<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR90328_1</dcterms:identifier><dcterms:title>GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING AFVALSTOFFENVERWIJDERING ZEELAND</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Goes</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-11-06</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Goes</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Bevelander</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Gemeenschappelijke regeling afvalstoffenverwijdering Zeeland</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="jci1.3:c:BWBR0003740">Wet gemeenschappelijke regelingen</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="jci1.3:c:BWBR0005416">Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>milieu</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-05-28</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-09-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-11-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>nvt</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Afval / Milieu</overheidrg:onderwerp><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>GEMEENSCHAPPELIJKE REGELING AFVALSTOFFENVERWIJDERING ZEELAND</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/><al>De raden en de colleges van burgemeester en wethouders van de gemeenten,
                        Borsele, Goes, Hulst, Kapelle, Middelburg, Noord Beveland, Reimerswaal,
                        Schouwen-Duiveland, Sluis, Terneuzen, Tholen, Veere en Vlissingen, ieder
                        voor zover zij voor de eigen gemeente bevoegd zijn;</al><al/><al>overwegende dat</al><al/><lijst><li nr="a."><al>de gemeenschappelijke regeling afvalstoffenverwijdering Zeeland in
                                1999 is getroffen;</al></li><li nr="b."><al>een transactie heeft plaatsgevonden van de activiteiten en activa en
                                passiva van O.L.A.Z. aan DELTA N.V., welke transactie economisch is
                                geëffectueerd op 1 januari 2002 en juridisch op 1 januari 2003;
                            </al></li><li nr="c."><al>er per 1 januari 2003 een gemeentelijke fusie heeft plaatsgevonden
                                in Zeeuwsch-Vlaanderen;</al></li><li nr="d."><al>het Waterschap Zeeuwse Eilanden in 2006 uit de gemeenschappelijke
                                regeling is getreden;</al></li><li nr="e."><al>de gemeenschappelijke regeling het kader vormt voor een uniform
                                Zeeuws afvalbeleid;</al></li><li nr="f."><al>er bij de deelnemers de wens bestaat te komen tot voortzetting van
                                de samenwerking met het oog op de efficiency en effectiviteit van de
                                afvalverwijdering;</al></li><li nr="g."><al>het wenselijk wordt geacht dat de regiefunctie in de
                                afvalverwijderingsketen behouden blijft;</al></li><li nr="h."><al>de individuele deelnemers ook taken in relatie tot de zorgplicht
                                voor de verwijdering van huishoudelijk afval aan de
                                gemeenschappelijke regeling wensen over te kunnen dragen;</al></li></lijst><al/><al>gelet op de Wet gemeenschappelijke regelingen en de Gemeentewet;</al><al/><al>b e s l u i t e n :</al><al/><al>de gemeenschappelijke regeling afvalstoffenverwijdering Zeeland te wijzigen
                        en als volgt te treffen:</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze regeling verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al>de regeling: deze gemeenschappelijke regeling;</al></li><li nr="b."><al>de deelnemers: de aan deze regeling deelnemende
                                        gemeenten;</al></li><li nr="c."><al>het openbaar lichaam: het openbaar lichaam, als bedoeld in
                                        artikel 2 van deze regeling;</al></li><li nr="d."><al>afvalstoffen: hetgeen daaronder wordt verstaan in de Wet
                                        milieubeheer;</al></li><li nr="e."><al>brenglocatie: een plaats waar ingevolge het daartoe genomen
                                        besluit door of namens het algemeen bestuur de deelnemers de
                                        door of namens hen ingezamelde afvalstoffen ter verwerking
                                        moeten aanbieden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Waar in deze regeling artikelen van enige wet of andere wettelijke
                                regeling van overeenkomstige toepassing worden verklaard of zijn,
                                komen in die artikelen in de plaats van de gemeente, de raad,
                                burgemeester en wethouders en de burgemeester onderscheidenlijk: het
                                openbaar lichaam, het algemeen bestuur, het dagelijks bestuur en de
                                voorzitter.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Openbaar lichaam</titel></kop><al>Er is een openbaar lichaam, als bedoeld in de Wet gemeenschappelijke
                            regelingen, genaamd het Openbaar Lichaam Afvalstoffenverwijdering
                            Zeeland (O.L.A.Z.), dat is gevestigd te Borsele.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belangen en bevoegdheden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het openbaar lichaam heeft tot doel de behartiging van de
                                gemeenschappelijke belangen van de deelnemers op het gebied van de
                                afvalstoffenverwijdering.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De te verrichten taken worden collectief uitgevoerd, tenzij het
                                algemeen bestuur anders</al><al> besluit.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Ter uitvoering van het in lid 1 omschreven doel heeft het openbaar
                                lichaam de volgende taken:</al><lijst><li nr="a."><al>de zorg voor de verwijdering van afvalstoffen;</al></li><li nr="b."><al>het desgevraagd adviseren van de deelnemers over het
                                        uitvoeren van relevante bepalingen van de Wet milieubeheer
                                        en de daaruit voortvloeiende voorschriften;</al></li><li nr="c."><al>het vaststellen van de tarieven voor de verwijdering van
                                        afvalstoffen;</al></li><li nr="d."><al>het uitvoeren of doen uitvoeren van andere taken op het
                                        gebied van de afvalstoffenverwijdering, zo het algemeen
                                        bestuur daartoe besluit, met dien verstande dat aldus aan
                                        deelnemers zonder hun instemming geen andere verplichtingen
                                        kunnen worden opgelegd dan die voort vloeien uit deze
                                        regeling;</al></li><li nr="e."><al>het geven van voorlichting op het gebied van afvalpreventie
                                        en -verwijdering;</al></li><li nr="f."><al>het op verzoek van een of meerdere deelnemers uitvoeren of
                                        doen uitvoeren van een andere taak op het gebied van
                                        afvalstoffenverwijdering.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Verder heeft het openbaar lichaam tot doel het in stand houden van
                                een Natuur- en Milieu-educatief centrum, uiteindelijk leidend tot
                                het mogelijk oprichten en in stand houden van een zelfstandig
                                Natuur- en Milieu-educatief centrum ten behoeve van de
                                Zeeuws-Vlaamse deelnemers van deze regeling.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De taken, genoemd in lid 3 onder sub f en lid 4 worden door het
                                openbaar lichaam niet uitgevoerd ten behoeve van de deelnemers, die
                                geen gebruik maken van de betreffende faciliteit. De kosten,
                                verbonden aan de uitvoering van een faciliteit komen volledig ten
                                laste van de deelnemers, die wel van de faciliteit gebruik
                                maken.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Ingeval het algemeen bestuur besluit tot uitvoering van een taak als
                                genoemd onder lid 3 sub f ten behoeve van een of meerdere deelnemers
                                zullen omtrent de uitvoering en de gevolgen daarvan nadere afspraken
                                met deze deelnemer(s) gemaakt worden.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De deelnemers dragen, met in achtneming van lid 3 aan het openbaar
                                lichaam over al hun bevoegdheden tot regeling en bestuur en tot
                                deelname aan het maatschappelijk verkeer ter behartiging van de in
                                het eerste en tweede lid genoemde belangen en taken.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>De bevoegdheid van het openbaar lichaam tot het heffen van
                                belastingen betreft uitsluitend de rechten voor het genot van door
                                of vanwege het openbaar lichaam verstrekte diensten, tenzij deze
                                bedrijfsmatig worden verstrekt of bestaan in het tijdelijk ter
                                beschikking van particulieren stellen van personeel van het openbaar
                                lichaam.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Verwerking van afvalstoffen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ter verwerking van de door of namens de deelnemers ingezamelde
                                afvalstoffen sluit het openbaar lichaam contracten af met één of
                                meerdere verwerkers.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De deelnemers verplichten zich de door of namens hen ingezamelde
                                afvalstoffen aan te bieden aan de verwerker of verwerkers als
                                bedoeld in lid 1. Het algemeen bestuur kan deelnemers van de
                                verplichting ontheffing verlenen voor bepaalde soorten
                                afvalstoffen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het eigendom van de door of namens de deelnemers ingezamelde
                                afvalstoffen gaat over op de in lid 1 bedoelde verwerker of
                                verwerkers na acceptatie van die afvalstoffen door de bedoelde
                                verwerker of verwerkers.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Bestuur</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Algemeen bestuur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><lijst><li nr="a."><al>Iedere deelnemer is in het algemeen bestuur vertegenwoordigd
                                        met een lid.</al></li><li nr="b."><al>De raad van elke deelnemer wijst uit zijn midden, de
                                        voorzitter inbegrepen, en uit de wethouders, een lid en een
                                        plaatsvervangend lid aan.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Daar waar in deze regeling gesproken wordt over een 'lid' of 'leden"
                                van het algemeen bestuur, worden daar mede het 'plaatsvervangend
                                lid' of de 'plaatsvervangend leden' onder begrepen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><lijst><li nr="a."><al>De aanwijzing, als bedoeld onder lid 1 onder b, geschiedt zo
                                        spoedig mogelijk, doch in elk geval binnen dertien weken na
                                        installatie van de nieuwe gemeenteraad. Aftredende leden
                                        kunnen opnieuw worden benoemd.</al></li><li nr="b."><al>De leden worden aangewezen voor een periode, gelijk aan die
                                        van de zittingsduur van de gemeenteraden.</al></li><li nr="c."><al>De leden kunnen te allen tijde schriftelijk ontslag nemen.
                                        Zij doen daarvan per omgaande schriftelijke mededeling aan
                                        het dagelijks bestuur.</al></li><li nr="d."><al>De betrokken gemeenteraad voorziet zo spoedig mogelijk in de
                                        tussentijdse vacatures, doch uiterlijk binnen acht weken na
                                        het ontstaan daarvan.</al></li><li nr="e."><al>Hij die ontslag neemt als lid van het algemeen bestuur
                                        blijft zijn functie waarnemen tot zijn opvolger deze functie
                                        heeft aanvaard.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><lijst><li nr="a."><al>Het algemeen bestuur wijst een voorzitter en een
                                        plaatsvervangend voorzitter aan.</al></li><li nr="b."><al>Het algemeen bestuur kan de voorzitter ontslag verlenen,
                                        indien hij niet meer het vertrouwen van het algemeen bestuur
                                        bezit. Over een voorstel tot het verlenen van ontslag wordt
                                        niet beraadslaagd of besloten, dan nadat het algemeen
                                        bestuur ten minste twee weken en ten hoogste drie maanden
                                        tevoren heeft verklaard dat de voorzitter het vertrouwen van
                                        het algemeen bestuur niet meer bezit.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het algemeen bestuur kan personen uitnodigen als adviseur aan de
                                vergadering deel te nemen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Bevoegdheden van het algemeen bestuur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aan het algemeen bestuur komen in het kader van de regeling alle
                                bevoegdheden toe, die niet aan een ander orgaan zijn
                                opgedragen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het algemeen bestuur wijst de brenglocaties aan en brengt de
                                colleges van burgemeester en wethouders van de deelnemende gemeenten
                                binnen twee weken in kennis van dat besluit.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De volgende bevoegdheden van het algemeen bestuur zijn niet
                                overdraagbaar:</al><lijst><li nr="a."><al>het aanwijzen van de voorzitter, de plaatsvervangend
                                        voorzitter en de overige leden van het dagelijks
                                        bestuur;</al></li><li nr="b."><al>het vaststellen van de begroting, respectievelijk
                                        begrotingswijzigingen en de rekening;</al></li><li nr="c."><al>het vaststellen van een reglement van orde;</al></li><li nr="d."><al>het vaststellen van een regeling met betrekking tot de
                                        organisatie van de administratie en van het beheer van
                                        vermogenswaarden;</al></li><li nr="e."><al>het vaststellen van een regeling met betrekking tot de
                                        controle op de administratie en op het beheer van de
                                        vermogenswaarden;</al></li><li nr="f."><al>het doen van voorstellen tot wijziging, toetreding,
                                        uittreding en opheffing van de regeling;</al></li><li nr="g."><al>verordenende bevoegdheid aangaande artikel 3 lid 8.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Informatie en verantwoordingsplicht
                                (extern)</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het algemeen bestuur geeft zo spoedig mogelijk doch in elk geval
                                binnen dertien weken aan de deelnemers de door een of meer leden van
                                die raden schriftelijk gevraagde inlichtingen waarvan het
                                verstrekken niet in strijd is met het openbaar belang.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een lid van het algemeen bestuur is aan de gemeenteraad, die hem als
                                lid heeft aangewezen, verantwoording verschuldigd voor het door hem
                                in het algemeen bestuur gevoerde beleid. Het afleggen van
                                verantwoording geschiedt volgens door de betrokken gemeenteraad
                                nader te stellen regels.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raad van elke deelnemer is bevoegd een door hem aangewezen lid
                                van het algemeen</al><al> bestuur ontslag te verlenen, indien dit lid het vertrouwen van de
                                raad niet meer bezit.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Dagelijks bestuur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur bestaat uit de voorzitter en minimaal vier
                                andere leden, waaronder de plaatsvervangend voorzitter, door en uit
                                het algemeen bestuur aan te wijzen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter en de plaatsvervangend voorzitter van het algemeen
                                bestuur zijn tevens</al><al> voorzitter en plaatsvervangend voorzitter van het dagelijks
                                bestuur.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Zodra men ophoudt lid van het algemeen bestuur te zijn, eindigt het
                                lidmaatschap van het</al><al> dagelijks bestuur van rechtswege.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Hij die ontslag neemt als lid van het dagelijks bestuur blijft zijn
                                functie waarnemen tot zijn</al><al> opvolger deze functie heeft aanvaard.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan personen uitnodigen als adviseur aan de
                                vergadering deel te nemen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Bevoegdheden van het dagelijks bestuur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur is belast met:</al><lijst><li nr="a."><al>het voorbereiden van al hetgeen aan het algemeen bestuur ter
                                        overweging en beslissing zal worden voorgelegd, voor zover
                                        die voorbereiding niet aan anderen is opgedragen;</al></li><li nr="b."><al>het uitvoeren van besluiten van het algemeen bestuur;</al></li><li nr="c."><al>het beheer van de eigendommen en geldmiddelen van het
                                        openbaar lichaam;</al></li><li nr="d."><al>het nemen van alle conservatoire maatregelen, zowel in als
                                        buiten rechte en het doen van alles wat nodig is ter
                                        voorkoming van verjaring en het verlies van recht of
                                        bezit;</al></li><li nr="e."><al>het houden van een voortdurend toezicht op het beheer en de
                                        exploitatie van het openbaar lichaam, alsmede op alles wat
                                        het openbaar lichaam aangaat;</al></li><li nr="f."><al>het benoemen, het schorsen en het ontslaan van personeel in
                                        dienst van het openbaar lichaam;</al></li><li nr="g."><al>het behartigen van de belangen van het openbaar lichaam bij
                                        andere overheidslichamen en instellingen, diensten of
                                        personen, waarmee contact voor het openbaar lichaam van
                                        belang is;</al></li><li nr="h."><al>de bevoegdheden die het algemeen bestuur, met inachtneming
                                        van het bepaalde in artikel 6, lid 3, aan het dagelijks
                                        bestuur heeft overgedragen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan voor zijn leden een aan het algemeen
                                bestuur mede te delen taakverdeling vaststellen krachtens welke zijn
                                leden voor de uitoefening van de hun daarin toegewezen taken in het
                                bijzonder verantwoordelijkheid dragen, onverminderd de
                                verantwoordelijkheid daarvoor van het algemeen bestuur.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur draagt zorg voor de interne
                                klachtbehandeling.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De Zeeuwse ombudsman wordt aangewezen voor de externe
                                klachtbehandeling als bedoeld in titel 9.2 van de Algemene wet
                                bestuursrecht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Informatie en verantwoordingsplicht
                                (intern)</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur en elk van zijn leden verstrekken aan het
                                algemeen bestuur, zo spoedig mogelijk doch in elk geval binnen
                                dertien weken de door een of meer leden van dit bestuur gevraagde
                                inlichtingen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur en elk van zijn leden leggen op verzoek van
                                het algemeen bestuur</al><al> verantwoording af over het door het dagelijks bestuur of een der
                                leden gevoerde bestuur.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het reglement van orde van het algemeen bestuur houdt bepalingen in
                                omtrent de wijze waarop de leden van het dagelijks bestuur de hier
                                bedoelde inlichtingen verstrekken en verantwoording afleggen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11 Vergaderingen</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Op de vergaderingen van het algemeen bestuur zijn de bepalingen van
                                de artikelen 22 en 23 van de Wet gemeenschappelijke regelingen van
                                toepassing.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur vergadert zo dikwijls de voorzitter dit nodig
                                acht of tenminste twee van zijn leden dit aan de voorzitter
                                verzoeken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voor de besluitvorming in het dagelijks bestuur en de verplichting
                                tot geheimhouding zijn de overeenkomstige bepalingen zoals die zijn
                                opgenomen in de Gemeentewet voor het college van burgemeester en
                                wethouders van toepassing.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het algemeen bestuur stelt voor de wijze van vergaderen een
                                reglement van orde vast. Dit reglementen alsmede de daarin aan te
                                brengen wijzigingen worden zo spoedig mogelijk ter kennis gebracht
                                van de deelnemers.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Van de vergaderingen van het algemeen bestuur en van het dagelijks
                                bestuur wordt een concept-verslag gemaakte dat ter vaststelling aan
                                het desbetreffende bestuur wordt aangeboden, zo mogelijk in de
                                eerstvolgende vergadering.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Stemrecht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leden van het algemeen bestuur brengen daarin een aantal stemmen
                                uit dat als volgt afhankelijk is van het aantal inwoners van de
                                gemeenten die zij vertegenwoordigen:</al><al> tot en met 9.999 inwoners 1 stem;</al><al> van 10.000 tot en met 14.999 inwoners 2 stemmen;</al><al> van 15.000 tot en met 19.999 inwoners 3 stemmen;</al><al> van 20.000 tot en met 24.999 inwoners 4 stemmen;</al><al> van 25.000 tot en met 29.999 inwoners 5 stemmen;</al><al> van 30.000 tot en met 34.999 inwoners 6 stemmen;</al><al> van 35.000 tot en met 39.999 inwoners 7 stemmen;</al><al>van 40.000 tot en met 44.999 inwoners 8 stemmen;</al><al>45.000 en meer inwoners 9 stemmen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor het bepalen van de peildatum voor het vaststellen van het
                                inwonertal, als bedoeld in lid 1<vet>, </vet>is artikel 1, lid 2,
                                van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Bevoegdheden van de voorzitter</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter leidt de vergaderingen van het algemeen en het
                                dagelijks bestuur.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Hij tekent de stukken, die van het algemeen bestuur en het dagelijks
                                bestuur uitgaan.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Hij is belast met het toezicht op de uitvoering van de besluiten van
                                het algemeen en dagelijks bestuur.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Hij vertegenwoordigt het openbaar lichaam in en buiten rechte. Hij
                                kan deze vertegenwoordiging overdragen aan een door hem aan te
                                wijzen gemachtigde.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Hij vertegenwoordigt het openbaar lichaam in de algemene vergadering
                                van aandeelhouders van de Zeeuwse Reinigingsdienst b.v.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Commissies</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het algemeen bestuur kan commissies instellen met het oog op de
                                behartiging van belangen, zoals omschreven in artikel 25 van de Wet
                                gemeenschappelijke regelingen. Voor zover het algemeen bestuur
                                dergelijke commissies instelt wordt een protocol daarvoor
                                opgesteld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het algemeen bestuur kan commissies van advies instellen, zoals
                                omschreven in artikel 24 van de Wet gemeenschappelijke regelingen.
                                Voor zover het algemeen bestuur dergelijke commissies instelt, wordt
                                een protocol daarvoor opgesteld.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Vergoeding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leden van het algemeen en dagelijks bestuur kunnen, met
                                inachtneming van het bepaalde in de Wet gemeenschappelijke
                                regelingen, een door het algemeen bestuur vast te stellen vergoeding
                                in de kosten, en een vergoeding voor hun werkzaamheden krijgen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het gestelde in lid 1 is op de bestuurscommissies van
                                overeenkomstige toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Ambtelijke ondersteuning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het algemeen bestuur stelt een ambtelijke ondersteuningscommissie
                                in.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De ondersteuningscommissie adviseert het dagelijks bestuur.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Iedere deelnemer is in de ondersteuningscommissie vertegenwoordigd
                                met een lid.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De leden van de ondersteuningscommissie kiezen uit hun midden een
                                voorzitter en secretaris.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Financiën</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Begroting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur zendt jaarlijks voor 1 april de
                                ontwerpbegroting voor het komende kalenderjaar, voorzien van een
                                memorie van toelichting alsmede de financiële beleidsuitgangspunten
                                voor de komende 3 jaren (meerjarenraming) toe aan de raden van de
                                deelnemers.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De raden van de deelnemers kunnen, binnen acht weken na ontvangst,
                                omtrent de ontwerpbegroting bij het dagelijks bestuur hun zienswijze
                                naar voren brengen. Het dagelijks bestuur voegt de commentaren
                                waarin deze zienswijze is vervat bij de ontwerp-begroting, zoals
                                deze aan het algemeen bestuur wordt aangeboden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het algemeen bestuur stelt vervolgens uiterlijk 1 juli de begroting
                                vast.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Nadat deze is vastgesteld, zendt het algemeen bestuur de begroting
                                aan de raden van de</al><al> deelnemers.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Op wijzigingen van de begroting zijn voorgaande bepalingen zo
                                mogelijk van overeenkomstige toepassing, met uitzondering van de
                                wijzigingen die geen invloed hebben op de bijdragen van de
                                deelnemers.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur heeft, in geval van dringende spoed, de
                                bevoegdheid tot het doen van uitgaven buiten de door het algemeen
                                bestuur vastgestelde begroting om. Bedoelde uitgaven dienen echter
                                onvermijdbaar te zijn op grond van de bestaande bedrijfsvoering,
                                vastgesteld in de begroting. Het dagelijks bestuur legt ten aanzien
                                van de in dit kader gedane eenmalige uitgaven verantwoording af aan
                                het algemeen bestuur in de eerstvolgende vergadering van genoemd
                                algemeen bestuur. In het geval van structurele uitgaven vindt
                                verantwoording aan het algemeen bestuur plaats middels het
                                tussentijds aanbieden van een begrotingswijziging.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Jaarrekening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur legt voor 1 april verantwoording af over het
                                afgelopen kalenderjaar, onder overlegging van de opgestelde
                                jaarrekening, het ingediende jaarverslag met de daarbij behorende
                                bescheiden en een berekening van de door de deelnemers te betalen
                                bijdragen, benevens het rapport van de met de controles belaste
                                registeraccountant.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De jaarrekening en het verslag worden gelijktijdig aan de raden van
                                de deelnemers toegezonden, die - binnen acht weken na de ontvangst
                                daarvan – hun zienswijze schriftelijk kunnen indienen bij het
                                algemeen bestuur.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het algemeen bestuur stelt vervolgens de jaarrekening, alsmede de
                                bijdragen die de deelnemers betalen in het eventuele
                                exploitatietekort, voor 1 juli vast.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het besluit tot vaststelling van de jaarrekening strekt - voor zover
                                het de daarin opgenomen ontvangsten en uitgaven betreft - het
                                dagelijks bestuur tot decharge, behoudens later in rechte gebleken
                                valsheid in bewijsstukken en andere onregelmatigheden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Betalingen door gemeenten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het nadelig saldo van de exploitatierekening van het openbaar
                                lichaam wordt per activiteit over de gemeenten omgeslagen:</al><lijst><li nr="a."><al>in verhouding tot de werkelijke hoeveelheid (tonnen of
                                        stuks) van de door elke gemeente aangeboden afvalstroom, in
                                        het jaar waarop de rekening betrekking heeft; of</al></li><li nr="b."><al>in verhouding tot het aantal inwoners van de gemeenten.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het algemeen bestuur bepaalt per activiteit welke omslag toegepast
                                wordt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Maandelijks worden voorschotbedragen in rekening gebracht, waarbij,
                                indien relevant, wordt uitgegaan van de werkelijk geleverde
                                hoeveelheden afval.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Elke gemeente is verplicht het bedrag, dat uit de omslag voor haar
                                resulteert, aan het openbaar lichaam te voldoen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><lijst><li nr="a."><al>De gemeenten in Midden- en Noord-Zeeland zijn verplicht de
                                        door hen volgens de begroting aan het openbaar lichaam
                                        verschuldigde jaarlijkse bijdragen in de transportkosten bij
                                        wijze van voorschot te voldoen en wel in de maanden april en
                                        oktober, telkens voor de helft.</al></li><li nr="b."><al>Bij de vaststelling van de rekening over het betreffende
                                        dienstjaar worden de voor de gemeenten in Midden- en
                                        Noord-Zeeland verschuldigde bijdragen definitief
                                        vastgesteld.</al></li><li nr="c."><al>Bij vaststelling van de begroting voor het volgende
                                        dienstjaar, voor 1 juli van elk jaar stelt het algemeen
                                        bestuur vast:</al><al> 1. per gemeente in Midden- en Noord-Zeeland het bedrag,
                                        aangevende de kosten per ton groen-, gft- en restafval,
                                        wegens transport van die stoffen van de gemeente naar de
                                        brenglocatie, over het laatst verstreken dienstjaar;</al><al>2. het bedrag, aangevende de gemiddelde kosten per ton
                                        groen-, gft- en restafval, wegens transport van die stoffen
                                        van de onderscheiden gemeenten naar de brenglocatie, over
                                        het laatstverstreken dienstjaar. </al></li><li nr="d."><al>Elk der gemeenten, voor welke het bedrag, bedoeld in c,
                                        onder 1, lager is vastgesteld dan het bedrag, bedoeld in c,
                                        onder 2, draagt aan het openbaar lichaam af een bedrag,
                                        hetwelk wordt bepaald door vermenigvuldiging van het
                                        verschil tussen de bedragen 1 en 2 voornoemd, en het aantal
                                        tonnen groen-, gft- en restafval dat van de betreffende
                                        gemeente tijdens het laatstverstreken dienstjaar op de
                                        brenglocatie is geaccepteerd.</al></li><li nr="e."><al>Elk der gemeenten voor welke het bedrag, bedoeld in c, onder
                                        1, hoger is vastgesteld dan het bedrag, bedoeld in c, onder
                                        2, ontvangt van het openbaar lichaam een bedrag, hetwelk
                                        wordt bepaald door vermenigvuldiging van het verschil tussen
                                        de bedragen 1 en 2 voornoemd, en het aantal tonnen groen-,
                                        gft- en restafval dat van de betreffende gemeente tijdens
                                        het laatstverstreken dienstjaar op de brenglocatie is
                                        geaccepteerd.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Het gestelde in het vijfde lid kan van overeenkomstige toepassing
                                worden verklaard op de deelnemende gemeenten in Zeeuwsch-
                                Vlaanderen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Garantie rente (en), aflossing leningen en
                                aansprakelijkheid schulden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De deelnemers zullen er steeds zorg voor dragen dat het openbaar
                                lichaam te allen tijde over voldoende middelen beschikt om aan al
                                zijn verplichtingen jegens derden te kunnen voldoen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien aan het algemeen bestuur van het openbaar lichaam blijkt dat
                                een deelnemer weigert deze uitgaven op de begroting te zetten, doet
                                het algemeen bestuur onverwijld aan gedeputeerde staten het verzoek
                                over te gaan tot toepassing van de artikelen 194 en 195
                                Gemeentewet.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Archief</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur draagt zorg voor de archiefbescheiden, met
                                inachtneming van de</al><al> bepalingen van de Archiefwet 1995.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het openbaar lichaam draagt zorg voor de bewaring en het beheer van
                                de archiefbescheiden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het algemeen bestuur wijst een archiefbewaarplaats aan voor de op
                                grond van artikel 12 van de Archiefwet 1995 over te brengen
                                archiefbescheiden.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Toetreding, uittreding, wijziging en
                            opheffing</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Toetreding en uittreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Toetreding van andere publiekrechtelijke organisaties tot deze
                                regeling vindt plaats indien ten minste tweederde van de deelnemers
                                daarmee instemmen. Toetreding kan plaatsvinden bij besluit van de
                                raad en het college van burgemeester en wethouders, ieder voor zover
                                zij voor de eigen gemeente bevoegd zijn.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het algemeen bestuur regelt de gevolgen van de toetreding.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Aan de toetreding kunnen door het algemeen bestuur voorwaarden
                                worden verbonden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Uittreding is te allen tijde mogelijk, mits wordt voldaan aan de
                                daaraan door het algemeen bestuur te stellen voorwaarden. Voor
                                gemeenten geldt bovendien dat van uittreding ten minste drie
                                kalenderjaren tevoren schriftelijk aankondiging wordt gedaan.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het algemeen bestuur regelt de financiële en overige gevolgen van de
                                uittreding.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Wijziging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De regeling wordt gewijzigd, indien ten minste tweederde van de
                                deelnemers daartoe</al><al> eensluidend besluiten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voorstellen tot wijziging van de regeling kunnen worden gedaan door
                                het algemeen bestuur of één of meer van de deelnemers.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voorstellen uitgaande van het algemeen bestuur worden toegezonden
                                aan de deelnemers, die binnen dertien weken na ontvangst ter zake
                                een besluit nemen en dat terstond aan het algemeen bestuur
                                mededelen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Voorstellen uitgaande van één of meer deelnemers worden toegezonden
                                aan het algemeen bestuur, dat het voorstel met zijn beschouwingen
                                ter zake binnen acht weken aan de deelnemers doet toekomen, waarna
                                deze deelnemers en het algemeen bestuur verder handelen conform het
                                bepaalde in het vorige lid van dit artikel.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Opheffing en liquidatie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De regeling wordt opgeheven indien ten minste tweederde van de
                                deelnemers daartoe</al><al> besluiten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien tot opheffing is besloten stelt het algemeen bestuur, de
                                deelnemers gehoord, een</al><al> regeling inzake de gevolgen van de opheffing vast. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het liquidatieplan voorziet in de verplichting van de deelnemers tot
                                deelneming in de financiële gevolgen van de opheffing en het
                                vereffenen van alle schulden van de regeling respectievelijk de
                                verplichting van de deelnemers om naar rato van het aantal inwoners
                                aansprakelijk te zijn voor de eventuele resterende schulden van het
                                openbaar lichaam. Het voorziet tevens in de gevolgen die de
                                opheffing heeft voor het personeel van het openbaar lichaam.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien nodig blijft het algemeen bestuur na het tijdstip van de
                                opheffing in functie ter</al><al> afwikkeling van de liquidatie.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze regeling wordt aangegaan voor onbepaalde tijd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders van de gemeente Borsele dragen zorg voor
                                het toezenden van de regeling, alsmede van besluiten tot wijziging
                                of opheffing van de regeling aan gedeputeerde staten van
                                Zeeland.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders van de gemeente Borsele delen de
                                toezending aan gedeputeerde staten als bedoeld in lid 2 mee aan de
                                overige deelnemers. Binnen tien dagen na ontvangst van die
                                mededeling dragen de deelnemers zorg voor inschrijving in het
                                register, als bedoeld in artikel 27, lid 1 van de Wet
                                gemeenschappelijke regelingen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders van de gemeente Borsele dragen namens
                                alle deelnemers zorg voor bekendmaking in een regionaal dagblad. De
                                kosten daarvan komen ten laste van de regeling.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2010.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Geschillenregeling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voordat over een geschil als bedoeld in artikel 28 van de Wet
                                gemeenschappelijke regelingen de beslissing van gedeputeerde staten
                                wordt ingeroepen, legt het algemeen bestuur het geschil voor aan een
                                geschillencommissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De geschillencommissie bestaat uit drie leden. Eén lid wordt
                                aangewezen door het algemeen bestuur en één lid wordt aangewezen
                                door de betrokken gemeente of gemeenten. Deze twee leden wijzen
                                gezamenlijk een derde lid aan dat tevens als voorzitter van de
                                commissie optreedt.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De geschillencommissie hoort de bij het geschil betrokken
                                besturen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De geschillencommissie brengt advies uit over de mogelijkheden
                                partijen tot overeenstemming te brengen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze regeling wordt aangehaald als "gemeenschappelijke regeling
                            afvalstoffenverwijdering Zeeland".</al><al/><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld door:</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>1 de gemeenteraad van Borsele in zijn openbare vergadering
                        van </ondertekening><ondertekening>de raadsgriffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening> burgemeester en wethouders van Borsele in hun vergadering van</ondertekening><ondertekening>de secretaris, de burgemeester,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>2 de gemeenteraad van Goes in zijn openbare vergadering van </ondertekening><ondertekening>de raadsgriffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening> burgemeester en wethouders van Goes in hun vergadering van</ondertekening><ondertekening>de secretaris, de burgemeester,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>3 de gemeenteraad van Hulst in zijn openbare vergadering van </ondertekening><ondertekening>de raadsgriffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>burgemeester en wethouders van Hulst in hun vergadering van</ondertekening><ondertekening>de secretaris, de burgemeester,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>4 de gemeenteraad van Kapelle in zijn openbare vergadering
                        van</ondertekening><ondertekening>de raadsgriffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening> burgemeester en wethouders van Kapelle in hun vergadering van</ondertekening><ondertekening>de secretaris, de burgemeester,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>5 de gemeenteraad van Middelburg in zijn openbare vergadering
                        van </ondertekening><ondertekening> de raadsgriffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening> burgemeester en wethouders van Middelburg in hun vergadering van</ondertekening><ondertekening> de secretaris, de burgemeester,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>6 de gemeenteraad van Noord-Beveland in zijn openbare
                        vergadering van </ondertekening><ondertekening> de raadsgriffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening> burgemeester en wethouders van Noord-Beveland in hun vergadering
                        van</ondertekening><ondertekening> de secretaris, de burgemeester,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>7 de gemeenteraad van Reimerswaal in zijn openbare
                        vergadering van </ondertekening><ondertekening> de raadsgriffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening> burgemeester en wethouders van Reimerswaal in hun vergadering van</ondertekening><ondertekening>de secretaris, de burgemeester,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>8 de gemeenteraad van Schouwen-Duiveland in zijn openbare
                        vergadering van de raadsgriffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>burgemeester en wethouders van Schouwen-Duiveland in hun vergadering van
                        de secretaris, de burgemeester,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>9 de gemeenteraad van Sluis in zijn openbare vergadering van </ondertekening><ondertekening>de raadsgriffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>burgemeester en wethouders van Sluis in hun vergadering van</ondertekening><ondertekening>de secretaris, de burgemeester,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>10 de gemeenteraad van Terneuzen in zijn openbare
                        vergadering van</ondertekening><ondertekening>de raadsgriffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening> burgemeester en wethouders van Terneuzen in hun vergadering van</ondertekening><ondertekening>de secretaris, de burgemeester,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>11 de gemeenteraad van Tholen in zijn openbare
                        vergadering van</ondertekening><ondertekening>de raadsgriffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening> burgemeester en wethouders van Tholen in hun vergadering van</ondertekening><ondertekening> de secretaris, de burgemeester,</ondertekening><ondertekening>12 de gemeenteraad van Veere in zijn openbare
                        vergadering van</ondertekening><ondertekening>de raadsgriffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening> burgemeester en wethouders van Veere in hun vergadering van</ondertekening><ondertekening>de secretaris, de burgemeester,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>13 de gemeenteraad van Vlissingen in zijn openbare
                        vergadering van</ondertekening><ondertekening>de raadsgriffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening> burgemeester en wethouders van Vlissingen in hun vergadering van</ondertekening><ondertekening>de secretaris, de burgemeester,</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>