<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidop="http://standaarden.overheid.nl/oep/meta/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export1.6--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR747396_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de heffing en invordering van Verblijfsbelasting 2026</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:type scheme="overheidop:Rubriek">algemeen verbindend voorschrift (verordening)</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Montferland</dcterms:creator><dcterms:modified>2025-11-21</dcterms:modified></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2025-505104">gmb-2025-505104</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Verblijfsbelasting 2026</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;artikel=224&amp;g=2025-02-12">artikel 224 van de Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>financiën en economie</dcterms:subject><dcterms:issued>2025-11-06</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2025-11-21</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling </overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>25int01871</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling vervangt de Verordening Verblijfsbelasting 2025.</al><al>De datum van heffing is 1 januari 2026.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de heffing en invordering van Verblijfsbelasting 2026</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Montferland;</al><al/><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 23 september 2025;</al><al/><al>gelet op artikel 224 van de Gemeentewet;</al><al/><al><vet>BESLUIT: </vet></al><al/><al>vast te stellen de volgende verordening:</al><al/><al><vet>Verordening op de heffing en invordering van Verblijfsbelasting 2026</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Belastbaar feit</titel></kop><al>Onder de naam 'verblijfsbelasting' wordt een toeristenbelasting geheven als bedoeld in artikel 224 Gemeentewet voor het houden van verblijf met overnachting binnen de gemeente tegen een vergoeding in welke vorm dan ook door personen die niet als ingezetene met een adres in de gemeente in de basisregistratie personen zijn ingeschreven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Belastingplicht</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Belastingplichtig is degene die gelegenheid biedt tot verblijf als bedoeld in artikel 1.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De belastingplichtige is bevoegd de belasting als zodanig te verhalen op degene die verblijf houdt als bedoeld in artikel 1.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Als er geen persoon is aan te wijzen die gelegenheid biedt tot verblijf, is degene belastingplichtig die verblijf houdt als bedoeld in artikel 1. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Vrijstellingen</titel></kop><al>De belasting wordt niet geheven voor het verblijf:</al><lijst><li nr="1."><al>van degene die verblijft in een instelling als bedoeld in <onderstreept>artikel 4 van de Wet toetreding Zorgaanbieders</onderstreept>;</al></li><li nr="2."><al>van een vreemdeling als bedoeld in <onderstreept>artikel 29, eerste lid, van de Vreemdelingenwet 2000</onderstreept>, die rechtmatig in Nederland verblijft in de zin van <onderstreept>artikel 8, letters c, d, f, g, h, van voornoemde</onderstreept> wet, en voor zover deze persoon verblijf houdt als bedoeld in artikel 1 van de Verordening, onder verantwoordelijkheid van het Centraal Orgaan opvang Asielzoekers.</al></li><li nr="3."><al>van een maatschappelijk of culturele instelling of die als zodanig aangemerkt kunnen worden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Maatstaf van heffing</titel></kop><al>De belasting wordt geheven naar het aantal overnachtingen in het belastingjaar. Het aantal overnachtingen wordt gesteld op het aantal overnachtende personen vermenigvuldigd met het aantal nachten. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Forfaitaire berekeningswijze van de maatstaf van heffing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voor de toepassing van dit artikel wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>kampeermiddel: tent, tentwagen, kampeerauto, caravan of een soortgelijk onderkomen</al></li><li nr="b."><al>of ander voertuig of gewezen voertuig of een gedeelte daarvan, een en ander voor </al></li><li nr="c."><al>zover deze onderkomens of voertuigen geheel of ten dele blijvend zijn bestemd of opgericht </al></li><li nr="d."><al>of worden of kunnen worden gebruikt voor recreatief nachtverblijf;</al></li><li nr="e."><al>woning: huis, een naar aard en inrichting vergelijkbare ander onderkomen of een deel van een huis of een vergelijkbaar onderkomen<vet>;</vet></al></li><li nr="f."><al>particulier: natuurlijk persoon die buiten de uitoefening van een bedrijf of beroep gelegenheid biedt tot verblijf<vet>;</vet></al></li><li nr="g."><al>particulier verhuurde woning: woning die door een particulier ter beschikking wordt gesteld voor het houden van verblijf met overnachting tegen een vergoeding in welke vorm dan ook.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr> 2. </lidnr><al>Het aantal personen dat heeft overnacht, wordt met betrekking tot:</al><lijst><li nr="a."><al>hotels; pensions; recreatiebungalows in bungalowparken / op campings; appartementen; zomerhuisjes; gemeubileerde kamers; kampeerboerderijen en dergelijke bedrijven bepaald op het aantal slaapplaatsen;</al></li><li nr="b."><al>stacaravans, op vaste standplaatsen, bepaald op 2 slaapplaatsen;</al></li><li nr="c."><al>mobiele kampeeronderkomens op niet vaste standplaatsen, waaronder worden verstaan tenten; vouwwagens; kampeerauto’s; toercaravans; dan wel soortgelijke onderkomens of voertuigen, welke bestemd zijn voor, dan wel gebezigd worden als verblijf voor vakantie en andere recreatieve doeleinden, bepaald op 3 slaapplaatsen.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr> 3. </lidnr><al>Het aantal malen dat door de in het eerste lid bedoelde personen wordt overnacht in de in dat lid genoemde onderkomens, wordt bepaald op:</al><lijst><li nr="a."><al>voor hotels; pensions; recreatiebungalows in bungalowparken / op campings; appartementen; zomerhuisjes; gemeubileerde kamers; kampeerboerderijen en dergelijke bedrijven: 250 per belastingjaar</al></li><li nr="b."><al>voor stacaravans op vaste standplaatsen: 50 per belastingjaar</al></li><li nr="c."><al>mobiele kampeeronderkomens: 365 per belastingjaar</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Opteren voor niet-forfaitaire maatstaf van heffing</titel></kop><al>In afwijking van het bepaalde in artikel 5 wordt op een door de belastingplichtige bij de aangifte gedane aanvraag de maatstaf van heffing vastgesteld op het werkelijke aantal overnachtingen, indien blijkt dat dit aantal lager is dan het op grond van artikel 5 berekende aantal.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Belastingtarief</titel></kop><al>Per overnachting bedraagt het tarief € 1,25.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Belastingjaar</titel></kop><al>Het belastingjaar is gelijk aan het kalenderjaar</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Wijze van heffing</titel></kop><al>De belastingen worden bij wege van aanslag geheven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Aanslaggrens</titel></kop><al>Een belastingaanslag wordt niet opgelegd indien het aantal overnachtingen, waartoe gelegenheid wordt of is gegeven, gedurende het belastingjaar minder dan veertig zal of heeft belopen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Termijn van betaling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de aanslagen worden betaald in één termijn die vervalt drie maanden na de dagtekening van het aanslagbiljet.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het bepaalde in het eerste lid geldt, ingeval er een machtiging is verleend tot automatische incasso en het totaalbedrag van de op één aanslagbiljet vermelde gemeentelijke heffingen niet meer dan € 2.000,- bedraagt, dat de aanslagen moeten worden betaald in negen gelijke termijnen. De eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die als de dagtekening op het aanslagbiljet is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens één maand later, dit met in achtneming van artikel 10 van de Regeling Automatische Incasso Gemeentelijke Belastingen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In afwijking van het tweede lid geldt, indien de aanslagen in april of later in het belastingjaar worden opgelegd, is het aantal betaaltermijnen gelijk aan de nog in het belastingjaar overblijvende volle kalendermaanden plus twee maanden, met een maximum van negen termijnen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In afwijking van het derde lid geldt dat ingeval de dagtekening van de aanslag valt na het kalenderjaar, wordt het aantal incasso termijnen bepaald op twee. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De in het tweede lid bedoelde machtiging tot automatische incasso wordt geacht niet te zijn verleend indien drie van de maximaal negen termijnen niet zijn betaald doordat automatische incasso van de betaalrekening van de belastingschuldige niet mogelijk blijkt dan wel binnen één maand na afschrijving zijn gestorneerd. Alsdan geldt de betaaltermijn als bedoeld in het eerste lid.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Nachtverblijfregister</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien ten aanzien van een belastingplichtige het bepaalde in artikel 6 wordt toegepast, is hij gehouden per belastingjaar een vanwege de gemeente kosteloos ter beschikking gesteld nachtverblijfregister bij te houden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het nachtverblijfregister bevat met betrekking tot ieder, aan wie gelegenheid tot overnachten is verschaft, ten minste de volgende gegevens: </al><lijst><li nr="a."><al>naam en woonplaats;</al></li><li nr="b."><al>datum van aankomst en datum van vertrek;</al></li><li nr="c."><al>het aantal overnachtingen, ter zake waarvan belasting verschuldigd is;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd voor bepaalde gevallen of groepen van gevallen van de in het eerste lid bedoelde verplichtingen gehele of gedeeltelijke ontheffing te verlenen, zo nodig onder door hem te stellen voorwaarden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Kwijtschelding</titel></kop><al>Voor de Verblijfsbelasting wordt geen kwijtschelding verleend.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Overgangsrecht</titel></kop><al>De “Verordening Verblijfsbelasting 2025” van 14 november 2024, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 15, tweede lid, genoemde datum van ingang van heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Inwerkingtreding </titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De datum van heffing is 1 januari 2026.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Citeertitel </titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: “Verordening Verblijfsbelasting 2026”.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening><functie>’s-Heerenberg, 6 november 2025</functie></ondertekening><ondertekening><functie/><functie>De raad van de gemeente Montferland,</functie></ondertekening><ondertekening><functie/><functie>De griffier, </functie><functie>D.N. ter Horst</functie></ondertekening><ondertekening><functie/><functie>De voorzitter,</functie><functie>A.C.V. Fellinger</functie></ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>