<?xml version="1.0" encoding="UTF-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91-->
  
  
  
  
  
  
  
  
  <meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR7096_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Parkeerverordening Leeuwarden 2008</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Leeuwarden</dcterms:creator><dcterms:modified>2017-05-17</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Leeuwarden</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Huis aan Huis; 30 januari 2008</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Parkeerverordening Leeuwarden 2008</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">--</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>bestuur en recht</dcterms:subject><dcterms:issued>2007-10-23</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2008-01-31</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2009-12-30</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>art. I en art. II</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>24178/157793</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta>
  
  <body><intitule>
      Parkeerverordening Leeuwarden 2008
    </intitule>
    
    <regeling>
      <aanhef><preambule><al/></preambule></aanhef>
      <regeling-tekst>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling</label>
            <nr>I</nr>
            <titel>Definities en begripsomschrijvingen</titel>
          </kop>
          <structuurtekst>
            <al>Verordening op het gebruik van parkeerplaatsen en de verlening van
                            parkeervergunningen</al>
          </structuurtekst>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>1</nr>
              <titel>Definities en begrippenomschrijving</titel>
            </kop>
            <al>In deze verordening wordt verstaan onder:</al>
            <lijst>
              <li nr="a."><al>
                  <vet>RVV 1990:</vet> het Reglement verkeersregels en
                                    verkeerstekens van 26 juli 1990, Stb. 459;</al></li>
              <li nr="b."><al>
                  <vet>motorvoertuig:</vet> hetgeen daaronder wordt verstaan in
                                    het RVV 1990;</al></li>
              <li nr="c."><al>
                  <vet>bewoner:</vet> degene die daadwerkelijk woonachtig is in de
                                    binnenstad of schilgebied, blijkens inschrijving in de
                                    gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens;</al></li>
              <li nr="d."><al>
                  <vet> voertuig:</vet> hetgeen daaronder wordt verstaan in het
                                    Wegenverkeersreglement (Stb. 1950, K377), met dien verstande dat
                                    fietsen en bromfietsen niet als voertuigen worden
                                    beschouwd;</al></li>
              <li nr="e."><al>
                  <vet>parkeren:</vet> het gedurende een aaneengesloten periode
                                    doen of laten staan van een voertuig, anders dan gedurende de
                                    tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk
                                    in- of uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of
                                    lossen van goederen, op binnen de gemeente gelegen voor het
                                    openbaar verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop
                                    dit doen of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift
                                    is verboden;</al></li>
              <li nr="f."><al>
                  <vet>houder:</vet> degene die naar de omstandigheden als houder
                                    van een voertuig moet worden beschouwd, met dien verstande dat
                                    voor een voertuig dat is ingeschreven in het krachtens de
                                    Wegenverkeerswet (Stb. 1935, 554) aangehouden register van
                                    opgegeven kentekens als houder wordt aangemerkt</al><lijst>
                  <li nr="1."><al>degene op wiens naam het voor het voertuig opgegeven
                                            kenteken ten tijde van het parkeren in het register van
                                            de rijksdienst voor het wegverkeer (RDW) was
                                            ingeschreven, of</al></li>
                  <li nr="2."><al>degene die het motorvoertuig op grond van een contract
                                            van huurkoop of vruchtgebruik (lease) onder zich
                                            heeft;</al></li>
                </lijst></li>
              <li nr="g."><al>
                  <vet>parkeerapparatuur:</vet> parkeermeters, parkeerautomaten
                                    met inbegrip van verzamelparkeermeters, centrale computer voor
                                    het verlenen van diensten op het gebied van telefonische
                                    betaling bestemd voor de registratie van parkeerbewegingen en
                                    hetgeen naar maatschappelijke opvatting overigens onder
                                    parkeerapparatuur wordt verstaan;</al></li>
              <li nr="h."><al>
                  <vet>parkeerapparatuurplaats:</vet> een parkeerplaats behorende
                                    bij parkeerapparatuur;</al></li>
              <li nr="i."><al>
                  <vet>vergunninghoudersplaats:</vet> een parkeerplaats die</al><lijst>
                  <li nr="1."><al>is aangeduid met bord E9 uit bijlage I van het RVV 1990,
                                            of </al></li>
                  <li nr="2."><al>gelegen is binnen een zone aangeduid met bord E9 uit
                                            bijlage I van het RVV 1990 met het opschrift zone, voor
                                            zover deze plaats niet is uitgezonderd;</al></li>
                </lijst></li>
              <li nr="j."><al>
                  <vet>parkeervergunning: </vet>een door burgemeester en
                                    wethouders verleende vergunning, krachtens welke het is
                                    toegestaan een voertuig te parkeren op daartoe aangewezen
                                    parkeerapparatuur- of belanghebbendenplaatsen;</al></li>
              <li nr="k."><al>
                  <vet>parkeerpas: </vet>transponderkaart met daarop digitaal de
                                    gegevens over de vergunninghouder en de geldigheid van de
                                    parkeervergunning;</al></li>
              <li nr="l."><al>
                  <vet>vergunninghouder:</vet> de natuurlijke of rechtspersoon aan
                                    wie een parkeervergunning is verleend;</al></li>
              <li nr="m."><al>
                  <vet>parkeerplaats:</vet> plaats, juridisch, feitelijk of
                                    planologisch bestemd of bedoeld om motorvoertuigen te stallen,
                                    gelegen buiten de openbare weg en niet voor het openbaar verkeer
                                    openstaand of toegankelijk;</al></li>
              <li nr="n."><al>
                  <vet>zone:</vet> een gebied voor uitgifte van parkeerbewijzen
                                    zoals gedefinieerd in het parkeerbeleidsplan “Evenwicht in
                                    parkeren”, alleen voor zover er sprake is van
                                    belanghebbendenplaatsen of parkeerapparatuurplaatsen;</al></li>
              <li nr="o."><al>
                  <vet>binnenstad:</vet> het totaal van de zones zoals
                                    gedefinieerd in het parkeerbeleidsplan “Evenwicht in parkeren”,
                                    alleen voor zover er sprake is van belanghebbendenplaatsen of
                                    mede door vergunninghouders te gebruiken
                                    parkeerapparatuurplaatsen;</al></li>
              <li nr="p."><al>
                  <vet>blauwe zone gebied:</vet> het gebied buiten het binnenstad,
                                    voor zover er sprake is van daadwerkelijke parkeerregulering
                                    middels een parkeerschijfzone;</al></li>
              <li nr="q."><al>
                  <vet>vergunningenplafond:</vet> aantal bewoners- en
                                    bedrijfsvergunningen dat maximaal wordt verleend binnen een
                                    zone;</al></li>
              <li nr="r."><al>
                  <vet>parkeerontheffing: </vet>een door burgemeester en
                                    wethouders verleende ontheffing, krachtens welke het is
                                    toegestaan een voertuig te parkeren op daartoe aangewezen
                                    parkeerapparatuur- of belanghebbendenplaatsen, maar ook buiten
                                    de parkeervakken;</al></li>
              <li nr="s."><al>
                  <vet>ontheffinghouder: </vet>de natuurlijke of rechtspersoon aan
                                    wie een parkeervergunning is verleend</al></li>
              <li nr="t."><al>
                  <vet>bedrijf of beroep</vet>: beroepen of bedrijven worden
                                    beschouwd als één beroep of één bedrijf, en derhalve als één
                                    aanvrager, wanneer zij op hetzelfde adres gevestigd zijn.
                                    Hiervan wordt alleen afgeweken indien kan worden aangetoond dat
                                    materieel sprake is van meerdere zelfstandige beroepen of
                                    bedrijven. Hiervan worden bewijsstukken verlangd. Onder meer de
                                    volgende criteria worden hierbij gehanteerd:</al><lijst>
                  <li nr="-"><al>staat de beroepsuitoefenaar of het bedrijf, met
                                            vermelding van het uitgeoefende beroep of bedrijf,
                                            zelfstandig ingeschreven op het adres in het
                                            Handelsregister van de Kamer van Koophandel, het
                                            Register voor Verenigingen ofStichtingen, of een
                                            beroepsvereniging;</al></li>
                  <li nr="-"><al>heeft de beroepsuitoefenaar of het bedrijf een
                                            zelfstandig huur- of koopcontract ter zake van het
                                            betreffende adres;</al></li>
                  <li nr="-"><al>hebben de beroepsuitoefenaren of bedrijven elk
                                            verschillende werknemers;</al></li>
                  <li nr="-"><al>hebben de beroepsuitoefenaren of bedrijven verschillende
                                            bestuurders of directeuren;</al></li>
                  <li nr="-"><al>hanteren de beroepsuitoefenaren of bedrijven elk een
                                            eigen doelstelling, naam, telefoonnummmer en
                                            briefhoofd;</al></li>
                  <li nr="-"><al>worden de beroepen of bedrijven uitgeoefend in
                                            verschillende branches.</al></li>
                </lijst></li>
              <li nr="u."><al>
                  <vet>‘mobiele gereedschapkist’: </vet>(bedrijfs)auto waarin
                                    gereedschap zit waarmee gewerkt moet worden, wat zonder
                                    (bedrijfs) auto niet (gemakkelijk) mee te nemen is door het
                                    aantal, het formaat of het gewicht;</al></li>
              <li nr="v."><al>
                  <vet>parkeerplaats op eigen terrein</vet>: dit betreft een
                                    parkeerplaats (op een eigen terrein of in een garage)</al><lijst>
                  <li nr="-"><al>waarover de aanvrager kan beschikken (op grond van
                                            eigendom, erfpacht, huur, ingebruikgeving en dergelijke,
                                            of</al></li>
                  <li nr="-"><al>welke de aanvrager kan huren in een garage of op een
                                            open perceel grond welke ( volgens een raadsbesluit, een
                                            bouwvergunning, een erfpachts- of splitsingsakte, of een
                                            huur- of koopovereenkomst) bestemd is voor de woning of
                                            het bedrijfpand van de aanvrager.</al></li>
                </lijst></li>
            </lijst>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling</label>
            <nr>II</nr>
            <titel>Plaatsen voor vergunninghouders, vergunningen en
                            vergunningbewijzen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>2</nr>
              <titel>Aanwijzingsbesluit</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Burgemeester en wethouders kunnen, bij openbaar te maken besluit
                                weggedeelten aanwijzen die bestemd zijn voor het parkeren door
                                vergunninghouders, voor zover parkeren op deze weggedeeltes niet
                                ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden;</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Burgemeester en wethouders kunnen, bij openbaar te maken besluit, de
                                tijdstippen en wijze vaststellen waarop het parkeren aan
                                vergunninghouders is toegestaan.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>3</nr>
              <titel>Vergunningverlening</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Burgemeester en wethouders kunnen, met inachtneming van het bepaalde
                                in de volgende leden van dit artikel, regels geven voor het
                                aanvragen en verlenen van een parkeervergunning.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Burgemeester en wethouders beslissen binnen twee maanden na
                                ontvangst van een volledig ingevulde en van de benodigde bijlagen
                                voorziene aanvraag voor een parkeervergunning.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Burgemeester en wethouders kunnen de in het tweede lid genoemde
                                termijn met ten hoogste twee maanden verlengen. Van een verlenging
                                van deze termijn wordt de aanvrager schriftelijk in kennis
                                gesteld.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>Het besluit op de aanvraag wordt met opgaaf van redenen kenbaar
                                gemaakt aan de aanvrager. Indien de aanvraag wordt toegewezen, wordt
                                besloten of daadwerkelijk tot het verlenen van de parkeervergunning
                                kan worden overgegaan dan wel of de aanvrager op een wachtlijst als
                                omschreven in artikel 5 wordt geplaatst;</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>5.</lidnr>
              <al>Tegen een besluit tot het toekennen, wijzigen, intrekken of
                                beëindigen van een parkeervergunning of een besluit tot het plaatsen
                                op een wachtlijst kan op de in de algemene wet bestuursrecht
                                voorgeschreven wijze bezwaar worden gemaakt.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>4</nr>
              <titel>Parkeervergunning</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Burgemeester en wethouders kunnen op een daartoe strekkend verzoek
                                een parkeervergunning verlenen voor het parkeren op
                                belanghebbendenplaatsen of parkeerapparatuurplaatsen.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>De parkeervergunning is geldig voor het parkeren met een voertuig op
                                één belanghebbendenplaats of parkeerapparatuurplaats tegelijk.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Burgemeester en wethouders kunnen in een gebied waar
                                belanghebbendenplaatsen en/of mede door vergunninghouders te
                                gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig zijn, uitsluitend de
                                volgende parkeervergunningen verlenen:</al>
              <lijst>
                <li nr="a."><al>vergunning voor de bewoner in een zone;</al></li>
                <li nr="b."><al>vergunning voor diegene die een beroep of bedrijf uitoefent
                                        in een zone;</al></li>
                <li nr="c."><al>vergunning voor diegene die een beroep of bedrijf uitoefent
                                        in het gehele binnenstad al dan niet aangevuld met het
                                        schilgebied;</al></li>
                <li nr="d."><al>vergunning voor tijdelijk gebruik;</al></li>
                <li nr="e."><al>parkeerontheffing;</al></li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>Met betrekking tot het bepaalde in de artikelen 5 en 7 kunnen
                                burgemeester en wethouders in het belang van een goede verdeling van
                                de beschikbare ruimte per zone waar parkeerapparatuur- en/of
                                vergunninghoudersparkeerplaatsen aanwezig zijn nadere voorschriften
                                en beperkingen verbinden, zoals ten aanzien van:</al>
              <lijst>
                <li nr="a."><al>het aanvragen en verstrekken van de soort
                                        parkeervergunning;</al></li>
                <li nr="b."><al>het maximale aantal te verlenen parkeervergunningen;</al></li>
                <li nr="c."><al>het zone waarvoor de parkeervergunning geldt en het
                                        toewijzen van specifieke weggedeelten voor parkeren;</al></li>
                <li nr="d."><al>de tijdstippen waarop de parkeervergunning van kracht
                                        is;</al></li>
                <li nr="e."><al>de te gebruiken parkeerplaatsen.</al></li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>5.</lidnr>
              <al>Een parkeervergunning wordt steeds stilzwijgend verlengd voor een
                                periode van een jaar, zolang voldaan is aan de voorwaarden gesteld
                                bij of krachtens deze verordening.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>6.</lidnr>
              <al>Het opzeggen van een parkeervergunning: het opzeggen van een
                                parkeervergunning dient schriftelijk te gebeuren</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>4A</nr>
              <titel>Parkeervergunning bewoner</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Een parkeervergunning zoals bedoeld in artikel 4, derde lid,
                                onderdeel a, kan worden verleend aan de eigenaar of houder van een
                                motorvoertuig, die als bewoner in de gemeentelijke
                                basisadministratie persoonsgegevens op een adres staat ingeschreven
                                en van wie het adres een zelfstandige woning betreft, gelegen binnen
                                het gebied waar vergunninghoudersparkeerplaatsen en/of mede door
                                vergunninghouders te gebruiken parkeerapparatuurplaatsen aanwezig
                                zijn.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Er worden maximaal 2 parkeervergunningen per zelfstandige woning
                                verleend voor de zone waarbinnen de woning gelegen is minus de eigen
                                parkeerplaats(en).</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Indien een aanvrager over een stallingsplaats beschikt welke hij (om
                                welke reden dan ook) aan een derde ter beschikking heeft gesteld,
                                wordt deze stallingsplaats voor de aanvrager als stallingsplaats
                                meegeteld. Indien het besluit tot invoering van betaald parkeren in
                                een bepaald gebied in werking is getreden, wordt een stallingsplaats
                                die door een aanvrager aan een derde ter beschikking is gesteld
                                voordat deze inwerkingtreding heeft plaatsgevonden, gedurende een
                                periode van 12 maanden na deze inwerkingtreding, niet als
                                stallingsplaats beschouwd. De aanvrager dient in dit bovengenoemde
                                geval door middel van en huur- of ingebruikgevingsovereenkomst aan
                                te tonen dat hij niet over de stallingsplaats kan beschikken en dat
                                hij de stallingsplaats aan een derde ter beschikking heeft gesteld.
                            </al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>4B</nr>
              <titel>Parkeervergunning bedrijven eigen zone</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Een parkeervergunning zoals bedoeld in artikel 4, derde lid,
                                onderdeel b, kan worden verleend aan de eigenaar of houder van een
                                motorvoertuig, wanneer deze een beroep of bedrijf uitoefent welke
                                gevestigd is in het binnenstad, en aantoont dat het in het belang
                                van diens beroeps- of bedrijfsuitoefening noodzakelijk is een
                                motorvoertuig te parkeren, binnen een gebied waar parkeerapparatuur
                                en/of vergunninghoudersplaatsen aanwezig zijn.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>De parkeervergunning wordt op kenteken verstrekt.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Vergunningen worden alleen verstrekt voor de zone waarbinnen het
                                bedrijf gevestigd is.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>Er worden maximaal 2 parkeervergunningen per bedrijf verleend voor
                                de zone waarbinnen het bedrijf gelegen is, minus de eigen
                                parkeerplaats(en).</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>5.</lidnr>
              <al>Indien een bedrijf, in aanvulling op de maximaal twee
                                bedrijfsvergunningen eigen gebied, parkeervergunningen aanvraagt
                                voor een parkeergarage (of voor zone 6 op het parkeerterrein
                                Fonteinland/Catsplein, in zone 7 op het Sixmaterrein en in zone 8 op
                                het parkeerterrein Oosterbuurt, alleen voor bedrijven binnen deze
                                zone gevestigd) geldt dat maximaal 10 parkeervergunningen verstrekt
                                worden voor de eerste 10 beroepsbeoefenaars, minus het aantal
                                verstrekte parkeervergunningen op straat. Vanaf de 10<sup>de</sup>
                                beroepsbeoefenaar wordt maximaal 1 parkeervergunning per 10
                                beroepsbeoefenaars verstrekt.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>6.</lidnr>
              <al>Indien een aanvrager over een stallingsplaats beschikt welke hij (om
                                welke reden dan ook) aan een derde ter beschikking heeft gesteld,
                                wordt deze stallingsplaats voor de aanvrager als stallingsplaats
                                meegeteld. Indien het besluit tot invoering van betaald parkeren in
                                een bepaald gebied in werking is getreden, wordt een stallingsplaats
                                die door een aanvrager aan een derde ter beschikking is gesteld
                                voordat deze inwerkingtreding heeft plaatsgevonden, gedurende een
                                periode van 12 maanden na deze inwerkingtreding, niet als
                                stallingsplaats beschouwd. De aanvrager dient in dit bovengenoemde
                                geval door middel van en huur- of ingebruikgevingsovereenkomst aan
                                te tonen dat hij niet over de stallingsplaats kan beschikken en dat
                                hij de stallingsplaats aan een derde ter beschikking heeft gesteld.
                            </al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>7.</lidnr>
              <al>De (kenteken-)houder van een voertuig, wiens woonadres gelijk is aan
                                het vestigingsadres van zijn bedrijf en/of beroep verkrijgt, wat
                                betreft de eerste aangevraagde parkeervergunning, een
                                bewonersvergunning. Bij de aanvraag voor de tweede parkeervergunning
                                worden de criteria voor bedrijvenvergunningen gehanteerd. </al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>4C</nr>
              <titel>Parkeervergunning bedrijven binnenstad (+ schilgebied)</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Een parkeervergunning zoals bedoeld in artikel 4, derde lid,
                                onderdeel c, kan worden verleend aan de eigenaar of houder van een
                                motorvoertuig, wanneer deze een beroep of bedrijf uitoefent in het
                                binnenstad, en aantoont dat het in het belang van diens beroeps- of
                                bedrijfsuitoefening noodzakelijk is een motorvoertuig dicht bij de
                                werkplek te parkeren.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Deze parkeervergunning is alleen verkrijgbaar voor de zogenaamde
                                ‘mobiele gereedschapkisten’.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Per bedrijf worden maximaal 10 parkeervergunningen verstrekt voor de
                                eerste 10 beroepsbeoefenaars. Vanaf de 10<sup>de</sup>
                                beroepsbeoefenaar wordt maximaal 1 parkeervergunning per 10
                                beroepsbeoefenaars verstrekt.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>De parkeervergunning wordt op kenteken verstrekt.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>4D</nr>
              <titel>Parkeervergunning voor tijdelijk gebruik</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Een parkeervergunning zoals bedoeld in artikel 4, derde lid,
                                onderdeel d, kan worden verleend aan een eigenaar of houder van een
                                motorvoertuig, wanneer deze in verband met de uitoefening van zijn
                                beroep of bedrijf, aangewezen is op gebruikmaking van zijn
                                motorvoertuig;</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>De maximale parkeerduur betreft één maand.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>5</nr>
              <titel>Parkeerontheffing</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Een parkeerontheffing zoals bedoeld in artikel 4, derde lid,
                                onderdeel e, kan worden verleend aan de eigenaar of houder van een
                                motorvoertuig, wanneer deze aantoont als beroepsbeoefenaar
                                spoedeisende werkzaamheden te hebben en praktiserend te zijn in de
                                gemeente Leeuwarden. Dit zijn bedrijven die bijvoorbeeld vallen in
                                de categorien NUTS-bedrijven, installatiebedrijven of
                                beveiligingsbedrijven </al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Een parkeerontheffing kan tijdelijk worden verleend aan een bedrijf
                                wanneer voldaan wordt aan de voorwaarden, maar maximaal voor één
                                jaar.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>6</nr>
              <titel>Wachtlijst</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Burgemeester en wethouders stellen vast op welke wijze het aantal
                                uit te geven parkeervergunningen voor zones als bedoeld in artikel 2
                                wordt bepaald.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Indien een parkeervergunning is geweigerd op grond van het feit dat
                                het vergunningenplafond van het betrokken zone is bereikt, wordt de
                                aanvrager op een wachtlijst geplaatst. De aanvrager zal van dit
                                besluit in kennis worden gesteld</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>De volgorde waarin de aanvrager op de wachtlijst wordt geplaatst is
                                de volgorde van ontvangst van de volledige aanvraag.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>De aanvrager wordt met kennisgeving aan de aanvrager van de
                                wachtlijst verwijderd indien:</al>
              <lijst>
                <li nr="a."><al>de aanvrager daarom verzoekt;</al></li>
                <li nr="b."><al>de aanvrager een parkeervergunning kan worden toegekend,
                                        waarvoor hij op de wachtlijst stond;</al></li>
                <li nr="c."><al>blijkt dat bij de aanvraag van de parkeervergunning onjuiste
                                        of onvolledige gegevens zijn verstrekt en de verstrekking
                                        van de juiste of volledige gegevens niet tot plaatsing op de
                                        wachtlijst zou hebben geleid;</al></li>
                <li nr="d."><al>niet meer voldaan wordt aan de voorwaarden voor de
                                        aangevraagde parkeervergunning gesteld bij of krachtens deze
                                        verordening;</al></li>
              </lijst>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>7</nr>
              <titel>Wijzigingen</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Wijziging van het voertuig of van het kenteken van het voertuig, van
                                (bedrijfs-)naam of adres van vergunninghouder dienen onmiddellijk
                                via het gemeentelijk (digitale) loket dan wel schriftelijk aan
                                burgemeester en wethouders te worden doorgegeven;</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>De vergunninghouder is verplicht overige wijzigingen in de
                                omstandigheden die relevant zijn voor het verlenen van een
                                parkeervergunning onmiddellijk schriftelijk en aangetekend aan
                                burgemeester en wethouders kenbaar te maken.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>8</nr>
              <titel>Intrekken of wijzigen parkeervergunning</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Burgemeester en wethouders kunnen een parkeervergunning intrekken of
                                wijzigen:</al>
              <lijst>
                <li nr="a."><al>op verzoek van de vergunninghouder;</al></li>
                <li nr="b."><al>wanneer de vergunninghouder de zone, waarvoor de
                                        parkeervergunning is verleend, metterwoon verlaat of het
                                        daar uitgeoefende beroep of bedrijf beëindigt;</al></li>
                <li nr="c."><al>wanneer er zich een wijziging voordoet in een van de
                                        omstandigheden die relevant waren voor het verlenen van de
                                        parkeervergunning;</al></li>
                <li nr="d."><al>wanneer voor het desbetreffende zone het stelsel van
                                        parkeervergunningen komt te vervallen of wordt
                                        gewijzigd;</al></li>
                <li nr="e."><al>wanneer de vergunninghouder handelt in strijd met de aan de
                                        parkeervergunning verbonden voorschriften;</al></li>
                <li nr="f."><al>wanneer blijkt dat bij de aanvraag van de parkeervergunning
                                        onjuiste gegevens zijn verstrekt;</al></li>
                <li nr="g."><al>om reden van openbaar belang;</al></li>
                <li nr="h."><al>op een adres meer dan één bewonersvergunningen zijn verleend
                                        en het vergunningenplafond binnen het betreffende zone
                                        inmiddels is bereikt.</al></li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Een besluit tot het intrekken, beëindigen of wijzigen van een
                                parkeervergunning is met redenen omkleed. De betrokkene wordt van
                                het intrekken, beëindigen of wijzigen van de parkeervergunning
                                schriftelijk in kennis gesteld.</al>
            </lid>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling</label>
            <nr>III</nr>
            <titel>Voorschriften, Verbodsbepalingen en Ontheffingen</titel>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>9</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Aan de in artikel 4 en 5 genoemde parkeervergunningen kunnen
                                beperkende voorschriften worden verbonden voor zowel de te gebruiken
                                parkeerplaatsen als voor de tijdstippen waarop de
                                parkeervergunningen van kracht zijn. Burgemeester en wethouders
                                kunnen aan de in artikel 4 en 5 genoemde parkeervergunningen ook
                                andere voorschriften verbinden. Deze voorschriften mogen alleen
                                strekken tot bescherming van het belang van een eerlijke verdeling
                                van de beschikbare parkeerruimte</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Op het moment dat voor de verleende parkeervergunning de
                                verschuldigde parkeerbelasting is voldaan, ontvangt de aanvrager de
                                pakeerpas, met daarop de van toepassing zijnde gegevens.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>De parkeervergunning is uitsluitend geldig als de bijbehorende
                                parkeerpas op de juiste wijze gebruikt wordt. </al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>4.</lidnr>
              <al>In uitzondering op artikel 9, lid 2 gaat voor de parkeervergunning
                                voor incidenteel gebruik zoals bedoeld in artikel 4, lid 3 sub d, in
                                op het moment dat deze aangemeld is, bij de centrale computer, van
                                het bedrijf waarmee de gemeente Leeuwarden een overeenkomst heeft
                                gesloten, voor het verlenen van diensten op het gebied van betaling
                                bestemd voor de registratie van parkeerbewegingen</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>5.</lidnr>
              <al>Bij het parkeren van een voertuig op de in de parkeervergunning
                                aangegeven plaats en wijze dient de parkeerpas rechtsonder
                                (passagierskant) achter de voorruit van het voertuig te zijn
                                aangebracht.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>6.</lidnr>
              <al>Indien één of meerdere van de in het eerste tot en met vijfde lid
                                bedoelde voorschriften niet worden nageleefd, is er geen sprake van
                                parkeren met geldige parkeervergunning.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>7.</lidnr>
              <al>Het is verboden om enig voorwerp, niet zijnde een voertuig te
                                plaatsen of te laten staan:</al>
              <lijst>
                <li nr="a."><al>op een parkeerapparatuurplaats;</al></li>
                <li nr="b."><al>op een belanghebbendenplaats.</al></li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>8.</lidnr>
              <al>Het is verboden een fiets, een bromfiets of enig ander voorwerp op
                                zodanige wijze tegen of bij parkeerapparatuur te plaatsen of te
                                laten staan, waardoor normaal gebruik van de parkeerapparatuur wordt
                                belemmerd of verhinderd.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>9.</lidnr>
              <al>Het is verboden om de parkeerpas, al dan niet tegen betaling,
                                oneigenlijk te (laten) gebruiken, te (laten) kopiëren, na te
                                tekenen, dan wel op enige andere wijze te (laten) reproduceren of om
                                eigenmachtig wijzigingen aan te brengen. </al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>10.</lidnr>
              <al>Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het
                                bepaalde in het zesde lid van dit artikel.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>10</nr>
            </kop>
            <al>Het is verboden parkeerapparatuur op andere wijze of met andere
                            middelen, dan wel met andere munten dan die welke in de kennisgeving op
                            of bij de parkeerapparatuur staan aangegeven, in werking te
                            stellen.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>11</nr>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Het is verboden gedurende de tijden waarop het parkeren op een
                                belanghebbendenplaats slechts aan vergunninghouders is toegestaan
                                aldaar een voertuig te parkeren of geparkeerd te houden:</al>
              <lijst>
                <li nr="a"><al>zonder parkeervergunning;</al></li>
                <li nr="b"><al>zonder dat het voertuig duidelijk zichtbaar rechtsonder
                                        (passagierskant) achter de voorruit is voorzien van de
                                        parkeerpas;</al></li>
                <li nr="c"><al>in strijd is met de aan de parkeervergunning verbonden
                                        voorwaarden.</al></li>
              </lijst>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Burgemeester en wethouders kunnen ontheffing verlenen van het
                                bepaalde in het eerste lid.</al>
            </lid>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling</label>
            <nr>IV</nr>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>12</nr>
              <titel>Strafbepaling en sancties</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Overtreding van het bepaalde in afdeling III van deze verordening
                                wordt gestraft met hechtenis van ten hoogste twee maanden of
                                geldboete van de eerste categorie.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>Indien de vergunninghouder fraudeert met zijn parkeervergunning
                                wordt de vergunninghouder een jaar uitgesloten van het verkrijgen
                                van een parkeervergunning. Na dit jaar kan opnieuw een aanvraag
                                worden ingediend.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Met de opsporing van overtredingen van deze verordening zijn,
                                behalve de in artikel 141 van het Wetboek van Strafvordering
                                genoemde opsporingsambtenaren, de door burgemeester en wethouders
                                aangewezen ambtenaren belast.</al>
            </lid>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>13</nr>
              <titel>Hardheidsclausule</titel>
            </kop>
            <al>Burgemeester en wethouders kunnen ten gunste van de aanvrager het bij of
                            krachtens deze verordening bepaalde buiten toepassing laten of daarvan
                            afwijken, voor zover van toepassing gelet op het belang dat deze
                            regeling beoogt te beschermen zal leiden tot een onbillijkheid van
                            overwegende aard.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>14</nr>
              <titel>Diefstal, verlies of vermissing</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>In geval van verlies of vermissing van een parkeerpas kan een
                                duplicaat parkeerpas verkregen worden.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>In geval van diefstal van een parkeerpas wordt slechts een duplicaat
                                verstrekt indien van de diefstal aangifte is gedaan bij de politie
                                en tegen overlegging van het proces-verbaal.</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Alle kosten verbonden aan de uitgifte van duplicaten komen voor
                                rekening van de vergunninghouder.</al>
            </lid>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
        <hoofdstuk>
          <kop>
            <label>Afdeling</label>
            <nr>V</nr>
          </kop>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>15</nr>
              <titel>Citeertitel</titel>
            </kop>
            <al>Deze verordening kan worden aangehaald als: “Parkeerverordening
                            Leeuwarden 2008”.</al>
          </artikel>
          <artikel>
            <kop>
              <label>Artikel</label>
              <nr>16</nr>
              <titel>Inwerkingtreding</titel>
            </kop>
            <lid>
              <lidnr>1.</lidnr>
              <al>Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na
                                die van bekendmaking;</al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>2.</lidnr>
              <al>De "Parkeerverordening Leeuwarden 2005", vastgesteld bij
                                raadsbesluit van 13 oktober 2004, laatst gewijzigd 18 december 2006,
                                vervalt met de inwerkingtreding van deze verordening; </al>
            </lid>
            <lid>
              <lidnr>3.</lidnr>
              <al>Vergunningen welke zijn verleend voor de inwerkingtreding van deze
                                verordening worden geacht te zijn verleend krachtens deze
                                verordening.</al>
            </lid>
          </artikel>
        </hoofdstuk>
      </regeling-tekst>
      <regeling-sluiting>
        <slotformulering>
          <al>Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van</al>
        </slotformulering>
        <ondertekening>voorzitter</ondertekening>
        <ondertekening>griffier</ondertekening>
      </regeling-sluiting>
    </regeling>
  </body>
</cvdr>