<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR7954_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in planschade 2008</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Stadskanaal</dcterms:creator><dcterms:modified>2009-11-13</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Stadskanaal</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Kanaalstreek, 23-12-2008</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in planschade 2008</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20ruimtelijke%20ordening/article=6.7">Wet ruimtelijke ordening, art. 6.7 </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20ruimtelijke%20ordening/article=6.1.3.3">Besluit ruimtelijke ordening, art. 6.13.3 </dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2008-12-15</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2008-12-31</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2024-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>R 6632</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in planschade 2008</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Stadskanaal;</al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 28 november 2008, nr. R 6632;</al><al>besluit:</al><al>tot vaststelling van de
Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in planschade 2008.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><titel>Artikel 1. Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>aanvrager:</al></li><li nr=""><al>degene, die een aanvraag om tegemoetkoming in de schade als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20ruimtelijke%20ordening/article=6.1">artikel 6.1 van de Wet ruimtelijke ordening</extref> indient;</al></li><li nr="b."><al>adviseur:</al></li><li nr=""><al>de door het college van burgemeester en wethouders aan te wijzen persoon als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20ruimtelijke%20ordening/article=6.1.1.1">artikel 6.1.1.1, onder c. van het Besluit ruimtelijke ordening</extref>;</al></li><li nr="c."><al>adviescommissie:</al></li><li nr=""><al>schadebeoordelingscommissie als bedoeld in artikel 3, vijfde lid, van deze verordening;</al></li><li nr="d."><al>besluit:</al></li><li nr=""><al><extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20ruimtelijke%20ordening">Besluit ruimtelijke ordening</extref>;</al></li><li nr="e."><al>college:</al></li><li nr=""><al>het college van burgemeester en wethouders;</al></li><li nr="f."><al>gemeente:</al></li><li nr=""><al>de gemeente Stadskanaal;</al></li><li nr="g."><al>planologische maatregel:</al></li><li nr=""><al>oorzaak als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20ruimtelijke%20ordening/article=6.1">artikel 6.1, tweede lid van de Wet ruimtelijke ordening</extref>;</al></li><li nr="h."><al>planschade:</al></li><li nr=""><al>schade als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20ruimtelijke%20ordening/article=6.1">artikel 6.1, eerste lid van de Wet ruimtelijke ordening</extref>;</al></li><li nr="i."><al>wet:</al></li><li nr=""><al><extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20ruimtelijke%20ordening">Wet ruimtelijke ordening</extref>.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2. Opdrachtverstrekking</titel></kop><al>Binnen twaalf weken na het verstrijken van de termijnen als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20ruimtelijke%20ordening/article=6.1.3.1">artikel 6.1.3.1 van het besluit</extref> verstrekt het college aan één of meerdere adviseurs gezamenlijk opdracht om over een aanvraag advies uit te brengen, tenzij toepassing wordt gegeven aan <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20ruimtelijke%20ordening/article=6.1.3.1">artikel 6.1.3.1 van het besluit</extref> of aan <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20wet%20bestuursrecht/article=4%3A5">artikel 4:5 van de Algemene wet bestuursrecht</extref>.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3. Adviseur of adviescommissie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voor de advisering over de op de aanvraag te nemen beschikking, wordt door het college een adviseur aangewezen die beschikt over voldoende deskundigheid inzake advisering op het gebied van planschade.</al></li><li nr="2."><al>Indien het college, na advies te hebben ingewonnen van de in het eerste lid bedoelde adviseur, van oordeel is dat de aanvraag betrekking heeft op planschade vanwege inkomensderving en er, gezien de complexiteit, aard en omvang van de aanvraag, behoefte bestaat aan extra deskundigheid, wordt door het college een tweede adviseur aangewezen die deskundig is op het gebied van accountancy of van financieel-economische bedrijfsvoering.</al></li><li nr="3."><al>Indien het college, na advies te hebben ingewonnen van de in het eerste lid bedoelde adviseur, van oordeel is dat de aanvraag betrekking heeft op planschade vanwege waardevermindering van een onroerende zaak en er, gezien de complexiteit, aard en omvang van de aanvraag, behoefte bestaat aan extra deskundigheid, wordt door het college een tweede adviseur aangewezen die deskundig is op het gebied van waardering van onroerende zaken en van waardevermindering daarvan als gevolg van een planologische verslechtering.</al></li><li nr="4."><al>Indien naar het oordeel van het college het tweede en het derde lid van toepassing is, worden zowel de in het tweede als het derde lid bedoelde adviseurs aangewezen.</al></li><li nr="5."><al>Bij aanwijzing van meerdere adviseurs vormen deze een adviescommissie, waarvan de in het eerste lid bedoelde adviseur voorzitter is.</al></li><li nr="6."><al>De adviescommissie wijst uit haar midden een adviseur aan.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4. Deskundigheid en onafhankelijkheid</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voordat een persoon als adviseur wordt aangewezen, kan het college verlangen, dat deze aantoont op grond van opleiding en ervaring deskundig te zijn met betrekking tot de in artikel 3 eerste, tweede of derde lid bedoelde aspecten waarop deze persoon de aanvraag moet beoordelen.</al></li><li nr="2."><al>Een adviseur mag niet werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van de raad. Eveneens mag een adviseur niet betrokken zijn bij de planologische maatregel waarop de aanvraag betrekking heeft.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5. Betrokkenheid aanvrager en andere belanghebbenden bij aanwijzing adviseur of adviescommissie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voordat het college de opdracht tot advisering zoals bedoeld in artikel 2 verstrekt, stelt het college de aanvrager, eventuele andere betrokken bestuursorganen alsmede de belanghebbenden als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20ruimtelijke%20ordening/article=6.4a">artikel 6.4a, tweede en derde lid van de wet</extref> schriftelijk op de hoogte van de aanwijzing van een adviseur als bedoeld in artikel 3, eerste lid of meerdere adviseurs als bedoeld in artikel 3, vijfde lid.</al></li><li nr="2."><al>De aanvrager, eventuele andere betrokken bestuursorganen, alsmede de belanghebbenden als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20ruimtelijke%20ordening/article=6.4a">artikel 6.4a tweede en derde lid van de wet</extref>, kunnen binnen twee weken na de mededeling als bedoeld in het eerste lid schriftelijk en voldoende gemotiveerd een verzoek tot wraking van één of meerdere adviseurs bij het college indienen.</al></li><li nr="3."><al>Het college beslist binnen twee weken na het verstrijken van de in het tweede lid bedoelde termijn over een ingediend verzoek tot wraking.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6. Werkwijze adviseur of adviescommissie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college stelt aan de adviseur of de adviescommissie alle op de aanvraag betrekking hebbende informatie, alsmede de voor de beoordeling daarvan naar het oordeel van de adviseur of de adviescommissie noodzakelijke bescheiden ter beschikking.</al></li><li nr="2."><al>Het college wijst uit de ambtelijke organisatie één of meer personen aan die de adviseur of de adviescommissie bij de uitvoering van de adviesopdracht bijstaat.</al></li><li nr="3."><al>De adviseur of de voorzitter van de adviescommissie organiseert één of meerdere hoorzittingen waar de aanvrager en de in het tweede lid bedoelde ambtelijke vertegenwoordiger(s) in de gelegenheid worden gesteld de aanvraag toe te lichten onderscheidenlijk de voor de advisering over de aanvraag relevante informatie te verschaffen, dan wel een standpunt van de gemeente over de aanvraag aan de adviseur of de adviescommissie kenbaar te maken. Eventuele andere betrokken bestuursorganen alsmede de belanghebbenden als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20ruimtelijke%20ordening/article=6.4a">artikel 6.4a tweede en derde lid van de wet</extref> worden eveneens in de gelegenheid gesteld hun standpunt kenbaar te maken.</al></li><li nr="4."><al>De adviseur of de voorzitter van de adviescommissie bepaalt het tijdstip waarop de adviseur of de adviescommissie bepaalt het tijdstip waarop de adviseur of de adviescommissie de situatie ter plaatse zal bezichtigen en nodigt de aanvrager uit voor de plaatsopneming.</al></li><li nr="5."><al>Ten behoeve van een taxatie van een bij de aanvraag betrokken onroerende zaak, wordt door de adviseur of de voorzitter van de adviescommissie met aanvrager een afspraak gemaakt.</al></li><li nr="6."><al>Van de in het derde lid bedoelde hoorzitting en van de in het vierde lid bedoelde bezichtiging, wordt door dan wel onder verantwoordelijkheid van de adviseur of de voorzitter van de adviescommissie een verslag gemaakt dat onderdeel vormt van het uit te brengen advies.</al></li><li nr="7."><al>Alvorens een advies uit te brengen, zendt de adviseur dan wel de adviescommissie binnen zestien weken na de dagtekening van de opdracht tot advisering een concept daarvan aan de gemeente, aan de aanvrager, aan eventuele andere betrokken bestuursorganen en aan de belanghebbenden als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20ruimtelijke%20ordening/article=6.4a">artikel 6.4a, tweede en derde lid van de wet</extref>. De adviseur of de voorzitter van de adviescommissie kan deze termijn onder opgaaf van redenen met een daarbij aan te geven termijn met ten hoogste vier weken verlengen.</al></li><li nr="8."><al>De aanvrager, eventuele andere betrokken bestuursorganen alsmede de belanghebbenden als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20ruimtelijke%20ordening/article=6.4a">artikel 6.4a, tweede en derde lid van de wet</extref>, worden in de gelegenheid gesteld om binnen vier weken na toezending van het concept-advies schriftelijk hierop te reageren.</al></li><li nr="9."><al>In het geval tijdig reacties zijn ingediend, brengt de adviseur of de adviescommissie binnen vier weken na het verstrijken van de in het achtste lid bedoelde termijn advies uit aan het college waarbij de betreffende reacties zijn betrokken.
In het geval geen of niet tijdig reacties zijn ingediend, brengt de adviseur of de adviescommissie binnen twee weken na het verstrijken van de in het achtste lid bedoelde termijn advies uit aan het college.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7. Slotbepalingen</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als Procedureverordening voor advisering tegemoetkoming in planschade 2008.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 15 december 2008.</ondertekening><ondertekening>De raad</ondertekening><ondertekening>de raadsgriffier, de voorzitter,</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>