<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR9804_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Parkeerverordening 2007</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Zeist</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-01-09</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Zeist</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Nieuwsbode, 29-09-2010</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Parkeerverordening 2007</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149; RVV 1999, art. 24; Wegenverkeerswet 1994, art. 2</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2006-12-12</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2007-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>nr. 630</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Parkeerverordening 2007</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Parkeerverordening 2007</vet></al><al>vastgesteld 12 december 2006, gewijzigd 4 december 2007, 9 december
                        2008</al><al>De raad van de gemeente Zeist, </al><al>Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders</al><al>Gelet op artikel 149 van de Gemeentewet, artikel 24 van het RVV 1990,
                        artikel 2 van de Wegenverkeerswet 1994;</al><al>besluit</al><al>Vast te stellen de:</al><al><vet>Parkeerverordening 2007</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>I</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al><cursief>RVV 1990</cursief>: het Reglement verkeersregels en
                                    verkeerstekens van 26 juli 1990, Stb.459;</al></li><li nr="b."><al><cursief>College</cursief>: Het college van burgemeester en
                                    wethouders van de gemeente Zeist;</al></li><li nr="c."><al><cursief>motorvoertuig</cursief>: hetgeen daaronder wordt
                                    verstaan in het RVV 1990;</al></li><li nr="d."><al><cursief>parkeren</cursief>: het gedurende een aaneengesloten
                                    periode doen of laten staan van een voertuig, anders dan
                                    gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het
                                    onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan wel het
                                    onmiddellijk laden of lossen van goederen, op binnen de gemeente
                                    gelegen voor het openbaar verkeer openstaande terreinen of
                                    weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet ingevolge een
                                    wettelijk voorschrift is verboden;</al></li><li nr="e."><al><cursief>houder</cursief>: degene op wiens naam het voor het
                                    motorvoertuig opgegeven kenteken ten tijde van het parkeren in
                                    het kentekenregister zoals bedoeld in de Wegenverkeerswet 1994
                                    was ingeschreven, of krachtens een lease- of
                                    gebruiksovereenkomst feitelijke gebruiker is van het
                                    motorvoertuig;</al></li><li nr="f."><al><cursief>dagkaartautomaat</cursief>: parkeerapparatuur
                                    uitsluitend ingericht voor het kopen van dagkaarten;</al></li><li nr="g."><al><cursief>dagkaart</cursief>: een parkeerkaart waarmee het is
                                    toegestaan een motorvoertuig te parkeren op daartoe aangewezen
                                    belanghebbendenplaatsen aan de openbare weg gedurende de gehele
                                    dag;</al></li><li nr="h."><al><cursief>parkeerapparatuur</cursief>: parkeermeters,
                                    parkeerautomaten, met inbegrip van verzamelmeters, centrale
                                    computer en hetgeen naar maatschappelijke opvatting overigens
                                    onder parkeerapparatuur wordt verstaan, exclusief
                                    dagkaartautomaten;</al></li><li nr="i."><al><cursief>centrale computer:</cursief> computer van het bedrijf
                                    waarmee de gemeente Zeist een overeenkomst heeft gesloten,
                                    bestemd voor de registratie van parkeerbewegingen in het kader
                                    van het verlenen van diensten op het gebied van betaald parkeren
                                    met gebruik van een telefoon. </al></li><li nr="j."><al><cursief>parkeerapparatuurplaats</cursief>: een parkeerplaats
                                    behorend bij parkeerapparatuur;</al></li><li nr="k."><al><cursief>belanghebbendenplaats</cursief>: een parkeerplaats,
                                    aangeduid door het (zonale) bord E9 (Bijlage I RVV 1990), al dan
                                    niet voorzien van een onderbord, dan wel door een bord waarop
                                    staat vermeld dat uitsluitend geparkeerd mag worden door
                                    vergunninghouders, voor zover deze plaats niet is uitgezonderd
                                    vanwege een parkeerverbod of anderszins, of parkeren door middel
                                    van betaling bij parkeermeters of parkeerautomaat is
                                    toegestaan;</al></li><li nr="l."><al><cursief>parkeervergunning</cursief>: een vergunning waarmee het
                                    is toegestaan een motorvoertuig te parkeren op in de vergunning
                                    aangegeven parkeerapparatuur- en/of
                                    belanghebbendenplaatsen;</al></li><li nr="m."><al><cursief>rayon</cursief>: een gebied binnen het gehele
                                    vergunninggebied;</al></li><li nr="n."><al><cursief>vergunninghouder</cursief>: de natuurlijke of
                                    rechtspersoon aan wie een vergunning is verleend; </al></li><li nr="o."><al><cursief>bewonersvergunning</cursief>: een vergunning waarmee
                                    het aan een bewoner is toegestaan een motorvoertuig te parkeren
                                    op daartoe aangewezen parkeerapparatuur- en/of
                                    belanghebbendenplaatsen;</al></li><li nr="p."><al><cursief>bedrijfsvergunning</cursief>: een vergunning waarmee
                                    het aan een bedrijf of instelling is toegestaan een
                                    motorvoertuig te parkeren op daartoe aangewezen
                                    parkeerapparatuur- en/of belanghebbendenplaatsen; </al></li><li nr="q."><al><cursief>werknemersvergunning:</cursief> een vergunning waarmee
                                    het aan een werknemer is toegestaan een motorvoertuig te
                                    parkeren op daartoe aangewezen parkeerapparatuur- en/of
                                    belanghebbendenplaatsen;</al></li><li nr="r."><al><cursief>kraskaart:</cursief> een vergunning waarmee aan
                                    bewoners of bedrijven of instellingen van het aangewezen rayon
                                    de mogelijkheid wordt verleend om éénmalig, voor een beperkte
                                    periode, te doen parkeren op een daartoe aangewezen
                                    belanghebbendenplaats </al></li><li nr="s."><al><cursief>overloopvergunning:</cursief> een bewoners-, bedrijfs-
                                    of werknemersvergunning waarmee het tijdelijk is toegestaan een
                                    motorvoertuig te parkeren op een daartoe aangewezen
                                    parkeerapparatuur- en/of belanghebbendenplaatsen; </al></li><li nr="t."><al><cursief>eigen parkeerplaat/parkeerplaats op eigen
                                    erf</cursief>: een parkeergelegenheid op een oprit of in de tuin
                                    met een afmeting van minimaal 2,40 meter breed en 5 meter lang,
                                    in een garage al dan niet ondergronds, onder een carport, of in
                                    een in enig bestemmingsplan als garage/berging aangegeven
                                    ruimte, die krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of een
                                    persoonlijk recht ter beschikking staat aan de houder van een
                                    voertuig;</al></li><li nr="u."><al><cursief>dag</cursief>: een periode van 24 uren, aanvangende te
                                    00.00 uur, of een gedeelte daarvan;</al></li><li nr="v."><al><cursief>week</cursief>: een periode van zeven achtereenvolgende
                                    dagen;</al></li><li nr="w."><al><cursief>maand</cursief>: een kalendermaand;</al></li><li nr="x."><al><cursief>jaar</cursief>: een kalenderjaar.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>II</nr><titel>Aanwijzing en nadere regels</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Plaats en tijdstip voor parkeren door vergunninghouders</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad wijst in de bij deze verordening behorende tekening met
                                nummer W3835C blad 2 het gebied aan dat bestemd is voor het parkeren
                                door vergunninghouders. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan, bij openbaar te maken besluit, binnen het door de
                                raad aangewezen gebied, plaatsen aanwijzen die alleen bestemd zijn
                                voor het parkeren door bepaalde vergunninghouders. Hiertoe maakt het
                                college een onderverdeling in rayons.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan, bij openbaar te maken besluit, de tijdstippen
                                vaststellen waarop het parkeren aan vergunninghouders en bezoekers
                                is toegestaan. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Nadere regelgeving</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan, binnen het kader van de onderhavige verordening,
                                voorschriften en beperkingen verbinden die strekken tot bescherming
                                van het belang van een goede verdeling van de beschikbare
                                parkeerruimte. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college bepaalt in nadere regels in ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>Het maximum aantal uit te geven parkeervergunningen;</al></li><li nr="b."><al>de volgorde van vergunningverlening; </al></li><li nr="c."><al>de uitgiftecriteria van vergunningen.</al></li></lijst></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>III</nr><titel>Parkeervergunningen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Vergunningverlening</titel></kop><al>Indien en zolang het maximum aantal vergunningen in een rayon niet is
                            overschreden en onverminderd hetgeen bepaald in nadere regels door het
                            college en hetgeen bepaald in afdeling IV van deze verordening kan het
                            college op aanvraag de volgende vergunningen verlenen:</al><lijst><li nr="a."><al>een bewonersvergunning;</al></li><li nr="b."><al>een bedrijfsvergunning;</al></li><li nr="c."><al>een werknemersvergunning;</al></li><li nr="d."><al>een algemene parkeervergunning;</al></li><li nr="e."><al>een kraskaart;</al></li><li nr="f."><al>een overloopvergunning.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Bewonersvergunningen</titel></kop><al>Een bewonersvergunning kan worden verleend aan degene die </al><lijst><li nr="a."><al>houder of eigenaar is van een motorvoertuig of krachtens een
                                    lease- of gebruiksovereenkomst feitelijke gebruiker is van een
                                    motorvoertuig en </al></li><li nr="b."><al>als bewoner staat ingeschreven in de Gemeentelijke
                                    Basisadministratie Persoonsgegevens van de gemeente Zeist op een
                                    adres gelegen in het rayon waarvoor de parkeervergunning wordt
                                    aangevraagd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Bedrijfsvergunningen</titel></kop><al>Een bedrijfsvergunning kan worden verleend aan een bedrijf of instelling
                            welke </al><lijst><li nr="a."><al>is ingeschreven in de registers van de Kamer van Koophandel en
                                    Fabrieken voor Utrecht e.o. dan wel aantoonbaar als bedrijf of
                                    instelling kan worden aangemerkt; </al></li><li nr="b."><al>aantoonbaar is gevestigd in het rayon waarvoor de
                                    parkeervergunning wordt aangevraagd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Werknemersvergunning</titel></kop><al>Een werknemersvergunning kan ten behoeve van een werknemer worden
                            verleend aan een bedrijf of instelling die voldoet aan de vereisten in
                            artikel 6 van deze verordening, indien de werknemer:</al><lijst><li nr="a."><al>eigenaar of houder is van het motorvoertuig of krachtens een
                                    lease-overeenkomst feitelijke gebruiker is van het motorvoertuig
                                    en</al></li><li nr="b."><al>aantoonbaar daadwerkelijk werkzaam is in het bedrijf of de
                                    instelling welke is gevestigd in het vergunninggebied. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Algemene parkeervergunningen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een algemene parkeervergunning kan worden verleend voor alle rayons
                                voor het parkeren op </al><lijst><li nr="a."><al>belanghebbendenplaatsen of;</al></li><li nr="b."><al>parkeerapparatuurplaatsen of;</al></li><li nr="c."><al>belanghebbenden- en parkeerapparatuurplaatsen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onverminderd het bepaalde in lid 1 kan een algemene
                                parkeervergunning worden verleend aan:</al><lijst><li nr="a."><al>een bedrijf of instelling c.q. aan de eigenaar of houder van
                                        een motorvoertuig die werkzaam is als ondernemer of
                                        zelfstandig beroepsbeoefenaar, dat/die aantoont dat het in
                                        het belang van de beroeps- of beroepsoefening noodzakelijk
                                        is een motorvoertuig op die plaats of plaatsen en/of
                                        vergunningengebieden te parkeren;</al></li><li nr="b."><al>andere personen in bijzondere omstandigheden.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Kraskaart</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een kraskaart kan worden verleend aan </al><lijst><li nr="a."><al>degene die als bewoner staat ingeschreven in de
                                        Gemeentelijke Basisadministratie Persoonsgegevens van de
                                        gemeente Zeist op een adres gelegen in het rayon waarvoor de
                                        kraskaart wordt aangevraagd.</al></li><li nr="b."><al>een bedrijf of instelling welke is ingeschreven in de
                                        registers van de Kamer van Koophandel en Fabrieken voor
                                        Utrecht e.o. dan wel aantoonbaar als bedrijf of instelling
                                        kan worden aangemerkt en is gevestigd op een adres in het
                                        rayon waarvoor de kraskaart wordt aangevraagd; </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een kraskaart mag uitsluitend worden gebruikt ten behoeve van het
                                parkeren van motorvoertuigen van bezoekers aan bewoners, voor zover
                                het bezoeken met sociaal karakter betreft en aan bedrijven, voor
                                zover het een bedrijfsmatig karakter betreft met uitzondering van
                                winkelend publiek.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Overloopvergunningen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een overloopvergunning kan worden verleend aan een aanvrager van een
                                bewoners- of bedrijfsvergunning die op de in artikel 12 bedoelde
                                wachtlijst is geplaatst. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De overloopvergunning is een tijdelijke bewoners- of een
                                bedrijfsvergunning voor een rayon waarin het bedrijf/ instelling of
                                de bewoner niet is gevestigd/ woont.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De overloopvergunning vervalt na afloop van het kalenderjaar
                                waarvoor deze is verleend.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>IV</nr><titel>Verlenen, intrekken, wijzigen, geldigheid van vergunningen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Verlenen van de vergunningen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Binnen 8 weken na ontvangst van een volledig ingevulde en van de
                                benodigde bijlagen voorziene aanvraag voor een vergunning wordt
                                beslist op de aanvraag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in het eerste lid genoemde termijn kan verlengd worden met ten
                                hoogste met 8 weken. Van een verlenging van deze termijn wordt de
                                aanvrager schriftelijk in kennis gesteld.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De vergunningen moeten ieder jaar opnieuw worden aangevraagd,
                                waarbij reeds afgegeven eerste bewonersvergunningen als bedoeld in
                                artikel 5 en eerste bedrijfsvergunningen als bedoeld in artikel 6
                                zullen worden verlengd met één jaar indien</al><lijst><li nr="a."><al>de omstandigheden en criteria op basis waarvan de eerste
                                        vergunningen zijn verleend, niet zijn gewijzigd. </al></li><li nr="b."><al>de nieuwe vergunning voor 31 december van het voorgaande
                                        jaar is aangevraagd.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De afgifte van de overige vergunningen zal plaats vinden op basis
                                van de door het college vastgestelde nadere regels met betrekking
                                tot de uitgifte van de vergunningen, waarbij zo veel mogelijk
                                rekening wordt gehouden met reeds eerder afgegeven overige
                                vergunningen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Wachtlijst</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien een aanvraag niet kan worden gehonoreerd in verband met het
                                bereiken van het maximum aantal te verlenen vergunningen kan de
                                aanvrager op verzoek:</al><lijst><li nr="a."><al>op een wachtlijst worden geplaatst en </al></li><li nr="b."><al>een overloopvergunning worden verstrekt.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vergunningaanvraag wordt van de wachtlijst verwijderd
                                indien:</al><lijst><li nr="a."><al>de aanvrager daarom verzoekt;</al></li><li nr="b."><al>de aanvrager de gevraagde vergunning in het eigen rayon
                                        wordt verleend;</al></li><li nr="c."><al>de aanvrager niet meer voldoet aan de voorwaarden voor de
                                        aangevraagde vergunning gesteld bij of krachtens deze
                                        verordening.</al></li><li nr="d."><al>blijkt dat bij de aanvraag om de vergunning onjuiste of
                                        onvolledige gegevens zijn verstrekt en de verstrekking van
                                        onjuiste of onvolledige gegevens niet tot mogelijkheid van
                                        plaatsing op de wachtlijst zou hebben geleid.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Weigeringsgronden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een vergunning wordt geweigerd indien niet voldaan wordt aan de
                                voorwaarden, gesteld bij of krachtens deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een vergunning wordt tevens geweigerd indien het maximum aantal
                                vergunningen voor het betreffende rayon is verleend.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In afwijking van het voorgaande lid geldt het bereiken van het
                                maximum aantal vergunningen voor het betreffende rayon niet als
                                weigeringsgrond indien </al><lijst><li nr="a."><al>het een aanvraag betreft om een bewoners- of
                                        bedrijfsvergunning voor de eerste auto;</al></li><li nr="b."><al>de aanvrager in het jaar voorafgaand aan de aanvraag houder
                                        was van een bewoners- of bedrijfsvergunning voor de eerste
                                        auto voor hetzelfde adres.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Plaats en wijze van geldigheid van vergunningen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een bewoners-, bedrijfs-, of werknemersvergunning is uitsluitend
                                geldig voor het rayon waarvoor deze is verleend;</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een algemene parkeervergunning is geldig voor alle rayons in het
                                vergunningengebied;</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een kraskaart is geldig voor de door het college aangewezen
                                rayons.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een in deze verordening genoemde vergunning wordt uitsluitend
                                gevalideerd door deze met de zijde waarop het kenteken staat
                                vermeld, duidelijk zichtbaar achter de voorruit te plaatsen; </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De kraskaart wordt gevalideerd door de parkeertijd conform de
                                gebruiksaanwijzing aan te geven en deze duidelijk zichtbaar achter
                                de voorruit van het voertuig te plaatsen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Geldigheidsduur vergunningen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een bewoners-, bedrijfs-, werknemers- of overloopvergunning wordt
                                voor de periode van maximaal één kalenderjaar verleend. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een algemene parkeervergunning kan worden verleend voor:</al><lijst><li nr="a."><al>een dag of</al></li><li nr="b."><al>een week of</al></li><li nr="c."><al>een maand of</al></li><li nr="d."><al>een jaar. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een kraskaart is geldig tot en met 31 januari volgend op het jaar
                                waarin ze zijn aangeschaft.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Eenmaal aangeschafte kraskaarten kunnen niet meer worden
                                geretourneerd. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Inhoud van een vergunning.</titel></kop><al>De vergunning bevat in ieder geval de volgende gegevens:</al><lijst><li nr="a."><al>de periode waarvoor de vergunning geldt;</al></li><li nr="b."><al>het gebied waarvoor de vergunning geldt;</al></li><li nr="c."><al>het kenteken van het motorvoertuig waarvoor de vergunning is
                                    verleend</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Doorgeven wijzigingen</titel></kop><al>Een vergunninghouder is verplicht elke wijziging in de omstandigheden
                            die relevant zijn voor het verlenen van een vergunning, onmiddellijk
                            schriftelijk aan het college kenbaar ter kennis te brengen. Het betreft
                            in ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>wijziging van het kenteken van het voertuig;</al></li><li nr="b."><al>adreswijziging van vergunninghouder;</al></li><li nr="c."><al>wijziging van (bedrijfs)naam;</al></li><li nr="d."><al>wijziging van aantal werknemers.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Intrekken of wijzigen vergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan een vergunning intrekken of wijzigen:</al><lijst><li nr="a."><al>op verzoek van de vergunninghouder;</al></li><li nr="b."><al>wanneer de vergunninghouder het rayon, waarvoor de
                                        vergunning is verleend, verlaat of het daar uitgeoefende
                                        beroep of bedrijf beëindigt;</al></li><li nr="c."><al>wanneer de vergunninghouder handelt in strijd met de aan de
                                        vergunning verbonden voorschriften;</al></li><li nr="d."><al>wanneer blijkt dat bij de aanvraag van de vergunning
                                        onjuiste gegevens zijn verstrekt en de verstrekking van
                                        onjuiste gegevens niet tot verstrekking van de vergunning
                                        zou hebben geleid;</al></li><li nr="e."><al>wanneer voor het betreffende rayon het stelsel van
                                        vergunningen komt te vervallen;</al></li><li nr="f."><al>wanneer niet langer wordt voldaan aan de voorwaarden gesteld
                                        bij of krachtens deze verordening;</al></li><li nr="g."><al>om redenen van openbaar belang.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De overloopvergunning wordt tevens ingetrokken wanneer de
                                aangevraagde bewoners- of bedrijfsvergunning wordt verstrekt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een besluit tot intrekken of wijzigen van een vergunning is met
                                redenen omkleed. De betrokkene wordt van het intrekken of het
                                wijzigen van de vergunning schriftelijk op de hoogte gesteld.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>V</nr><titel>Verbodsbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Verkeerd gebruik</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden om enig voorwerp, niet zijnde een motorvoertuig te
                                plaatsen of te laten staan op een</al><lijst><li nr="a."><al>Parkeerapparatuurplaats; </al></li><li nr="b."><al>Belanghebbendenplaats.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het is verboden een fiets, een bromfiets of enig ander voorwerp op
                                zodanige wijze tegen of bij parkeerapparatuur te plaatsen of te
                                laten staan, dat daardoor een normaal gebruik ervan wordt belemmerd
                                of verhinderd. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het is verboden parkeerapparatuur op andere wijze of met andere
                                middelen, dan wel met andere munten dan die welke in de kennisgeving
                                op de parkeerapparatuur staan aangegeven in werking te stellen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college kan ontheffing verlenen van het bepaalde in het eerste
                                lid van dit artikel.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Parkeren zonder vergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden gedurende de tijden waarop het parkeren op een
                                belanghebbendenplaats slechts aan vergunninghouders is toegestaan
                                aldaar een motorvoertuig te parkeren of geparkeerd te houden:</al><lijst><li nr="a."><al>zonder vergunning;</al></li><li nr="b."><al>zonder dat het motorvoertuig duidelijk zichtbaar is voorzien
                                        van de vergunning;</al></li><li nr="c."><al>in strijd met de aan de vergunning verbonden
                                        voorschriften.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan ontheffing verlenen van het bepaalde in het eerste
                                lid van dit artikel.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>VI</nr><titel>Strafbepaling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Strafbepaling</titel></kop><al>Overtreding van het bepaalde in afdeling V van deze verordening wordt
                            gestraft met hechtenis van ten hoogste twee maanden of geldboete van de
                            eerste categorie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Toezicht</titel></kop><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze
                            verordening zijn belast de door het college aangewezen personen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>VII</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college is bevoegd, in gevallen waarin de toepassing van deze
                            verordening naar zijn oordeel leidt tot onaanvaardbare gevolgen voor de
                            betrokkene(n), ten gunste van de aanvrager af te wijken. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening kan worden aangehaald als: 'Parkeerverordening
                                Zeist 2007 '.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze verordening treedt na bekend making in werking met ingang van 1
                                januari 2007.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De Parkeerverordening 2006 vastgesteld bij raadsbesluit van 19
                                december 2005 nr. 605, de hierna vastgestelde wijzigingen, en de op
                                de parkeerverordening 2006 gebaseerde besluiten, worden ingetrokken
                                met ingang van de in het tweede lid genoemde datum van
                                inwerkingtreding, met dien verstande dat deze van toepassing blijft
                                op kraskaarten aangekocht voor 31 december 2006 met een
                                geldigheidsduur tot 31 januari 2007. </al></lid></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><nota-toelichting><kop><label/><nr/><titel>Artikelsgewijze toelichting Parkeerverordening 2006 (ook geldend voor
                        2007)</titel></kop><tussenkop>Algemeen</tussenkop><al-groep><al>Op 28 juni 2004 heeft de gemeenteraad het parkeerbeleid vastgesteld. De
                        onderliggende parkeerverordening is de grondslag voor de uitvoering van dit
                        parkeerbeleid. Dit beleid krijgt verdere uitwerking in door het college
                        vastgelegde nadere regelgeving: Besluit verlening parkeervergunningen 2006
                        en in de verordening Parkeerbelastingen. </al><al>Het Besluit verlening parkeervergunningen 2006 is in sommige opzichten
                        minder verfijnd dan het door de Raad vastgestelde parkeerbeleid vanwege de
                        technische beperkingen in het verstrekken en verlenen van vergunningen. Ter
                        optimalisering van de vergunningafgifte kan het college de nadere regels
                        verfijnen tot het door de Raad vastgestelde parkeerbeleid. </al></al-groep><al-groep><al>In het in 2004 vastgestelde parkeerbeleid is het maximum aantal uit te geven
                        bewoners- bedrijfs- of werknemersvergunningen bepaald op 90% van het
                        beschikbare aantal parkeerplaatsen. Deze beperking is niet als zodanig in de
                        verordening opgenomen. Dit omdat de 90% een aanzienlijke afname is ten
                        opzichte van het huidige percentage maximaal uit te geven vergunningen,
                        waardoor dit nadelig kan uitwerken voor de bewoners en bedrijven in de
                        rayons. </al><al>Het is de bedoeling is om het parkeren voor met name de bewoners en de in de
                        rayons gevestigde bedrijven te optimaliseren. Om dit te kunnen realiseren
                        moet het college van Burgemeester en wethouders enige beleidsvrijheid
                        krijgen en kunnen afwijken van dit percentage van 90%. Een eventuele
                        wijziging van dit percentage hoeft dan niet door de raad te worden
                        vastgesteld. Eventuele wijzingen zullen ter kennisgeving worden gebracht aan
                        de raadscommissie.</al></al-groep><al>Ten opzichte van de parkeerverordening 1991 zijn alle vergunningen voorzien van
                    een naam: bewonersvergunning, bedrijfsvergunning, werknemersvergunning, algemene
                    parkeervergunning, kraskaart en overloopvergunning. In de praktijk werden de
                    termen bewoners- en bedrijfsvergunning en kraskaart reeds gehanteerd. De overige
                    vergunningen bestonden ook in de parkeerverordening 1991 reeds maar werden in de
                    praktijk niet afzonderlijk benoemd. Dit kon mogelijk leiden tot verwarring.
                    Bovendien werden zowel de parkeerverordening als de parkeerbelastingverordening
                    hierdoor minder overzichtelijk. Met de benoeming van de verschillende soorten
                    vergunningen wordt een duidelijker overzicht gegeven.</al><al-groep><al>De parkeerverordening is onderverdeeld in 7 afdelingen. Afdeling 1geeft
                        begripsomschrijvingen om duidelijkheid te scheppen over onbekende begrippen
                        in de verordening. Afdeling 2 geeft een afbakening van de bevoegdheid van de
                        Raad en het college ter zake van het afbakenen van het gebied waarvoor de
                        parkeerregulering geldt en het stellen van nadere regels als uitwerking van
                        de Parkeerverordening. Afdeling 3 bevat alle mogelijke vergunningen die in
                        de gemeente Zeist verstrekt kunnen worden. Afdeling 4 bevat regels omtrent
                        de vergunningverlening die niet opgenomen kunnen worden in nadere
                        regelgeving door het college. Afdeling 5 bevat verbodsbepalingen van
                        gedragingen die niet door middel van fiscale boetes gehandhaafd kunnen
                        worden.</al><al>Afdeling 6 bevat de strafbepalingen en de wijze van controle op de in
                        afdeling 5 genoemde verbodsbepalingen. De laatste afdeling bevat een
                        hardheidsclausule ter afwijking van de regels in de verordening en de
                        overgangsbepaling van de oude parkeerverordening (1991) naar deze.</al></al-groep><tussenkop>Artikel 1 Begripsomschrijvingen</tussenkop><al>Dit artikel geeft de omschrijvingen van een aantal in de verordening voorkomende
                    begrippen, om zodoende duidelijkheid te scheppen over de inhoud van de
                    verordening.</al><tussenkop>Artikel 2 Plaats en tijdstip voor parkeren door
                    vergunninghouders</tussenkop><al>Dit artikel bepaalt dat de Raad het totale gebied waarbinnen parkeerregulering
                    door middel van vergunningen geldt, afbakent en dat het college binnen dit
                    gebied de tijden en plaatsen aan kan wijzen waarvoor de vergunningen specifiek
                    gelden.</al><tussenkop>Artikel 3 Nadere regelgeving</tussenkop><al>Dit artikel geeft de mogelijkheid aan het college om de regels in de
                    parkeerverordening nader te verfijnen voor zover dit ten doel heeft de
                    beschikbare parkeerruimte goed te verdelen.</al><tussenkop>Artikel 4 Vergunningverlening</tussenkop><al>Dit artikel somt de bestaande te verlenen vergunningen op met de beperking die
                    voor al deze vergunning hetzelfde is, te weten dat deze alleen verleend kan
                    worden binnen het vastgestelde maximum en binnen de mogelijke nadere regels en
                    algemene regels uit de verordening met betrekking tot het verlenen van
                    vergunningen.</al><tussenkop>Artikel 5 tot en met 10</tussenkop><al>Deze artikelen bevatten de vereisten aan de aanvragers van de betreffende
                    vergunningen. Pas indien voldaan wordt aan deze vereisten en aan de vereisten
                    die genoemd zijn in artikel 4 kan het college besluit tot het verlenen van de
                    vergunning.</al><tussenkop>Artikel 11 Verlenen van de vergunningen</tussenkop><al>Dit artikel bevat algemene regels, geldend voor iedere vergunningaanvraag, met
                    betrekking tot de wijze waarop het college omgaat met vergunningaanvragen.</al><tussenkop>Artikel 12 Wachtlijst</tussenkop><al>Dit artikel bevat regels voor vergunningaanvragen die ontvangen worden na het
                    bereiken van het maximum aantal te verlenen vergunningen. Dit artikel geldt in
                    de praktijk derhalve alleen voor bewoners- en eerste bedrijfsvergunningen.</al><tussenkop>Artikel 13 Weigeringsgronden</tussenkop><al>Dit artikel bevat algemene gronden voor weigering van de vergunning, geldend
                    voor iedere aanvraag.</al><tussenkop>Artikel 14 Plaats en wijze van geldigheid van vergunningen</tussenkop><al>Dit artikel bevat gespecificeerd per vergunningtype regels voor het gebied
                    waarbinnen de vergunning geldig is. Deze regels worden nader uitgewerkt door het
                    college omdat het college op grond van artikel 2 van de verordening binnen het
                    algehele vergunninggebied plaats en tijdstippen bepaalt.</al><tussenkop>Artikel 15 Geldigheidsduur vergunningen</tussenkop><al>Dit artikel bepaalt de maximale geldigheidsduur van de vergunningen. Indien dit
                    bepaald is op maximaal een kalenderjaar betekent dit dat een vergunning die na 1
                    januari van het kalenderjaar wordt aangevraagd, maximaal geldig is tot 31
                    december van het kalenderjaar.</al><tussenkop>Artikel 16- Inhoud van een vergunning</tussenkop><al>Dit artikel geeft, zeer summier, gegevens die in ieder geval op de vergunning
                    vermeld zullen worden. In nadere regels kunnen hieraan meer gegevens worden
                    toegevoegd.</al><tussenkop>Artikel 17 Doorgeven wijzigingen</tussenkop><al>Dit artikel verplicht de vergunninghouder wijzigingen die verband houden met de
                    voorwaarden waaronder de vergunning is verstrekt, door te geven. </al><tussenkop>Artikel 18 Intrekken of wijzigen van een vergunning</tussenkop><al>Dit artikel bepaalt dat het college zelf en op aangeven van de vergunninghouder
                    op diverse gronden een vergunning kan wijzigen of intrekken.</al><tussenkop>Artikel 19 Verkeerd gebruik</tussenkop><al>Dit artikel bevat verbodsregels met betrekking tot de plaatsen voor
                    vergunninghouders en betaald parkeren. Daarnaast bevat het regels met betrekking
                    tot de parkeerapparatuur.</al><tussenkop>Artikel 20 Parkeren zonder vergunning</tussenkop><al>Dit artikel bevat verbodsbepalingen voor vergunningparkeren voor zover dit niet
                    gefiscaliseerd kon worden.</al><tussenkop>Artikel 21 Strafbepaling</tussenkop><al>Dit artikel bevat de strafbepaling op de in artikel 20 en 21 genoemde
                    verboden.</al><tussenkop>Artikel 22 Toezicht</tussenkop><al>Dit artikel geeft aan door wie de verbodsbepalingen en naleving van de
                    vergunningvereisten worden gehandhaafd.</al><tussenkop>Artikel 23 Hardheidsclausule</tussenkop><al>Dit artikel bevat een mogelijkheid voor het college om in uitzonderlijke
                    gevallen af te wijken van hetgeen bepaald is in de verordening of nadere regels.
                    Het moet hierbij nadrukkelijk gaan om uitzonderlijke gevallen waarbij het
                    toepassen van de verordening onbillijk en onredelijk wordt geacht omdat de
                    uitwerking niet in de bedoeling van de verordening kan hebben gelegen. </al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>