<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR91130_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op het gebruik van woningen als tweede woning</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Midden-Drenthe</dcterms:creator><dcterms:modified>2011-03-01</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Midden-Drenthe</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteberichten 17 november 1999</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op het gebruik van woningen als tweede woning</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artt. 147,149 gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>volkshuisvesting en woningbouw</dcterms:subject><dcterms:issued>1999-11-04</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>1999-11-18</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op het gebruik van woningen als tweede woning</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>Het bepaalde in deze verordening is van toepassing op alle woonruimte in de
                        gemeente Middenveld.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is de zakelijk gerechtigde van een woonruimte verboden deze
                            woonruimte te gebruiken, in gebruik te geven of te laten gebruiken als
                            tweede of als recreatiewoning.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onder het gebruiken, het in gebruik geven of het laten gebruiken van een
                            woonruimte als tweede of als recreatiewoning wordt in elk geval verstaan
                            het beschikbaar hebben of houden van een tot bewoning bestemd en
                            daarvoor geschikt gebouw ten behoeve van zichzelf of een ander, zonder
                            dat hij of die ander zijn hoofdverblijf in dat gebouw heeft en er een
                            redelijke termijn is verstreken, na welke het beschikbaar hebben of
                            houden niet meer geacht kan worden te geschieden met het doel het gebouw
                            te gebruiken, in gebruik te geven of te laten gebruiken als
                            hoofdverblijf.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als criterium voor de vaststelling of iemand zijn hoofdverblijf in een
                            gebouw heeft geldt, dat hij is opgenomen in het bevolkingsregister van
                            de gemeente.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het verbod, vervat in artikel 2, geldt niet ten aanzien van iemand die
                            een woonruimte als tweede of als recreatiewoning in gebruik heeft op het
                            tijdstip van het van kracht worden van deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het gestelde in lid 1 heeft een persoonlijk karakter en geldt
                            uitsluitend ten aanzien van degene, die op genoemd tijdstip gerechtigde
                            van de daar bedoelde woonruimte is of, bij overlijden na het in werking
                            treden van deze verordening, diens echtgeno(o)t(e) en diens erfgenamen
                            in de eerste graad, diens pleeg- en stiefkinderen of diens partner met
                            wie de gerechtigde ten tijde van zijn overlijden (en blijkende uit een
                            notarieel vastgelegd sarnenlevingscontract) een gemeenschappelijke
                            huishouding voerde.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor opvolgende bewoners anders dan bedoeld in lid 2 geldt het verbod,
                            vervat in artikel 2, onverkort.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders kunnen van het verbod, vervat in artikel 2,
                            ontheffing verlenen middels verlening van een zogenaamde
                            onttrekkingsvergunning en aan een zodanige ontheffing voorschriften
                            verbinden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders verlenen ontheffing indien naar hun oordeel
                            de betreffende woonruimte, gelet op de kwaliteit, inrichting en ligging
                            niet geschikt is voor permanente bewoning en niet tegen lonende kosten
                            voor permanente bewoning geschikt kan worden ge-maakt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De ontheffing heeft een persoonlijk karakter; voor een opvolgende
                            bewoner geldt het verbod onverkort.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><al>Bij overtreding van het verbod, vervat in artikel 2, eerste lid, kunnen
                        burgemeester en wethouders de woonruimte verzegelen. Deze verzegeling wordt
                        opgeheven op het moment dat de woonruimte in gebruik genomen wordt voor
                        permanente bewoning of dat de woonruimte door verhuur of verkoop opnieuw
                        voor permanente bewoning wordt bestemd of indien alsnog een ontheffing wordt
                        verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><al>Hij, die handelt in strijd met het bepaalde in artikel 2, wordt gestraft met
                        hechtenis van ten hoogste4 maanden of geldboete van de derde categorie. Het
                        genoemde strafbare feit is een overtreding.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens deze
                            verordening bepaalde zijn belast de daartoe door burgemeester en
                            wethouders aangewezen ambtenaren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Met de opsporing van het bij artikel 7 strafbaar gestelde feit zijn,
                            behalve de in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering en de in
                            artike175 van de Huisvestingswet aangewezen ambtenaren, belast de in het
                            eerste lid genoemde ambtenaren voorzover zij door de minister van
                            Justitie daartoe zijn aangewezen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De in het eerste lid genoemde ambtenaren hebben de bevoegdheden als
                            genoemd in artikel 77 van de Huisvestingswet.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><al>In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet beslissen burgemeester
                        en wethouders, waarbij zij zich uitsluitend zullen laten leiden door
                        overwegingen betrekking hebbende op belangen, het woonklimaat en/of de
                        leefbaarheid in de gemeente betreffende.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als: "Verordening op het
                                gebruik van woningen als tweede woning".</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na de datum van
                                bekendmaking.</al></li><li nr="3."><al>Op het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening vervalt de
                                bij raadsbesluit van 22 januari 1998 voor de gemeente Middenveld van
                                toepassing verklaarde "Verordening op het gebruik van woningen als
                                tweede woning" .</al><al/></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad,</ondertekening><ondertekening>gehouden op 4 november 1999,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>R.Timmer</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>R.W. ter Avest</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Artikelsgewijze toelichting</titel></kop><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>Het werkingsgebied is ter voorkoming van rechtsongelijkheid en ongewenste
                        ontwikkelingen in uit- gesloten gedeelten van de gemeente bepaald, voor alle
                        woonruimte in de gemeente.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><al>Het antwoord op de vraag of iemand zijn hoofdverblijf in een woning heeft,
                        wordt gegeven door het persoonsregister van de gemeente. De bewoner zal bij
                        inschrijving moeten aantonen, dat sprake is van hoofdverblijf. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><al>Op grond van dit artikel is er een overgangsrecht geschapen voor de zakelijk
                        gerechtigden, die op dit moment eigenaar zijn van een tweede woning. Door
                        dit overgangsrecht als een persoonlijk recht te bestempelen wordt op termijn
                        bereikt, dat bij eigendomswisseling de woning weer permanent bewoond gaat
                        worden. Dit persoonlijke recht geldt ook voor erfgenamen in de eerste graad
                        van degenen, die op het moment van het in werking treden van de verordening
                        gerechtigde zijn.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel/></kop><al>Uitgangspunt van de regeling is de handhaving van woningen voor permanente
                        bewoning. Om afwijking van deze regel toe te kunnen staan wordt de
                        ontheffingsfiguur de aangewezen rechtsvorm geacht.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><al>Wanneer niet afdoende is aangetoond dat er sprake is van permanente bewoning
                        dan wel indien er geen ontheffing kan worden overgelegd, kunnen burgemeester
                        en wethouders, behalve het opleggen van een boete, de woonruimte (doe)
                        verzegelen. Deze verzegeling wordt opgeheven als de woonruimte wordt
                        verkocht of verhuurd aan iemand die de woonruimte als permanent
                        hoofdverblijf gaat gebruiken, de eigenaar/gebruiker er alsnog permanent gaat
                        wonen of indien er alsnog ontheffing wordt verleend.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><al>Hier is aansluiting gezocht bij de strafbepalingen in andere zogenoemde
                        strafverordeningen. Een en ander Iaat uiteraard onverlet de eerder genoemde
                        mogelijkheid van verzegeling.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><al>Verwezen wordt naar verschillende bepalingen van de Huisvestingswet. Voor de
                        volledigheid worden deze hierna vermeld.</al><al>De tekst van artikel 75 van de Huisvestingswet luidt:</al><lijst><li nr="1."><al>Met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens deze wet
                                bepaalde zijn belast de bij besluit van burgemeester en wethouders
                                aangewezen ambtenaren.</al></li><li nr="2."><al>Met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens deze wet
                                bepaalde zijn tevens belast:</al><lijst><li nr="a."><al>de inspecteur-generaal van de volkshuisvesting, bedoeld in
                                        artikel 94 van de Woningwet;</al></li><li nr="b."><al>de inspecteurs van de volkshuisvesting, bedoeld in artikel
                                        94 van de Woningwet, en aan dezen toegevoegde
                                        ambtenaren.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Van een besluit als bedoeld in het eerste lid wordt mededeling
                                gedaan door plaatsing in de Staatscourant.</al></li></lijst><al>De tekst van artikel 77 van de Huisvestingswet luidt:</al><al>De toezichthouder is bevoegd, met medeneming van de benodigde apparatuur,
                        een woning binnen te treden zonder toestemming van de bewoner .</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><al>Wanneer zich in het kader van de toepassing van de verordening situaties
                        voordoen waarin de verordening niet voorziet, dan nemen burgemeester en
                        wethouders een beslissing die gebaseerd is op de doelstellingen van deze
                        verordening. Met deze bepaling wordt beoogd om eventuele mazen in de ze
                        verordening bij voorbaat reeds te herstellen.</al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>