<lvbbu:Consolidaties schemaversie="1.2.0" xmlns:lvbbu="https://standaarden.overheid.nl/lvbb/stop/uitlevering/">
  <lvbbu:Consolidatie>
    <consolidatie:ConsolidatieIdentificatie xmlns:consolidatie="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/consolidatie/">
      <consolidatie:FRBRWork>/akn/nl/act/gemeente/2025/CVDR751745</consolidatie:FRBRWork>
      <consolidatie:soortWork>/join/id/stop/work_006</consolidatie:soortWork>
      <consolidatie:isConsolidatieVan>
	<consolidatie:WorkIdentificatie>
	  <consolidatie:FRBRWork>/akn/nl/act/gm0505/2025/warmteprogramma</consolidatie:FRBRWork>
	  <consolidatie:soortWork>/join/id/stop/work_019</consolidatie:soortWork>
	</consolidatie:WorkIdentificatie>
      </consolidatie:isConsolidatieVan>
    </consolidatie:ConsolidatieIdentificatie>
    <consolidatie:Toestanden xmlns:consolidatie="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/consolidatie/">
      <consolidatie:bekendOp>2025-12-18</consolidatie:bekendOp>
      <consolidatie:ontvangenOp>2025-12-18</consolidatie:ontvangenOp>
      <consolidatie:BekendeToestand>
	<consolidatie:FRBRExpression>/akn/nl/act/gemeente/2025/CVDR751745/nld@2025-12-18</consolidatie:FRBRExpression>
	<consolidatie:gerealiseerdeDoelen>
	  <consolidatie:doel>/join/id/proces/gm0505/2025/ProgWarmteDRD2025DefProd</consolidatie:doel>
	</consolidatie:gerealiseerdeDoelen>
	<consolidatie:geldigheid>
	  <consolidatie:Geldigheidsperiode>
	    <consolidatie:juridischWerkendOp>
	      <consolidatie:Periode>
		<consolidatie:vanaf>2025-12-18</consolidatie:vanaf>
	      </consolidatie:Periode>
	    </consolidatie:juridischWerkendOp>
	    <consolidatie:geldigOp>
	      <consolidatie:Periode>
		<consolidatie:vanaf>2025-12-18</consolidatie:vanaf>
	      </consolidatie:Periode>
	    </consolidatie:geldigOp>
	  </consolidatie:Geldigheidsperiode>
	</consolidatie:geldigheid>
	<consolidatie:instrumentVersie>/akn/nl/act/gm0505/2025/warmteprogramma/nld@2025-12-18</consolidatie:instrumentVersie>
      </consolidatie:BekendeToestand>
    </consolidatie:Toestanden>
    <lvbbu:RegelingVersie schemaversie="1.2.0">
      <data:ExpressionIdentificatie xmlns:data="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/data/">
	<data:FRBRWork>/akn/nl/act/gm0505/2025/warmteprogramma</data:FRBRWork>
	<data:FRBRExpression>/akn/nl/act/gm0505/2025/warmteprogramma/nld@2025-12-18</data:FRBRExpression>
	<data:soortWork>/join/id/stop/work_019</data:soortWork>
      </data:ExpressionIdentificatie>
      <data:RegelingVersieMetadata xmlns:data="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/data/">
	<data:versienummer>1</data:versienummer>
      </data:RegelingVersieMetadata>
      <tekst:RegelingVrijetekst xmlns:tekst="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/tekst/">
	<tekst:RegelingOpschrift eId="longTitle" wId="longTitle">
	  <tekst:Al>Warmteprogramma Dordrecht</tekst:Al>
	</tekst:RegelingOpschrift>
	<tekst:Lichaam eId="body" wId="body">
	  <tekst:Divisie eId="div_1" wId="gm0505_1-0__div_1">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Opschrift>Voorwoord</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_1__content_1" wId="gm0505_1-0__div_1__content_1">
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dordrecht wil graag in 2040 klimaatneutraal zijn. Hiermee loopt de gemeente vooruit op de landelijke afspraken uit het Klimaatakkoord. We stoppen (zoveel mogelijk) met aardgas en gaan daarom over op andere, schonere warmtebronnen voor het verwarmen van onze gebouwen en voor koken en douchen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Bij het gebruik van aardgas komt CO2 vrij en dat draagt bij aan de opwarming van de aarde. Hierdoor krijgen we meer last van droogte, hitte en hevige regenval. Stoppen met aardgas zorgt voor een flinke afname van de CO2-uitstoot. En hoe minder CO2 in de lucht, hoe beter het is voor het klimaat.</tekst:Al>
		<tekst:Al>We zijn al goed op weg. Zo ligt er in Dordrecht al 33 kilometer aan <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> in de grond. In de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef> Crabbehof zijn hier al veel woningen op aangesloten. Sommige woningeigenaren hebben zelf al een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_35" scope="Begrip">warmtepomp</tekst:IntRef> ge&#239;nstalleerd en zijn druk bezig met het isoleren van de woning.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Maar niet alle buurten en woningen zijn hetzelfde. Dat betekent dat er verschillende alternatieven voor aardgas nodig zijn.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">Warmteprogramma</tekst:IntRef> geeft inzicht in welke warmte-oplossingen in welke <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef> de voorkeur heeft. Daarbij houden we de kosten goed in de gaten; de oplossing moet voor onze inwoners haalbaar en betaalbaar zijn. <tekst:br/>Voor de ene <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> is dat het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>, voor de andere <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> kunnen warmtepompen de oplossing zijn. Voor sommige buurten weten we het nog niet; daar zetten we de komende jaren vooral in op energie besparen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In 2040 moeten alle woningen en bedrijven <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> zijn. We hebben dus nog een lange weg te gaan. Er zijn ook volop ontwikkelingen die we nauwgezet volgen. Ook initiatieven uit de stad zijn van harte welkom. <tekst:br/>In sommige buurten zijn we al aan de slag. In andere buurten duurt het wat langer voordat de bewoners over kunnen op een andere warmtebron. Het definitieve plan voor elke <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> maken we samen met de bewoners in de wijkuitvoeringsplannen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	  </tekst:Divisie>
	  <tekst:Divisie eId="div_2" wId="gm0505_1-0__div_2">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Opschrift>Samenvatting</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_2__content_1" wId="gm0505_1-0__div_2__content_1">
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Alle gemeenten stellen uiterlijk in 2026 een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> op. Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> is een programma onder de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_19" scope="Begrip">Omgevingswet</tekst:IntRef>. In dit programma beschrijft de gemeente Dordrecht haar plannen voor de verduurzaming en het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> maken van buurten en wijken voor de komende 10 jaar. En daar waar dit bekend is wordt ook het perspectief van de overige buurten of wijken gegeven. Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> is de opvolger van de Transitievisie Warmte die in 2021 is vastgesteld. De warmteprogramma&#x2019;s voor de gemeenten Alblasserdam, Dordrecht, Hendrik-Ido-Ambacht, Papendrecht, Sliedrecht en Zwijndrecht zijn in een gezamenlijk proces opgesteld. Er is hier nauw samengewerkt met de woningcorporaties, warmtebedrijf HVC, Stichting Drechtse Stromen en netbeheerder Stedin.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> raakt vroeg of laat iedereen in Dordrecht. Met dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> geven we duidelijkheid en handelingsperspectief aan onze inwoners, professionele partners, ondernemers en andere gebouweigenaren. Ook draagt dit programma bij aan een zorgvuldige basis voor de uitvoeringsplannen die we gaan opstellen om een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef> of <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> te maken. Daarnaast zorgt dit programma voor een basis om te rapporteren over de plannen van de lokale <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> en de voortgang daarvan. Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> herijken we iedere 5 jaar met de meest actuele informatie, dit kan ook eerder indien nodig.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Sinds 2021 is er veel gebeurd op het gebied van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef>. De afgelopen 5 jaar heeft Dordrecht veel stappen gezet in de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef>. Nieuwbouw in het leveringsgebied, maar ook daarbuiten, wordt in principe aangesloten op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>. Daar waar dat niet mogelijk is, wordt een duurzaam alternatief toegepast. Een mooi voorbeeld is ook de aansluiting op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> van winkelcentrum Sterrenburg in 2022. Er is al een hoop bestaand en nieuw corporatiebezit aangesloten op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> en de energielabels van het corporatiebezit zijn verbeterd. Er is veel inzet van alle partijen nodig om een complex <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> te maken. Dit gaat gestaag. Wel is door alle partners in de Drechtsteden geconcludeerd dat de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> niet op het gewenste tempo plaatsvindt. Dit komt door de afhankelijkheid van subsidies en de betaalbaarheid die voor inwoners onder druk staat.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Uitgangspunten voor dit warmteprogramma</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Samen met de andere deelnemende Drechtsteden stelden we uitgangspunten op voor dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef>. De uitgangspunten uit de Transitievisie Warmte zijn als basis gebruikt en herijkt voor dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> samen met de betrokken samenwerkingspartners. De <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> slaagt alleen als het voor iedereen haalbaar en betaalbaar is en als iedereen mee kan doen. Op dit moment is dat nog niet overal het geval, omdat niet alle randvoorwaarden op orde zijn. We pakken de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> stap voor stap aan en gaan aan de slag waar dit kan. Daar waar de overstap naar <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> nog niet haalbaar en betaalbaar is, gaan we op zoek naar tussenstappen. Een belangrijke eerste stap is het toepassen van isolatie en andere vormen van energiebesparing.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Warmteperspectiefkaart</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>De warmteperspectiefkaart is het perspectief van de gemeente en stakeholders op de korte en lange termijn <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef>. De combinatie van de uitgangspunten, afwegingscriteria en lokale verrijking hebben geleid tot deze warmteperspectiefkaart. Op de kaart is per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> de beste <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_34" scope="Begrip">warmteoptie</tekst:IntRef> met bijbehorend tijdspad aangegeven. Er is zorgvuldig onderzocht welke <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_34" scope="Begrip">warmteoptie</tekst:IntRef> per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> de beste keuze is met de kennis van nu. We keken naar de laagste nationale kosten volgens de Startanalyse van het Planbureau voor de Leefomgeving 2025, naar het perspectief op duurzame bronnen, de impact op de openbare ruimte, koppelkansen en de duurzaamheid van de warmteopties. De gemeente en haar stakeholders hebben een beter zicht op de lokale situatie. Hierdoor kan het voorkeursperspectief per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> in dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> afwijken van het gegeven perspectief in de Startanalyse.</tekst:Al>
		<tekst:Figuur eId="div_2__content_1__img_o_1" wId="gm0505_1-0__div_2__content_1__img_o_1">
		  <tekst:Titel>Warmteperspectiefkaart</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="0_perspectiefkaart_samenvatting.jpg" formaat="image/jpeg" breedte="2806" hoogte="1984" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		</tekst:Figuur>
		<tekst:Al>Er zijn minder perspectieven dan op de warmteperspectiefkaart in de Transitievisie Warmte. We hebben voor het aanleggen van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> nog twee varianten in plaats van drie. Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> komt er voor 2035 of na 2035. Het perspectief voor klimaatneutraal gas is beperkt. Deze variant kent grote onzekerheden, maar is voor een groot deel van het historisch centrum de enige optie.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Aanpak tot en met 2035</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>De komende 10 jaar gaan we samen met onze partners en de inwoners in vier wijken in Dordt West met een buurtaanpak aan de slag. Het gaat om buurten in Crabbehof, Oud- en Nieuw-Krispijn en Wielwijk. In de andere buurten waar het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> al ligt starten we nog niet met een buurtaanpak, maar kijken we welke kansen zich voordoen om het aantal aansluitingen te vergroten. In de buurten waar het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> op de lange termijn is voorzien en in de besparingsbuurten stimuleren we inwoners om energie te besparen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De gemeente staat open voor andere initiatieven via het uitnodigingskader. Dit uitnodigingskader nodigt initiatiefnemers uit om met de gemeente in gesprek te gaan over andere, kleinschalige duurzame warmteoplossingen. Dit uitnodigingskader geldt voor zowel bewonersinitiatieven (die kunnen groeien naar warmtegemeenschappen) als kleinschalige initiatieven die gebruik maken van de uitzonderingspositie in de Wcw. Dit gaat ook om initiatieven die eventueel gebruik willen maken van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_26" scope="Begrip">toegangsmodel voor derden (nTPA)</tekst:IntRef> voor het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> van HVC.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Vervolgstappen</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor onze inwoners wordt de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> de komende jaren steeds meer merkbaar:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst eId="div_2__content_1__list_o_1" wId="gm0505_1-0__div_2__content_1__list_o_1" type="ongemarkeerd">
		  <tekst:Li eId="div_2__content_1__list_o_1__item_a" wId="gm0505_1-0__div_2__content_1__list_o_1__item_a">
		    <tekst:Al>De woningcorporaties blijven inzetten op het aansluiten van hun bezit op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_2__content_1__list_o_1__item_b" wId="gm0505_1-0__div_2__content_1__list_o_1__item_b">
		    <tekst:Al>De gemeente biedt handelingsperspectief aan alle inwoners door de communicatie te intensiveren en energiebesparingscampagnes te organiseren. Per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> gaan we aan de slag met uitvoeringsplannen. Hierbij houden we rekening met de uitkomsten van de participatie.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>De nieuwe voorgenomen wetgeving leidt ertoe dat de gemeente onder andere de volgende stappen gaat zetten:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst eId="div_2__content_1__list_o_2" wId="gm0505_1-0__div_2__content_1__list_o_2" type="ongemarkeerd">
		  <tekst:Li eId="div_2__content_1__list_o_2__item_a" wId="gm0505_1-0__div_2__content_1__list_o_2__item_a">
		    <tekst:Al>Vaststellen van een warmtekavel: een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_32" scope="Begrip">warmtekavel</tekst:IntRef> is een afgebakend gebied waar een warmtebedrijf een collectief systeem exploiteert. De Drechtsteden bepalen met elkaar de grootte van een of meerdere warmtekavels. Voor de uitwerking van de kavelstrategie wordt gezamenlijk met de gemeenten in de regio en de betrokkenen bij het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> een proces opgestart om de opties en definitieve keuze rondom kavels te bepalen.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_2__content_1__list_o_2__item_b" wId="gm0505_1-0__div_2__content_1__list_o_2__item_b">
		    <tekst:Al>Aanwijzen van een publiek warmtebedrijf: alleen warmtebedrijven met een publiek meerderheidsbelang kunnen worden aangewezen. In de regio is op basis van vrijwilligheid al meer dan 10 jaar met HVC gewerkt aan de ontwikkeling en de totstandkoming van het huidige <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>. De insteek is daarbij altijd geweest om een publiek warmtebedrijf neer te zetten. Daarmee loopt de regio voor op de invoering op de vereisten van de Wcw waarbij een warmtebedrijf in publieke handen voorgeschreven wordt. De inschatting is dan ook dat invoering van de Wcw voor het aanwijzen van een warmtebedrijf en de kavelstrategie een pragmatisch proces wordt.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_2__content_1__list_o_2__item_c" wId="gm0505_1-0__div_2__content_1__list_o_2__item_c">
		    <tekst:Al>Wijziging omgevingsplan: het daadwerkelijk aanwijzen van een gebied waar de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_1" scope="Begrip">aanwijsbevoegdheid</tekst:IntRef> (be&#235;indigen aardgastransport) wordt ingezet, gebeurt in het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_18" scope="Begrip">omgevingsplan</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	  </tekst:Divisie>
	  <tekst:Divisie eId="div_3" wId="gm0505_1-0__div_3">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Nummer>1.</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Inleiding</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_3__content_1" wId="gm0505_1-0__div_3__content_1">
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit hoofdstuk schetsen we de context rondom het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef>, wat de veranderingen zijn ten opzichte van de Transitievisie Warmte en hoe dit programma tot stand is gekomen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisie eId="div_3__div_1" wId="gm0505_1-0__div_3__div_1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>1.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Context (landelijk, regionaal, lokaal)</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_3__div_1__content_1" wId="gm0505_1-0__div_3__div_1__content_1">
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>In het Klimaatakkoord zijn afspraken gemaakt over het verduurzamen van de gebouwde omgeving. In 2050 zijn alle Nederlandse gebouwen verduurzaamd, we gebruiken dan geen aardgas meer in onze woningen en bedrijven. De ambitie van het Klimaatakkoord is om in 2030 1,5 miljoen woningen van het aardgas of aardgasvrij-ready te hebben. Ook is afgesproken dat de regierol voor deze <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> bij de gemeenten ligt. Hoe de gemeenten deze transitie vormgeven, is in de Transitievisie Warmte voor het eerst vastgelegd. Echter ontbrak in 2021 het wettelijk kader om gemeenten ook daadwerkelijk de bevoegdheden te geven die nodig zijn om regie te voeren in de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef>. Dat wettelijk kader is er met de vaststelling van de Wgiw nu wel. Ook zijn de contouren voor de verdere aanvulling van dat kader met de Wcw en verschillende algemene richtlijnen ook duidelijk.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_3__div_1__content_2" wId="gm0505_1-0__div_3__div_1__content_2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Nummer>1.1.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Drechtsteden: regionale samenwerking aan 100% procent aardgasvrij</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>In de afgelopen jaren is in de Drechtsteden verder gewerkt aan het gezamenlijk groeien naar 100% <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef>. Dordrecht heeft de ambitie om in 2040 klimaatneutraal te zijn. Een aardgasvrije gebouwde omgeving is daarbij essentieel. Deze belangrijke opgave kan alleen worden gerealiseerd met samenwerking en collectieve inzet van alle partijen op de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef>. De samenwerking tussen gemeenten, woningcorporaties, HVC, provincie en Stedin loopt al geruime tijd en is geborgd in het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_30" scope="Begrip">Versnellingsprogramma</tekst:IntRef> Drechtsteden. We zijn trots op deze basis en de reeds behaalde resultaten in het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> maken van de Drechtsteden. We concluderen ook dat de huidige processen en inzet nog niet leidt tot de benodigde snelheid en realisatie van zowel het collectieve spoor, als het individuele spoor van de landelijke en regionale ambitie. Samen met de andere gemeenten in de Drechtsteden zetten we samen met onze partners hiervoor actief in op lobby richting het Rijk.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_3__div_1__content_3" wId="gm0505_1-0__div_3__div_1__content_3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Nummer>1.1.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Ambitie regionaal warmtenet</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> in Dordrecht is onderdeel van het gezamenlijke Drechtsteden <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>. De ambitie voor dit gezamenlijke <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> is om tenminste 60.000 aansluitingen op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> te realiseren in 2050, dit is exclusief bedrijventerreinen. Anno februari 2025 zijn er in heel de Drechtsteden ruim 12.000 warmtenetaansluitingen gerealiseerd. Daarnaast is in de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_23" scope="Begrip">Regionale Energiestrategie (RES)</tekst:IntRef> Drechtsteden opgenomen dat er tenminste een aanvullende 12.000 woningequivalenten (WEQ) <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> wordt gemaakt voor 2030 door middel van aansluiting op een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>. Liever nog sluiten we voor 2030 tenminste 25.000 WEQ op een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> aan. Deze doelstelling komt bovenop de 7.500 WEQ die toen al reeds was aangesloten. De RES Drechtsteden is vastgesteld in 2021.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Momenteel zijn de contouren omtrent de wet- en regelgeving voor de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> bekend. Hier is rekening mee gehouden bij het opstellen van dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef>. Vaststelling van de nieuwe wetgeving is voorzien in de tweede helft van 2026. Deze wet- en regelgeving is essentieel voor het behalen van onze ambitie. In dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> zijn de randvoorwaarden zoals betaalbaarheid en subsidies opgesteld die nodig zijn om onze ambitie te halen, zie paragraaf 2.4.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	    </tekst:Divisie>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_3__content_2" wId="gm0505_1-0__div_3__content_2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>1.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Ambitie van de gemeente</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De ambitie van de gemeente Dordrecht is om in 2040 volledig <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> te zijn. Samen met de andere Drechtsteden hebben we de ambitie om de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> als geheel te versnellen. In dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> is een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_21" scope="Begrip">perspectiefkaart</tekst:IntRef> opgenomen waar de aardgasvrije voorkeursoplossing per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> is aangegeven, zie hoofdstuk 3. In hoofdstuk 4 bespreken we de buurten waar we de komende 10 jaar aan de slag gaan. Uiterlijk iedere 5 jaar wordt dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> herijkt en de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_21" scope="Begrip">perspectiefkaart</tekst:IntRef> en de plannen voor de komende 10 jaar geactualiseerd.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_3__content_3" wId="gm0505_1-0__div_3__content_3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>1.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Doel van dit warmteprogramma</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Grote inhoudelijke thema's zoals de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> worden onder de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_19" scope="Begrip">Omgevingswet</tekst:IntRef> uitgewerkt in een programma. In een programma geven we concreet aan wat onze taken en bevoegdheden zijn voor het beschermen en benutten van de fysieke leefomgeving. In het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> beschrijven we onze plannen voor de verduurzaming van de wijken voor de komende 10 jaar. Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> is de opvolger van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_27" scope="Begrip">Transitievisie Warmte (TVW)</tekst:IntRef> die de gemeente in 2021 heeft vastgesteld.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het aardgasvrije spoor (individueel of collectief) is voor het eerst vastgelegd in de Transitievisie Warmte van 2021. In dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> zijn deze sporen geactualiseerd en is aangegeven waar we de komende 10 jaar aan de slag gaan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Daarnaast willen we met dit nieuwe <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> bereiken dat er:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst eId="div_3__content_3__list_o_1" wId="gm0505_1-0__div_3__content_3__list_o_1" type="ongemarkeerd">
		  <tekst:Li eId="div_3__content_3__list_o_1__item_a" wId="gm0505_1-0__div_3__content_3__list_o_1__item_a">
		    <tekst:Al>duidelijkheid en handelingsperspectief is voor bewoners, professionele partners, ondernemers en andere gebouweigenaren. Onder andere door het benoemen van buurten of wijken die voor en na 2035 zullen worden aangepakt.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_3__content_3__list_o_1__item_b" wId="gm0505_1-0__div_3__content_3__list_o_1__item_b">
		    <tekst:Al>een zorgvuldige basis ligt voor de wijk- of buurtgerichte aanpak.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_3__content_3__list_o_1__item_c" wId="gm0505_1-0__div_3__content_3__list_o_1__item_c">
		    <tekst:Al>gerapporteerd wordt over de plannen van de lokale <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> en de voortgang daarvan.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>Dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> legt een basis voor de wijk- of buurtgerichte aanpak met de kennis van nu. De uiteindelijke aanpak kan afwijken van wat in dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> is opgeschreven. De aardgasvrije oplossingen gepresenteerd in dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> kunnen veranderen. Dit kan bijvoorbeeld komen door het initiatief voor een bronnet van inwoners of door een afweging van criteria die op wijk- en buurtniveau ervoor zorgen dat een ander alternatief beter scoort. Of door toekomstige ontwikkelingen die nu nog niet kunnen worden voorzien, zoals technische innovaties en door veranderend beleid vanuit het Rijk.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_3__content_4" wId="gm0505_1-0__div_3__content_4">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>1.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Veranderingen ten opzichte van de Transitievisie Warmte</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De veranderingen tussen de Transitievisie Warmte en het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> volgen uit het veranderde juridisch kader en de inhoud.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Juridisch</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Juridisch betekent dit dat het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> een verplicht programma onder de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_19" scope="Begrip">Omgevingswet</tekst:IntRef> is. Dit programma verplicht de gemeente om maatregelen te nemen die ervoor zorgen dat de doelen uit het programma worden gehaald.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Daarnaast krijgt de gemeente uit de toekomstige <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_38" scope="Begrip">Wet collectieve warmte (Wcw)</tekst:IntRef> en de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_41" scope="Begrip">Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw)</tekst:IntRef> de instrumenten in handen die noodzakelijk zijn om de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> te versnellen. De Wcw geeft de gemeente de bevoegdheid om bestaande gebieden aan te wijzen die van aardgas overstappen naar een collectieve oplossing en om te bepalen wie dat exploiteert. Met de Wgiw krijgt de gemeente de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_1" scope="Begrip">aanwijsbevoegdheid</tekst:IntRef> voor het be&#235;indigen van het aardgastransport voor alle oplossingen binnen een bepaalde termijn. In hoofdstuk 4 geven we duidelijkheid over de toepassing van de Wgiw en Wcw in onze gemeente.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Inhoudelijk</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>In de Transitievisie Warmte werd gesproken over maatschappelijke kosten. In het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> is dit aangepast naar nationale kosten. Onder nationale kosten worden alle kosten en baten verstaan die we als samenleving maken voor een bepaalde <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_34" scope="Begrip">warmteoptie</tekst:IntRef>, ongeacht wie wat betaalt. Niet-financi&#235;le en indirecte effecten zoals luchtvervuiling en geluidshinder zijn geen onderdeel van deze nationale kosten. Onder maatschappelijke kosten vallen ook deze indirecte effecten die niet meetbaar zijn. Vandaar dat in dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> wordt gerekend met de nationale kosten.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In de Transitievisie Warmte zijn enkele gebieden voor een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> aangewezen die relatief ver van elkaar vandaan liggen met daartussen geen kansrijk warmtenetgebied. Het is dan erg kostbaar om deze gebieden met elkaar te verbinden. De positionering van de duurzame bron en mogelijke meekoppelkansen zijn dan bepalend voor welke gebieden daadwerkelijk worden aangesloten op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>. In dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> is voor de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_21" scope="Begrip">perspectiefkaart</tekst:IntRef> deze slag gemaakt met de kennis die nu voor handen is.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Er zijn minder perspectieven dan op de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_21" scope="Begrip">perspectiefkaart</tekst:IntRef> in de Transitievisie Warmte. We hebben voor het aanleggen van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> nog twee varianten in plaats van drie. Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> komt er voor 2035 of na 2035. Het perspectief voor klimaatneutraal gas is beperkt. Deze variant kent grote onzekerheden, maar is voor een groot deel van het historisch centrum de enige optie.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De afgelopen 5 jaar heeft Dordrecht veel stappen gezet in de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef>. Er is al een hoop bestaand en nieuw corporatiebezit aangesloten op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> en zijn de energielabels van het corporatiebezit verbeterd. Er is veel inzet van alle partijen nodig om een complex <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> te maken. Dit gaat gestaag. Het aansluiten van bestaande particuliere woningen is een complexe opgave en vergt veel inzet. Samen met onze partners in de stad zetten we ons in om dit wel mogelijk te maken. Een mooi voorbeeld van die samenwerking is het aansluiten van winkelcentrum Sterrenburg op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> in 2022. Betaalbaarheid is hierbij een belangrijk aandachtspunt. Nieuwbouw, zowel binnen als buiten het leveringsgebied wordt in principe aangesloten op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>. Waar dat niet mogelijk blijkt, worden andere duurzame alternatieven toegepast.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Participatie, communicatie en handelingsperspectief zijn essenti&#235;le onderdelen. Het is hierin essentieel dat de randvoorwaarden door het Rijk op orde worden gebracht, zie ook paragraaf 2.4. Dit is de afgelopen 5 jaar nog niet verwezenlijkt. We hebben dan ook niet kunnen doorpakken op een buurtaanpak <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef>. Inmiddels zijn we hiermee wel gestart in Crabbehof. Daar hebben we extra financi&#235;le ondersteuning voor gekregen, zie paragraaf 6.4.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Er zijn een hoop externe factoren waar rekening mee moet worden gehouden en die soms ook onverwachts op ons pad komen. We zijn trots op hoe wij hier met alle partijen goed samenwerken en waar we elkaar blijven vasthouden. En wat we daarmee hebben bereikt in de afgelopen jaren.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_3__content_5" wId="gm0505_1-0__div_3__content_5">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>1.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Proces warmteprogramma</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Bij het opstellen van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> zijn verschillende partijen betrokken. Samen met woningcorporaties Trivire en Woonbron, netbeheerder Stedin, warmtebedrijf HVC, Stichting Drechtse Stromen, verschillende afdelingen van de gemeente en de regio Drechtsteden is dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> in co-creatie opgesteld. Ook hebben we via een enqu&#234;te bij inwoners opgehaald hoe zij ge&#239;nformeerd willen worden bij het vervolg van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> en of en hoe zij willen meedenken over de uitvoeringsplannen. Het betrekken van inwoners op buurt- of wijkniveau in plaats van op gemeentelijk niveau heeft de voorkeur. Bij het opstellen van de uitvoeringsplannen geven we hier verder vorm aan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Om de plannen in dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> tot uitvoering te brengen stellen we een uitvoeringsstrategie op. Hierin brengen we de verschillende bestaande aanpakken en planningen zoals beschreven in paragraaf 6 samen en stellen we een wijkvolgorde vast. Om deze uitvoeringsstrategie ook daadwerkelijk tot uitvoering te kunnen brengen zal er aan voorwaarden voldaan moeten worden. Dit houdt in dat de Wgiw en de Wcw in werking zijn getreden, dat er een definitie is bepaald voor betaalbaarheid en dat de beschikbare warmteoplossingen dan ook betaalbaar zijn voor de verschillende doelgroepen in een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> of <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	  </tekst:Divisie>
	  <tekst:Divisie eId="div_4" wId="gm0505_1-0__div_4">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Nummer>2.</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Regie, samenwerking en participatie</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_4__content_1" wId="gm0505_1-0__div_4__content_1">
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit hoofdstuk lichten we de invulling van de regierol van de gemeente toe. Ook gaan we in op de samenwerking met partnerorganisaties en inwonerparticipatie. Het hoofdstuk eindigt met de uitgangspunten. Deze punten vormen de basis voor de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> van de gemeente Dordrecht en de andere vijf genoemde gemeenten in de Drechtsteden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_4__content_2" wId="gm0505_1-0__div_4__content_2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>2.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Invulling regierol</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Met het opleveren van de Transitievisie Warmte in 2021 pakten we als gemeente Dordrecht onze regierol op in de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef>. Hoewel wettelijk (nog) niet is vastgelegd hoe de regierol er precies uitziet, hebben we samen met de andere gemeenten in de Drechtsteden onze uitgangspunten daarvoor wel strategisch gekozen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Onze visie:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst eId="div_4__content_2__list_o_1" wId="gm0505_1-0__div_4__content_2__list_o_1" type="ongemarkeerd">
		  <tekst:Li eId="div_4__content_2__list_o_1__item_a" wId="gm0505_1-0__div_4__content_2__list_o_1__item_a">
		    <tekst:Al>We willen voor inwoners en stakeholders helderheid scheppen over de opties voor <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> en de volgorde wanneer de buurten of wijken van het gas afgaan. Het realistische verhaal staat centraal in de aanpak voor het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">Warmteprogramma</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_4__content_2__list_o_1__item_b" wId="gm0505_1-0__div_4__content_2__list_o_1__item_b">
		    <tekst:Al>We willen tempo maken met de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> en vinden het versnellen van de resultaten belangrijk. De uitrol van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> zien we daarbij als belangrijke motor om het elektriciteitsnet te ontlasten en de gehele energietransitie te versnellen.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_4__content_2__list_o_1__item_c" wId="gm0505_1-0__div_4__content_2__list_o_1__item_c">
		    <tekst:Al>We werken in co-creatie met vele stakeholders aan het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">Warmteprogramma</tekst:IntRef>. Deze multi-stakeholderaanpak borgt een zorgvuldige belangenafweging in de gekozen <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> oplossing per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> of <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_4__content_2__list_o_1__item_d" wId="gm0505_1-0__div_4__content_2__list_o_1__item_d">
		    <tekst:Al>We pakken de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> aan in samenhang met ruimtelijke en sociaaleconomische opgaven. We werken hierin samen met partners en andere afdelingen van de gemeente. We streven met deze aanpak naar het beperken van kosten, werk en hinder voor inwoners door opgaven slim te combineren.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_4__content_2__list_o_1__item_e" wId="gm0505_1-0__div_4__content_2__list_o_1__item_e">
		    <tekst:Al>We kiezen voor daadkrachtig sturen om leiding te geven aan deze complexe en maatschappelijke opgave. Dit is de regio waar we het waar kunnen maken, wij zijn er klaar voor en leveren het voorbeeld voor heel Nederland. De regio neemt daarin zijn verantwoordelijkheid en werkt heel goed samen voor het realiseren van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef>.<tekst:Noot id="v1" type="voet">
			<tekst:NootNummer>1</tekst:NootNummer>
			<tekst:Al>Sturende regisseur uit Argumentenfabriek &#x2013; rollen TVW en filmpje Smart Delta over netcongestie.</tekst:Al>
		      </tekst:Noot> We pakken deze rol ook in de landelijke lobby onder andere op het gebied van betaalbaarheid en subsidieregelingen omdat we relatief veel praktijkervaring hebben met de inzet hiervan.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_4__content_3" wId="gm0505_1-0__div_4__content_3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>2.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Partnersamenwerking</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In de Drechtsteden werken we veel vlakken met elkaar samen zoals bijvoorbeeld met deze warmteprogramma&#x2019;s. Ook zijn er verschillende samenwerkingsovereenkomsten gesloten zoals het Energieakkoord Drechtsteden en het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_30" scope="Begrip">Versnellingsprogramma</tekst:IntRef> Drechtsteden 100% <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Warmteprogramma&#x2019;s</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Zes van de zeven Drechtsteden, te weten Alblasserdam, Dordrecht, Hendrik-Ido-Ambacht, Papendrecht, Sliedrecht en Zwijndrecht hebben in een gezamenlijk regionaal traject gewerkt aan de warmteprogramma&#x2019;s 2025. Deze zes gemeenten hebben ook gezamenlijk de Transitievisies Warmte in 2021 opgesteld. Door dit gezamenlijke proces wordt optimale afstemming binnen de regio verzekerd.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Dordrecht en de andere gemeenten in de Drechtsteden groeien met elkaar naar een 100% aardgasvrije regio in uiterlijk 2050. Deze belangrijke opgave kan alleen worden gerealiseerd met samenwerking en collectieve inzet op de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef>. De samenwerking tussen gemeenten, woningcorporaties, warmtebedrijf HVC, Provincie Zuid-Holland, Stedin en Nationaal Programma Lokale <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">Warmtetransitie</tekst:IntRef> (NPLW) loopt al geruime tijd.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Energieakkoord Drechtsteden</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>In de regio Drechtsteden werken ruim 35 partners aan het Energieakkoord Drechtsteden. De partners vertegenwoordigen organisaties die elk hun eigen ambities en planning hebben als het gaat om de energietransitie, maar die samen meer kunnen bereiken. Met elkaar zijn we bereid om kennis, mensen en middelen in te zetten om het gebruik van fossiele energiebronnen terug te dringen. De doelstelling in de regio is een betaalbare, betrouwbare, duurzame en rechtvaardige energievoorziening.<tekst:Noot id="v2" type="voet">
		    <tekst:NootNummer>2</tekst:NootNummer>
		    <tekst:Al>RES 1.0 Drechtsteden</tekst:Al>
		  </tekst:Noot></tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Versnellingsprogramma Drechtsteden 100% aardgasvrij</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>In het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_30" scope="Begrip">Versnellingsprogramma</tekst:IntRef> Drechtsteden 100% <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> is vastgelegd dat zowel individuele oplossingen als het collectieve spoor in de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> versnelling nodig heeft. Anders wordt het doel om in 2050 energieneutraal te zijn in de regio niet gehaald. Dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_30" scope="Begrip">Versnellingsprogramma</tekst:IntRef> is ondertekend in januari 2024 door alle gemeenten en woningcorporaties in de regio Drechtsteden, de provincie Zuid-Holland, HVC en Stedin.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Met het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_30" scope="Begrip">Versnellingsprogramma</tekst:IntRef> onderstrepen we de urgentie en ambitie om de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> in de Drechtsteden op basis van solidariteit en samenwerking tijdig te realiseren. Waarbij we ons nadrukkelijk inzetten om de uitvoering van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> fors te versnellen. Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_30" scope="Begrip">Versnellingsprogramma</tekst:IntRef> beschrijft hoe wij elkaar in deze opgave vasthouden en ons individueel en gezamenlijk inzetten om deze ambitie en versnelling tot stand te brengen. De inzet heeft zowel betrekking op collectieve oplossingen zoals een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>, als op het collectief organiseren van individuele oplossingen zoals warmtepompen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Een van de afspraken uit het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_30" scope="Begrip">Versnellingsprogramma</tekst:IntRef> is dat de gemeenten in 2025 de warmteprogramma&#x2019;s hebben opgesteld. Dit is eerder dan de wettelijke actualisatietermijn van 31 december 2026. Met deze planning wordt voldaan aan het zo snel mogelijk inzichtelijk maken van de gewenste duidelijkheid waar welke <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_34" scope="Begrip">warmteoptie</tekst:IntRef> de voorkeur heeft.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Warmtebod</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Op initiatief van het Uitvoeringsoverleg Gebouwde Omgeving en het Nationaal Klimaat Platform is in het voorjaar van 2024 een aantal partijen bij elkaar gebracht om te doorgronden waarom de ontwikkeling van warmtenetten stagneert. Deze partijen, genoemd de Warmtealliantie, zijn zich gaan verdiepen in de analyse en het vinden van oplossingen om de ontwikkeling van warmtenetten weer op de rails te krijgen. Dit heeft geleid tot het Warmtebod. In het Warmtebod beschrijft de Warmtealliantie de positieve impact op de warmtemarkt indien aan de juiste randvoorwaarden wordt voldaan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De belangrijkste randvoorwaarden volgens de Warmteallantie zijn:</tekst:Al>
		<tekst:Al>1. Beheersing van de betaalbaarheid van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>.<tekst:br/>2. Meer toegesneden financiering en optimalisering van subsidiesystemen voor warmtenetten.<tekst:br/>3. Snelle duidelijkheid over de marktordening.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Alle Drechtsteden gemeenten hebben zich aangesloten bij deze Warmtealliantie en steunen het Warmtebod. Het op orde krijgen van alle randvoorwaarden zoals omschreven in het Warmtebod zal tijd en aanvullende Rijksmiddelen vragen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_4__content_4" wId="gm0505_1-0__div_4__content_4">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>2.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Visie op inwonerparticipatie</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> raakt vroeg of laat iedere inwoner in Dordrecht. Het is een grote en ingrijpende opgave om de gehele bebouwde omgeving <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> te maken. Niet alleen in de straat, maar ook in elk gebouw. De <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> is alleen succesvol als iedereen meedoet en de nodige stappen zet naar een aardgasvrije woning of gebouw.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Regionaal hebben de Drechtsteden een participatieblauwdruk opgesteld om invulling te geven aan het participatietraject voor de warmteprogramma&#x2019;s. In twee sessies waarbij alle gemeenten, de regio en HVC vertegenwoordigd waren is deze blauwdruk opgesteld, zie bijlage 1. Vervolgens heeft Dordrecht deze blauwdruk verder uitgewerkt tot een gemeentespecifieke participatiestrategie. Een verdere toelichting van deze strategie is opgenomen in bijlage 2.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> is nog een vrij abstract document voor (de meeste) inwoners, omdat hier de plannen voor de komende 10 jaar worden geduid, maar nog niet wordt ingezoomd op buurtniveau. Uit de huidige trajecten in buurten en wijken, weten we inmiddels dat de uitvoeringsplannen meer invloed op de directe leefomgeving van inwoners, bedrijven en organisaties hebben. Voor de meeste inwoners is het daarom relevanter om vanaf buurtniveau actief mee te denken. Wanneer er na het vaststellen van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> verder wordt gegaan met het opstellen van wijkuitvoeringsplannen, geven we participatie in volle omvang vorm.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Via een gesloten bewonersonderzoek hebben we 3.700 inwoners gevraagd hoe zij in dat vervolgtraject betrokken willen worden en zijn. En wat zij verstaan onder betaalbaarheid en welke factoren daarbij een rol spelen. Dit bewonersonderzoek is uitgevoerd door Populytics en MSG. Het maakt onderdeel uit van een groter onderzoek waar in totaal 16 gemeenten aan deel nemen. Dordrecht zat in fase 1, dat liep van 11 maart tot en met 2 april 2025. Er hebben 638 inwoners deelgenomen (17%).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Drie kwart van de deelnemers wil eenmalig en vaker meedenken over een plan voor de overstap naar duurzame warmte in hun <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef>. Ruim de helft daarvan wil dat doen als er een concreet plan ligt of als deze wordt opgesteld. Een derde wil ook meedenken bij het uitwerken van het plan. De meeste deelnemers die mee willen denken, doen dit het liefst via een online onderzoek. Ongeveer een derde wil (ook) meedenken via een meedenkgroep of een bewonersavond. De uitgebreide resultaten zijn opgenomen in bijlage 3a.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De uitkomsten van het onderzoek over betaalbaarheid zijn verwerkt in onze visie op betaalbaarheid, zie paragraaf 4.2. Later in 2025 worden de definitieve resultaten bekend gemaakt. Deze worden opgenomen in bijlage 3b.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_4__content_5" wId="gm0505_1-0__div_4__content_5">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>2.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Uitgangspunten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De keuzes die in dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> zijn gemaakt zijn gebaseerd op de uitgangspunten die samen met bewoners en professionele partners zijn opgesteld in 2021 voor de Transitievisie Warmte. De zes Drechtsteden die onderdeel zijn van het regionale traject om gezamenlijk tot de warmteprogramma&#x2019;s te komen hebben samen met hun professionele partners deze uitgangspunten herijkt, wat heeft geleid tot de volgende uitgangspunten:</tekst:Al>
		<tekst:Al>1. Voortvarend aan de slag met isolatie en andere vormen van energiebesparing</tekst:Al>
		<tekst:Al>Goede isolatie, ventilatie en de overstap naar elektrisch koken zijn essentieel om onze gebouwde omgeving op een aardgasvrije en duurzame manier te verwarmen. Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> maken van de gebouwde omgeving is een stapsgewijs proces. Ook in buurten waar nog geen betaalbare of passende oplossing is om van het aardgas af te gaan, kunnen woningen en gebouwen al worden voorbereid op de transitie. In die buurten is het van belang gebouweigenaren te stimuleren en te ondersteunen om gebouwen &#x2018;transitiegereed&#x2019; te maken door aan de slag te gaan met tussenstappen zoals isoleren, elektrisch koken en hybride oplossingen. In Dordrecht ondersteunen we woningeigenaren daarbij op verschillende manieren. Meer informatie staat in paragraaf 6.5.</tekst:Al>
		<tekst:Al>2. Iedereen moet mee kunnen doen</tekst:Al>
		<tekst:Al>Betaalbaarheid is voor inwoners van de Drechtsteden een belangrijk vraagstuk. Er is nog veel onzekerheid over de kosten van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> en de verdeling ervan. Er ligt een taak bij de Rijksoverheid om dit op te lossen. Wat we wel weten is dat de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> alleen kan slagen als iedereen mee kan doen, ook mensen met lagere inkomens, en dat daar oplossingen voor moeten komen. Sommige gebouwen, bijvoorbeeld monumenten, zijn moeilijk <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> te maken, ook deze gebouweigenaren hebben handelingsperspectief nodig. Daarom pakken we de transitie gefaseerd aan en gaan we pas van het aardgas af als het alternatief voor aardgas maatschappelijk aanvaardbaar en voor iedereen toegankelijk is. We erkennen dat deze transitie veel meer is dan een technische operatie. De sociaal-maatschappelijke kant van de transitie is essentieel. Voldoende beschikbaarheid van goede begeleiding en ondersteuning voor gebouweigenaren is daarbij een randvoorwaarde.</tekst:Al>
		<tekst:Al>3. Bij een collectieve voorkeursoplossing is er altijd een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_20" scope="Begrip">opt-out</tekst:IntRef> mogelijkheid</tekst:Al>
		<tekst:Al>Gebouweigenaren en/of bewoners worden altijd betrokken bij de keuze voor de warmtevoorziening in hun <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> of <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef>. De gebouweigenaar maakt zelf de keuze over het alternatief voor zijn of haar woning of gebouw. De praktijk zal echter ook uitwijzen dat er niet altijd sprake is van een vrije keuze uit alle oplossingen, vanwege technische of financi&#235;le beperkingen. Er is bijvoorbeeld niet overal een grootschalig <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> mogelijk. Ook is het niet realistisch om te verwachten dat overal <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_7" scope="Begrip">duurzaam gas</tekst:IntRef> beschikbaar zal komen, de verwachting is dat dit zeer beperkt beschikbaar zal worden voor de gebouwde omgeving. Het is belangrijk een balans te vinden tussen keuzevrijheid en betaalbaarheid, want meer van het &#233;&#233;n betekent soms minder van het ander. Dit speelt bijvoorbeeld wanneer in een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef> meerdere eigenaren kiezen voor een individuele oplossing in een gebied waar een collectieve oplossing de (nationaal) meest betaalbare optie is. Die keuze maakt de collectieve oplossing minder betaalbaar. In wijken waar een collectieve warmteoplossing voor de hand ligt, is het daarom niet vanzelfsprekend om particulieren aan te moedigen te kiezen voor een individuele <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_35" scope="Begrip">warmtepomp</tekst:IntRef>. Desalniettemin heeft een gebouweigenaar altijd de optie om niet mee te doen met de eventueel aangeboden collectieve oplossing, de zogenoemde <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_20" scope="Begrip">opt-out</tekst:IntRef>. Gebouweigenaren kunnen ook samen met buurtgenoten werken aan een gezamenlijke aardgasvrije oplossing, denk hierbij bijvoorbeeld aan een mini-warmtenet. Zie paragraaf 3.5 voor een toelichting op dit uitnodigingskader. In ieder geval is aardgas op termijn geen optie meer.</tekst:Al>
		<tekst:Al>4. Haalbaar en betaalbaar zijn belangrijke randvoorwaarden, en in de tussentijd zetten we realistische stappen</tekst:Al>
		<tekst:Al>De transitie naar aardgasvrije gebouwen is een essentieel onderdeel van de opgave naar een klimaatneutraal Dordrecht in 2040. We kunnen en willen dus niet wachten tot alle randvoorwaarden 100% geregeld zijn. We durven ook nu al stappen te zetten. Wel doen we dat pragmatisch: we starten alleen daar waar de overstap haalbaar en betaalbaar is, zoals bijvoorbeeld in Crabbehof. Voor een toelichting zie paragraaf 5.1. We leren van initiatieven binnen en buiten de Drechtsteden, we houden rekening met natuurlijke momenten en hebben altijd oog voor de duurzaamheid van keuzes die we maken, met als einddoel een volledig CO2-neutrale gebouwde omgeving in 2040.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het Rijk werkt de contouren van de benodigde wet- en regelgeving en een oplossing voor de betaalbaarheid verder uit. Samen met de andere gemeenten in de Drechtsteden zet Dordrecht zich actief in voor de lobby om deze randvoorwaarden op orde te krijgen en neemt daar waar dit mogelijk is het initiatief om zelf oplossingen, zoals alternatieve financiering en verslimming van het energiesysteem, te vinden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	  </tekst:Divisie>
	  <tekst:Divisie eId="div_5" wId="gm0505_1-0__div_5">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Nummer>3.</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Transitiepaden en fasering</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_5__content_1" wId="gm0505_1-0__div_5__content_1">
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit hoofdstuk lichten we de mogelijke duurzame warmteopties voor een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> toe. Ook benoemen we de criteria voor het bepalen van de beste <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_34" scope="Begrip">warmteoptie</tekst:IntRef> en de criteria voor de volgorde van de buurten. De warmteperspectiefkaart laat de beste <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_34" scope="Begrip">warmteoptie</tekst:IntRef> zien per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef>. Daarna is de warmte <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_21" scope="Begrip">perspectiefkaart</tekst:IntRef> getoetst aan het energiesysteem.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisie eId="div_5__div_1" wId="gm0505_1-0__div_5__div_1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>3.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Duurzame warmteopties</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_5__div_1__content_1" wId="gm0505_1-0__div_5__div_1__content_1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Nummer>3.1.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Isolatie: warmtevraag verminderen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Ongeacht de beoogde <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_34" scope="Begrip">warmteoptie</tekst:IntRef> voor een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> of <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef> is het van belang dat de warmtevraag wordt teruggedrongen en andere noodzakelijke gebouwaanpassingen worden gemaakt. Dit zijn schilmaatregelen, zoals isolatie van de gevel, dak en vloer en vervanging van glas, aanpassingen in de binneninstallatie, zoals radiatoren, ventilatie, het dichten van kieren en elektrisch koken. Ook kan er worden gekozen voor een hybridewarmtepomp als tussenoplossing.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Bij gebouwgebonden maatregelen is het altijd de vraag hoever er moet worden gegaan om transitiegereed te zijn. In dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> wordt als uitgangspunt genomen dat aan het einde van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> zoveel mogelijk gebouwen het standaardniveau voor isolatie hebben bereikt. Deze zogenoemde <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_12" scope="Begrip">isolatiestandaard</tekst:IntRef> is een niveau dat als toekomstbestendig kan worden beschouwd. De betreffende woning hoeft dan voor 2050 niet nogmaals ge&#239;soleerd te worden, bij aansluiting op duurzame (warmte)bronnen met een lagere temperatuurwarmte, mits de temperatuur daarvan ten minste 50&#176;C is (voor vooroorlogse woningen 70&#176;C). Isoleren naar de Standaard zorgt ervoor dat een naoorlogse woning in ieder geval met 70 graden kan worden verwarmd en ook met 50 graden als de binneninstallatie daarvoor geschikt wordt gemaakt. Dit is dus een no-regretniveau waarmee een gebouw transitiegereed is voor bijna alle warmteopties. In 2021 zijn op nationaal niveau Standaard en Streefwaarden<tekst:Noot id="v3" type="voet">
		      <tekst:NootNummer>3</tekst:NootNummer>
		      <tekst:Al>https://www.rvo.nl/onderwerpen/wetten-en-regels-gebouwen/standaard-streefwaarden-woningisolatie</tekst:Al>
		    </tekst:Noot> ingevoerd, die per woningtype inzicht geven in de manier waarop het no-regretniveau kan worden behaald. De <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_12" scope="Begrip">isolatiestandaard</tekst:IntRef> is voor de ene woning lastiger te bereiken dan voor de andere. Nieuwere woningen zitten vaak al op dit niveau en oude gebouwen, veelal vooroorlogs of monumentaal, zijn zo oud dat je een relatief hoge warmtevraag overhoudt, ook al doe je het maximale binnen de bestaande schil. Voor deze woningen zijn de geschikte warmteopties beperkt, hier zal met maatwerk aan de slag moeten worden gegaan zodra we in deze <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> of <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef> begint met een uitvoeringsplan.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Uit ervaring is gebleken dat een blok voor blok aanpak voor isoleren niet werkt, inwoners kiezen zelf wanneer het beste (natuurlijke) moment is voor hen om te isoleren. Je hoeft niet in &#233;&#233;n keer je gehele woning te isoleren, je kunt dit ook in stappen doen. Voor zowel isoleren in stappen als in &#233;&#233;n keer is <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_11" scope="Begrip">Investeringssubsidie duurzame energie (ISDE)</tekst:IntRef> beschikbaar. Inwoners kunnen terecht bij het informatiepunt van de gemeente dordtduurzaam.nl voor meer informatie over subsidiemogelijkheden en advies over de aanpak. Ventileren na isoleren maakt hier ook deel van uit.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_5__div_1__content_2" wId="gm0505_1-0__div_5__div_1__content_2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Nummer>3.1.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Warmtenet</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> is een infrastructuur van ondergrondse, ge&#239;soleerde leidingen die warm water vervoert naar meerdere gebouwen. Er is dan sprake van een collectieve warmtevoorziening. Warmtenetten hebben als belangrijk kenmerk dat er grote investeringen in de infrastructuur nodig zijn. Hierdoor zijn warmtenetten alleen haalbaar in gebieden met een hoge bebouwingsdichtheid. Door het stedelijke karakter van de Drechtsteden is een groot deel van de bestaande bouw geschikt voor warmtenetten. Een ander belangrijk kenmerk van warmtenetten is dat een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> in een relatief kort tijdsbestek moet worden ontwikkeld, om zodoende snel voldoende aansluitingen te krijgen waarmee je voorinvesteringen voorkomt en zo snel mogelijk de bron kunt verduurzamen.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>In Dordrecht ligt een bestaand <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>. Het grootste deel van het jaar wordt de warmte geleverd vanuit de slibverwerkingsinstallatie. Op piekmomenten, bijvoorbeeld in de winter, vult de afvalverbrandingsinstallatie de vraag naar warmte aan. De e-boiler vormt de back-up bij onderhoud. Ons <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> is hiermee volledig <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef>. Op termijn zijn er plannen om de verschillende warmtenetten in de Drechtsteden aan elkaar te koppelen. Sinds 2024 is hiermee een eerste stap gezet en is het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> in Dordrecht verbonden met het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> in Sliedrecht via een boring onder de Merwede. Bijkomend voordeel is dat we in de toekomst dan gebruik kunnen maken van warmte uit een nog te bouwen geothermiecentrale in Sliedrecht. De leveringszekerheid wordt hiermee verder gegarandeerd.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>In principe is een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> geen koudenet waar je gebouwen ook mee kunt koelen, zoals bij een bronnet met WKO (zie all-electric) wel het geval is. Voor grote complexen wordt het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> soms gecombineerd met een koel- en ventilatiesysteem. Voor grondgebonden woningen met zijn andere maatregelen zoals zonwering vaak vele malen (kosten)effectiever.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>De woning heeft in vergelijking met <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_4" scope="Begrip">all-electric</tekst:IntRef> over het algemeen minder ingrepen aan de schil en de binneninstallatie nodig en in de woning is qua techniek alleen een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_3" scope="Begrip">afleverset</tekst:IntRef> aanwezig. De temperatuur van het aangeleverde warme water moet voldoende zijn om de woningen te kunnen verwarmen en in samenhang zijn met de temperatuur van de bron. Voor veel woningen is een middentemperatuur <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> dat 70 graden levert op de koudste dagen van het jaar de oplossing met de laagste nationale kosten. Bij dit temperatuurniveau is er een technisch en economisch optimum met de warmtevraagbeperking die hoort bij het standaardniveau van isolatie voor vooroorlogse en naoorlogse woningen.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_5__div_1__content_3" wId="gm0505_1-0__div_5__div_1__content_3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Nummer>3.1.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>All-electric</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al><tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_4" scope="Begrip">All-electric</tekst:IntRef> betekent dat er in principe alleen nog een elektriciteitsnet in de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> aanwezig is. Er is dan een warmte-opwekinstallatie in de woning of het gebouw nodig die alleen elektriciteit gebruikt. Bijvoorbeeld een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_35" scope="Begrip">warmtepomp</tekst:IntRef> die warmte haalt uit de buitenlucht of de bodem. Elke individuele woningeigenaar kan op ieder moment de keuze maken om zijn huis niet alleen te isoleren, maar ook de gasketel te vervangen door bijvoorbeeld een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_35" scope="Begrip">warmtepomp</tekst:IntRef>. De individuele woningeigenaar is dus veel minder afhankelijk van keuzes en beperkingen van andere woningeigenaren in de straat of <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef>. De capaciteit in het bestaande elektriciteitsnet is echter beperkt en is bijvoorbeeld ook nodig voor de realisatie van laadpalen voor elektrische mobiliteit. Het elektriciteitsnet moet worden verzwaard, niet alleen op buurtniveau, maar ook op gemeentelijk-, regionaal-, nationaal- en internationaal niveau. Dit is een ingrijpend en langdurig traject.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Buurten waar <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_4" scope="Begrip">all-electric</tekst:IntRef> oplossingen de laagste nationale kosten hebben zijn meestal buurten met veel eengezinswoningen, gebouwd na 1990. In deze buurten zullen vaak niet alleen de radiatoren en het gasfornuis vervangen worden, maar komt er ook een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_35" scope="Begrip">warmtepomp</tekst:IntRef> en eventueel een verzwaring van de elektriciteitsaansluiting om de overstap naar <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_4" scope="Begrip">all-electric</tekst:IntRef> te kunnen maken. In deze buurten is het gasnet doorgaans nog nieuw, evenals de gasketels. Tegelijkertijd zijn deze buurten al goed ge&#239;soleerd, waardoor er relatief weinig klimaatwinst valt te behalen. Dit geeft de mogelijkheid om in deze buurten in een eigen tempo de transitie te doorlopen. We onderzoeken wel wat de mogelijkheden zijn voor een collectieve aanpak, waarbij we rekening houden met de beschikbaarheid op het elektriciteitsnet.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Bovendien zijn binnen <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_4" scope="Begrip">all-electric</tekst:IntRef> nog veel innovaties te verwachten. De belangrijkste innovaties zijn warmtepompen die ook effici&#235;nt hoge temperaturen kunnen maken en innovaties op het gebied van energieopslag in de woning. Deze innovaties kunnen op termijn leiden tot een besparing van nationale kosten, bijvoorbeeld doordat het elektriciteitsnet minder hoeft te worden verzwaard of omdat ook oude, complexe buurten gasvrij kunnen worden.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Een variant van <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_4" scope="Begrip">all-electric</tekst:IntRef> is het lokale bronnet. Een bronnet is een lokale, kleinschalige warmtevoorziening in de vorm van een zeer lage temperatuur <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> waar &#233;&#233;n of enkele gebouwen op zijn aangesloten. Net zoals bij <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_4" scope="Begrip">all-electric</tekst:IntRef> staat in het gebouw of de woning een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_35" scope="Begrip">warmtepomp</tekst:IntRef>. In plaats van de bodem of buitenlucht gebruikt deze <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_35" scope="Begrip">warmtepomp</tekst:IntRef> het aangevoerde water van het bronnet. Het aangevoerde water kan ook gebruikt worden voor koeling.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Ook bij een bronnet moet de capaciteit van het elektriciteitsnet in de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> vaak worden verhoogd. Bronnetten worden veel toegepast op utiliteitsgebouwen, omdat deze gebouwen naast een vraag naar warmte ook een koudevraag hebben. Door de omvang van het gebouw is het elektriciteitsgebruik vaak hoog.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_5__div_1__content_4" wId="gm0505_1-0__div_5__div_1__content_4">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Nummer>3.1.4</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Besparingsbuurt: hybride warmtepomp</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Voor sommige buurten is het momenteel lastig om het aardgasvrije voorkeursperspectief te bepalen. Dit komt bijvoorbeeld doordat de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> een diverse woningvoorraad heeft met verschillende typen woningen van verschillende bouwjaren. Een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> heeft bijvoorbeeld een lage woningdichtheid waardoor een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> zeer kostbaar is, maar ook een minimale isolatiegraad wat een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_4" scope="Begrip">all-electric</tekst:IntRef> oplossing ook kostbaar maakt. Voor deze buurten moet verder onderzoek worden gedaan om bij een herijking van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> een eindperspectief te kunnen bieden. Het perspectief voor deze woningen is om nu toe te werken naar de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_12" scope="Begrip">isolatiestandaard</tekst:IntRef>. Ook kan worden gekozen voor een hybride <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_35" scope="Begrip">warmtepomp</tekst:IntRef> als tussenoplossing om het gasverbruik verder te verminderen. Dit type <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_35" scope="Begrip">warmtepomp</tekst:IntRef> werkt samen met de cv-ketel. Hij zorgt op de meeste dagen van het jaar voor warmte. De cv-ketel springt alleen bij op hele koude dagen en zorgt voor warm water. Er zal de komende 5 jaar actief worden gemonitord op de isolatiegraad in dit gebied.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_5__div_1__content_5" wId="gm0505_1-0__div_5__div_1__content_5">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Nummer>3.1.5</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Klimaatneutraal gas</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>In de Transitievisie Warmte van 2021 werd voor sommige buurten het perspectief klimaatneutraal gas geschetst. Er werd toen als randvoorwaarde genoemd dat er op termijn voldoende <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_7" scope="Begrip">duurzaam gas</tekst:IntRef> is, zoals groengas of waterstofgas. En dat er ook rekening mee moet worden gehouden dat <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_7" scope="Begrip">duurzaam gas</tekst:IntRef> ook voor andere doeleinden nodig is, zoals in de industrie en het zware transport. In de afgelopen 5 jaar is er niet meer perspectief gekomen wat betreft klimaatneutraal gas; er is nog steeds erg veel onzekerheid. Het verdelingsprincipe van klimaatneutraal gas is nog heel onzeker, de landelijke infrastructuur is nog onbekend. Begin 2025 heeft het ministerie van KGG het Pakket voor Groene Groei aangeboden aan de Tweede Kamer. Hierin is een bijmengverplichting voor groen gas als logische maatregel opgenomen per 2027. Er is nog zoveel onzekerheid rondom klimaatneutraal gas dat dit in de Drechtsteden niet wordt gezien als een eindoplossing. Het historisch centrum in Dordrecht is hierop een uitzondering. Voor deze uitzonderingen geldt dat er voor een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> weinig ruimte is in de ondergrond en de graafwerkzaamheden de fundering van de woningen zouden kunnen aantasten. Isoleren van deze woningen is voor een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_4" scope="Begrip">all-electric</tekst:IntRef> oplossing lastig vanwege de leeftijd van de woningen en de eventuele monumentenstatus. Een uitgebreid onderzoek naar de warmteopties in de historische binnenstad is opgenomen in bijlage 4.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_5__div_1__content_6" wId="gm0505_1-0__div_5__div_1__content_6">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Nummer>3.1.6</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Koeling</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Door het veranderende klimaat, met langere warme periodes als gevolg, is het van steeds groter belang dat woningen ook koel blijven in de zomermaanden. Isolatie helpt de warmte buiten het huis te houden in de zomer. Maar wanneer de warmte eenmaal in het huis is gekomen, is een goed ge&#239;soleerd huis lastig om te koelen. Vanuit het Overleg Standaarden Klimaatadaptatie (OSKA) is de ladder van koeling ontwikkeld: waarbij de meest duurzame koelmaatregelen als eerste worden gestimuleerd. Dit betekent eerst werken aan koelte in de omgeving, daarna warmte zoveel mogelijk buiten houden en afvoeren en tot slot pas milieuvriendelijk koelen.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Voor de integratie van het thema koeling in het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef>, is koeling in 3 uitwerkingen van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> meegenomen.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>1) In de isolatieaanpak wordt voorkomen van hitte meegenomen door voorlichting en adviseren van maatregelen voor het weren van directe zoninval, mogelijkheden voor ventilatie of het doorluchten van de woning.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>2) De aanpak voor hittestress worden meegenomen in de ontwikkeling van de buurt- of wijkuitvoeringsplannen.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>3) Voor nieuwbouw is het vanaf januari 2021 verplicht om maatregelen te nemen om oververhitting te voorkomen. De indicator hiervoor heet TOjuli. Deze woningen zijn beter bestand tegen hittestress en hebben als voordeel dat actieve koelmaatregelen (die de energievraag in de woning vergroten) voorkomen kunnen worden. Meer over de aanpak bij nieuwbouw in paragraaf 6.7.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	    </tekst:Divisie>
	    <tekst:Divisie eId="div_5__div_2" wId="gm0505_1-0__div_5__div_2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>3.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Criteria voor warmteoptie per buurt</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_5__div_2__content_1" wId="gm0505_1-0__div_5__div_2__content_1">
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Om te bepalen welke toekomstige <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_34" scope="Begrip">warmteoptie</tekst:IntRef> per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> de voorkeur heeft, zijn in 2021 voor de Transitievisie Warmte met inbreng van inwoners, de gemeenteraad en stakeholders afwegingscriteria opgesteld. Deze afwegingscriteria zijn nog steeds leidend in het bepalen van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_34" scope="Begrip">warmteoptie</tekst:IntRef> per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_5__div_2__content_2" wId="gm0505_1-0__div_5__div_2__content_2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Nummer>3.2.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Laagste nationale kosten</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>We streven naar warmteopties met de meest gunstige verhouding van kosten en baten. Onder nationale kosten worden alle kosten en baten verstaan die we als samenleving maken voor een bepaalde <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_34" scope="Begrip">warmteoptie</tekst:IntRef>, ongeacht wie wat betaalt. Niet-financi&#235;le en indirecte effecten zoals luchtvervuiling en geluidshinder zijn geen onderdeel van deze nationale kosten. Daarnaast hebben we rekening gehouden met de kosten voor het totale systeem, dus niet alleen naar de kosten die specifiek gelden voor een betreffende gebied of <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> om versnippering van infrastructuren te voorkomen. Zoals ook eerder in paragraaf 2.4 genoemd blijft betaalbaarheid een heikel punt in de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef>. Met dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> worden niet alle vragen rondom betaalbaarheid opgelost, maar sorteert wel voor op de meest betaalbare transitie door per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_34" scope="Begrip">warmteoptie</tekst:IntRef> met de laagste nationale kosten te kiezen.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>De laagste nationale kosten per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_34" scope="Begrip">warmteoptie</tekst:IntRef> zijn in de Transitievisie Warmte van 2021 bepaald aan de hand van een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_17" scope="Begrip">onderzoeksbeeld</tekst:IntRef>. Voor het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> hebben wij dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_17" scope="Begrip">onderzoeksbeeld</tekst:IntRef> meegenomen en vergeleken met de Startanalyse 2025 van Planbureau voor de Leefomgeving (PBL). Deze Startanalyse is een wat-als studie en schetst het beeld wanneer heel Nederland dezelfde aardgasvrije optie heeft, bijvoorbeeld iedere woning gebruikt een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_35" scope="Begrip">warmtepomp</tekst:IntRef>, en daarna worden de nationale meerkosten vergeleken. De data geven een goed gemiddeld beeld voor Nederland, maar voor specifieke situaties zullen andere uitgangspunten gelden. Er wordt in deze Startanalyse geen rekening gehouden met bestaande plannen en beleid, zoals afspraken met de woningcorporaties. De gemeente en haar stakeholders hebben een beter zicht op de lokale situatie, hierdoor kan het voorkeursperspectief per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> in dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> afwijken van het gegeven perspectief in de Startanalyse.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>In de Startanalyse wordt ook klimaatneutraal gas meegenomen, er is hiervoor een aanname gemaakt hoeveel klimaatneutraal gas er in de toekomst beschikbaar zal zijn. Er is nog zoveel onzekerheid rondom klimaatneutraal gas dat dit in de Drechtsteden niet wordt gezien als een eindoplossing, een enkele uitzondering daargelaten.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_5__div_2__content_3" wId="gm0505_1-0__div_5__div_2__content_3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Nummer>3.2.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Duurzaamheid</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Bij de keuze van warmteopties krijgt de infrastructuur die de meeste CO2-reductie levert en waarbij lokale energiebronnen kunnen worden ingezet de voorkeur. Het gaat hierbij niet alleen om verduurzaming op korte termijn, maar ook om het kiezen voor de infrastructuur die toekomstige duurzame bronnen het beste kan ontsluiten. In de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_23" scope="Begrip">Regionale Energiestrategie (RES)</tekst:IntRef> is de voorkeursvolgorde van bronnen voor nieuwe manieren van verwarming vastgesteld. In Dordrecht is de voorkeursvolgorde ook opgenomen in de Omgevingsvisie. De voorkeursvolgorde is leidend voor dit warmteprogramma:</tekst:Al>
		  <tekst:Al>1. Direct bruikbare warmte (bijvoorbeeld <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_24" scope="Begrip">restwarmte</tekst:IntRef> uit slib- en afvalverbranding en diepe geothermie)</tekst:Al>
		  <tekst:Al>2. Op te waarderen warmte (duurzame warmte uit omgevingswarmte, zoals oppervlaktewater)</tekst:Al>
		  <tekst:Al>3. Te maken warmte (duurzame brandstoffen zoals groene waterstof en groen gas)</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Vanuit de RES is bekend dat er in de regio Drechtsteden beperkte ruimte is voor het opwekken van duurzame elektriciteit. Daartegenover staat dat er een grote aanwezigheid van warmtebronnen is.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>In Dordrecht wordt het grootste deel van het jaar de warmte geleverd vanuit de slibverwerkingsinstallatie van warmteleverancier HVC. Op piekmomenten, bijvoorbeeld in de winter, vult de afvalverbrandingsinstallatie de vraag naar warmte aan. De e-boiler vormt de back-up bij onderhoud. In Leerpark beheert HVC ook een groot WKO-systeem. Op termijn kan Dordrecht ook gebruik maken van warmte uit de nog te bouwen geothermiecentrale in Sliedrecht. In figuur 1 staan alle bronnen weergegeven.</tekst:Al>
		  <tekst:Figuur eId="div_5__div_2__content_3__img_o_1" wId="gm0505_1-0__div_5__div_2__content_3__img_o_1">
		    <tekst:Titel>Figuur 1: Bronnen warmtenet</tekst:Titel>
		    <tekst:Illustratie naam="1_bronnen_warmtenet.jpg" formaat="image/jpeg" breedte="756" hoogte="474" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  </tekst:Figuur>
		  <tekst:Al>Er wordt rekening gehouden met de samenhang in brontemperaturen, temperaturen waarmee gebouwen verwarmd worden en infrastructuren. Het behoud van lucht-, bodem- en waterkwaliteit is een randvoorwaarde voor een duurzame transitie. De milieueffecten van verschillende bronnen zijn in de RES verder ge&#239;nventariseerd.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_5__div_2__content_4" wId="gm0505_1-0__div_5__div_2__content_4">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Nummer>3.2.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Inpasbaarheid in de ondergrond en de openbare ruimte</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Een alternatief voor aardgas moet inpasbaar zijn in de ondergrond en de openbare ruimte. Zo is het aanleggen van een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> niet altijd mogelijk door de complexe ondergrond die bijvoorbeeld voorkomt in een historische binnenstad. <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_4" scope="Begrip">All-electric</tekst:IntRef> vraagt vaak om extra verzwaring van het elektriciteitsnet, wat impact heeft op de openbare ruimte in de vorm van extra transformatorhuisjes in de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef>. De inpasbaarheid van warmteopties is meegenomen in de afweging.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	    </tekst:Divisie>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_5__content_2" wId="gm0505_1-0__div_5__content_2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>3.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Criteria voor volgorde buurten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Naast het bepalen van de beste <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_34" scope="Begrip">warmteoptie</tekst:IntRef> per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> is er ook een volgordelijkheid tussen de buurten. De buurten waar reeds gestart is met de aanleg van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> zijn meestal buurten waar woningcorporatiebezit en/of nieuwbouw zit. Woningcorporaties fungeerden als startmotor in de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> onder andere door de inzet van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_25" scope="Begrip">Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen (SAH)</tekst:IntRef>. Er kunnen ook meekoppelkansen zijn, zoals bijvoorbeeld riolering die moet worden vervangen in de komende paar jaar, dan hoeft de straat slechts &#233;&#233;n keer te worden opengebroken in plaats van twee keer. Of een nieuwbouwproject dat wordt aangesloten op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>. Ook speelt de ligging van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> ten opzichte van de duurzame bron een rol en/of als er al <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> is aangelegd in omliggende buurten. Omdat het verzwaren van het elektriciteitsnet tijd kost, starten we (nog) niet met een grootschalige buurtaanpak in buurten waar <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_4" scope="Begrip">all-electric</tekst:IntRef> de beoogde <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_34" scope="Begrip">warmteoptie</tekst:IntRef> is. Tenzij we afspraken hierover kunnen maken met de netbeheerder. Woningeigenaren kunnen natuurlijk wel individueel aan de slag.</tekst:Al>
		<tekst:Al>We kunnen niet overal tegelijk onze aanpak intensiveren. In de nog op te stellen uitvoeringsstrategie, zie paragraaf 1.5, nemen we een wijk- of buurtvolgorde op. Criteria die meespelen bij het bepalen van die volgorde voor de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> vallen in drie delen uiteen:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst eId="div_5__content_2__list_o_1" wId="gm0505_1-0__div_5__content_2__list_o_1" type="ongemarkeerd">
		  <tekst:Li eId="div_5__content_2__list_o_1__item_a" wId="gm0505_1-0__div_5__content_2__list_o_1__item_a">
		    <tekst:Al>Technische factoren: hierbij gaat het om de beschikbaarheid van technieken, de plekken van de duurzame bronnen, de haalbaarheid in verband met de kwaliteit van de woningvoorraad, de planning van de verzwaring van het elektriciteitsnet, de meerjarige investeringsagenda infrastructuur van de netbeheerders, de meerjarige investeringsagenda vastgoed van de diverse vastgoedbeheerders, meekoppelkansen</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_5__content_2__list_o_1__item_b" wId="gm0505_1-0__div_5__content_2__list_o_1__item_b">
		    <tekst:Al>Financi&#235;le factoren: hierbij gaat het om betaalbaarheid voor de woningeigenaren en andere vastgoedeigenaren, de beschikbaarheid van subsidies voor de investeringen door de netbeheerders, de aanwezigheid van clusters van gebouwen of woningen, bijvoorbeeld een VvE of maatschappelijk vastgoed, die voor voldoende zekerheid in afname zorgen</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_5__content_2__list_o_1__item_c" wId="gm0505_1-0__div_5__content_2__list_o_1__item_c">
		    <tekst:Al>Sociale factoren: hierbij gaat het om de aanwezigheid van bewonersenergie via bijvoorbeeld buurtinitiatieven, de kijk en houding van bewoners ten opzichte van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef>, de aanwezigheid van andere buurtaanpakken</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_5__content_3" wId="gm0505_1-0__div_5__content_3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>3.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Perspectiefkaart per buurt</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Voor het bepalen van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_34" scope="Begrip">warmteoptie</tekst:IntRef> per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> zijn de uitgangspunten uit paragraaf 2.4, de afwegingscriteria uit paragraaf 3.2 en de prioriteringscriteria uit paragraaf 3.3 meegenomen. Buurten met een hoge dichtheid aan woningequivalenten, VvE&#x2019;s en corporatiebezit zijn aantrekkelijk voor de aanleg van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>. Het risico dat er minder woningen worden aangesloten dan was voorzien en de daarmee gepaard gaande overcapaciteit in de warmteleiding (vollooprisico), wordt hiermee beperkt. De positionering van de duurzame bron en mogelijke meekoppelkansen zijn bepalend voor welke gebieden uiteindelijk daadwerkelijk worden aangesloten op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>. In dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> is voor de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_21" scope="Begrip">perspectiefkaart</tekst:IntRef> deze slag gemaakt met de kennis die wij nu voorhanden hebben.</tekst:Al>
		<tekst:Figuur eId="div_5__content_3__img_o_1" wId="gm0505_1-0__div_5__content_3__img_o_1">
		  <tekst:Titel>Figuur 2: Perspectiefkaart </tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="2_perspectiefkaart.jpg" formaat="image/jpeg" breedte="2806" hoogte="1984" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		</tekst:Figuur>
		<tekst:Al>In bijlage 5 is per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> het perspectief beschreven.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het merendeel van de buurten in Dordrecht kent het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> als voorkeursalternatief voor aardgas. In de buurten waar is gestart met het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> is al corporatiebezit of nieuwbouw aangesloten.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_5__content_4" wId="gm0505_1-0__div_5__content_4">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>3.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Uitnodigingskader</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_21" scope="Begrip">perspectiefkaart</tekst:IntRef> is het perspectief van de gemeente en stakeholders op de korte en lange termijn <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef>. Echter staat de gemeente open voor andere initiatieven via het uitnodigingskader.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor het regionale <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_32" scope="Begrip">warmtekavel</tekst:IntRef> in Dordrecht en de Drechtsteden is HVC de beoogde partij voor het publieke warmtebedrijf. Dit is de partner waar de Drechtsteden met stakeholders afgelopen jaren stappen hebben gezet in het zelfstandig ontwikkelen van een haalbaar duurzaam regionaal <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor bronnetten en andere kleinschalige duurzame warmteoplossingen bestaat binnen de Dordrecht en de Drechtsteden het uitnodigingskader. Dit uitnodigingskader nodigt initiatiefnemers uit om met de gemeente in gesprek te gaan voor deze ontwikkelingen. Dit uitnodigingskader geldt voor zowel bewonersinitiatieven (die kunnen groeien naar warmtegemeenschappen) als kleinschalige initiatieven die gebruik maken van de uitzonderingspositie in de Wcw. Dit gaat ook om initiatieven die eventueel gebruik willen maken van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_26" scope="Begrip">toegangsmodel voor derden (nTPA)</tekst:IntRef> voor het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> van HVC.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Ook voor bewonersinitiatieven, bijvoorbeeld een VvE, die mogelijkheden zien om eerder dan op de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_21" scope="Begrip">perspectiefkaart</tekst:IntRef> staat aangegeven aan te willen sluiten op het bestaande <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> staat het uitnodigingskader open.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisie eId="div_5__div_3" wId="gm0505_1-0__div_5__div_3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>3.6</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Energiesysteem toets</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_5__div_3__content_1" wId="gm0505_1-0__div_5__div_3__content_1">
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Een energiesysteem is het samenspel tussen de vraag en het aanbod van energie, en het transport en opslaan van energie. Onze vraag naar energie verandert. Het huidige systeem is daar niet meer goed op ingericht. Het stoppen met aardgas als belangrijkste bron voor het verwarmen van onze huizen heeft ook impact op het energiesysteem. Om de gevolgen in beeld te brengen maken we gebruik van een digital twin. De digital twin is een online simulatiemodel met daarin de energiehuishouding per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> voor alle sectoren (gebouwde omgeving, industrie, land en tuinbouw, mobiliteit en transport), en de energieuitwisseling tussen de buurten in de regio, en tussen de regio en de rest van het land. De twin is al toegepast voor het provinciale Meerjarenprogramma Infrastructuur Energie en Klimaat (pMIEK) en perspectiefscenario&#x2019;s voor de transitie, en is daarnaast ook geschikt voor het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef>. Met de twin kunnen analyses worden uitgevoerd op regio-, gemeente-, en buurtniveau.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_5__div_3__content_2" wId="gm0505_1-0__div_5__div_3__content_2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Nummer>3.6.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Uitgangspunten</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De warmteperspectiefkaarten van alle 6 de gemeenten zijn ingeladen in de digital twin. Om het effect van de gewenste warmteopties goed in beeld te brengen is het belangrijk om ook alle andere sectoren, zoals vervoer en opwek van duurzame energie, in het model te zetten.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Voor deze analyses zijn we uitgegaan van een duurzaam toekomstbeeld met gemiddelde groeiprognoses voor duurzame energie en besparing. De belangrijkste aannames hierin zijn dat alle RES-doelstellingen zijn behaald, transport en personenvervoer grotendeels elektrisch zijn, en er flinke percentages zon op dak en thuisbatterijen zijn ge&#239;nstalleerd. Daarnaast zijn we uitgegaan van de aansluitpercentages op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> zoals gehanteerd in de volloopscenario&#x2019;s van het warmtebedrijf (HVC). Hiermee heeft een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> die is aangegeven als warmtenetbuurt dus niet een aansluitpercentage van 100%, maar een deel hiervan. Dit deel is gebaseerd op een aangenomen aansluitpercentage per type woning en eigenaarschap (sociale huur, particulieren, grondgebonden, meergezinswoning), bijvoorbeeld 35-60% bij grondgebonden woningen in particulier eigendom en 85% bij appartementen in eigendom van een woningcorporatie.</tekst:Al>
		  <tekst:Al><tekst:strong>Scenario&#x2019;s</tekst:strong></tekst:Al>
		  <tekst:Al>We hebben de huidige situatie in beeld gebracht. Hierbij maakt warmte ongeveer 30% uit van de totale vraag naar energie, naast motorbrandstoffen en elektriciteit. Vervolgens zijn er twee toekomstscenario&#x2019;s doorgerekend:</tekst:Al>
		  <tekst:Lijst eId="div_5__div_3__content_2__list_o_1" wId="gm0505_1-0__div_5__div_3__content_2__list_o_1" type="ongemarkeerd">
		    <tekst:Li eId="div_5__div_3__content_2__list_o_1__item_a" wId="gm0505_1-0__div_5__div_3__content_2__list_o_1__item_a">
		      <tekst:Al>Het eerste scenario is als de warmteperspectiefkaarten zoals in dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> en in de programma&#x2019;s van de andere gemeenten is beschreven wordt gerealiseerd.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="div_5__div_3__content_2__list_o_1__item_b" wId="gm0505_1-0__div_5__div_3__content_2__list_o_1__item_b">
		      <tekst:Al>Het tweede scenario laat zien wat er gebeurt als het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> in de Drechtsteden blijft steken op het huidige niveau, en alle andere buurten kiezen voor warmtepompen.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		  <tekst:Al>Voor beide scenario&#x2019;s geldt dat aardgas voor een klein deel als warmtebron wordt meegenomen. Dit komt door hybride warmteoplossingen in de industrie en een aantal buurten.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_5__div_3__content_3" wId="gm0505_1-0__div_5__div_3__content_3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Nummer>3.6.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Effecten op het energiesysteem</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al><tekst:strong>Regionaal</tekst:strong></tekst:Al>
		  <tekst:Al>De hoeveelheid benodigde energie voor warmte neemt zowel in scenario 1 als 2 af, met respectievelijk 57% en 71%, zie figuur 3. Dat komt deels door isolatie en besparing. Het grootste deel wordt veroorzaakt door de betere effici&#235;ntie van warmtepompen ten opzichte van cv-ketels. Warmtepompen kunnen van 1 kilowattuur elektriciteit ongeveer 4 kilowattuur warmte produceren, gebruikmakend van de omgevingswarmte. Dit is ook de reden dat het energiegebruik voor warmte in scenario 2 lager is dan in scenario 1. Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> wordt hierin vervangen door warmtepompen, waarvan het elektriciteitsgebruik lager is om dezelfde hoeveelheid warmte mee te cre&#235;ren. Dit leidt wel tot een veel hogere elektriciteitsvraag ten behoeve van warmte. Dit leidt samen met de toegenomen elektriciteitsvraag, voornamelijk veroorzaakt door de elektrificering van vervoer, tot problemen met <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_16" scope="Begrip">netcongestie</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  <tekst:Figuur eId="div_5__div_3__content_3__img_o_1" wId="gm0505_1-0__div_5__div_3__content_3__img_o_1">
		    <tekst:Titel>Figuur 3 Energiegebruik naar sector in de Drechtsteden</tekst:Titel>
		    <tekst:Illustratie naam="3_Energiegebruik_naar_sector.jpg" formaat="image/jpeg" breedte="496" hoogte="486" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  </tekst:Figuur>
		  <tekst:Al>Belangrijke kanttekening is dat in een toekomstbestendig energiesysteem voor elektriciteitsgebruik van warmtepompen in de winter veel opslag nodig zal zijn. De huidige (thuis)batterijen zijn hier te klein voor. Veel technieken voor seizoensopslag (denk bijvoorbeeld aan waterstof) hebben erg hoge verliezen, vaak wel tot twee derde van de origineel opgewekte elektriciteit.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Als we kijken naar een uitsplitsing van het energiegebruik voor warmte, figuur 4, zien we dat op dit moment aardgas verreweg de meest dominante warmtebron is. In het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> scenario (scenario 1) zien we dat het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> voor de 6 deelnemende Drechtsteden gemeenten 46% van het energiegebruik van warmte voor zijn rekening neemt. Kijkend naar de totale warmtevraag wordt zelfs in dit scenario meer warmte geleverd door warmtepompen dan door het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>, echter door de eerder benoemde effici&#235;ntie van warmtepompen is de elektriciteitsvraag kleiner dan de vraag van warmte uit het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>. In scenario 2 zijn warmtepompen de dominante warmtebron, met als gevolg een stijging van 28% van de huidige elektriciteitsvraag alleen al ten behoeve van warmte.</tekst:Al>
		  <tekst:Figuur eId="div_5__div_3__content_3__img_o_2" wId="gm0505_1-0__div_5__div_3__content_3__img_o_2">
		    <tekst:Titel>Figuur 4: Uitsplitsing energiegebruik voor warmte naar bron&#x202f;</tekst:Titel>
		    <tekst:Illustratie naam="4_bronnen_warmte.jpg" formaat="image/jpeg" breedte="480" hoogte="292" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  </tekst:Figuur>
		  <tekst:Al>Scenario 1 heeft twee grote voordelen ten opzichte van het scenario 2. De eerste is de eerder genoemde betere seizoensbalans en dus minder verliezen in opslag en conversie. De tweede is het verlagen van de piekbelasting op het elektriciteitsnet, momenteel een van de grootste bottlenecks in het energiesysteem. In beide toekomstscenario&#x2019;s zal de piekbelasting op het elektriciteitsnet enorm toenemen (zie figuur 5). Dit komt voornamelijk door het elektrificeren van vervoer en transport, en door warmtepompen. Ondanks dat er in beide toekomstscenario&#x2019;s veel extra verzwaring nodig is, is de piekbelasting in scenario 1 13% lager dan in scenario 2. Hiermee is het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> een van de meest effectieve middelen tegen <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_16" scope="Begrip">netcongestie</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  <tekst:Figuur eId="div_5__div_3__content_3__img_o_3" wId="gm0505_1-0__div_5__div_3__content_3__img_o_3">
		    <tekst:Titel>Figuur 5: Piekbelasting afname elektriciteitsnet&#x202f;</tekst:Titel>
		    <tekst:Illustratie naam="5_piekbelasting_afname_elektriciteitsnet.jpg" formaat="image/jpeg" breedte="480" hoogte="288" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  </tekst:Figuur>
		  <tekst:Al><tekst:strong>Dordrecht</tekst:strong></tekst:Al>
		  <tekst:Al>Dordrecht lijkt op de regio als geheel. Ook hier zal de energievraag voor warmte met zo&#x2019;n 57% afnemen door besparing en warmtepompen. Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> uit het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> voorziet in bijna de helft van deze energievraag. Ook hier zien we dat het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> tot een vermindering van zo&#x2019;n 12% in piekbelasting leidt.&#x202f;</tekst:Al>
		  <tekst:Figuur eId="div_5__div_3__content_3__img_o_4" wId="gm0505_1-0__div_5__div_3__content_3__img_o_4">
		    <tekst:Titel>Figuur 6: Energiegebruik naar sector in Dordrecht</tekst:Titel>
		    <tekst:Illustratie naam="6_energiegebruik_naar_sector.jpg" formaat="image/jpeg" breedte="444" hoogte="451" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  </tekst:Figuur>
		  <tekst:Figuur eId="div_5__div_3__content_3__img_o_5" wId="gm0505_1-0__div_5__div_3__content_3__img_o_5">
		    <tekst:Titel>Figuur 7: Uitsplitsing energiegebruik voor warmte naar bron in Dordrecht</tekst:Titel>
		    <tekst:Illustratie naam="7_bronnen_warmtevraag.jpg" formaat="image/jpeg" breedte="480" hoogte="292" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  </tekst:Figuur>
		  <tekst:Figuur eId="div_5__div_3__content_3__img_o_6" wId="gm0505_1-0__div_5__div_3__content_3__img_o_6">
		    <tekst:Titel>Figuur 8: Piekbelasting afname elektriciteitsnet Dordrecht</tekst:Titel>
		    <tekst:Illustratie naam="8_piekbelasting_afname_elektriciteitsnet.jpg" formaat="image/jpeg" breedte="480" hoogte="288" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  </tekst:Figuur>
		  <tekst:Al>Bovenstaande figuur laat de piekbelasting van het volledige systeem zien, waarin naast warmte ook een flinke toename in de piekbelasting t.b.v. elektrische mobiliteit en andere elektrische apparaten is te zien.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	    </tekst:Divisie>
	  </tekst:Divisie>
	  <tekst:Divisie eId="div_6" wId="gm0505_1-0__div_6">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Nummer>4.</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Juridisch kader</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_6__content_1" wId="gm0505_1-0__div_6__content_1">
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit hoofdstuk lichten we de ontwikkelingen uit de Wgiw toe en geven we een vooruitblik op de stappen na invoering van de Wcw. Tot slot geven we een toelichting op de uitgevoerde plan-mer-beoordeling.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> is de eerste stap van een aantal instrumenten die vereist zijn vanuit verschillende wetgeving. Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> is een verplicht programma onder de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_19" scope="Begrip">Omgevingswet</tekst:IntRef>. Dit programma verplicht de gemeente om maatregelen te nemen die ervoor zorgen dat de doelen uit het programma worden gehaald. De Transitievisie Warmte blijft wel van kracht, maar het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> gaat &#x201c;voor&#x201d; bij eventuele tegenstrijdigheden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In onderstaand processchema is weergegeven hoe de volgorde van stappen eruit zou kunnen zien vanuit de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_19" scope="Begrip">Omgevingswet</tekst:IntRef>, de Wet Gemeentelijke Instrumenten <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">Warmtetransitie</tekst:IntRef> (Wgiw) en de Wet Collectieve Warmte (Wcw). Van dit processchema kan worden afgeweken.</tekst:Al>
		<tekst:Figuur eId="div_6__content_1__img_o_1" wId="gm0505_1-0__div_6__content_1__img_o_1">
		  <tekst:Titel>Figuur 9: Tijdslijn wetgeving warmtetransitie</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="8a_tijdslijn_wetgeving_warmtetransitie.jpg" formaat="image/jpeg" breedte="1457" hoogte="560" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		</tekst:Figuur>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_6__content_2" wId="gm0505_1-0__div_6__content_2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>4.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Ontwikkelingen uit de Wgiw</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In het Klimaatakkoord is afgesproken dat gemeenten de regie krijgen in de wijkgerichte aanpak om de gebouwde omgeving <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> te maken. Deze regierol is wettelijk verankerd in de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_41" scope="Begrip">Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw)</tekst:IntRef> en voor collectieve warmtesystemen ook in de Wet Collectieve Warmte (Wcw).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Vanuit de Wgiw wordt de regierol geconcretiseerd in de beschrijving van de stappen van het planproces die uiteindelijk kunnen leiden tot de inzet van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_1" scope="Begrip">aanwijsbevoegdheid</tekst:IntRef>. Met de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_1" scope="Begrip">aanwijsbevoegdheid</tekst:IntRef> kunnen gemeente vanuit hun regierol gebieden aanwijzen die binnen een bepaalde termijn <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> moeten worden en overgaan op een duurzame warmtevoorziening.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In gebieden waar het alternatief voor aardgas duidelijk is, en voldaan wordt aan de waarborgen vanuit de Wgiw, passen we het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_18" scope="Begrip">omgevingsplan</tekst:IntRef> aan met als doel om hier de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_1" scope="Begrip">aanwijsbevoegdheid</tekst:IntRef> in te zetten. We kunnen de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_1" scope="Begrip">aanwijsbevoegdheid</tekst:IntRef> pas inzetten als de gewijzigde wetgeving waarin dat is geregeld in werking treedt. De beoogde inwerkingtreding is op dit moment 1 januari 2026. We zetten de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_1" scope="Begrip">aanwijsbevoegdheid</tekst:IntRef> in, in wijken waar we een acceptabel aanbod kunnen doen. Hiermee voorkomen we dubbele infrastructuur kosten en zorgen we voor een betaalbare <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Vanwege de impact van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_1" scope="Begrip">aanwijsbevoegdheid</tekst:IntRef>, is het belangrijk om ook hier zorgvuldige besliscriteria voor op te nemen. Bij de keuze voor het wel of niet inzetten van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_1" scope="Begrip">aanwijsbevoegdheid</tekst:IntRef> houden we de volgende besliscriteria in acht:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst eId="div_6__content_2__list_o_1" wId="gm0505_1-0__div_6__content_2__list_o_1" type="expliciet">
		  <tekst:Li eId="div_6__content_2__list_o_1__item_a" wId="gm0505_1-0__div_6__content_2__list_o_1__item_a">
		    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>We kunnen garanderen dat de beoogde oplossing beschikbaar is en bieden een uitvoerbaar alternatief voor alle inwoners en gebouweigenaren (vergewisplicht);</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_6__content_2__list_o_1__item_b" wId="gm0505_1-0__div_6__content_2__list_o_1__item_b">
		    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>We kunnen garanderen dat de beoogde oplossing een betaalbaar alternatief is en dat inwoners en gebouweigenaren van te voren voldoende tijd hebben gehad om hun woning voor te bereiden voor de overstap;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_6__content_2__list_o_1__item_c" wId="gm0505_1-0__div_6__content_2__list_o_1__item_c">
		    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>De gemeente gaat met het Rijk in gesprek welke oplossingen er zijn op het moment dat (een aantal van) de bewoners de stap naar <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> niet kunnen financieren.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>De stappen in het planproces bestaan uit:</tekst:Al>
		<tekst:Al>1) <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">Warmteprogramma</tekst:IntRef> &#x2013; de eerste stap is een verplicht programma onder de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_19" scope="Begrip">Omgevingswet</tekst:IntRef> (warmteprogramma). Gemeenten worden verplicht om het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> uiterlijk 31 december 2026 vast te stellen en deze elke 5 jaar te actualiseren. In het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> wordt het voornemen beschreven van de wijken waar mogelijk binnen 10 jaar de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_1" scope="Begrip">aanwijsbevoegdheid</tekst:IntRef> zal worden ingezet. Verder wordt (voor zover bekend) het handelingsperspectief van alle buurten of wijken beschreven.</tekst:Al>
		<tekst:Al>2) Buurt- of wijkuitvoeringsplan &#x2013; Als tweede stap in het planproces maken we in Dordrecht een (vrijwillige) <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> of wijkuitvoeringsplan. In het buurt- of wijkuitvoeringsplan werken we de volgende 6 stappen uit in samenspraak met de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> of <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef>. De verwachting is dat de totstandkoming van een uitvoeringsplan minimaal 2 jaar duurt.</tekst:Al>
		<tekst:Al>1. Samen starten &#x2013; kaders, uitgangspunten en procesplan voor besluitvorming vaststellen.<tekst:br/>2. Onderzoeken &#x2013; variantenstudie warmteoplossingen en een wijkbesluit over de optimale aanpak nemen.<tekst:br/>3. Uitwerken- de gekozen aanpak uitwerken in een definitief ontwerp en uitvoeringsplan.<tekst:br/>4. Besluiten &#x2013; go/no go om tot uitvoering van het plan over te gaan.<tekst:br/>5. Aanbieden &#x2013; aanbod aan bewoners en contracten voor werkzaamheden.<tekst:br/>6. Uitvoeren &#x2013; het uitvoeren van het plan voor een aardgasvrije <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		<tekst:Al>3) Wijziging <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_18" scope="Begrip">omgevingsplan</tekst:IntRef> &#x2013; Het daadwerkelijk aanwijzen van een gebied waar de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_1" scope="Begrip">aanwijsbevoegdheid</tekst:IntRef> wordt ingezet, gebeurt in het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_18" scope="Begrip">omgevingsplan</tekst:IntRef>. In het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> (stap 1) bereiden we het besluit om een gebied aan te wijzen beleidsmatig voor en geven we de begrenzing van het gebied aan. Daarnaast moet de motivatie van de inzet van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_1" scope="Begrip">aanwijsbevoegdheid</tekst:IntRef> en de wijziging van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_18" scope="Begrip">omgevingsplan</tekst:IntRef> aan een aantal vereisten voldoen:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst eId="div_6__content_2__list_o_2" wId="gm0505_1-0__div_6__content_2__list_o_2" type="ongemarkeerd">
		  <tekst:Li eId="div_6__content_2__list_o_2__item_a" wId="gm0505_1-0__div_6__content_2__list_o_2__item_a">
		    <tekst:Al>De haalbaarheid van de gekozen warmteoplossing en de aanpak, voor bewoners, ondernemers en andere gebouweigenaren.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_6__content_2__list_o_2__item_b" wId="gm0505_1-0__div_6__content_2__list_o_2__item_b">
		    <tekst:Al>De betaalbaarheid van de gekozen warmteoplossing, zowel de nationale kosten als de eindgebruikerskosten.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_6__content_2__list_o_2__item_c" wId="gm0505_1-0__div_6__content_2__list_o_2__item_c">
		    <tekst:Al>De totale kosten voor de maatschappij die de realisatie van de energie-infrastructuur met zich meebrengt.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_6__content_2__list_o_2__item_d" wId="gm0505_1-0__div_6__content_2__list_o_2__item_d">
		    <tekst:Al>De gevolgen voor de aanleg en het beheer van de energie-infrastructuur.<tekst:Noot id="v4" type="voet">
			<tekst:NootNummer>4</tekst:NootNummer>
			<tekst:Al>https://www.nplw.nl/uploads/files/Warmteprogramma/Handreiking-Warmteprogramma-NPLW.pdf</tekst:Al>
		      </tekst:Noot></tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>Hiermee ontstaat de juridische bevoegdheid om de levering van gas te be&#235;indigen. Deze vereisten hebben als doel dat inwoners, bedrijven, maatschappelijke instellingen, verhuurders en netbeheerder duidelijkheid over het beoogde tijdspad naar <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> krijgen. De redelijke termijn die nu als minimaal wordt gezien voor dit tijdspad is 8 jaar.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De gemeenteraad is bevoegd voor het wijzigen van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_18" scope="Begrip">omgevingsplan</tekst:IntRef>. Tegen het wijzigingsbesluit zelf staat beroep open bij de Raad van State. Daarmee is dit instrument vatbaar voor beroep. Het wijzigen van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_18" scope="Begrip">omgevingsplan</tekst:IntRef> is een nieuw instrument. Op dit moment bestaat er nog geen duidelijkheid over de inhoud van een wijziging van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_18" scope="Begrip">omgevingsplan</tekst:IntRef> voor de inzet van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_1" scope="Begrip">aanwijsbevoegdheid</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_6__content_3" wId="gm0505_1-0__div_6__content_3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>4.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Vooruitblik overgangsregeling en aanwijzingen na invoering Wcw</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Voor de uitwerking van de stappen volgend uit de invoering van de Wcw zijn op moment van schrijven de volgende stappen voorzien.</tekst:Al>
		<tekst:Al>1) Vaststellen voorlopig <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_32" scope="Begrip">warmtekavel</tekst:IntRef></tekst:Al>
		<tekst:Al>De Drechtsteden bepalen met elkaar de grootte van een of meerdere warmtekavels. De inrichting van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_32" scope="Begrip">warmtekavel</tekst:IntRef> is voor een groot deel afhankelijk van de lokaal beschikbare warmtebronnen en de verbondenheid daarvan. De grootschalige warmtebronnen in de regio worden op termijn met elkaar verbonden (Dordrecht, Sliedrecht, Papendrecht, Zwijndrecht, Hendrik-Ido-Ambacht).</tekst:Al>
		<tekst:Al>De contouren van de Wcw zijn duidelijk. De vaststelling volgt in 2025. Voor de uitwerking van de kavelstrategie starten we gezamenlijk met de gemeenten in de regio en de betrokkenen bij het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> een proces om de opties en definitieve keuze rondom kavels te bepalen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>2) Aanwijzen publiek warmtebedrijf</tekst:Al>
		<tekst:Al>De hoofdregel uit de Wcw is dat alleen warmtebedrijven met een publiek meerderheidsbelang kunnen worden aangewezen als publiek warmtebedrijf.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In de regio is op basis van vrijwilligheid al meer dan 10 jaar met HVC gewerkt aan de ontwikkeling en de totstandkoming van het huidige <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>. De insteek is daarbij altijd geweest om een publiek warmtebedrijf neer te zetten. Daarmee loopt de regio voor op de invoering op de vereisten van de Wcw waarbij een warmtebedrijf in publieke handen voorgeschreven wordt.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De inschatting is dan ook dat invoering van de Wcw voor het aanwijzen van een warmtebedrijf en de kavelstrategie een pragmatisch proces wordt.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De Wcw geldt straks voor bestaande warmtenetten en warmtebedrijven. Warmtebedrijven die momenteel een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> exploiteren dat onder het overgangsrecht valt, worden op grond van de Wcw voor maximaal 30 jaar aangewezen als warmtebedrijf en het gebied waarover het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> zich uitstrekt wordt aangemerkt als een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_32" scope="Begrip">warmtekavel</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		<tekst:Al>3) Visie betaalbaarheid</tekst:Al>
		<tekst:Al>Als gemeente doen we er alles aan om de overstap naar <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> wonen betaalbaar te maken voor onze inwoners. We weten dat er zorgen zijn over de kosten van de overstap en dat inwoners verschillend denken over het begrip betaalbaarheid. Daarom willen we dat er duidelijkheid komt, zodat iedereen precies weet wat we met betaalbaarheid bedoelen. Dordrecht bepaalt niet zelfstandig wat betaalbaar is. Het Rijk is bezig om dit uit te werken. De verwachting is dat er eind 2025 meer duidelijkheid over komt.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Dat betekent niet dat we nu niets kunnen doen. Ook wij houden ons bezig met dit vraagstuk. De gemeente Dordrecht heeft meegedaan aan een landelijk onderzoek met vijftien andere gemeenten over wat inwoners betaalbaar vinden en welke randvoorwaarden daarbij gelden. Zie voor de achtergronden paragraaf 2.3. De resultaten van het onderzoek zijn hieronder verwoord in onze visie.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Bij het bepalen of een warmteperspectief betaalbaar is voor een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> of <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef> hanteren we, in ieder geval tot er duidelijkheid is vanuit het Rijk, de volgende uitgangspunten:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst eId="div_6__content_3__list_o_1" wId="gm0505_1-0__div_6__content_3__list_o_1" type="ongemarkeerd">
		  <tekst:Li eId="div_6__content_3__list_o_1__item_a" wId="gm0505_1-0__div_6__content_3__list_o_1__item_a">
		    <tekst:Al>We streven ernaar dat zoveel mogelijk inwoners hetzelfde blijven betalen voor duurzame warmte als de huidige maandelijkse kosten, of minder. We werken dit het liefst uit op basis van de verwachte eindverbruikerskosten op buurt- of wijkniveau. We kunnen gelijkblijvende of lagere kosten niet in individuele situaties garanderen. We houden bij het bepalen van de eindverbruikerskosten natuurlijk rekening met eventuele subsidies voor inwoners, maar ook voor het warmtebedrijf.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_6__content_3__list_o_1__item_b" wId="gm0505_1-0__div_6__content_3__list_o_1__item_b">
		    <tekst:Al>Voor zover dat binnen onze bevoegdheden ligt, zorgen we ervoor dat een warmtebedrijf transparant is over de opbouw van de te hanteren tarieven. We streven ernaar om samen met het warmtebedrijf op buurt- of wijkniveau te onderzoeken onder welke voorwaarden individuele inwoners willen overstappen. Aspecten zoals mate van ontzorging, de timing, de verdeling van de lusten en de lasten in de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef> kunnen hierbij een rol spelen. Dit speelt vooral bij de inzet van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_1" scope="Begrip">aanwijsbevoegdheid</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_6__content_3__list_o_1__item_c" wId="gm0505_1-0__div_6__content_3__list_o_1__item_c">
		    <tekst:Al>We zijn duidelijk over welke andere voordelen overstappen op duurzame warmte er zijn en over de duurzaamheid van de warmtetechniek op buurt- of wijkniveau.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_6__content_3__list_o_1__item_d" wId="gm0505_1-0__div_6__content_3__list_o_1__item_d">
		    <tekst:Al>Betaalbaarheid is niet hetzelfde als financierbaarheid. Toegang tot financi&#235;le instrumenten, zoals subsidies en leningen met geen of een lage rente, zijn in sommige situaties noodzakelijk om de overstap te kunnen financieren.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_6__content_4" wId="gm0505_1-0__div_6__content_4">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>4.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Plan-mer-beoordeling</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In het kader van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> is een zogeheten plan-mer-beoordelingsprocedure doorlopen. In de plan-mer-beoordelingsprocedure moet het bevoegde gezag (in dit geval de gemeente Dordrecht) nagaan of de ontwikkelingen in het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> kunnen leiden tot aanzienlijk (negatieve) milieueffecten, die het doorlopen van een (uitgebreide) plan-mer-procedure voor het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> noodzakelijk maken. Dordrecht heeft een plan-mer-beoordelingsprocedure doorlopen, hieruit is gebleken dat naar verwachting de ontwikkelingen in dit programma niet zullen leiden tot aanzienlijke (negatieve) milieueffecten. Eventuele negatieve effecten kunnen bij nadere uitwerking afdoende worden beperkt of voorkomen door mitigerende maatregelen. Deze maatregelen moeten in volgende programma&#x2019;s en andere besluiten geconcretiseerd en vastgelegd worden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	  </tekst:Divisie>
	  <tekst:Divisie eId="div_7" wId="gm0505_1-0__div_7">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Nummer>5.</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Aanpak tot en met 2035</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_7__content_1" wId="gm0505_1-0__div_7__content_1">
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De komende 10 jaar gaan we samen met onze partners een aantal buurten aan de slag. De buurtaanpak passen we toe op de drie wijken in Dordt West, Crabbehof (paragraaf 5.1), Krispijn (paragraaf 5.2) en Wielwijk (paragraaf 5.3). In de andere buurten waar het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> al ligt starten we nog niet met een buurtaanpak, maar kijken we welke kansen zich voordoen om het aantal aansluitingen te vergroten (paragraaf 5.4). Bijvoorbeeld als een woningcorporatie een complex gaat verduurzamen, een VvE of maatschappelijk vastgoed <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> het pand gaat verduurzamen of de netbeheerder het gasnet moet vervangen. Het is niet mogelijk om in alle buurten tegelijkertijd aan de slag te gaan met een buurtaanpak. We hebben hiervoor gezamenlijk, de gemeente en de partners, te weinig middelen en menskracht. Daarom wordt er gestart in een aantal buurten. In het volgende <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> wordt opnieuw bepaald welke buurten logisch zijn om in de 10 daaropvolgende jaren aan de slag te gaan. In de paragrafen van dit hoofdstuk beschrijven we op hoofdlijnen de aanpak per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De aanpak in het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> vormt, samen met de nog op te stellen uitvoeringsstrategie, het startpunt voor het buurtproces. Samen met bewoners, ondernemers, onze partners en andere belangrijke organisaties in de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> werken we aan een uitvoeringsplan waarin we deze aanpak vertalen naar de praktijk. De inbreng van bewoners heeft een bepalende rol in de aanpak per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef>, waardoor de hierna beschreven plannen nog kunnen wijzigen.</tekst:Al>
		<tekst:Figuur eId="div_7__content_1__img_o_1" wId="gm0505_1-0__div_7__content_1__img_o_1">
		  <tekst:Titel>Figuur 9: Buurten tot 2035</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="9_buurten_tot_2035.jpg" formaat="image/jpeg" breedte="2806" hoogte="1984" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		</tekst:Figuur>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_7__content_2" wId="gm0505_1-0__div_7__content_2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>5.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Crabbehof</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al><tekst:strong>Warmteoplossing</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>De buurten Crabbehof-Noord en Crabbehof-Zuid hebben een woningvoorraad van bijna 3.850 woningen, op een totaal van 4.370 gebouwen. Ruim 80% hiervan zijn appartementen. Het overige deel van de gebouwen in de buurten zijn voornamelijk tussen- of geschakelde woningen. Het zijn naoorlogse buurten met een gebouwenvoorraad die relatief homogeen is. Vrijwel alle gebouwen komen uit de bouwperiode 1950-1975. De woningen zijn gemixt particulier eigendom en corporatiebezit. Ruim de helft van de woningen is corporatiebezit. In een wijkuitvoeringsplan maken we een uitgebreide analyse van de twee buurten. Het gaat dan onder andere om de maximale warmtebehoefte en het minimale isolatieniveau. Ook brengen we in beeld hoe bedrijven, inclusief de bedrijven die eventueel aardgas gebruiken in hun processen, zich kunnen voorbereiden op de overstap.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> komt als beste oplossing naar voren. Beide buurten liggen in het bestaande warmteleveringsgebied van HVC. Een deel van de bebouwing is al aangesloten op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>. De warmte uit het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> wordt het grootste deel van het jaar opgewekt uit slibverwerking. Op piekmomenten, bijvoorbeeld in de winter, vult de afvalverbrandingsinstallatie de vraag naar warmte aan. De e-boiler vormt de back-up bij onderhoud en storingen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Zuidhoven is de derde <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> in Crabbehof. Ook hier heeft het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> de voorkeur, maar aansluiting is pas voorzien na 2035.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Haalbaarheid</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Zoals aangegeven in paragraaf 2.4 zijn haalbaarheid en betaalbaarheid belangrijke randvoorwaarden. Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> is technisch haalbaar. Het primaire net is al gerealiseerd. Uitdagingen liggen vooral bij de maatschappelijke acceptatie en het dragen van de energielasten in het algemeen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In 2023 hebben we onderzocht welk handelingsperspectief woningeigenaren hebben om hun woning <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> te maken. Dit onderzoek is opgenomen in bijlage 6.</tekst:Al>
		<tekst:Al>We zijn gestart met het opstellen van een wijkuitvoeringsplan. Er zijn extra middelen beschikbaar om de woningen aardgasvrijready te maken.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Einddatum gaslevering</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Zodra de wetgeving in werking treedt zal de gemeente daar waar dat al mogelijk is haar <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_1" scope="Begrip">aanwijsbevoegdheid</tekst:IntRef> gebruiken om de twee genoemde buurten in Crabbehof binnen acht jaar <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> te maken.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_7__content_3" wId="gm0505_1-0__div_7__content_3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>5.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Oud- en Nieuw Krispijn</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al><tekst:strong>Warmteoplossing</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Oud-Krispijn is opgedeeld in 8 buurten en Nieuw-Krispijn heeft 7 buurten. De in totaal 15 buurten hebben een woningvoorraad van ruim 7.400 woningen. In Nieuw-Krispijn bestaat ruim 40% van de woningvoorraad uit appartementen. Het overige deel van de gebouwen in de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef> zijn voornamelijk tussen- of geschakelde woningen. De woningen zijn gemixt particulier eigendom en corporatiebezit. Bijna de helft van de woningen is corporatiebezit. In Oud-Krispijn bestaat 75% van de woningvoorraad uit tussenwoningen en hoekwoningen. Het merendeel is particulier eigendom.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor de buurten Nieuweweg e.o. (Nieuw-Krispijn) en Zuidendijk (Oud-Krispijn) is het perspectief nog niet duidelijk en wordt er gestuurd op besparing. Voor de andere 13 buurten komt het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> als beste oplossing naar voren. In de buurten Krispijnse Driehoek, Breitnerstraat e.o., Rembrandtlaan e.o. in Oud-Krispijn en Anna Pauwlonastraat e.o., Prins Bernardstraat e.o. en Waldeck Pyrmontweg e.o. in Nieuw-Krispijn is al bezit van de woningcorporaties aangesloten en zijn er kansen om voor 2035 meer woningen <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> te maken. In de andere buurten, te weten Erasmuslaan e.o., Jacob Catsstraat e.o., Viottakade e.o., Jacob Marisstraat e.o., Rembrandtlaan e.o., Weizigtpark, Bloemenbuurt en Emmastraat e.o., ligt de nadruk voor de particuliere woningen op besparen en aansluiten op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> na 2035.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Beide wijken liggen in het bestaande warmteleveringsgebied van HVC. Een deel van de bebouwing is al aangesloten op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>. De warmte uit het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> wordt het grootste deel van het jaar opgewekt uit slibverwerking. Op piekmomenten, bijvoorbeeld in de winter, vult de afvalverbrandingsinstallatie de vraag naar warmte aan. De e-boiler vormt de back-up bij onderhoud en storingen.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Haalbaarheid</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Zoals aangegeven in paragraaf 2.4 zijn haalbaarheid en betaalbaarheid belangrijke randvoorwaarden. Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> is technisch haalbaar. Het primaire net is al gerealiseerd. Uitdagingen liggen vooral bij mogelijke funderingsproblematiek, de maatschappelijke acceptatie en het dragen van de energielasten in het algemeen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In 2023 hebben we voor Nieuw-Krispijn onderzocht welk handelingsperspectief woningeigenaren hebben om hun woning <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> te maken. Dit onderzoek is opgenomen in bijlage 6.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Er zijn extra middelen beschikbaar om de woningen aardgasvrijready te maken. We starten in 2026 met een wijkuitvoeringsplan.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Einddatum gaslevering</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>We voorzien voor de levering van aardgas nog geen einddatum.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_7__content_4" wId="gm0505_1-0__div_7__content_4">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>5.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Wielwijk</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al><tekst:strong>Warmteoplossing</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Wielwijk telt 12 buurten. Er staan ruim 3.220 woningen, waarvan ongeveer de helft een appartement is. De meeste corporatiewoningen zijn tussen 1946 en 1974 gebouwd. De <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef> ligt in Spoorzone Dordrecht waar de komende jaren veel nieuwbouw wordt gepleegd. Het gaat om de buurten Amstelwijck Park, Amstelwijck Spoorzone, Amstelwijck Dordts Buiten en Amstelwijck Smitzigt. In de eerste drie buurten is het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> het logische perspectief, voor de laatste is dat <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_4" scope="Begrip">all-electric</tekst:IntRef>. Dat geldt ook voor de buurten Dordtse Hout en Laan de Verenigde Naties Noord. In de andere buurten in Wielwijk is al veel corporatiebezit aangesloten op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> en zijn er kansen om ook ander vastgoed aan te sluiten voor 2035.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef> ligt voor het grootste deel in het bestaande warmteleveringsgebied van HVC. Een deel van de bebouwing is al aangesloten op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>. De warmte uit het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> wordt het grootste deel van het jaar opgewekt uit slibverwerking. Op piekmomenten, bijvoorbeeld in de winter, vult de afvalverbrandingsinstallatie de vraag naar warmte aan. De e-boiler vormt de back-up bij onderhoud en storingen.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Haalbaarheid</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Zoals aangegeven in paragraaf 2.4 zijn haalbaarheid en betaalbaarheid belangrijke randvoorwaarden. Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> is technisch haalbaar. Het primaire net is al gerealiseerd. Uitdagingen liggen vooral bij de maatschappelijke acceptatie en het dragen van de energielasten in het algemeen. Alleen de reguliere middelen, zoals via Dordt Isoleert, zijn beschikbaar om de woningen aardgasvrijready te maken.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Einddatum gaslevering</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>We voorzien voor de levering van aardgas nog geen einddatum.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_7__content_5" wId="gm0505_1-0__div_7__content_5">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>5.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Andere buurten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al><tekst:strong>Warmteoplossing</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>In nog 16 andere buurten in Dordrecht is al corporatiebezit aangesloten op het bestaande <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>. Het gaat om de volgende buurten: Geldelozepad e.o., Rozenhof e.o., Burg. de Raadtsingel e.o., Maria Montesorilaan e.o., Albert Schweitzerplaats, Sterrenburg I-Oost, Blaauwweg e.o., Minnaertsweg e.o., Indische <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> noord, Boeroestraat e.o., Vogelplein-Aalscholverstraat e.o., Merwepolder Oost, Merwepolder West, Stadswerven, Lijnbaan e.o. en Matena&#x2019;s Pad e.o. We starten in deze buurten nog niet met een buurtaanpak, maar als zich kansen voordoen om het aantal aansluitingen te vergroten, gaan we in gesprek met de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De genoemde buurten liggen in het bestaande warmteleveringsgebied van HVC. Een deel van de bebouwing is al aangesloten op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>. De warmte uit het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> wordt het grootste deel van het jaar opgewekt uit slibverwerking. Op piekmomenten, bijvoorbeeld in de winter, vult de afvalverbrandingsinstallatie de vraag naar warmte aan. De e-boiler vormt de back-up bij onderhoud en storingen.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Haalbaarheid</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Zoals aangegeven in paragraaf 2.4 zijn haalbaarheid en betaalbaarheid belangrijke randvoorwaarden. Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> is technisch haalbaar. Het primaire net is al gerealiseerd. Uitdagingen liggen vooral bij de maatschappelijke acceptatie en het dragen van de energielasten in het algemeen. Alleen de reguliere middelen, zoals via Dordt Isoleert zijn beschikbaar om de woningen aardgasvrijready te maken.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Einddatum gaslevering</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>We voorzien voor de levering van aardgas nog geen einddatum.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	  </tekst:Divisie>
	  <tekst:Divisie eId="div_8" wId="gm0505_1-0__div_8">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Nummer>6.</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Warmtetransitie per doelgroep</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_8__content_1" wId="gm0505_1-0__div_8__content_1">
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Tot nu toe is er in dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> steeds per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> gekeken, maar in een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> bevinden zich verschillende doelgroepen. In dit hoofdstuk is per paragraaf het perspectief geschetst per doelgroep.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_8__content_2" wId="gm0505_1-0__div_8__content_2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>6.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Utiliteit</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het Klimaatakkoord heeft voor utiliteitsbouw dezelfde ambitie vastgelegd als de woningbouw. Dit betekent dat ook voor utiliteitsbouw geldt dat deze in 2050 <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> zijn. Dordrecht heeft de ambitie om al in 2040 klimaatneutraal te zijn. De gemeente is ook voor deze verduurzamingsopgave verantwoordelijk. Het gaat daarbij om commercieel en maatschappelijk vastgoed, zoals kantoren, bedrijfspanden, winkels, scholen, musea, zorg- en sportaccommodaties.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Maatschappelijk vastgoed</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>In 2024 hebben we ge&#239;nventariseerd hoe het staat met de verduurzamingsopgave bij maatschappelijk vastgoed, zoals scholen, kerken, zorgorganisaties en sportverenigingen. Dit biedt ons inzicht in wat ons de komende jaren te doen staat. Voor kleine en middelgrote maatschappelijke organisaties is in 2024 een aanpak ontwikkeld die aansluit bij het ontzorgingsprogramma maatschappelijk vastgoed van de provincie Zuid-Holland. In 2025 starten we met een pilot bij een aantal instellingen. Voor grote organisaties werken we met convenanten. De aanpak met convenanten vanuit de Omgevingsdienst zet in op het delen van kennis met vergelijkbare organisaties om zo aan de Energiebespaarplicht te voldoen en mogelijk nieuwe stappen te zetten. In 2024 heeft het convenant zorgorganisaties haar eerste jaar gehad en is gewerkt aan het opstarten van een convenant voor onderwijsorganisaties. In de komende jaren zetten we deze aanpak voort.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Commercieel vastgoed</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor bedrijven gelden de eisen zoals de energiebesparingsplicht. Samen met de OZHZ breiden we het aantal energiecontroles uit en sluiten we aan bij het ontzorgingsprogramma MKB van de provincie Zuid-Holland.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De uitdaging ligt bij de omschakeling van deze doelgroepgericht benadering naar een gebiedsgerichte benadering. Lopende initiatieven zijn met name op specifieke doelgroepen gericht. Dit is een andere aanpak dan de gebiedsgerichte aanpak van de uitvoeringsplannen. Het is zinvol om de synergie tussen deze sporen te gaan zoeken. De bedrijventerreinen aanpak (paragraaf 6.6) is hier een goed voorbeeld van.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Gemeentelijk vastgoed</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor gemeentelijk vastgoed is in beeld gebracht welke verduurzamingsopgave er ligt en wat de route naar <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> wordt. Uitdaging hierbij is om van de pandgerichte benadering over te stappen naar de gebiedsgerichte aanpak van de buurt- of wijkuitvoeringsplannen. Het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> maken van ons eigen vastgoed kan, net als het vastgoed van de woningcorporaties, een startmotor zijn in een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> om <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> te worden. Samen met HVC kijken we naar de route die hoort bij een buurtaanpak en die aansluit bij de natuurlijke momenten om te verduurzamen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_8__content_3" wId="gm0505_1-0__div_8__content_3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>6.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Sociale woningbouw</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De woningcorporaties in de Drechtsteden werken met de gemeenten en HVC gezamenlijk aan het aansluiten van woningen op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>. De woningcorporaties hebben de afgelopen jaren de rol van startmotor op zich genomen, zoals beschreven in het Klimaatakkoord van 2019 en de Nationale Prestatieafspraken van 2022. Dit betekent dat de woningcorporaties de eerste partij zijn in een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef> of <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> waar het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> wordt aangesloten. Ook worden de belangen van de huurders meegenomen in deze trajecten door waardevolle samenwerkingen met huurdersverenigingen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De woningcorporatie is het aanspreekpunt voor huurders bij het aansluiten van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> en informeert huurders zodra de woning aan de beurt is. HVC is verantwoordelijk voor afhandeling van de contracten met de huurders en de realisatie van de aansluitingen. In de perspectiefkaarten is te zien op welke termijn verwacht wordt dat dit gaat spelen. Is de aardgasvrije oplossing nog niet gekozen, dan is de woningcorporatie dit nog met de gemeente aan het onderzoeken. Ondertussen kunnen huurwoningen wel transitiegereed of voorbereid worden op de aardgasvrije oplossing door isolatie, ventilatie en elektrisch koken aan te passen of te verbeteren in de woning.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_8__content_4" wId="gm0505_1-0__div_8__content_4">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>6.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Overige huurwoningen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Ook voor huurwoningen in de vrije sector van woningcorporaties, institutionele beleggers, zakelijke verhuurders en particuliere verhuurders is de overstap naar <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> belangrijk. De eigenaren van deze woningen maken ook aanspraak op subsidie zoals de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_25" scope="Begrip">Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen (SAH)</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		<tekst:Al>We benaderen particuliere verhuurders actief als het gaat over het verduurzamen van het vastgoed. Huurders kunnen met vragen of verzoeken terecht bij Woonadvies.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_8__content_5" wId="gm0505_1-0__div_8__content_5">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>6.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>VvE&#x2019;s</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Vereniging van Eigenaren (VvE) moeten gezamenlijk besluiten over de verduurzaming van hun gebouw. De voorbereiding van deze besluitvorming kost veel tijd en begeleiding. Het is te adviseren minimaal 3 jaar voor de feitelijke uitvoering te starten met het proces rondom de besluitvorming. Voor VvE's die niet actief zijn (geen beslissingen maken over onderhoud) is een veel langer traject nodig en kan de doorlooptijd tussen de 7 en 10 jaar vari&#235;ren.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De Rijksoverheid heeft een aantal belemmeringen in beeld gebracht om de verduurzaming van VvE's te versnellen. Met name de opkomsteis en een verhoogde meerderheid bij VvE-vergaderingen met besluitvorming zijn aangemerkt als vertragende factor. De overheid werkt daarom aan wetgeving en trajecten voor:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst eId="div_8__content_5__list_o_1" wId="gm0505_1-0__div_8__content_5__list_o_1" type="ongemarkeerd">
		  <tekst:Li eId="div_8__content_5__list_o_1__item_a" wId="gm0505_1-0__div_8__content_5__list_o_1__item_a">
		    <tekst:Al>Eenvoudigere besluitvorming</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_8__content_5__list_o_1__item_b" wId="gm0505_1-0__div_8__content_5__list_o_1__item_b">
		    <tekst:Al>Betere ondersteuning bij verduurzaming</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_8__content_5__list_o_1__item_c" wId="gm0505_1-0__div_8__content_5__list_o_1__item_c">
		    <tekst:Al>Aanstellen van procesbegeleiders en landelijk vve-verduurzamingsloket</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_8__content_5__list_o_1__item_d" wId="gm0505_1-0__div_8__content_5__list_o_1__item_d">
		    <tekst:Al>Verbeterde subsidies en leningen</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>Dordrecht kent 855 VvE-complexen, waarvan 718 complexen van bouwjaar 1995 of ouder. Van deze complexen weten we dat deze bij de bouw niet of beperkt ge&#239;soleerd zijn. VvE&#x2019;s zijn daarom een belangrijke doelgroep om een aardgasvrije toekomst van Dordrecht mogelijk te maken. We helpen VvE&#x2019;s om energie te besparen, onder andere met behulp van de VvE-stappenplannen en de hulp van de VvE-projectleider. We organiseren een cursus voor VvE-bestuurders en een bijeenkomst voor VvE-beheerders. In de loop van 2025 komen er een subsidieregeling voor VvE&#x2019;s beschikbaar. Bij de subsidieregelingen wordt aansluiting gezocht bij de landelijke subsidieregeling RVO SVVE.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_8__content_6" wId="gm0505_1-0__div_8__content_6">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>6.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Eigenaar grondgebonden woning</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Voor particuliere eigenaren van grondgebonden woningen is er minder complexiteit in de besluitvorming om over te stappen naar andere <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_34" scope="Begrip">warmteoptie</tekst:IntRef>. Daarentegen is de betaalbaarheid een groter punt omdat de kosten niet collectief kunnen worden gedeeld. Iedere woningeigenaar bepaalt voor zich. Echter zorgt dit er meteen ook voor dat het tempo waarin dit gebeurt niet te sturen valt. De ervaring, ook met isolatieaanpak, leert dat een blok voor blok aanpak bij eengezinswoningen niet werkt. De natuurlijke momenten voor besluitvorming binnen een blok wisselen daarvoor te veel. Wel is uiteraard gebruik te maken van eigen inzet en groepsvorming van bewoners zelf (bottom-up). Voor eigenaar bewoners is individuele ondersteuning te krijgen via het Energieloket van de gemeente (dordtduurzaam.nl). Ook zijn er vanaf 2025 fysieke informatiepunten in de buurten waar we actief aan de slag gaan met Dordt Isoleert.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Dordt Isoleert</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor woningeigenaren met een slecht energielabel (D, E, F of G) en een WOZ-waarde onder de &#x20ac; 380.000 (peiljaar 2024) biedt de gemeente actief ondersteuning bij het isoleren van hun woning via Dordt Isoleert. Deze woningeigenaren kunnen ook zelf aan de slag via een doe-het-zelf isolatieaanpak. Er moeten minimaal twee bouwdelen worden ge&#239;soleerd.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Monumenten</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Eigenaren van zowel gemeentelijke monumenten als rijksmonumenten kunnen gebruikmaken van de Dordtse ontzorgingsaanpak. Bij de eerste stap krijgen monumenteigenaren subsidie voor het opstellen van een Duurzaam monumentenadvies (DuMo-advies) op niveau 1+. Bij de tweede stap krijgen eigenaren subsidie voor ontzorging. De invulling van de ontzorging is maatwerk. In aanvulling hierop is er ook beperkt advies beschikbaar voor monumenteigenaren zonder DuMo-advies. Deze eigenaren weten al welk bouwdeel ze willen aanpakken en hebben alleen nog ondersteuning nodig om deze stap daadwerkelijk te kunnen zetten. In het 3e kwartaal van 2025 wordt de ontzorgingsaanpak uitgebreid met thema-avonden gericht op energiebesparende maatregelen voor monumenten en worden eigenaren uitgenodigd om samen op te trekken bij het verduurzamen.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Programma Dordt West</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Vanuit het programma Dordt West is een aanvraag ingediend bij het Volkshuisvestingsfonds voor de wijken Crabbehof en Krispijn. Er is extra subsidie toegekend voor het verbeteren van de particuliere koopwoningen met een slecht label (D, E, F of G) of vergelijkbare energetische staat en een WOZ-waarde lager dan &#x20ac; 380.000 (peildatum 2024) door middel van isolatiemaatregelen. De subsidieregeling voor Crabbehof is per 1 juni 2025 opengesteld voor grondgebonden woningen en in een latere fase voor VvE&#x2019;s. De woningen worden ge&#239;soleerd tot het niveau aardgasvrijready. De aanpak heeft een looptijd tot en met 31 december 2033. De regeling voor Krispijn volgt in 2026.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_8__content_7" wId="gm0505_1-0__div_8__content_7">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>6.6</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Bedrijventerreinen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De aanpak voor het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> maken van bedrijventerreinen is deels een andere opgave dan die van woonwijken. Dit is de reden dat in de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_21" scope="Begrip">perspectiefkaart</tekst:IntRef> deze terreinen een ander label krijgen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Er zijn verschillende redenen waarom bedrijventerreinen een ander label krijgen:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst eId="div_8__content_7__list_o_1" wId="gm0505_1-0__div_8__content_7__list_o_1" type="ongemarkeerd">
		  <tekst:Li eId="div_8__content_7__list_o_1__item_a" wId="gm0505_1-0__div_8__content_7__list_o_1__item_a">
		    <tekst:Al>De warmtebehoefte is anders. Bedrijventerreinen hebben een grotere verscheidenheid in energiegebruik en warmtebehoefte. Een lagere warmtevraag voor kantoren en specifieke temperatuurvereisten voor industri&#235;le processen maken bijvoorbeeld een standaard aanpak minder geschikt. Dit maakt een uniforme aanpak complexer dan in woonwijken.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_8__content_7__list_o_1__item_b" wId="gm0505_1-0__div_8__content_7__list_o_1__item_b">
		    <tekst:Al>De verduurzaming van bedrijven, kantoren en de industrie vallen vaak onder andere beleidskaders en regelgeving ten aanzien van bijvoorbeeld <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> en energiebesparing.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>Het is echter belangrijk om te kijken naar bedrijventerreinen, vooral als er kansen zijn voor uitwisseling van <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_24" scope="Begrip">restwarmte</tekst:IntRef> met de omgeving of collectieve warmteoplossingen. Geen perspectief bieden aan bedrijven, leidt tot situatie van een &#x2018;standstill&#x2019; of bedrijven besluiten te elektrificeren en dat moeten we willen voorkomen. Collectieve oplossingen hebben de voorkeur boven individuele oplossingen in verband met <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_16" scope="Begrip">netcongestie</tekst:IntRef>. De kans die er speelt voor bedrijventerreinen is het volgende:</tekst:Al>
		<tekst:Al>In de gehele Drechtsteden bevinden zich 64 bedrijventerreinen en in 2025 zijn 17 daarvan reeds gestart met het opzetten van energieco&#246;peraties, waarvan 3 in Dordrecht. De regio werkt in de komende 4 jaar toe om op nog 45 bedrijventerreinen energiehubs op te richten. Hiertoe werkt de regio nauw samen met de Werkgevers Drechtsteden. De ondernemers zijn hierbij in de lead en zetten een zogeheten Innovatietafel Energiedelen op. De gemeente faciliteert door het beschikbaar stellen van een energie-expert en digital twin (zie paragraaf 3.6). Energieco&#246;peraties zijn lokale samenwerkingen tussen gebruikers en producenten van energie. In een energiehub wordt energieopwek, -transport, -opslag, -conversie en -verbruik op elkaar afgestemd. Deze afstemming wordt in eerste instantie gebruikt om <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_16" scope="Begrip">netcongestie</tekst:IntRef> tegen te gaan, maar energieco&#246;peraties gaan niet alleen over elektriciteit. Een energieco&#246;peratie kan bijvoorbeeld ook worden gebruikt om samen warmte en duurzame gassen te verbruiken, uit te wisselen en/of te produceren.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De uitgangspunten voor het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> maken van bedrijventerreinen:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst eId="div_8__content_7__list_o_2" wId="gm0505_1-0__div_8__content_7__list_o_2" type="ongemarkeerd">
		  <tekst:Li eId="div_8__content_7__list_o_2__item_a" wId="gm0505_1-0__div_8__content_7__list_o_2__item_a">
		    <tekst:Al>We zetten een fasegewijze aanpak op voor het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> maken van bedrijventerreinen per 2040. Hierbij doorlopen we de volgende stappen:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst eId="div_8__content_7__list_o_2__item_a__list_o_1" wId="gm0505_1-0__div_8__content_7__list_o_2__item_a__list_o_1" type="ongemarkeerd">
		      <tekst:Li eId="div_8__content_7__list_o_2__item_a__list_o_1__item_1" wId="gm0505_1-0__div_8__content_7__list_o_2__item_a__list_o_1__item_1">
			<tekst:Al>Het identificeren van kansen</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="div_8__content_7__list_o_2__item_a__list_o_1__item_2" wId="gm0505_1-0__div_8__content_7__list_o_2__item_a__list_o_1__item_2">
			<tekst:Al>Het cre&#235;ren van betrokkenheid van ondernemers</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="div_8__content_7__list_o_2__item_a__list_o_1__item_3" wId="gm0505_1-0__div_8__content_7__list_o_2__item_a__list_o_1__item_3">
			<tekst:Al>Het (nader) onderzoeken van warmtealternatieven</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="div_8__content_7__list_o_2__item_a__list_o_1__item_4" wId="gm0505_1-0__div_8__content_7__list_o_2__item_a__list_o_1__item_4">
			<tekst:Al>Het organiseren van financiering en ondersteuning</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>We starten met een onderzoek naar het identificeren van kansen voor de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> op bedrijventerreinen. Welke bedrijven hebben <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_24" scope="Begrip">restwarmte</tekst:IntRef> en/of kunnen bijvoorbeeld aansluiten bij het warmtenet? Of zijn er bedrijventerreinen die naast woonwijken liggen waar mogelijke synergie in uitwisseling van energie kan worden gerealiseerd?</tekst:Al>
		<tekst:Lijst eId="div_8__content_7__list_o_3" wId="gm0505_1-0__div_8__content_7__list_o_3" type="ongemarkeerd">
		  <tekst:Li eId="div_8__content_7__list_o_3__item_a" wId="gm0505_1-0__div_8__content_7__list_o_3__item_a">
		    <tekst:Al>We sluiten aan bij lopende projecten en initiatieven.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_8__content_7__list_o_3__item_b" wId="gm0505_1-0__div_8__content_7__list_o_3__item_b">
		    <tekst:Al>In de aanpak van de energieco&#246;peraties wordt <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> als een vast onderdeel meegenomen.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_8__content_7__list_o_3__item_c" wId="gm0505_1-0__div_8__content_7__list_o_3__item_c">
		    <tekst:Al>Nieuwe bedrijventerreinen worden sinds 1 juli 2018 gasloos opgeleverd. Op elk nieuw bedrijventerrein dat wordt gerealiseerd is de ambitie om aan de voorkant te starten met een energieco&#246;peratie en hier ook meteen de warmtevraag in mee te nemen.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_8__content_8" wId="gm0505_1-0__div_8__content_8">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>6.7</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Nieuwbouw</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Bij nieuwe ontwikkelingen verwachten we dat deze een bijdrage leveren aan de zeven doelen uit de Omgevingsvisie. E&#233;n van die doelen is dat Dordrecht in 2040 een duurzame en klimaatneutrale stad is.</tekst:Al>
		<tekst:Al>We werken toe naar 11.000 nieuwe woningen in 2030. Naast het halen van dit aantal zetten we hierbij ook in op kwaliteit. Daar waar het kan, gaan we verder dan de landelijke regelgeving bij prestaties die in de praktijk haalbaar zijn, zoals energieneutraal en circulair bouwen. Ook hebben we aandacht voor de toenemende vraag naar koeling (vanwege steeds vaker voorkomende hittegolven), waarbij we verdere elektrificatie van de gebouwde omgeving proberen te voorkomen. We zijn aangesloten bij het Convenant Schoon en Emissieloos Bouwen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Sinds 2018 moet alle nieuwbouw <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" scope="Begrip">aardgasvrij</tekst:IntRef> worden opgeleverd. In heel Dordrecht geldt de voorkeursvolgorde voor warmte en in het grootste deel geldt dat de eerste voorkeur voor direct bruikbare warmte is vormgegeven via een aansluitplicht. De gemeente en de woningcorporaties hebben in 2012 afspraken gemaakt over het aansluiten van hun vastgoed op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Voorkeursvolgorde voor warmte</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>In de Regionale Energiestrategie 1.0 heeft Dordrecht een voorkeursvolgorde voor warmte opgenomen. Onze voorkeursvolgorde sluit aan bij het afwegingskader voor warmte van de provincie Zuid-Holland. Deze is ook opgenomen in de Dordtse Omgevingsvisie en leidend voor de warmtetransitie:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst eId="div_8__content_8__list_o_1" wId="gm0505_1-0__div_8__content_8__list_o_1" type="expliciet">
		  <tekst:Li eId="div_8__content_8__list_o_1__item_a" wId="gm0505_1-0__div_8__content_8__list_o_1__item_a">
		    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>Aanwezige warmte: <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_24" scope="Begrip">restwarmte</tekst:IntRef> van bedrijven, zoals HVC. Dit is een duurzaam alternatief en maatschappelijk gezien de goedkoopste.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_8__content_8__list_o_1__item_b" wId="gm0505_1-0__div_8__content_8__list_o_1__item_b">
		    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>Op te waarderen warmte: warmte uit bodem, lucht of water die wordt opgewaardeerd via een <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_35" scope="Begrip">warmtepomp</tekst:IntRef>. Een goed alternatief voor wijken met relatief jongen bebouwing en daar waar het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> niet komt.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_8__content_8__list_o_1__item_c" wId="gm0505_1-0__div_8__content_8__list_o_1__item_c">
		    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>Te maken warmte: <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_7" scope="Begrip">duurzaam gas</tekst:IntRef>. Een mogelijke bron op de zeer lange termijn en dan met name voor de historische binnenstad met monumenten waar het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> niet komt en die niet voldoende ge&#239;soleerd kunnen worden.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>In 2024 is er voor heel Dordrecht <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_16" scope="Begrip">netcongestie</tekst:IntRef> afgekondigd voor grote aansluitingen. Dat betekent dat het elektriciteitsnet zo vol zit dat nieuwe ontwikkelingen voor met name bedrijven moeilijk haalbaar zijn bij een grote vraag naar elektriciteit. Door nieuwbouw, maar ook bestaande bouw, aan te sluiten op het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> hoeft de warmte niet elektrisch gegenereerd te worden. Dit is met afstand de meest netbewuste keuze voor verwarmen.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Aansluitplicht in leveringsgebied</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>In Dordrecht ligt sinds 2012 het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef>. De warmte uit het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> wordt het grootste deel van het jaar opgewekt uit slibverwerking. Op piekmomenten, bijvoorbeeld in de winter, vult de afvalverbrandingsinstallatie de vraag naar warmte aan. De e-boiler vormt de back-up bij onderhoud en storingen. Er ligt een ringleiding van ca. 32 km en er zijn zo&#x2019;n 9.000 woningequivalenten al op aangesloten. In 2012 is in de Bouwverordening vastgelegd dat er in een bepaald gebied een aansluitplicht geldt voor nieuwbouw. Dit is het leveringsgebied. Deze bepaling is uit de Bouwverordening geschrapt toen het hernieuwde Bouwbesluit in 2012 in werking trad. Er geldt op basis van dat Bouwbesluit wel een overgangsrecht, waardoor de aansluitplicht in het leveringsgebied in stand blijft.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_8__content_9" wId="gm0505_1-0__div_8__content_9">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>6.8</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Warmtegemeenschap</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In het uitnodigingskader van dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> en ook de nieuwe <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_38" scope="Begrip">Wet collectieve warmte (Wcw)</tekst:IntRef> wordt nadrukkelijk de rol van lokale initiatieven benadrukt. Deze initiatieven kunnen groeien naar de status van offici&#235;le <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_31" scope="Begrip">warmtegemeenschap</tekst:IntRef> zoals bedoeld in de Wcw of energiegemeenschap zoals bedoeld in de Energiewet. We denken hierbij aan buren die met elkaar een eigen warmtebron of bronnet willen aanleggen of een onderzoek willen doen naar de alternatieven. Ook een bestaande energieco&#246;peratie van bedrijven valt onder deze definitie.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Financi&#235;le ondersteuning in de aanloopfase van deze initiatieven wordt o.a. verzorgd door Provincie Zuid-Holland via de Lokale initiatieven regeling (2023). Deze regeling is beschikbaar tot medio 2027. Vereisten voor deze aanvraag zijn onder andere: er is draagvlak in de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> of <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" scope="Begrip">wijk</tekst:IntRef> voor het initiatief, naast de gemeente en het initiatief is er een andere privaatrechtelijke partij bij de samenwerking betrokken en er is aandacht voor inclusiviteit. Organisatorisch kunnen bewonersinitiatieven via verschillende instanties zoals Energiesamen Zuid-Holland en LSA bewoners ondersteuning ontvangen in kennis, proces en organisatie voor het initiatief.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	  </tekst:Divisie>
	  <tekst:Divisie eId="div_9" wId="gm0505_1-0__div_9">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Nummer>7.</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Monitoring en evaluatie</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_9__content_1" wId="gm0505_1-0__div_9__content_1">
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Om de voortgang naar een aardgasvrije gemeente in 2050 te kunnen bijhouden is het belangrijk om te monitoren. Dit is verplicht voor buurten waar in de komende 10 jaar voornemens zijn de Wgiw in te zetten. Men moet zeker weten dat een alternatief voor aardgas voor alle gebouweigenaren daadwerkelijk beschikbaar en toegepast is voordat de levering van aardgas stopt. Dit heet de vergewisplicht. Ook is het belangrijk om de aanpak te evalueren en waar nodig bij te stellen. In dit hoofdstuk zijn de monitorings- en evaluatieaanpak toegelicht.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_9__content_2" wId="gm0505_1-0__div_9__content_2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>7.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Monitoring</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Om de voortgang van de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef> goed te kunnen monitoren worden een aantal indicatoren bijgehouden, deze zijn toegelicht in de volgende tabel.</tekst:Al>
		<tekst:table eId="div_9__content_2__table_o_1" wId="gm0505_1-0__div_9__content_2__table_o_1">
		  <tekst:title/>
		  <tekst:tgroup align="left" cols="4">
		    <tekst:colspec colname="col1" colnum="1"/>
		    <tekst:colspec colname="col2" colnum="2"/>
		    <tekst:colspec colname="col3" colnum="3"/>
		    <tekst:colspec colname="col4" colnum="4"/>
		    <tekst:thead valign="top">
		      <tekst:row>
			<tekst:entry colname="col1">
			  <tekst:Al>Indicator</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col2">
			  <tekst:Al>Uitwerking</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col3">
			  <tekst:Al>Frequentie</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col4">
			  <tekst:Al>Bron/actiehouder</tekst:Al>
			</tekst:entry>
		      </tekst:row>
		    </tekst:thead>
		    <tekst:tbody valign="top">
		      <tekst:row>
			<tekst:entry colname="col1">
			  <tekst:Al>Isolatiegraad</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col2">
			  <tekst:Al>Zie toelichting onder deze tabel</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col3">
			  <tekst:Al>Jaarlijks</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col4">
			  <tekst:Al>Gemeente</tekst:Al>
			</tekst:entry>
		      </tekst:row>
		      <tekst:row>
			<tekst:entry colname="col1">
			  <tekst:Al>Hoofdverwarmings-installatie</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col2">
			  <tekst:Al>Samenvatting per buurt (cv-ketel, warmtenet, warmtepomp, anders)</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col3">
			  <tekst:Al>Jaarlijks</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col4">
			  <tekst:Al>CBS</tekst:Al>
			</tekst:entry>
		      </tekst:row>
		      <tekst:row>
			<tekst:entry colname="col1">
			  <tekst:Al>Betaalbaarheid van de warmtetechnieken</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col2">
			  <tekst:Al>Actualisatie van de inschatting van eindgebruikerskosten voor de gekozen warmtetechnieken per buurt</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col3">
			  <tekst:Al>Incidenteel</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col4">
			  <tekst:Al>Gemeente</tekst:Al>
			</tekst:entry>
		      </tekst:row>
		      <tekst:row>
			<tekst:entry colname="col1">
			  <tekst:Al>Gasverbruik gebouwen</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col2">
			  <tekst:Al>Gemiddeld gasverbruik per buurt</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col3">
			  <tekst:Al>Jaarlijks</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col4">
			  <tekst:Al>CBS</tekst:Al>
			</tekst:entry>
		      </tekst:row>
		      <tekst:row>
			<tekst:entry colname="col1">
			  <tekst:Al>Bewonersreis en -tevredenheid</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col2">
			  <tekst:Al>Bewonersenqu&#234;te</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col3">
			  <tekst:Al>Tweejaarlijks</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col4">
			  <tekst:Al>Gemeente</tekst:Al>
			</tekst:entry>
		      </tekst:row>
		      <tekst:row>
			<tekst:entry colname="col1">
			  <tekst:Al>Aantal aansluitingen warmtenet*</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col2">
			  <tekst:Al>Aantal aangesloten gebouwen (in woningequivalenten en in getal) op het warmtenet voor gebieden waar een warmtenet wordt gerealiseerd, zie toelichting onder deze tabel</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col3">
			  <tekst:Al>Halfjaarlijks</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col4">
			  <tekst:Al>HVC</tekst:Al>
			</tekst:entry>
		      </tekst:row>
		      <tekst:row>
			<tekst:entry colname="col1">
			  <tekst:Al>Opt-out*</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col2">
			  <tekst:Al>Aantal gebouweigenaren dat gemeld heeft een alternatieve warmteoplossing te willen realiseren en het aantal dat dit al gerealiseerd heeft in een gebied waar een collectieve oplossing wordt gerealiseerd</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col3">
			  <tekst:Al>Jaarlijks</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col4">
			  <tekst:Al>Gemeente</tekst:Al>
			</tekst:entry>
		      </tekst:row>
		      <tekst:row>
			<tekst:entry colname="col1">
			  <tekst:Al>Aantal aardgasvrije gebouwen*</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col2">
			  <tekst:Al>Aantal gebouwen zonder aardgasaansluiting</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col3">
			  <tekst:Al>Jaarlijks</tekst:Al>
			</tekst:entry>
			<tekst:entry colname="col4">
			  <tekst:Al>Stedin</tekst:Al>
			</tekst:entry>
		      </tekst:row>
		    </tekst:tbody>
		  </tekst:tgroup>
		</tekst:table>
		<tekst:Al>* Alleen in gebieden waar de gemeente de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_1" scope="Begrip">aanwijsbevoegdheid</tekst:IntRef> inzet, moet deze data gedeeld worden.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Isolatiegraad</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>De wens is om op termijn voor iedere woning de isolatiegraad inzichtelijk te hebben, dit is een grote opgave. De focus ligt daarom in eerste instantie op de buurten die nu een besparingsbuurt perspectief hebben. Voor deze buurten zal de komende 5 jaar actief de isolatiegraad gemonitord worden zodat bij de herijking van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> het perspectief voor deze <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> kan worden geactualiseerd. Het monitoringsplan hiervoor moet nog verder worden vormgegeven.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Aantal aansluitingen warmtenet</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Om de voortgang van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" scope="Begrip">warmtenet</tekst:IntRef> goed te kunnen monitoren is er allereerst een startpunt nodig, zie de warmtenetaansluitingen per <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" scope="Begrip">buurt</tekst:IntRef> in bijlage 7 (peildatum 20 februari 2025).</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_9__content_3" wId="gm0505_1-0__div_9__content_3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Nummer>7.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Evaluatie en herijking</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De uitkomsten van de monitoring bespreken we jaarlijks in het Bestuurlijk Overleg Energietransitie. Hierin zitten bestuurders van de partners in de <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" scope="Begrip">warmtetransitie</tekst:IntRef>. Het is denkbaar dat de evaluatie ertoe leidt dat dit <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> gewijzigd moet worden. Bijvoorbeeld om een volledig andere warmteoplossing mogelijk te maken dan hier is beschreven. Voor een dergelijke wijziging van het <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> is een nieuw besluit van het college van B&amp;W nodig.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Via de voortgangsrapportages van het programma Energietransitie informeren we, na vaststelling door het college, de raad. Bij de vaststelling van het volgende <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> in 2030 beschrijven we de voortgang van de periode 2025-2030. Het huidige <tekst:IntRef ref="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" scope="Begrip">warmteprogramma</tekst:IntRef> kijkt terug op de periode 2021-2025, zie paragraaf 1.4.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	  </tekst:Divisie>
	</tekst:Lichaam>
	<tekst:Bijlage eId="cmp_I" wId="gm0505_1-0__cmp_I">
	  <tekst:Kop>
	    <tekst:Label>Bijlage</tekst:Label>
	    <tekst:Nummer>I</tekst:Nummer>
	    <tekst:Opschrift>Begrippen</tekst:Opschrift>
	  </tekst:Kop>
	  <tekst:Divisietekst eId="cmp_I__content_o_1" wId="gm0505_1-0__cmp_I__content_o_1">
	    <tekst:Inhoud>
	      <tekst:Begrippenlijst eId="cmp_I__content_o_1__list_o_1" wId="gm0505_1-0__cmp_I__content_o_1__list_o_1">
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_1" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_1">
		  <tekst:Term>aanwijsbevoegdheid</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Onderdeel van de Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) is de aanwijsbevoegdheid. Die biedt gemeenten de mogelijkheden om in het omgevingsplan binnen hun grondgebied gebieden aan te wijzen die binnen een bepaalde termijn overgaan op een duurzame warmtevoorziening en waar het aardgastransport dan dus eindigt.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_2">
		  <tekst:Term>aardgasvrij</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Niet aangesloten op de fossiele brandstof aardgas. Dit betekent niet altijd gasloos, er kan duurzaam gas worden toegepast.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_3" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_3">
		  <tekst:Term>afleverset</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Bij een warmtenet wordt er gebruik gemaakt van een afleverset in de woning. De afleverset bevindt zich in de meterkast, berging of andere technische ruimte en zorgt ervoor dat de warmte van het warmtenet de verwarmingsinstallatie van de woning bereikt.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_4" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_4">
		  <tekst:Term>all-electric</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Warmteoptie waarbij een gebouw alleen aangesloten is op het elektriciteitsnet en verwarmen en koken gebeurt met gebruik van elektriciteit (vaak een warmtepomp).</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_5" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_5">
		  <tekst:Term>aquathermie</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Thermische energie uit oppervlaktewater, afvalwater of drinkwater dat kan worden gebruikt als bron voor een warmtenet of lokaal bronnet.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_6">
		  <tekst:Term>buurt</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Gemeenten in Nederland zijn onderverdeeld in wijken en buurten. Buurten vormen het laagste regionale niveau. Het is op basis van historische dan wel stedenbouwkundige kenmerken homogeen afgebakend.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_7" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_7">
		  <tekst:Term>duurzaam gas</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Gas dat afkomstig is uit een hernieuwbare bron en/of geproduceerd is met duurzame energie, zoals biogas of groene waterstof.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_8" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_8">
		  <tekst:Term>geothermie</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Warmte afkomstig uit de aarde (aardwarmte) die ingezet kan worden als bron voor warmtenetten.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_9" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_9">
		  <tekst:Term>hoge temperatuur-verwarming</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Verwarmingssysteem waarbij een gebouw met 75 graden of hoger wordt verwarmd en voorzien van warm tapwater.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_10" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_10">
		  <tekst:Term>hybride warmteoplossing</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Warmtelevering met elektrische oplossing, vaak een warmtepomp, in combinatie met een cv-ketel op gas. Een klein maar noodzakelijk deel van de warmte wordt opgewekt door verbranding van een gas. Op langere termijn moet hier worden uitgegaan van een duurzaam gas.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_11" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_11">
		  <tekst:Term>investeringssubsidie duurzame energie (ISDE)</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>De ISDE kan worden gebruikt om een woning te verduurzamen. Je kunt subsidie aanvragen nadat je een (hybride)warmtepomp, zonneboiler of elektrische kookvoorziening laat installeren. Of nadat je een woning isoleert of deze aansluit op een warmtenet.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_12" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_12">
		  <tekst:Term>isolatiestandaard</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>De standaard is de term die gebruikt wordt voor de nieuwe standaard voor woningisolatie. Deze standaard geeft aan wanneer de woning goed genoeg ge&#239;soleerd is om aardgasvrij te worden. De standaard is er voor woningen van voor 1945 en voor na 1945.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_13" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_13">
		  <tekst:Term>lage temperatuur-verwarming</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Verwarmingssysteem waarbij een gebouw met een temperatuur van 55 graden of lager verwarmd wordt. Tapwater wordt separaat verwarmd.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_14" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_14">
		  <tekst:Term>lokaal bronnet</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Lokale kleinschalige (collectieve) warmtevoorziening in de vorm van een zeer lage temperatuur bronnet in combinatie met een warmtepomp in het gebouw. Een bekende vorm is de warmte-koudeopslag (WKO).</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_15" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_15">
		  <tekst:Term>midden temperatuur-verwarming</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Verwarmingssysteem waarbij een gebouw met een temperatuur van 55 tot 75 graden wordt verwarmd en voorzien van warm tapwater.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_16" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_16">
		  <tekst:Term>netcongestie</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>File op het elektriciteitsnet. Netcongestie treedt op als de volledige capaciteit van het net is bereikt. Hierdoor kunnen bedrijven, nieuwbouw- en energieprojecten vaak geen of minder extra elektriciteit afnemen of terugleveren.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_17" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_17">
		  <tekst:Term>onderzoeksbeeld</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Het onderzoeksbeeld geeft weer welke warmteoptie in welke buurt de laagste nationale kosten heeft. Aan het onderzoeksbeeld liggen verschillende modelstudies ten grondslag.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_18" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_18">
		  <tekst:Term>omgevingsplan</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Een omgevingsplan bevat algemene regels van de gemeente voor de fysieke leefomgeving, waaronder de warmtevoorziening. Iedere gemeente heeft &#233;&#233;n omgevingsplan onder de Omgevingswet.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_19" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_19">
		  <tekst:Term>omgevingswet</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>De Omgevingswet is op 1 januari 2024 in werking getreden en staat voor een goede balans tussen het benutten en beschermen van de fysieke leefomgeving. Ook biedt de Omgevingswet gemeenten de mogelijkheid om met overzichtelijkere regels de leefomgeving meer in samenhang in te richten.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_20" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_20">
		  <tekst:Term>opt-out</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>De mogelijkheid waarbij gebouweigenaren niet kiezen voor de beoogde warmteoptie in de buurt, maar hij/zij zelf voor een gelijkwaardig alternatief zorgt (de opt-out regeling).</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_21" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_21">
		  <tekst:Term>perspectiefkaart</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>De perspectiefkaart geeft voor iedere buurt de beoogde warmteoptie en bijbehorende tijdsaanduiding weer.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_22" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_22">
		  <tekst:Term>provinciale meerjarenprogramma infrastructuur energie en klimaat (pMIEK)</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>In het pMIEK wordt op provinciaal niveau keuzes vastgelegd over energie-infrastructuurprojecten, zoals hoogspanningsleidingen, transformatorstations of waterstofleidingen.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_23" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_23">
		  <tekst:Term>regionale energiestrategie (RES)</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>In de RES onderzoeken 30 energieregio&#x2019;s hun vraag naar warmte en elektriciteit en geven ze aan hoeveel duurzame warmte en elektriciteit op eigen grondgebied kan worden gerealiseerd.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_24" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_24">
		  <tekst:Term>restwarmte</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Warmte die vrijkomt bij industri&#235;le processen en gebruikt wordt als bron voor warmtenetten.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_25" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_25">
		  <tekst:Term>stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen (SAH)</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>De Stimuleringsregeling aardgasvrije huurwoningen (SAH) is bedoeld voor verhuurders die de overstap willen maken van aardgas naar een lokaal of regionaal warmtenet. De regeling biedt een tegemoetkoming in de kosten die binnen en buiten de woning gemaakt moeten worden voor de aansluiting op een andere warmtebron.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_26" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_26">
		  <tekst:Term>toegangsmodel voor derden (nTPA)</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>HVC (in het geval van onze regio) dient andere warmteleveranciers tegen een redelijke vergoeding toegang te verlenen/bieden tot de door haar aangelegde thermische infrastructuur zodat andere warmteleveranciers daarvan gebruik kunnen maken.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_27" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_27">
		  <tekst:Term>transitievisie warmte (TVW)</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Document opgesteld in 2021 waar op gemeenteniveau richting is gegeven aan een aardgasvrije toekomst. De TVW is gebruikt als basis voor dit warmteprogramma. Bij tegenstrijdigheden tussen de TVW en het warmteprogramma is het warmteprogramma leidend.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_28" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_28">
		  <tekst:Term>transitiepad</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>In een transitiepad schetsen we per buurt de route om tot een warmteoptie te komen.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_29" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_29">
		  <tekst:Term>Uitvoeringsplan</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Per buurt of wijk wordt een uitvoeringsplan opgesteld om dit gebied met een gebiedsgerichte aanpak aardgasvrij te maken. Dit plan wordt samen met bewoners en gebouweigenaren uit de buurt of wijk bepaald. De nationale kosten, kosten voor bewoners/gebouweigenaren en de lokale situatie worden hierin meegewogen.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_30" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_30">
		  <tekst:Term>versnellingsprogramma</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Regionaal document dat in januari 2024 is ondertekend door gemeenten en partners. Het versnellingsprogramma beschrijft hoe de partijen elkaar vasthouden in deze warmtetransitie en ons individueel en gezamenlijk inzetten om de ambitie en versnelling tot stand te brengen.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_31" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_31">
		  <tekst:Term>warmtegemeenschap</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Een warmtegemeenschap is een warmtebedrijf van, voor en door de eindgebruikers. Dat betekent dat het eigendom en de zeggenschap over het warmtenet liggen bij de eindgebruikers van het warmtenet. Warmtegemeenschap is een term die in de Wet collectieve warmte (Wcw) is ge&#239;ntroduceerd. Belangrijke eigenschappen zijn: lokaal eigendom, democratisch zeggenschap en geen winstoogmerk.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_32" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_32">
		  <tekst:Term>warmtekavel</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Een gebied waarvoor een warmtebedrijf is of kan worden aangewezen voor de inkoop, productie, transport en levering van warmte.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_33">
		  <tekst:Term>warmtenet</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Infrastructuur die warm water via een leidingnetwerk onder de grond levert aan gebouwen voor ruimteverwarming en eventueel warm tapwater. Dit wordt ook wel stadsverwarming of stadswarmte genoemd. Warmtenetten kunnen verschillende aanvoertemperaturen hebben.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_34" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_34">
		  <tekst:Term>warmteoptie</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>De beoogde infrastructuur voor aardgasvrije warmtelevering per buurt.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_35" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_35">
		  <tekst:Term>warmtepomp</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Een warmtepomp onttrekt warmte aan een bron, vaak buitenlucht of grondwater, verhoogt de temperatuur en staat die hogere temperatuur weer af aan een ruimte.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_36">
		  <tekst:Term>warmteprogramma</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Het warmteprogramma is een verplicht programma onder de Omgevingswet. In dit programma beschrijft de gemeente haar plannen voor de verduurzaming en het aardgasvrij maken van buurten en wijken voor de komende 10 jaar. En daar waar dit bekend is wordt ook het perspectief van de overige buurten gegeven. Het warmteprogramma is de opvolger van de Transitievisie Warmte die in 2021 is vastgesteld.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_37">
		  <tekst:Term>warmtetransitie</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>De warmtetransitie is de overgang van het gebruik van aardgas om gebouwen te verwarmen naar duurzame alternatieven.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_38" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_38">
		  <tekst:Term>wet collectieve warmte (wcw)</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>De Wet collectieve warmte (Wcw) vervangt de Warmtewet. Het doel van de nieuwe wet is om de ontwikkeling van nieuwe warmtenetten te vergemakkelijken en zo de energietransitie te bevorderen. Gemeenten krijgen meer sturingsmogelijkheden om in het kader van de wijkgerichte aanpak de aanleg en exploitatie van de collectieve warmtesystemen te bevorderen en worden tevens voorzien in instrumenten om publieke belangen (betaalbaarheid, betrouwbaarheid en duurzaamheid) beter te waarborgen. Collectieve warmtelevering kan uitsluitend plaatsvinden nadat een gemeente hiervoor voorzien heeft middels een aanwijzing of ontheffing.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_39">
		  <tekst:Term>wijk</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Gemeenten in Nederland zijn onderverdeeld in wijken en buurten. Wijken zijn optellingen van &#233;&#233;n of meer aaneengesloten buurten.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_40" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_40">
		  <tekst:Term>woningequivalent (weq)</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Het warmteverbruik van utiliteitsgebouwen is anders dan dat van woningen. Om het vergelijkbaar te houden wordt de eenheid WEQ gebruikt. Een WEQ is de hoeveelheid warmte die voor &#233;&#233;n woning gemiddeld gebruikt wordt. Bij vastgoed met een grootverbruikaansluiting (bijvoorbeeld een ziekenhuis) geldt een omrekenfactor van vermogen in kW/10, bijvoorbeeld 100 kW = 10 WEQ.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_41" wId="gm0505_1-0__cmp_A__content_o_1__list_o_1__item_o_41">
		  <tekst:Term>wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (wgiw)</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>De Wet gemeentelijke instrumenten warmtetransitie (Wgiw) geeft gemeenten de bevoegdheid om regie te kunnen voeren over de wijkgerichte aanpak om woningen en gebouwen te verduurzamen (de warmtetransitie). De wet bevat hiervoor de noodzakelijke waarborgen. Een belangrijk instrument is de aanwijsbevoegdheid.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
	      </tekst:Begrippenlijst>
	    </tekst:Inhoud>
	  </tekst:Divisietekst>
	</tekst:Bijlage>
	<tekst:Bijlage eId="cmp_II" wId="gm0505_1-0__cmp_II">
	  <tekst:Kop>
	    <tekst:Label>Bijlage</tekst:Label>
	    <tekst:Nummer>II</tekst:Nummer>
	    <tekst:Opschrift>Overzicht PDF Informatieobjecten</tekst:Opschrift>
	  </tekst:Kop>
	  <tekst:Divisietekst eId="cmp_II__content_o_1" wId="gm0505_1-0__cmp_II__content_o_1">
	    <tekst:Inhoud>
	      <tekst:Begrippenlijst eId="cmp_II__content_o_1__list_o_1" wId="gm0505_1-0__cmp_II__content_o_1__list_o_1">
		<tekst:Begrip eId="cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_1" wId="gm0505_1-0__cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_1">
		  <tekst:Term>Bijlage 1 Participatieblauwdruk Warmteprogrammas Drechtsteden</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>
            <tekst:ExtIoRef eId="cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_1__ref_o_1" wId="gm0505_1-0__cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_1__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/gm0505/2025/Bijlage_1_Participatieblauwdruk_Warmteprogrammas_Drechtsteden/nld@2025-12-17;1">/join/id/regdata/gm0505/2025/Bijlage_1_Participatieblauwdruk_Warmteprogrammas_Drechtsteden/nld@2025-12-17;1</tekst:ExtIoRef>
        </tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_2" wId="gm0505_1-0__cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_2">
		  <tekst:Term>Bijlage 7 Aansluitingen warmtenet</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>
            <tekst:ExtIoRef eId="cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_2__ref_o_1" wId="gm0505_1-0__cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_2__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/gm0505/2025/Bijlage_7_Aansluitingen_warmtenet/nld@2025-12-17;1">/join/id/regdata/gm0505/2025/Bijlage_7_Aansluitingen_warmtenet/nld@2025-12-17;1</tekst:ExtIoRef>
        </tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_3" wId="gm0505_1-0__cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_3">
		  <tekst:Term>Bijlage 4 Warmtevisie historische binnenstad</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>
            <tekst:ExtIoRef eId="cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_3__ref_o_1" wId="gm0505_1-0__cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_3__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/gm0505/2025/Bijlage_4_Warmtevisie_historische_binnenstad/nld@2025-12-17;1">/join/id/regdata/gm0505/2025/Bijlage_4_Warmtevisie_historische_binnenstad/nld@2025-12-17;1</tekst:ExtIoRef>
        </tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_4" wId="gm0505_1-0__cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_4">
		  <tekst:Term>Bijlage 5 Toelichting warmteperspectief per buurt</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>
            <tekst:ExtIoRef eId="cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_4__ref_o_1" wId="gm0505_1-0__cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_4__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/gm0505/2025/Bijlage_5_Toelichting_warmteperspectief_per_buurt/nld@2025-12-17;1">/join/id/regdata/gm0505/2025/Bijlage_5_Toelichting_warmteperspectief_per_buurt/nld@2025-12-17;1</tekst:ExtIoRef>
        </tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_5" wId="gm0505_1-0__cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_5">
		  <tekst:Term>Bijlage 3b Rapport betaalbaarheid warmteoplossingen Dordrecht link</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>
            <tekst:ExtIoRef eId="cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_5__ref_o_1" wId="gm0505_1-0__cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_5__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/gm0505/2025/Bijlage_3b_Rapport_betaalbaarheid_warmteoplossingen_Dordrecht_link/nld@2025-12-17;1">/join/id/regdata/gm0505/2025/Bijlage_3b_Rapport_betaalbaarheid_warmteoplossingen_Dordrecht_link/nld@2025-12-17;1</tekst:ExtIoRef>
        </tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_6" wId="gm0505_1-0__cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_6">
		  <tekst:Term>Bijlage 3a Rapport specifieke Dordtse vragen</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>
            <tekst:ExtIoRef eId="cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_6__ref_o_1" wId="gm0505_1-0__cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_6__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/gm0505/2025/Bijlage_3a_Rapport_specifieke_Dordtse_vragen/nld@2025-12-17;1">/join/id/regdata/gm0505/2025/Bijlage_3a_Rapport_specifieke_Dordtse_vragen/nld@2025-12-17;1</tekst:ExtIoRef>
        </tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_7" wId="gm0505_1-0__cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_7">
		  <tekst:Term>Bijlage 6 Rapportage transitiegereed Crabbehof en Nieuw-Krispijn</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>
            <tekst:ExtIoRef eId="cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_7__ref_o_1" wId="gm0505_1-0__cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_7__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/gm0505/2025/Bijlage_6_Rapportage_transitiegereed_Crabbehof_en_Nieuw-Krispijn/nld@2025-12-17;1">/join/id/regdata/gm0505/2025/Bijlage_6_Rapportage_transitiegereed_Crabbehof_en_Nieuw-Krispijn/nld@2025-12-17;1</tekst:ExtIoRef>
        </tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_8" wId="gm0505_1-0__cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_8">
		  <tekst:Term>Bijlage 2 Participatieplan warmteprogramma Dordrecht</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>
            <tekst:ExtIoRef eId="cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_8__ref_o_1" wId="gm0505_1-0__cmp_II__content_o_1__list_o_1__item_o_8__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/gm0505/2025/Bijlage_2_Participatieplan_warmteprogramma_Dordrecht/nld@2025-12-17;1">/join/id/regdata/gm0505/2025/Bijlage_2_Participatieplan_warmteprogramma_Dordrecht/nld@2025-12-17;1</tekst:ExtIoRef>
        </tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
	      </tekst:Begrippenlijst>
	    </tekst:Inhoud>
	  </tekst:Divisietekst>
	</tekst:Bijlage>
      </tekst:RegelingVrijetekst>
    </lvbbu:RegelingVersie>
    <lvbbu:AnnotatieBijToestand>
      <data:ExpressionIdentificatie xmlns:data="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/data/">
	<data:FRBRWork>/akn/nl/act/gemeente/2025/CVDR751745</data:FRBRWork>
	<data:FRBRExpression>/akn/nl/act/gemeente/2025/CVDR751745/nld@2025-12-18</data:FRBRExpression>
	<data:soortWork>/join/id/stop/work_006</data:soortWork>
      </data:ExpressionIdentificatie>
      <data:RegelingMetadata xmlns:data="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/data/">
	<data:heeftCiteertitelInformatie>
	  <data:CiteertitelInformatie>
	    <data:citeertitel>Warmteprogramma Dordrecht</data:citeertitel>
	    <data:isOfficieel>true</data:isOfficieel>
	  </data:CiteertitelInformatie>
	</data:heeftCiteertitelInformatie>
	<data:eindverantwoordelijke>/tooi/id/gemeente/gm0505</data:eindverantwoordelijke>
	<data:maker>/tooi/id/gemeente/gm0505</data:maker>
	<data:officieleTitel>Warmteprogramma Dordrecht</data:officieleTitel>
	<data:onderwerpen>
	  <data:onderwerp>/tooi/def/concept/c_f4f1867a</data:onderwerp>
	</data:onderwerpen>
	<data:rechtsgebieden>
	  <data:rechtsgebied>/tooi/def/concept/c_638d8062</data:rechtsgebied>
	</data:rechtsgebieden>
	<data:soortRegeling>/join/id/stop/regelingtype_010</data:soortRegeling>
	<data:soortBestuursorgaan>/tooi/def/thes/kern/c_28ecfd6d</data:soortBestuursorgaan>
      </data:RegelingMetadata>
    </lvbbu:AnnotatieBijToestand>
  </lvbbu:Consolidatie>
</lvbbu:Consolidaties>
