<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR87908_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening voor het crematorium en de gemeentelijke begraafplaatsen Amersfoort 2011</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Amersfoort</dcterms:creator><dcterms:modified>2011-02-11</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Amersfoort</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Stadsberichten</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening voor het crematorium en de gemeentelijke begraafplaatsen Amersfoort 2011</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Art. 149 Gemeentewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Art. 35 Wet op de lijkbezorging</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-01-25</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2021-11-18</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>3626741</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Uitvoeringsbesluit graven, asbezorging en gedenkplaatsen Amersfoort 2011</al><al>Uitvoeringsbesluit grafbedekkingen Amersfoort 2011</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Verordening voor het crematorium en de gemeentelijke begraafplaatsen Amersfoort 2005 intrekken met ingang van inwerkingtreding nieuwe verordening. Aanvragen voor vergunning ingediend onder de oude regeling, waarop nog geen besluit is genomen, vallen onder de nieuwe verordening.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening voor het crematorium en de gemeentelijke begraafplaatsen Amersfoort 2011</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><cursief>Verordening</cursief></al><al>De raad van de gemeente Amersfoort;</al><al>heeft het voorstel van burgemeester en wethouders gelezen van sector SOB/CBA
                        (nr. 3626660);</al><al>heeft artikel 149 van de Gemeentewet gelezen alsmede artikel 35 van de Wet
                        op de Lijkbezorging</al><al><vet>b e s l u i t:</vet></al><al> vast te stellen de:</al><al><cursief>Verordening voor het crematorium en de gemeentelijke
                        begraafplaatsen Amersfoort 2011</cursief></al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><tekst><al>HOOFDSTUK IALGEMENE BEPALINGEN</al><al>Hoofdstuk IBegripsbepalingen</al><al>HOOFDSTUK IVoor de toepassing van deze verordening wordt verstaan
                    onder:</al><lijst><li nr="a."><al>gemeentelijke begraafplaatsen: - Begraafplaats Rusthof, gelegen aan
                                de Dodeweg Oost 31 te Leusden;</al><lijst><li nr="-"><al>Rooms Katholieke gedeelte van Rusthof, de begraafplaats
                                        Maranatha gelegen aan de Dodeweg West 28 te Amersfoort;</al></li></lijst></li></lijst><al>-de begraafplaats Soesterweg, gelegen aan de Soesterweg 187 te
                        Amersfoort;</al><lijst><li nr="b."><al>gemeentelijk crematorium: - crematorium, gelegen aan de Dodeweg Oost
                                3l te Leusden;</al></li><li nr="c."><al>particulier graf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor
                                aan een natuurlijke persoon of rechtspersoonvoor bepaalde tijd
                                het uitsluitend recht is verleend tot</al><lijst><li nr="-"><al>het doen begraven en begraven houden van lijken;</al></li><li nr="-"><al>het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of
                                        zonder urnen;</al></li><li nr="-"><al>het doen verstrooien van as in het graf.</al></li></lijst></li><li nr="d."><al>algemeen graf: een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een
                                ieder de gelegenheid</al></li></lijst><al>HOOFDSTUK I wordt geboden tot het doen begraven van lijken;</al><al>e.particulier urnengraf: een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor
                        aan een</al><al>HOOFDSTUK I natuurlijke persoon of rechtspersoon voor bepaalde tijd het
                        uitsluitend recht is verleend tot:</al><lijst><li nr="-"><al>het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen met of zonder
                                urnen;</al></li><li nr="-"><al>het doen verstrooien van as in een graf;</al><lijst><li nr="f."><al>particuliere urnennis: een nis waarvoor aan een natuurlijke
                                        of rechtspersoon voor bepaalde tijd het</al></li></lijst></li></lijst><al>HOOFDSTUK I uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet
                        houden van een asbus met of zonder urn;</al><al>g.particuliere plaats in de urnentuin: een plaats waarvoor aan een
                        natuurlijk persoon of rechtspersoon voor</al><al>HOOFDSTUK I bepaalde tijd het recht is verleend tot doen bijzetten van een
                        urn waarin een asbus urn kan worden</al><al>HOOFDSTUK I geplaatst;</al><lijst><li nr="h."><al>urn: een voorwerp ter berging van één of meerdere asbussen;</al></li><li nr="i."><al>asbus: een bus ter berging van as van een overledene;</al></li><li nr="j."><al>verstrooiingsplaats: een plaats waarop as wordt verstrooid;</al></li><li nr="k."><al>grafbedekking: gedenkteken en/of winterharde grafbeplanting op een
                                graf, op een gedenkplaats of op een</al></li></lijst><al>HOOFDSTUK I urnengraf;</al><lijst><li nr="l."><al>gedenkplaats: een plaats ingericht om overledenen te gedenken;</al></li><li nr="m."><al>gedenkzuil: een zuil op de gedenkplaats waarop gedenkplaten zijn
                                bevestigd waarop namen zijn vermeld van overledenen;</al></li><li nr="n."><al>gedenkteken: een monument waarvoor vergunning is verleend om dat
                                voor een bepaalde tijd voor de</al></li></lijst><al>HOOFDSTUK I overledene op te richten;</al><al>o.grafbeplantingen: winterharde beplanting welke door de rechthebbende en/of
                        de gemeente op een graf</al><al>HOOFDSTUK I wordt aangebracht;</al><al>p.bedrijfsleider: de ambtenaar die namens het gemeentebestuur belast is met
                        de dagelijkse leiding van de</al><al>HOOFDSTUK I begraafplaatsen of degene die hem vervangt, of namens hem
                        optreedt;</al><al>q.rechthebbende: een natuurlijke persoon of rechtspersoon, die het
                        uitsluitend recht heeft verkregen tot het</al><al>HOOFDSTUK I begraven of tot het bijzetten van een asbus in een particulier
                        graf of tot het bijzetten van een urn in een</al><al>HOOFDSTUK I urnengraf, een urnennis, of in de urnentuin.</al><al>HOOFDSTUK IIOPEnstelling, ORDE EN RUST OP DE BEGRAAFPLAATSEN</al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 2 Openstelling begraafplaatsen</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De begraafplaatsen zijn voor een ieder dagelijks toegankelijk
                                gedurende de volgende tijden:</al><lijst><li nr="-"><al>van 1 maart tot 1 mei van 08.00 uur tot 19.00 uur;</al></li><li nr="-"><al>van 1 mei tot 1 september van 08.00 uur tot 21.00 uur;</al></li><li nr="-"><al>van 1 september tot 1 november van 08.00 uur tot 19.00
                                        uur;</al></li><li nr="-"><al>van 1 november tot 1 maart van 08.00 uur tot 16.00 uur.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Ter handhaving van de orde, rust en veiligheid op de begraafplaatsen
                                kunnen de toegangen</al></li></lijst><al>HOOFDSTUK I tijdelijk worden gesloten. Ten behoeve van werkzaamheden op de
                        begraafplaats kan de </al><al>HOOFDSTUK I bedrijfsleider tijdelijk delen voor het publiek afsluiten.</al><al>3.Het is verboden gedurende de tijd dat de begraafplaats niet voor het
                        publiek geopend is, zich daar te bevinden, anders dan voor het bijwonen van
                        een begrafenis of bezorging van as.</al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 3 Ordemaatregelen</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden met motorrijtuigen op de begraafplaats te rijden
                                anders dan voor een begrafenis.</al></li><li nr="2."><al>Er mag op de begraafplaatsen niet sneller worden gereden dan 10 km
                                per uur en uitsluitend op</al></li></lijst><al>HOOFDSTUK I de asfaltrijwegen.</al><lijst><li nr="3."><al>Het college kan ontheffing verlenen van het in het eerste lid
                                opgenomen verbod:</al><lijst><li nr="a."><al>aan steenhouwers, hoveniers en daarmede gelijk te stellen
                                        personen.</al></li><li nr="b."><al>aan personen die voor grafbezoek als gevolg van invaliditeit
                                        op dit vervoer zijn aangewezen.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Personen die op de begraafplaatsen werkzaamheden hebben te
                                verrichten en zich bedienen van</al></li></lijst><al>HOOFDSTUK I een motorvoertuig, dienen zich eerst bij de bedrijfsleider te
                        melden.</al><al>5.Bezoekers, personeel van uitvaartondernemingen en personen die
                        werkzaamheden op de</al><al>HOOFDSTUK I begraafplaatsen hebben te verrichten, zijn verplicht zich in het
                        belang van de orde, rust en </al><al>HOOFDSTUK I netheid te houden aan de aanwijzingen van de
                        bedrijfsleider.</al><lijst><li nr="6."><al>De bedrijfsleider kan personen die zich niet aan de in het vorige
                                lid bedoelde aanwijzingen houden van de begraafplaats verwijderen of
                                laten verwijderen.</al></li><li nr="7."><al>Het is verboden op de begraafplaatsen:</al><lijst><li nr="a."><al>voor derden, bloemen of andere artikelen te koop aan te
                                        bieden of aanbiedingen te doen met</al><al> betrekking tot de verzorging van graven en/of
                                        grafbedekkingen;</al></li><li nr="b."><al>op enigerlei wijze reclame te maken voor handel, beroep of
                                        bedrijf;</al></li><li nr="c."><al>onaangelijnde honden mee te nemen;</al></li><li nr="d."><al>alsmede planten of voorwerpen buiten de grafmaat te
                                        plaatsen.</al><al> Deze worden direct verwijderd, zonder dat aanspraak gemaakt
                                        kan worden op enige</al><al> vergoeding.</al></li></lijst></li></lijst><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 4 Plechtigheden</vet></al><al>1.Dodenherdenkingen, onthullingen van gedenktekens en dergelijke
                        plechtigheden op de</al><al>HOOFDSTUK I begraafplaatsen moeten een week tevoren worden gemeld aan de
                        bedrijfsleider onder opgave </al><al>HOOFDSTUK I van datum en uur van de plechtigheid en de wijze waarop de
                        plechtigheid zal plaatsvinden.</al><al>2.De deelnemers aan de plechtigheid, bedoeld in het eerste lid, moeten zich
                        in het belang</al><al>HOOFDSTUK I van de orde, rust en netheid houden aan de aanwijzingen van de
                        bedrijfsleider.</al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 5 Opgravingen en ruimen</vet></al><al>HOOFDSTUK IHet opgraven van lijken en het ruimen van graven is slechts
                        toegestaan, indien daarbij geen andere personen aanwezig zijn dan degenen
                        die door de bedrijfsleider met deze werkzaamheden zijn belast.</al><al>HOOFDSTUK IHOOFDSTUK III VOORSCHRIFTEN VOOR LIJKBEZORGING</al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 6 Kennisgeving begraven, cremeren en asbezorging,
                            openen en sluiten van het graf</vet></al><al>1. Degenen, die wil doen begraven of cremeren, as wil doen bijzetten of as
                        wil doen verstrooien, </al><al>HOOFDSTUK I geeft daarvan uiterlijk om 12.00 uur van de werkdag voorafgaande
                        aan die waarop de begraving, </al><al>HOOFDSTUK I crematie, bijzetting of verstrooiing moet plaatsvinden,
                        schriftelijk kennis aan de bedrijfsleider. De </al><al>HOOFDSTUK I zaterdag geldt voor de toepassing van deze bepaling niet als
                        werkdag. Indien de burgemeester </al><al>HOOFDSTUK I toestemming heeft gegeven om het lijk binnen 36 uur na het
                        overlijden te begraven moet de </al><al>HOOFDSTUK I kennisgeving aan de bedrijfsleider zo tijdig mogelijk worden
                        gedaan.</al><al>2.Het openen van een graf ter begraving of voor het bezorgen van as, en
                        daarna sluiten van een </al><al>HOOFDSTUK Igraf, alsmede het bedienen van de hulpmiddelen mag uitsluitend
                        geschieden door het personeel van de begraafplaatsen. De nabestaanden kunnen
                        deze werkzaamheden onder toezicht van de bedrijfsleider geheel of
                        gedeeltelijk zelf verrichten, indien zij hun wens daartoe uiterlijk om 12.00
                        uur van de voorafgaande werkdag mondeling of schriftelijk aan de
                        bedrijfsleider hebben kenbaar gemaakt. De zaterdag geldt voor de toepassing
                        van deze bepaling niet als werkdag. Zij dienen bij deze werkzaamheden de
                        aanwijzingen van de bedrijfsleider op te volgen.</al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 7 Gebouwen en voorzieningen zoals
                            geluidinstallatie,muziekinstrumenten en beamer</vet></al><al>HOOFDSTUK IHet gebruik van de ontvangstruimten, de aula en de
                        condoleanceruimte, alsmede de</al><al>HOOFDSTUK I muziekinstrumenten en de beamer moet gelijktijdig met de
                        aanmelding van de </al><al>HOOFDSTUK I plechtigheid worden aangevraagd bij de bedrijfsleider. De
                        ruimten en voorzieningen staan voor iedere plechtigheid op een vooraf te
                        bepalen tijdstip en tijdsduur ter beschikking van de aanvrager.</al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 8 Over te leggen stukken</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Begraving en cremeren mag slechts geschieden, indien van tevoren het
                                verlof tot begraven/ cremeren is overgelegd aan de
                                bedrijfsleider.</al></li><li nr="2."><al>Indien de begraving of de bezorging van as in een particulier graf
                                zal plaatsvinden, dient een </al></li></lijst><al>HOOFDSTUK Imachtiging daartoe aan de bedrijfsleider te worden overgelegd,
                        ondertekend door de </al><al>HOOFDSTUK Irechthebbende.</al><al>3.Begraving of bijzetting in een particulier graf waarvan de uitgiftetermijn
                        binnen de wettelijke </al><al>HOOFDSTUK Iminimum grafrusttermijn afloopt, kan alleen plaatsvinden onder
                        gelijktijdige verlenging van </al><al>HOOFDSTUK Ide uitgiftetermijn met een zodanige periode dat de alsdan
                        resterende uitgiftetermijn ten minste</al><al>HOOFDSTUK Igelijk is aan de wettelijke minimum grafrusttermijn. De
                        verlenging dient te worden </al><al>HOOFDSTUK Iaangevraagd door de rechthebbende.</al><al>4.De bedrijfsleider onderzoekt of de overgelegde stukken toereikend
                        zijn.</al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 9 Aanvangstijden van begraven cremeren en
                            asbezorging</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De aanvangstijden van begraven:</al><lijst><li nr="a."><al>van maandag tot en met vrijdag van 09.00 uur tot 15.00
                                        uur;</al></li><li nr="b."><al>op zaterdag van 09.00 uur tot 15.00 uur;</al></li></lijst></li></lijst><al>HOOFDSTUK I met uitzondering van de algemeen erkende feestdagen.</al><lijst><li nr="2."><al>De aanvangstijden voor crematieplechtigheden zijn</al><lijst><li nr="a."><al>van maandag tot en met vrijdag van 9.00 uur tot 17.00
                                        uur,</al></li></lijst></li></lijst><al>HOOFDSTUK I b op zaterdag van 9.00 uur tot 15.00 uur,</al><al>3.De aanvangstijden voor asbezorging:</al><al>HOOFDSTUK I van maandag tot en met vrijdag van 09.00 uur tot 16.00 </al><al>HOOFDSTUK I met uitzondering van de algemeen erkende feestdagen</al><al>4.Het college kan in bijzondere gevallen van deze dagen en tijden
                        afwijken.</al><al>HOOFDSTUK IHOOFDSTUK IIII INDELING EN UITGIFTE VAN GRAVEN</al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 10 Indeling graven en asbezorging</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Op de begraafplaats kunnen worden uitgegeven:</al><lijst><li nr="a."><al>particuliere graven aan pad;</al></li><li nr="b."><al>particuliere bosgraven;</al></li><li nr="c."><al>particuliere kindergraven;</al></li><li nr="d."><al>algemene graven;</al></li><li nr="e."><al>algemene kindergraven;</al></li><li nr="f."><al>urnennissen;</al></li><li nr="g."><al>particuliere plaats in urnentuin;</al></li><li nr="h."><al>particuliere urnengraven;</al></li><li nr="i."><al>particuliere gedenkplaat op de gedenkzuil;</al></li><li nr="j."><al>algemene asverstrooiingsplaatsen.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college bepaalt bij nader vast te stellen regels het onderscheid
                                tussen en voorwaarden voor uitgifte of</al></li></lijst><al>HOOFDSTUK I gebruik van de in lid 1 bedoelde graven, nissen, platen en
                        plaatsen. Zij bepalen hoeveel lijken en hoeveel </al><al>HOOFDSTUK I asbussen met of zonder urnen kunnen worden bijgezet in
                        particuliere graven.</al><al>HOOFDSTUK I 3. Het college draagt er zorg voor dat op de begraafplaats
                        Rusthof een afzonderlijk gedeelte van de </al><al>HOOFDSTUK I begraafplaats wordt gebruikt voor asbusbijzetting in urnengraven
                        en wijzen terreinen aan waarop as kan </al><al>HOOFDSTUK I worden verstrooid. As wordt alleen verstrooid op het aangewezen
                        terrein en niet op of in de directe </al><al>HOOFDSTUK I omgeving van graven.</al><al>4.Het college draagt er zorg voor dat een gedeelte van de begraafplaats
                        Rusthof wordt ingericht voor het</al><al>HOOFDSTUK I begraven volgens islamitische traditie. </al><al>HOOFDSTUK IArtikel 11 Aantal overledenen in graven 1. In algemene graven kan
                        een door het college te bepalen aantal lijken worden begraven. 2. In of op
                        algemene graven kunnen geen asbussen worden bijgezet of asverstrooingen
                        plaats vinden.</al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 12 Volgorde van uitgifte</vet></al><al>1.De algemene graven worden slechts voor directe begraving en in volgorde
                        van uitgifte</al><al>HOOFDSTUK I uitgegeven.</al><al>HOOFDSTUK I2 Voor particuliere graven geldt geen volgorde van uitgifte, met
                        uitzondering van nieuw uit te geven </al><al>HOOFDSTUK I grafvelden op de begraafplaats Rusthof en graven die voor een
                        periode van 10 jaar worden uitgegeven.</al><al>HOOFDSTUK I Particuliere graven worden zowel uitgegeven voor directe als
                        niet directe begraving. </al><al>HOOFDSTUK I Urnengraven, urnennissen en plaatsen in de urnentuin worden
                        zowel uitgegeven voor directe bijzetting </al><al>HOOFDSTUK I als niet directe bijzetting. </al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 13 Categorieën</vet></al><al>HOOFDSTUK IHet college kan bij nader vast te stellen regels de algemene en
                        particuliere graven onderverdelen in categorieën. Zij bepalen voor de
                        verschillende categorieën de situering en oppervlakte.</al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 14 Termijnen particuliere graven, urnengraven en
                            urnennissen</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Het college verleent, voor zover de daartoe bestemde ruimte van de
                                begraafplaatsen zulks toelaat, op een daartoe bij hen schriftelijke
                                in te dienen aanvraag, voor de tijd van tien of vijfentwintig jaar
                                het recht op een particulier graf. De termijn begint te lopen op de
                                datum waarop het particuliere graf is uitgegeven.</al></li><li nr="2."><al>Het in het eerste lid van dit artikel bedoelde recht wordt op
                                aanvraag van de rechthebbende verlengd telkens met een termijn van
                                vijf of tien jaren, mits de aanvraag vóór het verstrijken van de
                                lopende termijn wordt ingediend. Het college zal de rechthebbende
                                één jaar voor de afloop van de termijnen genoemd in lid 1 en 2 op de
                                verlenging attenderen.</al></li><li nr="3."><al>Het college verleent, voor zover de daartoe bestemde ruimte zulks
                                toelaat, op een daartoe schriftelijk in te dienen aanvraag voor de
                                tijd van vijf jaar het recht op een urnennis met het recht op
                                verlenging van telkens 5 jaar, voor een particulier geldt een
                                termijn van 10 of 25 jaar met de mogelijkheid om te verlengen voor
                                een periode van 5 of 10 jaar.</al></li></lijst><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 15 Termijnen algemene graven</vet></al><al>HOOFDSTUK IHet recht tot het begraven in algemene graven, inclusief algemene
                        kindergraven, berust bij het college. Met inachtneming van de wettelijke
                        grafrusttermijn is het recht tot begraven in een algemeen graf voor een
                        periode van 10 jaar.</al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 16 Overschrijving van verleende rechten</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Het recht op een particulier graf kan op aanvraag van de
                                rechthebbende worden overgeschreven op naam van een natuurlijk
                                persoon of rechtspersoon.</al></li><li nr="2."><al>Na het overlijden van de rechthebbende kan het particuliere graf
                                worden overgeschreven op naam van een natuurlijk persoon of
                                rechtspersoon, mits de aanvraag hiertoe wordt gedaan binnen zes
                                maanden jaar na het overlijden van de rechthebbende. Indien de
                                overleden rechthebbende in het graf dient te worden begraven, of
                                indien de asbus met zijn resten in het graf dient te worden
                                bijgezet, dient het verzoek tot overschrijving daaraan voorafgaand
                                te worden gedaan.</al></li><li nr="3."><al>Indien na het overlijden van de rechthebbende de aanvraag tot
                                overschrijving aan burgemeester en wethouders niet wordt gedaan
                                binnen de in het tweede lid van dit artikel gestelde termijn van zes
                                maanden, is het college bevoegd het recht op het particuliere graf
                                te doen vervallen.</al></li><li nr="4."><al>Na het verstrijken van de in het tweede lid genoemde termijn van zes
                                maanden kunnen burgemeester en wethouders het particuliere graf
                                alsnog op naam stellen van een nieuwe rechthebbende, tenzij dit
                                recht betrekking heeft op een particulier graf dat inmiddels is
                                geruimd.</al></li></lijst><al>HOOFDSTUK IArtikel 17 Afstand doen van graven</al><lijst><li nr="1."><al>Zonder aanspraak te maken op enige vergoeding kan de rechthebbende
                                schriftelijk afstand doen ten behoeve van de gemeente van het recht
                                op het particuliere graf. Van de ontvangst van zodanige verklaring
                                doet het college schriftelijk mededeling aan de rechthebbende.</al></li><li nr="2."><al>Indien overeenkomstig het voorafgaande lid afstand wordt gedaan zal
                                met inachtneming van de wettelijke termijn van grafrust het
                                stoffelijk overschot worden bijgezet in een verzamelgraf.</al></li></lijst><al>HOOFDSTUK IIn geval van een urnengraf zal met inachtneming van de wettelijke
                        termijn van grafrust de as worden verstrooid.</al><al>HOOFDSTUK IHOOFDSTUK V GRAFBEDEKKINGEN</al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 18 Voorschriften gedenkteken en
                            grafbeplantingen</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Op graven kunnen een winterharde grafbeplanting of een gedenkteken
                                worden aangebracht, mits deze voldoen aan de in of krachtens deze
                                verordening gestelde voorschriften.</al></li><li nr="2."><al>Voor het hebben van een gedenkteken is een schriftelijke vergunning
                                nodig van het college.</al></li><li nr="3."><al>Omtrent de wijze van aanvragen van de vergunning voor een
                                gedenkteken, de aard en de afmeting van de grafbedekking en de wijze
                                van aanbrengen kan het college nadere regels vaststellen.</al></li><li nr="4."><al>Het college kan de vergunning weigeren indien:</al><lijst><li nr="a."><al>niet voldaan wordt aan de door hen vastgestelde nadere
                                        regels, genoemd in het derde lid;</al></li><li nr="b."><al>het gedenkteken afbreuk doet aan het aanzien van de
                                        begraafplaats;</al></li><li nr="c."><al>de duurzaamheid van de materialen onvoldoende is;</al></li><li nr="d."><al>de constructie van het gedenkteken ondeugdelijk is.</al></li></lijst></li></lijst><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 19 Niet-blijvende grafbeplanting en losse
                            voorwerpen</vet></al><al>HOOFDSTUK INiet blijvende beplantingen of voorwerpen op een graf die in een
                        verwaarloosde staat verkeren kunnen door de bedrijfsleider worden
                        verwijderd, zonder dat aanspraak kan worden gemaakt op</al><al>HOOFDSTUK Ischadevergoeding. Losse bloemen, planten, kransen, en dergelijk
                        kunnen, wanneer zij verwelkt zijn, door de bedrijfsleider worden verwijderd.
                        Linten, siervazen en dergelijke voorwerpen worden gedurende twee weken ter
                        beschikking gehouden van de rechthebbende, indien deze daartoe tevoren een
                        schriftelijke aanvraag heeft ingediend bij de bedrijfsleider. </al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 20 Onderhoud gedenktekenen, grafbedekking en
                            dergelijke</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Het college voorziet in het onderhouden van de graven, de urnentuin
                                en de urnengraven, het schoonhouden van de daarop geplaatste
                                gedenktekenen en het verzorgen van de winterharde beplantingen,
                                tegen een jaarlijks vast te stellen door de rechthebbende
                                verschuldigd tarief.</al></li><li nr="2."><al>Het in vorig lid bedoelde verplichte onderhoud geldt voor:</al><lijst><li nr="-"><al>particuliere graven indien er een grafrecht wordt verkregen
                                        voor 10 of 25 jaar en bij verlengingen van het
                                        grafrecht;</al></li><li nr="-"><al>algemene graven waarop een gedenkteken is geplaatst.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het (doen) plaatsen, aanbrengen, herstellen, vernieuwen of
                                verwijderen van de grafbedekking geschiedt door, voor rekening van
                                en voor risico van de rechthebbende.</al></li><li nr="4."><al>De rechthebbende is verplicht de grafbedekking behoorlijk te
                                onderhouden of te herstellen.</al></li><li nr="5."><al> Indien de rechthebbende nalaat de grafbedekking behoorlijk te
                                onderhouden of te herstellen, kan het college de hiervoor in
                                aanmerking komende voorwerpen of zo nodig de gehele grafbedekking
                                doen verwijderen. Het verwijderde blijft gedurende dertien weken ter
                                beschikking van de rechthebbende of de gebruiker en vervalt daarna
                                aan de gemeente, zonder dat deze tot enige vergoeding verplicht
                                is.</al></li><li nr="6."><al>De verwijdering vindt niet plaats dan nadat het college de
                                rechthebbende door middel van een verklaring schriftelijk op de
                                hoogte heeft gesteld van de toestand van de grafbedekking. Wanneer
                                het adres van de rechthebbende niet bekend is maakt het college de
                                verklaring bij de ingang van de begraafplaats op het
                                mededelingenbord bekend. Bij het graf wordt een verwijzing naar de
                                mededeling aangebracht.</al></li><li nr="7."><al>Het college kan de rechthebbende per aanschrijving verplichten een
                                beschadiging aan de grafbedekking te herstellen binnen de door het
                                college gestelde termijn indien de beschadiging zodanig is dat deze
                                naar het oordeel van het college het uiterlijk aanzien van de
                                begraafplaats schaadt of indien de beschadiging van de grafbedekking
                                gevaar op levert voor derden.</al></li><li nr="8."><al>Indien gedurende 3 jaren de in lid enkele bedoelde onderhoudskosten
                                niet zijn voldaan kunnen burgemeester en wethouders het grafrecht
                                vervallen verklaren. Indien dat geval kan zonder nadere sommatie of
                                ingebrekestelling de grafbedekking worden verwijderd, zonder dat
                                aanspraak bestaat op enige schadeloosstelling.</al></li></lijst><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 21 Verwijderen grafbedekking na verstrijken van de
                            termijn</vet></al><lijst><li nr="1."><al>De grafbedekking kan na het verstrijken van de termijn van uitgifte
                                van het graf door het college worden verwijderd.</al></li><li nr="2."><al>Het voornemen tot verwijdering van de grafbedekking maakt het
                                college ten minste een jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop de
                                grafbedekking zal worden verwijderd per brief aan de rechthebbende
                                of, wanneer het een algemeen graf betreft, aan de belanghebbende
                                bekend. Wanneer het adres van de rechthebbende of belanghebbende
                                niet bekend is, maakt het college het voornemen tot verwijdering van
                                de grafbedekking gedurende ten minste een jaar voorafgaande aan het
                                tijdstip waarop de grafbedekking zal worden verwijderd door middel
                                van een bij het graf te plaatsen bordje en op het mededelingenbord
                                bij de ingang van de begraafplaats bekend.</al></li><li nr="3."><al>Indien de grafbedekking niet binnen dertien weken na de verwijdering
                                is afgehaald, vervalt deze aan de gemeente, zonder dat de gemeente
                                tot enige vergoeding verplicht is.</al></li></lijst><al>HOOFDSTUK IHOOFDSTUK VI RUIMING VAN GRAVEN, URNENGRAVEN EN URNENNISSEN</al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 22 Ruiming, bezorging van overblijfselen en
                        as</vet></al><al>HOOFDSTUK IHet voornemen van het college om een graf te ruimen wordt een
                        jaar voorafgaande aan het tijdstip waarop het graf geruimd zal worden per
                        brief aan de rechthebbende of, wanneer het een algemeen graf betreft, aan de
                        belanghebbende bekend gemaakt. Wanneer het adres van de rechthebbende of
                        belanghebbende niet bekend is maakt het college het voornemen tot ruiming
                        van het graf gedurende een jaar voorafgaande aan het tijdstip van ruiming
                        door middel van een bij het graf te plaatsen bordje en op het
                        mededelingenbord bij de ingang van de begraafplaats bekend. </al><al>HOOFDSTUK IDe bedrijfsleider draagt er zorg voor dat met de bij de ruiming
                        van het graf nog aanwezige menselijke resten te allen tijde respectvol wordt
                        omgegaan en dat bezoekers van de begraafplaats niet met menselijke resten
                        worden geconfronteerd. </al><al>HOOFDSTUK IDe bij de ruiming van het graf nog aanwezige menselijke resten
                        worden begraven en de as wordt verstrooid op een van de daartoe bestemde
                        gedeelten van de begraafplaats(en). </al><al>HOOFDSTUK INabestaanden van een overledene die begraven is in een algemeen
                        graf kunnen gedurende de in het eerste lid bedoelde termijn bij de beheerder
                        een aanvraag indienen om bij ruiming de menselijke resten, indien mogelijk,
                        bijeen te doen brengen voor crematie of voor herbegraving elders.
                        Nabestaanden van een overledene waarvan een asbus al of niet met een urn is
                        bijgezet in een algemeen graf kunnen bij de bedrijfsleider een aanvraag
                        indienen om deze ter beschikking te houden voor herbegraving of verstrooiing
                        elders. </al><al>HOOFDSTUK IDe rechthebbende op een particulier graf kan bij de
                        bedrijfsleider een aanvraag indienen om de menselijke resten te doen
                        verzamelen om deze opnieuw in dezelfde grafruimte te doen plaatsen dan wel
                        om deze te cremeren of elders opnieuw te doen begraven. De rechthebbende op
                        een particulier urnengraf of particuliere urnennis kan bij de bedrijfsleider
                        een aanvraag indienen de asbus ter beschikking te houden om elders bij te
                        zetten of om de as te doen verstrooien. </al><al>HOOFDSTUK IHOOFDSTUK VII INSTANDHOUDING HISTORISCHE GRAVEN EN OPVALLENDE
                        GRAFBEDEKKINGEN</al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 23 Lijst</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Het college houdt een lijst bij van graven die van historische
                                betekenis zijn of waarvan de grafbedekking een opvallende kwaliteit
                                heeft.</al></li><li nr="2."><al>Alvorens tot ruiming van graven wordt overgegaan onderzoekt het
                                college of er graven zijn die in aanmerking komen op de lijst te
                                worden bijgeschreven.</al></li><li nr="3."><al>De gemeenteraad beslist over het ruimen van graven en het
                                verwijderen van grafbedekkingen die op de in het eerste lid bedoelde
                                lijst staan.</al></li></lijst><al>HOOFDSTUK IHOOFDSTUK VIII INRICHTING REGISTER</al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 24 Voorschriften</vet></al><lijst><li nr="1."><al>Het college stelt voorschriften vast voor het register van begraven
                                lijken.</al></li><li nr="2."><al>Het register wordt bijgehouden door de beheerder.</al></li></lijst><al>HOOFDSTUK IHOOFDSTUK IX SLOTBEPALINGEN</al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 25 Intrekking oude regeling</vet></al><al>HOOFDSTUK IDe verordening voor het crematorium en de gemeentelijke
                        begraafplaatsen Amersfoort 2005, vastgesteld op 4 oktober 2005, wordt
                        ingetrokken.</al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 26 Overgangsbepaling</vet></al><al>1.Besluiten van het college die genomen zijn krachtens de verordening voor
                        het crematorium en de gemeentelijke Begraafplaatsen 2005 gelden als
                        besluiten genomen krachtens deze verordening 2011.</al><al>2.Indien voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening een
                        aanvraag om vergunning op grond van de oude verordening is ingediend en voor
                        het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening niet op deze aanvraag
                        is beslist, wordt daarop deze verordening toegepast.</al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 27 Strafbepaling</vet></al><al>HOOFDSTUK IHij die handelt in strijd met artikel 2, lid 3, wordt gestraft
                        met een geldboete van de eerste categorie.</al><al>HOOFDSTUK I<vet>Artikel 28 Citeertitel</vet></al><al>HOOFDSTUK IDeze verordening wordt aangehaald als Verordening voor het
                        crematorium en de gemeentelijke begraafplaatsen Amersfoort 2011.</al><al>HOOFDSTUK I<vet> Artikel 29 Inwerkingtreding</vet></al><al>HOOFDSTUK IDeze verordening treedt in werking op 1 januari 2011.</al></tekst></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>HOOFDSTUK IVastgesteld in de openbare vergadering van 25 januari 2011.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de griffier,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>HOOFDSTUK IPUBLICATIEDATUM: 9 februari 2011</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>