<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidop="http://standaarden.overheid.nl/oep/meta/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export1.6--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR751903_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing Zandvoort 2026</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:type scheme="overheidop:Rubriek">algemeen verbindend voorschrift (verordening)</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Zandvoort</dcterms:creator><dcterms:modified>2025-12-23</dcterms:modified></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-559690">gmb-2025-559690</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening afvalstoffenheffing Zandvoort 2026</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=216&amp;g=2025-02-12">artikel 216 van de Gemeentewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=229&amp;lid=1&amp;g=2025-02-12">artikel 229, eerste lid, van de Gemeentewet</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0003245&amp;artikel=15.33&amp;g=2025-09-17">artikel 15.33 van de Wet milieubeheer</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2025-12-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2025-12-23</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling vervangt de Verordening afvalstoffenheffing Zandvoort 2025.</al><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing Zandvoort 2026</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Zandvoort:</al><al/><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 4 november 2025;</al><al/><al>gelet op de artikelen 216 en 229 eerste lid, aanhef en onderdelen a en b van de Gemeentewet en artikel 15.33 van de Wet milieubeheer;</al><al/><al>besluit de volgende verordening, inclusief tarieventabel, vast te stellen:</al><al/><al><vet>Verordening op de heffing en de invordering van afvalstoffenheffing Zandvoort 2026</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Definities </titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder ‘gebruik maken’: gebruik maken in de zin van artikel 15.33 van de Wet milieubeheer.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Aard van de belasting en belastbaar feit</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Onder de naam ’afvalstoffenheffing’ wordt een directe belasting geheven als bedoeld in artikel 15.33 van de Wet milieubeheer.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De afvalstoffenheffing bedoeld in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel wordt naar afzonderlijke grondslagen geheven ter zake van het gebruik maken van een perceel ten aanzien waarvan krachtens de artikelen 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Voorwerp van de belasting</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voorwerp van de belasting is een perceel.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als perceel wordt aangemerkt:</al><lijst><li nr="a."><al>de onroerende zaak, bedoeld in artikel 16, onder a, c, d en f, van de Wet waardering onroerende zaken;</al></li><li nr="b."><al>de roerende zaak, welke duurzaam aan een plaats gebonden is;</al></li><li nr="c."><al>een gedeelte van een in onderdeel b bedoelde roerende zaak dat blijkens zijn indeling is bestemd om als afzonderlijk geheel te worden gebruikt;</al></li><li nr="d."><al>een samenstel van twee of meer in onderdeel b bedoelde roerende zaken of in onderdeel c bedoelde gedeelten daarvan die bij dezelfde belastingplichtige in gebruik zijn en die, naar de omstandigheden beoordeeld, bij elkaar behoren.</al></li><li nr="e."><al>het binnen de gemeente gelegen deel van de in onderdeel b bedoelde roerende zaak, van een in onderdeel c bedoeld gedeelte daarvan of van een in onderdeel d bedoeld samenstel. </al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><al>De belasting wordt geheven van degene die al dan niet krachtens eigendom, bezit, beperkt recht of persoonlijk recht gebruik maakt van een perceel.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Maatstaf van heffing en belastingtarief</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De belasting bedoeld in onderdelen 1.1 en 1.5 van de bij deze verordening behorende tarieventabel wordt geheven bij wege van aanslag met dien verstande dat per belastbaar feit een afzonderlijke aanslag kan worden opgelegd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De belasting bedoeld in onderdelen 1.1 en 1.5 van de bij deze verordening behorende tarieventabel is verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt, is de belasting bedoeld in onderdelen 1.1 en 1.5 van de bij deze verordening behorende tarieventabel verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat voor de belasting bedoeld in onderdelen 1.1 en 1.5 van de bij deze verordening behorende tarieventabel aanspraak op ontheffing voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde belasting als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Het tweede en het derde lid zijn niet van toepassing indien de belastingplichtige binnen de gemeente verhuist en aldaar van een ander perceel gebruik maakt</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Als het bedrag van de belasting beneden de € 10,00 blijft, wordt geen belasting geheven. Voor de toepassing van de vorige volzin wordt het totaal van op een aanslagbiljet verenigde verschuldigde bedragen aan belastingen of andere heffingen aangemerkt als één belastingbedrag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Termijnen van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moet een aanslag worden betaald uiterlijk op de laatste dag van de tweede maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid geldt ingeval het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet verenigde aanslagen meer is dan € 70 en zolang de verschuldigde bedragen door middel van automatische betalingsincasso kunnen worden afgeschreven, dat de aanslagen moeten worden betaald in zeven gelijke termijnen waarvan de eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens op de laatste dag van de daarop volgende maand.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><al>De ‘Verordening afvalstoffenheffing Zandvoort 2025’, vastgesteld bij raadsbesluit van 17 december 2024, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 11, tweede lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2026.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening afvalstoffenheffing Zandvoort 2026”.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening><functie>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 16 december 2025,</functie></ondertekening><ondertekening><functie/><functie>De griffier, </functie></ondertekening><ondertekening><functie/><functie>De voorzitter,</functie></ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><kop><label/><nr/><titel>Tarieventabel behorende bij de verordening afvalstoffenheffing Zandvoort 2026</titel></kop><al/><table frame="all"><tgroup cols="3"><colspec colname="col1" colwidth="9*"/><colspec colname="col2" colwidth="71*"/><colspec colname="col3" colwidth="10*"/><tbody><row><entry colname="col1" namest="col1" nameend="col2"><al><vet>Maatstaf en jaarlijkse tarieven afvalstoffenheffing</vet></al></entry><entry colname="col3"><al><vet>2026</vet></al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1.1</al></entry><entry colname="col2"><al>De belasting bedraagt per perceel per belastingjaar:</al></entry><entry colname="col3"><al> </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1.1.1</al></entry><entry colname="col2"><al>bij gebruik daarvan door ten hoogste één persoon</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 231,90</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1.1.2</al></entry><entry colname="col2"><al>bij gebruik daarvan door meer dan één persoon</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 316,90</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1.2</al></entry><entry colname="col2"><al>Het aantal personen dat gebruik maakt van een perceel wordt beoordeeld naar de situatie op 1 januari van het belastingjaar, of zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht op basis van de gegevens volgens de basisregistratie personen van de gemeente Zandvoort.</al></entry><entry colname="col3"><al> </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1.3</al></entry><entry colname="col2"><al>In afwijking van onderdeel 1.2 wordt, indien volgens de gegevens van de basisregistratie personen van de gemeente Zandvoort bij het begin van het belastingjaar of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht op een perceel niemand staat ingeschreven, terwijl er wel sprake is van gebruik van een perceel ten aanzien waarvan krachtens artikel 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt, het aantal personen dat gebruik maakt van een perceel gesteld op twee. Tenzij blijkt dat het aantal personen dat gebruik maakt van het perceel lager is dan twee.</al></entry><entry colname="col3"><al> </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1.4</al></entry><entry colname="col2"><al>In afwijking van onderdeel 1.2 wordt, indien een perceel niet voorkomt in de basisregistratie personen van de gemeente Zandvoort terwijl het perceel wel aangemerkt dient te worden als een perceel ten aanzien waarvan ingevolge artikel 10.21 en 10.22 van de Wet milieubeheer een verplichting tot het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen geldt, het aantal personen dat gebruik maakt van een perceel gesteld op twee. Tenzij blijkt dat het aantal personen dat gebruik maakt van het perceel lager is dan twee.</al></entry><entry colname="col3"><al> </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1.5</al></entry><entry colname="col2"><al>Onverminderd het onder 1.1 bepaalde bedraagt de belasting per perceel per belastingjaar voor het ten behoeve van het inzamelen van huishoudelijke afvalstoffen in bruikleen ter beschikking stellen van elke rolemmer boven het aantal van één, met een inhoud van:</al></entry><entry colname="col3"><al> </al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1.5.1</al></entry><entry colname="col2"><al>140 liter ten behoeve van het inzamelen van restafval of groente-, fruit- en tuinafval, per rolemmer</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 134,00</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>1.5.2</al></entry><entry colname="col2"><al>240 liter ten behoeve van het inzamelen van restafval of groente-, fruit- en tuinafval, per rolemmer</al></entry><entry colname="col3"><al>€ 177,70</al></entry></row></tbody></tgroup></table><al/><al>Behorende bij het raadsbesluit van 16 december 2025,</al><al/><al>De griffier van Zandvoort,</al></bijlage></regeling></body></cvdr>