<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR72178_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Gedragscode voor de Commissaris van de Koningin van de provincie Zuid-Holland (Gedragscode voor de Commissaris van de Koningin van de provincie Zuid-Holland)</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Provincie">Zuid-Holland</dcterms:creator><dcterms:modified>2003-04-17</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Provincie">Zuid-Holland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Onbekend</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Gedragscode voor de Commissaris van de Koningin van de provincie Zuid-Holland</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gedragscode voor de Commissaris van de Koningin van de provincie Zuid-Holland</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanProvincie">provinciale staten</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2003-04-16</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2003-04-17</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2023-02-24</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Voordracht nr. 5294</overheidrg:kenmerk><overheidrg:onderwerp>bestuurlijke organisatie, integriteit</overheidrg:onderwerp><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Gedragscode voor de Commissaris van de Koningin van de provincie Zuid-Holland (Gedragscode voor de Commissaris van de Koningin van de provincie Zuid-Holland)</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Besluit van Provinciale Staten van Zuid-Holland van 16 april 2003 tot
                        vaststelling van de Gedragscode voor de Commissaris van de Koningin van de
                        provincie Zuid-Holland (voordracht nr. 5294)</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>Deel II Gedragscode bestuurlijke integriteit</titel></kop><artikel><kop><titel>Artikel 1 Algemene bepalingen</titel></kop><al>1. Deze gedragscode verstaat onder:</al><lijst><li nr=""><al>- de Commissaris: de Commissaris van de Koningin;</al></li><li nr=""><al>- het college: Gedeputeerde Staten;</al></li><li nr=""><al>- de provinciesecretaris: secretaris in de zin van artikel 97
                                    van de Provinciewet.</al></li></lijst><al>2. De Commissaris ontvangt bij zijn aantreden een exemplaar van de
                            code.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 2 Belangenverstrengeling en aanbesteding</titel></kop><al>1. De Commissaris doet opgave van zijn directe belangen in ondernemingen
                            en organisaties aan de provinciesecretaris.2. Bij publiek-private
                            samenwerkingsrelaties voorkomt de Commissaris (de schijn van)
                            bevoordeling in strijd met eerlijke concurrentieverhoudingen.3. De
                            Commissaris die familie- of vriendschapsbetrekkingen of anderszins
                            persoonlijke betrekkingen heeft met een aanbieder van diensten aan de
                            provincie, onthoudt zich van deelname aan de discussie en besluitvorming
                            over de betreffende opdracht.4. De Commissaris neemt van een aanbieder
                            van diensten aan de provincie geen faciliteiten of diensten aan die zijn
                            onafhankelijke positie ten opzichte van de aanbieder kunnen
                            beïnvloeden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 3 Nevenfuncties</titel></kop><al>1. De Commissaris vervult geen nevenfuncties waarvan de uitoefening
                            ongewenst is met het oog op de goede vervulling van zijn ambt van
                            commissaris of op de handhaving van zijn onpartijdigheid en
                            onafhankelijkheid of van het vertrouwen daarin.2. De Commissaris maakt
                            bij zijn aantreden, en indien zich dat voordoet ook tussentijds, al zijn
                            nevenfuncties openbaar waarbij tevens wordt aangegeven of de functie wel
                            of niet bezoldigd is en doet daarvan mededeling aan Provinciale
                            Staten.3.De kosten die de Commissaris maakt in verband met een
                            nevenfunctie uit hoofde van het ambt (q.q.-nevenfunctie), worden in
                            beginsel vergoed door de instantie waar de nevenfunctie wordt
                            uitgeoefend.4. Indien de Commissaris een nevenfunctie wil vervullen
                            anders dan uit hoofde van het ambt, meldt hij dit voornemen aan
                            Provinciale Staten.5. De Commissaris geniet geen vergoedingen, in welke
                            vorm dan ook, voor (ad hoc) werkzaamheden, verricht in nevenfuncties
                            welke hij vervult uit hoofde van zijn ambt, ongeacht of die vergoedingen
                            ten laste van de provincie komen of niet. Indien deze vergoedingen
                            worden uitgekeerd, worden zij gestort in de provinciale kas.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 4 Informatie</titel></kop><al>1. De Commissaris gaat zorgvuldig om met informatie waarover hij uit
                            hoofde van zijn ambt beschikt. Hij verstrekt geen vertrouwelijke
                            informatie aan derden, tenzij hij daartoe op grond van de Wet
                            openbaarheid van bestuur gehouden is.2. De Commissaris maakt niet ten
                            eigen bate of van zijn persoonlijke betrekkingen gebruik van in de
                            uitoefening van het ambt verkregen informatie.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 5 Aannemen van geschenken</titel></kop><al>1. Geschenken en giften die de Commissaris uit hoofde van zijn functie
                            ontvangt zijn eigendom van de provincie. Er wordt een provinciale
                            bestemming voor gezocht.2. Indien de Commissaris geschenken of giften
                            ontvangt die een waarde van minder dan € 50,00 vertegenwoordigen, kunnen
                            deze in afwijking van het bovenstaande worden gehouden.3. Alle
                            geschenken en giften dienen te worden gemeld bij de provinciesecretaris.
                            Van alle meldingen wordt op de secretarie een registratie
                            bijgehouden.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 6 Bestuurlijke uitgaven</titel></kop><al>1. Uitgaven worden uitsluitend vergoed als de hoogte en de
                            functionaliteit ervan kunnen worden aangetoond.2.Ter bepaling van de
                            functionaliteit van bestuurlijke uitgaven worden de volgende criteria
                            gehanteerd:</al><lijst><li nr=""><al>- met de uitgave is het belang van de provincie gediend en</al></li><li nr=""><al>- de uitgave vloeit voort uit de functie.</al></li></lijst><al>3. Bij twijfel omtrent uitgaven wordt dit ter beslissing voorgelegd aan
                            het college.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 7 Declaraties</titel></kop><al>1. De Commissaris declareert geen kosten die reeds op andere wijze
                            worden vergoed.2. Declaraties worden afgewikkeld volgens een daartoe
                            vastgestelde administratieve procedure.3. Een declaratie wordt ingediend
                            door middel van een daartoe vastgesteld formulier. Bij het formulier
                            wordt een betalingsbewijs gevoegd en op het formulier wordt de
                            functionaliteit van de uitgave vermeld.4. Gemaakte kosten worden binnen
                            twee maanden gedeclareerd. Eventuele voorschotten worden voor zover
                            mogelijk binnen een maand afgerekend.5. De provinciesecretaris is
                            verantwoordelijk voor een deugdelijke administratieve afhandeling en
                            registratie van de declaraties. Declaraties van de Commissaris worden
                            administratief afgehandeld door een daartoe aangewezen ambtenaar.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 8 Creditcards</titel></kop><al>1. Het gebruik van de creditcard kan uitsluitend betrekking hebben op
                            uitgaven die volgens geldende regels voor rekening van de provincie
                            komen.2. De provinciesecretaris draagt zorg voor aanvragen, verstrekken
                            en intrekken van creditcards.3. Bij de afhandeling van betalingen
                            verricht met een creditcard wordt een daartoe vastgesteld formulier
                            ingediend. Bij het formulier wordt een betalingsbewijs gevoegd en op het
                            formulier wordt de functionaliteit van de uitgave vermeld.4. Indien met
                            de creditcard kosten zijn betaald die na controle voor rekening van de
                            Commissaris blijken te moeten komen, wordt aan de Commissaris een
                            factuur gezonden ter hoogte van het bedrag dat voor zijn rekening dient
                            te blijven.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 9 Gebruik van provinciale voorzieningen</titel></kop><al>1. Aan de Commissaris kunnen van provinciewege voorzieningen worden
                            verstrekt overeenkomstig het Rechtspositiebesluit Commissarissen van de
                            Koning.2. Gebruik van provinciale eigendommen of voorzieningen voor
                            privé-doeleinden is niet toegestaan.3. De Commissaris kan voor zijn
                            woon-werkverkeer en voor het vervoer in verband met de uitoefening van
                            zijn ambt gebruikmaken van een dienstauto met chauffeur.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 10 Reizen buitenland</titel></kop><al>1. De Commissaris die het voornemen heeft op kosten van de provincie een
                            buitenlandse reis, uitgezonderd een bezoek aan het Huis der provincies
                            te Brussel, te maken, heeft toestemming nodig van het college.
                            Provinciale Staten worden van het besluit op het hoogte gesteld.2. De
                            Commissaris die het voornemen van een reis meldt, verschaft informatie
                            over het doel van de reis, de bijbehorende beleidsoverwegingen, de
                            samenstelling van het gezelschap en de geraamde kosten.3. Uitnodigingen
                            voor reizen, werkbezoeken en dergelijke op kosten van derden worden
                            altijd besproken in het college en onder meer getoetst op het risico van
                            belangenverstrengeling. Het provinciaal belang van de reis is
                            doorslaggevend voor de besluitvorming.4. Van de reis wordt door de
                            Commissaris een verslag opgesteld ten behoeve van het college.5.Het ten
                            laste van de provincie meereizen van de partner van de Commissaris is
                            uitsluitend toegestaan wanneer dit gebeurt op uitnodiging van de
                            ontvangende partij en het belang van het provincie daarmee gediend is.
                            Het meereizen van de partner wordt bij de besluitvorming van het college
                            betrokken.6. Het anderszins meereizen van derden op kosten van de
                            provincie is niet toegestaan. Het meereizen van derden op eigen kosten
                            is toegestaan en wordt in dat geval bij de besluitvorming van het
                            college betrokken.7. Het verlengen van een buitenlandse dienstreis voor
                            privé-doeleinden is toegestaan, mits dit is betrokken bij de
                            besluitvorming van het college. De extra reis- en verblijfskosten komen
                            voor rekening van de Commissaris.8. De in verband met de buitenlandse
                            dienstreis gedane functionele uitgaven worden vergoed conform de
                            geldende regelingen.</al></artikel><artikel><kop><titel>Artikel 11 Onvoorziene omstandigheden</titel></kop><al>In gevallen waarin de code niet voorziet of waarbij de toepassing niet
                            eenduidig is, vindt besluitvorming plaats in het college.</al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Den Haag, 16 april 2003 Provinciale Staten van Zuid-Holland, J. FRANSSEN,
                        voorzitter H. ENGELS-VAN NEIJEN, griffier</al></slotformulering></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>