<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR73660_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening ruimte- en inrichtingseisen peuterspeelzalen 2011</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Dronten</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-02-07</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Dronten</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad 2010, nr. 40</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening ruimte- en inrichtingseisen peuterspeelzalen 2011</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2010-12-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2011-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>B10.001552</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>maatschappelijke zorg en welzijn</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>1.Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Vervangt Verordening peuterspeelzaalwerk 2009.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening ruimte- en inrichtingseisen peuterspeelzalen 2011</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Geconsolideerde tekst van de regeling</vet></al><al/><al>De raad van de gemeente Dronten,</al><al>gelezen het voorstel van het college van 26 oktober 2010, No.
                        B10.001386</al><al>gelet op artikel 149 van de Gemeentewet;</al><al>gezien het advies van de raadscommissie van december 2010;</al><al>overwegende dat het gewenst is om in aanvulling op de Wet kinderopvang
                        en kwaliteitseisen peuterspeelzalen en de Beleidsregels kwaliteit
                        kinderopvang en peuterspeelzalen nadere eisen te stellen aan de
                        inrichting van peuterspeelzalen;</al><al/><al>B E S L U I T:</al><al/><al>I.vast te stellen de <vet>Verordening ruimte- en inrichtingseisen
                        peuterspeelzalen 2011 </vet></al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsbepaling</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder peuterspeelzaal hetgeen
                            daaronder wordt verstaan in de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen
                            peuterspeelzalen.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Binnenspeelruimte</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In een peuterspeelzaal is voor ieder kind minimaal 3,5 m2
                                bruto-oppervlakte aan groepsspeelruimte beschikbaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Elke ruimte is ingericht in overeenstemming met het aantal en de
                                leeftijd van de op te vangen kinderen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Buitenspeelruimte</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De peuterspeelzaal beschikt over aangrenzende
                                buitenspeelruimte.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De buitenspeelruimte voldoet aan de volgende eisen:</al><lijst><li nr="a."><al>voor kinderen toegankelijk en veilig bereikbaar;</al></li><li nr="b."><al>een oppervlakte van minimaal 3 m2 bruto-oppervlakte
                                        speelruimte per aanwezig kind;</al></li><li nr="c."><al>ingericht in overeenstemming met de leeftijd van de op te
                                        vangen kinderen.</al></li></lijst></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Aanwijzing toezichthouders</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college ziet toe op de naleving van de bij deze verordening
                                gestelde regels.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college wijst de directeur van de GGD aan als
                                toezichthouder.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Onderzoek door de toezichthouder</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De toezichthouder onderzoekt na een aanvraag als bedoeld in artikel
                                2.2, eerste lid van de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen
                                peuterspeelzalen binnen 10 weken of de exploitatie van de
                                peuterspeelzaal redelijkerwijs zal plaatsvinden in overeenstemming
                                met de voorschriften uit deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De toezichthouder onderzoekt jaarlijks of de exploitatie van een
                                peuterspeelzaal plaatsvindt in overeenstemming met de voorschriften
                                uit deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Naast het onderzoek, bedoeld in het eerste en tweede lid, kan de
                                toezichthouder incidenteel onderzoek verrichten naar de naleving van
                                de bij deze verordening gestelde voorschriften.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Vastleggen onderzoeksresultaten</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De toezichthouder legt zijn oordeel naar aanleiding van een
                                onderzoek bij een peuterspeelzaal vast in een inspectierapport.
                            </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de toezichthouder oordeelt dat door de houder de bij of
                                krachtens artikel 2 en 3 gegeven voorschriften niet zijn of zullen
                                worden nageleefd, vermeldt hij dat in het rapport.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Alvorens het rapport vast te stellen, stelt de toezichthouder de
                                houder in de gelegenheid van het ontwerprapport kennis te nemen en
                                daarover zijn zienswijze kenbaar te maken. De toezichthouder
                                vermeldt de zienswijze van de houder in een bijlage bij het rapport.
                            </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De toezichthouder zendt het inspectierapport onverwijld aan de
                                houder, die een afschrift daarvan zo spoedig mogelijk ter inzage
                                legt op een voor ouders en personeel toegankelijke plaats. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De toezichthouder maakt het inspectierapport uiterlijk drie weken na
                                de vaststelling daarvan openbaar. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>De toezichthouder zendt een afschrift van het inspectierapport aan
                                het college.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Burgemeester en wethouders kunnen artikel 2 en 3 buiten toepassing laten
                            of daarvan afwijken, voorzover toepassing gelet op het belang van
                            kwalitatief verantwoorde opvang voor kinderen in een peuterspeelzaal
                            leidt tot een onbillijkheid van overwegende aard.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Intrekking voorgaande regeling en inwerkingtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De Verordening Peuterspeelzaalwerk 2009 wordt ingetrokken op 1
                                januari 2011.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2011.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Verordening ruimte- en
                            inrichtingseisen peuterspeelzalen gemeente Dronten 2011.</al><al/><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Dronten, 16 december 2010</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>de raad van Dronten,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>D.Petrusma mr. A.B.L. de Jonge</ondertekening><ondertekening>griffier voorzitter</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>