<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR74316_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Inspraakverordening Dantumadeel</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Dantumadiel</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-06-12</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Dantumadiel</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Nieuwsblad van Noord-Oost Friesland, 19-04-2006</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Inspraakverordening Dantumadeel</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2006-02-28</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2006-04-20</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2011-06-30</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Inspraakverordening Dantumadeel</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente DANTUMADEEL;</al><al>overwegende dat door diverse wetswijzigingen en de invoering van de Wet uniforme</al><al>openbare voorbereidingsprocedure het noodzakelijk is dat de Algemene Inspraakverordening</al><al>wordt gewijzigd.</al><al>gelet op artikel 150 van de Gemeentewet;</al><al>gelezen het advies van de commissie samenleving d.d. 8 februari 2006;</al><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 15 november 2005;</al><al>Besluit</al><al>vast te stellen de:</al><al>Inspraakverordening Dantumadeel</al><al>Verordening inzake de wijze waarop ingezetenen en belanghebbenden bij de voorbereiding</al><al>van gemeentelijk beleid worden betrokken.</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><titel>Artikel 1 Begripsomschrijvingen</titel></kop><lijst><li nr=""><al>De verordening verstaat onder:</al></li><li nr=""><al>inspraak:</al></li><li nr=""><al>het betrekken van ingezetenen en belanghebbenden bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid;</al></li><li nr=""><al>inspraakprocedure:</al></li><li nr=""><al>de wijze waarop de inspraak gestalte wordt gegeven;</al></li><li nr=""><al>beleidsvoornemen:</al></li><li nr=""><al>het voornemen van het bestuursorgaan tot het vaststellen of wijzigen van beleid.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2 Onderwerp van inspraak</titel></kop><lijst><li nr=""><al>Elk bestuursorgaan besluit ten aanzien van zijn eigen bevoegdheden of inspraak wordt verleend bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid. Inspraak wordt altijd verleend indien de wet daartoe verplicht.</al></li><li nr=""><al>Geen inspraak wordt verleend:
</al><lijst><li nr="a."><al>ten aanzien van ondergeschikte herzieningen van een eerder vastgesteld beleidsvoornemen;</al></li><li nr="b."><al>indien inspraak bij of krachtens wettelijk voorschrift is uitgesloten;</al></li><li nr="c."><al>indien sprake is van uitvoering van hogere regelgeving waarbij het bestuursorgaan geen of nauwelijks beleidsvrijheid heeft;</al></li><li nr="d."><al>inzake de begroting, de tarieven voor gemeentelijke dienstverlening en belastingen bedoeld in hoofdstuk XV van de Gemeentewet;</al></li><li nr="e."><al>indien de uitvoering van een beleidsvoornemen dermate spoedeisend is dat inspraak niet kan worden afgewacht;</al></li><li nr="f."><al>indien het belang van inspraak niet opweegt tegen het belang van de verantwoordelijkheid van de gemeente voor kwetsbare groepen in de samenleving.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3 Inspraakgerechtigden</titel></kop><al>Inspraak wordt verleend aan ingezetenen en belanghebbenden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4 Inspraakprocedure</titel></kop><al>Op inspraak is de procedure van afdeling 3.4. van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing. het bestuursorgaan kan voor één of meer beleidsvoornemens een andere inspraakprocedure vaststellen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5 Eindverslag</titel></kop><lijst><li nr="Ter"><al>afronding van de inspraak maakt het bestuursorgaan een eindverslag op.</al></li><li nr="Het"><al>eindverslag bevat in elk geval:
</al><lijst><li nr="-"><al>een overzicht van de gevolgde inspraakprocedure;</al></li><li nr="-"><al>een weergave van de zienswijzen die tijdens de inspraak mondeling of schriftelijk naar voren zijn gebracht;</al></li><li nr="-"><al>een reactie op deze zienswijzen, waarbij met redenen omkleed wordt aangegeven op welke punten al dan niet tot aanpassing van het beleidsvoornemen wordt overgegaan.</al></li></lijst></li><li nr="Het"><al> bestuursorgaan maakt het eindverslag op de gebruikelijke wijze openbaar. De Burgemeester vermeldt het eindverslag in zijn burgerjaarverslag.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6 Intrekking oude verordening</titel></kop><al>De Inspraakverordening van 20 december 1994 wordt ingetrokken op de dag van inwerkingtreding van deze verordening.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7 Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag na de dag van haar bekendmaking.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8 Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Inspraakverordening Dantumadeel.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van</ondertekening><ondertekening>de raad der gemeente Dantumadeel, gehouden</ondertekening><ondertekening>in het gemeentehuis te Damwoude op 28 februari</ondertekening><ondertekening>2006.</ondertekening><ondertekening>Deraad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>, griffier. , voorzitter.</ondertekening></regeling-sluiting><nota-toelichting><al>Artikelgewijze toelichting Inspraakverordening Gemeente Dantumadeel</al><al><vet>Artikel 1 Begripsomschrijvingen</vet></al><al>Inspraak</al><al>Er zijn veel omschrijvingen van het begrip inspraak. Bij de in dit artikel opgenomen formulering</al><al>is aangesloten bij de tekst van artikel 150 van de Gemeentewet. Inspraak is</al><al>een onderdeel van de voorbereiding en uitvoering van het gemeentelijke beleid en heeft</al><al>een tweeledig doel. Enerzijds wordt aan belanghebbenden de mogelijkheid geboden om</al><al>hun mening over beleidsvoornemens kenbaar te maken. Anderzijds biedt inspraak aan</al><al>bestuursorganen een belangrijk hulpmiddel in het kader van de voor de beleidsvoorbereiding</al><al>noodzakelijke belangenafweging.</al><al>Inspraakprocedure</al><al>De verantwoordelijkheid voor het maken van een regeling over inspraak ligt ingevolge</al><al>artikel 150 van de Gemeentewet bij de raad. Zoals in de algemene toelichting is vermeld,</al><al>is de afdeling 3.4 Awb van toepassing verklaard. Artikel 4, tweede lid, van het</al><al>model geeft het bestuursorgaan ruimte om een ander procedure te volgen. Het bestuursorgaan</al><al>is immers verantwoordelijk voor uitvoering, de nadere regeling en organisatie</al><al>van de inspraak.</al><al>Beleidsvoornemen</al><al>Het begrip beleidsvoornemen is gedefinieerd als het voornemen van het bestuursorgaan</al><al>tot het vaststellen of wijzigen van beleid. Het zal duidelijk zijn dat het hierbij niet gaat</al><al>om de vaststelling van concrete besluiten of maatregelen, maar om de vorming van het</al><al>beleid waarop deze kunnen worden gebaseerd.</al><al><vet>Artikel 2 Onderwerp van inspraak</vet></al><al>In het eerste lid is bepaald dat elk bestuursorgaan ten aanzien van zijn eigen bevoegdheden</al><al>besluit of inspraak wordt verleend bij de voorbereiding van gemeentelijk beleid. Het</al><al>begrip bestuursorgaan is gedefinieerd in artikel 1:1, eerste lid van de Awb. Het omvat in</al><al>elk geval raad, college en burgemeester. Elk bestuursorgaan van de gemeente kan zijn</al><al>eigen beleidsvoornemens aan inspraak onderwerpen. In de Memorie van Toelichting (TK</al><al>1999-2000, 27 023, nummer 3, blz. 20) is vermeld dat het ter volledige beoordeling</al><al>van de gemeenteraad blijft ten aanzien van welke beleidsvoornemens inspraak wordt</al><al>verleend.</al><al>Omdat het in bepaalde gevallen doelmatiger zal kunnen zijn als inspraak geschiedt door</al><al>middel van bijvoorbeeld spreekrecht bij raadsvergaderingen, blijft door de formulering</al><al>van het eerste lid de mogelijkheid bestaan dat voor bepaalde beleidsvoornemens een</al><al>andere wijze van inspraak wordt geregeld. Het besluit om al dan niet inspraak te verlenen</al><al>is een besluit in de zin van de Awb. Hiertegen kan dus bezwaar worden gemaakt.</al><al>In het tweede lid is bepaald dat inspraak altijd wordt verleend indien een wettelijk voorschrift</al><al>daartoe verplicht. Hieronder wordt opgesomd welke wettelijke verplichtingen gelden.</al><al>Dit is niet opgenomen in de tekst van artikel 2 zelf, omdat in de eerste plaats bij</al><al>een nieuwe wettelijke verplichting direct de verordening moet worden aangepast en in</al><al>de tweede plaats omdat een dergelijke opsomming de verordening onoverzichtelijker zou</al><al>maken. Wettelijke verplichtingen tot het bieden van inspraak bestaan thans bij:</al><al>a. de voorbereiding van het gemeentelijk milieubeleidsplan (artikel 4.17, derde lid, Wet</al><al>Milieubeheer;</al><al>b. de voorbereiding van een besluit tot vaststelling van een afvalstoffenverordening die</al><al>afwijkt van artikel 10.21 Wet Milieubeheer (artikel 10.26, tweede lid, Wet Milieubeheer);</al><al>c. het integraal gemeentelijk gehandicaptenbeleid (artikel 1a Wet voorzieningen gehandicapten);</al><al>d. de plannen en beleidsverslagen gericht op de realisatie en de vormgeving van cliëntenparticipatie</al><al>bij de uitvoering van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk</al><al>arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen (artikel 42) en de Wet inkomensvoorziening</al><al>oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers (artikel</al><al>42);</al><al>e. de voorbereiding van besluiten tot uitsluiting van welstandstoetsing als bedoeld in</al><al>artikel 12, tweede lid, onder a en b, van de Woningwet (artikel 12, vierde lid).</al><al>In het derde lid is opgenomen wanneer geen inspraak wordt verleend.</al><al><vet>Artikel 3 Inspraakgerechtigden</vet></al><al>De omschrijving van inspraakgerechtigden vloeit rechtstreeks voort uit de tekst van artikel</al><al>150 van de Gemeentewet. In de Wet uniforme openbare voorbereidingsprocedure</al><al>Awb zijn de woorden ‘in de gemeente een belanghebbende natuurlijke en rechtspersonen’</al><al>vervangen door: ‘belanghebbenden’. Het begrip ‘belanghebbende’ is in artikel 1:2</al><al>Awb gedefinieerd en deze definitie heeft ook gelding voor wetgeving buiten de Awb.</al><al><vet>Artikel 4 Inspraakprocedure</vet></al><al>Ter uniformering en deregulering is in het eerste lid afdeling 3.4 van de Awb van toepassing</al><al>verklaard op de inspraak. In artikel 3:11 tot en met 3:17 Awb is de inspraakprocedure</al><al>te vinden. Na terinzagelegging en bekendmaking van het beleidsvoornemen kunnen</al><al>belanghebbenden gedurende zes weken schriftelijk of mondeling hun zienswijzen</al><al>naar voren brengen. In de meeste gevallen zal deze procedure passend zijn voor de inspraak.</al><al>Zo niet, dan kan op grond van het tweede lid de inspraakprocedure worden aangepast.</al><al><vet>Artikel 5 Eindverslag</vet></al><al>In dit geval is niet gekozen voor verwijzing naar afdeling 3.4 Awb. In artikel 3.17 van de</al><al>Awb wordt namelijk slechts bepaald dat een verslag wordt gemaakt van hetgeen tijdens</al><al>de inspraakprocedure mondeling naar voren is gebracht.</al><al>Onder het in het tweede lid, onderdeel a, genoemde verslag van de gevolgde inspraakprocedure</al><al>wordt verstaan: Hoe is de procedure feitelijk verlopen? Is afdeling Awb onverkort</al><al>toegepast? Wanneer is het beleidsvoornemen ter inzage gelegd enz.?</al><al>Onderdeel b betekent dat de eindrapportage een volledig overzicht dient te bevatten van</al><al>zowel de mondelinge als de schriftelijke inspraakreacties. De schriftelijke inspraakreacties</al><al>kunnen aan het verslag worden gehecht.</al><al>In de Memorie van Toelichting bij de Awb wordt opgemerkt dat in het verslag kan worden</al><al>volstaan met een korte zakelijke weergave van de naar voren gebrachte opvattingen</al><al>en vermelding van de personen die hun opvatting naar voren hebben gebracht.</al><al>Onder c wordt als het sluitstuk van inspraak voorgeschreven dat het bestuursorgaan</al><al>aangeeft wat met de zienswijzen wordt gedaan.</al><al>In het derde lid is bepaald dat het bestuursorgaan het eindverslag op de gebruikelijke</al><al>wijze openbaar maakt. Het ligt voor de hand om degenen die hebben ingesproken een</al><al>exemplaar van het eindverslag te sturen. Daarnaast kan het eindverslag algemeen worden</al><al>gepubliceerd in de krant en op de gemeentelijke website.</al><al>Als het aantal insprekers omvangrijk is, kan worden gekozen voor het volstaan met een</al><al>algemene bekendmaking. Het is aan te bevelen om tijdens de inspraakavond al duidelijkheid</al><al>omtrent de communicatie te verschaffen.</al><al>In het vierde lid wordt de burgemeester verplicht om het eindverslag te vermelden in zijn</al><al>burgerjaarverslag overeenkomstig artikel 170, tweede lid, aanhef en onder b, van de</al><al>Gemeentewet.</al><al><vet>Artikel 6 Intrekking oude verordening</vet></al><al>Met deze bepaling wordt de bestaande inspraakverordening ingetrokken. De datum</al><al>waarop deze bestaande verordening vervalt, is de datum waarop de nieuwe verordening</al><al>in werking treedt (zie artikel 7).</al><al><vet>Artikel 7 Inwerkingtreding</vet></al><al>Deze verordening treedt de dag na de dag van bekendmaking in werking.</al><al><vet>Artikel 8 Citeertitel</vet></al><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Inspraakverordening Dantumadeel. In de citeertitel</al><al>wordt geen jaartal opgenomen om te voorkomen dat de schijn wordt gewekt dat de</al><al>verordening slechts voor een jaar geldt.</al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>