<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.92--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR71719_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening cameratoezicht Geertruidenberg</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Geertruidenberg</dcterms:creator><dcterms:modified>2005-10-22</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Geertruidenberg</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeentekrant 2005, nr. 21</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening cameratoezicht Geertruidenberg</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="http://wetten.nl">Gemeentewet, art. 147 juncto art. 108.</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>openbare orde en veiligheid</dcterms:subject><dcterms:issued>2005-09-08</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2005-10-22</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2018-04-19</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2005-09-08 nr. 9</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Nota cameratoezicht Dombosch.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening cameratoezicht Geertruidenberg</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Geconsolideerde versie</vet></al><al/><al>Bijlage I behorend bij het raadsbesluit van 8 september 2005 Nr. 09</al><al/><al>De raad van de gemeente Geertruidenberg;</al><al/><al>gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 28
                        juni 2005;</al><al/><al>gelet op artikel 147 juncto 108 van de Gemeentewet;</al><al/><al>gezien de Nota Kernbeleid Veiligheid gemeente Geertruidenberg;</al><al/><al><vet>besluit: vast te stellen de Verordening cameratoezicht
                            Geertruidenberg</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begrippen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al>Openbare plaats: openbare plaats als bedoeld in de Wet openbare
                                manifestaties en andere bij verordening aan te wijzen plaatsen die
                                voor een ieder toegankelijk zijn. opsporing van een gepleegd
                                strafbaar feit.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Plaatsing camera’s</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De burgemeester heeft de bevoegdheid om, indien en voor zover dat in het
                            belang van de handhaving van de openbare orde noodzakelijk is, te
                            besluiten tot plaatsing van vaste camera’s voor een maximale periode van
                            vijf jaar ten behoeve van toezicht op een openbare plaats.</al><al/></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De burgemeester wijst de openbare plaats of plaatsen aan waar het
                            toezicht zal plaatsvinden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De burgemeester stelt, na overleg met de officier van justitie in het
                            overleg, bedoeld in artikel 14 van de Politiewet 1993, de periode vast
                            waarin in het belang van de handhaving van de openbare orde
                            daadwerkelijk gebruik van de camera’s plaatsvindt en de met de camera’s
                            gemaakte beelden in elk geval rechtstreeks worden bekeken.</al><al/></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De burgemeester bedient zich bij de uitvoering van het in het eerste lid
                            van dit artikel bedoelde besluit van de onder zijn gezag staande
                            politie.</al><al/></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De aanwezigheid van camera’s als bedoeld in het eerste lid van dit
                            artikel is op duidelijke wijze kenbaar voor een ieder die de
                            desbetreffende openbare plaats betreedt.</al><al/></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Met de camera’s worden uitsluitend beelden gemaakt van een openbare
                            plaats als bedoeld in artikel 1 van de Wet openbare manifestaties en
                            andere bij verordening aan te wijzen plaatsen die voor een ieder
                            toegankelijk zijn.</al><al/></lid><lid><lidnr>7.</lidnr><al>De met de camera’s gemaakte beelden mogen in het belang van de
                            handhaving van de openbare orde worden vastgelegd en gedurende ten
                            hoogste vier weken worden bewaard.</al><al/></lid><lid><lidnr>8.</lidnr><al>De vastgelegde beelden, bedoeld in het zevende lid, worden aangemerkt
                            als een tijdelijk register in de zin van de Wet politieregisters. Met
                            inachtneming van de Wet politieregisters kunnen uit dat register
                            gegevens worden verstrekt ten behoeve van de opsporing van een gepleegd
                            strafbaar feit.</al><al/></lid><lid><lidnr>9.</lidnr><al>De burgemeester informeert terstond na het nemen van het besluit als
                            bedoeld in het eerste lid, de gemeenteraad over de inhoud van het
                            besluit alsmede de redenen welke tot dat besluit hebben geleid.</al><al/><al/></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Evaluatieperiode</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Tenminste één maand voor de afloop van de duur van plaatsing als bedoeld
                            in artikel 2, eerste lid, zendt de burgemeester aan de raad een verslag
                            over de doeltreffendheid en de effecten van de plaatsing van
                            camera’s.</al><al/></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De raad kan de in artikel 2, eerste lid, bedoelde periode telkens
                            verlengen met een periode van maximaal vijf jaar voor zover de noodzaak
                            daartoe rekening houdend met de uitkomsten van het verslag als bedoeld
                            in het eerste lid blijkt.</al><al/></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Naast het verslag als bedoeld in lid 1 van dit artikel, verricht de
                            burgemeester een tussentijdse evaluatie indien hij de duur van het
                            cameratoezicht als bedoeld in artikel 2, eerste lid, drie jaar of langer
                            heeft bepaald.</al><al/></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien de in lid 3 van dit artikel genoemde tussentijdse evaluatie
                            uitwijst dat voortzetten van het cameratoezicht op de betreffende
                            openbare plaats(en) als bedoeld in artikel 2, tweede lid, niet langer
                            noodzakelijk is ter handhaving van de openbare orde, besluit de
                            burgemeester dat het cameratoezicht op de openbare plaats(en) wordt
                            beëindigd eerder dan de periode die hij bij besluit als bedoeld in
                            artikel 2, eerste lid, heeft vastgesteld.</al><al/></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Inwerkingtreding en citeertitel</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na de datum van
                            bekendmaking.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Deze verordening kan worden aangehaald als: Verordening cameratoezicht
                            Geertruidenberg.Raamsdonksveer, 8 september 2005</al><al/></lid></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>De raad van de gemeente Geertruidenberg,</ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>drs. K.M.C. Millenaar-Rammelaere M.J.A. Meijer</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>