<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.92--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.91--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR74383_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening op de raadscommissies 2003</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Wassenaar</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-01-25</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Wassenaar</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Wassenaarder, 15 juli 2003</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening op de raadscommissies Wassenaar2003</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, artikel 82</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2003-06-30</dcterms:issued><dcterms:rights>
          De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht
        </dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2003-08-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2012-08-31</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuw</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>69</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Bron bekendmaking bij benadering</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening op de raadscommissies 2003</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De Raad der gemeente Wassenaar; </al><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 16 juni 2003, </al><al>raadsvoorstel no. 69; </al><al>gelet op artikel 82 van de Gemeentewet; </al><al>b e s l u i t: </al><al>vast te stellen de volgende Verordening op de raadscommissies 2003 </al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder: </al><lijst><li nr="a."><al>lid: lid van een raadscommissie;</al></li><li nr="b."><al>voorzitter: voorzitter van een raadscommissie of diens
                                    vervanger;</al></li><li nr="c."><al>commissiegriffier: secretaris van een raadscommissie of diens
                                    vervanger;</al></li><li nr="d."><al>griffier: griffier van de raad of diens vervanger;</al></li><li nr="e."><al>vergadering: vergadering van een raadscommissie.</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Instelling, taken en samenstelling</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Instelling raadscommissies</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Er zijn de volgende raadscommissies:</al><lijst><li nr="a."><al>de commissie Samenleving;</al></li><li nr="b."><al>de commissie Ruimte;</al></li><li nr="c."><al>de commissie Middelen en Veiligheid</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De raadscommissie Samenleving adviseert en overlegt over de volgende
                                onderwerpen:</al><lijst><li nr="-"><al>Cultuur;</al></li><li nr="-"><al>Sport en recreatie;</al></li><li nr="-"><al>Onderwijs;</al></li><li nr="-"><al>Ouderenbeleid;</al></li><li nr="-"><al>Jeugd- en jongerenbeleid;</al></li><li nr="-"><al>Sociale Zaken;</al></li><li nr="-"><al>Welzijn;</al></li><li nr="-"><al>Volksgezondheid;</al></li><li nr="-"><al>Vrijwilligerswerk;</al></li><li nr="-"><al>Emancipatie en kinderopvang;</al></li><li nr="-"><al>Mediabeleid;</al></li><li nr="-"><al>Accommodatiebeleid.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De raadscommissie Ruimte adviseert en overlegt over de volgende
                                onderwerpen:</al><lijst><li nr="-"><al>Grondbeleid;</al></li><li nr="-"><al>Ruimtelijke Ordening;</al></li><li nr="-"><al>Bouw- en woningtoezicht;</al></li><li nr="-"><al>Volkshuisvesting;</al></li><li nr="-"><al>Welstandzaken;</al></li><li nr="-"><al>Monumentenbeleid;</al></li><li nr="-"><al>Openbare werken;</al></li><li nr="-"><al>Natuurbeheer;</al></li><li nr="-"><al>Verkeer en vervoer;</al></li><li nr="-"><al>Milieu.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De raadscommissie Middelen en Veiligheid adviseert en overlegt over
                                de volgende onderwerpen:</al><lijst><li nr="-"><al>Politie, brandweer;</al></li><li nr="-"><al>Openbare orde en veiligheid;</al></li><li nr="-"><al>Horeca-aangelegenheden;</al></li><li nr="-"><al>Jachtbeleid;</al></li><li nr="-"><al>Bestuurszaken en bestuurlijke organisatie;</al></li><li nr="-"><al>Burgerzaken;</al></li><li nr="-"><al>Regionale samenwerking;</al></li><li nr="-"><al>Personeel en organisatie;</al></li><li nr="-"><al>Representatie;</al></li><li nr="-"><al>Financiën en Economische Zaken;</al></li><li nr="-"><al>Informatie technologie;</al></li><li nr="-"><al>Communicatie en voorlichting.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Indien een onderwerp meerdere raadscommissies aangaat, wordt het
                                onderwerp in</al><al> de afzonderlijke raadscommissies besproken, tenzij de voorzitters
                                van de betrokken </al><al> raadscommissies in overleg beslissen dat een gezamenlijke
                                vergadering van de raadscommissies wordt belegd of de raadscommissie
                                die het onderwerp het meest aangaat, het onderwerp behandelt. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Indien een gezamenlijke vergadering van raadscommissies wordt
                                belegd, vervult een daartoe door de raad op voordracht van de
                                grootste fractie uit zijn midden benoemd lid, de taken van de
                                voorzitter.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Taken</titel></kop><al>Een raadscommissie heeft de volgende taken: </al><lijst><li nr="-"><al>het uitbrengen van advies aan de raad over een voorstel of
                                    onderwerp dat betrekking</al><al> heeft op de in artikel 2, tweede, derde of vierde lid, genoemde
                                    onderwerpen; </al></li><li nr="-"><al>het uitbrengen van advies aan de raad uit eigener beweging;</al></li><li nr="-"><al>voeren van overleg met het college of de burgemeester over in
                                    ieder geval door het</al><al> college of de burgemeester verstrekte inlichtingen en het
                                    gevoerde bestuur ten aanzien </al><al> van de in artikel 2, tweede, derde of vierde lid, genoemde
                                    onderwerpen. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Samenstelling</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een raadscommissie bestaat uit ten minste één en maximaal vier leden
                                per fractie, met dien verstande, dat het totaal aantal leden per
                                fractie in de drie in artikel 2 genoemde raadscommissies niet meer
                                bedraagt dan het aantal zetels van de betreffende fractie in de raad
                                met een minimum van drie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De in het eerste lid genoemde leden worden door de raad op
                                voordracht van de fracties benoemd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een lid kan zowel raadslid als niet –raadslid zijn. De artikelen 10,
                                11, 12, 13 en 15 van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige
                                toepassing op een lid van een raadscommissie. De in het eerste lid
                                genoemde leden dienen tijdens de laatste verkiezingen van de raad
                                geplaatst te zijn op de kandidatenlijst van een fractie.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De raad benoemt op voordracht van een fractie voor iedere
                                raadscommissie tenminste een plaatsvervangend lid per fractie, die
                                zitting in een raadscommissie heeft bij verhindering of ontstentenis
                                van een lid als bedoeld in het eerste lid. Het plaatsvervangend lid
                                voldoet aan de in het derde lid, genoemde vereisten.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>De voorzitter</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter wordt door de raad uit zijn midden benoemd. De raad
                                benoemt tevens één persoon uit zijn midden, die zal optreden als
                                plaatsvervanger van de voorzitter van alle in artikel 2 genoemde
                                commissies en de in lid 6 van dat artikel bedoelde gecombineerde
                                vergadering.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter is geen lid van de raadscommissie.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter is belast met:</al><lijst><li nr="a."><al>het leiden van de vergadering;</al></li><li nr="b."><al>het handhaven van de orde;</al></li><li nr="c."><al>het doen naleven van deze verordening;</al></li><li nr="d."><al>hetgeen deze verordening hem verder opdraagt.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Zittingsduur en vacatures</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter en de leden van de commissies worden zo spoedig
                                mogelijk na het zitting nemen van een nieuw gekozen raad door die
                                raad benoemd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De zittingsperiode van een lid, de voorzitter en hun
                                plaatsvervangers eindigt in ieder geval aan het einde van de
                                zittingsperiode van de raad.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een lid en zijn plaatsvervanger houden op lid te zijn van een
                                raadscommissie indien zij niet meer voldoen aan de in artikel 4,
                                derde lid, gestelde eisen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De raad kan een lid of een plaatsvervangend lid ontslaan op voorstel
                                van de fractie op wiens voordracht het lid of het plaatsvervangend
                                lid is benoemd.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De raad kan de voorzitter of zijn plaatsvervanger ontslaan.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Een lid, de voorzitter en hun plaatsvervangers kunnen te allen tijde
                                ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de raad.
                                Het ontslag gaat een maand na de schriftelijke mededeling in of
                                zoveel eerder als hun opvolger is benoemd.</al></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>Indien door overlijden of ontslag een vacature ontstaat, beslist de
                                raad zo spoedig mogelijk over de vervulling daarvan met inachtneming
                                van artikel 4 en 5.</al></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>Indien een fractie blijkens een schriftelijke verklaring aan de
                                voorzitter van de raad niet langer vertegenwoordigd is in de raad,
                                vervalt het lidmaatschap van het lid dat op voordracht van die
                                fractie is benoemd, van rechtswege.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>De commissiegriffier</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Ter ondersteuning van iedere raadscommissie treedt de griffier op
                                als commissiegriffier.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissiegriffier is in iedere vergadering aanwezig.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Ondersteuning, onder andere voor verslaglegging, wordt geboden
                                vanuit de ambtelijke organisatie.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Aanwezigheid college, burgemeester en secretaris</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Burgemeester en wethouders</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De burgemeester en de wethouders kunnen in de vergadering aanwezig
                                zijn en aan de beraadslagingen deel nemen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De raadscommissie kan bij aanvang van de vergadering beslissen dat
                                de burgemeester en één of meer wethouders niet in de vergadering
                                aanwezig mogen zijn of aan de beraadslagingen mogen deelnemen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Gemeentesecretaris</titel></kop><al>De raadscommissie kan de gemeentesecretaris verzoeken aanwezig te zijn
                            in de vergadering en deel te nemen aan de beraadslagingen als bedoeld in
                            deze verordening. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Vergaderingen</titel></kop><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>1</nr><titel>Tijdstip van vergaderen en voorbereidingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Vergaderfrequentie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In de regel vinden de vergaderingen van de:</al><lijst><li nr="-"><al>raadscommissie Middelen en Veiligheid plaats op
                                            maandag</al></li><li nr="-"><al>raadscommissie Samenleving plaats op dinsdag;</al></li><li nr="-"><al>raadscommissie Ruimte plaats op donderdag;</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een raadscommissie vergadert voorts indien de voorzitter het
                                    nodig oordeelt of indien tenminste twee fracties schriftelijk
                                    met opgaaf van redenen daarom verzoeken.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissievergaderingen vangen in de regel niet aan voor 19.30
                                    uur en eindigen behoudens het hierna bepaalde niet later dan
                                    23.00 uur. De commissie besluit of een vergadering na 23.00 uur
                                    wordt voortgezet. Voor de totstandkoming van een zodanig besluit
                                    wordt een tweederde meerderheid vereist van het aantal aanwezige
                                    leden.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter kan in bijzondere gevallen een andere dag of een
                                    vroeger aanvangsuur bepalen. Hij voert hierover overleg met de
                                    griffier.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>In gevallen, ter beoordeling van de voorzitter, kan een
                                    commissie schriftelijk worden gehoord. Indien schriftelijke
                                    afdoening bij een of meerdere leden op bezwaar stuit, geschiedt
                                    de behandeling van het desbetreffende stuk in een
                                    vergadering.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Oproep</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter zendt zo mogelijk ten minste tien dagen voor een
                                    vergadering de leden een schriftelijke oproep onder vermelding
                                    van de dag, het tijdstip en de plaats van de vergadering.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorlopige agenda en de daarbij behorende stukken, met
                                    uitzondering van de in artikel 86, eerste en tweede lid, van de
                                    Gemeentewet bedoelde stukken, worden tegelijkertijd met de
                                    schriftelijke oproep aan de leden verzonden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>De agenda</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Voordat de schriftelijke oproep wordt verzonden, stelt de
                                    voorzitter de agenda van</al><al> de vergadering voorlopig vast. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij aanvang van de vergadering stelt de raadscommissie de agenda
                                    vast. Op voorstel</al><al> van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie bij de
                                    vaststelling van de agenda </al><al> onderwerpen aan de agenda toevoegen of van de agenda afvoeren.
                                </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Wanneer de raadscommissie een onderwerp of voorstel onvoldoende
                                    voor de</al><al> beraadslaging voorbereid acht, kan zij aan het college of de
                                    burgemeester nadere </al><al> inlichtingen of advies vragen. De raadscommissie bepaalt in
                                    welke vergadering het </al><al> onderwerp of voorstel opnieuw geagendeerd wordt. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Op voorstel van een lid of de voorzitter kan de raadscommissie
                                    de volgorde van</al><al> behandeling van de agendapunten wijzigen. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Ter inzage leggen van stukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Stukken, die ter toelichting van de onderwerpen of voorstellen
                                    op de agenda dienen,</al><al> worden gelijktijdig met het verzenden van de schriftelijke
                                    oproep voor een ieder op </al><al> het gemeentehuis ter inzage gelegd. De voorzitter maakt van de
                                    terinzagelegging </al><al> melding in de openbare kennisgeving, bedoeld in artikel 14.
                                    Indien na het verzenden </al><al> van de schriftelijke oproep stukken ter inzage worden gelegd,
                                    wordt hiervan </al><al> mededeling gedaan aan de leden en zo mogelijk in een openbare
                                    kennisgeving. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een origineel van een ter inzage gelegd stuk wordt niet buiten
                                    het gemeentehuis</al><al> gebracht. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien voor stukken op grond van artikel 86, eerste en tweede
                                    lid, van de Gemeentewet geheimhouding is opgelegd, blijven deze
                                    stukken in afwijking van het eerste lid, onder berusting van de
                                    griffier en verleent de griffier een lid inzage.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Openbare kennisgeving</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergadering wordt tegelijkertijd met de schriftelijke oproep
                                    door aankondiging in één of meer huis-aan-huis bladen of op de
                                    voor afkondigingen in de gemeente gebruikelijke wijze en zo
                                    mogelijk door plaatsing op de internetsite van de gemeente ter
                                    openbare kennis gebracht.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De openbare kennisgeving vermeldt in ieder geval:</al><lijst><li nr="a."><al>de datum, aanvangstijd en plaats van de
                                            vergadering;</al></li><li nr="b."><al>de wijze waarop en de plaats waar een ieder de agenda en
                                            de daarbij behorende stukken kan inzien;</al></li><li nr="c."><al>de mogelijkheid tot het uitoefenen van het
                                            spreekrecht.</al></li></lijst></lid></artikel></paragraaf><paragraaf><kop><label>Paragraaf</label><nr>2</nr><titel>Orde der vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Opening vergadering; quorum</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter opent de vergadering op het vastgestelde uur,
                                    indien meer dan de helft van het aantal zitting hebbende leden
                                    aanwezig is.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Wanneer een kwartier na het vastgestelde tijdstip niet het
                                    vereiste aantal leden aanwezig is, bepaalt de voorzitter onder
                                    verwijzing naar dit artikel, na voorlezing van de namen der
                                    afwezige leden, dag en uur van de volgende vergadering, op een
                                    tijdstip dat ten minste vierentwintig uur na het bezorgen van de
                                    schriftelijke oproep is gelegen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Op de vergadering, bedoeld in het tweede lid, is het eerste lid
                                    niet van toepassing. De raadscommissie kan echter over andere
                                    aangelegenheden alleen beraadslagen of besluiten, indien
                                    blijkens de presentielijst meer dan de helft van het aantal
                                    zitting hebbende leden aanwezig is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Spreekrecht burgers</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Na de opening van de vergadering kunnen andere aanwezige burgers
                                    gezamenlijk gedurende maximaal dertig minuten het woord voeren
                                    over geagendeerde onderwerpen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het woord kan niet gevoerd worden over:</al><lijst><li nr="a."><al>een besluit van het gemeentebestuur waartegen bezwaar en
                                            beroep openstaat of heeft opengestaan;</al></li><li nr="b."><al>benoemingen, keuzen, voordrachten of aanbevelingen van
                                            personen;</al></li><li nr="c."><al>een gedraging waarover een klacht ex artikel 9:1 van de
                                            Algemene wet bestuursrecht kan of kon worden
                                            ingediend.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Degene, die van het spreekrecht gebruik wil maken, meldt dit
                                    uiterlijk om 12.00 uur op de dag van de vergadering aan de
                                    griffier. Hij vermeldt daarbij zijn naam, adres en
                                    telefoonnummer en het onderwerp, waarover hij het woord wil
                                    voeren.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter geeft het woord op volgorde van aanmelding. De
                                    voorzitter kan van de volgorde afwijken, indien dit in het
                                    belang is van de orde van de vergadering.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Elke spreker krijgt maximaal vijf minuten het woord. De
                                    voorzitter verdeelt de spreektijd evenredig over de sprekers als
                                    er meer dan zes sprekers zijn. De voorzitter kan tevens in
                                    bijzondere gevallen afwijken van de maximale lengte van de
                                    spreektijd.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De spreker voert het woord, nadat de voorzitter hem dit heeft
                                    verleend. De voorzitter of een lid doet een voorstel voor de
                                    behandeling van de inbreng van de burger.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Notulen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Bij het begin van de vergadering worden, zo mogelijk, de notulen
                                    van de vorige vergadering vastgesteld.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De notulen worden opgesteld onder de zorg van de griffier.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Aantal spreektermijnen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De beraadslaging over een onderwerp of voorstel geschiedt in ten
                                    hoogste twee termijnen, tenzij de raadscommissie anders
                                    beslist.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Elke spreektermijn wordt door de voorzitter afgesloten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Een lid mag in een termijn niet meer dan één maal het woord
                                    voeren over hetzelfde onderwerp of voorstel.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Bij de bepaling hoeveel malen een lid over hetzelfde onderwerp
                                    of voorstel het woord heeft gevoerd, wordt niet meegerekend het
                                    spreken over een voorstel van orde.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Een lid kan een voorstel doen over de spreektijd van de
                                    leden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Voorstellen van orde</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De voorzitter en ieder lid kunnen tijdens de vergadering
                                    mondeling een voorstel van</al><al> orde doen, dat kort kan worden toegelicht. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een voorstel van orde kan uitsluitend de orde van de vergadering
                                    betreffen.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Over een voorstel van orde beslist de raadscommissie
                                    terstond.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Handhaving orde; schorsing</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een spreker mag in zijn betoog niet worden gestoord,
                                    tenzij:</al><lijst><li nr="a."><al>de voorzitter het nodig oordeelt hem aan het opvolgen
                                            van deze verordening te</al><al> herinneren; </al></li><li nr="b."><al>een lid hem interrumpeert. De voorzitter kan bepalen dat
                                            de spreker zonder verdere interrupties zijn betoog zal
                                            afronden.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien een spreker zich beledigende of onbetamelijke
                                    uitdrukkingen veroorlooft,</al><al> afwijkt van het in behandeling zijnde onderwerp, een andere
                                    spreker herhaaldelijk </al><al> interrumpeert, dan wel anderszins de orde verstoort, wordt hij
                                    door de voorzitter tot de </al><al> orde geroepen. Indien de spreker hieraan geen gevolg geeft, kan
                                    de voorzitter hem </al><al> gedurende de vergadering, waarin zulks plaats heeft, over het
                                    aanhangige onderwerp </al><al> het woord ontzeggen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter kan ter handhaving van de orde de vergadering voor
                                    een door hem te</al><al> bepalen tijd schorsen en - indien na de heropening de orde
                                    opnieuw wordt verstoord de </al><al> vergadering sluiten. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De voorzitter kan een raadscommissie voorstellen aan een lid dat
                                    door zijn gedragingen de geregelde gang van zaken belemmert, het
                                    verdere verblijf in de vergadering te ontzeggen. Over het
                                    voorstel wordt niet beraadslaagd. Na aanneming daarvan verlaat
                                    het lid de vergadering onmiddellijk. Zo nodig doet de voorzitter
                                    hem verwijderen. Bij herhaling van zijn gedrag kan het lid
                                    bovendien voor ten hoogste drie maanden de toegang tot de
                                    vergadering worden ontzegd.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Deelname aan de beraadslaging door anderen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De raadscommissie kan bepalen dat anderen mogen deelnemen aan de
                                    beraadslaging.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Een beslissing daartoe wordt op voorstel van de voorzitter of
                                    een lid genomen alvorens met de beraadslaging ten aanzien van
                                    het aan de orde zijnde agendapunt een aanvang wordt
                                    genomen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Advies</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Wanneer de voorzitter vaststelt, dat een onderwerp of voorstel
                                    voldoende is toegelicht, sluit hij de beraadslaging, tenzij de
                                    raadscommissie anders beslist.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Nadat de beraadslaging is gesloten, beslist de raadscommissie of
                                    er een advies aan de raad wordt uitgebracht.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de raadscommissie een advies aan de raad uitbrengt
                                    beslissen de leden op voorstel van de voorzitter over de inhoud
                                    van het advies.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>In het advies worden de standpunten van alle fracties en
                                    buitengewone leden opgenomen.</al></lid></artikel></paragraaf></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Besloten vergadering</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Algemeen</titel></kop><al>Op een besloten vergadering zijn de bepalingen van deze verordening van
                            overeenkomstige toepassing voor zover deze bepalingen niet strijdig zijn
                            met het besloten karakter van de vergadering. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Notulen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De notulen van een besloten vergadering worden niet rondgedeeld,
                                maar liggen</al><al> uitsluitend voor de leden ter inzage bij de griffier. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze notulen worden zo spoedig mogelijk in een besloten vergadering
                                ter vaststelling aangeboden. Tijdens deze vergadering neemt de
                                raadscommissie een beslissing over het al dan niet openbaar maken
                                van deze notulen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Geheimhouding</titel></kop><al>Voor de afloop van de besloten vergadering beslist de raadscommissie
                            overeenkomstig </al><al>artikel 86, eerste lid, van de Gemeentewet of omtrent de inhoud van de
                            stukken en het </al><al>verhandelde geheimhouding zal gelden. De raadscommissie kan besluiten de </al><al>geheimhouding op te heffen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>26</nr><titel>Opheffing geheimhouding</titel></kop><al>Indien de raad op grond van artikel 25, derde en vierde lid, van de
                            Gemeentewet </al><al>voornemens is de geheimhouding op te heffen wordt daarover, indien de </al><al>raadscommissie die geheimhouding heeft opgelegd daarom verzoekt, in een
                            besloten </al><al>vergadering met de raadscommissie overleg gevoerd. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>27</nr><titel>Toehoorders en pers</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De toehoorders en vertegenwoordigers van de pers kunnen uitsluitend
                                op de voor hen bestemde plaatsen openbare vergaderingen
                                bijwonen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het geven van tekenen van goed- of afkeuring of het op andere wijze
                                verstoren van de orde is verboden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter is bevoegd, toehoorders die op enigerlei wijze de orde
                                van de vergadering verstoren, te doen vertrekken. Toehoorders die
                                bij herhaling de orde in de vergadering verstoren kan hij voor ten
                                hoogste drie maanden de toegang tot de vergadering ontzeggen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>28</nr><titel>Geluid- en beeldregistraties</titel></kop><al>Degenen die in de vergaderzaal tijdens de vergadering geluid- dan wel </al><al>beeldregistraties willen maken doen hiervan mededeling aan de voorzitter
                            en gedragen </al><al>zich naar zijn aanwijzingen. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>29</nr><titel>Verbod gebruik mobiele telefoons</titel></kop><al>In de vergaderzaal, met inbegrip van de publieke tribune, is tijdens de
                            vergadering het </al><al>gebruik, alsmede het stand-by houden van mobiele telefoons of andere </al><al>communicatiemiddelen, die inbreuk kunnen maken op de orde van de
                            vergadering </al><al>zonder toestemming van de voorzitter niet toegestaan. </al></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>7</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>30</nr><titel>Naam verordening</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening op de
                            raadscommissies </al><al>Wassenaar 2003.” </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>31</nr><titel>Uitleg verordening</titel></kop><al>In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet of bij twijfel over
                            de toepassing </al><al>van de verordening, beslist de raadscommissie op voorstel van de
                            voorzitter. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>32</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Deze verordening treedt in werking op 1 augustus 2003.</al></li><li nr="2."><al>Op dat tijdstip vervalt de verordening “Verordening op de
                                    raadscommissies 2002”</al><al> vastgesteld bij raadsbesluit van 14 maart 2002. </al></li></lijst></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Wassenaar, 30 juni 2003 </al><al>De Raad voornoemd, </al></slotformulering><ondertekening>de Griffier, de Voorzitter,</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>