<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR71404_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Speelautomatenhalverordening Loon op Zand 2005</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Loon op Zand</dcterms:creator><dcterms:modified>2018-12-11</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Loon op Zand</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Weekjournaal</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Speelautomatenhalverordening Loon op Zand 2005</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet op de kansspelen, art. 30 lid 2</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>openbare orde en veiligheid</dcterms:subject><dcterms:issued>2004-12-31</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2005-01-01</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Onbekend</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>Onbekend</overheidrg:kenmerk><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Speelautomatenhalverordening Loon op Zand 2005</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>Speelautomatenhalverordening Loon op Zand</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al><lijst><li nr="a."><al><vet><cursief>wet: </cursief></vet>de Wet
                                    op de Kansspelen;</al></li><li nr="b."><al><vet><cursief>speelautomatenbesluit:</cursief></vet> het bij KB
                                    van 23 mei 2000 Stb 223 vastgestelde Speelautomatenbesluit 2000;
                                </al></li><li nr="c."><al><vet><cursief>aanwezigheidsvergunning:</cursief></vet> de in
                                    artikel 30b, eerste lid, van de wet bedoelde vergunning voor het
                                    aanwezig hebben van een of meer speelautomaten;</al></li><li nr="d."><al><vet><cursief>exploitatievergunning:</cursief></vet> de in
                                    artikel 30h, eerste lid, van de wet bedoelde vergunning voor het
                                    exploiteren van speelautomaten;</al></li><li nr="e."><al><vet><cursief>speelautomaat:</cursief></vet> een toestel, als
                                    bedoeld in artikel 30, onder a, van de wet;</al></li><li nr="f."><al><vet><cursief>behendigheidsautomaat:</cursief></vet> een
                                    speelautomaat, als bedoeld in artikel 30, onder b, van de
                                    wet;</al></li><li nr="g."><al><vet><cursief>kansspelautomaat:</cursief></vet> een
                                    speelautomaat, als bedoeld in artikel 30, onder c, van de
                                    wet;</al></li><li nr="h."><al><vet><cursief>gekoppeld jackpotsysteem:
                                        </cursief></vet>een voorziening, als
                                    bedoeld in artikel 1, onder d, van het
                                    speelautomatenbesluit;</al></li><li nr="i."><al><vet><cursief>speelautomatenhal:</cursief></vet> een inrichting,
                                    als bedoeld in artikel 30c, eerste lid, onder c, van de
                                    wet;</al></li><li nr="j."><al><vet><cursief>ondernemer:</cursief></vet></al><lijst><li nr="1."><al>de natuurlijke persoon die de speelautomatenhal
                                            exploiteert;</al></li><li nr="2."><al>de rechtspersoon die de speelautomatenhal
                                            exploiteert;</al></li></lijst></li><li nr="k."><al><vet><cursief>vergunninghouder:</cursief></vet></al><lijst><li nr="1."><al>de ondernemer als bedoeld onder j, punt 1;</al></li><li nr="2."><al>de natuurlijk(e) perso(o)n(en) die de ondernemer als
                                            bedoeld onder j, punt 2, in rechte
                                            vertegenwoordig(t)(en);</al></li></lijst></li><li nr="l."><al><vet><cursief>beheerder</cursief></vet>: degene die belast is
                                    met de dagelijkse leiding in de speelautomatenhal;</al></li><li nr="m."><al><vet><cursief>bedrijfsleider:</cursief></vet></al><lijst><li nr="1."><al>de vergunninghouder alsmede; </al></li><li nr="2."><al>degene die door de vergunninghouder is aangesteld en
                                            belast is met de algemene leiding in de
                                            speelautomatenhal;</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Vergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het is verboden zonder vergunning van de burgemeester een
                                speelautomatenhal te vestigen en/of te exploiteren.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De burgemeester kan voor maximaal één speelautomatenhal, waarin
                                kansspelautomaten aanwezig zijn, een vergunning verlenen. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De burgemeester kan een vergunning verlenen voor een
                                speelautomatenhal waarin maximaal 25 speelautomaten aanwezig
                                zijn.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De burgemeester kan een vergunning verlenen voor een
                                speelautomatenhal voor maximaal tien jaar.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De vergunning voor een speelautomatenhal is behoudens het bepaalde
                                in artikel 9 niet overdraagbaar.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Over te leggen gegevens</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De ondernemer dient de vergunning aan te vragen onder overlegging
                                van de volgende gegevens:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>een nauwkeurige beschrijving van de inrichting, waarbij is vermeld
                                de oppervlakte daarvan, alsmede een opstellingsplan (plattegrond)
                                waarin is aangegeven op welke plaats in de speelautomatenhal en welk
                                aantal kansspel- en/of behendigheidsautomaten wordt opgesteld;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>een bewijs van inschrijving bij de Kamer van Koophandel en
                                Fabrieken;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>een verklaring waaruit blijkt dat hij gerechtigd is over de ruimte
                                te beschikken;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>een ondernemingsplan;</al></lid><lid><lidnr>e.</lidnr><al>een verklaring omtrent het gedrag van:</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al>de ondernemer(s) dan wel, indien de ondernemer een rechtspersoon
                                is;</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al>van degene(n) die de onderneming in rechte
                                vertegenwoordig(t)(en);</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al>de bedrijfsleider(s);</al></lid><lid><lidnr>-</lidnr><al>de beheerder(s).</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De burgemeester kan ten aanzien van het ondernemingsplan nadere
                                regels en/of eisen stellen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Beslistermijn</titel></kop><al>De burgemeester beslist binnen acht weken na de datum waarop hij de
                            aanvraag met bijbehorende bescheiden heeft ontvangen. De beslissing kan
                            eenmaal voor ten hoogste acht weken worden verdaagd.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Inhoud vergunning</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De vergunning wordt ten name gesteld van de
                                    vergunninghouder(s);</al></li><li nr="2."><al>In de vergunning worden de namen van de ondernemer(s) en
                                    bedrijfsleider(s) en beheerder(s) vermeld.</al></li><li nr="3."><al>Aan de vergunning kunnen voorschriften en beperkingen worden
                                    verbonden. Deze kunnen onder meer betrekking hebben op:</al><lijst><li nr="a."><al>de geldigheidsduur van de vergunning;</al></li><li nr="b."><al>de leiding en het toezicht in de speelautomatenhal;</al></li><li nr="c."><al>het aantal speelautomaten dat aanwezig mag zijn;</al></li><li nr="d."><al>het type speelautomaten dat mag worden opgesteld;</al></li><li nr="e."><al>de exploitatie van de hal;</al></li><li nr="f."><al>het toegangsregime en de toegangsregistratie;</al></li><li nr="g."><al>openings- en sluitingstijden</al></li><li nr="h."><al>voorschriften en beperkingen ter voorkoming van overlast;</al></li><li nr="i."><al>voorschriften en beperkingen ter voorkoming van
                                    gokverslaving.</al></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Weigeringsgronden vergunning</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergunning wordt geweigerd, indien:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>het maximum van één vergunning voor een speelautomatenhal is
                                verleend waarin kansspelautomaten staan opgesteld;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>de speelautomatenhal niet rechtstreeks toegankelijk is voor het
                                publiek vanaf de openbare weg;</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>de aanvrager(s) van de vergunning of de in de aanvraag vermelde
                                bedrijfsleider(s) of beheerder(s) onder curatele staat (staan) of
                                bewind is ingesteld over één of meer aan hen toebehorende goederen,
                                als bedoeld in Boek 1, titel 19, van het Burgerlijk Wetboek;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>de aanvrager(s) van de vergunning of de in de aanvraag vermelde
                                bedrijfsleider(s) of beheerder(s) in enig opzicht van slecht
                                levensgedrag is (zijn);</al></lid><lid><lidnr>e.</lidnr><al>er geen aanwezigheidsvergunning verleend kan worden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vergunning kan worden geweigerd, indien:</al></lid><lid><lidnr>a.</lidnr><al>de aanvrager(s) van de vergunning of de in de aanvraag vermelde
                                bedrijfsleider(s) of beheerder(s) de leeftijd van 21 jaar nog niet
                                heeft (hebben) bereikt;</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>niet wordt voldaan aan de KEMA-criteria en de erkenningsvoorwaarden
                                van de speelautomatenbrancheorganisatie (VAN);</al></lid><lid><lidnr>c.</lidnr><al>door de aanwezigheid van de speelautomatenhal de leef- en
                                woonsituatie in de naaste omgeving of het karakter van de
                                straat/buurt op ontoelaatbare wijze nadelig zullen worden
                                beïnvloed;</al></lid><lid><lidnr>d.</lidnr><al>de exploitatie of vestiging van de speelautomatenhal strijd oplevert
                                met het geldende bestemmingsplan, dan wel andere ruimtelijke
                                plannen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Intrekking vergunning</titel></kop><al>De burgemeester kande vergunning intrekken indien:</al><lijst><li nr="a."><al>blijkt dat de vergunning ten gevolge van een onjuiste of
                                    onvolledige opgave, van de in artikel 3 bedoelde gegevens, is
                                    verleend;</al></li><li nr="b."><al>niet wordt voldaan aan de KEMA-criteria en de
                                    erkenningsvoorwaarden van de speelautomatenbrancheorganisatie
                                    (VAN);</al></li><li nr="c."><al>de omstandigheden of inzichten op grond waarvan de vergunning is
                                    afgegeven zodanig zijn gewijzigd dat een situatie is ontstaan
                                    als bedoeld in artikel 6, tweede lid, onder c;</al></li><li nr="d."><al>gehandeld wordt in strijd met deze verordening;</al></li><li nr="e."><al>gehandeld wordt in strijd met aan de vergunning verbonden
                                    voorschriften en/of beperkingen;</al></li><li nr="f."><al>de exploitatie van de speelautomatenhal voor een aaneengesloten
                                    periode van langer dan zes maanden onderbroken is;</al></li><li nr="g."><al>niet wordt voldaan aan de eisen van de
                                    aanwezigheidsvergunning.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Leiding en Toezicht</titel></kop><al>Het is verboden de speelautomatenhal voor het publiek geopend te hebben
                            zonder dat ten minste één van de op de vergunning vermelde personen, in
                            de speelautomatenhal aanwezig is.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Verandering of overlijden van vergunninghouder/ondernemer</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien een vergunninghouder komt te overlijden, vervalt de
                                vergunning van rechtswege, tenzij voortzetting van de exploitatie
                                wordt beoogd door diens algemene rechtsopvolger(s) en deze binnen
                                drie weken na overlijden van de vergunninghouder een verzoek tot
                                wijziging van de vergunning bij de burgemeester heeft (hebben)
                                ingediend.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Zolang op een tijdig ingediend verzoek niet is besloten, is
                                voortzetting van de exploitatie toegestaan, met inachtneming van de
                                voorschriften of beperkingen, verbonden aan de verleende vergunning.
                                Bij overtreding van de voorschriften of beperkingen van de
                                vergunning wordt de speelautomatenhal direct gesloten.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In alle andere gevallen van verandering van ondernemer of
                                vergunninghouder vervalt de vergunning van rechtswege. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Wijziging bedrijfsleider</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien een bedrijfsleider als bedoeld in artikel 1, onder m punt 2,
                                de hoedanigheid van bedrijfsleider heeft verloren, dient de
                                vergunninghouder dit binnen twee weken schriftelijk ter kennis van
                                de burgemeester te brengen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij het optreden van een andere persoon als bedrijfsleider als
                                bedoeld in artikel 1, onder m punt 2, dan op de vergunning staat
                                vermeld, dient de vergunninghouder onder overlegging van de in
                                artikel 3, eerste lid onder e, genoemde bescheiden een verzoek tot
                                wijziging van de vergunning bij de burgemeester in binnen twee weken
                                nadat de in artikel 3, eerste lid onder e, bedoelde verklaring
                                omtrent het gedrag aan hem is verzonden. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Wijziging beheerder</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Indien een beheerder de hoedanigheid als beheeder heeft verloren,
                                dient de vergunninghouder dit binnen vier weken schriftelijk ter
                                kennis van de burgemeester te brengen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Bij het optreden van een andere persoon als beheerder, dan op de
                                vergunning staat vermeld, dient de vergunninghouder onder
                                overlegging van de in artikel 3, onder e, genoemde bescheiden een
                                verzoek tot wijziging van de vergunning bij de burgemeester in
                                binnen twee weken nadat de in artikel 3, onder e bedoelde verklaring
                                omtrent het gedrag aan hem is verzonden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Strafbepaling</titel></kop><al>Overtreding van het bij of krachtens artikel 2, eerste lid en artikel 8
                            van deze verordening bepaalde, wordt gestraft met hechtenis van ten
                            hoogste drie maanden of geldboete van de tweede categorie.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Toezichthouders</titel></kop><al>De opsporing van de in artikel 12 strafbaar gestelde feiten is, behalve
                            aan de in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering genoemde
                            opsporingsambtenaren, opgedragen aan hen die door burgemeester en
                            wethouders met de zorg voor de naleving van deze verordening zijn
                            belast, ieder voor zover het de feiten betreft die in de aanwijzing zijn
                            vermeld. </al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Binnentreden woningen</titel></kop><al>Zij die belast zijn met het toezicht op de naleving of de opsporing van
                            een overtreding van de bij of krachtens deze verordening gegeven
                            voorschriften of beperkingen zijn, onverminderd het bepaalde in de
                            Algemene wet op het binnentreden, bevoegd tot het binnentreden in een
                            woning zonder toestemming van de bewoner.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag, na de dag
                            waarop zij is bekendgemaakt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>Deze verordening wordt aangehaald als: Speelautomatenhalverordening Loon
                            op Zand 2005</al></artikel></regeling-tekst><nota-toelichting><divisie><kop><titel>ARTIKELGEWIJZE TOELICHTING</titel></kop></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr></kop><al>Er wordt hier verwezen naar omschrijvingen van de Wet op de kansspelen
                            en het Speelautomatenbesluit 2000.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr></kop><al>Het motief dat aan het vergunningsvereiste ten grondslag ligt, is de
                            openbare orde in het algemeen, en de leef- en woonsituatie in het
                            bijzonder. Bij de weigeringsgronden wordt hierop nader ingegaan. De
                            bevoegdheid die de raad heeft speelautomatenhallen toe te laten in de
                            gemeente, impliceert ook de bevoegdheid het aantal te beperken. Door de
                            raad is besloten om het aantal speelautomatenhallen waarin
                            kansspelautomaten staan opgesteld, te beperken tot één. Er is geen
                            maximum gesteld aan het aantal speelautomatenhallen waarin uitsluitend
                            behendigheidsautomaten staan opgesteld. Op grond van de Wet op de
                            kansspelen en de Speelautomatenhalverordening Loon op Zand 2005 heeft de
                            burgemeester de bevoegdheid een vergunning te verlenen. De vergunning
                            voor een speelautomatenhal waarin kansspelautomaten staan opgesteld, kan
                            worden verleend voor de periode van maximaal tien jaar. Na deze periode
                            kunnen er door de gewezen vergunninghouder geen rechten worden ontleend
                            aan de van rechtswege vervallen vergunning. Na het vervallen van de
                            vergunning van rechtswege, zal opnieuw een proces tot
                            vergunningverlening worden gestart. Iedere gegadigde krijgt dan weer
                            gelegenheid om in aanmerking te komen voor de opnieuw af te geven
                            vergunning. Daarnaast is bepaald dat de vergunning, behoudens het
                            bepaalde in artikel 9, niet overdraagbaar is. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr></kop><al>Het aangeven van het aantal kansspel- en/of behendigheidsautomaten op de
                            plattegrond, als bedoeld in </al><al>lid 1, onder a, is voorgeschreven in verband met het bepaalde in artikel
                            3 van het Speelautomatenbesluit 2000. Voor het aanwezig hebben van
                            speelautomaten in een speelautomatenhal is een aanwezigheidsvergunning
                            noodzakelijk. Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een
                            aanwezigheidsvergunning zijn leges verschuldigd. De ondernemer kan
                            tevens eigenaar, bedrijfsleider en beheerder zijn, maar het is ook
                            mogelijk dat deze hoedanigheden niet samenvallen. De bescheiden als
                            bedoeld in lid 1. onder e, die moeten worden overgelegd, zijn
                            afhankelijk van de feitelijke situatie.</al><al>De onder c bedoelde verklaring kan bij voorbeeld een huurcontract zijn,
                            waaruit de beschikkingsbevoegdheid blijkt.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr></kop><al>Het uitgangspunt van artikel 4:13 van de Awb is dat in het wettelijk
                            voorschrift de termijn aangegeven wordt waarbinnen de beschikking
                            gegeven dient te worden. Op deze wijze kan worden nagegaan wat voor
                            iedere situatie een goede beslistermijn is. In deze verordening is de
                            beslistermijn vastgesteld op acht weken Dit is gelijk aan de
                            maximumtermijn die in artikel 4:13, tweede lid, wordt gesteld.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr></kop><al>Over het algemeen worden in Algemene Plaatselijke Verordeningen (APV)
                            van gemeenten, openings- en sluitingstijden opgenomen. De gemeente Loon
                            op Zand kent geen openings- en/of sluitingsregime op grond van de
                            Algemene Plaatselijke Verordening (APV) ten aanzien van
                            speelautomatenhallen. Wel is het mogelijk om, met name op grond van de
                            Wet milieubeheer, sluitingstijden op te leggen bij vastgestelde
                            overlast.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr></kop><al>Het bepaalde in het eerste lid, onder a, levert een extra
                            weigeringsgrond op, nu in artikel 2 een maximumstelsel is opgenomen. Het
                            vereiste in het eerste lid, onder b, dient om een speelautomatenhal
                            duidelijk van de openbare weg af voor eenieder herkenbaar te maken.
                            Tevens om te voorkomen dat in een achteraf lokaal van een gebouw, waarin
                            bijvoorbeeld een horecabedrijf wordt uitgeoefend, een speelautomatenhal
                            wordt geëxploiteerd en deze automatenhal uitsluitend via het andere
                            bedrijf bereikbaar zou zijn. Het criterium openbare orde wordt niet
                            opgenomen in de verordening voor de exploitatie van
                            speelautomatenhallen. De wet noemt dit criterium reeds in verband met de
                            weigeringsgronden voor een aanwezigheidsvergunning van speelautomaten.
                            De strekking van de verordening is het afwenden van een ontoelaatbare
                            nadelige beïnvloeding van de leef- en woonsituatie in de naaste omgeving
                            van de hal.</al><al>De jurisprudentie op artikel 30 van de Wet op de kansspelen geeft blijk
                            dat bij de beoordeling van een vergunningaanvraag voor een
                            speelautomatenhal acht mag worden geslagen op de mogelijke gevolgen voor
                            het leefklimaat. In het bepaalde in het tweede lid, onder c, komt tot
                            uiting dat de vergunning kan worden geweigerd, wanneer gevreesd moet
                            worden dat de woon- en leefsituatie door de vestiging van (nog) een hal
                            op ontoelaatbare wijze zullen worden aangetast. Daarbij wordt rekening
                            gehouden met het karakter van de straat, het winkelniveau aldaar en van
                            de wijk waarin de speelautomatenhal is gelegen of zal komen te liggen.
                            In de beoordeling van de aanvragen wordt de spanning waaraan het
                            woonmilieu ter plaatse reeds blootstaat of bloot zal komen te staan,
                            betrokken. Het is ook mogelijk om een vergunning te weigeren, wanneer er
                            sprake is van een op ontoelaatbare wijze aantasten van het karakter van
                            een (deel van) winkelstraat, -centrum. Door de vestiging van een
                            automatenhal zal er sprake (kunnen) zijn van een ontoelaatbaar
                            spanningsveld, waardoor een te grote inbreuk zal kunnen ontstaan op de
                            bestaande functie van de winkelstraat. Onder het tweede lid, onder d, is
                            als weigeringsgrond opgenomen dat er geen sprake mag zijn van strijd met
                            onder meer een geldend bestemmingsplan.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr></kop><al>Met betrekking tot de onder c. genoemde intrekkingsgrond (intrekking in
                            verband met gewijzigde omstandigheden of inzichten), moet worden
                            opgemerkt, dat bij gebruikmaking daarvan de motivering aan zware eisen
                            dient te voldoen. Het betreft immers omstandigheden waarop de betrokken
                            ondernemer doorgaans geen invloed kan uitoefenen. Voorts mag hij er op
                            vertrouwen dat een aan hem verleende vergunning normaal gesproken in
                            stand, blijft temeer gelet op de financiële consequenties. De onder f
                            genoemde onderbreking van de exploitatie voor een periode langer dan de
                            in de bepaling genoemde termijn, behoeft niet in alle gevallen
                            aanleiding te geven om de vergunning in te trekken. </al><al>Gedacht kan bij voorbeeld worden aan verbouwingen die langere tijd
                            blijken te vergen. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr></kop><al>Deze eis is opgenomen, omdat van verantwoorde bedrijfsuitoefening geen
                            sprake kan zijn als niet ten minste één van de op de vergunning vermelde
                            personen aanwezig is, die de verantwoordelijkheid daarvoor draagt.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr></kop><al>Het eerste lid van het onderhavige artikel beoogt aan de erfgenamen bij
                            overlijden van een ondernemer enig respijt te geven om zich te beraden
                            over al dan niet voortzetting van de onderneming. Ingevolge het bepaalde
                            in artikel 2, vijfde lid, is de vergunning niet overdraagbaar en kan een
                            verzoek tot wijziging van de vergunning uitsluitend door de algemene
                            rechtsopvolger(s) die de onderneming voortzet(ten) worden ingediend. In
                            afwachting van het besluit op het verzoek tot wijziging, als bedoeld in
                            het eerste lid, behoeft de bedrijfsuitoefening niet te worden gestaakt,
                            mits de aard van de inrichting en overige omstandigheden ongewijzigd
                            blijven.</al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr></kop><al>Indien een onderneming, de bedrijfsleider(s) verliest, hetzij door
                            overlijden, hetzij door vertrek, behoeft de ondernemer de
                            bedrijfsuitoefening niet te staken, indien binnen de aangegeven termijn
                            een verzoek tot wijziging van de vergunning wordt ingediend. Het
                            verdient aanbeveling schriftelijk mededeling te doen van de constatering
                            dat niet meer wordt voldaan aan de eisen die aan een bedrijfsleider
                            worden gesteld. Daarbij kan er op gewezen worden dat een situatie dreigt
                            waardoor de vergunning kan vervallen. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr></kop><al>Indien een onderneming, de beheerder(s) verliest, hetzij door
                            overlijden, hetzij door vertrek, behoeft de ondernemer de
                            bedrijfsuitoefening niet te staken, indien binnen de aangegeven termijn
                            een verzoek tot wijziging van de vergunning wordt aangevraagd. </al></divisie><divisie><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr></kop><al>In artikel 30 w, tweede lid van de Wet op de kansspelen wordt aan de
                            burgemeester de bevoegdheid toegekend ambtenaren aan te wijzen die met
                            het toezicht op de naleving van de speelautomatenhal-vergunningen worden
                            belast. De in artikel 141 Wetboek van Strafvordering genoemde ambtenaren
                            (politie) hebben een algemene opsporingsbevoegdheid. Ingevolge artikel
                            142 Wetboek van Strafvordering kunnen met de opsporing van strafbare
                            feiten ook zijn belast zij aan wie bij verordening de handhaving of de
                            zorg voor de naleving daarvan is toevertrouwd (buitengewone
                            opsporingsambtenaren).</al></divisie></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>