<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR78309_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van een baatbelasting voor onroerende zaken gelegen in het Buitengebied Heidehoek te Eemnes</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Eemnes</dcterms:creator><dcterms:modified>2019-01-29</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Eemnes</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Laarder Courant De BEL 15-11-2001</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening baatbelasting riolering buitengebied Heidehoek 2001</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=ALGEMENE WET BESTUURSRECHT">Algemene wet bestuursrecht</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=ALGEMENE WET INZAKE RIJKSBELASTINGEN">Algemene wet inzake rijksbelastingen </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=GEMEENTEWET">Gemeentewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=INVORDERINGSWET 1990">Invorderingswet 1990 </dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2001-11-05</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2001-11-23</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>art. 5</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Raadsbesluit 05-11-2001</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Financiën en economie</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2001. Deze wijzigingsverordening, vastgesteld d.d. 5 november 2001, betreft een wijziging van artikel 5.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en de invordering van een baatbelasting voor onroerende
            zaken gelegen in het Buitengebied Heidehoek te Eemnes</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Eemnes;</al><al/><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 20
                        oktober 1998 en 27 februari 2001;</al><al/><al>gelet op artikel 222 van de Gemeentewet en het ‘Bekostigingsbesluit
                        Riolering Buitengebied Heidehoek’, vastgesteld bij raadsbesluit van 23
                        november 1998;</al><al/><al>besluit vast te stellen de volgende verordening:</al><al/><al>Verordening op de heffing en de invordering van een baatbelasting voor
                        onroerende zaken gelegen in het Buitengebied Heidehoek te Eemnes; hierna te
                        noemen:</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><al> a een onroerende zaak:</al><al> 1 een gebouwd eigendom;</al><al> 2 een ongebouwd eigendom;</al><al> 3 een gedeelte van een onder 1 of 2 bedoeld eigendom dat blijkens zijn
                        indeling is bestemd om als een afzonderlijk geheel te worden gebruikt;</al><al> 4 een samenstel van twee of meer van de onder 1 of 2 bedoelde eigendommen
                        of onder 3 bedoelde gedeelten daarvan die naar de omstandigheden beoordeeld
                        bij elkaar horen.</al><al> b het bestemmingsplan: Bestemmingsplan Heidehoek.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Onder de naam ‘baatbelasting riolering buitengebied Heidehoek’ wordt in
                            de vorm van een heffing ineens een directe belasting geheven ter zake
                            van de onroerende zaken gelegen in de gemeente binnen het grijs
                            gearceerde gebied op de bij deze verordening behorende en als zodanig
                            gewaarmerkte kaart, die op 1 maart 2001 zijn gebaat door de in het
                            tweede lid genoemde voorziening die tot stand is of wordt gebracht door
                            of met medewerking van het gemeentebestuur.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De in het eerste lid bedoelde voorziening omvat riolering, welke is
                            aangelegd op maximaal 40 meter afstand van de op het perceel aanwezig
                            bebouwing van waaruit afvalwater wordt geloosd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De belasting wordt geheven van degene die van een onroerende zak als
                            bedoeld in artikel 2, eerste lid, het genot heeft krachtens eigendom,
                            bezit of beperkt recht.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>Voor de toepassing van het eerste lid wordt als genothebbende krachtens
                            eigendom, bezit of beperkt recht aangemerkt degene die op het tijdstip
                            van ingang van de heffing dan wel, indien de belasting wordt geheven in
                            de vorm van een jaarlijkse belasting, bij de aanvang van het
                            belastingjaar als zodanig in de kadastrale registratie is vermeld,
                            tenzij blijkt dat hij op dat tijdstip geen genothebbende krachtens
                            eigendom, bezit of beperkt recht is.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Indien de lasten die zijn verbonden aan de voorzieningen genoemd in
                            artikel 2, tweede lid, ter zake van een onroerende zaak krachtens
                            overeenkomst zijn of worden voldaan, wordt de belasting ter zake van die
                            onroerende zaak niet geheven.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><al>De maatstaf van heffing is een bedrag per onroerende zaak.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><al>De belasting bedraagt per onroerende zaak € 2.722,68.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Regeling inzake heffing in de vorm van een jaarlijkse
                            belasting</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in artikel 2 wordt op verzoek van de
                            belastingplichtige de belasting geheven in de vorm van een jaarlijkse
                            belasting gedurende 30 jaren. Het verzoek genoemd in de eerste volzin
                            dient binnen 6 weken na de dagtekening van de aanslag schriftelijk bij
                            de in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de Gemeentewet bedoelde
                            gemeenteambtenaar te worden ingediend.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al> Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar. </al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>De jaarlijkse belasting bedraagt de annuïteit van het totaal
                            verschuldigde, berekend op basis van een periode van 30 jaren en een
                            rentevoet van 6%.</al></lid><lid><lidnr>4</lidnr><al>De belasting over de nog niet verstreken belastingjaren kan elk jaar
                            worden afgekocht. De afkoopsom wordt bepaald op de contante waarde van
                            de op 1 januari van het belastingjaar, waarin de afkoop plaatsvindt, nog
                            te verschijnen belastingbedragen berekend naar een rentevoet van
                            6%.</al></lid><lid><lidnr>5</lidnr><al>a Ingeval de belasting wordt geheven in de vorm van een jaarlijkse
                            heffing en de belastingplicht in de loop van het belastingtijdvak als
                            bedoeld in het eerste lid eindigt of wijzigt als gevolg van het
                            overdragen van eigendom, bezit of beperkt recht, wordt de nieuwe
                            genothebbende krachtens eigendom, bezit of beperkt recht, met ingang van
                            het eerstvolgende belastingjaar een aanslag ineens opgelegd voor de
                            resterende belastingjaren van het belastingtijdvak, berekend
                            overeenkomstig het</al><al> vierde lid van dit artikel.</al><al> b In afwijking van het bepaalde in onderdeel a, wordt op verzoek van de
                            in dat onderdeel bedoelde belastingplichtige de jaarlijkse heffing
                            overeenkomstig het eerste lid gecontinueerd. Het verzoek daartoe dient
                            binnen 6 weken na de dagtekening van de aanslag ingevolge onderdeel a,
                            schriftelijk bij de in artikel 231, tweede lid, onderdeel b, van de
                            Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar te worden ingediend.</al></lid><lid><lidnr>6</lidnr><al>Ingeval de belasting wordt geheven in de vorm van een jaarlijkse heffing
                            en in de loop van het belastingtijdvak de eigendom, het bezit of het
                            beperkt recht van een gedeelte van de onroerende zaak wordt
                            overgedragen, wordt, voor de verdeling van de resterende
                            belastingschuld, de maatstaf van heffing als bedoeld in artikel 4 voor
                            de betreffende onroerende zaken opnieuw vastgesteld voor de nog niet
                            verstreken belastingjaren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><al>De aanslagen moeten worden betaald binnen 2 maanden na de dagtekening van
                        het aanslagbiljet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Bij de invordering van de baatbelasting wordt geen kwijtschelding
                        verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders</titel></kop><al>Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met
                        betrekking tot de heffing en de invordering van de baatbelasting.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die
                            van bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2001.</al></lid><lid><lidnr>3</lidnr><al>Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening Baatbelasting
                            Riolering Buitengebied Heidehoek 2001’.</al></lid></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 26 maart 2001.</ondertekening><ondertekening>De secretaris, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>Mr. A.J.M. de Bruijn mr. J.G. Bijl</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>