<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR88970_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Beleidsnotitie Creatieve Bedrijvigheid Zaanstad (Creative Cities Amsterdam Area)</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Zaanstad</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-04-24</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Zaanstad</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Beleidsnotitie Creatieve Bedrijvigheid Zaanstad (Creative Cities Amsterdam Area)</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-01-28</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2000-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Samenvatting</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Samenvatting</al><al/><al>Veel steden en regio’s hebben de afgelopen jaren op basis van de ideeën van
                        Richard Florida een programma creatieve economie opgesteld en noemen zich
                        creatieve steden. Er zijn echter maar enkele steden en regio’s in Nederland
                        die dit predikaat daadwerkelijk kunnen voeren. Dat zijn stedelijk regio’s
                        waarin de creatieve sector echt een deel van de economie vormt, waar
                        creatieve kenniswerkers wonen en werken, en waar de spin-off aantoonbaar
                        bijdraagt aan de lokale economie. De Amsterdamse regio – waar Zaanstad
                        onderdeel van uitmaakt - is één van de regio’s die voldoet aan deze
                        uitgangspunten .</al><al/><al>Tegen deze achtergrond heeft het college van B&amp;W van Zaanstad onderkend
                        dat creativiteit een concurrentiefactor is geworden. Daarom is creatieve
                        bedrijvigheid in 2007 (programma-begroting 2008-2011) tot één van de vier
                        speerpunten van het college benoemd om tot economische structuurversterking
                        te komen. Het doel van het beleid creatieve bedrijvigheid is een bijdrage te
                        leveren aan duurzame economische structuurversterking en een verbetering van
                        de werkgelegenheid. </al><al/><al>Het doel van voorliggende beleidsnotitie is kader en helderheid te bieden,
                        af te bakenen en richting te geven aan de verdere beleidsontwikkeling. Het
                        tot nu toe gevoerde beleid kende een ad-hoc en projectmatig karakter en de
                        uitvoering ervan was versnipperd binnen de organisatie. Ook ontbrak een
                        beleidskader waarbinnen alle maatregelen en al ingezette instrumenten konden
                        worden geplaatst. De beleidsnotitie creatieve bedrijvigheid zal dienen als
                        onderbouwing voor het de komende jaren nog verder uit te werken programma
                        creatieve bedrijvigheid waarmee in deze notitie al een relatie wordt gelegd. </al><al/><al>Uitgangspunt bij het beleid creatieve bedrijvigheid is dat de lokale
                        overheid vooral een regisserende en faciliterende rol heeft en zorgt voor de
                        juiste randvoorwaarden en ondersteuning. Creatieve bedrijvigheid laat zich
                        overigens moeilijk plannen en vraagt van de lokale overheid een andere rol
                        dan de traditionele sturende rol. Het gaat veel meer om meebewegen en tijdig
                        kansen benutten. Creatieve bedrijvigheid wordt niet gemaakt, hoogstens
                        gestimuleerd door “van de dynamiek” gebruik te maken. Meebewegen vraagt
                        nieuwe vaardigheden en strategieën van bestuurders en ambtenaren en open te
                        staan voor participatie van derden en te anticiperen op kansen.</al><al/><al>Met het vastleggen van een kader voor het beleid creatieve bedrijvigheid
                        komt de beleidsontwikkeling in een nieuwe fase en wordt de focus helderder.
                        Het blijft echter een beleidsveld in ontwikkeling dat van tijd tot tijd
                        bijgesteld zal moeten worden op basis van actuele ontwikkelingen. Hierbij
                        zal nadrukkelijk samenwerking worden gezocht met strategische partners als
                        kennis-, onderzoeks- en onderwijsinstellingen, intermediaire organisaties,
                        het bedrijfsleven en de steden en andere partners binnen de Metropool
                        Amsterdam/CCAA. </al><al/><al>Dat het speerpunt creatieve bedrijvigheid nog steeds actueel is, blijkt uit
                        de nieuwe beleidsbrief Cultuur en Economie van de ministeries Economische
                        Zaken en Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. (verschenen op Prinsjesdag 2009).
                        Het kabinet ziet creatieve bedrijvigheid als economisch waardevolle sector
                        en kiest voor een vervolgimpuls met het Beleidsprogramma voor de Creatieve
                        Industrie </al><al>2009 – 2013. </al><al>Om richting te geven aan het beleid voor creatieve bedrijvigheid zijn de
                        volgende beleidsdoelen gekozen en beleidskeuzes gemaakt:</al><al/><lijst><li nr=""><table><tgroup cols="1"><colspec colname="colA"/><tbody><row><entry><al/><al><vet>beleidsdoelen</vet></al></entry></row></tbody></tgroup></table><lijst><li nr="1."><al>scheppen van randvoorwaarden voor uitbouw van creatieve
                                        bedrijvigheid in Zaanstad en stimuleren van de ontwikkeling
                                        van de creatieve bedrijvigheid in Zaanstad;</al></li><li nr="2."><al>samenwerking (kruisbestuiving) tussen de creatieve
                                        bedrijvigheid en andere economische sectoren;</al></li><li nr="3."><al>vergroten van het organiserende vermogen van de creatieve
                                        bedrijvigheid en netwerkvorming, verbinden van ondernemers
                                        uit verschillende delen van de creatieve bedrijvigheid;</al></li><li nr="4."><al>stimuleren dat er – op korte termijn – tijdelijke en
                                        permanente bedrijfsruimten en broedplaatsen beschikbaar
                                        komen voor creatieve ondernemers in Zaanstad (bij voorkeur
                                        hergebruik industrieel erfgoed en panden uit de databank
                                        karakteristieke panden).</al></li></lijst><al/><al><vet>beleidskeuzes</vet></al><lijst><li nr="1."><al>het beleid creatieve bedrijvigheid richt zich vooral op
                                        clustervorming en verbindingen tussen creatieve bedrijven en
                                        de gevestigde maak- en foodindustrie;</al></li><li nr="2."><al>het beleid richt zich op cross-overs (kruisbestuiving) met
                                        de twee andere speerpunten food en toerisme;</al></li><li nr="3."><al>het beleid sluit aan op het kansrijke beleid van Amsterdam
                                        binnen de verstedelijkingsafspraken met het rijk om de
                                        ontwikkeling van de noordelijke IJ- oevers door te trekken
                                        naar Zaanstad en de Zaanoevers;</al></li><li nr="4."><al>bij de beschikbaarheid van bedrijfsruimte/broedplaatsen ligt
                                        de focus op stimulering van het basis- en middensegment van
                                        de creatieve bedrijvigheid. De inzet is snel te komen tot
                                        een aanbod aan betaalbare bedrijfruimte om de overloop van
                                        creatieve bedrijven uit Amsterdam te faciliteren. Snelheid
                                        is geboden anders verliezen we het momentum;</al></li><li nr="5."><al>regionale samenwerking is kansrijk gebleken en daarom wil
                                        Zaanstad de komende jaren op dit pad voort gaan. </al></li></lijst><al/></li></lijst><al/><al/><al>Om de beleidsdoelen te realiseren worden de volgende beleidsmaatregelen
                        genomen (die verder zullen worden uitgewerkt in een
                        uitvoeringsprogramma)</al><al/><lijst><li nr=""><table><tgroup cols="1"><colspec colname="colA"/><tbody><row><entry morerows="0" rotate="0"><al/><al><vet>beleidsmaatregelen</vet></al></entry></row></tbody></tgroup></table><lijst><li nr="1."><al>financiële stimuleringsregelingen</al></li><li nr="2."><al>bedrijfruimte/broedplaatsen</al></li><li nr="3."><al>regionale samenwerking</al></li><li nr="4."><al>netwerkvorming</al></li><li nr="5."><al>marketing, promotie en acquisitie</al></li></lijst><al/></li></lijst><al>Aanbevolen wordt het nog op te stellen uitvoeringsprogramma creatieve
                        bedrijvigheid uit te werken naar jaarschijven met SMART-geformuleerde doelen
                        op basis van de uitgangspunten in voorliggende notitie. Hierbij zullen
                        uitdrukkelijk de dwarsverbanden met het cultuurbeleid worden gezocht. Om dit
                        programma uit te kunnen voeren zal externe financiering gezocht moeten
                        worden. De werving van externe fondsen zal dan ook een belangrijk onderdeel
                        moeten vormen van het uitvoeringsprogramma. Bij het op te stellen
                        uitvoeringsprogramma zullen de op- en aanmerkingen worden betrokken van de
                        partijen die hebben geparticipeerd in de voorbereiding en de inspraak van de
                        beleidsnotitie.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>1. Inleiding: creatieve bedrijvigheid versterkt economie </label></kop><structuurtekst><al>In de 20e eeuw vond wereldwijd een industriële revolutie plaats met een
                            verschuiving naar informatietechnologie en kenniseconomie. Creativiteit
                            werd bij deze nieuwe economie de belangrijkste drijvende kracht en
                            innovativiteit was daarvan het product. Dat creativiteit een belangrijke
                            economische factor is, was al langer bekend, maar Richard Florida heeft
                            dit onderwerp in 2002 met zijn boek “The rise of the creative class” pas
                            echt op de politieke agenda geplaatst. Volgens Florida zijn creatieve
                            inwoners en bedrijven dé sleutel voor economische groei en vormen
                            daarbij een belangrijke concurrentiefactor. Steden en regio’s kunnen pas
                            echt tot economische bloei komen als ze creativiteit aantrekken. De
                            ideeën van Florida en andere denkers hebben wereldwijd de stedelijke
                            agenda’s veranderd: mondiaal wordt onderkend dat vooruitgang en
                            concurrentiekracht van een economie is gebaat bij creativiteit in alle
                            sectoren en beroepen en dat creativiteit dus een belangrijke motor vormt
                            voor de economie. </al><al/><al>Ook Nederland onderschrijft het belang van creativiteit. Zo heeft het
                            rijk in 2005 - in samenhang met het Innovatieplatform - het
                            experimentele Programma voor de Creatieve Economie ingesteld met als
                            doel een impuls te geven aan de bewustwording van het economische belang
                            van creativiteit. Dit programma is in december 2008 geëvalueerd <noot id="d11827e171"><noot.nr>1</noot.nr><noot.al>Een brug tussen cultuur en economie. Evaluatie Programma
                                    voor de Creatieve Industrie, 19 december 2008.</noot.al></noot>. De ministers van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap en van
                            Economische Zaken hebben de Tweede Kamer – op basis van de evaluatie –
                            voorgesteld het programma voor te zetten. Medio september 2009 is de
                            beleidsbrief Cultuur en Economie<noot id="d11827e177" type="voet"><noot.nr>2</noot.nr><noot.al> Beleidsbrief Cultuur en Economie "Waarde van Creatie" 2009
                                    (verschenen op Prinsjesdag)</noot.al></noot>van het kabinet verschenen. Uit deze brief blijkt dat het kabinet
                            creatieve bedrijvigheid als economisch waardevolle sectoren ziet omdat
                            zij een belangrijke bijdrage kunnen leveren aan de concurrentiekracht en
                            het innovatieve vermogen van Nederland. De creatieve sector wordt ook
                            steeds belangrijker en groter. Zij bevinden zich in het centrum van de
                            economische dynamiek en nieuwe ontwikkelingen. Het kabinet kiest voor
                            een vervolgimpuls met het Beleidsprogramma voor de Creatieve Industrie
                            2009 – 2013. Bij kwalitatief goede plannen wil het kabinet een bijdrage
                            leveren via een innovatieprogramma voor de creatieve industrie en het
                            Fonds Economische Structuur Versterking (FES). Creatieve bedrijvigheid
                            blijft hiermee een actueel en belangrijk onderwerp. Nagegaan zal worden
                            wat dit programma (en andere programma’s) financieel kan betekenen voor
                            Zaanstad (in aansluiting op de financiële strategie).</al><al/><al>Florida heeft het in zijn publicaties over een “spiky world”<noot id="d11827e186"><noot.nr>3</noot.nr><noot.al><extref doc="http://www.whosyourcity.com/">www.whosyourcity.com</extref>; een algemene opvatting is
                                    dat het mondiale, economische speelveld (global playing field)
                                    “vlak” is geworden door de voortschrijdende technologie en dat
                                    innovatie daarom overal kan plaatsvinden. Richard Florida is
                                    echter van mening dat de wereld “puntig”is (spiky) is. Hij
                                    bedoelt daarmee dat er maar heel weinig regio’s en steden zijn
                                    op de wereld die er in economisch opzicht werkelijk toe doen en
                                    een mondiale drijvende kracht achter innovatie zijn. De “pieken”
                                    (van deze regio’s en steden) worden steeds hoger en de rest van
                                    de wereld “vlakt verder af”</noot.al></noot>. Hij onderschrijft de globalisering van markten, maar het unieke
                            karakter van de stad of regio is volgens hem bepalend. Economische
                            kracht, innovatie en creatief talent is geclusterd in een beperkt aantal
                            regio’s en steden (waaronder de regio Amsterdam). In deze gebieden is de
                            economische groei veel sterker dan in andere gebieden. </al><al/><al>Veel steden en regio’s hebben de afgelopen jaren op basis van de ideeën
                            van Florida een programma creatieve economie<noot id="d11827e197"><noot.nr>4</noot.nr><noot.al> De termen creatieve economie, creatieve industrie en
                                    creatieve bedrijvigheid worden in de praktijk door elkaar heen
                                    gebruikt. In voorliggende notitie zal zoveel mogelijk de term
                                    creatieve bedrijvigheid worden gebruikt.</noot.al></noot> opgesteld en noemen zich creatieve steden. Er zijn echter maar
                            enkele steden en regio’s in Nederland die – op basis van feiten -
                            daadwerkelijk dit predikaat kunnen voeren.. Dat zijn stedelijk regio’s
                            waarin de creatieve sector echt een deel van de economie vormt, waar
                            creatieve kenniswerkers wonen en werken, en waar de spin-off aantoonbaar
                            bijdraagt aan de lokale economie. De Amsterdamse regio – waar Zaanstad
                            onderdeel van uitmaakt - is één van de regio’s die voldoet aan deze uitgangspunten.<noot id="d11827e203"><noot.nr>5</noot.nr><noot.al> Concurrentiepositie Creatieve Industrie Noordvleugel,
                                    Onderzoek en Statistiek, 2008</noot.al></noot></al><al/><al>Tegen de achtergrond van het voorafgaande heeft het college van B&amp;W
                            van Zaanstad onderkend dat creativiteit een concurrentiefactor is
                            geworden voor steden en regio’s. Daarom is creatieve bedrijvigheid in
                            2007 (programmabegroting 2008-2011) tot één van de vier speerpunten van
                            het college benoemd om tot economische structuurversterking te komen. </al><al/><al>Het doel van het beleid creatieve bedrijvigheid is een bijdrage te
                            leveren aan duurzame economische structuurversterking en een verbetering
                            van de werkgelegenheid. Het college ziet creatieve bedrijvigheid als een
                            kansrijke en gewenste aanvulling op de Zaanse economische structuur. Met
                            de vestiging van creatieve en innovatieve ondernemingen kan de
                            economische structuur van Zaanstad en Zaanstreek zich vernieuwen en
                            verbreden. Daarmee zet Zaanstad een volgende stap op het pad naar
                            informatietechnologie en kenniseconomie.</al><al/><al>De beleidsontwikkeling rond creatieve bedrijvigheid in Zaanstad is
                            overigens al voor 2007<noot id="d11827e218"><noot.nr>6</noot.nr><noot.al>De aanzet voor de beleidsontwikkeling rond creatieve
                                    economie is feitelijk al voor 2006 – toen het college creatieve
                                    economie tot speerpunt benoemde - gegeven. Er zijn ondermeer
                                    diverse brainstormbijeenkomsten en workshops gehouden. Zo is er
                                    in 2003 tijdens de conferentie “Creativity and the city” bij
                                    opening van de Westergasfabriek in Amsterdam een workshop
                                    gehouden over Zaanstad (workshop “help the mayor”). De
                                    toenmalige burgemeester van Zaanstad liet zich adviseren door
                                    panels van experts over de vraag hoe Zaanstad een creatieve stad
                                    zou kunnen worden. De resultaten van de conferentie werden een
                                    maand later in Zaanstad gepresenteerd aan 125 genodigden uit het
                                    bedrijfsleven, het culturele en sociale leven. In oktober 2004
                                    verscheen het boekje “Zaanstad creatieve werkplaats”. Al eerder
                                    in 2002 is verder AanZet Bedrijfsfaciliteiten NV opgericht
                                    ondermeer om bedrijfsruimte voor creatieve bedrijven te
                                    realiseren.</noot.al></noot> gestart met de doelstelling in het kader van het Grote Steden
                            Beleid om in de periode 2005 tot en met 2009 jaarlijks 1.000 m2 extra
                            bedrijfsruimte te realiseren voor creatieve ondernemers. De
                            beleidsontwikkeling is een tijd lang gedragen door het Programma Parels
                            Rijgen waarvan de tussenrapportage recent is opgesteld. Ook binnen
                            ondermeer het cultuur- en kunstenbeleid is aandacht voor het beleid
                            creatieve bedrijvigheid (het cultuurbeleid zet ondermeer in op een
                            koppeling van creatief talent aan het bedrijfsleven). Verder is de
                            ontwikkeling van het Hembrugterrein gericht op huisvesting van creatieve
                            bedrijven. De beleidsvorming creatieve bedrijvigheid is vanaf het najaar
                            van 2008 binnen het beleidsveld economie getrokken. Creatieve
                            bedrijvigheid is daarbij nadrukkelijk een beleidsveld in
                            ontwikkeling.</al><al/><al>Het beleid creatieve bedrijvigheid heeft raakvlakken met diverse andere
                            beleidsterreinen zoals kunst-, cultuur- en monumentenbeleid, toerisme,
                            horeca- en evenementenbeleid en citymarketing maar ook met het woon- ,
                            onderwijs- en arbeidsmarktbeleid. Verder is er een belangrijke relatie
                            met twee andere economische speerpunten van het college: food en
                            toerisme. Gezien de breedheid van het onderwerp is afbakening gewenst en
                            dienen er keuzes te worden gemaakt. Voorliggende notitie beperkt zich
                            daarom tot die aspecten van de beleidsvorming creatieve bedrijvigheid
                            die binnen het economische beleid van Zaanstad vallen. Voor het bredere
                            veld wordt verwezen naar andere beleidsnotities zoals de woonvisie, het
                            horeca- en evenementenbeleid, het vastgoedbeleid en naar documenten over
                            het kunst- en cultuurbeleid en over citymarketing. </al><al/><al>Een belangrijk uitgangspunt van voorliggende notitie is dat Zaanstad een
                            wereld heeft te winnen door mee te liften op de ontwikkelingen in de
                            regio. Door gebundeld op te trekken met de steden binnen Creative Cities
                            Amsterdam Area (CCAA) kan Zaanstad profiteren van schaalvoordelen en
                            investeringen in de regio. Ook gezien de beperkte financiële armslag van
                            Zaanstad biedt dit samenwerkingsverband een belangrijke meerwaarde. In
                            het coalitieakkoord is samenwerking in de regio een belangrijk
                            onderwerp. Zaanstad wil aanhaken op de strategie waarbij de regio haar
                            concurrentiekracht in de kennisintensieve en creatieve dienstverlening
                            profileert. Dit om in te kunnen spelen op nieuwe groeimogelijkheden. De
                            sector creatieve bedrijvigheid is overigens binnen het Platform
                            Regionale Economische Structuur (PRES) op voordracht van de Kamer van
                            Koophandel benoemd als focussector.</al><al/><al>De beleidsnotitie Creatieve Bedrijvigheid Zaanstad loopt vooruit (maar
                            is afgestemd) op het proces rond de economische structuurvisie waarin de
                            uitgangspunten voor het beleid rond creatieve bedrijvigheid meer
                            uitputtend aan de orde kunnen komen. </al><al/><al>Het doel van voorliggende beleidsnotitie is kader en helderheid te
                            bieden, af te bakenen en richting te geven aan de verdere
                            beleidsontwikkeling. Het tot nu toe gevoerde beleid kende een ad-hoc en
                            projectmatig karakter en de uitvoering ervan was versnipperd binnen de
                            organisatie. Ook ontbrak een beleidskader waarbinnen alle maatregelen en
                            al ingezette instrumenten konden worden geplaatst. Zaanstad is daarin
                            overigens niet uniek. De eerder genoemde evaluatie van het rijk
                            constateert dat er in diverse grote steden aandacht is voor het
                            stimuleren van de creatieve bedrijvigheid. Maar dat dit nog redelijk
                            versnipperd gebeurt. Het ontbreekt volgens het rijk aan uitwisseling van
                            ervaringen en kennis en aan coördinatie. In de noordvleugel van de
                            Randstad is met dit laatste in CCAA-verband overigens al een start
                            gemaakt.</al><al/><al>De beleidsnotitie creatieve bedrijvigheid zal dienen als onderbouwing
                            voor het de komende jaren nog verder uit te werken programma creatieve
                            bedrijvigheid waarmee in deze notitie al een relatie wordt gelegd (met
                            name in hoofdstuk 5, waar een aantal aanbevelingen wordt gedaan).
                            Daarbij gaat het ondermeer om het aanboren van externe financiering (in
                            het kader van de financiële strategie) om de beleidsdoelstellingen te
                            kunnen realiseren. </al><al/><al>Uitgangspunt bij het beleid creatieve bedrijvigheid is dat de lokale
                            overheid vooral een regisserende en faciliterende rol heeft en zorgt
                            voor de juiste randvoorwaarden en ondersteuning. Creatieve bedrijvigheid
                            laat zich overigens moeilijk plannen en vraagt van de lokale overheid
                            een andere rol dan de traditionele sturende rol. Het gaat veel meer om
                            meebewegen en tijdig kansen benutten. Creatieve bedrijvigheid wordt niet
                            gemaakt, hoogstens gestimuleerd door “van de dynamiek” gebruik te maken.
                            Meebewegen vraagt nieuwe vaardigheden en strategieën van bestuurders en
                            ambtenaren en open staan voor participatie van derden en anticiperen op
                            kansen. </al><al/><al>De Kamer van Koophandel, AanZet Bedrijfsfaciliteiten NV, Bureau
                            Broedplaatsen van de Gemeente Amsterdam, CCAA, creatieve ondernemers en
                            andere partijen hebben input geleverd en als klankbord gefungeerd bij de
                            voorbereiding van de notitie. Verder is de Zaanse Economische Raad
                            betrokken bij de beleidsformulering. Om de gemeente Zaanstad te
                            ondersteunen bij de ontwikkeling van het beleid creatieve bedrijvigheid
                            is onderzocht of er naast de Creative Board CCAA (zie bijlage 3) een
                            Zaanse Creative Board (ZCB) kan worden ingesteld (passend binnen de lijn
                            van de Zaanse Economische Raad met afzonderlijke stuurgroepen voor de
                            drie speerpunten food, toerisme en creatieve economie). De installatie
                            van de ZCB is in voorbereiding.</al><al/><al><cursief>Inspraakreacties</cursief></al><al>De concept-beleidsnotitie creatieve bedrijvigheid is door het college
                            van B&amp;W eerder dit jaar vrijgegeven voor inspraak. De notitie is
                            vervolgens voorgelegd aan de volgende partijen:</al><lijst><li nr="·"><al>Zaanse Economische Raad (waarin zijn vertegenwoordigd: gemeente
                                    Oostzaan, gemeente Wormerland, OZ, MKB, Kamer van Koophandel,
                                    onderwijsinstellingen)</al></li><li nr="·"><al>AanZet Bedrijfsfaciliteiten NV</al></li><li nr="·"><al>Rijks Vastgoed en Ontwikkelingsbedrijf (inzake het
                                    Hembrugterrein)</al></li><li nr="·"><al>Zaanse Creative Board i.o. (vertegenwoordigers van de creatieve
                                    sector)</al></li><li nr="·"><al>samenwerkingsverband Creative Cities Amsterdam Area</al></li><li nr="·"><al>individuele creatieve ondernemers</al></li></lijst><al/><al>De betrokken partijen onderschrijven het gedachtegoed van de notitie en
                            onderstrepen het belang van lokaal en regionaal beleid om de sector
                            creatieve bedrijvigheid te stimuleren. De op- en aanmerkingen van
                            genoemde partijen zijn verwerkt in de beleidsnotitie. Verder zullen zij
                            worden betrokken bij het uitvoeringsprogramma Creatieve Bedrijvigheid. </al><al/><al>Hierna volgt een kleine bloemlezing uit de reacties. De Kamer van
                            Koophandel ziet in de creatieve sector één van de troefkaarten van de
                            regionale economie. De Zaanstreek heeft voor deze sector – volgens de
                            Kamer - goede vestigingsmilieus in huis en het is dus een regionaal
                            economisch belang om deze milieus beschikbaar te maken voor de doelgroep
                            en ook de overige voor deze doelgroep relevante vestigingsvoorwaarden op
                            orde te brengen. </al><al/><al>Aanzet bedrijfsfaciliteiten NV wil graag op basis van haar expertise met
                            de gemeente van gedachten wisselen over hoe randvoorwaarden te scheppen
                            om de creatieve sector verder uit te bouwen. Het Rijksvastgoed- en
                            Ontwikkelingsbedrijf (RVOB) is verheugd over de plaats die de
                            herontwikkeling van het Hembrugterrein inneemt in relatie tot de
                            beleidsdoelstellingen voor creatieve bedrijvigheid. Het RVOB constateert
                            verder dat diverse creatieve bedrijven “de oversteek willen maken van
                            Amsterdam en Zaanstad” en ziet een rol voor de gemeente om het
                            Hembrugterrein onder de aandacht te brengen van creatieve bedrijven.
                            Leden van de Zaanse Creative Board i.o. en individuele ondernemers geven
                            aan dat Zaanstad nog meer aan een verbetering van haar imago en
                            naamsbekendheid zou kunnen werken. Een spraakmakend project op een
                            bijzondere locatie en regionaal en (inter)nationaal uitdragen en
                            verbeelden van het Zaanse verhaal kunnen eraan bijdragen om creatieve
                            bedrijven naar de Zaanstreek te trekken.</al><al/><al>Naast een aanpassing van de beleidsnotitie creatieve bedrijvigheid aan
                            de hand van de inspraakreacties is de notitie op een aantal punten
                            geactualiseerd op basis van recente ontwikkelingen en publicaties.</al><al/><al><cursief>Leeswijzer</cursief></al><al>Hoofdstuk 2 geeft een definitie van creatieve bedrijvigheid en een
                            overzicht van de deelgebieden binnen deze sector. Verder bevat het
                            hoofdstuk een schets van de creatieve economie in de regio, de
                            ontwikkelingen ervan in Zaanstad en kansen en knelpunten voor vestiging
                            van creatieve bedrijven in Zaanstad. Hoofdstuk 3 biedt een terugblik op
                            de beleidsontwikkeling creatieve bedrijvigheid tot nu toe en op de
                            maatregelen die al zijn genomen. Het daarop volgende hoofdstuk 4 gaat in
                            op de beleidsdoelen voor creatieve bedrijvigheid, er wordt meer richting
                            en focus aangebracht en de maatregelen, die nog in ontwikkeling en in
                            voorbereiding zijn, komen aan de orde. Dit hoofdstuk maakt een begin met
                            een uitvoeringsprogramma creatieve bedrijvigheid. Dit
                            uitvoeringsprogramma dient nog verder te worden uitgewerkt naar
                            jaarschijven met SMART-geformuleerde doelen op basis van de
                            uitgangspunten in voorliggende notitie. Hierbij zullen uitdrukkelijk
                            dwarsverbanden met het cultuurbeleid worden gezocht.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>2. Creatieve bedrijvigheid verbindt economie en cultuur </label></kop><structuurtekst><al>Er zijn mondiaal maar ook in Nederland diverse definities in omloop voor
                            creatieve bedrijvigheid. CCAA definieert - in navolging van TNO (zie
                            bijlage 1) - creatieve bedrijvigheid als “een specifieke vorm van
                            bedrijvigheid die producten en diensten voortbrengt die het resultaat
                            zijn van individuele of collectieve creatieve arbeid en ondernemerschap.
                            Inhoud en symboliek zijn de belangrijkste elementen van deze producten
                            en diensten”. Binnen de creatieve bedrijvigheid onderscheidt CCAA drie
                            deelgebieden. Alleen in Zaanstad is het deelgebied ambachten toegevoegd
                            vanwege het belang van de ambachtsector in de Zaanstreek. De sector
                            wordt overigens gekenmerkt door kleinschaligheid. De volgende
                            deelgebieden worden onderscheiden:</al><lijst><li nr="o"><al>kunsten (podiumkunsten, musea, galeries)</al></li><li nr="o"><al>media en entertainment (uitgeverijen, radio en televisie)</al></li><li nr="o"><al>creatieve zakelijke dienstverlening (reclame, vormgeving en
                                    mode)</al></li><li nr="o"><al>ambachten<noot id="d11827e310"><noot.nr>7</noot.nr><noot.al>Vanwege het belang van de ambachtssector –
                                            ondermeer in de meubelindustrie – hanteert Zaanstad een
                                            ruimere definitie dan de andere zes steden in Creative
                                            Cities Amsterdam Area – zie bijlage 1.</noot.al></noot> (alleen in Zaanstad !)</al></li></lijst><al/><al>Creatieve bedrijvigheid heeft zowel betrekking op de sector cultuur als
                            op de sector economie die traditioneel beleidsmatig gescheiden werelden
                            vormen. Binnen de culturele sector en het reguliere bedrijfsleven
                            beweegt men zich vooral binnen de eigen netwerken. Contact met de
                            overheid vindt plaats via eigen kanalen. Een belangrijke verdienste van
                            de beleidsaandacht voor creatieve bedrijvigheid is dat deze traditionele
                            structuur deels is doorbroken. Het gezamenlijk belang is onderkend. Met
                            name voor de culturele hoek van de creatieve sector levert dit nieuwe
                            perspectieven op. Zij wordt nu serieus genomen als sector met
                            economische potentie.</al></structuurtekst><paragraaf><kop><label>2.1 Creatieve bedrijvigheid is geconcentreerd in Creative Cities Amsterdam Area </label></kop><structuurtekst><al>De creatieve industrie levert een directe bijdrage aan onze economie<noot id="d11827e326"><noot.nr>8</noot.nr><noot.al>Beleidsbrief Cultuur en Economie “Waarde van Creatie”
                                        2009</noot.al></noot>: de creatieve sectoren dragen rechtstreeks bij aan onze
                                welvaartsgroei en verschaffen substantiële werkgelegenheid. De
                                toegevoegde waarde van de creatieve industrie wordt geschat op 16,9
                                miljard euro 3. Dat is ruim 3 procent van het bruto binnenlands
                                product (BBP). De jaarlijkse export wordt geschat op 7 miljard
                                dollar, wat neerkomt op ongeveer 1,7 procent van de totale
                                Nederlandse export. De werkgelegenheid in de creatieve industrie
                                bedroeg in 2008 ongeveer 261.000 banen. Dat is ruim 3 procent van de
                                totale werkgelegenheid van Nederland. De werkgelegenheid in de
                                creatieve sectoren groeide tussen 2004 en 2007 ook nog eens sterker
                                dan de totale werkgelegenheid. Met maar liefst 6 procent zat deze
                                ruim boven de gemiddelde totale werkgelegenheidsgroei van 3 procent.
                                Deze trend doet zich niet alleen in Nederland voor. Een recent
                                rapport van de Verenigde Naties laat zien dat wereldwijd sprake is
                                geweest van groei en dat meer groei wordt verwacht. Daarbij moet wel
                                worden aangetekend dat de economische crisis ook de creatieve
                                industrie raakt. De gevolgen van de crisis zijn duidelijk merkbaar,
                                maar verschillen per subsector van de creatieve industrie.</al><al/><al>De Nederlandse creatieve bedrijvigheid is geconcentreerd in de
                                noordvleugel van de Randstad (meer dan 40% van de creatieve
                                industrie in Nederland) en binnen de noordvleugel is eveneens sprake
                                van concentratie, namelijk in de zeven steden die Creative City
                                Amsterdam Area vormen (en daarnaast in plaatsen als Aalsmeer en
                                Hoofddorp). Bijna 1 op de 9 bedrijven in de Noordvleugel is een
                                creatief bedrijf. </al><al/><al>Het aandeel creatieve banen ten opzichte van het totale aantal banen
                                in Amsterdam en in de Noordvleugel is hoger dan in de rest van
                                Nederland. Ca. 7 % van het totale aantal werkzame personen in
                                Amsterdam en iets meer dan 5 % van het totale aantal werkzame
                                personen in de Noordvleugel is werkzaam in de creatieve industrie. </al><al/><al>In Nederland is dit aandeel ongeveer 3 %. Het aantal vestigingen in
                                de creatieve industrie is in 2008 in de Noordvleugel met 9%
                                toegenomen. Dit resulteerde in ruim 26.000 vestigingen. Dit komt
                                neer op ruim 10 % van het totale aantal vestigingen in deze regio. </al><al/><al>Het aantal werkzame personen in de creatieve industrie is in de
                                Noordvleugel tussen 2007 en 2008 gegroeid met 4%. Deze groei was
                                niet in alle steden even groot. Terwijl de werkgelegenheid in
                                Almere, Utrecht, Zaanstad (Zaanstad staat op de derde plaats qua
                                groei, boven Amsterdam) en Amsterdam toenam, daalde deze
                                bijvoorbeeld licht in Haarlem en fors in Amersfoort. </al><al>De toegevoegde waarde<noot id="d11827e346"><noot.nr>9</noot.nr><noot.al>Het belang van de creatieve industrie is ook aangetoond
                                        op basis van toegevoegde waarde die door de sector wordt
                                        gerealiseerd. De toegevoegde waarde is een maatstaf voor de
                                        omvang van de productie. Als je de toegevoegde waarde van
                                        alle bedrijven en de overheid in een land bij elkaar optelt,
                                        krijg je het binnenlands product. De toegevoegde waarde is
                                        gelijk aan de totaal gerealiseerde omzet verminderd met de
                                        kosten voor grondstoffen en halffabricaten. De toegevoegde
                                        waarde wordt besteed aan loon en kapitaal (uitkeringen aan
                                        aandeelhouders en rente op geleend kapitaal). Er zijn geen
                                        recentere cijfers.</noot.al></noot> van de creatieve industrie in de Noordvleugel bedraagt ruim
                                3.500 miljoen euro in 2007. Dit is ongeveer 3 % van de totale
                                toegevoegde waarde in 2007 in de Noordvleugel. Voor heel Nederland
                                ligt dit aandeel in 2007 bijna 2 %, ofwel ruim 9.000 miljoen
                                euro.</al><al/><al>Concurrentie met andere regio’s in Europa wordt steeds belangrijker
                                en de verschillen tussen de regio’s worden steeds kleiner. Dit heeft
                                invloed op de vestigingskeuze van creatieve bedrijven en daarmee
                                samenhangend van creatief talent. Want al kent de noordvleugel een
                                lange traditie van clustering en inbedding van de creatieve
                                bedrijvigheid, de regio is niet vanzelfsprekend dé vestigingslocatie
                                voor creatieve clusters in Europa. Ook regio’s in Noord-Europa
                                (rondom Stockholm, Kopenhagen en Helsinki) en de stedelijke regio’s
                                rondom Barcelona, Praag en Boedapest zijn belangrijke alternatieve
                                locaties voor creatieve bedrijven en talent. </al><al/><al>Tegen deze achtergrond is CCAA opgericht (zie ook hoofdstuk 3) om de
                                creatieve bedrijvigheid in de zeven steden in de noordvleugel –
                                waaronder Zaanstad - te versterken en te stimuleren. Het is een
                                samenwerkingsverband tussen die zeven creatieve steden in de regio,
                                drie provincies, de Kamer van Koophandel en drie ontwikkelingsmaatschappijen.<noot id="d11827e359"><noot.nr>10</noot.nr><noot.al>Zeven steden, drie provincies, ministerie van
                                        Economische Zaken, drie ontwikkelingsmaatschappijen, Kamer
                                        van Koophandel – zie bijlage 3 voor een overzicht.</noot.al></noot></al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>2.2 Creatieve bedrijvigheid in Zaanstad groeit maar inhaalslag is nodig </label></kop><structuurtekst><al><cursief>Creatieve bedrijvigheid neemt toe</cursief></al><al>De creatieve sector is ook in de Zaanstad een groeisector. Ten
                                opzichte van de totale werkgelegen-heid is de werkgelegenheid in
                                deze sector de afgelopen jaren relatief flink gestegen. In 2007 zijn
                                er 1.555 banen en 548 vestigingen in de creatieve bedrijvigheid
                                (exclusief ambachten) in Zaanstad. In 2008 is het aantal banen
                                toegenomen tot 1670 en het aantal vestigingen tot 613. Het gaat
                                daarbij om relatief kleine bedrijven, met gemiddeld ruim 2,5 baan
                                per vestiging. De belangrijkste deelsector in 2007 en 2008 in
                                Zaanstad is de creatieve zakelijke dienstverlening met een omvang
                                van meer dan 50%.</al><al/><al>In Zaanstad nam de toegevoegde waarde tussen 2005 en 2007 in de
                                creatieve industrie overigens (4,7 %) sneller toe dan de totale
                                toegevoegde waarde (1 %). In 2007 was de toegevoegde waarde in de
                                creatieve industrie 59 miljoen euro terwijl de totale toegevoegde
                                waarde 3703 miljoen euro was.</al><al/><al><cursief>Nieuwe en Zaanse creatieve bedrijven verrijken de
                                    stad</cursief></al><al>De vestiging in Zaanstad van creatieve ondernemers die van buiten
                                komen (ondermeer overloop vanuit Amsterdam) begint zichtbaar te
                                worden. Dat heeft ondermeer te maken met de inzet van het
                                gemeentelijke beleid om zowel karakteristieke panden als hun
                                werkfunctie te behouden. Bij de ontwikkeling van met name de
                                Verkadefabriek en de Adelaar is een onconventionele aanpak zeker een
                                succesfactor geweest. </al><al/><al>Eén en ander heeft ondermeer geleid tot de vestiging van creatieve
                                bedrijven als modebedrijf Vanilia in de Adelaar, spellenproducent
                                Jumbo in de voormalige Verkadefabriek, Stichting Vrij Glas
                                (internationale groep van samenwerkende glaskunstenaars) op het
                                Hembrugterrein en de stichting Gedachtengoederen (een collectief van
                                tien creatieve ondernemers en kunstenaars) in de Slachthuisbuurt.
                                Een ander voorbeeld van creatieven die naar Zaanstad trekken is de
                                tijdelijke vestiging van jonge ontwerpers in de voormalige Dr.
                                Oetkerfabriek. Ook in gebouw de Drieling (door AanZet
                                Bedrijfsfaciliteiten NV aangekocht mede met ondersteuning door de
                                gemeente) zijn diverse creatieve bedrijven gevestigd (zowel
                                afkomstig uit Zaanstad als van elders) zoals meubelontwerp,
                                decorbouw, standbouw, grafisch ontwerp, fotostudio, componeren van
                                muziek. In de bedrijfsverzamelgebouwen De Bedrijvige Bij (Koog aan
                                de Zaan) en de Grote Visser (Krommenie) zijn tevens diverse
                                creatieve bedrijven gevestigd. Een ander voorbeeld van een creatief
                                bedrijf is de Dutch School of Magic: in Assendelft is recent door
                                voormalige wereldkampioen Ger Copper een school voor goochelaars,
                                illusionisten en andere manipulatiekunstenaars opgericht.</al><al/><al>Naast nieuwe bedrijven die van buiten komen en zich in de Zaanstreek
                                vestigen zijn er ook tal van creatieve Zaanse bedrijven. Een bekend
                                voorbeeld is de ontwerper Piet Boon uit Oostzaan (zie bijlage 3).
                                Een ander voorbeeld is het bedrijf Floramedia (visuele communicatie
                                voor de groene markt, onderdeel van Mercurius) in de voormalige
                                Verkadefabriek.</al><al/><al>Behoudens permanente of tijdelijke vestiging van creatieve bedrijven
                                is ook een andere beweging zichtbaar: creatieve bedrijven uit de
                                media hebben de Zaanstreek ontdekt als interessante locatie voor
                                film en TV-producties. </al></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>2.3 Er zijn kansen maar ook knelpunten voor vestiging creatieve bedrijven in Zaanstad </label></kop><structuurtekst><al><cursief>Zaanstad/Zaanstreek: interessante
                                    vestigingslocaties</cursief></al><al>Hiervoor is aan de orde gekomen dat het aantal creatieve bedrijven
                                in Zaanstad begint te groeien<noot id="d11827e403"><noot.nr>11</noot.nr><noot.al>Bron: “Ontwikkeling creatieve industrie in de
                                        noordvleugel”, Onderzoek en Statistiek juni 2008.</noot.al></noot> maar minder dan in de rest van de regio. Dit geeft
                                aanleiding tot een inhaalslag. Vooral omdat er kansen liggen om de
                                positie van Zaanstad als vestigingsplaats voor creatieve bedrijven
                                verder te versterken en daarmee te komen tot de gewenste
                                differentiatie van de economische structuur. Een belangrijke kans is
                                de directe nabijheid van Amsterdam. Van de zes andere creatieve
                                steden van CCAA, ligt Zaanstad het dichtste bij de hoofdstad. De
                                grondgebieden van Zaanstad en Amsterdam raken elkaar zelfs (bij de
                                Noorder IJ-plas). De noordkant van het IJ wordt steeds meer als één
                                gebied gezien, als een topvestigings-locatie voor creatieve
                                bedrijven in de noordvleugel van de Randstad. Met de
                                (her)ontwikkeling van nieuwe woon-werkmilieus in het Oostelijk
                                Havengebied van Amsterdam en meer recentelijk op de Noordelijke IJ
                                oever verschuift het concentratiepunt van de creatieve industrie
                                meer richting Zaanstad (denk bijvoorbeeld aan de ontwikkeling van de
                                NDSM-werf). Het industriële erfgoed (o.a. op het Hembrugterrein), de
                                betaalbare locaties, het water en het groene veenweidegebied van
                                Zaanstad zijn een kans voor het aantrekken van creatieve
                                bedrijvigheid.</al><al/><al>Een tweede kans is dat Amsterdam steeds duurder wordt voor creatieve
                                bedrijvigheid (bron: CCAA), en dan vooral voor de startende
                                bedrijven. Als gevolg van stedelijke herstructurering en de druk
                                vanuit het wonen, worden de huisvestingsmogelijkheden voor creatieve
                                bedrijven schaars en duur. </al><al>Dit laatste is overigens nog eens bevestigd in een recent onderzoek
                                van TNS NIPO naar de Zaanstreek (februari 2009). </al><al/><al>Omdat Zaanstad aan Amsterdam grenst, relatief goedkoop is en
                                beschikt over een brede waaier aan potentieel geschikte,
                                karakteristieke gebouwen is Zaanstad een geschikte vestigingsplaats
                                voor creatieve bedrijven<noot id="d11827e417"><noot.nr>12</noot.nr><noot.al>Creatieve bedrijven vestigen zich graag in
                                        karakteristieke en betaalbare panden. Bron: Cities and the
                                        creative class. Richard Florida. 2005</noot.al></noot> die geen ruimte meer kunnen vinden in Amsterdam. Dit laatste
                                is nog eens onderstreept door het eerder genoemde onderzoek van TNS
                                NIPO. </al><al>Hierin bevestigen creatieve ondernemers dat zij zich graag in
                                Amsterdam willen vestigen, maar bij gebrek aan ruimte in de
                                hoofdstad ook de regio Amsterdam en daarbinnen de Zaanstreek een
                                interessante vestigingslocatie vinden. </al><al/><al><cursief>Huisvesting</cursief></al><al>Een knelpunt is dat er op dit moment ook in Zaanstad een schaarste
                                is aan huisvestingsmogelijkheden. Er zijn weinig geschikte panden
                                leeg en direct beschikbaar voor creatieve bedrijven. Een verschil
                                met Amsterdam is dat er wel panden “in de pijplijn zitten” die op de
                                kortere of langere termijn (bijvoorbeeld op het Hembrugterrein)
                                beschikbaar komen en naar verwachting betaalbaar zullen zijn voor
                                creatieve bedrijven.</al><al/><al>Een aandachtspunt daarbij is dat de gemeente Zaanstad slechts een
                                beperkt aantal geschikte panden<noot id="d11827e435"><noot.nr>13</noot.nr><noot.al>Onderzocht wordt of het voormalige schoolgebouw aan de
                                        Tuinstraat 27 in Zaandijk (lijst karakteristieke panden) een
                                        functie zou kunnen krijgen als
                                        broedplaats/bedrijfsverzamelgebouw voor creatieve
                                        bedrijven/culturele instellingen</noot.al></noot> in bezit heeft en vaak afhankelijk is van private eigenaren
                                van gebouwen. Zelf aankopen en beheren van panden past niet bij de
                                rol van een terugtredende overheid en vormt gezien de lastige
                                financiële positie van Zaanstad ook geen optie. De lokale overheid
                                heeft bij het scheppen van ruimte tenslotte vooral een aanjagende en
                                faciliterende rol en richt zich op het scheppen van randvoorwaarden.
                                Tegen deze achtergrond wordt een stimuleringsregeling opgezet voor
                                eigenaren en huurders van panden (zie ook hoofdstuk 3 en 4). </al><al/><al>Spoedig realiseren van een aanbod aan betaalbare bedrijfruimte en
                                broedplaatsen om de overloop van creatieve bedrijven uit Amsterdam
                                te faciliteren (zowel permanente als tijdelijke bedrijfsruimte).
                                Bedrijfsruimte is dé sleutel voor vestiging van creatieve bedrijven.
                                Woonwerkruimten zijn overigens ook van belang. </al><al/><al>De creatieve sector is vaak kleinschalig en soms ambachtelijk en
                                heeft belangstelling voor panden en plekken die door het reguliere
                                bedrijfsleven minder op prijs worden gesteld. In het bijzonder kan
                                daarbij worden gedacht aan leegstaande panden (binnen
                                milieucontouren). Met een solide invulling voor deze ‘moeilijke’
                                plekken is ook de ruimtelijke kwaliteit op een economisch
                                verantwoorde wijze gediend.</al><al/><al>Het Hembrugterrein is een bijzonder aantrekkelijke plek voor
                                creatieve bedrijven. Diverse bedrijven van binnen maar ook met name
                                van buiten de Zaanstreek hebben zich bij de gemeente Zaanstad gemeld
                                met plannen (ondermeer voor een hotel) voor vestiging op het
                                Hembrugterrein. </al><al/><al>In 2007 is een (niet vastgestelde) visie<noot id="d11827e453"><noot.nr>14</noot.nr><noot.al>‘Ondernemend Bolwerk Hembrug’, december 2007 is met
                                        waardering ontvangen door het college van B&amp;W en de
                                        gemeenteraad van Zaanstad maar is formeel niet
                                        vastgesteld.</noot.al></noot> uitgewerkt voor het terrein met een planhorizon tot 2040 en
                                strategische doelen voor de lange termijn:</al><lijst><li nr="·"><al>bevorderen economische bedrijvigheid (met name creatieve
                                        sector);</al></li><li nr="·"><al>ontwikkeling toeristische en recreatieve functies;</al></li><li nr="·"><al>behoud industrieel erfgoed (gebouwen);</al></li><li nr="·"><al>toepassing duurzaamheid;</al></li><li nr="·"><al>inpassing van terrein binnen de ontwikkeling van de
                                        Metropool Amsterdam.</al></li></lijst><al/><al>De huidige crisis biedt kansen voor huisvesting van creatieve
                                bedrijven. Eigenaren van vastgoed wachten langer voordat zij gaan
                                ontwikkelen. Dit biedt mogelijkheden voor tijdelijk gebruik door
                                creatieve bedrijven. </al><al/><al>Ook de modernisering van het monumentenbeleid biedt kansen op het
                                gebied van huisvesting. Op dit moment wordt onderzocht hoe Zaanstad
                                optimaal voordeel kan behalen bij de vernieuwing van het beleid door
                                het Rijk.</al><al/><al><cursief>Ambachtelijke maakbedrijven</cursief></al><al>Naast de eerder genoemde factoren bieden de industriële geschiedenis
                                van de Zaanstreek en de economische structuur (sterke clusters in
                                food- en maakindustrie, nog veel ambachtelijke bedrijven) kansen.
                                Juist in de Zaanstreek vind je nog allerlei (ambachtelijke)
                                maakbedrijven (metaal, metalectro, papier, kunststof) waar creatieve
                                ontwerpers en kunstenaars hun producten kunnen laten vervaardigen<noot id="d11827e488"><noot.nr>15</noot.nr><noot.al>Bron: jonge ontwerpers in de voormalige Dr.
                                        Oetkerfabriek.</noot.al></noot>. Een voorbeeld van samenwerking tussen ontwerpers en
                                gevestigde bedrijven zijn de contacten tussen Forbo en de Design
                                Academy uit Eindhoven. </al><al/><al><cursief>Opleidingen</cursief></al><al>De kwaliteit van het onderwijsaanbod en het opleidingsniveau is een
                                belangrijke vestigingsfactor voor creatieve bedrijven. Een knelpunt
                                hierbij is dat het opleidingsaanbod in de Zaanstreek eenzijdig is.
                                Zo zijn er geen HBO-opleidingen gevestigd. </al><al/><al>Om het opleidingsaanbod te verbeteren, zijn plannen in ontwikkeling
                                voor een Maaklaboratorium (gekoppeld aan onderwijs). Dit project is
                                belangrijk voor gewenste cross-overs tussen creatieve bedrijvigheid
                                en de maakindustrie (zie hoofdstuk 4). In een Maaklaboratorium
                                kunnen ondermeer prototypes worden vervaardigd (rapid prototyping)
                                en getest. </al><al/><al>Een ander project is het House of Food. Dit is een Food Laboratorium
                                voor microbiologisch onderzoek in opdracht van vooral het MKB. Dit
                                laboratorium is gekoppeld aan het onderwijs en aan een innovatie
                                studio om - in een samenwerkingsverband tussen kennisspecialisten en
                                het bedrijfsleven - processen en producten te verbeteren en nieuwe
                                productconcepten te ontwikkelen. Hierbij gaat het om een crossover
                                tussen creatieve bedrijven en de Food-industrie (zie hoofdstuk 4). </al><al/><al>Op het Hembrugterrein is verder Tetrix gevestigd een
                                opleidingsinstituut voor de metaal- en electrobranche. Dit instituut
                                is belangrijk voor de kansrijke cross-overs tussen creatieve
                                bedrijvigheid en de maakindustrie (zie hoofdstuk 4). </al><al/><al>In regionaal verband wordt ingezet op een top-ontwerp-opleiding in
                                de metropool Amsterdam. Het Hembrugterrein zou daarvoor een
                                prachtige locatie kunnen zijn (in aansluiting op de plannen voor een
                                creatief bolwerk).</al><al/><al><cursief>Woonklimaat</cursief></al><al>Door het vestigingsklimaat voor creatieve bedrijven verder te
                                verbeteren en een aantrekkelijk woonklimaat te bieden kan Zaanstad
                                profiteren van haar gunstige ligging. </al><al>Creatieve bedrijven vestigen zich daar waar creatieve werknemers en
                                ondernemers willen wonen en werken<noot id="d11827e521"><noot.nr>16</noot.nr><noot.al>Bron: Cities and the creative class. Richard Florida.
                                        2005.</noot.al></noot>. Diversiteit en lifestyle spelen vaak een minstens zo
                                belangrijke rol als meer traditionele vestigingsfactoren als
                                bereikbaarheid. Creatieven hebben een voorkeur voor stedelijke
                                gebieden met culturele trekpleisters en informele
                                ontmoetingsplaatsen, bijvoorbeeld in de horeca. Met de creatieve
                                sector komt er meer draagvlak voor horeca en cultuur. Een rijker
                                voorzieningenaanbod is in het belang van de Zaankanter en maakt de
                                Zaanstreek in regionaal perspectief aantrekkelijk voor de
                                woningzoeker. </al><al/><al>Er begint ontwikkeling te komen in de kwaliteit van de horeca in
                                Zaanstad. Maar hier moet de komende jaren nog wel een inhaalslag
                                worden gemaakt want het aanbod is nu nog wat schraal. Voldoende
                                aandacht voor het cultuur- en evenementenbeleid is van belang (een
                                aantrekkelijk evenement als de Smaakexplosie is daarvan een
                                voorbeeld). Het is essentieel dat het cultuur- en evenementenbeleid
                                op peil wordt gehouden (met voldoende middelen) en waar mogelijk
                                verder wordt uitgebreid. </al><al/><al>Nog betere verbindingen met Amsterdam (bijvoorbeeld door een
                                nachttrein en bootverbindingen) kunnen een stimulans zijn voor
                                creatieve bedrijven om zich te vestigen in Zaanstad. De
                                bereikbaarheid van het Hembrugterrein kan bijvoorbeeld worden
                                verbeterd. Ook fietsverbindingen (de verbindingen met Amsterdam
                                Noord zijn niet optimaal) zijn van belang. Daarnaast vergt digitale
                                bereikbaarheid (Breednet) de aandacht. </al></structuurtekst></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>3. Beleid in ontwikkeling en nog niet vastgelegd </label></kop><structuurtekst><al>De afgelopen periode is beleid ontwikkeld voor creatieve bedrijvigheid.
                            Dit beleid is – zoals eerder aangegeven - nog niet verankerd in een
                            beleidskader waarbinnen alle maatregelen en beleidsinstrumenten voor
                            creatieve bedrijvigheid kunnen worden geplaatst. Voorliggende notitie
                            biedt dit kader. </al><al/><al>Het beleid creatieve bedrijvigheid is vanaf 2005 vooral gedragen door
                            Parels Rijgen en het grotestedenbeleid. In het kader van het
                            grotestedenbeleid werd de volgende beleidsdoelstelling geformuleerd:
                            jaarlijks toevoegen van 1000 m2 vloeroppervlak bedrijfsruimte voor
                            creatieve ondernemers (periode 2005-2009). Deze doelstelling is
                            overigens ruimschoots gerealiseerd (zie tabel 1).</al><al/><table><tgroup cols="2"><colspec colname="col1" colwidth="40*"/><colspec colname="col2" colwidth="60*"/><tbody><row><entry colname="col1" nameend="col2" namest="col1"><al>Tabel. 1 Jaarlijkse toename van vloeroppervlak voor
                                                creatieve ondernemers</al><al> (uit monitor ZMOP)</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>Jaar</al></entry><entry colname="col2"><al>Totaal oppervlakte in m2</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2005</al></entry><entry colname="col2"><al>82.150</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2006</al></entry><entry colname="col2"><al>94.145</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2007</al></entry><entry colname="col2"><al>98.398</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2008</al></entry><entry colname="col2"><al>95.610</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al>Om het beleid creatieve bedrijvigheid te realiseren, is de afgelopen
                            jaren een viertal maatregelen genomen: </al><lijst><li nr="o"><al>Financiële stimuleringsregelingen</al></li><li nr="o"><al>Bedrijfruimte/broedplaatsen</al></li><li nr="o"><al>Regionale samenwerking</al></li><li nr="o"><al>Netwerkvorming </al></li></lijst><al/><al>Hierna volgt een globale beschrijving van de tot nu toe ingezette
                            instrumenten. Voor een meer uitputtende beschrijving van het tot nu toe
                            gevoerde beleid rond creatieve bedrijvigheid wordt ondermeer verwezen
                            naar de eindrapportage Parels Rijgen.</al><al/><al><vet>Maatregel I. Financiële stimuleringsregelingen</vet></al><al>De gemeente heeft de volgende maatregelen ingezet om innovatieve en
                            creatieve bedrijven te ondersteunen.:</al><lijst><li nr="o"><al>Subsidieregeling creatieve starters (inmiddels afgerond) </al></li><li nr="o"><al>Stimulering Innovatie Ondernemers: (zie hoofdstuk 4)</al></li><li nr="o"><al>Investeringsregeling creatieve bedrijven: een regeling (in
                                    ontwikkeling) waarvan pandeigenaren en huurders binnen de
                                    creatieve sector gebruik kunnen maken (zie verder hoofdstuk 4 en
                                    bijlage 4).</al></li></lijst><al/><al><vet>Maatregel II. Bedrijfsruimte/broedplaatsen</vet></al><al>Om te bevorderen dat er meer bedrijfsruimte en broedplaatsen beschikbaar
                            komt, heeft de gemeente de volgende maatregelen ingezet.</al><al/><al><cursief>Industrieel erfgoed en karakteristieke panden</cursief></al><al>Zaanstad zet in op behoud van de werkfunctie voor het industriële
                            erfgoed en andere niet-monumentale karakteristieke panden. In 2005 was
                            daarvoor al het beleid “Parels Rijgen” ingezet. </al><al/><al>In 2006 is een extra beleidsregel in het vrijstellingenbeleid opgenomen
                            waarmee de werkfunctie van bijzondere en karakteristieke bedrijfspanden
                            wordt beschermd en behouden. De beleidsregel heeft betrekking op een
                            lijst met circa 250 geselecteerde karakteristieke en beeldbepalende
                            panden (hierna te noemen: databank karakteristieke panden). Het gaat
                            hierbij veelal om vestigingslocaties die interessant zijn voor creatieve
                            bedrijven. De resultaten van deze beleidsregel zijn recent geëvalueerd
                            in het kader van de eindrapportage Parels Rijgen. </al><al/><al>Het verdient aanbeveling te onderzoeken of het mogelijk is de databank
                            met karakteristieke panden actueel te houden en actiever in te zetten
                            als instrument om bedrijfsruimte te ontsluiten voor creatieve
                            bedrijven.</al><al/><al>Mede om betaalbare bedrijfsruimte in Zaanstad te bieden aan creatieve
                            bedrijven is in 2002 door een aantal samenwerkende partijen<noot id="d11827e648"><noot.nr>17</noot.nr><noot.al>Aandeelhouders: Gemeente Zaanstad; Woningcorporatie
                                    Parteon; Zaankristal BV; Bouwfonds Ontwikkeling; Rabobank
                                    Zaanstreek; Kondor Wessels Amsterdam
                                    Projectontwikkeling.</noot.al></noot> - waaronder de gemeente – AanZet Bedrijfsfaciliteiten NV
                            opgericht. AanZet Bedrijfsfaciliteiten NV heeft als doelstelling
                            (karakteristieke) bedrijfspanden te herontwikkelen en te beheren voor
                            vooral creatieve bedrijven. Bij de commissarissen van AanZet
                            Bedrijfsfaciliteiten NV is de uitdaging neergelegd om meer te sturen op
                            deze doelstelling en meer panden te verwerven.</al><al/><al><cursief>Broedplaatsenbeleid</cursief></al><al>De gemeente werkt samen Bureau Broedplaatsen van de gemeente Amsterdam
                            en AanZet Bedrijfsfaciliteiten NV om broedplaatsen te realiseren in
                            Zaanstad. In 2008 heeft het college van B&amp;W besloten twee panden
                            (Botenmakerstraat 16 en Parklaan 4a/4b) beschikbaar te stellen voor
                            broedplaatsontwikkeling. Het college heeft besloten hiermee af te wijken
                            van de Nota Sturend Grondbeleid.</al><al/><al>Het genoemde Bureau Broedplaatsen werkt aan het behouden en realiseren
                            van betaalbare en passende (woon)werkruimte voor het basissegment
                            (kunstenaars en broedplaatsgroepen) van de creatieve bedrijvigheid in
                            Amsterdam en de regio ( zie bijlage 2). Volgens Bureau Broedplaatsen
                            zijn er in de hoofdstad onvoldoende vestigingslocaties voor de jaarlijks
                            350-400 afgestudeerden met een creatieve opleiding die ruimte zoeken in
                            Amsterdam (of in de nabije omgeving van Amsterdam). Dit biedt kansen
                            voor Zaanstad. </al><al/><al><vet>Maatregel III. Regionale samenwerking</vet></al><al>Om informatie en activiteiten rond creatieve bedrijvigheid te bundelen,
                            dienstverlening aan creatieve ondernemers te verbeteren en de regio als
                            nationale en internationale creatieve hub en vestigingsplaats te
                            promoten werkt Zaanstad sinds 2007 samen binnen Creative Cities
                            Amsterdam Area (CCAA) (zie ook hoofdstuk 4 en bijlage 3). </al><al/><al>CCAA is gefinancierd vanuit Pieken in de Delta (tot medio 2009).
                            Zaanstad was penvoerder van de aanvraag (zie bijlage 3 voor de
                            resultaten). In 2009 is een nieuwe aanvraag voorbereid door de
                            samenwerkende partijen binnen CCAA. </al><al/><al><vet>Maatregel IV. Netwerkvorming</vet></al><al>Om de netwerkvorming te bevorderen is door het bureau van CCAA een
                            website opgezet (<extref doc="http://www.CCAA.nl" struct="INTERNET">www.CCAA.nl</extref>). In Zaanstad is daarnaast de afgelopen
                            periode een aantal netwerkbijeenkomsten georganiseerd ondermeer in
                            samenwerking met ACX (Amsterdam Creative Exchange), CCAA en Stichting
                            Oeverloos. </al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>4. Beleidsontwikkeling aan volgende fase en vastlegging toe </label></kop><paragraaf><kop><label>4.1 Om richting te geven aan het beleid zijn beleidsdoelen geformuleerd </label></kop><structuurtekst><al>Met het vastleggen van een kader voor het beleid creatieve
                                bedrijvigheid komt de beleidsontwikkeling in een nieuwe fase en
                                wordt de focus helderder. Het blijft echter een beleidsveld in
                                ontwikkeling dat van tijd tot tijd bijgesteld zal moeten worden op
                                basis van actuele ontwikkelingen. Hierbij zal nadrukkelijk
                                samenwerking worden gezocht met strategische partners als kennis-,
                                onderzoeks- en onderwijsinstellingen, intermediaire organisaties,
                                het bedrijfsleven en de steden en andere partners binnen de
                                Metropool Amsterdam/CCAA. </al><al/><al>Om richting te geven aan het beleid zijn de volgende beleidsdoelen
                                gekozen: </al><lijst><li nr="o"><al><vet>Beleidsdoel 1:</vet> scheppen van randvoorwaarden voor
                                        uitbouw van creatieve bedrijvigheid in Zaanstad en
                                        stimuleren van de ontwikkeling van de creatieve
                                        bedrijvigheid in Zaanstad</al></li><li nr="o"><al><vet>Beleidsdoel 2:</vet> samenwerking (kruisbestuiving)
                                        tussen de creatieve bedrijvigheid en andere economische
                                        sectoren</al></li><li nr="o"><al><vet>Beleidsdoel 3:</vet> vergroten van het organiserende
                                        vermogen van de creatieve bedrijvigheid en netwerkvorming,
                                        verbinden van ondernemers uit verschillende delen van de
                                        creatieve bedrijvigheid</al></li><li nr="o"><al><vet>Beleidsdoel 4:</vet> stimuleren dat op korte termijn
                                        tijdelijke en permanente bedrijfsruimten en broedplaatsen
                                        beschikbaar komen voor creatieve ondernemers in Zaanstad
                                        (b.v.k. hergebruik industrieel erfgoed en panden uit de
                                        databank karakteristieke panden – zie hoofdstuk 3)</al></li></lijst><al/></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>4.2 Om het beleid af te bakenen zijn keuzes gemaakt </label></kop><structuurtekst><al>Om de beleidsontwikkeling creatieve bedrijvigheid af te bakenen en
                                ter onderbouwing van het nog op te stellen programma creatieve
                                bedrijvigheid worden de volgende keuzes gemaakt: </al><lijst><li nr="o"><al><vet>Keuze 1.</vet> Het beleid creatieve bedrijvigheid richt
                                        zich vooral op clustervorming en verbindingen tussen
                                        creatieve bedrijven en de gevestigde maak- en foodindustrie.
                                        Creatieve bedrijvigheid heeft namelijk de grootste impact
                                        wanneer ze zich verbindt met de stuwende al in de Zaanstreek
                                        gevestigde clusters van bedrijfstakken (voedings- en
                                        genotsmiddelenindustrie, maakindustie, logistiek en toerisme
                                        in Zaanstad) (bron: Kamer van Koophandel en landelijk
                                        beleid)</al><al/></li><li nr="o"><al><vet>Keuze 2.</vet> Het beleid richt zich op cross-overs
                                        (kruisbestuiving) met de twee andere speerpunten food en
                                        toerisme (House of Food, marketing Zaanstreek, vernieuwing
                                        Zaanse producten). Dit biedt goede aanknopingspunten en het
                                        voordeel van een gebundelde inzet van mensen en middelen.
                                        Ook onderwijs en opleidingen vormen hierbij een belangrijk
                                        aspect.</al><al/></li><li nr="o"><al><vet>Keuze 3</vet>. Het beleid sluit aan op het kansrijke
                                        beleid van Amsterdam binnen de verstedelijkingsafspraken met
                                        het rijk om de ontwikkeling van de noordelijke IJ- oevers
                                        door te trekken naar Zaanstad en de Zaanoevers.</al><al/></li><li nr="o"><al><vet>Keuze 4</vet>. Bij de beschikbaarheid van
                                        bedrijfsruimte/broedplaatsen ligt de focus op stimulering
                                        van het basis- en middensegment van de creatieve
                                        bedrijvigheid (met name op het wegnemen van de onrendabele
                                        top). Het hogere segment (media, reclamebranche, architecten
                                        en andere creatieve zakelijke dienstverlening) is absoluut
                                        een gewenste aanvulling voor de economische structuur van
                                        Zaanstad. Maar dit segment vindt over het algemeen zelf haar
                                        weg. De inzet is snel te komen tot een aanbod aan betaalbare
                                        bedrijfruimte om de overloop van creatieve bedrijven uit
                                        Amsterdam te faciliteren. Snelheid is geboden anders
                                        verliezen we het momentum. </al><al>Verder gaat het om zowel permanente als tijdelijke
                                        bedrijfsruimte (bijvoorbeeld: in het industrieel erfgoed
                                        langs de Zaan, in te slopen panden in het stedelijke
                                        vernieuwingsgebied Poelenburg). De ontwikkeling van het
                                        Hembrugterrein biedt hierbij belangrijke aanknopingspunten.
                                        Het idee om het Hembrugterrein te ontwikkelen tot “creatief
                                        bolwerk” past overigens naadloos binnen het beleid creatieve
                                        bedrijvigheid. </al><al/></li><li nr="o"><al><vet>Keuze 5</vet>. Regionale samenwerking is kansrijk
                                        gebleken en daarom wil Zaanstad de komende jaren op dit pad
                                        voort gaan. Door bundeling met de steden binnen CCAA kan
                                        Zaanstad profiteren van schaalvoordelen en investeringen in
                                        de regio. De uitdaging tijdens de volgende fase van CCAA is
                                        te profiteren van de kansen van CCAA met behoud van een
                                        Zaans profiel. Zaanstad wil zich daarbij richten op die
                                        segmenten binnen de creatieve bedrijvigheid waar de stad al
                                        sterk in is (zoals design en meubelontwerp) en wil daarbij
                                        verbindingen leggen met de gevestigde maak- en de
                                        foodsector. Regelmatig organiseren van netwerkbijeenkomsten
                                        waarbij verbindingen worden gelegd tussen creatieve
                                        bedrijvigheid en de gevestigde maak- en foodindustrie is
                                        daarbij de inzet.</al><al/></li></lijst><al>De hiervoor genoemde keuzes sluiten aan op de volgende actuele
                                Europese, landelijke, regionale en stedelijke thema’s uit
                                programma’s als Pieken in de Delta, Kansen voor West, het Programma
                                Creatieve Industrie en bij het Innovatieplatform. Aandachtpunten
                                binnen deze programma’s zijn:</al><lijst><li nr="o"><al>doorontwikkelen van sterke clusters (food, transport en
                                        logistiek, zakelijke dienstverlening en creatieve
                                        bedrijvigheid);</al></li><li nr="o"><al>verbeteren van de kennisuitwisseling en samenwerking tussen
                                        bedrijven en kennis-, onderzoeks- en
                                        onderwijsinstellingen;</al></li><li nr="o"><al>verbeteren van de aansluiting tussen vraag en aanbod op de
                                        arbeidsmarkt;</al></li><li nr="o"><al>stimuleren van ondernemerschap en innovatie in kleine
                                        bedrijven.</al></li></lijst><al/></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>4.3 Om de beleidsdoelen te realiseren worden maatregelen genomen </label></kop><structuurtekst><al>Om de beleidsdoelen te realiseren worden de volgende maatregelen
                                genomen die hierna verder worden uitgewerkt (een deel ervan is nog
                                in ontwikkeling of wordt voorbereid):</al><lijst><li nr="I."><al>Financiële stimuleringsregelingen</al></li><li nr="II."><al>Bedrijfruimte/broedplaatsen</al></li><li nr="III."><al>Regionale samenwerking</al></li><li nr="IV."><al>Netwerkvorming</al></li><li nr="V."><al>Marketing, promotie en acquisitie</al><al/></li></lijst><al>Zie ook bijlage 5 voor een schematische weergave van doelen en
                                maatregelen. Bij de maatregelen staat aangegeven of het om een
                                bestaande maatregel gaat met een vervolgfase</al><al>(= <vet>B</vet>) of om een nieuwe maatregel (= <vet>N</vet>).</al><al/><al><vet>Maatregel I. Financiële stimuleringsregelingen</vet></al><al/><al><cursief>Investeringregeling bedrijfsruimte
                                </cursief><vet>(N)</vet></al><al>Onderzocht wordt of in regionaal verband een investeringsregeling
                                creatieve bedrijvigheid opgezet kan worden. De investeringsregeling
                                (zie bijlage 4) is bedoeld voor ondernemers en vastgoedeigenaren in
                                de creatieve sector, die in hun bedrijfspanden willen investeren en
                                daarmee bijdragen aan de ontwikkeling van het gebied. De subsidie
                                kan worden aangewend voor verbouwings- en herinrichtingskosten en/of
                                veiligheidsvoorzieningen in bedrijfspanden. </al><al/><al><cursief>Stimulering Innovatie Ondernemers
                                </cursief><vet>(B)</vet></al><al>In 2004 is de subsidieregeling Stimulering Innovatie Ondernemers
                                (SIO) ingesteld. Na het succes van de eerste en de tweede
                                SIO-regeling in 2009 SIO 3 gestart. De regeling is bedoeld voor
                                kleine bedrijven met een innovatief idee met problemen met de
                                financiering van de verdere doorontwikkeling van dit idee. Vaak
                                hebben zij geen geld om bijvoorbeeld een eerste prototype te maken.
                                Deze regeling maakt het Zaanse innovatieve ondernemers mogelijk een
                                subsidie te krijgen van maximaal € 20.000. De gemeente wil met deze
                                regeling innovatie bij het MKB in de creatieve, toeristische en
                                voedingsmiddelen branche bevorderen</al><al/><al><cursief>Microkredieten </cursief><vet>(N)</vet></al><al>Een bekend knelpunt bij startende (creatieve) bedrijven is dat het
                                vaak lastig is krediet te verwerven. Op 1 januari 2009 is de
                                landelijke microfinancieringsregeling van start gegaan. Om hier op
                                in te spelen is door Zaanstad contact gelegd met Qredits, de
                                handelsnaam van de Stichting Microkrediet Nederland. Dit is een
                                gespecialiseerde kredietverlener die zich richt op financiering van
                                kleine ondernemingen (leningen tot € 35.000). Qredits is
                                toegankelijk voor starters en gevestigde ondernemers in heel
                                Nederland (met uitzondering van de gebieden waar een
                                borgstellingregeling geldt). Uit onderzoek blijkt dat begeleiding en
                                ondersteuning van ondernemers de slaagkans van ondernemingen
                                verhoogt. Onderzocht wordt of dit laatste mogelijkheden biedt in
                                Zaanstad. </al><al/><al><vet>Maatregel II. Bedrijfsruimte/broedplaatsen</vet></al><al>Zoals hiervoor al aan de orde is gekomen beschikt de gemeente over
                                een aantal instrumenten om het aanbod aan bedrijfsruimte voor
                                creatieve ondernemers te verbeteren. De samenwerking tussen
                                vastgoedeigenaren in AanZet Bedrijfsfaciliteiten NV <vet>(B</vet>)
                                biedt hiervoor aanknopingspunten. De commissarissen van AanZet
                                Bedrijfsfaciliteiten NV beraden zich over de strategie die zij
                                willen voeren om meer panden aan te kopen/te huren. </al><al/><al>Verder onderzoekt Bureau Broedplaatsen in samenwerking met de
                                gemeente Zaanstad en ondermeer het Rijks Vastgoed- en
                                Ontwikkelingsbedrijf <vet>(N)</vet> of het mogelijk is een
                                broedplaats te realiseren op het Hembrugterrein. De
                                investeringsregeling creatieve bedrijvigheid (in ontwikkeling, zie
                                hierna) kan hierbij mogelijk worden ingezet.</al><al/><al>Er wordt verder onderzocht of bijvoorbeeld via de projectorganisatie
                                van CCAA en de website <extref doc="http://www.CCAA.nl" struct="INTERNET">www.ccaa.nl</extref> vraag en aanbod aan
                                bedrijfsruimte <vet>(N)</vet> bij elkaar gebracht kunnen worden (het
                                gaat om hierbij om een marktplaatsfunctie via de website, niet om
                                een makelaarsfunctie). CCAA heeft een huisvestingstool ontwikkeld
                                gekoppeld aan de website.</al><al/><al>De creatieve sector is zeer divers en bestaat uit veel verschillende
                                segmenten. Dit maakt het lastig om (kwalitatief en kwantitatief)
                                zicht te krijgen op de vraag van creatieve bedrijven naar
                                bedrijfsruimte in Zaanstad. Daar komt bij dat de vraag ook erg
                                fluctueert (bron: CCAA). Het is daarom niet mogelijk de vraag
                                precies in kaart te brengen. Dit geldt in mindere mate voor het
                                aanbod. In het kader van Parels Rijgen is – zoals eerder aangegeven
                                - een deel van het aanbod geïnventariseerd. Er is een (statische)
                                databank <vet>(B)</vet> aangelegd van ca. 250 monumentale
                                bedrijfspanden en karakteristieke bedrijfspanden, die bijdragen aan
                                de zo typerende menging van wonen en werken. Binnenstedelijke
                                bedrijfspanden zijn vaak juist aantrekkelijk voor nieuwe en
                                creatieve bedrijvigheid. Deze panden worden door middel van het
                                vrijstellingenbeleid behouden als bedrijfsruimte. </al><al/><al>Er wordt onderzocht of het mogelijk is deze databank actueel te
                                houden en actiever in te zetten als instrument om bedrijfsruimte te
                                ontsluiten voor creatieve bedrijven. Hierbij wordt een koppeling
                                gelegd met het beleid Parels Rijgen en de ontwikkeling van het
                                Hembrugterrein. Werving van externe fondsen (i.k.v. de financiële
                                strategie) is hierbij een belangrijk aspect.</al><al/><al>De insteek blijft om jaarlijks 1000 m2 bedrijfsruimte voor creatieve
                                bedrijven/broedplaatsen te realiseren in Zaanstad. </al><al/><al>De gemeente heeft al eerder een besluit genomen om hiervoor panden
                                uit het eigen bezit in te zetten<noot id="d11827e877"><noot.nr>18</noot.nr><noot.al>18 maart 2008, B&amp;W besluit: “de gemeentelijke
                                        panden Botenmakerstraat 16 en Parklaan 4a/4b beschikbaar te
                                        stellen voor broedplaatsontwikkeling, waarbij uitgegaan
                                        wordt van onderhandse verkoop tegen een marktconforme
                                        waarde. Dit betekent dat het college besluit om deze panden,
                                        bestemd voor broedplaatsontwikkeling, niet te tenderen en
                                        daarmee af te wijken van de Nota Sturend
                                        Grondbeleid”.</noot.al></noot>. Aanbevolen wordt dat gemeente en samenwerkende partners
                                binnen AanZet Bedrijfsfaciliteiten NV een stevige ambitie formuleren
                                om de komende jaren te komen tot extra bedrijfsruimte voor creatieve
                                ondernemers (het gaat daarbij om een nader te bepalen aantal
                                vierkante meters). </al><al/><al>Daarnaast wordt aanbevolen te onderzoeken of het programma voor
                                betaalbare bedrijfruimte en broedplaatsen verder kan worden
                                uitgewerkt en of hiervoor externe financiering kan worden verworven
                                    <vet>(N)</vet>.</al><al/><al><vet>Maatregel III. Regionale samenwerking</vet></al><al/><al><cursief>Samenwerking binnen de metropool Amsterdam</cursief></al><al>Het samenwerkingsverband binnen CCAA <vet>(B)</vet> biedt goede
                                aanknopingspunten voor de volgende fase van het Zaanse beleid voor
                                creatieve bedrijvigheid. CCAA geeft namelijk uitvoering aan een deel
                                van de Zaanse beleidsdoelen. Met de regionale samenwerking gaat
                                Zaanstad door op een reeds ingeslagen, kansrijke weg.</al><al/><al>CCAA kent drie activiteiten:</al><lijst><li nr="o"><al>bundelen: informatie en activiteiten samenbrengen in één
                                        fysiek en digitaal loket: <extref doc="http://www.CCAA.nl" struct="INTERNET">www.ccaa.nl</extref></al></li><li nr="o"><al>faciliteren: dienstverlening verbeteren aan startende en
                                        groeiende ondernemers en aan buitenlandse bedrijven</al></li><li nr="o"><al>promoten: de creatieve bedrijvigheid in de regio onder de
                                        nationale en internationale aandacht brengen</al></li></lijst><al/><al>CCAA zet in op dienstverlening, netwerkvorming, promotie en
                                marketing. Verder is CCAA het loket voor de creatieve bedrijvigheid
                                en biedt creatieve bedrijven in de regio toegang tot faciliteiten om
                                hun ondernemerschap te stimuleren. Via het loket krijgen ze
                                informatie over onder meer trainingen, coaching, financiering en
                                huisvestingsmogelijkheden. </al><al/><al>Na de eerste periode (2007-2009) is gebleken dat CCAA vanuit een
                                uitvoerende rol op het gebied van regie, promotie en
                                serviceverlening toe is aan een nieuwe stap. Een nieuwe Pieken in de
                                Delta-aanvraag is voorbereid. Tijdens de tweede fase van CCAA is met
                                name ook de relatie tussen de lokale overheden van belang. In CCAA
                                verband wordt geconstateerd dat de afstemming van het beleid van de
                                betrokken lokale overheden niet altijd optimaal verloopt. Alle
                                betrokken gemeenten hebben een eigen beleid voor creatieve
                                bedrijvigheid omdat ze een duidelijk belang zien voor de eigen
                                gemeente. De komende tijd dient binnen CCAA te worden gezocht naar
                                een werkwijze die zorg draagt voor meer eenduidigheid. Daarnaast
                                verdient het aanbeveling dat wordt nagegaan waar raakvlakken liggen
                                tussen de beleidsdocumenten van de verschillende gemeenten en welke
                                activiteiten gezamenlijk kunnen worden opgepakt (waardoor meer
                                synergie) ontstaat. Aanbevolen wordt daarbij een overzicht van best
                                practices op te stellen. </al><al/><al>In de nieuwe Pieken in de Delta-aanvraag staat dat de creatieve
                                industrie in potentie een belangrijke aanjager is van de economie,
                                maar dat dit verder kan worden geoptimaliseerd. De insteek van de
                                nieuwe aanvraag is professionalisering tot stand te brengen en
                                kruisbestuiving (cross-overs) tussen de reguliere en de creatieve
                                economie. De regio Amsterdam (Amsterdam Metropolitan Area) heeft een
                                goede uitgangspositie qua internationale concurrentie maar de stap
                                naar een echte internationale creatieve regio (aansluiten bij
                                koplopers als Londen en Milaan) moet nu snel worden gemaakt. </al><al/><al>Door de diffuse sectorstructuur kan de overheid een grotere en
                                actievere rol spelen dan in andere sectoren (ondermeer om het
                                innovatiepotentieel te versterken). Voor CCAA-organisatie wordt
                                ingezet op verzelfstandiging. Aanbevolen wordt tijdens de volgende
                                fase van CCAA nog sterker in te zetten op regionale samenwerking en
                                daarbij met name aandacht te besteden aan de kleinere gemeenten in
                                CCAA. In de vorige fase lag de nadruk soms te eenzijdig op
                                Amsterdam.</al><al/><al><cursief>Samenwerking binnen de Zaanstreek</cursief></al><al>Omwille van de afbakening is het beleid creatieve bedrijvigheid in
                                voorliggende notitie beperkt tot Zaanstad. Een bredere aanpak voor
                                de gehele Zaanstreek is echter kansrijk en biedt schaalvoordelen.
                                Aanbevolen wordt via het platform van de ZER (en de te installeren
                                ZCB) te bespreken of het beleid creatieve bedrijvigheid breder
                                getrokken kan worden naar de gehele Zaanstreek <vet>(N)</vet>. </al><al>De ZER streeft overigens al naar een gemeenschappelijke strategie
                                voor creatieve bedrijvigheid waarmee de Zaanstreek zich nog steviger
                                kan positioneren en via marketing van de Zaanstreek een helder en
                                aantrekkelijk verhaal kan uitdragen (bron: Programmabegroting
                                Zaanstad 2008).</al><al/><al><vet>Maatregel IV. Netwerkvorming</vet></al><al/><al><cursief>Websites</cursief></al><al>Netwerkvorming en verbinden van ondernemers uit verschillende delen
                                van de creatieve bedrijvigheid is een van de beleidsdoelen.
                                Samenwerking tussen de creatieve bedrijvigheid en andere economische
                                sectoren is daarbij ook een belangrijk aspect. CCAA en de portal
                                    <extref doc="http://www.CCAA.nl" struct="INTERNET">www.ccaa.nl</extref> speelt een rol bij de netwerkvorming. Elke
                                stad binnen CCAA heeft een eigen ingang <vet>(B)</vet> op deze
                                website (creativezaanstad). Het komende jaar zal de website verder
                                worden “gevuld” met Zaanse creatieve bedrijven. </al><al/><al>De CCAA website is het virtuele loket van het programmabureau CCAA.
                                De website bundelt informatie en nieuws over alle vakgebieden uit de
                                creatieve bedrijvigheid en de zeven CCAA steden en biedt informatie
                                over ondernemen: o.a. financiering, juridische zaken, huisvesting
                                (inter)nationale evenementen, coaching en begeleiding. Creatieve
                                ondernemers kunnen zich registreren op de website van CCAA en worden
                                daarmee lid van het virtuele, sociale netwerk</al><al/><al>Om de creatieve bedrijvigheid in de noordvleugel verder te
                                stimuleren is CCAA het online project Open Creative Industry (Open
                                CI) gestart dat data-uitwisseling tussen websites mogelijk maakt.
                                Deze innovatieve techniek ontsluit informatie uit de verschillende
                                digitale netwerken in de creatieve sector. </al><al/><al>CCAA heeft daarnaast een internationale variant ontwikkeld op de
                                “nationale” website. Daar krijgen creatieve ondernemers de
                                gelegenheid zich in het buitenland te promoten en wordt de
                                noordvleugel als vestigingsplaats voor buitenlandse creatieve
                                bedrijven onder de aandacht gebracht.</al><al/><al>De nieuwe website <extref doc="http://www.zaanstreek.nl" struct="INTERNET">www.zaanstreek.nl</extref> (marketing
                                Zaanstreek) blijkt overigens ook een functie te hebben bij
                                netwerkvorming en is inmiddels ontdekt door creatieve ondernemers
                                    <vet>(N)</vet>.</al><al/><al>De uitdaging is de komende periode de websites <extref doc="http://www.CCAA.nl" struct="INTERNET">www.ccaa.nl</extref>
                                en <extref doc="http://www.zaanstreek.nl" struct="INTERNET">www.zaanstreek.nl</extref> actief in te zetten voor
                                netwerkvorming tussen reeds gevestigde Zaanse creatieve bedrijven en
                                nieuwe bedrijven.</al><al>Een aandachtspunt bij de websites is dat de informatie niet te veel
                                versnippend wordt over de verschillende websites en dat overlap
                                (dubbelingen) wordt voorkomen. Naast de genoemde websites zijn er
                                nog veel meer (landelijke en internationale) websites voor creatieve
                                ondernemers.</al><al/><al><cursief>Netwerkbijeenkomsten</cursief></al><al>In navolging op de eerder genoemde netwerkbijeenkomst voor creatieve
                                bedrijven in het voorjaar van 2008 is vervolgens in mei 2009 een
                                succesvolle tweede netwerkbijeenkomst <vet>(B)</vet> georganiseerd
                                in samenwerking met ondermeer CCAA, ACX, de Kamer van Koophandel.
                                Het doel van deze bijeenkomst was dat bedrijven binnen de creatieve
                                sector elkaar kunnen ontmoeten. In totaal waren meer dan 180
                                creatieve ondernemers aanwezig. </al><al/><al>Onderzocht wordt of het mogelijk is de komende jaren een aantal keer
                                per jaar dergelijke netwerkbijeenkomsten te organiseren (in
                                samenwerking met ondermeer de Kamer van Koophandel, MKB, Vereniging
                                Ondernemerskring Zaanstreek, CCAA en ACX). Ook zal aandacht worden
                                besteed aan het leggen van contacten van creatieve bedrijven met
                                bedrijven van buiten de creatieve sector. Daarmee wordt ondermeer
                                een verbinding gelegd tussen creatieve bedrijven en de maak- en
                                foodindustrie <vet>(N)</vet>. </al><al/><al>In voorliggende notitie is al eerder aangegeven, dat het sterk punt
                                van de Zaanstreek is, dat er nog veel ambachtelijke bedrijven zijn
                                waar ontwerpers hun producten kunnen laten vervaardigen. Aanbevolen
                                wordt na te gaan of het mogelijk is het aanbod - aan ambachtelijke
                                en maakbedrijven waar creatieve bedrijven hun ontwerpen kunnen laten
                                maken - te ontsluiten. Cross-overs (kruisbestuiving) tussen
                                creatieve- en maakbedrijven wordt kansrijk geacht.</al><al/><al><cursief>Zaanse Creative Board</cursief></al><al>Om de gemeente Zaanstad te ondersteunen bij de ontwikkeling van het
                                beleid creatieve bedrijvigheid is onderzocht of er naast de Creative
                                Board CCAA (zie bijlage 3) een Zaanse Creative Board (ZCB) kan
                                worden ingesteld <vet>(N)</vet>. Gedacht wordt aan een opzet waarbij
                                de ZCB bestaat uit maximaal 10 deelnemers die 2/3 x per jaar
                                bijeenkomen. De ZCB wordt ingesteld voor de periode: 2009 – 2011
                                waarna kan worden besloten tot verlenging. De ZCB heeft een functie
                                bij het aanjagen van de voortgang van strategische projecten en
                                heeft een PR-functie. Daarnaast is de ZCB erop gericht de gemeente
                                Zaanstad te ondersteunen bij het bepalen van de strategische koers
                                van het Zaanse beleid voor creatieve bedrijvigheid.</al><al/><al>De ZCB vormt een onorthodoxe denktank - bestaande uit
                                vertegenwoordigers van de creatieve sector - die het college -
                                gevraagd en ongevraagd - adviseren over het speerpunt creatieve
                                bedrijvigheid van het gemeentelijke economische beleid en daarbij
                                m.n. over onderwerpen als huisvesting, financiering, netwerken,
                                marktbenadering, imago (aan het college wordt overgelaten wat er met
                                de adviezen gebeurt). De ZCB treedt op als klankbord voor het
                                college van B&amp;W. Beslissen is aan het college van B&amp;W, maar
                                een advies van de ZCB wordt op waarde geschat. </al><al/><al>De leden van de ZCB worden door de wethouder EZ van de gemeente
                                Zaanstad - namens het college - op persoonlijke titel gevraagd voor
                                de ZCB op basis van hun curriculum vitae. Kennis van de creatieve
                                economie, het hebben van een breed netwerk en afkomstig uit de
                                creatieve branche zijn daarbij invalshoeken. </al><al/><al>Het instellen van de ZCB is vooral ook bedoeld om het beleid voor
                                creatieve bedrijvigheid te ijken naar aanleiding van signalen uit de
                                samenleving (via de ZCB) en binnen het bredere kader van het
                                regionale, nationale en internationale beleid voor deze sector te
                                plaatsen en het daarmee te verbinden. De ZCB vormt in feite één van
                                de drie afzonderlijke “stuurgroepen” voor de speerpunten Food,
                                Toerisme en Creatieve Bedrijvigheid i.k.v. de Zaanse Economische
                                Raad.</al><al/><al><vet>Maatregel V. Acquisitie, promotie en marketing</vet></al><al/><al><cursief>Acquisitie</cursief></al><al>Het instrument accountmanagement (een onderdeel van Economische
                                Zaken) wordt nog actiever ingezet om nieuwe creatieve bedrijven te
                                begeleiden bij hun vestiging in Zaanstad <vet>(B)</vet>.
                                Relatiebeheer van gevestigde creatieve bedrijven vormt daarbij een
                                belangrijk aspect. In 2009 wordt de aanpak voor de acquisitie en het
                                relatiebeheer verder uitgewerkt. Registratie en monitoring van de
                                contacten met creatieve bedrijven vormen een aandachtspunt. Hierbij
                                wordt ook de relatie met het aanbod aan bedrijfsruimte gelegd. Er
                                wordt gewerkt aan een overzicht van bedrijfsruimte voor creatieve
                                ondernemers.</al><al/><al><cursief>Promotie en marketing</cursief></al><al>Om Zaanstad te promoten als een aantrekkelijke vestigingslocatie
                                voor creatieve bedrijven is het de bedoeling in 2009 0f 2010 een
                                wervend boekje <vet>(N) </vet>uit te geven gekoppeld aan de websites
                                    <extref doc="http://www.CCAA.nl" struct="INTERNET">www.ccaa.nl</extref> en <extref doc="http://www.zaanstreek.nl" struct="INTERNET">www.zaanstreek.nl</extref>. Daarnaast wordt
                                het instrument “marketing Zaanstreek” ingezet <vet>(B) </vet>om meer
                                bekendheid te geven aan de Zaanstreek als interessante locatie voor
                                creatieve bedrijven (een van de pijlers van “marketing Zaanstreek”
                                is creatieve bedrijvigheid). De beleidsdoelen creatieve
                                bedrijvigheid sluiten naadloos aan op streekmarketing. Marketing
                                Zaanstreek is er op gericht de Zaanstreek zodanig in de markt te
                                zetten dat het potentiële investeerders en bedrijven aantrekt. </al><al/><al>Achterliggende gedachte is dat door vergroting en verbreding van de
                                activiteiten binnen de Zaanstreek, de streek haar eigen bewoners
                                meer sociaal-economische kansen kan bieden, haar bezittingen
                                industrieel erfgoed en waterrijk landschap kan ontwikkelen en een
                                divers woon-, werk- en vestigingsklimaat kan realiseren. </al><al>Om dat te bereiken, ondersteunt marketing Zaanstreek de speerpunten
                                food, toerisme en Creatieve Bedrijvigheid. Ze werkt aan
                                imagoverbetering en streeft binnen netwerkverbreding naar
                                coalitievorming (oprichting van een Stichting Marketing Zaanstreek).
                                In de komende jaren werkt marketing Zaanstreek aan het realiseren
                                van de volgende resultaten: </al><lijst><li nr="o"><al>de Zaanstreek is een centrum voor de voedings- en
                                        genotsmiddelenindustrie</al></li><li nr="o"><al>de Zaanstreek is een belangrijke vestigingsplaats voor de
                                        creatieve bedrijvigheid</al></li><li nr="o"><al>de Zaanstreek is een toeristische trekpleister voor inwoners
                                        en bezoekers van regio Amsterdam</al></li><li nr="o"><al>de Zaanstreek wordt gezien als aantrekkelijk onderdeel van
                                        de regio Amsterdam</al></li></lijst></structuurtekst></paragraaf><paragraaf><kop><label>4.4 Verdere uitwerking en evaluatie gewenst </label></kop><structuurtekst><al>Een in 2010 op te stellen uitvoeringsprogramma creatieve
                                bedrijvigheid - waarvoor in voorliggende notitie een aanzet is
                                gegeven - dient te worden uitgewerkt naar jaarschijven met
                                SMART-geformuleerde doelen (zie ook bijlage 6 voor een samenvatting
                                van aanbevelingen voor de verdere uitwerking van het
                                uitvoeringsprogramma) op basis van de uitgangspunten in voorliggende
                                notitie. Hierbij zullen uitdrukkelijk de dwarsverbanden met het
                                cultuurbeleid worden gezocht. Om dit programma uit te kunnen voeren
                                zal externe financiering gezocht moeten worden. De werving van
                                externe fondsen zal dan ook een belangrijk onderdeel moeten vormen
                                van het uitvoeringsprogramma</al><al/><al>Zoals eerder aangegeven, is het beleid creatieve bedrijvigheid
                                (voortdurend) in ontwikkeling. Het gaat om een betrekkelijk nieuw
                                beleidsterrein waarmee nog niet zoveel ervaring is opgedaan. Een
                                complicerende factor daarbij is dat de sector creatieve
                                bedrijvigheid zeer heterogeen is en het beleidsterrein zeer breed.
                                De ontwikkeling van de sector verloopt daarbij grillig. Ook de
                                beleidsontwikkeling is zeer dynamisch, elke week verschijnt er wel
                                weer een nieuwe (beleids)publicatie. Aandacht voor tijdige
                                bijstelling van het beleid is daarom gewenst: aanbevolen wordt
                                regelmatig te evalueren of we nog op de goede weg zijn. Evaluatie
                                van de gemaakte beleidskeuzen is daarbij ook van belang (b.v. de
                                gemaakte keuze voor stimulering van het basis- en middensegment en
                                de verbinding met de maak- en foodindustrie).</al><al/><al>Bij het op te stellen uitvoeringsprogramma creatieve bedrijvigheid
                                zullen – zoals eerder aangegeven - ook de op- en aanmerkingen worden
                                betrokken van de partijen die in de voorbereiding en de inspraak van
                                de beleidsnotitie creatieve bedrijvigheid hebben geparticipeerd.
                                Door deze partijen is ondermeer gevraagd te onderzoeken en/of verder
                                uit te werken:</al><lijst><li nr="·"><al>welke rol de gemeente Zaanstad zou kunnen spelen als
                                        opdrachtgever en afnemer van creatieve diensten en
                                        producten; </al></li><li nr="·"><al>hoe de netwerkbijeenkomsten voor de creatieve sector
                                        structureel kunnen worden geborgd. De creatieve sector heeft
                                        behoefte aan netwerkbijeenkomsten, maar het moet niet steeds
                                        de gemeente zijn die hiertoe al dan niet in samenwerking met
                                        de Kamer van Koophandel en andere organisaties het voortouw
                                        neemt;</al></li><li nr="·"><al>hoe de markt voor kleinschalig bedrijfsonroerend
                                        functioneert. Deze markt zou nog steeds niet naar behoren
                                        functioneren, maar het waarom blijft onderbelicht;</al></li><li nr="·"><al>maatregelen die tot doel hebben de samenwerking tussen
                                        creatieve industrie en de reguliere bedrijvigheid te
                                        bevorderen;</al></li><li nr="·"><al>de relatie tussen de creatieve sector en de ambachten.</al></li></lijst></structuurtekst></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label> Bijlage 1: Afbakening creatieve industrie</label></kop><structuurtekst><al>TNO omschrijft de creatieve industrie als volgt:</al><al>“De creatieve industrie is een specifieke vorm van bedrijvigheid die
                            producten en</al><al>diensten voortbrengt die het resultaat zijn van individuele of
                            collectieve creatieve arbeid en ondernemerschap. Inhoud en symboliek
                            zijn de belangrijkste elementen van deze producten en diensten. Ze
                            worden aangeschaft door consumenten en zakelijke afnemers omdat ze een
                            betekenis oproepen. Op basis daarvan ontstaat een ervaring. Daarmee
                            speelt de creatieve industrie een belangrijke rol in ontwikkeling en
                            onderhoud van levensstijlen en culturele identiteiten in de
                            samenleving.”</al><al/><al>De creatieve industrie is een verzamelbegrip voor bedrijven en
                            instellingen. Op basis van onderlinge verschillen en overeenkomsten
                            worden drie segmenten onderscheiden: kunsten, media en entertainment en
                            creatieve zakelijke dienstverlening. In de kunsten staan doorgaans
                            artistieke motieven centraal, economische motieven komen op de tweede
                            plaats. Binnen dit domein is subsidie een belangrijke inkomstenbron. De
                            overheid heeft ervoor gekozen de kunsten niet alleen aan de markt van
                            vraag en aanbod over te laten. De kunstenmarkt is vooral een
                            overheidsmarkt. Belangrijke sectoren zijn podiumkunsten, scheppende
                            kunsten, musea en kunstgalerieën. De media- en entertainmentindustrie is
                            een consumentenmarkt. Technologische ontwikkelingen maken verspreiding
                            en exploitatie op grote schaal mogelijk. Door de oriëntatie op de markt
                            en de wereldwijde verspreiding is de media- en entertainmentindustrie
                            onderdeel van het dagelijks leven. Tot dit domein behoren onder meer
                            uitgeverijen, fotografie, omroepen en bioscopen. De creatieve zakelijke
                            dienstverlening is een zakelijke markt. Deze bedrijven leveren
                            creativiteit en symbolische waarde aan andere bedrijven. Kenmerkend is
                            de combinatie van artisticiteit, grensverleggendheid en
                            marktgerichtheid. Belangrijke sectoren zijn vormgeving, mode en
                            reclame.</al><al/><al>Binnen de creatieve bedrijvigheid onderscheidt de steden binnen CCAA
                            (Amsterdam, Utrecht, Almere, Haarlem, Zaanstad, Amersfoort, Hilversum)
                            drie deelgebieden. Alleen in Zaanstad is het deelgebied ambachten
                            toegevoegd vanwege het belang van de ambachtsector in de Zaanstreek. De
                            volgende deelgebieden worden onderscheiden:</al><al>• kunsten (podiumkunsten, musea, galeries)</al><al>• media en entertainment (uitgeverijen, radio en televisie)</al><al>• creatieve zakelijke dienstverlening (reclame, vormgeving en mode)</al><al>• ambachten (alleen in Zaanstad !)</al><al/><al>In de volgende tabel is weergegeven welke sectoren er tot de creatieve
                            industrie gerekend worden (met SBI-codes van het CBS). De tabel geeft
                            een verdere uitwerking en verfijning van de indeling in hoofdstuk
                            2.</al><al/><al><cursief>Kunsten</cursief></al><al>92311 Beoefening van podiumkunst</al><al>92312 Producenten van podiumkunst</al><al>92313 Beoefening van scheppende kunst</al><al>92321 Theaters, schouwburgen en concertzalen</al><al>92323 Dienstverlening voor kunstbeoefening</al><al>92521 Kunstgaleries, expositieruimten</al><al>92522 Musea</al><al/><al><cursief>Media en entertainment</cursief></al><al><cursief>2211 </cursief><cursief> Uitgeverijen van boeken
                            e.d.</cursief></al><al>2212 Uitgeverijen van dagbladen</al><al>2213 Uitgeverijen van tijdschriften</al><al>2214 Uitgeverijen van geluidsopnamen</al><al>2215 Overige uitgeverijen</al><al><cursief>74811 </cursief><cursief> Fotografie</cursief></al><al><cursief>92111 </cursief><cursief> Productie van
                            (video)films</cursief></al><al><cursief>92112 </cursief><cursief> Ondersteuning (video)
                                filmproductie</cursief></al><al><cursief>92201 </cursief><cursief> Omroeporganisaties</cursief></al><al><cursief>92202 </cursief><cursief> Productie radio- en
                                tv-programma's</cursief></al><al><cursief>92203 </cursief><cursief> Ondersteunende activiteiten voor
                                radio en tv</cursief></al><al>9212 Distributie van films</al><al>9213 Vertoning van films</al><al><cursief>92343 </cursief><cursief> Overig amusement</cursief></al><al><cursief>9240 </cursief><cursief> Pers-, nieuwsbureaus;
                                journalisten</cursief></al><al/><al><cursief>Creatieve zakelijke dienstverlening</cursief></al><al>74201 Architectuur en technisch ontwerp</al><al>74202 Technisch ontwerp/advies stedenbouw etc.</al><al><cursief>74401 </cursief><cursief> Reclameontwerp- en
                                adviesbureaus</cursief></al><al>74402 Overige reclamediensten</al><al>74875 Interieur-, modeontwerpers e.d.</al><al/><al><cursief>Ambachten (alleen in Zaanstad)</cursief></al><al>172 Weven van textiel</al><al>174 Vervaardiging van textielwaren</al><al>1751 Vervaardiging vloerkleden en tapijten</al><al>176 Gebreide en gehaakte stoffen</al><al>177 Vervaardiging van gebreide en gehaakte artikelen</al><al>18 Vervaardiging van kleding</al><al>192 Vervaardiging van lederwaren</al><al>193 Vervaardiging van schoeisel</al><al>2613 Holglas</al><al>2621 Huishoudelijk en sieraardewerk</al><al>335 Uurwerken</al><al>362 Sieraden</al><al>363 Muziekinstrumenten</al><al>3611 Meubels</al><al>36122 Bedrijfsmeubels</al><al>3613 Keukenmeubels</al><al>3614 Overige meubels</al><al>2666 Producten beton, cement, gips</al><al>2670 Natuursteenbewerking</al><al>52457 Detailhandel muziekinstrumenten</al><al>51478 Groothandel in muziekinstrumenten</al><al>52483 Detailhandel juweliersartikelen en uurwerken</al><al>51476 Groothandel in juweliersartikelen en uurwerken</al><al/><al><cursief>NB: Cursief: overlap met ICT/Nieuwe Media</cursief></al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label> Bijlage 2: Achtergrondinformatie over broedplaatsen</label></kop><structuurtekst><al>(bron: www.broedplaatsen.amsterdam.nl)</al><al/><al><cursief>Wat zijn broedplaatsen?</cursief></al><al>Er worden verschillende definities gehanteerd voor broedplaatsen. </al><al/><al>Voorbeelden hiervan zijn:</al><lijst><li nr="o"><al>broedplaatsen volgens Bureau Broedplaats: ruimten voor het
                                    basissegment van de creatieve industrie: kunstenaars en
                                    broedplaatsgroepen (kunstenaars gecombineerd met creatieve,
                                    culturele of ambachtelijke bedrijfjes) en voor lage huurprijzen
                                    van maximaal € 55 per m2.</al></li><li nr="o"><al>bedrijfsverzamelgebouwen voor startende (creatieve) ondernemers
                                    met klimhuren (hogere huren dan maximaal € 55 per m2</al></li></lijst><al/><al>Informatie over de broedplaatsen en subsidieregeling van Bureau
                            broedplaatsen gemeente Amsterdam</al><al/><al>Het Bureau Broedplaatsen is een onderdeel van de gemeente Amsterdam. Zij
                            heeft tot taak meer betaalbare ateliers en (woon-) werkruimtes voor
                            kunstenaars en broedplaats groepen te realiseren.</al><al/><al>Het Bureau doet dit in samen- werking met de doelgroep- organisaties,
                            stadsdelen, andere gemeenten, centrale diensten, corporaties, makelaars,
                            ontwikkelaars en banken.</al><al/><al>Bureau Broedplaatsen richt zich op het basissegment (kunstenaars en
                            broedplaatsgroepen) van de creatieve industrie en hanteert lage
                            huurprijzen van maximaal € 55 per m2.</al><al/><al><cursief>Definitie doelgroepen</cursief></al><al>Het broedplaatsenbeleid is gericht op huisvesting van twee doelgroepen:
                            professionele kunstenaars en broedplaatsgroepen. De definitie van een
                            kunstenaar en een broedplaatsgroep volgens het programma Broedplaatsen
                            2008 - 2012 dat op 28 oktober 2008 door de gemeenteraad Amsterdam is
                            vastgesteld luidt als volgt.</al><al/><al><vet>1. Professionele kunstenaars</vet></al><al>Dit zijn diegenen die aan de hand van bewijzen van stipendia,
                            exposities, opdrachten en dergelijke aannemelijk kunnen maken dat zij
                            het kunstenaarschap uitoefenen als hoofdactiviteit van hun werkend
                            bestaan. De kandidaat-huurders worden door de gemeentelijk Dienst Wonen
                            getoetst op gemiddeld belastbaar jaarinkomen. Voorwaarde voor
                            gemeentelijke subsidiëring voor nieuw te realiseren ateliers voor
                            kunstenaars is een maximumhuur van € 55 per m2 VVO per jaar (prijspeil
                            januari 2008,</al><al>VVO definitie volgens NEN 2580) of een maximumhuur van € 2.500 per jaar
                            exclusief servicekosten en BTW. De genoemde huurprijs kan jaarlijks met
                            maximaal de CPI (gewone reeks) verhoogd worden.</al><al/><al><vet>2. Broedplaatsgroepen</vet></al><al>Broedplaatsgroepen bestaan uit kunstenaars gecombineerd met creatieve,
                            culturele of ambachtelijke bedrijfjes. Dergelijke groepen nemen genoegen
                            met eenvoudige behuizing en zijn bereid zelf te investeren en te
                            verbouwen en het gebouw op vrijwillige basis te exploiteren, te beheren
                            en te programmeren. De groep dient zich als stichting of vereniging
                            georganiseerd te hebben met een niet-commerciële doelstelling. Gezien de
                            diversiteit in deze groepen zal een mix van huurniveaus mogelijk zijn.
                            Voor de professionele kunstenaars binnen de groep geldt de eerder
                            genoemde maximum huur.</al><al>Een broedplaatsgroep dient het (woon)werkpand zodanig in te richten dat
                            minimaal 40% van het VVO beschikbaar is als (woon)werkruimte voor
                            kunstenaars. Het is dus mogelijk dat binnen broedplaatsgroepen en het
                            gebouw waar deze gevestigd zijn, ook culturele of creatieve bedrijfjes
                            opereren. Bij de broedplaatsgroepen profiteren deze bedrijfjes niet van
                            een eventuele subsidie. Zij betalen een kostendekkende huur en zij
                            worden niet getoetst op inkomen of vermogen. </al><al>De kostendekkende huur kan hoger liggen dan de maximum huur die de
                            getoetste professionele kunstenaars betalen.</al><al/><al><cursief>CAWA</cursief><noot id="d11827e1359"><noot.nr>19</noot.nr><noot.al>Bij vestiging van broedplaatsen in Zaanstad is het de
                                    bedoeling bij de toetsing ook Zaanse partijen te betrekken
                                </noot.al></noot></al><al>De toetsing op kunstenaarschap en plannen van broedplaatsgroepen wordt
                            sinds 1 januari 2008 verricht door de Commissie Atelier en
                            (woon)werkpanden Amsterdam (CAWA). Deze commissie is benoemd door het
                            College van B&amp;W en werkt binnen een beleidskader dat door de
                            wethouder Kunst&amp; en Cultuur wordt vastgesteld.</al><al/><al><cursief>Subsidieregeling</cursief></al><al>Bij de behandeling van subsidieaanvragen gelden een aantal
                            uitgangspunten. Deze zijn:</al><lijst><li nr="o"><al>De maximale subsidie bedraagt € 250 per m2 BVO ingeval van een
                                    exploitatietermijn als broedplaats voor 10 jaar. Een kortere
                                    periode betekent na rato minder subsidie per m2;</al></li><li nr="o"><al>De subsidie wordt alleen ingezet ter financiering van het
                                    onrendabel in verwerving en/of verbouwingskosten van het
                                    gedeelte dat door de professionele kunstenaars wordt gebruikt
                                </al></li><li nr="o"><al>De subsidie wordt niet ingezet als éénmalige bijdrage ter
                                    reductie van een door de verhuurder gewenst (‘marktconform’)
                                    huurniveau in een daaropvolgende tijdsperiode;</al></li><li nr="o"><al>De subsidie wordt éénmalig uitgekeerd op basis van
                                    gespecificeerde stichtingskosten en exploitatieopzet van het
                                    vastgoedproject; </al></li></lijst><al>De aanvraag verloopt volgens de procedure zoals uitgewerkt in het
                            submenu Loket Broedplaatsen op de website <extref doc="http://bureaubroedplaatsen.amsterdam.nl/" struct="INTERNET">www.bureaubroedplaatsen.amsterdam</extref>. </al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Bijlage 3: Creative Cities Amsterdam Area</label></kop><structuurtekst><al><cursief>Doelen CCAA</cursief></al><al>• bundelen van informatie en activiteiten op <extref doc="http://www.CCAA.nl" struct="INTERNET">www.ccaa.nl</extref>.</al><al>• dienstverlening verbeteren aan de creatieve ondernemers</al><al>• promotie van de regio als nationale en internationale creatieve hub,
                            vestigingsplaats</al><al/><al><cursief>Samenwerkingspartners CCAA</cursief></al><lijst><li nr="o"><al>Amsterdam</al></li><li nr="o"><al>Utrecht</al></li><li nr="o"><al>Almere</al></li><li nr="o"><al>Haarlem</al></li><li nr="o"><al>Zaanstad</al></li><li nr="o"><al>Amersfoort</al></li><li nr="o"><al>Hilversum</al></li><li nr="o"><al>provincie Noord-Holland</al></li><li nr="o"><al>provincie Utrecht</al></li><li nr="o"><al>provincie Flevoland</al></li><li nr="o"><al>ministerie van Economische Zaken</al></li><li nr="o"><al>Amsterdamse Innovatie Motor</al></li><li nr="o"><al>Ontwikkelingsmaatschappij Flevoland</al></li><li nr="o"><al>Taskforce Innovatie Regio Utrecht</al></li><li nr="o"><al>Kamer van Koophandel</al></li></lijst><al/><al>Resultaten CCAA 2007 - 2009</al><lijst><li nr="o"><al>Website/portal: <extref doc="http://www.CCAA.nl" struct="INTERNET">www.ccaa.nl</extref></al></li><li nr="o"><al>Internationale website (via ‘ open CI concept) <extref doc="http://www.creativeamsterdam.nl/" struct="INTERNET">www.creativeamsterdam.nl</extref></al></li><li nr="o"><al>Actueel overzicht van activiteiten per regio (<extref doc="http://www.CCAA.nl" struct="INTERNET">http://www.ccaa.nl</extref>) </al></li><li nr="o"><al>Online evenementenagenda en netwerkoverzicht</al></li><li nr="o"><al>Financieringsdesk creatieve industrie</al></li><li nr="o"><al>Huisvestingstool</al></li><li nr="o"><al>2 flyers (NL en Engels), 2 glossy’s ( Internationale brochures),
                                </al></li><li nr="o"><al>Handelsmissies naar Business of Design week Hong Kong, Leipzig
                                    Game Convention</al></li><li nr="o"><al>Medeorganisator Creative Company Conference (1 april 2008: 400
                                    bezoekers)</al></li><li nr="o"><al>Actieve betrokkenheid voorbereiding, deels invulling): PICNIC,
                                    FreeDesignDom, NL4Design, Museumn8, NL Game dagen</al></li><li nr="o"><al>Thematische bijeenkomsten creatieve industrie in diverse steden
                                </al></li></lijst><al/><al><cursief>Leden Creative Board CCAA (bron: </cursief><extref doc="http://www.CCAA.nl" struct="INTERNET"><cursief>www.ccaa.nl</cursief></extref><cursief>)</cursief></al><al/><al><onderstreept>Walter Amerika, voorzitter</onderstreept> Walter Amerika,
                            voormalig bestuursvoorzitter van FHV/BBDO Group, is onafhankelijk
                            ondernemer, adviseur en vrijwilliger in creativiteit, oprichter van
                            Progress United, een netwerk voor creatieve entrepreneurs en adviseur
                            voor de creatieve industrie van De Baak/VNO-NCW en tevens docent aan de
                            Design Academy in Eindhoven. Daarnaast heeft hij veel bekendheid
                            verworven rond zijn inspanningen voor een bank voor de creatieve
                            industrie (de Creative Industry Sofa). Walter Amerika staat bekend als
                            Brand en Marketingspecialist. <extref doc="http://walteramerika.blogs.com/" struct="INTERNET">Walteramerika.blogs.com</extref></al><al/><al><onderstreept>Marcel Wanders</onderstreept>Marcel Wanders
                            is een industrieel ontwerper. Wanders volgde een opleiding in Arnhem,
                            Maastricht en Hasselt en studeerde uiteindelijk cum laude af aan de
                            kunstacademie in Arnhem. Hij brak door in 1996 met zijn Knotted Chair,
                            een stoel van versterkt touw die hij (in samenwerking met de Technische
                            Universiteit Delft) voor Droog Design ontwierp. Hij is deeleigenaar en
                            art director van het ontwerpbureau Moooi (voorheen Wanders Wonders) in
                            Amsterdam. </al><al/><al>Daarnaast heeft hij een eigen bureau en ontwerpt hij voor een aantal
                            Italiaanse meubelmerken. Wanders werd in 2002 door het Amerikaanse
                            tijdschrift Business Week opgenomen in een lijst van 50 Stars of Europe.
                            In 2005 was hij redacteur van het Design Yearbook. Hij won in 2005 een
                            prijs voor zijn Carbon chair in de Elle Decoration International Design
                            Awards, en het jaar daarop won hij de prijs voor Designer of the Year in
                            de Elle Decoration International Design Awards. Naast het MoMa zijn
                            Wanders' ontwerpen te bezichtigen in onder meer het Victoria and Albert
                            Museum in Londen, het Stedelijk Museum in Amsterdam, het Museum Boijmans
                            van Beuningen in Rotterdam en het Centraal Museum in Utrecht. <extref doc="http://www.marcelwanders.nl" struct="INTERNET">www.marcelwanders.nl</extref></al><al/><al><onderstreept>Piet Boon</onderstreept></al><al>Piet Boon is een gerenommeerd meubel- en interieurontwerper. Samen met
                            zijn vrouw Karin leidt hij een ontwerpstudio en een team van architecten
                            en ontwerpers. Zijn kracht ligt in het maken van een totaalconcept,
                            zowel voor particulieren als ondernemingen zoals projectontwikkelaars.
                            Daarnaast ontwerpt Boon ook voor derden waarvoor hij nieuwe producten
                            ontwikkelt. Piet Boon is in de eerste plaats vormgever die zich het
                            liefst met alle facetten van een project bezighoudt. Uitgangspunt voor
                            zijn ontwerpen is dat ze behalve hun doordachte vormgeving ook tijdloos
                            en duurzaam moeten zijn. Een duidelijk element is zijn liefde voor pure,
                            eerlijke, natuurlijke materialen en uitgesproken stoer kleurgebruik. De
                            Piet Boon stijl is basic chic, met aandacht voor comfort en detail. Zijn
                            heldere en eigenzinnige ontwerpstijl heeft een internationale
                            uitstraling die hem inmiddels tot ver buiten de landsgrenzen tot een van
                            de meest spraakmakende Nederlandse ontwerpers heeft gemaakt. Van
                            ontwerper van huizen en interieurs heeft Piet Boon zich tot veelzijdig
                            vormgever ontwikkeld die ook public spaces, beach houses op Bonaire,
                            villa’s over de hele wereld, een limited editie van een Range Rover
                            Sport, een waterfles voor Sourcy en het eerste non casino hotel in Las
                            Vegas voor The Morgans Hotel Group onder handen neemt. In 2003 heeft hij
                            met veel succes zijn eigen meubel- en verlichtingslijn Piet Boon Zone
                            gelanceerd. In 2006 kwam daar een meubelstoffenlijn bij. In 2006 won hij
                            de Woonbeurs Pin, een jaarlijkse interieurontwerpprijs van de Woonbeurs
                            Amsterdam. <extref doc="http://www.pietboon.nl" struct="INTERNET">www.pietboon.nl</extref></al><al/><al><onderstreept>Frans Jansen</onderstreept>De kern van het
                            oeuvre van Frans Jansen bestaat uit een omvangrijk archief van
                            privéopnames. Vanaf zijn zestiende jaar fotografeert hij alles wat er om
                            hem heen gebeurt, waarbij vogels, vrouwen en de zee favoriete
                            onderwerpen zijn. Jansen fotografeert om zijn leven te bewaren. Sommige
                            foto’s zijn in opdracht gemaakt, andere zijn persoonlijk. De grens
                            tussen privé en professioneel is moeilijk te bepalen. De foto’s in
                            opdracht gemaakt hebben altijd iets terloops: de opnamen komen intiem en
                            natuurlijk over. Nog tijdens zijn studie aan de Rietveldacademie in
                            Amsterdam begon Frans Jansen te fotograferen voor de modeketen Fooks en
                            het tijdschrift Avenue. Later kwamen daar portretten van muzikanten voor
                            het muziekblad Oor bij. Daarnaast portretteerde hij captains of industry
                            voor het zakenblad Quote. Ten slotte zijn talloze reclamecampagnes van
                            zijn hand, zoals van Audi, Nike, Rabobank, Grolsch en
                            pensioenverzekeraar Zwitserleven. Maar voor Frans Jansen geldt alleen de
                            kwaliteit van zijn laatste werk. Hij houdt er niet van om zichzelf te
                            definiëren aan de hand van gewichtige namen. Jansen ziet overigens geen
                            verschil tussen een reclamebureau of een bedrijf als opdrachtgever.
                            Jansen: “Reclamebureaus en andere opdrachtgevers zijn het moderne
                            mecenaat. Rembrandt, Rubens en Michelangelo maakten ook reclame, maar
                            dan voor het evangelie, de hertog of de schutterij”. <extref doc="http://www.fransjansen.com" struct="INTERNET">www.fransjansen.com</extref></al><al/><al><onderstreept>Jan Willem Sieburgh</onderstreept></al><al>Jan Willem Sieburgh is zakelijk directeur van het Rijksmuseum Amsterdam.
                            Voorheen was hij directeur bij diverse reclamebureaus. In die
                            hoedanigheid was hij tevens betrokken bij de bond voor Nederlandse
                            ontwerpers. Sieburgh spant zich actief in om cultureel erfgoed ook
                            digitaal beschikbaar te maken. <extref doc="http://www.rijksmuseum.nl" struct="INTERNET">www.rijksmuseum.nl</extref></al><al/><al><onderstreept>Caroline Bos</onderstreept></al><al>Caroline Bos studeerde kunstgeschiedenis aan het Birkbeck College,
                            Universiteit van London. Na korte tijd voor de bekende architecten Zaha
                            Hadid en Santiago Calatrava te hebben gewerkt richtte architect Ben van
                            Berkel samen met de kunsthistoricus in 1988 Van Berkel en Bos
                            Architectenbureau op. Het bureau realiseerde een aantal opmerkelijke
                            projecten in Amersfoort. Grote bekendheid kreeg het bureau echter door
                            het ontwerp voor de Erasmusbrug. In 1998 werd de naam van het
                            architectenbureau veranderd in UN Studio. UN in de naam staat voor
                            United Network, het bureau als netwerk van verschillende specialisten op
                            het gebied van architectuur, infrastructuur en stedenbouw. UN Studio won
                            prijsvragen in de Verenigde Staten, Nieuw-Zeeland en Duitsland. Caroline
                            Bos is tevens voorzitter van de Sikkens Foundation, een onafhankelijke
                            organisatie die sociale, culturele en wetenschappelijke ontwikkelingen
                            in de samenleving stimuleert, waarbij kleur als medium een specifieke
                            rol speelt. <extref doc="http://www.unstudio.com" struct="INTERNET">www.unstudio.com</extref></al><al/><al><onderstreept>Michel Mol</onderstreept></al><al>Michel Mol is directeur innovatie en nieuwe media van NPO, de
                            Nederlandse Publieke Omroep. Tot 2001 was hij management consultant bij
                            McKinsey&amp;Company, directeur interactive bij de Grey Communications
                            Group en werkzaam als entrepreneur. Mol is verantwoordelijk voor de
                            bredere innovatiestrategie van NPO en de realisatie daarvan. Hij moet de
                            toekomstbestendigheid van de omroep bevorderen door dwarsverbanden
                            tussen de bestaande platformoperaties televisie, radio en internet aan
                            te leggen. Ook gaat hij nieuwe diensten op nieuwe platforms lanceren,
                            zoals video on demand en mobiele diensten, en de daarvoor benodigde
                            business allianties en modellen ontwikkelen. <extref doc="http://www.omroep.nl " struct="INTERNET">www.omroep.nl
                            </extref></al><al/><al><onderstreept>Joke Hoolboom</onderstreept></al><al>Joke Hoolboom studeerde aan de Toneelschool van Amsterdam en werkte o.a.
                            bij de Appel en Hollandia. Tijdens haar studie speelde ze mee in
                            Mozart’s Don Giovanni o.l.v. Jan Willem de Vriend, die daarmee zijn
                            eerste opera dirigeerde. Dit bijzondere project vormde voor Joke het
                            begin van haar interesse en liefde voor opera. Sinds 1995 is zij
                            artistiek leider en vaste regisseur van Xynix Opera (XX). Met dit
                            operagezelschap realiseerde zij naast ruim 20 jeugdopera's in het
                            theater, bijzondere locatieprojecten als Dido en Aeneas op Fort
                            Rijnauwen, Orfeo (Monteverdi) op een werkende betonfabriek en Styx
                            (Chiel Meijering) binnen de muren van de Veerensmederij te Amersfoort.
                            Dit industriële monument wordt met ingang van 2009 het vaste onderkomen
                            van XX en daarmee het eerste Jeugdoperahuis van Europa. Daarnaast
                            regisseerde ze voor het Amsterdams Bach Consort (ABC): King Arthur
                            (Purcell), Idomeneo (Mozart) en Acis &amp; Galatea (Händel) en bij Opera
                            Zuid in 2006 Mavra (Strawinsky). Toekomstige projecten zijn o.a. The
                            tempest (Purcell) bij het ABC, De Kleine Kerstman (Toek Numan) bij een
                            serie van het Concertgebouw en de Doelen en King Arthur (Purcell) op
                            locatie. <extref doc="http://www.xynixopera.nl" struct="INTERNET">www.xynixopera.nl</extref></al><al/><al><onderstreept>Gemma Jelier</onderstreept>Gemma Jelier is
                            zakelijk leider van Springdance. Jelier was twee jaar zakelijk leider
                            van Huis en Festival a/d Werf. Daarvoor werkte ze als zakelijk leider
                            bij Festival ETCETERA in Amersfoort en bij het Impakt festival in
                            Utrecht. Na haar opleiding Theater-, Film- en Televisiewetenschap aan de
                            Universiteit Utrecht begon Jelier haar carrière als productieleider bij
                            Naranti Productions in Amsterdam, een productiekantoor voor jonge
                            aanstormende choreografen. Eind jaren negentig was ze als producent van
                            Jansen &amp; Jelier een aantal jaren werkzaam als scout en bemiddelaar
                            voor talentvolle jonge en gevestigde theatermakers. Gemma Jelier is
                            bestuurslid van Dance Unit (Amsterdam). <extref doc="http://www.springdance.nl" struct="INTERNET">www.springdance.nl</extref></al><al/><al><onderstreept>Richard van der Giessen</onderstreept></al><al>Richard van der Giessen is directeur van U-trax. U-TRAX is in 1992
                            opgericht als platenlabel. Sinds 1997 levert U-TRAX localisatie- en
                            reclamediensten voor de videogamesindustrie.<extref doc=" http://www.utrax.nl" struct="INTERNET">
                            www.utrax.nl</extref></al><al/><al><onderstreept>Henriette Evenhuis</onderstreept>Onder de
                            naam Evensculp werkt Henriette Evenhuis als beeldend kunstenaar. De
                            Almeerse kunstenares werkt voor opdrachtgevers in binnen- en buitenland
                            en haar werk is regelmatig te zien gedurende tijdelijke
                            tentoonstellingen en exposities in Europa. Evenhuis geeft tevens
                            cursussen in haar atelier in Almere. <extref doc="http://www.evensculp.com" struct="INTERNET">www.evensculp.com</extref></al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label> Bijlage 4: Doelen en maatregelen beleid creatieve bedrijvigheid</label></kop><structuurtekst><table><tgroup cols="5" char="" charoff="50" align="left"><colspec colname="col1" colwidth="20*"/><colspec colname="col2" colwidth="20*"/><colspec colname="col3" colwidth="20*"/><colspec colname="col4" colwidth="20*"/><colspec colname="col5" colwidth="20*"/><tbody><row><entry colname="col1" morerows="0" nameend="col5" namest="col1" rotate="0"><al>Beleidsdoelen per maatregel</al></entry></row><row><entry colname="col1" morerows="0" rotate="0"><al>Maatregelen</al></entry><entry colname="col2" morerows="0" rotate="0"><al>Doel 1</al></entry><entry colname="col3" morerows="0" rotate="0"><al>Doel 2</al></entry><entry colname="col4" morerows="0" rotate="0"><al>Doel 3</al></entry><entry colname="col5" morerows="0" rotate="0"><al>Doel 4</al></entry></row><row><entry colname="col1" morerows="0" rotate="0"><al>I</al></entry><entry colname="col2" morerows="0" rotate="0"><al>X</al></entry><entry colname="col3" morerows="0" rotate="0"><al/></entry><entry colname="col4" morerows="0" rotate="0"><al/></entry><entry colname="col5" morerows="0" rotate="0"><al>X</al></entry></row><row><entry colname="col1" morerows="0" rotate="0"><al>II</al></entry><entry colname="col2" morerows="0" rotate="0"><al>X</al></entry><entry colname="col3" morerows="0" rotate="0"><al/></entry><entry colname="col4" morerows="0" rotate="0"><al/></entry><entry colname="col5" morerows="0" rotate="0"><al>X</al></entry></row><row><entry colname="col1" morerows="0" rotate="0"><al>III</al></entry><entry colname="col2" morerows="0" rotate="0"><al/></entry><entry colname="col3" morerows="0" rotate="0"><al>X</al></entry><entry colname="col4" morerows="0" rotate="0"><al>X</al></entry><entry colname="col5" morerows="0" rotate="0"><al/></entry></row><row><entry colname="col1" morerows="0" rotate="0"><al>IV</al></entry><entry colname="col2" morerows="0" rotate="0"><al/></entry><entry colname="col3" morerows="0" rotate="0"><al>X</al></entry><entry colname="col4" morerows="0" rotate="0"><al>X</al></entry><entry colname="col5" morerows="0" rotate="0"><al/></entry></row><row><entry colname="col1" morerows="0" rotate="0"><al>V</al></entry><entry colname="col2" morerows="0" rotate="0"><al>X</al></entry><entry colname="col3" morerows="0" rotate="0"><al/></entry><entry colname="col4" morerows="0" rotate="0"><al/></entry><entry colname="col5" morerows="0" rotate="0"><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><al><cursief>Toelichting:</cursief></al><al><cursief>Doelen</cursief></al><al>Scheppen van randvoorwaarden voor de uitbouw van creatieve bedrijvigheid
                            in Zaanstad en stimuleren ontwikkeling creatieve bedrijvigheid in
                            Zaanstad</al><al>Samenwerking tussen de creatieve bedrijvigheid en andere economische
                            sectoren</al><al>Vergroten van het organiserende vermogen van de creatieve bedrijvigheid
                            en netwerkvorming, verbinden van ondernemers uit verschillende delen van
                            de creatieve bedrijvigheid</al><al>Beschikbaar komen van bestaande fysieke ruimte voor creatieve
                            ondernemers in Zaanstad (bij voorkeur hergebruik industrieel erfgoed en
                            panden uit de databank karakteristieke panden)</al><al/><al><cursief>Maatregelen: </cursief></al><lijst><li nr="o"><al>Financiële stimuleringsregelingen</al></li><li nr="o"><al>Bedrijfruimte/broedplaatsen</al></li><li nr="o"><al>Regionale samenwerking</al></li><li nr="o"><al>Netwerkvorming</al></li><li nr="o"><al>Marketing, promotie en acquisitie</al></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label> Bijlage 5: Aanbevelingen stimuleringsprogramma creatieve bedrijvigheid</label></kop><structuurtekst><al><cursief>1. Verder uitwerken uitvoeringsprogramma</cursief></al><al>Het uitvoeringsprogramma creatieve bedrijvigheid waarvoor in
                            voorliggende notitie een aanzet is gegeven dient nog te verder te worden
                            uitgewerkt naar jaarschijven met SMART-geformuleerde doelen. Om dit
                            programma uit te kunnen voeren zal externe financiering gezocht moeten
                            worden. De werving van externe fondsen zal een belangrijk onderdeel
                            moeten zijn van het uitvoeringsprogramma.</al><al/><al><cursief>2. Bedrijfruimte/broedplaatsen</cursief></al><lijst><li nr="o"><al>spoedig realiseren van een aanbod aan betaalbare bedrijfruimte
                                    en broedplaatsen om de overloop van creatieve bedrijven uit
                                    Amsterdam te faciliteren (zowel permanente als tijdelijke
                                    bedrijfsruimte). Bedrijfsruimte is dé sleutel voor vestiging van
                                    creatieve bedrijven. Woonwerkruimten zijn overigens ook van
                                    belang. Aanbevolen wordt een programma uit te werken voor
                                    betaalbare bedrijfruimte en broedplaatsen en externe
                                    financiering te verwerven;</al></li><li nr="o"><al>actualiseren databank karakteristieke bedrijfspanden en
                                    industrieel erfgoed en actiever inzetten van de databank als
                                    instrument om bedrijfsruimte te ontsluiten voor creatieve
                                    bedrijven;</al></li><li nr="o"><al>hierbij een koppeling leggen met het beleid Parels Rijgen en de
                                    ontwikkeling van het Hembrugterrein.</al><al/></li></lijst><al><cursief>3. Regionale samenwerking</cursief></al><lijst><li nr="o"><al>omwille van de afbakening is het beleid creatieve bedrijvigheid
                                    in voorliggende notitie beperkt tot Zaanstad. Een bredere aanpak
                                    voor de gehele Zaanstreek is echter kansrijk en biedt
                                    schaalvoordelen. Aanbevolen wordt via het platform van de ZER te
                                    bespreken of het beleid creatieve bedrijvigheid breder getrokken
                                    kan worden naar de gehele Zaanstreek. De ZER streeft overigens
                                    al naar een gemeenschappelijke strategie voor creatieve
                                    bedrijvigheid waarmee de Zaanstreek zich nog steviger kan
                                    positioneren en via marketing van de Zaanstreek een helder en
                                    aantrekkelijk verhaal kan uitdragen (bron: Programmabegroting
                                    Zaanstad 2008);</al></li><li nr="o"><al>regionale samenwerking binnen CCAA is kansrijk gebleken.
                                    Aanbevolen wordt de komende jaren op dit pad voort te gaan met
                                    behoud van een Zaans profiel. Bedrijfshuisvestiging is een
                                    belangrijk aandachtspunt. CCAA geeft daarbij uitvoering aan een
                                    deel van de Zaanse beleidsdoelen.</al><al/></li></lijst><al><cursief>4. Netwerkvorming</cursief></al><lijst><li nr="o"><al>de websites <extref doc="http://www.CCAA.nl" struct="INTERNET">www.CCAA.nl</extref> en <extref doc="http://www.zaanstreek.nl" struct="INTERNET">www.zaanstreek.nl</extref> actiever inzetten voor
                                    (digitale) netwerkvorming tussen reeds gevestigde Zaanse
                                    creatieve bedrijven en nieuwe bedrijven;</al></li><li nr="o"><al>bevorderen netwerkvorming (ontmoetingen) en organiseren
                                    netwerkbijeenkomsten in samenwerking met ondermeer de Kamer van
                                    Koophandel, MKB, Vereniging Ondernemerskring Zaanstreek, CCAA en
                                    ACX;</al></li><li nr="o"><al>installeren van een Zaanse Creative Board (passend binnen de
                                    lijn van de ZER met drie stuurgroepen voor de speerpunten);</al></li><li nr="o"><al>onderzoeken of het mogelijk is het aanbod aan ambachtelijke en
                                    maakbedrijven waar creatieve bedrijven hun ontwerpen kunnen
                                    laten maken, te ontsluiten.</al><al/></li></lijst><al><cursief>5. Marketing, promotie en acquisitie</cursief></al><lijst><li nr="o"><al>het instrument accountmanagement Economische Zaken nog actiever
                                    inzetten om nieuwe creatieve bedrijven te begeleiden bij hun
                                    vestiging in Zaanstad;</al></li><li nr="o"><al>registreren en monitoren van de contacten met creatieve
                                    bedrijven.</al><al/></li></lijst><al><cursief>6. Evaluatie beleid en programma</cursief></al><al>Zoals eerder aangegeven, is het beleid creatieve bedrijvigheid
                            (voortdurend) in ontwikkeling. Het gaat om een betrekkelijk nieuw
                            beleidsterrein waarmee nog niet zoveel ervaring is opgedaan. Een
                            complicerende factor daarbij is dat de sector creatieve bedrijvigheid
                            zeer heterogeen is en het beleidsterrein zeer breed. De ontwikkeling van
                            de sector verloopt daarbij grillig. Ook de beleidsontwikkeling is zeer
                            dynamisch, elke week verschijnt er wel weer een nieuwe
                            (beleids)publicatie. Aandacht voor tijdige bijstelling van het beleid is
                            daarom gewenst: aanbevolen wordt regelmatig te evalueren of we nog op de
                            goede weg zijn. Evaluatie van de gemaakte beleidskeuzen is daarbij ook
                            van belang (b.v. de gemaakte keuze voor stimulering van het basis- en
                            middensegment en de verbinding met de maak- en foodindustrie). </al></structuurtekst></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>