<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR77123_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Onderwijsachterstandenbeleid (OA) Gemeente Meppel 2006-2010</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Meppel</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-06-19</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Meppel</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Meppeler Courant, 20070606</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Onderwijsachterstandenbeleid (OA) Gemeente Meppel 2006-2010</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=ALGEMENE WET BESTUURSRECHT">Algemene wet bestuursrecht, art. 4:81</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=WET OP HET PRIMAIR ONDERWIJS">Wet op het primair onderwijs</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2007-05-08</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2010-08-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2010-08-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>vervallen van rechtswege</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2007-5038</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Scholing en vormen</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Onderwijsachterstandenbeleid (OA) Gemeente Meppel 2006-2010</intitule><regeling><aanhef><preambule><al> Notitie Onderwijsachterstandenbeleid (OA)</al><al> Gemeente Meppel 2006 - 2010</al><al> Versie definitief concept d.d. 11 april 2007</al><al> Vastgesteld door het college van Burgemeester en wethouders d.d. 8 mei
                        2007</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Deel</label><nr>1</nr><titel>Inleiding</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr/><titel/></kop><al> De “G’ in het GOA (gemeentelijk onderwijs achterstanden) beleid gaat
                            verdwijnen. Vanaf 1 augustus 2006 krijgen scholen en schoolbesturen meer
                            beleidsvrijheid en gemeenten minder taken en minder financiële
                            sturingsmiddelen. Middelen worden verdeeld over gemeenten en
                            schoolbesturen. De uitvoerende regie wordt bij de schoolbesturen
                            neergelegd. Er is géén directe bemoeienis meer van de gemeente met het
                            interne beleid van de schoolbesturen.</al><al> De gezamenlijke problematieken op de beleidsterreinen onderwijs en
                            jeugd worden er echter niet minder op. Van de gemeenten wordt verwacht
                            dat zij zich als meest nabije overheid inzetten op de samenhang in
                            voorzieningen en de sociale infrastructuur voor de jeugd. De gemeente
                            voert lokaal jeugd- en welzijnsbeleid en biedt vooral meerwaarde door in
                            nauwe samenwerking met schoolbesturen, de regie te voeren over het
                            stelsel van hulp- en zorgorganisaties en de samenhang te
                            bevorderen.</al><al> Verantwoordelijkheid gemeenten mbt jeugd en onderwijs:</al><al> Gemeenten hebben op onderwijsgebied de wettelijke verantwoordelijkheid
                            op het gebied van voorkomen en bestrijden van voortijdig schoolverlaten
                            en verzuim (leerplicht en RMC), de lokale infrastructuur, het realiseren
                            van samenhang tussen de schakels binnen de jeugdketen, waaronder het
                            onderwijsachterstandenbeleid, veiligheid, onderwijshuisvesting, eerste
                            opvang van nieuwkomers en leerlingenvervoer.</al><al> Vanuit deze lokale verantwoordelijkheid zal in de toekomst voor wat
                            betreft de gemeentelijke taken in het onderwijsachterstandenbeleid de
                            nadruk komen te liggen op de voorschoolse educatie en het inrichten van
                            schakelklassen.</al><al> Op aanverwante terreinen zoals jeugdbeleid, heeft de gemeente een
                            wettelijke verantwoordelijkheid tav de jeugdgezondheidszorg 0 -19
                            jarigen (op basis van de WCPV), tav de peuterspeelzalen, jeugd en
                            jongerenwerk, opvoedingsondersteuning en het jeugdmaatschappelijk
                            werk.</al><al> Gemeenten hebben een belangrijke regiefunctie in de afstemming tussen
                            de diverse voorzieningen voor jeugdigen in een gemeente. Dit wordt ook
                            benadrukt in het kader van Operatie Jong.</al><al> Verantwoordelijkheid schoolbesturen mbt jeugd en onderwijs:</al><al> Wettelijke verantwoordelijkheid van de schoolbesturen ligt op het vlak
                            van onderwijsprestaties, taalbeleid, ouderbetrokkenheid,
                            informatievoorziening aan ouders en leerlingen, doorstroom primair
                            onderwijs (po) – voortgezet onderwijs (VO), overgang po – vo, speciaal
                            onderwijs, toegankelijkheid en spreiding zorgleerlingen.</al><al> “Schoolbesturen zijn verantwoordelijk voor de bestrijding
                            onderwijsachterstanden van de leerlingen. Zij doen dit door de
                            risicofactoren die leerprestaties negatief beïnvloeden te beperken en
                            door factoren met een positieve invloed te bevorderen. Daarnaast zijn de
                            schoolbesturen primair verantwoordelijk voor schoolontwikkeling,
                            waaronder algemeen schoolbeleid, de kwaliteitszorg en de
                            professionaliteit van leerkrachten en schoolleiding. Ook werken de
                            schoolbesturen mee aan de integrale aanpak van de bestrijding van
                            onderwijsachterstanden op lokaal niveau” (citaat voorstel
                            wetswijziging).</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Deel</label><nr>2</nr><titel>Veranderingen Rijksbeleid onderwijsachterstandenbeleid </titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr/><titel/></kop><al> Op 23 februari 2006 heeft de Tweede Kamer met algemene stemmen het
                            wetsvoorstel over het onderwijsachterstandenbeleid aangenomen. De wet is
                            op 7 juli 2006 in het Staatsblad geplaatst en in werking getreden op 1
                            augustus 2006. De Algemene Maatregel van Bestuur (AMvB) waarin nadere
                            voorwaarden zijn vastgelegd is op 10 oktober 2006 verschenen en heeft
                            een terugwerkende kracht tot 1 augustus 2006. De regelgeving omtrent het
                            onderwijs achterstanden beleid is dus definitief en van kracht vanaf 1
                            augustus 2006.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.1</nr><titel>Wijzigingen Wet op primair onderwijs en het Voortgezet
                                onderwijs</titel></kop><al> Hoofddoel van het nieuwe onderwijsachterstandenbeleid is het effectief
                            en vroegtijdig aanpakken van onderwijsachterstanden. Om dat te
                            bewerkstelligen ligt de nadruk op voor- en vroegschoolse educatie en de
                            totstandkoming van schakelklassen. De vroegschoolse educatie is een
                            verantwoordelijkheid van de schoolbesturen terwijl voor de voorschoolse
                            educatie en de schakelklassen de gemeenten verantwoordelijk zijn
                            zijn.</al><al> Landelijk liggen er twee doelen voor alle gemeenten:</al><al> - op 1 augustus 2010 neemt op landelijk niveau 70 % van de totale
                            populatie van doelgroepkinderen deel aan voorschoolse educatie;</al><al> - op 1 augustus 2010 hebben landelijk 36.000 leerlingen deelgenomen aan
                            een schakelklas.</al><al> Uitgangspunten van het nieuwe onderwijsachterstandenbeleid:</al><al> o taken en verantwoordelijkheden worden zo efficiënt en effectief
                            mogelijk belegd bij schoolbesturen en gemeenten;</al><al> o middelen moeten daar terecht komen waar ze het hardst nodig
                            zijn;</al><al> o meer aandacht voor bestrijden van achterstanden bij autochtone
                            achterstandsleerlingen;</al><al> o bij scholen dient het accent te liggen op het vroegtijdig opsporen en
                            aanpakken van achterstanden.</al><al> Een samenvatting, puntsgewijs overzicht van de wijzigingen:</al><al> - het gaat om een periode van 4 jaar (2006-2010), waarbij de
                            verplichting om een plan op te stellen is geschrapt;</al><al> - de inspectie rapporteert jaarlijks over de mate waarin de doelen
                            worden bereikt;</al><al> - de uitkering wordt berekend door de schoolgewichten bij elkaar op te
                            tellen en te vermenigvuldigen met een bedrag van € 1.368,-: dit vormt
                            het gemeentelijke budget;</al><al> - het bedrag dat door de gemeente wordt besteed aan vroegschoolse
                            educatie moet in schooljaar 2009 – 2010 zijn teruggebracht tot nul;</al><al> - de uitkering kan worden teruggevorderd indien niet besteed in
                            overeenstemming met de wet;</al><al> - in het voortgezet onderwijs richt het onderwijsachterstandenbeleid
                            zich vooral op het behalen van een startkwalificatie en het voorkomen en
                            bestrijden van voortijdig schoolverlaten;</al><al> Verplicht overleg</al><al> Burgemeester en wethouders en de bevoegde gezagsorganen van de scholen
                            voeren tenminste één keer per jaar overleg over het voorkomen van
                            segregatie, het bevorderen van integratie en het bestrijden van
                            onderwijsachterstanden.</al><al> Verdere onderwerpen:</al><al> - afstemming over inschrijving en toelatingsprocedures om te komen tot
                            een evenwichtige verdeling van leerlingen met een
                            onderwijsachterstand;</al><al> - de doorlopende leerlijn van voorschoolse educatie naar het
                            basisonderwijs;</al><al> - het overleg is gericht op het maken van afspraken over bovengenoemde
                            onderwerpen, weergegeven in meetbare doelen met de te realiseren
                            prestaties en inspanningen.</al><al> Artikel 6: voorwaarden voor- en vroegschoolse educatie</al><al> - voorschoolse educatie is bestemd voor doelgroepkinderen van 2 en 3
                            jaar en wordt verzorgd op een peuterspeelzaal of kinderdagverblijf.
                            Hiervoor zijn de gemeenten verantwoordelijk;</al><al> - om de totale omvang van de doelgroep in de voorschoolse periode te
                            bepalen wordt uitgegaan van de omvang van de doelgroep in de
                            vroegschoolse periode;</al><al> - burgemeester en wethouders geven aan op grond van welke criteria een
                            doelgroepkind in aanmerking komt voor het volgen van voorschoolse
                            educatie, waarbij in de regel wordt uitgegaan van criteria voor de
                            gewichtenregeling;</al><al> - elk doelgroepkind neemt tenminste drie dagdelen per week gedurende
                            minimaal 12 maanden deel aan voorschoolse educatie;</al><al> - gedurende het schooljaar 2006/2007 kan ook worden volstaan met
                            tenminste twee dagdelen voorschoolse educatie gedurende 1 jaar;</al><al> - het is van belang dat er wordt gewerkt met kwalitatief goede VVE
                            programma’s met een gestructureerde didactische aanpak die worden
                            uitgevoerd door gekwalificeerd personeel. Alleen dan is VVE
                            effectief;</al><al> - gezinsgerichte programma’s (Opstap en Opstapje) mogen gefinancierd
                            worden vanuit het deel dat bedoeld is voor coördinerende of overige
                            activiteiten;</al><al> - vroegschoolse educatie is bestemd voor doelgroepkinderen van 4 en 5
                            jaar en wordt verzorgd in groep 1 en 2 van de basisschool. Hiervoor zijn
                            de schoolbesturen verantwoordelijk. Scholen(besturen) krijgen een eigen
                            budget voor het realiseren van de vroegschoolse educatie;</al><al> - de gemeente mag in 2006/2007een deel van de uitkering aan
                            vroegschoolse educatie besteden en wordt in het 2e en 3e jaar verminderd
                            en is in het 4e jaar (2009-2010) verminderd tot nul;</al><al> - gemeenten kunnen ervoor kiezen andere criteria te hanteren om een
                            doelgroepkind in de voorschoolse periode te definiëren.</al><al> Artikel 7: voorwaarden schakelklassen</al><al> - schakelklassen kunnen voor alle groepen in het basisonderwijs worden
                            ingericht;</al><al> - burgemeester en wethouders bepalen de criteria voor de selectie.</al><al> Een schakelklas kan op verschillende manieren vorm gegeven worden:</al><al> - als een aparte groep naast de tijdens schooltijd: indien het
                            onderwijs in de schakelklas plaatsvindt in combinatie met onderwijs in
                            de reguliere groep, bedraagt het aantal uren onderwijs dat een leerling
                            in de schakelklas volgt minimaal 8 uren per week, de grootte van de
                            groep kan de school zelf bepalen, het samenstellen van aparte groepjes
                            van leerlingen die extra taalonderwijs krijgen is ook mogelijk, deelname
                            mag voor de periode van één jaar, het kan gaan om zowel ‘neven-
                            instromers’ of om leerlingen die vanuit de reguliere groep een extra
                            leerjaar volgen;</al><al> - in de vorm van verlengde schooldag: indien het onderwijs in de
                            schakelklas plaatsvindt na de reguliere schooltijd, bedraagt het aantal
                            uren onderwijs dat een leerling in de schakelklas volgt minimaal 100
                            uren per schooljaar;</al><al> - als weekend en zomerschool: beschikbaar budget dat bedoeld is voor
                            overige activiteiten kunnen worden ingezet voor zomer- en weekend
                            scholen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.2</nr><titel>Veranderingen schakelklassen / eerste opvang</titel></kop><al> De Rijksoverheid zet fors in op bestrijding van taalachterstanden, in
                            de vorm van schakelklassen. In 21 gemeenten (oa Meppel) is vorig
                            schooljaar gestart met een pilot schakelklas (extra subsidie).
                            Schakelklassen worden een belangrijk thema op de lokale educatieve
                            agenda.</al><al> Het ‘nieuwe’ OA geld gaat rechtstreeks naar de scholen en de
                            schoolbesturen. Het wegvallen van het criterium etniciteit in het
                            toekennen van de gewichtenregeling (uitgangspunt is opleidingniveau van
                            de ouders) heeft gevolgen voor leerlingen in de eerste opvang
                            (asielzoekers en neveninstromers) langer dan een jaar in Nederland. Maar
                            deze kinderen hebben een dusdanige taalachterstand dat doorstroom naar
                            het reguliere onderwijs nog niet mogelijk is. Deze leerlingen, zegt de
                            minister, moeten maar opgevangen worden in de schakelklas. Vanwege de
                            populatie is er in Meppel voor gekozen de pilot te huisvesten bij de
                            eerste opvang. Rondom de eerste opvang is er een regionale samenwerking
                            tussen gemeenten en schoolbesturen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Deel</label><nr>3</nr><titel>Budgetten</titel></kop><structuurtekst><al> Het is van belang om bij de inzet van middelen voor het schooljaar 2006
                            – 2007 inzicht te hebben over de beschikbaarheid van budgetten en door
                            wie en op welke wijze deze budgetten kunnen worden ingezet. Hierbij zijn
                            de er in grote lijnende volgende keuze mogelijkheden:</al><al/></structuurtekst><afdeling><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.1</nr><titel>(g)oa budgetten</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr/><titel/></kop><al> Het Gemeentelijk budget voor onderwijsachterstanden bedraagt €
                                191.520. Dit budget is primair bedoeld om voorschoolse activiteiten
                                en de schakelkas te bekostigen. Daarnaast bestaat de mogelijkheid om
                                15% van dit bedrag in te zetten voor coördinatie en/of activiteiten
                                die zijn gerelateerd aan het onderwijsachterstandenbeleid (zgn.
                                vrije ruimte)</al><al> Voor de periode 2006-2010 kan de gemeente een gedeelte van het
                                budget aan vroegschoolse educatie besteden. In het tweede en derde
                                jaar moet dan sprake zijn van vermindering van het bedrag dat aan
                                vroegschoolse educatie wordt besteed en in het vierde jaar moet dit
                                zijn teruggebracht tot nul.</al><al> Het gemeentelijke budget bedraagt dus € 191.520</al><al> 15% hiervan is € 28.728</al><al> 85% € 162.792</al><al> Totaal € 191.520</al><al> Daarnaast krijgen de schoolbesturen in het kader van het
                                onderwijsachterstandenbeleid de middelen om de vroegschoolse
                                educatie te bekostigen. Uitgangspunt is hierbij is dat de
                                schoolbesturen met deze middelen in staat zijn de vroegschoolse
                                educatie in stand te houden met inachtneming van de afgesproken
                                criteria.</al></artikel></afdeling><afdeling><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.2</nr><titel>Andere budgetten</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.2.1</nr><titel>Budget SBD </titel></kop><al> Van het budget voor de schoolbegeleidingsdiensten is jaarlijks een
                                bedrag beschikbaar van 20% van het bedrag per leerling voor sobere
                                dienstverlening. Voor 2006 heeft besteding van dit budget inmiddels
                                plaatsgevonden. In de gemeentebegroting voor 2007 is op dit
                                onderdeel rekening gehouden met een uitgave van € 48.000. Hiervan is
                                in ieder geval nog beschikbaar een bedrag van € 38.000. Dit bedrag
                                kan worden ingezet ten behoeve van de bekostiging van activiteiten
                                in het kader van het onderwijsachterstandenbeleid.</al><al> Voor de dekking van de additionele kosten van de
                                begeleidingscommissie en ambulante begeleiding van de regionale
                                voorziening van eerst opvang onderwijs stelt de gemeente Meppel een
                                bedrag van maximaal € 10.000,= per jaar beschikbaar.</al><al> Opgemerkt moet hierbij worden dat als gevolg van de
                                stelselwijziging met betrekking tot de schoolbegeleidingsdiensten
                                het gemeentelijk budget schoolbegeleiding vanaf 2008 in principe
                                niet meer beschikbaar is.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.2.2</nr><titel>Budget Jeugd Aan Zet </titel></kop><al> Op deze post is voor 2007 een bedrag van € 17.100 beschikbaar.
                                Gelet op de activiteiten die in het kader van het
                                onderwijsachterstandbeleid worden uitgevoerd en er bovendien sprake
                                is van een “lokale jeugdagenda” in plaats van een “lokale educatieve
                                agenda” is het inzetten van deze middelen een logische keuze.</al><al> Het gaat hier om gezinsgerichte programma’s, voorlichting advies en
                                toeleiding. Dit zijn onderwerpen die ook terugkomen in de
                                themalijnen van het uitvoeringsprogramma van het college.</al><al> Gelet dus op de aard van de activiteiten maar vooral ook gelet op
                                de effectiviteit ervan en de breed gedragen wens deze activiteiten
                                te continueren pleit voor de inzet van dit budget.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.2.3</nr><titel>Voorziening GOA</titel></kop><al> Bij nader inzien is gebleken dat er onder meer voor de uitvoering
                                van het onderwijsachterstandenbeleid 2006 – 2010 nog budget
                                beschikbaar is in een ‘voorziening Gemeentelijk Onderwijs
                                Achterstandenbeleid’. (begrotingscode 7.910.640)</al><al> De definitieve stand van de voorziening kan pas na de controle
                                specifieke uitkering GOA 2006 (uiterlijk 15 juli 2007 in te dienen
                                bij CFI) worden vastgesteld.</al><al> Een eventueel verschil tussen het beschikbare budget en
                                daadwerkelijke uitgaven wordt onttrokken aan de voorziening GOA. De
                                voorziening is hiervoor toereikend.</al></artikel></afdeling><afdeling><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.3</nr><titel>Beschikbaar budget </titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr/><titel/></kop><al> Op grond van het vorenstaande kan worden vastgesteld dat de
                                volgende budgetten beschikbaar zijn:</al><al> Voorscholen en educatie € 162.792</al><al> Vrije ruimte 28.728</al><al> SBD 38.000</al><al> JAZ 2007 17.100</al><al> Voorziening GOA (begrotingscode 7.910.640) pm</al><al> Totaal beschikbaar € 246.620</al><al> In onderstaande tabel wordt een overzicht gegeven van de uitgaven
                                in 2005/2006.</al><al> In de kolommen ernaast staat aangegeven welke aanvragen er zijn
                                voor het schooljaar 2006/2007. Hierin is een splitsing aangebracht
                                tussen de activiteiten die primair dienen te worden bekostigd door
                                de schoolbesturen. (In de overgangstermijn mag de gemeente hierin
                                ook nog bijdragen). De activiteiten in de kolom gemeente komen ten
                                laste van de gemeente.</al><al> Ten behoeve van het maken van vergelijkingen is de tabel dit
                                onderscheid ook aangebracht in het schooljaar 2005/2006.</al><al> De kolom 2006/2007- gemeente geeft aan dat is aangevraagd tot een
                                bedrag van € 269.911,00</al><al> Beschikbaar is in totaal een bedrag van € 246.620. Dit impliceert
                                dat niet alle aanvragen gehonoreerd kunnen worden.</al><al> Schooljaar 2005/2006 2006/2007</al><al> Omschrijving Gemeente Schoolbest Gemeente Schoolbest.</al><al> 1 Voorschool Haveltermade 54.794 54.794</al><al> 2 Vroegschool Beatrix 26.438 30.025</al><al> 3 Vroegschool Woldstroom 17.602 84.000</al><al> 4 Voorschool Koedijkslanden 22.630 45.763</al><al> 5 Vroegschool Koedijkslnd 436 6.667 9.950</al><al> 6 Vroegschool ‘t Kompas 7.458 6.667</al><al> 7 Vroegschool Zuiderbasis 7.458 6.667 8.772</al><al> 8 Stap in SWM 19.198</al><al> 9 Babyboekpret SWM 4.235</al><al> 10 Opstapje Op Stap 46.264 34.200</al><al> 11 Monitoring Kobalt 25.000</al><al> 12 snb mw Woldstr./Beatrix 16.000 16.000</al><al> 13 Deeln buurtnetwrk SPMN 2.000 2.000</al><al> 14 Coördin. Buurtntwrk SWM 6.484 8.000</al><al> 14A Uitbreiding Buurtntwrk Oosterboer en Centrum 7.000</al><al> 15 Schakelklas 39.354</al><al> 16 TOTAAL A 196.605 59.392 227.112 132.747</al><al> 255.997 359.858</al><al> 17 Nieuwe wensen</al><al> 18 Opvoedpunten: 20.000</al><al> 19 Uitbouw opvoedpunten JIP 16.300</al><al> 20 Ambtelijke inzet 6.500</al><al> 21 Totaal 42.800</al><al> 22 Totaal A 227.112</al><al> 23 Totaal generaal 196.605 59.392 269.912 132.747</al></artikel></afdeling></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Deel</label><nr>4</nr><titel>Inzet van de budgetten</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.1</nr><titel>Gemeentelijk budget onderwijsachterstanden</titel></kop><al> 1. SPMN Haveltermade voorschools (regel 1 van tabel) € 54.794</al><al> 2. SPMN Koedijkslanden voorschools</al><al> (6 groepen 2 dagdelen) (regel 4) 45.763</al><al> 3. Schakelklas (regel 15) 39.354</al><al> 4. subsidiëring overgang VVE 2006/2007 basisschool</al><al> a. Koedijkslandenschool (regel 5) 6.667</al><al> b. ’t Kompas (regel 6) 6.667</al><al> c. Zuiderbasisschool (regel 7) 6.667</al><al> Totaal € 159.912</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.2</nr><titel>Gemeentelijk budget onderwijsachterstanden: vrije ruimte </titel></kop><al> 1. Schoolnabij MW Woldstroom/Beatrix (regel 12) € 16.000</al><al> 2. Coördinatie Buurtnetwerk SWM (regel 14) 8.000</al><al> 3. Uitbreiding Buurtnetwerken Oosterboer en Centrum</al><al> (regel 14A) 7.000</al><al> 4. Ambtelijke inzet: 4 uur x € 30 x 40 weken (regel 20) 4.800</al><al> Totaal € 35.800</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.3</nr><titel>Gemeentelijk budget SBD en JAZ </titel></kop><al> 1. projectmedewerker Op Stap/Stapje (regel 10) € 34.200</al><al> 2. ontwikkelen en oprichten opvoedpunten (regel 18) 20.000</al><al> 3. deelname SPMN aan buurtnetwerk (regel 13) 2.000</al><al> Totaal € 56.200</al><al> Het totaal ter beschikking te stellen OAB subsidie is dan €
                            251.911,00.</al><al> Wanneer het budget op deze wijze wordt ingezet is er een tekort van €
                            5.291,00, dit</al><al> Tekort over het schooljaar 2006/2007 wordt ten laste van de voorziening
                            GOA gebracht.</al><al> Van de aanvragen is niet gehonoreerd de verdere uitbouw van de
                            opvoedpunten met JIP tot een bedrag van € 16.300.</al><al> Bovengenoemde bedragen zijn de maximaal te verstrekken subsidies. Op
                            basis van de (nogmaals) in te dienen aanvragen wordt achteraf na een
                            inhoudelijke en financiële</al><al> verantwoording de definitief subsidie vastgesteld. De vast te stellen
                            subsidie kan niet hoger zijn dan de verstrekte voorlopige subsidie.</al><al> De dekking van de bovenstaande activiteiten komt uit een drietal
                            budgetten. De te onderscheiden budgetten worden op basis van realisatie
                            na ontvangst van de verantwoordingen van betreffende instellingen
                            belast.</al><al> Aanvullingen n.a.v. bespreking van de conceptnotitie d.d 6
                            november</al><al> per maart 2007:</al><al> • In het overzicht van uit te voeren activiteiten wordt de uitbreiding
                            van de buurtnetwerken in de wijken Oosterboer en Centrum niet genoemd.
                            Deze activiteiten hadden echter wel opgenomen moeten worden. De kosten
                            voor de uitbreiding van buurtnetwerken waren geraamd op € 12.000,= voor
                            het schooljaar 2006/2007.</al><al> Met terugwerkende kracht vanaf 1 januari 2007 is voor de uitbreiding
                            van buurtnetwerken in Oosterboer en Centrum een maximaal budget van €
                            7.000,= beschikbaar (7/12 deel van oorspronkelijke raming).</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Deel</label><nr>5</nr><titel>Overwegingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.1</nr><titel>Algemeen</titel></kop><al> Als uitgangspunt is genomen de scheiding in (financiële)
                            verantwoordelijkheid tussen gemeentebestuur en schoolbesturen. Dit houdt
                            dan in dat de gemeentelijke uitgaven beperkt blijven tot de schakelklas
                            en de voorschoolse voorzieningen. Geen gemeentelijke bijdrage wordt dus
                            verleend aan vroegschoolse activiteiten.</al><al> In dit voorstel zetten de schoolbesturen hun eigen OA middelen in tbv
                            het vroegschoolse deel. Welke dagdeel, al dan niet lesgebonden uren,
                            leerkracht of onderwijsassistent is naar eigen inzicht, behoudens de
                            wettelijke regels. De gemeente zet gemeentelijke middelen in tbv
                            voorschoolse educatie in de peuterspeelzalen, conform de nieuwe OA
                            wet.</al><al> De verplichting om na drie jaar de gemeentelijke inzet mbt vroegschools
                            volledig op nul te zetten, wordt dus dit schooljaar al gehanteerd.
                            Uitzondering hierop is dat er voor het schooljaar 2006/2007 voor de
                            basisscholen ’t Kompas, Koedijkslandenschool en de</al><al> Zuiderbasisschool nog een VVE overgangssubsidie beschikbaar wordt
                            gesteld.</al><al> Het betreft hier een éénjarige overgangssituatie ten behoeve van de
                            uitvoering van de tutoring in het kader van het VVE Piramide
                            project.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.2</nr><titel>Schakelklas</titel></kop><al> De werkgroep schakelklas heeft op verzoek van het OOGO een evaluatie
                            van de pilot-periode (eerste helft 2006) overhandigd. Deze laat absoluut
                            positieve resultaten zien, ook al heeft de klas maar een half jaar met
                            ongeveer 5 leerlingen gedraaid.</al><al> Dilemma mbt voortgang is tweeledig: voor het aantal leerlingen dat op
                            moment van evaluatie staan aangemeld voor de schakelklas in 2006 – 2007
                            betreft eveneens een laag aantal (7 leerlingen). Ten tweede is het
                            bedrag per leerling relatief erg hoog. Ook al zijn de resultaten per
                            leerling uitmuntend te noemen.</al><al> Eind juli 2006 heeft is besloten om voor minstens één jaar door te gaan
                            met de schakelklas. Dit besluit kon niet ieders goedkeuring dragen,
                            omdat dit, ten dele, ten koste gaat van voortzetting VVE vroegschools in
                            Koedijkslanden.</al><al> Gedurende het schooljaar 2006 -2007 blijft de schakelklas functioneren.
                            Dit biedt de mogelijkheid om de evaluatie te laten plaatsvinden over een
                            wat langere periode.</al><al> Om tot een goede evaluatie te komen is het nodig om de
                            evaluatiecriteria vooraf vast te stellen.</al><al> In het extra OOGO d.d. 12 maart 2007 heeft het OOGO positief
                            geadviseerd over de opgesteld evaluatiecriteria. Het opgestelde
                            evaluatieformulier is als bijlage toegevoegd.</al><al> Om over eventuele continuering van de schakelklas tijdig te kunnen
                            besluiten is het noodzakelijk in juni 2007 een evaluatie beschikbaar te
                            hebben van 1 ½ jaar schakelklas.</al><al> In het extra OOGO d.d. 12 maart 2007 is de tussentijdse evaluatie van
                            de schakelklas besproken en heft het OOGO positief geadviseerd over de
                            opgestelde criteria voor de voortgang van schakelklas(sen) vanaf 1
                            augustus 2008. Het schooljaar 2007/2008 dient als overgangsjaar naar de
                            nieuwe situatie. De bestaande schakelklas kan derhalve in de huidige
                            vorm en omvang in 2007/2008 worden voortgezet.</al><al> De criteria ‘voortgang schakelklassen’ zijn als bijlage
                            toegevoegd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.3</nr><titel>Aantal dagdelen Voorschoolse Educatie </titel></kop><al> In de regelgeving zoals die nu van toepassing is, is als uitgangspunt
                            genomen dat bij de voorschoolse educatie sprake moet zijn van drie
                            dagdelen VVE. Als overgangsmaatregel kan in het schooljaar 2006 – 2007
                            nog worden volstaan met twee dagdelen vroegschoolse educatie. Mede als
                            gevolg van het uitgangspunt dat geen gemeentelijke gelden worden ingezet
                            voor vroegschoolse educatie en dat drie dagdelen wettelijk is
                            voorgeschreven, wordt in de voorstellen nu uitgegaan van drie dagdelen
                            voorschoolse educatie.</al><al> Ten aanzien van de voorschoolse evaluatie wordt, wat betreft het bereik
                            van de doelgroepkinderen het bestaande beleid voortgezet. Onderzocht
                            wordt wat de mogelijkheden zijn om de voorschoolse educatie meer toe te
                            spitsen op de doelgroepkinderen. Ook op dit onderdeel worden in de loop
                            van het schooljaar voorstellen gedaan.</al><al> In het extra OOGO d.d. 4 april 2007 is geconcludeerd dat er nader
                            onderzoek nodig is met betrekking tot de gewenste bredere definiëring
                            van de doelgroep voor het voorschoolse VVE beleid tot ‘Zorgkinderen’. Op
                            korte termijn wordt hiertoe een afspraak gemaakt en voor het schooljaar
                            2007/2008 wordt de huidige doelgroepdefinitie `alle peuters die naar een
                            peuterspeelzaal gaan in de wijken Haveltermade en Koedijkslanden`
                            gehanteerd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.4</nr><titel>Vrije ruimte </titel></kop><al> De middelen uit de vrije ruimte wordt gebruikt om de BuurtNetWerken en
                            het schoolmaatschappelijk werk daar waar het al jarenlang een effectief
                            instrument blijkt (Koedijkslanden en Haveltemade), te handhaven. Tevens
                            wordt een uitbreiding, met ingang van 1 januari 2007, gerealiseerd in de
                            wijken Oosterboer en Centrum.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.5</nr><titel>Op Stap(je)/Opvoedpunten </titel></kop><al> Argumenten om uit JAZ en SABD middelen de projectmedewerker Op stap /
                            op stapje en het ontwikkelen en oprichten opvoedpunten te financieren is
                            gelegen in het volgende.</al><al> Ten eerste is in diverse OOGO overleggen (juni en juli 2006 en zelfs
                            die van september) de nadrukkelijke wens uitgesproken om de
                            gezinsgerichte programma’s te continueren.</al><al> Bovendien zijn in het uitvoeringsprogramma 2006 – 2010 Meer Doen met
                            Meppel, onder themalijn 5, voorlichting en advies en signalering en
                            toeleiding belangrijke thema’s en in lijn 4 opvoed- en
                            gezinsondersteuning. Genoemde twee projecten sluiten uitstekend bij deze
                            thema’s aan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.6</nr><titel>Uitbouw opvoedpunten met JIP </titel></kop><al>Argument om het uitbouwen van de opvoedpunten met een JIP niet te
                            financieren uit bovengenoemde budgetten, is gelegen in het feit dat deze
                            uit het WMO budget gefinancierd gaan worden. In het uitvoeringsprogramma
                            2006 – 2010 Meer Doen met Meppel, onder themalijn 5, staat onder
                            voorlichting en advies: “starten Jongeren opvang team (JOT) en het
                            openen van een jongerenloket in 2007 uit regulier budget”</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van</ondertekening><ondertekening> de griffier, de voorzitter,</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>