<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91-->
  
  
  
  
  
  
  
  
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR75222_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening geldelijke voorzieningen raads- en commissieleden</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Hardinxveld-Giessendam</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-08-08</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Hardinxveld-Giessendam</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2015-123609.html">Gemeenteblad nr. 123609, 31 december 2015</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening geldelijke voorzieningen raads- en commissieleden</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/TitelII/HoofdstukVI/Artikel95/geldigheidsdatum_17-12-2010">Gemeentewet, artikel 95</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0005416/TitelII/HoofdstukVI/Artikel96/geldigheidsdatum_17-12-2010">Gemeentewet, artikel 96</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/BWBR0006536/geldigheidsdatum_17-12-2010">Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2015-12-17</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>1995-10-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>intrekking</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>HG 20610</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Verordening geldelijke voorzieningen raads- en commissieleden
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>De raad van de gemeente Hardinxveld-Giessendam;</al>
          <al/>
          <al>
gezien het voorstel van burgemeester en wethouders van 11 juli 1995, no. 2761;</al>
          <al/>
          <al>
gelet op de artikelen 95 en 96 van de Gemeentewet, alsmede op de bepalingen van het Koninklijk besluit van 22 maart 1994, Stbl. 244;</al>
          <al/>
          <al>
b e s l u i t</al>
          <al/>
          <al>
vast te stellen de</al>
          <al/>
          <al>
Verordening geldelijke voorzieningen raads- en commissieleden</al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>1</nr>
            <titel/>
          </kop>
          <al>Deze verordening verstaat onder:</al>
          <al>1. de leden van de raad : de leden van de raad die geen lid zijn van het college van burgemeester en wethouders;</al>
          <al>2. commissie : een commissie, genoemd in de bij deze verordening behorende bijlage;</al>
          <al>3. rechtspositiebesluit raads- : het Koninklijk besluit van 22 maart 1994, Stbl. 244 tot uitvoering </al>
          <al>en commissieleden van de artikelen 95 en 96 van de Gemeentewet, houdende regels betreffende de rechtspositie van raads- en commissieleden.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>2</nr>
            <titel/>
          </kop>
          <al>De leden van de raad ontvangen op jaarbasis een vergoeding voor hun werkzaamheden en een tegemoetkoming in de kosten ten bedrage van 100% van de bedragen, vermeld in de bij het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden behorende tabel I, zoals die bedragen jaarlijks door de minister van Binnenlandse Zaken zijn of worden vastgesteld.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>3</nr>
            <titel/>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1</lidnr>
            <al>De leden van de commissie die geen raadslid zijn, ontvangen per bijgewoonde vergadering van de commissie een vergoeding.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2</lidnr>
            <al>De hoogte van de vergoeding is gelijk aan 100% van het bedrag, vermeld in de bij het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden behorende tabel II, zoals dat bedrag jaarlijks door de minister van Binnenlandse Zaken is of wordt vastgesteld.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3</lidnr>
            <al>Artikel 6 van het rechtspositiebesluit raads- en commissieleden is van overeenkomstige toepassing.</al>
          </lid>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>4</nr>
            <titel/>
          </kop>
          <al>In afwijking van hetgeen in het tweede lid, onder a. is vermeld, ontvangt de voorzitter van de Commissie voor de bezwaar- en beroepschriften 150% van het in artikel 3, lid 2 bedoelde bedrag.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>5</nr>
            <titel/>
          </kop>
          <al>De leden van de raad en de leden van een commissie, als bedoeld in de artikelen 2 en 3 van deze verordening, ontvangen een vergoeding van reis- en verblijfkosten, gemaakt in verband met reizen buiten het grondgebied van de gemeente, conform het Reisbesluit binnenland en de daarop gebaseerde Reisregeling binnenland.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>6</nr>
            <titel/>
          </kop>
          <al>De in deze verordening bedoelde vergoedingen worden voor raadsleden na afloop van elke maand uitbetaald. Voor commissieleden geschiedt dit jaarlijks achteraf.</al>
        </artikel>
        <artikel>
          <kop>
            <label>Artikel</label>
            <nr>7</nr>
            <titel/>
          </kop>
          <lid>
            <lidnr>1</lidnr>
            <al>Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening geldelijke voorzieningen raads- en commissieleden".</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>2</lidnr>
            <al>Zij treedt in werking met ingang van 1 oktober 1995.</al>
          </lid>
          <lid>
            <lidnr>3</lidnr>
            <al>Met ingang van 1 oktober 1995 vervalt de "Verordening geldelijke voorzieningen raads- en commissieleden", vastgesteld in de raad van 1 maart 1977 en gewijzigd bij besluiten van respectievelijk 28 april 1981 en 1 september 1993.</al>
          </lid>
        </artikel>
      </regeling-tekst>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>