<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR71677_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening kinderopvang</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Geertruidenberg</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-05-08</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Geertruidenberg</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">De Langstraat, 3 juli 2008</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Wet kinderopvang gemeente Geertruidenberg</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Onbekend.</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2007-04-26</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2008-07-11</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2013-03-28</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling.</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>26-04-2007, nr. 09</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Regeling kinderopvang sociaal-medische indicatie.</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening kinderopvang</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>Nr. 09</al><al/><al>De raad van de gemeente Geertruidenberg;</al><al/><al>gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 27-02-2007;</al><al/><al>gelet op artikel 25 van de Wet Kinderopvang;</al><al/><al>overwegende dat het noodzakelijk is de verlening, de voorschotverlening en
                        de vaststelling van de tegemoetkoming van de gemeente in de kosten van
                        kinderopvang bij</al><al>verordening te regelen;</al><al/><al><vet>besluit:</vet></al><al/><al>Vast te stellen de Verordening Wet Kinderopvang gemeente
                        Geertruidenberg.</al><al/><al/><al>Raamsdonksveer, 26-04-2007De raad van de gemeente Geertruidenberg,</al><al>de griffier, de voorzitter, </al><al/><al/><al>drs. K.M.C. Millenaar-Rammelaere M.J.A. Meijer </al><al/><al/><al><vet>Verordening wet kinderopvang</vet></al><al/><al>De raad van de gemeente Geertruidenberg;</al><al/><al>gezien het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 27-02-2007;</al><al/><al>gelet op artikel 25 van de Wet kinderopvang, de bepalingen van de Algemene
                        wet bestuursrecht en de Gemeentewet;</al><al/><al>overwegende dat het noodzakelijk is de verlening, de voorschotverlening en
                        de vaststelling van de tegemoetkoming van de gemeente in de kosten van
                        kinderopvang bij verordening te regelen;</al><al/><al><vet>besluit</vet></al><al/><al>vast te stellen: de “verordening wet kinderopvang, gemeente
                        Geertruidenberg”.</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1</nr><titel>Algemene bepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en niet nader
                                worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet
                                kinderopvang en de Algemene wet bestuursrecht.</al><al/></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In deze verordening wordt verstaan onder: a. het college: het
                                college van burgemeester en wethouders van de gemeente
                                Geertruidenberg; b. de wet: de Wet kinderopvang; c. doelgroepen: de
                                in de artikelen 6, 22 en 24 van de in de wet genoemde groepen.</al><al/></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2</nr><titel>Aanvraag van de tegemoetkoming</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Te verstrekken gegevens bij de aanvraag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Een aanvraag voor een tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang
                                bevat: a. naam, adres en sofi-nummer van de ouder; b. indien van
                                toepassing: naam en Burgerservicenummer (BSN) van de partner en,
                                indien dit een ander adres is dan het adres van de ouder: het adres
                                van de partner; c. naam, geboortedatum en Burgerservicenummer van
                                het kind of de kinderen waarop de aangevraagde tegemoetkoming
                                betrekking heeft; d. een offerte of contract van het kindercentrum
                                of gastouderbureau dat de kinderopvang gaat verzorgen waarin in
                                ieder geval wordt aangegeven: het aantal uren kinderopvang per kind,
                                de kostprijs per uur en de aanvangsdatum van de opvang; e. gegevens
                                of een verwijzing naar gegevens waaruit blijkt dat de ouder behoort
                                tot de groep personen als bedoeld in artikel 22 van de wet; f.
                                overige gegevens die het college nodig acht om te kunnen besluiten
                                over de aanvraag van de tegemoetkoming.</al><al/></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan bepalen dat de aanvraag geschiedt met behulp van een
                                door het college vastgesteld en beschikbaar gesteld
                                aanvraagformulier.</al><al/></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Indien de ouder een partner heeft, wordt de aanvraag mede
                                ondertekend door de partner.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3</nr><titel>Verlening van de tegemoetkoming</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Het besluit tot verlenen van de tegemoetkoming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college besluit over de aanvraag binnen acht weken na ontvangst
                                van alle benodigde gegevens.</al><al/></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan dit besluit met ten hoogste vier weken verdagen. Het
                                stelt de ouder hiervan schriftelijk in kennis.</al><al/></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Weigeringsgrond</titel></kop><al>Het college weigert de tegemoetkoming indien de ouder niet behoort tot
                            de personen als bedoeld in artikel 22 van de wet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Ingangsdatum van de tegemoetkoming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De tegemoetkoming wordt verleend met ingang van de datum waarop de
                                aanvraag voor de tegemoetkoming door het college in ontvangst is
                                genomen.</al><al/></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Als op deze datum nog geen kinderopvang plaatsvindt, wordt de
                                tegemoetkoming verleend met ingang van de datum waarop de
                                kinderopvang zal plaatsvinden. </al><al/></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>De periode waarvoor de tegemoetkoming wordt verleend</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De tegemoetkoming wordt verleend voor de periode van een
                                tegemoetkomingsjaar.</al><al/></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid kan het college de tegemoetkoming
                                voor een andere periode verlenen.</al><al/></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Omvang van de kinderopvang</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college verleent de tegemoetkoming voor het aantal uren
                                kinderopvang dat door de ouder is aangevraagd.</al><al/></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het eerste lid verleent het college bij een ouder
                                als bedoeld in artikel 24, eerste lid, onderdeel a, of tweede lid,
                                onderdeel a, van de wet de tegemoetkoming voor het aantal uren
                                kinderopvang dat naar zijn oordeel redelijkerwijs noodzakelijk is
                                voor de combinatie van arbeid en zorg.</al><al/></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Inhoud van de beschikking</titel></kop><al>Het besluit tot verlening van een tegemoetkoming in de kosten van
                            kinderopvang bevat in ieder geval: a. de vaststelling tot welke van de
                            gemeentelijke doelgroepen de ouder behoort; b. de naam en geboortedatum
                            van het kind of de kinderen waarop de tegemoetkoming betrekking heeft;
                            c. de naam en het adres van het kindercentrum of gastouderbureau waar de
                            kinderopvang plaatsvindt; d. de periode en de omvang van de kinderopvang
                            per tijdvak waarvoor de tegemoetkoming wordt verleend; e. de wijze
                            waarop het bedrag van de tegemoetkoming wordt bepaald en het bedrag dat
                            op basis hiervan wordt verleend; f. de wijze waarop de tegemoetkoming
                            wordt uitbetaald; g. de verplichtingen van de ouder.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>De bevoorschotting van de tegemoetkoming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De tegemoetkoming wordt in de vorm van een voorschot in maandelijkse
                                termijnen uitbetaald.</al><al/></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college kan nadere voorschriften stellen over de wijze van
                                bevoorschotting.</al><al/></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4</nr><titel>Vaststelling van de tegemoetkoming</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Het besluit tot vaststelling van de tegemoetkoming</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ouder verstrekt binnen vier weken na afloop van de periode
                                waarvoor de tegemoetkoming is verleend aan het college een overzicht
                                van de feitelijke kosten van kinderopvang over deze periode.</al><al/></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college stelt de tegemoetkoming binnen dertien weken na
                                ontvangst van het overzicht van de kosten vast.</al><al/></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Verrekening met de voorschotten</titel></kop><al>De tegemoetkoming wordt overeenkomstig de vaststelling binnen vier weken
                            betaald, onder verrekening van de betaalde voorschotten.</al><al/></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5</nr><titel>Verplichtingen van de ouder</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Inlichtingenplicht</titel></kop><lid><lidnr>1</lidnr><al>De ouder of de partner doet het college onmiddellijk na het bekend
                                worden daarvan uit eigen beweging schriftelijk mededeling van
                                inlichtingen en gegevens die kunnen leiden tot de vaststelling van
                                een lagere tegemoetkoming.</al><al/></lid><lid><lidnr>2</lidnr><al>De ouder of partner verstrekt desgevraagd aan het college, binnen
                                een door het college te stellen redelijke termijn, alle gegevens en
                                inlichtingen van hem en zijn partner die voor de aanspraak op en de
                                hoogte van de tegemoetkoming van de gemeente van belang zijn.</al><al/></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>6</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Hardheidsclausule</titel></kop><al>Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de belanghebbende
                            afwijken van de bepalingen in deze verordening, indien toepassing van de
                            verordening tot onbillijkheden van overwegende aard leidt.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Nadere regels</titel></kop><al>Voor de juiste uitvoering van de verordening kan het noodzakelijk zijn
                            dat nadere uitvoeringsregels worden vastgesteld. Dit artikel geeft het
                            college de bevoegdheid om dergelijke regels vast te stellen.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Uitvoering</titel></kop><al>De uitvoering van deze verordening berust bij het college.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald: Verordening Wet kinderopvang gemeente
                            Geertruidenberg </al><al/></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 26-04-2007. </ondertekening><ondertekening/><ondertekening/><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><kop><nr>1</nr><titel>Algemene Toelichting</titel></kop><al><vet>1. Inleiding</vet></al><al>Op 1 januari 2005 is de Wet kinderopvang in werking getreden. De Wet
                    kinderopvang beoogt het ouders of verzorgers gemakkelijker te maken werk en zorg
                    te combineren. Niet alleen werkenden kunnen een beroep doen op de Wet
                    kinderopvang. Een aantal in de wet benoemde doelgroepen kan een beroep doen op
                    de gemeente voor het betalen van een deel van de kosten die zij maken voor
                    kinderopvang. De vergoeding door de gemeente van een deel van de kosten voor
                    kinderopvang wordt aangeduid met de term ‘tegemoetkoming kosten kinderopvang
                    (gemeente)’. Artikel 25 Wet kinderopvang bepaalt dat de gemeenteraad bij
                    verordening regels vaststelt omtrent de tegemoetkoming van de gemeente. Deze
                    regels hebben betrekking op de verlening, de voorschotverlening en de
                    vaststelling van de tegemoetkoming. Deze verordening geeft uitvoering aan deze
                    wettelijke opdracht.</al><al>De tegemoetkoming is een subsidie in de zin van artikel 4:21 van de Algemene wet
                    bestuursrecht (Awb), te weten: een aanspraak op financiële middelen door een
                    bestuursorgaan verstrekt met het oog op een bepaalde activiteit van de
                    aanvrager. Titel 4.2 van de Awb die regels stelt over subsidies is van
                    toepassing op de tegemoetkomingen. Dit betekent dat op de verstrekking van
                    tegemoetkomingen in de kosten van kinderopvang door gemeenten drie regelingen
                    van toepassing zijn: 1. de gemeentelijke verordening Wet kinderopvang; 2. de Wet
                    kinderopvang; 3. de subsidieregels in titel 4.2 van de Awb.</al><al><vet>2. Hoofdlijnen van het proces van verstrekking van de
                    tegemoetkoming</vet></al><al>In deze verordening worden de hoofdlijnen van het proces van verstrekking van de
                    tegemoetkomingen door de gemeente vastgelegd. Daarbij zijn twee uitgangspunten
                    gehanteerd. Het eerste uitgangspunt is dat de uitvoeringslasten voor zowel de
                    gemeente als de aanvragers van de tegemoetkoming zo beperkt mogelijk moeten
                    zijn. Het tweede uitgangspunt is dat de gemeentelijke uitgaven die gemoeid zijn
                    met de verstrekking van de tegemoetkomingen zo goed mogelijk beheersbaar
                    zijn.</al><al/><al><onderstreept>Bepalingen om de beheersbaarheid van de gemeentelijke uitgaven te
                        bevorderen</onderstreept>De gemeentelijke tegemoetkoming in de kosten van
                    kinderopvang is een zogeheten ‘open-einde regeling’. Dit betekent dat iedereen
                    die op grond van de wet behoort tot de gemeentelijke doelgroep aanspraak heeft
                    op een tegemoetkoming van de gemeente. Om gemeenten in staat te stellen de
                    kosten die gepaard gaan met de verstrekking van de tegemoetkomingen beheersbaar
                    te houden, zijn in de verordening de volgende bepalingen opgenomen:</al><lijst><li nr="1."><al>De omvang van de aanspraak op een tegemoetkoming van ouders die geen
                            eigen bijdrage in de kosten van kinderopvang hoeven te betalen, wordt
                            aan beperkingen gebonden. In de modelverordening wordt bepaald dat bij
                            deze groep ouders de tegemoetkoming wordt verstrekt voor het aantal uren
                            kinderopvang per week dat naar het oordeel van het college voor de ouder
                            redelijkerwijs noodzakelijk is om de combinatie van arbeid en zorg
                            mogelijk te maken.</al></li><li nr="2."><al>Er worden geen tegemoetkomingen met terugwerkende kracht verstrekt. Een
                            gemeentelijke tegemoetkoming wordt verstrekt met ingang van het tijdstip
                            waarop de aanvraag voor een tegemoetkoming door de gemeente in ontvangst
                            is genomen.</al></li><li nr="3."><al>De tegemoetkoming wordt alleen verstrekt als er daadwerkelijk
                            kinderopvang plaatsvindt.</al></li><li nr="4."><al>De tegemoetkoming wordt uitbetaald in maandelijkse voorschotten.
                            Hierdoor blijft de omvang van eventuele onverschuldigde betalingen die
                            de gemeente van de ouders moet terugvorderen, beperkt.</al></li></lijst><al><onderstreept>Tegemoetkomingen voor de duur van een
                    kalenderjaar</onderstreept>Een tegemoetkoming wordt in principe verstrekt voor
                    de duur één kalenderjaar. Daarmee wordt aangesloten bij wijze waarop de
                    betalingen door de Belastingsdienst worden verstrekt. Dit betekent dat een
                    tegemoetkoming elk jaar opnieuw moet worden aangevraagd. Uitzondering wordt
                    gemaakt voor de gevallen waarin bij de aanvraag reeds duidelijk is dat de
                    aanspraak op de tegemoetkoming beperkt is tot een bepaalde periode (bijvoorbeeld
                    de duur van een reïntegratietraject die in het trajectplan is vastgelegd of de
                    datum waarop het kind naar de basisschool gaat of de basisschool
                        verlaat).<onderstreept>Verstrekking van de tegemoetkoming in twee
                        stappen</onderstreept></al><al>De verstrekking van de tegemoetkoming vindt plaats in twee stappen. Hiermee
                    wordt aangesloten bij de Awb. De eerste stap is de beschikking tot het verlenen
                    van de tegemoetkoming. Deze beschikking geeft de ontvanger van de tegemoetkoming
                    een voorwaardelijke aanspraak op de tegemoetkoming tot een bepaald bedrag. De
                    aanspraak is voorwaardelijk omdat op het moment dat de beschikking wordt gegeven
                    nog niet zeker is dat de aanvrager daadwerkelijk gebruik zal maken van
                    kinderopvang en zich aan de opgelegde verplichtingen houdt. Ondanks het
                    voorwaardelijke karakter schept de subsidieverlening wel een rechtens
                    afdwingbare aanspraak.De tweede stap is de beschikking tot het vaststellen van
                    de tegemoetkoming. In deze beschikking wordt vastgesteld in hoeverre de
                    ontvanger aan de gestelde voorwaarden heeft voldaan en hoeveel het uiteindelijke
                    bedrag van de tegemoetkoming is. Met het vaststellen van de tegemoetkoming wordt
                    de tegemoetkoming definitief. Voordat de tegemoetkoming wordt vastgesteld kan de
                    gemeente onderzoek doen naar de rechtmatigheid van de tegemoetkoming door
                    gegevens van de ouders te controleren en eventueel inlichtingen bij de houders
                    van een kindcentrum of gastouderbureau op te vragen.<vet>3. Aanwijzen van eigen
                        doelgroepen</vet></al><al>De gemeente kan ervoor kiezen om naast de in de wet benoemde doelgeroepen, eigen
                    doelgroepen aan te wijzen. Een mogelijkheid zou zijn om mantelzorgers op deze
                    wijze te faciliteren.Voor deze mogelijkheid is thans niet gekozen. Dit vindt
                    zijn oorzaak in de financiële gevolgen hiervan binnen een regeling waarbij de
                    financiële kaders toch al beperkt gestut zijn.</al><al/><al/><al/><al/><al/></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>