<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR72083_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Algemene plaatselijke verordening</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Steenbergen</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-06-26</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Steenbergen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Steenbergse Courant, 27-03-2009</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Algemene plaatselijke verordening</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=149">Gemeentewet, art. 149 </dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>openbare orde en veiligheid</dcterms:subject><dcterms:issued>2009-03-24</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2009-04-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2013-07-25</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>9b</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al><extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/regelingen/Algemene-Plaatselijke-Verordening-Nadere-regels-behorende-bij-de">Algemene Plaatselijke Verordening, Nadere regels behorende bij de</extref></al><al><extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/regelingen/Algemene-Plaatselijke-Verordening-Uitvoeringsbesluiten-behorende-bij-de">Algemene Plaatselijke Verordening, Uitvoeringsbesluiten behorende bij de</extref></al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Algemene plaatselijke verordening</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad der gemeente Steenbergen;</al><al>in behandeling genomen het voorstel van het college d.d. 20 januari 2009
                        ;</al><al>gelet op artikel <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=149">149 van de Gemeentewet</extref>;</al><al>overwegende dat het aanbeveling verdient regels te stellen ter handhaving
                        van de openbare orde;</al><al>besluit:</al><al>vast te stellen de volgende Algemene plaatselijke verordening</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><titel>HOOFDSTUK 1 ALGEMENE BEPALINGEN</titel></kop><afdeling><kop><titel>Artikel 1.1 Begripsomschrijvingen</titel></kop><structuurtekst><al>In deze verordening wordt verstaan dan wel mede verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>openbare plaats:</al></li><li nr=""><al>een voor het publiek toegankelijke plaats, waaronder
                                        begrepen de weg als bedoeld onder b;</al></li><li nr="b."><al>weg:</al></li><li nr=""><al>weg, als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wegenverkeerswet%201994/article=1">artikel 1, eerste lid, onder b, van de Wegenverkeerswet
                                            1994</extref>;</al></li><li nr="c."><al>openbaar water:</al></li><li nr=""><al>wateren die voor het publiek bevaarbaar of op andere wijze
                                        toegankelijk zijn;</al></li><li nr="d."><al>bebouwde kom:</al></li><li nr=""><al>de bebouwde kom of kommen waarvan gedeputeerde staten de
                                        grenzen hebben vastgesteld overeenkomstig <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wegenwet/article=27">artikel 27, tweede lid, van de Wegenwet</extref>;</al></li><li nr="e."><al>rechthebbende:</al></li><li nr=""><al>degene die over een zaak zeggenschap heeft krachtens een
                                        zakelijk of persoonlijk recht;</al></li><li nr="f."><al>bouwwerk:</al></li><li nr=""><al>bouwwerk als bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/regelingen/Bouwverordening/07-03-1998#hoofdstuk-1-inleidende-bepalingen">artikel 1 van de Bouwverordening</extref>;</al></li><li nr="g."><al>gebouw:</al></li><li nr=""><al>gebouw als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Woningwet/article=1">artikel 1, eerste lid, onder c, van de
                                            Woningwet</extref>;</al></li><li nr="h."><al>handelsreclame:</al></li><li nr=""><al>iedere openbare aanprijzing van goederen of diensten,
                                        waarmee kennelijk beoogd wordt een commercieel belang te
                                        dienen.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 1:2 Beslistermijn</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het bevoegde bestuursorgaan beslist op een aanvraag voor
                                            een vergunning of ontheffing binnen acht weken na de dag
                                            waarop de aanvraag ontvangen is.</al></li><li nr="2."><al>Het bestuursorgaan kan de termijn voor ten hoogste zes
                                            weken verlengen.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 1:3 Indiening aanvraag</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Indien een aanvraag voor een vergunning of ontheffing
                                            wordt ingediend minder dan drie weken vóór het tijdstip
                                            waarop de aanvrager de vergunning of ontheffing nodig
                                            heeft, kan het bestuursorgaan besluiten de aanvraag niet
                                            te behandelen.</al></li><li nr="2."><al>Voor bepaalde, door het bestuursorgaan aan te wijzen,
                                            vergunningen of ontheffingen kan de in het eerste lid
                                            genoemde termijn worden verlengd tot ten hoogste twaalf
                                            weken.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 1:4 Voorschriften en beperkingen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Aan een vergunning of ontheffing kunnen voorschriften en
                                            beperkingen worden verbonden. Deze voorschriften en
                                            beperkingen strekken slechts tot bescherming van het
                                            belang of de belangen in verband waarmee de vergunning
                                            of ontheffing is vereist.</al></li><li nr="2."><al>Degene aan wie een vergunning of ontheffing is verleend,
                                            is verplicht de daaraan verbonden voorschriften en
                                            beperkingen na te komen.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 1:5 Persoonlijk karakter van vergunning of
                                    ontheffing</tussenkop><al>De vergunning of ontheffing is persoonsgebonden, tenzij bij of
                                    krachtens deze verordening anders is bepaald of de aard van de
                                    vergunning zich daartegen verzet.</al><tussenkop> Artikel 1:6 Intrekking of wijziging van vergunning of
                                    ontheffing</tussenkop><al>De vergunning of ontheffing kan worden ingetrokken of
                                    gewijzigd:</al><lijst><li nr="a."><al>Indien ter verkrijging daarvan onjuiste of onvolledige
                                            gegevens zijn verstrekt;</al></li><li nr="b."><al>indien op grond van een verandering van de
                                            omstandigheden of inzichten opgetreden na het verlenen
                                            van de ontheffing of vergunning, intrekking of wijziging
                                            noodzakelijk is vanwege het belang of de belangen ter
                                            bescherming waarvan de vergunning of ontheffing is
                                            vereist;</al></li><li nr="c."><al>indien de aan de vergunning of ontheffing verbonden
                                            voorschriften en beperkingen niet zijn of worden
                                            nagekomen;</al></li><li nr="d."><al>indien van de vergunning of ontheffing geen gebruik
                                            wordt gemaakt binnen een daarin gestelde termijn dan
                                            wel, bij het ontbreken van een gestelde termijn, binnen
                                            een redelijke termijn;</al></li><li nr="e."><al>indien de houder dit verzoekt.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 1:7 Termijnen</tussenkop><al>De vergunning of ontheffing geldt voor onbepaalde tijd, tenzij
                                    bij de vergunning of ontheffing anders is bepaald of de aard van
                                    de vergunning of ontheffing zich daartegen verzet.</al><tussenkop> Artikel 1:8 Weigeringsgronden</tussenkop><al>De vergunning of ontheffing kan door het daartoe bevoegde gezag
                                    worden geweigerd in het belang van:</al><lijst><li nr="a."><al>de openbare orde;</al></li><li nr="b."><al>de openbare veiligheid;</al></li><li nr="c."><al>de volksgezondheid;</al></li><li nr="d."><al>de bescherming van het milieu.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 1:9 Positieve fictieve beschikking bij niet tijdig
                                    beslissen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Paragraaf <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20wet%20bestuursrecht/article=4%3A20a">4.1.3.3 van de Algemene wet
                                            bestuursrecht</extref>(positieve fictieve beschikking
                                            bij niet tijdig beslissen) is van toepassing op het
                                            volgende artikel: </al><lijst><li nr=""><al>- <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-5-23-organiseren-van-een-snuffelmarkt">Artikel 5:23</extref> Organiseren van een
                                                  snuffelmarkt.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Paragraaf <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20wet%20bestuursrecht/article=4%3A20a">4.1.3.3 van de Algemene wet bestuursrecht</extref>
                                            (positieve fictieve beschikking bij niet tijdig
                                            beslissen) is niet van toepassing op de volgende
                                            artikelen: </al><lijst><li nr=""><al>- <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-2-25-evenement">Artikel 2:25 Evenementen</extref>;</al></li><li nr=""><al>- <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-2-28-exploitatievergunning-horecabedrijf">Artikel 2:28 Exploitatievergunning
                                                  horecabedrijf</extref>;</al></li><li nr=""><al>- <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-2-39-speelgelegenheden">Artikel 2:39 Speelgelegenheden</extref>;</al></li><li nr=""><al>- <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-4-seksinrichtingen">Artikel 3:4 Seksinrichtingen</extref>;</al></li><li nr=""><al>- <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-4-18-recreatief-nachtverblijf-buiten-kampeerterreinen">Artikel 4:18 Recreatief nachtverblijf buiten
                                                  kampeerterreinen</extref>;</al></li><li nr=""><al>- <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-5-15-ventverbod">Artikel 5:15 Ventverbod</extref>.</al></li></lijst></li></lijst></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>HOOFDSTUK 2. OPENBARE ORDE</titel></kop><afdeling><kop><titel>AFDELING 1. BESTRIJDING VAN ONGEREGELDHEDEN</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 2:1 Samenscholing en ongeregeldheden</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden op een openbare plaats deel te nemen aan
                                            een samenscholing, onnodig op te dringen of door
                                            uitdagend gedrag aanleiding te geven tot
                                            ongeregeldheden.</al></li><li nr="2."><al>Hij die op een openbare plaats aanwezig is bij een
                                            voorval waardoor ongeregeldheden ontstaan of dreigen te
                                            ontstaan, of bij een tot toeloop van publiek aanleiding
                                            gevende gebeurtenis waardoor ongeregeldheden ontstaan of
                                            dreigen te ontstaan, dan wel zich bevindt in of aanwezig
                                            is bij een samenscholing, is verplicht op bevel van een
                                            ambtenaar van politie zijn weg te vervolgen of zich in
                                            de door hem aangewezen richting te verwijderen.</al></li><li nr="3."><al>Het is verboden zich te begeven of te bevinden op
                                            openbare plaatsen die door of vanwege het bevoegd gezag
                                            in het belang van de openbare veiligheid of ter
                                            voorkoming van wanordelijkheden zijn afgezet.</al></li><li nr="4."><al>De burgemeester kan ontheffing verlenen van het in het
                                            derde lid gestelde verbod.</al></li><li nr="5."><al>Het bepaalde in de voorgaande leden geldt niet voor
                                            betogingen, vergaderingen en godsdienstige en
                                            levensbeschouwelijke samenkomsten als bedoeld in de Wet
                                            openbare manifestaties.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 2. BETOGING</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 2:2</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 2:3 Kennisgeving betogingen op openbare
                                    plaatsen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Hij die het voornemen heeft op een openbare plaats een
                                            betoging te houden, geeft daarvan voor de openbare
                                            aankondiging en ten minste 48 uur voordat de betoging
                                            wordt gehouden, schriftelijk kennis aan de
                                            burgemeester.</al></li><li nr="2."><al>De kennisgeving bevat: </al><lijst><li nr="a."><al>naam en adres van degene die de betoging
                                                  houdt;</al></li><li nr="b."><al>het doel van de betoging;</al></li><li nr="c."><al>de datum waarop de betoging wordt gehouden en
                                                  het tijdstip van aanvang en van beëindiging;</al></li><li nr="d."><al>de plaats en, voorzover van toepassing, de route
                                                  en de plaats van beëindiging;</al></li><li nr="e."><al>voorzover van toepassing, de wijze van
                                                  samenstelling;</al></li><li nr="f."><al>maatregelen die degene die de betoging houdt zal
                                                  treffen om een regelmatig verloop te
                                                  bevorderen.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Hij die de kennisgeving doet, ontvangt daarvan een
                                            bewijs waarin het tijdstip van de kennisgeving is
                                            vermeld.</al></li><li nr="4."><al>Indien het tijdstip van de schriftelijke kennisgeving
                                            valt op een vrijdag na 12.00 uur, een zaterdag, een
                                            zondag of een algemeen erkende feestdag, wordt de
                                            kennisgeving gedaan uiterlijk 12.00 uur op de aan de dag
                                            van dat tijdstip voorafgaande werkdag.</al></li><li nr="5."><al>De burgemeester kan in bijzondere omstandigheden de in
                                            het eerste lid, genoemde termijn verkorten en een
                                            mondelinge kennisgeving in behandeling nemen.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:4 Afwijking termijn</tussenkop><al>[vervallen; opgenomen in artikel 2:3]</al><tussenkop> Artikel 2:5 Te verstrekken gegevens</tussenkop><al>[vervallen; opgenomen in artikel 2:3]</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 3. VERSPREIDEN VAN GEDRUKTE STUKKEN</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 2:6 Beperking aanbieden e.d. van geschreven of
                                    gedrukte stukken of afbeeldingen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden gedrukte of geschreven stukken dan wel
                                            afbeeldingen onder publiek te verspreiden dan wel
                                            openlijk aan te bieden op door het college aangewezen
                                            openbare plaatsen.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan de werking van het verbod beperken tot
                                            bepaalde dagen en uren.</al></li><li nr="3."><al>Het verbod geldt niet voor het huis-aan-huis verspreiden
                                            of het aan huis bezorgen van gedrukte of geschreven
                                            stukken en afbeeldingen.</al></li><li nr="4."><al>Het college kan ontheffing verlenen van het in het
                                            eerste lid gestelde verbod.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 4. VERTONINGEN E.D. OP DE WEG</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 2:7</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 2:8</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 2:9</tussenkop><al>[gereserveerd]</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 5. BRUIKBAARHEID EN AANZIEN VAN DE WEG</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 2:10 Het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg in
                                    strijd met de publieke functie ervan</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden zonder voorafgaande vergunning van het
                                            bevoegde bestuursorgaan een openbare plaats anders te
                                            gebruiken dan overeenkomstig de publieke functie
                                            daarvan.</al></li><li nr="2."><al>Het verbod in het eerste lid geldt niet voor: </al><lijst><li nr="a."><al>evenementen als bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-2-24-begripsbepaling">artikel 2:24</extref></al></li><li nr="b."><al>standplaatsen als bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-5-17-begripsbepaling">artikel 5:17</extref></al></li><li nr="c."><al>voorwerpen of stoffen waardoor gedachten of
                                                  gevoelens worden geopenbaard</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het verbod in het eerste lid geldt tevens niet voor de
                                            volgende voorwerpen mits wordt voldaan aan het bepaalde
                                            in het vierde lid en aan de nadere regels uit hoofde van
                                            het vijfde lid: </al><lijst><li nr="a."><al>terrassen als bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-2-27-begripsbepalingen">artikel 2:27, sub b</extref>, tenzij het een
                                                  locatie of horecabedrijf betreft die is aangegeven
                                                  op een nader door het college vast te stellen
                                                  kaart;</al></li><li nr="b."><al>uitstallingen;</al></li><li nr="c."><al>bouwobjecten;</al></li><li nr="d."><al>reclameborden;</al></li><li nr="e."><al>plantenbakken en banken;</al></li><li nr="f."><al>nader door het college aan te wijzen categorieën
                                                  van voorwerpen.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Degene die voornemens is bouwobjecten te plaatsen, doet
                                            daarvan uiterlijk 5 werkdagen tevoren een melding aan
                                            het college.</al></li><li nr="5."><al>Het bevoegde bestuursorgaan stelt nadere regels voor de
                                            categorieën genoemd in het derde lid.</al></li><li nr="6."><al>Het verbod in het eerste lid geldt niet voorzover in het
                                            daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de
                                                <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20beheer%20rijkswaterstaatswerken">Wet beheer rijkswaterstaatswerken</extref> of de
                                            Wegenverordening Noord-Brabant 2006.</al></li><li nr="7."><al>In dit artikel wordt verstaan onder bevoegde
                                            bestuursorgaan: het college of, voorzover het betreft
                                            voor het publiek openstaande gebouwen en daarbij
                                            behorende erven als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=174">artikel 174 van de Gemeentewet</extref>, de
                                            burgemeester.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:11 Aanleggen, beschadigen en veranderen van een
                                    weg</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden zonder vergunning van het college een
                                            weg aan te leggen, de verharding daarvan op te breken,
                                            in een weg te graven of te spitten, aard of breedte van
                                            de wegverharding te veranderen of anderszins verandering
                                            te brengen in de wijze van aanleg van een weg.</al></li><li nr="2."><al>Het verbod in het eerste lid geldt niet voor overheden
                                            bij het uitvoeren van hun publieke taak.</al></li><li nr="3."><al>Het verbod geldt voorts niet voorzover in het daarin
                                            geregelde onderwerp wordt voorzien door het <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht">Wetboek van Strafrecht</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20beheer%20rijkswaterstaatswerken">Wet beheer rijkswaterstaatswerken</extref>, de
                                            Wegenverordening Noord-Brabant 2006, de Waterschapskeur,
                                            de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Telecommunicatiewet">Telecommunicatiewet</extref> of de daarop
                                            gebaseerde Telecommunicatieverordening.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:12 Maken, veranderen van een uitweg</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden zonder vergunning van het college een
                                            uitweg te maken naar de weg of verandering te brengen in
                                            een bestaande uitweg naar de weg.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan categorieën van uitwegen aanwijzen
                                            waarvoor het verbod van het eerste lid niet geldt.</al></li><li nr="3."><al>Een vergunning als bedoeld in het eerste lid kan,
                                            onverminderd het bepaalde in artikel 1:8, worden
                                            geweigerd in het belang van: </al><lijst><li nr="a."><al>de bruikbaarheid van de weg;</al></li><li nr="b."><al>het veilig en doelmatig gebruik van de weg;</al></li><li nr="c."><al>de bescherming van het uiterlijk aanzien van de
                                                  omgeving;</al></li><li nr="d."><al>de bescherming van groenvoorzieningen in de
                                                  gemeente.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Het verbod in het eerste lid geldt niet voorzover in het
                                            daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de
                                                <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20beheer%20Rijkswaterstaatswerken">Wet beheer Rijkswaterstaatswerken</extref>, de
                                            Waterschapskeur of de Wegenverordening Noord-Brabant
                                            2006.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 6. VEILIGHEID OP DE WEG</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 2:13</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 2:14 Winkelwagentjes</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>De rechthebbende op een bedrijf die winkelwagentjes ter
                                            beschikking stelt, mede ten behoeve van het vervoer van
                                            winkelwaren over de weg, is verplicht ze te voorzien van
                                            de naam van het bedrijf of een ander herkenningsteken,
                                            en de in de omgeving van dat bedrijf door het publiek op
                                            een openbare plaats achtergelaten winkelwagentjes
                                            terstond te verwijderen of te doen verwijderen.</al></li><li nr="2."><al>Het in het eerste lid bepaalde geldt niet voorzover in
                                            het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de
                                            Wet milieubeheer.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:15</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 2:16 Openen straatkolken e.d.</tussenkop><al>Het is aan degene die daartoe niet bevoegd is verboden een
                                    straatkolk, rioolput, brandkraan of een andere afsluiting die
                                    behoort tot een openbare nutsvoorziening, te openen, onzichtbaar
                                    te maken of af te dekken.</al><tussenkop> Artikel 2:17 Kelderingangen e.d.</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Kelderingangen en andere lager dan de aangrenzende weg
                                            gelegen betreedbare delen van een bouwwerk mogen geen
                                            gevaar voor de veiligheid van de weggebruikers
                                            opleveren.</al></li><li nr="2."><al>Het in het eerste lid bepaalde geldt niet voorzover in
                                            het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door
                                                <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=427">artikel 427, aanhef en onder 1 of 3, van het
                                                Wetboek van Strafrecht</extref>.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:18 Rookverbod in bossen en natuurterreinen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden te roken in bossen, op heide of
                                            veengronden dan wel in duingebieden of binnen een
                                            afstand van dertig meter daarvan gedurende een door het
                                            college aangewezen periode.</al></li><li nr="2."><al>Het is verboden in bossen, op heide of veengronden dan
                                            wel in duingebieden of binnen een afstand van honderd
                                            meter daarvan, voorzover het de open lucht betreft,
                                            brandende of smeulende voorwerpen te laten vallen, weg
                                            te werpen of te laten liggen.</al></li><li nr="3."><al>Het in het eerste en tweede lid gestelde verbod geldt
                                            niet voorzover in het daarin geregelde onderwerp wordt
                                            voorzien door <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=429">artikel 429, aanhef en onder 3, van het Wetboek van
                                                Strafrecht</extref>.</al></li><li nr="4."><al>Het in het eerste lid gestelde verbod geldt voorts niet
                                            voorzover het roken plaatsvindt in gebouwen en
                                            aangrenzende erven.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:19 Messen en andere voorwerpen als slag- of
                                    steekwapen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden op door het college aangewezen wegen en
                                            daaraan gelegen voor het publiek toegankelijke gebouwen
                                            en terreinen, messen, knuppels, slagwapens of andere
                                            voorwerpen die als wapen kunnen worden gebruikt,
                                            openlijk bij zich te dragen.</al></li><li nr="2."><al>Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor
                                            wapens behorende tot de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=wet%20wapens%20en%20munitie">categorieën I, II, III en IV van de wet wapens en
                                                munitie</extref> en voorzover door het bij zich
                                            dragen van deze voorwerpen de openbare orde of
                                            veiligheid niet in het gevaar komt of kan komen.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:20</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 2:21 Voorzieningen voor verkeer en
                                    verlichting</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>De rechthebbende op een bouwwerk is verplicht toe te
                                            laten dat op of aan dat bouwwerk voorwerpen, borden of
                                            voorzieningen ten behoeve van het verkeer of de openbare
                                            verlichting worden aangebracht, onderhouden, gewijzigd
                                            of verwijderd.</al></li><li nr="2."><al>Het bepaalde geldt niet voorzover in het daarin
                                            geregelde onderwerp wordt voorzien door de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Waterstaatswet%201900">Waterstaatswet 1900</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Onteigeningswet">Onteigeningswet</extref>, of de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Belemmeringenwet%20Privaatrecht">Belemmeringenwet Privaatrecht</extref>.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:22 Objecten onder hoogspanningslijn</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden binnen een afstand van zes meter aan
                                            weerszijden van voor stroomgeleiding bestemde draden van
                                            bovengrondse hoogspanningslijnen voorwerpen, opgaand
                                            houtgewas of andere objecten, die niet zijn aan te
                                            merken als bouwwerken, hoger dan twee meter te plaatsen
                                            of te hebben.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan van het in het eerste lid gestelde
                                            verbod ontheffing verlenen indien de elektrische
                                            spanning van de bovengrondse hoogspanningslijn dat
                                            toelaat.</al></li><li nr="3."><al>Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet voor
                                            objecten die deel uitmaken van de
                                            hoogspanningslijn.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:23 Veiligheid op het ijs</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden: </al><lijst><li nr="a."><al>voor het publiek toegankelijke ijsvlakten te
                                                  beschadigen, te verontreinigen, te versperren of
                                                  het verkeer daarop op enige andere wijze te
                                                  belemmeren of in gevaar te brengen;</al></li><li nr="b."><al>bakens of andere voorwerpen ten behoeve van de
                                                  veiligheid geplaatst op de onder a bedoelde
                                                  ijsvlakten te verplaatsen, weg te nemen, te
                                                  beschadigen of op enige andere wijze het gebruik
                                                  daarvan te verijdelen of te belemmeren.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het verbod geldt niet voorzover in het daarin geregelde
                                            onderwerp wordt voorzien door het <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht">Wetboek van Strafrecht</extref> of de Provinciale
                                            vaarwegenverordening.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 7. EVENEMENTEN</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 2:24 Begripsbepaling</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>In deze afdeling wordt onder evenement verstaan elke
                                            voor publiek toegankelijke verrichting van vermaak, met
                                            uitzondering van: </al><lijst><li nr="a."><al>bioscoopvoorstellingen;</al></li><li nr="b."><al>markten als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=160">artikel 160, eerste lid, onder h, van de
                                                  Gemeentewet</extref> en <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-5-22-begripsbepaling">artikel 5:22 van deze verordening</extref>;</al></li><li nr="c."><al>kansspelen als bedoeld in de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20op%20de%20kansspelen">Wet op de kansspelen</extref>;</al></li><li nr="d."><al>het in een inrichting in de zin van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Drank-%20en%20Horecawet">Drank en Horecawet</extref> gelegenheid geven tot
                                                  dansen;</al></li><li nr="e."><al>betogingen, samenkomsten en vergaderingen als
                                                  bedoeld in de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20openbare%20manifestaties">Wet openbare manifestaties</extref>;</al></li><li nr="f."><al>activiteiten als bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-2-9">artikel 2:9</extref> en <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-2-39-speelgelegenheden">2:39</extref> van deze verordening.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Onder evenement wordt mede verstaan: </al><lijst><li nr="a."><al>een herdenkingsplechtigheid;</al></li><li nr="b."><al>een braderie;</al></li><li nr="c."><al>een optocht, niet zijnde een betoging als
                                                  bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-2-3-kennisgeving-betogingen-op-openbare-plaatsen">artikel 2:3 van deze verordening</extref>, op de
                                                  weg;</al></li><li nr="d."><al>een feest, muziekvoorstelling of wedstrijd op of
                                                  aan de weg;</al></li><li nr="e."><al>een klein evenement.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Onder klein evenement wordt verstaan een straatfeest of
                                            buurtbarbecue op een dag en overige door de burgemeester
                                            aan te wijzen categorieën van evenementen.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Artikel 2:25 Evenement</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een
                                        evenement te organiseren.</al></li><li nr="2."><al>Geen vergunning is vereist voor een klein evenement, indien: </al><lijst><li nr="a."><al>het aantal aanwezigen niet meer bedraagt dan 250
                                                personen;</al></li><li nr="b."><al>het evenement tussen 08.00 en 24.00 uur
                                                daaraanvolgend plaats vindt;</al></li><li nr="c."><al>geen muziek ten gehore wordt gebracht voor 08.00 uur
                                                of na 23.00 uur;</al></li><li nr="d."><al>het evenement niet plaatsvindt op de rijbaan,
                                                (brom)fietspad of parkeerplaats of anderszins een
                                                belemmering vormt voor het verkeer en de
                                                hulpdiensten;</al></li><li nr="e."><al>slechts kleine objecten worden geplaatst met een
                                                oppervlakte van minder dan 10 m2 per object;</al></li><li nr="f."><al>er een organisator is;</al></li><li nr="g."><al>de organisator binnen 10 werkdagen voorafgaand aan
                                                het evenement daarvan melding heeft gedaan aan de
                                                burgemeester.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De burgemeester kan binnen 5 werkdagen na ontvangst van de
                                        melding besluiten het organiseren van een evenement als
                                        bedoeld in het tweede lid te verbieden, indien daardoor de
                                        openbare orde, de openbare veiligheid, de volksgezondheid of
                                        het milieu in gevaar komt.</al></li><li nr="4."><al>Het verbod van het eerste lid geldt niet voor een wedstrijd
                                        op of aan de weg, voorzover in het geregeld onderwerp wordt
                                        voorzien door <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wegenverkeerswet%201994/article=10">artikel 10</extref> juncto <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wegenverkeerswet%201994/article=148">148, van de Wegenverkeerswet 1994</extref>.</al></li><li nr="5."><al>De burgemeester kan aan een vergunning als bedoeld in het
                                        eerste lid het voorschrift verbinden dat gedurende het
                                        evenement en in het gebouw dan wel op het terrein waar dat
                                        evenement plaats vindt geen gebruik gemaakt mag worden van
                                        glas maar uitsluitend van onbreekbaar duurzaam kunststof
                                        glas- en vaatwerk.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:26 Ordeverstoring</tussenkop><al>Het is verboden bij een evenement de orde te verstoren.</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 8. TOEZICHT OP HORECABEDRIJVEN</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 2:27 Begripsbepalingen</tussenkop><al>In deze afdeling wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>horecabedrijf: de voor het publiek toegankelijke,
                                            besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang
                                            alsof zij bedrijfsmatig was logies wordt verstrekt of
                                            dranken worden geschonken of rookwaren of spijzen voor
                                            directe consumptie worden bereid of verstrekt. Onder een
                                            horecabedrijf wordt in ieder geval verstaan: een hotel,
                                            restaurant, pension, café, cafetaria, snackbar,
                                            discotheek, buurthuis of clubhuis. Onder horecabedrijf
                                            wordt tevens verstaan een bij dit bedrijf behorend
                                            terras en andere aanhorigheden.</al></li><li nr="b."><al>terras: een buiten de besloten ruimte van de inrichting
                                            liggend deel van het horecabedrijf waar sta- of
                                            zitgelegenheid kan worden geboden en waar tegen
                                            vergoeding dranken kunnen worden geschonken of spijzen
                                            voor directe consumptie kunnen worden bereid of
                                            verstrekt.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Artikel 2:28 Exploitatievergunning horecabedrijf</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden een horecabedrijf te exploiteren zonder
                                        vergunning van de burgemeester.</al></li><li nr="2."><al>De burgemeester weigert de vergunning indien de vestiging of
                                        exploitatie van het horecabedrijf in strijd is met een
                                        geldend bestemmingsplan.</al></li><li nr="3."><al>In afwijking van <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-1-8-weigeringsgronden">artikel 1:8</extref> kan de burgemeester de vergunning
                                        geheel of gedeeltelijk weigeren, indien naar zijn oordeel
                                        moet worden aangenomen dat de woon- en leefsituatie in de
                                        omgeving van het horecabedrijf of openbare orde op
                                        ontoelaatbare wijze nadelig wordt beïnvloed. De burgemeester
                                        kan de vergunning als bedoeld in het eerste lid eveneens
                                        weigeren indien (een) direct of indirect leidinggevenden(n)
                                        van het horecabedrijf, in enig opzicht van slecht
                                        levensgedrag is/zijn.</al></li><li nr="4."><al>Bij de toepassing van de in het derde lid genoemde
                                        weigeringsgronden houdt de burgemeester rekening met het
                                        karakter van de straat en de wijk, waarin het horecabedrijf
                                        is gelegen of zal zijn gelegen, de aard van het
                                        horecabedrijf en de spanning, waaraan het woonmilieu ter
                                        plaatse reeds blootstaat of bloot zal komen te staan door de
                                        exploitatie.</al></li><li nr="5."><al>Het eerste lid geldt niet voor een horecabedrijf in een
                                        winkel als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Winkeltijdenwet/article=1">artikel 1 van de Winkeltijdenwet</extref> voorzover de
                                        horeca een nevenactiviteit is van de winkelactiviteit;</al></li><li nr="6."><al>Voorts geldt het eerste lid niet voor: </al><lijst><li nr="a."><al>een horecabedrijf in zorginstellingen;</al></li><li nr="b."><al>een horecabedrijf in musea;</al></li><li nr="c."><al>een schoolkantine waar uitsluitend alcoholvrije
                                                drank wordt geschonken;</al></li><li nr="d."><al>een bedrijfskantine;</al></li><li nr="e."><al>een horecabuffet in een verzorgings- of
                                                verpleegtehuis.</al></li></lijst></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:29 Sluitingstijd</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is de exploitant verboden het horecabedrijf voor
                                            bezoekers geopend te hebben, of bezoekers in het
                                            horecabedrijf te laten verblijven tussen 02.00 uur en
                                            06.00 uur.</al></li><li nr="2."><al>In afwijking van het bepaalde in het eerste lid is het
                                            verboden een horecabedrijf waar uitsluitend of in
                                            hoofdzaak spijzen voor directe consumptie worden bereid
                                            en/of verstrekt en waar geen alcoholhoudende dranken
                                            worden verkocht of anderszins worden verstrekt, geopend
                                            te hebben en aldaar bezoekers toe te laten of te doen
                                            verblijven op zaterdagen en zondagen tussen 04.00 uur en
                                            06.00 uur.</al></li><li nr="3."><al>De burgemeester kan ontheffing verlenen van de in het
                                            eerste lid vervatte verbod.</al></li><li nr="4."><al>Het in het eerste , tweede en derde lid bepaalde geldt
                                            niet voorzover in het daarin geregelde onderwerp wordt
                                            voorzien door op de Wet milieubeheer gebaseerde
                                            voorschriften.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:30 Afwijking sluitingstijd; tijdelijke
                                    sluiting</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>De burgemeester kan in het belang van de openbare orde,
                                            veiligheid, zedelijkheid of gezondheid of in geval van
                                            bijzondere omstandigheden voor een of meer
                                            horecabedrijven tijdelijk andere dan de krachtens
                                            artikel 2:29 geldende sluitingstijden vaststellen of
                                            tijdelijk sluiting bevelen.</al></li><li nr="2."><al>Het in het eerste lid bepaalde geldt niet voorzover in
                                            het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door
                                                <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Opiumwet/article=13b">artikel 13b van de Opiumwet</extref>.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:31 Aanwezigheid in gesloten horecabedrijf</tussenkop><al>Het is bezoekers verboden zich in een horecabedrijf te bevinden
                                    gedurende de tijd dat het bedrijf krachtens artikel 2:29 of
                                    ingevolge een op grond van artikel 2:30 genomen besluit gesloten dient te
                                    zijn.</al><tussenkop> Artikel 2:32 Handel in horecabedrijven</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>In dit artikel wordt onder handelaar verstaan: de
                                            handelaar als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20ex%20artikel%20439%2C%20n%C2%B0.%202%2C%20Wetboek%20van%20Strafrecht./article=1">artikel 1 van de algemene maatregel van
                                                bestuur</extref> op grond van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=437">artikel 437, eerste lid, van het Wetboek van
                                                Strafrecht</extref>.</al></li><li nr="2."><al>De exploitant van een horecabedrijf laat niet toe dat
                                            een handelaar of een voor hem handelend persoon in dat
                                            bedrijf enig voorwerp verwerft, verkoopt of op enig
                                            andere wijze overdraagt.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:33 Ordeverstoring</tussenkop><al>Het is verboden in een horecabedrijf de orde te verstoren.</al><tussenkop> Artikel 2:33a Gebruik duurzaam kunststof glas- en
                                    vaatwerk</tussenkop><al>De burgemeester kan in het belang van de openbare orde of
                                    veiligheid, of in geval van bijzondere omstandigheden, te zijner
                                    beoordeling, voor één of meer horecabedrijven tijdelijk het
                                    gebruik van glas- en vaatwerk anders dan van onbreekbaar
                                    duurzaam kunststof materiaal, verbieden.</al><tussenkop> Artikel 2:34 Het college als bevoegd bestuursorgaan</tussenkop><al>Indien een horecabedrijf geen inrichting is in de zin van
                                        <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=174">artikel 174 van de Gemeentewet</extref>, treedt het college
                                    op als bevoegd bestuursorgaan voor de toepassing van artikel 2:28 tot en met 2:31</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 9. TOEZICHT OP INRICHTINGEN TOT HET VERSCHAFFEN VAN
                                NACHTVERBLIJF</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 2:35 Begripsbepaling</tussenkop><al>In deze afdeling wordt verstaan onder inrichting: elke al dan
                                    niet besloten ruimte waarin, in de uitoefening van beroep of
                                    bedrijf, aan personen de mogelijkheid van nachtverblijf of
                                    gelegenheid tot kamperen wordt verschaft</al><tussenkop> Artikel 2:36 Kennisgeving exploitatie</tussenkop><al>Degene die een inrichting opricht, overneemt, verplaatst of de
                                    exploitatie of feitelijke leiding van een inrichting staakt, is
                                    verplicht binnen drie dagen daarna daarvan schriftelijk kennis
                                    te geven aan de burgemeester.</al><tussenkop> Artikel 2:37</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 2:38 Verschaffing gegevens</tussenkop><al>Degene die in een inrichting nachtverblijf houdt of de
                                    kampeerder is verplicht de exploitant of feitelijk
                                    leidinggevende van die inrichting volledig en naar waarheid
                                    naam, adres, woonplaats, geboortedatum, geboorteplaats,
                                    betrekking, dag van aankomst en de dag van vertrek te
                                    verstrekken.</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 10. TOEZICHT OP SPEELGELEGENHEDEN</titel></kop><structuurtekst><al/></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Artikel 2:39 Speelgelegenheden</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="1."><al>Dit artikel verstaat onder speelgelegenheid: een voor het
                                        publiek toegankelijke gelegenheid waar bedrijfsmatig of in
                                        een omvang alsof deze bedrijfsmatig is de mogelijkheid wordt
                                        geboden enig spel te beoefenen, waarbij geld of in geld
                                        inwisselbare voorwerpen kunnen worden gewonnen of
                                        verloren.</al></li><li nr="2."><al>Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een
                                        speelgelegenheid te exploiteren of te doen exploiteren. Het
                                        verbod is niet van toepassing op: </al><lijst><li nr="a."><al>speelautomatenhallen waarvoor op grond van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20op%20de%20Kansspelen/article=30c">artikel 30c, eerste lid, onder c, van de Wet op
                                                  de Kansspelen</extref> vergunning is
                                                verleend;</al></li><li nr="b."><al>speelgelegenheden waarvoor de minister van Justitie
                                                of de Kamer van Koophandel bevoegd is vergunning te
                                                verlenen;</al></li><li nr="c."><al>speelgelegenheden waar de mogelijkheid wordt geboden
                                                om het kleine kansspel als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20op%20de%20kansspelen/article=7c">artikel 7c van de Wet op de kansspelen</extref>
                                                te beoefenen, of te spelen op speelautomaten als
                                                bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20op%20de%20kansspelen/article=30">artikel 30 van de Wet op de kansspelen</extref>,
                                                of de handeling als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20op%20de%20kansspelen/article=1">artikel 1, onder a, van de Wet op de
                                                  kansspelen</extref> te verrichten.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De burgemeester weigert de vergunning: </al><lijst><li nr="a."><al>indien naar zijn oordeel moet worden aangenomen dat
                                                de woon en leefsituatie in de omgeving van de
                                                speelgelegenheid of de openbare orde op
                                                ontoelaatbare wijze nadelig worden beïnvloed door de
                                                exploitatie van de speelgelegenheid;</al></li><li nr="b."><al>indien de exploitatie van de speelgelegenheid in
                                                strijd is met een geldend bestemmingsplan.</al></li></lijst></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:40 Speelautomaten</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>In dit artikel wordt verstaan onder: </al><lijst><li nr="a."><al>Wet: de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20op%20de%20kansspelen">Wet op de kansspelen</extref>;</al></li><li nr="b."><al>speelautomaat: automaat als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20op%20de%20kansspelen/article=30">artikel 30, onder a, van de Wet</extref>;</al></li><li nr="c."><al>kansspelautomaat: automaat als bedoeld in
                                                  <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20op%20de%20kansspelen/article=30">artikel 30, onder c, van de Wet</extref>;</al></li><li nr="d."><al>hoogdrempelige inrichting: inrichting als
                                                  bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20op%20de%20kansspelen/article=30">artikel 30, onder d, van de Wet</extref>;</al></li><li nr="e."><al>laagdrempelige inrichting: inrichting als
                                                  bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20op%20de%20kansspelen/article=30">artikel 30, onder e, van de Wet</extref>.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>In hoogdrempelige inrichtingen zijn 2. speelautomaten
                                            toegestaan, waarvan maximaal twee
                                            kansspelautomaten.</al></li><li nr="3."><al>In laagdrempelige inrichtingen zijn 2 speelautomaten
                                            toegestaan, met dien verstande dat kansspelautomaten in
                                            het geheel niet zijn toegestaan.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 11. MAATREGELEN TEGEN OVERLAST EN BALDADIGHEID</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 2:41 Betreden gesloten woning of lokaal</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden zonder ontheffing van de burgemeester
                                            een krachtens <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=174a">artikel 174a van de Gemeentewet</extref> gesloten
                                            woning, een niet voor publiek toegankelijk lokaal of een
                                            bij die woning of dat lokaal behorend erf te
                                            betreden.</al></li><li nr="2."><al>Het is verboden zonder ontheffing van de burgemeester
                                            een krachtens <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Opiumwet/article=13b">artikel 13b van de Opiumwet</extref> gesloten
                                            woning, een niet voor het publiek toegankelijk lokaal,
                                            een bij die woning of dat lokaal behorend erf, een voor
                                            het publiek toegankelijk lokaal of bij dat lokaal
                                            behorend erf te betreden.</al></li><li nr="3."><al>Deze verboden gelden niet voor personen wier
                                            aanwezigheid in de woning of het lokaal wegens dringende
                                            reden noodzakelijk is.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:42 Plakken en kladden</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden een openbare plaats of dat gedeelte van
                                            een onroerende zaak dat vanaf die plaats zichtbaar is te
                                            bekrassen of te bekladden.</al></li><li nr="2."><al>Het is verboden zonder schriftelijke toestemming van de
                                            rechthebbende op een openbare plaats of dat gedeelte van
                                            een onroerende zaak dat vanaf die plaats zichtbaar is: </al><lijst><li nr="a."><al>een aanplakbiljet of ander geschrift, afbeelding
                                                  of aanduiding aan te plakken, te doen aanplakken,
                                                  op andere wijze aan te brengen of te doen
                                                  aanbrengen;</al></li><li nr="b."><al>met kalk, krijt, teer of een kleur of verfstof
                                                  een afbeelding, letter, cijfer of teken aan te
                                                  brengen of te doen aanbrengen.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het in het tweede lid gestelde verbod is niet van
                                            toepassing indien gehandeld wordt krachtens wettelijk
                                            voorschrift.</al></li><li nr="4."><al>Het college kan aanplakborden aanwijzen voor het
                                            aanbrengen van meningsuitingen en bekendmakingen.</al></li><li nr="5."><al>Het is verboden de in het vierde lid bedoelde
                                            aanplakborden te gebruiken voor het aanbrengen van
                                            handelsreclame.</al></li><li nr="6."><al>Het college kan nadere regels stellen voor het
                                            aanbrengen van meningsuitingen en bekendmakingen, die
                                            geen betrekking mogen hebben op de inhoud van de
                                            meningsuitingen en bekendmakingen.</al></li><li nr="7.De"><al>houder van de in het tweede lid bedoelde schriftelijke
                                            toestemming is verplicht die aan een opsporingsambtenaar
                                            op diens eerste vordering terstond ter inzage af te
                                            geven.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:43 Vervoer plakgereedschap e.d.</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden op de weg of openbaar water te vervoeren
                                            of bij zich te hebben enig aanplakbiljet, aanplakdoek,
                                            kalk, teer, kleur of verfstof of verfgereedschap.</al></li><li nr="2."><al>Dit verbod is niet van toepassing, indien de genoemde
                                            materialen of gereedschappen niet zijn gebruikt of niet
                                            zijn bestemd voor handelingen als verboden in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-2-42-plakken-en-kladden">artikel 2:42</extref>.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:44 Vervoer inbrekerswerktuigen en hulpmiddelen voor
                                    winkeldiefstal</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden op een openbare plaats
                                            inbrekerswerktuigen te vervoeren of bij zich te
                                            hebben.</al></li><li nr="2."><al>Het is verboden op de weg in de nabijheid van winkels te
                                            vervoeren of bij zich te hebben een voorwerp dat er
                                            kennelijk toe is uitgerust om het plegen van
                                            winkeldiefstal te vergemakkelijken</al></li><li nr="3."><al>Het verbod is niet van toepassing indien de genoemde
                                            gereedschappen, voorwerpen of middelen niet zijn
                                            gebruikt of niet zijn bestemd voor de in het eerste lid
                                            bedoelde handelingen.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:45</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 2:46</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 2:47 Hinderlijk gedrag op openbare plaatsen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden: </al><lijst><li nr="a."><al>op een openbare plaats te klimmen of zich te
                                                  bevinden op een beeld, monument, overkapping,
                                                  constructie, openbare toiletgelegenheid, voertuig,
                                                  hekheining of andere afsluiting, verkeersmeubilair
                                                  en daarvoor niet bestemd straatmeubilair;</al></li><li nr="b."><al>zich op een openbare plaats zodanig op te houden
                                                  dat aan weggebruikers of bewoners van nabij de weg
                                                  gelegen woningen onnodig overlast of hinder wordt
                                                  veroorzaakt;</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het verbod geldt niet voorzover in het daarin geregelde
                                            onderwerp wordt voorzien door <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20strafrecht/article=424">artikel 424</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20strafrecht/article=426bis">426bis</extref> of <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20strafrecht/article=431">431 van het Wetboek van Strafrecht</extref> of
                                                <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wegenverkeerswet%201994/article=5">artikel 5 van de Wegenverkeerswet
                                            1994</extref>.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:48 Verboden drankgebruik</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden op een openbare plaats, die deel
                                            uitmaakt van een door het college aangewezen gebied,
                                            alcoholhoudende drank te gebruiken of aangebroken
                                            flessen, blikjes en dergelijke met alcoholhoudende drank
                                            alsmede al dan niet leeg glaswerk, bij zich te
                                            hebben.</al></li><li nr="2."><al>Het bepaalde in het eerste lid geldt niet voor een
                                            terras dat behoort bij een horecabedrijf, als bedoeld in
                                                <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Drank-%20en%20Horecawet/article=1">artikel 1 van de Drank- en Horecawet</extref>;</al></li><li nr="3."><al>Het bepaalde in het eerste lid geldt voorts niet voor
                                            glaswerk dat zodanig is ingepakt dat dit niet voor
                                            dadelijk gebruik kan worden aangewend.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:49 Verboden gedrag bij of in gebouwen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden: </al><lijst><li nr="a."><al>zich zonder redelijk doel in een portiek of
                                                  poort op te houden;</al></li><li nr="b."><al>zonder redelijk doel in, op of tegen een
                                                  raamkozijn of een drempel van een gebouw te zitten
                                                  of te liggen.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het is aan anderen dan bewoners of gebruikers van
                                            flatgebouwen, appartementsgebouwen en soortgelijke
                                            meergezinshuizen en van gebouwen die voor publiek
                                            toegankelijk zijn, verboden zich zonder redelijk doel te
                                            bevinden in een voor gemeenschappelijk gebruik bestemde
                                            ruimte van zo'n gebouw.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:50 Hinderlijk gedrag in voor het publiek
                                    toegankelijke ruimten</tussenkop><al>Het is verboden zich zonder redelijk doel op een voor anderen
                                    hinderlijke wijze op te houden in of op een voor het publiek
                                    toegankelijk portaal, telefooncel, wachtlokaal voor een openbaar
                                    vervoermiddel, parkeergarage, rijwielstalling of een andere
                                    soortgelijke, voor het publiek toegankelijke ruimte dan wel deze
                                    te verontreinigen of te bezigen voor een ander doel dan waarvoor
                                    de desbetreffende ruimte is bestemd.</al><tussenkop> Artikel 2:51 Neerzetten van fietsen e.d.</tussenkop><al>Het is verboden indien daardoor overlast wordt veroorzaakt op
                                    een openbare plaats een fiets of een bromfiets te plaatsen of te
                                    laten staan.</al><tussenkop> Artikel 2:52 Overlast van fiets of bromfiets op markt en
                                    kermisterrein e.d.</tussenkop><al>Het is verboden op de door het college of de burgemeester
                                    aangewezen uren en plaatsen zich met een fiets of bromfiets te
                                    bevinden op een door het college of de burgemeester aangewezen
                                    terrein waar een markt, kermis, uitvoering, bijeenkomst of
                                    plechtigheid gehouden wordt die publiek trekt, mits dit verbod
                                    kenbaar is aan de bezoekers van het terrein.</al><tussenkop> Artikel 2:53 Bespieden van personen</tussenkop><al>1. Het is verboden zich in de nabijheid van een persoon dan wel
                                    een gebouw, woonwagen of woonschip op te houden met de
                                    kennelijke bedoeling deze persoon dan wel een zich in dit
                                    gebouw, deze woonwagen of dit woonschip bevindende persoon, te
                                    bespieden.</al><al>2. Het is verboden door middel van een verrekijker of enig ander
                                    optisch instrument een zich in een gebouw, woonwagen of
                                    woonschip bevindende persoon te bespieden.</al><tussenkop> Artikel 2:54</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 2:55</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 2:56</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 2:57</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 2:58 Overlast en verontreiniging door honden</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>In dit artikel wordt verstaan onder: </al><lijst><li nr="a."><al>eigenaar van een hond: de eigenaar, de houder en
                                                  de verzorger van een hond en ook degene die een
                                                  hond onder zijn hoede heeft;</al></li><li nr="b."><al>doeltreffend hulpmiddel: een fysieke voorziening
                                                  zoals een plastic of papieren zakje, schepje e.d.
                                                  dat geschikt is om uitwerpselen mee op te
                                                  ruimen.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>De eigenaar van een hond is verplicht er voor te zorgen
                                            dat die hond zich niet van uitwerpselen ontdoet op: </al><lijst><li nr="a."><al>een openbare plaats binnen de bebouwde kom;</al></li><li nr="b."><al>een andere door het college aangewezen
                                                  plaats.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>De eigenaar van een hond is verplicht, indien hij zich
                                            met die hond op een in het tweede lid genoemde plaats
                                            bevindt: </al><lijst><li nr="a."><al>een doeltreffend hulpmiddel bij zich te hebben
                                                  dat geschikt is voor onmiddellijke verwijdering
                                                  van de uitwerpselen van die hond;</al></li><li nr="b."><al>dit hulpmiddel op vordering van een
                                                  toezichthoudende ambtenaar te laten zien.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>De strafbaarheid wegens overtreding van het in het
                                            tweede lid gestelde wordt opgeheven indien de eigenaar
                                            van de hond er zorg voor draagt dat de uitwerpselen van
                                            die hond onmiddellijk worden verwijderd.</al></li><li nr="5."><al>De eigenaar van een hond die zich met die hond bevindt
                                            op een in het tweede lid genoemde plaats dient ervoor te
                                            zorgen dat deze is aangelijnd.</al></li><li nr="6."><al>Het college kan plaatsen aanwijzen waar het bepaalde in
                                            het vijfde lid niet geldt.</al></li><li nr="7."><al>Het is de eigenaar van een hond verboden deze te doen of
                                            laten verblijven op een voor publiek toegankelijk en
                                            kennelijk als zodanig ingericht school- en speelterrein,
                                            speelweide, zandbak en op een andere kennelijk voor
                                            sport- en/of speeldoeleinden ingerichte plaats alsmede
                                            op een andere door het college aangewezen plaats.</al></li><li nr="8."><al>Het bepaalde in het tweede, derde, vijfde en zevende lid
                                            geldt niet voorzover de eigenaar van een hond zich
                                            vanwege zijn handicap door een geleidehond laat
                                            begeleiden en de hond als zodanig aantoonbaar
                                            gekwalificeerd is of indien de eigenaar van een hond
                                            deze aantoonbaar gekwalificeerd opleidt tot
                                            geleidehond.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:59 Gevaarlijke honden</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is de eigenaar of houder van een hond verboden die
                                            hond te laten verblijven of te laten lopen op een
                                            openbare plaats of op het terrein van een ander: </al><lijst><li nr="a."><al>anders dan kort aangelijnd nadat het college aan
                                                  de eigenaar of de houder heeft bekendgemaakt dat
                                                  het die hond gevaarlijk of hinderlijk acht en een
                                                  aanlijngebod in verband met het gedrag van die
                                                  hond noodzakelijk vindt;</al></li><li nr="b."><al>anders dan kort aangelijnd en voorzien van een
                                                  muilkorf nadat het college aan de eigenaar of de
                                                  houder heeft bekendgemaakt dat het die hond
                                                  gevaarlijk of hinderlijk acht en een aanlijn en
                                                  muilkorfgebod in verband met het gedrag van die
                                                  hond noodzakelijk vindt.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>In afwijking van <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-2-58-overlast-en-verontreiniging-door-honden">artikel 2:58, eerste lid onder c</extref>, geldt
                                            voor het bepaalde in het eerste lid bovendien dat de
                                            hond voorzien moet zijn van een optisch leesbaar, niet-
                                            verwijderbaar identificatiekenmerk in het oor of de
                                            buikwand.</al></li><li nr="3."><al>In het eerste lid wordt verstaan onder: </al><lijst><li nr="a."><al>muilkorf: een muilkorf als bedoeld in artikel 1,
                                                  onder d, van de Regeling agressieve dieren;</al></li><li nr="b."><al>kort aanlijnen: aanlijnen van een hond met een
                                                  lijn met een lengte, gemeten van hand tot
                                                  halsband, die niet langer is dan 1,50 meter.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Het verbod geldt niet voorzover in het daarin geregelde
                                            onderwerp wordt voorzien door de Regeling agressieve
                                            dieren.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:60 Houden van hinderlijke of schadelijke
                                    dieren</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het college kan buiten een inrichting in de zin van de
                                                <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20milieubeheer">Wet milieubeheer</extref> plaatsen aanwijzen waar
                                            het ter voorkoming of opheffing van overlast of schade
                                            aan de openbare gezondheid verboden is daarbij
                                            aangeduide dieren: </al><lijst><li nr="a."><al>aanwezig te hebben,of</al></li><li nr="b."><al>aanwezig te hebben anders dan met inachtneming
                                                  van de door hen gestelde regels, of</al></li><li nr="c."><al>aanwezig te hebben tot een groter aantal dan in
                                                  die aanwijzing is aangegeven.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het is verboden op een krachtens het eerste lid
                                            aangewezen plaats daarbij aangeduide dieren aanwezig te
                                            hebben, dan wel aanwezig te hebben anders dan met
                                            inachtneming van de door het college gestelde regels,
                                            dan wel aanwezig te hebben in een groter aantal dan door
                                            het college is aangegeven.</al></li><li nr="3."><al>Het college kan de rechthebbende op een onroerende zaak
                                            gelegen binnen een krachtens het eerste lid aangewezen
                                            gedeelte van de gemeente ontheffing verlenen van het in
                                            het tweede lid gestelde verbod.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:61</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 2:62 Loslopend vee</tussenkop><al>De rechthebbende op vee dat zich bevindt in een aan een weg
                                    liggend weiland of terrein dat niet van die weg is afgescheiden
                                    door een deugdelijke veekering, is verplicht ervoor te zorgen
                                    dat zodanige maatregelen getroffen worden dat dit vee die weg
                                    niet kan bereiken.</al><tussenkop> Artikel 2:63</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 2:64 Bijen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden bijen te houden: </al><lijst><li nr="a."><al>binnen een afstand van dertig meter van woningen
                                                  of andere gebouwen waar overdag mensen
                                                  verblijven;</al></li><li nr="b."><al>binnen een afstand van dertig meter van de
                                                  weg.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet indien
                                            op een afstand van ten hoogste zes meter vanaf de korven
                                            of kasten een afscheiding is aangebracht van twee meter
                                            hoogte of zoveel hoger als noodzakelijk is om het laag
                                            uit en invliegen van de bijen te voorkomen.</al></li><li nr="3."><al>Het in het eerste lid, aanhef en onder a, gestelde
                                            verbod geldt niet voorzover de bijenhouder rechthebbende
                                            is op de woningen of gebouwen als bedoeld in dat
                                            lid.</al></li><li nr="4."><al>Het in het eerste lid, aanhef en onder b, gestelde
                                            verbod geldt niet voorzover in het daarin geregelde
                                            onderwerp wordt voorzien door de Wegenverordening
                                            Noord-Brabant 2006.</al></li><li nr="5."><al>Het college kan van het in het eerste lid gestelde
                                            verbod ontheffing verlenen.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:65 Bedelarij</tussenkop><al>Het is verboden in door het college aangewezen gebieden op of
                                    aan de weg of in een voor het publiek toegankelijk gebouw te
                                    bedelen om geld of andere zaken.</al><tussenkop> AFDELING 12.</tussenkop><al>[gereserveerd]</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 13. VUURWERK</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 2:71 Begripsbepalingen</tussenkop><al>In deze afdeling wordt verstaan onder consumentenvuurwerk:
                                    Consumentenvuurwerk waarop het Besluit van 22 januari 2002,
                                    houdende nieuwe regels met betrekking tot consumenten- en
                                    professioneel vuurwerk (<extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Vuurwerkbesluit">Vuurwerkbesluit</extref>) van toepassing is.</al><tussenkop> Artikel 2:72 Ter beschikking stellen van consumentenvuurwerk
                                    tijdens de verkoopdagen</tussenkop><al>Het is verboden in de uitoefening van een bedrijf of
                                    nevenbedrijf consumentenvuurwerk ter beschikking te stellen dan
                                    wel voor het ter beschikking stellen aanwezig te houden, zonder
                                    een vergunning van het college van de gemeente waar het bedrijf
                                    is of zal worden gevestigd</al><tussenkop> Artikel 2:73 Bezigen van consumentenvuurwerk tijdens de
                                    jaarwisseling</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden consumentenvuurwerk te bezigen op een
                                            door het college in het belang van de voorkoming van
                                            gevaar, schade of overlast aangewezen plaats.</al></li><li nr="2."><al>Het is verboden consumentenvuurwerk op een openbare
                                            plaats te bezigen als dat gevaar, schade of overlast kan
                                            veroorzaken.</al></li><li nr="3."><al>De in het eerste en tweede lid gestelde verboden gelden
                                            niet voorzover in het daarin geregelde onderwerp wordt
                                            voorzien door <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=429">artikel 429, aanhef en onder 1, van het Wetboek van
                                                Strafrecht</extref>.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 14. DRUGSOVERLAST</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 2:74 Drugshandel op straat</tussenkop><al>Onverminderd het bepaalde in de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Opiumwet">Opiumwet</extref> is het verboden op of aan de weg post te
                                    vatten of zich daar heen en weer te bewegen en zich op of aan
                                    wegen in of op een voertuig te bevinden of daarmee heen en weer
                                    of rond te rijden, met het kennelijke doel om middelen als
                                    bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Opiumwet/article=2">artikel 2 en 3 van de Opiumwet</extref>, of daarop
                                    gelijkende waar, al dan niet tegen betaling af te leveren, aan
                                    te bieden of te verwerven, daarbij behulpzaam te zijn of daarin
                                    te bemiddelen.</al><tussenkop> Artikel 2:74a Verzamelingen van personen in verband met
                                    drugs</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden op of aan wegen die door de burgemeester
                                            zijn aangewezen, indien de openbare orde dat in verband
                                            met het openlijk gebruik van en/of de handel in middelen
                                            als voornoemd in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Opiumwet/article=2">artikel 2 en 3 van de Opiumwet</extref> naar zijn
                                            oordeel noodzakelijk maakt, aan een verzameling van meer
                                            dan vier personen deel te nemen.</al></li><li nr="2."><al>Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet als de
                                            verzameling personen geen verband houdt met het openlijk
                                            gebruik en/of de handel in middelen als bedoeld in de
                                                <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Opiumwet/article=2">artikelen 2 en 3 van de Opiumwet</extref>.</al></li><li nr="3."><al>Een ieder die zich bevindt in een verzameling van
                                            personen als bedoeld in het eerste lid, is verplicht op
                                            een daartoe strekkend bevel van de politie, zijn weg te
                                            vervolgen of zich in de door deze aangewezen richting te
                                            verwijderen.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 2:74b Openlijk drugsgebruik</tussenkop><al>Het is verboden op of aan de weg, op een voor publiek
                                    toegankelijke plaats of in een voor publiek toegankelijk gebouw,
                                    middelen als bedoeld in de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Opiumwet/article=2">artikelen 2 en 3 van de Opiumwet</extref> te gebruiken, toe
                                    te dienen, dan wel voorbereidingen daartoe te verrichten of ten
                                    behoeve van dat gebruik voorwerpen en/of stoffen voorhanden te
                                    hebben.</al><tussenkop> Artikel 2:74c Achterlaten van spuiten e.d.</tussenkop><al>Het is verboden injectiespuiten of onderdelen daarvan zoals
                                    naalden, reservoirs, zuigers en dergelijke of daarop gelijkende
                                    voorwerpen op de weg dan wel in afvalbakken achter te laten,
                                    indien redelijkerwijs kan worden aangenomen dat zulks geschiedt
                                    om daarvan afstand te doen.</al><tussenkop> Artikel 2:74d Verblijfsontzegging/gebiedsverbod in verband
                                    met drugs</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>De burgemeester kan in het belang van de openbare orde
                                            aan degene die zich gedraagt in strijd met de <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-2-74-drugshandel-op-straat">artikelen 2:74</extref> tot en met <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-2-74c-achterlaten-van-spuiten-e-d-">2:74c</extref> een verbod opleggen om zich
                                            gedurende een in dat verbod genoemd tijdvak van 24 uur
                                            te bevinden op in dat verbod aangewezen plaatsen, waar
                                            of in de nabijheid waarvan de genoemde gedragingen
                                            hebben plaatsgehad.</al></li><li nr="2."><al>De burgemeester kan in het belang van de openbare orde
                                            aan degene aan wie eerder een verbod als bedoeld in het
                                            eerste lid is opgelegd en ten aanzien van wie binnen zes
                                            maanden na het opleggen van dit verbod wordt
                                            geconstateerd, dat hij zich opnieuw gedraagt in strijd
                                            met de in het eerste lid genoemde artikelen, een verbod
                                            opleggen om zich gedurende een in dat verbod genoemd
                                            tijdvak van ten hoogste veertien dagen te bevinden op de
                                            in dat verbod aangewezen plaatsen, waar of in de
                                            nabijheid waarvan de genoemde gedragingen hebben
                                            plaatsgehad.</al></li><li nr="3."><al>De burgemeester beperkt het in het eerste en tweede lid
                                            genoemde verbod, indien dat in verband met de
                                            persoonlijke omstandigheden van betrokkene noodzakelijk
                                            is.</al></li><li nr="4."><al>Het is verboden zich te gedragen in strijd met een door
                                            de burgemeester opgelegd verbod als bedoeld in het
                                            eerste en tweede lid.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 15. BESTUURLIJKE OPHOUDING, VEILIGHEIDSRISICOGEBIEDEN EN
                                CAMERATOEZICHT OP OPENBARE PLAATSEN</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 2:75 Bestuurlijke ophouding</tussenkop><al>De burgemeester kan overeenkomstig <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=154a">artikel 154a van de Gemeentewet</extref> besluiten tot het
                                    tijdelijk doen ophouden van door hem aangewezen groepen van
                                    personen op een door hem aangewezen plaats indien deze personen
                                    het bepaalde in de artikelen 2:1, 2:2 ,
                                        2:10, 2:11; 2:16,
                                        2;19; 2;22, 2:26, 2:47 tot en met 2:50, 2:74b en
                                        5:34 groepsgewijs niet naleven.</al><tussenkop> Artikel 2:76 Veiligheidsrisicogebieden</tussenkop><al>De burgemeester kan overeenkomstig <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=151b">artikel 151b van de Gemeentewet</extref> bij verstoring van
                                    de openbare orde door de aanwezigheid van wapens, dan wel bij
                                    ernstige vrees voor het ontstaan daarvan, een gebied, met
                                    inbegrip van de daarin gelegen voor het publiek openstaande
                                    gebouwen en daarbij behorende erven, aanwijzen als
                                    veiligheidsrisicogebied.</al><tussenkop> Artikel 2:77 Cameratoezicht op openbare plaatsen</tussenkop><al>De burgemeester kan overeenkomstig <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=151c">artikel 151c van de Gemeentewet</extref> besluiten tot
                                    plaatsing van vaste camera’s voor een bepaalde duur ten behoeve
                                    van het toezicht op een openbare plaats.</al></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>HOOFDSTUK 3. SEKSINRICHTINGEN, SEKSWINKELS, STRAATPROSTITUTIE
                            E.D.</titel></kop><afdeling><kop><titel>AFDELING 1. BEGRIPSBEPALINGEN</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 3:1 Begripsbepalingen</tussenkop><al>In dit hoofdstuk wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>prostitutie: het zich beschikbaar stellen tot het
                                            verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen
                                            vergoeding;</al></li><li nr="b."><al>prostituee: degene die zich beschikbaar stelt tot het
                                            verrichten van seksuele handelingen met een ander tegen
                                            vergoeding;</al></li><li nr="c."><al>seksinrichting: de voor het publiek toegankelijke,
                                            besloten ruimte waarin bedrijfsmatig of in een omvang
                                            alsof zij bedrijfsmatig was seksuele handelingen worden
                                            verricht, of vertoningen van erotisch-pornografische
                                            aard plaatsvinden. Onder een seksinrichting worden in
                                            elk geval verstaan: een seksbioscoop, seksautomatenhal,
                                            sekstheater, een parenclub of een prostitutiebedrijf
                                            waaronder tevens begrepen een erotische-massagesalon, al
                                            dan niet in combinatie met elkaar;</al></li><li nr="d."><al>escortbedrijf: de natuurlijke persoon, groep van
                                            personen of rechtspersoon die bedrijfsmatig of in een
                                            omvang alsof zij bedrijfsmatig was prostitutie aanbiedt
                                            die op een andere plaats dan in de bedrijfsruimte wordt
                                            uitgeoefend;</al></li><li nr="e."><al>sekswinkel: de voor het publiek toegankelijke, besloten
                                            ruimte waarin hoofdzakelijk goederen van
                                            erotisch-pornografische aard aan particulieren plegen te
                                            worden verkocht of verhuurd;</al></li><li nr="f."><al>exploitant: de natuurlijke persoon of personen of
                                            rechtspersoon of rechtspersonen die een seksinrichting
                                            of escortbedrijf exploiteert, dan wel exploiteren en de
                                            tot vertegenwoordiging van die rechtspersoon of
                                            rechtspersonen bevoegde natuurlijke persoon of
                                            personen;</al></li><li nr="g."><al>beheerder: de natuurlijke persoon of personen die de
                                            onmiddellijke feitelijke leiding uitoefent, dan wel
                                            uitoefenen in een seksinrichting of escortbedrijf;</al></li><li nr="h."><al>bezoeker: degene die aanwezig is in een seksinrichting,
                                            met uitzondering van: </al><lijst><li nr="1."><al>de exploitant;</al></li><li nr="2."><al>de beheerder;</al></li><li nr="3."><al>de prostituee;</al></li><li nr="4."><al>het personeel dat in de seksinrichting werkzaam
                                                  is;</al></li><li nr="5."><al>toezichthouders die zijn aangewezen op grond van
                                                  <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-6-2-toezichthouders">artikel 6.2 van deze verordening</extref>;</al></li><li nr="6."><al>andere personen wier aanwezigheid in de
                                                  seksinrichting wegens dringende redenen
                                                  noodzakelijk is.</al></li></lijst></li></lijst><tussenkop> Artikel 3:2 Bevoegd bestuursorgaan</tussenkop><al>In dit hoofdstuk wordt verstaan onder bevoegd bestuursorgaan:
                                    het college of, voorzover het betreft voor het publiek
                                    openstaande gebouwen en daarbij behorende erven als bedoeld in
                                        <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=174">artikel 174 van de Gemeentewet</extref>, de
                                    burgemeester.</al><tussenkop> Artikel 3:3 Nadere regels</tussenkop><al>Met het oog op de in artikel 3:13
                                    genoemde belangen, kan het college over de uitoefening van de
                                    bevoegdheden zoals genoemd in dit hoofdstuk nadere regels
                                    vaststellen.</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 2. SEKSINRICHTINGEN, STRAATPROSTITUTIE, SEKSWINKELS EN
                                DERGELIJKE</titel></kop><structuurtekst><al/></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Artikel 3:4 Seksinrichtingen</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden een seksinrichting of escortbedrijf te
                                        exploiteren of te wijzigen zonder vergunning van het bevoegd
                                        bestuursorgaan.</al></li><li nr="2."><al>In de aanvraag om vergunning en in de vergunning wordt in
                                        ieder geval vermeld: </al><lijst><li nr="a."><al>de persoonsgegevens van de exploitant;</al></li><li nr="b."><al>de persoonsgegevens van de beheerder; en</al></li><li nr="c."><al>de aard van de seksinrichting of het
                                                escortbedrijf.</al></li></lijst></li></lijst><tussenkop> Artikel 3:5 Gedragseisen exploitant en beheerder</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>De exploitant en de beheerder: </al><lijst><li nr="a."><al>staat niet onder curatele en is niet ontzet uit
                                                  de ouderlijke macht of de voogdij;</al></li><li nr="b."><al>is niet in enig opzicht van slecht levensgedrag;
                                                  en</al></li><li nr="c."><al>heeft de leeftijd van eenentwintig jaar
                                                  bereikt.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Naast de gestelde eisen in het eerste lid, is de
                                            exploitant en de beheerder niet: </al><lijst><li nr="a."><al>met toepassing van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=37">artikel 37 van het Wetboek van
                                                  Strafrecht</extref> in een psychiatrisch
                                                  ziekenhuis geplaatst of met toepassing van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=37a">artikel 37a van het Wetboek van
                                                  Strafrecht</extref> ter beschikking gesteld;</al></li><li nr="b."><al>binnen de laatste vijf jaar onherroepelijk
                                                  veroordeeld tot een onvoorwaardelijke
                                                  vrijheidsstraf van zes maanden of meer door de
                                                  rechter in Nederland, de Nederlandse Antillen of
                                                  Aruba, dan wel door een andere rechter wegens een
                                                  misdrijf waarvoor naar Nederlands recht een bevel
                                                  tot voorlopige hechtenis ingevolge <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafvordering/article=67">artikel 67, eerste lid van het Wetboek van
                                                  Strafvordering</extref> is toegelaten;</al></li></lijst></li><li nr="c."><al>binnen de laatste vijf jaar bij tenminste twee
                                            rechterlijke uitspraken onherroepelijk veroordeeld tot
                                            een onvoorwaardelijke geldboete van 500 euro of meer of
                                            tot een andere hoofdstraf als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=9">artikel 9, eerste lid, onder a van het Wetboek van
                                                Strafrecht</extref>, wegens dan wel mede wegens
                                            overtreding van: </al><lijst><li nr=""><al>- bepalingen gesteld bij of krachtens de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Drank-%20en%20Horecawet">Drank- en Horecawet</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Opiumwet">Opiumwet</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Vreemdelingenwet%202000">Vreemdelingenwet</extref> en de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20arbeid%20vreemdelingen">Wet arbeid vreemdelingen</extref>;</al></li><li nr=""><al>- de artikelen <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=137c">137c tot en met 137g</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=140">140</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=240b">240b</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=242">242 tot en met 249</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=252">252</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=250">250a (oud)</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=273a">273a</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=300">300 tot en met 303</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=416">416</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=417">417</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=417bis">417bis</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=426">426</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=429quater">429quater</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=453">453 van het Wetboek van Strafrecht</extref>;</al></li><li nr=""><al>- de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wegenverkeerswet%201994/article=8">artikelen 8</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wegenverkeerswet%201994/article=162">162, derde lid</extref>, alsmede <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wegenverkeerswet%201994/article=6">artikel 6</extref> juncto <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wegenverkeerswet%201994/article=8">artikel 8</extref> of juncto <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wegenverkeerswet%201994/article=163">artikel 163 van de Wegenverkeerswet
                                                  1994</extref>;</al></li><li nr=""><al>- de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20op%20de%20kansspelen/article=1">artikelen 1, onder a, b en d</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20op%20de%20kansspelen/article=13">13</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20op%20de%20kansspelen/article=14">14</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20op%20de%20kansspelen/article=27">27</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20op%20de%20kansspelen/article=30b">30b van de Wet op de kansspelen</extref>;</al></li><li nr=""><al>- de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20op%20de%20weerkorpsen/article=2">artikelen 2 en 3 van de Wet op de
                                                  weerkorpsen</extref>;</al></li><li nr=""><al>- de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20wapens%20en%20munitie/article=54">artikelen 54 en 55 van de Wet wapens en
                                                  munitie</extref>.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Met een veroordeling als bedoeld in het tweede lid wordt
                                            gelijk gesteld: </al><lijst><li nr="a."><al>vrijwillige betaling van een geldsom als bedoeld
                                                  in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=74">artikel 74, tweede lid onder a van het Wetboek
                                                  van Strafrecht</extref> of <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20wet%20inzake%20rijksbelastingen/article=76">artikel 76, derde lid onder a van de Algemene wet
                                                  inzake rijksbelastingen</extref>, tenzij de
                                                  geldsom minder dan 375 euro bedraagt;</al></li><li nr="b."><al>een bevel tot tenuitvoerlegging van een
                                                  voorwaardelijke straf.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>De periode van vijf jaar, genoemd in het tweede lid,
                                            wordt: </al><lijst><li nr="a."><al>bij de weigering van een vergunning
                                                  teruggerekend vanaf de datum van beslissing op de
                                                  aanvraag van de vergunning;</al></li><li nr="b."><al>bij de intrekking van een vergunning
                                                  teruggerekend vanaf de datum van de intrekking van
                                                  deze vergunning.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>De exploitant of de beheerder is binnen de laatste vijf
                                            jaar geen exploitant of beheerder geweest van een
                                            seksinrichting of escortbedrijf die voor ten minste een
                                            maand door het bevoegde bestuursorgaan is gesloten, of
                                            waarvan de vergunning bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-4-seksinrichtingen">artikel 3.4, eerste lid</extref>, is ingetrokken,
                                            tenzij aannemelijk is dat hem terzake geen verwijt
                                            treft.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 3:6 Sluitingstijden</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden een seksinrichting voor bezoekers
                                            geopend te hebben en daarin bezoekers toe te laten of te
                                            laten verblijven tussen 02.00 uur en 06.00 uur.</al></li><li nr="2."><al>Het bevoegd bestuursorgaan kan door middel van een
                                            voorschrift als bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-1-4-voorschriften-en-beperkingen">artikel 1:4</extref> voor een afzonderlijke
                                            seksinrichting andere sluitingstijden vaststellen.</al></li><li nr="3."><al>Het is bezoekers van een seksinrichting verboden zich
                                            daarin te bevinden gedurende de tijd dat die
                                            seksinrichting krachtens het eerste lid of tweede lid,
                                            dan wel krachtens <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-7-tijdelijke-afwijking-sluitingstijden--tijdelijke-sluiting">artikel 3:7, eerste lid</extref>, gesloten dient te
                                            zijn.</al></li><li nr="4."><al>Het in het eerste tot en met derde lid bepaalde geldt
                                            niet voorzover in de daarin geregelde onderwerpen wordt
                                            voorzien door de op de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20milieubeheer">Wet milieubeheer</extref> gebaseerde
                                            voorschriften.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 3:7 Tijdelijke afwijking sluitingstijden;
                                    (tijdelijke) sluiting</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Met het oog op de in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-13-weigeringsgronden">artikel 3:13, tweede lid</extref>, genoemde
                                            belangen of in geval van strijdigheid met de bepalingen
                                            in dit hoofdstuk kan het bevoegd bestuursorgaan: </al><lijst><li nr="a."><al>tijdelijk andere dan de krachtens <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-6-sluitingstijden">artikel 3:6, eerste of tweede lid</extref>,
                                                  geldende sluitingsuren vaststellen;</al></li><li nr="b."><al>van een afzonderlijke seksinrichting al dan niet
                                                  tijdelijk de gedeeltelijke of algehele sluiting
                                                  bevelen.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Onverminderd het bepaalde in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20wet%20bestuursrecht/article=3%3A41">artikel 3:41 van de Algemene wet
                                                bestuursrecht</extref>, maakt het bevoegd
                                            bestuursorgaan het in het eerste lid bedoelde besluit
                                            openbaar bekend overeenkomstig <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Algemene%20wet%20bestuursrecht/article=3%3A42">artikel 3:42 Algemene wet
                                            bestuursrecht</extref>.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 3:8 Aanwezigheid van en toezicht door exploitant en
                                    beheerder</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden een seksinrichting voor bezoekers
                                            geopend te hebben, zonder dat de ingevolge <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-4-seksinrichtingen">artikel 3:4</extref> op de vergunning vermelde
                                            exploitant of beheerder in de seksinrichting aanwezig
                                            is.</al></li><li nr="2."><al>De exploitant en de beheerder zien er voortdurend op toe
                                            dat in de seksinrichting: </al><lijst><li nr="a."><al>geen strafbare feiten plaatsvinden, waaronder in
                                                  ieder geval de feiten genoemd in de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht">titels XIV (misdrijven tegen de zeden), XVIII
                                                  (misdrijven tegen de persoonlijke vrijheid), XX
                                                  (mishandeling), XXII (diefstal) en XXX (heling)
                                                  van het Tweede Boek van het Wetboek van
                                                  Strafrecht</extref>, in de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Opiumwet">Opiumwet</extref> en in de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20wapens%20en%20munitie">Wet wapens en munitie</extref>; en</al></li><li nr="b."><al>geen prostitutie wordt uitgeoefend door personen
                                                  in strijd met het bij of krachtens de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20arbeid%20vreemdelingen">Wet arbeid vreemdelingen</extref> of de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Vreemdelingenwet%202000">Vreemdelingenwet</extref> bepaalde.</al></li></lijst></li></lijst><tussenkop> Artikel 3:9 Straatprostitutie</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden, door handelingen, houding, woord,
                                            gebaar of op andere wijze, passanten tot prostitutie te
                                            bewegen, uit te nodigen dan wel aan te lokken: </al><lijst><li nr="a."><al>op of aan andere dan door het college aangewezen
                                                  wegen of gebieden;</al></li><li nr="b."><al>gedurende andere dan door het college
                                                  vastgestelde tijden.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Met het oog op de naleving van het in het eerste lid
                                            gestelde verbod, kan door politieambtenaren het bevel
                                            worden gegeven zich onmiddellijk in een bepaalde
                                            richting te verwijderen.</al></li><li nr="3."><al>Met het oog op de in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-13-weigeringsgronden">artikel 3:13, tweede lid</extref>, genoemde
                                            belangen kan door politieambtenaren aan personen die
                                            zich bevinden op de wegen en gedurende de tijden bedoeld
                                            in het eerste lid, het bevel worden gegeven zich
                                            onmiddellijk in een bepaalde richting te
                                            verwijderen.</al></li><li nr="4."><al>De burgemeester kan met het oog op de in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-13-weigeringsgronden">artikel 3:13, tweede lid</extref>, genoemde
                                            belangen personen aan wie ten minste eenmaal een bevel
                                            is gegeven als bedoeld in het derde lid bij besluit
                                            verbieden zich gedurende bepaalde termijn, anders dan in
                                            een openbaar middel van vervoer, te bevinden op of aan
                                            de wegen en op de tijden bedoeld in het eerste lid.</al></li><li nr="5."><al>De burgemeester beperkt het in het vierde lid genoemde
                                            verbod indien dat in verband met de persoonlijke
                                            omstandigheden van betrokkene noodzakelijk is.</al></li><li nr="6."><al>Het is verboden zich te gedragen in strijd met een door
                                            de burgemeester opgelegd verbod als bedoeld in het
                                            vierde lid.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 3:10</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 3:11 Tentoonstellen, aanbieden en aanbrengen van
                                    erotisch-pornografische goederen, afbeeldingen en
                                    dergelijke</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is de rechthebbende op een onroerende zaak verboden
                                            daarin of daarop goederen, opschriften, aankondigingen,
                                            gedrukte of geschreven stukken dan wel afbeeldingen van
                                            erotisch-pornografische aard openlijk ten toon te
                                            stellen, aan te bieden of aan te brengen: </al><lijst><li nr="a."><al>indien het bevoegd bestuursorgaan aan de
                                                  rechthebbende heeft bekendgemaakt dat de wijze van
                                                  tentoonstellen, aanbieden of aanbrengen daarvan,
                                                  de openbare orde of de woon- en leefomgeving in
                                                  gevaar brengt;</al></li><li nr="b."><al>anders dan overeenkomstig de door het bevoegd
                                                  bestuursorgaan in het belang van de openbare orde
                                                  of de woon- en leefomgeving gestelde regels.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het in het eerste lid gestelde verbod is niet van
                                            toepassing op het tentoonstellen, aanbieden of
                                            aanbrengen van goederen, opschriften, aankondigingen,
                                            gedrukte of geschreven stukken dan wel afbeeldingen, die
                                            dienen tot het openbaren van gedachten en gevoelens als
                                            bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Grondwet/article=7">artikel 7, eerste lid, van de
                                            Grondwet</extref>.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 3. BESLISSINGSTERMIJN; WEIGERINGSGRONDEN</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 3:12 Beslissingstermijn</tussenkop><al>[vervallen; zie artikel 1:2]</al><tussenkop> Artikel 3:13 Weigeringsgronden</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>De vergunning bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-4-seksinrichtingen">artikel 3:4, eerste lid</extref>, wordt geweigerd
                                            indien: </al><lijst><li nr="a."><al>de exploitant of de beheerder niet voldoet aan
                                                  de in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-5-gedragseisen-exploitant-en-beheerder">artikel 3:5</extref> gestelde eisen;</al></li><li nr="b."><al>de vestiging of de exploitatie van de
                                                  seksinrichting of het escortbedrijf in strijd is
                                                  met een geldend bestemmingsplan,
                                                  stadsvernieuwingsplan of
                                                  leefmilieuverordening;</al></li><li nr="c."><al>er aanwijzingen zijn dat in de seksinrichting of
                                                  het escortbedrijf personen werkzaam zijn of zullen
                                                  zijn in strijd met <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=273f">artikel 273f van het Wetboek van
                                                  Strafrecht</extref> of met het bij of krachtens de
                                                  <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20arbeid%20vreemdelingen">Wet arbeid vreemdelingen</extref> of de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Vreemdelingenwet%202000">Vreemdelingenwet</extref> bepaalde.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>In afwijking van <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-1-8-weigeringsgronden">artikel 1:8</extref> kan de vergunning bedoeld in
                                                <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-4-seksinrichtingen">artikel 3:4, eerste lid</extref>, dan wel de
                                            aanwijzing of vaststelling bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-9-straatprostitutie">artikel 3:9, eerste lid</extref>, worden geweigerd
                                            in het belang van: </al><lijst><li nr="a."><al>de openbare orde;</al></li><li nr="b."><al>het voorkomen of beperken van overlast;</al></li><li nr="c."><al>het voorkomen of beperken van aantasting van het
                                                  woon- en leefklimaat;</al></li><li nr="d."><al>de veiligheid van personen of goederen;</al></li><li nr="e."><al>de verkeersvrijheid of -veiligheid;</al></li><li nr="f."><al>de gezondheid of zedelijkheid;</al></li><li nr="g."><al>de arbeidsomstandigheden van de prostituee.</al></li></lijst></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 4. BEËINDIGING EXPLOITATIE; WIJZIGING BEHEER</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 3:14 Beëindiging exploitatie</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>De vergunning vervalt zodra de ingevolge <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-4-seksinrichtingen">artikel 3:4</extref> op de vergunning vermelde
                                            exploitant, de exploitatie van de seksinrichting of het
                                            escortbedrijf feitelijk heeft beëindigd.</al></li><li nr="2."><al>Binnen een week na de feitelijke beëindiging van de
                                            exploitatie, geeft de exploitant daarvan schriftelijk
                                            kennis aan het bevoegd bestuursorgaan.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 3:15 Wijziging beheer</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Indien een beheerder als bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-1-begripsbepalingen">artikel 3:1, onder g</extref>, het beheer in de
                                            seksinrichting of het escortbedrijf feitelijk heeft
                                            beëindigd, geeft de exploitant daarvan binnen een week
                                            na de feitelijke beëindiging van het beheer schriftelijk
                                            kennis aan het bevoegd bestuursorgaan.</al></li><li nr="2."><al>Het beheer kan worden uitgeoefend door een nieuwe
                                            beheerder, indien het bevoegd bestuursorgaan op aanvraag
                                            van de exploitant heeft besloten de verleende vergunning
                                            overeenkomstig de wijziging in het beheer te wijzigen.
                                            Het bepaalde in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-13-weigeringsgronden">artikel 3:13, eerste lid, aanhef en onder
                                                a</extref>, is van overeenkomstige toepassing.</al></li><li nr="3."><al>In afwachting van het besluit bedoeld in het tweede lid,
                                            kan het beheer worden uitgeoefend door een nieuwe
                                            beheerder zodra de exploitant een aanvraag als bedoeld
                                            in het tweede lid heeft ingediend, totdat over de
                                            aanvraag is besloten.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 5. OVERGANGSBEPALING</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 3:16 Overgangsbepaling</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Op het exploiteren van een bestaande seksinrichting of
                                            escortbedrijf is het gestelde in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-4-seksinrichtingen">artikel 3:4, eerste lid</extref>, niet van
                                            toepassing: </al><lijst><li nr="a."><al>gedurende 36 weken na het in werking treden
                                                  daarvan;</al></li><li nr="b."><al>na afloop van de onder a gestelde termijn,
                                                  indien de exploitant binnen deze termijn een
                                                  aanvraag om vergunning als bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-4-seksinrichtingen">artikel 3:4, eerste lid</extref>, heeft
                                                  ingediend, totdat op die aanvraag door het bevoegd
                                                  bestuursorgaan een besluit is genomen.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Gedurende de periode bedoeld in het eerste lid, kan het
                                            bevoegd bestuursorgaan met het oog op de in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-3-13-weigeringsgronden">artikel 3:13, tweede lid</extref>, genoemde
                                            belangen de exploitant aanschrijven tot het treffen van
                                            in die aanschrijving vermelde voorzieningen.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>HOOFDSTUK 4. BESCHERMING VAN HET MILIEU EN HET NATUURSCHOON EN ZORG
                            VOOR HET UITERLIJK AANZIEN VAN DE GEMEENTE</titel></kop><afdeling><kop><titel>AFDELING 1. GELUIDHINDER EN VERLICHTING</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 4:1 Begripsbepalingen</tussenkop><al>In deze afdeling wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>Besluit: het <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20algemene%20regels%20voor%20inrichtingen%20milieubeheer">Besluit algemene regels voor inrichtingen
                                                milieubeheer</extref>;</al></li><li nr="b."><al>inrichting: inrichting type A of type B als bedoeld in
                                                het<extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20algemene%20regels%20voor%20inrichtingen%20milieubeheer">Besluit</extref>;</al></li><li nr="c."><al>houder van een inrichting: degene die als eigenaar,
                                            bedrijfsleider, beheerder of anderszins een inrichting
                                            drijft;</al></li><li nr="d."><al>collectieve festiviteit: festiviteit die niet specifiek
                                            aan één of een klein aantal inrichtingen is
                                            verbonden;</al></li><li nr="e."><al>incidentele festiviteit: festiviteit of activiteit die
                                            gebonden is aan één of een klein aantal
                                            inrichtingen;</al></li><li nr="f."><al>geluidsgevoelige gebouwen: woningen en gebouwen die op
                                            grond van <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20Geluidhinder/article=1">artikel 1 van de Wet Geluidhinder</extref> worden
                                            aangemerkt als geluidsgevoelige gebouwen met
                                            uitzondering van gebouwen behorende bij de betreffende
                                            inrichting;</al></li><li nr="g."><al>geluidsgevoelige terreinen: terreinen die op grond van
                                                <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20Geluidhinder/article=1">artikel 1 van de Wet geluidhinder</extref> worden
                                            aangemerkt als geluidsgevoelige terreinen met
                                            uitzondering van terreinen behorende bij de betreffende
                                            inrichting;</al></li><li nr="h."><al>onversterkte muziek: muziek die niet elektronisch is
                                            versterkt.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 4:2 Aanwijzing collectieve festiviteiten</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>De geluidsnormen als bedoeld in de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20algemene%20regels%20voor%20inrichtingen%20milieubeheer/article=2.17">artikelen 2.17</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20algemene%20regels%20voor%20inrichtingen%20milieubeheer/article=2.19">2.19</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20algemene%20regels%20voor%20inrichtingen%20milieubeheer/article=2.20">2.20 van het Besluit</extref> en <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-4-5-onversterkte-muziek">artikel 4:5</extref> van deze verordening gelden
                                            niet voor door het college per kalenderjaar aan te
                                            wijzen collectieve festiviteiten gedurende de daarbij
                                            aan te wijzen dagen of dagdelen.</al></li><li nr="2."><al>De voorwaarden met betrekking tot de verlichting ten
                                            behoeve van sportbeoefening in de buitenlucht als
                                            bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20algemene%20regels%20voor%20inrichtingen%20milieubeheer/article=4.113">artikel 4.113, eerste lid, van het Besluit</extref>
                                            gelden niet voor door het college per kalenderjaar aan
                                            te wijzen collectieve festiviteiten gedurende de daarbij
                                            aan te wijzen dagen of dagdelen.</al></li><li nr="3."><al>In een aanwijzing als bedoeld in het eerste en tweede
                                            lid, kan het college bepalen dat de aanwijzing slechts
                                            geldt in een of meer van de volgende delen van de
                                            gemeente: De Heen, Dinteloord, Kruisland,
                                            Nieuw-Vossemeer, Steenbergen of Welberg.</al></li><li nr="4."><al>Het college maakt de aanwijzing ten minste vier weken
                                            voor het begin van een nieuw kalenderjaar bekend.</al></li><li nr="5."><al>Het college kan wanneer een collectieve festiviteit
                                            redelijkerwijs niet te voorzien was, een festiviteit
                                            terstond als collectieve festiviteit als bedoeld in het
                                            eerste lid aanwijzen.</al></li><li nr="6."><al>Het equivalente geluidsniveau LAeq veroorzaakt door de
                                            inrichting, bedraagt niet meer dan 65 dB(A) voor de
                                            periode tussen 07.00 en 19.00 uur, 60 dB(A) voor de
                                            periode tussen 19.00 en 23.00 uur en 55 dB(A) voor de
                                            periode tussen 23.00 uur en 02.00 uur, gemeten op de
                                            gevel van gevoelige gebouwen op een hoogte van 1,5
                                            meter</al></li><li nr="7."><al>De geluidswaarde als bedoeld in het zesde lid is
                                            inclusief onversterkte muziek en exclusief 10 dB(A)
                                            toeslag vanwege muziekcorrectie. Tevens wordt de
                                            bedrijfsduurcorrectie buiten beschouwing gelaten.</al></li><li nr="8."><al>Op de dagen als bedoeld in het eerste lid dient het ten
                                            gehore brengen van extra muziek - hoger dan de
                                            geluidsnorm als bedoeld in de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20algemene%20regels%20voor%20inrichtingen%20milieubeheer/article=2.17">artikelen 2.17</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20algemene%20regels%20voor%20inrichtingen%20milieubeheer/article=2.19">2.19</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20algemene%20regels%20voor%20inrichtingen%20milieubeheer/article=2.20">2.20 van het Besluit</extref> en <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-4-5-onversterkte-muziek">artikel 4:5 van deze verordening</extref>-
                                            uiterlijk om 02.00 uur daar aan volgend te worden
                                            beëindigd.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 4:3 Kennisgeving incidentele festiviteiten</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is een inrichting toegestaan maximaal 12 incidentele
                                            festiviteiten per kalenderjaar te houden waarbij de
                                            geluidsnormen als bedoeld in de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20algemene%20regels%20voor%20inrichtingen%20milieubeheer/article=2.17">artikelen 2.17</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20algemene%20regels%20voor%20inrichtingen%20milieubeheer/article=2.19">2.19</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20algemene%20regels%20voor%20inrichtingen%20milieubeheer/article=2.20">2.20 van het Besluit</extref> en <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-4-5-onversterkte-muziek">artikel 4:5 van deze verordening</extref> niet van
                                            toepassing zijn, mits de houder van de inrichting ten
                                            minste twee weken voor de aanvang van de festiviteit het
                                            college daarvan in kennis heeft gesteld.</al></li><li nr="2."><al>Het is een inrichting toegestaan om tijdens maximaal 12
                                            incidentele festiviteiten per kalenderjaar de
                                            verlichting langer aan te houden ten behoeve van
                                            sportactiviteiten waarbij <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20algemene%20regels%20voor%20inrichtingen%20milieubeheer/article=4.113">artikel 4.113 , eerste lid, van het
                                                Besluit</extref> niet van toepassing is, mits de
                                            houder van de inrichting ten minste tien werkdagen voor
                                            de aanvang van de festiviteit het college daarvan in
                                            kennis heeft gesteld.</al></li><li nr="3."><al>Het college stelt een formulier vast voor het doen van
                                            een kennisgeving.</al></li><li nr="4."><al>De kennisgeving wordt geacht te zijn gedaan wanneer het
                                            formulier, volledig en naar waarheid ingevuld, tijdig is
                                            ingeleverd op de plaats op dat formulier vermeld.</al></li><li nr="5."><al>De kennisgeving wordt tevens geacht te zijn gedaan
                                            wanneer het college op verzoek van de houder van een
                                            inrichting een incidentele festiviteit, die
                                            redelijkerwijs niet te voorzien was, terstond
                                            toestaat.</al></li><li nr="6."><al>Het equivalente geluidsniveau LAeq veroorzaakt door de
                                            inrichting, bedraagt niet meer dan 65 dB(A) voor de
                                            periode tussen 07.00 en 19.00 uur, 60 dB(A) voor de
                                            periode tussen 19.00 en 23.00 uur en 55 dB(A) voor de
                                            periode tussen 23.00 uur en 02.00 uur, gemeten op de
                                            gevel van gevoelige gebouwen op een hoogte van 1,5
                                            meter.</al></li><li nr="7."><al>Op de dagen als bedoeld in het eerste lid wordt het ten
                                            gehore brengen van extra muziek - hoger dan de
                                            geluidsnorm als bedoeld in de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20algemene%20regels%20voor%20inrichtingen%20milieubeheer/article=2.17">artikelen 2.17</extref>, <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20algemene%20regels%20voor%20inrichtingen%20milieubeheer/article=2.19">2.19</extref> en <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20algemene%20regels%20voor%20inrichtingen%20milieubeheer/article=2.20">2.20 van het Besluit</extref> en <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-4-5-onversterkte-muziek">artikel 4:5 van deze verordening</extref> -
                                            uiterlijk om 02.00 uur daaraanvolgend beëindigd. De
                                            geluidsnorm is exclusief 10 dB(A) aftrek vanwege
                                            muziekcorrectie. Tevens wordt de bedrijfsduurcorrectie
                                            buiten beschouwing gelaten.</al></li><li nr="8."><al>De geluidsnorm als bedoeld in het zevende lid geldt voor
                                            het bebouwde gedeelte van de inrichting en niet voor de
                                            buitenruimte.</al></li><li nr="9."><al>Bij het ten gehore brengen van muziekgeluid blijven
                                            ramen en deuren gesloten, behoudens voor het
                                            onmiddellijk doorlaten van personen of goederen.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 4:4</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 4:5 Onversterkte muziek</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Bij het ten gehore brengen van onversterkte muziek,
                                            zoals bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20algemene%20regels%20voor%20inrichtingen%20milieubeheer/article=2.18">artikel 2.18, eerste lid onder f en vijfde lid van
                                                het Besluit</extref> binnen inrichtingen is de onder
                                            e. opgenomen tabel van toepassing, met dien verstande
                                            dat: </al><lijst><li nr="a."><al>de in de tabel aangegeven waarden binnen in- of
                                                  aanpandige gevoelige gebouwen niet gelden indien
                                                  de gebruiker van deze gevoelige gebouwen geen
                                                  toestemming geeft voor het in redelijkheid
                                                  uitvoeren of doen uitvoeren van
                                                  geluidsmetingen;</al></li><li nr="b."><al>de in de tabel aangegeven waarden op de gevel
                                                  ook gelden bij gevoelige terreinen op de grens van
                                                  het terrein;</al></li><li nr="c."><al>de waarden in in- en aanpandige gevoelige
                                                  gebouwen, voor zover het woningen betreft, gelden
                                                  in geluidsgevoelige ruimten en
                                                  verblijfsruimten;</al></li><li nr="d."><al>bij het bepalen van de geluidsniveaus zoals
                                                  vermeld in de tabel geen bedrijfsduurcorrectie
                                                  wordt toegepast.</al></li><li nr="e."><al>tabel:</al></li></lijst><table><tgroup cols="4"><colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="25*"/><colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="25*"/><colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="25*"/><colspec colname="col4" colnum="4" colwidth="25*"/><thead><row><entry colname="col1"><al/></entry><entry colname="col2"><al>7.00 – 19.00 uur</al></entry><entry colname="col3"><al>19.00 – 23.00 uur</al></entry><entry colname="col4"><al>23.00 – 7.00 uur</al></entry></row></thead><tbody><row><entry colname="col1"><al>LAr,LT op de gevel van gevoelige gebouwen</al></entry><entry colname="col2"><al>50 dB(A</al></entry><entry colname="col3"><al>45 dB(A</al></entry><entry colname="col4"><al>40 dB(A</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>LAr,LT in in- en aanpandige gevoelige
                                                  gebouwen</al></entry><entry colname="col2"><al>35 dB(A)</al></entry><entry colname="col3"><al>30 dB(A)</al></entry><entry colname="col4"><al>25 dB(A)</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>LAmax op de gevel van gevoelige gebouwen</al></entry><entry colname="col2"><al>70 dB(A)</al></entry><entry colname="col3"><al>65 dB(A</al></entry><entry colname="col4"><al>60 dB(A)</al></entry></row><row><entry colname="col1"><al>LAmax in in- en aanpandige gevoelige
                                                  gebouwen</al></entry><entry colname="col2"><al>55 dB(A)</al></entry><entry colname="col3"><al>50 dB(A)</al></entry><entry colname="col4"><al>45 dB(A)</al></entry></row></tbody></tgroup></table></li><li nr="2."><al>Voor de duur van 3 uur in de week is onversterkte
                                            muziek, vanwege het oefenen door muziekgezelschappen
                                            zoals orkesten, harmonie- en fanfaregezelschappen, in
                                            een inrichting gedurende de dag- en avondperiode
                                            uitgezonderd van de genoemde geluidsniveaus in het
                                            eerste lid. Indien versterkte elementen worden
                                            gecombineerd met onversterkte elementen, wordt het hele
                                            samenspel beschouwd als versterkte muziek en is het
                                            Besluit van toepassing.</al></li><li nr="3.Het"><al> eerste lid geldt niet indien <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-4-2-aanwijzing-collectieve-festiviteiten">artikel 4:2</extref> of <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-4-3-kennisgeving-incidentele-festiviteiten">artikel 4:3 van deze verordening</extref> van
                                            toepassing is.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 4:6 Overige geluidhinder</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden buiten een inrichting in de zin van de
                                                <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20milieubeheer">Wet milieubeheer</extref> of het <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20algemene%20regels%20voor%20inrichtingen%20milieubeheer">Besluit</extref> toestellen of geluidsapparaten in
                                            werking te hebben of handelingen te verrichten op een
                                            zodanige wijze dat voor een omwonende of voor de
                                            omgeving geluidhinder wordt veroorzaakt.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan van het verbod ontheffing verlenen.</al></li><li nr="3."><al>Het verbod geldt niet voorzover in het daarin geregelde
                                            onderwerp wordt voorzien door de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20geluidhinder">Wet geluidhinder</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Zondagswet">Zondagswet</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20openbare%20manifestaties">Wet openbare manifestaties</extref>, het <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Vuurwerkbesluit">Vuurwerkbesluit</extref> of de Provinciale
                                            milieuverordening Noord-Brabant.</al></li><li nr="4."><al>Het is toegestaan zonder vergunning van het college een
                                            geluidswagen in te zetten, indien wordt voldaan aan elk
                                            van de volgende voorwaarden: </al><lijst><li nr="a."><al>de geluidswagen mag niet worden ingezet op
                                                  zondagen en daarmee gelijkgestelde dagen;</al></li><li nr="b."><al>de geluidswagen mag niet worden ingezet op
                                                  locaties waar al een evenement als bedoeld in
                                                  <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-2-24-begripsbepaling">artikel 2:24</extref> plaatsvindt;</al></li><li nr="c."><al>de geluidswagen mag niet worden ingezet tussen
                                                  22.00 uur en 09.00 uur.</al></li><li nr="d."><al>De verkeersveiligheid moet zijn gewaarborgd
                                                  tijdens de inzet van de geluidswagen.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Het college kan nadere regels stellen omtrent de inzet
                                            van geluidswagens.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 2. BODEM-, WEG- EN MILIEUVERONTREINIGING</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 4:7</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 4:8 Natuurlijke behoefte doen</tussenkop><al>Het is verboden binnen de bebouwde kom op een openbare plaats
                                    zijn natuurlijke behoefte te doen buiten daarvoor bestemde
                                    plaatsen.</al><tussenkop> Artikel 4:9 Toestand van sloten en andere wateren en niet
                                    openbare riolen en putten buiten gebouwen</tussenkop><al>Sloten en andere wateren en niet openbare riolen en putten
                                    buiten gebouwen mogen zich niet bevinden in een toestand die
                                    gevaar oplevert voor de veiligheid, nadeel voor de gezondheid of
                                    hinder voor de gebruikers van de gebouwen of voor anderen.</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 3. HET BEWAREN VAN HOUTOPSTANDEN</titel></kop><structuurtekst><al>[geregeld bij afzonderlijke verordening]</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 4. MAATREGELEN TEGEN ONTSIERING EN STANKOVERLAST</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 4:13 Opslag voertuigen, vaartuigen, mest,
                                    afvalstoffen enz.</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden op een door het college aangewezen
                                            plaats buiten een inrichting in de zin van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20milieubeheer">Wet milieubeheer</extref>, in de openlucht en
                                            buiten de weg gelegen in het belang van het uiterlijk
                                            aanzien van de gemeente, ter voorkoming of opheffing van
                                            overlast dan wel voorkoming van schade aan de openbare
                                            gezondheid, de volgende voorwerpen of stoffen op te
                                            slaan, te plaatsen of aanwezig te hebben: </al><lijst><li nr="a."><al>onbruikbare of aan hun oorspronkelijke
                                                  bestemming onttrokken voer- of vaartuigen of
                                                  onderdelen daarvan;</al></li><li nr="b."><al>bromfietsen en motorvoertuigen of onderdelen
                                                  daarvan;</al></li><li nr="c."><al>kampeermiddelen als bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-4-17-begripsbepaling">artikel 4:17</extref> of onderdelen daarvan,
                                                  indien het plaatsen of aanwezig hebben daarvan
                                                  geschiedt voor verkoop of verhuur of anderszins
                                                  voor een commercieel doel;</al></li><li nr="d."><al>mestopslag, gierkelder of andere
                                                  verzamelplaatsen van vuil, een verzameling
                                                  ingekuild gras, loof of pulp of ingekuilde
                                                  landbouwproducten, afbraakmaterialen en oude
                                                  metalen.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het is verboden op een door het college aangewezen
                                            plaats een bepaald voorwerp of bepaalde stof:op te
                                            slaan, te plaatsen of aanwezig te hebben.</al></li><li nr="3."><al>Het college kan bij de aanwijzing als bedoeld in het
                                            eerste en tweede lid nadere regels stellen.</al></li><li nr="4."><al>Het in dit artikel bepaalde geldt niet voorzover in het
                                            daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de
                                                <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20ruimtelijke%20ordening">Wet ruimtelijke ordening</extref> of de
                                            Wegenverordening Noord-Brabant 2006.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 4:14</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 4:15 Verbod hinderlijke of gevaarlijke
                                    reclame</tussenkop><al>Het is verboden op of aan een onroerende zaak handelsreclame te
                                    maken of te voeren door middel van een opschrift, aankondiging
                                    of afbeelding waardoor het verkeer in gevaar wordt gebracht of
                                    ernstige hinder ontstaat voor de omgeving.</al><tussenkop> Artikel 4:16</tussenkop><al>[gereserveerd]</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 5. KAMPEREN BUITEN KAMPEERTERREINEN</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 4:17 Begripsbepaling</tussenkop><al>In deze afdeling wordt onder kampeermiddel verstaan: Een
                                    onderkomen of voertuig waarvoor geen bouwvergunning in de zin
                                    van artikel 40 van de Woningwet is vereist, dat bestemd of
                                    opgericht is dan wel gebruikt wordt of kan worden gebruikt voor
                                    recreatief nachtverblijf.</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Artikel 4:18 Recreatief nachtverblijf buiten
                                kampeerterreinen</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden ten behoeve van recreatief nachtverblijf
                                        kampeermiddelen te plaatsen of geplaatst te houden buiten
                                        een kampeerterrein dat als zodanig in het bestemmingsplan is
                                        bestemd of mede bestemd.</al></li><li nr="2."><al>Het verbod geldt niet voor het plaatsen van kampeermiddelen
                                        voor eigen gebruik door de rechthebbende op een
                                        terrein.</al></li><li nr="3."><al>Het college kan ontheffing verlenen van het verbod als
                                        bedoeld in het eerste lid.</al></li><li nr="4."><al>Onverminderd het bepaalde in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-1-8-weigeringsgronden">artikel 1:8</extref>. kan de ontheffing worden
                                        geweigerd in het belang van: </al><lijst><li nr="a."><al>de bescherming van natuur en landschap;</al></li><li nr="b."><al>de bescherming van een stadsgezicht.</al></li></lijst></li></lijst><tussenkop> Artikel 4:19 Aanwijzing kampeerplaatsen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het college kan plaatsen aanwijzen waarop het verbod van
                                                <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-4-18-recreatief-nachtverblijf-buiten-kampeerterreinen">artikel 4:18, eerste lid</extref> niet geldt.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan daarbij nadere regels stellen in het
                                            belang van de gronden, genoemd in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-4-18-recreatief-nachtverblijf-buiten-kampeerterreinen">artikel 4:18, vierde lid</extref>.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><titel>HOOFDSTUK 5. ANDERE ONDERWERPEN BETREFFENDE DE HUISHOUDING DER
                            GEMEENTE</titel></kop><afdeling><kop><titel>AFDELING 1. PARKEEREXCESSEN</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 5:1 Begripsbepalingen</tussenkop><al>In deze afdeling wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>voertuigen: voertuigen als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Reglement%20verkeersregels%20en%20verkeerstekens%201990%20(RVV%201990)/article=1">artikel 1, onder al, van het Reglement
                                                verkeersregels en verkeerstekens (RVV 1990)</extref>
                                            met uitzondering van kleine wagens zoals: kruiwagens,
                                            kinderwagens en rolstoelen;</al></li><li nr="b."><al>parkeren: parkeren als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Reglement%20verkeersregels%20en%20verkeerstekens%201990%20(RVV%201990)/article=1">artikel 1, onder ac, van het Reglement
                                                verkeersregels en verkeerstekens (RVV
                                            1990)</extref>.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 5:2 Parkeren van voertuigen van autobedrijf
                                    e.d.</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Onder verhuren als bedoeld in dit artikel wordt mede
                                            verstaan: </al><lijst><li nr="a."><al>het gebruiken van een voertuig voor het geven
                                                  van lessen;</al></li><li nr="b."><al>het gebruiken van een voertuig voor het
                                                  vervoeren van personen tegen betaling.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Tot de voertuigen als bedoeld in dit artikel worden niet
                                            gerekend: </al><lijst><li nr="a."><al>voertuigen waaraan herstel- of
                                                  onderhoudswerkzaamheden worden verricht die in
                                                  totaal niet meer dan een uur vergen, en dit
                                                  gedurende de tijd die nodig is en gebruikt wordt
                                                  voor deze werkzaamheden;</al></li><li nr="b."><al>voertuigen voor persoonlijk gebruik van de in
                                                  het derde lid bedoelde persoon.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het is degene die er zijn bedrijf, nevenbedrijf dan wel
                                            een gewoonte van maakt voertuigen te stallen, te
                                            herstellen, te slopen, te verhuren of te verhandelen,
                                            verboden: </al><lijst><li nr="a."><al>drie of meer voertuigen die hem toebehoren of
                                                  zijn toevertrouwd, op de weg te parkeren binnen
                                                  een cirkel met een straal van 50 meter met als
                                                  middelpunt een van deze voertuigen;</al></li><li nr="b."><al>de weg als werkplaats voor voertuigen te
                                                  gebruiken.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Het college kan ontheffing van het verbod verlenen.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 5:3 Te koop aanbieden van voertuigen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden op een door het college aangewezen weg
                                            een voertuig te parkeren met het kennelijke doel het te
                                            koop aan te bieden of te verhandelen.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan ontheffing van het verbod verlenen.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 5:4 Defecte voertuigen</tussenkop><al>Het is verboden een voertuig waarmee als gevolg van andere dan
                                    eenvoudig te verhelpen gebreken niet kan of mag worden gereden,
                                    langer dan op drie achtereenvolgende dagen op de weg te
                                    parkeren.</al><tussenkop> Artikel 5:5 Voertuigwrakken</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden een voertuig dat rijtechnisch in
                                            onvoldoende staat van onderhoud en tevens in een
                                            kennelijk verwaarloosde toestand verkeert op de weg te
                                            parkeren.</al></li><li nr="2."><al>Het verbod geldt niet voorzover in het daarin geregelde
                                            onderwerp wordt voorzien door de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20milieubeheer">Wet milieubeheer</extref>.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 5:6 Kampeermiddelen e.a.</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden een voertuig dat voor recreatie of
                                            anderszins voor andere dan verkeersdoeleinden wordt
                                            gebruikt: </al><lijst><li nr="a."><al>langer dan op drie achtereenvolgende dagen te
                                                  plaatsen of te hebben op een door het college
                                                  <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/regelingen/Algemene-Plaatselijke-Verordening-van-de-gemeente-Steenbergen-Uitvoeringsbesluiten#kampeermiddelen-e-a-apv-artikel-5-6-lid-1-onder-a">aangewezen weg</extref>, waar dit naar zijn
                                                  oordeel buitensporig is met het oog op de
                                                  verdeling van beschikbare parkeerruimte of
                                                  schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de
                                                  gemeente;</al></li><li nr="b."><al>op een door het college aangewezen plaats te
                                                  parkeren, waar dit naar zijn oordeel schadelijk is
                                                  voor het uiterlijk aanzien van de gemeente.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college kan ontheffing verlenen van het in het
                                            eerste lid, aanhef en onder a, gestelde verbod.</al></li><li nr="3."><al>Het in het eerste lid gestelde verbod geldt niet
                                            voorzover in het daarin geregelde onderwerp wordt
                                            voorzien door de Wegenverordening Noord-Brabant 2006 of
                                            de Provinciale landschapsverordening Noord-Brabant
                                            1999.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 5:7 Parkeren van reclamevoertuigen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden een voertuig dat is voorzien van een
                                            aanduiding van handelsreclame, op de weg te parkeren met
                                            het kennelijk doel om daarmee handelsreclame te
                                            maken.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan van het verbod ontheffing verlenen.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 5:8 Parkeren van grote voertuigen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden een voertuig dat, met inbegrip van de
                                            lading, een lengte heeft van meer dan 6 meter of een
                                            hoogte van meer dan 2,4 meter te parkeren op een door
                                            het college aangewezen plaats, waar dit naar zijn
                                            oordeel schadelijk is voor het uiterlijk aanzien van de
                                            gemeente.</al></li><li nr="2."><al>Het is verboden een voertuig dat, met inbegrip van de
                                            lading, een lengte heeft van meer dan 6 meter te
                                            parkeren op een door het college aangewezen weg, waar
                                            dit parkeren naar zijn oordeel buitensporig is met het
                                            oog op de verdeling van beschikbare parkeerruimte.</al></li><li nr="3."><al>Het in het tweede lid gestelde verbod geldt niet op
                                            werkdagen van maandag tot en met vrijdag, dagelijks van
                                            08.00 tot 18.00 uur.</al></li><li nr="4."><al>Het college kan van de in het eerste en tweede lid
                                            gestelde verboden ontheffing verlenen.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 5:9 Parkeren van uitzichtbelemmerende
                                    voertuigen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden een voertuig dat, met inbegrip van
                                            lading, een lengte heeft van meer dan 6 meter of een
                                            hoogte van meer dan 2,4 meter, op de weg te parkeren bij
                                            een voor bewoning of ander dagelijks gebruik bestemd
                                            gebouw op zodanige wijze dat daardoor het uitzicht van
                                            bewoners of gebruikers vanuit dat gebouw op hinderlijke
                                            wijze wordt belemmerd of hun anderszins hinder of
                                            overlast wordt aangedaan.</al></li><li nr="2."><al>Het verbod geldt niet gedurende de tijd die nodig is
                                            voor en gebruikt wordt voor het uitvoeren van
                                            werkzaamheden waarvoor de aanwezigheid van het voertuig
                                            ter plaatse noodzakelijk is.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 5:10</tussenkop><al>[gereserveerd]</al><tussenkop> Artikel 5:11 Aantasting groenvoorzieningen door
                                    voertuigen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden met een voertuig te rijden door of deze
                                            te doen of te laten staan in een park of plantsoen of
                                            een van gemeentewege aangelegde beplanting of
                                            groenstrook.</al></li><li nr="2."><al>Dit verbod is niet van toepassing: </al><lijst><li nr="a."><al>op de weg;</al></li><li nr="b."><al>op voertuigen die worden gebruikt voor
                                                  werkzaamheden door of vanwege de overheid;</al></li><li nr="c."><al>op voertuigen, waarmee standplaats wordt of is
                                                  ingenomen op terreinen die voor dit doel zijn
                                                  bestemd.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het college kan van het verbod ontheffing verlenen.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 5:12 Overlast van fiets of bromfiets</tussenkop><al>Het college kan op de weg gelegen plaatsen aanwijzen waar het in
                                    het belang van het uiterlijk aanzien van de gemeente, ter
                                    voorkoming of opheffing van overlast, of ter voorkoming van
                                    schade aan de openbare gezondheid, verboden is fietsen of
                                    bromfietsen onbeheerd buiten de daarvoor bestemde ruimten of
                                    plaatsen te laten staan.</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 2. COLLECTEREN</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 5:13 Inzameling van geld of goederen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden zonder vergunning van het college een
                                            openbare inzameling van geld of goederen te houden of
                                            daartoe een intekenlijst aan te bieden.</al></li><li nr="2."><al>Onder een inzameling van geld of goederen wordt mede
                                            verstaan: het bij het aanbieden van goederen, waartoe
                                            ook worden gerekend geschreven of gedrukte stukken, dan
                                            wel bij het aanbieden van diensten aanvaarden van geld
                                            of goederen, indien daarbij te kennen wordt gegeven of
                                            de indruk wordt gewekt dat de opbrengst geheel of ten
                                            dele voor een liefdadig of ideëel doel is bestemd.</al></li><li nr="3."><al>Het verbod geldt niet voor een inzameling die in
                                            besloten kring gehouden wordt.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 3. VENTEN</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 5:14 Begripsbepaling</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>In deze afdeling wordt onder venten verstaan: het in de
                                            uitoefening van de ambulante handel te koop aanbieden,
                                            verkopen of afleveren van goederen dan wel diensten aan
                                            te bieden op een openbare en in de open lucht gelegen
                                            plaats of aan huis;</al></li><li nr="2."><al>Onder venten wordt niet verstaan: </al><lijst><li nr="a."><al>het aan huis afleveren van goederen door of
                                                  vanwege degene die dit doet ter exploitatie van
                                                  zijn winkel als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Winkeltijdenwet/article=1">artikel 1 van de Winkeltijdenwet</extref>;</al></li><li nr="b."><al>het te koop aanbieden, verkopen of afleveren van
                                                  goederen dan wel het aanbieden van diensten op
                                                  jaarmarkten en markten als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=160">artikel 160, eerste lid, onder h, van de
                                                  Gemeentewet</extref> of op snuffelmarkten als
                                                  bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-5-22-begripsbepaling">artikel 5:22</extref>;</al></li><li nr="c."><al>het te koop aanbieden, verkopen of afleveren van
                                                  goederen dan wel het aanbieden van diensten op een
                                                  standplaats als bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-5-17-begripsbepaling">artikel 5:17</extref>.</al></li></lijst></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Artikel 5:15 Ventverbod</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden zonder vergunning van het college te
                                        venten.</al></li><li nr="2."><al>Een vergunning kan worden geweigerd: </al><lijst><li nr="a."><al>In het belang van de openbare orde;</al></li><li nr="b."><al>In het belang van het voorkomen of beperken van
                                                overlast;</al></li><li nr="c."><al>In het belang van de verkeersvrijheid of
                                                veiligheid;</al></li><li nr="d."><al>Wanneer als gevolg van bijzondere omstandigheden in
                                                de gemeente of in een deel daarvan, redelijkerwijs
                                                te verwachten is dat door het verlenen van de
                                                vergunning een redelijk verzorgingsniveau voor de
                                                consumenten ter plaatse in gevaar komt.</al></li></lijst></li></lijst><tussenkop> Artikel 5:16</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het verbod als bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-5-15-ventverbod">artikel 5:15</extref> geldt niet voor venten met
                                            gedrukte of geschreven stukken waarin gedachten en
                                            gevoelens worden geopenbaard als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Grondwet/article=7">artikel 7, eerste lid, van de
                                            Grondwet</extref>.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan de vrijheid van meningsuiting als
                                            bedoeld in het eerste lid beperken door een verbod in te
                                            stellen: </al><lijst><li nr="a."><al>op door het college aangewezen openbare
                                                  plaatsen, of</al></li><li nr="b."><al>voor bepaalde dagen en uren.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het college kan ontheffing verlenen van het verbod als
                                            bedoeld in het tweede lid.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 4. STANDPLAATSEN</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 5:17 Begripsbepaling</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>In deze afdeling wordt verstaan onder standplaats: het
                                            vanaf een vaste plaats op een openbare en in de
                                            openlucht gelegen plaats te koop aanbieden, verkopen of
                                            afleveren van goederen dan wel diensten aan te bieden,,
                                            gebruikmakend van fysieke middelen, zoals een kraam, een
                                            wagen of een tafel.</al></li><li nr="2."><al>Onder standplaats wordt niet verstaan: </al><lijst><li nr="a."><al>een vaste plaats op een jaarmarkt of markt als
                                                  bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=160">artikel 160, eerste lid, aanhef en onder h, van
                                                  de Gemeentewet</extref>;</al></li><li nr="b."><al>een vaste plaats op een evenement als bedoeld in
                                                  <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-2-24-begripsbepaling">artikel 2:24</extref>.</al></li></lijst></li></lijst><tussenkop> Artikel 5:18 Standplaatsvergunning en
                                    weigeringsgronden</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden zonder vergunning van het college een
                                            standplaats in te nemen of te hebben.</al></li><li nr="2."><al>Het college weigert de vergunning wegens strijd met een
                                            geldend bestemmingsplan.</al></li><li nr="3."><al>Onverminderd het bepaalde in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-1-8-weigeringsgronden">artikel 1:8</extref> kan de vergunning worden
                                            geweigerd: </al><lijst><li nr="a."><al>indien de standplaats hetzij op zichzelf hetzij
                                                  in verband met de omgeving niet voldoet aan eisen
                                                  van redelijke welstand;</al></li><li nr="b."><al>indien als gevolg van bijzondere omstandigheden
                                                  in de gemeente of in een deel van de gemeente
                                                  redelijkerwijs te verwachten is dat door het
                                                  verlenen van de vergunning voor een standplaats
                                                  voor het verkopen van goederen een redelijk
                                                  verzorgingsniveau voor de consument ter plaatse in
                                                  gevaar komt.</al></li></lijst></li></lijst><tussenkop> Artikel 5:19 Toestemming rechthebbende</tussenkop><al>Het is de rechthebbende op een perceel verboden toe te staan dat
                                    daarop zonder vergunning van het college standplaats wordt of is
                                    ingenomen.</al><tussenkop> Artikel 5:20 Afbakeningsbepalingen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het verbod van <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-5-18-standplaatsvergunning-en-weigeringsgronden">artikel 5:18, eerste lid</extref> geldt niet voor
                                            zover in het daarin geregelde onderwerp wordt voorzien
                                            door de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20beheer%20rijkswaterstaatswerken">Wet beheer rijkswaterstaatswerken</extref> of de
                                            Wegenverordening Noord-Brabant 2006.</al></li><li nr="2."><al>De weigeringsgrond van <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-5-18-standplaatsvergunning-en-weigeringsgronden">artikel 5:18, derde lid, onder a</extref>, geldt
                                            niet voor bouwwerken.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 5. SNUFFELMARKTEN</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 5:22 Begripsbepaling</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>In deze afdeling wordt verstaan onder snuffelmarkt: een
                                            markt in een voor het publiek toegankelijk gebouw waar
                                            hoofdzakelijk tweedehands en incourante goederen worden
                                            verhandeld of diensten worden aangeboden vanaf een
                                            standplaats.</al></li><li nr="2."><al>Onder een snuffelmarkt wordt niet verstaan: </al><lijst><li nr="a."><al>een markt of jaarmarkt als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Gemeentewet/article=160">artikel 160, eerste lid, aanhef en onder h, van
                                                  de Gemeentewet</extref>;</al></li><li nr="b."><al>een evenement als bedoeld in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-2-24-begripsbepaling">artikel 2:24</extref>.</al></li></lijst></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>Artikel 5:23 Organiseren van een snuffelmarkt</titel></kop><structuurtekst><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een
                                        snuffelmarkt te organiseren.</al></li><li nr="2."><al>Het verbod geldt niet voor ruimten die uitsluitend dan wel
                                        nagenoeg geheel en voortdurend in gebruik zijn als winkel in
                                        de zin van de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Winkeltijdenwet">Winkeltijdenwet</extref>.</al></li><li nr="3."><al>De burgemeester weigert de vergunning wegens strijd met een
                                        geldend bestemmingsplan.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 6. OPENBAAR WATER</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 5:24 Voorwerpen op, in of boven openbaar
                                    water</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is in verband met de veiligheid op het openbaar
                                            water verboden een voorwerp, niet zijnde een vaartuig,
                                            op, in of boven openbaar water te plaatsen, aan te
                                            brengen of te hebben, indien dit door zijn omvang of
                                            vormgeving, constructie of plaats van bevestiging gevaar
                                            oplevert voor de bruikbaarheid van het openbaar water of
                                            voor het doelmatig en veilig gebruik daarvan, dan wel
                                            een belemmering vormt voor het doelmatig beheer en
                                            onderhoud van het openbaar water.</al></li><li nr="2."><al>Degene die voornemens is een steiger, een meerpaal of
                                            een ander voorwerp met een permanent karakter op, in of
                                            boven openbaar water te plaatsen, doet daarvan uiterlijk
                                            twee weken tevoren een melding aan het college.</al></li><li nr="3."><al>De melding bevat in ieder geval naam, adres en
                                            contactgegevens van de melder, en een beschrijving van
                                            de aard en omvang van het voorwerp.</al></li><li nr="4."><al>Het verbod in het eerste lid geldt niet voorzover in de
                                            daarin geregelde onderwerpen wordt voorzien door het
                                                <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht">Wetboek van Strafrecht</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Scheepvaartverkeerswet">Scheepvaartverkeerswet</extref>, het <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Binnenvaartpolitiereglement">Binnenvaartpolitiereglement</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20beheer%20rijkswaterstaatswerken">Wet beheer rijkswaterstaatswerken</extref>, de
                                            Provinciale vaarwegenverordening, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Telecommunicatiewet">Telecommunicatiewet</extref> of de daarop
                                            gebaseerde Telecommunicatieverordening.</al></li><li nr="5."><al>De rechthebbende op een boom, heg, struik of andere
                                            beplanting, welke aan het verkeer op een openbaar water
                                            het vrije uitzicht kan belemmeren of daarvoor op andere
                                            wijze hinder of gevaar oplevert, is verplicht deze
                                            beplanting te snoeien, te beknotten, op te binden, te
                                            verwijderen of op te ruimen na aanschrijving door het
                                            college, binnen een door hem te stellen termijn en
                                            overeenkomstig zijn aanwijzingen.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 5:25 Ligplaats woonschepen en overige
                                    vaartuigen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden met een vaartuig een ligplaats in te
                                            nemen of te hebben dan wel een ligplaats voor een
                                            vaartuig beschikbaar te stellen op door het college
                                            aangewezen gedeelten van openbaar water.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan aan het innemen, hebben of beschikbaar
                                            stellen van een ligplaats met dan wel voor een vaartuig
                                            op niet krachtens het eerste lid aangewezen gedeelten
                                            van openbaar water:</al></li><li nr="3."><al>nadere regels stellen in het belang van de openbare
                                            orde, volksgezondheid, veiligheid, milieuhygiëne en het
                                            aanzien van de gemeente;</al></li><li nr="4."><al>beperkingen stellen naar soort en aantal
                                            vaartuigen.</al></li><li nr="5."><al>Het verbod in het eerste lid geldt niet voorzover in het
                                            daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de
                                                <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20milieubeheer">Wet milieubeheer</extref>, het <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Binnenvaartpolitiereglement">Binnenvaartpolitiereglement</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20beheer%20rijkswaterstaatswerken">Wet beheer rijkswaterstaatswerken</extref>, de
                                            Provinciale vaarwegenverordening of de Provinciale
                                            landschapsverordening Noord-Brabant 1999.</al></li><li nr="6."><al>Het bepaalde in de leden 1 tot en met 3 is niet van
                                            toepassing ten aanzien van woonschepen.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 5:26 Aanwijzingen ligplaats</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Onverminderd het krachtens het tweede lid van <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-5-25-ligplaats-woonschepen-en-overige-vaartuigen">artikel 5:25</extref> bepaalde kan het college aan
                                            de rechthebbende op een vaartuig aanwijzingen geven met
                                            betrekking tot het innemen, veranderen of gebruik van
                                            een ligplaats in het belang van de openbare orde,
                                            volksgezondheid, veiligheid, de milieuhygiëne en het
                                            aanzien van de gemeente.</al></li><li nr="2."><al>De rechthebbende op een vaartuig is verplicht alle door
                                            of vanwege het college gegeven aanwijzingen met
                                            betrekking tot het innemen, veranderen of gebruik van
                                            een ligplaats op te volgen.</al></li><li nr="3."><al>Het in het eerste en tweede lid bepaalde geldt niet
                                            voorzover in de daarin geregelde onderwerpen wordt
                                            voorzien door het <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Binnenvaartpolitiereglement">Binnenvaartpolitiereglement</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20beheer%20rijkswaterstaatswerken">Wet beheer rijkswaterstaatswerken</extref>, de
                                            Provinciale vaarwegenverordening of de Provinciale
                                            landschapsverordening Noord-Brabant 1999.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 5:27 Verbod innemen ligplaats</tussenkop><al>Het is verboden een ligplaats in te nemen, te hebben of
                                    beschikbaar te stellen in strijd met het krachtens artikel 5:26,
                                        tweede lid bepaalde.</al><tussenkop> Artikel 5:28 Beschadigen van waterstaatswerken</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden schade toe te brengen aan of
                                            veranderingen aan te brengen in de toestand van bij de
                                            gemeente in beheer zijnde openbare wateren, havens,
                                            dijken, wallen, kaden, trekpaden, beschoeiingen,
                                            oeverbegroeiing, bruggen, zetten, duikers, pompen,
                                            waterleidingen, gordingen, aanlegpalen, stootpalen,
                                            bakens of sluizen.</al></li><li nr="2."><al>Het verbod geldt niet voorzover in het daarin geregelde
                                            onderwerp wordt voorzien door het <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht">Wetboek van Strafrecht</extref>, het <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Binnenvaartpolitiereglement">Binnenvaartpolitiereglement</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20beheer%20rijkswaterstaatswerken">Wet beheer rijkswaterstaatswerken</extref> of de
                                            Provinciale vaarwegenverordening.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 5:29 Reddingsmiddelen</tussenkop><al>Het is verboden een voor het redden van drenkelingen bestemd en
                                    daartoe bij het water aangebracht voorwerp te gebruiken voor een
                                    ander doel dan wel voor dadelijk gebruik ongeschikt te
                                    maken.</al><tussenkop> Artikel 5:30 Veiligheid op het water</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is aan een ieder die zich als bader of zwemmer in
                                            het openbaar water ophoudt, verboden zich zodanig te
                                            gedragen dat het scheepvaartverkeer daarvan hinder of
                                            gevaar kan ondervinden.</al></li><li nr="2."><al>Het verbod geldt niet voorzover in het daarin geregelde
                                            onderwerp wordt voorzien door het <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Binnenvaartpolitiereglement">Binnenvaartpolitiereglement</extref>, de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20beheer%20rijkswaterstaatswerken">Wet beheer rijkswaterstaatswerken</extref> of de
                                            Provinciale vaarwegenverordening .</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 5:31 Overlast aan vaartuigen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden zonder redelijk doel zich vast te houden
                                            aan een vaartuig in openbaar water, daarop te klimmen of
                                            zich daarop of daarin te begeven of te bevinden.</al></li><li nr="2."><al>Het is aan degene die daartoe niet bevoegd is verboden
                                            een vaartuig, liggend in of aan een openbaar water, los
                                            te maken.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 7. CROSSTERREINEN EN GEMOTORISEERD EN RUITERVERKEER IN
                                NATUURGEBIEDEN</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 5:32 Crossterreinen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden op enig terrein, geen weg zijnde, met
                                            een motorvoertuig als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Reglement%20verkeersregels%20en%20verkeerstekens%201990%20(RVV%201990)/article=1">artikel 1, onderdeel z</extref>, en een bromfiets
                                            als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Reglement%20verkeersregels%20en%20verkeerstekens%201990%20(RVV%201990)/article=1">artikel 1, onderdeel i van het Reglement
                                                verkeersregels en verkeerstekens 1990</extref> een
                                            wedstrijd dan wel, ter voorbereiding van een wedstrijd,
                                            een trainings- of proefrit te houden of te doen houden
                                            dan wel daaraan deel te nemen, dan wel een motorvoertuig
                                            of een bromfiets met het kennelijke doel daartoe
                                            aanwezig te hebben.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan terreinen aanwijzen waarvoor het verbod
                                            niet van toepassing is. Het kan daarbij regels stellen
                                            voor het gebruik van deze terreinen: </al><lijst><li nr="a."><al>in het belang van het voorkomen of beperken van
                                                  overlast;</al></li><li nr="b."><al>in het belang van de bescherming van het
                                                  uiterlijk aanzien van de omgeving en ter
                                                  bescherming van andere milieuwaarden;</al></li><li nr="c."><al>in het belang van de veiligheid van de
                                                  deelnemers van de in het eerste lid bedoelde
                                                  wedstrijden en ritten of van het publiek.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Voor de toepassing van het eerste lid wordt dat onder
                                            weg verstaan wat <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wegenverkeerswet%201994/article=1">artikel 1 van de Wegenverkeerswet 1994</extref>
                                            daaronder verstaat.</al></li><li nr="4."><al>Het verbod in het eerste lid geldt niet voorzover in het
                                            daarin geregelde onderwerp wordt voorzien door de
                                                <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20milieubeheer">Wet milieubeheer</extref> of het <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Besluit%20geluidproduktie%20sportmotoren">Besluit geluidproductie sportmotoren</extref>.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 5:33 Beperking verkeer in natuurgebieden</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden binnen voor publiek toegankelijke
                                            natuurgebieden, parken, plantsoenen of voor recreatief
                                            gebruik beschikbare terreinen te rijden of zich te
                                            bevinden met een motorvoertuig als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Reglement%20verkeersregels%20en%20verkeerstekens%201990%20(RVV%201990)/article=1">artikel 1, onder z, Reglement verkeersregels en
                                                verkeerstekens 1990</extref>, een bromfiets als
                                            bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Reglement%20verkeersregels%20en%20verkeerstekens%201990%20(RVV%201990)/article=1">artikel 1, onder i, Reglement verkeersregels en
                                                verkeerstekens 1990</extref> of met een fiets of een
                                            paard.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan terreinen aanwijzen waarvoor het in het
                                            eerste lid gestelde verbod niet van toepassing is. Het
                                            kan daarbij regels stellen ten aanzien van het gebruik
                                            van deze terreinen: </al><lijst><li nr="a."><al>in het belang van het voorkomen van
                                                  overlast;</al></li><li nr="b."><al>in het belang van de bescherming van natuur- of
                                                  milieuwaarden;</al></li><li nr="c."><al>in het belang van de veiligheid van het
                                                  publiek.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het verbod in het eerste lid geldt niet voor bestuurders
                                            van motorvoertuigen en bromfietsen en voor fietsers of
                                            berijders van paarden: </al><lijst><li nr="a."><al>ten dienste van politie, brandweer en
                                                  geneeskundige hulpverlening en van andere
                                                  krachtens <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Reglement%20verkeersregels%20en%20verkeerstekens%201990%20(RVV%201990)/article=29">artikel 29, eerste lid, Reglement verkeersregels
                                                  en verkeerstekens 1990</extref> door de minister
                                                  van Verkeer en Waterstaat aangewezen
                                                  hulpverleningsdiensten;</al></li><li nr="b."><al>die worden gebruikt in verband met beheer,
                                                  onderhoud of exploitatie van de terreinen als in
                                                  het eerste lid bedoeld;</al></li><li nr="c."><al>die worden gebruikt in verband met werken die
                                                  krachtens wettelijk voorschrift moeten worden
                                                  uitgevoerd;</al></li><li nr="d."><al>van de zakelijk gerechtigden, huurders en
                                                  pachters van percelen die gelegen zijn binnen de
                                                  terreinen als in het eerste lid bedoeld;</al></li><li nr="e."><al>voor het verkeer ten behoeve van bezoek en van
                                                  de verzorging van de onder d bedoelde
                                                  personen.</al></li></lijst></li><li nr="4."><al>Het in het eerste lid gestelde verbod geldt voorts niet: </al><lijst><li nr="a."><al>op wegen als bedoeld in <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wegenverkeerswet%201994/article=1">artikel 1, eerste lid, onder b, van de
                                                  Wegenverkeerswet 1994</extref>;</al></li><li nr="b."><al>binnen de bij of krachtens de Provinciale
                                                  verordening 'Stiltegebieden' aangewezen
                                                  stiltegebieden, ten aanzien van motorrijtuigen die
                                                  bij of krachtens die verordening zijn aangewezen
                                                  als 'toestel'.</al></li></lijst></li><li nr="5."><al>Het college kan ontheffing verlenen van het in het
                                            eerste lid gestelde verbod.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 8. VERBOD VUUR TE STOKEN</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 5:34 Verbod afvalstoffen te verbranden buiten
                                    inrichtingen of anderszins vuur te stoken</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Het is verboden in de openlucht afvalstoffen te
                                            verbranden buiten inrichtingen in de zin van de Wet
                                            milieubeheer of anderszins vuur aan te leggen, te stoken
                                            of te hebben.</al></li><li nr="2."><al>Het verbod geldt niet voorzover het betreft: </al><lijst><li nr="a."><al>verlichting door middel van kaarsen, fakkels en
                                                  dergelijke;</al></li><li nr="b."><al>sfeervuren zoals terrashaarden en vuurkorven,
                                                  indien geen afvalstoffen worden verbrand;</al></li><li nr="c."><al>vuur voor koken, bakken en braden, voorzover dat
                                                  geen gevaar, overlast of hinder voor de omgeving
                                                  oplevert.</al></li></lijst></li><li nr="3."><al>Het college kan van dit verbod ontheffing verlenen.</al></li><li nr="4."><al>Onverminderd het bepaalde in <extref doc="http://steenbergen.regelingenbank.nl/cms/fckeditor/editor/fckeditor.html?InstanceName=doc_content&amp;Toolbar=Default#artikel-1-8-weigeringsgronden">artikel 1:8</extref> kan de ontheffing worden
                                            geweigerd ter bescherming van de flora en fauna.</al></li><li nr="5."><al>Het verbod geldt niet voorzover in het geregelde
                                            onderwerp wordt voorzien door <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wetboek%20van%20Strafrecht/article=429">artikel 429, aanhef en onder 1 of 3, van het
                                                Wetboek van Strafrecht</extref> of de Provinciale
                                            milieuverordening.</al></li></lijst></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>AFDELING 9. VERSTROOIING VAN AS</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 5:35 Begripsbepaling</tussenkop><al>In deze afdeling wordt verstaan onder incidentele
                                    asverstrooiing: het verstrooien van as als bedoeld in de <extref doc="http://wetten.overheid.nl/cgi-bin/deeplink/law1/title=Wet%20op%20de%20lijkbezorging">Wet op de lijkbezorging</extref> op een door de overledene
                                    of nabestaande(n) gewenste plek buiten een permanent daartoe
                                    bestemd terrein.</al><tussenkop> Artikel 5:36 Verboden plaatsen</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>Incidentele asverstrooiing is verboden op: </al><lijst><li nr="a."><al>verharde delen van de weg;</al></li><li nr="b."><al>gemeentelijke begraafplaatsen en
                                                  crematoriumterreinen.</al></li><li nr="c."><al>gemeentelijke sportvelden</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college kan een besluit nemen waarin voor een
                                            bepaalde termijn wordt verboden dat op andere plaatsen
                                            dan genoemd in het eerste lid asverstrooiing
                                            plaatsvindt.</al></li><li nr="3."><al>Het college kan op verzoek van de nabestaande die
                                            zorgdraagt voor de asbus op grond van bijzondere
                                            omstandigheden ontheffing verlenen van het verbod uit
                                            het eerste lid, behoudens de gemeentelijke
                                            begraafplaatsen en crematoriumterreinen.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 5:37 Hinder of overlast</tussenkop><al>Incidentele asverstrooiing is verboden indien daardoor hinder of
                                    overlast wordt veroorzaakt voor derden.</al></structuurtekst></afdeling><afdeling><kop><titel>HOOFDSTUK 6. STRAF-, OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN</titel></kop><structuurtekst><tussenkop> Artikel 6:1 Strafbepaling</tussenkop><al>Overtreding van het bij of krachtens de volgende artikelen
                                    bepaalde en de op grond van artikel
                                        1:4 daarbij gegeven voorschriften en beperkingen
                                    wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste drie maanden of
                                    geldboete van de tweede categorie en kan bovendien worden
                                    gestraft met openbaarmaking van de rechterlijke uitspraak.</al><tussenkop> Artikel 6:2 Toezichthouders</tussenkop><al>Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of
                                    krachtens deze verordening zijn belast de door het college dan
                                    wel de burgemeester aan te wijzen personen.</al><tussenkop> Artikel 6:3 Binnentreden woningen</tussenkop><al>Zij die belast zijn met het toezicht op de naleving of de
                                    opsporing van een overtreding van de bij of krachtens deze
                                    verordening gegeven voorschriften welke strekken tot handhaving
                                    van de openbare orde of veiligheid of bescherming van het leven
                                    of de gezondheid van personen, zijn bevoegd tot het binnentreden
                                    in een woning zonder toestemming van de bewoner.</al><tussenkop> Artikel 6:4 Inwerkingtreding nieuwe en intrekking oude
                                    verordening</tussenkop><lijst><li nr="1."><al>De Algemene plaatselijke verordening 2003, vastgesteld
                                            bij besluit van de raad d.d. 10 juli 2003, wordt
                                            ingetrokken</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking op de 1 april
                                            2009.</al></li></lijst><tussenkop> Artikel 6:5 Overgangsbepaling</tussenkop><al>Besluiten, genomen krachtens de verordening bedoeld in artikel 6:4, eerste lid, die golden op het moment
                                    van de inwerkingtreding van deze verordening en waarvoor deze
                                    verordening overeenkomstige besluiten kent, gelden als besluiten
                                    genomen krachtens deze verordening.</al><tussenkop> Artikel 6:6 Citeertitel</tussenkop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Algemene plaatselijke
                                    verordening.</al></structuurtekst></afdeling></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Steenbergen, 5 maart 2009.</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>de plaatsvervangend griffier, de plaatsvervangend voorzitter,</ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>