<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR85938_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Algemene subsidieverordening gemeente Tynaarlo 2011</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Tynaarlo</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-09-26</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Tynaarlo</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Oostermoer, 30-11-2010</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Algemene subsidieverordening gemeente Tynaarlo 2011</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">artikel 149 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-11-30</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Algemene subsidieverordening gemeente Tynaarlo 2011</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Algemene subsidieverordening GEMEENTE TYNAARLO</vet></al><al/><al>De raad van de gemeente Tynaarlo,</al><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van
                        30 november 2010, inzake de Algemene subsidieverordening gemeente
                        Tynaarlo 2011,</al><al>gelet op artikel 149 van de Gemeentewet;</al><al>BESLUIT:</al><al>vast te stellen de volgende verordening: </al><al><vet>Algemene subsidieverordening gemeente Tynaarlo 2011.</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>1.</nr><titel>ALGEMENE BEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente
                                    Tynaarlo;</al></li><li nr="b."><al>eenmalige subsidie: subsidie ten behoeve van bijzondere
                                    incidentele projecten of activiteiten die niet behoren tot de
                                    reguliere bezigheden van de aanvrager en waarvoor het college
                                    slechts voor een van tevoren bepaalde tijd van maximaal vier
                                    jaar subsidie wil verstrekken;</al></li><li nr="c."><al>raad: raad van de gemeente Tynaarlo;</al></li><li nr="d."><al>jaarlijkse subsidie: subsidie die per (boek)jaar of voor een
                                    bepaald aantal boekjaren aan een instelling voor een periode van
                                    maximaal vier jaar wordt verstrekt.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Reikwijdte verordening</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De raad stelt vast dat voor de volgende beleidsterreinen
                                    subsidie kan worden verstrekt:</al><lijst><li nr="0."><al>algemeen bestuur;</al></li><li nr="1."><al>veiligheid;</al></li><li nr="2."><al>mobiliteit;</al></li><li nr="3."><al>economie</al></li><li nr="4."><al>onderwijs</al></li><li nr="5."><al>sociale samenhang en leefbaarheid;</al></li><li nr="6."><al>6 sociale voorzieningen en maatschappelijke voorzieningen;</al></li><li nr="7."><al>milieu en leefomgeving;</al></li><li nr="8."><al>bouwen en wonen;</al></li><li nr="9."><al>financiën.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college kan nadere regels stellen, waarin de te subsidiëren
                                    activiteiten, de doelgroepen en de verdeling van de subsidie per
                                    beleidsterrein zoals bedoeld in het eerste lid worden
                                    omschreven.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Bevoegdheid college</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college is bevoegd te besluiten over het verstrekken van
                                subsidies met in achtneming van de in de gemeentebegroting opgenomen
                                financiële middelen of het subsidieplafond en - indien de begroting
                                nog niet is vastgesteld, dan wel goedgekeurd - onder de voorwaarde
                                dat voldoende gelden ter beschikking worden gesteld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college is bevoegd om voorwaarden aan de beschikking tot
                                subsidieverlening te verbinden.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>2.</nr><titel>SUBSIDIEPLAFOND EN BEGROTINGSVOORBEHOUD</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Subsidieplafond en begrotingsvoorbehoud</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad kan jaarlijks bij de vaststelling van de begroting besluiten
                                tot het instellen van subsidieplafond(s).</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij de vaststelling van een subsidieplafond wordt aangegeven op
                                welke wijze het beschikbare bedrag wordt verdeeld.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan - met inachtneming van de ingevolge artikel 2, door
                                de raad vastgestelde beleidsterreinen en regels, nadere regels
                                stellen omtrent de verdeling van het beschikbare bedrag.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij de bekendmaking van de subsidieplafonds wordt gewezen op de
                                mogelijkheid van verlaging en de gevolgen daarvan voor reeds
                                ingediende aanvragen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Een subsidie ten laste van een begroting, die nog niet is
                                vastgesteld, wordt verleend onder de voorwaarde dat voldoende
                                middelen op de begroting beschikbaar zullen worden gesteld.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>3.</nr><titel>AANVRAAG VAN DE SUBSIDIE</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Bij aanvraag in te dienen gegevens</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De aanvraag voor een subsidie wordt schriftelijk ingediend bij het
                                college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij een aanvraag om subsidie overlegt de aanvrager de volgende
                                gegevens:</al><lijst><li nr="a."><al>een beschrijving van de activiteiten waar subsidie voor
                                        wordt aangevraagd;</al></li><li nr="b."><al>de doelstellingen en resultaten, die daarmee worden
                                        nagestreefd, en hoe de activiteiten aan dat doel bijdragen.
                                        In bijzonder ook in welke mate de activiteiten gericht zijn
                                        op de gemeente of haar ingezetenen en op door de gemeente
                                        vastgestelde doelen of beleidsterreinen;</al></li><li nr="c."><al>een begroting en dekkingsplan van de kosten van de
                                        activiteiten, waar de subsidie voor wordt aangevraagd. Het
                                        dekkingsplan bevat een opgave van bij andere bestuursorganen
                                        of private organisaties of personen aangevraagde subsidies
                                        of vergoedingen ten behoeve van dezelfde activiteiten, onder
                                        vermelding van de stand van zaken daarvan;</al></li><li nr="d."><al>indien van toepassing bij een jaarlijkse subsidie, de stand
                                        van de egalisatiereserve op het moment van de aanvraag.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien een aanvrager voor de eerste maal een jaarlijkse subsidie
                                aanvraagt, voegt hij een exemplaar van de oprichtingsakte, de
                                statuten, het jaarverslag, de jaarrekening en de balans van het
                                voorgaande jaar als bijlagen toe aan het aanvraagformulier.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college is bevoegd ook andere dan, of slechts enkele van, de in
                                het tweede en derde lid genoemde gegevens te verlangen, indien die
                                voor het nemen van een beslissing op de aanvraag noodzakelijk,
                                respectievelijk voldoende, zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Aanvraagtermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag voor een jaarlijkse subsidie wordt gedaan uiterlijk 1
                                mei in het jaar voorafgaand aan het jaar waarop de subsidieaanvraag
                                betrekking heeft.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan andere termijnen stellen voor het indienen van een
                                aanvraag voor daarbij aan te wijzen subsidies.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college beslist op een aanvraag om een eenmalige subsidie binnen
                                13 weken na ontvangst van de volledige aanvraag, dan wel, indien het
                                college hiertoe regels heeft opgesteld, 13 weken gerekend vanaf de
                                uiterste indieningtermijn voor het aanvragen van de subsidie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college beslist op een aanvraag voor een jaarlijkse subsidie
                                uiterlijk vóór 31 december van het jaar waarop de aanvraag is
                                ingediend.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>4.</nr><titel>WEIGERING VAN DE SUBSIDIE</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Weigeringgronden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan een aanvraag voor subsidie weigeren indien de
                                activiteiten van de aanvrager niet of niet in overwegende mate
                                gericht zijn op de gemeente of haar ingezetenen of niet of
                                nauwelijks ten goede komen aan de gemeente of haar ingezetenen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan een aanvraag voor subsidie weigeren wegens de
                                verwachting dat de activiteiten onvoldoende gericht zijn op de
                                gestelde beleidsdoelen in de geldende kadernota’s.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Activiteiten moeten in beginsel voor iedere inwoner van de gemeente
                                Tynaarlo toegankelijk zijn, met dien verstande dat activiteiten
                                uitsluitend ten dienste van de leden van een kerkgenootschap, de
                                leden van een politieke partij, de leden van een vakorganisatie of
                                ten dienste van leden van een vereniging die hiermee gelijk te
                                stellen is niet onder de werkingssfeer van de subsidieverordening
                                vallen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het college kan een aanvraag om subsidie weigeren uit
                                efficiencyoverwegingen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college kan een aanvraag om subsidie weigeren indien de
                                aanvrager de activiteiten uit eigen middelen kan bekostigen, of
                                daarvoor over middelen van derden kan beschikken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Wet BIBOB</titel></kop><al>Het college kan voor subsidies binnen door de raad vast te stellen
                            beleidsterreinen of onderdelen daarvan bepalen dat de gevraagde subsidie
                            kan worden geweigerd of de verleende subsidie kan worden ingetrokken in
                            het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet
                            bevordering integriteitbeoordelingen door het openbaar bestuur.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>5.</nr><titel>VERLENING VAN DE SUBSIDIE</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Verlening subsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij het besluit tot verlenen van de subsidie geeft het college aan
                                op welke wijze de verantwoording van de te ontvangen subsidie plaats
                                vindt.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college is bevoegd om verplichtingen aan de beschikking tot
                                subsidieverlening te verbinden met betrekking tot het beheer en
                                gebruik van de subsidie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Betaling en bevoorschotting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien een beschikking tot subsidievaststelling als bedoeld in
                                artikel 15, eerste lid, onderdeel a, wordt gegeven, vindt de
                                betaling van de gehele subsidie in één bedrag plaats.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een beschikking tot subsidieverlening als bedoeld in artikel
                                15, eerste lid, onderdeel b, wordt gegeven, wordt 100%
                                bevoorschot.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien besloten wordt tot bevoorschotting van de subsidie, wordt in
                                het besluit tot subsidieverlening, de hoogte en de termijnen van de
                                voorschotten bepaald.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>6.</nr><titel>VERPLICHTINGEN VAN DE SUBSIDIEONTVANGER</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Tussentijdse rapportage</titel></kop><al>Bij subsidies, hoger dan 25.000 euro, welke verleend worden voor
                            activiteiten die meer dan een jaar in beslag nemen, kan het college de
                            verplichting opleggen tot het tussentijds afleggen van rekening en
                            verantwoording omtrent de verrichte activiteiten en de daaraan verbonden
                            uitgaven en inkomsten. Een dergelijke tussentijdse verantwoording wordt
                            niet vaker dan één keer per jaar gevraagd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Meldingsplicht</titel></kop><al>De subsidieontvanger doet onverwijld melding aan het college, zodra
                            aannemelijk is dat de activiteiten, waarvoor de subsidie is verleend,
                            niet of niet geheel zullen worden verricht of dat niet of niet geheel
                            aan de aan de beschikking tot subsidieverlening verbonden verplichtingen
                            zal worden voldaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Overige verplichtingen van de subsidieontvanger</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De subsidieontvanger verricht de activiteiten, waarvoor de subsidie
                                is verleend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De subsidieontvanger informeert het college zo spoedig mogelijk
                                schriftelijk over:</al><lijst><li nr="a."><al>besluiten of procedures die zijn gericht op de beëindiging
                                        van de activiteiten, waarvoor subsidie is verleend, dan wel
                                        ontbinding van de rechtspersoon;</al></li><li nr="b."><al>relevante wijzigingen in de financiële en organisatorische
                                        verhouding met derden;</al></li><li nr="c."><al>ontwikkelingen die er toe kunnen leiden dat aan de
                                        beschikking tot subsidieverlening verbonden voorwaarden
                                        geheel of gedeeltelijk niet kunnen worden nagekomen;</al></li><li nr="d."><al>wijziging van de statuten voor zover het betreft de vorm van
                                        de rechtspersoon, de persoon van de bestuurder(s) en het
                                        doel van de rechtspersoon.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De subsidieontvanger behoeft de toestemming van het college voor
                                handelingen als vermeld in artikel 4:71 Algemene wet
                                bestuursrecht.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>7.</nr><titel>VERANTWOORDING EN VASTSTELLING VAN DE SUBSIDIE</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Verantwoording subsidies tot 5.000 euro</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Subsidies tot 5.000 euro worden door het college:</al><lijst><li nr="a."><al>direct vastgesteld of;</al></li><li nr="b."><al>ambtshalve vastgesteld binnen 13 weken, nadat de
                                        activiteiten uiterlijk moeten zijn verricht.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij een ambtshalve vaststelling als bedoeld in het eerste lid,
                                onderdeel b, kan het college de aanvrager verplichten om op de door
                                haar aangegeven wijze aan te tonen dat de activiteiten, waarvoor de
                                subsidie wordt verstrekt, zijn verricht en dat is voldaan aan de aan
                                de subsidie verbonden verplichtingen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Verantwoording subsidies vanaf 5.000 tot 25.000 euro</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien de subsidieverlening meer bedraagt dan 5.000 euro, maar
                                minder dan 25.000 euro, dient de subsidieontvanger uiterlijk 13
                                weken na het verricht zijn van de activiteiten een aanvraag tot
                                vaststelling in bij het college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvraag tot vaststelling bevat een inhoudelijk verslag, waaruit
                                blijkt dat de activiteiten, waarvoor de subsidie is verleend, zijn
                                verricht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan bepalen dat ook andere, of minder dan, de in dit
                                artikel bedoelde gegevens en bescheiden die voor de vaststelling van
                                belang zijn, worden overgelegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Verantwoording subsidies vanaf 25.000 euro</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien de subsidieverlening meer bedraagt dan 25.000 euro, dient de
                                subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling in bij het
                                college:</al><lijst><li nr="a."><al>bij een eenmalige subsidie, uiterlijk 13 weken na het
                                        verricht zijn van de activiteiten;</al></li><li nr="b."><al>bij een jaarlijks verstrekte subsidie, uiterlijk vóór 1 mei
                                        in het jaar na afloop van het kalenderjaar, respectievelijk
                                        4 maanden na het subsidietijdvak, waarvoor de subsidie is
                                        verleend.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanvraag tot vaststelling bevat:</al><lijst><li nr="a."><al>een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten
                                        waarvoor de subsidie is verleend, zijn verricht;</al></li><li nr="b."><al>een overzicht van de activiteiten en de hieraan verbonden
                                        uitgaven en inkomsten (financieel verslag of
                                        jaarrekening);</al></li><li nr="c."><al>een balans van het afgelopen subsidietijdvak met een
                                        toelichting daarop;</al></li><li nr="d."><al>een accountantsverklaring.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan bepalen dat ook andere, of minder dan, de in dit
                                artikel bedoelde gegevens en bescheiden die voor de vaststelling van
                                belang zijn, worden overlegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Vaststelling subsidie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stelt binnen 13 weken na ontvangst van de aanvraag tot
                                subsidievaststelling de subsidie vast.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien uit de aard van de subsidie, dan wel de verantwoording
                                daarvan, volgt dat voor de beslissing op de vaststelling van de
                                subsidie een langere termijn nodig is dan de in het eerste lid
                                genoemde termijn, dan bericht het college de subsidieontvanger
                                daarvan zo spoedig mogelijk na ontvangst van de aanvraag tot
                                subsidievaststelling.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college kan categorieën van subsidies of subsidieontvangers
                                aanwijzen, waarvoor de subsidie direct wordt vastgesteld zonder dat
                                de subsidieontvanger een aanvraag voor subsidievaststelling hoeft in
                                te dienen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien de aanvraag tot subsidievaststelling niet voor het in het
                                eerste lid genoemd tijdstip is ontvangen, gaat het college zes weken
                                na een eenmalige rappel over tot ambtshalve vaststelling.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>8.</nr><titel>OVERIGE BEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>Standaardberekeningswijzen van uurtarieven en uniforme
                                kostenbegrippen</titel></kop><al>Het college kan in geval subsidie wordt aangevraagd voor uur- of
                            loonkosten daaraan nadere regels stellen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20.</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college kan, in bijzondere gevallen, een artikel of artikelen van
                            deze verordening buiten toepassing laten of daarvan afwijken, met
                            uitzondering van de artikelen 1, 2, 3 en 8 voor zover toepassing gelet
                            op het belang van de aanvrager of subsidieontvanger leidt tot
                            onbillijkheid van overwegende aard. Het van toepassing verklaren van dit
                            artikel wordt gemotiveerd in het besluit en hiervan wordt periodiek
                            verslag gedaan aan de raad. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21.</nr><titel>Intrekking</titel></kop><al>De Algemene subsidieverordening gemeente Tynaarlo 1999 wordt
                            ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22.</nr><titel>Overgangsbepalingen</titel></kop><al>Aanvragen om subsidie die zijn ingediend voor 1 januari 2011 worden
                            afgedaan volgens de bepalingen van de Algemene subsidieverordening
                            gemeente Tynaarlo 1999.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2011.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als “Algemene subsidieverordening
                            gemeente Tynaarlo 2011”.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>