<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr owms-version="3.5" cvdr-version="1.0" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd" xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance"><meta><owmskern><dcterms:identifier>93036_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsregel subsidiëring van projecten Flexibel Volume PON ten behoeve van steunfunctie-instellingen, provincie Noord-Brabant, 2006</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Provincie">Noord-Brabant</dcterms:creator><dcterms:modified>2013-02-28T13:11:55</dcterms:modified></owmskern><owmsmantel><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanProvincie">gedeputeerde staten</overheid:isRatifiedBy><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Provinciaal Blad, 2005, 193</dcterms:isFormatOf><dcterms:issued>2005-12-22</dcterms:issued><dcterms:alternative>Beleidsregel subsidiëring van projecten Flexibel Volume PON ten behoeve van steunfunctie-instellingen, provincie Noord-Brabant, 2006 </dcterms:alternative><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en databankenrecht</dcterms:rights><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene subsidieverordening Provincie Noord-Brabant</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene wet bestuursrecht, art. 4:81</dcterms:source></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2006-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2013-03-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>1151019</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>steunfuncties, subsidies, financieel kader</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze beleidsregel vervangt de beleidsregel subsidiëring van projecten Flexibel Volume PON ten behoeve van steunfunctie-instellingen, provincie Noord-Brabant, 2000</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule></intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Gedeputeerde Staten van Noord-Brabant</al><al>gelet op de Algemene Subsidie Verordening provincie Noord-Brabant;</al><al>gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht;</al><al>Besluiten:</al><al>A Vast te stellen de navolgende beleidsregel subsidiëring van projecten Flexibel Volume PON ten behoeve van steunfunctie-instellingen, provincie Noord-Brabant, 2006.</al><al>B In te trekken de beleidsregel subsidiëring van projecten Flexibel Volume PON ten behoeve van steunfunctie-instellingen, provincie Noord-Brabant, 2000</al><al>beleidsregel subsidiëring van projecten Flexibel Volume PON ten behoeve van steunfunctie-instellingen, provincie Noord-Brabant, 2006.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><titel><vet>Artikel 1 Algemeen</vet></titel></kop><al>Van het flexibel volume van het PON, Instituut voor Advies, Onderzoek en Ontwikkeling in Noord-Brabant, wordt jaarlijks 25% gereserveerd voor onderzoeksprojecten van provinciale steunfunctie-instellingen op het terrein van welzijn, educatie, cultuur en zorg. In deze beleidsregel wordt de wijze van indiening en afhandeling van subsidieverzoeken en de criteria die voor verstrekking gelden nader toegelicht. Het subsidieplafond wordt in december nader vastgesteld.</al></artikel><artikel><kop><titel><vet>Artikel 2 Criteria voor verstrekking</vet></titel></kop><al>Aanvragen ten laste van het flexibel volume PON worden beoordeeld aan de hand van de volgende criteria:</al><lijst><li nr="* "><al>het project dient te vallen binnen de onderzoeks- en ontwikkelingsfunctie van het PON;</al></li><li nr="* "><al>het project dient aan te sluiten bij provinciale speerpunten van beleid;</al></li><li nr="* "><al>het project dient een voorbeeldwerking te hebben;</al></li><li nr="* "><al>het project dient te leiden tot een nieuwe werkwijze/nieuwe aanpak;</al></li><li nr="* "><al>in het project wordt samengewerkt met andere (steunfunctie) instellingen of met gemeenten;</al></li><li nr="* "><al>er dient sprake te zijn van aansluiting bij bestaande projecten;</al></li><li nr="* "><al>er is sprake van co-financiering;</al></li><li nr="* "><al>er is sprake van oplossing van een probleem.</al></li></lijst><al>Bij het bepalen van een prioritering tussen de ingediende projecten kan voor het voldoen aan ieder criterium 1 punt worden toegekend. Ieder criterium weegt even zwaar. Bestuurlijke overwegingen kunnen aanleiding zijn om van een prioriteitstelling af te wijken. Ook hoeft niet elk project aan alle criteria te voldoen om voor uitvoering in aanmerking te komen.</al></artikel><artikel><kop><titel><vet>Artikel 3 Wijze van indiening en afhandeling van aanvragen</vet></titel></kop><al>Voor aanvragen ten behoeve van het flexibel volume PON dient gebruik te worden gemaakt van een vragenlijst. De vragenlijst is als bijlage bij deze beleidsregel gevoegd. Voor elk project dient een afzonderlijke vragenlijst te worden ingevuld. Voor een juiste beoordeling van het project is het van belang om de vragenlijst zo volledig mogelijk in te vullen. De aanvragen dienen voor 1 november voorafgaand aan het uitvoeringsjaar bij Gedeputeerde Staten te worden ingediend. Gedeputeerde Staten beslissen uiterlijk in januari van het uitvoeringsjaar over de ingediende aanvragen. Indien met een project is ingestemd neemt het PON contact op met de steunfunctie-instelling en wordt een offerte opgesteld. Na beoordeling van deze offerte verlenen Gedeputeerde Staten opdracht aan het PON.</al></artikel><artikel><kop><titel><vet>Artikel 4 Afwijkingen van beleidsregel</vet></titel></kop><al>Gedeputeerde Staten kunnen op grond van art. 4.48 Awb afwijken van het in deze beleidsregel bepaalde.</al></artikel><artikel><kop><titel><vet>Artikel 5 Relatie Algemene Subsidie Verordening</vet></titel></kop><al>Op de subsidieverlening zijn de bepalingen van toepassing zoals vastgelegd in de Algemene Subsidie Verordening provincie Noord-Brabant, voor zover niet nader geregeld in deze beleidsregel.</al></artikel><artikel><kop><titel><vet>Artikel 6 Hardheidsclausule</vet></titel></kop><al>In alle gevallen waarin deze regeling niet voorziet, beslissen Gedeputeerde Staten. Indien toepassing van het bepaalde in deze regeling naar het oordeel van Gedeputeerde Staten, tot kennelijke onbillijkheden leidt, dan kunnen Gedeputeerde Staten van enige bepaling afwijken.</al></artikel><artikel><kop><titel><vet>Artikel 7 Citeertitel</vet></titel></kop><al>Deze beleidsregel kan worden aangehaald als: “Beleidsregel subsidiëring van projecten Flexibel Volume PON ten behoeve van steunfunctie-instellingen, provincie Noord-Brabant, 2006</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>’s-Hertogenbosch, 22 december 2005</al><al>Gedeputeerde Staten voornoemd,</al><al>de voorzitter J.R.H. Maij-Weggen</al><al>de secretaris drs. W.G.H.M. Rutten</al><al> </al></slotformulering></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>