<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR72576_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Nota integriteit gemeente Steenbergen</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Steenbergen</dcterms:creator><dcterms:modified>2010-12-22</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Steenbergen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Intranet 14-08-2009</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Nota integriteit gemeente Steenbergen</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Geen</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">college van burgemeester en wethouders</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-06-02</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2004-01-29</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2020-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>0305212</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Vastgesteld bij raadsbesluit van 29 januari 2004;</al><al>Gewijzigd bij besluiten van 13 maart 2006 en 2 juni 2009</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Nota integriteit gemeente Steenbergen</intitule><regeling><aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>INHOUD</titel></kop><structuurtekst><al>1. Inleiding</al><al>2. Het begrip
                                integriteit</al><al>3. Wettelijke
                                bepalingen</al><al>4. Doel en
                            overwegingen</al><al>5. Begrip bestuur</al><al>6. Begrip
                            ambtenaar</al><al>7. Algemene gedragsregels bestuurders en ambtenaren</al><al>8. Specifieke situaties bestuurders en ambtenaren</al><al>9. Regeling
                                Klokkenluiders</al><al>10. Jaarlijkse
                                verantwoording</al><al>11. Slot</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>1. INLEIDING</titel></kop><structuurtekst><al>Integriteit van het openbaar bestuur is een onderwerp dat de laatste
                            tijd veel in de belangstelling staat. Het besef dat elke
                            overheidsdienaar boven elke twijfel verheven moet staan leeft sterk in
                            onze samenleving. Een bestuurder of ambtenaar die uit eigenbelang, of
                            als gevolg van manipulatie door anderen, misbruik maakt van zijn
                            positie, kan het beeld oproepen van een onbetrouwbare organisatie. Dat
                            schaadt het imago van de overheid en kan zelfs het functioneren van de
                            overheid ernstig ondermijnen. Tien jaar geleden was het wijlen minister
                            Dales die het thema integriteit hoog op de agenda plaatste en die er
                            geen misverstand over liet bestaan over hoe zij er over dacht: “De
                            overheid is integer of ze is het niet; een beetje integer kan
                            niet”.</al><al>Een overheid die het niet nauw neemt met de integriteit verliest het
                            vertrouwen van de burger. En zonder dat vertrouwen kan een democratie
                            niet functioneren.</al><al>In de loop van de jaren is er een grote stroom publicaties verschenen
                            over dit onderwerp. Eén van de laatste is “Integriteit van het openbaar
                            bestuur”, een rapport dat totstandgekomen is onder verantwoordelijkheid
                            van de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties. In oktober
                            2001 verscheen de handreiking “Integriteit van bestuurders bij gemeenten
                            en provincies”, een gezamenlijke publicatie van de Vereniging van
                            Nederlandse Gemeenten (VNG), Interprovinciaal Overleg (IPO) en het
                            ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijkrelaties.</al><al>Gaandeweg is ook bij ons college en binnen de organisatie van ons
                            gemeentelijk bedrijf de behoefte gegroeid over het onderwerp integriteit
                            het een en ander op papier te zetten, passend en toepasbaar binnen onze
                            bestuurlijke en ambtelijke organisatie.</al><al>Een nadere overdenking leidt tot de volgende aspecten van
                            integriteit:</al><lijst><li nr="a."><al>het betrachten van openheid;</al></li><li nr="b."><al>het vermijden van (schijn van) belangenverstrengeling;</al></li><li nr="c."><al>het voeren van overleg in geval van twijfel;</al></li><li nr="d."><al>een brede verantwoordelijkheid voor de handhaving van
                                    gedragsregels.</al></li></lijst><al>Daarbij gaat het hier niet om een uitputtende beschrijving van het
                            thema.</al><al>Daarvoor kan verwezen worden naar de vele (beleids-) nota’s die in den
                            lande over dit onderwerp geschreven zijn. Bij integriteit gaat het meer
                            om de geest dan de letter. De overheid, bestuurders en ambtenaren,
                            behoren een geest van betrouwbaarheid en onafhankelijkheid uit te dragen
                            in spreken en handelen. Het accent ligt in deze nota meer op het
                            formuleren van enkele gedragsregels voor bestuurders en ambtenaren, dit
                            op grond van een aantal uitgangspunten. Deze gedragsregels vormen als
                            het ware een contract voor bestuurders en ambtenaren en zijn niet
                            vrijblijvend.</al><al>Deze nota kan daarom worden gezien als een soort wilsuiting van hen die
                            bij de gemeente Steenbergen werken, in welke functie dan ook. Daarmee
                            heeft integriteit een in- en externe werking. Zij die bij de gemeente
                            Steenbergen werken of een bestuurlijke functie vervullen kunnen en
                            moeten elkaar daar op aanspreken. Maar er gaat ook een signaal van uit
                            naar de samenleving.</al><al>Dit kan op verschillende wijzen worden onderstreept; door het
                            verstrekken van de gedragscode, door het ondertekenen van een
                            “integriteitverklaring” of door het afleggen van een ambtseed. Steeds
                            meer gemeenten en andere overheden gaan over tot formele aandacht voor
                            integer gedrag. Daarvan gaat een preventieve werking uit.</al><al>Naast de wenselijkheid van een gedragsregeling is de gemeente sedert 1
                            januari 2002 verplicht een procedure te hebben vastgesteld over hoe om
                            te gaan met bij een ambtenaar levende vermoedens van misstanden binnen
                            de organisatie, de zogenaamde “Klokkenluidersregeling”. Daarop wordt in hoofdstuk 9 in gegaan.
                            In het kader van de invoering van het wetsvoorstel dualisering
                            gemeentebestuur moest de gemeente feitelijk al uiterlijk op 7 maart 2003
                            een gedragscode voor wethouders, de burgemeester en raadsleden hebben
                            vastgesteld.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>2. HET BEGRIP INTEGRITEIT.</titel></kop><structuurtekst><al>In de literatuur kan men veel definities vinden van het begrip
                            integriteit. In het Groot Woordenboek der Nederlandse Taal, de Dikke Van
                            Dale, treffen we als betekenis aan: ongeschonden toestand,
                            rechtschapenheid, onomkoopbaarheid.</al><al>De volgende definitie° van integriteit is een goede basis voor de
                            gedragsregels die voor de organisatie van de gemeente Steenbergen gaan
                            gelden:</al><al>het op consistente wijze handhaven van de ongeschondenheid,
                            onkreukbaarheid, openheid, rechtschapenheid en eerlijkheid van personen
                            en organisaties, zodat bestuurder of ambtenaar zich zo gedraagt dat
                            hij/zij ten opzichte van iedere burger, organisatie en instelling vrij
                            blijft staan en zich zonder verplichtingen voelt.</al><al>Het begrip herinnert in de eerste plaats aan onafhankelijkheid en
                            objectiviteit. Zó hebben bestuurders en ambtenaren hun taak te
                            verrichten. In meer brede zin omvat integriteit echter ook: respect voor
                            elkaar, interesse in elkaar, waardering voor elkaar en de ander in zijn
                            waarde laten. Integriteit is uiting van beschaving en
                            wellevendheid.</al><al>Dat geeft een diepere dimensie aan het begrip, waaraan misschien niet zo
                            gauw wordt gedacht. Integriteit zegt zo dus ook iets over omgangsvormen
                            in de praktijk van een gemeenteraad, raadscommissie of in welke wijze
                            van samenwerken in een organisatie dan ook. De stijl van werken en
                            besturen is vaak net zo belangrijk als de inhoud ervan.</al><al>° KEMA 8001-1; norm voor integriteitmanagement bij gemeenten.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>3. WETTELIJKE BEPALINGEN.</titel></kop><structuurtekst><al>Het is goed kort te wijzen op enige wettelijke bepalingen, die voor een
                            bestuurder of ambtenaar relevant zijn als het gaat om integriteit.</al></structuurtekst><afdeling><kop><titel>Strafrecht.</titel></kop><structuurtekst><al>Net als ieder ander zijn bestuurders en ambtenaren gehouden aan de
                                regels van het recht. Te denken valt in dit verband bijvoorbeeld aan
                                de strafrechtelijke regels met betrekking tot fraude, valsheid in
                                geschrifte en dergelijke.</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Civiel recht.</titel></kop><structuurtekst><al>Wanneer bestuurders of ambtenaren zich, door welke oorzaak dan ook,
                                laten verleiden tot uitspraken in contacten met burgers,
                                instellingen en bedrijven over onderwerpen waarover nog niet
                                definitief is besloten, kan dit leiden tot schadeclaims bij de
                                gemeente. Bijvoorbeeld wanneer verwachtingen worden gewekt die later
                                niet kunnen worden waargemaakt.</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Gemeenterecht.</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="a."><al>Nevenfuncties. </al><lijst><li nr=""><al>Leden van het college van burgemeester en wethouders
                                                en de raad moeten op grond van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet">Gemeentewet</extref> hun nevenfuncties (voor een
                                                definitie zie <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#a8-specifieke-situaties-bestuurders-en-ambtenaren-">hoofdstuk 8</extref>) bekendmaken. Uitgangspunt
                                                hierbij is dat geen betrekkingen mogen worden
                                                vervuld waarvan de uitoefening ongewenst is in
                                                verband met een goede vervulling van het ambt of op
                                                de handhaving van de onpartijdigheid en
                                                onafhankelijkheid dan wel het vertrouwen
                                                daarin.</al></li><li nr=""><al>Ook ambtenaren melden hun nevenfuncties. Hierbij
                                                geldt hetzelfde uitgangspunt als voor
                                                bestuurders.</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>Onverenigbare betrekkingen. </al><lijst><li nr=""><al>Met het oog op een goede taakuitoefening en ter
                                                voorkoming van verstrengeling van persoonlijke en
                                                gemeentelijke belangen is in de Gemeentewet een
                                                aantal functies aangegeven, die gemeenteraadsleden
                                                (inclusief wethouders) niet mogen vervullen.</al></li></lijst></li><li nr="c."><al>Verboden handelingen. </al><lijst><li nr=""><al>Ook zijn in de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet">Gemeentewet</extref> bepalingen opgenomen ten
                                                aanzien van gemeenteraadsleden, wethouders,
                                                burgemeesters, gemeentesecretarissen en griffiers,
                                                waarin een aantal handelingen verboden wordt. Zo
                                                mogen zij niet als advocaat, procureur of adviseur
                                                werkzaam zijn ten behoeve van de wederpartij van de
                                                gemeente en mogen zij direct noch indirect
                                                overeenkomsten sluiten waarbij de gemeente partij
                                                is.</al></li><li nr=""><al>Voor ambtenaren is het een en ander geregeld in
                                                  <extref doc="http://www.car-uwo.nl/smartsite.dws?id=73940&amp;ch=CAU">hoofdstuk 15 van de Collectieve
                                                  arbeidsvoorwaardenregeling (CAR)</extref>. Zo mag
                                                een ambtenaar zonder toestemming van burgemeester en
                                                wethouders geen diensten laten verrichten door
                                                personen in gemeentedienst, geen gebruik maken van
                                                hetgeen hem in of in verband met zijn betrekking ter
                                                kennis is gekomen, geen beloningen of giften te
                                                verzoeken of aan te nemen. Ook mag een ambtenaar
                                                niet deelnemen aan aannemingen en leveringen ten
                                                behoeve van de openbare dienst.</al></li></lijst></li></lijst></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>4. DOEL EN OVERWEGINGEN.</titel></kop><structuurtekst><al>Het doel van het vaststellen van gedragsregels is:</al><lijst><li nr="1."><al>het bieden van een houvast, een norm, aan bestuurders en
                                    ambtenaren ten aanzien van gewenst gedrag in of bij
                                    maatschappelijke contacten, die de integriteit van het bestuur
                                    en de gemeentelijke organisatie waarborgen;</al></li><li nr="2."><al>het afspreken van procedures die gevolgd worden wanneer het
                                    onder 1 gestelde doel in de knel komt;</al></li><li nr="3."><al>het scheppen van duidelijkheid naar de samenleving.</al></li></lijst><al>Overwegingen die daarbij gelden zijn de volgende:</al><lijst><li nr="1."><al>met het opstellen van gedragsregels alleen kan de integriteit
                                    niet worden afgedwongen; de eigen verantwoordelijkheid van de
                                    bestuurder of ambtenaar behoort voortdurend te worden benadrukt
                                    en hieraan dient in een open discussie inhoud te worden
                                    gegeven;</al></li><li nr="2."><al>het is niet de bedoeling een uitputtende regeling te treffen;
                                    daarvoor is de werkelijkheid te complex en te divers;</al></li><li nr="3."><al>bestuurders en ambtenaren realiseren zich dat zij erop kunnen
                                    worden aangesproken zich integer en verantwoordelijk te gedragen
                                    en dat ze het goede voorbeeld dienen te geven;</al></li><li nr="4."><al>vanuit zijn/haar positie als voorzitter van de gemeenteraad en
                                    het college van burgemeester en wethouders vervult de
                                    burgemeester een bijzondere rol bij de bewaking van de
                                    integriteit binnen de gemeentelijke bestuursorganen. Hij/zij
                                    treedt op als vraagbaak en draagt zorg dat “integriteit” op de
                                    bestuurlijke agenda blijft staan.</al></li><li nr="5."><al>vanuit zijn/haar positie als hoofd van de gemeentelijke
                                    organisatie vervult de gemeentesecretaris een identieke rol voor
                                    wat betreft de gemeentelijk ambtelijke organisatie.</al></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>5. BEGRIP BESTUUR.</titel></kop><structuurtekst><al>Het is gewenst vast te stellen, wie er allemaal onder het “bestuur”
                            vallen. Dit zijn in het licht van deze notitie: gemeenteraadsleden,
                            leden van het college van burgemeester en wethouders, de burgemeester,
                            alsmede commissieleden niet raadslid zijnde (bijvoorbeeld de leden van
                            de Monumentencommissie).</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>6. HET BEGRIP AMBTENAAR.</titel></kop><structuurtekst><al>Er worden niet alleen mensen aangesteld in ambtelijke dienst maar ook
                            wordt gebruik gemaakt van inleenkrachten, medewerkers op basis van een
                            tijdelijk contract of mensen die in het kader van een
                            werkgelegenheidsregeling werkzaam zijn in onze organisatie. Kenmerkend
                            voor al deze personen is dat zij werken in opdracht of onder
                            verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur. Allen spelen met hun werk
                            een rol in de dienstverlening van de gemeente aan de inwoners en zijn
                            als zodanig vertegenwoordigers van de gemeentelijke organisatie.</al><al>Het begrip ambtenaar zal daarom, gezien het bovenstaande, ruimer opgevat
                            moeten worden dan gebruikelijk. Niet alleen medewerkers die aangesteld
                            zijn op basis van de gemeentelijke rechtspositieregelingen vallen hier
                            onder het begrip ambtenaar maar ook de mensen die in dienst van derden
                            onder verantwoordelijkheid en aansturing van het ambtelijk management
                            taken verrichten voor de gemeente. Te denken valt aan uitzendkrachten,
                            tijdelijk personeel dat bij de gemeente is gedetacheerd, medewerkers die
                            in het kader van collegiale dienstverlening bij een gemeente worden
                            ingezet, mensen die in het kader van een werkgelegenheidsregeling
                            werkzaam zijn maar ook stagiaires.</al><al>Naast medewerkers die onder directe aansturing van het management werken
                            worden ook derden door de gemeente ingeschakeld voor het leveren van
                            diensten. Hierbij is te denken aan adviseurs, accountants,
                            cateringpersoneel en leveranciers. Bij de selectie van de bedrijven die
                            deze diensten leveren is de wijze waarop de vertrouwelijkheid verzekerd
                            is een permanent punt van aandacht.</al><al>Onderwijzend personeel valt niet onder deze gedragsregeling. Desgewenst
                            kan voor het onderwijs een eigen gedragsregeling worden ingevoerd.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>7. ALGEMENE GEDRAGSREGELS BESTUURDERS EN AMBTENAREN.</titel></kop><structuurtekst><al>Het vorenstaande leidt tot de volgende algemene gedragsregels voor
                            bestuurders en ambtenaren. Deze gedragsregels vormen een handleiding
                            voor het handelen. De gedragsregels omvatten werkregels waarop
                            bestuurders en ambtenaren tijdens hun functioneren kunnen terugvallen
                            maar waarop zij ook kunnen worden aangesproken.</al><al>Daarnaast wordt in de volgende paragraaf aandacht besteed aan een aantal
                            bijzondere situaties, namelijk het omgaan met gegevens en het omgaan met
                            de pers.</al></structuurtekst><afdeling><kop><titel>Algemene gedragsregels.</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="1."><al>Elke bestuurder en ambtenaar geeft zich bij voortduring
                                        rekenschap van zijn/haar verantwoordelijkheid de integriteit
                                        te handhaven en te bevorderen en hij/zij onthoudt zich van
                                        handelingen of gedragingen, die de integriteit kunnen
                                        schaden.</al></li><li nr="2."><al>Over externe contacten die de bestuurder en ambtenaar
                                        onderhoudt wordt actief en open verslag gedaan. Door de
                                        ambtenaar gebeurt dat in overleg met de leidinggevende. </al><lijst><li nr="a."><al>Het betreft externe zakelijke of privé contacten die
                                                voor de functie van belang (kunnen) zijn, waarbij
                                                voorkomen moet worden dat de schijn wordt gewekt dat
                                                deze verhoudingen een rol (kunnen) spelen in een
                                                gemeentelijk besluitvormingsproces. </al><lijst><li nr=""><al>Voorbeeld: Een bestuurder of ambtenaar is
                                                  persoonlijk bevriend met de eigenaar van een
                                                  bedrijf dat actief is in de bouw. Op een gegeven
                                                  moment vindt de aanbesteding plaats voor de bouw
                                                  van een nieuw gemeentehuis. Aan deze aanbesteding
                                                  doet ook het hiervoor genoemde bedrijf mee. In dit
                                                  geval is het voor de betreffende bestuurder of
                                                  ambtenaar zaak voorafgaand aan de aanbesteding te
                                                  melden dat hij/zij persoonlijk bevriend is met de
                                                  eigenaar van één van de betrokken bedrijven.
                                                  Voorkomen moet worden dat de indruk wordt gewekt
                                                  dat een besluit op niet-zakelijke gronden is
                                                  genomen.</al></li></lijst></li><li nr="b."><al>De contacten dienen gemeld te worden wanneer dat
                                                relevant kan zijn voor de besluitvorming. Een
                                                bestuurder en de gemeentesecretaris melden deze
                                                contacten aan het college van burgemeester en
                                                wethouders of zo nodig aan de gemeenteraad. Een
                                                ambtenaar meldt deze contacten aan de
                                                gemeentesecretaris en de griffier aan de raad.
                                                Zakelijke contacten die uit de aard van de functie
                                                voortvloeien, zoals bijvoorbeeld tussen
                                                bijstandsconsulenten en cliënten, behoeven niet te
                                                worden gemeld. Dat kan anders zijn als naast dit
                                                zakelijk contact ook privé-contact bestaat.</al></li><li nr="c."><al>Het melden van externe contacten gebeurt
                                                schriftelijk bij de bovengenoemde organen en persoon
                                                en op initiatief van de betrokken bestuurder of
                                                ambtenaar. Deze verplichten zich vertrouwelijk met
                                                de gemelde informatie over externe contacten om te
                                                gaan.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Belangenverstrengeling. </al><lijst><li nr=""><al>In het algemeen is het een goede zaak wanneer
                                                ambtenaren en bestuurders zich inzetten voor
                                                maatschappelijke doeleinden.</al></li><li nr="a."><al>Bij het participeren in besturen van
                                                maatschappelijke, politieke en kerkelijke
                                                organisaties moet hij/zij alert zijn op
                                                verstrengeling van belangen van de gemeente en die
                                                van de betreffende instelling. Als
                                                belangen-verstrengeling aanwezig lijkt, dient
                                                overleg plaats te vinden met zijn/haar
                                                leidinggevende.</al></li><li nr="b."><al>Afhandeling van zaken van nauwe relaties dient de
                                                ambtenaar te vermijden. In overleg met de
                                                leidinggevende moet in deze situaties de zaak waar
                                                mogelijk worden overgedragen aan een collega.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Non-discriminatie </al><lijst><li nr=""><al>Burgers en collega’s hebben recht op een
                                                professionele dienstverlening, waarbij de algemene
                                                omgangsvormen gerespecteerd worden. Elke bestuurder
                                                en ambtenaar dient in zijn taakuitoefening respect
                                                te hebben voor de eigenheid van anderen.</al></li><li nr=""><al>De ambtenaar en bestuurder zullen iedere burger en
                                                iedere collega onpartijdig en onbevooroordeeld
                                                behandelen.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Vergunningverlening. </al><lijst><li nr=""><al>De procedures en spelregels moeten voor de ambtenaar
                                                en de bestuurder helder en bekend zijn. Het gedrag
                                                van de betrokkene moet correct zijn. Het misbruik
                                                maken van bevoegdheden en machtspositie moet daarbij
                                                worden voorkomen.</al></li><li nr=""><al>De behandeling van de vergunningverlening dient zich
                                                in alle openbaarheid af te spelen en de
                                                besluitvorming dient objectief en zorgvuldig te
                                                zijn.</al></li></lijst></li><li nr="6."><al>Er is een individuele en gezamenlijke verantwoordelijkheid
                                        van bestuurders om elkaar te attenderen op afwijkend gedrag.
                                        Dit geldt ook voor ambtenaren.</al></li><li nr="7."><al>Bestuurders en ambtenaren accepteren geen gunsten in welke
                                        vorm dan ook. Zij hebben in eerste instantie een eigen
                                        verantwoordelijkheid ten aanzien van het bepalen van hun
                                        houding ten aanzien van het aanbieden van gunsten.</al></li><li nr="8."><al>Bestuurders en ambtenaren zijn altijd bereid om signalen
                                        over vermeend niet-integer bestuurlijk en ambtelijk gedrag
                                        serieus te (doen) onderzoeken.</al></li><li nr="9."><al>De burgemeester, de griffier en de gemeentesecretaris kunnen
                                        altijd worden geraadpleegd door bestuurders respectievelijk
                                        ambtenaren, maar kunnen ook zelf aandacht voor het onderwerp
                                        integriteit vragen.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Ambtseed.</titel></kop><structuurtekst><al>Integer handelen hoort voor bestuurders en ambtenaren van een
                                gemeente een vanzelfsprekendheid te zijn. In de praktijk blijkt dat
                                niet altijd het geval te zijn. Vandaar dat veel gemeenten inmiddels
                                een gedragscode hebben vastgesteld en in veel gevallen het afleggen
                                van de ambtseed of ambtsbelofte verplicht gesteld hebben.</al><al>Door een wetswijziging van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ambtenarenwet">Ambtenarenwet</extref> wordt het afleggen van een eed of
                                belofte bij aanstelling van een ambtenaar voor alle gemeenten
                                verplicht. Om deze reden is per 1 maart 2006 de <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/regelingen/Regeling-ambtseed-belofte-gemeente-Steenbergen-2006/01-03-2006">Regeling Ambtseed/- belofte van de gemeente
                                    Steenbergen</extref> van kracht.</al><al>Deze regeling houdt in dat bij een nieuwe aanstelling (bij een
                                eerste indiensttreding of bij functiewijziging van een zittende
                                medewerker, waardoor een eerdere aanstelling beëindigd wordt) de
                                betreffende ambtenaar binnen 2 maanden een uitnodiging ontvangt voor
                                het afleggen van de eed of belofte. Bij deze uitnodiging ontvangt
                                hij de Nota Integriteit gemeente Steenbergen. De ambtenaar geeft
                                zelf aan of hij de eed of belofte wil afleggen.</al><al>De eed of belofte wordt</al><lijst><li nr="•"><al>door de directie ten overstaan van de burgemeester;</al></li><li nr="•"><al>door de sectordirecteur ten overstaan van de
                                        gemeentesecretaris/algemeen directeur;</al></li><li nr="•"><al>door afdelingshoofden ten overstaan van de
                                        gemeentesecretaris/algemeen directeur;</al></li><li nr="•"><al>het overige personeel ten overstaan van het afdelingshoofd
                                        afgelegd.</al></li></lijst><al>Na het afleggen van de eed/belofte wordt in tweevoud een
                                schriftelijk exemplaar ondertekend, ter bevestiging van de mondeling
                                afgelegde eed/belofte; één exemplaar is voor het personeelsdossier
                                en één exemplaar is voor de ambtenaar zelf.</al><al>Zittend personeel, uitzendkrachten, in de gemeente Steenbergen
                                gedetacheerd personeel en stagiaires vallen niet onder de
                                verplichting van het afleggen van de eed of belofte. Omdat het van
                                belang is dat iedere medewerker zich bewust is van het
                                integriteitbeleid dat de gemeente voert, zullen genoemde medewerkers
                                in tweevoud een schriftelijke integriteitverklaring tekenen. Tevens
                                ontvangen uitzendkrachten, gedetacheerden en stagiaires de Nota
                                Integriteit.</al></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>8. SPECIFIEKE SITUATIES BESTUURDERS EN AMBTENAREN.</titel></kop><structuurtekst><al>De algemene gedragsregels uit de vorige paragraaf kunnen worden
                            gespecificeerd voor bijzondere situaties. Dit overzicht heeft echter
                            niet de pretentie volledig te zijn.</al><lijst><li nr="1."><al>Relatiegeschenken in de vorm van een stoffelijk cadeau. </al><lijst><li nr=""><al>Relatiegeschenken in de vorm van een stoffelijk cadeau
                                            van opdrachtnemers met een waarde tot € 50,00 mogen
                                            worden aangenomen. Hierbij moet bijvoorbeeld gedacht
                                            worden aan een fles wijn, agenda of kalender maar ook
                                            aan cadeaubonnen. Cadeaus die in waarde boven vijftig
                                            euro uitstijgen worden geweigerd of teruggestuurd.
                                            Cadeaus in geld mogen niet worden aangenomen. Bijzondere
                                            aandacht wordt gevraagd voor het aannemen van cadeaus
                                            tijdens onderhandelingsfases; cadeaus dienen gedurende
                                            dergelijke fases te allen tijde geweigerd te worden.
                                            Alle cadeaus, die veelal aan het einde van het jaar,
                                            door leveranciers worden gegeven, worden binnen de
                                            sector of afdeling verzameld en vervolgens verdeeld, al
                                            dan niet via loting. De gemeente Steenbergen stelt het
                                            niet op prijs dat relatiegeschenken op het privé-adres
                                            van bestuurders of medewerkers worden bezorgd; dit wordt
                                            in voorkomende gevallen kenbaar gemaakt aan de afzender.
                                            In die gevallen waarin cadeaus worden aangeboden met een
                                            waarde boven de € 50,00 wordt verwacht dat deze
                                            vriendelijk doch beslist worden geweigerd. Geadviseerd
                                            wordt een dergelijk aanbod kenbaar te maken binnen de
                                            organisatie, hetzij bij uw direct leidinggevende hetzij
                                            bij voorzitter of secretaris van het bestuursorgaan
                                            waarvan men deel uitmaakt.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Geschenken met een symbolisch of ceremonieel karakter. </al><lijst><li nr=""><al>Het aannemen van geschenken met louter een
                                            symboolfunctie (bloemen ter verwelkoming, een fles wijn
                                            als dank) of met een ceremonieel karakter (bijvoorbeeld
                                            het in ontvangst nemen van een rapport, het aanbieden
                                            van een eerste boek etc.) is toegestaan wanneer dit
                                            louter in relatie staat tot het gepresteerde (het houden
                                            van een lezing, het verrichten van een opening).</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Relatiegeschenken in de vorm van uitnodigingen voor evenementen. </al><lijst><li nr=""><al>Naast stoffelijke cadeaus worden ook relatiegeschenken
                                            aangeboden in de vorm van uitnodigingen voor
                                            evenementen. Hierbij moet gedacht worden aan het
                                            bijwonen van een voetbalwedstrijd, tennistoernooi,
                                            musical, tentoonstelling e.d. Een dergelijke uitnodiging
                                            kan bijdragen tot vergroting van het
                                            relatienetwerk.</al></li><li nr=""><al>Voor deelname of het ingaan op een uitnodiging die
                                            betrekking heeft op een evenement dient de ambtenaar een
                                            verzoek in bij zijn/haar leidinggevende. De
                                            gemeentesecretaris dient het verzoek in bij het college
                                            en de griffier bij de burgemeester. Afhankelijk van de
                                            relatie die met de betreffende leverancier bestaat wordt
                                            bepaald of op de uitnodiging kan worden ingegaan.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Lunchbespreking, etentje. </al><lijst><li nr=""><al>Etentjes met particulieren, instellingen en bedrijven
                                            worden zoveel mogelijk beperkt. Soms is het
                                            onvermijdelijk, bijvoorbeeld om op korte termijn een
                                            bespreking te kunnen beleggen. Soms hoort het er gewoon
                                            bij. Is het etentje noodzakelijk of gewenst, dan is
                                            uitgangspunt dat de gemeente de kosten daarvan betaalt.
                                            Als er nog onderhandelingen lopen wordt uiterste
                                            terughoudendheid betracht. In dat geval wordt overlegd
                                            met een collega-bestuurder of de leidinggevende. De
                                            gemeentesecretaris overlegt met het college en de
                                            griffier met de burgemeester.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Binnen- en buitenlandse reizen van raadsleden of commissieleden. </al><lijst><li nr=""><al>Aanvaarde uitnodigingen worden ter kennis gebracht van
                                            de griffier. Hij informeert de raad c.q. de betreffende
                                            commissie. Per geval zal de afweging moeten worden
                                            gemaakt of deelname verantwoord is met het oog op de
                                            betrouwbaarheid en integriteit van de gemeente
                                            Steenbergen.</al></li></lijst></li><li nr="6."><al>Binnen- en buitenlandse reizen van collegeleden. </al><lijst><li nr=""><al>Uitnodigingen voor binnen- en buitenlandse reizen en
                                            excursies aan burgemeester en wethouders worden vermeld
                                            op de agenda voor vergaderingen van het college van
                                            burgemeester en wethouders. Ook hier zal per geval een
                                            afweging worden gemaakt of deelname verantwoord is met
                                            het oog op de betrouwbaarheid en integriteit van de
                                            gemeente. In de vergadering van het college worden
                                            afspraken gemaakt of een collegelid en zo ja wie, waar
                                            naar toegaat. Deze afspraken worden op de besluitenlijst
                                            vermeld.</al></li></lijst></li><li nr="7."><al>Binnen- en buitenlandse reizen van ambtenaren. </al><lijst><li nr="a."><al>Binnenlandse reizen en excursies op uitnodiging zijn
                                            toegestaan wanneer er een gemeentelijk belang mee
                                            gediend is. Voorafgaande toestemming van het sectorhoofd
                                            of – voor sectorhoofden en medewerkers van de
                                            stafafdeling – de gemeentesecretaris is nodig.</al></li><li nr="b."><al>Bij buitenlandse reizen en excursies wordt gehandeld als
                                            onder a. met dien verstande dat voorafgaande toestemming
                                            van de gemeente-secretaris vereist is. De
                                            gemeentesecretaris vraagt toestemming aan het
                                            college.</al></li></lijst></li><li nr="8."><al>Nevenfuncties. </al><lijst><li nr=""><al>Een nevenfunctie is elke functie die een bestuurder of
                                            ambtenaar naast zijn hoofdfunctie uitoefent, hetzij uit
                                            hoofde van zijn beroep hetzij als hobby. Het betreft dus
                                            betaalde en onbetaalde functies in zowel het
                                            bedrijfsleven (commissaris van een bedrijf) als in het
                                            maatschappelijk leven (bestuurslid van een
                                            sportvereniging). Onderscheid tussen vrije tijd en
                                            diensttijd dient niet te worden gemaakt. Dat geldt niet
                                            alleen voor nevenfuncties, maar ook voor het ingaan op
                                            uitnodigingen voor reisjes, excursies e.d.</al></li><li nr=""><al>Bestuurders vervullen geen nevenfuncties waarbij
                                            strijdigheid is of kan zijn met het belang van de
                                            gemeente. Een bestuurder maakt melding van al zijn/haar
                                            nevenfuncties waarbij tevens wordt aangegeven of de
                                            functie wel of niet bezoldigd is. Nevenfuncties van
                                            bestuurders worden jaarlijks in de maand mei openbaar
                                            gemaakt door middel van ter inzage legging. De
                                            bestuurder geniet géén vergoeding voor werkzaamheden,
                                            verricht in nevenfuncties uit hoofde van het ambt.
                                            Ontvangen inkomsten worden in de gemeentekas
                                            gestort.</al></li><li nr=""><al>Ambtenaren doen aan het college van burgemeester en
                                            wethouders opgave van de nevenwerkzaamheden die hij of
                                            zij verricht of voornemens is te gaan verrichten die de
                                            belangen van de dienst kunnen raken. Daarvan wordt een
                                            registratie gevoerd. Ambtenaren vervullen geen
                                            nevenwerkzaamheden waardoor de goede uitoefening van
                                            zijn of haar functie of de goede functionering van de
                                            openbare dienst niet in redelijkheid zou zijn verzekerd.
                                            Een en ander is geregeld in de Collectieve
                                            arbeidsvoorwaardenregeling (CAR)</al></li></lijst></li><li nr="9."><al>Declaraties. </al><lijst><li nr=""><al>De declaraties van de raads- en commissieleden, de
                                            burgemeester en de wethouders, worden beoordeeld door de
                                            gemeentesecretaris. Declaraties van ambtenaren worden
                                            door het betreffende sectorhoofd beoordeeld en die van
                                            de sectorhoofden door de gemeentesecretaris. De
                                            declaraties van laatstgenoemde en die van de griffier
                                            worden beoordeeld door de burgemeester. Bestuurders
                                            declareren geen kosten die reeds op andere wijze worden
                                            vergoed. Bij elke declaratie wordt een betalingsbewijs
                                            gevoegd en wordt melding gemaakt van de functionaliteit
                                            van de uitgave. Gemaakte kosten worden zo mogelijk
                                            binnen een maand, maar in elk geval binnen twee maanden
                                            gedeclareerd.</al></li></lijst></li><li nr="10."><al>Inkoop van goederen. </al><lijst><li nr=""><al>Ambtenaren die belast zijn met de inkoop mogen geen
                                            korting accepteren voor de aanschaf van privé goederen.
                                            Het bestellen van materialen voor privé-doeleinden via
                                            de gemeente is niet toegestaan, tenzij er een regeling
                                            voor is getroffen.</al></li></lijst></li><li nr="11."><al>Gebruik van gemeentelijke materialen en tijd </al><lijst><li nr=""><al>Het is toegestaan om voor privé-doeleinden een enkele
                                            keer een kopietje te maken. Zijn meerdere kopieën nodig,
                                            dan kan dit door de medewerkers van de afdeling
                                            Facilitaire Zaken worden verzorgd. De daaraan verbonden
                                            kosten worden in rekening gebracht. Hetzelfde geldt ook
                                            bij andere zaken, zoals het voeren van
                                            privé-telefoongesprekken, het gebruik van
                                            e-mailfaciliteiten en de toegang tot het Internet. Een
                                            enkel en kort privé-telefoontje of e-mailtje of bezoekje
                                            aan het Internet onder het werk mag natuurlijk best.
                                            Maar het regelmatig voeren van uitgebreide
                                            telefoongesprekken, surfen op het Internet of
                                            e-mail-correspondentie kan en mag niet. Verder beschikt
                                            de gemeente over bepaalde materialen, waarvan het handig
                                            kan zijn als men die voor korte tijd kan lenen voor
                                            privé gebruik. Veelal is daar geen enkel bezwaar tegen.
                                            In alle gevallen geldt dat hiervoor tevoren toestemming
                                            wordt gevraagd van de voor die materialen
                                            verantwoordelijke ambtenaar of afdelingschef. Bedenk in
                                            alle gevallen steeds dat werktijd in principe alleen
                                            voor werk is bestemd en niet voor allerhande
                                            privé-activiteiten. Het meenemen van verbruiksgoederen,
                                            zoals kantoorartikelen, melk en suiker, toiletrollen en
                                            schoonmaakartikelen, behoort tot de categorie van zaken
                                            die absoluut niet zijn toegestaan.</al></li></lijst></li><li nr="12."><al>Uit- en aanbesteden. </al><lijst><li nr=""><al>Bedrijven die op enigerlei wijze betrokken zijn geweest
                                            bij de opdrachtformulering worden niet in de gelegenheid
                                            gesteld een offerte uit te brengen; hiermee wordt beoogd
                                            te voorkomen dat het betreffende bedrijf feitelijk het
                                            eigen bestek heeft mogen schrijven.</al></li><li nr=""><al>Geen opdracht wordt verstrekt op grond van persoonlijke
                                            belangen van de bestuurder of diens familie of vrienden
                                            danwel als gevolg van beïnvloeding door het aanbieden
                                            van diensten of geschenken. Als een bestuurder familie-
                                            of vriendschapsbetrekkingen heeft met een
                                            aanbieder/inschrijver meldt hij of zij dit voordat
                                            besluitvorming over de aanbesteding van werken, diensten
                                            of leveringen aan deze aanbieder/inschrijver
                                            plaatsvindt, in het college.</al></li></lijst></li><li nr="13."><al>Omgaan met (vertrouwelijke) gegevens. </al><lijst><li nr=""><al>Van gegevens dient de bestuurder of ambtenaar het geheim
                                            te bewaren wanneer hij/zij weet of kan vermoeden dat
                                            kennisneming van die gegevens door onbevoegden:</al></li><li nr="•"><al>ernstige schade of nadeel aan het belang van de gemeente
                                            kan veroorzaken;</al></li><li nr="•"><al>uit beleidsoverwegingen ongewenst moet worden
                                            geacht;</al></li><li nr="•"><al>de privacy van personen zou kunnen schaden.</al></li><li nr=""><al>Waardevolle zaken, vertrouwelijke stukken en
                                            informatiedragers moeten onbereikbaar voor onbevoegden
                                            worden bewaard. Telefonisch wordt geen informatie
                                            betreffende cliënten aan derden verstrekt. Algemeen
                                            geldt dat de organisatie niet in diskrediet mag worden
                                            gebracht. Het bewust (laten) uitlekken van informatie
                                            behoort achterwege te blijven.</al></li></lijst></li><li nr="14."><al>Omgaan met de pers. </al><lijst><li nr=""><al>Uitgangspunt is dat primair de betreffende
                                            portefeuillehouder en secundair de voorlichtster
                                            optreedt als woordvoerder voor de gemeente. Dit heeft
                                            zowel betrekking op de uitgifte van persberichten als op
                                            het beantwoorden van door de pers gestelde vragen. Zo
                                            nodig wordt de behandelend (beleids-)ambtenaar
                                            ingeschakeld. Bij politiek gevoelige kwesties vindt te
                                            allen tijde overleg plaats met de betreffende
                                            portefeuillehouder.</al></li><li nr=""><al>Een beroep op de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20Openbaarheid%20van%20Bestuur">Wet Openbaarheid van Bestuur</extref> (WOB) wordt
                                            behandeld door de gemeentesecretaris of, op diens
                                            verzoek door de afdeling Algemene en Bestuurlijke Zaken,
                                            die vervolgens advies uitbrengt aan burgemeester en
                                            wethouders terzake de besluitvorming.</al></li></lijst></li></lijst></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>9. REGELING KLOKKENLUIDERS</titel></kop><structuurtekst><al>In de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ambtenarenwet">Ambtenarenwet</extref> is voor werkgevers een verplichting
                            opgenomen tot het vaststellen van een procedure voor het omgaan met bij
                            een ambtenaar levende vermoedens van misstanden binnen de organisatie
                            waar hij/zij werkzaam is. Ook moet de ambtenaar worden beschermd na het
                            volgen van die procedure. In de wandeling wordt dit een regeling voor
                            klokkenluiders genoemd. In de CAR is inmiddels een bepaling opgenomen
                            dat een ambtenaar die misstanden aan de orde stelt, niet om die reden
                            ontslagen kan worden. De gemeente kan kiezen voor een eigen regeling dan
                            wel voor de door het LOGA vastgestelde voorbeeldregeling. Er moest voor
                            1 januari 2002 een regeling zijn vastgesteld. Aan deze verplichting is
                            voldaan bij besluit van burgemeester en wethouders d.d. 15 april 2002.
                            Dit besluit kan worden aangehaald als Regeling Klokkenluiders gemeente
                            Steenbergen 2002. In grote lijnen komt het er op neer dat een ambtenaar
                            een misstand meldt bij zijn direct leidinggevende, de naast hogere
                            leidinggevende of bij een door de gemeenteraad aangewezen
                            vertrouwenspersoon.</al><al>Daarnaast moest het college één of meer personen aanwijzen die een
                            intern Meldpunt vormt of vormen. Daartoe is aangewezen de chef van de
                            afdeling Personeel en Organisatie Het meldpunt onderzoekt de gemelde
                            misstand en adviseert burgemeester en wethouders.</al><al>De door het college vastgestelde regeling is als bijlage
                            bij deze nota gevoegd.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>10. JAARLIJKSE VERANTWOORDING.</titel></kop><structuurtekst><al>Ieder jaar dient verantwoording afgelegd te worden over het gevoerde
                            integriteitbeleid en over de naleving ervan. Daarom is besloten het
                            onderwerp integriteit jaarlijks in de Commissie Algemene Zaken te
                            behandelen. In het Burgerjaarverslag wordt ieder jaar een paragraaf aan
                            dit onderwerp gewijd.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>11. SLOT.</titel></kop><structuurtekst><al>Geprobeerd is beknopt nader inhoud te geven aan het begrip integriteit
                            en aan welke normen daaromtrent gelden voor bestuur en medewerkers van
                            de gemeente Steenbergen .</al><al>Bij integriteit gaat het meer om de geest dan de letter van de
                            regelgeving. De overheid, bestuurders en ambtenaren, behoren een geest
                            van betrouwbaarheid en onafhankelijkheid uit te dragen in spreken en
                            handelen.</al><al>Deze notitie is een bijdrage aan het levend houden van die geest. Bij
                            handelen in strijd met deze gedragsregels gelden voor ambtenaren de
                            bepalingen in de CAR. Voor bestuurders geldt dat zij door hun eigen
                            fractie dan wel de gemeenteraad als hoogste bestuursorgaan in de
                            gemeente worden aangesproken.</al><al>Er is ingespeeld op de verplichting voor de gemeente om per 1 januari
                            2002 een regeling te hebben vastgesteld voor zogenaamde
                            klokkenluiders.</al></structuurtekst></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Regeling Klokkenluiders gemeente Steenbergen</titel></kop><structuurtekst><al>Burgemeester en wethouders van de gemeente Steenbergen;</al><al>gelet op de verkregen instemming van de Ondernemingsraad d.d. 4 maart
                            2002;</al><al>mede gelet op <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Ambtenarenwet/article=125">artikel 125 van de Ambtenarenwet</extref> juncto <extref doc="http://www.car-uwo.nl/smartsite.dws?id=73940&amp;ch=CAU">artikel 15:2 van de CAR/UWO-regeling gemeente Steenbergen
                                1997</extref>,</al><al>BESLUITEN:</al><al>vast te stellen de volgende Regeling Klokkenluiders gemeente Steenbergen
                            2002</al></structuurtekst><afdeling><kop><titel>Artikel 1 Begripsbepalingen</titel></kop><structuurtekst><al>In deze regeling wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="-"><al>ambtenaar: de ambtenaar bedoeld in <extref doc="http://www.car-uwo.nl/smartsite.dws?id=73940&amp;ch=CAU">artikel 1:1, eerste lid, onderdeel a en artikel 1:2,
                                            onderdeel a, d, e en f van de CAR/UWO-regeling gemeente
                                            Steenbergen 1997</extref>;</al></li><li nr="-"><al>vertrouwenspersoon: functionaris die als zodanig binnen de
                                        gemeentelijke organisatie is aangewezen;</al></li><li nr="-"><al>meldpunt: een externe commissie of persoon die als zodanig
                                        door burgemeester en wethouders is aangewezen;</al></li><li nr="-"><al>vermoeden van een misstand: een op redelijke gronden
                                        gebaseerd vermoeden met betrekking tot de gemeentelijke
                                        organisatie waar de ambtenaar werkzaam is omtrent: </al><lijst><li nr="a."><al>een strafbaar feit;</al></li><li nr="b."><al>een schending van regelgeving of beleidsregels;</al></li><li nr="c."><al>het misleiden van justitie;</al></li><li nr="d."><al>een gevaar voor de volksgezondheid, de veiligheid of
                                                het milieu, of</al></li><li nr="e."><al>het bewust achterhouden van informatie over deze
                                                feiten.</al></li></lijst></li></lijst></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Interne procedure</titel></kop><afdeling><kop><titel>Artikel 2 Interne melding</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="1."><al>De ambtenaar die een vermoeden van een misstand wil melden,
                                        doet dit bij zijn direct leidinggevende, diens
                                        leidinggevende of de vertrouwenspersoon.</al></li><li nr="2."><al>De ambtenaar kan de vertrouwenspersoon verzoeken zijn
                                        identiteit bij burgemeester en wethouders niet bekend te
                                        maken. De ambtenaar kan dit verzoek te allen tijde
                                        herroepen.</al></li><li nr="3."><al>De leidinggevende dan wel de vertrouwenspersoon draagt er
                                        zorg voor dat burgemeester en wethouders onverwijld op de
                                        hoogte worden gesteld van een gemeld vermoeden van een
                                        misstand en van de datum waarop de melding ontvangen
                                        is.</al></li><li nr="4."><al>Naar aanleiding van de melding van een vermoeden van een
                                        misstand stellen burgemeester en wethouders onverwijld een
                                        onderzoek in.</al></li><li nr="5."><al>Burgemeester en wethouders zenden aan de ambtenaar dan wel
                                        de vertrouwenspersoon die een vermoeden van een misstand
                                        heeft gemeld, een ontvangstbevestiging. De
                                        ontvangstbevestiging bevat het gemelde vermoeden van een
                                        misstand en het moment waarop de ambtenaar het vermoeden aan
                                        de leidinggevende of de vertrouwenspersoon heeft
                                        gemeld.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Artikel 3 Standpunt</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="1."><al>Burgemeester en wethouders stellen de ambtenaar dan wel de
                                        vertrouwenspersoon, binnen zes weken schriftelijk op de
                                        hoogte van hun standpunt omtrent het gemelde vermoeden van
                                        een misstand.</al></li><li nr="2."><al>Indien het standpunt niet binnen zes weken kan worden
                                        gegeven, kunnen burgemeester en wethouders de afhandeling
                                        voor ten hoogste vier weken verdagen. Burgemeester en
                                        wethouders stellen de ambtenaar dan wel de
                                        vertrouwenspersoon hiervan schriftelijk in kennis.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>Externe procedure</titel></kop><afdeling><kop><titel>Artikel 4 Het Meldpunt</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="1."><al>Burgemeester en wethouders wijzen een of meer personen aan
                                        die het meldpunt vormt of vormen.</al></li><li nr="2."><al>Het meldpunt heeft tot taak een door de ambtenaar gemeld
                                        vermoeden van een misstand te onderzoeken en burgemeester en
                                        wethouders daaromtrent te adviseren.</al></li><li nr="3."><al>Indien het meldpunt uit meerdere personen bestaat, is dit
                                        altijd een oneven aantal, inclusief de voorzitter. Tevens
                                        kunnen in dat geval een secretaris, een plaatsvervangend
                                        voorzitter en andere plaatsvervangende leden worden benoemd.
                                        Zij beslissen bij gewone meerderheid van stemmen.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Artikel 5 Melding bij het meldpunt</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="1."><al>De ambtenaar kan het vermoeden van een misstand binnen
                                        redelijke termijn melden bij het meldpunt, indien: </al><lijst><li nr="a."><al>hij het niet eens is met het standpunt bedoeld in
                                                  <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-standpunt">artikel 3</extref>;</al></li><li nr="b."><al>hij geen standpunt ontvangen heeft binnen de
                                                termijnen bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-standpunt">artikel 3</extref>.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De ambtenaar kan het meldpunt verzoeken zijn identiteit niet
                                        bekend te maken. Hij kan dit verzoek te allen tijde
                                        herroepen.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Artikel 6 Ontvangstbevestiging en onderzoek</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="1."><al>Het meldpunt bevestigt de ontvangst van een melding van een
                                        vermoeden van een misstand aan de ambtenaar die het
                                        vermoeden heeft gemeld en stelt burgemeester en wethouders
                                        op de hoogte van de melding.</al></li><li nr="2."><al>Indien het meldpunt dit voor de uitoefening van zijn taak
                                        noodzakelijk acht, stelt het een onderzoek in.</al></li><li nr="3."><al>Ten behoeve van het onderzoek omtrent een melding van een
                                        vermoeden van een misstand is het meldpunt bevoegd bij
                                        burgemeester en wethouders alle inlichtingen in te winnen
                                        die het voor de vorming van zijn advies nodig acht.
                                        Burgemeester en wethouders verschaffen het meldpunt de
                                        gevraagde inlichtingen.</al></li><li nr="4."><al>Het meldpunt kan het onderzoek of gedeelten daarvan opdragen
                                        aan één van de leden of een deskundige.</al></li><li nr="5."><al>Wanneer de inhoud van bepaalde door burgemeester wethouders
                                        verstrekte informatie vanwege het vertrouwelijke karakter
                                        uitsluitend ter kennisneming van het meldpunt dient te
                                        blijven, wordt dit aan het meldpunt meegedeeld. Het meldpunt
                                        beveiligt informatie met een vertrouwelijk karakter tegen
                                        kennisneming door onbevoegden.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Artikel 7 Niet ontvankelijkheid</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="1."><al>Het meldpunt verklaart de melding niet ontvankelijk indien: </al><lijst><li nr="a."><al>de misstand niet van voldoende gewicht is;</al></li><li nr="b."><al>de ambtenaar de procedure bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-2-interne-melding">artikel 2</extref> niet heeft gevolgd, of</al></li><li nr="c."><al>de ambtenaar de procedure bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-2-interne-melding">artikel 2</extref> wel heeft gevolgd, maar de
                                                termijnen bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-standpunt">artikel 3</extref> nog niet zijn verstreken.</al></li><li nr="d."><al>de melding niet binnen redelijke termijn is
                                                geschied.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het meldpunt stelt burgemeester en wethouders op de hoogte
                                        van de niet-ontvankelijkheid</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Artikel 8 Inhoudelijk advies van het meldpunt</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="1."><al>Indien het gemelde vermoeden van een misstand ontvankelijk
                                        is, legt het meldpunt binnen zes weken zijn bevindingen
                                        omtrent de melding van een vermoeden van een misstand neer
                                        in een advies aan burgemeester en wethouders. Het meldpunt
                                        zendt een afschrift van het advies aan de ambtenaar met
                                        inachtneming van het eventueel vertrouwelijke karakter van
                                        de aan het meldpunt verstrekte informatie.</al></li><li nr="2."><al>Indien het advies niet binnen zes weken kan worden gegeven,
                                        wordt de termijn door het meldpunt met ten hoogste vier
                                        weken verlengd. Het meldpunt stelt burgemeester en
                                        wethouders alsmede de ambtenaar daarvan schriftelijk in
                                        kennis.</al></li><li nr="3."><al>Het advies wordt in geanonimiseerde vorm en met inachtneming
                                        van het eventueel vertrouwelijke karakter van aan het
                                        meldpunt verstrekte informatie en de terzake geldende
                                        wettelijke bepalingen openbaar gemaakt op een wijze die het
                                        meldpunt geëigend acht, tenzij zwaarwegende belangen zich
                                        daartegen verzetten.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Artikel 9 Nader standpunt</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="1."><al>Burgemeester en wethouders stellen binnen twee weken na
                                        ontvangst van het advies bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-8-inhoudelijk-advies-van-het-meldpunt">artikel 8</extref>, de ambtenaar alsmede het meldpunt,
                                        schriftelijk op de hoogte van hun nader standpunt.</al></li><li nr="2."><al>Aan de ambtenaar die het meldpunt heeft verzocht zijn
                                        identiteit niet bekend te maken geschiedt de berichtgeving
                                        van het nader standpunt via het meldpunt.</al></li><li nr="3."><al>Een van het advies afwijkend nader standpunt wordt
                                        gemotiveerd.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Artikel 10 Jaarverslag</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="1."><al>jaarlijks wordt door het meldpunt een verslag
                                        opgemaakt.</al></li><li nr="2."><al>In dat verslag wordt in geanonimiseerde zin en met
                                        inachtneming van de terzake geldende wettelijke bepalingen
                                        gemeld: </al><lijst><li nr="a."><al>het aantal en de aard van de meldingen van een
                                                vermoeden van een misstand;</al></li><li nr="b."><al>het aantal meldingen dat niet tot een onderzoek
                                                geleid heeft;</al></li><li nr="c."><al>het aantal onderzoeken die het meldpunt heeft
                                                verricht, en</al></li><li nr="d."><al>het aantal adviezen en de aard van de adviezen die
                                                het meldpunt heeft uitgebracht.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Dit jaarverslag wordt aan de gemeenteraad en de
                                        Ondernemingsraad gestuurd en openbaar gemaakt.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Slotbepaling</titel></kop><structuurtekst><al/></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Artikel 11 Inwerkingtreding</titel></kop><structuurtekst><al>Deze regeling kan worden aangehaald als Regeling Klokkenluiders
                                gemeente Steenbergen 2002 en treedt in werking op de dag volgende op
                                die waarop zij bekend gemaakt is.</al><al>Steenbergen, 15 april 2002</al><al>Burgemeester en wethouders voornoemd,</al><al>De secretaris, De burgemeester,</al></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk></regeling-tekst></regeling></body></cvdr>