<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd">
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR71806_2</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Wet inburgering</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Heerenveen</dcterms:creator><dcterms:modified>2016-10-25</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Heerenveen</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Heerenveen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Digitaal gemeenteblad Heerenveen, 10-01-2014 Heerenveense Courant (Crackstate Nijs), 17-07-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Wet inburgering gemeente Heerenveen</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet Inburgering</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-05-23</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-07-18</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2013-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:betreft>gewijzigde regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>GF13.20090 GF13.20015</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>In het kader van de gemeentelijke herindeling van de gemeente Boarnsterhim en de gemeente Heerenveen, als ook de toevoeging van het gebied van de grenscorrectie met de gemeente Skarsterlân per 1 januari 2014 wordt deze regeling geldend verklaard voor het gehele grondgebied van de gemeente Heerenveen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2016-36066</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2016-36067</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Verordening Wet inburgering
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef>
        <preambule>
          <al>De raad van de gemeente Heerenveen;</al>
          <al/>
          <al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouder van 5 februari 2013;</al>
          <al/>
          <al>overwegende dat als gevolg van de wijzigingen van de wet Inburgering van 13
                        september 2012 de taken van gemeenten op het terrein van inburgering worden
                        beëindigd maar er gedurende een overgangsperiode nog een aantal taken moeten
                        worden uitgevoerd. </al>
          <al/>
          <al>gelet op het overgangsrecht Wet Inburgering;</al>
          <al/>
          <al>B E S L U I T:</al>
          <al/>
          <al>vast te stellen de volgende </al>
          <al/>
          <al>VERORDENING WET INBURGERING</al>
        </preambule>
      </aanhef>
      <regeling-tekst>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>1.</nr>
            <titel>Begripsomschrijvingen en informatieverstrekking</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>1</nr>
              <titel>Begripsomschrijvingen</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al></li>
              <li nr="a."><al>het college: het college van burgemeester en wethouders van de
                                    gemeente Heerenveen;</al></li>
              <li nr="b."><al>de wet: Wet inburgering zoals deze luidde voor het tijdstip van
                                    de inwerkingtreding van de wet van 13 september 2012 tot
                                    wijziging van de Wet inburgering en enkele andere wetten in
                                    verband met de versterking van de eigen verantwoordelijk van de
                                    inburgeringsplichtige; </al></li>
              <li nr="2."><al>De begripsomschrijvingen in de wet en de daarop berustende
                                    regelingen zijn van toepassing op de begrippen die in deze
                                    verordening worden gebruikt.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>2</nr>
              <titel>De informatieverstrekking aan inburgeringsplichtigen</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Het college draagt er zorg voor dat de inburgeringsplichtigen op
                                    een doeltreffende en doelmatige wijze worden geïnformeerd over
                                    hun rechten en plichten uit hoofde van de wet en over het aanbod
                                    van en de toegang tot inburgeringsvoorzieningen. </al></li>
              <li nr="2."><al>Het college beoordeelt tenminste eens in de 4 jaren de
                                    doeltreffendheid en doelmatigheid van de informatieverstrekking
                                    aan de inburgeringsplichtigen en rapporteert daarover aan de
                                    raad. </al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>2.</nr>
            <titel>Doelgroepen en samenstelling van de inburgeringsvoorziening</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>3</nr>
              <titel>Inburgeringsaanbod</titel>
            </kop>
            <al>Het college biedt een inburgeringsvoorziening of taalkennisvoorziening
                            aan de inburgeringsplichtige aan, te weten: </al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>de houder van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 28
                                    van de Vreemdelingenwet 2000 en </al></li>
              <li nr="b."><al>de geestelijke bedienaar, bedoeld in artikel 1, onderdeel g van
                                    de wet, die geen oudkomer is als bedoeld in artikel 1, onderdeel
                                    c, van de wet, voor zover deze uiterlijk 31 december 2012
                                    inburgeringsplichtig is geworden. </al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>4</nr>
              <titel>De samenstelling van de inburgeringsvoorziening</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Het college stemt de inburgeringsvoorziening aan de
                                    inburgeringsplichtige bedoeld in artikel 3 onder a af op het
                                    startniveau en de vaardigheden, de persoonlijke omstandigheden
                                    en de maatschappelijke positie van de
                                    inburgeringsplichtige.</al></li>
              <li nr="2."><al>Indien de inburgeringsplichtige bedoeld in artikel 3 onder a een
                                    voorziening gericht op arbeidsinschakeling wordt aangeboden,
                                    draagt het college er zorg voor dat de inburgeringsvoorziening
                                    op de voorziening gericht op arbeidsinschakeling wordt
                                    afgestemd. </al></li>
              <li nr="3."><al>Een inburgeringsvoorziening kan, naast datgene dat in de wet is
                                    geregeld, een of meer van de volgende onderdelen bevatten:</al></li>
              <li nr="a."><al>trajectbegeleiding</al></li>
              <li nr="b."><al>maatschappelijke stage </al></li>
              <li nr="c."><al>taalstage</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>5</nr>
              <titel>De inning van de eigen bijdrage</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>De eigen bijdrage, bedoeld in artikel 23, tweede lid, van de wet
                                    wordt in ten hoogste 18 maanden termijnen betaald.</al></li>
              <li nr="2."><al>Het college legt in de beschikking tot toekenning van een
                                    inburgeringsvoorziening de termijnen van betaling vast. Indien
                                    het college de eigen bijdrage verrekent met de algemene
                                    bijstand, wordt dat in de beschikking vastgelegd. </al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>6</nr>
              <titel>Opleggen van verplichtingen</titel>
            </kop>
            <al>Het college kan een inburgeringsplichtige bij beschikking een of meer
                            van de volgende verplichtingen opleggen: </al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>het deelnemen aan de aangeboden inburgeringscursus;</al></li>
              <li nr="b."><al>het deelnemen aan gesprekken met de trajectbegeleider;</al></li>
              <li nr="c."><al>het deelnemen aan voortgangsgesprekken;</al></li>
              <li nr="d."><al>voor de eerste maal deelnemen aan het inburgeringsexamen of
                                    staatsexamen NL op een</al></li>
              <li nr="e."><al>tijdstip dat door het college wordt bepaald;</al></li>
              <li nr="f."><al>het melden indien door ziekte dan wel door andere relevante
                                    omstandigheden niet aan</al></li>
              <li nr="g."><al>de verplichtingen in de beschikking kan worden voldaan;</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>3.</nr>
            <titel>Het aanbod van een inburgeringsvoorziening</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>7</nr>
              <titel>De procedure van het doen van een aanbod</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>Het college doet het aanbod, bedoeld in artikel 19, eerste of
                                    tweede lid, van de wet schriftelijk. Het aanbod wordt gezonden
                                    naar het adres waar de inburgeringsplichtige in de gemeentelijke
                                    basisadministratie is ingeschreven. </al></li>
              <li nr="2."><al>In het aanbod wordt een omschrijving gegeven van de
                                    inburgeringsvoorziening die wordt aangeboden en worden de
                                    rechten en verplichtingen vermeld die aan de
                                    inburgeringsvoorziening worden verbonden. </al></li>
              <li nr="3."><al>De inburgeringsplichtige aan wie een aanbod wordt gedaan, deelt
                                    binnen 6 weken het college schriftelijk mee of hij het aanbod al
                                    dan niet aanvaardt. </al></li>
              <li nr="4."><al>Wanneer de inburgeringsplichtige het aanbod aanvaardt, neemt het
                                    college binnen 4 weken na ontvangst van deze mededeling het
                                    besluit tot toekenning van de inburgeringsvoorziening,
                                    overeenkomstig het gedane aanbod. </al></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>8</nr>
              <titel>De inhoud van de beschikking</titel>
            </kop>
            <al>Het besluit tot toekenning van een inburgeringsvoorziening bevat in
                            ieder geval: </al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>een beschrijving van de inburgeringsvoorziening;</al></li>
              <li nr="b."><al>een opgave van de rechten en verplichtingen van de
                                    inburgeringsplichtige; </al></li>
              <li nr="c."><al>de datum waarop het inburgeringsexamen moet zijn behaald;</al></li>
              <li nr="d."><al>de termijnen en wijze van betaling; en</al></li>
              <li nr="e."><al>ingeval van een oudkomer: de datum waarop de termijn van
                                    handhaving van de</al></li>
              <li nr="f."><al>inburgeringsplicht, bedoeld in artikel 26 van de wet,
                                    aanvangt.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>4.</nr>
            <titel>De bestuurlijke boete</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>9</nr>
              <titel>De hoogte van de bestuurlijke boetes voor de verschillende
                                overtredingen</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 125,- indien de
                                    inburgeringsplichtige of de persoon ten aanzien van wie het
                                    college op redelijke gronden kan vermoeden dat deze
                                    inburgeringsplichtig is geen of onvoldoende medewerking verleent
                                    aan het onderzoek, bedoeld in artikel 25, vierde lid, van de
                                    wet. </al></li>
              <li nr="2."><al>De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 250,- indien de
                                    inburgeringsplichtige geen of onvoldoende medewerking verleent
                                    aan de uitvoering van de voor hem vastgestelde
                                    inburgeringsvoorziening, bedoeld in artikel 23, eerste lid, van
                                    de wet of aan de verplichtingen, bedoeld in artikel 6 van deze
                                    verordening.</al></li>
              <li nr="3."><al>De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 500,- indien de
                                    inburgeringsplichtige niet binnen de in artikel 7, eerste lid,
                                    van de wet bedoelde termijn of binnen de door het college op
                                    grond van artikel 31, tweede lid, onderdeel a, van de wet
                                    verlengde termijn het inburgeringsexamen heeft behaald. </al><al/><al/></li>
            </lijst>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>10</nr>
              <titel>Verhoging van de bestuurlijke boete bij herhaling van de
                                overtreding</titel>
            </kop>
            <lijst>
              <li nr="1."><al>De bestuurlijke boete voor overtredingen, bedoeld in artikel 9,
                                    eerste lid, bedraagt ten hoogste € 250,- indien de
                                    inburgeringsplichtige zich binnen twaalf maanden na de vorige
                                    als verwijtbaar aangemerkte overtreding opnieuw schuldig maakt
                                    aan dezelfde overtreding. </al></li>
              <li nr="2."><al>De bestuurlijke boete voor overtredingen, bedoeld in artikel 9,
                                    tweede lid, bedraagt ten hoogste € 500 indien de
                                    inburgeringsplichtige zich binnen twaalf maanden na de vorige
                                    als verwijtbaar aangemerkte overtreding opnieuw schuldig maakt
                                    aan dezelfde overtreding. </al></li>
              <li nr="3."><al>De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 750,- indien de
                                    inburgeringsplichtige niet binnen de door het college op grond
                                    van artikel 32 van de wet vastgestelde termijn het
                                    inburgeringsexamen heeft behaald.</al></li>
              <li nr="4."><al>De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 1000,- indien de
                                    inburgeringsplichtige niet binnen de door het college op grond
                                    van artikel 33 van de wet vastgestelde termijn het
                                    inburgeringsexamen heeft behaald.</al></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Hoofdstuk</label>
            <nr>5.</nr>
            <titel>Slotbepalingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>11</nr>
              <titel>Overgangsbepaling en Inwerkingtreding</titel>
            </kop>
            <al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die
                            van bekendmaking en onder gelijktijdige intrekking van de verordening
                            Wet Inburgering Heerenveen zoals vastgesteld op 8 januari 2007 en de
                            Boeteverordening WIN zoals vastgesteld op 30 september 2004 en werkt
                            terug tot 1 januari 2013. De wet zoals deze gold op 31 december 2012
                            blijft van toepassing van inburgeringsplichtigen die voor 1 januari 2013
                            een inburgeringsvoorziening van de gemeente Heerenveen hebben
                            geaccepteerd. </al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>12</nr>
              <titel>Citeertitel</titel>
            </kop>
            <al>De verordening wordt aangehaald als: Verordening Wet inburgering
                            gemeente Heerenveen </al>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
      </regeling-tekst>
      <regeling-sluiting>
        <slotformulering>
          <al>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente
                        Heerenveen op 23 mei 2013.</al>
        </slotformulering>
        <ondertekening>
          De griffier, De voorzitter,
        </ondertekening>
        <ondertekening>
          Mevrouw W.J.M.A. Jansen De heer T.J. van der Zwan
        </ondertekening>
      </regeling-sluiting>
      <bijlage>
        
        <al>
          <extref doc="/cvdr/images/Heerenveen/i233495.pdf">In het kader van de gemeentelijke herindeling van de gemeente Boarnsterhim en de gemeente Heerenveen, als ook de toevoeging van het gebied van de grenscorrectie met de gemeente Skarsterlân per 1 januari 2014 wordt deze regeling geldend verklaard voor het gehele grondgebied van de gemeente Heerenveen.</extref>
        </al>
        <al>
          <extref doc="/cvdr/images/Heerenveen/i226444.pdf">Door de nieuwe Wet Inburgering zijn inburgeringsplichtigen vanaf 1 januari 2013 zelf verantwoordelijk voor hun inburgering. De gemeente heeft hierin nagenoeg geen taken meer in. </extref>
        </al>
      </bijlage>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>