<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.92--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.91--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR90880_3</dcterms:identifier><dcterms:title>Aansluitverordening Riolering Gemeente Katwijk</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Katwijk</dcterms:creator><dcterms:modified>2012-07-05</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Katwijk</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Katwijksche Post en Rijnsburger van 7 juni 2012</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Aansluitverordening Riolering Gemeente Katwijk</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>milieu</dcterms:subject><dcterms:issued>2012-05-31</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2012-07-05</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-09-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2012-0065632</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Aansluitverordening Riolering Gemeente Katwijk</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De Raad van de gemeente Katwijk; Gelet op het voorstel van burgemeester en
                        wethouders van Katwijk van 11 december 2007.; Gelet op artikel 149 en artikel 121 van de
                        Gemeentewet en artikel 10.33 van de Wet milieubeheer; Gelet op de Algemene Wet
                        bestuursrecht; Besluit: vast te stellen de </al><al><vet>Aansluitverordening Riolering Gemeente </vet><vet>Katwijk
                        </vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>I.</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>Aansluitleiding: het deel van de leiding gelegen in
                                    gemeentelijke grond, dus van erfgrens tot hoofdriool. Het
                                    ontstoppingsstuk binnen 0,5 meter van de erfgrens is onderdeel
                                    van de aansluitleiding;</al></li><li nr="b."><al>Aansluitpunt:</al><lijst><li nr="1."><al>bij gemengde en gescheiden stelsels, het punt gelegen
                                            aan de erfgrens van het perceel, vanwaar de
                                            aansluitleiding op het openbaar riool wordt aangesloten
                                            (zie ontstoppingsstuk, onder a);</al></li><li nr="2."><al>bij druk- of vacuümriolering het punt waar het
                                            particulier riool wordt aangesloten op de pompput of
                                            vacuümput/bufferput.</al></li></lijst></li><li nr="c."><al>Aanvraagformulier: het bij deze verordening behorende door het
                                    college van burgemeester en wethouders vast te stellen
                                    aanvraagformulier voor de goedkeuring voor een aansluiting op
                                    het openbaar riool of de wijziging van een aansluitleiding.</al></li><li nr="d."><al>Afvalwater: in deze verordening wordt onder afvalwater verstaan:
                                    huishoudelijk-, dan wel bedrijfsafvalwater als zijnde
                                        <cursief>vuilwater</cursief>, zonder inbegrip van
                                    hemelwater.</al></li><li nr="e."><al>Drukriolering: het openbaar riool, voor de afvoer van afvalwater
                                    exclusief hemelwater, waarbij het transport door het riool
                                    plaats vindt door middel van onder- of overdruk.</al></li><li nr="f."><al>Gemeente: de gemeente Katwijk.</al></li><li nr="g."><al>Gemengd stelsel: het openbaar riool voor de afvoer van
                                    afvalwater, inclusief hemelwater.</al></li><li nr="h."><al>Gescheiden stelsel: het openbaar riool met een buizenstelsel
                                    voor de afvoer van hemelwater en een buizenstelsel voor de
                                    afvoer van (huishoudelijk) afvalwater.</al></li><li nr="i."><al>Openbaar riool: het gedeelte van de riolering dat bij de
                                    gemeente in eigendom en beheer is voor de inzameling en
                                    transport van afvalwater en hemelwater, met inbegrip van de
                                    daartoe behorende rioolgemalen, persleidingen en werken en
                                    installaties van overeenkomende aard, met uitzondering van de
                                    aansluitleidingen.</al></li><li nr="j."><al>Particulier riool: de binnenriolering en perceelleiding tot aan
                                    het aansluitpunt (ontstoppingsstuk).</al></li><li nr="k."><al>Perceelleiding: het riool en voorzieningen die deel uitmaken van
                                    dit riool op particulier terrein.</al></li><li nr="l."><al>Rechthebbende: de eigenaar, de vereniging van eigenaren of
                                    zakelijk gerechtigde van het eigendom ten behoeve waarvan de
                                    aansluiting op het openbaar riool wordt gerealiseerd en in stand
                                    gehouden.</al></li><li nr="m."><al>Richtlijnen: de bij deze verordening behorende door het college
                                    van burgemeester en wethouders vast te stellen nadere regels
                                    voor het verkrijgen van een aansluiting of wijziging van een
                                    aansluiting op het openbaar riool van de gemeente Katwijk.</al></li><li nr="n."><al>Tarieven: de door de raad in de legesverordening vast te stellen
                                    kosten voor het verkrijgen van een standaard rioolaansluiting of
                                    wijziging van een standaard rioolaansluiting op het openbaar
                                    riool van de gemeente Katwijk.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>II</nr><titel>De aansluiting</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Goedkeuring</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is zonder schriftelijke goedkeuring van burgemeester en
                                wethouders niet toegestaan een aansluiting op het openbaar riool tot
                                stand te brengen of te wijzigen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders verlenen alleen goedkeuring voor het tot
                                stand brengen en in stand houden van de aansluitleiding: </al><lijst><li nr="a."><al>voor de afvoer van afvalwater en hemelwater indien ter
                                        plaatse een gemengd stelsel aanwezig is en niet de
                                        mogelijkheid bestaat het hemelwater te lozen op het
                                        oppervlaktewater;</al></li><li nr="b."><al>voor de afvoer van enkel afvalwater (dus zonder hemelwater)
                                        naar het daarvoor bedoelde buizenstelsel, indien ter plaatse
                                        een gescheiden stelsel aanwezig is;</al></li><li nr="c."><al>voor de afvoer van enkel hemelwater naar het daarvoor
                                        bedoelde buizenstelsel, indien ter plaatse een gescheiden
                                        stelsel aanwezig is;</al></li><li nr="d."><al>voor de afvoer van enkel afvalwater (dus zonder hemelwater)
                                        indien ter plaatse drukriolering aanwezig is;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien meer dan één aansluiting op een aansluitleiding tot stand
                                dient te worden gebracht (bijvoorbeeld hemelwater en afvalwater),
                                alsmede wanneer meer dan één aansluiting dient te worden gewijzigd,
                                is het eerste lid voor iedere aansluiting of wijziging van
                                toepassing. De aanvraag voor goedkeuring voor meer dan één
                                aansluiting op een aansluitleiding dienen in één schriftelijk
                                verzoek gecombineerd te worden ingediend.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders zijn bevoegd zo nodig nadere voorwaarden
                                te stellen, bijvoorbeeld met betrekking tot het tot stand brengen
                                van de aansluiting, de renovatie, onderhoud en vervanging van de
                                aansluitleiding, het gebruik van de aansluiting, dan wel de periode
                                waarvoor de goedkeuring wordt verleend indien het een tijdelijke
                                aansluiting betreft.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Het verkrijgen van goedkeuring</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvraag om goedkeuring wordt schriftelijk met behulp van een
                                daartoe bestemd aanvraagformulier, bij burgemeester en wethouders
                                ingediend door de rechthebbende van het aan te sluiten dan wel
                                aangesloten perceel.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij een aanvraag om goedkeuring dienen de volgende gegevens door de
                                rechthebbende te worden vermeld:</al><lijst><li nr="a."><al>de naam en het adres van de rechthebbende;</al></li><li nr="b."><al>de ligging van het aan te sluiten dan wel aangesloten
                                        perceel aan de hand van straat en huisnummer of, indien nog
                                        geen huisnummer is toegekend, aan de hand van het kadastraal
                                        nummer van het betreffende perceel en een situatieschets
                                        1:1000 of grotere schaal;</al></li><li nr="c."><al>de aard en de hoeveelheid van het af te voeren afvalwater,
                                        en of er regenwater zal worden afgevoerd;</al></li><li nr="d."><al>van het aan te sluiten of te wijzigen particulier riool ten
                                        minste de volgende gegevens:</al><lijst><li nr="1."><al>het leidingverloop en de dimensies van de leidingen;</al></li><li nr="2."><al>de hoogteligging en het materiaal ter plaatse van het
                                        aansluitpunt;</al></li><li nr="3."><al>het toe te passen duidelijke verschil in kleur of symbolen
                                        tussen afvalwater en hemelwater. De in de gemeente Katwijk
                                        uniform te hanteren kleuren zijn:</al><lijst><li nr="-"><al>regenwaterriool: middengrijs;</al></li><li nr="-"><al>vuilwaterriool: roodbruin;</al></li><li nr="-"><al>schoon hemelwaterriool: groen</al></li></lijst></li></lijst></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Over goedkeuring om een aansluiting tot stand te brengen of te
                                wijzigen wordt pas beslist nadat bij de aanvraag alle in het tweede
                                lid vermelde gegevens in het bezit van de gemeente zijn. Bij het
                                ontbreken van gegevens wordt de rechthebbende daarover geïnformeerd
                                en in de gelegenheid gesteld deze gegevens alsnog aan te
                                vullen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Het weigeren van goedkeuring</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Goedkeuring tot aansluiting kan slechts worden geweigerd indien
                                aansluiting van de aansluitleiding op het openbaar riool of
                                wijziging van die aansluiting vanwege technische, juridische,
                                milieutechnische of milieueconomische redenen bezwaarlijk is.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Aansluiting van het particulier riool op het openbaar riool of
                                wijziging van die aansluiting is in ieder geval bezwaarlijk
                                indien:</al><lijst><li nr="a."><al>de hoogteligging van het aansluitpunt niet voldoet aan het
                                        door de gemeente Katwijk vastgestelde normprofiel;</al></li><li nr="b."><al>de hoogteligging van het aansluitpunt (binnenonderkant buis)
                                        lager ligt dan de bovenzijde van het openbaar riool,
                                        vermeerderd met 200 mm plus de benodigde hoogte voor het
                                        afschot van minimaal 1:100 van de aansluitleiding;</al></li><li nr="c."><al>de bovenzijde van een lozingtoestel lager is gelegen dan 150
                                        mm boven de kruin van de straat, tenzij via een
                                        pompinstallatie voorzien van terugslagklep wordt
                                        aangesloten;</al></li><li nr="d."><al>de gevraagde aansluiting een samengevoegde voorziening
                                        betreft, terwijl een gescheiden openbaar riool aanwezig
                                        is;</al></li><li nr="e."><al>de gevraagde aansluiting een lozing voor afvalwater en/of
                                        hemelwater betreft, waarvoor krachtens de geldende
                                        milieuwetgeving een vergunning benodigd is, maar niet is
                                        verleend, of niet aan de geldende algemene regels is
                                        voldaan;</al></li><li nr="f."><al>het openbaar riool ter plaatse van de aansluitleiding niet
                                        over voldoende capaciteit beschikt om de hoeveelheid te
                                        lozen water te kunnen afvoeren;</al></li><li nr="g."><al>een bouwvergunning of een Wet milieubeheervergunning voor
                                        het aan te sluiten perceel is geweigerd.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een weigering om goedkeuring is met redenen omkleed, waarbij
                                burgemeester en wethouders de nadere eisen aangeven waaraan moet
                                worden voldaan om voor goedkeuring in aanmerking te komen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Verlening van de goedkeuring </al><al>Goedkeuring geschiedt binnen een termijn van acht weken na ontvangst
                                van de aanvraag. Indien de aanvraag of de daarbij behorende
                                bescheiden niet voldoen aan het bepaalde in artikel 3 begint de
                                termijn waarbinnen op een aanvraag moet worden beslist op de dag dat
                                dit verzuim is hersteld.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>III</nr><titel>De aansluitleiding</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Het verzoek tot aanleg of wijziging van een
                                aansluitleiding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een rechthebbende van een perceel kan de gemeente tevens verzoeken
                                een aansluitleiding aan te leggen of een wijziging van een
                                aansluitleiding uit te voeren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aansluitingleiding dient binnen een jaar na de goedkeuring
                                aangevraagd en gerealiseerd te zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Uitvoering aanleg of wijziging van een aansluitleiding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De uitvoering van de aanleg van een aansluitleiding, inclusief de
                                aansluiting op het openbaar riool, vindt niet plaats anders dan door
                                of namens de gemeente.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van lid 1, kunnen burgemeester en wethouders na overleg
                                met de rechthebbende besluiten dat de rechthebbende zelf de
                                aansluiting uitvoert. Dit wordt aan de rechthebbende schriftelijk
                                medegedeeld. De rechthebbende onttrekt het aansluitpunt na melding
                                aan burgemeester en wethouders dat de aansluiting is uitgevoerd,
                                gedurende drie werkdagen niet aan het zicht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De aansluiting van de aansluitleiding op de perceelleiding vindt
                                slechts plaats, als de perceelleiding voldoet aan de daaraan op
                                grond van het Bouwbesluit, het normprofiel of de Bouwverordening
                                gemeente Katwijk te stellen eisen.Na het indienen van een verzoek
                                dient de gemeente binnen vier weken een afspraak te maken om de
                                werkzaamheden uit te voeren.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien de aanvrager verzoekt om een aansluitleiding in een gebied
                                waar afvalwater wordt verzameld en getransporteerd middels
                                drukriolering, dient er naast de aanleg van een aansluitleiding door
                                de gemeente in het openbaar gebied tevens een pompput met pomp te
                                worden aangelegd die het afvalwater op de drukriolering loost. Deze
                                pomp is eigendom en in beheer van de gemeente. De kosten van aanleg
                                van de pomp en pompput komen voor rekening van de aanvrager. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Kosten voor het aansluiten op het openbaar riool</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor de aansluiting op het openbaar riool is de aanvrager de kosten
                                voor de eventuele aanleg van nieuw openbaar riool, het aansluiten op
                                het openbaar riool en de aanleg of wijziging van de aansluitleiding
                                aan de gemeente verschuldigd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders stellen de kosten van de aansluiting en
                                eventueel nog aan te brengen aansluitleiding vast, aan de hand van
                                de vastgestelde "Verordening op de heffing en de invordering van een
                                rioolaansluitrecht".</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de kosten voor de aanleg van het openbaar riool, het
                                aansluiten op het openbaar riool en de aanleg of wijziging van de
                                aansluitleiding reeds zijn voldaan uit hoofde van een eerder door de
                                rechthebbende met de gemeente gesloten overeenkomst, worden er geen
                                kosten in rekening gebracht. Rechthebbende dient dit op het
                                aanvraagformulier aan te geven.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De gemeente zal niet starten met de feitelijke uitvoering van het
                                aangevraagde, voordat de kosten en eventueel verschuldigde
                                omzetbelasting zijn betaald en door de gemeente zijn ontvangen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>IV</nr><titel>Onderhoud</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Onderhoud, renovatie en vervanging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het beheer en onderhoud, de renovatie dan wel de vervanging van de
                                aansluitleiding wordt uitgevoerd door of namens de gemeente en voor
                                rekening van de gemeente, tenzij de betreffende werkzaamheden dienen
                                te worden uitgevoerd ten gevolge van een onjuist gebruik van het
                                particulier riool, in welk geval de kosten voor rekening van de
                                rechthebbende of veroorzaker komen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onder onjuist gebruik wordt in ieder geval begrepen:</al><lijst><li nr="a."><al>het via deze aansluiting lozen van stoffen die, vanwege hun
                                        aard en samenstelling, verstoppingen in de aansluitleiding
                                        of het openbaar riool veroorzaken;</al></li><li nr="b."><al>het via deze aansluiting lozen van stoffen die, door hun
                                        aard of concentratie, de constructie van de aansluitleiding
                                        aantasten.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De kosten voor het onderhoud van het particulier riool komen voor
                                rekening van de rechthebbende, tenzij vaststaat dat de noodzaak tot
                                onderhoud is veroorzaakt door inspoeling vanuit het openbaar
                                riool.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Onder renovatie wordt tevens begrepen het aanpassen van de
                                aansluitleiding ten gevolge van een wijziging van het openbaar
                                riool.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Calamiteiten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij een verstopping of andere storing in het riool graaft de
                                rechthebbende de erfscheidingsput op en onderzoekt of het een
                                verstopping of een storing betreft in het particulier riool of in de
                                aansluitleiding. Als er water in de erfscheidingsput staat zit de
                                verstopping in het openbaar riool of aansluitleiding . Als er geen
                                water in de erfscheidingsput staat zit de verstopping in het
                                particulier riool.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien na het in lid 1 bedoelde onderzoek wordt vermoed
                                dat sprake is van een verstopping of storing in de aansluitleiding
                                na de erfgrens of van een verstopping of storing als gevolg van
                                inspoeling of ingroeiende boomwortels vanuit het openbaar riool,
                                neemt de rechthebbende of de gebruiker dit te melden bij de
                                gemeente. De gemeente verricht de noodzakelijke werkzaamheden om de
                                verstopping te verhelpen of vernieuwt zo nodig zo spoedig mogelijk
                                de huisaansluitleiding in openbare grond. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Wanneer sprake is van een situatie als bedoeld in lid 2 en de
                                rechthebbende heeft contact opgenomen met de gemeente, dan komt de
                                rechthebbende in aanmerking voor een gemeentelijke vergoeding van de
                                in lid 1 gemaakte onderzoekskosten. - Deze kosten zijn enkel voor
                                het opgraven van de erfscheidingsput. Camera- of andersoortige
                                inspecties worden niet vergoed. - De rechthebbende dient een
                                gespecificeerde factuur te overleggen van de onderzoekskosten. - De
                                gemeente is niet aansprakelijk voor extra kosten, wanneer blijkt dat
                                de huisaansluiting op een andere plaats ligt dan bekend is. De
                                eigenaar is zelf verantwoordelijk voor de ligging van de leiding op
                                eigen terrein. </al><al>- De kosten dienen normaal- en redelijkerwijze niet meer dan €200,-
                                te bedragen. U dient vooraf aan de werkzaamheden een indicatie van
                                de kosten te vragen. Mocht op voorhand blijken dat deze kosten meer
                                dan €200,- bedragen, dient u dit eerst te overleggen met de
                                gemeente. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Wanneer geen sprake is van een situatie als bedoeld in lid
                                2, moet de rechthebbende zelf voor eigen rekening op onderzoek gaan
                                naar de oorzaak van de verstopping. Hierbij is het niet toegestaan
                                de leiding door te spuiten met een slang die direct is aangesloten
                                op het waterleidingnet. Het is verboden zelf in de openbare grond te
                                (laten) graven. Ook het op eigen initiatief ontstoppen van de
                                leiding in gemeentegrond is niet toegestaan. Kosten die u hierbij
                                maakt komen nooit voor vergoeding in aanmerking. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien bij of na het verrichten van de in lid 2 bedoelde
                                werkzaamheden door de gemeente blijkt dat de kosten van deze
                                werkzaamheden op grond van artikel 8 en 9 voor rekening van de
                                rechthebbende of gebruiker behoren te zijn, worden de door de
                                gemeente gemaakte kosten bij de rechthebbende in rekening gebracht.
                                De gemaakte onderzoekskosten worden niet vergoed. </al><al/></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>V</nr><titel>Verwijdering aansluitleiding, sloop</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Zorgplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij sloopwerkzaamheden of andere werkzaamheden op perceel dat op het
                                openbaar riool is aangesloten, moeten door de rechthebbende zodanige
                                voorzieningen aan het particulier riool worden getroffen dat
                                verzanding van het openbaar riool en de aansluitleiding wordt
                                voorkomen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de rechthebbende bij sloopwerkzaamheden niet voldoet aan de
                                in het eerste lid omschreven zorgplicht, heeft de gemeente de
                                bevoegdheid de aansluiting op het openbaar riool af te sluiten en de
                                hieraan verbonden kosten te verhalen op de rechthebbende.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien het gebruik van een aansluiting definitief wordt beëindigd,
                                is de rechthebbende verplicht de gemeente hiervan in kennis te
                                stellen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien het gebruik van een aansluitleiding definitief wordt
                                beëindigd, wordt de aansluitleiding op kosten van de rechthebbende
                                verwijderd.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Afdeling</label><nr>VI</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvragen tot aansluiting en aanleg of wijziging van een
                                aansluitleiding, die voor de datum van inwerkingtreding van deze
                                verordening zijn ingediend, vallen onder de bepalingen van deze
                                verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op aansluitingen die op het moment van de inwerkingtreding van deze
                                verordening krachtens de tot dan toe geldende regelgeving en
                                voorschriften tot stand zijn gebracht, zijn de bepalingen van
                                afdeling V en afdeling VI van deze verordening rechtstreeks van
                                toepassing.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Bij strijd van deze verordening met bepalingen in overeenkomsten
                                gesloten tussen de gemeente en de rechthebbende, prevaleert het
                                bepaalde in deze overeenkomsten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders kunnen van de bepalingen in deze verordening
                            afwijken voor zover toepassing gelet op het belang dat deze regeling
                            beoogt te beschermen, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende
                            aard.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2011.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze verordening kan worden aangehaald als: Aansluitverordening
                                Riolering Gemeente Katwijk.</al></lid></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><nota-toelichting><kop><label>TOELICHTING</label></kop><al>2.1 OPZET VAN DE VERORDENING.</al><al>Uitgangspunt van deze verordening is dat voor een nieuwe aansluiting op
                            het riool of een wijziging van de bestaande aansluiting, goedkeuring van
                            burgemeester en wethouders is vereist. In de goedkeuring worden
                            voorwaarden gesteld waaraan de aansluiting moet voldoen. Deze
                            voorwaarden betreffen allereerst <vet>de technische eisen </vet>waaraan
                            de aansluiting moet voldoen. De technische eisen betreffen het
                            leidingverloop en de dimensionering, de hoogteligging van de
                            aansluitleiding en het materiaal ter plaatse van het aansluitpunt.</al><al>Ook worden nadere voorwaarden gesteld voor het geval er een gescheiden
                            rioolstelsel is. Een gescheiden rioolstelsel houdt in dat er een aparte
                            aansluiting voor een hemelwaterriool en een aparte aansluiting voor een
                            vuilwaterriool worden aangelegd. Hierbij dient rekening te worden
                            gehouden met de in het Bouwbesluit en Bouwverordening opgenomen
                            bouwtechnische eisen. Tenslotte zijn er voorwaarden opgenomen over
                                <vet>onderhoud, renovatie en vervanging </vet>van de aansluiting en
                            beëindiging van het gebruik van de aansluiting. </al><al>Het gemeentelijk rioolstelsel wordt op een drietal plaatsen begrensd:
                            het punt waar afvalwater of overtollige neerslag wordt overgenomen van
                            de producent (doorgaans daar waar het particulier riool overgaat in
                            gemeentelijk eigendom), het punt waar afvalwater of de overtollige
                            neerslag wordt overgedragen aan de beheerder van de zuiveringstechnische
                            werken en het punt waar overstortingen op het oppervlaktewater
                            plaatsvinden. </al><al>Deze verordening heeft alleen betrekking op de begrenzing van het
                            eerstgenoemde punt. Deze begrenzing, de plaats waar het particulier
                            riool is aangesloten op de aansluitleiding (de uitlegger), wordt het
                            aansluitpunt genoemd. Het aansluitpunt wordt in de verordening
                            gesitueerd op de kadastrale eigendomsgrens van het aan te sluiten
                            perceel of niet meer dan een halve meter daarbuiten. Ingeval van
                            drukriolering is dit het punt waar het particulier riool is aangesloten
                            op de pompput. </al><al/><al>De leiding bestaat dus vanaf het hoofdriool achtereenvolgens uit de
                                <cursief>aansluitleiding</cursief>, het
                                <cursief>aansluitpunt</cursief> en het <cursief>particuliere
                                riool</cursief> (ook wel perceelleiding genoemd). Het deel van de
                            leiding vanaf het aansluitpunt naar het hoofdriool van het gemeentelijk
                            rioolstelsel (de aansluitleiding) wordt beheerd door de gemeente. Dit
                            deel van de aansluiting ligt onder de openbare weg. Als er nu
                            bijvoorbeeld een verstopping is ontstaan in het particuliere riool, dan
                            moet de rechthebbende zelf en voor eigen rekening zorgdragen voor het
                            verhelpen van het probleem. Dit kan bijvoorbeeld door het inschakelen
                            van een installateur. Is er een verstopping ontstaan in de
                            aansluitleiding, bijvoorbeeld door ingroeiende boomwortels of door
                            verzakking, dan draagt de gemeente zorg voor de reparatie.</al><al>De kosten van onderhoud, renovatie en vervanging van de aansluitleiding
                            zijn voor de gemeente. Hierop is echter wel een uitzondering gemaakt.
                            Als het aannemelijk is dat de betreffende onderhouds- of
                            herstelwerkzaamheden moeten worden uitgevoerd als gevolg van een onjuist
                            gebruik van het riool, dan zijn de kosten voor rekening van de
                            rechthebbende of de veroorzaker van de schade.</al><al>De aanleg van de aansluitleiding geschiedt door de gemeente of door een
                            namens de gemeente in te schakelen aannemer. Deze legt de
                            aansluitleiding aan voor rekening van de eigenaar. De kosten die de
                            eigenaar moet betalen zijn in beginsel de daadwerkelijke kosten van de
                            aanleg.</al><al/><al>De goedkeuring kan door de gemeente worden geweigerd indien aansluiting
                            van het particulier riool op het openbaar riool of wijziging van die
                            aansluiting vanwege technische, juridische of milieuhygiënische redenen
                            bezwaarlijk is. In de verordening is geen uitputtende regeling opgenomen
                            met betrekking tot weigeringsgronden voor het verlenen van de
                            goedkeuring. Wel zijn situaties opgenomen die in ieder geval worden
                            aangemerkt als bezwaarlijk voor het verlenen van een goedkeuring voor de
                            aansluiting. Een van deze weigeringsgronden is de aansluiting van
                            drainagewater op het riool, hetgeen in de lijn ligt van het beleid van
                            de vierde Nota waterhuishouding. </al><al/><al>Als een goedkeuringaanvraag wordt geweigerd moet deze weigering voorzien
                            zijn van een goede motivering. </al><al/><al>Deze verordening is opgebouwd uit 13 artikelen, die zijn ondergebracht
                            in zes afdelingen. In afdeling I worden de begripsbepalingen gegeven.
                            Afdeling II regelt de aansluiting: een omschrijving van de voorwaarden
                            voor goedkeuring, de aanvraag, de verlening en tot slot de gronden tot
                            weigering. Tevens worden een aanhoudingsplicht en eventueel een
                            hardheidsclausule geregeld. In afdeling III komt de aansluitingleiding
                            aan de orde. Hierin worden het verzoek tot aanleg of wijziging, de
                            kosten en de uitvoering geregeld. Het onderhoud komt in afdeling IV aan
                            de orde, de verwijdering en sloop van de aansluiting in afdeling V. De
                            laatste afdeling tenslotte, afdeling VI, betreft de overgangs- en
                            slotbepalingen.</al><al/><al>2.2 ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING.</al><al>ARTIKEL 1 BEGRIPSBEPALINGEN.</al><al>In artikel 1 worden de begripsbepalingen gegeven. De begrippenlijst is
                            nogal uitgebreid om te voorkomen dat onnodige discussie kan ontstaan
                            over de betekenis van bepaalde begrippen. Voor de uitleg van de
                            bepalingen in de Aansluitverordening en de voorschriften in een
                            goedkeuring van aansluiting op het openbare riool, gelden de definities
                            van artikel 1. In de vorige paragraaf is al stilgestaan bij de begrippen
                            aansluitleiding, particulier riool en aansluitpunt. Omdat het
                            aansluitpunt de scheidingslijn vormt tussen de
                            beheerverantwoordelijkheid van gemeente en perceelseigenaar is het
                            belangrijk dat er een goede definitie wordt gegeven van het
                            aansluitpunt. Een praktische oplossing is ontstoppingsstuk in artikel 1
                            aan te wijzen als aansluitpunt.</al><al/><al>De rechthebbende is degene die een goedkeuring voor de aansluiting op
                            het openbare riool kan aanvragen. Verder wordt een vereniging van
                            eigenaren als rechthebbende aangemerkt, aangezien bij
                            appartementsgebouwen vaak slechts één aansluiting aanwezig is voor het
                            gehele gebouw. De vereniging van eigenaren wordt dan de houder van de
                            goedkeuring voor de betreffende aansluiting en zal vervolgens met de
                            leden moeten regelen hoe binnen het gebouw met verstoppingen en
                            storingen wordt omgegaan. Dit geldt ook voor een rechthebbende die zijn
                            eigendom verhuurt. Hij dient er zelf voor te zorgen dat de huurder de
                            voorschriften van de goedkeuring naleeft.</al><al>Dit laatste geldt ook, als de verhuurder (rechthebbende in de zin van de
                            Aansluitverordening) een woningbouwvereniging is. De
                            woningbouwvereniging is degene die een goedkeuring voor de aansluiting
                            op het openbare riool kan aanvragen. Zij zal dan met haar huurders
                            onderling afspraken kunnen maken omtrent het gebruik van de aansluiting,
                            maar de woningbouwvereniging is als rechthebbende het aanspreekpunt in
                            de relatie tot de gemeente.</al><al>De huurders van de woningbouwvereniging zijn gebruikers in de zin van de
                            Aansluitverordening. Als rechthebbende wordt niet alleen aangemerkt de
                            (perceels)eigenaar, maar ook de zakelijke gerechtigde van een aan te
                            sluiten perceel.</al><al>Ook de rechtsopvolgers van deze eigenaren of zakelijk gerechtigden
                            worden aangemerkt als rechthebbende, zodat de goedkeuring geldig blijft
                            in geval het perceel bijvoorbeeld wordt verkocht.</al><al/><al>ARTIKEL 2 De aansluiting.</al><al>In artikel 2 wordt bepaald dat aansluiting van een particulier riool op
                            het openbaar riool of wijziging van een dergelijke aansluiting, verboden
                            is zonder goedkeuring. Deze goedkeuring voor het verkrijgen van een
                            aansluiting op de riolering is een belangrijk uitgangspunt van de
                            Aansluitverordening. In de goedkeuring kunnen voorschriften worden
                            opgenomen omtrent het particulier riool zoals dat aanwezig moet zijn op
                            het moment dat de aansluiting tot stand gebracht wordt. Daarnaast is het
                            raadzaam de voor de rechthebbende geldende regels uit de verordening met
                            betrekking tot het onderhoud, de renovatie, vervanging en sloop,
                            expliciet in de goedkeuringsbrief te vermelden.</al><al>Zolang de betreffende aansluiting bestaat, blijven deze voorschriften
                            gelden. Bij wijziging van de aansluiting moet een nieuwe goedkeuring
                            worden aangevraagd.</al><al>In lid 2 wordt aangegeven dat burgemeester en wethouders alleen
                            goedkeuringen verlenen voor aansluitingen die overeenstemmen met het
                            openbaar riool ter plaatse. Dit betekent dat er bijvoorbeeld geen
                            goedkeuring kan worden verkregen voor de gemengde afvoer van hemelwater
                            en (huishoudelijk) afvalwater als ter plaatse een gescheiden stelsel
                            ligt. Lid 3 geeft nog een toevoeging aan lid 2 door te stellen dat de
                            aanvraag voor goedkeuring voor meerdere aansluitingen op een perceel
                            dienen in één schriftelijk verzoek gecombineerd te worden ingediend. Bij
                            het aansluiten van een perceel op bijvoorbeeld een gemengd stelsel
                            zullen deze aansluitingen doorgaans tegelijk worden gerealiseerd. De
                            voorwaarden voor dat perceel kunnen in één aanvraag worden opgenomen.
                            Als de goedkeuring is verleend kan de rechthebbende een verzoek doen aan
                            burgemeester en wethouders om de aansluiting tot stand te brengen (zie
                            artikel 6). </al><al/><al>ARTIKEL 3 het verkrijgen van goedkeuring.</al><al>Artikel 3 bepaalt dat de goedkeuring moet worden aangevraagd door de
                            rechthebbende. Om dit te vereenvoudigen, moet de aanvraag worden gedaan
                            met een daartoe bestemd formulier (zie bijlage 1). In het tweede lid is
                            vastgelegd waaraan de aanvraag moet voldoen. De aanvrager dient
                            gelijktijdig bij de aanvraag alle gegevens aan te leveren. Voorgaande
                            geldt ook indien de gevraagde gegevens reeds zijn vastgelegd in een
                            bouwvergunning of een vergunning op grond van de Wet milieubeheer. </al><al>Op grond van lid 4 krijgt de aanvrager na daarover geïnformeerd te zijn
                            nog vier weken de tijd om de gegevens aan te vullen indien de overlegde
                            gegevens incompleet zijn. Als na het verstrijken van die periode de
                            gegevens nog steeds onvolledig zijn of opnieuw een onvolledige aanvraag
                            wordt ingediend, kunnen burgemeester en wethouders op basis van artikel
                            4:5 lid 1 van de Algemene wet bestuursrecht besluiten de aanvraag niet
                            te behandelen.</al><al/><al>ARTIKEL 4 WEIGERING VAN DE goedkeuring.</al><al>In artikel 4 is vastgelegd op welke gronden de goedkeuring geweigerd kan
                            worden. In lid 1 is aangegeven dat het moet gaan om technische,
                            juridische of milieuhygiënische weigeringsgronden. In lid 2 worden
                            voorbeelden gegeven van mogelijke weigeringsgronden. Sub a over de
                            hoogteligging is bijvoorbeeld een technische weigeringsgrond. De in lid
                            2 genoemde weigeringsgronden zijn niet uitputtend bedoeld en moeten
                            worden gezien als ondersteuning van de motivering om een goedkeuring te
                            weigeren. Bij een weigering wordt altijd aangegeven aan welke eisen moet
                            worden voldaan om alsnog voor de goedkeuring in aanmerking te
                            komen.</al><al/><al>ARTIKEL 5 HET VERZOEK TOT AANLEG OF WIJZIGING VAN EEN
                            AANSLUITLEIDING.</al><al>In artikel 5 is vastgelegd dat de rechthebbende na het verkrijgen van de
                            goedkeuring een verzoek kan doen tot het realiseren van de aansluiting
                            op het openbaar riool. Na het indienen van een verzoek dient de gemeente
                            binnen vier weken een afspraak te maken om de werkzaamheden uit te
                            voeren.</al><al/><al>ARTIKEL 6 UITVOERING AANLEG OF WIJZIGING VAN EEN AANSLUITLEIDING.</al><al>In artikel 6 wordt bepaald dat de aanleg van de aansluitleiding
                            geschiedt door of vanwege de gemeente. Omdat de gemeente er onder andere
                            in verband met het ontwijken van kabels en leidingen ook voor kan kiezen
                            eerst de aansluitleiding (te doen) aan te leggen en daarna pas het
                            particulier riool te (doen) realiseren, is in lid 2 de mogelijkheid
                            opgenomen om van lid 1 af te wijken. Na overleg met de rechthebbende,
                            kan in de goedkeuring worden vastgelegd dat de rechthebbende de
                            aansluiting zelf uitvoert. Om te kunnen controleren of deze aansluiting
                            deugdelijk tot stand is gebracht, moet de rechthebbende melden dat hij
                            de aansluiting heeft uitgevoerd, waarna het aansluitpunt nog drie
                            werkdagen in het zicht moet blijven. Lid 3 geeft aan dat een aansluiting
                            niet plaatsvindt als het particulier riool niet voldoet aan de daaraan
                            te stellen bouwtechnische eisen. Deze bepaling moet worden gezien als
                            een zogenaamde vangnetbepaling.</al><al/><al>ARTIKEL 7 KOSTEN VAN HET AANSLUITEN OP HET OPENBAAR RIOOL</al><al>Het bedrag dat de rechthebbende voor de (aanleg van de) aansluiting
                            dient te betalen, moet worden aangemerkt als een recht dat wordt geheven
                            terzake van het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte
                            diensten (artikel 229 lid 1 sub b Gemeentewet). Dit betekent dat het in
                            rekening gebrachte bedrag niet hoger mag zijn dan de kosten die de
                            gemeente in werkelijkheid moet maken. Hiervoor is een tarievenlijst
                            opgesteld waarmee is na te gaan wat de aanleg van een aansluitleiding
                            per meter kost. De tarieven voor aanleg zijn richtprijzen, waarbij het
                            uitgangspunt 50% asfalt en 50% elementenverharding is. Er mag geen
                            bedrag voor de aanleg van de aansluitleiding worden berekend als deze
                            kosten al zijn verwerkt in het gemeentelijk rioolrecht of in geval deze
                            kosten zijn verwerkt in de gronduitgifteprijs of anderszins zijn
                            verhaald. </al><al/><al>ARTIKEL 8 ONDERHOUD, RENOVATIE EN VERVANGING.</al><al>Artikel 8 geeft nadere regels over het beheer en onderhoud, de renovatie
                            en vervanging van de aansluitleiding. Deze worden door en voor rekening
                            van de gemeente uitgevoerd tot het aansluitpunt, gerekend vanaf het
                            openbaar riool, tenzij het aannemelijk is dat de betreffende
                            werkzaamheden moeten worden uitgevoerd ten gevolge van een onjuist
                            gebruik van het particulier riool. In dat geval komen de kosten voor
                            rekening van de rechthebbende. De rechthebbende moet zorgen dat de door
                            hem gebruikte aansluiting vrij blijft van aanslag, slib en dergelijke,
                            als gevolg waarvan de leiding op den duur verstopt zou kunnen raken. De
                            rechthebbende is zelf verantwoordelijk voor het beheer en onderhoud van
                            het particulier riool. </al><al/><al>ARTIKEL 9 CALAMITEITEN.</al><al>In artikel 9 is een calamiteitenregeling opgenomen om te voorkomen dat
                            voor elk probleem de gemeente erbij wordt geroepen. Om te voorkomen dat
                            de rechthebbende of de gebruiker voor elke storing of verstopping meteen
                            de gemeente belt, is in lid 1 de regel opgenomen dat in geval van
                            storing of verstopping de rechthebbende eerst moet vaststellen waar de
                            storing zich in de aansluitleiding bevindt. Als hij geconstateerd heeft,
                            dat de storing in de aansluitleiding zit, kan hij de gemeente laten
                            komen om de storing of verstopping op te heffen. </al><al>In lid 3 wordt nadrukkelijk gesteld dat de rechthebbende zelf
                            verantwoordelijk is voor het verhelpen van verstoppingen in het
                            particulier riool. Dit betekent dat de rechthebbende, indien hij het
                            pand bijvoorbeeld verhuurt, bij calamiteiten voor de gebruiker van het
                            particuliere riool het aanspreekpunt is. Verder geeft het artikel een
                            regeling voor het geval toch de hulp wordt ingeroepen van de gemeente,
                            omdat wordt vermoed dat het een storing betreft waarvoor de gemeente
                            verantwoordelijk is.</al><al/><al>ARTIKEL 10 ZORGPLICHT.</al><al>In artikel 10 zijn bepalingen opgenomen over de zorg die betracht moet
                            worden bij werkzaamheden die schade kunnen veroorzaken aan het openbaar
                            riool. In lid 3 en lid 4 is vastgelegd dat bij definitieve beëindiging
                            van het gebruik van een aansluitleiding, de goedkeuring wordt
                            ingetrokken en de leiding wordt verwijderd.</al><al/><al>ARTIKEL 11 OVERGANGSRECHT.</al><al>Omdat met het van kracht worden van de Aansluitverordening juridisch een
                            nieuwe situatie ontstaat, is in artikel 11 een aantal
                            overgangsbepalingen opgenomen. Aanvragen tot aansluiting of wijziging
                            van een aansluiting die na de inwerkingtreding van de verordening nog in
                            behandeling moeten worden genomen, worden behandeld volgens de regeling
                            in de verordening. In lid 2 zijn op alle reeds bestaande aansluitingen
                            de bepalingen met betrekking tot het beheer en onderhoud en de
                            zorgplicht bij verwijdering en sloop van toepassing verklaard. Uiteraard
                            mag deze toepassing geen strijd opleveren met de algemene beginselen van
                            behoorlijk bestuur. Bij wijziging van een bestaande aansluiting bestaat
                            uiteraard de plicht om daarvoor een goedkeuring aan te vragen. Omdat het
                            denkbaar is dat voor het tot stand brengen van rioolaansluitingen in het
                            verleden met perceeleigenaren overeenkomsten zijn gesloten waarin
                            afspraken zijn gemaakt die strijd opleveren met de goedkeuring, is in
                            lid 3 vastgelegd dat in dergelijke situaties de bepalingen van de
                            overeenkomst prevaleren. Het zou immers in strijd zijn met het
                            rechtszekerheidsbeginsel als deze afspraken zomaar opzij worden
                            gezet.</al><al/><al>ARTIKEL 12 HARDHEIDSCLAUSULE.</al><al>Om te voorkomen dat toepassing van de bepalingen van deze verordening in
                            een concreet geval zou leiden tot een beslissing in strijd met de
                            redelijkheid en billijkheid, is in artikel 12 een hardheidsclausule
                            opgenomen.</al><al/><al>ARTIKEL 13.</al><al>Artikel 13 gaat over de inwerkingtreding en de citeertitel en spreekt
                            voor zich.</al><al/><al>3 UITZONDERINGSSITUATIES.</al><al>3.1 WOONSCHEPEN.</al><al>Woonschepen zijn niet als bouwwerk in de zin van de bouwregelgeving aan
                            te merken en vallen derhalve buiten de verplichting tot aansluiting op
                            de openbare riolering. De rechter stelt dat de Woningwet niet van
                            toepassing is op woonschepen. </al><al>Woonschepen vallen onder het Lozingenbesluit Wvo huishoudelijk
                            afvalwater, hetgeen betekent dat er een lozingsverbod geldt, als er
                            binnen een afstand van 40 meter openbare riolering aanwezig is. In deze
                            situatie zal, in overleg met de bewoner, aansluiting op de openbare
                            riolering de voorkeur hebben. Daarbij moet er bij de toepassing van de
                            regelgeving rekening mee worden gehouden dat het bij woonschepen niet
                            altijd mogelijk is alle afvoerleidingen naar een punt te voeren. Bij een
                            afstand van meer dan 40 meter tot het openbaar riool gelden ook de
                            algemene regels van het Lozingenbesluit Wvo huishoudelijk
                            afvalwater.</al><al/><al>3.2 RECREATIETERREINEN.</al><al>Burgemeester en wethouders kunnen bij het afgeven van een vergunning of
                            ontheffing voor een kampeerterrein op basis van artikel 8 van de Wet op
                            de Openluchtrecreatie, voorwaarden stellen. In het Lozingenbesluit
                            bodembescherming en het Lozingenbesluit Wvo huishoudelijk afvalwater
                            wordt onderscheid gemaakt naar beperkte en omvangrijke lozingen. Een
                            aandachtspunt bij recreatiewoningen is het aanmerken van een lozing als
                            een afzonderlijke beperkte of als één omvangrijke lozing voor het gehele
                            terrein/park. Bij zeer verspreid liggende recreatiewoningen
                            (drukriolering te duur) kan transport per as of een IBA-systeem worden
                            toegepast. Hiervoor wordt verwezen naar paragraaf 3.3.</al><al/><al>3.3 TRANSPORT VAN AFVALWATER PER AS.</al><al>Als er geen verplichting bestaat tot aansluiting op de openbare
                            riolering kan er worden gekozen voor inzameling en transport van het
                            huishoudelijk afvalwater per as. Dit houdt in dat het afvalwater in een
                            opslagtank wordt verzameld en vervolgens met een tankwagen wordt
                            afgevoerd naar een RWZI of eventueel een lozingspunt in de
                            riolering.</al><al/><al>3.4 OMBOUW NAAR ANDER RIOLERINGSSTELSEL.</al><al>Als de gemeente een bestaand gemengd rioolstelsel wil ombouwen naar een
                            gescheiden rioolstelsel, doet zich de vraag voor hoe ervoor gezorgd kan
                            worden dat bestaande aansluitingen waaruit gemengd wordt geloosd, worden
                            gewijzigd in twee gescheiden aansluitpunten voor (huishoudelijk)
                            afvalwater en hemelwater. Het gaat hier om het wijzigen van bestaande
                            aansluitingen, om het afkoppelen van hemelwater. Op grond van de huidige
                            wetgeving is het niet mogelijk om de eigenaar/rechthebbende te
                            verplichten om af te koppelen.</al><al/><al><cursief>De Tweede, respectievelijk de Eerste Kamer hebben ingestemd met
                                de (verbrede) Wet gemeentelijke watertaken. Deze wet treedt op 1
                                januari 2008 in werking. De wet geeft gemeenten meer bevoegdheden en
                                woningeigenaren meer verantwoordelijkheden. Jurisprudentie zal uit
                                moeten wijzen of het, mede uit het oogpunt van redelijkheid en
                                billijkheid, mogelijk is woningeigenaren te verplichten om bestaande
                                woningen af te koppelen.</cursief></al><al/><al>4 AFWIJKENDE EIGENDOMSSITUATIES.</al><al>4.1 ALTERNATIEVE REGELINGEN EIGENDOM.</al><al><cursief>4.1.1 Inleiding.</cursief></al><al>De situatie waarin per aansluitleiding één lozer is aangesloten is het
                            meest overzichtelijk. Er zijn echter situaties waarbij dit niet mogelijk
                            is en één aansluitleiding meerdere lozers dient. Enkele voorbeelden van
                            medegebruik zijn:</al><al>- gebruik van een gezamenlijke leiding door meerdere
                            appartementseigenaren;</al><al>- gebruik van een leiding door eigenaren van verschillende gebouwen op
                            een privé-terrein (bijvoorbeeld een bedrijfsterrein).</al><al/><al><cursief>4.1.2 Appartementseigenaren.</cursief></al><al>Veelal zal een appartementsgebouw voorzien zijn van een gezamenlijke
                            aansluitleiding. De appartementsrechten zijn geregeld in artikel 5:106
                            en volgende van het Burgerlijk Wetboek (BW). In een appartementsgebouw
                            dient een vereniging van appartementseigenaren te functioneren.
                            Aanspreekpunt voor de gemeente is in het onderhavige geval de
                            vereniging. Kennisgevingen aan de gezamenlijke appartementseigenaren kan
                            de gemeente richten aan de vereniging. Als een vereniging van
                            appartementeigenaren onvoldoende functioneert, kunnen de eigenaren ieder
                            individueel op hun verplichtingen naar rato worden aangesproken, tenzij
                            in het splitsingsreglement van de vereniging een andere verhouding is
                            bepaald (artikel 5:113 BW).</al><al/><al><cursief>4.1.3 Meerdere gebouwen op een privé-terrein.</cursief></al><al>Het komt voor dat meerdere gebouwen van verschillende eigenaren op één
                            perceel zijn gebouwd. Een gedeelte van de voorzieningen, gelegen in dit
                            perceel, is dan een gemeenschappelijke zaak van de afzonderlijke
                            eigenaren ook wel deelgenoten genoemd (denk met name aan
                            fabrieksterreinen). Deze eigenaren hebben allen een aansluitplicht.
                            Veelal heeft men één leiding in gebruik die aangesloten wordt op het
                            openbaar riool. Deze leiding kan gemeenschappelijk eigendom van de
                            deelgenoten zijn (artikel 3:166 BW). De deelgenoten kunnen het genot,
                            gebruik en beheer van de gemeenschappelijke aansluitleiding regelen bij
                            overeenkomst (artikel 3:168 BW). Wanneer een dergelijke overeenkomst
                            ontbreekt kan de kantonrechter op verzoek van de meest gerede partij een
                            regeling treffen (artikel 3:168 BW). Dit laat onverlet dat voor de
                            gebouwen afzonderlijk een aansluitplicht geldt. De afzonderlijke
                            eigenaren kunnen hiervoor verantwoordelijk worden gesteld.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>