<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidop="http://standaarden.overheid.nl/oep/meta/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export1.6--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR716862_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening gemeentelijke rekenkamer Noardeast-Fryslân 2024 2023-263835</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:type scheme="overheidop:Rubriek">algemeen verbindend voorschrift (verordening)</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Noardeast-Fryslân</dcterms:creator><dcterms:modified>2024-03-12</dcterms:modified></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="https://zoek.officielebekendmakingen.nl/gmb-2024-109622">gmb-2024-109622</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>verordening gemeentelijke rekenkamer Noardeast-Fryslân 2024</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="1.0:c:BWBR0005416&amp;g=2024-01-31">Gemeentewet</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2024-02-01</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
          databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2024-03-12</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2024-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:betreft>nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend.</overheidrg:kenmerk></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening gemeentelijke rekenkamer Noardeast-Fryslân 2024 2023-263835 </intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Noardeast-Fryslân, in vergadering bijeen op 1 februari 2024;</al><al/><al>gelezen het voorstel van de begeleidingscommissie van 11 januari 2024; </al><al/><al>gelet op het bepaalde in artikel 81a, 81b, 81k, 107e, 149 en 185a van de Gemeentewet;</al><al/><al>besluit vast te stellen de Verordening gemeentelijke rekenkamer Noardeast-Fryslân 2024</al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label/><nr/><titel> Artikel 1 Rekenkamer</titel></kop><al>1. Er is een rekenkamer.</al><al>2. De rekenkamer bestaat uit drie leden, waaronder een voorzitter.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Begeleidingscommissie</titel></kop><al>1.De auditcommissie die door de raad is ingesteld vervult ook de functie van begeleidingscommissie van </al><al>   de rekenkamer. </al><al>2. De begeleidingscommissie bestaat uit 4 raadsleden. De commissie kiest uit haar midden een voorzitter.</al><al>3. De begeleidingscommissie heeft een adviserende rol en verder de volgende taken:</al><al>a. Het aanbevelen van kandidaten voor het lidmaatschap in de rekenkamer;</al><al>b. Fungeren als eerste aanspreekpunt voor de rekenkamer;</al><al>c. Zorgdragen voor goede communicatie/contacten tussen raad en rekenkamer;</al><al>d. Het voeren van een jaarlijks evaluatiegesprek over het functioneren en de werkwijze van de</al><al>    rekenkamer.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>De secretaris</titel></kop><al>1. Er is een secretaris die de rekenkamer bijstaat en die belast is met de dagelijkse uitvoering</al><al>    van de activiteiten van de rekenkamer. De secretaris is bevoegd deel te nemen aan beraadslagingen </al><al>    binnen de rekenkamer en heeft daarbij een adviserende stem.</al><al/><al>2. De secretaris is het eerste aanspreekpunt voor de rekenkamer en zorgt voor de directe,</al><al>    ambtelijke ondersteuning van de rekenkamer.</al><al>3. De secretaris vormt de verbindende schakel tussen de rekenkamer, de extern in te huren</al><al>    onderzoeker(s) en de ambtelijke organisatie.</al><al>4. De secretaris is formatief ondergebracht bij de raadsgriffie van de gemeente.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Benoeming leden rekenkamer en afleggen eed/belofte</titel></kop><al>1. De voorzitter en de leden wordt door de raad benoemd op aanbeveling van de begeleidingscommissie.</al><al>2. De begeleidingscommissie doet de aanbeveling vergezeld gaan van een verklaring van elke kandidaat</al><al>    bevattende:</al><al>a. de mededeling dat hij/zij een benoeming als lid zal aanvaarden, en</al><al>b. een overzicht van de openbare betrekkingen die hij/zij bekleedt.</al><al>3. De leden worden benoemd voor een periode van zes jaar. De zittingsduur kan maximaal 1 keer worden </al><al>    verlengd.</al><al>4. Bij het werven van een nieuw lid bestaat de sollicitatiecommissie uit een raadslid vanuit de           </al><al>    begeleidingscommissie, een lid van de rekenkamer en de secretaris van de rekenkamer.</al><al>5. Ten aanzien van de leden is artikel 81g van de Gemeentewet (eed of verklaring en belofte) van </al><al>    overeenkomstige toepassing.</al><al>6. Leden leggen de eed of belofte af in een raadsbijeenkomst.</al><al>7. Ten aanzien van de leden is de gedragscode voor raadsleden van toepassing, zoals die is vastgesteld </al><al>    door de raad.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Ontslag en non-activiteit</titel></kop><al>De artikelen 81c, zesde en zevende lid en 81d, eerste en tweede lid van de Gemeentewet zijn van overeenkomstige toepassing op de rekenkamer.</al><al>1. De begeleidingscommissie bericht de raad als een van de ontslaggronden genoemd in artikel 81c, </al><al>    zesde of zevende lid, of van artikel 81d, eerste of tweede lid, van de wet zich voordoet.</al><al>2. In de gevallen, bedoeld in artikel 81c, zevende lid, en in artikel 81d, tweede lid, van de wet adviseert de </al><al>    begeleidingscommissie de raad over de vraag of al dan niet moet worden overgegaan tot ontslag, </al><al>    respectievelijk het op non-activiteit stellen van het desbetreffende lid.</al><al>3. De begeleidingscommissie adviseert de raad tevens met betrekking tot een beslissing tot verlenging of </al><al>    beëindiging van een maatregel als bedoeld in artikel 81d, eerste of tweede lid.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Budget</titel></kop><al>1. De rekenkamer is bevoegd binnen haar budget uitgaven te doen voor de uitvoering van de   </al><al>    werkzaamheden van de rekenkamer.</al><al>2. De rekenkamer legt elk jaar voor 1 april financiële verantwoording af aan de raad over het voorgaande </al><al>    jaar.</al><al>3. Ten laste van het in lid 1 bedoelde budget worden de kosten gebracht van:</al><al>a. de vergoedingen van de leden;</al><al>b. externe deskundigen die door de rekenkamer ingeschakeld worden;</al><al>c. eventuele overige uitgaven die de rekenkamer nodig acht voor de uitoefening van haar taak.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Taak en werkwijze</titel></kop><al>1. De rekenkamer heeft als taak het uitvoeren van onderzoek naar de doeltreffendheid en doelmatigheid </al><al>    van het gemeentelijk beleid en beheer. De rekenkamer geeft zelfstandig, met een eigen prioritering, </al><al>    invulling aan deze taak. De rekenkamer rapporteert rechtstreeks aan de gemeenteraad.</al><al>2. De rekenkamer stelt een reglement van orde voor haar werkzaamheden en vergaderingen vast; het </al><al>    reglement wordt ter kennis gebracht aan de raad.</al><al>3. Onderzoek kan zich onder meer richten op:</al><al>a. “Ex post onderzoek” - onderzoek achteraf, naar gerealiseerd beleid, geschikt om de   </al><al>    gemeenteraad te ondersteunen in zijn controlerende rol in de vorm van uitbesteding.</al><al>b. “Ex ante onderzoek” - onderzoek vooraf, naar voorgenomen beleid, gericht op ondersteuning van   </al><al>    de raad in zijn kaderstellende rol. Het gaat hier vaak om kortdurend onderzoek met vaak een </al><al>              verkennend karakter, dat indien mogelijk door de rekenkamer zelf wordt uitgevoerd.</al><al>4. De rekenkamer brengt van ieder onderzoek een eindrapportage met conclusies en eventuele </al><al>    aanbevelingen uit aan de raad. Dit kan in een door de rekenkamer gekozen vorm. </al><al>5. De rekenkamer brengt elk jaar voor 1 april een verslag uit aan de raad over haar werkzaamheden in het </al><al>    voorgaande jaar.</al><al>6. Voor uitvoering van het onderzoek kan de rekenkamer, met inachtneming van het beschikbare budget, </al><al>    gebruik maken van (een) externe onderzoeker(s) dan wel het onderzoek zelf uitvoeren.</al><al/><al/><al/><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>inventarisatie en selectie van onderzoeksonderwerpen</titel></kop><al>1. De rekenkamer bepaalt de onderwerpen die hij onderzoekt.</al><al>2. De rekenkamer doet in principe tenminste één onderzoek per jaar.</al><al>3. De raad kan gemotiveerde verzoeken tot het verrichten van onderzoek doen aan de rekenkamer.</al><al>4. Indien meerdere onderwerpen voor onderzoek in aanmerking komen, maakt de rekenkamer daaruit een </al><al>    beargumenteerde keuze; ter bepaling van haar keuze kan de rekenkamer vooronderzoek verrichten.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Vergoeding voor de werkzaamheden van de leden van de rekenkamer</titel></kop><al>1. De voorzitter van de rekenkamer ontvangt een vaste maandelijkse vergoeding voor zijn </al><al>    werkzaamheden van € 400,- per maand (excl. BTW) en een vergoeding voor gemaakte onkosten.</al><al>2. De overige leden van de rekenkamer ontvangen ieder een vaste vergoeding voor hun </al><al>    werkzaamheden van € 300,- per maand (excl. BTW) en een vergoeding voor gemaakte onkosten.</al><al>3. Bij ontstentenis van de voorzitter langer dan een maand, is artikel 9, lid 1 van deze verordening van </al><al>    toepassing op diens vervanger.</al><al>4. Indien, met inachtneming van artikel 7 lid 6 van deze verordening, de rekenkamer besluit één </al><al>    of meer van haar leden te belasten met de uitvoering van onderzoek, ontvangen deze leden een </al><al>    vergoeding van € 75,- per onderzoek uur (excl. BTW).</al><al>5. De in het eerste en tweede lid genoemde vergoedingen komen ten laste van het in het eerste lid van </al><al>    artikel 6 van deze verordening bedoelde budget.</al><al>6. Bedragen genoemd in dit artikel worden jaarlijks geïndexeerd aan de hand van de prognose van de HCPI</al><al>    (geharmoniseerde consumentenprijsindex) van het Centraal Planbureau (CPB) in het Centraal </al><al>    Economisch Plan (CEP) van maart in het voorafgaande jaar.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Rapportage en terugkoppeling</titel></kop><al>1. De rekenkamer legt haar bevindingen en haar oordeel vast in rapporten, </al><al>    rekenkamerbrieven, of een andere, door haar gekozen vorm van rapportage met dien</al><al>    verstande dat hierin niet worden opgenomen gegevens en bevindingen die naar hun aard geheim zijn.</al><al>2. De rekenkamer stelt de onderzochte partij schriftelijk op de hoogte van het (nog niet </al><al>    gepubliceerde) conceptonderzoeksrapport.</al><al>3. De rekenkamer legt het conceptonderzoeksrapport voor aan de betrokkenen met de vraag of </al><al>    dit feitelijk juist is. De termijn waarop dit kenbaar kan worden gemaakt bedraagt drie weken. De </al><al>    rekenkamer bepaalt wie als betrokkenen worden aangemerkt.</al><al>4. De rekenkamer informeert het college in een memorie van antwoord of, welke en hoe de </al><al>    opmerkingen worden verwerkt.  </al><al>5. Na ontvangst van de reactie(s) sluit de rekenkamer haar onderzoek af en stelt een definitief </al><al>    document op waarin conclusies en aanbevelingen worden opgenomen. Dit document wordt aangeboden </al><al>    aan de gemeenteraad. </al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Experimenteerartikel</titel></kop><al>1. De rekenkamer kan, niet eerder dan na raadpleging van de raad en instemming van de </al><al>    begeleidingscommissie, besluiten tot afwijking van het bepaalde in deze verordening met als doel te </al><al>    experimenteren met een andere wijze van werken voor een periode gekoppeld aan de </al><al>    onderzoeksperiode van het betreffende onderzoek waarbij de rekenkamer wil </al><al>    experimenteren.</al><al>2. Indien de rekenkamer een beroep doet op dit experimenteerartikel, wordt door de </al><al>    rekenkamer beargumenteerd vastgelegd wat inhoud en doelstelling van het experiment is.</al><al>3. De rekenkamer evalueert direct na het experiment de ervaringen van betrokkenen en </al><al>    bespreekt deze met de begeleidingscommissie.</al><al/></artikel><artikel><kop><label/><nr/><titel> Artikel 12 Voorziening en overige bepalingen</titel></kop><al>In alle gevallen, waarin deze verordening niet voorziet of wanneer een artikel voor meerdere uitleg vatbaar blijkt te zijn, beslist:</al><al>a. voor zover het de werkwijze van de rekenkamer betreft: de voorzitter van de rekenkamer;</al><al>b. voor zover het de bevoegdheden van de rekenkamer betreft: de raad op voorstel van de</al><al>    begeleidingscommissie;</al><al>c. in naar het oordeel van de rekenkamer spoedeisende gevallen: de rekenkamer waarbij de genomen </al><al>    beslissing als voorlopige voorziening wordt aangemerkt. De voorlopige voorziening wordt in de </al><al>    eerstvolgende raadsvergadering ter bekrachtiging aan de raad voorgelegd.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>1. Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2024.</al><al>2. Met de inwerkingtreding van deze verordening vervalt de Verordening op de gezamenlijke </al><al>    rekenkamercommissie gemeente Noardeast-Fryslân en Dantumadiel (2020).</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening kan worden aangehaald als ‘verordening gemeentelijke rekenkamer Noardeast-Fryslân 2024’.</al><al/></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening><functie>Aldus besloten door de raad van de gemeente Noardeast-Fryslân in zijn openbare vergadering </functie><functie>d.d. 1 februari 2024.</functie><functie/><functie>De raad voornoemd,</functie><functie>de griffier,      de voorzitter,</functie><functie/><functie>{{Signer1}}      {{Signer2}}</functie><functie/><functie>mr. S.K. Dijkstra     mr. J.G. Kramer</functie></ondertekening></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>