<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR87779_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Mandaatregister gemeente Woerden 2008 (v 10 juli 2008)</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Woerden</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-07-03</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Woerden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">9 februari 2011 Woerdense Courant</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Mandaatregister gemeente Woerden</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=GEMEENTEWET">Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-01-04</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>intrekking</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2011/04</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>bestuur en recht</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Ondermandaten i.v.m. inwerkingtreding Wabo</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Mandaatregister gemeente Woerden 2008</intitule><regeling><aanhef><preambule><al> Mandaatregister gemeente Woerden 2008</al><al> Inhoudsopgave Mandaatregister</al><al> H1. MANDAATREGELING</al><al> H2. BUDGETREGELING</al><al> H3. MANDAAT DIRECTIE</al><al> H4. MANDAAT PERSONEELSBEVOEGDHEDEN</al><al> H5. ONDERMANDATEN GRIFFIE</al><al> H5A. MANDAAT VOORZITTER REKENKAMERCOMMISSIE</al><al> H6. ONDERMANDATEN BESTUUR- EN MANAGEMENTONDERSTEUNING</al><al> H7. ONDERMANDATEN BOUWZAKEN</al><al> H8. ONDERMANDATEN BRANDWEER</al><al> H9. ONDERMANDATEN BURGERZAKEN</al><al> H10. ONDERMANDATEN FINANCIËN</al><al> H11. ONDERMANDATEN INTERNE ZAKEN</al><al>H11A ONDERMANDATEN TIJDELIJKE AFDELING INFORMATIEVOORZIENING</al><al> H12. ONDERMANDATEN ONDERWIJS &amp; WELZIJN</al><al> H13. ONDERMANDATEN PERSONEEL, ORGANISATIE &amp; INFORMATIE</al><al> H14. ONDERMANDATEN PROJECTEN</al><al> H15. ONDERMANDATEN REALISATIE &amp; BEHEER</al><al> H16. ONDERMANDATEN RUIMTELIJKE ONTWIKKELING</al><al>H16A. ONDERMANDATEN TIJDELIJKE AFDELING VASTGOED</al><al> H17. ONDERMANDATEN SOCIALE ZAKEN</al><al> H18. ONDERTEKENINGSMANDAAT HULPOFFICIER VAN JUSTITIE</al><al> TOELICHTING</al><al> BIJLAGE</al><al> Het college van burgemeester en wethouders en de Burgemeester van Woerden
                        van de Gemeente Woerden,</al><al> Gelet op de artikelen van de afdeling 10.1.1. van de Algemene wet
                        bestuursrecht, artikel 231 van de Gemeentewet en de
                        Organisatieregeling;</al><al> besluit;</al><al> Conform het bij dit voorstel gevoegde document 'mandaatregister gemeente
                        Woerden 2008', versie 1 juli 2008:</al><al> 1. het "mandaatregister gemeente Woerden 2008 versie d.d. 10 juli
                        2008"gemeentebreed vast te stellen;</al><al> 2. de gewijzigde budgetregeling vast te stellen;</al><al> 3. alle oude mandaatbesluiten, inclusief het ‘mandaatregister gemeente
                        Woerden 2008, versie 25 februari 2008’ en met uitzondering van alle extern
                        werkende mandaten, in te trekken.</al><al> Aldus besloten door het college van burgemeester en wethouders van Woerden
                        op 22 juli 2008</al><al> loco-secretaris burgemeester</al><al> C.P.M. van Elteren mr. H.W. Schmidt</al><al> Aldus besloten door de burgemeester van Woerden op 22 juli 2008</al><al> burgemeester</al><al> mr. H.W. Schmidt</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><tekst><al> H1. Mandaatregeling</al><al> Artikel 1</al><al> 1. De burgemeester en het college van burgemeester en wethouders van de
                        gemeente Woerden mandateren de directie, concerncontroller en de
                        afdelingshoofden om, binnen de grenzen van hun respectievelijke takenpakket,
                        namens hen besluiten te nemen. Daar waar in dit besluit ‘afdelingshoofd’
                        staat opgenomen, dient voor de afdeling brandweer ‘brandweercommandant’ te
                        worden gelezen en voor de tijdelijke afdelingen Informatievoorziening"en
                        Vastgoed 'tijdelijk afdelingshoofd"</al><al> 2. Het mandaat omvat zowel het nemen van het besluit als de ondertekening
                        daarvan.</al><al> 3. Het mandaat omvat eveneens de bevoegdheid om de burgemeester en het
                        college van burgemeester en wethouders van de gemeente Woerden te
                        vertegenwoordigen in procedures waarbij deze als verweerder optreden in
                        bezwaar en (hoger) beroep vanwege door hen genomen besluiten als bedoeld in
                        de Algemene wet bestuursrecht.</al><al> 4. Het bepaalde in dit besluit met betrekking tot mandaat is van
                        overeenkomstige toepassing met betrekking tot volmacht voor het verrichten
                        van privaatrechtelijke rechtshandelingen en met betrekking tot machtiging
                        tot het verrichten van handelingen die noch een besluit noch een
                        privaatrechtelijke rechtshandeling zijn (ex artikel 10:12 Awb).</al><al>5.Het mandaat omvat - met inachtneming van het bepaalde in H6. artikel 6 -
                        het nemen van een beslissing op bezwaar door een afdelingshoofd, met
                        uitzondering van die gevallen waarin:</al><al>a.(het voorstel tot) de beslissing op bezwaar materieel afwijkt van het
                        advies van de commissie bezwaarschriften;</al><al>b. het afdelingshoofd zelf het besluit heeft genomen waartegen het bezwaar
                        zich richt;</al><al> c. het bezwaar zich richt tegen een door het college van burgemeester en
                        wethouders of ander bestuursorgaan genomen besluit.</al><al/><al>Artikel 2</al><al> De burgemeester verleent de directie, concerncontroller en de
                        afdelingshoofden de machtiging om de gemeente Woerden binnen de grenzen van
                        hun respectievelijke takenpakket in en buiten rechte te vertegenwoordigen,
                        als bedoeld in artikel 171 van de Gemeentewet.</al><al> Artikel 3</al><al> Het mandaat als bedoeld in artikel 1 en de machtiging als bedoeld in
                        artikel 2 heeft, onverminderd artikel 10:3 van de Awb, geen betrekking
                        op:</al><al> 1. besluiten die ingrijpende gevolgen voor de gemeente Woerden hebben;</al><al> 2. besluiten als bedoeld in artikel 160, tweede lid, van de
                        Gemeentewet;</al><al> 3. besluiten als bedoeld in artikel 169, vierde lid, van de
                        Gemeentewet;</al><al> 4. besluiten als bedoeld in artikelen 25 en 27 van de Wet op de
                        Ondernemingsraden;</al><al> 5. besluiten als bedoeld in artikelen 151b, 154a, 172,173, 174a,
                        175,176,176a van de Gemeentewet;</al><al> 6. besluiten tot het vaststellen van beleidsregels (als bedoeld in artikel
                        1:3 Awb), algemeen verbindende voorschriften en convenanten;</al><al> 7. besluiten tot aanwijzing van opsporingsambtenaren en
                        toezichthouders.</al><al> Voor afdelingshoofden heeft het mandaat als bedoeld in artikel 1 en de
                        machtiging als bedoeld in artikel 2 evenmin betrekking op:</al><al> 8. besluiten die het takenpakket van meerdere afdelingen raken;</al><al> 9. besluiten en privaatrechtelijke handelingen ten aanzien van (ver)huur,
                        (ver)koop en vestiging van zakelijke rechten met betrekking van onroerende
                        zaken, zonder instemming van de vakgroep Grondzaken.</al><al> Artikel 4</al><al> 1. Afdelingshoofden mogen hun bevoegdheden, als bedoeld in artikel 1 en 2,
                        binnen hun afdeling aan ondergeschikten ondermandateren.</al><al> 2. Voor dit ondermandaat gelden de volgende voorwaarden:</al><al> a. ondermandaten treden alleen in werking indien zij in het Mandaatregister
                        van de gemeente Woerden zijn opgenomen;</al><al> b. een ondermandaat wordt bekendgemaakt op de wijze als bedoeld in artikel
                        3:42 Awb;</al><al> c. het doormandateren van een ondermandaat is niet toegestaan.</al><al> 3. De volgende besluiten mogen niet in ondermandaat worden genomen:</al><al> a. het afdoen van klachten als bedoeld in hoofdstuk 9 van de Awb;</al><al> b. het besluiten tot (gedeeltelijke) weigering van het verlenen van een
                        subsidie;</al><al> c. het besluiten tot het opleggen van een dwangsom of bestuurlijke boete of
                        tot het toepassen van bestuursdwang;</al><al>d. de beslissing op bezwaar.</al><al> Artikel 5</al><al> 1. De uitoefening van gemandateerde bevoegdheden en verleende machtigingen
                        geschiedt binnen de grenzen van de in de Organisatieregeling gemeente
                        Woerden vastgestelde taken en met inachtneming van het geldend recht,
                        alsmede de geldende beleids- en uitvoeringsregels.</al><al> 2. Het nemen van besluiten over en het ondertekenen van stukken die
                        financiële gevolgen hebben, geschiedt overeenkomstig de
                        Budgethoudersregeling en alleen voor zover daarvoor in een vastgestelde
                        begroting financiële middelen beschikbaar zijn.</al><al> 3. Daar waar aan de besluitvorming een belangenafweging ten grondslag ligt,
                        dan wel de afweging voor het besluit niet openbaar is, dient besluitvorming
                        plaats te vinden op basis van een memo waarin alle belangen inclusief de
                        risico’s worden afgewogen. Dit memo dient te worden geparafeerd door het
                        afdelingshoofd dan wel de ambtenaar die het besluit in ondermandaat neemt en
                        bij het dossier te worden gevoegd. De betreffende consulenten worden daarbij
                        indien nodig betrokken.</al><al> 4. De gemandateerden en de gemachtigden stellen de burgemeester, het
                        college van burgemeester en wethouders, de portefeuillehouder en/of hun
                        leidinggevende in kennis van te nemen besluiten en te verrichten
                        handelingen, als zij mogen aannemen dat het verstrekken van informatie
                        daarover gewenst is.</al><al> Artikel 6</al><al> 1. De volgende mandaten blijven ongewijzigd van kracht:</al><al> a. De besluiten van 29 januari 2003 van de invorderingsambtenaar inzake
                        mandaatverlening aan het Belasting- en Gerechtsdeurwaarderskantoor van
                        Pruijn &amp; v/d Bergh;</al><al> b. Het besluit van 25 januari 2007, inzake mandaatverlening aan de
                        directeur van de Milieudienst Noord West Utrecht, tot het opleggen van een
                        last onder dwangsom, inclusief inning, inschakeling van een deurwaarder,
                        zonodig voeren van een procedure van verzet bij de rechtbank en intrekking
                        van de dwangsom, tot een maximum van € 50.000;</al><al> c. Het besluit van 1 januari 2006, inzake mandaatverlening van de
                        heffingsambtenaar van de gemeente Woerden aan parkeercontroleurs in dienst
                        van of werkzaam voor het bedrijf P1 B.V;</al><al> d. Het besluit van 1 januari 2006, inzake de mandaatverlening van de
                        invorderingsambtenaar van de gemeente Woerden, aan de directeur van Cannock
                        Chase Public Services BV, in het kader van de naheffing van aanslagen enz,
                        parkeerbelasting.</al><al> 2. Indien er een mandaatbesluit is genomen door de burgemeester of het
                        college van burgemeester en wethouders die niet in deze lijst staat
                        opgesomd, maar waarvan de instant houding kennelijk noodzakelijk is, blijft
                        het mandaatbesluit van kracht tot nader order.</al><al> H2. Budgetregeling</al><al> Artikel 1 Afdelingshoofd</al><al> 1. Het college van burgemeester en wethouders wijst in de productenramingen
                        per sectorproduct aan welk afdelingshoofd bevoegd is.</al><al> 2. Het afdelingshoofd is voor het college van burgemeester en wethouders en
                        voor de directie aanspreekbaar en verantwoording verschuldigd voor alle aan
                        de afdelingshoofd toevertrouwde sectorproducten. De hieronder gegeven regels
                        voor de budgethouder zijn ook van toepassing voor het afdelingshoofd als
                        verantwoordelijke voor het sectorproduct.</al><al> 3. Het afdelingshoofd ziet er op toe dat voor alle functieclassificaties
                        binnen zijn afdeling budgethouders worden aangewezen.</al><al> Artikel 2 Budgethouder</al><al> Een budgethouder is een, op basis van een mandaatbesluit, aangewezen
                        ambtenaar die, binnen het gegeven mandaat verantwoordelijk is voor het doen
                        van betalingen binnen de aangegeven grenzen.</al><al> De budgethouder is bevoegd tot het intern fiatteren van de betalingen
                        binnen deze budgetregeling.</al><al> Artikel 3 Budget</al><al> Een budget is een onderdeel van de productenraming of een projectplan met
                        daarbij opgenomen de inkomsten en uitgaven, respectievelijk het
                        sectorproduct, functieclassificatie of kostenplaats met de daarbij horende
                        doelstellingen.</al><al> Artikel 4 Financiële bevoegdheden</al><al> 1. Directielid</al><al> a. Het aangaan van privaatrechtelijke rechtshandelingen en het verrichten
                        van handelingen die noch een besluit noch een privaatrechtelijke
                        rechtshandeling zijn, binnen de doelstellingen van zijn afdeling en binnen
                        de gestelde grenzen van de functieclassificaties die hem in het directieplan
                        zijn toegewezen (artikel 160, eerste lid onder e, Gemeentewet).</al><al> b. Het intern fiatteren (via het digitale systeem) van de betalingen,
                        binnen de in de afdelingsplannen beschreven functieclassificaties.</al><al> 2. Afdelingshoofd</al><al> a. Het aangaan van privaatrechtelijke rechtshandelingen en het verrichten
                        van handelingen die noch een besluit noch een privaatrechtelijke
                        rechtshandeling zijn, binnen de doelstellingen van zijn afdeling en binnen
                        de gestelde grenzen van de functieclassificaties die hem in het
                        afdelingsplan zijn toegewezen.</al><al> b. Het intern fiatteren (via het digitale systeem) van de betalingen,
                        binnen de in de afdelingsplannen beschreven functieclassificaties.</al><al> c. Het aanwijzen van de budgethouders per functieclassificatie.</al><al> 3. Teamleider / Teamchef / Coördinator</al><al> a. Het aangaan van privaatrechtelijke rechtshandelingen en het verrichten
                        van handelingen die noch een besluit noch een privaatrechtelijke
                        rechtshandeling zijn, binnen de doelstellingen van zijn cluster en binnen de
                        gestelde grenzen van de functieclassificaties, die een bedrag
                        vertegenwoordigen van maximaal € 150.000,-- .</al><al> b. Het intern fiatteren (via het digitale systeem) van de betalingen,
                        binnen de in de afdelingsplannen beschreven functieclassificaties, tot een
                        bedrag van maximaal € 150.000,--.</al><al> 4. Budgethouders</al><al> a. Het aangaan van privaatrechtelijke rechtshandelingen en het verrichten
                        van handelingen die noch een besluit noch een privaatrechtelijke
                        rechtshandeling zijn, binnen de doelstellingen van de budgethouder en binnen
                        de gestelde grenzen van de functieclassificaties die hem in het
                        afdelingsplan (of bij besluit van het afdelingshoofd) zijn toegewezen, die
                        een bedrag vertegenwoordigen van maximaal € 15.000,-- .</al><al> b. Het intern fiatteren (via het digitale systeem) van de betalingen,
                        binnen de in de afdelingsplannen beschreven functieclassificaties, tot een
                        bedrag van maximaal € 15.000,--</al><al> Artikel 5 Financiële bevoegdheden Projecten</al><al> 1. Projectleider</al><al> a. Het aangaan van privaatrechtelijke rechtshandelingen en het verrichten
                        van handelingen die noch een besluit noch een privaatrechtelijke
                        rechtshandeling zijn, binnen de doelstellingen van het door het college
                        vastgestelde projectplan en binnen de gestelde grenzen van de
                        functieclassificaties in het projectplan, tot een bedrag van maximaal €
                        15.000,--. Bij bedragen boven de € 15.000, is een tweede handtekening van de
                        projectsecretaris vereist. Bij bedragen boven de € 150.000, is een tweede
                        handtekening van de ambtelijk opdrachtgever nodig.</al><al> b. Het intern fiatteren (via het digitale systeem) van de betalingen,
                        binnen de in het door het college vastgestelde projectplan beschreven
                        functieclassificaties. Bij bedragen boven de € 15.000, is een tweede
                        handtekening van de projectsecretaris vereist. Bij bedragen boven de €
                        150.000, is de tweede handtekening van de ambtelijk opdrachtgever
                        nodig.</al><al> Artikel 6 Financieel systeem</al><al> De tweede handtekening voor het intern fiatteren van de facturen kan ook
                        worden gegeven door een accordering in het financiële systeem.</al><al> Artikel 7 Verplichtingen en rechten</al><al> 1. Verplichtingen mogen slechts worden aangegaan nadat de verantwoordelijke
                        budgethouder heeft geconstateerd dat terzake een toereikend budget is en het
                        aangaan van die verplichtingen direct verband houden met de
                        taakstelling.</al><al> 2. De budgethouder is verantwoordelijk voor de uitgaven respectievelijk
                        inkomsten die voortvloeien uit de door hem aangegane verplichtingen en
                        rechten, die binnen zijn budget vallen.</al><al> 3. Bestedingen ten laste van een budget kunnen alleen plaatsvinden met
                        toestemming van de verantwoordelijke budgethouder.</al><al> 4. Bij bedragen boven € 15.000,-- dient te allen tijde een tweede paraaf te
                        worden gezet door de direct hiërarchisch hoger geplaatste, met uitzondering
                        van het bepaalde in artikel 5 lid 1 van dit hoofdstuk.</al><al> 5. Daar waar budgethouders binnen de hen toegekende functieclassificaties,
                        ‘geld gaan schuiven’ tussen de verschillende onder de FCL vallende ECL’s,
                        dient de budgethouder dit te rapporteren(zoals genoemd in artikel 6 van deze
                        budgetregeling).</al><al> Artikel 8 Taken budgethouder</al><al> 1. De budgethouder moet zijn budget, zowel uitgaven als inkomsten, bewaken
                        voor over- en onderschrijdingen.</al><al> 2. De budgethouder is verantwoordelijk voor de beheersing van de uitgaven
                        en inkomsten van de toegekende budgetten.</al><al> 3. Een budgethouder kan met een behandelend ambtenaar afspraken maken over
                        bewaking van budgetten. De behandelend ambtenaar wordt dan kredietbewaker.
                        De budgethouder zelf blijft eindverantwoordelijk.</al><al> 4. De budgethouder tekent de facturen of nota's af nadat de kredietbewaker
                        zijn paraaf voor akkoord bij het bedrag heeft gezet. De budgethouder zorgt
                        dat de nota's etc. snel doorstromen naar de financiële administratie voor
                        verwerking.</al><al> 5. De budgethouder zorgt voor de aanlevering van de benodigde gegevens voor
                        de begroting en jaarrekening. De budgethouder zorgt voor de analyse
                        begroting/rekening, rekening/rekening en realisering beleidsvoornemens voor
                        de rekening.</al><al> 6. De budgethouder legt via de budgetcyclus aan het management en bestuur
                        verantwoording af informatie omtrent de stand van de werkzaamheden en de
                        bestede middelen. Dit geschiedt door middel van rapportages. Daarbij geeft
                        de budgethouder een analyse van de stand van de werkzaamheden en de bestede
                        middelen .</al><al> 7. De budgethouder zorgt ervoor dat voldaan wordt aan de eisen van de
                        administratieve organisatie en zorgt voor doelmatig en doeltreffend beheer
                        van het budget.</al><al> Artikel 9 Informatie afdelingshoofd</al><al> Alle afdelingshoofden dragen zorg voor het verstrekken van relevante
                        informatie (waaronder de rapportages) aan de directie en het college van
                        burgemeester en wethouders. In ieder geval wordt informatie gegeven over het
                        realiseren van doelen, de planning en de bestede middelen.</al><al> Artikel 10 Plaatsvervanging</al><al> 1. In het geval een budgethouder niet aanwezig is wordt de factuur
                        ondertekend door de teamleider, teamchef dan wel coördinator binnen de
                        gestelde grenzen en anders door het betreffende afdelingshoofd.</al><al> 2. Bij afwezigheid van het afdelingshoofd geldt, voor wat betreft de
                        vervanging, deze mandaatregeling.</al><al> Artikel 11 Overige randvoorwaarden</al><al> 1. Budgethouderverantwoordelijkheid is ondeelbaar in die zin dat het niet
                        is toegestaan dat twee of meer budgethouders dezelfde verantwoordelijkheid
                        hebben voor één functieclassificatie.</al><al> 2. De functie van budgethouder is onverenigbaar met de functies van
                        betalingsfiatteur en kassier, alsmede met de registrerende functie.</al><al> 3. Een budgethouder mag de aan hem gemandateerde bevoegdheid niet
                        uitoefenen ten aanzien van zichzelf of ten aanzien van boven hem geplaatste
                        functionarissen. In dat geval wordt het budgethouderschap uitgeoefend door
                        het afdelingshoofd of (indien het het afdelingshoofd betreft) het college
                        van burgemeester en wethouders.</al><al> Artikel 12 Bijzonder mandaat</al><al> Ongeacht de eventuele begrenzing die in artikel 4 van deze regeling aan
                        betalingen zijn gesteld, gelden deze niet voor de volgende betalingen:</al><al> Omschrijving ECL (uitgaven) Naam Afdeling</al><al> Salarissen 10001 t/m 10199 K. Abbema POI</al><al> Loonbelasting Tussenrekening K. Abbema POI</al><al> Telefoon (vast en mobiel) 34009 H.Harskamp POI</al><al> Brandstof auto’s 31003 J. Rensenbrink R&amp;B</al><al> Hoogheemraadschap/OZB 34021 E. Langerak Financiën</al><al> BTW Tussenrekening E. Langerak Financiën</al><al> UWV Betalingen 34409 E. Langerak Financiën</al><al> Pensioenen (maandelijkse afdracht) Tussenrekening J. de Hoop Financiën</al><al> Kwijtscheldingsterugbetaling 34174 Invorderingsambtenaar Financiën</al><al> Verzekeringen 34001 t/m 34005 + 34467 J. Scholtens Financiën</al><al> Onderhoud op basis van het meerjarenonderhoudsprogramma 34999 S. de Deugd
                        Bouwzaken</al><al> H3. Mandaat directie</al><al> Artikel 1 algemeen</al><al> Het behandelen van een klacht gericht tegen een afdelingshoofd.</al><al> Artikel 2 Financiële bevoegdheden</al><al> 1. Het vaststellen van hoofdstuk 3 (bedrijfsvoering) van de
                        afdelingsplannen.</al><al> 2. Vaststellen uitwerkingen van de sectorproducten in
                        functieclassificaties.</al><al> 3. Bevoegdheid op grond van het Besluit begroting en verantwoording
                        toelichting paragraaf 2.3.</al><al> Artikel 3 CAR/UWO hoofdstuk 2: Aanstelling en Arbeidsovereenkomst</al><al> 1. In overleg met de personeelsconsulent beslissen tot aanstelling van een
                        afdelingshoofd (art. 2:1 en 2:8 CAR).</al><al> 2. In overleg met het desbetreffende afdelingshoofd en de
                        personeelsconsulent beslissen op een verzoek tot aanpassing arbeidsduur van
                        een medewerker (art. 2:7 en 2:7a CAR) voor zover het het personele budget te
                        buiten gaat.</al><al> 3. In overleg met de personeelsconsulent beslissen op een verzoek tot
                        aanpassing arbeidsduur (art. 2:7 en 2:7a CAR) van een afdelingshoofd.</al><al> 4. Inhuren van tijdelijke medewerkers buiten de personele begroting.</al><al> 5. Het nemen van besluiten op basis van hoofdstuk 2 van de CAR/UWO:
                        aanstelling en arbeidsovereenkomst.</al><al> Artikel 4 CAR/UWO hoofdstuk 3: Salaris en vergoedingen</al><al> 1. Vaststellen functiebeschrijvingen en functiewaarderingen van de
                        medewerkers (Regeling functiewaardering d.d. 17 juli 2001, art. 3:1:1
                        CAR).</al><al> 2. Vaststellen salaris en eventuele toelagen (art. 3:1 CAR,
                        bezoldigingsregeling 2007) van een afdelingshoofd.</al><al> 3. In overleg met de personeelsconsulent toekennen persoonlijke toelage
                        (art. 3:7:8 UWO) aan medewerkers, met uitzondering van de gemeentesecretaris
                        en de adjunct-gemeentesecretaris.</al><al> 4. In overleg met de personeelsconsulent toekennen arbeidsmarkttoelage
                        (art. 12 Bezoldigingsregeling 2007) aan medewerkers, met uitzondering van de
                        gemeentesecretaris en de adjunct-gemeentesecretaris.</al><al> 5. In overleg met de personeelsconsulent toekennen van een
                        waarnemingstoelage aan een afdelingshoofd (art. 3:1:2 UWO,
                        Bezoldigingsregeling 2007).</al><al> 6. Toekennen van de volgende flexibele beloningen (notitie Flexibele
                        Beloning d.d. 16 maart 2004, art. 15:1:28 UWO, art. 8 en 9
                        Bezoldigingsegeling 2007): Tijdelijke toelage voor bijzondere prestaties
                        binnen de functie; Vaste toelage die is gekoppeld aan de functie
                        uitoefening; Niet toekennen van jaarlijkse periodieke salarisverhogingen dan
                        wel het toekennen van extra periodieke verhogingen.</al><al> 7. Bevordering tot aan functionele schaal (art. 10 Bezoldigingsregeling
                        2007) van een afdelingshoofd.</al><al> Artikel 5 CAR/UWO hoofdstuk 4: Arbeidsduur en werktijden</al><al> Vaststellen feitelijke arbeidsduur per week voor een afdelingshoofd (art.
                        4:1 CAR).</al><al> Artikel 6 CAR/UWO hoofdstuk 4a: Uitwisselen arbeidsvoorwaarden</al><al> Instemmen met verzoek tot toepassing van uitwisseling van
                        arbeidsvoorwaarden van een afdelingshoofd (hoofdstuk 4a CAR,
                        cafetariaregeling).</al><al> Artikel 7 CAR/UWO hoofdstuk 6: Vakantie, vakantietoelage en (zwangerschaps-
                        en bevallings)verlof</al><al> 1. Aanwijzen van collectieve vrije dagen (art. 8 Verlofregeling 2001).</al><al> 2. Verlenen vakantieverlof (art. 6:1:1 UWO, Verlofregeling 2001) aan een
                        afdelingshoofd;</al><al> 3. Instemmen met verzoek van een afdelingshoofd meer uren te werken en deze
                        omzetten in verlof (art. 6:2 lid 2 UWO).</al><al> 4. Toekennen buitengewoon verlof met behoud van bezoldiging (art. 6:4 en
                        6:4:1 CAR / UWO) aan een afdelingshoofd, in overleg met de
                        personeelsconsulent.</al><al> 5. In overleg met personeelsconsulent toekennen langdurend zorgverlof (art.
                        6:4:1a UWO) aan een afdelingshoofd.</al><al> 6. Toekennen vakbondsverlof (art. 6:4:2 UWO) aan afdelingshoofd.</al><al> 7. Toekennen kortdurend zorgverlof (art. 6:4:3 UWO) aan
                        afdelingshoofd.</al><al> 8. Toekennen non-activiteit (art. 6:4:4 UWO) aan afdelingshoofd.</al><al> 9. In overleg met personeelsconsulent toekennen van buitengewoon verlof om
                        overige redenen (art. 6:4:5 UWO), met of zonder behoud van bezoldiging.</al><al> 10. In overleg met personeelsconsulent toekennen onbetaald verlof onder
                        meer t.b.v. gemeentelijke levensloopregeling (art. 6:9 CAR) aan een
                        afdelingshoofd.</al><al> Artikel 8 CAR/UWO hoofdstuk 8: Ontslag</al><al> 1. Ontslag verlenen op eigen verzoek (art. 8:1 CAR) aan een
                        afdelingshoofd.</al><al> 2. Ontslag verlenen wegens ouderdomspensioen (art. 8:2 CAR) aan een
                        afdelingshoofd.</al><al> 3. Ontslag verlenen wegen arbeidsongeschiktheid (art.8:5 CAR) aan een
                        afdelingshoofd.</al><al> 4. Ontslag verlenen wegens pré-vut (art. 8:9 CAR) aan een
                        afdelingshoofd.</al><al> 5. Ontslag verlenen wegens FPU (art. 8:11 CAR) aan een afdelingshoofd.</al><al> 6. Ontslag verlenen uit een tijdelijke aanstelling of tijdelijke
                        urenuitbreiding (art. 8:12 CAR) aan een afdelingshoofd.</al><al> 7. Ontslag verlenen wegens reorganisatie (art. 8:4 CAR) aan een medewerker,
                        niet zijnde afdelingshoofd.</al><al> 8. Ontslag wegens onbekwaamheid of ongeschiktheid (art. 8:6 CAR) aan een
                        medewerker, niet zijnde afdelingshoofd.</al><al> 9. Ontslag verlenen op overige ontslaggronden (art. 8:7 CAR) aan een
                        medewerker, niet zijnde afdelingshoofd.</al><al> Artikel 9 CAR/UWO hoofdstuk 15: Overige rechten en plichten</al><al> 1. Verlenen van toestemming aan een afdelingshoofd voor het gebruik van
                        goederen en diensten van de gemeente (art. 15:1:3 UWO). Conform
                        integriteitsbeleid.</al><al> 2. Verlenen van toestemming aan een afdelingshoofd voor gebruik van eigen
                        motorrijtuig t.b.v. de dienst (art. 15:1:24 UWO).</al><al> 3. Verlenen van toestemming aan een afdelinghoofden om nevenwerkzaamheden
                        te verrichten of betrokken te zijn bij een bedrijf dat in enig opzicht aan
                        beoordeling of onder toezicht is van de gemeente (art 2, lid 3 en 4,
                        Regeling nevenwerkzaamheden, art. 15:1:6 UWO).</al><al> 4. Opdragen aan een medewerker, niet zijnde afdelingshoofd, van een andere
                        betrekking (art. 15:1:10 en art. 15:1:11 UWO).</al><al> 5. Vergoeden wegens in diensttijd opgelopen schade, boven € 1.000,-- per
                        geval (art. 15:1:23 UWO) aan een afdelingshoofd.</al><al> Artikel 10 CAR/UWO hoofdstuk 16: Disciplinaire straffen</al><al> Toepassen disciplinaire straf (art. 16:1:2 UWO). Met uitzondering van de
                        gemeentesecretaris, adjunct-gemeentesecretaris en de afdelingshoofden.</al><al> Artikel 11 CAR/UWO hoofdstuk 17: Opleiding en ontwikkeling</al><al> 1. Vaststellen van een Persoonlijk Ontwikkelings Plan (POP) van een
                        afdelingshoofd (art. 17:1:1 UWO).</al><al> 2. Uitvoering studiefaciliteiten (art. 17:1:1 UWO en regeling
                        studiefaciliteiten) voor een afdelingshoofd, in overleg met de
                        personeelsconsulent.</al><al> Artikel 12 Overige zaken &amp; lokale regelgeving</al><al> Vaststellen van de beoordeling van een medewerker (art. 8
                        Beoordelingsverordening).</al><al> Budgethouders:</al><al> Fcl Naam budget Budgethouder</al><al> 53110101 Productiecentrum directie &amp; managementsecretariaat
                        Gemeentesecretaris</al><al> 60020401 Directieraad Gemeentesecretaris</al><al> H4. (Onder)mandaat personeelsbevoegdheden </al><al> Alle navolgende bevoegdheden zijn gemandateerd aan de afdelingshoofden,
                        voor zover het hun eigen afdeling betreft.</al><al> Artikel 1 CAR/UWO hoofdstuk 3: Salaris en vergoedingen</al><al> 1. Vaststellen salaris (art. 3:1 CAR, bezoldigingsregeling 2007) van nieuwe
                        medewerkers van de eigen afdeling.</al><al> 2. In overleg met de personeelsconsulent toekennen van een
                        waarnemingstoelage aan de medewerkers van de eigen afdeling (art. 3:1:2 UWO,
                        bezoldigingsregeling).</al><al> 3. Toekennen overwerkvergoeding aan de medewerkers van de eigen afdeling
                        (art. 3:2 CAR, art. 3:2:1 UWO, bezoldigingsregeling).</al><al> 4. Toekennen toelage onregelmatige dienst (art. 15 bezoldigingsregeling)
                        aan de medewerkers van de eigen afdeling.</al><al> 5. Uitvoeren afbouwregeling bij vervallen of verminderen vaste toelagen
                        (art. 16 bezoldigingsregeling) aan de medewerkers van de eigen
                        afdeling.</al><al> 6. Toekennen toelage wacht- en storingsdienst (art. 17
                        bezoldigingsregeling) aan de medewerkers van de eigen afdeling.</al><al> 7. Toekennen beschikbaarheidstoelage gemeentelijke rampenstaf (art. 17
                        bezoldigingsregeling) aan de medewerkers van de eigen afdeling.</al><al> 8. Toekennen beschikbaarheidstoelage uitvaartverzorgers (art. 17
                        bezoldigingsregeling) aan de medewerkers van de eigen afdeling.</al><al> 9. Toekennen beschikbaarheidstoelage gladheidsbestrijding (art. 17
                        bezoldigingsregeling) aan de medewerkers van de eigen afdeling.</al><al> 10. Toekennen ongemakkentoelage (art. 18 bezoldigingsregeling) aan de
                        medewerkers van de eigen afdeling.</al><al> 11. Toekennen EHBO / BHV-toelage (art. 20 bezoldigingsregeling) aan de
                        medewerkers van de eigen afdeling.</al><al> 12. Toekennen consumptievergoeding (art. 22 bezoldigingsregeling) aan de
                        medewerkers van de eigen afdeling.</al><al> 13. Toekennen van de volgende flexibele beloningen aan de medewerkers van
                        de eigen afdeling (notitie Flexibele Beloning d.d. 16 maart 2004, art.
                        15:1:28 UWO): Alternatieve beloningen, zoals (studie)reizen of extra
                        studiefaciliteiten, beloningen “in natura” zoals theaterbonnen,
                        cadeaubonnen, etc; Een gratificatie voor het verrichten van een (eenmalige)
                        bijzondere prestatie; Groepsbeloningen voor situaties waarin de medewerkers
                        sterk afhankelijk zijn van het werk en de inzet van collega’s of waarin het
                        minder gewenst is om binnen een groepsproces een individuele beloning toe te
                        passen.</al><al> 14. Bevordering tot aan functionele schaal (art. 10 Bezoldigingsregeling)
                        van een medewerker van de eigen afdeling.</al><al> Artikel 2 CAR/UWO hoofdstuk 4: Arbeidsduur en werktijden</al><al> Vaststellen van de feitelijke arbeidsduur per week voor de medewerkers van
                        de eigen afdeling (art. 4:1 CAR).</al><al> Artikel 3 CAR/UWO hoofdstuk 4a: Uitwisselen arbeidsvoorwaarden</al><al> Instemmen met verzoek tot toepassing van uitwisseling van
                        arbeidsvoorwaarden van een medewerker van de eigen afdeling (hoofdstuk 4a
                        CAR, cafetariaregeling).</al><al> Artikel 4 CAR/UWO hoofdstuk 6: Vakantie, vakantietoelage en (zwangerschaps-
                        en bevallings)verlof</al><al> 1. Verlenen vakantieverlof (art. 6:1:1 UWO, Verlofregeling 2001) aan
                        medewerkers van de eigen afdeling.</al><al> 2. Instemmen met verzoek van een medewerker van de eigen afdeling meer uren
                        te werken en deze omzetten in verlof (art. 6:2 lid 2 UWO).</al><al> 3. Toekennen buitengewoon verlof met behoud van bezoldiging (art. 6:4 en
                        6:4:1 CAR / UWO) aan medewerkers van de eigen afdeling in overleg met de
                        personeelsconsulent.</al><al> 4. In overleg met personeelsconsulent toekennen langdurend zorgverlof
                        (art.6:4:1a UWO) aan de medewerkers van de eigen afdeling.</al><al> 5. Toekennen vakbondsverlof (art. 6:4:2 UWO) aan de medewerkers van de
                        eigen afdeling in overleg met de personeelsconsulent.</al><al> 6. Toekennen kortdurend zorgverlof (art. 6:4:3 UWO) aan de medewerkers van
                        de eigen afdeling in overleg met de personeelsconsulent.</al><al> 7. Toekennen non-activiteit (art. 6:4:4 UWO) aan medewerkers van de eigen
                        afdeling in overleg met de personeelsconsulent.</al><al> 8. In overleg met personeelsconsulent toekennen onbetaald verlof onder meer
                        t.b.v. gemeentelijke levensloopregeling (art. 6:9 CAR) aan medewerkers van
                        de eigen afdeling.</al><al> 9. Het tropenrooster van toepassing verklaren voor de eigen afdeling (art.
                        11 Regeling variabele werktijden).</al><al> Artikel 5 CAR/UWO hoofdstuk 8: Ontslag</al><al> 1. Ontslag verlenen op eigen verzoek (art. 8:1 CAR) aan de medewerkers van
                        de eigen afdeling.</al><al> 2. Ontslag verlenen wegens ouderdomspensioen (art. 8:2 CAR) aan de
                        medewerkers van de eigen afdeling.</al><al> 3. Ontslag verlenen wegens arbeidsongeschiktheid (art. 8:5 CAR) aan de
                        medewerkers van de eigen afdeling.</al><al> 4. Ontslag verlenen wegens pré-vut (art. 8:9 CAR) aan de medewerkers van de
                        eigen afdeling.</al><al> 5. Ontslag verlenen wegens FPU (art. 8:11 CAR) aan de medewerkers van de
                        eigen afdeling.</al><al> 6. Ontslag verlenen uit een tijdelijke aanstelling of tijdelijke
                        urenuitbreiding (art. 8:12 CAR) aan de medewerkers van de eigen
                        afdeling.</al><al> Artikel 6 CAR/UWO hoofdstuk 15: Overige rechten en plichten</al><al> 1. Verlenen toestemming voor het gebruik van goederen en diensten van de
                        gemeente (art. 15:1:3 UWO) aan medewerkers van de eigen afdeling. Conform
                        integriteitsbeleid.</al><al> 2. Het verlenen van toestemming aan medewerkers van de eigen afdeling om
                        nevenwerkzaamheden te verrichten of betrokken te zijn bij een bedrijf dat in
                        enig opzicht aan beoordeling of onder toezicht is van de gemeente (artikel
                        2, lid 3 en 4, Regeling nevenwerkzaamheden, art. 15:1:6 UWO).</al><al> 3. Toekennen reis- en verblijfkosten (art. 15:1:22 UWO) aan medewerkers van
                        de eigen afdeling.</al><al> 4. Vergoeden wegens in diensttijd opgelopen schade, tot € 1.000,-- per
                        geval (art. 15:1:23 UWO) aan medewerkers van de eigen afdeling in overleg
                        met de personeelsconsulent.</al><al> 5. Toestemming geven voor gebruik van eigen motorrijtuig t.b.v. de dienst
                        (art. 15:1:24 UWO) aan medewerkers van de eigen afdeling.</al><al> Artikel 7 CAR/UWO Hoofdstuk 17: Opleiding en ontwikkeling</al><al> 1. Vaststellen van een Persoonlijk Ontwikkelings Plan (POP) van de
                        medewerkers van de eigen afdeling (UWO art. 17:1:1).</al><al> 2. Uitvoering studiefaciliteiten (art. 17:1:1 UWO en regeling
                        studiefaciliteiten) voor de medewerkers van de eigen afdeling, in overleg
                        met de personeelsconsulent.</al><al> Artikel 8 Overige zaken &amp; lokale regelgeving</al><al> Afsluiten WSW-contracten en vrijwilligersovereenkomsten ten behoeve van de
                        eigen afdeling.</al><al> Alle navolgende bevoegdheden zijn ondergemandateerd aan de
                        afdelingshoofden, voor zover het hun eigen afdeling betreft.</al><al> Artikel 9 CAR/UWO Hoofdstuk 2: Aanstelling en arbeidsovereenkomst</al><al> 1. In overleg met de personeelsconsulent beslissen tot aanstelling van de
                        ambtenaar op de eigen afdeling (art. 2:1 en 2:8 CAR).</al><al> 2. In overleg met de personeelsconsulent beslissen op een verzoek tot
                        aanpassing arbeidsduur (art. 2:7 en 2:7a CAR) van en medewerker van de eigen
                        afdeling, binnen het beschikbare personele budget.</al><al> 3. In overleg met de personeelsconsulent beslissen om van een tijdelijke
                        aanstelling over te gaan tot een vaste aanstelling (art. 2:4 CAR) voor een
                        medewerker van de eigen afdeling.</al><al> 4. In overleg met de personeelsconsulent afsluiten van
                        arbeidsovereenkomsten (art. 2:5 CAR, voor oproepkrachten) met een medewerker
                        voor de eigen afdeling.</al><al> 5. In overleg met de personeelsconsulent inhuren van tijdelijke medewerkers
                        voor de eigen afdeling, binnen de personele begroting. (Let op: afschrift
                        van de (detacherings)overeenkomst melden aan Interne Zaken i.v.m.
                        contractenoverzicht).</al><al> 6. Afdelingshoofd = brandweercommandant:</al><al> a. Aanstellen, bevorderen, schorsen en ontslaan van vrijwilligers bij de
                        gemeentelijke brandweer (art. 19:1:6 UWO, art. 19:1:11 UWO en art. 19:1:35
                        t/m 39 UWO).</al><al> b. Toekennen van een vergoeding aan de vrijwilligers van de gemeentelijke
                        brandweer (art. 19:1:9 UWO).</al><al> Artikel 10 Ondertekening besluiten</al><al> Afdelingshoofd Personeel, Organisatie en Informatie</al><al> Het ondertekenen van besluiten genomen op basis van dit hoofdstuk.</al><al> H5. Ondermandaten Griffie</al><al> --</al><al> H5A. Mandaat voorzitter rekenkamercommissie</al><al> Artikel 1 Algemeen</al><al> 1. de voorzitter van de rekenkamer commissie:</al><al> - mandaat voor het besluiten tot privaatrechtelijke rechtshandelingen met
                        betrekking tot de aangelegenheden die verband houden met de taken van de
                        rekenkamercommissie</al><al> - aan dit mandaat zijn de volgende voorschriften verbonden:</al><al> 1. ondermandaat van deze bevoegdheden is niet toegestaan;</al><al> 2. brieven en besluiten ter uitvoering van het door het college verleende
                        mandaat worden in de meervoudsvorm geredigeerd;</al><al> met vriendelijke groet,</al><al> namens burgemeester en wethouders van Woerden,</al><al> de voorzitter van de rekenkamercommissie,</al><al> (handtekening).</al><al> 2. de voorzitter van de rekenkamercommissie:</al><al> - volmacht voor het verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen met
                        betrekking tot de aangelegenheden die verband houden met de taken van de
                        rekenkamercommissie</al><al> - aan deze volmacht is het volgende voorschrift verbonden:</al><al> 1. brieven en besluiten ter uitvoering van de door de burgemeester
                        verleende</al><al> volmacht worden in de ik vorm geredigeerd;</al><al> namens de burgemeester van Woerden;</al><al> de voorzitter van de rekenkamercommissie,</al><al> (handtekening).</al><al> H6. Ondermandaten Bestuurs- en managementondersteuning</al><al> Artikel 1 Algemeen</al><al> 1. Afdelingshoofd</al><al> a. Het vaststellen en verzenden van aanslagen inzake leges als genoemd in
                        de tarieventabel behorende bij de legesverordening (van
                        Heffingsambtenaar).</al><al> 2. Coördinator juridisch beleidsmedewerker BMO</al><al> a. Het vervangen het afdelingshoofd bij diens afwezigheid voor onderwerpen
                        die binnen het taakveld van de afdeling vallen, met uitzondering van
                        personele aangelegenheden en die betreffende het cluster Planning en
                        Control.</al><al> b. Het vertegenwoordigen van het college van burgemeester en wethouders en
                        de burgemeester van de gemeente Woerden bij administratief rechterlijke
                        procedures, waarin de gemeente als partij is opgeroepen.</al><al> 2a. Coördinator openbare orde en veiligheid</al><al> Het vertegenwoordigen van de burgemeester van de gemeente Woerden</al><al> In adminstratiefrechtelijke procedures inzake de Wet tijdelijk
                        huisverbod,waarin de</al><al> gemeente als partij is uitgenodigd of opgeroepen.</al><al> 3. Coördinator Planning &amp; Control</al><al> Vervangt de concerncontroller bij diens afwezigheid voor onderwerpen die
                        binnen het taakveld van de het cluster Planning &amp; Control vallen.</al><al> 4. Allround juridisch beleidsmedewerker BMO</al><al> Het vertegenwoordigen van het college van burgemeester en wethouders en de
                        burgemeester van de gemeente Woerden bij administratief rechterlijke
                        procedures, waarin de gemeente als partij is opgeroepen.</al><al> 4a. Beleidsmedewerker openbare orde en veiligheid</al><al> Het vertegenwoordigen van de burgemeester van de gemeente Woerden in</al><al> Adminstratiefrechtelijke procedures inzake de Wet tijdelijk
                        huisverbod,waarin de gemeente</al><al> als partij is uitgenodigd of opgeroepen.</al><al> 5. Alle medewerkers</al><al> Het afhandelen van voortgangscorrespondentie over onderwerpen die behoren
                        bij een aan hun verleend mandaat.</al><al> Artikel 2 Drank- en horecawet, aanverwante APV artikelen en Wet op de
                        Kansspelen</al><al> Vervallen per 10 juli 2009, naar afd. Bouwzaken</al><al> Artikel 3 APV: optochten, evenementen, collecteren, standplaatsen, reclame
                        e.a.</al><al> Vervallen per 10 juli 2009, naar afd. Bouwzaken</al><al> Artikel 4 Marktverordening en Uitvoeringsbesluit bij de
                        Marktverordening</al><al> 1. Administratief medewerker BMO, in overleg met de marktmeester</al><al> Inschrijven en doorhalen van inschrijving op de reservelijst (artikel 9 en
                        10 Marktverordening).</al><al> 2. Marktmeester</al><al> a. Verbinden van voorschriften en beperkingen aan een verleende vergunning
                        of ontheffing (artikel 4 lid 1 Marktverordening);</al><al> b. Bijhouden van de anciënniteitslijst (artikel 8 Marktverordening);</al><al> c. Overschrijven van de vergunning (artikel 12 Marktverordening);</al><al> d. Verlenen van ontheffing van de verplichting om de plaats op de markt in
                        te nemen (artikel 19 lid 1 Marktverordening);</al><al> e. Verlenen van een vergunning om zich op de standplaats te laten vervangen
                        (artikel 19 lid 2 Marktverordening);</al><al> f. Verlenen van ontheffing van de verplichting om de standplaats tot de
                        sluitingstijd van de markt te blijven innemen (artikel 21 lid 2
                        Marktverordening);</al><al> g. Ontheffing van elektrische verlichting/luidsprekers/ geluidsinstallaties
                        e.d. (art. 6 lid 5 Uitvoeringsbesluit);</al><al> h. Toewijzen dagplaats en standwerkersplaats (artikel 14 en 15
                        Marktverordening);</al><al> i. Uitsluiten dagplaatshouder/standwerker (artikel 24
                        Marktverordening);</al><al> j. Onmiddellijk verwijderen vergunninghouder (artikel 25
                        Marktverordening).</al><al> Artikel 5 Awb &amp; Interne Klachtregeling</al><al> 1. Klachtencoördinator</al><al> a. Besluit nemen over het wel of niet in behandeling nemen van het
                        klaagschrift (art. 9:8 Awb);</al><al> b. Bevestiging ontvangst klacht, in kennis stellen van de klager over wel
                        of niet in behandeling nemen (art. 9:6 en 9:8 Awb);</al><al> c. Maken van verslag van het horen (art. 9:10 lid 3 Awb);</al><al> d. Indien nodig aan partijen schriftelijke mededeling van verdaging doen
                        (met max. vier weken) (art. 9:11 lid 2 Awb);</al><al> e. In kennis stellen van de klager over de bevindingen van het onderzoek
                        naar de klacht en van de eventuele conclusies (artikel 9:12 lid 1 Awb);</al><al> f. Registreren en jaarlijks publiceren van klachten (artikel 9:12a Awb en
                        artikel 6 Klachtenregeling).</al><al> Artikel 6 Awb en Verordening Commissie bezwaarschriften</al><al> 1. Afdelingshoofd</al><al> De bevoegdheid om op bezwaar te beslissen in die gevallen waarin de
                        commissie bezwaarschriften heeft geadviseerd het bezwaar niet-ontvankelijk
                        of ongegrond te verklaren, tenzij:</al><al> a. het afdelingshoofd zelf het besluit heeft genomen waartegen het bezwaar
                        zich richt;</al><al> b. de commissie in haar advies andere aanbevelingen doet dan over
                        gegrondheid en ontvankelijkheid;</al><al> c. het bezwaar zich richt tegen een door het college van burgemeester en
                        wethouders of ander bestuursorgaan genomen besluit.</al><al> Artikel 7 Awb externe klachtenvoorziening</al><al> Klachtencoördinator</al><al> Fungeert als contactpersoon voor de Nationale ombudsman.</al><al> Artikel 8 Diverse regelingen</al><al> 1. Coördinator juridisch beleidsmedewerker BMO</al><al> Beslissen op verzoeken om informatie als bedoeld in de Wet Openbaarheid van
                        Bestuur.</al><al> 2. Administratief juridisch medewerker BMO</al><al> a. Verlenen van ontheffing van het verbod op kamperen buiten
                        kampeerplaatsen (artikel 13 wet op de Openluchtrecreatie);</al><al> b. Afgeven van een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in het Besluit
                        inrichting en gebruik niet aangewezen luchtvaartterreinen, voor zover het
                        gaat om incidenteel gebruik van een terrein;</al><al> c. Vaststellen en verzenden van aanslagen inzake leges genoemd in hoofdstuk
                        10.1.1, 10.2, 10.3, 10.4 en 10.8 van de tarieventabel behorende bij de
                        legesverordening (van Heffings-ambtenaar);</al><al> d. Verlenen van ontheffingen/vrijstelling van de Winkeltijdenwet en
                        –verordening.</al><al> Budgethouders:</al><al> Fcl Naam budget Budgethouder Naam</al><al> 5.207.01.01 Interne communicatie Coördinator Communic.</al><al> 5.207.01.02 Beleidscoördinatie Afdelingshoofd</al><al> 5.207.01.03 Consulentschap BSO Afdelingshoofd</al><al> 5.324.01.02 Productiecentrum BSO Afdelingshoofd</al><al> 5.325.01.02 Productiecentrum P&amp;C Afdelingshoofd</al><al> 6.001.01.09 Burgemeester en wethouders All. Jur. Bel.med. BMO</al><al> 6.001.04.01 Commissie bezwaarschriften All. Jur. Bel.med. BMO C.
                        Verhoeff</al><al> 6.001.04.02 Ombudscommissie All. Jur. Bel.med. BMO</al><al> 6.002.05.01 Algemene bestuursvoorlichting Coördinator Communic.</al><al> 6.002.06.01 Algemeen juridische zaken Coördinator Jur. Bel. BMO</al><al> 6.005.01.01 Regiovorming All. Jur. Bel.med. BMO</al><al> 6.120.04.01 Rampenplan Afdelingshoofd</al><al> 6.120.04.02 Rampenbestrijding Coördinator OO&amp;V</al><al> 6.140.01.02 Handhaving openbare orde Coördinator OO&amp;V</al><al> 6.140.02.01 Algemeen beleid Coördinator OO&amp;V</al><al> 6.140.02.02 Politiezaken Coördinator OO&amp;V</al><al> 6.140.02.03 Veiligheid preventie kleine criminaliteit Coördinator
                        OO&amp;V</al><al> 6.310.01.01 Weekmarkten Coördinator OO&amp;V</al><al> 6.310.01.02 Jaarmarkt Coördinator OO&amp;V</al><al> 6.310.01.03 Streekmarkt Marktmeester</al><al> 6.310.03.01 Winkeltijdenwet Coördinator OO&amp;V</al><al> 6.541.02.01 Gemeentelijke archiefplaats Streekarchivaris</al><al> 6.711.01.01 Centrale post ambulancevervoer Coördinator OO&amp;V</al><al> H7. Ondermandaten Bouwzaken</al><al> Artikel 1 algemeen</al><al> 1. Afdelingshoofd</al><al> - Het vaststellen en verzenden van aanslagen inzake leges als genoemd in de
                        tarieventabel behorende bij de legesverordening (van
                        Heffingsambtenaar);</al><al> - Het aanwijzen van een ambtenaar Bouw- en Woningtoezicht (Art. 100a
                        Woningwet).</al><al> 2. Coördinator cluster Monumenten en Archeologie</al><al> - Het vervangen van het afdelingshoofd bij diens afwezigheid voor
                        onderwerpen die binnen het taakveld van het cluster vallen, niet zijnde
                        personele aangelegenheden;</al><al> - Het toekennen van vakantieverlof aan de medewerkers van zijn
                        vakgroep;</al><al> - Beslissen op verzoeken om informatie als bedoeld in de Wet Openbaarheid
                        van Bestuur, die binnen het taakveld van zijn vakgroep vallen.</al><al> 3. Coördinator cluster Toezicht en Handhaving</al><al> - Het vervangen van het afdelingshoofd bij diens afwezigheid voor
                        onderwerpen die binnen het taakveld van het cluster vallen, niet zijnde
                        personele aangelegenheden;</al><al> - Het toekennen van vakantieverlof aan de medewerkers van zijn
                        vakgroep;</al><al> - Beslissen op verzoeken om informatie als bedoeld in de Wet Openbaarheid
                        van Bestuur, die binnen het taakveld van zijn vakgroep vallen;</al><al> - Het vertegenwoordigen van het college van burgemeester en wethouders en
                        de burgemeester van de gemeente Woerden bij administratief rechterlijke
                        procedures, waarin de gemeente als partij is opgeroepen.</al><al> 4. Coördinator cluster Beleid en Vergunningverlening</al><al> - Het vervangen van het afdelingshoofd bij diens afwezigheid voor
                        onderwerpen die binnen het taakveld van het cluster vallen, niet zijnde
                        personele aangelegenheden;</al><al> - Het toekennen van vakantieverlof aan de medewerkers van zijn
                        vakgroep;</al><al> - Beslissen op verzoeken om informatie als bedoeld in de Wet Openbaarheid
                        van Bestuur, die binnen het taakveld van zijn vakgroep vallen;</al><al> - Het vertegenwoordigen van het college van burgemeester en wethouders en
                        de burgemeester van de gemeente Woerden bij administratief rechterlijke
                        procedures, waarin de gemeente als partij is opgeroepen.</al><al> - Verzoek bij bureau BIBOB om advies als bedoeld in de Wet BIBOB, in het
                        kader van de drank- en horecawet, aanverwante APV artikelen en Wet op de
                        Kansspelen.</al><al> 5. Het vertegenwoordigen van het college van burgemeester en wethouders en
                        de burgemeester van de gemeente Woerden bij administratief rechterlijke
                        procedures, waarin de gemeente als partij is opgeroepen: Allround juridisch
                        medewerkers, Juridisch medewerkers A en B, Allround vergunningverlener.</al><al> 6. Alle medewerkers</al><al> Het afhandelen van voortgangscorrespondentie over onderwerpen die behoren
                        bij een aan hun verleend mandaat, of gaan over onderwerpen die binnen hun
                        vakgroep worden afgehandeld.</al><al> Artikel 2 Beleid en vergunningverlening, incl. front- en backoffice
                        (B+V)</al><al> 1. Coördinator cluster Beleid en Vergunningverlening na paraaf juridisch
                        adviseur en vergunningverlener:</al><al> - Op basis van het werkprotocol, beslissen inzake het voornemen om de
                        projectbesluitprocedure ex artikel 3.11 Wro op te starten; bij bestuurlijk
                        gevoelige projecten wordt eerst overleg gepleegd met de verantwoordelijk
                        portefeuillehouder.</al><al> 2. Alle vergunningverleners</al><al> - Beslissen op verzoek om omgevings-, bouw-, sloop-, reclame-, aanleg-,
                        monumenten-, gebruiks-, milieu, kap-, rioolaansluidings- en
                        inritvergunningen;</al><al> - Beslissen inzake het buiten behandeling laten van een verzoek om één van
                        de bovengenoemde vergunningen uit de Productenlijst;</al><al> - Beslissen inzake de aanhouding van een verzoek om één van de
                        bovengenoemde vergunningen op grond van wettelijke regels;</al><al> - Beslissen inzake de verdaging van de beslistermijn op verzoeken om één
                        van de bovengenoemde vergunningen uit de Productenlijst;</al><al> - Beslissen inzake teruggave van legeskosten ten aanzien van verzoeken om
                        één van bovengenoemde vergunningen uit de Productenlijst;</al><al>- Beslissen ter zake van een verzoek om het aanbrengen van voorwerpen,
                        stoffen of andere goederen op de openbare weg (zogeheten
                        "precariovergunning");</al><al> - Doen mededeling dat het bouwwerk vergunningsvrij is (Art. 43 Woningwet
                        juncto het Besluit bouwvergunningsvrije en licht-bouwvergunningplichtige
                        bouwwerken);</al><al> - Kennisgeving van rechtswege verleende bouwvergunning. Mededeling aan de
                        eigenaar of hoofdgebruiker van een naburig ander gebouw (Art. 58 Woningwet,
                        art. 2.2.6 bouwverordening);</al><al> - Intrekken vergunning</al><al> a. de behandeling van een aanvraag om vergunning te staken;</al><al> b. kwijtschelding of restitutie van leges verlenen;</al><al> - Beslissen op de turbo-bouwvergunning;</al><al> - Op basis van het werkprotocol, beslissen inzake het voornemen om de
                        vrijstellingsprocedure ex artikel 19.2 en 19.3 van de WRO op te
                        starten;</al><al> - Op basis van het werkprotocol, beslissen inzake het voornemen om de
                        ontheffingsprocedure ex artikel 3.23 van de Wro op te starten;</al><al> - Op basis van het werkprotocol, beslissen inzake het voornemen om de
                        wijziging- of uitwerkingsbevoegdheid op grond van artikel 3.6 van de Wro op
                        te starten;</al><al> - Op basis van het werkprotocol, beslissen inzake het voornemen om de UOV
                        op te starten en het ontwerp-besluit ter inzage te leggen op vergunningen
                        uit de Productenlijst;</al><al> - Op basis van het werkprotocol, beslissen inzake het voornemen om een
                        ontheffingsprocedure hogere grenswaarde als bedoeld in artikel 100 van de
                        Wet geluidhinder op te starten;</al><al> - Beslissen op een verzoek om vrijstelling als bedoeld in artikel 15, 17,
                        en 19 van de WRO;</al><al> - Beslissen op een verzoek om ontheffing als bedoeld in artikel 3.6, 3.22
                        en 3.23 van de Wro;</al><al> - Beslissen op een verzoek om wijziging dan wel uitwerking van het
                        bestemmingsplan als bedoeld in artikel 11 van de WRO;</al><al> - Beslissen op een verzoek om wijziging dan wel uitwerking van het
                        bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6 van de Wro;</al><al> - Beslissen om een ontheffing hogere grenswaarde als bedoeld de Wet
                        geluidhinder te verlenen, indien dit noodzakelijk is in verband met het
                        verlenen van een ontheffing c.q. projectbesluit als bedoeld in de Wro;</al><al> - Vrijstelling verlenen van het Bouwbesluit of de Bouwverordening (Art. 406
                        t/m 412 Bouwbesluit, Bouwverordening).</al><al> - Verzoek om inlichtingen omtrent gedrag bij de politie ten behoeve van de
                        uitvoering van de Drank- en Horecawet (artikel 8 Drank- en Horecawet), de
                        Wet op de Kansspelen (artikel 4 Speelautomatenbesluit 1999) en de APV;</al><al> - Administratieve begeleiding en advisering op aanvragen om ontheffingen,
                        vrijstellingen of verklaringen aan de minister (artikel 5, algemeen
                        uitvoeringsbesluit Drank- en Horecawet);</al><al> - Aanvragen van uittreksels uit het Strafregister en het aanvragen van
                        justitiële gegevens als bedoeld in afdeling 2 van de Wet justitiële gegevens
                        voor de uitvoering van de Drank- en Horecawet (artikel 2, 3 en 4 Besluit
                        eisen zedelijk gedrag Drank- en Horecawet);</al><al> - Correspondentie en eerste aanschrijvingen in het kader van de uitvoering
                        van de Drank- en Horecawet;</al><al> - Aanvragen van uittreksels uit het Strafregister en het aanvragen van
                        justitiële gegevens als bedoeld in afdeling 2 van de Wet justitiële gegevens
                        voor de uitvoering van de Wet op de Kansspelen;</al><al> - Het vaststellen en verzenden van aanslagen inzake leges genoemd in
                        hoofdstuk 8.2 van de tarieventabel behorende bij de legesverordening (van
                        Heffings-ambtenaar);</al><al> - Beslissen op verzoek om ontheffingen voor zwak-alcoholische drank bij
                        bijzondere zeer tijdelijke gelegenheden (artikel 35, Drank- en
                        Horecawet);</al><al> - Beslissen op verzoek om een vergunning tot het aanwezig hebben van
                        speelautomaten (artikel 30b Wet op de Kansspelen);</al><al> - Beslissen op verzoek om een loterijvergunning als bedoeld in artikel 3
                        Wet op de Kansspelen;</al><al> - Beslissen op verzoek om een vergunning voor het houden van optochten
                        (artikel 2.1.2.1 APV) burgemeester;</al><al> - Verkorten termijn en in behandeling nemen mondeling verzoek (artikel
                        2.1.2.3 APV) burgemeester;</al><al> - Beslissen op verzoek om een vergunning voor een feest, muziek en
                        wedstrijd e.d. op de openbare weg (artikel 2.1.4.1 APV) burgemeester;</al><al> - Beslissen op verzoek om een vergunning voor het anders gebruiken van de
                        weg of een weggedeelte (artikel 2.1.5.1 APV);</al><al> - Beslissen op verzoek om een vergunning voor het organiseren van een
                        evenement (artikel 2.2.2 APV);</al><al> - Beslissen op verzoek om een ontheffing voor het bezigen van
                        consumentenvuurwerk (artikel 2.6.3 APV);</al><al> - Beslissen op verzoek om ontheffingen geluidshinder (artikel 4.1.7, tweede
                        lid APV);</al><al> - Beslissen op verzoek om ventvergunningen hetzij voor de duur van één dag,
                        hetzij voor de duur van een jaar (bestaand beleid op grond van artikel 5.2.2
                        APV);</al><al> - Beslissen op verzoek om tijdelijke standplaatsvergunningen en
                        standplaatsvergunningen voor de duur van één jaar (bestaand beleid op grond
                        van artikel 5.2.3 APV);</al><al> - Beslissen op verzoek om een vergunning voor het houden van een
                        snuffelmarkt (artikel 5.2.4 APV) burgemeester.</al><al> 3. Allroundmedewerker FO en medewerker FO A</al><al> - Beslissen op de turbo-reclamevergunning</al><al> - De mededeling doen dat het bouwwerk vergunningsvrij is (art. 43 Woningwet
                        juncto het Besluit bouwvergunningsvrije en licht-bouwvergunningplichtige
                        bouwwerken).</al><al> 4. Beleidsmedewerker informatievoorziening</al><al> - Toekennen en weigeren van huisnummers (Art. 3 verordening
                        straatnaamgeving en huisnummering).</al><al> 5. Alle medewerkers B+V</al><al> - Alle correspondentie met betrekking tot de behandeling van het verzoek om
                        één van bovengenoemde vergunningen uit de Productenlijst</al><al> - Het op verzoek verstrekken van afschriften of uittreksels uit het
                        register en registratie (artikel 9 WKPB);</al><al> - Het verstrekken van verklaringen, dat uit het register blijkt, dat op het
                        betreffende aangevraagde perceel geen publiekrechtelijke beperking van
                        toepassing zijn (artikel 9 WKPB).</al><al> - Gegevens verstrekken aan het CBS (Art. 160 Gemeentewet).</al><al> - Bijhouden openbaar register (Art. 57 Woningwet, art. 2.1.7
                        Bouwverordening).</al><al> Artikel 3 Toezicht en handhaving (T+H)</al><al> 1. Inspecteurs / toezichthouders</al><al> a. Toezicht Woningwet</al><al> - Het geven van een mondeling bevel tot stillegging van de werkzaamheden in
                        geval illegale bouw en sloop. (art. 100d Woningwet en art. 125
                        Gemeentewet).</al><al> b. Melding voornemen tot sloop</al><al> - op een melding van het voornemen tot sloop besluiten tot:</al><al> - de mededeling dat de melding is aanvaard (instemming);</al><al> - de mededeling dat binnen de wettelijke termijn ontbrekende gegevens
                        moeten worden overlegd;</al><al> - de mededeling dat het voornemen vergunningsplichtig is;</al><al> - het niet behandelen van de melding wegens onvolledigheid;</al><al> - (Art. 8.2.1 Bouwverordening, 4:5 Awb).</al><al> een verleende bouwvergunning intrekken (Art. 59 Woningwet)</al><al> een verleende sloopvergunning intrekken (Art. 8.1.7 Bouwverordening)</al><al> 2. Allround juridisch medewerker en juridische medewerkers</al><al> a. Stillleggingsbevoegdheid</al><al> - stilleggen bouwwerkzaamheden o.g.v. art. 100d Woningwet;</al><al> - stilleggen sloopwerkzaamheden o.g.v. art. 100d Woningwet;</al><al> - stilleggen bouwwerkzaamheden o.g.v. art. 125 Gemeentewet en art. 5:32 Awb
                        (dwangsom);</al><al> - stilleggen sloopwerkzaamheden o.g.v. art. 125 Gemeentewet en art. 5:32
                        Awb (dwangsom);</al><al> (art. 125 Gemeentewet, art. 100d Woningwet, afd. 5.3 en 5.4 Awb).</al><al> b. een verleende bouwvergunning intrekken (art. 59 Woningwet);</al><al> c. een verleende sloopvergunning intrekken (art. 8.1.7
                        Bouwverordening).</al><al> 3. inspecteur en coordinator Toezicht en Handhaving</al><al> a. opmaken van processen-verbaal van constatering zoals bedoeld in artikel
                        10, eerste lid, onder b van de Wet BAG.</al><al> b. opmaken van schriftelijke verklaringen, strekkende tot het signaleren
                        van een wijziging in de feitelijke situatie die van invloed is op een of
                        meer in de gebouwenregistratie opgenomen gegevens en die niet voortvloeit
                        uit een krachtens de Wet basisregistraties adressen en gebouwen aangewezen
                        brondocument.</al><al> Artikel 4 Monumenten en archeologie (MA)</al><al> 1. Coördinator cluster MA</al><al> - BTW verklaringen restauratie rijksmonumenten afgeven.</al><al> - Formulieren “aanvang werk” en “einde werk” restauratie rijksmonument
                        afgeven.</al><al> - Subsidies toekennen voor gemeentelijke monumenten op grond van de
                        subsidieverordening gemeentelijke monumenten Woerden 2001.</al><al> - Aanvraag subsidiering restauratie rijksmonumenten: de subsidiabele kosten
                        vaststellen &amp; het accorderen van declaraties voor rijksmonumenten op
                        grond van het Besluit Restauratie Instandhouding Monumenten (Brim).</al><al> - Het aanvragen van bouw-, milieu-, sloop-, kap- en overige vergunningen en
                        nutsaansluitingen voor gemeentelijke projecten.</al><al> 2. (vervallen)</al><al> H8. Ondermandaten Brandweer</al><al> Artikel 1 Algemeen</al><al> 1. Teamchef incidentbeheersing</al><al> a. Het vervangen van de brandweercommandant bij diens afwezigheid, voor
                        onderwerpen die binnen het taakveld van de afdeling vallen, waaronder
                        personele aangelegenheden zoals opgenomen in hoofdstuk 19 CAR/UWO
                        (rechtspositieregeling vrijwilligers bij de gemeentelijke brandweer), doch
                        niet voor alle overige personele aangelegenheden.</al><al> b. Het uitvoeren van alle taken en bevoegdheden die zijn gemandateerd aan
                        de brandweercommandant, voor zover deze betrekking hebben op onderwerpen
                        binnen het taakveld van het team incidentbeheersing en met uitzondering van
                        hetgeen is opgenomen in hoofdstuk 1 artikel 4 lid 3 en hoofdstuk 8 artikel
                        1.1 lid a en b.</al><al> c. Het vertegenwoordigen van het college van burgemeester en wethouders en
                        de burgemeester van de gemeente Woerden bij administratief rechtelijke
                        procedures, waarin de gemeente als partij is opgeroepen.</al><al> 2. Teamchef risicobeheersing</al><al> a. Het vervangen van de brandweercommandant bij diens afwezigheid, voor
                        onderwerpen die binnen het taakveld van de afdeling vallen, waaronder
                        personele aangelegenheden zoals opgenomen in hoofdstuk 19 CAR/UWO
                        (rechtspositieregeling vrijwilligers bij de gemeentelijke brandweer), doch
                        niet voor alle overige personele aangelegenheden.</al><al> b. Het uitvoeren van alle taken en bevoegdheden die zijn gemandateerd aan
                        de brandweercommandant voor zover deze betrekking hebben op onderwerpen
                        binnen het taakveld van het team risicobeheersing en met uitzondering van
                        hetgeen is opgenomen in hoofdstuk 1 artikel 4 lid 3 en hoofdstuk 8 artikel
                        1.1 lid a en b.</al><al> c. Het vertegenwoordigen van het college van burgemeester en wethouders en
                        de burgemeester van de gemeente Woerden bij administratief rechtelijke
                        procedures, waarin de gemeente als partij is opgeroepen.</al><al> 3. Preventiespecialist</al><al> a. Het vertegenwoordigen van het college van burgemeester en wethouders en
                        de burgemeester van de gemeente Woerden bij administratief rechtelijke
                        procedures, waarin de gemeente als partij is opgeroepen.</al><al> 4. Alle medewerkers brandweer</al><al> a. Het afhandelen van voortgangscorrespondentie.</al><al> Artikel 2 CAR/UWO Hoofdstuk 19: Vrijwillige brandweer </al><al> 1. Brandweercommandant</al><al> a. Het aanstellen van vrijwilligers (artikel 19:1:6 CAR/UWO);</al><al> b. Het toekennen van een vergoeding als bedoeld in bijlage VI bij de
                        CAR/UWO (art. 19:1:9 CAR/UWO);</al><al> c. Het bevorderen van vrijwilligers conform het Besluit brandweerpersoneel
                        (art. 19:1:11 CAR/UWO);</al><al> d. Het opleggen van disciplinaire maatregelen aan vrijwilligers (artikelen
                        19:1:30 tot en met 19:1:32 CAR/UWO);</al><al> e. Het schorsen van vrijwilligers (artikel 19:1:35 CAR/UWO);</al><al> f. Het verlenen van ontslag aan vrijwilligers (artikelen 19:1:36 tot en met
                        19:1:39 CAR/UWO).</al><al> 2. Teamchefs, mits passend binnen het afdelingsplan</al><al> a. Het aanstellen van vrijwilligers (artikel 19:1:6 CAR/UWO);</al><al> b. Het toekennen van een vergoeding als bedoeld in bijlage VI bij de
                        CAR/UWO (art. 19:1:9 CAR/UWO);</al><al> c. Het bevorderen van vrijwilligers conform het Besluit brandweerpersoneel
                        (art. 19:1:11 CAR/UWO);</al><al> d. Het verlenen van ontslag aan vrijwilligers (artikelen 19:1:36 tot en met
                        19:1:39 CAR/UWO).</al><al> Artikel 3 Gebruiksvergunningen</al><al> 1. Preventiespecialist</al><al> a. Het verlenen van een gebruiksvergunning (artikel 6.1.1 van de
                        Bouwverordening en artikel 2.1.1 van de Brandbeveiligingsverordening).</al><al> b. Het weigeren van een gebruiksvergunning en de aanvrager geen toestemming
                        verlenen het bouwwerk in gebruik te hebben of te houden (artikel 6.1.5 van
                        de Bouwverordening).</al><al> c. Aanschrijven naar aanleiding van een aanvraag voor een
                        gebruiksvergunning om voorzieningen te treffen binnen een termijn van zes
                        weken (artikel 14, eerste lid van de Woningwet).</al><al> d. Het aanhouden van de beslissing op een aanvraag (artikel 6.1.4, derde
                        lid van de Bouwverordening).</al><al> e. Het verdagen van de beslissing tot dertien weken (artikel 6.1.4, tweede
                        lid van de Bouwverordening).</al><al> f. Het heffen van leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot
                        het verkrijgen van een gebruiksvergunning (artikel 4.10 Verordening op de
                        heffing en invordering van leges van de gemeente Woerden).</al><al> g. Bepalen dat er geen gebruiksvergunning noodzakelijk is (artikel 6.1.1
                        van de Bouwverordening).</al><al> Artikel 4 Brandbeveiligingsverordening</al><al> 1. Preventiespecialist</al><al> a. Het verlenen een vergunning brandveilig gebruik (artikel 2.1.1. van de
                        Brandbeveiligingsverordening);</al><al> b. Het weigeren van een vergunning brandveilig gebruik (artikel 2.1.2. van
                        de Brandbeveiligingsverordening);</al><al> c. Het intrekken van een vergunning brandveilig gebruik (artikel 2.1.3. van
                        de Brandbeveiligingsverordening).</al><al> Artikel 5 Wet BAG</al><al> 1. Alle medewerkers</al><al> Het opmaken van schriftelijke verklaringen, strekkende tot het signaleren
                        van een wijziging in de feitelijke situatie die van invloed is op een of
                        meer in de gebouwenregistratie opgenomen gegevens en die niet voortvloeit
                        uit een krachtens de Wet basisregistraties adressen en gebouwen aangewezen
                        brondocument.</al><al> H9. Ondermandaten Burgerzaken</al><al> Artikel 1 Algemeen</al><al> 1. Afdelingshoofd</al><al> - Het vaststellen en verzenden van aanslagen inzake leges als genoemd in de
                        tarieventabel behorende bij de legesverordening (van
                        Heffingsambtenaar).</al><al> - Het aanwijzen van ambtenaren als bedoeld in artikel 36, lid 2 onder e,
                        van de wet op de Gemeentelijke Basis Administratie.</al><al> - Melden van persoonsgegevensverwerkingen in het kader van de uitvoering
                        van de Wbp (Wet Bescherming Persoonsgegevens).</al><al> - Toewijzen van taken/bevoegdheden aan medewerkers van de afdeling
                        burgerzaken, tevens ambtenaren van de burgerlijke stand, binnen het
                        deelgebied burgerlijke stand (Besluit Burgerlijke Stand, artikel 2).</al><al> - Het indienen van een verzoek voor het verstrekken van subsidies of
                        tegemoetkomingen.</al><al> 2. Aangewezen allround medewerkers back-office afdeling burgerzaken</al><al> - De behandeling van aanvragen om afgifte van de verklaring omtrent het
                        gedrag zoals bedoeld in afdeling 5 van de Wet justitiële gegevens.</al><al> 3. Alle ambtenaren werkzaam bij de afdeling burgerzaken</al><al> - Het vaststellen en verzenden van aanslagen inzake leges genoemd in de
                        tarieventabel behorende bij de legesverordening.</al><al> - Het optreden als ambtenaren jegens wie mede gelden de verplichtingen
                        bedoeld in de artikelen 47, 49 en 50 van de Algemene wet inzake
                        rijksbelastingen en in de artikelen 58 en 60 van de Invorderingswet 1990,
                        dan wel bedoeld of van toepassing verklaard in de algemene maatregel van
                        bestuur krachtens artikel 246a van de Gemeentewet gelden, zover deze
                        betrekking hebben op de activiteiten die zijn ondergebracht in de
                        hoofdstukken 1, 3 en 11 van de tarieventabel behorende bij de gemeentelijke
                        legesverordening.</al><al> - Namens hem op te treden als invorderinsgambtenaar.</al><al> - Het legaliseren van handtekeningen</al><al> - Het verlenen van reisdocumenten.</al><al> - Het verlenen van rijbewijzen.</al><al> - Afhandeling van alle voortgangscorrespondentie.</al><al> 4. Front office medewerkers</al><al> - In ontvangst nemen van dagvaardigingen.</al><al> Artikel 2 Gemeentelijke Basisadministratie, rijbewijzen en
                        reisdocumenten</al><al> 1. Senior medewerker burgerzaken</al><al> - aanwijzen van instellingen als bedoeld in artikel 67, lid 4 van de
                        GBA-wet;</al><al> - de uitvoering van artikel 75 van de GBA-wet.</al><al> - Beschikkingen (ambtshalve of op verzoek) met betrekking tot het
                        aanbrengen van wijzigingen in de basisadministratie persoonsgegevens, anders
                        dan op grond van aangifte door de burger (GBA-wet).</al><al> - Beschikkingen met betrekking tot selecties uit de basisadministratie
                        persoonsgegevens (GBA-wet).</al><al> - Beschikkingen tot het verstrekken en respectievelijk weigeren van
                        inlichtingen uit de basisadministratie persoonsgegevens (GBA-wet).</al><al> - Beschikken met betrekking tot de weigering van afgifte en het intrekken
                        van reisdocumenten.</al><al> - Beschikken met betrekking tot de weigering van afgifte en het intrekken
                        van rijbewijzen.</al><al> 2. Aangewezen allround medewerkers back-office afdeling burgerzaken</al><al> - Beschikken met betrekking tot de weigering van afgifte en het intrekken
                        van reisdocumenten.</al><al> - Beschikken met betrekking tot de weigering van afgifte en het intrekken
                        van rijbewijzen.</al><al> 3. Alle ambtenaren werkzaam bij de afdeling burgerzaken</al><al> - Het verlenen van reisdocumenten.</al><al> - Het verlenen van rijbewijzen.</al><al> - De uitvoering van afdeling 4 van hoofdstuk 2 en afdeling 3 van hoofdstuk
                        3 van de GBA-wet inzake de rechten van de burger.</al><al> - Het in- respectievelijk uitschrijven van personen uit de
                        basisadministratie persoonsgegevens (GBA-wet).</al><al> - Correspondentie met betrekking tot de naleving van de GBA-wet.</al><al> - Het ondertekenen van gewaarmerkte afschriften en verklaringen op grond
                        van de GBA-wet.</al><al> Artikel 3 Kieswet</al><al> 1. Senior medewerker burgerzaken</al><al> - Benoeming van stembureauleden (Kieswet).</al><al> - Het aanwijzen van stemlokaliteiten.</al><al> 2. Alle ambtenaren werkzaam bij de afdeling burgerzaken</al><al> - Afgifte van kiezerspassen en volmachtsbewijzen om aan verkiezingen deel
                        te kunnen nemen.</al><al> Artikel 4 Rijkswet op het Nederlanderschap</al><al> 1. Aangewezen allround medewerkers back-office burgerzaken</al><al> - Alle verrichtingen die verband houden met de uitvoering van Hoofdstuk 3
                        van de Rijkswet op het Nederlanderschap inzake het verkrijgen van het
                        Nederlanderschap door middel van een optie.</al><al> - Adviezen aan de minister van Justitie met betrekking tot naturalisatie en
                        naamsveranderingen (Rijkswet op het Nederlanderschap).</al><al> Artikel 5 Wet op de lijkbezorging</al><al> 1. Senior medewerker burgerzaken en aangewezen allround medewerkers
                        back-office afdeling burgerzaken</al><al> - Beschikkingen met betrekking tot uitstel lijkbezorging (Wet op de
                        lijkbezorging).</al><al> - Afgifte van laisser-passer voor het vervoer van een overledene naar het
                        buitenland (Wet op de lijkbezorging).</al><al> - Verlof verlenen tot het ontleden en begraven of cremeren van een
                        stoffelijk overschot (Wet op de lijkbezorging).</al><al> - besluiten met betrekking tot de verlenging huurtermijnen (grafrechten,
                        artikel 7 tweede lid);</al><al> - besluiten met betrekking tot het toewijzen van grafrechten (artikel 6 en
                        7);</al><al> - besluiten met betrekking tot het overschrijven van grafrechten (artikel
                        9);</al><al> - besluiten met betrekking tot het ruimen van graven (artikel 14);</al><al> - besluiten met betrekking tot het overbrengen van stoffelijke overschotten
                        (artikel 15).</al><al> - (Beheersverordening begraafplaatsen)</al><al> - Besluiten met betrekking tot het afkopen van de kosten van onderhoud
                        (artikel 11, tweede lid Verordening op de heffing en invordering van
                        begrafenisrechten).</al><al> 2. Alle ambtenaren werkzaam bij de afdeling burgerzaken</al><al> - Het vaststellen en verzenden van aanslagen inzake begraaf- en
                        lijkbezorgingsrechten genoemd in de geldende begraaf- en/of
                        lijkbezorgingrechtenverordening met bijbehorende tarieventabel.</al><al> H10. Ondermandaten Financiën</al><al> Artikel 1 Wet BAG</al><al> 1. Coördinator WOZ/Belastingen</al><al> Het vervangen van de beheerder in de tijdelijke beheerorganisatie BAG bij
                        diens afwezigheid.</al><al> 2. De beleidsmedewerker WOZ/Belastingen welke is aangewezen als beheerder
                        in de tijdelijke beheerorganisatie BAG en de coördinator
                        WOZ/Belastingen</al><al> a. Het opstellen van de ‘ambtelijke verklaringen’ behalve die bedoeld in
                        lid 3</al><al> b. Het toetsen van brondocumenten aan de vereisten voor inschrijving
                        (art.11 Wet BAG)</al><al> c. Het uitgeven van inschrijfnummers en identificatienummers</al><al> d. Het inschrijven van de in artikel 10 eerste lid van de Wet BAG
                        aangewezen brondocumenten in het adressenregister dan wel het
                        gebouwenregister (art.10 lid 2 Wet BAG)</al><al> e. Het op basis van de brondocumenten opnemen van gegevens in de
                        adressenregistratie en de gebouwenregistratie overeenkomstig de
                        voorschriften (art.14A en 15 Wet BAG)</al><al> f. Het ontvangen, doorgeleiden en afhandelen van meldingen c.q. verzoeken,
                        inclusief de verwerking daarvan (art.37, 38, 39, 40, 41 en art.31 Wet
                        BAG)</al><al> g. Het op verzoek aan eenieder verlenen van inzage in het adressenregister,
                        het gebouwenregister, de adressenregistratie en de gebouwenregistratie,
                        alsmede het aan eenieder verstrekken van de in de adressenregistratie
                        respectievelijk de gebouwenregistratie opgenomen gegevens (art.32, eerste
                        lid onder a Wet BAG), waarbij artikel 10 lid 1 en 2 van de Wet Openbaarheid
                        van Bestuur van toepassing zijn.</al><al> 3. Medewerker WOZ/Belastingen</al><al> Het opmaken van schriftelijke verklaringen, strekkende tot het signaleren
                        van een wijziging in de feitelijke situatie die van invloed is op een of
                        meer in de gebouwenregistratie opgenomen gegevens en die niet voortvloeit
                        uit een krachtens de Wet basisregistraties adressen en gebouwen aangewezen
                        brondocument.</al><al> 4. Beleidsmedewerker WOZ/Belastingen en medewerker WOZ</al><al> Het bepalen van de oppervlakte van een verblijfsobject op basis van de
                        (aanvraag) bouwvergunning.</al><al/><al>5. Beleidsmedewerker/Belastingen</al><al>Het opmaken van processen-verbaal van constatering zoals bedoeld in artikel
                        10, eerste lid, onder b van de Wet BAG.</al><al> H11. Ondermandaten Interne Zaken</al><al> H11A Ondermandaten tijdelijke afdeling Informatievoorziening</al><al> Artikel 1 Algemeen</al><al> 1. Coördinator ICT</al><al> Het vervangen van het afdelingshoofd bij diens afwezigheid voor onderwerpen
                        van de afdeling, niet zijnde personele aangelegenheden..</al><al> 2. Alle medewerkers</al><al> Het afhandelen van voortgangscorrespondentie over onderwerpen die behoren
                        bij een aan hun verleend mandaat.</al><al> Artikel 2 Wet kenbaarheid Publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken
                        (WKPB)</al><al> 1. Beleidsmedewerker authentieke registraties</al><al> a. Het toetsen van de brondocumenten aan vereisten voor inschrijving
                        (artikel 7 WKPB)</al><al> b. Het uitgeven van inschrijfnummers en identificatienummers (artikel 5
                        WKPB)</al><al> c. Het inschrijven van documenten in het register en het opnemen van
                        gegevens daarover in de registratie (artikel 5, 6 en 8 WKPB)</al><al> d. Het plaatsen van aantekeningen op het brondocument (artikel 7 WKPB)</al><al> e. Het verwerken van kadastrale mutaties in de administratie (artikel 8
                        WKPB)</al><al> f. Het verstrekken van een bewijs van inschrijving (artikel 9 WKPB)</al><al> g. Het waarmerken van afschriften van brondocumenten, waarbij
                        publiekrechtelijke beperkingen zijn opgelegd (artikel 3 WKPB)</al><al> h. Het op verzoek verstrekken van afschriften of uittreksels uit het
                        register en registratie (artikel 9 WKPB)</al><al> i. Het verstrekken van verklaringen, dat uit het register blijkt, dat op
                        het betreffende aangevraagde perceel geen publiekrechtelijke beperking van
                        toepassing zijn (artikel 9 WKPB)</al><al> j. Het herstellen van fouten en doorvoeren van correcties (artikel 8 en 11
                        WKPB)</al><al> k. Het (doen) verstrekken van berichten aan de landelijke voorziening
                        (artikel 10 WKPB).</al><al> 2. GIS/landmeetkundig medewerker</al><al> a. Het toetsen van de brondocumenten aan vereisten voor inschrijving
                        (artikel 7 WKPB)</al><al> b. Het uitgeven van inschrijfnummers en identificatienummers (artikel 5
                        WKPB)</al><al> c. Het inschrijven van documenten in het register en het opnemen van
                        gegevens daarover in de registratie (artikel 5, 6 en 8 WKPB)</al><al> d. Het plaatsen van aantekeningen op het brondocument (artikel 7 WKPB)</al><al> e. Het verwerken van kadastrale mutaties in de administratie (artikel 8
                        WKPB)</al><al> f. Het verstrekken van een bewijs van inschrijving (artikel 9 WKPB)</al><al> g. Het waarmerken van afschriften van brondocumenten, waarbij
                        publiekrechtelijke beperkingen zijn opgelegd (artikel 3 WKPB)</al><al> h. Het op verzoek verstrekken van afschriften of uittreksels uit het
                        register en registratie (artikel 9 WKPB)</al><al> i. Het verstrekken van verklaringen, dat uit het register blijkt, dat op
                        het betreffende aangevraagde perceel geen publiekrechtelijke beperking van
                        toepassing zijn (artikel 9 WKPB)</al><al> j. Het herstellen van fouten en doorvoeren van correcties (artikel 8 en 11
                        WKPB)</al><al> k. Het (doen) verstrekken van berichten aan de landelijke voorziening
                        (artikel 10 WKPB)</al><al> Artikel 3 Wet BAG</al><al> 1. De senior medewerker geo-informatievoorziening, landmeetkundig
                        medewerker/GIS en de GIS-specialist</al><al> Het vaststellen van de definitieve geometrie van panden en
                        verblijfsobjecten, zoals bedoeld in artikel 8 van de Wet BAG</al><al> 2. De landmeetkundig medewerker</al><al> a. Het opmaken van processen-verbaal van constatering, zoals bedoeld in
                        artikel 10, eerste lid, onder b van de Wet BAG</al><al> b. opmaken van schriftelijke verklaringen, strekkende tot het signaleren
                        van een wijziging in de feitelijke situatie die van invloed is op een of
                        meer in de gebouwenregistratie opgenomen gegevens en die niet voortvloeit
                        uit een krachtens de Wet basisregistraties adressen en gebouwen aangewezen
                        brondocument</al><al> 3. De coördinator ICT</al><al> a. Het onderhouden dan wel doen onderhouden van het berichtenverkeer met de
                        Landelijke Voorziening basisregistraties adressen en gebouwen (art. 31 Wet
                        BAG)</al><al> b. Het zorg dragen voor een goede beschikbaarheid, werking en beveiliging
                        van de adressenregistratie respectievelijk de gebouwenregistratie (art. 14
                        Wet BAG)</al><al> 4. De coördinator DIV</al><al> Het verzorgen van een zodanige opzet van het adressenregister en het
                        gebouwenregister, dat de inhoud daarvan duurzaam kan worden bewaard en te
                        allen tijde binnen een redelijke termijn raadpleegbaar en beschikbaar is
                        (art. 9 Wet BAG</al><al> H12. Ondermandaten Onderwijs &amp; Welzijn</al><al> -</al><al> H13. Ondermandaten Personeel, Organisatie &amp; Informatie </al><al> Artikel 1 Algemeen</al><al> 1. Coördinator P&amp;O</al><al> a. Het vervangen van het afdelingshoofd bij diens afwezigheid voor
                        onderwerpen die binnen het taakveld van de afdeling vallen, niet zijnde
                        personele aangelegenheden.</al><al> b. Het ondertekenen van de besluiten, die genomen zijn op basis van H4
                        (Personeelsbevoegdheden).</al><al> 2. Alle medewerkers</al><al> Het afhandelen van voortgangscorrespondentie over onderwerpen die behoren
                        bij een aan hun verleend mandaat.</al><al> Artikel 2 CAR/UWO</al><al> 1. Afdelingshoofd</al><al> Toepassing korting bezoldiging bij (langdurige) ziekte (art. 7:3 CAR).</al><al> 2. Coördinator P&amp;O</al><al> a. Toekennen (betaald) ouderschapsverlof (art. 6:5 t/m 6:5a CAR)</al><al> b. Toekennen zwangerschaps- en bevallingsverlof (art. 6:7 CAR)</al><al> c. Toekennen adoptie- en pleegzorgverlof (art. 6:8 CAR)</al><al> d. Toekennen tegemoetkoming in de verhuiskosten (art. 18:1:2 en art. 18:1:3
                        UWO, vergoedingsregeling reiskosten woon-werkverkeer)</al><al> e. Verlening van tegemoetkoming in pensionkosten (art. 18:1:9 UWO).</al><al> 3. Allround beleidsmedewerker P&amp;O</al><al> a. Toekennen (betaald) ouderschapsverlof (art. 6:5 t/m 6:5a CAR)</al><al> b. Toekennen zwangerschaps- en bevallingsverlof (art. 6:7 CAR)</al><al> c. Toekennen adoptie- en pleegzorgverlof (art. 6:8 CAR)</al><al> d. Toekennen tegemoetkoming in de verhuiskosten (art. 18:1:2 en art. 18:1:3
                        UWO, vergoedingsregeling reiskosten woon-werkverkeer)</al><al> e. Verlening van tegemoetkoming in pensionkosten (art. 18:1:9 UWO).</al><al> 4. Beleidsmedewerker P&amp;O</al><al> a. Toekennen (betaald) ouderschapsverlof (art. 6:5 t/m 6:5a CAR)</al><al> b. Toekennen zwangerschaps- en bevallingsverlof (art. 6:7 CAR)</al><al> c. Toekennen adoptie- en pleegzorgverlof (art. 6:8 CAR)</al><al> d. Toekennen tegemoetkoming in de verhuiskosten (art. 18:1:2 en art. 18:1:3
                        UWO, vergoedingsregeling reiskosten woon-werkverkeer)</al><al> e. Verlening van tegemoetkoming in pensionkosten (art. 18:1:9 UWO).</al><al> 5. Medewerker P&amp;O</al><al> Afsluiten van stage- en werkervaringsovereenkomsten.</al><al> 6. Salarisadministrateur</al><al> a. Toekennen gratificatie ambtsjubileum (art. 3:5 CAR)</al><al> b. Afgeven werkgeversverklaring voor diverse doeleinden (studieaanvragen,
                        hypothecaire leningen, aanvragen huurwoning, gegevens diensttijd,
                        etc.).</al><al> c. Vaststellen verlofaanspraken en ADV-rechten (Verlofregeling 2001)</al><al> d. Bepalen verlofaanspraak na ziekte (art. 6:2:3 lid 3 UWO)</al><al> e. Verrekenen verlof bij ontslag (art. 6:2:3 lid 5 UWO)</al><al> f. uitvoering gemeentelijke levensloopregeling (hoofdstuk 6a CAR) voor wat
                        betreft de uitbetalingen en declaraties.</al><al> 7. medewerker PSA</al><al> a. Toekennen gratificatie ambtsjubileum (art. 3:5 CAR)</al><al> b. Afgeven werkgeversverklaring voor diverse doeleinden (studieaanvragen,
                        hypothecaire leningen, aanvragen huurwoning, gegevens diensttijd, etc.)</al><al> c. Vaststellen verlofaanspraken en ADV-rechten (Verlofregeling 2001)</al><al> d. Bepalen verlofaanspraak na ziekte (art. 6:2:3 lid 3 UWO)</al><al> e. uitvoering gemeentelijke levensloopregeling (hoofdstuk 6a CAR) voor wat
                        betreft de uitbetalingen en declaraties.</al><al> 8. Administratief medewerker</al><al> Verlening van tegemoetkoming in de reiskosten woon-werkverkeer (art. 18:1:6
                        UWO).</al><al> Artikel 3 Overige zaken &amp; lokale regelgeving</al><al> 1. Coördinator P&amp;O</al><al> Afsluiten collectieve verzekeringen ten behoeve van personeel, in overleg
                        met administratief medewerker Financiën.</al><al> 2. Allround beleidsmedewerker P&amp;O</al><al> Afsluiten collectieve verzekeringen ten behoeve van personeel, in overleg
                        met administratief medewerker Financiën.</al><al> 3. Beleidsmedewerker P&amp;O</al><al> Afsluiten collectieve verzekeringen ten behoeve van personeel, in overleg
                        met administratief medewerker Financiën.</al><al> 4. Salarisadministrateur</al><al> Betaalbaar stellen van de salarissen en afdrachten sociale premies,
                        belastingen en verzekeringen.</al><al> 5. Medewerker PSA</al><al> Betaalbaar stellen van de salarissen en afdrachten sociale premies,
                        belastingen en verzekeringen.</al><al> H14. Ondermandaten Projecten</al><al> Artikel 1 Algemeen</al><al> 1. Allround projectleider</al><al> Het vervangen van het afdelingshoofd bij diens afwezigheid voor onderwerpen
                        die binnen het taakveld van de afdeling vallen, niet zijnde personele
                        aangelegenheden.</al><al> 2. Coördinator Binnenstad</al><al> Het afhandelen van voortgangscorrespondentie over onderwerpen die behoren
                        binnen het taakveld.</al><al> Artikel 2 Projecten</al><al> 1. Projectleider en allround projectleider</al><al> a. Het, binnen de grenzen van een goedgekeurd projectplan en conform het
                        Richtsnoer Projectmatig Werken, nemen van besluiten en ondertekenen daarvan,
                        indien die besluiten binnen de grenzen van dat project vallen en indien de
                        bestuurlijk en ambtelijk opdrachtgever daarmee ingestemd hebben.</al><al> b. Het afhandelen van voortgangscorrespondentie over onderwerpen die
                        behoren bij het project waarvan hij of zij projectleider is.</al><al> 2. Projectsecretaris</al><al> Het afhandelen van voortgangscorrespondentie over onderwerpen die behoren
                        bij het project waarvan hij of zij projectsecretaris is.</al><al> Budgethouders</al><al> Fcl Naam budget Budgethouder Naam</al><al> 53260101 Productiecentrum Projecten Afdelingshoofd</al><al> 72100209 Verbinding westelijke randwg H aansl.A12 W-Oost 6a Hove,
                        S.ten</al><al> 72100215 Aanleg westelijke randweg Harmelen Project 6b Hove, S.ten</al><al> 72100241 Bravo Project 3 aansl. A12 Waarder Hove, S.ten</al><al> 72100243 Begeleiding reconstructie A12 bestaand Project 5 Hove, S.ten</al><al> 72100244 Begeleiding Project 7 BRAVO Hove, S.ten</al><al> 72100265 Project Bravo 8 Hove, S.ten</al><al> 72100275 Begeleiding Project 9 BRAVO Hove, S.ten</al><al> 72100276 Project 4 BRAVO Hove, S.ten</al><al> 74800211 Brede School Waterrijk (S&amp;P) Broekmeulen, R.</al><al> 80010102 Ophogen fase II Broekmeulen, R.</al><al> 80010108 Snellerpoort Broekmeulen, R.</al><al> 80010113 Flexplek Broekmeulen, R.</al><al> 80010114 Algemeen Snel &amp; Polanen Broekmeulen, R</al><al> 80010115 Waterrijk Algemeen Broekmeulen, R.</al><al> 80010116 Waterrijk Eiland I Broekmeulen, R.</al><al> 80010117 Waterrijk Eiland II Broekmeulen, R.</al><al> 80010119 Reconstructie Steinhagenseweg Broekmeulen, R.</al><al> 80010123 Villapark Waterrijk Broekmeulen, R.</al><al> 80010124 Waterrijk Eiland III Broekmeulen, R.</al><al> 80010125 Geluidwerende voorzieningen spoor en A-12 Broekmeulen, R.</al><al> 80010126 Waterrijk Eiland IV Broekmeulen, R.</al><al> 80010140 Recreatieplas Cattenbroek Broekmeulen, R.</al><al> 80020101 Binnenstad, binnen Kerkplein Dam, C. van</al><al> 80020102 Binnenstad, buiten Kerkplein Dam, C. van</al><al> 80020105 Defensie-eiland, Binnenstad Liang, K.M.</al><al> 80020111 Project 1, Nieuwe Markt, v.Oudheusdenstr, Emmakade Dam, C.
                        van</al><al> 80020112 Project 2, Molenstr, HogeWoerd 1, deel Kazernestr. Dam, C.
                        van</al><al> 80020113 Project 3, speelplaats Kazernestraat Dam, C. van</al><al> 80020114 Project 4,Nw Kerkplein,Groenendaal,deel Kazernestr Dam, C.
                        van</al><al> 80020115 Project 5, Kerkplein, deeltje Groenendaal Dam, C. van</al><al> 80020116 Project 6, Kaasmarkt Dam, C. van</al><al> H15. Ondermandaten Realisatie &amp; Beheer</al><al> Artikel 1 Algemeen</al><al> 1. Afdelingshoofd:</al><al> - Het vaststellen en verzenden van aanslagen inzake leges genoemd in de
                        tarieventabel behorende bij de legesverordening (van
                        Heffingsambtenaar).</al><al> - Het behandelen van een klacht gericht tegen een medewerker.</al><al> - Het tekenen van stukken met betrekking tot bezwaar- en
                        (hoger)beroepprocedures waarbij de burgemeester en het college van de
                        gemeente Woerden zijn opgeroepen als verweerder vanwege door hen genomen
                        besluiten als bedoeld in de Algemene wet bestuursrecht.</al><al> 2. Teamchefs:</al><al> - Het vervangen van het afdelingshoofd bij diens afwezigheid voor
                        onderwerpen die binnen het taakveld van het betreffende team en de afdeling
                        vallen, niet zijnde personele aangelegenheden.</al><al> - Toestemming geven aan de medewerkers van het betreffende team voor het
                        gebruik eigen motorrijtuig t.b.v. de dienst (UWO art. 15:1:24).</al><al> - Toekennen vakantieverlof aan de medewerkers van het betreffende team (UWO
                        art. 6:2:1, Verlofregeling 2001).</al><al> 3. Juridisch Beleidsmedewerker:</al><al> - Het vertegenwoordigen van het college en de burgemeester van de gemeente
                        Woerden bij administratief rechterlijke procedures, waarin de gemeente als
                        partij is opgeroepen.</al><al> - De gemeente in en buiten rechte vertegenwoordigen ter uitvoering van
                        beslissingen die zijn genomen in de uitoefening van de bevoegdheden
                        omschreven in dit mandaatbesluit en/of beslissingen genomen door de raad of
                        door of namens het college van burgemeester en wethouders, als bedoeld in
                        artikel 171 van de Gemeentewet.</al><al> - Correspondentie voeren over gemeentelijke aangelegenheden, zoals
                        ontvangstbevestigingen, behandelings- en tussenberichten, uitnodigingen voor
                        bijeenkomsten en hoorzittingen, besluiten van bestuursorganen mededelen,
                        opdrachten verstrekken tot uitvoering van een besluit van een
                        bestuursorgaan, behandelen verzoeken om informatie, deelneming aan enquêtes,
                        dit alles voor zover de brief geen beschikking is.</al><al> - Belanghebbenden in de gelegenheid stellen mondeling of schriftelijk
                        zienswijzen naar voren te brengen als bedoeld in afdeling 3.4 van de
                        Algemene wet bestuursrecht.</al><al> - Ter inzage leggen en het verstrekken van (kopieën) van
                        (ontwerp)besluiten, verzoeken om vergunning of ontheffing, verslagen, nota’s
                        en andere stukken.</al><al> - Vaststellen van formulieren voor het indienen van aanvragen en het
                        verstrekken van gegevens, als bedoeld in artikel 4:4 van de Algemene wet
                        bestuursrecht.</al><al> - Gelegenheid stellen tot het aanvullen van een aanvraag, als bedoeld in
                        artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht en besluiten om de aanvraag
                        niet te behandelen.</al><al> - Horen van een aanvrager, als bedoeld in de artikelen 4:7 tot en met 4:10
                        van de Algemene wet bestuursrecht.</al><al> - Stukken doorzenden die verkeerd geadresseerd zijn of tot behandeling
                        waarvan kennelijk een ander bestuursorgaan bevoegd is, als onder meer
                        bedoeld in artikelen 2:3 en 6:15 van de Algemene wet bestuursrecht.</al><al> 4. Alle medewerkers:</al><al> - Het afhandelen van voortgangscorrespondentie over onderwerpen die behoren
                        bij een aan hun verleend mandaat.</al><al> Artikel 2 Openbare ruimte</al><al> 1. Afdelingshoofd:</al><al> - Het aanwijzen van personen die in de gemeente Woerden van zonsopgang tot
                        zonsondergang op grond van artikel 5:11 e.v. van de Algemene wet
                        bestuursrecht toegang hebben tot alle terreinen voorzover dat redelijkerwijs
                        nodig is voor de uitvoering van wet- en regelgeving op het gebied van onder
                        andere de APV, de vigerende bomenverordening, beleid op het gebied van groen
                        en landschap, openbare ruimte, water en riolering, verharding van wegen,
                        afval en reiniging.</al><al> - Het voeren van correspondentie naar aanleiding van controles door
                        toezichthouders, zoals het opstellen en verzenden van waarschuwingen in het
                        voortraject van handhaving van wet- en regelgeving alsook toepassing van
                        sanctiemiddelen in het kader van bestuurlijke handhaving als bedoeld in
                        hoofdstuk 5 van de Algemene wet bestuursrecht inzake wetgeving waarvoor het
                        college van B&amp;W of de burgemeester, het bevoegd gezag is, zoals onder
                        meer bij de APV, de Wegenverkeerswet 1994 en de vigerende
                        bomenverordening.</al><al> - Het gunnen van werk aan partijen als er een aanbestedingsprocedure is
                        gevolgd volgens alle daarvoor geldende interne en externe regels.</al><al> - Het vaststellen en verzenden van aanslagen inzake het ophalen van grof
                        vuil als bedoeld in de vigerende Verordening Reinigingsheffingen.</al><al> 2. Teamchef afval en reiniging:</al><al> - Een vergoeding betalen aan scholen en verenigingen voor ingezameld oud
                        papier conform de subsidieverordening oud papier.</al><al> - Het voeren van correspondentie met betrekking tot het taakveld
                        afvalstoffen en reiniging; afhandelen van klachten en praktische
                        uitvoeringsaangelegenheden.</al><al> - Het vaststellen en verzenden van aanslagen inzake het ophalen van grof
                        vuil als bedoeld in de vigerende Verordening Reinigingsheffingen.</al><al> - De uitvoering van wet- en regelgeving en het vigerende beleid en het
                        voeren van correspondentie inzake de illegale storting en inzameling van
                        afval, inclusief het in rekening brengen van daaraan verbonden kosten, zoals
                        onder andere bedoeld in het uitvoeringsbesluit ‘Afvalstoffen’ en de
                        APV.</al><al> - Het maken van nadere afspraken met de op grond van artikel 1,
                        uitvoeringsbesluit “afvalstoffen” aangewezen inzamelaars.</al><al> - Het wijzigen van de inzamelaarslijst (artikel 2 van het
                        uitvoeringsbesluit “afvalstoffen”).</al><al> - Wijzigen van de lijst verzamelcontainers (artikel 6 onder d van het
                        uitvoeringsbesluit “afvalstoffen”).</al><al> - Uit het oogpunt van verkeersveiligheid en van een doelmatige inzameling
                        en arbeidsbelasting vaststellen van een “lijst” verzamelplaatsen
                        minicontainers (artikel 6 onder d van het uitvoeringsbesluit
                        “afvalstoffen’).</al><al> - Stellen van nadere regels omtrent wijze van aanbieden
                        bedrijfsafvalstoffen.</al><al> 3. Beheerder afvalbrengstation en medewerkers afval en reiniging</al><al> - Het geven van mondelinge en schriftelijke aanwijzingen strekkend tot een
                        doelmatige verwijdering van afvalstoffen, die worden aangeboden bij het
                        afvalbrengstation.</al><al> 4. Teamchef stadsonderhoud:</al><al> - Het nemen van een besluit over aanvragen om vergunningen tot aansluiting
                        op het gemeenteriool.</al><al> - Besluiten nemen en handelingen verrichten op grond van de
                        Beheersverordening begraafplaatsen van de gemeente Woerden.</al><al> - Verhuur buitensportvelden.</al><al> - Het nemen van besluiten op grond van het Vaartuigenreglement.</al><al> 5. Teamchef werken en renovaties:</al><al> - Het verlenen en weigeren van een instellingsbesluit op grond van, alsmede
                        het verrichten van alle overige handelingen, zoals bedoeld in de
                        Telecommunicatiewet en aanverwante wet- en regelgeving, waaronder het doen
                        van aangifte met betrekking tot heffingen.</al><al> - Het nemen van een besluit over toestemming voor het leggen van kabels en
                        leidingen in gemeentegrond ten behoeve van rechtstreekse aansluitingen van
                        bedrijven of woningen.</al><al> - Het garantstellen voor beschadiging van leidingen van nutsbedrijven
                        tijdens de bouwfase van nieuwbouwprojecten.</al><al> - De bevoegdheid om aanvragen in te dienen voor bouwvergunningen en
                        vrijstellingen respectievelijk projectbesluiten op grond van de Wet op de
                        Ruimtelijke Ordening en de Wet ruimtelijke ordening voor de realisering van
                        (bouw)werken of de uitvoering van werkzaamheden door (of in opdracht) van de
                        gemeente.</al><al> 6. Technisch medewerker kabels en leidingen:</al><al> - Het verlenen en weigeren van een instellingsbesluit op grond van, alsmede
                        het verrichten van alle overige handelingen, zoals bedoeld in de
                        Telecommunicatiewet en aanverwante wet- en regelgeving, waaronder het doen
                        van aangifte met betrekking tot heffingen.</al><al> - Het nemen van een besluit over toestemming voor het leggen van kabels en
                        leidingen in gemeentegrond ten behoeve van rechtstreekse aansluitingen van
                        bedrijven of woningen.</al><al> 7. Teamchef wijkonderhoud</al><al> - Het beslissen op een aanvraag om een vergunning voor het vellen van
                        houtopstanden op grond van de vigerende bomenverordening van de gemeente
                        Woerden.</al><al> - In gebruik geven van stukjes openbaar plantsoen onder door het college
                        van burgemeester en wethouders vast te stellen voorwaarden.</al><al> - Aanschrijvingen doen voor het (op)snoeien van heggen inzake
                        verkeersaspecten(artikel 2.1.6.3. APV Woerden 2007).</al><al> - Verhuur van alle speelvelden zoals te Woerden Wijkpark Molenvliet,
                        Speelveld bij de Essenlaan, Speelveld bij de Hoge Rijndijk (“De Badkuip”),
                        Speelveld bij het Exercitieveld, Speelveld bij het Grechtterrein, Speelveld
                        bij de Brediuspark, Speelveld bij de Talmalanen, Speelveld bij de
                        Boekentuin, speelvelden te Harmelen zoals Speelveld Groenedaal, Speelveld
                        bij Paltrokmolen, speelveld te Zegveld bij de Molenweg speelvelden te
                        Kamerik zoals Speelveld bij het park Mijzijde en Speelveld bij de Waterstoep
                        en tot slot te Kanis het Speelveld bij de Reigerstraat.</al><al> 8. Juridisch Beleidsmedewerker:</al><al> - Verkeersbesluiten nemen over verkeerstekens en onderborden, de inrichting
                        van de weg, voorzieningen ter regeling van het verkeer en ontheffing
                        verlenen, als bedoeld in de artikelen 87 Reglement Verkeersregels en
                        Verkeerstekens 1990 en de artikelen 15, 16 en 18, 148 eerste lid, aanhef en
                        sub b en artikel 149, eerste lid, aanhef en sub d van de wegenverkeerswet
                        1994. Dit omvat mede het nemen van besluiten inzake aanvragen om
                        gehandicaptenparkeerplaatsen.</al><al> - Het treffen van tijdelijke verkeersmaatregelen in het kader van het
                        aanleggen en onderhouden van wegen als bedoeld in artikel 34 Besluit
                        administratieve bepalingen inzake het wegverkeer.</al><al> - Het nemen van een besluit tot het aanstellen van verkeersregelaars en
                        verkeersbrigadiers, zoals bedoeld in artikel 56, lid 1 sub b en lid 2 van
                        het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer.</al><al> - Het nemen van een besluit over ontheffingen van de verboden, als bedoeld
                        in het deel van de vigerende Algemeen Plaatselijke Verordening (APV) van
                        Woerden dat betrekking heeft op de Algemene Bepalingen als bedoeld in
                        hoofdstuk 1 van genoemde APV en/of op Orde en Veiligheid op de weg zoals
                        bedoeld in afdeling 1 van hoofdstuk 2 van genoemde APV en/of op
                        parkeerexcessen als bedoeld in afdeling 1 van hoofdstuk 5 van genoemde APV
                        en/of op openbaar water als bedoeld in afdeling 3 van hoofdstuk 5 van
                        genoemde APV.</al><al> - Verlenen ontheffingen geluidshinder (artikel 4.1.7, tweede lid APV).</al><al> - Het aansprakelijk stellen van derden voor schade die zij aan het openbaar
                        gebied hebben toegebracht.</al><al> - Het nemen van een besluit tot het verlenen respectievelijk weigeren van
                        toestemming voor het laden en lossen van vuurwerk op voor publiek
                        toegankelijke plaatsen binnen de bebouwde kom van de gemeente Woerden, zoals
                        bedoeld in hoofdstuk 8.5, aanvullende voorschriften S.1 (4) ADR- Europees
                        verdrag betreffende het internationaal vervoer van gevaarlijke goederen over
                        de weg.</al><al> - Het voeren van correspondentie naar aanleiding van controles door
                        toezichthouders, zoals het opstellen en verzenden van waarschuwingen in het
                        voortraject van handhaving van wet- en regelgeving.</al><al> - Het vaststellen en verzenden van aanslagen inzake leges genoemd in
                        hoofdstuk 11 van de tarieventabel behorende bij de legesverordening (van
                        Heffingsambtenaar).</al><al> 9. Administratief juridisch medewerker:</al><al> - Het aansprakelijk stellen van derden voor schade die zij aan het openbaar
                        gebied hebben toegebracht.</al><al> - Het voeren van correspondentie naar aanleiding van controles door
                        toezichthouders, zoals het opstellen en verzenden van waarschuwingen in het
                        voortraject van handhaving van wet- en regelgeving.</al><al> - Namens de gemeente of bestuursorganen bij de politie aangifte doen van
                        strafbare feiten.</al><al> H16. Ondermandaten Ruimtelijke Ontwikkeling</al><al> Artikel 1 Algemeen</al><al> 1. (vervallen)</al><al> 2. Coördinator Ruimtelijke Ordening</al><al> a. Het vervangen van het afdelingshoofd bij diens afwezigheid voor
                        onderwerpen die binnen het taakveld van de vakgroep Ruimtelijke Ordening
                        vallen, niet zijnde personele aangelegenheden;</al><al> b. Het toekennen van vakantieverlof aan de medewerkers van zijn
                        vakgroep;</al><al> c. Het vertegenwoordigen van het college van burgemeester en wethouders en
                        de burgemeester van de gemeente Woerden bij administratief rechterlijke
                        procedures, waarin de gemeente als partij is opgeroepen.</al><al> 3. Senior beleidsmedewerker Verkeer en Vervoer</al><al> a. Het vervangen van het afdelingshoofd bij diens afwezigheid voor
                        onderwerpen die binnen het taakveld van de vakgroep Verkeer en Vervoer
                        vallen, niet zijnde personele aangelegenheden;</al><al> b. Het toekennen van vakantieverlof aan de medewerkers van zijn
                        vakgroep;</al><al> c. Het vertegenwoordigen van het college van burgemeester en wethouders en
                        de burgemeester van de gemeente Woerden bij administratief rechterlijke
                        procedures, waarin de gemeente als partij is opgeroepen.</al><al> 4. Senior beleidsmedewerker Stedenbouwkunde</al><al> a. Het vervangen van het afdelingshoofd bij diens afwezigheid voor
                        onderwerpen die binnen het taakveld van de vakgroep Stedenbouw &amp;
                        Volkshuisvesting vallen, niet zijnde personele aangelegenheden;</al><al> b. Het toekennen van vakantieverlof aan de medewerkers van zijn
                        vakgroep.</al><al> 5. Het vertegenwoordigen van het college van burgemeester en wethouders en
                        de burgemeester van de gemeente Woerden bij administratief rechterlijke
                        procedures, waarin de gemeente als partij is opgeroepen.</al><al> a. Senior beleidsmedewerker Ruimtelijke Ordening</al><al> b. Allround beleidsmedewerker Ruimtelijke Ordening</al><al> c. Beleidsmedewerker Ruimtelijke Ordening</al><al> d. Allround beleidsmedewerker Verkeer en Vervoer</al><al> e. Medewerker Verkeer en Vervoer</al><al>f. beleidsmedewerker strategische ruimtelijke ontwikkelingen</al><al> 6. Alle medewerkers</al><al> Het afhandelen van voortgangscorrespondentie over onderwerpen die behoren
                        bij een aan hun verleend mandaat, of gaan over onderwerpen die binnen hun
                        vakgroep worden afgehandeld.</al><al> 7. Medewerkers van de Vakgroep Ruimtelijke ordening</al><al> Het publiceren, beschikkbaar stellen en digitaal waarmerken van ruimtelijke
                        instrumenten conform Bro artikel 1.2.1 lid 1, Bro artikel 1.2.2 lid 2 en de
                        Regeling standaarden ruimtelijke ondening 2008. Daarbij geldt dat het
                        PKI-certificaat en bijbehorend wachtwoord niet ter beschikking mogen worden
                        gesteld aan derden.</al><al> Artikel 2 Transacties / privaatrecht (vervallen)</al><al> Artikel 3 Tijdelijk beheer herontwikkelingsobjecten (vervallen)</al><al> Artikel 4 Vastgoedbeheer (vervallen)</al><al> Artikel 5 Volkshuisvesting</al><al> 1. afdelingshoofd</al><al> a. Het vaststellen van de woningbouwprogramma’s;</al><al> b. Het jaarlijks vaststellen van de meerjarenplanning en programmering
                        woningbouwlocaties voor de provincie;</al><al> c. Het jaarlijks vaststellen van de woningbouwmonitor.</al><al> vertegenwoordiging in Stichting Urgentieverlening West Utrecht (SUWU)</al><al> 1. afdelingshoofd</al><al> Het verstrekken van de kascontroleverklaring over de jaarrekening.</al><al> H16A. Ondermandaten tijdelijke afdeling Vastgoed</al><al/><al>Artikel 1 Algemeen</al><al> Alle medewerkers</al><al> Het afhandelen van voortgangscorrespondentie over onderwerpen die behoren
                        bij een aan hun verleend mandaat of gaan over onderwerpen die binnen hun
                        cluster worden afgehandeld.</al><al/><al>Artikel 2 Bouwkunde</al><al/><al>(Beleids)medewerker bouwkunde</al><al> a. Het indienen van subsidieaanvragen voor gemeentelijke projecten</al><al> b. Beslissen op een aanvraag voor het plaatsen van bouwhekken en containers
                        e.d. inclusief het gebruik van de openbare weg.</al><al/><al>Artikel 3 Tijdelijk beheer herontwikkelingsobjecten</al><al/><al>Alle medewerkers van het cluster Grondzaken</al><al> Operationeel en technisch beheer van grond en opstallen in het kader van
                        tijdelijk beheer, waaronder opdrachtverlening voor nutsvoorzieningen en tot
                        maximaal € 12.500,- exclusief BTW voor overige onderhouds- en
                        exploitatiewerkzaamheden.</al><al/><al>Artikel 4 Vastgoedbeheer</al><al/><al>Alle medewerkers van het cluster Grondzaken</al><al> Operationeel en technisch beheer van grond en opstallen zoals vermeld in
                        het afdelingsplan, waaronder opdrachtverlening voor nutsvoorzieningen en tot
                        maximaal € 12.500,- exclusief BTW voor overige onderhouds- en
                        exploitatiewerkzaamheden</al><al> H17. Ondermandaten Sociale Zaken</al><al> Artikel 1. Algemeen</al><al> 1. Teamleiders:</al><al> - Het vervangen van het afdelingshoofd bij diens afwezigheid voor
                        onderwerpen die binnen het taakveld van het desbetreffende team en de
                        afdeling vallen, niet zijnde personele aangelegenheden;</al><al> - Het indienen van verzoeken voor het verstrekken van subsidies of
                        tegemoetkomingen, voor onderwerpen die binnen het taakveld van het
                        desbetreffende team vallen;</al><al> - Het vaststellen en verzenden van aanslagen inzake leges genoemd in
                        hoofdstuk 1 van de tarieventabel behorende bij de legesverordening;</al><al> - Toekennen vakantieverlof aan de medewerkers van het desbetreffende team
                        (UWO art. 6:2:1, Verlofregeling 2001);</al><al> - Toekennen reis- en verblijfkosten (art. 15:1:22 UWO) aan medewerkers van
                        het eigen team</al><al> - Het vertegenwoordigen van het college en de burgemeester bij
                        administratiefrechtelijke procedures, waarin de gemeente als partij is
                        opgeroepen.</al><al> 2. Projectleider Reïntegratie:</al><al> - Het binnen de grenzen van een goedgekeurd projectplan en conform het
                        Richtsnoer Projectmatig Werken nemen van besluiten en ondertekenen daarvan,
                        indien die besluiten binnen de grenzen van dat project vallen en indien de
                        bestuurlijk en ambtelijk opdrachtgever daarmee hebben ingestemd.</al><al> 3. Alle beleidsmedewerkers:</al><al> - Het vertegenwoordigen van het college en de burgemeester van de gemeente
                        Woerden bij administratiefrechtelijke procedures, waarin de gemeente als
                        partij is opgeroepen.</al><al> 4. Kwaliteitsmedewerkers:</al><al> - Het vertegenwoordigen van het college en de burgemeester van de gemeente
                        Woerden bij administratiefrechtelijke procedures, waarin de gemeente als
                        partij is opgeroepen.</al><al> 5. Alle medewerkers:</al><al> - Het afhandelen van voortgangscorrespondentie over onderwerpen die behoren
                        bij een aan hun verleend ondermandaat.</al><al> Artikel 2. Wet werk en bijstand</al><al> 1. Teamleider Werk en Inkomen en teamleider Bijzondere Ondersteuning</al><al> - Alle bevoegdheden die zijn genoemd in dit artikel.</al><al> 2. Kwaliteitsmedewerker belast met de WWB c.a.:</al><al> - Alle bevoegdheden op grond van de WWB, de wet IOAW en de wet IOAZ met
                        daaraan gekoppelde verordeningen, reglementen en uitvoeringsbesluiten, met
                        uitzondering van de beslissingsbevoegdheid op bezwaar en beroep.</al><al> - Beslissen op aanvragen en terugvorderingen in het kader van de
                        Verordening Declaratieregeling maatschappelijke participatie voor minima
                        2008 gemeente Woerden</al><al> - het uitoefenen van alle bevoegdheden op grond van van de wet WIJ en
                        daaraan gekoppelde verordeningen, reglementen en uitvoeringsbesluiten</al><al> Artikel 3. Wet maatschappelijke ondersteuning</al><al> 1. Teamleider WMO:</al><al> - Alle bevoegdheden die zijn genoemd in dit artikel.</al><al> 2. Kwaliteitsmedewerker belast met de WMO:</al><al> - Alle bevoegdheden op grond van de WMO met daaraan gekoppelde
                        verordeningen, reglementen en uitvoeringsbesluiten, met uitzondering van de
                        beslissingsbevoegdheid op bezwaar en beroep.</al><al> Artikel 4. Wet Inburgering</al><al> 1. Teamleider Bijzondere Ondersteuning</al><al> - Alle bevoegdheden in dit artikel;</al><al> - Openen van een rekening ten behoeve van inkomensbeheer.</al><al> 2. Beleidsmedewerker en kwaliteitsmedewerker belast met inburgering:</al><al> - Alle bevoegdheden van het college op grond van de Wet Inburgering ten
                        aanzien van het opleggen c.q. vrijstellen van de inburgeringsverplichting,
                        de toekenning van reis- en overige kosten en het opleggen van boetes</al><al> Fcl Naam budget Budgethouder Naam</al><al> 5.315.01.02 Productiecentrum SoZa region Afdelingshoofd K. Coesmans</al><al> 5.315.01.03 Productiecentrum SoZa algemeen Afdelingshoofd K. Coesmans</al><al> 5.315.01.04 Productiecentrum SoZa WMO Teamleider WMO E. van den
                        Elshout</al><al> 5.315.01.05 Productiecentrum SoZa schuldhulpverlening Teamleider Bijzondere
                        Ondersteuning Y. van den Blink</al><al> 6.610.02.01 Algemeen beleid Afdelingshoofd K. Coesmans</al><al> 6.610.02.02 Algemene bijstandswet Teamleider Werk &amp; Inkomen J. van
                        Velzen</al><al> 6.610.02.04 Bijzondere Bijstand Teamleider Bijzondere Ondersteuning Y. van
                        den Blink</al><al> 6.610.02.05 BBZ Teamleider Werk &amp; Inkomen J. van Velzen</al><al> 6.611.01.01 Sociale werkvoorziening Teamleider Werk &amp; Inkomen J. van
                        Velzen</al><al> 6.611.01.02 Werkgelegenheidsbeleid Teamleider Werk &amp; Inkomen J. van
                        Velzen</al><al> 6.611.01.03 Trajectbegeleiding Teamleider Werk &amp; Inkomen J. van
                        Velzen</al><al> 6.612.01.01 Inkomensvoorzieningen (IOAW/IAOZ) Teamleider Werk &amp; Inkomen
                        J. van Velzen</al><al> 6.614.01.01 Minima-armoedebeleid Teamleider Bijzondere Ondersteuning Y. van
                        den Blink</al><al> 6.614.02.01 Kwijtschelding Afdelingshoofd Financiën G. van Viegen</al><al> 6.621.01.01 Opvang vluchtelingen Teamleider Bijzondere Ondersteuning Y. van
                        den Blink</al><al> 6.622.01.01 Persoonsgebonden budget Teamleider WMO E. van den Elshout</al><al> 6.622.02.01 Levering in natura door thuiszorg Teamleider WMO E. van den
                        Elshout</al><al> 6.622.03.01 Uitvoeringskosten WMO Teamleider WMO E. van den Elshout</al><al> 6.652.01.01 Algemeen beleid gehandicapten Teamleider WMO E. van den
                        Elshout</al><al> 6.652.01.02 Voorzieningen gehandicapten Teamleider WMO E. van den
                        Elshout</al><al> 6.652.01.03 Invalidenparkeerkaarten Teamleider WMO E. van den Elshout</al><al> 6.822.06.01 Huursubsidies/vangnetregeling Teamleider Werk &amp; Inkomen J.
                        van Velzen</al><al> H18. Ondertekeningsmandaat hulpofficier van justitie</al><al> Artikel 1 Algemeen</al><al> 1. de hulpofficier van justitie belast met de uitvoering van het
                        huisverbod:</al><al> - ondertekeningsmandaat (namens de burgemeester) voor het opleggen van een
                        huisverbod als bedoeld in artikel 2 lid 1 van de Wet tijdelijk
                        huisverbod</al><al> - aan dit ondertekeningsmandaat zijn de volgende voorschriften
                        verbonden:</al><al> 1. mandatering aan andere functionarissen of verdere ondermandatering is
                        niet toegestaan en dient dan ook uitdrukkelijk te worden uitgesloten;</al><al> 2. van het mandaat mag slechts gebruik gemaakt worden nadat de burgemeester
                        hierover vooraf is geïnformeerd door de hulpofficier van justitie;</al><al> 3. dit mandaat geldt uitsluitend voor huisverboden geredigeerd conform een
                        door de burgemeester op 16 juni 2009 vastgesteld standaard concept
                        beschikking;</al><al> 4. een ter uitvoering van dit mandaat opgemaakt stuk wordt in de
                        enkelvoudvorm geredigeerd en als volgt ondertekend:</al><al> De burgemeester van Woerden</al><al> namens deze</al><al> (functie)</al><al> (handtekening)</al><al> (naam)</al><al> 5. de ondertekening geschiedt door de functionaris die het mandaat heeft,
                        ondertekening per order of bij afwezigheid is daarom niet toegestaan;</al><al> 6. de ondertekening van een ter uitvoering van dit mandaat opgemaakt stuk
                        geschiedt schriftelijk en niet door het plaatsen van een handtekeningstempel
                        of elektronische handtekening;</al><al> 2. de hulpofficier van justitie, belast met de uitvoering van het
                        huisverbod:</al><al> - machtiging om de volgende handelingen namens de burgemeester te
                        verrichten:</al><al> 1. ingeval van kindermishandeling of een ernstig vermoeden daarvan,
                        alvorens wordt besloten over het opleggen van een tijdelijk huisverbod,
                        overleg te plegen met Bureau Jeugdzorg;</al><al> 2. in een dermate spoedeisende situatie dat het huisverbod niet tevoren op
                        schrift kan worden gesteld, het huisverbod – met inachtneming van het
                        hierboven in artikel II lid 2 bepaalde – mondeling aan te zeggen aan de uit
                        huis te plaatsen persoon;</al><al> 3. het mededelen van het huisverbod en de consequenties van het
                        niet-naleven aan de huisgenoten van de uithuisgeplaatste, de aangewezen
                        instantie voor advies of hulpverlening en, ingeval van kindermishandeling of
                        een vermoeden daarvan, aan bureau Jeugdzorg</al><al> 4. het binnen 24 uur regelen van juridische bijstand voor de
                        uithuisgeplaatste nadat deze hiertoe de wens te kennen heeft gegeven.</al><al> Toelichting</al><al> §1 Mandaat in de Algemene wet bestuursrecht</al><al> 1.1 Inleiding </al><al> Het kenmerkende verschil tussen een burger en de overheid is dat een burger
                        in principe alles mag, tenzij het verboden is en dat de overheid eigenlijk
                        niets mag, tenzij het uitdrukkelijk is toegestaan. Dit volgt uit het
                        legaliteitsbeginsel.</al><al> Gelukkig wordt niet iedere handeling geraakt door dit legaliteitsbeginsel.
                        Alleen handelingen die gericht zijn op een rechtsgevolg moeten berusten op
                        een wettelijke bevoegdheid. Veel van de werkzaamheden die de collega’s in
                        ons stadhuis verrichten zijn van feitelijke aard. Het voorbereiden en
                        uitvoeren van besluitvorming, het voorlichten van burgers, het bijhouden van
                        de administratie of zelfs het blussen van branden zijn geen handelingen die
                        gericht zijn op een rechtsgevolg. Voor die handelingen hoeft geen mandaat
                        gegeven te worden en die handelingen staan daarom in het algemeen niet in
                        het Mandaatregister. Zoals hierboven aangegeven volgt uit het
                        legaliteitsbeginsel dat rechtshandelingen altijd gebaseerd moeten zijn op
                        een wettelijke bevoegdheid. Binnen de gemeente zijn deze bevoegdheden
                        toegewezen aan drie bestuursorganen: het college, de burgemeester en de
                        raad. Het is ondoenlijk om alle besluiten die genomen moeten worden, alleen
                        door deze drie organen te laten nemen, daarom zijn in de Algemene wet
                        bestuursrecht (Awb) mandaat en delegatie opgenomen. Beide rechtsfiguren
                        zorgen ervoor dat de last van besluitvorming verdeeld kan worden over de
                        ambtelijke organisatie.</al><al> 1.2 Het begrip Mandaat en Delegatie</al><al> In afdeling 10.1.1 van de Awb staan de wettelijke voorschriften die gelden
                        voor mandaat. Artikel 10:1 Awb definieert het begrip mandaat als de
                        bevoegdheid om in naam van een bestuursorgaan besluiten te nemen.</al><al> Voorbeeld:</al><al> Het college van burgemeester en wethouders zijn het bevoegde orgaan met
                        betrekking tot het verlenen van bouwvergunningen. Als het college aan het
                        hoofd van de afdeling Bouwzaken de bevoegdheid tot het verlenen van deze
                        vergunningen mandateert, houdt dat in dat het afdelingshoofd Bouwzaken
                        namens het college een bouwvergunning kan verlenen. Het college blijft
                        echter ten volle verantwoordelijk voor de wijze van uitoefening van deze
                        bevoegdheid. Juridisch gezien zijn de besluiten, die door het afdelingshoofd
                        van Bouwzaken zijn genomen, besluiten van het college. Dit blijkt uit de
                        ondertekening van de bouwvergunning, waarin staat dat het afdelingshoofd
                        namens het college van burgemeester en wethouders van Woerden tekent.</al><al> Het bestuursorgaan dat de oorspronkelijke bevoegdheid heeft en dat het
                        mandaat heeft verleend, wordt mandaatgever genoemd. Degene aan wie het
                        mandaat verleend wordt noemt men de gemandateerde. In het gekozen voorbeeld
                        is de mandaatgever het college van burgemeester en wethouders, en de
                        gemandateerde het afdelingshoofd van Bouwzaken. De mandaatgever kan
                        voorschriften aan een mandaat verbinden en bovendien kan hij te allen tijde
                        besluiten de bevoegdheid weer zelf uit te oefenen.</al><al> In het bovengenoemde voorbeeld is sprake van een beslissingsmandaat: de
                        beslissing om de bouwvergunning te verlenen wordt genomen door het hoofd van
                        de afdeling Bouwzaken. Een mandaat kan zich echter ook beperken tot alleen
                        ondertekening. In dit voorbeeld zou dan het college zelf het besluit nemen,
                        maar ondertekent het hoofd van de afdeling bouwzaken. In de ondertekening
                        zou dan staan ‘overeenkomstig het door het college van de gemeente Woerden
                        genomen besluit’.</al><al> Een mandaat mag altijd verleend worden, tenzij bij wettelijk voorschrift
                        anders is bepaald of de aard van de bevoegdheid zich tegen de
                        mandaatverlening verzet. Artikel 10.3 Awb noemt een aantal gevallen waarin
                        mandaatverlening in ieder geval is uitgesloten.</al><al> De mandaatgever blijft juridisch gezien verantwoordelijk voor de
                        bevoegdheid die hij heeft gemandateerd. Bij delegatie is dat juist niet het
                        geval. Van delegatie is namelijk sprake als een bestuursorgaan een
                        bevoegdheid overdraagt aan een ander orgaan. Met deze overdracht gaat ook de
                        verantwoordelijkheid over. Na de overdracht van de bevoegdheid kan het
                        oorspronkelijk bevoegde orgaan de overgedragen bevoegdheid niet meer zelf
                        uitoefenen. De delegaatgever is niet meer juridisch verantwoordelijk voor de
                        beslissingen van degene die het delegaat uitoefent.</al><al> In de gemeentelijke praktijk worden met name de bevoegdheden van de raad
                        gedelegeerd aan het college van burgemeester en wethouders. Dat is niet
                        vreemd, omdat bevoegdheden niet gedelegeerd mogen worden aan
                        ondergeschikten. Daarvoor is het mandaat bedoeld. Het college kan
                        bevoegdheden die het zelf gedelegeerd heeft gekregen wel doormandateren aan
                        de ambtelijke organisatie. Een ander belangrijk verschil tussen delegatie en
                        mandaat is dat delegatie alleen is toegestaan als de wet dat toelaat.</al><al> 1.3 Mandaat en ondermandaat</al><al> Een gemandateerde kan de aan hem gegeven bevoegdheid doorgeven aan een aan
                        hem ondergeschikte ambtenaar. Er is dan sprake van ondermandaat.
                        Ondermandaat wordt geregeld in artikel 10:9 Awb. De voorschriften die voor
                        het mandaat gelden, zijn ook van toepassing op het ondermandaat.</al><al> Voorbeeld:</al><al> Het afdelingshoofd Bouwzaken mandateert de bevoegdheid tot het verlenen van
                        bouwvergunningen, die hij krachtens mandaat heeft, vervolgens aan de senior
                        beleidsmedewerker bouw- en woningtoezicht. In een dergelijk geval spreken we
                        van ondermandaat. Het college van burgemeester en wethouders blijft het
                        bevoegde orgaan. Het college is derhalve ten volle verantwoordelijk voor de
                        besluiten van de senior beleidsmedewerker bouw- en woningtoezicht. Juridisch
                        gesproken zijn de besluiten van de senior beleidsmedewerker bouw- en
                        woningtoezicht besluiten van het college.</al><al> De mandaatgever blijft verantwoordelijk voor de besluiten van degene aan
                        wie de bevoegdheid in ondermandaat is gegeven. De mandaatgever zal daarom
                        toestemming moeten geven voor ondermandaat. Uit de voorschriften van het
                        mandaatbesluit blijkt of de mandaatgever ondermandaat heeft toegestaan.</al><al> 1.4 Mandaat aan niet-ondergeschikten </al><al> Mandaatverlening is in de eerste plaats bedoeld voor ondergeschikte
                        ambtenaren, maar er is ook een mogelijkheid in de Awb opgenomen om het
                        verlenen van mandaat aan niet-ondergeschikten mogelijk te maken. Artikel
                        10:4 Awb regelt deze figuur.</al><al> Voorbeeld:</al><al> Het college van burgemeester en wethouders mandateert de bevoegdheid tot
                        het verlenen van ontheffingen van het Wegenverkeersreglement voor
                        uitzonderlijk vervoer aan de chef uitvoerende dienst van Politiedistrict
                        Rijn en Venen. De chef uitvoerende dienst mag dus zelf besluiten tot het
                        verlenen van die ontheffing. Het college blijft echter juridisch
                        verantwoordelijk voor de besluiten die de chef uitvoerende dienst
                        neemt.</al><al> Als een bevoegdheid wordt gemandateerd aan een niet-ondergeschikte, dan is
                        mandaatverlening slechts mogelijk na instemming van degene die het mandaat
                        krijgt en in het voorkomende geval van degene onder wiens
                        verantwoordelijkheid hij werkt. Met het geven van de instemming verplicht de
                        gemandateerde zich volgens de aanwijzingen van de mandaatgever te handelen.
                        Ook kan hij aansprakelijk worden gesteld voor de gevolgen van een onjuiste
                        uitoefening van het mandaat. Op deze manier wordt het ontbreken van een
                        hiërarchische relatie gecompenseerd.</al><al> 1.5 Vertegenwoordiging en machtiging </al><al> De bevoegdheid om namens een gemeentelijk orgaan besluiten te nemen, moet
                        worden onderscheiden van de bevoegdheid om dit orgaan te
                        vertegenwoordigen.</al><al> Voorbeeld:</al><al> De gemeente wil nieuwe strooiwagens kopen. De bevoegdheid tot het
                        verrichten van privaatrechtelijke rechtshandelingen, zoals het sluiten van
                        een overeenkomst om strooiwagens te kopen, berust ingevolge artikel 160,
                        eerste lid onder e, van de Gemeentewet bij het college. Het college besluit
                        dus de overeenkomst aan te gaan. Als het contract ter ondertekening wordt
                        voorgelegd, mag het college echter niet tekenen. De bevoegdheid om de
                        rechtspersoon gemeente te vertegenwoordigen is namelijk in artikel 171 van
                        de Gemeentewet aan de burgemeester gegeven. Die zal daarom het contract
                        moeten ondertekenen.</al><al> Als in het bovengenoemde voorbeeld het wenselijk zou zijn dat het hoofd van
                        de afdeling Beheer &amp; Onderhoud de strooiwagens kon kopen, dan moeten er
                        dus twee bevoegdheden worden doorgegeven. Enerzijds is er een mandaat van
                        het college nodig om het besluit tot het aangaan van de overeenkomst te
                        mogen nemen, anderzijds is er een machtiging van de burgemeester nodig om
                        het contract te mogen tekenen. Het is daarom verstandig bij het verlenen van
                        het bovengenoemde mandaat ook te regelen dat dezelfde persoon een machtiging
                        heeft.</al><al> Net zoals bij het aangaan van contracten een onderscheid moet worden
                        gemaakt tussen het besluit tot het aangaan van het contract en de
                        ondertekening daarvan, moet bij het voeren van rechtsgedingen onderscheid
                        worden gemaakt tussen het besluit in rechte op te treden en de
                        daadwerkelijke vertegenwoordiging bij de rechter. Dit is lastige materie,
                        vooral omdat het verschil uitmaakt of er sprake is van een
                        bestuursrechtelijk geschil of een privaatrechtelijk geschil. Er zal dan ook
                        een aparte Richtlijn opgesteld worden voor het voeren van rechtsgedingen
                        waarin uitgebreid zal worden aangegeven welke besluiten nodig zijn van welke
                        organen.</al><al> §2 Uitgangspunten Mandaatregister</al><al> Op 10 december 2002 is het huidige Mandaatregister vastgesteld, dat op 1
                        januari 2003 in werking trad. Op 4 april 2006 is een aanvang gemaakt voor
                        het actualiseren van dit mandaatregister. Het college heeft op die datum de
                        beleidsnotitie Mandaatregister vastgesteld waarin een aantal uitgangspunten
                        zijn aangegeven voor dat nieuwe register:</al><al> - Bevoegdheid tot besluitvorming, ondertekening en/of vertegenwoordiging
                        zoveel mogelijk in één hand onderbrengen</al><al> - Mandaatregister en budgethoudersregeling gelijktrekken</al><al> - Mandaatregister en organisatieverordening gelijktrekken</al><al> - Horizontale plaatsvervanging van afdelingshoofden</al><al> Door het programma Open Vensters werden nieuwe eisen aan het
                        mandaatregister gesteld. Het ART-team Besluitvorming constateerde dat meer
                        dan 70% van de collegevoorstellen via parafering wordt afgedaan. Om snellere
                        besluitvorming te bevorderen heeft het ART-team daarom voorgesteld veel meer
                        bevoegdheden lager in de organisatie te leggen. Om dat te bereiken worden
                        aan de afdelingshoofden alle bevoegdheden gemandateerd die behoren bij het
                        taakveld van hun afdeling. In plaats van het specifiek benoemen welke
                        bevoegdheden wel of niet doorgegeven worden, gaat deze systematiek er vanuit
                        dat alle bevoegdheden zijn gemandateerd, behalve wanneer ze uitdrukkelijk
                        zijn uitgesloten. Het afdelingshoofd mag vervolgens de afdelingsspecifieke
                        mandaten doorgeven aan medewerkers van zijn afdeling. Een medewerker mag op
                        zijn beurt niet verder doormandateren. andere bevoegdheden dan die binnen
                        het taakveld van de afdeling vallen, mogen evenmin worden doorgemandateerd.
                        Wat het taakveld van een afdeling is, wordt bepaald in de
                        Organisatieregeling. In het algemene deel van het mandaatregister zijn
                        bevoegdheden opgenomen die niet geacht worden binnen het taakveld van een
                        afdeling te vallen en dus niet gemandateerd worden aan een afdelingshoofd.
                        Daarnaast staan er bevoegdheden opgesomd die een afdelingshoofd wel heeft,
                        maar die hij niet mag doorgeven aan een ondergeschikte. Tenslotte bevat het
                        algemeen deel een aantal voorschriften waaraan ieder mandaat moet
                        voldoen.</al><al> §3 Voorschriften bij mandaat</al><al> 3.1 Beperkingen aan het mandaat </al><al> Het krijgen van een mandaat brengt een bepaalde verantwoordelijkheid met
                        zich mee en daarom is het belangrijk te weten wat een gemandateerde wel mag
                        en vooral wat hij niet mag.</al><al> In de eerste plaats bepaalt de tekst van het mandaat zelf welke beperkingen
                        er zijn. De letterlijke tekst van het mandaat bepaalt welke bevoegdheden
                        zijn doorgegeven en welke niet. Als de tekst van het mandaat ruimte laat
                        voor twijfel, moet de gemandateerde er vanuit gaan dat de bevoegdheid waar
                        twijfel over bestaat niet is doorgegeven.</al><al> Daarnaast kunnen in het Mandaatregister specifieke beperkingen zijn
                        opgenomen die bij dat bepaalde mandaat horen. Zo mag een afdelingshoofd
                        buitengewoon verlof toekennen aan zijn medewerkers, maar hij mag dat alleen
                        in overleg met de personeelsconsulent. Zou het afdelingshoofd de
                        personeelsconsulent buiten schot laten, dan overtreedt hij dus de grenzen
                        van zijn mandaat.</al><al> Naast deze specifieke beperkingen, zijn er ook algemene beperkingen die
                        voor alle mandaatbesluiten gelden. Zo wordt ieder mandaatbesluit begrenst
                        door de voorschriften die in hoofdstuk 10.1 van de Algemene wet
                        bestuursrecht staan over mandaten. Hieruit volgt bijvoorbeeld dat mandaat
                        niet strekt tot de afdoening van bezwaarschriften tegen een eerder krachtens
                        mandaat genomen beslissing. Ook geldende wet- en regelgeving die specifiek
                        betrekking hebben op de bevoegdheid die is gemandateerd kunnen een mandaat
                        beperken. Het mandaat is immers geen excuus om de wet te overtreden.
                        Daarnaast geldt dat een mandaat niet mag worden uitgeoefend als het te nemen
                        besluit ingrijpende politieke of maatschappelijke gevolgen heeft. Dan moet
                        het besluit worden genomen door het orgaan dat het mandaat heeft verleend.
                        Een besluit zou gevoelig kunnen zijn als er uitgebreide aandacht in de media
                        voor is, of als verschillende belangengroepen die zich actief met het
                        onderwerp bezighouden. Het is de verantwoordelijkheid van de gemandateerde
                        de gevolgen van een te nemen besluit te overzien en zich af te vragen of hij
                        er, gezien de omstandigheden, verstandig aan doet dit besluit in mandaat te
                        nemen. Tenslotte is de gemandateerde gebonden aan de bestaande financiële
                        ruimte, met andere woorden een ter uitvoering van het mandaat genomen
                        beslissing mag niet leiden tot overschrijding van het budget. Deze
                        beperkingen zijn opgenomen in het algemene deel van het
                        Mandaatregister.</al><al> 3.2 Overige voorschriften bij een mandaatbesluit</al><al> Het mandaatbesluit dient te verwijzen naar het toepasselijke voorschrift
                        (bijvoorbeeld een wet of een verordening). Uit het mandaatbesluit moet ook
                        duidelijk blijken welke bevoegdheden zijn gemandateerd, zodat de reikwijdte
                        van het mandaat voor buitenstaanders, zoals de burger maar ook de rechter
                        duidelijk is. Het mandaat kan hiervoor verwijzen naar de artikelen van de
                        regeling waarin de gemandateerde bevoegdheid is opgenomen, of er kan een zo
                        exact mogelijke omschrijving van deze bevoegdheden in het mandaatbesluit
                        worden opgenomen. Het mandaat wordt verleend aan een functionaris en niet
                        aan een persoon. Dit heeft als voordeel dat bij vertrek van de betreffende
                        persoon het mandaat niet behoeft te worden gewijzigd.</al><al> Voorbeeld:</al><al> De heer Jansen is het hoofd van de Afdeling Interne Zaken. Het mandaat
                        dient in dit geval aan het hoofd van de Afdeling Interne Zaken te worden
                        verleend, en niet aan de heer Jansen.</al><al> Alleen het afdelingshoofd mag ondermandaat verlenen. Iemand die een
                        ondermandaat heeft gegeven, mag dat niet zelf verder doorgeven. Bovendien
                        geldt een ondermandaat alleen als het is opgenomen in het centrale
                        Mandaatregister. Deze voorschriften staan in artikel 4 en zijn bedoeld om
                        zich te houden op de ondermandatering. Een afdelingshoofd die ondermandaat
                        wil verlenen dient daarom eerst contact op te nemen met zijn of haar
                        juridisch consulent.</al><al> Als een nieuw mandaatbesluit is genomen, moet het worden bekend gemaakt.
                        Dat gebeurt door publicatie in de gemeentelijke informatiepagina van de
                        Woerdense Courant. Om te garanderen dat alle mandaatbesluiten gepubliceerd
                        worden, moet een afschrift van ieder mandaatbesluit aan de afdeling Bestuur-
                        en managementondersteuning gestuurd worden. Deze afdeling zorgt dan voor
                        publicatie en ook voor het opnemen van het mandaatbesluit in het
                        Mandaatregister. Op deze manier blijft het Mandaatregister actueel.</al><al> 3.3. Modellen</al><al> Voor het verlenen van een ondermandaat dient het onderstaande model te
                        worden gebruikt.</al><al> ONDERMANDAAT</al><al> Het hoofd van de afdeling (afdelingsnaam);</al><al> gelet op de artikelen 10:1 tot en met 10:12 van de Algemene wet
                        bestuursrecht en met in achtneming van het bepaalde in de algemene
                        voorschriften van hoofdstuk 1 van het Mandaatregister gemeente Woerden
                        2008;</al><al> besluit;</al><al> I. ………………. (functionaris) mandaat te verlenen tot het namens hem nemen van
                        besluiten ter zake van ……….. ………………….(omschrijving te mandateren
                        bevoegdheid) </al><al> II. het ondermandaat op te nemen in het Mandaatregister in Hoofdstuk…….
                        (nr. Hoofdstuk)………… (naam hoofdstuk) in artikel …….. (nr. artikel), lid
                        …(nr.) </al><al> III. aan de verlening van dit mandaat de volgende voorschriften te
                        verbinden:</al><al> a. een verder ondermandaat is niet toegestaan;</al><al> b. brieven en besluiten ter uitvoering van een door het college verleend
                        mandaat worden in de meervoudsvorm geredigeerd;</al><al> c. Een ter uitvoering van het mandaat opgemaakt stuk wordt als volgt
                        ondertekend:</al><al> Met vriendelijke groet,</al><al> namens burgemeester en wethouders van Woerden,</al><al> (handtekening)</al><al> (naam)</al><al> (functie)</al><al> IV. Dit besluit bekend te maken op de gebruikelijke wijze.</al><al> Aldus besloten, d.d. ………..(datum)</al><al> ………….. (naam)</al><al> Afdelingshoofd (afdeling)</al><al/></tekst></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>