<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR82809_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Regiofonds Hoeksche Waard</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Cromstrijen</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-04-09</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Cromstrijen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Het Kompas, 29 januari 2011</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Regiofonds Hoeksche Waard</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, artikel 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-12-14</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-12-15</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2010-12-15</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>1011745</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule> Verordening Regiofonds Hoeksche Waard</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De gemeenten Binnenmaas, Oud Beijerland, Cromstrijen, Korendijk en Strijen
                        komen, als uitwerking van artikel 27, lid 5 van de gemeenschappelijke
                        regeling Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard, het navolgende overeen: </al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>- Definities</titel></kop><al>De gedefinieerde begrippen worden met
                        <onderstreept>H</onderstreept>oofdletter weergegeven in de tekst en, zonder
                        afbreuk te doen aan de betekenis, in enkelvoud en meervoud gebruikt.</al><al><cursief>a.</cursief><cursief> Gemeenschappelijke regeling: </cursief></al><al> De Gemeenschappelijke Regeling Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard in
                        werking getreden op 1 mei2010.</al><al><cursief>b.</cursief><cursief> Projecten: </cursief></al><al> In de regionale Structuurvisie en het (geactualiseerde)
                        Uitvoeringsprogramma opgenomen Projecten aangaande ondermeer stedelijke
                        (her-)ontwikkeling (rode Projecten), infrastructuur (grijze Projecten),
                        natuurontwikkeling (groene Projecten) en water (blauwe Projecten).</al><al><cursief>c.</cursief><cursief> Regiofonds: </cursief></al><al> Een door het Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard te beheren fonds dat wordt
                        gefinancierd uit Vaste, Variabele en Incidentele bijdragen (zie hiervoor lid
                        f,g en h van dit artikel) van de in de aanhef genoemde gemeenten en waaruit
                        bestedingen worden gedaan ten behoeve van de in het (geactualiseerde)
                        Uitvoeringsprogramma opgenomen Projecten. </al><al><cursief>d.</cursief><cursief> Structuurvisie: </cursief></al><al> De door de gemeenteraden van de in de aanhef genoemde gemeenten
                        vastgestelde Structuurvisie Hoeksche Waard. </al><al><cursief>e.</cursief><cursief> Uitvoeringsprogramma: </cursief></al><al> Het Uitvoeringsprogramma behorende bij de regionale Structuurvisie Hoeksche
                        Waard waarin de Projecten zijn opgenomen die (mede) uit het Regiofonds
                        worden gefinancierd.</al><al><cursief>f.</cursief><cursief> Vaste bijdrage: </cursief></al><al> Een periodieke bijdrage aan het Regiofonds door de in de aanhef genoemde
                        gemeenten die is gerelateerd aan het inwonertal van de desbetreffende
                        gemeenten en die in hoofdzaak bestemd is voor <cursief>beheer en
                            onderhoud</cursief> van de in het Uitvoeringsprogramma opgenomen
                        Projecten. </al><al><cursief>g.</cursief><cursief> Variabele bijdrage: </cursief></al><al> Aan rode ontwikkelingen gerelateerde bijdragen aan het Regiofonds door de
                        in de aanhef genoemde gemeenten die zijn bestemd voor de kosten die direct
                        en indirect (niet direct toe te rekenen, maar wel oorzakelijk nodig voor de
                        realisatie) zijn verbonden aan de <cursief>realisatie (aanleg)</cursief> van
                        de in het (geactualiseerde) Uitvoeringsprogramma opgenomen Projecten.</al><al>h.<cursief>Incidentele bijdrage</cursief></al><al>h. Een bijdrage aan het Regiofonds, niet zijnde de Variabele of Vaste
                        bijdrage (zie hiervoor lid f en g van dit artikel), die bestemd is voor
                        kosten (zowel beheer en onderhoud als realisatie) die verbonden zijn aan de
                        in het (geactualiseerde) Uitvoeringsprogramma opgenomen Projecten.</al><al><cursief>i.</cursief><cursief> Verrekenrisico</cursief></al><al> Het risico dat bijdragen door gemeenten niet geïncasseerd (verhaald) kunnen
                        worden, welk risico in aftrek mag worden gebracht op de verschuldigde
                        bijdrage en welk risico een maal per jaar wordt herzien.</al><al> Voorbeeld: Bij een verrekenrisico van 20 % bij bedrijventerreinen dient bij
                        uitgifte van 10 hectare netto bedrijventerrein over 8 hectare afgerekend te
                        worden. Bij woningbouw dient bij een verrekenpercentage van 50%, over de
                        helft van het aantal m2 woonkavels, binnen een voor woningbouw bestemd
                        plangebied, afgerekend te worden. </al><al><cursief>j.</cursief><cursief> Gestapelde bouw: </cursief></al><al> Woningen die bestaan uit meer dan èèn woonlaag</al><al><cursief>k.</cursief><cursief> Vervangingswoning: </cursief></al><al> Nieuwe (te bouwen) woning ter vervanging van een af te breken bestaande
                        woning. </al><al><cursief>l. </cursief><cursief> Vervangende kassenbouw </cursief></al><al>Nieuwe (te bouwen) kassen ter vervanging van af te breken kassen; al dan
                        niet in het kader van sanering van verspreid liggende kassen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>- Verplichtingen gemeenten en bevoegdheden Samenwerkingsorgaan
                            Hoeksche Waard</titel></kop><lid><lidnr>2.1.</lidnr><al>Doel van deze verordening is om vast te leggen dat:</al><lijst><li nr="a."><al>de gemeenten een door het Samenwerkingsorgaan te beheren
                                    “Regiofonds” oprichten;</al></li><li nr="b."><al>de gemeenten het Regiofonds financieren door een jaarlijkse aan
                                    het inwoneraantal gerelateerde Vaste bijdrage enerzijds en een
                                    Variabele bijdrage op basis van rode ontwikkelingen in de
                                    betreffende gemeente (vanaf 1-1-2011 bij het verlenen van één of
                                    meer bouwvergunningen(en) voor de 1<sup>e</sup> fase van het
                                    regionale bedrijventerrein en vanaf 1-1-2015 bij het verlenen
                                    van één of meer bouwvergunningen(en) voor overige rode
                                    ontwikkelingen), anderzijds. Daarnaast is er de mogelijkheid om
                                    een Incidentele bijdrage te doen.</al></li><li nr="c."><al>het Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard bevoegd is tot het innen
                                    van de Vaste, Variabele en Incidentele bijdragen en het beheren
                                    van het Regiofonds, een en ander met achtneming van het in deze
                                    verordening bepaalde.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>– Samenhang Regiofonds en Structuurvisie Hoeksche Waard</titel></kop><lid><lidnr>3.1.</lidnr><al>De gemeenteraden van de gemeenten hebben in juli 2009 de Structuurvisie
                            Hoeksche Waard vastgesteld. In deze Structuurvisie is de samenhang
                            (causaliteit, toerekenbaarheid en proportionaliteit) tussen de Projecten
                            weergegeven.</al></lid><lid><lidnr>3.2.</lidnr><al>Bij de Structuurvisie behoort een jaarlijks te actualiseren
                            Uitvoeringsprogamma. In dit (geactualiseerde) Uitvoeringsprogramma is de
                            in artikel 3.1 bedoelde samenhang tot uiting gebracht doordat daarin is
                            aangegeven op welke wijze de ten laste van de rode ontwikkelingen
                            verschuldigde bijdragen, zullen worden aangewend.</al></lid><lid><lidnr>3.3.</lidnr><al>Het Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard zal slechts bestedingen ten laste
                            van het Regiofonds brengen indien deze worden aangewend voor Projecten
                            die zijn opgenomen in het (geactualiseerde) Uitvoeringsprogramma.</al></lid><lid><lidnr>3.4</lidnr><al>Indien de gemeenteraden van de gemeenten een besluit nemen tot
                            wijziging van de Structuurvisie Hoeksche Waard is de gewijzigde versie
                            van de Structuurvisie vanaf het moment van vaststelling van
                            toepassing</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>- Verschuldigde fondsbijdragen</titel></kop><lijst><li nr="4.1."><al>De gemeenten zijn, in acht genomen het in deze verordening bepaalde,
                                verplicht om bij te dragen aan de aanleg, het beheer en onderhoud
                                van de Projecten die zijn benoemd in het (geactualiseerde)
                                Uitvoeringsprogramma.</al></li><li nr="4.2."><al>De gemeenten zijn in verband met het in artikel 4.1. bepaalde
                                verplicht tot het voldoen van een jaarlijkse Vaste bijdrage aan het
                                Regiofonds van in aanvang € 2,28 per inwoner (2010), welk inwonertal
                                zal worden bepaald op 1 januari van elk nieuwe kalenderjaar (CBS
                                gegevens van februari van het betreffende jaar). De Vaste bijdrage
                                wordt voor het eerst voldaan per 1-3-2011. De bijdrage wordt
                                jaarlijks door het Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard vastgesteld.
                                Voornoemde Vaste bijdrage dient primair voor beheer en onderhoud van
                                de in het (geactualiseerde) Uitvoeringsprogramma genoemde Projecten.
                                Indien na aftrek van de kosten van beheer en onderhoud een overschot
                                resteert, zal dit worden gereserveerd of worden aangewend voor de
                                directe en indirecte aan de realisatie (aanleg) van de in het
                                (geactualiseerde) Uitvoeringsprogramma genoemde Projecten verbonden
                                kosten.</al></li><li nr="4.3."><al>De gemeenten zijn verplicht om, in verband met het in artikel 4.1
                                bepaalde, om vanaf 1-1-2011 voor de 1<sup>e</sup> fase van het
                                regionale bedrijventerrein en vanaf 1-1-2015 voor de overige in
                                onderstaande tabel 1 benoemde rode ontwikkelingen, bij het verlenen
                                van bouwvergunningen, een in tabel 1 weergegeven Variabele bijdrage
                                te voldoen aan het Regiofonds.</al></li></lijst><al> Tabel 1</al><table><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="52*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="30*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="18*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al><vet>Onderdeel </vet><vet>(rode ontwikkeling)</vet></al></entry><entry colname="col2"><al><vet>Eenheid</vet><vet> (waarover de bijdrage wordt
                                                berekend)</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>Bijdrage</vet> per eenheid</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1.Woningbouw (migratiesaldo 0 en extra woningen t.b.v.
                                            bovenregionale opgaven)</al></entry><entry colname="col2"><al>m² bouwkavel (met een maximum van 500m2 per bouwkavel of
                                            per woonlaag bij gestapelde bouw)</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 5,--</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>2.Ontwikkeling van lokale bedrijventerreinen</al></entry><entry colname="col2"><al>m² uitgeefbaar terrein</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 5,--</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>3.Ontwikkeling van het regionale bedrijventerrein</al></entry><entry colname="col2"><al>m² uitgeefbaar terrein</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 10,--</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>4.Kassenbouw<sup>1</sup></al></entry><entry colname="col2"><al>m² netto glasoppervlak</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 5,--</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>5.Bouw van recreatiewoningen</al></entry><entry colname="col2"><al>woning</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 1.000,--</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>6.Bouw van windmolens</al></entry><entry colname="col2"><al>megawatt (met een minimum 0,5 MW)</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 15.000,--</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>7.Realiseren van UMTS masten / hoogspanningsmasten</al></entry><entry colname="col2"><al>mast </al></entry><entry colname="col3"><al>€ 1.000,--</al></entry></row></tbody></tgroup></table><lijst><li nr="4.4."><al>Voor de rode ontwikkeling uit Tabel 1 onder 1 (woningbouw) geldt een
                                Verrekenrisico van 50%. Voor de categorie onder 2 (locale
                                bedrijventerreinen) geldt een Verrekenrisico van 20%. Voor de
                                categorie onder 3 (het regionaal bedrijventerrein) en de overige
                                categorieën geldt geen Verrekenrisico. Het Verrekenrisico wordt
                                jaarlijks geïndexeerd en herzien indien op basis van actuele cijfers
                                blijkt dat aanpassing gewenst is. Actualisatie dient plaats te
                                vinden met inachtneming van artikel 27 lid 6 van de
                                Gemeenschappelijke regeling.</al></li><li nr="4.5"><al>De gemeenten zijn verplicht het Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard
                                tijdig doch uiterlijk binnen 3 maanden te informeren omtrent
                                besluiten (waaronder besluiten tot planologische medewerking en tot
                                het aangaan van contracten) die kunnen leiden tot afgifte van
                                bouwvergunningen van een in tabel 1 weergegeven rode
                                ontwikkeling.</al></li><li nr="4.6."><al>De gemeenten verplichten zich jegens elkaar en het
                                Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard voorts om zich er voor in te
                                spannen dat de binnen hun grondgebied voorziene rode ontwikkelingen
                                uitgevoerd (kunnen) worden. Afstemming vindt plaats binnen het
                                Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard.</al></li><li nr="4.7."><al>In de Bijlage van deze Verordening is een overzicht opgenomen van
                                rode Projecten waarvoor vrijstelling is verleend van de verplichting
                                als bedoeld in artikel 4.3. en 5.2 bij het van kracht worden van
                                deze Verordening.</al></li><li nr="4.8."><al>Voor rode Projecten die niet zijn opgenomen in de bijlage als
                                bedoeld in artikel 4.7. doch waarvoor heeft te gelden dat er
                                inmiddels zodanige verplichtingen zijn aangegaan resp. zodanige
                                besluiten zijn genomen dat kostenverhaal na inwerkingtreding van
                                deze verordening is uitgesloten en gemeentelijk kosten ontstaan
                                waarvoor het verrekenrisico niet afdoende is, kan door het
                                Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard vrijstelling (c.q. vermindering)
                                worden verleend van de verplichting als bedoeld in artikel 4.3. en
                                5.2</al><al> Aan deze vrijstelling kunnen geen rechten worden ontleend ten
                                aanzien van verplichtingen die voortkomen uit beleid van hogere
                                overheden. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>- Afdragen en innen van bijdragen</titel></kop><lid><lidnr>5.1</lidnr><al>De gemeenten verplichten zich jegens elkaar en het Samenwerkingsorgaan
                            Hoeksche Waard om de Vaste bijdrage als bedoeld in artikel 4.2 te
                            voldoen binnen twee weken nadat een verzoek tot betaling door het
                            Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard is verzonden. Het Samenwerkingsorgaan
                            Hoeksche Waard zal de gemeenten een verzoek tot betaling doen binnen
                            twee maanden na de start van een nieuw kalenderjaar.</al></lid><lid><lidnr>5.2.</lidnr><al>De gemeenten verplichten zich jegens elkaar en het Samenwerkingsorgaan
                            Hoeksche Waard om de Variabele bijdrage als bedoeld in artikel 4.3. te
                            voldoen binnen vier weken nadat een bouwvergunning is verleend voor het
                            in tabel 1 voorziene gebruik. Deze plicht geldt niet indien er
                            ontheffing is verleend als bedoeld in artikel 4.7.</al></lid><lid><lidnr>5.3.</lidnr><al>Het Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard is bevoegd en gerechtigd tot het
                            innen en incasseren van de verschuldigde bijdragen bij en van de
                            gemeenten.</al></lid><lid><lidnr>5.4</lidnr><al>Een gemeente is gerechtigd tot het terugvorderen van de Variabele
                            bijdrage indien een bouwvergunning wordt ingetrokken of vernietigd
                            tijdens bezwaar en beroep.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>– Uitgaven uit het Regiofonds en Uitvoeringsprogramma</titel></kop><lid><lidnr>6.1</lidnr><al>De Vaste en Variabele bijdrage als bedoeld in de artikelen 4.2. en
                            4.3. kunnen slechts worden aangewend voor bestedingen die staan vermeld
                            in het vigerende (geactualiseerde) Uitvoeringsprogramma. Hierbij geldt
                            ten aanzien van de wijze van aanwending dat:</al><lijst><li nr="a."><al>de Vaste bijdrage als bedoeld in artikel 4.2 in eerste instantie
                                    zal worden aangewend</al><al> voor de kosten van beheer en onderhoud die zijn verbonden aan
                                    de in het </al><al> (geactualiseerde) Uitvoeringsprogramma genoemde Projecten.
                                    Indien na voornoemde </al><al> uitgaven middelen resteren, kunnen de resterende middelen
                                    aangewend worden voor </al><al> de kosten genoemd onder sub b van dit artikellid.</al></li><li nr="b."><al>de Variabele bijdragen als bedoeld in artikel 4.3. slechts
                                    aangewend zullen worden</al><al> voor de kosten die direct of indirect verbonden zijn aan de
                                    realisatie (aanleg) van de in </al><al> het Uitvoeringsprogramma genoemde Projecten. </al></li><li nr="c."><al>de Incidentele bijdragen aangewend worden voor kosten die direct
                                    of indirect verbonden zijn met zowel het beheer en onderhoud
                                    alsook de realisatie van de in het Uitvoeringsprogramma genoemde
                                    Projecten</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>6.2.</lidnr><al>Het bij de Structuurvisie Hoeksche Waard behorende Uitvoeringsprogramma
                            wordt jaarlijks geactualiseerd (prioritering Projecten, toevoegen
                            Projecten binnen de kaders van de Structuurvisie, actualisatie kosten
                            e.d.). Een voorstel voor actualisatie wordt opgesteld door het
                            Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard en ter besluitvorming voorgelegd aan
                            de gemeenteraden van de in de aanhef genoemde gemeenten.</al></lid><lid><lidnr>6.3.</lidnr><al>Het Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard draagt zorg en is
                            verantwoordelijk voor de realisatie van het Uitvoeringsprogamma.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>- Beheer Regiofonds</titel></kop><lid><lidnr>7.1 .</lidnr><al>De verschuldigde en ontvangen bijdragen worden geïnd door en komen
                            toe aan het Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard, en worden separaat
                            geadministreerd ten behoeve van het Regiofonds.</al></lid><lid><lidnr>7.2.</lidnr><al>Het beheer van het Regiofonds geschiedt door het Samenwerkingsorgaan
                            Hoeksche Waard. Dit beheer omvat onder meer:</al><lijst><li nr="a."><al>besluiten tot het innen van bijdragen;</al></li><li nr="b."><al>besluiten dat geen bijdrage is verschuldigd op grond van het
                                    bepaalde in artikel 4.8;</al></li><li nr="c."><al>het doen van voorstellen voor - door de gemeenteraden goed te
                                    keuren - actualisatie</al><al> van het Uitvoeringsprogramma;</al></li><li nr="d."><al>besluiten tot het doen van uitgaven ten laste van het
                                    Regiofonds;</al></li><li nr="e."><al>besluiten tot het aanhangig maken van een geschil als bedoeld in
                                    artikel 10</al><al> (waaronder het namens het Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard
                                    voeren van een rechtsgeding).</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>7.3.</lidnr><al>De kosten van het beheer van het Regiofonds worden voldaan uit de door
                            de gemeenten betaalde vergoeding als bedoeld in artikel 32 van de
                            Gemeenschappelijke Regeling.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>- Rekening</titel></kop><lid><lidnr>8.</lidnr><al>1 Van de inkomsten en uitgaven van en uit het Regiofonds wordt door het
                            Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard over elk kalenderjaar verantwoording
                            afgelegd aan de gemeenten onder overlegging van de rekening met de
                            daarbij behorende bescheiden.</al></lid><lid><lidnr>8.2.</lidnr><al>Het Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard biedt deze rekening, met
                            toevoeging van een verslag van een onderzoek naar de deugdelijkheid van
                            de rekening, ingesteld door de overeenkomstige artikelen 212 en 213 van
                            de Gemeentewet aangewezen accountant(s), alsmede hetgeen het
                            Samenwerkingsorgaan voor haar verantwoordelijkheid dienstig acht, ter
                            vaststelling aan de gemeenten aan. </al></lid><lid><lidnr>8.3.</lidnr><al>De rekening en de toelichting daarop wordt gelijktijdig met de
                            aanbieding aan de gemeenten aan de raden van de deelnemende gemeenten
                            gezonden.</al></lid><lid><lidnr>8.4.</lidnr><al>De gemeenten onderzoeken de rekening zonder uitstel en stellen haar vast
                            voor 1 juli volgend op het jaar waarop deze betrekking heeft.</al></lid><lid><lidnr>8.5.</lidnr><al>De vaststelling van de rekening strekt het Samenwerkingsorgaan Hoeksche
                            Waard tot decharge, behoudens later in rechte gebleken valsheid in
                            geschrifte of andere onregelmatigheden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>- Uittreden van één of meer gemeenten uit de Gemeenschappelijk
                            regeling</titel></kop><lid><lidnr>9.1.</lidnr><al>Indien een of meer van de in de aanhef genoemde gemeenten uit de
                            Gemeenschappelijke regeling Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard treden,
                            blijven de rechten en verplichtingen voortvloeiende uit deze verordening
                            onverkort bestaan.</al></lid><lid><lidnr>9.2.</lidnr><al>Na uittreding van een gemeente zullen de gemeenten afspraken maken
                            omtrent de betrokkenheid van de uittredende gemeente bij de
                            besluitvorming van de besluiten die krachtens deze verordening tot de
                            bevoegdheid van het Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard behoren. De
                            uitgetreden gemeente is na uittreding uit de Gemeenschappelijke Regeling
                            aan het Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard een nader overeen te komen
                            kostendekkende vergoeding verschuldigd voor het beheer van het
                            Regiofonds.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>– Geschillen</titel></kop><al>10.1.Ten aanzien van geschillen over toepassing van de regeling geldt het
                        bepaalde in artikel 43 van de gemeenschappelijke regeling.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>– Inwerkingtreding, looptijd en herziening</titel></kop><lid><lidnr>11.1.</lidnr><al>Deze verordening of herziening hiervan treedt in werking na vaststelling
                            door alle gemeenteraden van in de aanhef genoemde gemeenten</al></lid><lid><lidnr>11.2.</lidnr><al>Deze verordening heeft na inwerkingtreding een looptijd overeenkomstig
                            de Structuurvisie (tot 2030) en zal worden herzien indien wettelijke
                            ontwikkelingen of beleidswijzigingen hiertoe aanleiding geven.</al></lid></artikel></regeling-tekst><nota-toelichting><al><vet>Nota van Toelichting op de Verordening Regiofonds Hoeksche
                    Waard</vet></al><al><vet><cursief>Inleiding</cursief></vet></al><al>Deze verordening tot het oprichten en in stand houden van het Regiofonds
                    Hoeksche Waard regelt de wijze waarop de samenwerkende gemeenten bijdragen
                    aan (ruimtelijke) ontwikkelingen op regionaal niveau. De verordening regelt
                    de verhouding tussen de deelnemende gemeenten en bindt hen jegens elkaar en
                    jegens de gemeenschappelijke regeling Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard. De
                    basis voor de bijdrage wordt gevormd door de Structuurvisie Hoeksche Waard
                    en het daarbij behorende uitvoeringsprogramma. </al><al>Uitgangspunt van de verordening is dat de onderscheiden gemeenten een vaste
                    bijdrage (naar inwoneraantal) en een variabele bijdrage (gekoppeld aan nader
                    in deze verordening omschreven rode ontwikkelingen) afdragen aan een
                    gezamenlijk fonds. Het fonds wordt in deze verordening vorm gegeven en zal
                    worden beheerd door de het Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard.</al><al><vet><cursief>Vaste en variabele bijdrage</cursief></vet></al><al>De verordening regelt dat de vaste bijdrage in eerste aanleg zal worden
                    ingezet voor activiteiten op het gebied van beheer en onderhoud. De
                    variabele bijdrage zal met name worden aangewend voor activiteiten die
                    samenhangen met de aanleg van de in het uitvoeringsprogramma opgenomen
                    projecten. Dit laatste hangt samen met de juridische basis voor deze
                    (variabele) bijdrage. Deze juridische basis ligt in de (nieuwe) Wet
                    ruimtelijke ordening. Deze wet voorziet niet in het (gebonden) verhaal van
                    kosten voor beheer en onderhoud. In het fonds kunnen door de gemeenten ook
                    incidentele bijdragen worden gestort.</al><al><vet><cursief>Vrijwillig kostenverhaal</cursief></vet></al><al>De Wro schept enerzijds de mogelijkheid om op vrijwillige basis in het kader
                    van gebieds- en opstalontwikkeling te contracteren (de anterieure
                    overeenkomst) over een financiële bijdrage aan “ruimtelijke ontwikkelingen”;
                    hierna het vrijwillig kostenverhaal. Daarbij kan gedacht worden aan de
                    ontwikkeling van natuur, recreatie, waterberging, infrastructuur en
                    culturele voorzieningen. Het kan daarbij gaan om ruimtelijke ontwikkelingen
                    buiten het exploitatiegebied en ontwikkelingen buiten de gemeentegrenzen.
                    Randvoorwaardelijk voor het kunnen vragen van een bijdrage is dat de
                    samenhang tussen de ontwikkelingen tot uiting komt in een structuurvisie. In
                    de memorie van toelichting overweegt de minister: “<cursief>De Provincie of
                        gemeente moet de koppeling van de rode ontwikkeling en de financiering
                        en realisatie van de maatschappelijke functie in zijn ruimtelijk beleid
                        onderbouwen</cursief>.”</al><al><vet><cursief>Gebonden kostenverhaal</cursief></vet></al><al>Anderzijds schept de Wro de mogelijkheid om over de band van een
                    exploitatieplan bijdragen te innen van de houder van een bouwvergunning en
                    of diegenen die na de totstandkoming van een exploitatieplan besluiten
                    alsnog te contracteren (de posterieure overeenkomst); hierna het gebonden
                    kostenverhaal. Binnen dit spoor van gebonden kostenverhaal bestaat minder
                    ruimte voor kostenverhaal dan bij vrijwillig kostenverhaal.</al><al>Het is namelijk slechts mogelijk om kosten te verhalen ten behoeve van
                    projecten die zijn opgenomen in het Besluit ruimtelijke ordening én die
                    staan op de limitatieve kostenlijst én die gemaakt worden <cursief>ten
                        behoeve</cursief> van het exploitatiegebied. Daarbij valt onder andere
                    te denken aan een brug of weg naar het exploitatiegebied of compensatie van
                    in het exploitatiegebied aangetaste natuurwaarden of verloren waterberging.
                    De samenhang dient net als bij het vrijwillig kostenverhaal, tot uiting te
                    komen in een structuurvisie. Deze structuurvisie moet bovendien aanwijzingen
                    bevatten over de bestedingen van de gelden die vrijkomen uit de rode
                    ontwikkelingen.</al><al><vet><cursief>Verhouding vrijwillig en gebonden
                    kostenverhaal</cursief></vet></al><al>Volgens de minister is het binnen het spoor van gebonden kostenverhaal niet
                    mogelijk om bijdragen te vragen aan ruimtelijke ontwikkelingen. Slechts
                    direct aan het exploitatiegebied toe te rekenen kosten kunnen binnen dit
                    spoor verhaald worden. Het is de vraag of voornoemd </al><al>uitgangspunt recht doet aan de motie Irrgang waarbij het verhaal van
                    buitenplanse te verevenen kosten door middel van een fondsbijdrage in de wet
                    is opgenomen. In de loop van de parlementaire behandelingen lijkt deze motie
                    “uitgekleed” te zijn tot een instrument waarmee alleen kosten waarvan
                    aangetoond kan worden dat het exploitatiegebied hier profijt van heeft
                    <cursief>en</cursief> die ook noodzakelijk zijn voor de ontwikkeling van
                    het exploitatiegebied, verhaald kunnen worden. Beperkingen die voor het
                    vrijwillig spoor niet gelden! Daarbij moet wel sprake zijn van enige
                    samenhang, doch van een direct causaal verband als hiervoor omschreven
                    behoeft geen sprake te zijn. </al><al>De hiervoor beschreven verhouding zal in de jurisprudentie nog nader
                    uitgekristalliseerd moeten worden zodat thans nog niet met zekerheid te
                    zeggen is welke ontwikkelingen voldoende en welke ontwikkelingen onvoldoende
                    samenhang vertonen om voor de ene of andere vorm van kostenverhaal in
                    aanmerking te komen. </al><al><vet>Betalingsverplichting gemeente</vet></al><al>De gemeenten zijn vrij om de kosten die zij afdragen, aan het Regiofonds, op
                    derden te verhalen. Deze vrijheid houdt verband met de behoefte om op lokaal
                    niveau per geval een afweging te kunnen maken. Voornoemde vrijheid laat de
                    verplichting tot betaling aan het Regiofonds. Afdracht aan het fonds dient
                    derhalve zonder meer plaats te vinden binnen de kaders van deze verordening. </al><al><vet>Bestuurlijke inbedding</vet></al><al>Deze verordening is een uitwerking van artikel 27, lid 5 van de
                    Gemeenschappelijke Regeling Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard (SOHW). Voor
                    het tot stand komen van besluiten over de vaststelling van of wijziging in
                    de verordening is volgens artikel 27, lid 6 van de Gemeenschappelijke
                    regeling SOHW steeds de instemming van de gemeenteraden van alle deelnemende
                    gemeenten vereist.</al><al><vet>Beleidsmatige inbedding</vet></al><al>In 2004 zijn tussen de provincie en gemeenten afspraken gemaakt omtrent de
                    ruimtelijke ontwikkeling binnen de Hoeksche Waard. Deze afspraken zijn
                    vastgelegd in het Afsprakenkader Ontwikkelingsperspectief Hoeksche Waard. </al><al>In het Afsprakenkader zijn tussen de provincie en de gemeenten afspraken
                    vastgelegd over de ruimtelijke ontwikkelingen in de Hoeksche Waard. De
                    provincie is daarbij verantwoordelijk voor de partiële herziening van het
                    streekplan Zuid-Holland Zuid. De ruimtelijke ontwikkelingen die van belang
                    zijn voor de streekplanherziening zijn het regelen van de verstedelijking
                    met behulp van contouren, het implementeren van groenprogramma’s (zoals de
                    provinciale ecologische hoofdstructuur, Deltanatuur en recreatie) en de
                    wateropgave uit de Deelstroomgebiedvisie Zuid-Holland Zuid. Daarnaast is het
                    mogelijk maken van een bedrijventerrein in de noordrand van de Hoeksche
                    Waard een belangrijk item in de herziening. </al><al>Naar aanleiding van voornoemde afspraken en de veranderingen daarin als
                    gevolg van de planologische kernbeslissing (PKB) Nota Ruimte (januari 2006)
                    is het streekplan Zuid Holland Zuid herzien. </al><al>In het streekplan Zuid Holland Zuid zoals vastgesteld door Gedeputeerde
                    Staten is ter waarborging van de afspraken onder meer het navolgende
                    structurerende element opgenomen: “ <cursief>Bij de ontwikkeling van het
                        plangebied Hoeksche Waard moet de verstedelijking (wonen en werken) in
                        financiële zin bijdragen aan de realisering van groenprojecten, de
                        wateropgave en infrastructuur. </cursief>Ter toelichting op voornoemd
                    structurerend element wordt overwogen<cursief>: “</cursief><cursief>Bij de
                        goedkeuring van bestemmingsplannen dient overeenstemming te bestaan
                        over: het planologische arrangement op streekplanniveau (ruimtelijke
                        afspraken, programmering en monitoring), de financiële
                        uitvoeringsafspraken tussen de betrokken partijen en over de afspraken
                        met het Rijk ter zekerheidstelling van de rijksbijdragen. De bij de
                        uitvoering betrokken partijen dienen een gezamenlijke
                        ontwikkelingsorganisatie ontwikkeld te hebben waar het planologisch
                        arrangement bewaakt wordt, opdat vanuit die organisatie bewaakt kan
                        worden dat plannen van gemeenten bijdragen aan de opgaven voor het
                        realiseren van bedrijventerreinen en aan de gewenste landschappelijke
                        kwaliteit</cursief><cursief>.”</cursief></al><al>Voornoemd Streekplan geldt op grond van artikel 9.1.2. lid 1 als
                    Structuurvisie als bedoeld in artikel 2.2. Wro van de Invoeringswet Wro. In
                    juli 2010 is door de provincie Zuid Holland de nieuwe Provinciale
                    Structuurvisie vastgesteld. Deze Provinciale Structuurvisie sluit goed aan
                    bij het eerder vastgestelde beleid en de Structuurvisie Hoeksche Waard. Ten
                    opzichte van het Streekplan hebben de gemeenten ruimte gekregen om binnen
                    contouren rode ontwikkelingen te realiseren. Verder is de zoeklocatie voor
                    een bovenregionaal bedrijventerrein niet meer opgenomen. </al><al>De bovengenoemde door de Provincie gewenste samenwerking vindt plaats binnen
                    de gemeenschappelijke regeling Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard. Ter
                    nadere uitwerking van het Afsprakenkader en het streekplan hebben de
                    gemeenten een regionale Structuurvisie Hoeksche Waard vastgesteld. De
                    Structuurvisie schetst de gewenste ruimtelijke regionale ontwikkeling en
                    schetst voorts de samenhang tussen de onderscheiden ontwikkelingen. </al><al>Onderdeel van de regionale structuurvisie vormt een regionaal
                    Uitvoeringsprogramma. In dit Uitvoeringsprogramma zijn projecten opgenomen
                    die niet rendabel zijn en die direct samenhangen met in de structuurvisie
                    aangegeven “rode” ontwikkelingen.. </al><al>Ter financiering van de in dit Uitvoeringsprogramma opgenomen niet rendabele
                    projecten hebben partijen afspraken gemaakt. Deze afspraken houden in dat
                    partijen een Regiofonds oprichten en financieren. Het fonds zal worden
                    beheerd door het Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard. </al><al>Uitgangspunt is dat de gemeenten aan het Regiofonds vanaf 1-1-2011 een vast
                    bedrag per inwoner afdragen dat onder meer bestemd is voor beheer en
                    onderhoud van de in het Uitvoeringsprogramma opgenomen projecten én een
                    variabel bedrag afdragen per onderscheiden rode ontwikkeling (voor de
                    1<sup>e</sup> fase van het regionale bedrijventerrein vanaf 1-1-2011 en voor
                    overige rode ontwikkelingen vanaf 1-1-2015) bestemd voor de aanleg en
                    daarmee samenhangende kosten van de voornoemde projecten. </al><al>De gemeenten zullen zich inspannen om laatstgenoemde variabele bijdrage te
                    verhalen op de exploitanten van de rode ontwikkelingen door middel van het
                    in rekening brengen van een fondsbijdrage als bedoeld in de Wro zoals
                    opgenomen in artikel 6.24 lid 1 sub a en 6.13 lid 6 van de Wro.</al><al>De gemeenten streven er daarbij naar om zoveel als mogelijk – conform de
                    doelstellingen van de wetgever – te komen tot vrijwillige samenwerking met
                    particuliere exploitanten zodat vrijwillig kostenverhaal kan plaatsvinden op
                    voet van artikel 6.24 lid 1 sub a van de Wro. Indien voornoemd vrijwillig
                    kostenverhaal niet of niet geheel tot de mogelijkheden blijkt te behoren
                    zullen de gemeenten zich inspannen tot kostenverhaal “ten behoeve van het
                    Regiofonds” door het in rekening brengen van een fondsbijdrage als bedoeld
                    in artikel 6.13 lid 6 van de Wro. Gemeenten hebben de vrijheid om, indien de
                    bijzondere omstandigheden van het geval daartoe in hun visie aanleiding
                    geven, van voornoemd(e) (wijze van) verhaal af te zien, zulks onverminderd
                    de betalingsverplichtingen aan het Regiofonds die voortvloeien uit deze
                    verordening.</al><al>Omdat het niet mogelijk zal zijn om ten aanzien van alle rode ontwikkelingen
                    als voorzien in deze verordening te komen tot kostenverhaal, is een
                    “verrekenrisico” opgenomen. Zo zal het bij binnenstedelijke herstructurering
                    naar verwachting niet mogelijk zijn om te komen tot (volledig) verhaal van
                    de aan het Regiofonds af te dragen bijdragen. Dit risico is verdisconteerd
                    in de verplichting tot betaling aan het Regiofonds. De verordening voorziet
                    er in dat daar waar bijvoorbeeld in een uitleglocatie 100% van de bijdrage
                    wordt verhaald, daarvan slechts 50% afgedragen behoeft te worden. Aldus
                    worden de binnenstedelijke projecten waar mogelijk geen verhaal mogelijk is,
                    doch wel een plicht tot afdracht bestaat aan het Regiofonds gecompenseerd.
                    De verrekenpercentages worden jaarlijks herzien op basis van de alsdan
                    voorhanden cijfers. Partijen beogen per 1 januari 2018 dit verrekenrisico zo
                    minimaal mogelijk te laten zijn.</al><al>Gezien het voorgaande is in de verordening – kort samengevat – opgenomen
                    dat:</al><lijst><li nr="1."><al>de gemeenten samenwerken op basis van een Regionale structuurvisie
                            met een (periodiek te actualiseren) uitvoeringsprogramma;</al></li><li nr="2."><al>de gemeenten in het kader van de samenwerking een Regiofonds
                            oprichten;</al></li><li nr="3."><al>de gemeenten bij het vormgeven aan (rode) gebieds- en/of
                            opstalontwikkeling streven naar vrijwillig kostenverhaal omdat dit
                            de meeste ruimte biedt tot verhaal van kosten. </al></li><li nr="4."><al>de gemeenten een vaste bijdrage (naar inwoneraantal) per 1-1-2011 en
                            een variabele bijdrage (gefinancierd uit voornoemde
                            ontwikkelingen,vanaf 1-1-2011 voor de 1<sup>e</sup> fase van het
                            regionale bedrijventerrein en vanaf 1-1-2015 voor de overige rode
                            ontwikkelingen) zullen afdragen aan dit Regiofonds ter financiering
                            van projecten die zijn opgenomen in het uitvoeringsprogramma;</al></li><li nr="5."><al>de gemeenten zich zullen inspannen om de variabele bijdrage te
                            verhalen op de exploitanten van rode ontwikkelingen door middel van
                            het instrumentarium zoals neergelegd in de Wro, doch daarvan indien
                            de omstandigheden daar naar het oordeel van een gemeente aanleiding
                            toe geven van mogen afwijken, zulks onverminderd hun
                            betalingsverplichting aan het Regiofonds.</al></li><li nr="6."><al>de gemeenten de uitvoering van het voorgaande opdragen aan het
                            Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard.</al></li><li nr="7."><al>het Samenwerkingsorgaan Hoeksche Waard slechts uitgaven mag doen ten
                            laste van het Regiofonds ten behoeve van de in het
                            Uitvoeringsprogramma opgenomen projecten.</al></li><li nr="8."><al>de looptijd van de verordening gelijk is aan de looptijd van de
                            Structuurvisie Hoeksche Waard (2030)</al></li><li nr="9."><al>deze verordening herzien zal worden indien wettelijke ontwikkelingen
                            of beleidswijzigingen daartoe aanleiding geven</al></li></lijst></nota-toelichting><bijlage><tussenkop>Bijlage: overzicht vrijgestelde rode Projecten (conform artikel
                    4.7.)</tussenkop></bijlage><bijlage><tussenkop>Bijlage: overzicht vrijgestelde rode Projecten (conform artikel
                    4.7.)</tussenkop><tussenkop>Nader in te vullen na raadpleging colleges van de gemeenten</tussenkop><al>Dit overzicht geeft per gemeente aan voor welke rode Projecten bij het van
                    kracht worden van deze Verordening een vrijstelling geldt.</al><tussenkop>Gemeente Cromstrijen</tussenkop><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="42*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="20*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="19*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="19*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Project</al></entry><entry colname="col2"><al>Geplande uitvoeringsperiode</al></entry><entry colname="col3" nameend="col4" namest="col3"><al>Globale omvang</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>m2 bouwkavels</al><al>woningen</al></entry><entry colname="col4"><al>m2 uitgeefbare bedrijventerrein</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><tussenkop>Gemeente Oud Beijerland</tussenkop><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="42*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="20*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="19*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="19*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Project</al></entry><entry colname="col2"><al>Geplande uitvoeringsperiode</al></entry><entry colname="col3" nameend="col4" namest="col3"><al>Globale omvang</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>m2 bouwkavels</al><al>woningen</al></entry><entry colname="col4"><al>m2 uitgeefbare bedrijventerrein</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><tussenkop>Gemeente Binnenmaas</tussenkop><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="42*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="20*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="19*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="19*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Project</al></entry><entry colname="col2"><al>Geplande uitvoeringsperiode</al></entry><entry colname="col3" nameend="col4" namest="col3"><al>Globale omvang</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>m2 bouwkavels</al><al>woningen</al></entry><entry colname="col4"><al>m2 uitgeefbare bedrijventerrein</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><tussenkop>Gemeente Korendijk</tussenkop><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="42*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="20*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="19*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="19*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Project</al></entry><entry colname="col2"><al>Geplande uitvoeringsperiode</al></entry><entry colname="col3" nameend="col4" namest="col3"><al>Globale omvang</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>m2 bouwkavels</al><al>woningen</al></entry><entry colname="col4"><al>m2 uitgeefbare bedrijventerrein</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row></tbody></tgroup></table><tussenkop>Gemeente Strijen</tussenkop><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="42*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="20*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="19*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="19*"/><tbody><row><entry colname="col1"><al>Project</al></entry><entry colname="col2"><al>Geplande uitvoeringsperiode</al></entry><entry colname="col3" nameend="col4" namest="col3"><al>Globale omvang</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al>m2 bouwkavels</al><al>woningen</al></entry><entry colname="col4"><al>m2 uitgeefbare bedrijventerrein</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al/></entry><entry colname="col3"><al/></entry><entry colname="col4"><al/></entry></row></tbody></tgroup></table></bijlage></regeling></body></cvdr>