<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR83383_1</dcterms:identifier><dcterms:title>verordening op de commissie van onderzoek en rapportage inzake functioneringsgesprekken en herbenoeming burgemeester</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Gouda</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-03-13</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Gouda</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Geen</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>verordening op de commissie van onderzoek en rapportage inzake functioneringsgesprekken en herbenoeming burgemeester</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 61, lid 5</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2001-11-01</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2001-11-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>1.1.9</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Datum ondertekening is bij benadering ingevuld</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>verordening op de commissie van onderzoek en rapportage inzake functioneringsgesprekken en herbenoeming burgemeester</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Gouda</al><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 6 september
                        2001;</al><al>gelet op artikel 61, lid 5 van de Gemeentewet en de “procedureregels
                        herbenoeming burgemeesters”;</al><al/><al>besluit:</al><lijst><li nr="I."><al>bij elke herbenoeming van de burgemeester gebruik te maken van zijn
                                bevoegdheid om zijn gevoelen daaromtrent kenbaar te maken aan de
                                commissaris van de Koningin;</al></li><li nr="II."><al>in te stellen een commissie van onderzoek en rapportage inzake
                                functioneringsgesprekken en herbenoeming burgemeester;</al></li><li nr="III."><al>vast te stellen de navolgende verordening op de commissie van
                                onderzoek en rapportage inzake functioneringsgesprekken en
                                herbenoeming burgemeester.</al></li></lijst></preambule></aanhef><regeling-tekst><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In dit besluit wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>commissaris: de commissaris van de Koningin in de provincie
                                    Zuid-Holland;</al></li><li nr="b."><al>raad: de gemeenteraad van Gouda;</al></li><li nr="c."><al>burgemeester: de burgemeester van Gouda;</al></li><li nr="d."><al>wethouders: de wethouders van de gemeente Gouda</al></li><li nr="e."><al>herbenoeming: benoeming van de burgemeester voor een nieuwe
                                    periode van zes jaar;</al></li><li nr="f."><al>rapportage: de schriftelijke weergave van het gevoelen van de
                                    commissie omtrent het functioneren van de burgemeester;</al></li><li nr="g."><al>commissie: de commissie van onderzoek van onderzoek en
                                    rapportage inzake functioneringsgesprekken en herbenoeming
                                    burgemeester;</al></li><li nr="h."><al>profielschets: de door de raad laatstelijk vastgestelde
                                    profielschets, welke aan de eerste benoeming dan wel een vorige
                                    herbenoeming van de burgemeester is voorafgegaan;</al></li><li nr="i."><al>procedure: de procedureregels herbenoeming burgemeester.</al></li></lijst></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel/></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Samenstelling commissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie bestaat uit de voorzitters van de in de raad
                                vertegenwoordigde fracties en een wethouder. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het lidmaatschap van de commissie is persoonlijk.</al><al> Plaatsvervanging door een ander is niet toegestaan. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De wethouder heeft een adviserende rol. Hij vertegenwoordigt het
                                college en de gemeentesecretaris.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Voorzitter</titel></kop><al>De vertrouwenscommissie kiest uit haar midden een voorzitter en een
                            plaatsvervangend voorzitter. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Secretaris</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De griffier treedt op als secretaris van de commissie. Deze woont
                                elke vergadering van de commissie bij. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De van de commissie uitgaande stukken worden door de voorzitter en
                                de griffier getekend. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De griffier is contactpersoon en ontvangt en bewaart alle stukken en
                                gegevens in kabinet.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>3</nr><titel>taken van de commissie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel/></kop><al>De commissie heeft tot taak om in het kader van de herbenoeming namens
                            de raad de rapportage voor te bereiden, vast te stellen en toe te zenden
                            aan de commissaris.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel/></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Twee respectievelijk vier jaar na (her)benoeming houdt de commissie
                                een functioneringsgesprek met de burgemeester. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de commissie dan wel de burgemeester de wens daartoe kenbaar
                                maakt houdt de commissie tussentijds een functioneringsgesprek met
                                de burgemeester. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie toetst het functioneren van de burgemeester daarbij in
                                elk geval aan de profielschets, de wettelijke taken van de
                                burgemeester, alsmede de andere aan de burgemeester toebedeelde
                                taken, zoals de door hem behartigde portefeuille en
                                vertegenwoordiging van de gemeente in andere (overheids-)lichamen.
                            </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al/><al>De commissie is bevoegd aan de in het derde lid genoemde
                                toetsingscriteria andere elementen toe te voegen.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>4</nr><titel>werkwijze commissie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel/></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergaderingen van de commissie zijn besloten. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie legt in elke vergadering met toepassing van artikel 86
                                van de Gemeentewet geheimhouding op omtrent de inhoud van de stukken
                                en het behandelde tijdens de vergadering. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter ziet erop toe, dat aan het gestelde in het tweede lid
                                2 wordt voldaan. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Noch aan raadsleden, die geen zitting hebben in de commissie, noch
                                aan anderen – behoudens het bepaalde in de artikelen 4, eerste lid 1
                                en 9, vierde lid 4 – wordt inzage of informatie verstrekt omtrent de
                                inhoud van de stukken of het behandelde ter vergadering. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Noch de commissie, noch de gemeenteraad zal de geheimhouding,
                                waartoe het tweede lid 2 verplicht, opheffen. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De geheimhoudingsplicht blijft na ontbinding van de commissie van
                                kracht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel/></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie vergadert zo dikwijls als de voorzitter of tenminste
                                drie leden dit noodzakelijk achten. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter bepaalt dag, uur en plaats van de vergadering. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie vergadert niet als niet tenminste de helft van het
                                aantal fractievoorzitters aanwezig is en zij tezamen meer dan de
                                helft van de raadsleden vertegenwoordigen. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De commissie besluit bij meerderheid van stemmen. Voor de bepaling
                                van de stemuitslag geldt, dat ieder lid evenveel stemmen uitbrengt
                                als de door dit lid vertegenwoordigde fractie zitting hebbende leden
                                in de gemeenteraad telt. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel/></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Alvorens met de voorbereiding van de rapportage te starten stelt de
                                commissie daartoe een plan van aanpak vast. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Dit plan van aanpak bevat in elk geval:</al><lijst><li nr="a."><al>een overzicht van de door de commissie in het onderzoek te
                                        betrekken stukken;</al></li><li nr="b."><al>een overzicht van de personen, die de commissie wenst te
                                        spreken, waaronder in ieder geval de wethouders en de
                                        gemeentesecretaris;</al></li><li nr="c."><al>een tijdsplanning. </al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de commissie gebruik maakt van haar bevoegdheid, bedoeld in
                                artikel 6, vierde lid 4, wordt dat in het plan van aanpak vermeld,
                                met specificatie van de door de commissie toegevoegde
                                toetsingselementen. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het plan van aanpak wordt na vaststelling en voor aanvang van het
                                onderzoek ter kennis gebracht van de burgemeester. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Rapportage</titel></kop><al/><al>Met in achtneming van het bepaalde in artikel 6 bevat de rapportage
                            voorts tenminste:</al><lijst><li nr="a."><al>een weergave van de wijze waarop de commissie haar onderzoek
                                    heeft verricht (plan van aanpak);</al></li><li nr="b."><al>een weergave van de voorlopige conclusies van de commissie;</al></li><li nr="c."><al>het verslag van het gesprek met de burgemeester over de
                                    conceptrapportage;</al></li><li nr="d."><al>de eindconclusie van de commissie;</al></li><li nr="e."><al>een uitspraak van de commissie of zij de rapportage op eigen
                                    verzoek bij de commissaris mondeling wenst toe te lichten.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Vernietiging stukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Nadat de beslissing omtrent de herbenoeming van de burgemeester ter
                                kennis is gebracht van de raad, dragen de voorzitter en griffier er
                                zorg voor, dat alle archiefbescheiden die de commissie zelf heeft
                                opgemaakt, op last van burgemeester en wethouders onverwijld in een
                                verzegelde enveloppe en gerubriceerd als “ geheim” worden
                                overgebracht naar de krachtens de wet door de raad aangewezen
                                archiefbewaarplaats. Zij dragen er eveneens zorg voor, dat
                                uitvoering wordt gegeven aan het bepaalde in de volgende leden van
                                dit artikel. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Van de in het eerste lid bedoelde overbrenging wordt een verklaring
                                van overbrenging als bedoeld in artikel 9 van het Archiefbesluit
                                1995 opgemaakt. In deze verklaring wordt melding gemaakt van de met
                                toepassing van artikel 15, eerste lid 1, sub a en c, van de
                                Archiefwet 1995 gestelde beperkingen aan de openbaarheid, geldende
                                voor een periode van 75 jaar. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Originele bescheiden die de commissie van derden heeft ontvangen
                                worden onmiddellijk aan dezen teruggezonden. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Alle overige bescheiden van de commissie en alle kopieën van de in
                                dit artikel bedoelde bescheiden worden onmiddellijk vernietigd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Slotbepaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al/><al>In alle gevallen waarin deze verordening niet voorziet beslist de
                                commissie. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De besluiten onder I, II en III treden in werking met ingang van 1
                                november 2001.</al></lid></artikel></paragraaf></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van </ondertekening><ondertekening>De raad der gemeente voornoemd,</ondertekening><ondertekening> , voorzitter</ondertekening><ondertekening> , griffier</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Eerste wijziging vastgesteld in de openbare vergadering van 14 oktober 2009. </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Tweede wijziging vastgesteld in de openbare vergadering van 10 februari
                        2010.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd, </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>W.M. Cornelis, voorzitter </ondertekening><ondertekening/><ondertekening>mw. drs B. Lubbers, griffier </ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><al>Toelichting, behorende bij de verordening op de commissie van onderzoek en
                    rapportage inzake functioneringsgesprekken en herbenoeming burgemeester</al><al/><tussenkop>Algemene toelichting</tussenkop><al>Deze verordening is gebaseerd op de door de minister van BZK vastgestelde
                    “Procedureregels herbenoeming burgemeesters”. Deze zijn bepalend voor de te
                    volgen procedure; de verordening dient als nadere uitwerking/aanvulling
                    daarop.</al><al>De verordening is opgesteld naar analogie van de in 2001 door de raad
                    vastgestelde verordening op de Vertrouwenscommissie inzake de benoeming van een
                    nieuwe burgemeester.</al><al/><tussenkop>Artikelsgewijze toelichting</tussenkop><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Samenstelling commissie</titel></kop><al>Dit artikel is gebaseerd op het gelijksoortige artikel uit de Verordening op
                        de vertrouwenscommissie uit 2001. Door het ontbreken van een regeling ter
                        zake is in veel gemeenten discussie over de rol van wethouders en de
                        secretaris bij (her)benoemingen. Aangezien de Minister van Binnenlandse
                        Zaken een einde wil maken aan de onduidelijkheid over de rol van het college
                        van B en W bij (her)benoeming van de burgemeester heeft zij kenbaar gemaakt
                        dat bij wet zal worden vastgelegd dat een wethouder als vertegenwoordiger
                        van het college lid wordt van de vertrouwenscommissie. Deze wethouder krijgt
                        een adviserende rol en vertegenwoordigt de gemeentesecretaris. Anticiperend
                        is aangesloten bij de komende wettelijke regeling.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Voorzitter</titel></kop><al>De keuze van een (plaatsvervangend) voorzitter dient op basis van
                        geschiktheid plaats te vinden. Het kan wenselijk zijn om iemand te benoemen
                        die “politiek neutraal” is.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Secretaris</titel></kop><al>Na de vaststelling van de verordening op de vertrouwenscommissie in 2001 is
                        het dualisme ingevoerd. In de lijn hiermee is nu de griffier aangewezen als
                        secretaris van de commissie. Deze fungeert tevens als contactpersoon. De
                        secretaris van de commissie heeft een administratieve en logistiek
                        ondersteunende rol. De commissie kan besluiten ook met de de griffier te
                        spreken conform artikel 9 lid 2b. Uiteraard heeft degriffier, evenals allen
                        die bij het onderzoek betrokken zijn, een strikte geheimhoudingsplicht.
                        E.e.a. is geregeld in artikel 7.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel/></kop><al>In deze artikelen zijn de taken van de commissie omschreven. Alleen op
                        uitnodiging van de vertrouwenscommissie wonen adviseurs vergaderingen bij.
                        Dit zijn nimmer vergaderingen waarin functioneringsgesprekken worden
                        gehouden.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel/></kop><al>In dit artikel zijn de aspecten waaraan de commissie het functioneren van de
                        burgemeester ten minste moet toetsen omschreven. Het staat de commissie vrij
                        daar andere elementen aan toe te voegen.</al><al>Tevens regelt dit artikel de frequentie waarmee de gesprekken in beginsel
                        worden gevoerd. Indien daartoe aanleiding is (wens van de commissie dan wel
                        wens van de burgemeester) kan van de gekozen frequentie worden
                        afgeweken.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel/></kop><al>Conform het gestelde in de circulaire van de Commissaris van de Koningin
                        d.d. 11 maart 1996, kenmerk 8115, zijn in dit artikel bepalingen opgenomen
                        m.b.t. volstrekte geheimhouding. E.e.a. spreekt voor zich.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel/></kop><al>Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel/></kop><al>Voor een goede gang van zaken is het nodig om een plan van aanpak vast te
                        stellen, dat vooraf aan de burgemeester kenbaar wordt gemaakt. Zoals elke te
                        beoordelen functionaris heeft deze immers het recht om te weten op welke
                        wijze “de beoordeling” plaats vindt.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Rapportage</titel></kop><al>Dit artikel beschrijft wat in elk geval in de rapportage dient te staan. De
                        opsommissing is niet limitatief.</al><al>Het artikel voorziet er tevens in, dat de commissie een uitspraak moet doen
                        over de vraag of zij gebruik maakt van haar facultatieve bevoegdheid om de
                        rapportage mondeling toe te lichten bij de commissaris van de Koningin.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Vernietiging stukken</titel></kop><al>Dit artikel regelt de archivering en vernietiging van stukken conform de
                        bepalingen van de Archiefwet 1995 en het Archiefbesluit 1995.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Slotbepaling</titel></kop><al>Dit artikel behoeft geen nadere toelichting.</al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>