<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR91570_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening leerlingenvervoer gemeente Heerhugowaard</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Heerhugowaard</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-11-07</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Heerhugowaard</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Stadsnieuws, 5-11-2002</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening leerlingenvervoer gemeente Heerhugowaard</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet op primair onderwijs, art. 4</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet op de expertisecentra, art. 4</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet op het voortgezet onderwijs, art. 4</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>onderwijs</dcterms:subject><dcterms:issued>2002-10-22</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2002-12-11</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-11-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling, ter aanvulling op art.29</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>RB2003060</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>verordeningen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Beleidsregel Verordening leerlingenvervoer gemeente Heerhugowaard (BW08-0354, d.d. 15-4-2008, gepubliceerd 23-4-2008) (zie bijlage).</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>De publicatiedatum is een geschatte datum.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening leerlingenvervoer gemeente Heerhugowaard</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Nr.RB2003060</al><al/><al>De Raad van de gemeente Heerhugowaard, </al><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 8 april 2003,</al><al/><al>gelet op het advies van de commissie Maatschappelijke Ontwikkelingen d.d. 7
                        mei 2003, </al><al/><al>b e s l u i t </al><al/><al>de gewijzigde verordening Leerlingenvervoer vast te stellen.</al><al/><al>Heerhugowaard, 27 mei 2003,</al><al/><al>De Raad voornoemd,</al><al>de griffier, de voorzitter,</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>Titel 1 ALGEMENE BEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijving</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder: </al><al>a school: </al><lijst><li nr="-"><al>een basisschool of speciale school voor basisonderwijs als
                                    bedoeld in de Wet op het primair onderwijs (Stb. 1998,
                                    495);</al></li><li nr="-"><al>een school voor speciaal onderwijs of een school voor</al></li></lijst><al>voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in de Wet op de
                            expertisecentra (Stb. 1998,496); of </al><lijst><li nr="-"><al>een school voor voortgezet onderwijs als bedoeld in Wet op het
                                    op het voortgezet onderwijs (Stb. 1998, 512);of</al></li><li nr="-"><al>een school voor speciaal voortgezet onderwijs als bedoeld in
                                    deel II van de Wet op het voortgezet onderwijs.</al></li></lijst><al>b ouders: de ouders, voogden of verzorgers van de leerling; </al><al>c leerling: een leerling van een school als bedoeld onder a; </al><al>d woning: de plaats waar de leerling feitelijk zijn hoofdverblijf heeft; </al><al>e afstand: de afstand tussen de woning en de school, gemeten langs de
                            kortste voor de </al><al>leerling voldoende begaanbare en veilige weg; </al><al>f vervoer: openbaar vervoer, aangepast vervoer of eigen vervoer tussen
                            de woning dan wel </al><al>de opstapplaats en de school dat plaatsvindt in aansluiting op het begin
                            en einde van de </al><al>schooldag volgens het schoolplan, tenzij de structurele handicap van een
                            leerplichtige </al><al>leerling die aansluiting onmogelijk maakt; </al><al>g openbaar vervoer: voor een ieder openstaand personenvervoer volgens
                            een dienstregeling </al><al>per trein, metro, tram, bus, veerdienst of auto; </al><al>h aangepast vervoer: vervoer per besloten (school)busvervoer, taxi,
                            treintaxi of bustaxi; </al><al>i eigen vervoer: vervoer per eigen motorvoertuig, bromfiets of fiets; </al><al>j reistijd: de totale tijdsduur die ligt tussen het verlaten van de
                            woning en de aanvang van </al><al>de schooldag volgens het schoolplan, minus maximaal 10 minuten indien en
                            voorzover de leerling het schoolgebouw met bijbehorend terrein
                            gewoonlijk eerder bereikt dan het </al><al>schoolplan aangeeft, dan wel de totale tijdsduur die ligt tussen het
                            einde van de schooldag </al><al>volgens het schoolplan en de aankomst bij de woning; </al><al>k toegankelijke school: </al><al>voor wat betreft basisscholen en speciale scholen voor basisonderwijs:
                            de basis- </al><al>school van de verlangde godsdienstige of levensbeschouwelijke richting
                            dan wel de</al><al>openbare school of de speciale school voor basisonderwijs waarop de
                            leerling is </al><al>aangewezen van de verlangde godsdienstige of levensbeschouwelijke
                            richting dan </al><al>wel de openbare school; </al><al>voor wat betreft scholen voor (voortgezet) speciaal onderwijs, scholen
                            voor speciaal voortgezet onderwijs en scholen voor praktijkonderwijs en
                            leerwegondersteunend onderwijs: de school van de soort waarop de
                            leerling is aangewe zen van de verlangde godsdienstige of
                            levensbeschouwelijke richting dan wel de openbare school van de soort
                            waarop de leerling is aangewezen; </al><al>l inkomen: het ingevolge de Wet op de inkomstenbelasting 2001 (Stb.2000,
                            215) vastgestelde gecorrigeerde verzamelinkomen van de ouders in het
                            tweede kalenderjaar voorafgaand aan het schooljaar waarvoor bekostiging
                            van de vervoerskosten wordt gevraagd; </al><al>m opstapplaats: plaats aangewezen door burgemeester en wethouders, vanaf
                            waar de leerling gebruik kan maken van het vervoer; </al><al>n commissie voor de begeleiding: de commissie die is ingesteld door het
                            bevoegd gezag van een school als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de
                            expertisecentra, niet zijnde een instelling, of de bevoegde
                            gezagsorganen van twee of meer scholen als bedoeld in artikel 1 van de
                            Wet op de expertisecentra, niet zijnde instellingen, die hetzelfde
                            regionaal expertisecentrum in stand houden; </al><al>o vervoersvoorziening: een gehele of gedeeltelijke bekostiging van de
                            door het college noodzakelijk geachte vervoerskosten van de leerling en
                            zo nodig diens begeleider; </al><lijst><li nr="-"><al>de verstrekking van een abonnement of strippenkaart voor de
                                    leerling en zo nodig</al></li><li nr="-"><al>diens begeleider, of:</al></li></lijst><al>aanbieding van aangepast vervoer dat de gemeente verzorgt of doet
                            verzorgen; </al><al>p permanente commissie leerlingenzorg: de commissie als bedoeld in
                            artikel 23 van de Wet op het primair onderwijs. </al><al>q samenwerkingsverband: het samenwerkingsverband als bedoeld in artikel
                            18 van de Wet op het primair onderwijs. </al><al>r regionale verwijzingscommissie: de commissie als bedoeld in artikel
                            10g van de Wet op het voortgezet onderwijs; </al><al>s opdc: orthopedagogisch en –didactisch centrum als bedoeld in artikel
                            10h, derde lid Wet op het voortgezet onderwijs. </al><al>t ambulante begeleiding: de begeleiding door een personeelslid van een
                            school of instelling als bedoeld in artikel 1 van de Wet op de
                            expertisecentra van leerlingen die zijn geplaatst op een basisschool of
                            leerlingen die zijn geplaatst op een school voor voortgezet onderwijs en
                            naar het oordeel van het bevoegd gezag zonder die begeleiding zouden
                            zijn aangewezen op het speciaal onderwijs of het voortgezet speciaal
                            onderwijs;</al><al>u commissie voor de indicatiestelling: de commissie als bedoeld in
                            artikel 28 c van de Wet op de expertisecentra.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Bekostiging van de door het college noodzakelijk te achten
                                vervoerskosten</titel></kop><al>1 Ten behoeve van het schoolbezoek kent het college aan de ouders van in
                            de gemeente verblijvende leerlingen op aanvraag een vervoersvoorziening
                            toe met inachtneming van het bepaalde in deze verordening. </al><al>2 Indien het college toepassing geeft aan het eerste lid, verlangt het
                            dat de ouders aan wie slechts een gedeeltelijke bekostiging van de
                            vervoerskosten toekomt, hun kinderen van het aldus verzorgde vervoer
                            gebruik laten maken tegen betaling van een bijdrage tot ten hoogste het
                            bedrag dat de ouders ingevolge het bepaalde in deze verordening moeten
                            bijdragen aan, de kosten van het vervoer. Weigering tot, of nalatigheid
                            in de betaling van de in de vorige volzin bedoelde bijdrage doet de
                            aanspraak op een bekostiging vervallen.</al><al>3 De bepalingen in deze verordening laten onverlet de
                            verantwoordelijkheid van de ouders voor het schoolbezoek van hun
                            kinderen. </al><al>4 Indien de leerling meerderjarig en handelingsbekwaam is, wordt de
                            bekostiging op aanvraag verstrekt aan de leerling.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Bekostiging naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school</titel></kop><al>1 Bekostiging van de vervoerskosten wordt toegekend over de afstand
                            tussen de woning dan wel de opstapplaats en de dichtstbijzijnde voor de
                            leerling toegankelijke school, tenzij vervoer naar een verder weggelegen
                            school voor de gemeente minder kosten met zich mee zou brengen en de
                            ouders met het vervoer naar die school schriftelijk instemmen. </al><lijst><li nr="2"><al>Indien ouders bekostiging van de vervoerskosten aanvragen voor
                                    het bezoeken van een school, die op grotere afstand van de
                                    woning is gelegen dan in artikel 11 of 15 is bepaald, terwijl
                                    een of meer scholen van dezelfde onderwijssoort dichterbij de
                                    woning zijn gelegen, ontstaat slechts aanspraak op bekostiging
                                    naar eerstgenoemde school als door de ouders schriftelijk wordt
                                    verklaard dat zij overwegende bezwaren hebben tegen het openbaar
                                    onderwijs dan wel tegen de richting van het onderwijs van alle
                                    bijzondere scholen, van de soort waarop de leerling is
                                    aangewezen, die dichterbij de woning zijn gelegen.</al></li><li nr="3"><al>Voor de leerling die een school voor (voortgezet) speciaal
                                    onderwijs uit cluster 4 bezoekt geldt als dichtstbijzijnde
                                    toegankelijke school, de school die door de commissie voor de
                                    indicatiestelling is geadviseerd. Dit is van toepassing zolang
                                    de leerling zijn woonplaats heeft in het gebied van het
                                    regionaal expertisecentrum waaraan voornoemde commissie is
                                    verbonden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Uitbetaling van de bekostiging</titel></kop><al>Het college bepaalt bij het verstrekken van bekostiging van de
                            vervoerskosten de wijze en het tijdstip van de uitbetaling, alsmede de
                            tijdsduur van de verstrekte bekostiging. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Aanvraagprocedure</titel></kop><al>1 Een aanvraag voor bekostiging van de vervoerskosten wordt gedaan door
                            indiening bij het college van een volledig ingevuld en door de ouders
                            ondertekend formulier, voorzien van de op het formulier vermelde
                            gegevens. </al><al>2 De aanvraag wordt, indien het een aanvraag voor het eerstvolgende
                            schooljaar betreft, vóór 1 juni voorafgaand aan dat schooljaar
                            ingediend. </al><al>3 Indien dit voor een juiste beoordeling van de aanvraag noodzakelijk
                            is, kan het college de ouders verzoeken aanvullende gegevens te
                            verstrekken. </al><al>4 Het college besluit over de aanvraag binnen acht weken na ontvangst
                            van alle benodigde gegevens. </al><al>5 Het college kan het in het vorige lid bedoelde besluit met ten hoogste
                            vier weken verdagen. Het stelt de aanvrager hiervan schriftelijk in
                            kennis. </al><al>Indien een vervoersvoorziening wordt toegekend wordt deze getroffen: </al><al>a met ingang van het nieuwe schooljaar indien de aanvraag vóór 1 juni is
                            ingediend; </al><al>b met ingang van de door de ouders verzochte datum als het een aanvraag
                            gedurende het schooljaar betreft, met dien verstande dat de datum waarop
                            de bekostiging wordt verstrekt niet ligt vóór de datum van ontvangst van
                            de aanvraag door het college.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Doorgeven en wijzigen</titel></kop><al>1 De ouders zijn verplicht wijzigingen die van invloed kunnen zijn op de
                            verstrekte bekostiging van de vervoerskosten, onder vermelding van de
                            datum van wijziging, onverwijld schriftelijk mede te delen aan het
                            college. </al><al>2 Indien sprake is van een wijziging die van invloed is op de verstrekte
                            bekostiging, vervalt aanspraak op bekostiging en verstrekt het college
                            al dan niet opnieuw bekostiging van de vervoerskosten. </al><al>3 Indien de ouders niet voldoen aan het bepaalde in het eerste lid en
                            het college een wijziging als bedoeld in het tweede lid vaststelt,
                            waardoor blijkt dat ten onrechte bekostiging is verstrekt, vervalt de
                            aanspraak op bekostiging van de vervoerskosten terstond en verstrekt het
                            college al dan niet opnieuw bekostiging van de vervoerskosten. Het
                            college deelt zijn besluit schriftelijk mee aan de ouders. </al><al>4 Ten onrechte genoten bekostiging kan van de ouders worden
                            teruggevorderd, dan wel </al><al>worden verrekend bij een eventuele nieuwe verstrekking van
                            bekostiging.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Peildatum leeftijd leerling</titel></kop><al>Voor het verstrekken van bekostiging op basis van artikel 12 is bepalend
                            de leeftijd van de leerling op 1 augustus van het schooljaar waarop de
                            bekostiging betrekking heeft.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Andere vergoedingen</titel></kop><al>De aanspraak op bekostiging wordt verminderd met de aanspraak op een
                            toelage, voorzover die voor de betreffende leerling betrekking heeft op
                            de reiskosten.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>TITEL 2 BEPALINGEN OMTRENT HET VERVOER VAN DE LEERLINGEN VAN SCHOLEN
                            VOOR PRIMAIR ONDERWIJS</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Bekostiging naar de dichtstbijzijnde toegankelijke speciale
                                school voor basisonderwijs in het samenwerkingsverband</titel></kop><al>Met inachtneming van het bepaalde in artikel 3 wordt bekostiging
                            verstrekt van het vervoer </al><al>over de afstand tussen de woning dan wel de opstapplaats en: </al><al>a de dichtstbijzijnde voor de leerling toegankelijke speciale school
                            voor basisonderwijs in het samenwerkingsverband van de basisschool
                            waarvan de leerling afkomstig is, indien de ouders met het vervoer naar
                            die speciale school voor basisonderwijs instemmen, of </al><al>b een andere speciale school voor basisonderwijs in het onder a bedoelde
                            samenwerkingsverband, indien het vervoer naar die school voor de
                            gemeente minder kosten met zich mee zou brengen dan het vervoer naar de
                            speciale school voor basisonderwijs, bedoeld onder a.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Permanente commissie leerlingenzorg</titel></kop><al>1 Het college neemt bij de beoordeling van de aanvraag voor
                            leerlingenvervoer de beslissing in acht van de permanente commissie
                            leerlingenzorg over de toelating van de leerling op een speciale school
                            voor basisonderwijs. </al><al>2 Het college betrekt bij de beoordeling van de aanvraag voor
                            leerlingenvervoer eventuele adviezen van de permanente commissie
                            leerlingenzorg die voor de beoordeling van die aanvraag van belang zijn.
                        </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer en vervoer per
                                fiets</titel></kop><al>1 Het college verstrekt aan de ouders van de leerling die een school
                            voor basisonderwijs of een speciale school voor basisonderwijs bezoekt,
                            bekostiging op basis van de kosten van het openbaar vervoer, indien de
                            afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde voor hem toegankelijke
                            school meer dan zes kilometer bedraagt. </al><al>2 In afwijking van het eerste lid verstrekt het college de ouders
                            bekostiging toe op basis van de kosten van het vervoer per fiets, indien
                            de leerling naar het oordeel van burgemeester en wethouders, al dan niet
                            onder begeleiding, gebruik kan maken van het vervoer per fiets.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Bekostiging van de kosten van vervoer ten behoeve van een
                                begeleider</titel></kop><al>1 Indien aanspraak bestaat op een in artikel 11 bedoelde vergoeding,
                            bekostigt het college tevens de daarin bedoelde kosten ten behoeve van
                            een begeleider, indien de leerling jonger dan negen jaar is en door de
                            ouders ten behoeve van het college genoegzaam wordt aangetoond dat de
                            leerling niet in staat is zelfstandig van het openbaar vervoer of de
                            fiets gebruik te maken.</al><al>2 Indien een begeleider meer dan één leerling tegelijk begeleidt, komen
                            slechts de kosten van het vervoer ten behoeve van één begeleider voor
                            bekostiging in aanmerking.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van aangepast vervoer</titel></kop><al>Het college verstrekt bekostiging op basis van de kosten van aangepast
                            vervoer aan de ouders van de leerling die een school voor basisonderwijs
                            of een speciale school voor basisonderwijs bezoekt, indien voldaan wordt
                            aan het afstandscriterium van artikel 11, en </al><al>a de leerling met gebruikmaking van openbaar vervoer naar school of
                            terug meer dan anderhalf uur onderweg is en de reistijd met aangepast
                            vervoer tot 50% of minder van de reistijd per openbaar vervoer kan
                            worden teruggebracht, of </al><al>b openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar het oordeel van
                            het college al dan niet onder begeleiding gebruik kan maken van het
                            vervoer per fiets.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van eigen vervoer</titel></kop><al>1 Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten, kan het
                            college de ouders op aanvraag toestaan een of meer leerlingen zelf te
                            vervoeren of te laten vervoeren. </al><al>2 Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is verleend,
                            bekostigt het college aan de ouders die één leerling zelf vervoeren, dan
                            wel laten vervoeren: </al><al>a een bedrag op basis van de kosten van het openbaar vervoer, indien
                            aanspraak zou bestaan op bekostiging op basis van de kosten van het
                            openbaar vervoer, behoudens het bepaalde in het vijfde lid; </al><al>b een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de auto, afgeleid
                            van de Reisregeling binnenland, indien aanspraak zou bestaan op
                            bekostiging van de kosten van aangepast vervoer, behoudens het bepaalde
                            in het vierde lid. </al><al>3 Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is verleend,
                            bekostigt het college aan de ouders die meer dan één leerling tegelijk
                            zelf vervoeren, dan wel laten vervoeren, een bedrag op basis van een
                            kilometervergoeding voor de auto afgeleid van de Reisregeling
                            binnenland, behoudens het bepaalde in het vierde lid. </al><al>4 Aan de ouders die één of meer leerlingen laten vervoeren door andere
                            ouders die van gemeentewege voor het vervoer van één of meer leerlingen
                            bekostiging ontvangen afgeleid van de Reisregeling binnenland, wordt
                            door het college geen bekostiging verstrekt. </al><al>5 Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten en het
                            college desgewenst toestaat, dan wel van oordeel is dat de leerling
                            gebruik kan maken van het vervoer per fiets, bekostigt het college aan
                            de ouders een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de fiets,
                            afgeleid van de Reisregeling binnenland.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>TITEL 3 BEPALINGEN OMTRENT HET VERVOER VAN DE LEERLINGEN VAN SCHOLEN
                            VOOR (VOORTGEZET) SPECIAAL ONDERWIJS</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer en vervoer per
                                fiets</titel></kop><al>1 Het college verstrekt aan de ouders van de leerling die een school
                            voor </al><al>(voortgezet) speciaal onderwijs bezoekt, bekostiging op basis van de
                            kosten van het openbaar vervoer, indien de afstand van de woning naar de
                            dichtstbijzijnde toegankelijke school meer dan zes kilometer bedraagt. </al><al>2 In afwijking van het eerst lid verstrekt het college de ouders
                            bekostiging op basis van de kosten van het vervoer per fiets dan wel
                            bromfiets, indien de leerling naar het oordeel van het college, al dan
                            niet onder begeleiding, gebruik kan maken van het vervoer per fiets, dan
                            wel zelfstandig gebruik kan maken van het vervoer per bromfiets.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Commissie voor de begeleiding</titel></kop><al>1 In afwijking van het eerst lid verstrekt het college de ouders
                            bekostiging op basis van de kosten van het vervoer per fiets dan wel
                            bromfiets, indien de leerling naar het oordeel van het college, al dan
                            niet onder begeleiding, gebruik kan maken van het vervoer per fiets, dan
                            wel zelfstandig gebruik kan maken van het vervoer per bromfiets.</al><al>2 <cursief>Vervallen.</cursief></al><al>3 Als de commissie voor de begeleiding binnen vier schoolweken na
                            verzending van de adviesaan vraag geen advies heeft uitgebracht of niet
                            schriftelijk om verlenging van de adviestermijn met ten hoogste twee
                            weken heeft verzocht, wordt door het college het besluit genomen zonder
                            het advies van de commissie voor de begeleiding.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Bekostiging van de kosten van openbaar vervoer ten behoeve van
                                een begeleider</titel></kop><al>1 Indien aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 15,
                            bekostigt het college tevens de daarin bedoelde kosten ten behoeve van
                            een begeleider, indien door de ouders ten behoeve van het college
                            genoegzaam wordt aangetoond dat de leerling, gelet op zijn lichamelijke,
                            verstandelijke of zintuiglijke handicap of leeftijd, niet in staat is
                            zelfstandig van het openbaar vervoer of de fiets gebruik te maken. </al><al>2 Indien het college de in het vorige lid bedoelde aanvraag niet of
                            slechts gedeeltelijk toekent, dient het bij de beschikking het advies
                            van de commissie voor begeleiding of het advies van andere deskundigen
                            te betrekken. </al><al>3 Indien een begeleider meer dan één leerling tegelijk begeleidt, komen
                            slechts de kosten van het openbaar vervoer ten behoeve van één
                            begeleider voor vergoeding in aanmerking.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van aangepast vervoer</titel></kop><al>1 Het college verstrekt bekostiging op basis van de kosten van aangepast
                            vervoer aan de ouders van de leerling die een school voor (voortgezet)
                            speciaal onderwijs bezoekt, indien voldaan wordt aan het
                            afstandscriterium van artikel 15, en </al><al>a de leerling, naar het oordeel van het college, gelet op zijn
                            lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke handicap niet in staat is -
                            ook niet onder begeleiding - van openbaar vervoer gebruik te maken, of </al><al>b de leerling met gebruikmaking van openbaar vervoer naar school of
                            terug meer dan anderhalf uur onderweg is en de reistijd met aangepast
                            vervoer tot 50% of minder van de reistijd per openbaar vervoer kan
                            worden teruggebracht, of </al><al>c openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar het oordeel van
                            burgemeester en wethouders al dan niet onder begeleiding gebruik kan
                            maken van het vervoer per fiets, dan wel zelfstandig gebruik kan maken
                            van het vervoer per bromfiets. </al><al>2 Indien het college de in het vorige lid bedoelde aanvraag niet of
                            slechts gedeeltelijk toekent, dient het bij de beschikking het advies
                            van de commissie voor de begeleiding of het advies van andere
                            deskundigen te betrekken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van eigen vervoer</titel></kop><al>1 Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten, kan het
                            college de ouders op aanvraag toestaan een of meer leerlingen zelf te
                            vervoeren of te laten vervoeren. </al><al>2 Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is verleend,
                            bekostigt het college aan de ouders die één leerling zelf vervoeren, dan
                            wel laten vervoeren: </al><al>a een bedrag op basis van de kosten van het openbaar vervoer, indien
                            aanspraak zou bestaan op een vergoeding op basis van de kosten van het
                            openbaar vervoer, </al><al>behoudens het bepaalde in het vijfde lid; </al><al>b een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de auto, afgeleid
                            van de </al><al>Reisregeling binnenland, indien aanspraak zou bestaan op een vergoeding
                            van de kosten van aangepast vervoer, behoudens het bepaalde in het
                            vierde lid. </al><al>3 Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is verleend,
                            verstrekt het college aan de ouders die meer dan één leerling tegelijk
                            zelf vervoeren, dan wel laten vervoeren, een bedrag op basis van een
                            kilometervergoeding voor de auto, afgeleid van de Reisregeling
                            Binnenland, behoudens het bepaalde in het vierde lid. </al><al>4 Aan de ouders die één of meer leerlingen laten vervoeren door andere
                            ouders die van </al><al>gemeentewege voor het vervoer van één of meer leerlingen bekostiging
                            ontvangen </al><al>afgeleid van de Reisregeling binnenland, wordt door het college geen
                            bekostiging verstrekt. </al><al>5 Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten en
                            college desgewenst toestaat, dan wel van oordeel is dat de leerling
                            gebruik kan maken van het vervoer per fiets of bromfiets, verstrekt het
                            college aan de ouders een bedrag op basis van een kilometervergoeding
                            voor de fiets dan wel bromfiets, afgeleid van de Reisregeling
                            binnenland. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Bekostiging vervoerskosten</titel></kop><al>1 Het college verstrekt eveneens bekostiging op basis van de kosten van
                            aangepast vervoer aan de ouders van de leerling die een school voor
                            (voortgezet) speciaal onderwijs bezoekt, in het geval de afstand van de
                            woning naar de dichtstbijzijnde voor de leerling toegankelijke school
                            minder bedraagt dan is bepaald in artikel 15, indien het college van
                            oordeel is dat de lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke handicap
                            van de leerling dat vereist. </al><al>2 Indien het college de in het vorige lid bedoelde aanvraag niet of
                            slechts gedeeltelijk toekent, dient het bij de beschikking het advies
                            van de commissie voor de begeleiding of het advies van andere
                            deskundigen te betrekken. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Titel 4 Bepalingen omtrent weekeinde- en vakantievervoer</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Bekostiging van de kosten weekeinde- en vakantievervoer aan de in
                                de gemeente wonende ouders</titel></kop><al>Het college bekostigt desgewenst de kosten van het weekeinde- en
                            vakantievervoer aan de in de gemeente wonende ouders van de leerling
                            die, met het oog op het volgen van voor hem passend (voortgezet)
                            speciaal onderwijs in een internaat of pleeggezin verblijft, volgens het
                            bepaalde in deze Titel.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Bekostiging van de kosten weekeinde- en vakantievervoer</titel></kop><al>1 Het college verstrekt aan de ouders bekostiging van de kosten van het
                            weekeindevervoer van de leerling voor de, eenmaal per weekeinde
                            gemaakte, reis van het internaat of het pleeggezin waar de leerling
                            verblijft naar de woning van de ouders en terug, voorzover de weekeinden
                            niet vallen binnen de in het tweede lid bedoelde schoolvakanties. </al><lijst><li nr="2"><al>Het college bekostigt de kosten van het vakantievervoer van de
                                    leerling voor de, eenmaal per schoolvakantie van twee dagen of
                                    meer, gemaakte reis van het internaat of het pleeggezin waar de
                                    leerling verblijft naar de woning van de ouders en terug
                                    voorzover de vakantie voorkomt in het schoolplan van de school
                                    die de leerling bezoekt. </al></li><li nr="3"><al>Titel 3 van deze verordening is van overeenkomstige toepassing,
                                    met uitzondering van artikel 16, artikel 17, tweede lid, artikel
                                    18, eerste lid onder b, artikel 18, tweede lid en artikel
                                    20.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>TITEL 5 EIGEN BIJDRAGE EN BEKOSTIGING NAAR FINANCIËLE
                            DRAAGKRACHT</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Drempelbedrag</titel></kop><al>1 Aan de ouders van een leerling die een school voor basisonderwijs of
                            een speciale school voor basisonderwijs bezoekt, van wie het inkomen
                            tezamen meer bedraagt dan € 17.700 (belastbaar inkomen), wordt slechts
                            bekostiging verstrekt voorzover de kosten van het vervoer van die
                            leerling de kosten van het openbaar vervoer over de in artikel 11
                            bepaalde afstand te boven gaan. </al><al>2 In geval het college in plaats van bekostiging in geld toe te kennen
                            het vervoer zelf verzorgt dan wel doet verzorgen, betalen de ouders van
                            een leerling die een school voor basisonderwijs, een speciale school
                            voor basisonderwijs of een school voor voortgezet onderwijs bezoekt, per
                            leerling per schooljaar een eigen bijdrage die gelijk is aan de kosten
                            van het openbaar vervoer over de in artikel 11 bepaalde afstand, indien
                            het inkomen van de ouders meer bedraagt dan € 17.700. </al><al>3 De kosten van openbaar vervoer, genoemd in het eerste en tweede lid,
                            betreffen de kosten van openbaar vervoer die op grond van de
                            zone-indeling in de regeling die is gebaseerd op artikel 30, eerste lid
                            van de Wet personenvervoer 2000, voor de afstand redelijkerwijs zouden
                            worden</al><al>gemaakt, ongeacht de aanwezigheid van openbaar vervoer of het
                            daadwerkelijk gebruik ervan. </al><al>4 Het bedrag van € 17.700, genoemd in het eerste en tweede lid, wordt
                            met ingang van 1 januari 1999 jaarlijks aangepast aan de wijziging die
                            het indexcijfer van de regelingslonen van volwassen werknemers heeft
                            ondergaan ten opzichte van het voorafgaande jaar en afgerond op een
                            veelvoud van € 450. </al><al>Het aangepaste bedrag treedt in de plaats van de in het eerste en tweede
                            lid genoemde </al><al>bedrag van € 17.700. </al><al>5 Deze bepaling is niet van toepassing op de leerling voor wie ingevolge
                            Titel 6 een vervoersvoorziening is verstrekt. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Financiële draagkracht</titel></kop><al>1 Indien de afstand van de woning naar de dichtstbijzijnde toegankelijke
                            school voor basison- </al><al>derwijs meer dan 20 kilometer bedraagt, wordt de vastgestelde
                            bekostiging verminderd met een van de financiële draagkracht van de
                            ouders afhankelijk bedrag. </al><al>2 In geval het college in plaats van bekostiging in geld toe te kennen
                            het vervoer zelf verzorgt dan wel doet verzorgen en de afstand van de
                            woning naar de dichtstbijzijnde toegankelijke school voor basisonderwijs
                            meer dan 20 kilometer bedraagt, betalen de ouders een van de financiële
                            draagkracht afhankelijke bijdrage tot ten hoogste het bedrag van de
                            kosten van het vervoer. </al><al>3 De hoogte van het bedrag als bedoeld in het eerste lid en de bijdrage
                            als bedoeld in het </al><al>tweede lid zijn afhankelijk van de hoogte van het belastbaar inkomen van
                            de ouders in de zin van de Wet op de inkomstenbelasting 2001 en
                            bedragen: </al><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="46*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="54*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Inkomen in € </al></entry><entry colname="col2"><al>Eigen bijdrage in € </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>0 - 23.700 </al></entry><entry colname="col2"><al>nihil </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>23.700 - 27.200</al></entry><entry colname="col2"><al>80 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>27.200 - 31.800</al></entry><entry colname="col2"><al>340 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>31.800 - 36.300</al></entry><entry colname="col2"><al>635 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>36.300 - 40.800</al></entry><entry colname="col2"><al>930 </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>40.800 - 45.400</al></entry><entry colname="col2"><al>1.225</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>€ 45.400 en verder per € 4.500 extra inkomen eigen bijdrage steeds
                            opgehoogd met € 300. </al><al>4 De inkomensbedragen, genoemd in het derde lid, worden met ingang van 1
                            januari 1998 </al><al>jaarlijks aangepast aan de wijziging die het indexcijfer van de
                            CAO-lonen van volwassen </al><al>werknemers per maand heeft ondergaan ten opzichte van 1 januari van het
                            voorafgaande </al><al>jaar, en rekenkundig afgerond op een veelvoud van € 500. </al><al>5 De bedragen van de eigen bijdrage, bedoeld in het derde lid, worden
                            met ingang van 1 januari 1998 jaarlijks aangepast aan de wijziging die
                            het consumentenprijsindexcijfer van de reeks alle huishoudens op het
                            onderdeel vervoersdiensten heeft ondergaan ten opzichte van 1 januari
                            van het voorafgaande jaar en rekenkundig afgerond op een veelvoud van €
                            5. </al><al>6 Deze bepaling is niet van toepassing op de leerlingen voor wie
                            ingevolge Titel 6 een vervoersvoorziening is verstrekt. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>TITEL 6 BEPALINGEN OMTRENT HET VERVOER VAN GEHANDICAPTE LEERLINGEN
                            VAN SCHOLEN VOOR PRIMAIR ONDERWIJS EN VOORTGEZET ONDERWIJS</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van openbaar vervoer met
                                begeleiding</titel></kop><al>1Het college verstrekt bekostiging op basis van de kosten van openbaar
                            vervoer met begeleiding aan de ouders van de leerling die een
                            basisschool, speciale school voor basisonderwijs of een school voor
                            voortgezet onderwijs bezoekt en vanwege een lichamelijke, verstandelijke
                            of zintuiglijke handicap niet zelfstandig van het openbaar vervoer
                            gebruik kan maken. </al><al>Ten aanzien van een leerling van een speciale school voor basisonderwijs
                            neemt het college artikel 9 in acht.</al><lijst><li nr="2"><al>Indien het college de in het vorige lid bedoelde aanvraag niet
                                    of slechts gedeeltelijk toekent, dient het bij de beschikking
                                    het advies van de permanente commissie leerlingenzorg, de
                                    ambulante begeleider of het advies van andere deskundigen te
                                    betrekken.</al></li><li nr="3"><al>Indien een begeleider meer dan één leerling tegelijk begeleidt,
                                    komen slecht de kosten van het openbaar vervoer ten behoeve van
                                    één begeleider voor bekostiging in aanmerking.</al></li><li nr="4"><al>In afwijking van het eerste lid verstrekt het college de ouders
                                    bekostiging op basis van de kosten van het vervoer per fiets dan
                                    wel bromfiets, indien de leerling naar het oordeel van het
                                    college, al dan niet onder begeleiding, gebruik kan maken van
                                    het vervoer per fiets, dan wel zelfstandig gebruik kan maken van
                                    het vervoer per bromfiets.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van aangepast vervoer</titel></kop><al>1 Het college verstrekt bekostiging op basis van de kosten van aangepast
                            vervoer aan de ouders van de leerling die een basisschool, speciale
                            school voor basisonderwijs of een school voor voorgezet onderwijs
                            bezoekt, indien</al><lijst><li nr="a."><al>de leerling, naar het oordeel van het college, gelet op
                                    zijn/haar lichamelijke, verstandelijke of zintuiglijke handicap
                                    niet instaat is - ook niet onder begeleiding - van het openbaar
                                    vervoer gebruik te maken. Ten aanzien van een leerling van een
                                    speciale school voor basisonderwijs neemt het college artikel 9
                                    in acht. Of:</al></li><li nr="b."><al>aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 25 en
                                    de leerling met gebruikmaking van openbaar vervoer naar school
                                    en terug, meer dan anderhalf uur onderweg is en de reistijd met
                                    aangepast vervoer tot 50% of minder van de reistijd per openbaar
                                    vervoer kan worden teruggebracht. Of:</al></li><li nr="c."><al>aanspraak bestaat op bekostiging zoals bedoeld in artikel 25 en
                                    openbaar vervoer ontbreekt, tenzij de leerling naar het oordeel
                                    van het college al dan niet onder begeleiding gebruik kan maken
                                    van het vervoer per fiets, dan wel zelfstandig gebruik kan maken
                                    van het vervoer per bromfiets.</al></li></lijst><al>2 Indien het college de in het vorige lid bedoelde aanvraag niet of
                            slechts gedeeltelijk toekent, dient het bij de beschikking het advies
                            van de permanente commissie leerlingenzorg, de ambulante begeleider of
                            advies van andere deskundigen te betrekken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Bekostiging op basis van de kosten van eigen vervoer</titel></kop><al>1 Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten, kan het
                            college de ouders op aanvraag toestaan één of meer leerlingen zelf te
                            vervoeren of te laten vervoeren. </al><al>2 Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is verleend,
                            bekostigt het college aan de ouders die één leerling zelf vervoeren of
                            laten vervoeren: </al><lijst><li nr="a."><al>een bedrag op basis van de kosten van het openbaar vervoer
                                    indien aanspraak zou bestaan op bekostiging op basis van de
                                    kosten van het openbaar vervoer, behoudens het bepaalde in het
                                    vijfde lid;</al></li><li nr="b."><al>een bedrag op basis van een kilometervergoeding voor de auto,
                                    afgeleid van de Reisregeling binnenland, indien aanspraak zou
                                    bestaan op bekostiging van de kosten van aangepast vervoer,
                                    behoudens het bepaalde in het vierde lid.</al></li></lijst><al>3 Indien toestemming ingevolge het eerste lid aan de ouders is verleend,
                            verstrekt het college aan de ouders die meer den één leerling tegelijk
                            zelf vervoeren of laten vervoeren, bekostiging van een bedrag op basis
                            van een kilometervergoeding voor de auto, afgeleid van de Reisregeling
                            binnenland, behoudens het bepaalde in het vierde lid. </al><al>4 Aan de ouders die een of meer leerlingen laten vervoeren door andere
                            ouders die van gemeentewege voor het vervoer van een of meer leerlingen
                            bekostiging ontvangen afgeleid van de Reisregeling binnenland, wordt
                            geen bekostiging verstrekt. </al><al>5 Indien aanspraak bestaat op bekostiging van de vervoerskosten en het
                            college desgewenst toestaat dan wel van oordeel is dat de leerling
                            gebruik kan maken van het vervoer per fiets of bromfiets, afgeleid van
                            de Reisregeling binnenland.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>TITEL 7 SLOTBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Beslissing college in gevallen waarin de regeling niet
                                voorziet</titel></kop><al>In gevallen die de uitvoering van het leerlingenvervoer betreffen en
                            waarin deze verordening niet voorziet, beslist het college.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Afwijken van bepalingen</titel></kop><al>Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de ouders afwijken
                            van de bepalingen in deze verordening, zo nodig na advies te hebben
                            gevraagd aan de permanente commissie leerlingenzorg, de commissie voor
                            de begeleiding, de regionale verwijzingscommissie of andere
                            deskundigen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Intrekking oude regeling</titel></kop><al>De Verordening leerlingenvervoer gemeente Heerhugowaard d.d. 22 oktober
                            2002 wordt ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Overgangsregeling</titel></kop><al>1 Voor een leerling als bedoeld in Titel 6 voor wie in het schooljaar
                            2001-2002 krachtens de Wet Rea een vervoersvoorziening werd verstrekt,
                            niet zijnde een voorziening in de vorm van een bruikleenauto of een
                            voorziening deel uitmakend van of samenhangend met een
                            leefvervoervoorziening, blijft, indien de ouders dat wensen, zonodig in
                            afwijking van artikel 3 aanspraak bestaan op een gelijkwaardige
                            voorziening van en naar school die de leerling in schooljaar 2001-2002
                            bezocht. </al><al>2 Voor de leerling van leerwegondersteunend onderwijs of
                            praktijkonderwijs die in het schooljaar 2001-2002 een
                            vervoersvoorziening kreeg naar een school voor speciaal voortgezet
                            onderwijs, leerwegondersteunend onderwijs, praktijkonderwijs of een
                            opdc, blijft aanspraak bestaan op een vervoersvoorziening van en naar de
                            school of opdc die de leerling in het schooljaar 2001-2002 bezocht
                            indien de afstand van de woning naar de school meer dan zes kilometer
                            bedraagt. Titel 5 is van overeenkomstige toepassing.</al><al>3 De bepalingen in Titel 6 zijn voor de eerste maal van toepassing in
                            het schooljaar 2002-2003. Op het vervoer van leerlingen voorafgaand aan
                            het schooljaar 2002-2003 en daarop betrekking hebbende geschillen,
                            blijven de regelingen die voorafgaand aan de inwerkingtreding van deze
                            verordening luiden van toepassing. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na het verstrijken
                            van een termijn van zes weken na dedatum van uitgifte van een
                            gemeentelijk blad waarin ze is geplaatst.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>33</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als: Verordening
                            leerlingenvervoer gemeente Heerhugowaard.</al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Heerhugowaard, 13 mei 2003, </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De Raad voornoemd, </ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><bijlage><tussenkop>Bijlage: </tussenkop><tussenkop>Beleidsregel Verordening leerlingenvervoer gemeente Heerhugowaard
                    (BW08-0354).</tussenkop><tussenkop>Besluit College van Burgemeester &amp; Wethouders
                    d.d.15-4-2008:</tussenkop><al>Beperken van artikel 29 van de verordening Leerlingenvervoer (27 mei 2003) door
                    het vaststellen van de beleidsregel: "De bevoegdheid tot toekenning van
                    vervoersbekostiging blijft louter beperkt tot schoolbezoek voor onderwijs.
                    Vervoer naar voor- en/of naschoolse opvang en vervoer naar diverse vormen van
                    zorg of therapie valt hier niet onder."</al><tussenkop>Bericht voor Stadsnieuws bij de officiële mededelingen,
                    22-4-2008.</tussenkop><al>Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Heerhugowaard heeft
                    op 15 april 2008 besloten om artikel 29 van de verordening Leerlingenvervoer (27
                    mei 2003) te beperken tot schoolbezoek voor onderwijs, door het vaststellen van
                    een beleidsregel.</al><al>Vanwege een aantal recente ontwikkelingen, zoals het afschaffen van de
                    bekostiging van het vervoer vanuit AWBZ en de invoering van buitenschoolse
                    opvang voldoet artikel 29 (hardheidsclausule) van de verordening
                    Leerlingenvervoer Heerhugowaard niet meer, omdat deze te ruim gesteld is. Er
                    blijkt onvoldoende uit of een vergoeding alléén voor schoolbezoek ten behoeve
                    van onderwijs is bedoeld.</al><al>De huidige modelverordening leerlingenvervoer van de VNG, die het merendeel van
                    de gemeenten gebruikt , is nog niet aan bovengenoemde veranderingen aangepast en
                    voldoet dus niet meer. Een nieuwe modelverordening wordt pas in het najaar van
                    2008 verwacht.</al><al>Het college heeft de volgende beleidsregel vastgesteld voor de uitwerking van
                    artikel 29:</al><al>“de bevoegdheid tot toekenning van vervoersbekostiging blijft louter beperkt tot
                    schoolbezoek voor onderwijs. Vervoer naar voor- en/of naschoolse opvang en
                    vervoer naar diverse vormen van zorg of therapie valt hier niet onder”. </al><al>Deze bekendmaking geschiedt op grond van de artikelen 3:40 tot en met 3:42 van
                    de Algemene Wet Bestuursrecht. Het besluit ligt ter inzage bij het
                    informatie-centrum van Gemeente Heerhugowaard.</al></bijlage></regeling></body></cvdr>