<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd" xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance"><meta><owmskern><dcterms:identifier>799_1</dcterms:identifier><dcterms:title>EILANDSBESLUIT HOUDENDE ALGEMENE MAATREGELEN van de 21e november 1973, no. 9, houdende regelen met betrekking tot de bezoldigingen, pensioengrondslagen, vakantie-uitkering en vrijstelling van dienst wegens ziekte van de uurleraren in dienst van het Eilandgebied Bonaire. (Regeling Uurleraren Bonaire 1971)</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:CaribischOpenbaarLichaam">Bonaire</dcterms:creator><dcterms:modified>2008-09-30</dcterms:modified></owmskern><owmsmantel><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanAnderOpenbaarLichaam">Bestuurscollege</overheid:isRatifiedBy><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">A.B. 1974, no. 1</dcterms:isFormatOf><dcterms:issued>1974-01-27</dcterms:issued><dcterms:alternative>Regeling Uurleraren Bonaire 1971</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Eilandenregeling van de Nederlandse Antillen, art. 60</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Pensioenverordening Burgerlijke Landsdienaren 1938 (P.B. 1949 no. 125), art 44</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Regeling Vakantie en Vrijstelling van Dienst Ambtenaren (P.B. 1969 no. 44), art. 2, tweede lid</dcterms:source><dcterms:subject>algemeen</dcterms:subject><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>1974-02-28</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>1974-01-27</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><OVERHEIDrg:uitwerkingtredingDatum xmlns:OVERHEIDrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/">2010-10-10</OVERHEIDrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>bijlage A2 en B</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>n.v.t.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>personeel en organisatie; onderwijs</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling is vastgesteld en in werking getreden vóór 10-10-2010, maar op grond van artikel 7 van de Invoeringswet openbare lichamen Bonaire, Sint Eustatius en Saba en de Positieve lijst regelgeving Eilandsraad Bonaire (AB 2010, no. 20) dan wel het Eilandsbesluit vaststellen positieve lijst regelgeving Bestuurscollege Bonaire (AB 2010, nr. 19) tevens vastgesteld voor het openbaar lichaam Bonaire en derhalve met ingang van 10-10-2010 in het openbaar lichaam Bonaire van toepassing.</al><al>De bijlage bij deze regeling kan worden ingezien bij de afdeling juridische en
                    algemene zaken van de bestuursdienst van het eilandgebied Bonaire.</al><al>Aan de bijlagen A1 en B1 van de oorspronkelijke regeling is terugwerkende kracht
                    verleend t/m 1-7-1971, aan de bijlagen A2 en B2 t/m 1-7-1972.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>EILANDSBESLUIT HOUDENDE ALGEMENE MAATREGELEN van de 21<sup>e</sup> november 1973,
            no. 9, houdende regelen met betrekking tot de bezoldigingen, pensioengrondslagen,
            vakantie-uitkering en vrijstelling van dienst wegens ziekte van de uurleraren in dienst
            van het Eilandgebied Bonaire. (Regeling Uurleraren Bonaire 1971)</intitule><regeling><aanhef><preambule><al></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr></kop><lid><lidnr></lidnr><al>Met in achtneming van het bepaalde in lid 2 worden in dit eilandsbesluit
                            onder “uurleraren” verstaan de leerkrachten wier bezoldiging afhankelijk
                            is van het aantal lesuren van 45 minuten per week dat zij onderwijs
                            geven, ongeacht of zij al dan niet in een volledige betrekking werkzaam
                            zijn.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Onder "uurleraren" in de zin van dit eilandsbesluit worden echter niet
                            verstaan, de leerkrachten voor wie het geven van bedoelde lessen als
                            nevenbetrekking dient te worden aangemerkt:</al><lijst><li nr="a."><al>hetzij omdat zij reeds uit andere hoofde voor de vervulling van
                                    een volledige dagtaak direct of indirect een bezoldiging of loon
                                    ten laste van de overheidskas genieten, danwel</al></li><li nr="b."><al>omdat zij elders onder genot van inkomsten volledig in het
                                    arbeidsproces zijn ingeschakeld.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In de bij dit eilandsbesluit behorende bijlagen A1 en A2 zijn de
                            bezoldigingsschalen vermeld welke voor de gehuwde en ongehuwde
                            uurleraren gelden, hetzij krachtens een verwijzing naar een
                            bezoldigingsschaal voorkomende in de bijlage van de Bezoldigingsregeling
                            Onderwijzend Personeel Bonaire 1971 danwel krachtens een verwijzing naar
                            een in bijlagen A1 en A2 van dit besluit opgenomen
                            bezoldigingsschalen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De pensioengrondslagen behorende bij de jaarlijkse bezoldigingen van de
                            uurleraren in vaste pensioengerechtigde dienst aan wie tenminste 20
                            lesuren worden opgedragen,, zijn vermeld in de bij dit eilandsbesluit
                            behorende bijlage B1 en B2.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De jaarlijkse en maandelijkse bezoldigingen alsmede de
                            pensioengrondslagen van de uurleraren worden vastgesteld aan de hand van
                            de bij dit eilandsbesluit behorende bijlagen A en B, rekening houdende
                            met het aantal wekelijkse lesuren en de volgende berekeningsformule</al><al>voor elk wekelijks lesuur bedraagt de bezoldiging 1/32 x het
                            schaalbedrag.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vergoeding aan de uurleraren voor de gewerkte uren boven de volledige
                            betrekking wordt berekend op dezelfde wijze als voor de onderwijzers
                            vallende onder de “Bezoldigingsregeling Onderwijzend Personeel Bonaire
                            1971”.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor zover in dit eilandsbesluit niet anders is bepaald, is de
                            “Bezoldigingsreling Onderwijzend Personeel Bonaire 1971” van
                            overeenkomstige toepassing op de uurleraren met dien verstande dat
                            artikel 8 (kinder- en kostwinnerstoelage) van laatstgemelde
                            bezoldigingsregeling alleen toepassing vindt op de uurleraren aan wie
                            tenminste 20 lesuren worden opgedragen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Artikel 134 van het “Onderwijsbesluit 1935” (P.B. 1935 no. 49) (vrije
                            geneeskundige behandeling), zoals gewijzigd bij artikel 5 van de
                            “Bezoldigingsregeling Onderwijzend Personeel Bonaire 1971" is van
                            overeenkomstige toepassing op de uurleraren aan wie tenminste 20 lesuren
                            worden opgedragen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De bepalingen met betrekking tot de vakantie-uitkering neergelegd in
                            hoofdstuk IV van de “Regeling Vakantie en Vrijstelling van Dienst
                            Ambtenaren” (P.B. 1969 no. 44) vinden overeenkomstige toepassing op de
                            uurleraren, met dien verstande dat de vakantie-uitkering voor elke
                            daarvoor in aanmerking komende kalendermaand vijf ten honderd van het
                            over die maand genoten inkomen bedraagt.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De bepalingen met betrekking tot de vrijstelling van dienst wegens
                            ziekte neergelegd in hoofdstuk IV van de "Regeling Vakantie en
                            Vrijstelling van Dienst Ambtenaren" vinden overeenkomstige toepassing op
                            de uurleraren aan wie tenminste 20 lesuren worden opgedragen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Het bepaalde in de leden 3 en 4 van dit artikel vinden geen toepassing
                            voorzover en voorzolang de bepalingen van het Curaçaos Verlofreglement
                            1946 (P.B. 1946 no. 34) van overeenkomstige toepassing zijn op de
                            desbetreffende uurleraren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De bezoldiging van de uurleraar, wordt bepaald aan de hand van zijn
                            bevoegdheid of combinatie van bevoegdheden, voorzover het desbetreffende
                            vak of de desbetreffende vakken in het leerplan en lesrooster van de
                            betrokken school zijn opgenomen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de uurleraar onderwijs geeft aan verschillende scholen en zulks
                            aanleiding geeft tot verschil in bezoldiging wordt de bezoldiging naar
                            verhouding van het aan elke school gegeven aantal lessen bepaald.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr></kop><al>Bezit de uurleraar meer dan één bevoegdheid voor hetzelfde vak dan komt voor
                        vergoeding alleen de bevoegdheid in aanmerking, waarvoor de hoogste
                        bezoldiging kan worden genoten.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><al>Het bedrag van de jaarlijkse bezoldiging wordt indien dit geen twaalfvoud
                        is, naar boven afgerond tot het naaste bedrag in volle guldens dat een
                        veelvoud is van (12) twaalf.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><al>Dit eilandsbesluit, dat kan worden aangehaald als "Regeling Uurleraren
                        Bonaire 1971”, treedt in werking met ingang van de dag na die zijner
                        afkondiging, en werkt terug voor wat betreft bijlage A1 en bijlage B1 zoals
                        aangeduid in artikel 2 lid 1 en 2, tot en met 1 juli 1971.</al><al>In verband met stijging van het prijs indexcijfer van de gezinsconsumptie
                        worden de Bijlagen A1 en B1 zoals aangeduid in artikel 2 lid 1 en 23
                        vervangen en gewijzigd door respectievelijk A2 en B2 zulks ingaande 1 juli
                        1972.</al></artikel></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>