<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR77110_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Reglement Gemeenschappelijke Meddezeggenschap Openbaar Onderwijs</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Neder-Betuwe</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-22</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Neder-Betuwe</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Elektronisch Gemeenteblad, 09-03-2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Reglement Gemeenschappelijke Meddezeggenschap Openbaar Onderwijs</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:v:BWBR0005416">Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>onderwijs</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-23</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-03-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-03-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>intrekking</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Z/14/30689</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Onderwijs</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Reglement Gemeenschappelijke Meddezeggenschap Openbaar Onderwijs</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Model reglement GMR Openbaar Basisonderwijs</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>2</nr><titel>DE GEMEENSCHAPPELIJKE MEDEZEGGENSCHAPSRAAD</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><al>1 Er is een gemeenschappelijke medezeggenschapsraad voor de
                            scholen.</al><al>2 De leden van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad worden
                            rechtstreeks uit en door de betrokken afzonderlijke
                            medezeggenschapsraden gekozen volgens de bepalingen van dit
                            reglement.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Omvang en samenstelling van de raad</titel></kop><al>Iedere afzonderlijke medezeggenschapsraad kiest uit zijn midden twee
                            leden van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad, waarvan een lid
                            gekozen is uit en door de personeelsgeleding en een lid gekozen is uit
                            en door de ouder- of leerlingengeleding.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Adviseurs</titel></kop><al>1 De gemeenschappelijke medezeggenschapsraad en het bevoegd gezag kunnen
                            na onderling overleg derden uitnodigen om als adviseur bijeenkomsten van
                            de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad en het bevoegd gezag bij te
                            wonen.</al><al>2 Een vertegenwoordiger van de plaatselijke afdeling van de Vereniging
                            voor Openbaar Onderwijs kan als adviseur deelnemen aan de bijeenkomsten
                            van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad.</al><al>3 Een adviseur heeft spreekrecht.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Zittingsduur</titel></kop><al>1 Een lid van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad heeft zitting
                            voor de periode dat hij deel uitmaakt van de medezeggenschapsraad
                            waardoor en waaruit hij is gekozen.</al><al>2 Een lid van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad treedt na zijn
                            zittingsperiode af en is terstond herkiesbaar, mits hij op dat tijdstip
                            zitting heeft in een van de bij de gemeenschappelijke
                            medezeggénschapsraad aangesloten medezeggenschapsraden.</al><al>3 Behalve door periodieke aftreding eindigt het lidmaatschap van de
                            gemeenschappelijke medezeggenschapsraad:</al><al>a door overlijden;</al><al>b door opzegging door het lid;</al><al>c door ondercuratelestelling.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Verkiezingen</titel></kop><al>Het bevoegd gezag kan, na advies van de betrokken medezeggenschapsraden,
                            aanwijzingen geven voor de organisatie en de wijze van verkiezing van de
                            leden van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>3</nr><titel>ALGEMENE BEVOEGDHEDEN EN TAKEN GEMEENSCHAPPELIJKE
                            MEDEZEGGENSCHAPSRAAD</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><al>1 De gemeenschappelijke medezeggenschapsraad wordt ten minste tweemaal
                            per jaar in de gelegenheid gesteld de algemene gang van zaken in de
                            scholen met het bevoegd gezag te bespreken.</al><al>2 Het bevoegd gezag en de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad komen
                            bijeen, indien daarom onder opgave van redenen wordt verzocht door het
                            bevoegd gezag, de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad of het deel
                            van de raad, dat uit en door het personeel onderscheidenlijk uit en door
                            de ouders en de leerlingen is gekozen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Initiatiefbevoegdheid gemeenschappelijke
                                medezeggenschapsraad</titel></kop><al>1 De gemeenschappelijke medezeggenschapsraad is bevoegd tot bespreking
                            van alle aangelegenheden die van gemeenschappelijk belang zijn voor de
                            scholen. Hij is bevoegd over deze aangelegenheden aan het bevoegd gezag
                            voorstellen te doen en standpunten kenbaar te maken.</al><al>2 Het bevoegd gezag brengt op de voorstellen bedoeld in het eerste lid
                            binnen drie maanden een schriftelijke, met redenen omklede reactie uit
                            aan de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad. Alvorens hiertoe
                            over</al><al>q vaststelling of wijziging van het beleid met betrekking tot het
                            onderhoud van de school;</al><al>r aansluiting bij een geschillencommissie en</al><al>s fundamentele wijziging in de huisvesting, anders dan de
                            aangelegenheden onder p en q.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Instemmingsbevoegdheid personeelsgeleding</titel></kop><al>Het bevoegd gezag behoeft de voorafgaande instemming van dat deel van de
                            gemeenschappelijke medezeggenschapsraad dat uit en door het personeel is
                            gekozen voor de door hem voorgenomen besluiten met betrekking tot de
                            volgende aangelegenheden:</al><al>a regeling van de gevolgen voor het personeel van een besluit met
                            betrekking tot een aangelegenheid als hiervoor bedoeld in artikel 11 in
                            de onderdelen a, d, e, f, g en o, alsmede met betrekking tot een
                            aangelegenheid als hierna bedoeld in artikel 13, onderdelen d en e;</al><al>b vaststelling of wijziging van de inzet, de samenstelling daaronder
                            begrepen, van de formatie in het volgende schooljaar;</al><al>c vaststelling of wijziging van regels met betrekking tot de nascholing
                            van het personeel;</al><al>d vaststelling of wijziging van een mogelijk werkreglement voor het
                            personeel en van de opzet en de inrichting van het werkoverleg, voor
                            zover het besluit van algemene gelding is voor alle of een gehele
                            categorie van personeelsleden;</al><al>e vaststelling of wijziging van de verlofregeling van het
                            personeel;</al><al>f vaststelling of wijziging van een arbeids- en rusttijdenregeling voor
                            het personeel;</al><al>g vaststelling of wijziging van het beleid met betrekking tot de
                            toekenning van salarissen, toelagen en gratificaties aan het
                            personeel;</al><al>h vaststelling of wijziging van de taakverdeling respectievelijk de
                            taakbelasting binnen het personeel, de schoolleiding daaronder niet
                            begrepen;</al><al>i vaststelling of wijziging van het beleid met betrekking tot
                            personeelsbeoordeling, functiebeloning en functiedifferentiatie;</al><al>j vaststelling of wijziging van het beleid met betrekking tot het
                            verzilveren, sparen, poolen en overhevelen van
                            formatierekeneenheden;</al><al>k regeling van de aangelegenheden van algemeen belang voor de
                            rechtstoestand van het personeel van de scholen, indien en voor zover
                            dit op grond van artikel 5 van de CAO primair onderwijs aan de
                            personeelsgeleding van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad is
                            overgelaten;</al><al>l regeling van de rechtspositie van het personeel alsmede overige
                            aangelegenheden van algemeen belang voor de bijzondere rechtstoestand
                            van het personeel, indien en voor zover dit op grond van artikel J1.2
                            van de CAO voortgezet onderwijs 1996 aan de personeelsgeleding van de
                            gemeenschappelijke medezeggenschapsraad is opgedragen;</al><al>m vaststelling of wijziging van de klachtenregeling.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Instemmingsbevoegdheid ouders-/leerlingengeleding</titel></kop><al>Het bevoegd gezag behoeft de voorafgaande instemming van dat deel van de
                            gemeenschappelijke medezeggenschapsraad dat uit en door de ouders en/of
                            de leerlingen is gekozen, voor de door hem voorgenomen besluiten met
                            betrekking tot:</al><al>a regeling van de gevolgen voor de ouders of leerlingen van een besluit
                            met betrekking tot een aangelegenheid als hiervoor bedoeld in artikel 11
                            onderdelen a, d, e, f, g en o;</al><al>b de vaststelling of wijziging van de hoogte en de vaststelling of
                            wijziging van de bestemming van de middelen die van de’ ouders of de
                            leerlingen wordt gevraagd zonder dat daartoe een wettelijke verplichting
                            bestaat onderscheidenlijk zijn ontvangen op grond van een overeenkomst
                            die door de ouders is aangegaan;</al><al>c vaststelling of wijziging van het beleid met betrekking tot
                            voorzieningen ten behoeve van leerlingen;</al><al>d vaststelling van het leerlingenstatuut bedoeld in artikel 24g van de
                            Wet op het voortgezet onderwijs dan wel een mogelijk ouders- of
                            leerlingenstatuut anders dan bedoeld in artikel 24g van de Wet op het
                            voortgezet onderwijs.</al><al>e de aanvaarding van materiële bijdragen of geldelijke bijdragen anders
                            dan onder b bedoeld en niet gebaseerd op de onderwijswetgeving indien
                            het bevoegd gezag daarbij verplichtingen op zich neemt waarmee de
                            leerlingen binnen de schooltijden respectievelijk het onderwijs en
                            tijdens de activiteiten die worden georganiseerd onder
                            verantwoordelijkheid van het bevoegd gezag, alsmede tijdens het
                            overblijven, worden geconfronteerd;</al><al>medezeggenschapsraad die het aangaat, worden verlengd.</al><al>5 Met inachtneming van de in het eerste en tweede lid bedoelde termijnen
                            stelt de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad dan wel de geleding van
                            de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad die het aangaat, het bevoegd
                            gezag zo spoedig mogelijk schriftelijk in kennis van de hem gevraagde en
                            ongevraagde adviezen over het al dan niet verlenen van instemming met de
                            voorgenomen besluiten met betrekking tot de aangelegenheden als bedoeld
                            in artikel 11 respectievelijk de artikelen 10, 12 en 13 van dit
                            reglement.</al><al>6 Indien de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad dan wel dat deel van
                            de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad gekozen door de geleding die
                            het aangaat, niet binnen de in het eerste en tweede lid bedoelde termijn
                            advies uitbrengt dan wel geen uitsluitsel geeft over het al dan niet
                            verlenen van instemming, wordt de gemeenschappelijke
                            medezeggenschapsraad geacht het eens te zijn met, respectievelijk in te
                            stemmen met het aan de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad
                            voorgelegde voorgenomen besluit.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Adviesaanvrage en niet volgen advies</titel></kop><al>Indien een te nemen besluit ingevolge het bepaalde in artikel 11 van dit
                            reglement vooraf voor advies dient te worden voorgelegd aan de
                            gemeenschappelijke medezeggenschapsraad, draagt het bevoegd gezag er
                            zorg voor dat:</al><al>a advies wordt gevraagd op een zodanig tijdstip dat het advies van
                            wezenlijke invloed kan zijn op de besluitvorming;</al><al>b de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad in de gelegenheid wordt
                            gesteld met hem overleg te voeren voordat advies wordt uitgebracht;</al><al>c de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad zo spoedig mogelijk
                            schriftelijk in kennis wordt gesteld van de wijze waarop aan het
                            uitgebrachte advies gehoor wordt gegeven;</al><al>d de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad, indien het bevoegd gezag
                            het advies niet of niet geheel wil volgen de redenen daartoe zo spoedig
                            mogelijk worden medegedeeld en dat de raad in de gelegenheid wordt
                            gesteld met hem nader overleg te voeren, alvorens het besluit definitief
                            wordt genomen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>5</nr><titel>OVERIGE BEVOEGDHEDEN GEMEENSCHAPPELIJKE MEDEZEGGENSCHAPSRAAD</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Overige taken gemeenschappelijke medezeggenschapsraad</titel></kop><al>1 De gemeenschappelijke medezeggenschapsraad bevordert naar vermogen
                            openheid, openbaarheid en onderling ,verleg in de scholen.</al><al>2 De gemeenschappelijke medezeggenschapsraad waakt voorts in het
                            algemeen tegen discriminatie op welke grond dan ook en bevordert gelijke
                            behandeling in gelijke gevallen en in het bijzonder de gelijke
                            behandeling van mannen en vrouwen en de inschakeling van gehandicapten
                            en allochtone werknemers.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Gelijke behandeling</titel></kop><al>De gemeenschappelijke medezeggenschapsraad is bevoegd om overeenkomstig
                            artikel 12, tweede lid, aanhef, onderdeel d vair de Algemene wet gelijke
                            behandeling de Commissie gelijke behandeling schriftelijk te verzoeken
                            te onderzoeken of op n of meer van de scholen die zijn aangesloten bij
                            de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad, een onderscheid is of wordt
                            gemaakt als bedoeld in de Algemene wet gelijke behandeling, de Wet
                            gelijke behandeling mannen en vrouwen of artikel 646 Boek 7 van het
                            Burgerlijk Wetboek, en zijn oordeel daarover kenbaar te maken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Arbeidsomstandigheden</titel></kop><al>De gemeenschappelijke medezeggenschapsraad heeft de bevoegdheden als
                            bedoeld in artikel 1.1 1, eerste lid van het
                            Arbeidsomstandighedenbesluit (Stb. 1997, 60) juncto artikel 14, eerste
                            lid van de Arbeidsomstandighedenwet (Stb. 1990, 94), alsmede de
                            bevoegdheden als bedoeld in de artikelen 35, 40, 41 en 42 van de
                            Arbeidsomstandighedenwet (Stb. 1990, 94), krachtens welke de
                            gemeenschappelijke medezeggenschapsraad:</al><al>a de nodige inlichtingen worden verschaft;</al><al>b in de gelegenheid wordt gesteld zijn mening kenbaar te maken dan wel
                            te worden gehoord;</al><al>c het recht heeft een verzoek om wetstoepassing te doen;</al><al>d het recht heeft een bezwaarschrift in te dienen.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>6</nr><titel>INRICHTING EN WERKWIJZE GEMEENSCHAPPELIJKE
                            MEDEZEGGENSCHAPSRAAD</titel></kop><structuurtekst><al>medezeggenschapsraad onthoudt.</al><al>7 Het bevoegd gezag neemt de beslissing bedoeld in het eerste lid niet
                            eerder dan nadat de belanghebbende - indien hij dat wenst in het bijzijn
                            van een raadsman - in de gelegenheid is gesteld zich mondeling of
                            schriftelijk te verweren.</al><al>8 Van het mondeling verweer maakt het bevoegd gezag aanstonds
                            proces-verbaal op dat na voorlezing wordt ondertekend door hem te wiens
                            overstaan het verweer heeft plaatsgevonden en door de belanghebbende.
                            Weigert de belanghebbende de ondertekening dan wordt daarvan, zo
                            mogelijk met vermelding van redenen, melding gemaakt. Een afschrift van
                            het proces-verbaal wordt aan de belanghebbende uitgereikt.</al><al>9 Van de beslissing wordt de belanghebbende onverwijld bij aangetekende
                            brief in kennis gebracht. De beslissing is met redenen omkleed, en
                            vermeldt op welke wijze, binnen welke termijnen en bij welke instantie
                            beroep openstaat.</al><al>10 Het lid van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad dat in zijn
                            hoedanigheid van lid van de medezeggenschapsraad voor bepaalde tijd is
                            uitgesloten van deelname aan de werkzaamheden van de
                            medezeggenschapsraad, is voor eenzelfde periode uitgesloten van deelname
                            aan de werkzaamheden van de gemeenschappelijke
                            medezeggenschapsraad.</al></structuurtekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Jaarverslag</titel></kop><al>1 De secretaris maakt jaarlijks een verslag van de werkzaamheden van de
                            gemeenschappelijke medezeggenschapsraad in het afgelopen jaar.</al><al>2 Het jaarverslag wordt vastgesteld door de gemeenschappelijke
                            medezeggenschapsraad en ter kennisneming gezonden dan wel bekendgemaakt
                            aan het bevoegd gezag en de eventuele gemeenschappelijke geledingsraden,
                            alsmede aan de schoolleiding en de medezeggenschapsraden van de bij de
                            gemeenschappelijke medezeggenschapsraad aangesloten scholen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Gemeenschappelijke geledingenraad</titel></kop><al>De gemeenschappelijke medezeggenschapsraad stelt de eventuele
                            gemeenschappelijke geledingenraden ten minste eenmaal per jaar in de
                            gelegenheid om over aangelegenheden die de betrokken geleding in het
                            bijzonder aangaan met hem overleg te voeren.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Huishoudelijk reglement en verdeling beschikbare middelen</titel></kop><al>De gemeenschappelijke medezeggenschapsraad legt in een bijlage bij het
                            reglement vast:</al><al>a een huishoudelijk reglement waarin ten minste zijn geregeld de
                            agendering, de besluitvorming en het verslag van de vergadering;</al><al>b de wijze waarop door het bevoegd gezag beschikbaar gestelde middelen
                            voor de raad en de eventuele geledingenraden worden verdeeld.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>7</nr><titel>PROCEDURE IN GEVAL VAN GESCHILLEN</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Competentie geschillencommissie</titel></kop><al>1 Geschillen als bedoeld in deze titel worden voorgelegd aan de
                                Landelijke geschillencommissie voor het openbaar onderwijs.</al><al>2 Het reglement van de Landelijke geschillencommissie voor het
                                openbaar onderwijs is van toepassing.</al></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Geschil bijzondere instemmingsbevoegdheid raad</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr></kop><al>Indien aan een te nemen besluit van het bevoegd gezag de instemming,
                                vereist ingevolge de artikelen 10, 12 dan veel 13 van dit reglement,
                                is onthouden, deelt het bevoegd gezag binnen 3 maanden aan de
                                gemeenschappelijke medezeggenschapsraad mede of het voorstel wordt
                                ingetrokken dan wel of het voorstel wordt voorgelegd aan de
                                Landelijke geschillencommissie voor het openbaar onderwijs. Indien
                                deze mededeling niet binnen drie maanden wordt gedaan, vervalt het
                                voorstel.</al><al>medezeggenschapsraad de Landelijke geschillencommissie voor het
                                openbaar onderwijs verzoeken een termijn te bepalen waarbinnen het
                                overleg alsnog plaatsvindt.</al></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>8</nr><titel>OVERIGE BEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>38</nr><titel>Rechtsbescherming</titel></kop><al>Het bevoegd gezag draagt er zorg voor dat de personen die kandidaat zijn
                            geweest voor het lidmaatschap van de gemeenschappelijke
                            medezeggenschapsraad, alsmede de leden en de gewezen leden van de
                            gemeenschappelijke medezeggenschapsraad niet uit hoofde daarvan worden
                            benadeeld in hun positie met betrekking tot de school waaraan zij zijn
                            verbonden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>39</nr><titel>Informatieverstrekking</titel></kop><al>1 Het bevoegd gezag verstrekt de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad
                            aan het begin van het schooljaar schriftelijk de basisgegevens met
                            betrekking tot de hoofdpunten van het reeds vastgestelde beleid. Het
                            bevoegd gezag stelt de raad ten minste eenmaal per jaar schriftelijk in
                            kennis van het door hem in het afgelopen jaar gevoerde beleid en van de
                            beleidsvoornemens voor het komende jaar ten aanzien van de aangesloten
                            scholen op financieel, organisatorisch en onderwijskundig gebied.</al><al>2 Het bevoegd gezag en de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad
                            verschaffen elkaar, al dan niet gevraagd, tijdig alle inlichtingen die
                            zij voor de vervulling van hun taak redelijkerwijze nodig hebben.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>40</nr><titel>Wijziging reglement</titel></kop><al>1 Het bevoegd gezag legt elke wijziging van dit reglement met betrekking
                            tot de bijzondere bevoegdheden als bedoeld in de artikelen 10 tot en met
                            13 van dit reglement als voorstel voor aan de medezeggenschapsraad van
                            de afzonderlijke scholen die bij de gemeenschappelijke
                            medezeggenschapsraad zijn betrokken en stelt het gewijzigde reglement
                            niet vast dan nadat het na overleg al dan niet gewijzigde voorstel de
                            instemming van zowel het bevoegd gezag als ten minste tweederde van het
                            aantal leden van iedere afzonderlijke medezeggenschapsraad heeft
                            verworven.</al><al>2 Het bevoegd gezag legt elke wijziging van dit reglement, behoudens die
                            met betrekking tot de artikelen 10 tot en met 13 van dit reglement, als
                            voorstel voor aan de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad en stelt
                            het gewijzigde reglement niet vast dan nadat het na overleg al dan niet
                            gewijzigde voorstel de instemming van ten minste tweederde van het
                            aantal leden van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad heeft
                            verworven.</al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Titeldeel</label><nr>9</nr><titel>OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>41</nr><titel>Overgangsrecht gemeenschappelijke medezeggenschapsraad</titel></kop><al>Vervallen</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>42</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Dit reglement kan worden aangehaald als ’reglement voor de
                            gemeenschappelijke medezeggenschapsraad openbare scholen ... (naam van
                            het bestuur) en treedt in werking op ...’.</al><al>2 Wordt bij een stemming over personen bij de eerste stemming geen
                            gewone meerderheid behaald, dan vindt herstemming plaats tussen hen die
                            bij de eerste stemming de meeste stemmen kregen.</al><al>Bij deze herstemming is diegene gekozen die alsdan de meeste stemmen op
                            zich verenigd heeft. Indien de stemmen staken, beslist het lot.</al><al>3 Bij staking van de stemmen over een door de gemeenschappelijke
                            medezeggenschapsraad te nemen besluit dat geen betrekking heeft op
                            personen, wordt deze zaak op de eerstvolgende vergadering van de
                            gemeenschappelijke medezeggenschapsraad opnieuw aan de orde
                            gesteld.</al><al>Staken de stemmen opnieuw, dan wordt het voorstel geacht te zijn
                            verworpen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Verslag</titel></kop><al>De secretaris maakt van iedere vergadering van de gemeenschappelijke
                            medezeggenschapsraad een verslag dat in de volgende vergadering door de
                            gemeenschappelijke medezeggenschapsraad wordt vastgesteld.</al><al>Het verslag wordt overeenkomstig de wijze als omschreven in artikel 4,
                            vierde lid van dit reglement bekend gemaakt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Jaarverslag</titel></kop><al>1 De secretaris maakt jaarlijks een verslag van de werkzaamheden van de
                            gemeenschappelijke medezeggenschapsraad in het afgelopen jaar.</al><al>2 De secretaris draagt er zorg voor dat het jaarverslag ter kennisneming
                            gezonden dan wel bekend gemaakt wordt aan het bevoegd gezag, de
                            aangesloten medezeggenschapsraden, de gemeenschappelijke
                            geledingenraden.</al><al>Voorts draagt de secretaris er zorg voor dat het verslag ten behoeve van
                            belangstellenden ter inzage op een algemeen toegankelijke plaats op de
                            scholen wordt gelegd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Niet voorziene gevallen</titel></kop><al>In de gevallen waarin dit reglement niet voorziet, beslist de
                            gemeenschappelijke medezeggenschapsraad op voorstel van de voorzitter,
                            met inachtneming van het bepaalde in de Wet medezeggenschap onderwijs
                            1992 en het reglement.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al> Vastgesteld door college van burgemeester en wethouders</al></slotformulering></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>