<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91-->
  
  
  
  
  
  
  
  
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR85052_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van parkeerbelastingen 2010</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Zwolle</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-03-28</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Zwolle</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Peperbus (30-06-2010)</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Parkeerbelastingen 2010</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0008588&amp;artikel=216">Artikel 216 Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-02-08</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-07-08</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>wijziging artikel 2</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>gb 1-2010.037</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>belastingen en heffingen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Aanwijzingsbesluit parkeerbelastingen 2010</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Wanneer moet er parkeerbelasting betaald worden?</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2017-11882</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN PARKEERBELASTINGEN 2010
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef>
      <regeling-tekst>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>1</nr>
            <titel>Belastbaar feit</titel>
          </kop>
          <al>Onder de naam "parkeerbelastingen" worden de volgende belastingen
                            geheven:</al>
          <lijst>
            <li nr="a."><al>een belasting ter zake van het parkeren van een voertuig op een
                                    bij dan wel krachtens deze verordening in de daarin aangewezen
                                    gevallen door het college van burgemeester en wethouders te
                                    bepalen plaats, tijdstip en wijze;</al></li>
            <li nr="b."><al>een belasting ter zake van een van gemeentewege verleende
                                    vergunning en/of ontheffing voor het parkeren van een voertuig
                                    op de in die vergunning en/of ontheffing aangegeven plaats en
                                    wijze.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>2</nr>
            <titel>Begripsomschrijvingen</titel>
          </kop>
          <al>Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:</al>
          <lijst>
            <li nr="a."><al>
                <vet> parkeren</vet>: het gedurende een aaneengesloten
                                    periode doen of laten staan van een voertuig, anders dan
                                    gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het
                                    onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan wel het
                                    onmiddellijk laden of lossen van zaken, op binnen de gemeente
                                    gelegen voor het openbaar verkeer openstaande terreinen of
                                    weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet ingevolge een
                                    wettelijk voorschrift is verboden;</al></li>
            <li nr="b."><al>
                <vet>houder</vet>: degene die naar omstandigheden beoordeeld als
                                    houder van een voertuig moet worden beschouwd, met dien
                                    verstande dat voor een motorrijtuig dat is ingeschreven in het
                                    krachtens de Wegenverkeerswet 1994 aangehouden register van
                                    opgegeven kentekens als houder wordt aangemerkt degene op wiens
                                    naam het voor het motorrijtuig opgegeven kenteken ten tijde van
                                    het parkeren in het register was ingeschreven;</al></li>
            <li nr="c."><al>
                <vet> parkeerapparatuur</vet>: parkeermeters,
                                    parkeerautomaten, met inbegrip van verzamelparkeermeters, en
                                    hetgeen naar maatschappelijke opvatting overigens onder
                                    parkeerapparatuur wordt verstaan.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>3</nr>
            <titel>Belastingplicht</titel>
          </kop>
          <lijst>
            <li nr="1."><al>De belasting bedoeld in artikel 1, onderdeel a, wordt geheven
                                    van degene die het voertuig heeft geparkeerd.</al></li>
            <li nr="2."><al>Als degene die het voertuig heeft geparkeerd wordt mede
                                    aangemerkt:</al><lijst>
                <li nr="a."><al>degene die de belasting voldoet, dan wel te kennen geeft
                                            of heeft gegeven de belasting te willen voldoen;</al></li>
                <li nr="b."><al>zolang geen voldoening van de belasting genoemd in
                                            artikel 1, onderdeel a, heeft plaatsgevonden: de houder
                                            van het voertuig, met dien verstande dat:</al><lijst>
                    <li nr="1"><al>indien een voor ten hoogste drie maanden aangegane
                                            huurovereenkomst wordt overgelegd waaruit blijkt wie ten
                                            tijde van het parkeren ingevolge deze overeenkomst de
                                            huurder van het voertuig was, niet de houder maar de
                                            huurder wordt aangemerkt als degene die het voertuig
                                            heeft geparkeerd;</al></li>
                    <li nr="2"><al>indien blijkt dat een ander in het kentekenregister
                                            had moeten staan ingeschreven, die ander wordt
                                            aangemerkt als degene die het voertuig heeft
                                            geparkeerd.</al></li>
                  </lijst></li>
              </lijst></li>
            <li nr="3."><al>De belasting bedoeld in artikel 1, onderdeel a, wordt niet
                                    geheven van:</al><lijst>
                <li nr="-"><al>degene die op voet van het tweede lid, onderdeel b, als
                                            degene die het voertuig heeft geparkeerd wordt
                                            aangemerkt, indien deze aannemelijk maakt dat ten tijde
                                            van het parkeren een ander tegen zijn wil van het
                                            voertuig heeft gebruik gemaakt en dat hij dit gebruik
                                            redelijkerwijs niet heeft kunnen voorkomen.</al></li>
              </lijst></li>
            <li nr="4."><al>De belasting bedoeld in artikel 1, onderdeel b, wordt geheven
                                    van degene die de vergunning en/of ontheffing heeft
                                    aangevraagd.</al></li>
          </lijst>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>4</nr>
            <titel>Ontstaan van de belastingschuld</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>De belasting bedoeld in artikel 1, onderdeel a, is verschuldigd bij
                                de aanvang van het parkeren.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>De belasting bedoeld in artikel 1, onderdeel b, is verschuldigd op
                                het tijdstip waarop de vergunning en/of ontheffing wordt
                                verleend.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>5</nr>
            <titel>Maatstaf van heffing, belastingtarief en
                                belastingtijdvak</titel>
          </kop>
          <al>De maatstaf van heffing, het belastingtarief en belastingtijdvak zijn
                            vermeld in de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende
                            tarieventabel.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>6</nr>
            <titel>Wijze van heffing en termijn van
                                betaling</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>De belasting genoemd in artikel 1, onderdeel a, wordt geheven bij
                                wege van voldoening op aangifte en moet worden betaald bij de
                                aanvang van het parkeren.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>De belasting genoemd in artikel 1, onderdeel b, wordt geheven door
                                middel van een gedagtekende kennisgeving en moet worden betaald op
                                het tijdstip waarop deze wordt gedaan of uitgereikt.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>Een naheffingsaanslag moet worden betaald op het tijdstip dat het
                                acceptgiroformulier is uitgereikt of toegezonden.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>7</nr>
            <titel>Bevoegdheid tot aanwijzing
                                parkeerplaatsen</titel>
          </kop>
          <al>De aanwijzing van de plaats waar, het tijdstip en de wijze waarop tegen
                            betaling van de belasting bedoeld in artikel 1, onderdeel a, mag worden
                            geparkeerd geschiedt in alle gevallen door het college van burgemeester
                            en wethouders bij openbaar te maken besluit.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>8</nr>
            <titel>Kosten</titel>
          </kop>
          <al>De kosten van de naheffingsaanslag ter zake van de belasting genoemd in
                            artikel 1, onderdeel a, bedragen € 51,00.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>9</nr>
            <titel>Kwijtschelding</titel>
          </kop>
          <al>Het bepaalde in artikel 26 van de Invorderingswet 1990 inzake de
                            verlening van kwijtschelding vindt geen toepassing op de invordering van
                            deze belasting.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>10</nr>
            <titel>Nadere regels door het college van
                                burgemeester en wethouders</titel>
          </kop>
          <al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                            betrekking tot de heffing en de invordering van de
                            parkeerbelastingen.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>11</nr>
            <titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1.</lidnr>
            <al>De "verordening Parkeerbelastingen 2009", laatstelijk gewijzigd op
                                14-04-2009, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid
                                genoemde datum van ingang van de heffing. Zij blijft van toepassing
                                op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben
                                voorgedaan.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2.</lidnr>
            <al>De verordening treedt in werking met ingang van de derde dag na die
                                van de bekendmaking.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3.</lidnr>
            <al>De datum van ingang van heffing is 1 januari 2010.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>4.</lidnr>
            <al>Deze verordening wordt aangehaald als " Verordening
                                Parkeerbelastingen 2010".</al>
          </lid>
        </artikel>
      </regeling-tekst>
      <bijlage>
        
        <al>
          <extref doc="/cvdr/images/Zwolle/i25155.pdf">Tarieventabel parkeerbelastingen 2010</extref>
        </al>
      </bijlage>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>