<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd">
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR95635_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Subsidieverordening gemeentelijke monumenten en beeldbepalende en karakteristieke panden Stede Broec 2011</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Stede Broec</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-10-04</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Stede Broec</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Stede Broec</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Middenstander, 16-03-2011</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Suibsidieverordening gemeentelijke monumenten en beeldbepalende en karakteristieke panden Stede Broec 2011</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149, Algemene wet bestuursrecht, Monumentenwet 1988, Erfgoedverordening Stede Broec 2011</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-03-03</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-03-17</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling vervangt de Subsidieverordening gemeentelijke monumenten en beeldbepalende en karakteristieke panden Stredec Broec 2009</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Subsidieverordening gemeentelijke monumenten en beeldbepalende en karakteristieke panden Stede Broec 2011
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>De raad der gemeente Stede Broec;</al>
          <al/>
          <al/>
          <al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders gedateerd 17 februari
                  2011;</al>
          <al/>
          <al/>
          <al>gelet op artikel 149 van de Gemeentewet, de Algemene wet bestuursrecht, de
                  Monumentenwet 1988 en de Erfgoedverordening Stede Broec 2011;</al>
          <al/>
          <al/>
          <al>b e s l u i t:</al>
          <al/>
          <al/>
          <al>vast te stellen de volgende</al>
          <al/>
          <al>
            <vet>Subsidieverordening gemeentelijke monumenten en beeldbepalende en
                  karakteristieke panden Stede Broec 2011</vet>
          </al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>1:</nr>
            <titel>Algemene Bepalingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>1:</nr>
              <titel>Begripsbepalingen</titel>
            </kop>
            <al>Deze verordening verstaat onder:</al>
            <al>
              <vet>monument</vet>:</al>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>zaak die van algemeen belang is wegens zijn schoonheid, betekenis voor
                           de wetenschap of cultuurhistorische waarde;</al></li>
              <li nr="2."><al>terrein en/of water dat van algemeen belang is wegens een daar aanwezige
                           zaak, als bedoeld onder 1;</al></li>
              <li nr="3."><al>complex van zaken, terreinen en/of wateren, dat van belang is wegens
                           zijn schoonheid, betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische
                           waarde en wegens de samenhang tussen de zaken, terreinen en/of
                           wateren;</al><al>
                  <vet>beschermd gemeentelijk monument</vet>: onroerend monument als
                           bedoeld in onderdeel a, dat in overeenstemming met de bepalingen van deze
                           verordening als zodanig is aangewezen, geen monument betreffende dat is
                           aangewezen op grond van artikel 3 van de Monumentenwet 1988 of op grond
                           van de Provinciale Monumentenverordening van de provincie
                           Noord-Holland;</al><al>
                  <vet>gemeentelijke monumentenlijst</vet>: de lijst waarop zijn
                           geregistreerd de in overeenstemming met deze verordening als beschermd
                           gemeentelijk monument aangewezen zaken, terreinen en/of wateren en
                           complexen;</al><al>
                  <vet>beeldbepalend pand</vet>: pand dat in een bestemmingsplan voor een
                           beschermd gemeentelijk stads- of dorpsgezicht als zodanig is aangemerkt
                           en dat, naast de beschermde monumenten in het als zodanig aangewezen
                           gebied, als referentie dient voor het waardevol geachte beeld van de
                           bebouwing in het dorpsgezicht;</al><al>
                  <vet>karakteristiek pand</vet>: pand dat in een bestemmingsplan als
                           zodanig is aangemerkt en dat van cultuurhistorische waarde wordt geacht
                           op grond van typering, architectuur, landschappelijke en/of
                           stedenbouwkundige situering, beeldbepalende onderdelen, bijzondere
                           vormgeving, bijdrage aan herkenbaarheid van de omgeving en/of
                           gaafheid;</al><al>
                  <vet>eigenaar</vet>: de natuurlijke of rechtspersoon die in de
                           kadastrale registers is ingeschreven als eigenaar, dan wel als erfpachter
                           of opstalhouder;</al><al>
                  <vet>bouwhistorisch onderzoek</vet>: onderzoek naar de bouwgeschiedenis
                           en de bouwhistorische kwaliteit van een monument, in een schriftelijke
                           rapportage vastgelegd;</al><al>
                  <vet>bouwkundig inspectierapport</vet>: een schriftelijke rapportage
                           inclusief foto’s, waarin de bouwtechnische staat van het monument is
                           vastgelegd en aanbevelingen worden gedaan voor te plegen onderhouds- en
                           restauratiewerkzaamheden;</al><al>
                  <vet>casco</vet>: de hoofdstructuur van een bouwwerk, waaronder in ieder
                           geval wordt begrepen: fundering, balkdragende muren, balklagen, vloeren,
                           buitenmuren, kap, binnenpleisterwerk, buitenafwerking, ramen en
                           kozijnen;</al><al>
                  <vet>onderhoud</vet>: periodieke werkzaamheden welke dienen om het
                           monument als zodanig in stand te houden of toekomstige groot onderhoud of
                           restauratie te voorkomen of uit te stellen;</al><al>
                  <vet>restauratie</vet>: werkzaamheden die voor het herstel van het
                           monument noodzakelijk zijn en het normale onderhoud te boven gaan;</al><al>
                  <vet>cosmetica-onderhoud</vet>: onderhoudswerkzaamheden aan
                           cultuurhistorisch waardevolle elementen van beeldbepalende en
                           karakteristieke panden;</al><al>
                  <vet>cultuurhistorisch waardevolle elementen</vet>: elementen zoals
                           voordeuren, glas-in-lood, kozijnen, luiken, makelaars, windveren,
                           gevelstenen, stoepen, buitentrappen, gevelornamenten, hekwerken,
                           siersmeedwerken en andere elementen, ter beoordeling door het college op
                           basis van de redengevende omschrijving van het pand;</al><al>
                  <vet>Leidraad Brim Subsidiabele Instandhoudingskosten</vet>: leidraad
                           voor de subsidiabele kosten van onderhoud en restauratie, opgesteld door
                           de Rijksdienst voor Archeologie, Cultuurlandschap en Monumenten (RACM),
                           als bijlage toegevoegd;</al><al>
                  <vet>subsidie</vet>: een geldelijke bijdrage van de gemeente in de
                           subsidiabele kosten van onderhoud, restauratie en cosmetica-onderhoud van
                           een gemeentelijk monument of beeldbepalend of karakteristiek pand;</al><al>
                  <vet>subsidiabele kosten</vet>: kosten die noodzakelijk zijn voor
                           onderhoud en restauratie van een monument. Hieronder zijn niet begrepen
                           de kosten die uitsluitend dan wel in overwegende mate worden gemaakt voor
                           de verbetering van het wooncomfort.</al><al>De berekening van de subsidiabele onderhouds- en restauratiekosten wordt
                           gebaseerd op de Leidraad Brim Subsidiabele Instandhoudingskosten. Tot de
                           subsidiabele kosten behoren onder andere:</al></li>
              <li nr="-"><al>de aanneemsom;</al></li>
              <li nr="-"><al>stelposten en verrekenposten;</al></li>
              <li nr="-"><al>de risicoverzekering van loon- en materiaalprijsstijgingen;</al></li>
              <li nr="-"><al>het honorarium van de architect en de constructeur, de kosten van het
                           dagelijks toezicht en overige naar het oordeel van burgemeester en
                           wethouders relevante kosten;</al></li>
              <li nr="-"><al>de legeskosten voor de bouwvergunning en de monumentenvergunning;</al></li>
              <li nr="-"><al>de kosten voor een door het college vereist bouwhistorisch onderzoek of
                           een (bouwkundig) inspectierapport door Monumentenwacht Noord-Holland of
                           een deskundig bouwadviesbureau;</al></li>
              <li nr="-"><al>een reservering voor noodzakelijk onvoorzien meerwerk, tot een maximum
                           van 5% van de aanneemsom;</al></li>
              <li nr="-"><al>de verschuldigde omzetbelasting, tenzij deze fiscaal verrekenbaar
                           is.</al><al>
                  <vet>subsidieplafond</vet>: het bedrag dat krachtens deze verordening
                           gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar is voor de
                           verstrekking van subsidie;</al><al>
                  <vet>verlenen van subsidie</vet>: het besluit van het college dat de
                           aanvrager een voorwaardelijke aanspraak verschaft op een subsidie voor de
                           subsidiabele kosten van onderhoud en/of restauratie;</al><al>
                  <vet>vaststellen van subsidie</vet>: het besluit van het college, nadat
                           de werkzaamheden zijn uitgevoerd, waarbij de hoogte van de verleende
                           subsidie wordt vastgesteld;</al><al>
                  <vet>stabu-codering</vet>: gestandaardiseerde bestekssystematiek voor de
                           woning- en utiliteitsbouw, door Stichting Stabu;</al><al>
                  <vet>instandhouding</vet>
                  <vet>splan</vet>: meerjarenplan en
                           meerjarenbegroting van de voorgenomen werkzaamheden om een gemeentelijk
                           monument in goede staat van onderhoud te brengen en te houden.</al><al>
                  <vet>college</vet>: het college van burgemeester en wethouders van de
                           gemeente Stede Broec.</al><al>
                  <vet>bevoegd gezag</vet>: bestuursorgaan als bedoeld in artikel 1.1 van
                           de Wet algemene</al><al>bepalingen omgevingsrecht;</al><al>
                  <vet>vergunning</vet>: een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel
                           2.1, eerste lid, of 2.2 van de Wet algemene bepalingen
                           omgevingsrecht;</al><al>
                  <vet>Wabo</vet>: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.</al><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>2:</nr>
              <titel>Grondslag en werkingssfeer</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Aan de eigenaar van een gemeentelijk monument of beeldbepalend of
                           karakteristiek pand kan een subsidie worden verleend als tegemoetkoming
                           in de kosten die noodzakelijk zijn voor onderhoud, restauratie of
                           cosmetica-onderhoud, ter instandhouding van het monument, beeldbepalend
                           of karakteristiek pand.</al></li>
              <li nr="2."><al>Subsidieaanvragen kunnen worden ingediend tussen 1 januari en 31
                           december van een kalenderjaar en worden op volgorde van binnenkomst
                           behandeld en verleend voorzover het subsidieplafond strekt.</al></li>
              <li nr="3."><al>De bepalingen in deze verordening gelden zowel voor de eigenaar aan wie
                           subsidie wordt verleend als voor iedere opvolgende eigenaar van het
                           gemeentelijke monument of beeldbepalend of karakteristiek pand.</al></li>
              <li nr="4."><al>De subsidiebedragen worden jaarlijks geïndexeerd op basis van het
                           prijsindexcijfer van het Centraal Bureau voor de Statistiek.</al></li>
              <li nr="5."><al>De subsidie wordt berekend op basis van de subsidiabele kosten, met
                           uitzondering van:</al></li>
              <li nr="a."><al>kosten waarvoor op grond van enige andere regeling in het kader van de
                           monumentenzorg subsidie kan worden verleend. Indien op grond van enige
                           andere regeling een subsidie kan worden verleend tot een lager bedrag dan
                           de maximale gemeentelijke subsidie, dan wordt dit lagere bedrag op de
                           gemeentelijke subsidie in mindering gebracht;</al></li>
              <li nr="b."><al>kosten die op grond van een verzekering worden gedekt.</al></li>
              <li nr="6."><al>Indien de onderhouds- en/of restauratie- of cosmeticawerkzaamheden
                           geheel of gedeeltelijk worden verricht door de eigenaar, anders dan in de
                           uitoefening van zijn bedrijf, al dan niet met hulp van derden zonder dat
                           bij de hulp sprake is van uitoefening van een bedrijf, dan komen de
                           kosten van zelfwerkzaamheid van de eigenaar en genoemde derden
                           (“loonkosten”) niet in aanmerking voor subsidie en worden slechts de
                           materiaal- en materieelkosten als subsidiabele kosten aangemerkt.</al></li>
              <li nr="7."><al>Indien rekeningen en bewijzen van betaling betrekking hebben op kosten
                           van personeel dat in loondienst is bij de eigenaar, dan dient tevens een
                           verklaring van een registeraccountant of van een
                           accountant-administratieconsulent te worden overgelegd, waaruit blijkt
                           hoeveel uren door dat personeel is besteed aan subsidiabele
                           werkzaamheden.</al></li>
              <li nr="8."><al>Het college kan besluiten aanvullende subsidie te verlenen voor
                           onvermijdelijk en onvoorzien meerwerk, dat zich openbaart ten tijde van
                           de uitvoering van de werkzaamheden en dat de subsidiabele post onvoorzien
                           (maximaal 5% van de aanneemsom) overstijgt. Een subsidieaanvraag voor
                           onvermijdelijk meerwerk moet worden onderbouwd met een gespecificeerde
                           kostenbegroting. De subsidiabele kosten met inbegrip van het onvoorziene
                           meerwerk mogen de in artikel 4 (onderhoudssubsidie) en artikel 5
                           (restauratiesubsidie) en artikel 7 (cosmetica-subsidie) genoemde maxima
                           niet te boven gaan. Indien het subsidieplafond al bereikt is in het
                           betreffende kalenderjaar, dan wordt de aanvraag voor aanvullende
                           subsidie, berekend over het onvermijdelijke meerwerk, overgeheveld naar
                           het eerstvolgende kalenderjaar en op volgorde van binnenkomst behandeld
                           en verleend, voorzover het subsidieplafond strekt en voorzover het totale
                           subsidiebedrag inclusief de aanvullende subsidie de genoemde maxima niet
                           te boven gaat.</al></li>
              <li nr="9."><al>Voorzover een subsidie wordt verleend ten laste van een begroting die
                           nog niet is vastgesteld of goedgekeurd, kan het voorbehoud worden gemaakt
                           dat voldoende financiële middelen beschikbaar worden gesteld. Het
                           voorbehoud vervalt, indien daarop niet binnen 4 weken na vaststelling of
                           goedkeuring van de gemeentebegroting een beroep is gedaan.</al><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>3:</nr>
              <titel>Vaststellen gemeentelijk budget en subsidieplafond</titel>
            </kop>
            <al>De gemeenteraad neemt jaarlijks, bij het vaststellen van de gemeentebegroting,
                     een besluit waarin wordt aangegeven welk bedrag voor dat begrotingsjaar
                     beschikbaar is voor de verstrekking van subsidies voor onderhoud, restauratie
                     en cosmetica-onderhoud van gemeentelijke monumenten. Dit subsidieplafond wordt
                     aan het begin van het betreffende kalenderjaar algemeen bekend gemaakt via een
                     publicatie.</al>
            <al/>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>2:</nr>
            <titel>Hoogte subsidie voor onderhoud, restauratie en cosmetica-onderhoud</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>4:</nr>
              <titel>Onderhoudssubsidie</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Het college kan aan de eigenaar van een gemeentelijk monument jaarlijks
                           een subsidie verstrekken in de kosten van het onderhoud van het
                           monument.</al></li>
              <li nr="2."><al>De subsidie als bedoeld in het eerste lid bedraagt 50% van de door het
                           college vast te stellen subsidiabele onderhoudskosten, met een minimum
                           subsidiebedrag van </al><al>€ 250,00 en een maximum subsidiebedrag van € 1.000,00.</al></li>
              <li nr="3."><al>Het college kan aan de eigenaar van een gemeentelijk monument een
                           subsidie verstrekken in de kosten van het onderhoud van het monument op
                           basis van een 5-jarig instandhoudingsplan, opgesteld in het kalenderjaar
                           van de subsidieaanvraag.</al></li>
              <li nr="4."><al>De subsidie als bedoeld in het derde lid bedraagt 50% van de door het
                           college vast te stellen subsidiabele onderhoudskosten, met een minimum
                           subsidiebedrag van </al><al>€ 250,00 en een maximum subsidiebedrag van € 5.000,00.</al><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>5:</nr>
              <titel>Restauratiesubsidie</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Het college kan aan de eigenaar van een gemeentelijk monument elke 5
                           jaar een subsidie verstrekken in de kosten van de restauratie van het
                           monument.</al></li>
              <li nr="2."><al>De subsidie als bedoeld in het eerste lid bedraagt 50% van de door het
                           college vast te stellen subsidiabele restauratiekosten, met een minimum
                           subsidiebedrag van </al><al>€ 500,00 en een maximum subsidiebedrag van € 7.500,00.</al><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>6:</nr>
              <titel>Bijzondere subsidiëring restauratie</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Het college kan aan de eigenaar van een gemeentelijk monument, waarvan
                           het casco zich in een zodanig slechte staat bevindt dat het voortbestaan
                           van het monument in gevaar is, subsidie verlenen in de kosten van de
                           restauratie van het monument.</al></li>
              <li nr="2."><al>De subsidie als bedoeld in het eerste lid bedraagt een door het college
                           nader vast te stellen percentage van de subsidiabele restauratiekosten,
                           voor zover het subsidieplafond strekt.</al></li>
              <li nr="3."><al>Voor de subsidie als bedoeld in het eerste lid zijn de artikelen 9 en
                           verder van overeenkomstige toepassing.</al><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>7:</nr>
              <titel>Cosmeticasubsidie</titel>
            </kop>
            <al>1. Het college kan aan de eigenaar van een beeldbepalend of karakteristiek
                     pand jaarlijks een subsidie verstrekken in de kosten van het
                     cosmetica-onderhoud van het pand.</al>
            <al>2. De subsidie als bedoeld in het eerste lid bedraagt 50% van de door het
                     college vast te stellen subsidiabele cosmetica-onderhoudskosten, met een
                     minimum subsidiebedrag van € 250,00 en een maximum subsidiebedrag van €
                     750,00.</al>
            <al/>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>3:</nr>
            <titel>Aanvragen van subsidie</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>8:</nr>
              <titel>Aanvraag onderhoudssubsidie en cosmeticasubsidie</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>De aanvraag om een onderhoudssubsidie of cosmeticasubsidie moet bij het
                           college worden ingediend door middel van het daartoe bestemde
                           aanvraagformulier onderhoudssubsidie of cosmeticasubsidie.</al></li>
              <li nr="2."><al>Bij het aanvraagformulier dienen de volgende stukken te worden
                           overgelegd:</al><lijst>
                  <li nr="a."><al>een gedetailleerde werkomschrijving van het uit te voeren
                                 onderhoud of cosmetica-onderhoud;</al></li>
                  <li nr="b."><al>tekening(en) (schaal 1:100), waarop de werkzaamheden worden
                                 aangegeven;</al></li>
                  <li nr="c."><al>een gespecificeerde begroting van de onderhoudskosten;</al></li>
                  <li nr="d."><al>indien van toepassing voor de aanvraag: een 5-jarig
                                 instandhoudingsplan;</al></li>
                  <li nr="e."><al>indien van toepassing: een opgave van de kosten voor de opstelling
                                 van een instandhoudingsplan; en:</al></li>
                  <li nr="f."><al>alle overige stukken en gegevens die naar het oordeel van het
                                 college nodig zijn voor een juiste beoordeling van de
                                 aanvraag.</al></li>
                </lijst></li>
              <li nr="3."><al>Het college kan de aanvrager verplichten nadere detailtekeningen te
                           overleggen.</al><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>9:</nr>
              <titel>Aanvraag restauratiesubsidie</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>De aanvraag om een restauratiesubsidie moet bij het college worden
                           ingediend door middel van het daartoe bestemde aanvraagformulier
                           restauratiesubsidie.</al></li>
              <li nr="2."><al>Bij het aanvraagformulier dienen de volgende stukken te worden
                           overgelegd:</al><lijst>
                  <li nr="a."><al>een gedetailleerde werkomschrijving of een bestek van de
                                 restauratiewerkzaamheden, met Stabu-codering;</al></li>
                  <li nr="b."><al>tekening(en) (schaal 1:100, detailtekeningen schaal 1:50, 1:20,
                                 1:10), waarop de restauratiewerkzaamheden worden aangegeven;</al></li>
                  <li nr="c."><al>een gespecificeerde begroting van de restauratiekosten, met
                                 Stabu-codering, inclusief eventuele kosten architect, constructeur,
                                 planbegeleiding, overige kosten, legeskosten en dergelijke, volgens
                                 de Leidraad Brim Subsidiabele Instandhoudingskosten;</al></li>
                  <li nr="d."><al>een kopie van het meest recente bouwkundig inspectierapport
                                 (bijvoorbeeld opgesteld door Monumentenwacht Noord-Holland of een
                                 deskundig bouwadviesbureau), op het moment van de subsidieaanvraag
                                 niet ouder dan 2 jaar;</al></li>
                  <li nr="e."><al>een verklaring waaruit blijkt dat het monument verzekerd is voor
                                 (al dan niet gedeeltelijke) herbouw in geval van calamiteiten;</al></li>
                  <li nr="f."><al>indien van toepassing: een opgave van de kosten voor de opstelling
                                 van een restauratieplan; en:</al></li>
                  <li nr="g."><al>alle overige stukken en gegevens die naar het oordeel van het
                                 college nodig zijn voor een juiste beoordeling van de
                                 aanvraag.</al><al/></li>
                </lijst></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>4:</nr>
            <titel>Verlenen van subsidie</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>10:</nr>
              <titel>Procedure beoordeling cosmetica-, onderhouds- en
                        restauratiewerkzaamheden</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Een aanvraag om subsidie is ontvankelijk als de aanvrager heeft voldaan
                           aan het gestelde in artikel 8 en 9.</al></li>
              <li nr="2."><al>Het college beoordeelt de aanvraag voor op basis van de Leidraad Brim
                           Subsidiabele Instandhoudingskosten en op basis van de redengevende
                           omschrijving van het pand.</al></li>
              <li nr="3."><al>Het college besluit binnen 8 weken na ontvangst van een aanvraag over
                           het verlenen van subsidie. De berekening van de subsidiabele kosten en de
                           hierop gebaseerde hoogte van de voorlopige subsidie worden schriftelijk
                           meegedeeld aan de aanvrager.</al></li>
              <li nr="4."><al>Het college kan zijn besluit eenmaal voor ten hoogste 8 weken verdagen.
                           De aanvrager wordt hiervan schriftelijk in kennis gesteld.</al></li>
              <li nr="5."><al>Het college kan de aanvraag aanhouden tot het volgende kalenderjaar,
                           indien de door de gemeenteraad voor enig jaar beschikbaar gestelde
                           budgetten niet toereikend zijn om de aanvraag te honoreren. De aanvrager
                           ontvangt direct mededeling van deze aanhouding.</al></li>
              <li nr="6."><al>Aanvragen welke in overeenstemming met het gestelde in het vijfde lid
                           zijn aangehouden tot het volgende kalenderjaar, worden voor wat betreft
                           de werking van dit artikel geacht te zijn ontvangen op 1 januari van dit
                           volgende kalenderjaar.</al><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>11:</nr>
              <titel>Afwijzingsgronden</titel>
            </kop>
            <al>Subsidie wordt in ieder geval geweigerd indien:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>er voor de werkzaamheden op grond van de Erfgoedverordening Stede Broec
                           2011 een vergunning wordt vereist, maar deze vergunning niet is
                           verleend;</al></li>
              <li nr="b."><al>er voor de werkzaamheden op grond van de Wet algemene bepalingen
                           omgevingsrecht een vergunning wordt vereist, maar deze vergunning niet is
                           verleend;</al></li>
              <li nr="c."><al>met de uitvoering van de werkzaamheden het belang, genoemd in artikel 1,
                           sub j, sub k en sub l, niet of niet in voldoende mate is gediend;</al></li>
              <li nr="d."><al>de kosten van de werkzaamheden niet in een redelijke verhouding staan
                           tot het te verkrijgen resultaat;</al></li>
              <li nr="e."><al>met het uitvoeren van de werkzaamheden is begonnen, voordat het college
                           een besluit heeft genomen over de subsidieaanvraag;</al></li>
              <li nr="f."><al>de subsidiabele kosten van de (cosmetica-)onderhoudswerkzaamheden minder
                           bedragen dan € 500,00;</al></li>
              <li nr="g."><al>de subsidiabele kosten van de restauratiewerkzaamheden minder bedragen
                           dan </al><al>€ 1.000,00;</al></li>
              <li nr="h."><al>de werkzaamheden naar het oordeel van het college niet naar behoren
                           zullen worden uitgevoerd;</al></li>
              <li nr="i."><al>een aanvraag onderhoudssubsidie of cosmeticasubsidie wordt ingediend in
                           hetzelfde kalenderjaar, waarin een eerdere (cosmetica-)onderhoudssubsidie
                           voor datzelfde gemeentelijke monument of beeldbepalende of
                           karakteristieke pand is verleend;</al></li>
              <li nr="j."><al>een aanvraag restauratiesubsidie wordt ingediend, binnen 5 kalenderjaren
                           vanaf het kalenderjaar, waarin een eerdere restauratiesubsidie voor
                           datzelfde gemeentelijke monument is verleend;</al></li>
              <li nr="k."><al>in dezelfde kosten al uit andere hoofde subsidie tot eenzelfde of een
                           hoger bedrag kan worden toegekend;</al></li>
              <li nr="l."><al>de eigenaar van het gemeentelijke monument of beeldbepalende of
                           karakteristieke pand de bouwkundige staat van dit pand niet in goede
                           stand houdt;</al></li>
              <li nr="m."><al>het gemeentelijke monument of beeldbepalende of karakteristieke pand,
                           waarop de aanvraag betrekking heeft, niet is verzekerd onder een
                           zogenaamde (uitgebreide) opstalverzekering, gebaseerd op de waarde van
                           het monument;</al></li>
              <li nr="n."><al>ingeval uit het bouwkundige inspectierapport blijkt dat de uit te voeren
                           werkzaamheden onvoldoende waarborgen bieden voor de duurzame
                           instandhouding van het monument of beeldbepalende of karakteristieke
                           pand.</al><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>12:</nr>
              <titel>Voorwaarden</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>De subsidie wordt verleend onder de voorwaarden dat:</al><lijst>
                  <li nr="a."><al>de werkzaamheden worden aanbesteed in overeenstemming met door het
                                 college nader te stellen eisen;</al></li>
                  <li nr="b."><al>binnen 13 weken na de subsidieverlening met de uitvoering van de
                                 werkzaamheden wordt begonnen;</al></li>
                  <li nr="c."><al>de start van de werkzaamheden tenminste 1 week van tevoren wordt
                                 gemeld bij het college;</al></li>
                  <li nr="d."><al>zonder toestemming van het college niet wordt afgeweken van het
                                 plan;</al></li>
                  <li nr="e."><al>de werkzaamheden zijn afgerond binnen 1 jaar na de
                                 subsidieverlening;</al></li>
                  <li nr="f."><al>aan de door het college met controle belaste personen op de door
                                 die personen te bepalen tijdstippen:</al></li>
                </lijst></li>
              <li nr="-"><al>toegang wordt verleend tot het monument;</al></li>
              <li nr="-"><al>inzage wordt verleend in de op de werkzaamheden betrekking hebbende
                           stukken;</al></li>
              <li nr="-"><al>gegevens worden verstrekt over de uitvoering van de werkzaamheden;</al></li>
              <li nr="-"><al>gelegenheid wordt gegeven om de gegevens te controleren met betrekking
                           tot de uitvoering van de werkzaamheden;</al></li>
              <li nr="-"><al>nadere stukken en gegevens die nodig zijn voor de juiste toepassing van
                           deze verordening worden overgelegd.</al></li>
              <li nr="2."><al>De termijn waarbinnen de werkzaamheden dienen te worden afgerond, kan
                           door het college worden verlengd tot maximaal 2 jaar na datum
                           subsidieverlening.</al></li>
              <li nr="3."><al>Ingeval van onderhoudswerkzaamheden aan een gemeentelijk monument op
                           basis van een 5-jarig instandhoudingsplan, dienen de werkzaamheden te
                           zijn afgerond binnen 5 jaar na de subsidieverlening.</al><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>13:</nr>
              <titel>planwijziging</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Indien tijdens de uitvoering van de werkzaamheden zich de noodzaak
                           voordoet om van het plan waarvoor subsidie is verleend, af te wijken, dan
                           is voor deze afwijking voorafgaande toestemming nodig van het
                           college.</al></li>
              <li nr="2."><al>Toestemming voor planwijziging wordt slechts verleend indien:</al></li>
              <li nr="a."><al>voldoende is aangegeven waarom de planwijziging noodzakelijk is;</al></li>
              <li nr="b."><al>een gespecificeerde begroting is ingediend van de kosten die verband
                           houden met de wijziging;</al></li>
              <li nr="c."><al>door de wijziging geen strijd ontstaat met enige bepaling in deze
                           verordening.</al><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>5:</nr>
            <titel>Vaststellen van subsidie</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>14:</nr>
              <titel>Gereedmelding</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Binnen 6 weken na afronding van de werkzaamheden wordt door de aanvrager
                           een gereedmeldingsformulier overgelegd aan het college.</al></li>
              <li nr="2."><al>Bij het gereedmeldingsformulier worden de volgende stukken
                           overgelegd:</al></li>
              <li nr="a."><al>een overzicht van de uitgevoerde werkzaamheden, inclusief eventueel
                           meer- en minderwerk;</al></li>
              <li nr="b."><al>de originele nota’s en betalingsbewijzen.</al><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>15:</nr>
              <titel>Uitbetaling</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Vaststelling van de definitieve subsidie vindt plaats nadat de
                           werkzaamheden schriftelijk gereed zijn gemeld door de aanvrager en
                           gecontroleerd en akkoord bevonden door het college.</al></li>
              <li nr="2."><al>Het college besluit over de definitieve subsidie binnen 6 weken na de
                           dag waarop de schriftelijke gereedmelding is ontvangen. Zij kunnen hun
                           besluit eenmaal met ten hoogste 6 weken verdagen, indien dat noodzakelijk
                           is in verband met de controle van werkzaamheden en/of overgelegde nota’s
                           en betalingsbewijzen.</al></li>
              <li nr="3."><al>De hoogte van de vast te stellen subsidie wordt berekend op basis van de
                           bij de verlening vastgestelde subsidiabele kosten van de werkzaamheden,
                           inclusief eventueel goedgekeurd noodzakelijk meerwerk, of op basis van de
                           werkelijke kosten, indien deze lager zijn.</al></li>
              <li nr="4."><al>De aanvrager wordt schriftelijk in kennis gesteld van het besluit over
                           de hoogte van het definitieve subsidiebedrag.</al></li>
              <li nr="5."><al>De subsidie wordt uitbetaald binnen 4 weken nadat het college de
                           subsidie heeft vastgesteld. Uitbetaling geschiedt uitsluitend op het
                           rekeningnummer van de aanvrager dat is aangegeven op het
                           subsidieaanvraagformulier.</al><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>6:</nr>
            <titel>Wijzigen of intrekken van subsidie</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>16:</nr>
              <titel>Intrekken of wijzigen van verleende subsidie</titel>
            </kop>
            <al>Het college kan de beschikking tot het verlenen van subsidie intrekken of ten
                     nadele van de aanvrager wijzigen, indien:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>de werkzaamheden waarvoor subsidie is verleend niet of niet in zijn
                           totaliteit zijn uitgevoerd of zullen worden uitgevoerd;</al></li>
              <li nr="b."><al>de werkzaamheden worden uitgevoerd in afwijking van de oorspronkelijke
                           werkomschrijving, bestek of tekeningen, zoals vastgelegd in artikel 8 en
                           9;</al></li>
              <li nr="c."><al>de aanvrager niet heeft voldaan aan de voorwaarden, welke zijn verbonden
                           aan de subsidieverlening;</al></li>
              <li nr="d."><al>de aanvrager onjuiste of onvolledige gegevens heeft overgelegd en de
                           verstrekking van de juiste of volledige gegevens tot een andere
                           subsidieverlening zou hebben geleid;</al></li>
              <li nr="e."><al>de subsidieverlening op een andere wijze onjuist was en de aanvrager dit
                           wist of behoorde te weten;</al></li>
              <li nr="f."><al>met toepassing van artikel 2, negende lid een beroep wordt gedaan op het
                           voorbehoud dat voldoende gelden ter beschikking worden gesteld.</al><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>17:</nr>
              <titel>Intrekken of wijzigen van vastgestelde subsidie</titel>
            </kop>
            <al>Het college kan een vastgestelde subsidie intrekken of ten nadele van de
                     aanvrager wijzigen en al betaalde subsidie geheel of gedeeltelijk
                     terugvorderen:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>op grond van feiten of omstandigheden, waarvan het college bij de
                           vaststelling van de subsidie redelijkerwijs niet op de hoogte kon zijn en
                           op grond waarvan de subsidie lager zou zijn vastgesteld, dan in de
                           definitieve subsidiebeschikking;</al></li>
              <li nr="b."><al>indien de vaststelling van de subsidie onjuist was en de aanvrager dit
                           wist of behoorde te weten;</al></li>
              <li nr="c."><al>indien de ontvanger van de subsidie na de vaststelling niet heeft
                           voldaan aan de voorwaarden, welke zijn verbonden aan de
                           subsidieverlening.</al><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>7:</nr>
            <titel>Slot- en overgangsbepalingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>18:</nr>
              <titel>Bijzondere bepaling</titel>
            </kop>
            <al>Het college kan in bijzondere gevallen, in het belang van de monumentenzorg of
                     de cultuurhistorische waarden, afwijken van de bepalingen van deze
                     verordening.</al>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>19:</nr>
              <titel>Intrekken oude regeling</titel>
            </kop>
            <al>De subsidieverordening gemeentelijke monumenten en beeldbepalende en
                     karakteristieke en beeldbepalende panden Stede Broec 2009, vastgesteld op 11
                     juni 2009, wordt ingetrokken op de datum waarop artikel 20 toepassing
                     vindt.</al>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>20:</nr>
              <titel>Inwerkingtreding</titel>
            </kop>
            <al>Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na bekendmaking.</al>
            <al/>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>21:</nr>
              <titel>Citeertitel</titel>
            </kop>
            <al>Deze verordening wordt aangehaald als: “Subsidieverordening gemeentelijke
                     monumenten en beeldbepalende en karakteristieke panden Stede Broec 2011”.</al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
      </regeling-tekst>
      <regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering>
        
        <ondertekening> Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad</ondertekening>
        <ondertekening>van de gemeente Stede Broec, gehouden op 3 maart 2011.</ondertekening>
        <ondertekening/>
        <ondertekening>De raadsgriffier, De voorzitter,</ondertekening>
      </regeling-sluiting>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>