<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR75576_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de rekenkamercommissie</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Geldrop-Mierlo</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-10-24</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Geldrop-Mierlo</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Trompetter, 29-12-2010</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening gemeentelijke rekenkamercommissie</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 81 o</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-09-28</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-01-06</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2010-10-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>GM 2009.0679</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>Verordening gemeentelijke rekenkamercommissie</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de rekenkamercommissie</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Raadsbesluit</al><al>Verordening GM2009.0679</al><al><vet>Verordening op de rekenkamercommissie</vet></al><al>De raad van de gemeente Geldrop-Mierlo;</al><al>voorgenomen het voorstel van de Auditcommissie d.d. 8 september 2009;</al><al>gelet op artikel 81 o van de Gemeentewet;</al><al><vet>besluit :</vet></al><al>Vast te stellen de Verordening op de rekenkamercommissie:</al><al/><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>Wet: Gemeentewet;</al></li><li nr="b."><al>voorzitter: voorzitter van de rekenkamercommissie;</al></li><li nr="c."><al>college: college van burgemeester en wethouders;</al></li><li nr="d."><al>rekenkamercommissie: de rekenkamercommissie van de gemeente
                                Geldrop-Mierlo;</al></li><li nr="e."><al>doelmatigheid: de mate waarin de gewenste prestaties en beoogde
                                maatschappelijke effecten worden gerealiseerd met een zo beperkt
                                mogelijke inzet van middelen;</al></li><li nr="f."><al>doeltreffendheid: de mate waarin de gewenste prestaties en beoogde
                                maatschappelijke effecten van het beleid daadwerkelijk worden
                                behaald;</al></li><li nr="g."><al>rechtmatigheid: het in overeenstemming zijn met geldende wet- en
                                regelgeving.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Rekenkamercommissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad stelt een rekenkamercommissie in.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De rekenkamercommissie bestaat uit 2 leden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Taken rekenkamercommissie</titel></kop><al>De rekenkamercommissie verricht onderzoek naar en adviseert aan de raad over
                        de doelmatigheid, de doeltreffendheid en de rechtmatigheid van het
                        gemeentelijke beleid en beheer.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Benoeming leden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad benoemt de 2 externe leden. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De rekenkamercommissie benoemt de voorzitter uit de externe leden van de
                            rekenkamercommissie. De voorzitter draagt zorg voor het tijdig en
                            periodiek bijeenroepen van de commissie, het leiden van de
                            vergaderingen, het bewaken van de uitgangspunten en werkwijze en het
                            bevorderen van een zorgvuldige besluitvorming. De voorzitter voert
                            hiertoe regelmatig overleg met het secretariaat c.q. griffie. Bij
                            ontstentenis van de voorzitter treedt het andere externe lid op als
                            voorzitter. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De leden worden voor een periode van vijf jaar benoemd.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Voorafgaand aan de benoeming van de voorzitter en de overige leden van
                            de rekenkamercommissie pleegt de raad overleg met de
                            rekenkamercommissie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Eed</titel></kop><al>Ten aanzien van de externe leden is artikel 81g Gemeentewet van
                        overeenkomstige toepassing.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Ontslag en non-activiteit</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad ontslaat de leden of stelt hen op non-activiteit.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het lidmaatschap van een raadslid eindigt:</al><lijst><li nr="a."><al>op eigen verzoek;</al></li><li nr="b."><al>indien het lid aftreedt als lid van de raad;</al></li><li nr="c."><al>indien de raad van oordeel is dat het lid niet langer geschikt
                                    is de functie van lid van de rekenkamercommissie te
                                    vervullen;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het lidmaatschap van een extern lid eindigt:</al><lijst><li nr="a."><al>op eigen verzoek;</al></li><li nr="b."><al>bij de aanvaarding van een functie die onverenigbaar is met het
                                    lidmaatschap van de rekenkamercommissie.</al></li><li nr="c."><al>wanneer het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke
                                    uitspraak wegens misdrijf is veroordeeld, dan wel bij zulk een
                                    uitspraak een maatregel is opgelegd die vrijheidsbeneming tot
                                    gevolg heeft;</al></li><li nr="d."><al>indien het lid bij onherroepelijk geworden rechterlijke
                                    uitspraak onder curatele is gesteld, in staat van faillissement
                                    is verklaard, surceance van betaling heeft verkregen of wegens
                                    schulden is gegijzeld.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De externe leden van de rekenkamercommissie kunnen door de raad worden
                            ontslagen wanneer zij door ziekte of gebreken blijvend ongeschikt zijn
                            hun functie te vervullen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter en het lid van de rekenkamercommissie ontvangen voor hun
                            werkzaamheden voor de rekenkamer een vaste vergoeding van € 500 resp. €
                            400 (bruto) per maand.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Aan de leden wordt voor het gebruik van zijn/haar particulier
                            motorvoertuig voor woon- werkverkeer een vergoeding van de aan dit
                            gebruik verbonden kosten toegkend. De vergoeding wordt toegekend in de
                            vorm van een bedrag per afgelegde kilometer. Het bedrag van de
                            autovergoeding wordt berekend met inachtneming van de in artikel 2 en 4a
                            van de Reisregeling binnenland genoemde kilometertarieven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De vergoedingen genoemd in het eerste en tweede lid komen ten laste van
                            het budget van de rekenkamercommissie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Ambtelijke secretaris</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raad benoemt de ambtelijk secretaris op voordracht van de
                            rekenkamercommissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De secretaris staat de rekenkamercommissie bij de uitvoering van haar
                            taken terzijde.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De secretaris legt rechtstreeks verantwoording af aan de
                            rekenkamercommissie over de wijze waarop de ondersteunende taken worden
                            verricht.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De secretaris draagt zorg voor de agendaplanning, de verslaglegging en
                            de vorming van dossiers.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Reglement van orde</titel></kop><al>De rekenkamercommissie stelt een reglement van orde van haar vergaderingen
                        en andere werkzaamheden vast. Zij zendt het reglement na vaststelling
                        onverwijld ter kennisneming naar de raad.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Onderwerpselectie en opdrachtverlening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De rekenkamercommissie bepaalt de onderwerpen die zij onderzoekt,
                            formuleert de probleemstelling en stelt de onderzoeksopzet vast.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in het vorige lid bedoelde onderzoeksopzet wordt door de
                            rekenkamercommissie ter kennisneming aan de raad verstuurd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raad kan de rekenkamercommissie een gemotiveerd verzoek doen tot het
                            instellen van een onderzoek. De rekenkamercommissie bericht de raad
                            binnen een maand in hoeverre aan dat verzoek wordt voldaan. Indien de
                            rekenkamercommissie niet aan het verzoek van de raad voldoet, zal zij
                            dit motiveren.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Werkwijze</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De rekenkamercommissie is belast met en verantwoordelijk voor de
                            uitvoering, begeleiding en sturing van het onderzoek volgens de door
                            haar vastgestelde onderzoeksopzet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De rekenkamercommissie beoordeelt of het wenselijk is de raad
                            tussentijds te informeren.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De rekenkamercommissie is bevoegd bij alle leden van het gemeentebestuur
                            en bij alle ambtenaren van de gemeente Geldrop-Mierlo de mondelinge en
                            schriftelijke inlichtingen in te winnen die zij nodig acht voor de
                            uitvoering van de onderzoeken. De leden van het gemeentebestuur en de
                            ambtenaren van de gemeente zijn verplicht de gevraagde inlichtingen
                            binnen de door de rekenkamercommissie gestelde termijn te
                            verstrekken.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De rekenkamercommissie vergadert zoveel als zij nodig acht, ter
                            bespreking van procedurele en inhoudelijke aspecten van het
                            onderzoek.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De rekenkamercommissie vergadert in beslotenheid, haar rapporten zijn
                            openbaar. Op grond van de belangen genoemd in artikel 10 van de Wet
                            openbaarheid van bestuur kan de rekenkamercommissie rapporten die aan de
                            raad worden voorgelegd of gedeelten daarvan als geheim aanmerken.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De rekenkamercommissie kan openbare informatieve vergaderingen
                            beleggen.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Voor de uitvoering van het onderzoek kan de rekenkamercommissie, met
                            inachtneming van het beschikbare budget, externe personen of bureau’s
                            inschakelen.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>De rekenkamercommissie stelt de betrokkenen in de gelegenheid om binnen
                            een door haar gestelde termijn, die tenminste twee weken bedraagt, hun
                            zienswijze op het conceptonderzoeksrapport aan de commissie kenbaar te
                            maken. Betrokkenen zijn degenen wier taakuitvoering (mede) voorwerp van
                            onderzoek is of is geweest. De rekenkamercommissie bepaalt verder wie
                            als betrokkenen worden aangemerkt.</al></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>De voorzitter heeft –bij het staken van stemmen- een doorslaggevende
                            stem.</al></lid><lid><lidnr>10.</lidnr><al>De rekenkamercommissie voert minimaal 3 onderzoeken per jaar uit.</al></lid><lid><lidnr>11.</lidnr><al>De rekenkamercommissie gebruikt de Auditcommissie als klankbord, namens
                            de raad.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Budget</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De rekenkamercommissie is bevoegd binnen een aan haar bij de begroting
                            beschikbaar gesteld budget uitgaven te doen ten behoeve van de
                            uitvoering van haar taken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Ten laste van het in het voorgaande lid bedoelde budget worden de kosten
                            gebracht van:</al><lijst><li nr="a."><al>de vergoedingen aan de externe leden;</al></li><li nr="b."><al>de ambtelijk secretaris (voor zover extern);</al></li><li nr="c."><al>externe deskundigen die eventueel door de rekenkamercommissie
                                    zijn ingeschakeld;</al></li><li nr="d."><al>eventuele overige uitgaven die de commissie nodig acht voor de
                                    uitoefening van haar taak.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De rekenkamercommissie is voor de besteding van het budget uitsluitend
                            verantwoording schuldig aan de raad.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 oktober 2009.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening gemeentelijke
                        rekenkamercommissie’.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad</ondertekening><ondertekening>der gemeente Geldrop-Mierlo d.d. 28 september 2009,</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>G.A.A. van Luijn Mevr. M.J.D. Donders - de Leest</ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><tussenkop>Bijlage 1 raadsbesluit RB GM2009.0 inzake verordening gemeentelijke
                    rekenkamercommissie</tussenkop><tussenkop>Artikelsgewijze toelichting</tussenkop><tussenkop>Artikel 1</tussenkop><al>Dit artikel bevat enkele definities om te voorkomen dat bepaalde begrippen
                    telkens in hun geheel moeten worden uitgeschreven. Voor de definitie van de
                    begrippen doelmatigheid, doeltreffendheid en rechtmatigheid is aangesloten bij
                    de definities zoals die eerder door de raad zijn vastgesteld in het verband van
                    de ‘Financiële beheersverordening gemeente Gedlrop-Mierlo’ en de ‘Verordening
                    onderzoeken doelmatigheid en doeltreffendheid van de gemeente
                    Geldrop-Mierlo’.</al><tussenkop>Artikel 2</tussenkop><al>Wanneer gemeenten geen rekenkamer instellen, stellen zij op grond van artikel
                    81o van de wet regels vast voor de uitoefening van de rekenkamerfunctie. Met
                    deze verordening wordt gekozen voor een rekenkamercommissie met alleen (2)
                    externe leden. </al><tussenkop>Artikel 3</tussenkop><al>Hierin zijn de taken van de rekenkamercommissie vastgelegd. Deze
                    taakomschrijving is ook wettelijk vastgelegd op grond van artikel 81o eerste lid
                    in artikel 182 eerste lid Gemeentewet (zie bijlage 2). Om de taak expliciet
                    zichtbaar te maken is de taakomschrijving ook in verordening opgenomen.</al><tussenkop>Artikel 4</tussenkop><al>De leden worden benoemd voor een periode van vijf jaar. </al><al>De rekenkamercommissie benoemt de voorzitter uit de leden. </al><al>In verband met het even aantal leden van de commissie is in de verordening
                    opgenomen dat de voorzitter –bij het staken van stemmen- een doorslaggevende
                    stem heeft.</al><tussenkop>Artikel 5</tussenkop><al>De verplichting deze eed of verklaring en belofte af te leggen vloeit voor de
                    rekenkamer rechtstreeks voort uit artikel 81g van de Gemeentewet. Deze bepaling
                    wordt met dit artikel van overeenkomstige toepassing verklaard op de externe
                    leden van de rekenkamercommissie.</al><tussenkop>Artikel 6</tussenkop><al>Dit artikel handelt over het ontslag van de leden en over de mogelijkheid (of
                    soms verplichting) hen op non-activiteit te stellen in bepaalde situaties.</al><tussenkop>Artikel 7</tussenkop><al>In dit artikel is de vergoeding, die externe leden voor hun werkzaamheden
                    ontvangen, vastgelegd. </al><tussenkop>Artikel 8</tussenkop><al>Voorgesteld wordt om de rekenkamercommissie bij te laten staan door een
                    secretaris. De rekenkamercommissie dient namelijk zelfstandig te functioneren en
                    in het derde lid is voorzien in een rechtstreekse verantwoordingsrelatie van de
                    secretaris ten opzichte van de rekenkamercommissie. </al><al>De verordening legt niet het aantal uren vast dat deze secretaris beschikbaar
                    moet zijn. Dit is afhankelijk van het feitelijk functioneren van de
                    rekenkamercommissie te zijner tijd en zal op basis van ervaring kunnen worden
                    bepaald.</al><tussenkop>Artikel 9 </tussenkop><al>Dit artikel is opgenomen op grond van artikel 81i van de Gemeentewet dat van
                    overeenkomstige toepassing is op de rekenkamercommissie. In het reglement van
                    orde moeten/kunnen zaken als de volgorde van aftreden bij een meerhoofdige
                    rekenkamercommissie, verhouding secretaris – voorzitter, de procedure die wordt
                    gevolgd bij onderzoeken, hoe wordt omgegaan met verzoeken van derden om
                    onderzoek te verrichten enz. geregeld.</al><tussenkop>Artikel 10</tussenkop><al>De rekenkamercommissie dient onafhankelijk te zijn en om deze onafhankelijkheid
                    te bevorderen is het van belang dat zij zelfstandig de onderzoeksonderwerpen kan
                    kiezen. De rekenkamercommissie kan op verzoek van de raad een onderzoek
                    instellen maar is niet verplicht het verzoek van de raad in te willigen. Dit
                    verzoek van de raad wordt in artikel 182, tweede lid, van de wet expliciet
                    genoemd. Doordat deze mogelijkheid uitdrukkelijk in de wet is genoemd, wordt er
                    een bepaald gewicht toegekend aan het verzoek van de raad. Indien de
                    rekenkamercommissie niet voldoet aan een gemotiveerd verzoek van de raad zal zij
                    dit motiveren.</al><tussenkop>Artikel 11</tussenkop><al>Om te waarborgen dat de rekenkamercommissie bij de uitvoering van haar onderzoek
                    over voldoende en relevante gegevens kan beschikken is voorzien in de
                    bevoegdheid om inlichtingen in te winnen van alle leden van het gemeentebestuur
                    en van alle ambtenaren. De rapporten van de rekenkamercommissie zijn in beginsel
                    openbaar maar op grond van de belangen genoemd in artikel 10 van de Wet
                    openbaarheid van bestuur kunnen rapporten of gedeelten daarvan als geheim worden
                    aangemerkt.</al><al>Uit oogpunt van zorgvuldigheid is het van groot belang dat de betrokkenen bij
                    een onderzoek de kans krijgen om te reageren op het ontwerponderzoeksrapport. Er
                    vindt dan wederhoor plaats waarbij de feitelijke bevindingen die uit het
                    onderzoek voortvloeien aan de betreffende ambtenaren worden voorgelegd met de
                    vraag eventuele onjuistheden er uit te halen en te corrigeren. Indien van
                    toepassing wordt het verantwoordelijke collegelid of het college de gelegenheid
                    geboden om te reageren op de conceptaanbevelingen die de rekenkamercommissie
                    verbindt aan de (gecorrigeerde) bevindingen. Tot slot brengt de
                    rekenkamercommissie een definitief rapport naar buiten met bevindingen,
                    conclusies en eventueel aanbevelingen.</al><al>Prestatieafspraak. In lid 10 is een afspraak opgenomen over het aantal door de
                    rekenkamercommissie uit te (laten) voeren onderzoeken. Er dienen minimaal 3
                    onderzoeken per jaar te worden uitgevoerd. </al><tussenkop>Artikel 12</tussenkop><al>De rekenkamercommissie is verantwoordelijk voor de besteding van het budget dat
                    noodzakelijk is voor de uitvoering van haar taak. Ten laste van het budget
                    worden de in het tweede lid genoemde kosten gebracht. De omvang van het
                    benodigde budget zal pas in de loop van de tijd bepaald kunnen worden wanneer er
                    ervaring is opgedaan met het feitelijk functioneren van de rekenkamercommissie. </al><al>Bij de programmabegroting 2010-2013 is een (voorlopig) werkbudget voor 2010 van
                    € 31.000 per jaar vastgesteld. </al><tussenkop>Artikel 13</tussenkop><al>Dit artikel behoeft geen toelichting. </al><tussenkop>Artikel 14</tussenkop><al>Dit artikel behoeft geen toelichting.</al></bijlage><bijlage><tussenkop>Bijlage 2 raadsbesluit RB GM2009.0 inzake verordening gemeentelijke
                    rekenkamercommissie</tussenkop><tussenkop>Relevante artikelen Gemeentewet</tussenkop><tussenkop>HOOFDSTUK IVA. DE REKENKAMER</tussenkop><tussenkop>Artikel 81g</tussenkop><al> Alvorens hun functie te kunnen uitoefenen, leggen de leden van de rekenkamer in
                    de vergadering van de raad, in handen van de voorzitter, de volgende eed
                    (verklaring en belofte) af: ”Ik zweer (verklaar) dat ik, om tot lid van de
                    rekenkamer benoemd te worden, rechtstreeks noch middellijk, onder welke naam of
                    welk voorwendsel ook, enige gift of gunst heb gegeven of beloofd. Ik zweer
                    (verklaar en beloof) dat ik, om iets in dit ambt te doen of te laten,
                    rechtstreeks noch middellijk enig geschenk of enige belofte heb aangenomen of
                    zal aannemen. Ik zweer (beloof) dat ik getrouw zal zijn aan de Grondwet, dat ik
                    de wetten zal nakomen en dat ik mijn plichten als lid van de rekenkamer naar eer
                    en geweten zal vervullen. Zo waarlijk helpe mij God Almachtig!” (“Dat verklaar
                    en beloof ik!”)</al><tussenkop>HOOFDSTUK IVB. DE REKENKAMERFUNCTIE</tussenkop><tussenkop>Artikel 81o</tussenkop><al><vet>1. </vet>Als geen rekenkamer is ingesteld als bedoeld in hoofdstuk IVa,
                    stelt de raad bij verordening regels vast voor de uitoefening van de
                    rekenkamerfunctie.</al><al><vet>2. </vet>De artikelen 182 en 185 zijn voor de uitoefening van de
                    rekenkamerfunctie van overeenkomstige toepassing.</al><tussenkop>HOOFDSTUK XIA. DE BEVOEGDHEID VAN DE REKENKAMER</tussenkop><tussenkop>Artikel 182</tussenkop><al><vet>1. </vet>De rekenkamer onderzoekt de doelmatigheid, de doeltreffendheid en
                    de rechtmatigheid van het door het gemeentebestuur gevoerde bestuur. Een door de
                    rekenkamer ingesteld onderzoek naar de rechtmatigheid van het door het
                    gemeentebestuur gevoerde bestuur bevat geen controle van de jaarrekening als
                    bedoeld in artikel 213, tweede lid.</al><al><vet>2. </vet>Op verzoek van de raad kan de rekenkamer een onderzoek
                    instellen.</al><tussenkop>Artikel 185</tussenkop><al><vet>1. </vet>De rekenkamer legt haar bevindingen en haar oordeel vast in
                    rapporten, met dien verstande dat hierin niet worden opgenomen gegevens en
                    bevindingen die naar hun aard vertrouwelijk zijn.</al><al><vet>2. </vet>De rekenkamer deelt aan de raad, het college en, indien van
                    toepassing, aan de betrokken instelling, de opmerkingen en bedenkingen mee die
                    zij naar aanleiding van haar bevindingen van belang acht. Aan de raad of het
                    college kan zij ter zake voorstellen doen.</al><al><vet>3. </vet>De rekenkamer stelt elk jaar voor 1 april een verslag op van haar
                    werkzaamheden over het voorgaande jaar.</al><al><vet>4. </vet>De rekenkamer zendt een afschrift van haar rapporten en haar
                    verslag aan de raad en het college. Indien zij met toepassing van artikel 184
                    een onderzoek heeft ingesteld, zendt de rekenkamer tevens een afschrift van het
                    rapport aan de betrokken instelling.</al><al><vet>5. </vet>De rapporten en de verslagen van de rekenkamer zijn openbaar.</al></bijlage></regeling></body></cvdr>