aantekeningen betreffende de financiële gegevens van
                            (onderdelen van) de organisatie van de gemeente Moerdijk, teneinde te
                            komen tot een goed inzicht in:</al><lijst><li nr="1."><al>de financieel-economische positie;</al></li><li nr="2."><al>het financiële beheer;</al></li><li nr="3."><al>de uitvoering van de begroting;</al></li><li nr="4."><al>het afwikkelen van vorderingen en schulden;</al></li><li nr="5."><al>alsmede tot het afleggen van rekening en verantwoording
                                    daarover.</al><al/></li></lijst><al>c. adminnistratieve organisatie</al><al>Het stelsel van organisatorische maatregelen gericht op het tot stand
                            brengen en het in stand houden van de goede werking van de bestuurlijke
                            en ambtelijke informatieverzorging ten behoeve van de verantwoordelijke
                            leiding.</al><al/><al>d.financieel beheer: </al><al>Het uitoefenen van bestuur over en toezicht op het beheer van middelen
                            en het uitoefenen van rechten van de gemeente Moerdijk.</al><al/><al>e.doelmatigheid:</al><al>De mate waarin de gewenste prestaties en beoogde maatschappelijke
                            effecten worden gerealiseerd met een zo beperkt mogelijke inzet van
                            middelen, of de mate waarin met de beschikbare middelen zoveel mogelijk
                            resultaat wordt bereikt.</al><al/><al>f.doeltreffendheid:</al><al>De mate waarin de gewenste prestaties en beoogde maatschappelijke
                            effecten van het beleid daadwerkelijk worden behaald.</al><al/><al>g.rechtmatigheid in het kader van accountantscontrole:</al><al>Zoals beschreven in het door de raad vastgestelde programma van eisen
                            accountantskeuze.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1.</nr><titel>Begroting en verantwoording</titel></kop><paragraaf><kop><titel>Kaderstellen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Programmabegroting</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad stelt een programma-indeling vast.</al></li><li nr="2."><al>De raad stelt per programma vast:</al><lijst><li nr="a."><al>de beoogde maatschappelijke effecten (“wat willen we
                                                bereiken”);</al></li><li nr="b."><al>de uit te voeren activiteiten (“wat gaan we daarvoor
                                                doen”);</al></li><li nr="c."><al>de baten en lasten (“wat mag het kosten”).</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het college stelt per programma indicatoren voor met
                                        betrekking tot de beoogde maatschappelijke effecten en de
                                        uit te voeren activiteiten.</al></li><li nr="4."><al>De raad stelt de indicatoren, bedoeld in het derde lid,
                                        vast.</al></li><li nr="5."><al>Het college draagt zorg voor het verzamelen en vastleggen
                                        van gegevens over de uit te voeren activiteiten en de
                                        maatschappelijke effecten, opdat de doelmatigheid en
                                        doeltreffendheid van het beleid zoals vastgesteld door de
                                        raad, kunnen worden getoetst.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Producten</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Ter uitvoering van de programmabegroting stelt het college
                                        een productenraming vast.</al></li><li nr="2."><al>Het college bepaalt welke producten in de productenraming
                                        worden opgenomen.</al></li><li nr="3."><al>Bij iedere begroting en jaarstukken wordt een overzicht
                                        gegeven van de toedeling van de producten uit de
                                        productenraming aan de programma’s, waarbij wijzigingen
                                        expliciet worden aangegeven.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Kaders begroting</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college biedt uiterlijk op 15 juni van het
                                        begrotingsjaar een nota aan over de hoofdlijnen van beleid
                                        en de financiële kaders voor het volgende begrotingsjaar en
                                        de drie opvolgende jaren. In deze nota worden de bevindingen
                                        betrokken uit de rapportage van de begrotingsuitvoering
                                        bedoeld in artikel 9 en de jaarstukken bedoeld in artikel
                                        10.</al></li><li nr="2."><al>De raad stelt deze nota uiterlijk op 15 juli vast.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Planning- en controlcyclus</titel></kop><al>Jaarlijks verstrekt het college aan de raad een overzicht met daarin
                                opgenomen de data voor het aanbieden door het college van de
                                kadernota, de programmabegroting met de meerjarenraming, de
                                tussentijdse rapportages en de jaarstukken.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Uitvoering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Uitvoering begroting</titel></kop><al>Het college draagt er ten aanzien van de productenraming zorg voor
                                dat:</al><lijst><li nr="a."><al>de lasten en baten, door middel van kostentoerekening,
                                        eenduidig zijn toegewezen aan de producten van de
                                        productenraming; </al></li><li nr="b."><al>de budgetten uit de productenraming en de kredieten voor
                                        investeringen passen binnen de kaders zoals geautoriseerd
                                        bij de vaststelling van de uiteenzetting van de financiële
                                        positie;</al></li><li nr="c."><al>wijzigingen op de oorspronkelijk geraamde lasten en baten in
                                        de productenraming geautoriseerd worden door de raad, indien
                                        deze wijzigingen leiden tot een verandering van de omvang
                                        van een programmabudget;</al></li><li nr="d."><al>de lasten van de producten niet dusdanig worden overschreden
                                        dat de realisatie van andere producten binnen hetzelfde
                                        programma onder druk komt.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Beheersing en interne controle</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Interne controle</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college draagt er zorg voor dat de interne controle,
                                        d.w.z. de interne toetsing van de getrouwheid van de
                                        informatieverstrekking en de rechtmatigheid van de
                                        beheersbehandelingen, in de reguliere werkprocessen wordt
                                        geïntegreerd. Een en ander onder meer ten behoeve van het
                                        getrouwe beeld en de rechtmatigheid van de
                                        jaarrekening.</al></li><li nr="2."><al>Het college stelt een interne controleplan op, welke ter
                                        kennisname aan de raad wordt aangeboden.</al></li><li nr="3."><al>Het college draagt zorg voor de jaarlijkse interne toetsing
                                        van een aantal bedrijfsonderdelen op juistheid, volledigheid
                                        en tijdigheid van de bestuurlijke informatievoorziening, de
                                        rechtmatigheid van beheershandelingen en op misbruik en
                                        oneigenlijk gebruik van de gemeentelijke regelingen. Een en
                                        ander zoals is vastgelegd in het in het tweede lid vermelde
                                        interne controleplan.</al></li><li nr="4."><al>Het college zorgt op basis van de resultaten van de toets
                                        bedoeld in het derde lid indien nodig voor een plan van
                                        verbetering. Het college neemt op basis van het plan van
                                        verbetering maatregelen voor herstel van de
                                        tekortkomingen.</al></li><li nr="5."><al>De resultaten van de toets en het plan van verbetering
                                        worden ter kennisgeving aan de raad aangeboden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Misbruik en oneigenlijk gebruik</titel></kop><al>Het college zorgt ervoor dat binnen de gemeentelijke regelingen en
                                werkprocedures voldoende maatregelen worden getroffen om misbruik en
                                oneigenlijk gebruik van de gemeentelijke regelingen en eigendommen
                                te voorkomen.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><titel>Rapportage en verantwoording</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Tussentijdse rapportage en informatie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college informeert de raad door middel van
                                        bestuursrapportages over de realisatie van de begroting van
                                        de gemeente van het lopende boekjaar.</al></li><li nr="2."><al>De bestuursrapportages verschijnen op de volgende
                                        tijdstippen:</al><lijst><li nr="a."><al>de eerste rapportage rond 1 mei van het lopende
                                                begrotingsjaar;</al></li><li nr="b."><al>de tweede rapportage rond 1 augustus van het lopende
                                                begrotingsjaar;</al></li><li nr="c."><al>de derde rapportage rond 1 november van het lopende
                                                begrotingsjaar en</al></li><li nr="d."><al>de vierde rapportage rond 1 februari van het
                                                volgende begrotingsjaar.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De inrichting van de bestuursrapportages sluit aan bij de
                                        programma-indeling van de begroting.</al></li><li nr="4."><al>De rapportages gaan in op afwijkingen, zowel wat betreft
                                        beleidsontwikkelingen, beleidsuitvoering, baten en lasten,
                                        projecten, stand van de reserves en voorzieningen als
                                        statistische gegevens. </al></li><li nr="5."><al>Het college informeert in ieder geval vooraf de raad en
                                        neemt pas een besluit, nadat de raad in de gelegenheid is
                                        gesteld zijn wensen en bedenkingen ter kennis van het
                                        college te brengen voorzover het betreft niet bij begroting
                                        vastgestelde afzonderlijke verplichtingen inzake:</al><lijst><li nr="a."><al>investeringen groter dan € 25.000,-</al></li><li nr="b."><al>aankoop en verkoop van goederen en diensten groter
                                                dan € 10.000,-</al></li><li nr="c."><al>het verstrekken van leningen, waarborgen en
                                                garanties.</al></li></lijst></li><li nr="6."><al>Het college informeert vooraf de raad en neemt pas een
                                        besluit, nadat de raad in de gelegenheid is gesteld zijn
                                        wensen en bedenkingen ter kennis van het college te brengen
                                        indien het college nieuwe meerjarige verplichtingen aangaat
                                        waarvan de jaarlijkse lasten groter zijn dan €
                                        10.000,-.</al></li><li nr="7."><al>Indien het college gebruik maakt van haar bevoegdheid om
                                        zelfstandig nieuwe (meerjarige) verplichtingen aan te gaan –
                                        conform het gestelde in het vijfde en zesde lid -, stelt het
                                        college de raad hiervan op de hoogte via de commissie waarin
                                        de financiële aangelegenheden behandeld worden (in
                                        eerstvolgende vergadering volgend op het betreffende
                                        collegebesluit).</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Jaarstukken</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college legt verantwoording af over de uitvoering van de
                                        programma's. In de verantwoording geeft het college
                                        aan:</al><lijst><li nr="a."><al>de maatschappelijke effecten (“wat is bereikt”);</al></li><li nr="b."><al>de uitgevoerde activiteiten (“wat hebben we daarvoor
                                        gedaan”);</al></li><li nr="c."><al>de baten en lasten (“wat heeft het gekost”);</al></li><li nr="d."><al>Hoe de resultaten zich verhouden tot de in de begroting
                                        gestelde doelen.</al><al/></li><li nr="e."><al>De raad bepaalt aan de hand van de uitvoering van de
                                        programma's of de beleidsdoelen van de programma's voor het
                                        lopende jaar bijstelling behoeven.</al></li></lijst></li></lijst></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2.</nr><titel>Financiële positie</titel></kop><paragraaf><kop><titel>Kaderstellen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Financiële positie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college draagt er zorg voor, dat al het beleid waartoe
                                        de raad heeft besloten, in de uiteenzetting van de
                                        financiële positie en de meerjarenramingen is
                                        opgenomen.</al></li><li nr="2."><al>Het totaalbedrag aan verleende garanties en waarborgen
                                        worden bij de uiteenzetting van de financiële positie
                                        expliciet vermeld.</al></li><li nr="3."><al>De raad autoriseert met het vaststellen van de financiële
                                        positie – via de begroting - de investeringskredieten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Waardering &amp; afschrijving vaste activa</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college stelt een notitie waarderings- en
                                        afschrijvingsbeleid op, welke ter kennisname aan de raad
                                        wordt aangeboden. De notitie betreft een nadere uitwerking
                                        van onderstaande beleidsregels ten aanzien van waardering en
                                        afschrijving vaste activa en van hetgeen hieromtrent
                                        geregeld is in het Besluit begroting en verantwoording
                                        provincies en gemeenten (hierna: BBV).</al></li><li nr="2."><al>Activa met een verkrijgingsprijs van minder dan € 10.000
                                        worden niet geactiveerd, uitgezonderd gronden en terreinen.
                                        Deze laatst genoemden worden altijd geactiveerd.</al></li><li nr="3."><al>De materiële vaste activa met economisch nut, zoals bedoeld
                                        in artikel 35 van het BBV, worden lineair afgeschreven
                                        conform de afschrijvingstermijnen zoals opgenomen in de
                                        afschrijvingstabel van de notitie waarderings- en
                                        afschrijvingsbeleid gemeente Moerdijk. Een uitzondering
                                        vormen de materiële vaste activa met economisch nut waar een
                                        tarief tegenover staat; deze activa worden bij voorkeur op
                                        annuïteitenbasis afgeschreven.</al></li><li nr="4."><al>Onder activa met een meerjarig maatschappelijk nut, zoals
                                        bedoeld in artikel 35 van het BBV, worden verstaan
                                        investeringen in de openbare ruimte, zoals de aanleg,
                                        reconstructie en vervanging van wegen, waterwegen,
                                        fietspaden, voetpaden, civiele kunstwerken,
                                        verkeerslichtinstallaties, (inrichting) groen en aanleg
                                        speelplaatsen.</al></li><li nr="5."><al>Aankoop en vervaardiging van activa met een meerjarig
                                        maatschappelijk nut worden onder aftrek van bijdragen van
                                        derden en bestemmingsreserves ten laste van de exploitatie
                                        gebracht. Hiervan kan bij raadsbesluit worden afgeweken. In
                                        geval van activering bij raadbesluit wordt het actief
                                        lineair afgeschreven over de verwachte levensduur van het
                                        actief of een kortere, door de raad aan te geven
                                        tijdsduur.</al></li><li nr="6."><al>De raad kan besluiten tot extra afschrijven indien de
                                        levensduur van het actief korter blijkt te zijn dan
                                        verwacht.</al></li><li nr="7."><al>Tenzij de raad anders bepaalt is het rentepercentage voor de
                                        toerekening van de kapitaallasten gelijk aan de renteomslag.
                                        De omslagrente voor de rentetoerekening van de
                                        kapitaallasten wordt bepaald door het rentetotaal van de
                                        uitstaande leningen en de bij begroting vastgestelde
                                        gecalculeerde rente over het eigen vermogen en
                                        voorzieningen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Voorziening voor oninbare vorderingen</titel></kop><al>Voor openstaande vorderingen wordt een voorziening wegens
                                oninbaarheid getroffen op basis van een beoordeling op inbaarheid
                                van de openstaande vorderingen ouder dan drie maanden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Reserves en voorzieningen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college biedt jaarlijks gelijktijdig met de in artikel 4
                                        genoemde nota de (geactualiseerde) nota reserves en
                                        voorzieningen aan.</al></li><li nr="2."><al>De nota behandelt:</al><lijst><li nr="a."><al>de vorming, besteding en hoogte (saldi) van
                                                reserves;</al></li><li nr="b."><al>de vorming, besteding en hoogte (saldi) van
                                                voorzieningen;</al></li><li nr="c."><al>de toerekening en verwerking van rente over de
                                                reserves en de voorzieningen.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De raad stelt deze nota uiterlijk 15 juli vast.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Kostprijsberekening</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voor het bepalen van de geraamde kostprijs van producten en
                                        diensten van de gemeente Moerdijk wordt een systeem van
                                        kostentoerekening gehanteerd. Bij de kostentoerekening
                                        worden naast de directe kosten alleen die indirecte kosten
                                        betrokken, die rechtstreeks samenhangen met de door de
                                        gemeente verleende diensten.</al></li><li nr="2."><al>Bij de indirecte kosten worden betrokken de bijdragen aan
                                        reserves voor de noodzakelijke vervanging van de betrokken
                                        activa, de kapitaallasten van de in gebruik zijnde activa en
                                        voor rioolrechten, reinigingsrechten en afvalstoffenheffing
                                        de compensabele BTW.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Financieringsfunctie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college draagt bij de uitoefening van de
                                        financieringsfunctie zorg voor:</al><lijst><li nr="a."><al>het aantrekken van voldoende financiële middelen en
                                                het uitzetten van overtollige gelden om de
                                                programma’s binnen de door de raad vastgestelde
                                                kaders van de begroting uit te kunnen voeren;</al></li><li nr="b."><al>het beheersen van de risico’s verbonden aan de
                                                financieringsfunctie zoals renterisico’s,
                                                koersrisico’s en kredietrisico’s;</al></li><li nr="c."><al>het zo veel mogelijk beperken van de kosten van de
                                                leningen en het bereiken van een voldoende rendement
                                                op de uitzettingen;</al></li><li nr="d."><al>het beperken van de interne verwerkingskosten en
                                                externe kosten bij het beheren van de geldstromen en
                                                financiële posities.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het aangaan en verstrekken van leningen, het uitzetten van
                                        middelen en het verlenen van garanties wordt uitsluitend
                                        gedaan uit hoofde van de publieke taak. Tot de publieke taak
                                        behoren:</al><lijst><li nr="a."><al>transacties met sociale
                                                werkvoorzieningsschappen;</al></li><li nr="b."><al>transacties in het kader van
                                                publiek-private-samenwerking;</al></li><li nr="c."><al>deelname in verbonden partijen (gemeenschappelijke
                                                regelingen en vennootschappen); </al></li><li nr="d."><al>transacties in het kader van de Gemeentelijke
                                                Kredietbank en</al></li><li nr="e."><al>overige instellingen waartoe de raad besluit.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Bij het uitzetten van middelen, het verstrekken van
                                        garanties en het aangaan van financiële participaties uit
                                        hoofde van de publieke taak bedingt het college indien
                                        mogelijk zekerheden. Het college motiveert in zijn besluit
                                        het openbaar belang van dergelijke uitzettingen van
                                        middelen, verstrekkingen van garanties en financiële
                                        participaties.</al></li><li nr="4."><al>Het college stelt regels op ter uitvoering van het gestelde
                                        onder het eerste tot en met derde lid en legt deze regels
                                        alsmede de regels voor taken en bevoegdheden, de
                                        verantwoordingsrelaties en de bijbehorende
                                        informatievoorziening vast in een treasurystatuut. Het
                                        college zendt het treasurystatuut ter kennisgeving aan de
                                        raad.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Registratie bezittingen, activa en vermogen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college draagt zorg voor een actuele en volledige
                                        registratie van bezittingen met een waarde van € 5.000,-. In
                                        de registratie worden ook opgenomen niet-geactiveerde
                                        kunstvoorwerpen met cultuurhistorische waarde en de niet- of
                                        netto-geactiveerde investeringen in de openbare ruimte.</al></li><li nr="2."><al>Het college draagt er zorg voor, dat de registratie en de
                                        ontwikkeling van de bezittingen en het vermogen van de
                                        gemeente systematisch worden gecontroleerd, met dien
                                        verstande dat de waardepapieren, de voorraden, de uitstaande
                                        leningen, de (debiteuren-)vorderingen, de liquiditeiten, de
                                        opgenomen leningen en de (crediteuren-)schulden jaarlijks
                                        worden gecontroleerd en registergoederen en bedrijfsmiddelen
                                        tenminste eenmaal in de vier jaar.</al></li><li nr="3."><al>Bij afwijkingen in de registratie van bezittingen neemt het
                                        college maatregelen voor herstel van de tekortkomingen. De
                                        resultaten van de controle en eventuele plannen van
                                        verbetering worden ter kennisgeving aan de raad
                                        aangeboden.</al></li></lijst></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.</nr><titel>Paragrafen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Lokale heffingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voor het vaststellen van de hoogte van de gemeentelijke
                                    tarieven, heffingen en prijzen door de raad verstrekt het
                                    college aan de raad per verordening de actueel geraamde
                                    hoeveelheden per door de gemeente verstrekte dienst, waarover de
                                    tarieven, heffingen en prijzen in rekening worden gebracht en
                                    per verordening het totaal van de geraamde kosten van de erin
                                    genoemde door de gemeente verstrekte diensten.</al></li><li nr="2."><al>Bij de begroting en jaarstukken doet het college in de paragraaf
                                    lokale heffingen verslag van: </al><lijst><li nr="a."><al>de opbrengsten per lokale heffing; </al></li><li nr="b."><al>het volume en bedrag aan kwijtscheldingen; </al></li><li nr="c."><al>de kostendekkendheid van de rioolrechten en de
                                            afvalstoffenheffing en </al></li><li nr="d."><al>de (ontwikkeling van de) lokale lastendruk voor
                                            eenpersoonshuishoudingen, meerpersoons-huishoudingen en
                                            bedrijven.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>Weerstandsvermogen en risicomanagement</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In de paragraaf weerstandsvermogen van de begroting en van de
                                    jaarstukken brengt het college de risico's (van materieel
                                    belang) in beeld en geeft een inschatting van de kans dat deze
                                    risico's zich voordoen. Hierbij wordt speciale aandacht gegeven
                                    aan:</al><lijst><li nr="a."><al>tegenvallende rente-ontwikkeling op de
                                            kapitaalmarkt;</al></li><li nr="b."><al>tegenvallende resultaten uit grondexploitatie</al></li><li nr="c."><al>tegenvallende resultaten uit projecten;</al></li><li nr="d."><al>tegenvallende realisatie op begrote
                                            subsidieverwachtingen;</al></li><li nr="e."><al>lopende en te verwachten
                                            aansprakelijkheidsstellingen/claims van derden;</al></li><li nr="f."><al>nog niet getaxeerde kosten van (vermoede)
                                            milieuverontreiniging;</al></li><li nr="g."><al>overschrijding openeinde regelingen en subsidies;</al></li><li nr="h."><al>dreigend faillissement van verbonden partijen;</al></li><li nr="i."><al>dreigend faillissement van derden bij wie
                                            borgstellingen, garanties, leningen of vorderingen
                                            uitstaan.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college geeft aan in de paragraaf weerstandsvermogen van de
                                    begroting en van de jaarstukken de weerstandscapaciteit en in
                                    hoeverre schade en verliezen als gevolg van de risico's van
                                    materieel belang met de weerstandscapaciteit kunnen worden
                                    opgevangen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20.</nr><titel>Onderhoud kapitaalgoederen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college biedt aan de raad een (geactualiseerde) nota
                                    Kernbeheerproducten aan. De raad stelt de nota vast binnen twee
                                    maanden nadat de nota is aangeboden.</al></li><li nr="2."><al>De (geactualiseerde) nota Kernbeheerproducten geeft het kader
                                    weer voor de inrichting van het onderhoud, het beoogde
                                    onderhoudsniveau, de normkostensystematiek en het meerjarig
                                    budgettair beslag ten aanzien van de volgende
                                    kernbeheerproducten:</al><lijst><li nr="a."><al>wegen</al></li><li nr="b."><al>groen</al></li><li nr="c."><al>openbare verlichting</al></li><li nr="d."><al>gebouwen en </al></li><li nr="e."><al>buitensportaccommodaties.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het college biedt aan de raad een (geactualiseerd) Gemeentelijk
                                    Rioleringsplan (GRP) aan. De raad stelt het (geactualiseerd) GRP
                                    vast binnen twee maanden nadat het plan is aangeboden.</al></li><li nr="4."><al>Het GRP geeft het kader weer voor de inrichting van het
                                    onderhoud, het beoogde onderhoudsniveau en de uitbreiding van de
                                    riolering alsmede de kwaliteit van het milieu en eveneens de
                                    normkostensystematiek en het meerjarig budgettair beslag. </al></li><li nr="5."><al>Bij de begroting en de jaarstukken doet het college in de
                                    paragraaf onderhoud kapitaalgoederen verslag over de voortgang
                                    van het geplande onderhoud en het eventuele achterstallig
                                    onderhoud aan de kernbeheerproducten (genoemd in het eerste lid)
                                    en aan de riolering.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21.</nr><titel>Financiering</titel></kop><al>Bij de begroting en de jaarstukken doet het college in de paragraaf
                            financiering in ieder geval verslag van:</al><lijst><li nr="a."><al>de rentevisie;</al></li><li nr="b."><al>de financieringsbehoefte voor het komende jaar;</al></li><li nr="c."><al>de kasgeldlimiet;</al></li><li nr="d."><al>de renterisico norm en</al></li><li nr="e."><al>de rentekosten en rente-opbrengsten verbonden aan de
                                    financieringsfunctie.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22.</nr><titel>Bedrijfsvoering</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In de bedrijfsvoeringsparagraaf in de begroting wordt ingegaan
                                    op de actuele onderwerpen die aandacht behoeven. In de
                                    bedrijfsvoeringsparagraaf bij de jaarstukken wordt gerapporteerd
                                    over de bij de begroting bepaalde onderwerpen aangaande de
                                    bedrijfsvoering alsmede over nieuwe ontwikkelingen. </al></li><li nr="2."><al>Het college rapporteert in de bedrijfsvoeringsparagraaf van de
                                    begroting en jaarstukken over de voortgang van de onderzoeken
                                    naar de doelmatigheid en doeltreffendheid, bedoeld in artikel
                                    213a Gemeentewet. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23.</nr><titel>Verbonden partijen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college biedt aan de raad een (geactualiseerde) nota
                                    verbonden partijen aan. De raad stelt de nota vast binnen twee
                                    maanden nadat de nota is aangeboden.</al></li><li nr="2."><al>Van elk van de verbonden partijen wordt weergegeven het openbaar
                                    belang, de financiële positie en het financieel belang en de
                                    zeggenschap van de gemeente.</al></li><li nr="3."><al>De nota bevat voorts de kaders voor het beleid aangaande (het
                                    aangaan van nieuwe) participaties met name de condities
                                    waaronder het publiek belang is gediend met behartiging door
                                    verbonden partijen, de taken, verantwoordelijkheden en
                                    bevoegdheden van de verbonden partijen en de financiële
                                    voorwaarden.</al></li><li nr="4."><al>De paragraaf verbonden partijen in de begroting en de
                                    jaarstukken bevat een (actueel) overzicht van alle verbonden
                                    partijen waarin de gemeente deelneemt, waarin in ieder geval
                                    (per verbonden partij) vermeld wordt het financieel beslag in de
                                    begroting c.q. jaarrekening.</al></li><li nr="5."><al>De paragraaf verbonden partijen in de begroting en jaarstukken
                                    gaat verder in ieder geval in op nieuwe verbonden partijen, het
                                    beëindigen van bestaande verbonden partijen, het wijzigen van
                                    bestaande verbonden partijen en eventuele problemen bij
                                    bestaande verbonden partijen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24.</nr><titel>Grondbeleid</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college biedt aan de raad een (geactualiseerde) nota
                                    grondbeleid aan. De raad stelt de nota vast binnen twee maanden
                                    nadat de nota is aangeboden. </al></li><li nr="2."><al>In de (geactualiseerde) nota grondbeleid wordt aandacht besteed
                                    aan:</al><lijst><li nr="a."><al>de strategische visie van het toekomstig grondbeleid van de
                                    gemeente;</al></li><li nr="b."><al>de strategische visie ten aanzien van woningbouw en
                                    industrie;</al></li><li nr="c."><al>de visie met betrekking tot te ontwikkelen projecten;</al></li><li nr="d."><al>het beleid ten aanzien van de voorraadverwerving en uitgifte van
                                    gronden;</al></li><li nr="e."><al>het beleid ten aanzien van de grondprijzen;</al></li><li nr="f."><al>de reservestructuur;</al></li><li nr="g."><al>de wijze van winstneming en</al></li><li nr="h."><al>de wijze van kostentoerekening.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>In de paragraaf grondbeleid van de begroting en de jaarstukken
                                    wordt ingegaan op de uitvoering van de nota grondbeleid, met
                                    name de belangrijkste financiële ontwikkelingen zoals
                                    verlies-/winstverwachtingen, de
                                    vermogenspositie/weerstandsvermogen, de verwerving van gronden
                                    en de te ontwikkelen en in ontwikkeling genomen projecten. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25.</nr><titel>Verstrekking subsidies</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college biedt aan de raad een (geactualiseerde) subsidienota
                                    aan. De raad stelt de nota vast binnen twee maanden nadat de
                                    nota is aangeboden. </al></li><li nr="2."><al>De (geactualiseerde) subsidienota bevat het kader voor de
                                    verstrekking van gemeentelijke subsidies.</al></li><li nr="3."><al>Bij de begroting en de jaarstukken voegt het college een
                                    overzicht van de toe te kennen respectievelijk toegekende
                                    gemeentelijke subsidies.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4.</nr><titel>Financiële organisatie en administratie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26.</nr><titel>Administratie</titel></kop><al>De administratie is zodanig van opzet en werking, dat zij in ieder geval
                            dienstbaar is voor:</al><lijst><li nr="a."><al>het sturen en het beheersen van activiteiten en processen in de
                                    gemeente;</al></li><li nr="b."><al>het verstrekken van informatie over ontwikkelingen in de omvang
                                    van activa met economisch nut, activa met maatschappelijk nut,
                                    voorraden, vorderingen en schulden, enz.;</al></li><li nr="c."><al>het verschaffen van informatie aan de budgethouders en voor het
                                    maken van kostencalculaties;</al></li><li nr="d."><al>het bevorderen van de rechtmatigheid, de doelmatigheid en de
                                    doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in relatie tot de
                                    gestelde beleidsdoelen, de begroting en ter zake geldende wet-
                                    en regelgeving;</al></li><li nr="e."><al>het afleggen van verantwoording over de rechtmatigheid, de
                                    doelmatigheid en de doeltreffendheid van het gevoerde bestuur in
                                    relatie tot de gestelde beleidsdoelen, de begroting en ter zake
                                    geldende wet- en regelgeving;</al></li><li nr="f."><al>de controle van de registratie van gegevens als zodanig en van
                                    de daaraan ontleende informatie alsmede voor de controle op de
                                    rechtmatigheid, de doelmatigheid en de doeltreffendheid van het
                                    gevoerde bestuur in relatie tot de gestelde beleidsdoelen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27.</nr><titel>Financiële administratie</titel></kop><al>Het college draagt er zorg voor dat:</al><lijst><li nr="a."><al>de inrichting en de werking van de financiële administratie
                                    voldoet aan het BBV en andere relevante wet- en
                                    regelgeving;</al></li><li nr="b."><al>de vereiste informatie verstrekt wordt aan het rijk, de
                                    provincie en de Europese Unie, alsmede aan andere instellingen
                                    die specifieke verantwoordingsverplichtingen opleggen aan
                                    gemeenten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28.</nr><titel>Financiële organisatie</titel></kop><al>Het college draagt de zorg voor en legt (in een besluit) vast:</al><lijst><li nr="a."><al>een eenduidige indeling van de gemeentelijke organisatie en een
                                    eenduidige toewijzing van de gemeentelijke taken;</al></li><li nr="b."><al>een adequate scheiding van taken, functies, bevoegdheden,
                                    verantwoordelijkheden, zodat aan de eisen van interne controle
                                    wordt voldaan en de betrouwbaarheid van de verstrekte informatie
                                    aan beleids- en beheersorganen is gewaarborgd;</al></li><li nr="c."><al>de verlening van mandaten en volmachten voor het aangaan van
                                    verplichtingen ten laste van de toegekende budgetten en
                                    investeringskredieten;</al></li><li nr="d."><al>de regels voor de opdrachtverlening en de verrekening van
                                    leveringen tussen de diverse onderdelen van de gemeentelijke
                                    organisatie;</al></li><li nr="e."><al>de te maken afspraken met de diverse onderdelen van de
                                    gemeentelijke organisatie over de te leveren prestaties, de
                                    daarvoor beschikbare middelen en de wijze en frequentie van
                                    rapportage over de voortgang van de activiteiten en uitputting
                                    van middelen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29.</nr><titel>Aanbesteding en inkoop</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college draagt zorg voor en legt (in een besluit) vast de
                                    interne regels (protocol) voor de inkoop en aanbesteding van
                                    werken en diensten. De regels waarborgen dat wordt gehandeld in
                                    overeenstemming met de regels terzake van de Europese Unie.</al></li><li nr="2."><al>Het college brengt de regels voor de inkoop en aanbesteding van
                                    werken en diensten ter kennisname aan de raad.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening, treedt behoudens artikel 4, in werking
                                            per 16 mei 2011.</al></li><li nr="2."><al>Artikel 4 treedt in werking per 1 januari 2012.</al></li><li nr="3."><al>De “financiële verordening gemeente Moerdijk 2005” wordt
                                            per 16 mei 2011 ingetrokken.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald onder de naam “Financiële
                            verordening gemeente Moerdijk”.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Vastgesteld in de vergadering van de raad d.d. 28 april 2011,</ondertekening><ondertekening>de griffier,de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>J.A.M. HereijgersDrs. J.H. Mans</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>