<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--
      meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR78127_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Monumentenverordening 2010</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Zederik</dcterms:creator><dcterms:modified>2010-11-08</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Vijfheerenlanden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Het Kontakt, 4-11-2010</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Monumentenverordening 2010</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://www.wetten.nl">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://www.wetten.nl">Monumentenwet, art. 12</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://www.wetten.nl">Monumentenwet, art. 15</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://www.wetten.nl">Monumentenwet, art. 38</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://www.wetten.nl">Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, art. 2.1</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://www.wetten.nl">Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, art. 2.2</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>ruimtelijke ordening, verkeer en vervoer</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-11-01</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-11-08</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2021-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Geen.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Monumentenverordening 2010</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Onderwerp: Monumentenverordening 2010</al><al>&gt;De Raad der gemeente Zederik;</al><al>&gt;gezien het voorstel van het college van 13 september 2010;gelet op artikel 149 van de
                  Gemeentewet, de artikelen 12, 15 en 38 van de Monumentenwet 1988 en de artikelen
                  2.1 en 2.2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;</al><al>b e s l u i t :</al><al>vast te stellen de volgende verordening: <vet>Monumentenverordening 2010</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemeen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>Deze verordening verstaat onder:</al><lijst><li nr="a."><al>gemeentelijk monument: een overeenkomstig deze verordening als beschermd
                     gemeentelijk monument aangewezen:</al><lijst><li nr="1."><al>zaak, die van algemeen belang is wegens zijn schoonheid, betekenis voor de wetenschap of cultuurhistorische waarde;</al></li><li nr="2."><al>terrein dat van algemeen belang is wegens een daar aanwezige zaak bedoeld onder 1;</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>gemeentelijke monumentenlijst: de lijst waarop zijn geregistreerd de
                     overeenkomstig deze verordening als gemeentelijk monument aangewezen zaken of
                     terreinen bedoeld in onderdeel a;</al></li><li nr="c."><al>beschermd monument: beschermd monument als
                     bedoeld in artikel 1.1, eerste lid, van de Wet algemene bepalingen
                     omgevingsrecht;</al></li><li nr="d."><al>monumentencommissie: de op basis van art.15 Monumentenwet
                           1988 ingestelde commissie met als taak het college op verzoek of uit eigen
                           beweging te adviseren over de toepassing van de Monumentenwet 1988, de Wet
                           algemene bepalingen omgevingsrecht, de verordening en het monumentenbeleid;</al></li><li nr="e."><al>het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente
                     Zederik;</al></li><li nr="f."><al>vergunning: een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.1,
                           eerste lid, of 2.2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;</al></li><li nr="g."><al>Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Aanwijzing gemeentelijke monumenten</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Het gebruik van het monument</titel></kop><al>Bij de toepassing van deze verordening wordt rekening gehouden met het gebruik
                     van het monument.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>De aanwijzing tot gemeentelijk monument</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan, al dan niet op aanvraag van een belanghebbende, een
                        monument aanwijzen als gemeentelijk monument.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voordat het college over de aanwijzing een besluit neemt, vraagt het
                        college advies aan de monumentencommissie.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Voordat het college een monument met een religieuze bestemming dat
                        uitsluitend of in overwegend deel wordt gebruikt voor de uitoefening van de
                        eredienst, als gemeentelijk monument aanwijst, voert hij overleg met de
                        eigenaar.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De aanwijzing kan geen monument betreffen dat is aangewezen op grond van
                        artikel 3 van de Monumentenwet 1988.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Voorbescherming</titel></kop><al>Met ingang van de datum waarop de eigenaar van een monument de kennisgeving
                     van het voornemen tot aanwijzing als gemeentelijk monument ontvangt tot het
                     moment dat de aanwijzing en registratie als bedoeld in artikel 7 plaatsvindt,
                     dan wel vaststaat dat het monument niet wordt geregistreerd, zijn de artikelen
                     10 tot en met 14 van overeenkomstige toepassing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Termijnen advies en aanwijzingsbesluit</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De monumentencommissie adviseert schriftelijk binnen 8 weken na ontvangst
                        van het verzoek van het college.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college beslist binnen 12 weken na ontvangst van het advies van de
                        monumentencommissie, maar in ieder geval binnen 20 weken na de
                        adviesaanvraag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Mededeling aanwijzingsbesluit</titel></kop><al>De aanwijzing als bedoeld in artikel 3, eerste lid, wordt medegedeeld aan
                     degenen die als zakelijk gerechtigden in de kadastrale legger bekend
                     staan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Registratie op de gemeentelijke monumentenlijst</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college registreert het gemeentelijke monument op de gemeentelijke
                        monumentenlijst.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De gemeentelijke monumentenlijst bevat de plaatselijke aanduiding, de datum
                        van de aanwijzing, de kadastrale aanduiding en een beschrijving van het
                        gemeentelijke monument.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Wijzigen van de aanwijzing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college kan al dan niet op aanvraag van een belanghebbende de
                        aanwijzing wijzigen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Artikel 3, tweede en derde lid, alsmede artikel 4, 5 en 6 zijn van
                        overeenkomstige toepassing op het wijzigingsbesluit.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de wijziging naar het oordeel van het college van ondergeschikte
                        betekenis is, blijft overeenkomstige toepassing, als bedoeld in lid 2,
                        achterwege.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De inhoud en de datum van de wijziging worden op de gemeentelijke
                        monumentenlijst aangetekend.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Intrekken van de aanwijzing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien het college de aanwijzing intrekt, zijn artikel 3, tweede lid, en
                        artikel 5 van overeenkomstige toepassing.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De aanwijzing wordt geacht ingetrokken te zijn, indien toepassing wordt
                        gegeven aan artikel 3 van de Monumentenwet 1988.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De intrekking wordt op de gemeentelijke monumentenlijst geregistreerd.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Instandhouding van gemeentelijke monumentale zaken</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Instandhoudingbepaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden een gemeentelijk monument, als bedoeld in artikel 1, onder
                        a, sub 1, te beschadigen of te vernielen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het is verboden zonder vergunning van het bevoegd gezag:</al><lijst><li nr="a."><al>een gemeentelijk monument, als bedoeld in artikel 1, onder a, sub 1,
                              af te breken, te verstoren, te verplaatsen of in enig opzicht te
                              wijzigen;</al></li><li nr="b."><al>een gemeentelijk monument, als bedoeld in artikel 1, onder a, sub 1,
                              te herstellen, te gebruiken of te laten gebruiken op een dusdanige
                              wijze, dat het wordt ontsierd of in gevaar gebracht.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het verbod en de vergunningplicht, als bedoeld in het tweede lid, gelden
                        niet indien het college nadere regels stelt met betrekking tot de wijze
                        waarop werkzaamheden dienen te worden uitgevoerd.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het bevoegd gezag verleent, met betrekking tot een monument met een
                        religieuze bestemming, geen vergunning als bedoeld in het tweede lid, dan in
                        overeenstemming met de eigenaar indien en voor zover het een vergunning
                        betreft, waarbij wezenlijke belangen van de godsdienstuitoefening in het
                        monument in het geding zijn.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>De schriftelijke aanvraag</titel></kop><al>Een aanvraag als bedoeld in artikel 4.2. Besluit omgevingsrecht voor een
                     vergunning als bedoeld in artikel 10 en de daarbij te overleggen gegevens en
                     bescheiden worden in drievoud ingediend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Termijnen advies</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het bevoegd gezag zendt onmiddellijk een afschrift van de ontvankelijke
                        aanvraag om vergunning voor een gemeentelijk monument aan de
                        monumentencommissie voor advies.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Binnen 8 weken na de datum van verzending van het afschrift brengt de
                        monumentencommissie schriftelijk advies uit aan het college.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Weigeringsgronden</titel></kop><al>De vergunning kan slechts worden verleend indien het belang van de
                     monumentenzorg zich daartegen niet verzet. Bij de beslissing houdt het bevoegd
                     gezag rekening met het gebruik van het monument.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Intrekken van de vergunning</titel></kop><al>De vergunning kan door het bevoegd gezag worden ingetrokken indien:</al><lijst><li nr="a."><al>blijkt dat de vergunning ten gevolge van een onjuiste of onvolledige
                           opgave is verleend;</al></li><li nr="b."><al>de omstandigheden aan de kant van de vergunninghouder zich zodanig
                           hebben gewijzigd, dat het belang van het monument zwaarder dient te
                           wegen.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>BESCHERMDE monumenten</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Vergunning voor beschermd monument</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het bevoegd gezag zendt onmiddellijk een afschrift van de ontvankelijke
                        aanvraag om vergunning voor een beschermd monument aan de
                        monumentencommissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De monumentencommissie adviseert schriftelijk over de aanvraag binnen acht
                        weken na de datum van verzending van het afschrift.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Overige bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Tegemoetkoming in schade</titel></kop><al>Indien en voor zover blijkt dat een belanghebbende schade lijdt of zal lijden,
                     die redelijkerwijze niet of niet geheel te zijnen laste behoort te blijven,
                     kent het bevoegd gezag hem op zijn aanvraag een naar billijkheid te bepalen
                     tegemoetkoming toe, indien de schade in relatie staat tot:</al><lijst><li nr="a."><al>de weigering van het bevoegd gezag een vergunning als bedoeld in artikel
                           10 te verlenen;</al></li><li nr="b."><al>de voorschriften door het bevoegd gezag verbonden aan een vergunning als
                           bedoeld in artikel 10;</al></li><li nr="c."><al>de door het college nader te stellen regels als bedoeld in artikel 10,
                           derde lid;</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Strafbepaling</titel></kop><al>Degene, die handelt in strijd met het derde lid van artikel 10 van deze
                     verordening, wordt gestraft met een geldboete van de tweede categorie of een
                     hechtenis van ten hoogste drie maanden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Toezichthouders</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze
                        verordening zijn belast:</al><lijst><li nr="a."><al>Met betrekking tot zakelijke monumenten als bedoeld in artikel 1,
                              onder a, sub 1; handhaver/plantoetser.</al></li><li nr="b."><al>Met betrekking tot monumentale terreinen als bedoeld in artikel 1,
                              onder a, sub 2; handhaver/plantoetser.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voorts zijn met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of
                        krachtens deze verordening belast de bij besluit van het college dan wel de
                        burgemeester aan te wijzen personen.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Intrekken oude regeling</titel></kop><al>De Verordening Monumentenverordening 2005 wordt ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De op grond van de onder artikel 22 ingetrokken Verordening
                        Monumentenverordening 2005 aangewezen en geregistreerde gemeentelijke
                        monumenten, worden geacht aangewezen en geregistreerd te zijn overeenkomstig
                        de bepalingen van deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Aanvragen om vergunning die zijn ingediend vóór de inwerkingtreding van
                        deze verordening worden afgehandeld met inachtneming van de in artikel 22
                        ingetrokken verordening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking na bekendmaken</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als Monumentenverordening 2010.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>