<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidop="http://standaarden.overheid.nl/oep/meta/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export1.6--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR83802_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de rekenkamercommissie West Maas en Waal</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">West Maas en Waal</dcterms:creator><dcterms:modified>2011-01-20</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">West Maas en Waal</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Waalkanter, 19-01-2011</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op de rekenkamercommissie West Maas en Waal</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 81oa</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-01-13</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-01-20</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2011/01-13</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de rekenkamercommissie West Maas en Waal</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>voorzitter: voorzitter van de rekenkamercommissie;</al></li><li nr="b."><al>college: college van burgemeester en wethouders;</al></li><li nr="c."><al>rekenkamercommissie: de rekenkamercommissie van de gemeente West
                                    Maas en Waal</al></li><li nr="d."><al>doelmatigheid en efficiëntie: het streven om met een zo beperkt
                                    mogelijke inzet van de beschikbare middelen het gewenste
                                    resultaat te bereiken.</al></li><li nr="e."><al>doeltreffendheid of effectiviteit: de mate waarin een
                                    organisatie erin slaagt met de geleverde prestaties de gestelde
                                    doelen of de gewenste maatschappelijke effecten te
                                    bereiken;</al></li><li nr="f."><al>Rechtmatigheid: de mate waarin het gemeentelijk beleid voldoet
                                    aan de wettelijke kaders en regelgeving.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Instelling en taak rekenkamercommissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er is een rekenkamercommissie belast met de uitoefening van de
                                rekenkamerfunctie als bedoeld in artikel 81o van de
                                Gemeentewet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De rekenkamercommissie onderzoekt de doelmatigheid, de
                                doeltreffendheid en de rechtmatigheid van het door het
                                gemeentebestuur gevoerde bestuur.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een door de rekenkamercommissie ingesteld onderzoek naar de
                                rechtmatigheid van het door het gemeentebestuur gevoerde bestuur
                                bevat geen controle van de jaarrekening als bedoeld in artikel 213
                                van de Gemeentewet, tweede lid.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Samenstelling en benoeming leden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De rekenkamercommissie bestaat uit een externe voorzitter en vier
                                raadsleden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter wordt door de raad benoemd op voorstel van het
                                presidium voor een periode die gelijk is aan de zittingsduur van de
                                raad, met de mogelijkheid van herbenoeming voor maximaal één
                                raadsperiode. Voorafgaand aan het opstellen van het voorstel voert
                                het presidium overleg met de rekenkamercommissie.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het presidium stelt voor de vacature van de voorzitter een
                                profielschets op. De selectie van de voorzitter vindt plaats op
                                grond van een openbare sollicitatieprocedure. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het presidium doet het voorstel als bedoeld in het derde lid
                                vergezeld gaan van een verklaring van de kandidaat bevattende:</al><lijst><li nr="a."><al>de mededeling dat hij/zij de benoeming als lid zal
                                        aanvaarden;</al></li><li nr="b."><al>een overzicht van de openbare betrekkingen die hij/zij
                                        bekleedt.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De raad benoemt uit de kring van raadsleden vier raadsleden, op
                                voordracht van het presidium.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De leden van de rekenkamercommissie die tevens raadslid zijn, worden
                                voor een periode gelijk aan de zittingsduur van de raad aangewezen.
                            </al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De voorzitter wordt bij afwezigheid vervangen door een door de
                                rekenkamercommissie uit haar midden aan te wijzen lid.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>De externe voorzitter legt, voordat hij zijn functie kan uitoefenen,
                                in een vergadering van de raad in handen van de voorzitter van de
                                raad de eed (verklaring en belofte<vet>)</vet> af als bedoeld in
                                artikel 81 g van de Gemeentewet. </al></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>Ten aanzien van de externe voorzitter is artikel 81f, behoudens het
                                eerste lid, onder k en q van de Gemeentewet van overeenkomstige
                                toepassing. </al></lid><lid><lidnr>10.</lidnr><al>Als de voorzitter door de raad wordt ontslagen of op non-actief
                                wordt gesteld, kan de raad voor de tijdelijke vervanging in de
                                functie van voorzitter een van het tiende lid afwijkende voorziening
                                treffen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Ontslag en non-activiteit</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter kan door de raad worden ontslagen of op non-activiteit
                                gesteld als één van de gronden zich voordoet als bedoeld in artikel
                                81c, zesde of zevende lid of van artikel 81d, eerste of tweede lid
                                van de Gemeentewet</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het presidium bericht de raad als één van de gronden voor ontslag
                                respectievelijk non-activiteit als bedoeld in het eerste lid zich
                                voordoet.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In de gevallen als bedoeld in artikel 81c, zevende lid en in artikel
                                81d, tweede lid van de Gemeentewet, adviseert het presidium de raad
                                over de vraag of al dan niet moet worden overgegaan tot ontslag
                                respectievelijk het op non-actief stellen van de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het presidium adviseert de raad tevens omtrent de beslissing tot
                                verlenging of beëindiging van het op non-actief stellen van het
                                desbetreffende lid, als bedoeld in artikel 81d, derde lid van de
                                Gemeentewet.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het lidmaatschap van een raadslid eindigt:</al><lijst><li nr="a."><al>op eigen verzoek;</al></li><li nr="b."><al>indien het lid aftreedt als lid van de raad;</al></li><li nr="c."><al>indien de raad van oordeel is dat het lid niet langer
                                        geschikt is de functie van de rekenkamercommissie te
                                        vervullen.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Verboden handelingen externe voorzitter</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is de externe voorzitter verboden de handelingen te verrichten
                                als bedoeld in artikel 15 van de gemeentewet. De raad kan, gehoord
                                de commissie, de externe voorzitter die gehandeld heeft in strijd
                                met dit verbod van zijn functie ontslaan.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De externe voorzitter is niet werkzaam bij een bedrijf dat
                                opdrachten uitvoert in opdracht van de gemeente of bij een door de
                                gemeente gesubsidieerde instelling, dan wel heeft geen andere
                                nevenbetrekkingen die hun onafhankelijke positie ten aanzien van
                                gemeenten zouden kunnen schaden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De externe voorzitter overlegt aan de raad een lijst met daarin
                                opgenomen de nevenfuncties die hij of zij op dat moment vervult, als
                                ook de veranderingen daarin.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Taken voorzitter</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter draagt zorg voor:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>het tijdig en periodiek bijeenroepen van de
                                rekenkamercommissie;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>het leiden van de vergaderingen;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>het bewaken van de uitgangspunten en werkwijze en het bevorderen van
                                een zorgvuldige besluitvorming;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>een adequate en tijdige informatievoorziening naar de leden en naar
                                externen;</al></lid><lid><lidnr>e.</lidnr><al>het woordvoerderschap voor de rekenkamercommissie (voor inwoners,
                                pers, raad gemeentelijke organisatie en instellingen die onderwerp
                                zijn van onderzoek); </al></lid><lid><lidnr>f.</lidnr><al>het voorbereiden van het jaarverslag over de werkzaamheden van de
                                rekenkamercommissie in het voorafgaande jaar;</al></lid><lid><lidnr>g.</lidnr><al>hoor en wederhoor naar aanleiding van een onderzoeksrapport; </al></lid><lid><lidnr>h.</lidnr><al>de bewaking van de onderzoeksopzet, de voortgang van het onderzoek
                                en de planningen;</al></lid><lid><lidnr>i.</lidnr><al>de voorbereiding van een onderzoeksprotocol waarin wordt vastgelegd
                                wat de visie en werkwijze is van de rekenkamercommissie bij de
                                voorbereiding, uitvoering en publicatie van haar onderzoeken;</al></lid><lid><lidnr>j.</lidnr><al>de inhoudelijke voorbereiding van de offerteaanvragen voor de
                                externe onderzoekers.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter voert hiertoe regelmatig overleg met de onderzoekers
                                en met het secretariaat. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Vergoeding voor werkzaamheden van leden van de commissie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voorzitter ontvangt een vergoeding voor de werkzaamheden
                                        die hij/zij verricht voor de rekenkamercommissie. </al></li><li nr="2."><al>De vergoeding bedraagt, in afwijking van het gestelde in
                                        artikel 26 van de Verordening rechtspositie wethouders,
                                        raads- en commissieleden, twee en een half maal het bedrag
                                        dat de minister van Binnenlandse Zaken en
                                        Koninkrijksrelaties jaarlijks vaststelt ingevolge artikel
                                        14, eerste lid van het Rechtspositiereglement raads- en
                                        commissieleden per:</al><lijst><li nr="a."><al>gezamenlijke vergadering van de rekenkamercommissie en </al></li><li nr="b."><al>een dagdeel dat de externe voorzitter besteedt aan overleg met een
                                externe onderzoeker en in het kader van hoor- en wederhoor naar
                                aanleiding van een onderzoeksrapport; een dagdeel bestaat uit de
                                periode van 4 uren; reistijd komt niet voor vergoeding in aanmerking
                                evenmin als een dagdeel dat voor minder dan een vierde aan
                                vergaderen is besteed.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Daarnaast ontvangt de externe voorzitter op declaratiebasis een
                                tegemoetkoming in de door hem/haar gemaakte reis- en verblijfkosten.
                                De vergoeding betreft:</al><lijst><li nr="a."><al>bij gebruik van openbare middelen van vervoer: een volledige
                                vergoeding van de in redelijkheid gemaakte noodzakelijke
                                reiskosten;</al></li><li nr="b."><al>bij gebruik van een eigen vervoermiddel: een vergoeding van de in
                                redelijkheid gemaakte noodzakelijke reiskosten overeenkomstig de
                                bedragen als genoemd in artikel 4 van de Regeling rechtspositie
                                wethouders;</al></li><li nr="c."><al>de in redelijkheid noodzakelijk gemaakte verblijfskosten ter zake
                                van reizen buiten het grondgebied van de gemeente worden aan de
                                voorzitter overeenkomstig het bepaalde in artikel 4, onderdeel c,
                                van de regeling rechtspositie wethouders.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Aan de raadsleden die lid zijn van de rekenkamercommissie wordt
                                voor de duur van het lidmaatschap van de rekenkamercommissie per
                                jaar een toelage toegekend van 5% van de vergoeding van de
                                werkzaamheden op jaarbasis. Voor de toepassing hiervan stelt de
                                burgemeester de duur van het lidmaatschap van de rekenkamercommissie
                                vast.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Secretaris</titel></kop><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De raad benoemt de secretaris van de rekenkamercommissie.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De secretaris staat de rekenkamercommissie bij de uitvoering van
                                haar taken terzijde.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De secretaris legt rechtstreeks verantwoording af aan de
                                rekenkamercommissie over de wijze waarop de ondersteunende taken
                                worden verricht.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>De secretaris is verantwoordelijk voor:</al><lijst><li nr="a."><al>de agendaplanning in overleg met de voorzitter </al></li><li nr="b."><al>de logistieke voorbereiding van vergaderingen</al></li><li nr="c."><al>de administratieve voorbereiding van vergaderingen in
                                        overleg met de voorzitter </al></li><li nr="d."><al>de verslaglegging van de vergaderingen;</al></li><li nr="e."><al>de vorming van dossiers en het beheer daarvan;</al></li><li nr="f."><al>budgetbeheer</al></li><li nr="g."><al>beheer van het postadres van de rekenkamercommissie</al></li><li nr="h."><al>het bijhouden van de webpagina over de
                                        Rekenkamercommissie</al></li><li nr="i."><al>de logistieke en organisatorische werkzaamheden die
                                        voortvloeien uit de werkzaamheden van de
                                        Rekenkamercommissie</al></li><li nr="j."><al>het (doen) verzorgen van interne en externe correspondentie
                                        en communicatie na overleg met de voorzitter</al></li><li nr="k."><al>het periodiek op de hoogte stellen van de voorzitter van de
                                        lopende zaken (bestaat uit toezenden van raadsstukken,
                                        informatiebronnen enz.)</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Reglement van orde en onderzoeksprotocol</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De rekenkamercommissie stelt een reglement van orde voor haar
                                vergaderingen en andere werkzaamheden vast. Zij zendt het reglement
                                na vaststelling onverwijld ter kennisneming naar de raad.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De rekenkamercommissie stelt een onderzoeksprotocol op voor haar
                                activiteiten op het gebied van onderzoek.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Onderwerpselectie en opdrachtverlening</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De rekenkamercommissie bepaalt de onderwerpen die zij
                                    onderzoekt, formuleert de probleemstelling en stelt de
                                    onderzoeksopzet vast. </al></li><li nr="2."><al>De in het vorige lid bedoelde onderzoeksopzet wordt door de
                                    commissie ter kennisneming aan de raad verstuurd. </al></li><li nr="3."><al>Gemotiveerde verzoeken tot het verrichten van een onderzoek
                                    kunnen gedaan worden door:</al></li><li nr="a."><al>leden van de commissie</al></li><li nr="b."><al>de gemeenteraad</al></li><li nr="c."><al>het college</al></li><li nr="d."><al>inwoners van de gemeente West Maas en Waal.</al></li><li nr="4."><al>De rekenkamercommissie bericht de raad binnen een maand in
                                    hoeverre aan dat verzoek wordt voldaan. Indien de rekenkamercommissie niet aan het
                            verzoek van de raad voldoet, zal zij daarvoor goede gronden
                            aanvoeren.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Werkwijze</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De rekenkamercommissie is belast met en verantwoordelijk voor de
                                    uitvoering, begeleiding en sturing van het onderzoek volgens de
                                    door haar vastgestelde onderzoeksopzet. </al></li><li nr="2."><al>Voor de uitvoering van het onderzoek kan de rekenkamercommissie,
                                    met inachtneming van het beschikbare budget, externe
                                    deskundigheid inschakelen.</al></li><li nr="3."><al>De rekenkamercommissie beoordeelt of het wenselijk is de raad
                                    tussentijds te informeren.</al></li><li nr="4."><al>De rekenkamercommissie is bevoegd bij alle leden van het
                                    gemeentebestuur en bij alle ambtenaren de mondelinge en schriftelijke inlichtingen in te winnen die
                            zij nodig acht voor de uitvoering van de onderzoeken. De leden van het
                            gemeentebestuur en de ambtenaren van de gemeente zijn verplicht de
                            gevraagde inlichtingen binnen de door de rekenkamercommissie gestelde
                            termijn te verstrekken.</al></li></lijst><lijst><li nr="5."><al>De rekenkamercommissie is bevoegd alle documenten die berusten
                                    bij de besturen en/of directies van de hierna genoemde
                                    organisaties te onderzoeken voor zover zij dat ter vervulling
                                    van haar taak nodig acht. Indien de zorg voor een administratie
                                    aan een derde is uitbesteed, is een en ander. van
                                    overeenkomstige toepassing op de administratie van de betrokken
                                    derde dan wel van degene die de administratie in opdracht van
                                    die derde voert. Tevens verstrekken de besturen en/of directies
                                    van de hierna genoemde organisaties desgevraagd alle
                                    inlichtingen die de rekenkamercommissie ter vervulling van haar
                                    taak nodig acht:</al><lijst><li nr="a."><al>openbare lichamen en gemeenschappelijke organen,
                                            ingesteld krachtens de Wet Gemeenschappelijke
                                            regelingen, waaraan de gemeente deelneemt, over de jaren
                                            dat de gemeente deelneemt in deze regeling;</al></li><li nr="b."><al>naamloze vennootschappen en besloten vennootschappen met
                                            beperkte aansprakelijkheid waarvan de gemeente meer dan
                                            50% van het geplaatste aandelenkapitaal houdt, over de
                                            jaren dat de gemeente meer dan 50% van het geplaatste
                                            aandelenkapitaal houdt;</al></li><li nr="c."><al>andere privaatrechtelijke rechtspersonen waaraan de
                                            gemeente of een derde voor rekening en risico van de
                                            gemeente rechtstreeks of middellijk een subsidie, lening
                                            of garantie heeft verstrekt ten bedrage van tenminste
                                            50% van de baten van deze instelling, over de jaren
                                            waarop deze subsidie, lening of garantie betrekking
                                            heeft. </al></li></lijst></li><li nr="6."><al>De rekenkamercommissie vergadert zoveel als zij nodig acht, ter
                                    bespreking van procedurele en inhoudelijke aspecten van het onderzoek.</al></li><li nr="7."><al>De rekenkamercommissie vergadert in beslotenheid, haar rapporten
                                    zijn openbaar. Op grond van de belangen genoemd in artikel 10
                                    van de Wet Openbaarheid van Bestuur kan de rekenkamercommissie
                                    rapporten die aan de raad worden voorgelegd of gedeelten daarvan
                                    als geheim aanmerken.</al></li><li nr="8."><al>De rekenkamercommissie kan openbare informatieve vergaderingen
                                    beleggen. </al></li><li nr="9."><al>De rekenkamercommissie stelt de betrokkenen in de gelegenheid om
                                    binnen een door haar te stellen termijn, die tenminste twee
                                    weken bedraagt, hun zienswijze ten aanzien van de feiten uit het
                                    conceptonderzoeksrapport aan de rekenkamercommissie kenbaar te
                                    maken. Betrokkenen zijn degenen wier taakuitvoering (mede)
                                    voorwerp van onderzoek is of is geweest. De rekenkamercommissie
                                    bepaalt verder wie verder als betrokkenen worden aangemerkt. Na
                                    deze ambtelijke hoor en wederhoor formuleert de
                                    rekenkamercommissie haar conclusies en aanbevelingen in een
                                    nota.</al></li><li nr="10."><al>De rekenkamercommissie stelt het gemeentebestuur in de
                                    gelegenheid om binnen een door haar te stellen termijn die
                                    tenminste twee weken bedraagt, hun zienswijze op het onderzoek
                                    en de nota aan de rekenkamercommissie kenbaar te maken. Naar
                                    aanleiding van de bestuurlijke reactie stelt de
                                    rekenkamercommissie een nawoord op.</al></li><li nr="11."><al>Na vaststelling door de rekenkamercommissie worden het
                                    onderzoeksrapport en de nota met conclusies en aanbevelingen, de
                                    zienswijze van betrokkenen op het rapport en het nawoord van de
                                    rekenkamercommissie zo spoedig mogelijk, onder toezending van
                                    een afschrift aan het college en betrokkenen, aan de raad
                                    aangeboden. De rekenkamercommissie formuleert de aanbevelingen
                                    zo veel mogelijk in de vorm van amendeerbare conceptbesluiten
                                    van de raad.</al></li><li nr="12."><al>De raad bespreekt de onderzoeksresultaten op basis van het
                                    onderzoeksrapport en de nota met conclusies en aanbevelingen. De
                                    gemeenteraad formuleert op basis van deze conclusies en
                                    aanbevelingen een besluit.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Budget</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De rekenkamercommissie is bevoegd binnen een aan haar bij de
                                begroting beschikbaar gesteld budget uitgaven te doen ten behoeve
                                van de uitvoering van haar taken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ten laste van het in het voorgaande lid bedoelde budget worden de
                                kosten gebracht van:</al><lijst><li nr="a."><al>de vergoedingen aan de externe voorzitter;</al></li><li nr="b."><al>de toelage van de raadsleden;</al></li><li nr="c."><al>externe onderzoekers die door de rekenkamercommissie zijn
                                        ingeschakeld;</al></li><li nr="d."><al>de kosten van de secretariële ondersteuning</al></li><li nr="e."><al>eventuele overige uitgaven die de rekenkamercommissie nodig
                                        acht voor de uitoefening van haar taak.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De rekenkamercommissie is voor de besteding van het budget
                                uitsluitend verantwoording verschuldigd aan de raad. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De rekenkamercommissie verantwoordt jegens de raad de baten en
                                lasten van het vorig begrotingsjaar in het jaarverslag als bedoeld
                                in artikel 185, derde lid van de gemeentewet.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Evaluatie</titel></kop><al>De gemeenteraad evalueert het functioneren van de rekenkamercommissie
                            elke twee jaar. Bij de evaluatie toetst de gemeenteraad aan de volgende
                            criteria:</al><lijst><li nr="a."><al>keuze van de onderzoeksonderwerpen en het onderzoeksplan;</al></li><li nr="b."><al>kwaliteit van het onderzoek (zoals leereffecten voor raad en
                                    college);</al></li><li nr="c."><al>communicatie en competenties van de leden van
                                    rekenkamercommissie</al></li><li nr="d."><al>hoogte van het beschikbare onderzoeksbudget.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na de dag
                                    van bekendmaking.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als Verordening op de
                                    rekenkamercommissie West Maas en Waal 2011</al></li></lijst><al/></artikel></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>