<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR71782_2</dcterms:identifier><dcterms:title>ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING HEERENVEEN 2014</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Heerenveen</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-01-02</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Heerenveen</dcterms:spatial><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Heerenveen</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Digitaal gemeenteblad Heerenveen, 10-01-2014 Heerenveense Courant (Crackstate Nijs), 23-10-2013</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Algemene subsidieverordening Heerenveen 2014</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Gemeentewet, art. 149</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-10-14</dcterms:issued><dcterms:rights>
          De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht
        </dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2014-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2017-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>gewijzigde regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>GF13.20090 GF13.20063</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>In het kader van de gemeentelijke herindeling van de gemeente Boarnsterhim en de gemeente Heerenveen, als ook de toevoeging van het gebied van de grenscorrectie met de gemeente Skarsterlân per 1 januari 2014 wordt deze regeling geldend verklaard voor het gehele grondgebied van de gemeente Heerenveen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging><overheidrg:externeBijlage>exb-2016-36038</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2016-36039</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2016-36040</overheidrg:externeBijlage><overheidrg:externeBijlage>exb-2016-36041</overheidrg:externeBijlage></cvdripm></meta><body><intitule>ALGEMENE SUBSIDIEVERORDENING HEERENVEEN 2014</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Heerenveen;</al><al/><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 17
                        september 2013, inzake de Algemene subsidieverordening Heerenveen 2014;</al><al/><al>gelet op artikel 149 van de Gemeentewet;</al><al/><al>BESLUIT:</al><al/><al>vast te stellen de volgende verordening:</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>wet: Algemene wet bestuursrecht;</al></li><li nr="b."><al>subsidie: de aanspraak op (financiële) middelen zoals bedoeld in
                                artikel 4:21 van de wet;</al></li><li nr="c."><al>nadere regel: een door burgemeester en wethouders vastgestelde
                                regeling met algemeen verbindende voorschriften, ter uitvoering van
                                een raadsverordening; </al></li><li nr="d."><al>eenmalige subsidie: een aanvullende subsidie ten behoeve van
                                bijzondere incidentele projecten of activiteiten die niet behoren
                                tot de reguliere bezigheden van de aanvrager en waarvoor het college
                                slechts voor een van tevoren bepaalde tijd (maximaal 4 jaren)
                                subsidie wil verstrekken;</al></li><li nr="e."><al>jaarlijkse subsidie: subsidie die per boekjaar of voor een bepaald
                                aantal boekjaren aan een instelling wordt verstrekt voor maximaal 4
                                boekjaren;</al></li><li nr="f."><al>college: college van burgemeester en wethouders van de gemeente
                                Heerenveen;</al></li><li nr="g."><al>raad: raad van de gemeente Heerenveen. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2.</nr><titel>Reikwijdte verordening</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Voor de volgende thema’s van de gemeenteraad kunnen door het college
                                subsidies </al><al>worden verstrekt: </al><lijst><li nr="a."><al>Heerenveen bestuurt en organiseert;</al></li><li nr="b."><al>Heerenveen werkt;</al></li><li nr="c."><al>Heerenveen kiest voor leefbare wijken dorpen;</al></li><li nr="d."><al>Heerenveen bevordert meedoen en ondersteunt daarbij;</al></li><li nr="e."><al>Heerenveen stimuleert duurzaamheid;</al></li><li nr="f."><al>Heerenveen ontwikkelt.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Ten aanzien van subsidies als bedoeld in artikel 4:23, derde lid,
                                van de Algemene wet </al><al>bestuursrecht (subsidies waarvoor geen wettelijke grondslag nodig
                                is) kan het college </al><al>bepalen dat deze verordening geheel of gedeeltelijk buiten</al><al>toepassing blijft. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3.</nr><titel>Nadere regels</titel></kop><al>Het college kan nadere regels stellen, waarin de te subsidiëren
                        activiteiten, de doelgroepen</al><al>en de verdeling van de subsidie per thema en in beleidsterrein, worden
                        omschreven.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4.</nr><titel>Subsidieplafond en Begrotingsvoorbehoud</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college kan subsidieplafonds vaststellen. In dat geval bepalen
                                zij bij nadere regel de wijze van verdeling van de betrokken
                                subsidie.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan een subsidieplafond verlagen:</al></li><li nr="a."><al>als het wordt vastgesteld voordat de begroting voor het betrokken
                                jaar is vastgesteld </al><al>of goedgekeurd; of</al></li><li nr="b."><al>als de subsidieaanvragen waarop het subsidieplafond betrekking
                                heeft, moeten worden ingediend voordat de begroting voor het
                                betrokken jaar is vastgesteld of </al><al>goedgekeurd.</al></li><li nr="3."><al>Bij de bekendmaking van een subsidieplafond, dat kan worden verlaagd
                                overeenkomstig</al><al>het vorige lid, wordt gewezen op de mogelijkheid van verlaging.</al></li><li nr="4."><al>Een subsidie ten laste van een begroting die nog niet is vastgesteld
                                of goedgekeurd,</al><al>wordt verleend onder de voorwaarde dat voldoende middelen op de
                                begroting </al><al>beschikbaar zullen worden gesteld. Bij de verleningbeschikking wordt
                                daarop gewezen.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5.</nr><titel>Aanvraag jaarlijkse – en eenmalige subsidies</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een aanvraag om subsidie wordt schriftelijk ingediend bij het
                                college met behulp van een door het college vastgesteld
                                aanvraagformulier. </al></li><li nr="2."><al>Bij de aanvraag om een jaarlijkse subsidie legt de aanvrager de
                                volgende gegevens over: </al></li><li nr="a."><al>een beschrijving van de activiteiten waarvoor de subsidie wordt
                                aangevraagd;</al></li><li nr="b."><al>de doelen en resultaten welke met die activiteiten worden
                                nagestreefd, en hoe de</al><al>activiteiten daaraan bijdragen. In bijzonder ook in welke mate de
                                activiteiten gericht </al><al>zijn op de gemeente of haar ingezetenen/inwoners en op door de
                                gemeente </al><al>vastgestelde doelen of thema’s.; </al></li><li nr="c."><al>een begroting van en een dekkingsplan voor de kosten van deze
                                activiteiten. De</al><al>begroting bevat een overzicht van de aan de activiteiten verbonden
                                geraamde inkomstenen uitgaven. Het dekkingsplan bevat een opgave van
                                bij andere bestuursoganen of private organisaties of personen
                                aangevraagde subsidies of vergoedingen ten behoeve van dezelfde
                                activiteiten, onder vermelding van de stand van zaken daarvan. </al></li><li nr="d."><al>als het een subsidie betreft die per boekjaar aan een rechtspersoon
                                wordt verstrekt, de stand van de egalisatiereserve op het moment van
                                de aanvraag.</al></li><li nr="3."><al>Bij de aanvraag om een eenmalige subsidie legt de aanvrager de
                                volgende gegevens over: </al></li><li nr="a."><al>een beschrijving van de activiteiten waarvoor de subsidie wordt
                                aangevraagd;</al></li><li nr="b."><al>een begroting en dekkingsplan van de kosten van de activiteiten,
                                waar de subsidie voor wordt gevraagd. De begroting bevat een
                                overzicht van de aan de activiteiten verbonden geraamde inkomsten en
                                uitgaven. Het dekkingsplan bevat een opgave van inkomsten waaronder
                                een opgave van bij andere bestuursorganen of private organisaties of
                                personen aangevraagde subsidies of vergoedingen ten behoeve van
                                dezelfde activiteiten, onder vermelding van de stand van zaken
                                daarvan.</al></li><li nr="4."><al>Een rechtspersoon die voor de eerste maal een jaarlijkse subsidie
                                aanvraagt, voegt een exemplaar van de oprichtingsakte, de statuten,
                                alsmede van het jaarverslag, de jaarrekening en de balans van het
                                voorgaande jaar toe aan de aanvraag.</al></li><li nr="5."><al>Het college is bevoegd ook andere dan, of slechts enkele van, de in
                                het tweede en derde lid genoemde gegevens te verlangen, indien die
                                voor het nemen van een beslissing op de aanvraag noodzakelijk,
                                respectievelijk, voldoende, zijn.</al></li><li nr="6."><al>Bij nadere regels kan van de voorgaande leden worden afgeweken.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6.</nr><titel>Aanvraagtermijn</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Een aanvraag om een jaarlijkse subsidie, wordt ingediend uiterlijk 1
                                juni voorafgaand </al><al>aan het jaar of de jaren waarop de aanvraag betrekking heeft.</al></li><li nr="2."><al>Een aanvraag voor een eenmalige subsidie kan het gehele jaar worden
                                ingediend, ten minste 13 weken voor aanvang van de activiteiten.
                            </al></li><li nr="3."><al>Het college kan bij nadere regel andere termijnen stellen voor het
                                indienen van een aanvraag voor daarbij aan te wijzen subsidies.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7.</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college beslist op een aanvraag om een jaarlijkse subsidie als
                                bedoeld in artikel 6, eerste lid, uiterlijk op 31 december van het
                                jaar waarin de aanvraag is ingediend. </al></li><li nr="2."><al>Het college beslist op een aanvraag om een eenmalige subsidie als
                                bedoeld in artikel 6, tweede lid, binnen 10 weken nadat de volledige
                                aanvraag is ontvangen.</al></li><li nr="3."><al>Bij nadere regel kunnen andere termijnen worden gesteld.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8.</nr><titel>Weigerings- en intrekkingsgronden</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Onverminderd artikel 4:25, 4:34,4:35 en 4:51 van de Algemene wet
                                bestuursrecht kan het college de subsidie in ieder geval
                                weigeren:</al></li><li nr="a."><al>als de te subsidiëren activiteiten niet of niet in overwegende mate
                                gericht zijn op de gemeente of haar ingezetenen of als ze
                                onvoldoende ten goede komen aan de </al><al>gemeente of haar ingezetenen;</al></li><li nr="b."><al>de subsidieverstrekking niet past binnen het beleid zoals dat is
                                vastgesteld ten aanzien van de afzonderlijke beleidsvelden van de
                                gemeente;</al></li><li nr="c."><al>als niet is aangetoond dat de subsidie noodzakelijk is voor het
                                verrichten van de</al><al>activiteiten waarvoor deze wordt gevraagd; of</al></li><li nr="d."><al>in het geval en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de
                                Wet bevordering integriteitsbeoordelingen door het openbaar
                                bestuur;</al></li><li nr="e."><al>als de aanvraag niet voldoet aan regels die zijn gesteld om voor
                                subsidie in </al><al>aanmerking te komen;</al></li><li nr="f."><al>als de activiteit reeds door een andere organisatie wordt
                                verricht;</al></li><li nr="g."><al>als de subsidieverstrekking zou leiden tot ontoelaatbare staatssteun
                                of anderszins in strijd zou zijn met een wettelijk voorschrift;</al></li><li nr="h."><al>in de bij de betrokken nadere regel bepaalde gevallen;</al></li><li nr="i."><al>de subsidieaanvraag betrekking heeft op partijpolitieke,
                                persoonlijke, godsdienstige en levensbeschouwelijke
                                activiteiten;</al></li><li nr="j."><al>de aanvrager ook zonder subsidieverstrekking over voldoende middelen
                                beschikt of kan beschikken om de kosten van de activiteiten te
                                dekken.</al></li><li nr="k."><al>de instelling ook bij andere overheden een soortgelijke aanvaag
                                hebben ingediend;</al></li><li nr="l."><al>de continuïteit van de activiteiten van aanvrager niet of
                                onvoldoende gewaarborgd is</al></li><li nr="m."><al>het voornemen tot verlening van subsidie op grond van de artikel 87,
                                88 en/of 89 van het EG-verdrag ter goedkeuring bij de Europese
                                Commissie wordt of moet worden gemeld;</al></li><li nr="n."><al>de subsidie een steunmaatregel vormt in de zijn van artikel 87, lid
                                1 van het EG-verdrag, die onverenigbaar is met de gemeenschappelijke
                                markt.</al></li><li nr="2."><al>Het college kan een subsidie in ieder geval intrekken in het geval
                                en onder de voorwaarden, bedoeld in artikel 3 van de Wet bevordering
                                integriteitsbeoordelingen door het openbaar bestuur en het college
                                kan een subsidie intrekken in de gevallen die benoemd zijn in de
                                artikelen 4:48, 4:49 en 4:50 van de Algemene wet bestuursrecht.
                            </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9.</nr><titel>Verantwoording</titel></kop><al>Bij de verleningsbeschikking wordt vermeld op welke wijze de
                        subsidieontvanger de besteding van de subsidie dient te verantwoorden.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10.</nr><titel>Algemene verplichtingen van subsidie-ontvanger</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Als aannemelijk is dat een of meer van de activiteiten waarvoor de
                                subsidie is verleend niet of niet geheel zullen worden verricht of
                                dat niet of niet geheel aan de aan de subsidie verbonden
                                verplichtingen zal worden voldaan, meldt de subsidieontvanger dat
                                onverwijld aan het college (meldingsplicht).</al></li><li nr="2."><al>Een subsidieontvanger informeert het college onverwijld schriftelijk
                                over: </al></li><li nr="a."><al>beslissingen of procedures die zijn gericht op de beëindiging van de
                                activiteiten waarvoor subsidie is verleend, of tot ontbinding van de
                                gesubsidieerde rechtspersoon;</al></li><li nr="b."><al>relevante wijzigingen in de financiële en organisatorische
                                verhouding met derden;</al></li><li nr="c."><al>ontwikkelingen die ertoe kunnen leiden dat aan de aan de subsidie
                                verbonden verplichtingen niet of niet geheel zullen kunnen worden
                                nagekomen;</al></li><li nr="d."><al>wijziging van de statuten voor zover het betreft de vorm van de
                                gesubsidieerde rechtspersoon, de persoon van de bestuurder of
                                bestuurders en het doel van de rechtspersoon.</al></li><li nr="3."><al>De subsidieontvanger behoeft de toestemming van het college voor
                                handelingen als vermeld in artikel 4:71 van de wet.</al></li><li nr="4."><al>Het college heeft de bevoegdheid om, naast de
                                standaardverplichtingen vermeld in artikel 4:37 van de wet, bij de
                                subsidieverlening andere verplichtingen op te leggen die strekken
                                tot verwezenlijking van het doel van de subsidie (artikel 4:38 van
                                de wet).</al></li><li nr="5."><al>Een subsidieontvanger is verplicht mee te werken aan een door of
                                namens de gemeente ingesteld onderzoek op het beleidsveld, waar de
                                activiteit van de subsidieontvanger op gericht is. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11.</nr><titel>Aan een subsidie te verbinden bijzondere verplichtingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Aan een beschikking tot subsidieverlening kunnen verplichtingen
                                worden verbonden met betrekking tot het beheer en gebruik van
                                hetgeen met de subsidie tot stand is gebracht.</al></li><li nr="2."><al>Bij subsidies hoger dan € 25.000, -- verleend voor activiteiten die
                                meer dan een jaar in beslag nemen, kan de verplichting worden
                                opgelegd tot het tussentijds afleggen van rekening en verantwoording
                                over de tot dan verrichte activiteiten en de daaraan verbonden
                                uitgaven en inkomsten. De verantwoording wordt niet vaker dan één
                                keer per jaar verlangd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12.</nr><titel>Betaling en bevoorschotting</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien een beschikking tot subsidievaststelling als bedoeld in
                                artikel 13, eerste lid, wordt gegeven, vindt de betaling van de
                                gehele subsidie in één bedrag plaats.</al></li><li nr="2."><al>Indien besloten wordt tot bevoorschotting van de subsidie, wordt in
                                het besluit tot subsidieverlening, de hoogte en de termijnen van de
                                voorschotten bepaald.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13.</nr><titel>Eindverantwoording subsidies tot € 5.000,--</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Subsidies tot € 5.000,-- worden door het college direct vastgesteld,
                                zonder voorafgaande subsidieverlening. </al></li><li nr="2."><al>Als de activiteiten niet zijn verricht kan het college op grond van
                                artikel 4:49 van de wet de subsidie intrekken of wijzigen.</al></li><li nr="3."><al>De gemeente behoudt zich het recht voor steekproefsgewijs te
                                controleren of de activiteit, waarvoor subsidie is verstrekt, is
                                verricht.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14.</nr><titel>Eindverantwoording subsidies vanaf € 5.000,-- tot € 25.000,--</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien de subsidieverlening meer bedraagt dan € 5.000,--, maar
                                minder dan € 25.000,--, dient de subsidieontvanger een aanvraag tot
                                vaststelling in bij het college:</al></li><li nr="a."><al>bij een jaarlijks verstrekte subsidie, uiterlijk vóór 1 juni in het
                                jaar na afloop van het kalenderjaar, respectievelijk 5 maanden na
                                het subsidietijdvak, waarvoor de subsidie is verleend. </al></li><li nr="b."><al>bij een eenmalige subsidie, uiterlijk 13 weken na het verricht zijn
                                van de activiteiten.</al></li><li nr="2."><al>De aanvraag tot vaststelling bevat een inhoudelijk verslag, waaruit
                                blijkt dat de activiteiten, waarvoor de subsidie is verleend, zijn
                                verricht en een overzicht van de activiteiten en de hieraan
                                verbonden uitgaven en inkomsten (financieel verslag) met
                                toelichting.</al></li><li nr="3."><al>Het college kan in de verleningsbeschikking bepalen dat ook andere,
                                of minder dan, de in dit artikel bedoelde gegevens en bescheiden die
                                voor de vaststelling van belang zijn, worden overgelegd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15.</nr><titel>Eindverantwoording subsidies vanaf € 25.000,--</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Indien de subsidieverlening meer bedraagt dan € 25.000,--, dient de
                                subsidieontvanger een aanvraag tot vaststelling in bij het
                                college:</al></li><li nr="a."><al>bij een jaarlijks verstrekte subsidie, uiterlijk vóór 1 juni in het
                                jaar na afloop van het kalenderjaar, respectievelijk 5 maanden na
                                het subsidietijdvak, waarvoor de subsidie is verleend. </al></li><li nr="b."><al>bij een eenmalige subsidie, uiterlijk 13 weken na het verricht zijn
                                van de activiteiten.</al></li><li nr="2."><al>De aanvraag tot vaststelling bevat:</al></li><li nr="a."><al>een inhoudelijk verslag, waaruit blijkt dat de activiteiten waarvoor
                                de subsidie is verleend, zijn verricht;</al></li><li nr="b."><al>een overzicht van de activiteiten en de hieraan verbonden uitgaven
                                en inkomsten (financieel verslag of jaarrekening);</al></li><li nr="c."><al>een balans van het afgelopen subsidietijdvak met een toelichting
                                daarop;</al></li><li nr="d."><al>een controleverklaring, opgesteld door een onafhankelijke
                                accountant. Bij deze controle dient aandacht te zijn besteed aan de
                                naleving van aan de subsidie verbonden verplichtingen. </al></li><li nr="3."><al>Het college kan in de verleningsbeschikking bepalen dat ook andere,
                                of minder dan, de in dit artikel bedoelde gegevens en bescheiden die
                                voor de vaststelling van belang zijn, worden overgelegd.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16.</nr><titel>Vaststelling subsidie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het college stelt vóór 1 november in het jaar na afloop van het
                                kalenderjaar waarvoor jaarlijks de subsidie is verleend de aanvraag
                                tot subsidievaststelling vast.</al></li><li nr="2."><al>Het college stelt binnen 13 weken de aanvraag tot vaststelling van
                                een eenmalige subsidie vast, tenzij bij verleningsbeschikking anders
                                is bepaald. </al></li><li nr="3."><al>Deze termijnen kunnen eenmaal voor ten hoogste acht weken worden
                                verdaagd.</al></li><li nr="4."><al>Het college kan bij nadere regel categorieën van subsidies of
                                subsidieontvangers aanwijzen, waarvoor de subsidie direct wordt
                                vastgesteld zonder dat de subsidieontvanger een aanvraag voor
                                subsidievaststelling hoeft in te dienen. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17.</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college kan, in bijzondere gevallen, een artikel of artikelen van deze
                        verordening buiten toepassing laten of daarvan afwijken, met uitzondering
                        van de artikelen 1, 2, 3 en 8 voor zover toepassing gelet op het belang van
                        de aanvrager of subsidieontvanger leidt tot onbillijkheid van overwegende
                        aard. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18.</nr><titel>Intrekking</titel></kop><al>De Algemene subsidieverordening Heerenveen 2010 wordt ingetrokken.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19.</nr><titel>Overgangsbepalingen</titel></kop><al>Subsidieaanvragen die zijn ingediend voor 1 juni 2013 worden afgedaan
                        volgens de bepalingen van de Algemene subsidieverordening Heerenveen
                        2010.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20.</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2014.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21.</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als Algemene subsidieverordening
                        Heerenveen 2014.</al></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><slotformulering><al>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van </al></slotformulering><ondertekening>
          De griffier, De burgemeester,
        </ondertekening></regeling-sluiting><bijlage><al><extref doc="/cvdr/images/Heerenveen/i232401.pdf">Raadsvoorstel.pdf</extref></al><al><extref doc="/cvdr/images/Heerenveen/i233475.pdf">In het kader van de gemeentelijke herindeling van de gemeente Boarnsterhim en de gemeente Heerenveen, als ook de toevoeging van het gebied van de grenscorrectie met de gemeente Skarsterlân per 1 januari 2014 wordt deze regeling geldend verklaard voor het gehele grondgebied van de gemeente Heerenveen.</extref></al><al><extref doc="/cvdr/images/Heerenveen/i232402.pdf">Algemene toelichting ASV Heerenveen 2014.pdf</extref></al><al><extref doc="/cvdr/images/Heerenveen/i232400.pdf">Artikelsgewijze toelichting ASV Heerenveen 2014.pdf</extref></al></bijlage></regeling></body></cvdr>