<lvbbu:Consolidaties schemaversie="1.2.0" xmlns:map="http://marklogic.com/xdmp/map" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xs="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:lvbbu="https://standaarden.overheid.nl/lvbb/stop/uitlevering/">
  <lvbbu:Consolidatie>
    <consolidatie:ConsolidatieIdentificatie xmlns:consolidatie="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/consolidatie/">
      <consolidatie:FRBRWork>/akn/nl/act/gemeente/2024/CVDR725214</consolidatie:FRBRWork>
      <consolidatie:soortWork>/join/id/stop/work_006</consolidatie:soortWork>
      <consolidatie:isConsolidatieVan>
	<consolidatie:WorkIdentificatie>
	  <consolidatie:FRBRWork>/akn/nl/act/gm0482/2024/ProgrammaPoortNoord</consolidatie:FRBRWork>
	  <consolidatie:soortWork>/join/id/stop/work_019</consolidatie:soortWork>
	</consolidatie:WorkIdentificatie>
      </consolidatie:isConsolidatieVan>
    </consolidatie:ConsolidatieIdentificatie>
    <consolidatie:Toestanden xmlns:consolidatie="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/consolidatie/">
      <consolidatie:bekendOp>2024-10-04</consolidatie:bekendOp>
      <consolidatie:ontvangenOp>2024-10-04</consolidatie:ontvangenOp>
      <consolidatie:BekendeToestand>
	<consolidatie:FRBRExpression>/akn/nl/act/gemeente/2024/CVDR725214/nld@2024-10-04</consolidatie:FRBRExpression>
	<consolidatie:gerealiseerdeDoelen>
	  <consolidatie:doel>/join/id/proces/gm0482/2024/Programma01</consolidatie:doel>
	</consolidatie:gerealiseerdeDoelen>
	<consolidatie:geldigheid>
	  <consolidatie:Geldigheidsperiode>
	    <consolidatie:juridischWerkendOp>
	      <consolidatie:Periode>
		<consolidatie:vanaf>2024-10-04</consolidatie:vanaf>
	      </consolidatie:Periode>
	    </consolidatie:juridischWerkendOp>
	    <consolidatie:geldigOp>
	      <consolidatie:Periode>
		<consolidatie:vanaf>2024-10-04</consolidatie:vanaf>
	      </consolidatie:Periode>
	    </consolidatie:geldigOp>
	  </consolidatie:Geldigheidsperiode>
	</consolidatie:geldigheid>
	<consolidatie:instrumentVersie>/akn/nl/act/gm0482/2024/ProgrammaPoortNoord/nld@2024-10-04</consolidatie:instrumentVersie>
      </consolidatie:BekendeToestand>
    </consolidatie:Toestanden>
    <lvbbu:RegelingVersie schemaversie="1.2.0">
      <data:ExpressionIdentificatie xmlns:data="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/data/">
	<data:FRBRWork>/akn/nl/act/gm0482/2024/ProgrammaPoortNoord</data:FRBRWork>
	<data:FRBRExpression>/akn/nl/act/gm0482/2024/ProgrammaPoortNoord/nld@2024-10-04</data:FRBRExpression>
	<data:soortWork>/join/id/stop/work_019</data:soortWork>
      </data:ExpressionIdentificatie>
      <data:RegelingVersieMetadata xmlns:data="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/data/">
	<data:versienummer>1</data:versienummer>
      </data:RegelingVersieMetadata>
      <tekst:RegelingVrijetekst xmlns:tekst="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/tekst/">
	<tekst:RegelingOpschrift eId="longTitle" wId="longTitle">
	  <tekst:Al>Omgevingsprogramma Poort aan de Noord</tekst:Al>
	</tekst:RegelingOpschrift>
	<tekst:Lichaam eId="body" wId="body">
	  <tekst:Divisie eId="div_1" wId="gm0482_1-0__div_1">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Opschrift>Woord vooraf</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_1__content_1" wId="gm0482_1-0__div_1__content_1">
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het College heeft van de gemeenteraad de opdracht gekregen
										voor <tekst:IntIoRef eId="div_1__content_1__ref_o_1" wId="gm0482_1-0__div_1__content_1__ref_o_1" ref="gm0482_1-0__cmp_I__content_o_1__list_o_1__item_o_1__ref_o_1">het gebied Poort aan de Noord</tekst:IntIoRef> een
										samenhangende gebiedsvisie op te stellen. Deze heeft de vorm
										gekregen van een omgevingsprogramma onder de
										Omgevingswet.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Als horizon voor deze gebiedsvisie en programma Poort aan de
										Noord is 2035-2040 aangehouden. Dat betekent dat een
										doorkijk over een periode van meer dan 10 jaar wordt
										gegeven. De inzet voor woningbouw en bedrijventerreinen
										zullen, zeker wat betreft de verder liggende jaren, als
										indicatief moeten worden gezien.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Hiermee wordt ook ingespeeld op de thans in gang gezette
										discussie over actualisering Hoog Water Beschermings
										Programma (HBWP) en de Nationale en Provinciale
										Omgevingsvisie (NOVI, resp. POVI). Uiteraard speelt op
										Alblasserdams niveau daarbij de opstelling van de
										gemeentelijke Omgevingsvisie, die logisch en passend is voor
										de gebiedsvisie Poort aan de Noord .</tekst:Al>
		<tekst:Al>Gekozen is voor een beschrijving van de ontwikkelingen die
										specifiek is gericht op het bij raadsbesluit aangewezen
										gebied, waarbij de aanwezige toekomstige ontwikkelpotenties
										van de omliggende gebieden en kwaliteiten van het gebied
										zelf uitgangspunten vormen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In deze gebiedsvisie, die in formele zin een programma is in
										het kader van de Omgevingswet, is gekozen voor een zo
										heldere en bondige rapportage.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De visie heeft overigens geen grootschalige megalomane
										ontwikkelingen als inhoud, maar heeft eerder gekozen voor
										het geven van een samenhangend antwoord op ontwikkelingen,
										die zich reeds hebben aangekondigd of in de nabije toekomst
										te verwachten zijn, met name op het gebied van de
										mobiliteit.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In deze visie vindt u een analyse van het gebied, dat ook
										aansluit bij andere in opdracht van de gemeente opgestelde
										analyses en onderbouwingen. Hiervoor wordt verwezen naar de
										visies en rapportages die o.a. opgesteld zijn voor de
										Omgevingsvisie Alblasserdam en ook bouwstenen voor deze nota
										vormen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>We willen daarbij ook met nadruk wijzen op het hoofdstuk
										maatschappelijke uitvoerbaarheid, dat aan de ene kant de
										opgave van uitvoering van een meerjarige visie aangeeft en
										anderzijds de daarmee gepaard gaan de realisatiekansen
										inclusief financi&#235;n bespreekt.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	  </tekst:Divisie>
	  <tekst:Divisie eId="div_2" wId="gm0482_1-0__div_2">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Nummer>1.</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Inleiding</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_2__content_1" wId="gm0482_1-0__div_2__content_1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Status en besluitvorming</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit ontwerp heeft de status van een richtinggevend eindbeeld
										en geldt als een programma, conform de Omgevingswet. Dit
										laatste betekent dat het college van B&amp;W het (wettelijk
										bepaald) besluitvormend orgaan is.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De structuurschets betreft een globaal eindbeeld per
										2035-2040. De essentie van dat eindbeeld is dat de gemeente
										Alblasserdam daarmee een focus krijgt hoe om te gaan met de
										ontwikkelingen in <tekst:IntIoRef eId="div_2__content_1__ref_o_2" wId="gm0482_1-0__div_2__content_1__ref_o_2" ref="gm0482_1-0__cmp_I__content_o_1__list_o_1__item_o_1__ref_o_1">het gebied Poort aan de Noord</tekst:IntIoRef> en hoe dat
										gebied ten dienste kan staan van de op ons af komende
										maatschappelijke ontwikkelingen, zoals, gebrek aan ruimte
										voor wonen en werken, noodzaak tot meervoudig ruimtegebruik,
										mobiliteitstransitie, waterveiligheid, etc.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Daarmee wordt bewust gekozen voor een focus, waarbij de
										volgtijdigheid van de genoemde en op ons afkomende projecten
										niet vaststaan. Dat ze zich zullen aandienen (dan wel reeds
										aangediend hebben) staat buiten kijf. Alblasserdam wil
										daarmee dus voorkomen, dat op projectniveau besluiten worden
										genomen, die suboptimaal uitpakken voor het gebied als
										geheel. Daarmee wordt ook voorkomen dat we &#x201c;pennywise and
										poundfoolish&#x201d; worden (vrij vertaald: &#x201c;gek op centen, terwijl
										je de euro&#x2019;s veronachtzaamd&#x201d;).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Deze gebiedsvisie en programma is zelfbindend. Dit betekent
										dat het alleen het College zelf bindt, waarbij het er ook op
										gericht is om burgers en bedrijven te stimuleren om die
										dingen te doen, die helpen om de doelstellingen te halen. Er
										is echter geen sprake van direct toezicht of handhaving op
										dit programma.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het programma levert de titel voor vestiging of verlenging
										van het voorkeursrecht gemeenten bij verkoop van grond. Met
										het opnemen van de betreffende wet (Wet voorkeursrecht
										gemeenten) in de Omgevingswet, wordt ook de verlenging van
										het voorkeursrecht voor de kavels aan de Ruigenhil
										geborgd.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De gemeenteraad is goed betrokken en heeft wensen en
										bedenkingen kunnen geven. Tevens heeft de gebiedsvisie ter
										inzage gelegen voor zienswijzen vanuit de bevokiing. Deze
										zijn verwerkt in het voorliggende ontwerp. Ook zijn er
										informatieavonden voor bewoners en ondernemers gehouden. De
										resultaten hiervan hebben eveneens hun beslag gekregen in
										het ontwerp.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Er staat geen beroep open tegen de vaststelling van deze
										visie en programma. Wel staat het de gemeenteraad vrij aan
										de hand hiervan het college van B&amp;W om verantwoording te
										vragen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_2__content_2" wId="gm0482_1-0__div_2__content_2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Opgave</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In de afgelopen decennia is het Alblasserdam een uitloper
										geworden van de Drechtsteden met een relatief hoge dichtheid
										van bebouwing en verkeerswegen die heel bepalend zijn
										geworden voor de bereikbaarheid van het dorp. Deze regionale
										context vormt samen met de nabijheid van de groene polder en
										het behoud van de (ook sociaal-culturele) kwaliteit van
										Alblasserdam, de belangrijkste ontwerpopgave voor de
										integrale gebiedsvisie Poort aan de Noord</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het gebied Poort aan de Noord zelf heeft een regionale
										betekenis, omdat, de naam zegt het al, het gebied eigenlijk
										de toegang vormt tot de zuidelijke randstad en de
										Drechtsteden. Daarnaast vormt het gebied ook de toegang tot
										Unesco Werelderfgoed Kinderdijk. Dit uit zich in een
										samenkomst van grote infrastructurele werken (tunnel, brug),
										een hoge milieugebruiksruimte van nabijgelegen
										bedrijventerreinen, de A15 en de snelle fietsverbinding F15
										(langs de A15), de regionale en interlokale busverbindingen,
										etc.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In de regio Drechtsteden zijn verschillende ambities
										geformuleerd met betrekking tot bereikbaarheid,
										leefbaarheid, en mobiliteit. De hoofdopgaven uit de
										Gebiedsagenda 2021 betreffen het knelpunt A15, het
										optimaliseren van gebruik van alternatieve en duurzame
										wijzen van vervoer, locatiekeuze van extra woningbouw en
										bedrijvigheid maximaal in de directe nabijheid van
										knooppunten, aanpak van knelpunten van vrachtverkeer op
										leefbaarheid en veiligheid. Er worden mitigerende
										maatregelen genomen om de bereikbaarheid en
										verkeersdoorstroming op peil te houden. Daarnaast streeft de
										regio naar een zorgeloze mobiliteit, voor alles en iedereen
										in 2050. Maatregelen, als onderdeel van de verschillende
										mobiliteitsopgaven uit de gebiedsagenda, komen hierin
										terug.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het door de gemeenteraad gedefinieerde gebied Poort aan de
										Noord heeft vooral mobiliteitskernmerken. Daarmee wordt voor
										het gehele gebied gekozen voor een functie als
										mobiliteitshub. Maar wat is een mobiliteitshub? Omdat
										inmiddels de betekenis van mobiliteitshub verbreed is, zo
										niet soms een containerbegrip is geworden, kiezen we voor
										een brede definitie.</tekst:Al>
		<tekst:Al>We beschouwen een mobiliteitshub als een centrale locatie,
										waar verschillende vormen van vervoer samenkomen. Het is een
										plek waar reizigers kunnen overstappen tussen verschillende
										vervoerswijzen. In Alblasserdam gaat het dan om bussen,
										doelgroepenvervoer, fietsen, auto&#x2019;s van toeristen, forensen
										en bedrijven, en elektrische (deel)scooters of fietsen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De uitdaging is het zoeken en vinden van oplossingen om
										geformuleerde doelen (identiteit, samenhang en duurzaamheid)
										binnen de locatie Poort aan de Noord te passen voor het dorp
										Alblasserdam binnen de best wel grootschalige
										mobiliteitstransitie van de komende 10-15 jaar.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Hierbij wordt afgestemd met andere betrokken
										overheidspartijen als provincie, waterschap en
										Rijkswaterstaat en de regio. Tevens zijn er belangen van
										private partijen (w.o. ondernemingen en de eigenaren van de
										kavels aan de Ruigenhil) in het geding. Bij de
										concretisering van de in deze visie opgenomen projecten
										wordt dan ook een beroep gedaan op substanti&#235;le medewerking
										van onze medeoverheden en de private partners.</tekst:Al>
		<tekst:Figuur eId="div_2__content_2__img_o_1" wId="gm0482_1-0__div_2__content_2__img_o_1">
		  <tekst:Titel>Plangebied - Opgave</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="Plangebied_Opgave.jpeg" formaat="image/jpeg" breedte="875" hoogte="680" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  <tekst:Bijschrift locatie="onder"/>
		</tekst:Figuur>
		<tekst:Al>Belangrijke noties daarbij zijn:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst eId="div_2__content_2__list_o_1" wId="gm0482_1-0__div_2__content_2__list_o_1" type="ongemarkeerd">
		  <tekst:Li eId="div_2__content_2__list_o_1__item_a" wId="gm0482_1-0__div_2__content_2__list_o_1__item_a">
		    <tekst:Al>Er wordt een eindbeeld geschetst op basis van een
												analyse. De analyse heeft het perspectief van de
												bereikbaarheid voor de reiziger naar haar en/of zijn
												einddoel: korte verplaatstingstijd, sociaal veilig,
												verkeersveilig.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_2__content_2__list_o_1__item_b" wId="gm0482_1-0__div_2__content_2__list_o_1__item_b">
		    <tekst:Al>Daarbij past ook dat er geen rechte weg is naar het
												eindbeeld. Deze zal altijd via suboptimale zijwegen
												weer naar de hoofdweg moeten leiden.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_2__content_2__list_o_1__item_c" wId="gm0482_1-0__div_2__content_2__list_o_1__item_c">
		    <tekst:Al>Voorbeeld hiervan is bijvoorbeeld het huidige
												voorstel voor het transferium onder de brug. In de
												startfase (thans) is het voorstel om deze op
												maaiveldniveau te realiseren. Dat is een tijdelijke
												oplossing met relatief lichte constructies, die
												aansluit op de maatschappelijke behoefte van
												terugdringing toeristisch autoverkeer op de dijk
												richting Kinderdijk. Zoals eerder reeds gemeld is de
												definitieve situatie vooral afhankelijk van de
												gewenste benodigde maatregelen in het kader van HWBP
												en het renovatie onderhoud van de brug als
												rijksmonument.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_2__content_2__list_o_1__item_d" wId="gm0482_1-0__div_2__content_2__list_o_1__item_d">
		    <tekst:Al>Tegelijkertijd betekent dat ook dat we kiezen voor
												een zo direct mogelijk organiseren van de
												verschillende aspecten van de mobiliteitshub:
												deelparkeren, zo snel mogelijk komen tot afspraken
												over verbinding OV, vervoerrelatie met Kinderdijk
												goed vormgeven, etc.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_2__content_2__list_o_1__item_e" wId="gm0482_1-0__div_2__content_2__list_o_1__item_e">
		    <tekst:Al>De Truckparking staat in zijn aard (vrachtwagens)
												los van de mobiliteitshub en wordt als een separaat
												project in het vele honderden meters lange gebied
												van Poort aan de Noord op de meest gewenste plaats
												langs de rijksweg gesitueerd, aan de oostkant nabij
												de af- en toerit.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_2__content_2__list_o_1__item_f" wId="gm0482_1-0__div_2__content_2__list_o_1__item_f">
		    <tekst:Al>De fasering van de realisatiues in de toekomst is op
												diy moment niet in jaargangen te duiden. We schetsen
												in deze fase een eindbeeld als visie en programma
												waarop gestuurd kan worden.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>Het op hoofdlijnen sturen van en richting geven aan de
										integrale ontwikkeling van <tekst:IntIoRef eId="div_2__content_2__ref_o_3" wId="gm0482_1-0__div_2__content_2__ref_o_3" ref="gm0482_1-0__cmp_I__content_o_1__list_o_1__item_o_1__ref_o_1">het gebied Poort aan de Noord</tekst:IntIoRef> in
										Alblasserdam, waarbij het oplossen van samenhangende
										ruimtelijke vraagstukken, in het licht van met name
										toenemende, deels regionale mobiliteitsvraagstukken met een
										ruimteclaim, moeten leiden tot dusdanige ruimtelijke
										kwaliteiten, dat daarmee het relatief hoogwaardig leefmilieu
										van Alblasserdam wordt gediend, nu en op termijn.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_2__content_3" wId="gm0482_1-0__div_2__content_3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Werk in uitvoering</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Om bij te dragen aan het bereikbaar houden van Alblasserdam
										zijn het collegeprogramma en de regionale Groeiagenda
										duurzame bereikbaarheid van Alblasserdam en de regio, heden
										en in de toekomst, belangrijke documenten.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Letterlijk staat in het coalitieprogramma 2022-2026: &#x2018;Als we
										niets doen slibben de wegen in ons dorp, tijdens de
										spitsuren, de komende jaren nog verder dicht. Samen met
										ondernemers en overige overheden gaan we anders nadenken
										over vervoer en mobiliteit. We stimuleren het gebruik van
										alternatieven voor de auto en vergroten de fietsveiligheid
										in het dorp. In samenwerking met onder andere de gemeente
										Molenlanden maken we werk van een goed openbaar vervoer
										netwerk. Het transferium bij de A15 gaat een deel van het
										verkeer op de dijk voorkomen. Wij starten de lobby voor een
										betere ontsluiting van de West-Alblasserwaard.&#x2019;</tekst:Al>
		<tekst:Al>De locatie &#x2018;Poort aan de Noord&#x2019;, gelegen in de oksel van de
										tunnel van de A15 onder de Noord en aan de voet van de brug
										over de Noord, vormt het studie- en uitwerkingsgebied voor
										de realisatie van een mobiliteitshub, die een belangrijk
										deel van de in Alblasserdam aanwezige lokale en regionale
										mobiliteitsvraagstukken wil beantwoorden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Vanuit het STOMP-principe moet bedacht worden dat bij een
										mobility hub sprake moet zijn van gemak in tijd, comfort en
										veiligheid.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Bij de operationalisering van de opgave houden we als
										toetsingscriteria aan:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst eId="div_2__content_3__list_o_1" wId="gm0482_1-0__div_2__content_3__list_o_1" type="ongemarkeerd">
		  <tekst:Li eId="div_2__content_3__list_o_1__item_a" wId="gm0482_1-0__div_2__content_3__list_o_1__item_a">
		    <tekst:Al>De vervoerstijd naar de eindbestemming (nabijheid in
												afstand/tijd)</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_2__content_3__list_o_1__item_b" wId="gm0482_1-0__div_2__content_3__list_o_1__item_b">
		    <tekst:Al>Sociale veiligheid</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_2__content_3__list_o_1__item_c" wId="gm0482_1-0__div_2__content_3__list_o_1__item_c">
		    <tekst:Al>Verkeersveiligheid</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>Alblasserdam is voor wat betreft zijn ligging de poort naar
										de Drechtsteden als onderdeel van de zuidelijke Randstad en
										de Rijnmond. Daarmee is ook in regionaal perspectief, in de
										Smart Delta, doelen en richting geformuleerd voor de
										aanwezigheid van een logische hub-functie voor de mobiliteit
										op het grondgebied van Alblasserdam. De urgentie hiervan en
										daarmee de ontwikkeling van Poort aan de Noord is vergroot
										door het schrappen van de verbreding van de A15, waardoor
										mitigerende maatregelen nodig zijn in de vorm van een
										regionale hub voor de multimodale bereikbaarheid van dit
										deel van de Randstad.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De door de gemeenteraad aangegeven begrenzingen van gebied
										Poort aan de Noord levert daarmee beperkingen op voor het
										programma. Buiten dit gebied gelegen activiteiten en
										projecten kunnen wel medebepalend en/of voorwaardenscheppend
										zijn, maar vallen buiten het programma Poort aan de
										Noord.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Om ruimte te bieden voor de optimale invulling van Poort aan
										de Noord als mobiliteitshub, is het noodzakelijk dat ruimte
										beschikbaar komt voor de invulling van de andere voornoemde
										functies. Daartoe is door de gemeenteraad in september 2021,
										op het gebied rondom de Ruigenhil en Kabelbaan, een
										voorkeursrecht gemeenten gevestigd. De gesprekken met de
										eigenaren lopen en hebben als doel op korte termijn de
										locatie in zijn geheel aangekocht te hebben door de gemeente
										Alblasserdam. De titel voor verlenging van het
										voorkeursrecht wordt gegeven door goedkeuring van deze
										gebiedsvisie als programma onder de Omgevingswet.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Teneinde de stroom bezoekers aan het Werelderfgoed
										Kinderdijk te stroomlijnen en daarmee verkeersoverlast te
										voorkomen in Alblasserdam op de dijk, is een transferium ten
										behoeve van het Werelderfgoed Kinderdijk gepland onder de
										brug over de Noord. Het vervolgvervoer wordt dan geregeld in
										bussen. Deze faciliteit zal in de vervolgfase tevens dienen
										voor de opvang van werknemersparkeren voor de naastgelegen
										bedrijventerreinen. In de eerste fase zal deze een verhard
										terrein betreffen, ook ter vervanging van het huidige
										transferium aan de te vervallen stallingscapaciteit aan de
										Haven Zuidzijde.</tekst:Al>
		<tekst:Figuur eId="div_2__content_3__img_o_1" wId="gm0482_1-0__div_2__content_3__img_o_1">
		  <tekst:Titel>Plangebied - Werk in uitvoering</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="Plangebied_Werk_in_uitvoering.jpeg" formaat="image/jpeg" breedte="786" hoogte="565" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  <tekst:Bijschrift locatie="onder"/>
		</tekst:Figuur>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	  </tekst:Divisie>
	  <tekst:Divisie eId="div_3" wId="gm0482_1-0__div_3">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Nummer>2.</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Analyse</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_3__content_1" wId="gm0482_1-0__div_3__content_1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Historische ontwikkeling gebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De ontstaansgeschiedenis van Alblasserdam is nauw verbonden
										met het afdammen van de rivier de Alblas. De eerste
										afdamming vond plaats in 1277, op het grondgebied van het
										tegenwoordige Oud-Alblas. Rond 1280 vond de tweede afdamming
										plaats, met een nieuwe dam zo&#x2019;n 50 meter ten oosten van de
										huidige locatie. In 1599 werd de dam verplaatst en vervangen
										door een schutsluis. Deze heeft tot 1997 gefunctioneerd en
										is toen - in het kader van dijkverzwaring en de teloorgang
										van beroepsvaart op de Alblas - wederom vervangen door een
										dam. De naam Alblasserdam wordt voor het eerst genoemd in
										een kroniek van Melis Stoke uit 1299. In 1447 werd
										Alblasserdam zelfstandig als ambachtsheerlijkheid. In de
										Tachtigjarige oorlog werd de kerk door Spaanse troepen
										verwoest. De resterende kerktoren getuigt daar tot op de dag
										van vandaag van.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In de geschiedenis van Alblasserdam heeft water een grote
										rol gespeeld. Naast de rivier de Alblas, waar Alblasserdam
										zijn naam aan ontleent, is de rivier De Noord van groot
										belang geweest voor de groei van Alblasserdam. Door de
										ligging aan deze rivier was Alblasserdam een gunstige
										vestigingsplaats voor industrie. Aan het einde van de 18e
										eeuw kwam de scheepsbouw in het dorp echt op gang.
										Alblasserdam heeft in de loop der tijd diverse scheepswerven
										gekend, waaronder de Oude werf van Cornelis Smit; Verolme
										Scheepswerf Alblasserdam van Cornelis Verolme en Werf de
										Noord van Jan Ulrich Smit, die later opging in Van der
										Giessen-de Noord, nu Oceanco.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Met de industrialisatie kwamen daar grote machine- en
										staalfabrieken (Nedstaal, nu FNsteel) bij, die de skyline
										van Alblasserdam nog steeds mede vormgeven.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De ligging aan het water bracht ook nadelen met zich mee; in
										de jaren tussen 1350 en 1821 liep de Alblasserwaard 32 keer
										onder water. Ook de watersnood van 1953 trof een gedeelte
										van Alblasserdam.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In de meidagen van 1940 werd gevochten om de bij
										Alblasserdam gelegen Brug over de Noord. De gevechten
										mondden uit in een bombardement op 11 mei 1940, waarbij het
										oude centrum van Alblasserdam zwaar werd getroffen. Onder de
										verwoeste percelen bevonden zich het raadhuis, het
										gemeenlandshuis, twee hotel-caf&#233;s, een kerkgebouwtje, een
										manege, 26 winkels, zes bakkerijen, 121 woningen (plus vier
										onbewoonbaar verklaarde), vier schoollokalen en scheepswerf
										De Noord. De historische Kerkstraat en de karakteristieke
										dijkbebouwing langs de rivier de Noord zijn echter
										grotendeels bewaard gebleven.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Na de Tweede Wereldoorlog werd de brug over de Noord
										onderdeel van het rijkswegennet (de huidige A15) en in 1988
										werd deze als onderdeel van de A15 vervangen door een
										tunnel. De A15 scheidt zichtbaar het zuidelijke deel van
										Alblasserdam met zijn grotere bedrijventerreinen van de rest
										van Alblasserdam. Dit leidde er wel toe dat Alblasserdam
										zich meer en meer opengesteld heeft voor de regio en de
										woningbouwproductie flink werd opgevoerd. De brug over de
										Noord bleef, als regionale verbinding met
										Hendrik-Ido-Ambacht en Ridderkerk, van belang en natuurlijk
										ook als route gevaarlijke stoffen van en naar de Rotterdamse
										haven.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het Werelderfgoed Kinderdijk werd in de naoorlogse periode
										in toenemende mate een internationale en steeds minder een
										nationale toeristische attractie. Dit heeft geleid tot een
										forse bezoekersstroom over de dijk.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_3__content_2" wId="gm0482_1-0__div_3__content_2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Structuur van het gebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het gehele gebied is ruim 1,5 km lang en maximaal 200 breed
										met een appendix, de oude dijk Ruigenhil. Over de gehele
										lengte van het gebied loopt rijksinfrastructuur voor auto&#x2019;s:
										de A15 en de N915. Omdat de A15 in een tunnel ligt is de
										N915 met de brug over de Noord de route voor gevaarlijke
										stoffen. De N915 is, via het kruispunt met de Helling, ook
										de directe ontsluiting voor het centrum van Alblasserdam en
										zijn bedrijventerreinen, net als die van Kinderdijk en ook
										Ruigenhil. Dit kruispunt is erg druk, net als het kruispunt
										bij de Grote Beer, waar de N915 op de A15 aansluit. Het
										gebied is lang en smal en wordt door de verkeersfunctie
										gedomineerd. Tussen de verkeersaders zijn lange smalle
										groengebieden, die niet altijd een functie voor mensen
										hebben, maar soms wel aantrekkelijk voor plant en dier,
										alsmede als uitzicht vanuit de omliggende wegen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het gebied oogt hierdoor vaak verlaten, desolaat, verweesd
										en wordt zeker &#x2019;s avonds als sociaal onveilig beschouwd. Ook
										de verbindingen met het centrum van Alblasserdam zijn niet
										aantrekkelijk. Daarom worden zowel de fiets- en
										voetgangersverbinding onder de brug, als de Helling, die
										langs het bedrijventerrein Vinkenwaard loopt, alleen overdag
										redelijk gebruikt. De groene gebieden zijn zeer afwisselend.
										Rondom de dijk staan bijna geen bomen, maar dit gebied is
										wel goed toegankelijk, af en toe zie je mensen hier hun
										honden uitlaten, trimmen en er wordt gefietst. Tussen A15 en
										N915 zijn soms zeer aantrekkelijke groene gebieden met bomen
										en water te vinden. Doordat ze slecht bereikbaar zijn en in
										de invloedssfeer van de autowegen liggen, worden ze echter
										nauwelijks gebruikt. Het gebied onder de brug is niet
										toegankelijk en is zeer stenig.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Langs de oude dijk Ruigenhil staan nog woningen, waarvan
										sommige nog bewoond zijn en andere zijn dichtgetimmerd. De
										structuur van de dijk en de historische woningen zijn
										onderdeel van het beschermde dorpsgezicht. Dit is het enige
										deel van het gebied waarin de geschiedenis van Alblasserdam
										nog zichtbaar is, als je de naoorlogse geschiedenis niet
										meetelt. De brug over de Noord en dan met name het
										hefgedeelte is van vlak voor de oorlog, en monumentaal. De
										oude gebouwen van FNsteel zijn geen onderdeel van het
										gebied, maar zijn wel prominent aanwezig en onderdeel van
										het industrieel erfgoed van Alblasserdam. Doordat al deze
										historische elementen niet in gebruik zijn of niet
										bereikbaar zijn, is de belevingswaarde nu beperkt.</tekst:Al>
		<tekst:Figuur eId="div_3__content_2__img_o_1" wId="gm0482_1-0__div_3__content_2__img_o_1">
		  <tekst:Titel>Structuur van het gebied - Overzicht</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="Structuur_van_het_gebied.jpeg" formaat="image/jpeg" breedte="1514" hoogte="783" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  <tekst:Bijschrift locatie="onder"/>
		</tekst:Figuur>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisie eId="div_3__div_3.1" wId="gm0482_1-0__div_3__div_3.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Toekomst</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_3__div_3.1__content_1" wId="gm0482_1-0__div_3__div_3.1__content_1">
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De Poort aan de Noord is niet geschikt voor
											grootschalige woningbouw of andere bouwontwikkelingen,
											zoals kantoren of voorzieningen. De ligging tussen
											industrie en centrum, gekoppeld aan een snelweg en een
											provinciale weg, maakt het gebied uitermate geschikt
											voor mobiliteitsvoorzieningen. Hiernaast kunnen er
											kleine voorzieningen worden gerealiseerd, die aan de
											mobiliteitsvoorzieningen worden gekoppeld, zoals
											kleinschalige horeca, een bezoekerscentrum en
											bijvoorbeeld een fietsenmaker. Zo kan er een echte
											integrale mobiliteitshub voor Alblasserdam en de regio
											worden ontwikkeld. Hiervoor zullen niet alleen de
											mobiliteitsvoorzieningen moeten worden ingepast, maar
											zal het gebied ook een kwaliteitsslag moeten maken.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>De huidige groene gebieden zijn uitermate geschikt voor
											parkachtige ontwikkelingen, waarin bijvoorbeeld een
											trimbaan, een hondenuitlaatvoorziening en andere
											vergelijkbare functies kunnen worden ge&#239;ntegreerd.
											Hiervoor is wel een versterking van het groen nodig, aan
											de dijk is het aan te bevelen om waar dat kan meer bomen
											te planten, zodat er ook schaduw en beschutting
											ontstaat. Maar belangrijker nog is dat de gebieden
											toegankelijker worden voor fietsers en voetgangers, dat
											geldt voornamelijk voor de groengebieden tussen A15 en
											N915 en het gebied onder de brug ten westen van
											Ruigenhil.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Een aantrekkelijke toegankelijkheid, vanuit het centrum
											van Alblasserdam, van het gehele gebied voor fietsers en
											voetgangers is een belangrijke opgave, zo kunnen zowel
											de mobiliteitsvoorzieningen als de groenvoorzieningen
											beter bereikbaar worden. Daarmee kan het gebied een echt
											onderdeel worden van Alblasserdam wat voor alle inwoners
											en bezoekers wat te bieden heeft.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Op basis van de tot nu toe verrichte visies en studies
											naar de mogelijke invullingen van het plangebied, is op
											voorhand een onderscheid gemaakt in dragende
											mobiliteitsplannen en plannen die meer een algemene
											invulling van het gebied beogen. We hebben de volgende
											plannen met een mobiliteitskarakter als dragers van het
											programma ge&#239;dentificeerd:</tekst:Al>
		  <tekst:Lijst eId="div_3__div_3.1__content_1__list_o_1" wId="gm0482_1-0__div_3__div_3.1__content_1__list_o_1" type="ongemarkeerd">
		    <tekst:Li eId="div_3__div_3.1__content_1__list_o_1__item_a" wId="gm0482_1-0__div_3__div_3.1__content_1__list_o_1__item_a">
		      <tekst:Al>Transferium 1 (onder de brug)</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="div_3__div_3.1__content_1__list_o_1__item_b" wId="gm0482_1-0__div_3__div_3.1__content_1__list_o_1__item_b">
		      <tekst:Al>Ruigenhil</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="div_3__div_3.1__content_1__list_o_1__item_c" wId="gm0482_1-0__div_3__div_3.1__content_1__list_o_1__item_c">
		      <tekst:Al>Transferium 2</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="div_3__div_3.1__content_1__list_o_1__item_d" wId="gm0482_1-0__div_3__div_3.1__content_1__list_o_1__item_d">
		      <tekst:Al>OV ontsluiting</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="div_3__div_3.1__content_1__list_o_1__item_e" wId="gm0482_1-0__div_3__div_3.1__content_1__list_o_1__item_e">
		      <tekst:Al>Vervoer over water</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="div_3__div_3.1__content_1__list_o_1__item_f" wId="gm0482_1-0__div_3__div_3.1__content_1__list_o_1__item_f">
		      <tekst:Al>Doelgroepenvervoer</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="div_3__div_3.1__content_1__list_o_1__item_g" wId="gm0482_1-0__div_3__div_3.1__content_1__list_o_1__item_g">
		      <tekst:Al>Truckcarparking</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="div_3__div_3.1__content_1__list_o_1__item_h" wId="gm0482_1-0__div_3__div_3.1__content_1__list_o_1__item_h">
		      <tekst:Al>Langzaamverkeersverbindingen</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="div_3__div_3.1__content_1__list_o_1__item_i" wId="gm0482_1-0__div_3__div_3.1__content_1__list_o_1__item_i">
		      <tekst:Al>(deel)vervoersmogelijkheden.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		  <tekst:Al>Dit mobiliteitsprogramma is de belangrijkste basis voor
											de gebiedsvisie.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	    </tekst:Divisie>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_3__content_3" wId="gm0482_1-0__div_3__content_3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Alblasserdam, dorp tussen rivier en
										landschap</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De gemeente Alblasserdam heeft in de eerdere planfases
										vastgelegd dat de thema&#x2019;s identiteit, veiligheid en
										duurzaamheid als algemene beleidsuitgangspunten
										richtinggevend zijn in het ontwikkelingsproces.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De integrale gebiedsvisie en programma Poort aan de Noord
										zal zich mede moeten laten inspireren door de kwaliteit van
										de huidige Alblasserdamse samenleving. De identiteit van
										Alblasserdam is niet onder &#233;&#233;n noemer te vangen. Het begrip
										identiteit heeft een sociaal-culturele, een ruimtelijke en
										een historische component, die nauw met elkaar zijn
										verweven.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisie eId="div_3__div_3.2" wId="gm0482_1-0__div_3__div_3.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Betrokkenheid</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_3__div_3.2__content_1" wId="gm0482_1-0__div_3__div_3.2__content_1">
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Voor de bevolking wordt de identiteit van een dorp als
											Alblasserdam in de eerste plaats bepaald door de
											sociaal-culturele component. De sociale betrokkenheid en
											het gemeenschapsgevoel zijn belangrijke kenmerken van de
											Alblasserdamse samenleving.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Op het niveau van de directe woonomgeving is sprake van
											een &#x2018;achterom cultuur&#x2019;. Daarmee wordt bedoeld dat de
											omgang met buren informeel is, men gemakkelijk een
											beroep op elkaar doet en hulp spontaan wordt aangeboden.
											Daarnaast is er een goed verenigingsleven en zijn veel
											mensen op diverse terreinen als vrijwilliger
											actief.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Het onderscheid tussen &#x2018;echte&#x2019; Alblasserdammers en
											nieuwkomers leidt niet tot een scherpe scheiding tussen
											&#x2018;gevestigden&#x2019; en &#x2018;buitenstaanders&#x2019; in de Alblasserdamse
											samenleving. Recente nieuwkomers voelen zich snel thuis
											in Alblasserdam.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Veiligheid en duurzaamheid nemen van het begin af aan
											een belangrijke plaats in de discussie over de toekomst
											van Alblasserdam. Onveiligheidsgevoelens spelen op dit
											moment praktisch geen rol. Wel is veiligheid in de
											beleving van veel mensen verbonden met sociale
											betrokkenheid en vertrouwdheid.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Iets dergelijks geldt voor duurzaamheid. Duurzaamheid
											wordt verbonden met natuur en groen, maar ook met een
											zekere traagheid, weerstand tegen snelle veranderingen
											en het beschermen van ruimtelijke en landschappelijke
											kwaliteiten.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_3__div_3.2__content_2" wId="gm0482_1-0__div_3__div_3.2__content_2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Opschrift>Dorps of stedelijk</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Sociaal en cultureel gezien wordt het karakter van
											Alblasserdam bepaald door een bijzondere verbinding van
											zogenaamde dorpse en stedelijke kenmerken. Aan de ene
											kant vindt men er de gemoedelijkheid, de betrokkenheid
											en het gemeenschapsgevoel dat met &#x2018;dorps&#x2019; wordt
											geassocieerd, aan de andere kant de openheid voor
											nieuwkomers en veranderingen die men over het algemeen
											eerder met de stad verbindt. Het is deze combinatie van
											het &#x2018;dorpse&#x2019; en het &#x2018;stedelijke&#x2019; dat Alblasserdam mede
											aantrekkelijk maakt.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Deze combinatie van twee werelden komt ook in de
											ruimtelijke ori&#235;ntaties tot uiting. Ruimtelijk wordt
											Alblasserdam gekenmerkt door de dijklintenstructuur en
											de open bebouwing. Hierdoor bestaat een ruimtelijke
											uitwisseling met de omringende polder. De nabijheid van
											het landschap geeft het gevoel vlakbij het platteland te
											wonen. Deze meniging heeft een meerwaarde voor
											Alblasserdam.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Op grond van bovenstaande wordt Poort aan de Noord dan
											ontwikkeld als meer dan van gemiddelde toegevoegde
											waarde voor Alblasserdam.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	    </tekst:Divisie>
	  </tekst:Divisie>
	  <tekst:Divisie eId="div_4" wId="gm0482_1-0__div_4">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Nummer>3.</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Thema&#x2019;s</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_4__content_1" wId="gm0482_1-0__div_4__content_1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>STOMP als basis Mobiliteit</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Alblasserdam omarmt het STOMP-principe.</tekst:Al>
		<tekst:Al>STOMP staat voor:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst eId="div_4__content_1__list_o_1" wId="gm0482_1-0__div_4__content_1__list_o_1" type="ongemarkeerd">
		  <tekst:Li eId="div_4__content_1__list_o_1__item_a" wId="gm0482_1-0__div_4__content_1__list_o_1__item_a">
		    <tekst:Al>Stappers (voetgangers)</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_4__content_1__list_o_1__item_b" wId="gm0482_1-0__div_4__content_1__list_o_1__item_b">
		    <tekst:Al>Trappers (fietsers)</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_4__content_1__list_o_1__item_c" wId="gm0482_1-0__div_4__content_1__list_o_1__item_c">
		    <tekst:Al>OV (Openbaar Vervoer)</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_4__content_1__list_o_1__item_d" wId="gm0482_1-0__div_4__content_1__list_o_1__item_d">
		    <tekst:Al>MaaS (Mobility As a Service = deelvervoer)</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_4__content_1__list_o_1__item_e" wId="gm0482_1-0__div_4__content_1__list_o_1__item_e">
		    <tekst:Al>Personenvervoer (auto&#x2019;s)</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>Deze term vindt zijn basis in Belgi&#235; (STOP), maar is in
										Nederland aangevuld met de M, waardoor het woord STOMP is
										ontstaan. Het belangrijkste onderdeel van dit principe is
										dat bij alle mobiliteitsbeslissingen de aantrekkelijkheid
										voor het langzaam verkeer (en dan met name voetgangers) het
										belangrijkst is en dat de auto niet meer op de eerste plaats
										komt. De auto neemt veel ruimte in beslag, levert
										(milieu)overlast, zorgt voor verkeersonveiligheid en files,
										waardoor het steeds belangrijker wordt om gebieden minder
										auto-afhankelijk te maken. Dat geldt met name voor een
										gebied als Poort aan de Noord dat ingeklemd ligt tussen 2
										grote autowegen en nu eigenlijk alleen met de auto goed te
										bereiken is. Dit betekent natuurlijk niet dat
										auto-bereikbaarheid niet meer nodig is, zeker voor dit
										gebied zal dit een belangrijke basis blijven. Er moet wel
										veel meer nadruk komen op andere manieren van vervoer en dan
										met name zorgen voor goede overstapmogelijkheden van auto
										naar ander vervoer. Hierbij is de nabijheid van de
										verschillende onderdelen van het mobiliteitsprogramma
										essentieel.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Alle mobiliteitsvoorzieningen worden zo dicht mogelijk aan
										de noordkant tegen Ruigenhil en het dichtst bij de
										binnenstad van Alblasserdam aangelegd. Dit bepaalt ook de
										plaats van de mobility hub en de tweede fase van het
										transferium (uitbouwen tot een gebouwd transferium). Alleen
										de truckparking bevindt zich aan de zuidkant bij de afslag
										op de A15 op dezelfde plaats als in eerdere studies . De
										haltering van het openbaar vervoer en deelvervoer en voor de
										bussen richting Kinderdijk wordt nabij de voetgangersingang
										van de transferia gesitueerd, waardoor loopafstanden kort
										zijn. Onder de brug wordt een voorziening voor deelfietsen
										gemaakt, direct gekoppeld aan het transferium. Deze compacte
										oplossing zorgt er niet alleen voor dat loopafstanden kort
										zijn, maar ook dat er geen oversteken over drukke wegen
										noodzakelijk zijn. Ruigenhil kan daardoor ook
										aantrekkelijker als gebied worden ontwikkeld, vanwege de
										kleinere schaal en geringe invloed van het doorgaand
										autoverkeer. De doorgaande R-Net bussen kunnen ter hoogte
										van de fietsonderdoorgang op de brug halteren. Via de
										bestaande trappen kunnen de bushaltes vanaf Ruigenhil worden
										bereikt. Als de liften van de parkeergarage worden doorgezet
										naar het niveau van de brug, ontstaat er ook een directe
										aangename koppeling voor de voetganger met Ruigenhil, zelfs
										als deze niet goed ter been is. Er ontstaat een compact
										knooppunt waar alle modaliteiten bij elkaar komen, een
										belangrijke randvoorwaarde voor het functioneren van een
										Mobility Hub. De afstand van de deze Mobility Hub tot het
										centrum is zo&#x2019;n 350 meter, wat de Hub zelfs geschikt maakt
										voor voetgangers die in het centrum willen zijn. Het kan een
										nieuwe voorkant voor Alblasserdam worden, zoals in veel
										gemeenten een openbaar vervoersknooppunt dat is. Het heeft
										bijna alle modaliteiten dat een goed treinstation ook heeft,
										maar dan zonder trein. Het is ook mogelijk om een goede
										verbinding te maken met een nieuwe halte van de waterbus
										onder of net naast de brug.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Op deze manier ontstaat een Hub, waarbij de voetganger en de
										overstapbewegingen centraal staan, maar ook voor de fietser
										zijn er ingrepen nodig om de fietsbereikbaarheid van het
										gebied en het centrum van Alblasserdam te verbeteren. Op dit
										moment gaat de fietsroute vanuit Alblasserdam naar
										Hendrik-Ido-Ambacht via de brug en zijn er trappen nodig om
										vanuit de fietsonderdoorgang de brug op te komen. Wij
										stellen voor om aan de zuidkant van de brug een 2-richtingen
										fietspad te maken (aan de brug bevestigd of als aparte
										constructie) die via een helling aansluit bij het beweegbare
										deel van de brug. Zo hoeft de fietser uit Alblasserdam geen
										trap meer te gebruiken en sluit dit fietspad ook beter aan
										op de F15 richting Papendrecht. De fietspaden aan weerszijde
										van de brug zijn dan niet meer nodig en de fietser hoeft ook
										het drukke kruispunt van de N915 met de Helling niet meer
										over te steken, wat tijd scheelt en verkeersveiliger is. Op
										deze manier maken we zowel de F15 beter, sneller en veiliger
										en is de F15 beter aangesloten op het centrum van
										Alblasserdam, waardoor meer mensen verleidt kunnen worden om
										met de fiets te gaan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Als het 2-richtingen fietspad er komt, zijn de smalle
										fietspaden aan beide zijden niet meer noodzakelijk van het
										kruispunt met de Helling tot aan het ophaalgedeelte van de
										brug. Deze extra ruimte kan gebruikt worden om in beide
										richtingen over de hele lengte van de oprit 2 busbanen en 2
										autobanen te maken, zodat de bussen altijd vrij kunnen
										doorrijden. Vroeger had de brug ook 4 rijbanen, dus dit
										lijkt een goede mogelijkheid.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De truckcarparking maakt geen onderdeel uit van de Mobility
										Hub, omdat er geen overstaprelatie is met andere
										modaliteiten. De truckcarparking wordt dan ook zo dicht
										mogelijk bij de afslagen van de A15 gelegd, waardoor er geen
										onnodig vrachtverkeer door het gebied komt.</tekst:Al>
		<tekst:Figuur eId="div_4__content_1__img_o_1" wId="gm0482_1-0__div_4__content_1__img_o_1">
		  <tekst:Titel>Voorbeelduitwerking STOMP met busbaan</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="Voorbeelduitwerking_STOMP_met_bus.jpeg" formaat="image/jpeg" breedte="1211" hoogte="832" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  <tekst:Bijschrift locatie="onder"/>
		</tekst:Figuur>
		<tekst:Figuur eId="div_4__content_1__img_o_2" wId="gm0482_1-0__div_4__content_1__img_o_2">
		  <tekst:Titel>Voorbeelduitwerking STOMP zonder_busbaan</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="Voorbeelduitwerking_STOMP_zonder_bus.jpeg" formaat="image/jpeg" breedte="1209" hoogte="833" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  <tekst:Bijschrift locatie="onder"/>
		</tekst:Figuur>
		<tekst:Figuur eId="div_4__content_1__img_o_3" wId="gm0482_1-0__div_4__content_1__img_o_3">
		  <tekst:Titel>Overzichtskaart thema's</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="Themas.jpeg" formaat="image/jpeg" breedte="1514" hoogte="783" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  <tekst:Bijschrift locatie="onder"/>
		</tekst:Figuur>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_4__content_2" wId="gm0482_1-0__div_4__content_2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Groen en water</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het gebied wordt nu gekarakteriseerd door zowel asfalt als
										groen. Tussen de brede asfaltwegen liggen langgerekte groene
										gebieden die niet goed toegankelijk zijn, maar vaak wel een
										diversiteit aan beplanting bevatten en waar ook water in is
										ge&#239;ntegreerd. Bij verdere uitwerking van de
										programmaonderdelen zal er verder ecologisch onderzoek nodig
										zijn om de echt waardevolle groen- en waterelementen te
										behouden, aan te vullen en/of in te passen. In hoofdlijnen
										kan al wel gezegd worden dat langgerekte ontoegankelijke
										groengebieden met water vaak een belangrijke functie hebben
										als ecologische verbinding voor flora en fauna. Dat is ook
										een belangrijke reden om in deze visie de
										programmaonderdelen zoveel mogelijk te concentreren om de
										langgerekte groengebieden zoveel mogelijk te sparen. Hierbij
										een goede inpassing van de truckparking, die excentrisch
										ligt van de overige onderdelen, de grootste opgave. In het
										hoofdstuk van de truckparking wordt ingegaan op deze opgave
										en de spanning met de groenkwaliteiten in het gebied. Met
										name voor dit gebied zal aanvullend ecologisch onderzoek
										nodig zijn om tot de beste opzet te komen, waarbij er een
										balans moet komen tussen de kwantitatieve behoefte voor
										vrachtwagens en de kwalitatieve behoefte voor groen en
										water.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_4__content_3" wId="gm0482_1-0__div_4__content_3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Veiligheid</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In deze visie maken we voor <tekst:IntIoRef eId="div_4__content_3__ref_o_4" wId="gm0482_1-0__div_4__content_3__ref_o_4" ref="gm0482_1-0__cmp_I__content_o_1__list_o_1__item_o_1__ref_o_1">het gebied Poort aan de Noord</tekst:IntIoRef> onderscheid
										tussen sociale veiligheid en verkeersveiligheid. Andere
										vormen van veiligheid laten we buiten beschouwing, aangezien
										het gebied buiten het relatief kleine gebiedje aan de
										Ruigenhil, niet bewoond is en er ook gaan economische of
										andere activiteiten plaatsvinden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisie eId="div_4__div_4.1" wId="gm0482_1-0__div_4__div_4.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Sociale veiligheid</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_4__div_4.1__content_1" wId="gm0482_1-0__div_4__div_4.1__content_1">
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Zoals eerder reeds werd geconstateerd, heeft het gebied
											overdag, maar met name &#x2018;s avonds een enigszins desolaat
											karakter. Dit leidt ertoe dat vooral voetgangers en
											fietsers het gebied &#x2019;s avonds, als sociaal onveilig,
											mijden. Dit uit zich het sterkst bij de bushaltes, het
											wegviaduct onder de A15 en de fietstunnel onder de brug;
											deze geven een &#x2018;unheimisch&#x2019; en &#x2018;niet Alblasserdams&#x2019;
											gevoel buiten de spits. Hier ligt in samenhang met de
											opgaven volgend uit de mobiliteitstransitie, een opgave
											om het gebied aantrekkelijker en sociaal veilig in te
											richten. In die zin moet het gebeid voor voetganger,
											OV-reiziger en fietser weer onderdeel worden van
											Alblasserdam.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_4__div_4.1__content_2" wId="gm0482_1-0__div_4__div_4.1__content_2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Opschrift>Verkeersveiligheid</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>In het huidige gebied zitten een aantal
											oversteekmogelijkheden, die op zichzelf een gevoel van
											onveiligheid veroorzaken. Langs de A15, de zgn. F15,
											zitten een aantal voor fietsers moeilijk overbrugbare en
											zeker niet altijd verkeersveilige onderbrekingen. Dit
											zet zich door aan de overkant van de brug bij
											Hendrik-Ido-Ambacht, waar eveneens door de scheiding van
											de fietsers op de brug eenzelfde situatie ontstaat. Net
											buiten het gebied van Poort aan de Noord kennen we de
											gevaarlijke kruising Grote Beer/Edisonweg/Molenpad,
											waarbij het Molenpad een fietspad is als onderdeel van
											de F15.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Inmiddels is een voorstel gemaakt om deze kruising voor
											fietsers ongelijkvloers te maken. Dit voorstel is
											ingediend bij de regio voor een bijdrage uit de
											mitigerende maatregelen voor de opschorting van de
											verbreding van de A15. Tevens zal een bijdrage worden
											gevraagd uit de middelen van het Rijk voor verbetering
											van de verkeersveiligheid.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_4__div_4.1__content_3" wId="gm0482_1-0__div_4__div_4.1__content_3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Opschrift>Nabijheid</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De voetganger centraal</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Het goed functioneren van een Mobility Hub is voor een
											groot deel afhankelijk van de aantrekkelijkheid voor de
											voetganger. Iedereen die gebruik maakt van de Hub is op
											een gegeven moment voetganger en aantrekkelijkheid voor
											de voetganger is de grootste uitdaging in dit grote en
											op dit moment onaantrekkelijke gebied, waar wegen
											dominant zijn en er weinig plek is voor
											beschutting.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Loopafstanden moeten kort zijn en liefst geen oversteken
											hebben.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Voor een automobilist die zijn auto parkeert en een
											overstap maakt naar een ander vervoer is een loopafstand
											van zo&#x2019;n 250 meter echt maximaal, maar voor een goed
											comfort is dat liever zo&#x2019;n 150 meter, zeker als er ook
											mensen bij zijn die niet goed ter been zijn of die met
											kleine kinderen komen. Niet alleen de afstand is van
											belang, want als er een drukke en onoverzichtelijke
											verkeersweg moet worden overgestoken, zal dat voor veel
											voetgangers een grote barri&#232;re zijn. Het is niet alleen
											verkeersonveilig, maar het kan ook tot wachttijden
											leiden en dat is zeker bij slecht weer erg
											onaantrekkelijk. Automobilisten zullen dan proberen
											dichterbij hun bestemming te komen en de overstap willen
											vermijden.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>De omgeving moet aantrekkelijk zijn, niet alleen om te
											lopen, maar ook om te wachten op je aansluitende
											vervoer.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Voor voetgangers is een aantrekkelijke omgeving
											essentieel. Uit veel onderzoek blijkt dat loopafstanden
											korter lijken in een aantrekkelijke omgeving. Ook
											wachten in een aantrekkelijke omgeving wordt minder als
											hinder ervaren. Voor aantrekkelijk wachten zijn goede
											voorzieningen nodig tegen weer en wind, maar het is ook
											belangrijk dat de directe omgeving er aantrekkelijk
											uitziet. Langs een drukke weg wachten is minder
											aantrekkelijk dan aan een plein met bomen en terrasjes,
											om maar iets te noemen.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	    </tekst:Divisie>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_4__content_4" wId="gm0482_1-0__div_4__content_4">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Duurzaamheid en milieu</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Een belangrijk uitgangspunt dat ten grondslag ligt aan het
										integrale ontwikkelingsplan voor Alblasserdam is het aspect
										duurzaamheid. Een duurzame stedelijke ontwikkeling voorziet
										in de behoeften van de huidige generatie zonder daarmee de
										mogelijkheden van de toekomstige generaties in gevaar te
										brengen. De integrale ontwikkelingsvisie Poort aan de Noord
										moet daarom niet slechts kwaliteit bieden voor dit moment,
										maar ook flexibiliteit bezitten met het oog op mogelijke
										toekomstige wensen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Daarmee geeft de visie ook ruimte voor nieuwe (nu nog niet
										voorziene) ontwikkelingen, waardoor mogelijke ontwikkelingen
										op het voormalige Nedstaalterrein en een herstel van het
										oude lint, zonder grote problemen aangesloten kunnen
										worden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De duurzaamheid wordt ook bepaald door het behoud van
										natuurlijke bronnen van goede kwaliteit, zoals water,
										energie, grondstoffen, landschap en natuur. Deze natuurlijke
										bronnen worden steeds schaarser en daardoor ontstaan
										problemen als verontreiniging, verdroging en aantasting van
										het natuurlijk milieu.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	  </tekst:Divisie>
	  <tekst:Divisie eId="div_5" wId="gm0482_1-0__div_5">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Nummer>4.</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Raamwerk gebiedsvisie</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_5__content_1" wId="gm0482_1-0__div_5__content_1">
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In het raamwerk worden de verschillende programmaonderdelen
										over het gebied verdeeld. Dit is sturend voor de uitwerking
										van deze programmaonderdelen in een latere fase. Hierbij is
										sturing op de juiste combinatie van de verschillende
										programmaonderdelen voor mobiliteit het meest cruciaal.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De truckparking is aan de zuidkant van het plangebied
										gesitueerd, zo dicht mogelijk bij de aansluitingen op de
										A15. Dit programmaonderdeel heeft geen directe relatie met
										het overige mobiliteitsprogramma. Voor het overige
										mobiliteitsprogramma is nabijheid juist een belangrijke
										randvoorwaarde. Het hart van dit mobiliteitsprogramma (of
										Mobility Hub) waar Ruigenhil de brug en daarmee de N915
										raakt. Hier zal de overstap van de verschillende
										modaliteiten plaatsvinden en moet de omgevingskwaliteit voor
										de voetganger zo optimaal mogelijk zijn. Hier kunnen ook de
										aanvullende programmaonderdelen (horeca, fietswinkel etc.)
										een plek vinden. Vanuit dit punt:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst eId="div_5__content_1__list_o_1" wId="gm0482_1-0__div_5__content_1__list_o_1" type="ongemarkeerd">
		  <tekst:Li eId="div_5__content_1__list_o_1__item_a" wId="gm0482_1-0__div_5__content_1__list_o_1__item_a">
		    <tekst:Al>moet er een aantrekkelijke looproute komen onder de
												brug naar de mogelijke halte van de waterbus en een
												eventueel strandje ten noorden van de brug;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_5__content_1__list_o_1__item_b" wId="gm0482_1-0__div_5__content_1__list_o_1__item_b">
		    <tekst:Al>moeten fietsers zowel de brug op kunnen als naar het
												centrum van Alblasserdam kunnen rijden;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_5__content_1__list_o_1__item_c" wId="gm0482_1-0__div_5__content_1__list_o_1__item_c">
		    <tekst:Al>moeten automobilisten vanuit het transferium
												Alblasserdam in kunnen lopen of fietsen (op een
												deelfiets);</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_5__content_1__list_o_1__item_d" wId="gm0482_1-0__div_5__content_1__list_o_1__item_d">
		    <tekst:Al>moeten de buspassagiers het gebied in kunnen of via
												(deel)vervoer verder kunnen reizen;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_5__content_1__list_o_1__item_e" wId="gm0482_1-0__div_5__content_1__list_o_1__item_e">
		    <tekst:Al>moeten automobilisten hun overstap kunnen maken op
												kleinere busjes naar Kinderdijk of naar de
												bedrijven;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_5__content_1__list_o_1__item_f" wId="gm0482_1-0__div_5__content_1__list_o_1__item_f">
		    <tekst:Al>etc.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>Doordat op dit punt alle modaliteiten samen komen, kunnen er
										natuurlijk ook nog meerdere overstapbewegingen ontstaan en
										kunnen er eventueel ook nog andere functies aan gekoppeld
										worden. Het is niet noodzakelijk dat ook alles in &#233;&#233;n keer
										gerealiseerd wordt, maar dat met deze gebiedsvisie in de
										hand, zoveel mogelijk mobiliteitsprogramma geconcentreerd
										wordt. Dat is goed voor het bevorderen van verschillende
										vormen van mobiliteit, waardoor de afhankelijkheid en het
										gebruik van de auto wordt verminderd. Daarnaast zorgt deze
										concentratie er ook voor dat de bestaande waardevolle
										groengebieden zoveel mogelijk ontlast kunnen worden en tot
										ontwikkeling kunnen worden gebracht.</tekst:Al>
		<tekst:Figuur eId="div_5__content_1__img_o_1" wId="gm0482_1-0__div_5__content_1__img_o_1">
		  <tekst:Titel>Kaart raamwerk gebiedsvisie</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="Raamwerk_gebiedsvisie.jpeg" formaat="image/jpeg" breedte="3508" hoogte="2481" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  <tekst:Bijschrift locatie="onder"/>
		</tekst:Figuur>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	  </tekst:Divisie>
	  <tekst:Divisie eId="div_6" wId="gm0482_1-0__div_6">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Nummer>5.</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Deelgebieden</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_6__content_1" wId="gm0482_1-0__div_6__content_1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Transferium</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In de plannen voorafgaand aan deze gebiedsvisie wordt
										gesproken over een Transferium 1 en 2. Dit zijn plannen voor
										het maken van een grote hoeveelheid parkeervoorzieningen op
										maaiveld (Transferium 1) of gebouwd (Transferium 2), waar
										verder nog niet was nagedacht over aanvullende
										voorzieningen. De belangrijkste basis voor deze gebiedsvisie
										is dat we voorstellen om de twee transferia aan elkaar te
										koppelen, zodat er &#233;&#233;n transferium ontstaat en dat we dit
										transferium koppelen aan het andere mobiliteitsprogramma,
										waardoor er een echte Mobility Hub gerealiseerd kan worden.
										Omdat het nu nog niet mogelijk is om de precieze omvang van
										het nieuwe transferium vast te stellen, is het wenselijk om
										een in grootte aanpasbaar transferium mogelijk te
										maken.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De grootte van het deel van het transferium dat zich onder
										de brug bevindt ligt vast op 200 parkeerplaatsen, want het
										wordt bepaald door de aanwezige ruimte. Het deel van het
										transferium dat zich naast de brug bevindt is aanpasbaar
										door te vari&#235;ren in hoogte. Als dat deel tot aan de hoogte
										van de brug reikt en dus weinig zichtbaar is, kan het zo&#x2019;n
										600 parkeerplaatsen bevatten. Als er een grotere
										parkeerbehoefte ontstaat, wordt het transferium hoger en dus
										zichtbaarder vanaf de brug, wat ook weer kansen biedt voor
										de aantrekkingskracht en de relatie met de haltes op de
										brug. De hoeveelheid parkeerplaatsen is zo uit te breiden
										met 170 parkeerplaatsen per laag. Drie lagen erop betekent
										dus dat er ruim 1.000 parkeerplaatsen mogelijk zijn. De
										liften van deze grote parkeergarage komen dan tot op de
										hoogte van de bushaltes, zodat deze ook makkelijk bereikbaar
										zijn voor mensen die slecht ter been zijn. Ook onder het
										busstation voor kleine busjes aan Ruigenhil kunnen nog
										parkeerplaatsen gerealiseerd worden, zodat er uiteindelijk
										capaciteit kan komen voor zo&#x2019;n 1.500 parkeerplaatsen. De aan
										dit busstation grenzende (historische) woning kan worden
										ingezet voor het ontvangstdomein voor de Kinderdijk en/of
										voor horeca. Onder de brug, grenzend aan de fietsenstalling,
										kan een fietsenmaker worden gehuisvest. Als de waterbushalte
										er komt, kan ook het gebied onder de brug richting de Noord
										aantrekkelijk worden gemaakt en daar kan een strandje komen.
										Dit kan zelfs gekoppeld worden aan de kade bij FNsteel, als
										dit noordelijke deel van het industrieterrein met zijn
										industri&#235;le monumenten voor een meer publieke functie kan
										worden gebruikt. De goede eerste basis van de
										voorkeursvariant heeft vele doorgroeimogelijkheden. Van de
										karakteristieke gebouwen op Ruigenhil, worden de elementen,
										zoals die beschreven staan in de nota tot aanwijzing van het
										beschermd dorpsgezicht, zo veel mogelijk herkenbaar verwerkt
										in de nieuwe gebouwen na sloop of kunnen behouden blijven
										door hergebruik van de gebouwen.</tekst:Al>
		<tekst:Figuur eId="div_6__content_1__img_o_1" wId="gm0482_1-0__div_6__content_1__img_o_1">
		  <tekst:Titel>Voorbeelduitwerking transferium</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="Voorbeelduitwerking_transferium.jpeg" formaat="image/jpeg" breedte="1468" hoogte="379" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  <tekst:Bijschrift locatie="onder"/>
		</tekst:Figuur>
		<tekst:Figuur eId="div_6__content_1__img_o_2" wId="gm0482_1-0__div_6__content_1__img_o_2">
		  <tekst:Titel>Voorbeelduitwerking transferium 1000 pp.</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="Voorbeelduitwerking_transferium_1000pp.jpeg" formaat="image/jpeg" breedte="1484" hoogte="469" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  <tekst:Bijschrift locatie="onder"/>
		</tekst:Figuur>
		<tekst:Figuur eId="div_6__content_1__img_o_3" wId="gm0482_1-0__div_6__content_1__img_o_3">
		  <tekst:Titel>Voorbeelduitwerking transferium 600 pp.</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="Voorbeelduitwerking_transferium_600pp.jpeg" formaat="image/jpeg" breedte="1483" hoogte="473" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  <tekst:Bijschrift locatie="onder"/>
		</tekst:Figuur>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_6__content_2" wId="gm0482_1-0__div_6__content_2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Onder de brug e.o.</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Een belangrijke aanvullende reden om het
										mobiliteitsprogramma zoveel mogelijk te concentreren bij de
										onderdoorgang bij Ruigenhil is de nabijheid van de Noord.
										Hier kan een waterbushalte komen, als de route vanuit
										Ruigenhil toegankelijk en aantrekkelijk is. We stellen voor
										om het gebied onder de brug op een aantrekkelijke manier aan
										te kleden met een voetpad, een fietspad en groen waar dat
										kan. Door ook de kolommen van de brug een opknapbeurt (en
										kleur) te geven kan er hier een aantrekkelijk gebied
										ontstaan. Aan de noordkant van de brug, tegenover Oceanco,
										kan zelfs aan een klein strandje gedacht worden. Voor de
										halte van de waterbus kan zowel aan de noordkant van de
										brug, als de zuidkant van de brug ruimte worden gevonden.
										Beide locaties zijn nu nog niet ideaal vanwege de huidige
										vaarbewegingen en het volledig in gebruik zijn van de oever
										bij FNsteel.</tekst:Al>
		<tekst:Figuur eId="div_6__content_2__img_o_1" wId="gm0482_1-0__div_6__content_2__img_o_1">
		  <tekst:Titel>Mogelijke invulling onder de brug e.o.</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="Mogelijke_invulling.jpeg" formaat="image/jpeg" breedte="1468" hoogte="409" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  <tekst:Bijschrift locatie="onder"/>
		</tekst:Figuur>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_6__content_3" wId="gm0482_1-0__div_6__content_3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Ruigenhil</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Ruigenhil kent een karakteristieke historische
										woonbebouwing, waardoor het nu ook tot het beschermd
										dorpsgezicht behoord. Ruigenhil is tevens onderdeel van het
										gezoneerde bedrijventerrein, waar bedrijven met de hoogste
										hindercategorie gevestigd zijn en kunnen worden. Bewoning
										binnen een bedrijventerrein is onwenselijk, voor zowel de
										bewoners als voor de bedrijven. Dat de bebouwing niet meer
										voor bewoning kan worden gebruikt, betekent echter niet dat
										geen rekening gehouden kan worden met het karakter van het
										gebied. Ruigenhil moet worden getransformeerd van
										grotendeels (illegaal) wonen naar functies die in een
										gezoneerd bedrijventerrein mogelijk en wenselijk zijn.
										Kleinschalige bedrijvigheid, mobiliteitsfuncties en
										aanvullende kantoorvoorzieningen zijn het makkelijkst binnen
										de schaal en de maat van het gebied in te passen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_6__content_4" wId="gm0482_1-0__div_6__content_4">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Truckparking Grote Beer</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Op deze locatie kan een truckcarparking worden gerealiseerd
										voor zo&#x2019;n 170 vrachtwagens. Dat betekent wel dat het
										aanwezige groen en water bijna geheel moet worden opgeheven.
										Een kleinere truckcarparking is dus aan te bevelen. Een
										truckcarparking van ongeveer 150 plaatsen is volgens de
										provincie nog goed te exploiteren en leidt ertoe dat het
										aanwezige water nog voor een groot deel kan worden behouden.
										De bomengroep aan de zuidkant bij de afslag van de A15 zal
										wel moeten verdwijnen. Daarom zijn er ook twee alternatieve
										opties uitgewerkt. Een enkele rij plaatsen voor vrachtwagens
										zorgt voor minder plaatsen, maar wel voor een doorgaande
										ecologische structuur. Hiervoor zal toch wel een deel van de
										bestaande bomengroep moeten worden verwijderd en zal ook het
										bestaande water worden aangetast. Een concentratie van
										plaatsen aan de zuidkant zorgt ervoor dat de water- en
										groenstructuur in het noorden kan worden behouden, maar de
										bomengroep aan de zuidkant zal wel moeten verdwijnen. De
										laatste opties hebben tussen de 80 en 90 plaatsen, maar
										behouden wel een deel van de groene en ecologische waarde en
										zijn ook ruimtelijk aantrekkelijker.</tekst:Al>
		<tekst:Figuur eId="div_6__content_4__img_o_1" wId="gm0482_1-0__div_6__content_4__img_o_1">
		  <tekst:Titel>Grotere truckparking optie 1</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="Grotere_truckparking_optie1.jpeg" formaat="image/jpeg" breedte="731" hoogte="694" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  <tekst:Bijschrift locatie="onder"/>
		</tekst:Figuur>
		<tekst:Figuur eId="div_6__content_4__img_o_2" wId="gm0482_1-0__div_6__content_4__img_o_2">
		  <tekst:Titel>Grotere truckparking optie 2</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="Grotere_truckparking_optie2.jpeg" formaat="image/jpeg" breedte="728" hoogte="689" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  <tekst:Bijschrift locatie="onder"/>
		</tekst:Figuur>
		<tekst:Figuur eId="div_6__content_4__img_o_3" wId="gm0482_1-0__div_6__content_4__img_o_3">
		  <tekst:Titel>Kleinere truckparking 90 pp.</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="Kleinere_truckparking_90pp.jpeg" formaat="image/jpeg" breedte="722" hoogte="693" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  <tekst:Bijschrift locatie="onder"/>
		</tekst:Figuur>
		<tekst:Figuur eId="div_6__content_4__img_o_4" wId="gm0482_1-0__div_6__content_4__img_o_4">
		  <tekst:Titel>Kleinere truckparking 80 pp.</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="Kleinere_truckparking_80pp.jpeg" formaat="image/jpeg" breedte="727" hoogte="686" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  <tekst:Bijschrift locatie="onder"/>
		</tekst:Figuur>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	  </tekst:Divisie>
	  <tekst:Divisie eId="div_7" wId="gm0482_1-0__div_7">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Nummer>6.</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Programma</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_7__content_1" wId="gm0482_1-0__div_7__content_1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Economie en werkgelegenheid</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In 2021 heeft Stec Groep de behoefteramingen voor
										bedrijventerreinen in de provincie Zuid-Holland opgesteld.
										De gemeente Alblasserdam is onderdeel van het marktgebied
										Zuid-Holland Zuid. De gemeente Alblasserdam is daarin
										onderdeel van de subregio Drechtsteden. Op basis van de
										behoefteramingen voor de periode 2021 t/m 2030 is voor de
										subregio Drechtsteden de conclusie getrokken dat de geraamde
										vraag t/m 2030 minimaal 70, resp. 43 ha bedraagt en maximaal
										171, resp. 102 ha. Binnen die marge bestaat voor
										Drechtsteden een constante van 14 ha van de behoefte uit
										vervangingsvraag als gevolg van transformatie van
										bedrijventerreinen naar andere functies.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Om de ruimtevraag op basis van werkgelegenheid in de
										gemeente Alblasserdam te bepalen: in de periode 2010-2019
										heeft in de gemeente Alblasserdam ca. 6% (= 3,6 ha) van de
										totale uitgifte in de Drechtsteden plaatsgevonden. De omvang
										van het netto uitgegeven areaal bedrijventerrein in de
										gemeente Alblasserdam is ca. 139,8 ha. Dit is ca. 12,3% van
										de totale netto omvang bedrijventerrein in de Drechtsteden.
										In de gemeente Alblasserdam zijn er ca. 5.200 banen op
										bedrijventerreinen. Dit is ca. 8% van de totale
										werkgelegenheid op bedrijventerreinen in de Drechtsteden. De
										gemeente Alblasserdam omvat ca. 6,6% (9.030 banen) van de
										totale werkgelegenheid in de Drechtsteden (136.770 banen).
										Op basis van bovenstaande is de verwachting dat de extra
										vraag naar bedrijventerreinen in Alblasserdam 3,4 ha
										bedraagt t/m 2030 bij scenario Laag en 8,2 ha bedraagt in
										scenario Hoog.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Wie een luchtfoto maakt van de bedrijventerreinen bezuiden
										de A15 zal al gauw tot de conclusie komen dat naast
										bedrijfsgebouwen, het gebied een grote parkeerplaats is. Ook
										wordt in het merendeel van de gevallen planologisch slechts
										50% van de kavel als te bebouwen aangemerkt. Dit en een
										gebrek aan alternatieven voor de te stallen auto&#x2019;s van
										personeelsleden leiden mede tot de volgende conclusies.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Redenen voor bedrijven om te willen verplaatsen zijn:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst eId="div_7__content_1__list_o_1" wId="gm0482_1-0__div_7__content_1__list_o_1" type="ongemarkeerd">
		  <tekst:Li eId="div_7__content_1__list_o_1__item_a" wId="gm0482_1-0__div_7__content_1__list_o_1__item_a">
		    <tekst:Al>Verwachte toename van bedrijfsactiviteiten;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_7__content_1__list_o_1__item_b" wId="gm0482_1-0__div_7__content_1__list_o_1__item_b">
		    <tekst:Al>Geen uitbreidingsmogelijkheden;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_7__content_1__list_o_1__item_c" wId="gm0482_1-0__div_7__content_1__list_o_1__item_c">
		    <tekst:Al>Te klein pand;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_7__content_1__list_o_1__item_d" wId="gm0482_1-0__div_7__content_1__list_o_1__item_d">
		    <tekst:Al>Beperkte gebruiksmogelijkheden.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>In Alblasserdam is er momenteel nog slechts 1 ha
										uitgeefbaar, waarvoor zich vele ge&#239;nteresseerde bedrijven
										hebben gemeld. Daarnaast is er geen sprake van beperkte
										leegstand; dit duidt op een tekort en gebrek aan dynamiek op
										de markt.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisie eId="div_7__div_7.1" wId="gm0482_1-0__div_7__div_7.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Ergo</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_7__div_7.1__content_1" wId="gm0482_1-0__div_7__div_7.1__content_1">
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Er is een groter aanbod aan bedrijfslocaties en -hallen
											nodig in de gemeente.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Omdat uitbreidingsruimte zeer beperkt aanwezig is, lijkt
											het eerder soelaas te bieden om in te zetten op
											uitbreiding waar mogelijk op een dusdanige wijze van
											ruimtegebruik, dat effectief meer ruimte beschikbaar
											komt voor bedrijfsactiviteiten.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	    </tekst:Divisie>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_7__content_2" wId="gm0482_1-0__div_7__content_2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Relatie met omliggende bedrijfsterreinen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De behoefte aan een transferium wordt voor de ondernemingen
										op de naastgelegen bedrijventerreinen gevormd doordat er een
										te groot beslag op relatief dure grond op bedrijfsterreinen
										voor parkeren van eigen werknemers plaatsvindt.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Dat kan negatieve gevolgen hebben voor de bedrijfsvoering.
										Juist vanwege het geconstateerde gebrek aan nieuwe ruimte
										voor bedrijfsterreinen, zullen we het voornamelijk moeten
										doen met de bestaande. Ineffici&#235;nt gebruik van de ruimte,
										bijv. door parkeren van eigen werknemers, leidt ertoe dat
										bedrijven al snel tegen de grenzen van hun groei aanlopen
										door gebrek aan uitbreidingsmogelijkheden, en zullen dan
										eerder dure verplaatsingsopties overwegen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Daarnaast geldt dat voor de bedrijventerreinen in
										Alblasserdam en Papendrecht ongeveer 40% van de werknemers
										op minder dan 7,5 kilometer van hun werk wonen. Opties als
										elektrisch fietsen en openbaar vervoer (eventueel gekoppeld
										aan deelvervoer voor de &#x2018;last mile&#x2019;) komen dan al snel in
										zicht. Door in te zetten op een vervoermanagement voor
										bedrijven, waardoor tevens fiscaal en anderszins
										aantrekkelijke afspraken kunnen worden gemaakt met
										werknemers om andere vervoersvormen te kiezen (bij voorkeur
										langzaam vervoer), kan van de zijde van de gemeente
										planologisch het percentage bebouwd gebied op het
										bedrijventerrein worden vergroot, hetgeen een extra impuls
										kan zijn, naast het verhogen van de vastgoedwaarde.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het ligt in het voornemen om bedrijventerrein
										Vinkewaard-Noord te transformeren naar een locatie voor
										woningbouw. Naast de ten zuiden van Poort aan de Noord
										gelegen gronden op het vm. Nedstaalterrein kan als
										hervestigingslocatie ook gedacht worden aan de binnen het
										plangebied gedachte locatie. Dat verdient nader
										onderzoek.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_7__content_3" wId="gm0482_1-0__div_7__content_3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Voorzieningen voor Alblasserdam</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In het gebied is voldoende ruimte voor alle soorten van
										mobiliteitsvoorzieningen die we nu kennen en misschien in de
										toekomst nog bijkomen. Deze voorzieningen zijn van belang
										voor de bedrijven, maar hebben ook een functie voor het
										centrum van Alblasserdam. De bereikbaarheid van het centrum
										van Alblasserdam wordt vergroot, doordat het makkelijker
										wordt om er te komen met de bus of (deel)fiets en in het
										gebied komt parkeergelegenheid voor bezoekers, waardoor de
										parkeerdruk in het centrum kan worden verlicht. Hierdoor
										ontstaat in het centrum meer ruimte voor groen en beleving
										en kunnen er meer bezoekers worden gefaciliteerd. Het gebied
										ontlast zo het centrum, maar het gebied kan meer te bieden
										hebben voor de Alblasserdammer. De grote groengebieden in de
										Poort aan de Noord kunnen ook beter gebruikt worden door de
										Alblasserdammer als ze beter ontsloten worden en er functies
										aan toegevoegd worden, zoals bijvoorbeeld een trimparcours.
										De functies die gekoppeld zijn aan de Mobility Hub, zoals
										een fietswinkel of horeca kunnen natuurlijk ook door de
										Alblasserdammer gebruikt worden. Als Ruigenhil
										getransformeerd kan worden voor kleinschalige bedrijvigheid
										en de bedrijven kunnen op hun terrein uitbreiden, komt er
										meer werkgelegenheid bij, waar de Alblasserdammer ook van
										kan profiteren. Iedereen kan profiteren van het
										mobiliteitsprogramma voor de kwaliteitsverbetering van het
										gebied. Alblasserdam krijgt zo de entree die het
										verdient.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_7__content_4" wId="gm0482_1-0__div_7__content_4">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Groene voorzieningen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Lijst eId="div_7__content_4__list_o_1" wId="gm0482_1-0__div_7__content_4__list_o_1" type="ongemarkeerd">
		  <tekst:Li eId="div_7__content_4__list_o_1__item_a" wId="gm0482_1-0__div_7__content_4__list_o_1__item_a">
		    <tekst:Al>Dijk als een speeltuin</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_7__content_4__list_o_1__item_b" wId="gm0482_1-0__div_7__content_4__list_o_1__item_b">
		    <tekst:Al>Dijk hardlooproute</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_7__content_4__list_o_1__item_c" wId="gm0482_1-0__div_7__content_4__list_o_1__item_c">
		    <tekst:Al>Lineair skatepart langs de dijk</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_7__content_4__list_o_1__item_d" wId="gm0482_1-0__div_7__content_4__list_o_1__item_d">
		    <tekst:Al>Honden speelplaats</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_7__content_4__list_o_1__item_e" wId="gm0482_1-0__div_7__content_4__list_o_1__item_e">
		    <tekst:Al>Kruidentuin</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_7__content_4__list_o_1__item_f" wId="gm0482_1-0__div_7__content_4__list_o_1__item_f">
		    <tekst:Al>Wateropslag</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_7__content_4__list_o_1__item_g" wId="gm0482_1-0__div_7__content_4__list_o_1__item_g">
		    <tekst:Al>Ecologische voorzieningen -Ecologische corridor</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="div_7__content_4__list_o_1__item_h" wId="gm0482_1-0__div_7__content_4__list_o_1__item_h">
		    <tekst:Al>Water recreatie</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	  </tekst:Divisie>
	  <tekst:Divisie eId="div_8" wId="gm0482_1-0__div_8">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Nummer>7.</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Ruimtegebruik en fasering</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Divisietekst eId="div_8__content_1" wId="gm0482_1-0__div_8__content_1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Grond- en ruimtegebruik</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Op dit moment zijn er verschillende grondposities in het
										gebied. Een groot deel van de openbare ruimte en het gebied
										onder de brug is van de gemeente Alblasserdam. Het deel waar
										de truckparking op gepland is behoort bij het
										Rijksvastgoedbedrijf (De Staat). De brug en de tunnel zijn
										ook van de Staat. De dijk langs de Kabelbaan is voor een
										groot deel van het waterschap. De meeste posities zijn dus
										in handen van verschillende overheden. Alleen langs
										Ruigenhil ligt nog particulier bezit, maar daar is de
										gemeente Alblasserdam bezig met het verwerven op basis van
										een vastgestelde Wvg. Uiteindelijk is de wens dat het hele
										gebied in handen komt van de verschillende overheden, wat
										ook logisch is vanwege het algemene belang van het gebied
										voor mobiliteit en waterbescherming. Ook vanuit de
										grondposities is het dus van groot belang dat er goede
										afstemming tussen de gemeente Alblasserdam en de andere
										overheden is om de gebiedsvisie tot uitvoering te laten
										komen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De grootste ruimtevrager in het gebied is de
										truckcarparking, waarbij de maximale variant met 160
										plaatsen ongeveer 70.400 m2 in beslag neemt, dat zijn bijna
										15 voetbalvelden. De kleinste ruimtevrager is het
										Transferium met nog geen 9.100 m2 aan vloeroppervlak, wat
										niet alleen komt door de compacte opzet, maar natuurlijk ook
										door de meerlaagse oplossing.</tekst:Al>
		<tekst:Figuur eId="div_8__content_1__img_o_1" wId="gm0482_1-0__div_8__content_1__img_o_1">
		  <tekst:Titel>Ruimtegebruik plangebied</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="Grond-_en_ruimtegebruik_tabel.jpeg" formaat="image/jpeg" breedte="375" hoogte="292" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  <tekst:Bijschrift locatie="onder"/>
		</tekst:Figuur>
		<tekst:Al>Bij realisatie van een maximale truckcarparking blijft er
										nog ongeveer 83.000 m2 aan groene gebieden over. Dat is iets
										meer dan de 38.000 m2 aan ruimte die nodig is en blijft voor
										de wegen. Ruigenhil neemt iets meer dan 11.000 m2 in beslag.
										Dan is er ook nog ruim 18.000 m2 ruimte onder de brug naar
										de Noord.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het valt op dat het belangrijkste programmaonderdeel, het
										transferium, de kleinste ruimtevraag heeft en het
										programmaonderdeel met de minste meerwaarde voor
										Alblasserdam, de truckcarparking, de grootste ruimtevraag en
										daarmee de grootste impact heeft op het gebied.</tekst:Al>
		<tekst:Figuur eId="div_8__content_1__img_o_2" wId="gm0482_1-0__div_8__content_1__img_o_2">
		  <tekst:Titel>Overzichtskaart ruimtegebruik plangebied</tekst:Titel>
		  <tekst:Illustratie naam="Ruimtegebruik_en_fasering.jpeg" formaat="image/jpeg" breedte="722" hoogte="433" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		  <tekst:Bijschrift locatie="onder"/>
		</tekst:Figuur>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisie eId="div_8__div_8.1" wId="gm0482_1-0__div_8__div_8.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Planning en fasering</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_8__div_8.1__content_1" wId="gm0482_1-0__div_8__div_8.1__content_1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Opschrift>Geleidelijk ontwikkelen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Alle programmaonderdelen (behalve de truckparking)
											hebben een grote relatie met elkaar en functioneren
											optimaal als ze gerealiseerd zijn en aan elkaar zijn
											gekoppeld. Dit betekent niet dat ze ook allemaal
											tegelijkertijd gerealiseerd moeten worden om het gebied
											tot ontwikkeling te brengen. Veel programmaonderdelen
											kunnen juist onafhankelijk van elkaar gerealiseerd
											worden, omdat ze fysiek niet aan elkaar zijn gekoppeld.
											Zie het als puzzelstukjes die onafhankelijk van elkaar
											en op een willekeurige volgorde uiteindelijk tot &#233;&#233;n
											groot plaatje leiden. Als de visie klaar is en gedragen
											wordt door gemeente en andere belanghebbenden kan er
											meteen met de uitvoering van de delen gestart worden. De
											snelheid waarmee dit gebeurt is afhankelijk van het
											vrijkomen van budgetten en de capaciteit van de
											opdrachtgever. Sommige puzzelstukjes zijn belangrijker
											dan andere en weer andere hebben meer relaties. Het is
											van belang dat er een goede afstemming komt in
											uitvoering en ontwerp, zodat het gebied gestaag tot
											leven gaat komen. Belangrijke randvoorwaarde is wel de
											aantrekkelijkheid van het gebied onder de brug, waar
											alle afzonderlijke programmaonderdelen een bijdrage aan
											zullen moeten leveren en dat het liefst als eerste wordt
											uitgevoerd.</tekst:Al>
		  <tekst:Figuur eId="div_8__div_8.1__content_1__img_o_1" wId="gm0482_1-0__div_8__div_8.1__content_1__img_o_1">
		    <tekst:Titel>Indicatieve planning Poort aan de Noord</tekst:Titel>
		    <tekst:Illustratie naam="Indicatieve_planning_Poort_aan_de_Noord.jpeg" formaat="image/jpeg" breedte="768" hoogte="309" alt="" dpi="300" uitlijning="start"/>
		    <tekst:Bijschrift locatie="onder"/>
		  </tekst:Figuur>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	    </tekst:Divisie>
	    <tekst:Divisie eId="div_8__div_8.2" wId="gm0482_1-0__div_8__div_8.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Opschrift>Maatschappelijke uitvoerbaarheid</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_8__div_8.2__content_1" wId="gm0482_1-0__div_8__div_8.2__content_1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Nummer>7.3.1.Globaal</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>eindbeeld</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Er wordt een eindbeeld geschetst op basis van een
											analyse. Deze start bij de huidige insteek gebaseerd op
											een optelsom van projecten, vervolgens <tekst:IntIoRef eId="div_8__div_8.2__content_1__ref_o_5" wId="gm0482_1-0__div_8__div_8.2__content_1__ref_o_5" ref="gm0482_1-0__cmp_I__content_o_1__list_o_1__item_o_1__ref_o_1">het gebied Poort aan de Noord</tekst:IntIoRef> nader in
											context te plaatsen vanuit de hoofdopgave, om vervolgens
											betreffende eindbeeld te formuleren. De analyse vindt
											plaats vanuit het perspectief van de bereikbaarheid voor
											de reiziger naar haar en/of zijn einddoel: korte
											verplaatsingstijd, sociaal veilig, verkeersveilig.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Daarbij past ook dat er geen rechte weg is naar het
											eindbeeld. Deze zal altijd via suboptimale zijwegen weer
											naar de hoofdweg moeten leiden. Voorbeeld hiervan is
											bijvoorbeeld het huidige voorstel voor het transferium
											onder de brug. In de startfase (thans) is het voorstel
											om deze op maaiveldniveau te realiseren. Dat is een
											tijdelijke oplossing vanuit goed ruimtegebruik en
											optimalisering van de mogelijkheden en aansluiten bij de
											behoeften vanuit de samenleving, zal dit eerder in
											relatief lichte constructies onder de brug moeten
											uitmonden met een veelvoud aan geconcentreerde
											parkeercapaciteit. Zoals eerder reeds gemeld is dat
											vooral afhankelijk van de gewenste benodigde maatregelen
											in het kader van HWBP en het renovatie onderhoud van de
											brug als rijksmonument.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Tegelijkertijd betekent dat ook dat we kiezen voor een
											zo direct mogelijk organiseren van de verschillende
											aspecten van de mobiliteitshub: deelparkeren, zo snel
											mogelijk komen tot afspraken over verbinding OV,
											vervoerrelatie met Kinderdijk goed vormgeven, etc.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>De truckparking staat in zijn aard (vrachtwagens) los
											van de mobiliteitshub en wordt als een separaat project,
											in het vele honderden meters lange gebied van Poort aan
											de Noord, op de meest gewenste plaats langs de rijksweg
											gesitueerd, aan de oostkant nabij de af- en toerit.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>De fasering van de realisaties naar de toekomst is op
											dit moment niet in jaargangen te duiden. We schetsen in
											deze fase een eindbeeld als visie en programma waarop
											gestuurd kan worden.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_8__div_8.2__content_2" wId="gm0482_1-0__div_8__div_8.2__content_2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Nummer>7.3.2.</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Financieel-economische
											uitvoerbaarheid</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>In het programma worden verschillende projecten
											onderscheiden, die direct een verband kunnen onderhouden
											met de financi&#235;le positie en inbreng van de gemeente.
											Met nadruk wordt gezegd &#x201c;kunnen&#x201d;, aangezien dit mede
											afhankelijk is van het belanghouderschap en daarmee de
											(ook financi&#235;le) inzet van derden (provincie,
											Rijkswaterstaat, ondernemers). Dat bepaalt ook de
											financieel-economische uitvoerbaarheid op termijn.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Daarbij hebben wij in het achterhoofd gehouden dat de
											financi&#235;le mogelijkheden niet onbeperkt zijn,
											integendeel. Daarom bevat de uitvoeringsstrategie de
											maatregelen, die wij denken dat echt (en als eerste)
											nodig zijn.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Dit betreft in eerste instantie de eerste fase van de
											realisatie van het transferium onder de brug. Deze is
											ook financieel gedekt. Het financieren en realiseren van
											de andere maatregelen zal de komende jaren een grote
											opgave zijn, waarvoor wij de financi&#235;le middelen niet
											direct zelf voorhanden zullen hebben. Het is niet
											realistisch om in &#233;&#233;n keer al het benodigde budget te
											organiseren voor de uitvoering van het beoogde
											programma. Budgetten zullen stap voor stap gevonden
											worden.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Voor een deel is financiering door zelfs meerdere
											partijen noodzakelijk, ook vanwege de vervlochten
											verantwoordelijkheden en beleidsinzetten van meerdere
											overheden. Vaak zal de bijdrage van Alblasserdam dan
											vaak slechts een zeer beperkt onderdeel van het totaal
											zijn.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Een belangrijk onderdeel zullen de te verwerven
											subsidies zijn. De provincie Zuid-Holland is daarbij een
											hele belangrijke partner. Vooral bij projecten met een
											grotere impact (bushaltering, vervoer over water,
											transferia) zijn er kansen. De projecten hebben direct
											impact op het regionale en rijkswegennetwerk. Daarom is
											het van belang om met de provincie samen op te trekken.
											Ook van de zijde van het Rijk verwachtten we, onder
											andere vanwege het grote belang van Poort aan de Noord
											voor de Rotterdamse haven, inzet. We kijken dan niet
											alleen naar specifieke subsidiekansen, zoals voor
											fietsenstallingen en verkeersveiligheid, maar ook in
											gezamenlijk verband met de Drechtsteden
											(Regiodeal).</tekst:Al>
		  <tekst:Al>In Europa zullen we moeten kijken naar mogelijkheden
											voor infrastructuur van grote projecten van continentaal
											belang (A15), als meer innovatieve projecten gericht op
											onder meer nieuwe mobiliteitstechnieken, stimuleren
											fietsen, etc. Alblasserdam zal dat niet alleen kunnen en
											willen. Dit zal samen met de provincie en Drechtsteden
											moeten gebeuren, waarbij Alblasserdam juist ten opzichte
											van een centrumgemeente als Dordrecht van toegevoegde
											waarde kan zijn, vanwege het
											gemeentegrensoverschrijdende en daarmee regionale
											karakter van de aanpak. Ook programma&#x2019;s gericht op
											bijvoorbeeld duurzaamheid en economische ontwikkeling
											bieden kansen</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Niet voor alle projecten moet het complete budget nieuw
											worden gevonden. Er liggen ook kansen om werk met werk
											te maken, met name in de vervangings- en
											onderhoudsprojecten (denk daarbij aan het herstel en
											renovatie van de brug over de Noord van Rijswaterstaat
											in 2026-2027). Ook door onderhoud van een straat te
											combineren met herinrichting, hoeft minder nieuw budget
											gevonden te worden. Bovendien kan dit overheidsgeld vaak
											(deels) worden ingezet als cofinanciering bij
											subsidieaanvragen.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_8__div_8.2__content_3" wId="gm0482_1-0__div_8__div_8.2__content_3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Transferium</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>(onder de brug)</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Op dit moment (anno 2024) wordt gewerkt aan de eerste
											fase van een transferium onder de brug in de vorm van
											verharding en straatmeubilair. Dit isin een later
											stadium bedoeld voor de afwikkeling van het toeristische
											verkeer richting Unesco Werelderfgoed Kinderdijk , en in
											een later stadium voor grote bedrijven als Oceanco en
											Fokker. Voor deze aanleg is een subsidie van 1,3 miljoen
											euro verstrekt vanuit de Regiodeal Drechtsteden en
											worden bijdragen van genoemde en mogelijk andere
											bedrijven als stallingsfee verstrekt. Er wordt
											voorwaardelijk uitgegaan van kostendekkende exploitatie
											van het transferium en daarmee voor de Stichting
											Werelderfgoed Kinderdijk (SWEK) en individuele
											ondernemingen, zonder verdere bijdragen van de gemeente
											Alblasserdam.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_8__div_8.2__content_4" wId="gm0482_1-0__div_8__div_8.2__content_4">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Opschrift>Vervoer over water</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Rijkswaterstaat verkent op dit moment, samen met de
											provincie Zuid-Holland, Aqualiner en de gemeente
											Alblasserdam, de mogelijkheden voor vervoer over water
											vanaf een mogelijke extra haltering van de waterbus in
											de omgeving van de brug over de Noord. Deze zou mogelijk
											busvervoer richting Kinderdijk, vanaf het transferium,
											overbodig kunnen maken, dan wel minimaliseren. In geval
											deze optie mogelijk blijkt, zullen de kosten voor aanleg
											van de steiger en de looproute tussen transferium en
											steiger, nader bekeken moeten worden voor wat betreft de
											kostendragers en in eerste instantie worden gedragen
											door de opbrengsten uit de exploitatie van het
											bezoekersmanagement SWEK door verminderd busvervoer. De
											exploitatie van de waterbus wordt gedragen door
											Aqualiner.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_8__div_8.2__content_5" wId="gm0482_1-0__div_8__div_8.2__content_5">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Transferium</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>2</tekst:Nummer>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Het is de bedoeling dat op de locatie onder en naast de
											brug een permanent gebouwd transferium wordt
											gerealiseerd. Het tijdstip van komst is afhankelijk van
											twee voorwaarden: het waterschap moet zich uitgesproken
											hebben over de wijze waarop het van rijkswege
											gelanceerde Hoogwaterbeschermingsprogramma onder de brug
											en bij de tunnelbak zijn vorm gaat krijgen, en ten
											tweede zal de vraag naar geconcentreerde parkeerruimte
											bij de bedrijven op het bedrijventerrein ten zuiden van
											de A15 substantieel moeten blijken te zijn (o.a. vanwege
											de behoefte aan uitbreidingsruimte voor bedrijvigheid).
											Voor wat betreft het laatste kan al wel een deel van het
											gebouwde transferium worden gerealiseerd buiten de
											profielvrije ruimte van het waterschap. Daarnaast kan
											ook worden gedacht aan de realisatie van een transferium
											op het gebied Ruigenhil vooruitlopend op deze
											ontwikkelingen.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>De aanpassingen die op de brug gewenst zijn, zoals het
											aanleggen van bushaltes, het toevoegen van een
											2-richtingenfietspad en het weghalen van de smalle
											1-richtingsfietspaden, moeten natuurlijk in afstemming
											met Rijkswaterstaat gedaan worden, die de eigenaar van
											de brug is. Hierbij gaat het over financiering,
											constructieve en ruimtelijke mogelijkheden. De getekende
											plannen zijn de basis voor het overleg, maar kunnen
											natuurlijk veranderen als er uit nader onderzoek betere
											alternatieven komen.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_8__div_8.2__content_6" wId="gm0482_1-0__div_8__div_8.2__content_6">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Opschrift>Verwerving en herbestemming Ruigenhil</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Vanwege de gezondheidssituatie door de omliggende
											bedrijven, hebben sinds de komst van de wet Ruimtelijke
											Ordening in 1962 en zijn inwerkingtreding in 1965, de
											gebouwen aan de Ruigenhil geen woonbestemming gekregen.
											Deze gebouwen zijn voor een belangrijk deel wel steeds
											bewoond gebleven. De gemeente heeft een voorkeursrecht
											gevestigd in geval van verkoop door de eigenaren van de
											woningen. Dit geschiedt op basis van vrijwilligheid.
											Inmiddels is ongeveer 60 percent van de woningen
											aangekocht door de gemeente. De gemeenteraad heeft
											hiervoor krediet verstrekt. Het is de bedoeling dat de
											woningen worden herbestemd in een op basis van deze
											visie te maken omgevingsplan. Hierbij is voor de kop van
											de Ruigenhil gedacht aan transferium- en
											mobiliteitsvoorzieningen en voor het overige
											(zuidelijke) deel aan bedrijfsruimte. De kosten en
											opbrengsten, zoals deze op basis van het voorliggende
											programma kunnen worden gerealiseerd, sluiten aan op het
											berekende saldo in het kredietbesluit van de
											gemeenteraad. Op basis van het nader te ontwikkelen en
											goed te keuren omgevingsplan kan de gemeente daarna
											overgaan op inzet van het dwingende instrument van
											onteigening van de gebouwen.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_8__div_8.2__content_7" wId="gm0482_1-0__div_8__div_8.2__content_7">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Opschrift>Truckcarparking</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Ten behoeve van o.a. de Rotterdamse haven, maar ook
											vanwege het tekort aan bewaakte veilige truckparkings in
											Nederland, is het Rijk samen met provincies een
											zoektocht gestart naar geschikte locaties, waar
											chauf&#172;feurs hun truck vei&#172;lig par&#172;ke&#172;ren, zo&#172;dat de kans
											op la&#172;ding&#172;dief&#172;stal en in&#172;bra&#172;ken be&#172;perkt is. De
											be&#172;vei&#172;lig&#172;de par&#172;keer&#172;plaat&#172;sen bie&#172;den de chauf&#172;feur
											naast vei&#172;lig&#172;heid ook com&#172;fort. In de zoektocht naar
											een goede locatie voor een truckparking in de
											Drechtsteden is een locatie gevonden in Alblasserdam,
											naast de A15 aan de Grote Beer binnen <tekst:IntIoRef eId="div_8__div_8.2__content_7__ref_o_6" wId="gm0482_1-0__div_8__div_8.2__content_7__ref_o_6" ref="gm0482_1-0__cmp_I__content_o_1__list_o_1__item_o_1__ref_o_1">het gebied Poort aan de Noord</tekst:IntIoRef>. Deze
											locatie lijkt geschikt voor ontwikkeling tot
											truckparking en biedt daarmee (deels) een alternatief
											qua benodigde capaciteit voor de originele gedachte ter
											hoogte van Dordrecht naast de A16.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Deze locatie is eigendom van Rijkswaterstaat. De
											gemeente Alblasserdam heeft aangegeven geen bezwaar te
											hebben tegen deze locatie, voor zover de locatie niet
											belemmerend werkt voor een mogelijke verbreding van de
											A15. De keuze van het exploitatiemodel legt Alblasserdam
											neer bij Rijkswaterstaat en andere belanghebbende
											partijen. Bij de biedingseisen voor exploitatie van het
											terrein wil Alblasserdam betrokken zijn, voor wat
											betreft opstalruimte voor vrachtwagens uit Alblasserdam,
											eventuele tijdelijke opstalruimte voor voertuigen
											verbonden aan evenementen in Alblasserdam en een aantal
											veiligheidswaarborgen, zowel op het gebied van de
											verkeersveiligheid, als de sociale veiligheid. De aanleg
											en exploitatie wordt geheel gedragen door de initiatief
											nemende partijen en de exploitant.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_8__div_8.2__content_8" wId="gm0482_1-0__div_8__div_8.2__content_8">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Opschrift>Nieuwe locaties wonen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Eventuele meerkosten vanwege het gebruik van
											geconcentreerde parkeervoorzieningen in Poort aan de
											Noord, worden ten laste gebracht van de exploitatie van
											die locaties.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Mobiliteitshub: Openbaar Vervoer, publiek vervoer en
											(deel)vervoer.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Hierbij moet worden gedacht aan de inzet van de
											herprofilering vanwege renovatiewerkzaamheden op de brug
											en van de weg, alsmede een haltering die meer
											reizigerspotentieel oplevert voor QBuzz, te betrekken
											bij de verkenning van de concessie.</tekst:Al>
		  <tekst:Al>Het deelvervoer zal in beginsel, ook vanwege de
											gebruikers met een bijdrage, de vigerende
											subsidiestromen van provincie en Rijk moeten worden
											opgebracht. De toekomst van het publieke vervoer en de
											aansluiting op het openbaar vervoer, kent de WMO als
											kostendrager. Uitgangspunt daarbij is in principe
											budgettair-neutraal.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	      <tekst:Divisietekst eId="div_8__div_8.2__content_9" wId="gm0482_1-0__div_8__div_8.2__content_9">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Opschrift>F15 (incl. fietslus)</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Op dit moment wordt gekeken naar de verbetering van het
											grootste obstakel van het fietsverkeer langs de A15, en
											dat is de kruising Edisonweg/Grote Beer. De kosten van
											aanleg van ongelijkvloerse voorzieningen bedragen
											ongeveer 12 miljoen euro. De inzet is om deze met behulp
											van enerzijds de mitigerende maatregelen en de
											beschikbare gelden daarvoor van uitstel van de
											verbreding van de A15 te financieren, anderzijds om een
											beroep te doen op het budget verkeersveiligheid van het
											ministerie van I en W.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Divisietekst>
	    </tekst:Divisie>
	  </tekst:Divisie>
	</tekst:Lichaam>
	<tekst:Bijlage eId="cmp_I" wId="gm0482_1-0__cmp_I">
	  <tekst:Kop>
	    <tekst:Label>Bijlage</tekst:Label>
	    <tekst:Nummer>I</tekst:Nummer>
	    <tekst:Opschrift>Overzicht informatieobjecten</tekst:Opschrift>
	  </tekst:Kop>
	  <tekst:Divisietekst eId="cmp_I__content_o_1" wId="gm0482_1-0__cmp_I__content_o_1">
	    <tekst:Inhoud>
	      <tekst:Begrippenlijst eId="cmp_I__content_o_1__list_o_1" wId="gm0482_1-0__cmp_I__content_o_1__list_o_1">
		<tekst:Begrip eId="cmp_I__content_o_1__list_o_1__item_o_1" wId="gm0482_1-0__cmp_I__content_o_1__list_o_1__item_o_1">
		  <tekst:Term>het gebied Poort aan de Noord</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>
												<tekst:ExtIoRef eId="cmp_I__content_o_1__list_o_1__item_o_1__ref_o_1" wId="gm0482_1-0__cmp_I__content_o_1__list_o_1__item_o_1__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/gm0482/2024/ALB-PR-PADN/nld@2024-10-02">/join/id/regdata/gm0482/2024/ALB-PR-PADN/nld@2024-10-02</tekst:ExtIoRef>
											</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
	      </tekst:Begrippenlijst>
	    </tekst:Inhoud>
	  </tekst:Divisietekst>
	</tekst:Bijlage>
      </tekst:RegelingVrijetekst>
    </lvbbu:RegelingVersie>
    <lvbbu:AnnotatieBijToestand>
      <data:ExpressionIdentificatie xmlns:data="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/data/">
	<data:FRBRWork>/akn/nl/act/gemeente/2024/CVDR725214</data:FRBRWork>
	<data:FRBRExpression>/akn/nl/act/gemeente/2024/CVDR725214/nld@2024-10-04</data:FRBRExpression>
	<data:soortWork>/join/id/stop/work_006</data:soortWork>
      </data:ExpressionIdentificatie>
      <data:RegelingMetadata xmlns:data="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/data/">
	<data:heeftCiteertitelInformatie>
	  <data:CiteertitelInformatie>
	    <data:citeertitel>Omgevingsprogramma Poort aan de Noord</data:citeertitel>
	    <data:isOfficieel>true</data:isOfficieel>
	  </data:CiteertitelInformatie>
	</data:heeftCiteertitelInformatie>
	<data:eindverantwoordelijke>/tooi/id/gemeente/gm0482</data:eindverantwoordelijke>
	<data:maker>/tooi/id/gemeente/gm0482</data:maker>
	<data:officieleTitel>Omgevingsprogramma Poort aan de Noord</data:officieleTitel>
	<data:onderwerpen>
	  <data:onderwerp>/tooi/def/concept/c_9af4b880</data:onderwerp>
	</data:onderwerpen>
	<data:rechtsgebieden>
	  <data:rechtsgebied>/tooi/def/concept/c_638d8062</data:rechtsgebied>
	</data:rechtsgebieden>
	<data:soortRegeling>/join/id/stop/regelingtype_010</data:soortRegeling>
	<data:soortBestuursorgaan>/tooi/def/thes/kern/c_28ecfd6d</data:soortBestuursorgaan>
      </data:RegelingMetadata>
    </lvbbu:AnnotatieBijToestand>
  </lvbbu:Consolidatie>
</lvbbu:Consolidaties>
