<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR81184_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening voor de bezwaarschriften</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Etten-Leur</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-12-11</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Etten-Leur</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Etten-Leurse Bode, 03-08-2011</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening voor de bezwaarschriften</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="jci1.3:c:BWBR0005416">Gemeentewet </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="jci1.3:c:BWBR0005537">Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2011-06-21</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-08-04</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Art. 2 lid 1; art. 3, lid 2; art. 6, lid 4; art. 6, lid 5;art. 7, lid 3; Toelichting</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>SL</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Algemeen bestuur</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling is vastgesteld door de raad, het college en de burgemeester van Etten-Leur.</al><al>In deze regeling is de "Verordening tot wijziging van de Verordening voor de Bezwaarschriften" van 21 juni 2011 verwerkt. Zie voor de overgangsregeling voor en een toelichting op de wijzigingen artikel 8 en de toelichting op deze wijzigingsverordening.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening voor de bezwaarschriften</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>COMMISSIE VOOR DE BEZWAARSCHRIFTEN</vet></al><al>De gemeenteraad, het college van burgemeester en wethouders en de
                        burgemeester van Etten-Leur, ieder voor zover het hun bevoegdheden
                        betreft;</al><al/><al>gelezen het desbetreffende voorstel van burgemeester en wethouders met
                        overneming van de motieven;</al><al/><al>gelet op de bepalingen van de Gemeentewet en de Algemene wet
                        bestuursrecht;</al><al/><al/><al/><al><vet>b e s l u i t ( e n ) :</vet></al><al/><al/><al/><al>vast te stellen de volgende <vet>“Verordening voor de
                            bezwaarschriften”</vet>.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>1:</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>verwerend orgaan: het bestuursorgaan dat het bestreden besluit
                                    heeft genomen;</al></li><li nr="b."><al>commissie: de algemene kamer, de kamer voor personele
                                    aangelegenheden of de kamer voor sociale aangelegenheden van de
                                    commissie voor de bezwaarschriften;</al></li><li nr="c."><al>wet: Algemene wet bestuursrecht;</al></li><li nr="d."><al>afdeling: functionele afdeling onder wiens werkkring het te
                                    behandelen bezwaarschrift valt.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>2:</nr><titel>Behandeling van bezwaarschriften</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>De commissie</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Inleidende bepaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad, het college en de burgemeester kunnen de commissie
                                    schriftelijk om advies vragen over bezwaren die bij deze
                                    bestuursorganen zijn ingediend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie bestaat uit drie afzonderlijke kamers:</al><lijst><li nr="a."><al>kamer voor personele aangelegenheden belast met de
                                            voorbereiding van de te nemen beslissingen op bezwaren
                                            gericht tegen besluiten van het college van burgemeester
                                            en wethouders op het terrein van gemeentelijke
                                            personeelsaangelegenheden;</al></li><li nr="b."><al>kamer voor sociale aangelegenheden belast met de
                                            voorbereiding van de te nemen beslissingen op bezwaren
                                            gericht tegen besluiten van het college van burgemeester
                                            en wethouders op het terrein van sociale zaken;</al></li><li nr="c."><al>algemene kamer belast met de voorbereiding van de te
                                            nemen beslissingen op bezwaren gericht tegen besluiten
                                            van het college van burgemeester en wethouders niet
                                            vallende onder a en b en besluiten van de raad en de
                                            burgemeester.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften
                                    die zijn ingediend tegen besluiten op grond van een wettelijk
                                    voorschrift inzake belastingen of de Wet waardering onroerende
                                    zaken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Samenstelling van de commissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De kamers van de commissie bestaan ieder uit een voorzitter en
                                    twee leden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter en de leden van de kamer voor personele
                                    aangelegenheden, de kamer voor sociale aangelegenheden en de
                                    algemene kamer worden door het college benoemd. Er kunnen meer
                                    dan 2 leden per kamer benoemd worden, die dan per toerbeurt
                                    optreden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Tot lid van de commissie is niet benoembaar:</al><lijst><li nr="a."><al>een lid van het college van burgemeester en wethouders,
                                            een raadslid of een lid van een adviesorgaan van de
                                            gemeente Etten-Leur;</al></li><li nr="b."><al>een ambtenaar, door of vanwege het gemeentebestuur van
                                            Etten-Leur aangesteld of daaraan ondergeschikt, zulks
                                            met inachtneming van het te dien aanzien bepaalde in
                                            artikel 13 van de Gemeentewet.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De commissie regelt de vervanging van de voorzitter.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Verboden handelingen</titel></kop><al>De voorzitter of een lid van de commissie mag niet:</al><lijst><li nr="a."><al>als advocaat, procureur of adviseur in geschillen werkzaam
                                        zijn ten behoeve van de gemeente of het gemeentebestuur van
                                        Etten-Leur dan wel ten behoeve van de wederpartij van de
                                        gemeente of het gemeentebestuur van Etten-Leur;</al></li><li nr="b."><al>als gemachtigde in geschillen werkzaam zijn ten behoeve van
                                        de wederpartij van de gemeente of het gemeentebestuur van
                                        Etten-Leur.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Secretaris</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De secretaris van de commissie is een door burgemeester en
                                    wethouders aangewezen ambtenaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Burgemeester en wethouders wijzen tevens een of meer
                                    plaatsvervangers van de secretaris aan.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De secretaris draagt er zorg voor dat alle werkzaamheden worden
                                    verricht die noodzakelijk zijn voor een goed verloop van de
                                    vergadering.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Zittingsduur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter en de leden van de commissie zoals bedoeld in
                                    artikel 3, 1<sup>e</sup> lid, treden af op de dag, waarop de
                                    leden van de gemeenteraad periodiek aftreden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter en de leden van de kamers van de commissie kunnen
                                    maximaal 8 jaar deel uitmaken van de commissie.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De aftredende voorzitter en de aftredende leden van de commissie
                                    blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is
                                    voorzien.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter en de leden van de commissie kunnen op ieder
                                    moment ontslag nemen. Zij moeten dit schriftelijk indienen bij
                                    burgemeester en wethouders.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het college kan een door hem benoemde voorzitter of een door hem
                                    benoemd lid, anders dan op eigen verzoek, ontslag verlenen.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De voorzitter of een lid van de commissie, die een met het
                                    lidmaatschap van de commissie onverenigbare betrekking vervult
                                    of een verboden handeling verricht als bedoeld in artikel 4 van
                                    deze verordening, houdt op voorzitter of lid van de commissie te
                                    zijn.</al></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Procedure</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Ingediend bezwaarschrift</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst
                                    aangetekend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken wordt zo
                                    spoedig mogelijk in handen van de commissie gesteld.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien het bevoegde bestuursorgaan gebruik maakt van de
                                    mogelijkheid om advies te vragen aan de commissie dan wordt
                                    hiervan bij het bericht van ontvangst als bedoeld in artikel
                                    6:14 van de wet mededeling gedaan.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Overdracht bevoegdheden</titel></kop><al>De bevoegdheden ingevolge de artikelen</al><lijst><li nr="-"><al>2:1, tweede lid,</al></li><li nr="-"><al>6:6, voor wat betreft het de indiener stellen van een
                                        termijn waarbinnen het verzuim in de zin van niet voldoen
                                        aan de vereisten als gesteld in artikel 6:5 van de wet, kan
                                        worden hersteld,</al></li><li nr="-"><al>6:17, voor zover het betreft de verzending van stukken
                                        tijdens de behandeling door de commissie,</al></li><li nr="-"><al>7:4, 2<sup>e</sup> lid, en</al></li><li nr="-"><al>7:6, 4<sup>e</sup> lid,</al></li></lijst><al>van de wet worden voor de toepassing van deze verordening
                                uitgeoefend door de voorzitter van de commissie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Vooronderzoek</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De afdeling stelt na ontvangst van een bezwaarschrift een op het
                                    betreffende onderwerp betrekking hebbend procesdossier samen.
                                    Dit procesdossier bevat alle op de zaak betrekking hebbende
                                    stukken en informatie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie is bevoegd om kennis te nemen van alle informatie
                                    die het gemeentebestuur onder zich heeft, voor zover die
                                    relevant is voor het uit te brengen advies over het
                                    bezwaarschrift. De commissie is tevens bevoegd om afschriften te
                                    maken van die informatie.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter van de commissie is in verband met de
                                    voorbereiding van de behandeling van het bezwaarschrift bevoegd
                                    rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te doen
                                    inwinnen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de
                                    commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en
                                    dezen zo nodig uitnodigen daartoe in de zitting te verschijnen.
                                    Indien daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van
                                    burgemeester en wethouders vereist.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De verkregen inlichtingen en adviezen worden aan het
                                    procesdossier toegevoegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Hoorzitting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De hoorzitting vindt in principe één keer per maand plaats en
                                    wordt gehouden in het gemeentehuis. De commissie bepaalt het
                                    tijdstip van de zitting.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Tijdens de hoorzitting worden de belanghebbenden en het
                                    verwerend orgaan in de gelegenheid gesteld zich door de
                                    commissie te doen horen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de
                                    wet.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien de voorzitter op grond van het in het derde lid genoemde
                                    artikel besluit van het horen af te zien wordt hiervan
                                    mededeling gedaan in het uit te brengen advies.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Uitnodiging hoorzitting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter deelt de belanghebbenden en het verwerend orgaan
                                    tenminste twee weken voor de hoorzitting schriftelijk mee, dat
                                    zij in de gelegenheid worden gesteld zich te doen horen tijdens
                                    de zitting.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Binnen drie dagen na verzending van de in het 1<sup>e</sup> lid
                                    bedoelde mededeling kunnen de belanghebbenden of het verwerend
                                    orgaan, onder opgave van redenen, de voorzitter verzoeken het
                                    tijdstip van de hoorzitting te wijzigen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De beslissing van de voorzitter op een verzoek als bedoeld in
                                    het 2<sup>e</sup> lid wordt zo spoedig mogelijk, doch in ieder
                                    geval een week voor het tijdstip van de te houden hoorzitting
                                    aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan medegedeeld.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te
                                    wijken of afwijking toe te staan van de termijnen als genoemd in
                                    de leden 1 tot en met 3.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Quorum</titel></kop><al>Voor het houden van een zitting is vereist dat de meerderheid van
                                het aantal leden, onder wie in elk geval de voorzitter, of zijn
                                plaatsvervanger, aanwezig is.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Niet deelneming aan de behandeling</titel></kop><al>De voorzitter en de leden van de commissie nemen niet deel aan de
                                behandeling van een bezwaarschrift, indien daarbij hun
                                onpartijdigheid in het geding kan zijn.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Openbaarheid zitting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De zitting van de commissie is openbaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De deuren kunnen worden gesloten indien de voorzitter van de
                                    commissie of een van de aanwezige leden het nodig oordeelt of
                                    indien een belanghebbende daartoe een verzoek doet.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de commissie vervolgens beslist dat gewichtige redenen
                                    aanwezig zijn die zich tegen openbaarheid van de hoorzitting
                                    verzetten, vindt de hoorzitting plaats met gesloten deuren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Schriftelijke verslaglegging</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het verslag als bedoeld in artikel 7:7 van de wet vermeldt de
                                    namen van de aanwezigen, met daarbij een vermelding van hun
                                    hoedanigheid.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het verslag houdt een korte vermelding in van hetgeen over en
                                    weer is gezegd en overigens ter zitting is voorgevallen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de hoorzitting geheel of gedeeltelijk met gesloten deuren
                                    plaatsvond, of indien belanghebbenden respectievelijk hun
                                    gemachtigden niet in elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord,
                                    maakt het verslag daarvan melding.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het verslag verwijst naar de op de zitting overgelegde
                                    bescheiden, die aan het verslag worden gehecht.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de
                                    secretaris van de commissie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Nader onderzoek</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien na afloop van de hoorzitting maar voordat het advies
                                    wordt opgesteld, nader onderzoek wenselijk blijkt te zijn, kan
                                    de voorzitter uit eigen beweging of op verlangen van de
                                    commissie dit onderzoek houden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in
                                    afschrift aan de leden van de commissie, het verwerend orgaan en
                                    de belanghebbenden toegezonden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De leden van de commissie, het verwerend orgaan en de
                                    belanghebbenden kunnen binnen een week na verzending van de in
                                    het 1<sup>e</sup> lid bedoelde nadere informatie aan de
                                    voorzitter van de commissie een verzoek richten tot het beleggen
                                    van een nieuwe hoorzitting. De voorzitter beslist omtrent een
                                    dergelijk verzoek.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Op een nieuwe hoorzitting, als bedoeld in het 3<sup>e</sup> lid,
                                    zijn de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben op
                                    de hoorzitting zoveel mogelijk van overeenkomstige
                                    toepassing.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Raadkamer en advies</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over
                                    het door haar uit te brengen advies.</al><lijst><li nr="a."><al>De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over
                                            het uit te brengen advies.</al></li><li nr="b."><al>Indien bij een stemming de stemmen staken, dan beslist
                                            de stem van de voorzitter.</al></li><li nr="c."><al>Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies
                                            melding gemaakt, indien die minderheid dat
                                            verlangt.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen
                                    beslissing op het bezwaarschrift.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het advies wordt door de voorzitter en de secretaris van de
                                    commissie ondertekend.</al></lid></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>HOOFDSTUK</label><nr>3:</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Onvoorziene situaties</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In alle gevallen, waarin deze verordening niet voorziet voor wat
                                betreft de werkwijze van de commissie en de orde van de
                                vergaderingen wordt nader door de commissie, zo nodig een regeling
                                getroffen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In alle overige gevallen, waarin deze verordening niet voorziet,
                                beslissen burgemeester en wethouders, nadat de commissie daarover
                                heeft geadviseerd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Vergoeding commissieleden</titel></kop><al>De voorzitter en de leden van de commissie ontvangen voor het bijwonen
                            van de vergadering van de commissie een vergoeding zoals deze wordt
                            vastgesteld door burgemeester en wethouders.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op 24 september 2007.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Op het in het eerste lid genoemde tijdstip worden de “verordening
                                inzake de behandeling van bezwaar- en beroepschriften”, vastgesteld
                                bij raadsbesluit van 6 november 1995, de “eerste wijziging van de
                                verordening inzake de behandeling van bezwaar- en beroepschriften”,
                                vastgesteld bij raadsbesluit van 2 maart 1998, de “tweede wijziging
                                van de verordening inzake de behandeling van bezwaar- en
                                beroepschriften”, vastgesteld bij raadsbesluit van 13 juli 1998, de
                                “3<sup>e</sup> wijziging van de Verordening inzake de behandeling
                                van bezwaar- en beroepschriften”, vastgesteld bij raadsbesluit van 1
                                juli 2002, ingetrokken.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening voor de
                            bezwaarschriften”.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 17 september 2007</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening>drs. W.C.M. Voeten. drs. J.A.M. van Agt.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Aldus besloten in de vergadering van het college van burgemeester en
                        wethouders van 7 augustus 2007</ondertekening><ondertekening>De secretaris, de burgemeester,</ondertekening><ondertekening>ir. M.L.T. Dircks drs. J.A.M. van Agt</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Aldus vastgesteld door de burgemeester op 7 augustus 2007</ondertekening><ondertekening>drs. J.A.M. van Agt</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>