<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--
      meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR84617_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Luchthavens Provincie Limburg</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Provincie">Limburg</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-01-12</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Provincie">Limburg</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Provinciaal Blad, 2014, 114</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Luchthavens Provincie Limburg</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet Luchtvaart, Provinciewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanProvincie">provinciale staten</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>milieu</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-11-05</dcterms:issued><dcterms:rights>
          De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht
        </dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-01-10</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-13</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Art. 1, 2, 3</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Milieu, verkeer en vervoer</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>n.v.t.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>VERORDENING LUCHTHAVENS PROVINCIE LIMBURG</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>Afdeling 1 Algemeen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 1.1 - begripsomschrijving</titel></kop><al>1.1. Begripsbepaling</al><al>In deze verordening wordt verstaan onder</al><lijst><li nr="o"><al> wet: de Wet Luchtvaart</al></li><li nr="o"><al> Luchthavenbesluit: het luchthavenbesluit als bedoeld in artikel
                                    8.43 van de Wet luchtvaart</al></li><li nr="o"><al> Luchthavenregeling: de luchthavenregeling als bedoeld in
                                    artikel 8.64 van de Wet luchtvaart</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 1.2 – reikwijdte</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening is van toepassing op </al><lijst><li nr="a."><al>aanvragen tot het vaststellen of wijzigen van een
                                        luchthavenbesluit voor een luchthaven gelegen in de
                                        provincie Limburg;</al></li><li nr="b."><al>aanvragen tot het vaststellen of wijzigen van een
                                        luchthavenregeling voor een luchthaven gelegen in de
                                        provincie Limburg.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een aanvraag tot vaststelling van een luchthavenbesluit dan wel een
                                luchthavenregeling kan door provinciale staten worden omgezet in en
                                behandeld als een aanvraag tot vaststelling van een
                                luchthavenregeling dan wel een luchthavenbesluit, indien provinciale
                                staten dat op grond van de ingediende gegevens of uit beleidsmatige
                                overwegingen aangewezen achten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Deze verordening is niet van toepassing op het vaststellen van een
                                luchthavenbesluit of luchthavenregeling op grond van de bepalingen
                                krachtens artikelen XIII, XIV en XV van de Wet van 18 december 2008,
                                Stb. 561 (RBML).</al></lid></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 1.3 – taak gedeputeerde staten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Aanvragen tot vaststelling of wijziging van een luchthavenbesluit of
                                luchthavenregeling worden ingediend bij gedeputeerde staten.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Gedeputeerde staten zijn belast met de voorbereiding van een
                                voorstel over een aanvraag voor provinciale staten, met inbegrip van
                                het opstellen van een ontwerpvoorstel en het toepassing geven aan
                                afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Afdeling 2 Procedurebepalingen voor aanvragen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 2.1 - aanvraag tot vaststelling van een
                                luchthavenbesluit</titel></kop><al>Een aanvraag tot vaststelling van een luchthavenbesluit bevat ten minste
                            de volgende gegevens:</al><lijst><li nr="1."><al>naam, adres, contactgegevens, rechtspersoonlijkheid,
                                    contactperso(o)n(en) en eventuele adviseurs van de aanvrager, en
                                    indien de aanvrager niet de (beoogde) exploitant is, tevens de
                                    genoemde gegevens van de (beoogde) exploitant;</al></li><li nr="2."><al>een aanduiding van het terrein dat bestemd is om als luchthaven
                                    te worden ingericht, met een topografische kaart op een schaal
                                    van 1:10.000 en de kadastrale aanwijzing van het terrein;</al></li><li nr="3."><al>de eigendomssituatie met betrekking tot het terrein, en voor
                                    zover de aanvrager niet de eigenaar is, een verklaring van de
                                    eigenaar of eigenaren dat deze instemt of instemmen met het
                                    voorgenomen gebruik als luchthaven;</al></li><li nr="4."><al>de planologische situatie van de luchthaven en het
                                    beperkingengebied rondom de luchthaven;</al></li><li nr="5."><al>een of meer tekeningen waaruit de beoogde ruimtelijke indeling
                                    van het gebied van en rond de luchthaven blijkt, met inbegrip
                                    van (maximale) hoogte van objecten;</al></li><li nr="6."><al>een plan voor het gebruik van de luchthaven voor een periode in
                                    de eerste vijf jaar na inwerkingtreding van het
                                    luchthavenbesluit;</al></li><li nr="7."><al>de wijze waarop in naderingsluchtverkeersleiding zal worden
                                    voorzien;</al></li><li nr="8."><al>de voor het beoogde gebruik noodzakelijke berekeningen als
                                    bedoeld in hoofdstuk 2 van de Regeling burgerluchthavens en
                                    artikel 8.47, derde lid van de wet met betrekking tot het
                                    bepalen van de geluidsbelasting, het externe veiligheidsrisico
                                    van het luchthavenluchtverkeer en de lokale
                                    luchtverontreiniging;</al></li><li nr="9."><al>een bij het voornemen passende beschrijving van de mogelijke
                                    effecten op het milieu;</al></li><li nr="10."><al>een verklaring waaruit blijkt dat wordt voldaan aan de van
                                    toepassing zijnde bepalingen van de Regeling veilig gebruik
                                    luchthavens en andere terreinen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2.2 – aanvraag tot wijziging van een
                                luchthavenbesluit</titel></kop><al>Artikel 2.1 is van overeenkomstige toepassing op een aanvraag tot
                            wijziging van een luchthavenbesluit, met dien verstande dat de
                            aanvrager</al><lijst><li nr="a."><al>alle gegevens indient die afwijken van de situatie die in het
                                    geldende besluit is neergelegd, en</al></li><li nr="b."><al>verklaart dat alle overige gegevens gelijkluidend zijn aan de
                                    gegevens in het geldende besluit.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2.3 – aanvraag tot vaststelling van een
                                luchthavenregeling</titel></kop><al>Een aanvraag tot vaststelling van een luchthavenregeling bevat ten
                            minste de volgende gegevens:</al><lijst><li nr="1."><al>naam, adres, contactgegevens, rechtspersoonlijkheid,
                                    contactperso(o)n(en) en eventuele adviseurs van de aanvrager, en
                                    indien de aanvrager niet de (beoogde) exploitant is, tevens de
                                    genoemde gegevens van de (beoogde) exploitant;</al></li><li nr="2."><al>een aanduiding van het terrein dat bestemd is om als luchthaven
                                    te worden ingericht, met een topografische kaart op een schaal
                                    van 1:10.000 en de kadastrale aanwijzing van het terrein;</al></li><li nr="3."><al>de eigendomssituatie met betrekking tot het terrein, en voor
                                    zover de aanvrager niet de eigenaar is, een verklaring van de
                                    eigenaar of eigenaren dat deze instemt of instemmen met het
                                    voorgenomen gebruik als luchthaven;</al></li><li nr="4."><al>de planologische situatie van de luchthaven;</al></li><li nr="5."><al>een of meer tekeningen waaruit de beoogde ruimtelijke indeling
                                    van het gebied van en rond de luchthaven blijkt, met inbegrip
                                    van (maximale) hoogte van objecten;</al></li><li nr="6."><al>een onderbouwing voor de aanvraag van een
                                    luchthavenregeling;</al></li><li nr="7."><al>een plan voor het gebruik van de luchthaven voor een periode in
                                    de eerste vijf jaar na inwerkingtreding van de
                                    luchthavenregeling;</al></li><li nr="8."><al>een bij het voornemen passende beschrijving van de mogelijke
                                    effecten op het milieu;</al></li><li nr="9."><al>een verklaring waaruit blijkt dat wordt voldaan aan de van
                                    toepassing zijnde bepalingen van de Regeling veilig gebruik
                                    luchthavens en andere terreinen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2.4 – aanvraag tot wijziging van een
                                luchthavenregeling</titel></kop><al>Artikel 2.2 is van overeenkomstige toepassing.</al><al/></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2.5 – aanvraag verklaring veilig gebruik
                                luchtruim</titel></kop><al>De aanvraag voor een verklaring van veilig gebruik van het luchtruim,
                            als bedoeld in artikel 8.49 van de Wet luchtvaart, wordt ingediend door
                            GS.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Afdeling 3 Aanwijzing van luchthavens en voor deze luchthavens
                            geldende luchthavenbesluiten of luchthavenregelingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 1.</titel></kop><al>In deze verordening zijn geen luchthavenbesluiten opgenomen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2.</titel></kop><al>In deze verordening zijn de volgende luchthavenregelingen
                            opgenomen:</al><lijst><li nr="3.1."><al> Luchthavenregeling zweefvliegterrein Schinveld</al></li><li nr="3.2."><al> Luchthavenregeling zweefvliegterrein Venlo</al></li><li nr="3.3."><al> Luchthavenregeling helihaven Academisch Ziekenhuis
                                    Maastricht</al></li><li nr="3.4"><al> Luchthavenregeling helihaven Solar Glass Scheuten Venlo</al></li><li nr="3.5"><al> Luchthavenregeling helihaven SIRO Roggel</al></li><li nr="3.6"><al> Luchthavenregeling helihaven Coolen Heythuysen</al></li><li nr="3.7"><al> Luchthavenregeling Micro Light Airplane luchthaven Traffic Port
                                    Venlo</al></li><li nr="3.8"><al> Luchthavenregeling Micro Light Airplane terreinen schermvliegen
                                    met hulpmotor Venray en Horst aan de Maas</al></li><li nr="3.9"><al> Luchthavenregeling helihaven Eric Richter Heliservice BV te
                                    Roermond</al></li></lijst><al>3.1 Luchthavenregeling zweefvliegterrein Schinveld</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 1</titel></kop><al>Deze luchthavenregeling betreft de luchthaven zweefvliegterrein
                            Schinveld.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2</titel></kop><al>De exploitant van het zweefvliegterrein is de Stichting
                            Zweefvliegaccommodatie Schinveld. De luchthavenregeling kan niet over
                            gaan op een andere exploitant.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3</titel></kop><al>De geografische positie van het zweefvliegterrein is 50.58.55 N.B. en
                            006.00.11O.L. Het terrein is op een kaart aangeduid, die als bijlage
                            onderdeel uitmaakt van deze regeling.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4</titel></kop><al>Het zweefvliegterrein mag uitsluitend worden gebruikt voor het opstijgen
                            en landen van (motor)zweefvliegtuigen en sleepvliegtuigen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5</titel></kop><al>Het opstijgen en landen van de in artikel 4 genoemde vliegtuigen mag
                            uitsluitend geschieden binnen de uniforme daglichtperiode (UDP) als
                            bedoeld in artikel 1 van het luchtverkeersreglement.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6</titel></kop><al>De windrichting wordt door een windzak aangegeven.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7</titel></kop><al>Tijdens het starten en landen van gemotoriseerde vliegtuigen dienen op
                            de luchthaven afdoende brandblusmiddelen aanwezig te zijn, voor
                            onmiddellijk gebruik gereed, geschikt voor het blussen van
                            vliegtuigbranden. Deze verplichting geldt niet indien uitsluitend wordt
                            gebruik gemaakt van de lierstart methode.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8</titel></kop><al>De exploitant wijst een persoon aan, de beheerder van de luchthaven, die
                            verantwoordelijk is voor de toestand en het gebruik van de luchthaven.
                            De persoonsgegevens van de beheerder worden gemeld aan de afdeling
                            Handhaving van de Provincie Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9</titel></kop><al>De beheerder van de luchthaven is verplicht om, indien de luchthaven
                            door enigerlei omstandigheid gevaarlijk is geworden of zal worden voor
                            het gebruik door vliegtuigen, daarvan zo spoedig mogelijk, onder
                            vermelding van bijzonderheden dienaangaande, kennis te geven aan de
                            afdeling Handhaving van de Provincie Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10</titel></kop><al>De exploitant dient alle redelijkerwijs mogelijke maatregelen te nemen
                            om te voorkomen dat de overheid dan wel derden schade lijden als gevolg
                            van het gebruik van de luchthaven en is voorts gehouden om eventuele
                            schade, die desondanks is ontstaan, te vergoeden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 11</titel></kop><al>De volgende wijzigingen dienen onverwijld aan de afdeling Handhaving van
                            de Provincie te worden gemeld:</al><lijst><li nr="a."><al> wijzigingen van de naam van de beheerder;</al></li><li nr="b."><al> wijzigingen van of in het landingsterrein of de
                                    landingsplaats;</al></li><li nr="c."><al> wijzigingen in de hindernisvrije in- en uitvliegsectoren.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12</titel></kop><al>De rechten welke uit het eigendom ten aanzien van het bovenbedoeld
                            terrein voortvloeien of andere gebruiksrechten van het terrein blijven
                            onverlet.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 13</titel></kop><al>Aan de voorwaarden welke aan het gebruik van het terrein door of vanwege
                            de Burgemeester van de gemeente Onderbanken zijn of worden gesteld, moet
                            worden voldaan. Indien deze voorwaarden op enigerlei wijze strijdig zijn
                            met de bepalingen van deze luchthavenregeling treden Gedeputeerde Staten
                            in overleg met de burgemeester.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14</titel></kop><al>Aan de voorwaarden welke aan het gebruik van het terrein door of vanwege
                            de eigenaar zijn of zullen worden gesteld, moet worden voldaan. Indien
                            deze voorwaarden op enigerlei wijze strijdig zijn met de bepalingen van
                            deze luchthavenregeling treden Gedeputeerde Staten in overleg met de
                            eigenaar.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 15</titel></kop><al>Afspraken over een veilige vluchtuitvoering en over verkeersafwikkeling
                            die met de Luchtverkeersleiding Nederland, station Beek, zijn gemaakt
                            dienen stipt te worden nagekomen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 16</titel></kop><al>De artikelen 19, 20, 22, 29 en 30 van de “Regeling veilig gebruik
                            luchthavens en andere terreinen” zijn van overeenkomstige
                            toepassing.</al><al>3.2 Luchthavenregeling zweefvliegterrein Venlo</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 1.</titel></kop><al>Deze luchthavenregeling betreft de luchthaven zweefvliegterrein
                            Venlo.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2.</titel></kop><al>De exploitant van het zweefvliegterrein is de vereniging Venlose
                            Zweefvlieg Club. De luchthavenregeling kan niet over gaan op een andere
                            exploitant.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3.</titel></kop><al>De geografische positie van het zweefvliegterrein is 51.21.47 N.B. en
                            006.12.58 O.L. Het terrein is op een kaart aangeduid, die als bijlage
                            onderdeel uitmaakt van deze regeling.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4.</titel></kop><al>Het zweefvliegterrein mag uitsluitend worden gebruikt voor het opstijgen
                            en landen van (motor)zweefvliegtuigen en sleepvliegtuigen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5.</titel></kop><al>Het opstijgen en landen van de in artikel 4 genoemde vliegtuigen mag
                            uitsluitend geschieden binnen de uniforme daglichtperiode (UDP) als
                            bedoeld in artikel 1 van het luchtverkeersreglement.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6.</titel></kop><al>De windrichting wordt door een windzak aangegeven.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7.</titel></kop><al>Tijdens het starten en landen van de vliegtuigen dienen op de luchthaven
                            afdoende brandblusmiddelen aanwezig te zijn, voor onmiddellijk gebruik
                            gereed, geschikt voor het blussen van vliegtuigbranden. Deze
                            verplichting geldt niet indien uitsluitend wordt gebruik gemaakt van de
                            lierstart methode.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8.</titel></kop><al>De exploitant wijst een persoon aan, de beheerder van de luchthaven, die
                            verantwoordelijk is voor de toestand en het gebruik van de luchthaven.
                            De persoonsgegevens van de beheerder worden gemeld aan de afdeling
                            Handhaving van de Provincie Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9.</titel></kop><al>De beheerder van de luchthaven is verplicht om, indien de luchthaven
                            door enigerlei omstandigheid gevaarlijk is geworden of zal worden voor
                            het gebruik door vliegtuigen, daarvan zo spoedig mogelijk, onder
                            vermelding van bijzonderheden dienaangaande, kennis te geven aan de
                            afdeling Handhaving van de Provincie Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10.</titel></kop><al>De exploitant dient alle redelijkerwijs mogelijke maatregelen te nemen
                            om te voorkomen dat de overheid dan wel derden schade lijden als gevolg
                            van het gebruik van de luchthaven en is voorts gehouden om eventuele
                            schade, die desondanks is ontstaan, te vergoeden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 11.</titel></kop><al>De volgende wijzigingen dienen onverwijld aan de afdeling Handhaving van
                            de Provincie te worden gemeld:</al><lijst><li nr="a."><al>wijzigingen van de naam van de beheerder;</al></li><li nr="b."><al>wijzigingen van of in het landingsterrein of de
                                    landingsplaats;</al></li><li nr="c."><al>wijzigingen in de hindernisvrije in- en uitvliegsectoren.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12.</titel></kop><al>De rechten welke uit het eigendom ten aanzien van het bovenbedoeld
                            terrein voortvloeien of andere gebruiksrechten van het terrein blijven
                            onverlet.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 13.</titel></kop><al>Aan de voorwaarden welke aan het gebruik van het terrein door of vanwege
                            de Burgemeester van de gemeente Venlo zijn of worden gesteld, moet
                            worden voldaan. Indien deze voorwaarden op enigerlei wijze strijdig zijn
                            met de bepalingen van deze luchthavenregeling treden Gedeputeerde Staten
                            in overleg met de burgemeester.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14.</titel></kop><al>Aan de voorwaarden welke aan het gebruik van het terrein door of vanwege
                            de eigenaar zijn of zullen worden gesteld, moet worden voldaan. Indien
                            deze voorwaarden op enigerlei wijze strijdig zijn met de bepalingen van
                            deze luchthavenregeling treden Gedeputeerde Staten in overleg met de
                            eigenaar.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 15.</titel></kop><al>De artikelen 19, 20, 22, 29 en 30 van de “Regeling veilig gebruik
                            luchthavens en andere terreinen” zijn van overeenkomstige
                            toepassing.</al><al>3.3 Luchthavenregeling helihaven Academisch Ziekenhuis Maastricht</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 1.</titel></kop><al>Deze luchthavenregeling betreft de helihaven van het Universitair
                            Medisch Centrum Maastricht.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2.</titel></kop><al>De exploitant van de helihaven is het Universitair Medisch Centrum
                            Maastricht. De luchthavenregeling kan niet over gaan op een andere
                            exploitant.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3.</titel></kop><al>De geografische positie van de helihaven is 50.50.04 N.B. en 005.42.45
                            O.L. De helihaven is op een kaart aangeduid, die als bijlage onderdeel
                            uitmaakt van deze regeling.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4.</titel></kop><al>De helihaven is bestemd voor het gebruik voor medische doeleinden door
                            hefschroefvliegtuigen die conform het Flight Manual mogen opereren op
                            een helihaven met de in artikel 5 genoemde afmetingen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5.</titel></kop><al>De afmetingen van de helihaven bedragen: Eindnadering- en vertrekgebied:
                            30 x 45 meter (gras/onverhard) Landing- en opstijggebied: 12x12 meter
                            (verhard).</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6.</titel></kop><al>De openstellingtijden van de helihaven zijn van 0.00-24.00 uur</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7.</titel></kop><al>De twee invliegsectoren zijn 190 en 360 graden gerekend vanuit de
                            helikopterlandingsplaats, tenzij de vliegveiligheid anders vereist.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8.</titel></kop><al>De exploitant draagt ervoor zorg dat het jaarlijks gebruik van de
                            luchthaven niet leidt tot een geluidbelasting waarbij de 56 dB(A) Lden
                            geluidcontour buiten de grens van de inrichting op grond van de Wet
                            milieubeheer, waartoe de luchthaven behoort, ligt.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9.</titel></kop><al>Een overschrijding van de in artikel 8 genoemde geluidcontour wordt
                            onverwijld gemeld aan de Afdeling Handhaving van de Provincie
                            Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10.</titel></kop><al>In geval van overschrijding van de genoemde contour dient een aanvraag
                            voor een Luchthavenbesluit te worden ingediend.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 11.</titel></kop><al>De windrichting wordt door een windzak aangegeven.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12.</titel></kop><al>Tijdens het starten en landen van de helikopters dienen op of in de
                            onmiddellijke nabijheid van de luchthaven afdoende brandblusmiddelen
                            aanwezig te zijn, voor onmiddellijk gebruik gereed, geschikt voor het
                            blussen van vliegtuigbranden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 13.</titel></kop><al>De exploitant wijst een persoon aan, de beheerder van de helihaven, die
                            verantwoordelijk is voor de toestand en het gebruik van de helihaven. De
                            persoonsgegevens van de beheerder worden gemeld aan de afdeling
                            Handhaving van de Provincie Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14.</titel></kop><al>De beheerder houdt in een register het aantal vliegbewegingen op de
                            helihaven bij. Dit register wordt binnen een maand na afloop van het
                            kalenderjaar aan de afdeling Handhaving van de Provincie Limburg
                            gezonden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 15.</titel></kop><al>De beheerder van de helihaven is verplicht om, indien de helihaven door
                            enigerlei omstandigheid gevaarlijk is geworden of zal worden voor het
                            gebruik door hefschroefvliegtuigen, daarvan zo spoedig mogelijk, onder
                            vermelding van bijzonderheden dienaangaande, kennis te geven aan de
                            afdeling Handhaving van de Provincie Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 16.</titel></kop><al>De exploitant dient alle redelijkerwijs mogelijke maatregelen te nemen
                            om te voorkomen dat de overheid dan wel derden schade lijden als gevolg
                            van het gebruik van de helihaven en is voorts gehouden om eventuele
                            schade, die desondanks is ontstaan, te vergoeden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 17.</titel></kop><al>De volgende wijzigingen dienen onverwijld aan de afdeling Handhaving van
                            de Provincie te worden gemeld:</al><lijst><li nr="a."><al> wijzigingen van de naam van de beheerder;</al></li><li nr="b."><al> wijzigingen van of in het landingsterrein of de
                                    landingsplaats;</al></li><li nr="c."><al> wijzigingen in de hindernisvrije in- en uitvliegsectoren.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 18.</titel></kop><al>De artikelen 15, 16, 17, 18 en 23 van de “Regeling veilig gebruik
                            luchthavens en andere terreinen” zijn van overeenkomstige
                            toepassing.</al><al>3.4 Luchthavenregeling helihaven Solar Glass Scheuten Venlo</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 1.</titel></kop><al>Deze luchthavenregeling betreft de bedrijfsgebonden helihaven van Solar
                            Glass Scheuten aan de Magalhaesweg 10 te Venlo.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2.</titel></kop><al>De exploitant van de helihaven is Solar Glass Scheuten. De
                            luchthavenregeling kan niet over gaan op een andere exploitant. De
                            helihaven is uitsluitend bestemd voor vervoer ten behoeve van het eigen
                            bedrijf door middel van helikopters.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3.</titel></kop><al>De geografische positie van de helihaven is 51.23.33,89 N.B. en
                            006.05.42,50 O.L. De helihaven is op een kaart aangeduid, die als
                            bijlage onderdeel uitmaakt van deze regeling.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4.</titel></kop><al>De helihaven mag worden gebruikt door helikopters die overeenkomstig het
                            Flight Manual mogen opereren op een helihaven met een landingsplaats van
                            18 bij 18 meter, omgeven door een tenminste 5 meter brede
                            veiligheidszone.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5.</titel></kop><al>Het in- en uitvliegen geschiedt, tenzij de vliegveiligheid anders
                            vereist, in de richtingen 8 graden en 177 graden, gerekend vanuit de
                            helikopterlandingsplaats.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6.</titel></kop><al>Het gebruik van de helihaven vindt plaats overeenkomstig de zicht
                            vliegvoorschriften onder de ter plaatse geldende zicht
                            weersomstandigheden. Het gebruik vindt plaats binnen de uniforme
                            daglichtperiode (UDP) als bedoeld in artikel 1 van het
                            luchtverkeersreglement.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7.</titel></kop><al>Vanaf of op de helihaven mogen op jaarbasis maximaal 500 vluchten (1000
                            vliegbewegingen) worden uitgevoerd. De exploitant draagt ervoor zorg dat
                            het jaarlijks gebruik van de luchthaven niet leidt tot een
                            geluidbelasting waarbij de 56 dB(A) Lden geluidcontour buiten de grens
                            van de inrichting op grond van de Wet milieubeheer, waartoe de
                            luchthaven behoort, ligt.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8.</titel></kop><al>Een overschrijding van de in artikel 7 genoemde geluidcontour wordt
                            onverwijld gemeld aan de Afdeling Handhaving van de Provincie
                            Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9.</titel></kop><al>In geval van overschrijding van de genoemde contour dient een aanvraag
                            voor een Luchthavenbesluit te worden ingediend.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10.</titel></kop><al>De exploitant is verplicht om op eigen kosten alle zaken die behoren tot
                            de inrichting en uitrusting van de helihaven te verwijderen als de
                            inrichting, het gebruik, dan wel het beheer niet langer voldoet aan de
                            vigerende voorschriften en/of de helihaven permanent buiten gebruik is
                            gesteld.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 11.</titel></kop><al>De windrichting wordt door een windzak aangegeven.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12.</titel></kop><al>Tijdens het starten en landen van de helikopters dienen op of in de
                            onmiddellijke nabijheid van de luchthaven afdoende brandblusmiddelen
                            aanwezig te zijn, voor onmiddellijk gebruik gereed, geschikt voor het
                            blussen van vliegtuigbranden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 13.</titel></kop><al>De exploitant wijst een persoon aan, de beheerder van de helihaven, die
                            verantwoordelijk is voor de toestand en het gebruik van de helihaven. De
                            persoonsgegevens van de beheerder worden gemeld aan de afdeling
                            Handhaving van de Provincie Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14.</titel></kop><al>De beheerder houdt in een register het aantal vliegbewegingen op de
                            helihaven bij. Dit register wordt binnen een maand na afloop van het
                            kalenderjaar aan de afdeling Handhaving van de Provincie Limburg
                            gezonden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 15.</titel></kop><al>De beheerder van de helihaven is verplicht om, indien de helihaven door
                            enigerlei omstandigheid gevaarlijk is geworden of zal worden voor het
                            gebruik door hefschroefvliegtuigen, daarvan zo spoedig mogelijk, onder
                            vermelding van bijzonderheden dienaangaande, kennis te geven aan de
                            afdeling Handhaving van de Provincie Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 16.</titel></kop><al>De exploitant dient alle redelijkerwijs mogelijke maatregelen te nemen
                            om te voorkomen dat de overheid dan wel derden schade lijden als gevolg
                            van het gebruik van de helihaven en is voorts gehouden om eventuele
                            schade, die desondanks is ontstaan, te vergoeden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 17.</titel></kop><al>Voorafgaand aan een vlucht dient telefonisch contact te worden opgenomen
                            met het bedrijf Traffic Port Venlo, Olivier van Noortweg 7 te Venlo, om
                            de vluchtuitvoering af te stemmen. Een vlucht wordt eveneens gemeld aan
                            het Operationele Commando (OC) van de vliegbasis Gilze-Rijen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 18.</titel></kop><al>De volgende wijzigingen dienen onverwijld aan de afdeling Handhaving van
                            de Provincie te worden gemeld:</al><lijst><li nr="a."><al> wijzigingen van de naam van de beheerder;</al></li><li nr="b."><al> wijzigingen van of in het landingsterrein of de
                                    landingsplaats;</al></li><li nr="c."><al> wijzigingen in de hindernisvrije in- en uitvliegsectoren.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 19.</titel></kop><al>De artikelen 19, 20, 22 en 23 van de “Regeling veilig gebruik
                            luchthavens en andere terreinen” zijn van overeenkomstige
                            toepassing.</al><al>3.5 Luchthavenregeling helihaven SIRO Roggel</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 1.</titel></kop><al>Deze luchthavenregeling betreft de bedrijfsgebonden helihaven van SIRO
                            groothandelcentrum aan de Kikveld 2 te Roggel.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2.</titel></kop><al>De exploitant van de helihaven is SIRO groothandelcentrum te Roggel. De
                            luchthavenregeling kan niet over gaan op een andere exploitant. De
                            helihaven is uitsluitend bestemd voor vervoer ten behoeve van het eigen
                            bedrijf.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3.</titel></kop><al>De geografische positie van de helihaven is 51.15.30 N.B. en 05.55.28
                            O.L. De helihaven is op een kaart aangeduid, die als bijlage onderdeel
                            uitmaakt van deze regeling.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4.</titel></kop><al>De helihaven mag worden gebruikt door hefschroefvliegtuigen die
                            overeenkomstig het Flight Manual mogen opereren op een helihaven met een
                            landingsplaats van 12 bij 12 meter, omgeven door een tenminste 5 meter
                            brede veiligheidszone.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5.</titel></kop><al>Het in- en uitvliegen geschiedt, tenzij de vliegveiligheid anders
                            vereist, in de richtingen 90 graden en 270 graden, gerekend vanuit de
                            helikopterlandingsplaats.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6.</titel></kop><al>Het gebruik van de helihaven vindt plaats binnen de uniforme
                            daglichtperiode (UDP) als bedoeld in artikel 1 van het
                            luchtverkeersreglement, echter niet voor 7.00 uur ‘s ochtends. De zicht
                            vliegvoorschriften onder de ter plaatse geldende zicht
                            weersomstandigheden worden voorts in acht genomen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7.</titel></kop><al>Het maximale aantal vluchten dat vanaf/op de helihaven wordt uitgevoerd
                            is beperkt tot maximaal 3 vluchten (6 vliegbewegingen) per dag, met een
                            maximum van 15 vluchten (30 vliegbewegingen) per week, met een maximum
                            van 350 vluchten (700 vliegbewegingen) op jaarbasis.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8.</titel></kop><al>De exploitant is verplicht om op eigen kosten alle zaken die behoren tot
                            de inrichting en uitrusting van de helihaven te verwijderen als de
                            inrichting, het gebruik, dan wel het beheer niet langer voldoet aan de
                            vigerende voorschriften en/of de helihaven permanent buiten gebruik is
                            gesteld.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9.</titel></kop><al>De windrichting wordt door een windzak aangegeven.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10.</titel></kop><al>Tijdens het starten en landen van de helikopters dienen op of in de
                            onmiddellijke nabijheid van de luchthaven afdoende brandblusmiddelen
                            aanwezig te zijn, voor onmiddellijk gebruik gereed, geschikt voor het
                            blussen van vliegtuigbranden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 11.</titel></kop><al>De exploitant wijst een persoon aan, de beheerder van de helihaven, die
                            verantwoordelijk is voor de toestand en het gebruik van de helihaven. De
                            persoonsgegevens van de beheerder worden gemeld aan de afdeling
                            Handhaving van de Provincie Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12.</titel></kop><al>De beheerder houdt in een register het aantal vliegbewegingen op de
                            helihaven bij. Dit register wordt binnen een maand na afloop van het
                            kalenderjaar aan de afdeling Handhaving van de Provincie Limburg
                            gezonden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 13.</titel></kop><al>De beheerder van de helihaven is verplicht om, indien de helihaven door
                            enigerlei omstandigheid gevaarlijk is geworden of zal worden voor het
                            gebruik door hefschroefvliegtuigen, daarvan zo spoedig mogelijk, onder
                            vermelding van bijzonderheden dienaangaande, kennis te geven aan de
                            afdeling Handhaving van de Provincie Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14.</titel></kop><al>De exploitant dient alle redelijkerwijs mogelijke maatregelen te nemen
                            om te voorkomen dat de overheid dan wel derden schade lijden als gevolg
                            van het gebruik van de helihaven en is voorts gehouden om eventuele
                            schade, die desondanks is ontstaan, te vergoeden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 15.</titel></kop><al>De volgende wijzigingen dienen onverwijld aan de afdeling Handhaving van
                            de Provincie te worden gemeld:</al><lijst><li nr="a."><al> wijzigingen van de naam van de beheerder;</al></li><li nr="b."><al> wijzigingen van of in het landingsterrein of de
                                    landingsplaats;</al></li><li nr="c."><al> wijzigingen in de hindernisvrije in- en uitvliegsectoren.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 16.</titel></kop><al>De artikelen 19, 20, 22 en 23 van de “Regeling veilig gebruik
                            luchthavens en andere terreinen” zijn van overeenkomstige
                            toepassing.</al><al>3.6 Luchthavenregeling helihaven Coolen Heythuysen</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 1.</titel></kop><al>Deze luchthavenregeling betreft de bedrijfsgebonden helihaven van Frank
                            Coolen Machines B.V. aan de Biesstraat 59 te Heythuysen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2.</titel></kop><al>De exploitant van de helihaven is de heer F.H.G. Coolen. De
                            luchthavenregeling kan niet over gaan op een andere exploitant. De
                            helihaven is uitsluitend bestemd voor vervoer ten eigen behoeve of ten
                            behoeve van het bedrijf Frank Coolen Machines B.V.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3.</titel></kop><al>De geografische positie van de helihaven is 51.14.34.4 N.B. en
                            05.54.19.7 O.L. De helihaven is op een kaart aangeduid, die als bijlage
                            onderdeel uitmaakt van deze regeling.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4.</titel></kop><al>De helihaven mag worden gebruikt door helikopters van het type Robinson
                            44 (R44) en Eurocopter 120 (EC 120).</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5.</titel></kop><al>Het in- en uitvliegen geschiedt, tenzij de vliegveiligheid anders
                            vereist, in de richtingen 60 graden en 270 graden, gerekend vanuit de
                            helikopterlandingsplaats. Er geldt een no fly zone binnen de sector 290
                            graden via 360 graden tot 045 graden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6.</titel></kop><al>Landingen dienen bij voorkeur op de gewaarmerkte landingplaats, doch
                            altijd binnen een straal van 50 meter van deze plaats te worden
                            uitgevoerd.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7.</titel></kop><al>Het gebruik van de helihaven vindt plaats binnen de uniforme
                            daglichtperiode (UDP) als bedoeld in artikel 1 van het
                            Luchtverkeersreglement, echter niet voor 7.00 uur ‘s ochtends. De zicht
                            vliegvoorschriften onder de ter plaatse geldende zicht
                            weersomstandigheden worden voorts in acht genomen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8.</titel></kop><al>Het maximale aantal vluchten dat vanaf/op de helihaven wordt uitgevoerd
                            is beperkt tot maximaal drie vluchten (zes vliegbewegingen) per dag, met
                            een maximum van 15 vluchten (30 vliegbewegingen) per week, met een
                            maximum van 350 vluchten (700 vliegbewegingen) op jaarbasis. De
                            exploitant draagt ervoor zorg dat het jaarlijks gebruik van de
                            luchthaven niet leidt tot een geluidbelasting waarbij de 56 dB(A) Lden
                            geluidcontour buiten de grens van de inrichting op grond van de Wet
                            milieubeheer, waartoe de luchthaven behoort, ligt.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9.</titel></kop><al>Een overschrijding van de in artikel 8 genoemde geluidcontour wordt
                            onverwijld gemeld aan het cluster Handhaving van de Provincie
                            Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10.</titel></kop><al>In geval van overschrijding van de genoemde contour dient een aanvraag
                            voor een luchthavenbesluit te worden ingediend.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 11.</titel></kop><al>De exploitant is verplicht om op eigen kosten alle zaken die behoren tot
                            de inrichting en uitrusting van de helihaven te verwijderen als de
                            inrichting, het gebruik, dan wel het beheer niet langer voldoet aan de
                            vigerende voorschriften en/of de helihaven permanent buiten gebruik is
                            gesteld.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12.</titel></kop><al>De windrichting wordt door een windzak aangegeven.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 13.</titel></kop><al>Tijdens het starten en landen van de helikopters dienen op of in de
                            onmiddellijke nabijheid van de luchthaven afdoende brandblusmiddelen
                            aanwezig te zijn, voor onmiddellijk gebruik gereed, geschikt voor het
                            blussen van vliegtuigbranden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14.</titel></kop><al>De exploitant wijst een persoon aan, de beheerder van de helihaven, die
                            verantwoordelijk is voor de toestand en het gebruik van de helihaven. De
                            persoonsgegevens van de beheerder worden gemeld aan het cluster
                            Handhaving van de Provincie Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 15.</titel></kop><al>De beheerder houdt in een register het aantal vliegbewegingen op de
                            helihaven bij. Dit register wordt binnen een maand na afloop van het
                            kalenderjaar aan het cluster Handhaving van de Provincie Limburg
                            gezonden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 16.</titel></kop><al>De beheerder van de helihaven is verplicht om, indien de helihaven door
                            enigerlei omstandigheid gevaarlijk is geworden of zal worden voor het
                            gebruik door hefschroefvliegtuigen, daarvan zo spoedig mogelijk, onder
                            vermelding van bijzonderheden dienaangaande, kennis te geven aan het
                            cluster Handhaving van de Provincie Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 17.</titel></kop><al>De exploitant dient alle redelijkerwijs mogelijke maatregelen te nemen
                            om te voorkomen dat de overheid dan wel derden schade lijden als gevolg
                            van het gebruik van de helihaven en is voorts gehouden om eventuele
                            schade, die desondanks is ontstaan, te vergoeden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 18.</titel></kop><al>De volgende wijzigingen dienen onverwijld aan het cluster Handhaving van
                            de Provincie Limburg te worden gemeld: wijzigingen van de naam van de
                            beheerder; wijzigingen van of in het landingsterrein of de
                            landingsplaats; wijzigingen in de hindernisvrije in- en
                            uitvliegsectoren.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 19.</titel></kop><al>De artikelen 19, 20, 22 en 23 van de “Regeling veilig gebruik
                            luchthavens en andere terreinen”, zijn van overeenkomstige toepassing. </al><al>3.7 Luchthavenregeling luchtvaartterrein Traffic Port Venlo</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 1.</titel></kop><al>Deze luchthavenregeling betreft de luchthaven Traffic Port Venlo aan de
                            Olivier van Noortweg 7, 5928 LX Venlo.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2.</titel></kop><al>De exploitant van de luchthaven is Cycloon Holland (Traffic Port Air
                            BV). De luchthavenregeling kan niet overgaan op een andere exploitant.
                            De exploitant bepaalt welke luchtvaartuigen op de luchthaven worden
                            toegelaten.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3.</titel></kop><al>De luchthaven is kadastraal bekend onder de gemeente Peel en Maas,
                            sectie R, nummers 8,10,11,12 en 501, sectie S, nummers 1, 2, 3, 4 en
                            485, sectie U nummers 27 en 398. De geografische positie van de
                            luchthaven is 51.23.31.15 N.B. en 06.3.32.33 O.L.. De luchthaven is op
                            een kaart aangeduid, die als bijlage onderdeel uitmaakt van deze
                            regeling.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4.</titel></kop><al>De luchthaven is bestemd voor het gebruik door Micro Light Airplanes
                            (MLA), alsmede naar hun aard en invloed op de omgeving vergelijkbare
                            lichte luchtvaartuigen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5.</titel></kop><al>De luchthaven mag ook worden gebruikt voor helikoptervluchten van de
                            Luchtvaartpolitie of andere helikoptervluchten die in opdracht van de
                            overheid worden uitgevoerd in het kader van de openbare orde, veiligheid
                            of gezondheid.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6.</titel></kop><al>De luchthaven wordt uitsluitend gebruikt binnen de uniforme daglicht
                            periode (UDP) als bedoeld in artikel 1 van het
                            Luchtverkeersreglement.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7.</titel></kop><al>De exploitant draagt ervoor zorg dat het jaarlijks gebruik van de
                            luchthaven niet leidt tot een geluidbelasting waarbij de 56 dB(A) Lden
                            geluidcontour buiten de grens van de inrichting op grond van de Wet
                            milieubeheer, waartoe de luchthaven behoort, ligt.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8.</titel></kop><al>Een overschrijding van de in artikel 6. genoemde geluidscontour wordt
                            onverwijld gemeld aan de Afdeling Handhaving van de Provincie
                            Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9.</titel></kop><al>In geval van overschrijding van de genoemde contour dient een aanvraag
                            voor een Luchthavenbesluit te worden ingediend.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10.</titel></kop><al>De luchthaven is overeenkomstig de Regeling grondtekens en markeringen
                            gemarkeerd.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 11.</titel></kop><al>Op de luchthaven is door middel van een windzak de windrichting
                            aangegeven. De kleur van de windzak is zodanig dat een goed contrast met
                            de achtergrond is verkregen. De windzak is zodanig geplaatst dat hij
                            zichtbaar is voor de vliegtuigen in de lucht.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12.</titel></kop><al>Op de luchthaven is een taxibaan beschikbaar met een zodanige separatie
                            tussen de baan en de taxibaan dat de vliegtuigen op de taxibaan niet
                            steken door een denkbeeldig vlak dat met de lange zijde van de
                            hindernisvrije strook als basis oploopt met een helling van 1:5
                            (hoogte:afstand).</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 13.</titel></kop><al>Op of in de onmiddellijke nabijheid van de luchthaven zijn, voor
                            onmiddellijk gebruik gereed, afdoende brandblusmiddelen aanwezig
                            geschikt voor het blussen van vliegtuigbranden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14.</titel></kop><al>Vanwege de ligging van de luchthaven in het militaire oefen- en
                            trainingsgebied GLV VIII gelden voor de duur van het bestaan van GLV
                            VIII boven de luchthaven, behoudens het bepaalde in artikel 2.2, de
                            volgende gebruiksbeperkingen:</al><lijst><li nr="a."><al> de luchthaven mag zonder beperkingen worden gebruikt van
                                    vrijdag 17.00 uur tot maandag 09.00 uur lokale tijd
                                    (weekeinden);</al></li><li nr="b."><al> van maandag tot en met donderdag van 17.00 uur tot 09.00 uur
                                    lokale tijd mag de luchthaven worden gebruikt na coördinatie met
                                    het Operationele Commando (OC) van de vliegbasis
                                    Gilze-Rijen;</al></li><li nr="c."><al> van maandag tot en met vrijdag tussen 09.00 en 17.00 uur mag de
                                    luchthaven worden gebruikt na verkregen toestemming van het OC
                                    van de vliegbasis Gilze-Rijen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 15.1</titel></kop><al>Van de luchthaven mogen uitsluitend luchtvaartuigen gebruik maken
                            waarvoor een geldig bewijs van luchtwaardigheid en een geldig
                            geluidscertificaat is afgegeven.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 15.2</titel></kop><al>In afwijking van het bepaalde in artikel 15.1 mag de luchthaven ook
                            worden gebruikt voor proefvluchten met nieuwe, in ontwikkeling zijnde,
                            categorieën van lichte luchtvaartuigen als bedoeld in artikel 4, in het
                            kader van het verkrijgen van een geldig bewijs van luchtwaardigheid en
                            een geldig geluidscertificaat.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 16.</titel></kop><al>Gebruikers dienen de vastgestelde vliegprocedures, te weten de in- en
                            uitvliegroutes van en naar het circuitgebied, te volgen en mogen hier
                            alleen van afwijken als de veiligheid dat vereist.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 17.</titel></kop><al>Tijdens het gebruik van de luchthaven is het grondteken voor het linker-
                            of rechterhand verkeerscircuit, overeenkomstig artikel 2, 2.4 van de
                            regeling grondtekens en markeringen geplaatst.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 18.</titel></kop><al>Ten behoeve van de duidelijkheid mag als tweede grondteken een
                            landings-T worden uitgelegd. De maatvoering van de landings-T en de
                            locatie voldoen eveneens aan de regeling grondtekens en
                            markeringen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 19.</titel></kop><al>De exploitant wijst een persoon aan, de beheerder van de luchthaven, die
                            verantwoordelijk is voor de toestand en het gebruik van de luchthaven.
                            De persoonsgegevens van de beheerder worden gemeld aan de afdeling
                            Handhaving van de Provincie Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 20.</titel></kop><al>De beheerder zorgt ervoor dat de aangegeven in- en uitvliegsectoren vrij
                            zijn en blijven van obstakels.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 21.</titel></kop><al>De beheerder houdt in een register het aantal vliegbewegingen op de
                            luchthaven bij. Dit register wordt binnen een maand na afloop van het
                            kalenderjaar aan de afdeling Handhaving van de Provincie Limburg
                            gezonden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 22.</titel></kop><al>De beheerder is verplicht om, indien de luchthaven door enigerlei
                            omstandigheid gevaarlijk is geworden of zal worden voor het gebruik door
                            luchtvaartuigen, daarvan zo spoedig mogelijk, onder vermelding van
                            bijzonderheden dienaangaande, kennis te geven aan de afdeling Handhaving
                            van de Provincie Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 23.</titel></kop><al>De exploitant dient alle redelijkerwijs mogelijke maatregelen te nemen
                            om te voorkomen dat de overheid dan wel derden schade lijden als gevolg
                            van het gebruik van de luchthaven en is voorts gehouden om eventuele
                            schade, die desondanks is ontstaan, te vergoeden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 24.</titel></kop><al>De volgende wijzigingen dienen onverwijld aan de afdeling Handhaving van
                            de Provincie te worden gemeld:</al><lijst><li nr="a."><al> wijzigingen van de naam van de beheerder;</al></li><li nr="b."><al> wijzigingen van of in de luchthaven;</al></li><li nr="c."><al> wijzigingen in de hindernisvrije in- en uitvliegsectoren.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 25.</titel></kop><al>De artikelen 19, 20, 22 en 25 van de “Regeling veilig gebruik
                            luchthavens en andere terreinen” zijn van overeenkomstige
                            toepassing.</al><al>3.8 Luchthavenregeling schermvliegen met hulpmotor Venray en Horst aan
                            de Maas</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 1.</titel></kop><al>Deze luchthavenregeling betreft de volgende terreinen bestemd voor
                            schermvliegtuigen met hulpmotor:</al><lijst><li nr="1."><al> gemeente Venray: terrein te Veulen, Lorbaan 6</al></li><li nr="2."><al> gemeente Horst aan de Maas: terrein te Swolgen, Gun 11</al></li><li nr="3."><al> gemeente Horst aan de Maas: terrein te Kronenberg,
                                    Americaanseweg 64.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2.</titel></kop><al>De exploitanten van deze terreinen zijn respectievelijk:</al><lijst><li nr="1."><al> de heer S. Michels, Smakterveldweg 1, 5803 AK Venray;</al></li><li nr="2."><al> de heer H.J. Roerink, Kerkenhuisweg 2, 5441 PW Oeffelt;</al></li><li nr="3."><al> de heer R. Nelissen, Groenewoudstraat 19, 5961 VD Horst</al><al/><al> De exploitant bepaalt welke schermvliegtuigen met hulpmotor op
                                    de in artikel 1 genoemde terreinen worden toegelaten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3.</titel></kop><al>De terreinen zijn kadastraal bekend onder respectievelijk:</al><lijst><li nr="1."><al> gemeente Venray, sectie O, nummer 656. De geografische positie
                                    is 51.28.30.30 N.B en 05.57.45.92 O.L.</al></li><li nr="2."><al> gemeente Horst aan de Maas, kadastraal bekend gemeente
                                    Meerlo-Wanssum sectie K, nummer 25. De geografische positie is
                                    51.5.0563 N.B. en 06.11.839 O.L.</al></li><li nr="3."><al> gemeente Horst aan de Maas, sectie P, nummer 552. De
                                    geografische positie is 51.25.26.03 N.B. en 05.59.13.03
                                    O.L.</al><al/><al> De terreinen zijn op een kaart aangeduid, die als bijlage
                                    onderdeel uitmaakt van deze regeling.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4.</titel></kop><al>De in artikel 1 genoemde terreinen zijn niet gelegen in de Ecologische
                            Hoofdstructuur (EHS) en zijn ook geen Natura 2000 gebied.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5.</titel></kop><al>De in artikel 1. genoemde terreinen zijn uitsluitend bestemd voor het
                            gebruik door schermvliegtuigen met hulpmotor (zijnde micro light
                            aeroplanes) in het kader van de recreatieve luchtvaart. Er mogen vanaf
                            de terreinen geen commerciële vluchten plaatsvinden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6.</titel></kop><al>De terreinen worden uitsluitend gebruikt binnen de uniforme daglicht
                            periode (UDP) als bedoeld in artikel 1 van het
                            Luchtverkeersreglement.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7.</titel></kop><al>Zo spoedig mogelijk na de start dient de minimale vlieghoogte van 500
                            voet te worden bereikt.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8.</titel></kop><al>Van de ontheffing mag alleen gebruik worden gemaakt door gemotoriseerde
                            schermvliegtuigen met hulpmotor met een Nederlandse registratie die
                            voldoen aan de voorschriften uit de regeling Micro Light Airplanes.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9.</titel></kop><al>Op elk van de terreinen wordt niet gelijktijdig gestart en geland.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10.</titel></kop><al>Tijdens het landen en opstijgen wordt op de terreinen de windrichting
                            aangegeven door middel van een windzak, een vlag of een ander vanuit de
                            lucht goed zichtbaar gelijkwaardig middel.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 11.</titel></kop><al>Tijdens het gebruik van de terreinen zijn afdoende voorzorgsmaatregelen
                            getroffen om het publiek op een veilige afstand van het terrein te
                            houden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12.</titel></kop><al>De exploitant beschikt over een verklaring van geen bezwaar van de
                            eigenaren van de in artikel 1 bedoelde terreinen voor het gebruik door
                            schermvliegtuigen met hulpmotor als bedoeld in artikel 2.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 13.</titel></kop><al>De exploitant zorgt ervoor dat de in- en uitvliegsectoren van de
                            terreinen vrij zijn en blijven van obstakels.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14.</titel></kop><al>De exploitant houdt in een register het aantal vliegbewegingen op de
                            terreinen bij. Dit register wordt binnen een maand na afloop van het
                            kalenderjaar aan de afdeling Handhaving van de Provincie Limburg
                            gezonden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 15.</titel></kop><al>De exploitant is verplicht om, indien een of meer van de terreinen door
                            enigerlei omstandigheid gevaarlijk is (zijn) geworden of zal (zullen)
                            worden voor het gebruik door luchtvaartuigen, daarvan zo spoedig
                            mogelijk, onder vermelding van bijzonderheden dienaangaande, kennis te
                            geven aan de afdeling Handhaving van de Provincie Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 16.</titel></kop><al>De exploitant dient alle redelijkerwijs mogelijke maatregelen te nemen
                            om te voorkomen dat de overheid dan wel derden schade lijden als gevolg
                            van het gebruik van de terreinen en is voorts gehouden om eventuele
                            schade, die desondanks is ontstaan, te vergoeden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 17.</titel></kop><al>De volgende wijzigingen dienen onverwijld aan de afdeling Handhaving van
                            de Provincie te worden gemeld:</al><lijst><li nr="a."><al> wijzigingen van de naam en/of adresgegevens van de
                                    exploitant;</al></li><li nr="b."><al> wijzigingen van of in een of meer van de in artikel 1. genoemde
                                    terreinen;</al></li><li nr="c."><al> wijzigingen in de hindernisvrije in- en uitvliegsectoren.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 18.</titel></kop><al>De artikelen 19, 20, 22 en 26 van de “Regeling veilig gebruik
                            luchthavens en andere terreinen” zijn van overeenkomstige
                            toepassing.</al><al>3.9 Luchthavenregeling helihaven Eric Richter Heliservice BV te
                            Roermond</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 1.</titel></kop><al>Deze luchthavenregeling betreft de helihaven Eric Richter Heliservice BV
                            aan de Albert Einsteinweg 18 te Roermond.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2.</titel></kop><al>De exploitant van de helihaven is Eric Richter Heliservice BV. De
                            luchthavenregeling kan niet over gaan op een andere exploitant. De
                            helihaven is uitsluitend bestemd voor het gebruik voor commerciële
                            activiteiten zoals rondvluchten, fotovluchten en verkenningsvluchten ten
                            behoeve van diverse instanties.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3.</titel></kop><al>De helihaven is gelegen op het perceel dat kadastraal bekend is als
                            Roermond S459. De vier hoekpunten van de helihaven zijn
                            (Rijksdriehoekscoördinaten):</al><al>1. x = 200.071,075; y = 353.220,059 2. x = 200.077,726; y = 353.293,633
                            3. x = 200.042,082; y = 353.239,152 4. x = 200.106,850; y = 353.274,568
                            Op de helihaven zijn één helispot en twee aiming points gesitueerd. De
                            locatie van de helispot is x = 200.075, y = 353.256
                            (Rijksdriehoekscoördinaten). De coördinaten van de aiming points zijn: -
                            aiming point Noord: x = 200.080, y = 353.280; - aiming point Zuid: x =
                            200.070, y = 353.232. De helihaven is op een kaart aangeduid, die als
                            bijlage onderdeel uitmaakt van deze regeling.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4.</titel></kop><al>De helihaven mag worden gebruikt door helikopters van het type Robinson
                            44 (R44), Eurocopter 120 (EC120) en Eurocopter 135 (EC135).</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5.</titel></kop><al>Het in- en uitvliegen geschiedt, tenzij de vliegveiligheid anders
                            vereist, in de richtingen 18 graden en 193 graden, gerekend vanuit de
                            helikopterlandingsplaats.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6.</titel></kop><al>Landingen dienen naar en vanuit de aiming points Noord en Zuid plaats te
                            vinden. Het noordelijke aiming point wordt gebruikt voor starts in
                            zuidelijke richting en landingen vanuit zuidelijke richting. Het
                            zuidelijk aiming point wordt gebruikt voor starts in noordelijke
                            richting en landingen vanuit noordelijke richting. Vanuit de helispot
                            wordt getaxied naar de aiming point van waaruit de startfase wordt
                            geïnitieerd en vice versa voor de landing. Uitsluitend ten behoeve van
                            de stalling van de helikopter is na de landing “hoveren” naar de
                            stallingslocatie toegestaan.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7.</titel></kop><al>Het gebruik van de helihaven vindt plaats binnen de uniforme
                            daglichtperiode (UDP) als bedoeld in artikel 1 van het
                            Luchtverkeersreglement, echter niet voor 7.00 uur ’s ochtends. De zicht
                            vliegvoorschriften onder de ter plaatse geldende zicht
                            weersomstandigheden worden voorts in acht genomen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8.</titel></kop><al>Het maximale aantal vluchten dat vanaf/op de helihaven wordt uitgevoerd
                            is beperkt tot maximaal 275 vluchten (550 vliegbewegingen) op jaarbasis.
                            De exploitant draagt ervoor zorg dat het jaarlijks gebruik van de
                            luchthaven niet leidt tot een geluidbelasting waarbij de 56 dB(A) Lden
                            geluidcontour buiten de grens van de inrichting op grond van de Wet
                            milieubeheer, waartoe de luchthaven behoort, ligt.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9.</titel></kop><al> Een overschrijding van de in artikel 8 genoemde geluidcontour wordt
                            onverwijld gemeld aan het cluster Handhaving van de Provincie
                            Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10.</titel></kop><al> In geval van overschrijding van de genoemde contour dient een aanvraag
                            voor een luchthavenbesluit te worden ingediend.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 11.</titel></kop><al>De exploitant is verplicht om op eigen kosten alle zaken die behoren tot
                            de inrichting en uitrusting van de helihaven te verwijderen als de
                            inrichting, het gebruik, dan wel het beheer niet langer voldoet aan de
                            vigerende voorschriften en/of de helihaven permanent buiten gebruik is
                            gesteld.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 12.</titel></kop><al>De windrichting wordt door een windzak aangegeven.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 13.</titel></kop><al>Tijdens het starten en landen van de helikopters dienen op of in de
                            onmiddellijke nabijheid van de luchthaven afdoende brandblusmiddelen
                            aanwezig te zijn, voor onmiddellijk gebruik gereed, geschikt voor het
                            blussen van vliegtuigbranden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 14.</titel></kop><al>De exploitant wijst een persoon aan, de beheerder van de helihaven, die
                            verantwoordelijk is voor de toestand en het gebruik van de helihaven. De
                            persoonsgegevens van de beheerder worden gemeld aan het cluster
                            Handhaving van de Provincie Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 15.</titel></kop><al>De beheerder houdt in een register het aantal vliegbewegingen op de
                            helihaven bij. Dit register wordt binnen een maand na afloop van het
                            kalenderjaar aan het cluster Handhaving van de Provincie Limburg
                            gezonden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 16.</titel></kop><al>De beheerder van de helihaven is verplicht om, indien de helihaven door
                            enigerlei omstandigheid gevaarlijk is geworden of zal worden voor het
                            gebruik door hefschroefvliegtuigen, daarvan zo spoedig mogelijk, onder
                            vermelding van bijzonderheden dienaangaande, kennis te geven aan het
                            cluster Handhaving van de Provincie Limburg.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 17.</titel></kop><al>De exploitant dient alle redelijkerwijs mogelijke maatregelen te nemen
                            om te voorkomen dat de overheid dan wel derden schade lijden als gevolg
                            van het gebruik van de helihaven en is voorts gehouden om eventuele
                            schade, die desondanks is ontstaan, te vergoeden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 18.</titel></kop><al>De volgende wijzigingen dienen onverwijld aan het cluster Handhaving van
                            de Provincie Limburg te worden gemeld: wijzigingen van de naam van de
                            beheerder; wijzigingen van of in het landingsterrein of de
                            landingsplaats; wijzigingen in de hindernisvrije in- en
                            uitvliegsectoren.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 19.</titel></kop><al>De artikelen 19, 20, 22 en 23 van de “Regeling veilig gebruik
                            luchthavens en andere terreinen”, zijn van overeenkomstige
                            toepassing.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Afdeling 4 Toezicht</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 4.1 aanwijzing toezichthouders</titel></kop><al>Gedeputeerde staten wijzen ambtenaren aan die zijn belast met het
                            toezicht op de naleving van de bij of krachtens de wet gegeven regels en
                            voorschriften.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Afdeling 5 Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 5.1 citeerbepaling</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening Luchthavens Provincie
                            Limburg”</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5.2 inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de dag na de bekendmaking ervan in
                            het provinciale blad.</al><al>Klik voor de bijlagen van deze regeling op de onderstaande link</al><al><extref doc="http://www.limburg.nl/dsresource?objectid=29878&amp;type=org" struct="INTERNET">Verordening Luchthavens Provincie Limburg</extref></al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Maastricht, 20 december 2013</ondertekening><ondertekening>Provinciale Staten voornoemd drs. Th.J.F.M. Bovens, voorzitter</ondertekening><ondertekening>drs. J.J. Braam, griffier</ondertekening><ondertekening>Uitgegeven, 9 januari 2014</ondertekening><ondertekening>De Griffier, drs. J.J. Braam</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>