<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd">
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR81536_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Besluit van gedeputeerde staten van Utrecht van 26 oktober 2010, nr. 2010INT264146, houdende nadere regels op grond van de Algemene subsidieverordening</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Provincie">Utrecht</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-08-02</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Provincie">Utrecht</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Provinciaal blad, 2010, 62</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Uitvoeringsverordening subsidie erfgoedparels provincie Utrecht</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene wet bestuursrecht, art. 4:25</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene subsidieverordening provincie Utrecht, art. 4</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene subsidieverordening provincie Utrecht, art. 6</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Algemene subsidieverordening provincie Utrecht, art. 33, lid a</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanProvincie">gedeputeerde staten</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-10-26</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2012-02-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2010INT264146</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>subsidies, cultuur, archeologie</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Algemene subsidieverordening provincie Utrecht, art. 4</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Besluit van gedeputeerde staten van Utrecht van 26 oktober 2010, nr. 2010INT264146, houdende nadere regels op grond van de Algemene subsidieverordening
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>Gedeputeerde staten van Utrecht;</al>
          <al>Gelet op artikel 4:25 van de Algemene wet bestuursrecht en de artikelen 4, 6 en 33, aanhef
en onderdeel a, van de Algemene subsidieverordening provincie Utrecht;</al>
          <al>Overwegende dat het provinciaal bestuur op 31 mei 2010 de notitie “Evaluatie erfgoedparels
en beleid 2010 en verder” vastgesteld heeft, waarin beleid is geformuleerd voor
instandhouding en versterking van bijzonder provinciaal cultureel erfgoed in de jaren 2010
en verder;</al>
          <al>Besluiten de volgende uitvoeringsverordening vast te stellen:</al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <paragraaf>
          <kop>
            <titel>Paragraaf 1 Algemeen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Artikel 1 Begripsbepalingen</titel>
            </kop>
            <al>In deze uitvoeringsverordening wordt verstaan onder:
Asv: Algemene subsidieverordening provincie Utrecht.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Artikel 2 Criteria</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al> Subsidie kan worden verstrekt voor activiteiten als bedoeld in artikel 33, aanhef en onderdeel a, van de Asv die gericht zijn op de restauratie van industrieel erfgoed, mits deze:
    </al><lijst>
                  <li nr="a."><al> zijn opgenomen in de top 100 van het rapport; en</al></li>
                  <li nr="b."><al> tevens op een rijks- of gemeentelijke monumentenlijst staan.</al></li>
                </lijst></li>
              <li nr="2."><al> Subsidie voor de restauratie van industrieel erfgoed, bedoeld in het eerste lid, wordt slechts verstrekt indien:
    </al><lijst>
                  <li nr="a."><al> er voor het object of complex een goed onderbouwd herbestemmingsplan ligt en</al></li>
                  <li nr=""><al>aantoonbaar vooruitzicht gegeven wordt op herbestemming, blijkend uit een  sluitend exploitatieplan; en</al></li>
                  <li nr="b."><al> er sprake is van tenminste één van de volgende aspecten:
        </al><lijst>
                      <li nr=""><al>
                          <sup>1e </sup>grondgebondenheid, inhoudende dat de industrie waartoe het object of complex behoort, voortgekomen is uit de traditionele bestaansmiddelen van de regio;</al></li>
                      <li nr=""><al>
                          <sup>2e</sup> representativiteit, inhoudende dat de industrie waartoe het object of  complex behoort, een bepaalde ontwikkeling van de regio het best vertegenwoordigt;</al></li>
                      <li nr=""><al>
                          <sup>3e</sup> identiteit, inhoudende dat de industrie waartoe het object of complex  behoort, in de regio meer voorkomt dan elders of kenmerkend is door verschijningsvorm of landmark-functie;</al></li>
                      <li nr=""><al>
                          <sup>4e</sup> ensemblewaarde, betreffende de setting en context van het industrieel erfgoed; </al><al/><al>
            of</al></li>
                      <li nr=""><al>
                          <sup>5e</sup> gegronde reden voor subsidieverstrekking vanwege actuele ruimtelijke of economische ontwikkelingen.</al></li>
                    </lijst></li>
                </lijst></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Artikel 3 Aanvraag (Tender)</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al> Aanvragen worden ingediend jaarlijks vóór 15 september, door middel van het bij de provincie Utrecht verkrijgbare ’Aanvraagformulier Erfgoedparels’.</al></li>
              <li nr="2."><al> Voorrang wordt gegeven aan herbestemmingen die het meest bijdragen aan provinciale beleidsdoelstellingen.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Artikel 4 Hoogte van de subsidie</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al> De subsidie voor de restauratie van industrieel erfgoed, bedraagt ten hoogste 70%  van de totale restauratiekosten, inclusief de kosten van het opstellen van een restauratie of herbestemmingsplan, met een maximum van € 700.000,-.</al></li>
              <li nr="2."><al> Indien een subsidie minder bedraagt dan € 200.000,- wordt zij niet verstrekt.</al></li>
              <li nr="3."><al> Geen subsidie wordt verstrekt indien de restauratie daarvoor reeds begonnen is.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Artikel 5. Subsidieplafond</titel>
            </kop>
            <al>Het subsidieplafond bedraagt € 1 miljoen voor het tijdvak 2011.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Artikel 6 Adviescommissie</titel>
            </kop>
            <al>Aanvragen om subsidie kunnen voor advies worden voorgelegd aan de Adviescommissie Cultuur provincie Utrecht.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Artikel 7 Verplichtingen subsidieontvanger</titel>
            </kop>
            <al>Bij de beschikking tot subsidieverlening kunnen Gedeputeerde Staten de verplichting
opleggen dat het gerestaureerde object op een door hen te bepalen manier voor het
publiek toegankelijk zal zijn.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Artikel 8 Nationale monumentenregeling</titel>
            </kop>
            <al>Voor zover subsidie wordt verstrekt aan een onderneming wordt deze verstrekt voor
activiteiten die passen binnen de doelstellingen en voldoen aan de voorwaarden van de
Nationale regeling voor instandhouding en het herstel van beschermde historische monumenten
zoals goedgekeurd door de Europese Commissie bij beschikking N606/2009.</al>
          </artikel>
        </paragraaf>
        <paragraaf>
          <kop>
            <titel>Paragraaf 2 Slotbepalingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Artikel 9 Inwerkingtreding</titel>
            </kop>
            <al>Deze uitvoeringsverordening treedt in werking op 1 januari 2011. Als het provinciaal blad
wordt uitgegeven na 31 december 2010 treedt de uitvoeringsverordening in werking met
ingang van de dag na de datum van uitgifte van het provinciaal blad.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <titel>Artikel 10 Citeertitel</titel>
            </kop>
            <al>Dit besluit wordt aangehaald als: Uitvoeringsverordening subsidie erfgoedparels provincie Utrecht.</al>
          </artikel>
        </paragraaf>
      </regeling-tekst>
      <regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering>
        
        <ondertekening>Aldus vastgesteld in de vergadering van gedeputeerde staten van Utrecht van 26 oktober 2010.</ondertekening>
        <ondertekening>
Gedeputeerde staten,</ondertekening>
        <ondertekening>
R.C. ROBBERTSEN, voorzitter.</ondertekening>
        <ondertekening>H.H. SIETSMA, secretaris.</ondertekening>
        <ondertekening>
Uitgegeven 22 november 2010
Gedeputeerde Staten van Utrecht,
namens hen</ondertekening>
        <ondertekening>H.H. SIETSMA, secretaris
 </ondertekening>
        <ondertekening> </ondertekening>
      </regeling-sluiting>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>