<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR92196_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Standplaatsenverordening 2008</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Heerhugowaard</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-11-07</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Heerhugowaard</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Stadsnieuws jrg.6 nr.13, d.d. 1-7- 2008, p.2.</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Standplaatsenverordening Heerhugowaard 2008</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>openbare orde en veiligheid</dcterms:subject><dcterms:issued>2008-06-24</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2008-07-15</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-03-22</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RB2008070</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>kaderstellend besluit</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Standplaatsenbeleid (ook gepubliceerd in Stadsnieuws jrg.6 nr.13).|</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Standplaatsenverordening 2008</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Nr.RB.2008-070</al><al>de Raad van de gemeente Heerhugowaard;</al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 27 mei 2008</al><al>gelezen het advies van de commissie Stadsontwikkeling d.d. 10 juni 2008</al><al>artikel 149 van de Gemeentewet, de Standplaatsenverordening Heerhugowaard
                        2007 en de Algemene Wet Bestuursrecht </al><al>b e s l u i t</al><al>vast te stellen de Standplaatsenverordening Heerhugowaard 2008</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Definities</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>standplaats: een ruimte op of aan de weg, door burgemeester
                                        en wethouders</al><al> aangewezen voor het te koop aanbieden, verkopen of
                                        verstrekken van goederen, waren of diensten;</al></li><li nr="b."><al>standplaatshouder: ieder aan wie door burgemeester en
                                        wethouders een standplaats is toegewezen;</al></li><li nr="c."><al>vaste standplaats: een standplaats die voor één of meer
                                        dagdelen voor onbepaalde tijd, doch maximaal 1 jaar, wordt
                                        toegewezen;</al></li><li nr="d."><al>tijdelijke standplaats: een standplaats die voor ten hoogste
                                        drie maanden wordt toegewezen;</al></li><li nr="e."><al>losse standplaats: een standplaats die voor ten hoogste 1
                                        week wordt toegewezen;</al></li><li nr="f."><al>weg: hetgeen de Algemene Plaatselijke Verordening daaronder
                                        verstaat.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Onder standplaats wordt niet verstaan:</al><al>standplaats op evenementen als bedoeld in artikel 2.2.1 van de
                                Algemene plaatselijke verordening.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Standplaatsvergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden zonder, of in afwijking van een vergunning van
                            burgemeester en wethouders een standplaats in te nemen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het is de rechthebbende op een perceel verboden toe te staan dat daarop
                            zonder vergunning van burgemeester en wethouders een standplaats wordt
                            ingenomen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen aan een standplaatsvergunning
                            voorschriften verbinden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Op verzoek van een ambtenaar van de gemeente Heerhugowaard, belast met
                            het toezicht op de uitvoering van deze verordening, dient de vergunning
                            overlegd te kunnen worden.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het verbod in het eerste lid geldt niet voor zover in het daarin
                            geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet beheer
                            rijkswaterstaatswerken of het Provinciaal wegenreglement.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het verbod in het eerste lid geldt niet ten aanzien van het uitgestald
                            hebben van gedrukte of geschreven stukken waarin gedachten of gevoelens
                            worden geopenbaard als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van de
                            Grondwet.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Het college houdt de beslissing op een aanvraag voor een
                            standplaatsvergunning aan, indien de aanvraag een activiteit betreft
                            waarvoor tevens een vergunning als bedoeld in artikel 8.1 van de Wet
                            milieubeheer is vereist en indien geen toepassing kan worden gegeven aan
                            het vijfde lid, tot de dag waarop de beslissing over de
                            Wet-milieubeheervergunningaanvraag is genomen.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Indien een aanvraag voor een vergunning wordt ingediend minder dan drie
                            weken vóór het tijdstip waarop de aanvrager de vergunning of ontheffing
                            nodig heeft, kan het bestuursorgaan besluiten de aanvraag niet te
                            behandelen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Weigering vergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een vergunning bedoeld in artikel 2 lid 1 kan worden geweigerd:</al><lijst><li nr="a."><al>in het belang van de openbare orde;</al></li><li nr="b."><al>in het belang van het voorkomen of beperken van overlast;</al></li><li nr="c."><al>in het belang van de bescherming van het uiterlijk aanzien van
                                    de omgeving;</al></li><li nr="d."><al>in het belang van de verkeersvrijheid of -veiligheid;</al></li><li nr="e."><al>wanneer als gevolg van bijzondere omstandigheden in de gemeente
                                    of in een deel der gemeente redelijkerwijs te verwachten is dat
                                    door het verlenen van de vergunning een redelijk
                                    verzorgingsniveau voor de consument ter plaatse in gevaar komt;
                                </al></li><li nr="f."><al>vanwege de strijd met een geldend bestemmingsplan.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De weigeringsgrond van het eerste lid, onder b, geldt niet voorzover in
                            het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de Wet
                            milieubeheer.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De weigeringsgrond van het eerste lid, onder c, geldt niet voor
                            bouwwerken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Aanwijzing standplaatsen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders stellen een maal per drie jaar - in december
                            - het aantal locaties en het aantal uit te geven standplaatsen vast voor
                            de gemeente, met dien verstande dat vaststelling eerder plaatsvindt
                            wanneer omstandigheden of ontwikkelingen hiertoe nopen. Per locatie kan
                            maximaal één standplaats worden uitgegeven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen, indien dringende omstandigheden
                            daartoe aanleiding geven, aan een standplaatshouder tijdelijk een andere
                            standplaats toewijzen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Markt</titel></kop><al>Binnen een straal van 500 meter van een markt als bedoeld in artikel 160
                        Gemeentewet of een evenement als bedoeld in artikel 2.2.1 van de Algemene
                        plaatselijke verordening, worden voor de dag waarop de markt of het
                        evenement wordt gehouden, geen standplaatsen toegewezen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Aansluiting gas, water &amp; licht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De op een standplaats in gebruik zijnde verkoopinrichting mag op geen
                            enkele wijze aan opstallen of vaste voorwerpen zijn verbonden, noch zijn
                            aangesloten op het elektriciteits-, gas-, waterleiding- of
                            telefoonnet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het in het
                            eerste lid bepaalde.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Wachtlijst</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aanvragen voor toewijzing van een vaste, tijdelijke of losse standplaats
                            moeten schriftelijk bij burgemeester en wethouders worden
                            ingediend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvrager dient een bewijs van inschrijving van het Centrale
                            Registratiekantoor te overleggen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De aanvragen voor een vaste standplaats worden in volgorde van
                            binnenkomst op een wachtlijst geplaatst.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De aanvraag voor een vaste standplaats moet elk jaar in de maand
                            december worden herhaald.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Aan de aanvrager van een losse standplaats kan maximaal 5 keer per jaar
                            een losse standplaats worden toegewezen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Vergunningsbewijs</titel></kop><al>Van de toewijzing van standplaatsen wordt door burgemeester en wethouders
                        aan de standplaatshouder een schriftelijk bewijs afgegeven,
                        vermeldende:</al><lijst><li nr="a."><al>naam en voornamen, adres en woonplaats;</al></li><li nr="b."><al>de dagen en tijden waarop de standplaats mag worden ingenomen;</al></li><li nr="c."><al>de exacte locatie waar de standplaats mag worden ingericht alsmede
                                de maximale oppervlakte en afmetingen daarvan;</al></li><li nr="d."><al>de artikelen of de groep van artikelen welke door de
                                standplaatshouder op de hem toegewezen standplaats mogen worden
                                verkocht;</al></li><li nr="e."><al>de voorschriften die in acht genomen moeten worden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Toewijzing standplaats</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een standplaatshouder dient elk jaar schriftelijk een verzoek tot
                            vernieuwing van zijn vergunningsbewijs te doen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen besluiten een vrijgekomen standplaats
                            niet meer uit te geven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor vrijgekomen vaste standplaatsen komen allereerst de ingeschrevenen
                            op de in artikel 7 lid 3 bedoelde lijst in aanmerking.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Doorhalen van gegadigden op wachtlijst</titel></kop><al>De inschrijving op de in artikel 7 lid 3 bedoelde lijst wordt
                        doorgehaald:</al><lijst><li nr="a."><al>op verzoek van de ingeschrevene;</al></li><li nr="b."><al>indien aanvragen niet tijdig zijn herhaald;</al></li><li nr="c."><al>bij overlijden van de ingeschrevene;</al></li><li nr="d."><al>wanneer aan de ingeschrevene een vaste standplaats wordt
                                toegewezen;</al></li><li nr="e."><al>wanneer de ingeschrevene voor een vaste standplaats in aanmerking
                                komt, doch zonder geldige redenen weigert een vaste standplaats te
                                aanvaarden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Vervallen van een standplaatsvergunning</titel></kop><al>Het recht op een vaste standplaats vervalt::</al><lijst><li nr="a."><al>op eigen verzoek;</al></li><li nr="b."><al>bij overlijden van de standplaatshouder;</al></li><li nr="c."><al>wanneer de standplaatshouder gedurende 3 achtereenvolgende dagen of
                                gedurende zes</al><al> dagen binnen een tijdvak van drie maanden, geen gebruik heeft
                                gemaakt van de </al><al> standplaats. Met achtereenvolgende dagen worden bedoeld de
                                achtereenvolgende dagen </al><al> waarop de standplaatsvergunning geldig is.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Overschrijving vergunning</titel></kop><al>Bij het overlijden van de standplaatshouder of van de op de in artikel 7 lid
                        3 bedoelde lijst ingeschrevene, wordt het recht op de standplaats
                        respectievelijk op de inschrijving overgeschreven op de overblijvende
                        echtgeno(o)t(e) of een met de standplaatshouder/ingeschrevene duurzaam
                        samenlevend persoon, indien een daartoe strekkend verzoek binnen één maand
                        na het overlijden bij burgemeester en wethouders wordt ingediend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Persoonlijk innemen van de standplaats</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een standplaats moet door de houder ervan persoonlijk of een bij hem in
                            dienst zijnde werknemer worden ingenomen; hij mag deze derhalve niet aan
                            een ander afstaan of in gebruik geven.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vergunninghouder of een bij hem in dienst zijnde werknemer mag zich
                            laten bijstaan.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De werknemer dient een verklaring van de werkgever te kunnen overleggen
                            waaruit het dienstverband blijkt.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In bijzondere gevallen kan door of namens burgemeester en wethouders aan
                            standplaatshouders, op schriftelijk verzoek, tijdelijk ontheffing worden
                            verleend van de verplichting om persoonlijk op de standplaats aanwezig
                            te zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Vakantie en ziekte</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Houders van standplaatsen die langer dan 1 week wegens ziekte verhinderd
                            zijn hun standplaats te bezetten dienen burgemeester en wethouders
                            daarvan schriftelijk in kennis te stellen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij langdurige afwezigheid van een standplaatshouder wegens ziekte dient
                            van deze reden van verhindering iedere drie maanden een geneeskundige
                            verklaring te worden overlegd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Houders van standplaatsen die wegens vakantie de standplaats niet zullen
                            bezetten moeten daarvan tijdig, onder opgave van het tijdvak van de
                            vakantie, schriftelijke mededeling doen aan burgemeester en
                            wethouders.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In de gevallen bedoeld in het eerste en derde lid kunnen burgemeester en
                            wethouders de houder van een standplaats toestemming verlenen zich te
                            laten vervangen. Het bepaalde in artikel 11 sub c zal dan niet van
                            toepassing zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Verwijderen verkoopinrichting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De standplaats mag niet eerder in gebruik genomen worden dan één uur
                            voordat met de verkoop mag worden begonnen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De standplaats moet volledig zijn ontruimd binnen één uur nadat de
                            verkoop moet zijn beëindigd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen van het bepaalde in lid 1 en lid 2
                            schriftelijk ontheffing verlenen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Op het innemen van een standplaats is voor wat betreft de openingstijden
                            de Winkeltijdenwet van toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Schoonhouden standplaats en omgeving</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De standplaatshouder is verplicht er zorg voor te dragen dat zijn
                            standplaats, een en ander ter beoordeling aan burgemeester en
                            wethouders, steeds een goed verzorgd aanzien biedt. Hij dient de
                            standplaats en de onmiddellijke omgeving daarvan tijdens en na het
                            gebruik vrij te houden van afval en verpakkingsmaterialen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Standplaatshouders welke op de standplaats geringe eet- en drinkwaren
                            voor de consumptie gereed maken, dienen aan de voorzijde van hun
                            verkoopinrichting twee korven of bakken van voldoende grootte te
                            plaatsen voor het inwerpen van afval.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Intrekking vergunning</titel></kop><al>Een vergunning kan worden ingetrokken:</al><lijst><li nr="a."><al>in het belang van de openbare orde;</al></li><li nr="b."><al>in het belang van de verkeersvrijheid of -veiligheid;</al></li><li nr="c."><al>indien de vergunninghouder in strijd handelt met het bij of
                                krachtens deze verordening bepaalde;</al></li><li nr="d."><al>wanneer bij herhaling is geconstateerd, hetzij door een ambtenaar
                                als bedoeld in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering,
                                hetzij door de marktmeester of ambtenaar van de gemeente
                                Heerhugowaard belast met het toezicht op de uitvoering van deze
                                verordening, dat een standplaats wordt ingenomen in afwijking van de
                                door burgemeester en wethouders verleende vergunning;</al></li><li nr="e."><al>indien de vergunninghouder zich schuldig maakt aan wangedrag;</al></li><li nr="f."><al>indien de vergunninghouder het standplaatsengeld niet of niet binnen
                                de gestelde termijn</al><al> voldoet.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Strafbepaling</titel></kop><al>Overtreding van het bepaalde bij of krachtens de artikelen 2, 6, 13, 14, 15
                        en 16 dezer verordening wordt gestraft met een geldboete van de tweede
                        categorie of hechtenis van ten hoogste twee maanden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als Standplaatsenverordening
                                Heerhugowaard 2008.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking op 15 juli 2008.</al></li><li nr="3."><al>De Standplaatsenverordening Heerhugowaard 2007 wordt ingetrokken op
                                het tijdstip genoemd in lid 2.</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Heerhugowaard, 24 juni 2008</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><lijst><li nr="Agendanr."><al>: 9</al></li><li nr="Voorstelnr."><al>: 2008-070</al></li></lijst><al>Onderwerp : Wijziging Standplaatsenverordening Heerhugowaard 2007</al><al>Aan de Raad,</al><al>Heerhugowaard, 27 mei 2008</al><al><onderstreept>Beknopt voorstel</onderstreept></al><al>De Standplaatsenverordening zodanig redigeren dat bij verlening van
                    evenementenvergunningen geen afzonderlijke standplaatsvergunningen nodig zijn.
                </al></nota-toelichting><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting</titel></kop><al>Op 27 november 2007 heeft u de Standplaatsenverordening Heerhugowaard 2007
                    vastgesteld.</al><al>Op grond van deze verordening en het daarop gebaseerde standplaatsenbeleid,
                    vergunnen wij op verzoek standplaatsen. De vergunninghouder is het dan
                    toegestaan op een door ons aangewezen ruimte op of aan de weg, goederen, waren
                    of diensten, te koop aan te bieden, te verkopen of te verstrekken.</al><al>Soms worden standplaatsvergunningen gevraagd in verband met het organiseren van
                    evenementen.</al><al>Blijkens jurisprudentie (Pres.Rb. Den Haag 27-04-1994) is bij verlening van een
                    evenementenvergunning afzonderlijke verlening van standplaatsvergunningen niet
                    nodig. Een evenementenvergunning is een integrale vergunning voor de
                    activiteiten die in de aanvraag zijn vermeld.</al><al>De omstandigheid dat evenementlocaties niet samenvallen met aangewezen
                    standplaatslocaties, maakt het conformeren aan de jurisprudentie nog
                    aantrekkelijker.</al><al>Om te regelen dat ook bij evenementen standplaatsen kunnen worden uitgegeven en
                    vergund, wordt voorgesteld een afbakeningsbepaling op te nemen in de
                    Standplaatsenverordening. Deze afbakeningsbepaling beoogt het uitzonderen van
                    een verbod zonder een vergunning een standplaats in te nemen waar het gaat om de
                    verkoop van goederen etc. bij evenementen.</al><al>Burgemeester en wethouders van Heerhugowaard,</al><al>De secretaris, de burgemeester,</al><tussenkop>Advies commissie SO d.d. 10 juni 2008</tussenkop><al>Akkoordstuk</al><al>Nr.2008-070</al><al>de Raad van de gemeente Heerhugowaard;</al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 27 mei 2008</al><al>gelezen het advies van de commissie Stadsontwikkeling d.d. 10 juni 2008</al><al>artikel 149 van de Gemeentewet, de Standplaatsenverordening Heerhugowaard 2007
                    en de Algemene Wet Bestuursrecht </al><al>b e s l u i t</al><al>vast te stellen de Standplaatsenverordening Heerhugowaard 2008 onder intrekking
                    van de Standplaatsenverordening Heerhugowaard 2007 zoals vastgesteld bij
                    raadsbesluit d.d. 27 november 2007</al><al>Heerhugowaard, 24 juni 2008</al><al>De Raad voornoemd,</al><al>de griffier, de voorzitter,</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>