<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR73582_3</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Langdurigheidstoeslag Wet werk en bijstand 2010</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Waterland</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-03-27</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Waterland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Elektronisch Gemeenteblad, 18-12-2014</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening langdurigheidstoeslag Wet werk en bijstand gemeente Waterland 2010</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0015703&amp;artikel=8&amp;g=2014-12-12">Wet werk en bijstand, art. 8 lid 1 </dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0015703&amp;artikel=36&amp;g=2014-12-12">Wet werk en bijstand, art. 36</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2014-12-04</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2015-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>intrekking</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>337-36</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Deze regeling is vervangen door de <extref doc="1.1:CVDR346106_1">Verordening individuele inkomenstoeslag Participatiewet gemeente Waterland 2015</extref>.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening Langdurigheidstoeslag Wet werk en bijstand 2010</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Waterland,</al><al/><al>Gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders;</al><al/><al>Gelet op de artikelen 8, eerste lid onderdeel d en artikel 36 van de Wet
                        werk en bijstand;</al><al/><al>Overwegende dat het noodzakelijk is het verstrekken van
                        langdurigheidstoeslag aan personen van 21 jaar of ouder en jonger dan 65
                        jaar in een verordening te regelen;</al><al/><al>B E S L U I T :</al><al/><al>De Verordening Langdurigheidstoeslag Wet werk en bijstand 2009 vast te
                        stellen</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel 1 Begripsbepalingen </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al><vet>het college: </vet>het college van burgemeester en
                                    wethouders</al></li><li nr="b."><al><vet>inkomen: </vet>het inkomen als bedoeld in artikel 32 van de
                                    wet, met dien verstande dat voor de zinsnede “een periode
                                    waarover een beroep op bijstand wordt gedaan” moet worden
                                    gelezen “de referteperiode”. een bijstandsuitkering wordt, in
                                    afwijking van artikel 32 van de wet voor de beoordeling op
                                    langdurigheidstoeslag als inkomen gezien.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader
                            worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet werk en
                            bijstand en de Algemene wet bestuursrecht.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 2 Voorwaarden </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Naast de voorwaarden genoemd in artikel 36 van de wet komt in aanmerking
                            voor de langdurigheidstoeslag de belanghebbende die gedurende een
                            onafgebroken periode van 36 maanden aangewezen is geweest op een inkomen
                            dat niet hoger is dan 110% van de voor hem geldende bijstandsnorm en die
                            geen uitzicht heeft op inkomensverbetering.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Personen die een reëel uitzicht op inkomensverbetering hebben, maar hier
                            door verwijtbaar gedrag of een eigen keuze geen gebruik van maken worden
                            uitgesloten van het recht op langdurigheidstoeslag.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 3 Hoogte van de toeslag </label></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De langdurigheidstoeslag bedraagt voor gehuwden, alleenstaande ouders en
                            alleenstaanden met een inkomen niet hoger dan 120% van de geldende
                            bijstandsnorm 39% van de voor hen geldende bijstandsnorm.</al><al/><al>Het genoemde percentage wordt elk jaar toegepast op de bijstandsnormen
                            die gelden op 1 januari van dat jaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Voor belanghebbenden met een inkomen tussen 101 tot 110% van de voor hen
                            geldende bijstandsnorm 50% van de in het eerste lid genoemde
                            bedragen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel 4 Onvoorziene gevallen </label></kop><al>In gevallen waarin deze regeling niet voorziet, beslist het college</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 5 Inwerkingtreding </label></kop><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2010. De verordening
                        Langdurigheidstoeslag Wet werk en bijstand 2009 wordt per 1 januari 2010
                        ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel 6 Citeertitel </label></kop><al>Deze verordening kan aangehaald worden als : Verordening
                        langdurigheidstoeslag Wet werk en bijstand gemeente Waterland 2010.</al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente
                        Waterland, gehouden op 16 december 2010.</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening>(Drs. E.G.H. Dijk) (Mr. E.F. Jongmans)</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><titel>Toelichting algemeen</titel></kop><al/><al><cursief>Decentralisatie langdurigheidstoeslag</cursief></al><al>Op 1 januari 2009 is de wetswijziging inwerking getreden, waarmee de
                    langdurigheidstoeslag wordt gedecentraliseerd naar gemeenten. De oude
                    langdurigheidstoeslag vond zijn grondslag in artikel 36 van de Wet werk en
                    bijstand. Daarin wordt nauw omschreven in welke gevallen en onder welke
                    voorwaarden mensen met een laag inkomen in aanmerking komen voor de toeslag. De
                    gedachte achter de toeslag is, dat mensen die langdurig een inkomen op het
                    sociaal minimum hebben, geen financiële ruimte hebben om te reserveren voor
                    onverwachte uitgaven.</al><al/><al>In het Bestuursakkoord Rijk-gemeenten uit 2007 (“Samen aan de slag”) is
                    afgesproken dat de langdurigheidstoeslag gedecentraliseerd wordt naar gemeenten.
                    Artikel 36 van de wet blijft de basis, maar daarnaast wordt in artikel 8 een
                    bepaling toegevoegd waarin wordt bepaald dat gemeenten in een verordening de
                    precieze voorwaarden voor de langdurigheidstoeslag moeten vastleggen. </al><al/><al><cursief>Bevoegdheid gemeenten</cursief></al><al>In het nieuwe artikel 36, eerste lid van de wet, is de basis voor de
                    langdurigheidstoeslag opgenomen:</al><al><vet>Het college verleent op aanvraag een langdurigheidstoeslag aan een persoon
                        van 21 jaar of ouder doch jonger dan 65 jaar, die langdurig een laag inkomen
                        en geen in aanmerking te nemen vermogen als bedoeld in artikel 34 en geen
                        uitzicht heeft op inkomensverbetering.</vet></al><al/><al>In het nieuwe artikel 8 lid 2 b van de wet wordt bepaald dat </al><al><vet>de verordening in ieder geval betrekking heeft op de hoogte van de
                        langdurigheidstoeslag en de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de
                        begrippen langdurig en laag inkomen.</vet></al><al/><al><cursief>Mogelijkheden voor eigen beleid</cursief></al><al>Op grond van de nieuwe bevoegdheden van gemeenten, zijn er diverse mogelijkheden
                    voor het invullen van eigen beleid. </al><al> In eerste instantie is ervoor gekozen het bestaande beleid te handhaven in
                    afwachting van de behandeling van de notitie minimabeleid die eind november 2009
                    is vastgesteld door de Raad. Voor de bijzondere bijstand betekent dit dat de
                    inkomensgrens op 120% van de bijstandsnorm ligt. Langdurigheidstoeslag is ook
                    bijzondere bijstand. </al><al>Gekoppeld aan de verruiming van de hoogte van het inkomen is de hoogte van de
                    langdurigheidstoeslag voor een inkomen van 101-120% van de geldende
                    bijstandsnorm. Om de armoedeval te voorkomen is door de Raad besloten een
                    glijdende schaal te hanteren. De volgende bedragen worden uitgekeerd bij een
                    inkomen tot en met 100% van de geldende bijstandsnorm: aan alleenstaanden €
                    354,64, alleenstaande ouders € 455,96 en gezinnen € 506,63. De genoemde bedragen
                    gelden voor 2010. Bij een inkomen tussen de 101-110% van de geldende
                    bijstandsnorm, 50% van de gebruikelijke toeslag en bij een inkomen tussen de
                    110-120% van de geldende bijstandsnorm 25% van de gebruikelijke toeslag.</al><al/><al><vet>Artikelsgewijze toelichting</vet></al><al/><al><cursief><vet>Artikel 2 Voorwaarden</vet></cursief></al><al/><al>In het eerste lid worden de omschrijvingen van de begrippen langdurig en laag
                    inkomen uitgewerkt. </al><al>Met het begrip langdurig is opgenomen dat het college op aanvraag een
                    langdurigheidstoeslag verleent aan een persoon van 21 jaar of ouder doch jonger
                    dan 65 jaar die gedurende een ononderbroken periode van 36 maanden een inkomen
                    heeft dat niet hoger is dan 120% van de geldende bijstandsnorm en geen in
                    aanmerking te nemen vermogen als bedoeld in artikel 34 heeft;</al><al/><al>Het tweede lid heeft een raakvlak met het re-integratie- en maatregelenbeleid.
                    Als een persoon weigert een baan te aanvaarden of mee te werken in een
                    re-integratietraject dan voldoet hij niet aan de voorwaarde genoemd in het
                    eerste lid dat hij geen zicht heeft op inkomensverbetering. Hij heeft dan wel
                    zicht op inkomensverbetering, maar blijft door eigen toedoen aangewezen op een
                    laag inkomen. Er is dan geen recht op langdurigheidstoeslag.</al><al/><al><cursief><vet>Artikel 3 Hoogte van de toeslag</vet></cursief></al><al>In dit artikel wordt de hoogte van de toeslag geregeld. De in het eerste lid
                    genoemde percentages zijn overgenomen van de reeds bestaande
                    langdurigheidstoeslag. </al><al/><al><cursief><vet>Artikel 5 Inwerkingtreding</vet></cursief></al><al>De verordening treedt met terugwerkende kracht per 1 januari 2010 in werking. De
                    Verordening langdurigheidstoeslag Wet werk en bijstand 2009 wordt per 1 januari
                    2010 ingetrokken. </al></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>