<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR70818_1</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening regelende de instelling, de taken, de bevoegdheden, de samenstelling en de werkwijze van de bestuurscommissie primair onderwijs, alsmede de verhouding van de bestuurscommissie ten opzichte van de gemeenteraad en het College van Burgemeester en Wethouders</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Lochem</dcterms:creator><dcterms:modified>2005-02-10</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Lochem</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Extra Nieuws, 02-02-2005</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening bestuurscommissie openbaar primair onderwijs</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="jci1.3:c:BWBR0005416">Gemeentewet, art. 83 en 156</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="jci1.3:c:BWBR0003420">Wet o het primair onderwijs</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>onderwijs</dcterms:subject><dcterms:issued>2005-01-31</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2005-02-10</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:terugwerkendekrachtDatum>2005-01-01</overheidrg:terugwerkendekrachtDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2019-07-15</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Nieuwe regeling</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>2005-00065</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>Geen</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening regelende de instelling, de taken, de bevoegdheden, de samenstelling en de werkwijze van de bestuurscommissie primair onderwijs, alsmede de verhouding van de bestuurscommissie ten opzichte van de gemeenteraad en het College van Burgemeester en Wethouders</intitule><regeling><aanhef><preambule><al>De raad van de gemeente Lochem;</al><al/><al>Gelet op de kaderstellende nota van de gemeenteraad d.d. 31 januari 2005
                        over de overdracht van het bestuur van het openbaar primair onderwijs
                        van de gemeente Lochem aan een in te stellen bestuurscommissie ex.
                        artikel 83 van de Gemeentewet;</al><al/><al>gezien het advies van de Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad;</al><al>overwegende, dat het gewenst is het bestuur van de openbare scholen voor
                        primair onderwijs in de gemeente Lochem over te dragen aan een
                        bestuurscommissie;</al><al/><al>gelet op artikel 83 en 156 van de Gemeentewet;</al><al/><al>gelet op de Wet op het Primair Onderwijs;</al><al/><al>B E S L U I T:</al><al/><al>vast te stellen de volgende verordening:</al><al/><al><vet>VERORDENING regelende de instelling, de taken, de bevoegdheden, de
                        samenstelling en de werkwijze van de bestuurscommissie primair
                        onderwijs, alsmede de verhouding van de bestuurscommissie ten
                        opzichte van de gemeenteraad en het College van Burgemeester en
                        Wethouders.</vet></al></preambule></aanhef><regeling-tekst><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsbepalingen</titel></kop><al>Raad: de gemeenteraad van de gemeente Lochem;</al><al>College: het College van Burgemeester en Wethouders van de gemeente
                            Lochem;</al><al>Commissie: de bij deze verordening ingestelde commissie ex artikel 83
                            van de Gemeentewet zijnde het bevoegde bestuursorgaan in de zin van de
                            Algemene wet bestuursrecht;</al><al>School: een openbare school in de zin van de Wet op het Primair
                            Onderwijs;</al><al>Directie: degene(n), die als (algemeen) directeur van de school (is)
                            zijn benoemd;</al><al>Organisatie voor bestuursondersteuning: de organisatie die de personele
                            en/of financiële administratie, alsmede evt. de bestuur- en
                            managementondersteuning van de openbare scholen in de gemeente
                            verzorgt;</al><al>Ouders: de ouders, voogden en verzorgers van de leerlingen die zijn
                            ingeschreven op een school;</al><al>Wet: de Wet op het Primair Onderwijs;</al><al>Medezeggenschapsraad: de medezeggenschapsraad als bedoeld in artikel 3
                            van de Wet Medezeggenschap Onderwijs;</al><al>Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad: De gemeenschappelijke
                            medezeggenschapsraad als bedoeld in artikel 28 van de Wet
                            Medezeggenschap Onderwijs;</al><al>DGO: Decentraal Georganiseerd Overleg.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>Doel en middelen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie heeft ten doel het geven van openbaar primair onderwijs
                                aan de scholen die onder haar gezag vallen, overeenkomstig de
                                beginselen van het openbaar primair onderwijs.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Om dit doel te verwezenlijken kan de commissie gebruik maken van
                                alle middelen die daaraan dienstbaar zijn.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie behartigt de belangen van het openbaar primair
                                onderwijs in de gemeente Lochem.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Taken en bevoegdheden</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie heeft, met inachtneming van het bepaalde in artikel 156
                                van de Gemeentewet, alle bevoegdheden die bij of krachtens de wet
                                aan het bevoegd gezag van de school zijntoegekend,
                                voorzover daarvan niet in deze verordening is afgeweken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie heeft voor de indiening van een verzoek tot omzetting,
                                splitsing en/of verplaatsing, alsmede de opheffing van
                                voorzieningen, de voorafgaande instemming van de raad nodig.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie is bevoegd tot het aangaan van overeenkomsten tot
                                verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De commissie is bevoegd tot het geven van betalingsopdrachten.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De voorzitter en secretaris tekenen alle stukken die van de
                                commissie uitgaan. </al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Er is een directiestatuut dat de taken en bevoegdheden van de
                                directie regelt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>Samenstelling commissie</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie bestaat uit 5 leden.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het College benoemt:</al><lijst><li nr="a."><al>1 lid op voordracht van de oudergeleding van de
                                        Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad van het openbaar
                                        primair onderwijs uit de gemeente Lochem;</al></li><li nr="b."><al>1 lid op voordracht van de personeelsgeleding van de
                                        Gemeenschappelijke Medezeggenschapsraad van het openbaar
                                        primair onderwijs uit de gemeente Lochem;</al></li><li nr="c."><al>3 leden op voordracht van de commissie.</al></li></lijst></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De commissie stelt bij reglement een procedure vast voor de
                                voordracht als bedoeld in het voorgaande lid en zendt dit reglement
                                ter kennisgeving aan het College; de voordracht voor de eerste
                                samenstelling van de commissie is in artikel 25 Overgangs- en
                                slotbepalingen onder lid 1 opgenomen.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De leden van de commissie onderschrijvende wezenskenmerken
                                van het openbaar onderwijs.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>De commissie kan zich in zijn vergaderingen door deskundigen met een
                                adviserende stem laten bijstaan.</al></lid><lid><lidnr>6.</lidnr><al>Indien in de commissie, om welke reden dan ook, een of meer
                                commissieleden ontbreken, dan vormen de overblijvende commissieleden
                                niettemin een commissie in de zin van deze verordening.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>Onverenigbare functies en verboden handelingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Het lidmaatschap van de commissie is onverenigbaar met:</al><lijst><li nr="a."><al>het lidmaatschap van de Gemeenteraad of College;</al></li><li nr="b."><al>een bestuursfunctie bij het bijzonder onderwijs in de gemeente
                                    Lochem;</al></li><li nr="c."><al>een betrekking bij het bijzonder onderwijs in de gemeente
                                    Lochem;</al></li><li nr="d."><al>een betrekking bij het openbaar primair onderwijs in de
                                            gemeente Lochem</al></li><li nr="e."><al>hetlidmaatschap van één van de
                                            medezeggenschapsraden of de gemeenschappelijke
                                            medezeggenschapsraad in de gemeente Lochem;</al></li><li nr="f."><al>een betrekking bij een organisatie voor
                                            bestuursondersteuning voor het openbaar primair
                                            onderwijs in de gemeente Lochem.</al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Een lid van de commissie mag niet:</al><lijst><li nr="a."><al>als advocaat, procureur, gemachtigde of adviseur in
                                            geschillen werkzaam zijn ten behoeve van de commissie
                                            dan wel ten behoeve van de wederpartij van de
                                            commissie;</al></li><li nr="b."><al>als gemachtigde of als adviseur werkzaam zijn ten
                                            behoeve van derden tot het aangaan van collectieve
                                            arbeidsovereenkomsten met de commissie of in die
                                            hoedanigheid deelnemen aan het Decentraal Georganiseerd
                                            Overleg (DGO);</al></li><li nr="c."><al>als gemachtigde of als adviseur werkzaam zijn ten
                                            behoeve van derden tot het aangaan van overeenkomsten
                                            met de commissie als bedoeld in onderdeel d;</al></li><li nr="d."><al>rechtstreeks of middellijk een overeenkomst aangaan
                                            betreffende:</al><lijst><li nr="1e."><al>het aannemen van werk ten behoeve van de commissie;</al></li><li nr="2e."><al>het buiten dienstbetrekking tegen beloning verrichten van
                                    werkzaamheden ten behoeve van de commissie;</al></li><li nr="3e."><al>het doen van leveranties aan de commissie;</al></li><li nr="4e."><al>het verhuren van roerende zaken aan de commissie;</al></li><li nr="5e."><al>het verwerven van betwiste vorderingen ten laste van de
                                    commissie;</al></li><li nr="6e."><al>het van de commissie onderhands verwerven van onroerende zaken
                                    of beperkte rechten waaraan deze zijn onderworpen;</al></li><li nr="7e."><al>het onderhands huren van de commissie.</al></li></lijst></li></lijst></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Zittingsperiode</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leden van de commissie worden voor vier jaar benoemd. De leden
                                kunnen na afloop van hun zittingsperiode terstond, maar maximaal
                                twee maal worden herbenoemd.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In afwijking van het voorgaande lid worden in de eerst benoemde
                                commissie drie leden voor twee jaar benoemd en twee leden voor drie
                                jaar.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>In een vacature wordt zo spoedig mogelijk voorzien.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Een lid van de commissie dat tussentijds is benoemd, treedt af op
                                het tijdstip waarop degene in wiens plaats hij is benoemd, zou
                                hebben moeten aftreden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>Schorsing en ontslag</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie kan een lid van de commissie, dat naar zijn oordeel in
                                ernstige mate door handelen of nalaten afbreuk doet aan het
                                functioneren van de commissie, voor maximaal vier maanden schorsen
                                of ontslaan, mits daartoe wordt besloten met een tweederde
                                meerderheid van stemmen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie onderwerpt het besluit onmiddellijk aan het oordeel van
                                het College in de gemeente Lochem, dat zo spoedig mogelijk aangeeft
                                of zij de schorsing of het ontslag al dan niet bevestigt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>Einde lidmaatschap van de commissie</titel></kop><al>Het lidmaatschap van de commissie eindigt door:</al><lijst><li nr="1."><al>het eindigen van de periode waarvoor een lid is benoemd;</al></li><li nr="2."><al>verklaring in staat van faillissement;</al></li><li nr="3."><al>verlening van surseance van betaling;</al></li><li nr="4."><al>ondercuratelestelling;</al></li><li nr="5."><al>ontslag;</al></li><li nr="6."><al>opzegging;</al></li><li nr="7."><al>overlijden.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>Taakverdeling</titel></kop><al>De commissie benoemt uit zijn midden een voorzitter, een secretaris en
                            een penningmeester.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Vergaderfrequentie</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De commissie vergadert tenminste 8 maal per jaar en voorts zo
                                    dikwijls als door de voorzitter, dan wel tenminste 3 leden nodig
                                    wordt geoordeeld.</al></li><li nr="2."><al>De voorzitter roept de leden schriftelijk tot de vergadering op.
                                    De oproeping wordt tenminste tien dagen vóór de te houden
                                    vergadering aan de leden gezonden, spoedeisende gevallen
                                    uitgezonderd.</al></li><li nr="3."><al>Tegelijkertijd met de oproeping brengt de voorzitter dag,
                                    tijdstip en plaats van de vergadering ter openbare kennis. De
                                    agenda en de daarbij behorende stukken worden tegelijkertijd met
                                    de oproeping en op een bij de openbare kennisgeving aan te geven
                                    wijze ter inzage gelegd.</al></li><li nr="4."><al>Ieder lid van de commissie is bevoegd om ter vergadering voor te
                                    stellen een onderwerp aan de agenda toe te voegen. De commissie
                                    beslist of, en zo ja in hoeverre, aan dit voorstel gevolg wordt
                                    gegeven.</al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Quorum</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergadering wordt niet geopend voordat meer dan de helft van het
                                aantal zitting hebbende leden aanwezig is.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In geval een vergadering op grond van het eerste lid geen doorgang
                                kan vinden, belegt de voorzitter binnen 14 dagen een nieuwe
                                vergadering.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Op de vergadering, bedoeld in het tweede lid, is het eerste lid niet
                                van toepassing. De commissie kan echter over andere aangelegenheden
                                dan die waarvoor de eerdere vergadering was belegd alleen
                                beraadslagen of besluiten, indien meer dan de helft van het aantal
                                zitting hebbende leden tegenwoordig is.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Stemmen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leden stemmen zonder last.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Tenzij de verordening anders bepaalt worden alle besluiten genomen
                                bij meerderheid van stemmen. Een blanco uitgebrachte stem geldt als
                                een niet uitgebrachte stem. Over zaken kan niet blanco gestemd
                                worden.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Over personen wordt schriftelijk gestemd, over zaken mondeling.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>a. Bij het staken van stemmen over personen wordt in dezelfde
                                vergadering een herstemming gehouden. Staken bij deze stemming de
                                stemmen opnieuw, dan beslist de voorzitter.</al></lid><lid><lidnr>b.</lidnr><al>Bij het staken van stemmen over zaken, wordt het nemen van een
                                besluit tot de volgende vergadering uitgesteld. Indien bij
                                herstemming de stemmen staken, dan beslist de voorzitter.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>13</nr><titel>Openbaarheid van vergaderingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De vergaderingen van de commissie zijn openbaar.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vergadering wordt besloten gehouden, wanneer tenminste twee van
                                de aanwezige leden daarom verzoeken of de voorzitter het nodig
                                oordeelt. De commissie beslist vervolgens of met gesloten deuren zal
                                worden vergaderd.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Van een besloten vergadering wordt een afzonderlijk verslag
                                opgemaakt, dat niet openbaar wordt gemaakt, tenzij de commissie
                                anders beslist.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>14</nr><titel>Geheimhouding van stukken</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie kan omtrent het in de vergadering behandelde en omtrent
                                de inhoud van de stukken die aan haar zijn of worden voorgelegd,
                                geheimhouding opleggen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De geheimhouding wordt door degenen die bij de behandeling aanwezig
                                waren, en allen die van het behandelde of de stukken kennis dragen,
                                in acht genomen totdat de commissie haar opheft.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De voorzitter kan omtrent de inhoud van stukken in het voorgaande
                                lid voorlopige geheimhouding opleggen. De verplichting tot
                                voorlopige geheimhouding vervalt, indien zij niet in de
                                eerstvolgende vergadering, waarin meer dan de helft van de leden
                                tegenwoordig is, door de commissie wordt bekrachtigd.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Indien de leden van de raad om inzage vragen in stukken omtrent
                                welke de commissie geheimhouding heeft opgelegd, wordt dit slechts
                                geweigerd voor zover deze inzage in strijd is met het openbaar
                                belang.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>15</nr><titel>Huishoudelijk reglement</titel></kop><al>Alle zaken betreffende de interne aangelegenheden van de commissie
                            worden geregeld bij huishoudelijk reglement. Het huishoudelijk reglement
                            mag geen bepalingen bevatten in strijd met deze verordening.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>16</nr><titel>Dagelijks bestuur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie kan besluiten tot instelling van een dagelijks
                                bestuur.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De voorzitter, de secretaris en de penningmeester vormen het
                                dagelijks bestuur.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur is belast met de voorbereiding en uitvoering
                                van de besluiten van de commissie.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>17</nr><titel>Werkwijze en besluitvorming dagelijks
                                bestuur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur vergadert zo vaak als de voorzitter dit nodig
                                oordeelt of indien tenminste twee leden dit verzoeken.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De vergaderingen van het dagelijks bestuur zijn niet openbaar.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Het dagelijks bestuur kan slechts besluiten nemen indien tenminste
                                twee leden aanwezig zijn.</al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Besluiten kunnen alleen worden genomen bij meerderheid van
                                stemmen.</al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Bij het staken van de stemmen beslist de stem van de
                                voorzitter.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>18</nr><titel>Verantwoording dagelijks bestuur</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De leden van het dagelijks bestuur zijn afzonderlijk en tezamen voor
                                het door hen gevoerde bestuur informatie en verantwoording
                                verschuldigd aan de commissie en geven de commissie met betrekking
                                tot het gevoerde bestuur alle verlangde inlichtingen.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De commissie kan een lid van het dagelijks bestuur uit zijn functie
                                ontheffen, indien dit lid niet langer het vertrouwen van de
                                commissie geniet.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>19</nr><titel>Werkgroep</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie kan al dan niet uit zijn midden werkgroepen benoemen
                                die onder verantwoordelijkheid van de commissie belast kunnen worden
                                met aangelegenheden die tot de bevoegdheid van de commissie behoren.
                                Een werkgroep is verantwoording verschuldigd aan de commissie.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het huishoudelijk reglement bevat regels voor de werkwijze en
                                samenstelling van de werkgroepen.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>20</nr><titel>Verantwoording</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De commissie brengt jaarlijks aan de Raad verslag uit over de
                                werkzaamheden, waarbij in ieder geval aandacht wordt geschonken aan
                                de wezenskenmerken van het openbaar onderwijs. De commissie brengt
                                dit verslag tegelijk uit met haar ontwerp-jaarrekening als bedoeld
                                in artikel 21 van deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het verslag wordt bekendgemaakt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>21</nr><titel>Financiën en verslaglegging</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De commissie biedt het College jaarlijks voor 15 april een
                                    ontwerpbegroting met toelichting aan. Hierbij dient te worden
                                    uitgegaan van de daarvoor vastgestelde budgettaire kaders.</al></li><li nr="2."><al>De commissie biedt het College jaarlijks voor 1 april een
                                    ontwerpjaarrekening met toelichting en voorzien van een door een
                                    erkend accountant opgemaakt accountantsrapport aan.</al></li><li nr="3."><al>De ontwerp-begroting en rekening worden opgemaakt met
                                    inachtneming van de voor de gemeente van toepassing
                                    zijndecomptabiliteitsvoorschriften.</al></li><li nr="4."><al>Het College neemt het ontwerp van de commissie ongewijzigd over,
                                    tenzij dit naar het oordeel van het College in strijd is met het
                                    recht, het algemeen of financieel belang van de gemeente.
                                    Wanneer het College de begroting en jaarrekening de raad in
                                    ontwerp aanbiedt, doet het College verslag van de gang van
                                    zaken.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>22</nr><titel>Duur en boekjaar</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De commissie is ingesteld voor onbepaalde tijd.</al></li><li nr="2."><al>Het boekjaar valt samen met het kalenderjaar.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>23</nr><titel>Wijziging of intrekking van de verordening</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De commissie kan een verzoek tot wijziging of intrekking van de
                                    verordening indienen bij de raad.</al></li><li nr="2."><al>De raad kan de verordening te allen tijde wijzigen of intrekken,
                                    echter niet dan na voorafgaand overleg met de commissie.</al></li></lijst><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>24</nr><titel>Bezwaar tegen besluit gemeente</titel></kop><al>De bepalingen inzake bezwaar van de Algemene wet bestuursrecht zijn van
                            overeenkomstige toepassing voor zover het een besluit van de raad of het
                            College betreft waardoor de commissie rechtstreeks in haar belang wordt
                            getroffen.</al><al/></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>25</nr><titel>Overgangs- en slotbepalingen</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>De voordracht als bedoeld in artikel 4, tweede lid van deze
                                    verordening vindt voor de benoeming van de eerste commissie
                                    plaats door de benoemingsadviescommissie, die door het College
                                    van de gemeente Lochem wordt ingesteld.</al></li><li nr="2."><al>Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2005.</al></li><li nr="3."><al>Deze verordening kan worden aangehaald als 'Verordening
                                    bestuurscommissie openbaar primair onderwijs.</al></li></lijst></artikel></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Lochem, 31 januari 2005</ondertekening><ondertekening/><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening>de griffier, de voorzitter,</ondertekening><ondertekening>J.P. Stegeman H.J. van der Woude</ondertekening><ondertekening/><ondertekening/></regeling-sluiting><nota-toelichting><al><vet>Toelichting bij de verordening bestuurscommissie openbaar primair
                                onderwijs Lochem</vet></al><al>1.ALGEMEEN.</al><al>1.1.De bestuurscommissie als bestuursvorm. De overdracht van
                            schoolbestuurlijke taken en bevoegdheden aan een bestuurscommissie is
                            een veel toegepaste vorm van bestuurlijke verzelfstandiging van het
                            openbaar onderwijs. Omdat de bestuurscommissie onderdeel is van de
                            gemeente, is de verzelfstandiging niet volledig. Het openbaar onderwijs
                            blijft deel uitmaken van het financiële systeem van de gemeente. De
                            gemeente blijft ontvanger van de rijksvergoedingen en hevelt deze bij
                            begroting over naar de bestuurscommissie.</al><al>Volledige verzelfstandiging is eerst aan de orde indien het openbaar
                            onderwijs ook in vermogensrechtelijk opzicht verzelfstandigd wordt. Dit
                            is het geval indien gekozen zou worden voor een bestuursvorm als
                            geregeld door de 'Wet verruiming bestuursvormen openbaar onderwijs' (de
                            openbare rechtspersoon of de stichting voor openbaar onderwijs).</al><al>nog geen volledige verzelfstandiging</al><al>Dat nu nog niet wordt gekozen voor volledige verzelfstandiging heeft de
                            volgende redenen:</al><lijst><li nr="·"><al>het bestuur wordt weliswaar op afstand gezet, maar de gemeente
                                    blijft nog in de buurt om eventuele knelpunten op te
                                    lossen;</al></li><li nr="·"><al>er moet de nodige tijd worden genomen om de nieuwe bestuurs- en
                                    management-structuur te implementeren en zich 'te laten
                                    zetten';</al></li><li nr="·"><al>vooralsnog kan het openbaar onderwijs, met name daar waar het de
                                    bestuurskosten betreft, niet kostenneutraal geëxploiteerd
                                    worden.</al></li></lijst><al>uitgangspunt: maximale overdracht van bevoegdheden</al><al>De bestuurscommissie wordt bij verordening ingesteld door de raad. De
                            verordening regelt onder meer taken en bevoegdheden van de commissie en
                            het toezicht door de raad. Wil de bestuurscommissie voor de openbare
                            basisscholen de schoolbestuurlijke verantwoordelijkheid waar kunnen
                            maken, is, binnen de begrenzing van de door de gemeenteraad beschikbaar
                            gestelde middelen, maximale overdracht van schoolbestuurlijke taken en
                            bevoegdheden en maximale autonomie ten opzichte van het gemeenbestuur
                            gewenst. Dit uitgangspunt wordt hierna in het kader van de toelichting
                            op de verordening verder uitgewerkt.</al><al>1.2.Vormvereisten verordening.</al><al>Er zijn vrijwel geen wettelijke voorschriften voor de inrichting van de
                            bestuurscommissie. De vrijheid om de commissie in te richten naar lokale
                            omstandigheden en wensen is daardoor groot.</al><al>De verordening dient wel te voldoen aan een aantal vormvereisten. De
                            gemeentewet bepaalt dat de verordening in ieder geval een regeling moet
                            bevatten voor:</al><lijst><li nr=""><lijst><li nr="·"><al>de taken, bevoegdheden en samenstelling (zie:
                                            Verordening hoofdstuk I)</al></li><li nr="·"><al>de wijze waarop raadsleden inzage hebben in stukken
                                            waaromtrent de commissie geheimhouding heeft opgelegd
                                            (zie: Verordening artikel 14)</al></li><li nr="·"><al>de verantwoording aan de gemeenteraad en het toezicht op
                                            de uitoefening van de bevoegdheden door de commissie
                                            (Verordening hoofdstuk 4);</al></li><li nr="·"><al>de openbaarheid van de vergaderingen (Verordening
                                            artikel 13).</al></li></lijst></li><li nr="1.3."><al>Voorbeeldverordening van de VNG.</al></li></lijst><al>De tekst van de verordening is gebaseerd op de tekst van de
                            voorbeeldverordening van de VNG. Deze voorbeeldverordening voldoet aan
                            de eisen die de Gemeentewet stelt. De tekst van de voorbeeldverordening
                            is aangevuld en aangepast overeenkomstig bovengenoemd uitgangspunt, dit
                            vanzelfsprekend geheel binnen het kader dat de gemeentewet stelt. Tevens
                            is met het oog op een betere leesbaarheid de indeling van de
                            modelverordening aangepast en zijn in dat kader enige artikelen
                            uitgesplitst.</al><al>1.4.Bevoegdheden van de commissie.</al><al>De grondslag van de bestuursbevoegdheid van de bestuurscommissie is
                            delegatie van bevoegdheden door de raad aan de bestuurscommissie. De
                            gemeenteraad kan zijn delegatie te alle tijde intrekken. De commissie
                            heeft niet automatisch alle bevoegdheden van een schoolbestuur. Deze
                            bevoegdheden hangen volledig af van wat de gemeenteraad heeft
                            overgedragen (zie toelichting 1.5).</al><al>De commissie is geen zelfstandige rechtspersoon, zij maakt deel uit van
                            de gemeente. Om namens de gemeente privaatrechtelijke rechtshandelingen
                            te kunnen verrichten, dient de burgemeester de individuele leden van de
                            commissie hiertoe de bevoegdheid te geven.</al><al>De bevoegdheid van de commissie om betalingsopdrachten te verlenen wordt
                            uitdrukkelijk geregeld in de verordening (artikel 3 lid 4)</al><al>De bestuurscommissie is bestuursorgaan in de zin van de Algemene wet
                            bestuursrecht.</al><al>1.5.Uitwerking maximale autonomie.</al><al> De bestuurscommissie verkrijgt een zo groot mogelijke bestuurlijke
                            autonomie ten opzichte van het gemeentebestuur. Dit houdt in:</al><lijst><li nr=""><lijst><li nr="·"><al>overdracht van alle schoolbestuurlijke bevoegdheden en
                                            taken behoudens:</al></li><li nr="·"><al>het budgetrecht (zie toelichting paragraaf 1.6) en</al></li><li nr="·"><al>omzetting, opheffing en fusie van scholen (artikel 3) De
                                            gemeente behoudt altijd (ook bij volledige
                                            verzelfstandiging) een grondwettelijke garantiefunctie
                                            voor het openbaar onderwijs en heeft de plicht te zorgen
                                            voor voldoende openbaar onderwijs;</al></li><li nr="·"><al>volledige 'depolitisering', het lidmaatschap van de
                                            commissie is dientengevolge onverenigbaar met het
                                            lidmaatschap van de gemeenteraad (artikel 5 lid 1) en
                                            het College;</al></li><li nr="·"><al>toezicht door de raad op hoofdlijnen (zie toelichting
                                            paragraaf 1.6 en 1.7).</al></li></lijst></li><li nr="1.6."><al>Financiële verhouding tussen gemeenteraad en bestuurscommissie.
                                    Het vaststellen van de begroting en van de rekening kan
                                    wettelijk niet overgedragen worden aan de bestuurscommissie. Er
                                    is geen vermogensrechtelijke scheiding van de gemeente. De
                                    gemeente blijft ontvanger van de rijksvergoedingen en bepaalt de
                                    grenzen van het financiële speelveld voor de commissie. Binnen
                                    deze begrenzing moet de bestuurscommissie zo autonoom mogelijk
                                    het resultaat van haar eigen beleids- en belangenafwegingen in
                                    financiële zin kunnen invullen.</al></li></lijst><al>Daarom wordt in de verordening bepaald (artikel 21) dat:</al><lijst><li nr="·"><al>de bestuurscommissie een ontwerp van de begroting en de rekening
                                    opstelt en aan het college aanbiedt;</al></li><li nr="·"><al>deze ontwerpen ongewijzigd worden overgenomen en aangeboden aan
                                    de raad, tenzij dit naar het oordeel van het college in strijd
                                    zou zijn met het recht, het algemeen of het financieel belang
                                    van de gemeente.</al></li></lijst><al>De gemeenteraad stelt uiteindelijk de begroting en rekening vast.</al><al>1.7.Toezicht van de gemeenteraad op de commissie Het is niet
                            noodzakelijk dat het toezicht van de gemeenteraad op de commissie
                            uitdrukkelijk wordt geregeld. In geval van ernstige taakverwaarlozing of
                            functioneren in strijd met de wet kan de gemeenteraad zijn delegatie van
                            bevoegdheden altijd intrekken. Om die reden behoeft ook de ontbinding
                            van de commissie niet geregeld te worden.</al><al>De jaarlijkse inhoudelijke verslaggeving verloopt via de jaarrekening en
                            de toelichting daarop (artikel 21)</al><al>De raad dient iedere wijziging van de verordening vast te stellen
                            (artikel 23)</al><al>1.8.Omvang, samenstelling en benoeming van de commissie.</al><al>Er zijn geen wettelijke bepalingen die de omvang of de samenstelling van
                            de bestuurscommissie regelen. Bij de bepaling van het aantal leden moet
                            het midden worden gevonden tussen de volgende aspecten:</al><lijst><li nr="·"><al>de bij de scholen betrokken geledingen weten zich voldoende
                                    gerepresenteerd;</al></li><li nr="·"><al>het bestuur kan slagvaardig optreden;</al></li><li nr="·"><al>de bestuurslast kan efficiënt over de commissieleden verdeeld
                                    worden;</al></li><li nr="·"><al>de gewenste deskundigheden kunnen in het bestuur
                                    vertegenwoordigd zijn.</al></li></lijst><al>Kortom: qua omvang niet te klein maar zeker ook niet te groot, gegeven
                            de 'besturingsfilosofie' die gehanteerd zal worden. Gelet op het aantal
                            openbare basisscholen in de gemeente Lochem, is een kernbestuur van 5
                            leden een goed gemiddelde De kernfuncties en de bestuurslast kunnen dan
                            in principe efficiënt verdeeld worden. De kernfuncties zijn:</al><lijst><li nr="·"><al>algemene zaken</al></li><li nr="·"><al>secretariaat</al></li><li nr="·"><al>financiën</al></li><li nr="·"><al>onderwijsinhoud en lokaal onderwijsbeleid</al></li><li nr="·"><al>personeel en organisatie</al></li><li nr="·"><al>materiële zaken en huisvesting.</al></li></lijst><al>Commissieleden worden in de VNG-modelverordening voorgedragen door de
                            schoolgeledingen (gemeente)bestuur, personeel en ouders. Dit komt
                            overeen met de invulling voor de gemeente Lochem. De leden hebben zonder
                            last zitting in de commissie (artikel 12 lid 1).</al><al>In de verordening worden de commissieleden benoemd door het College op
                            voordracht van bovengenoemde geledingen in de volgende verhouding
                            (artikel 4 lid 2):</al><al>1 leden op voordracht van de ouders ;</al><al>1 leden op voordracht van het personeel;</al><al>3 leden op voordracht van het bestuur i.c. de bestuurscommissie.</al><al>Hieraan liggen de volgende overwegingen ten grondslag:</al><lijst><li nr="·"><al>geen der geledingen kan een meerderheid van de commissie
                                    voordragen;</al></li><li nr="·"><al>gegeven het uitgangspunt van maximale autonomie van de commissie
                                    wordt de voordracht van leden door het bestuur uitgeoefend door
                                    de commissie zelf.</al></li></lijst><al/></nota-toelichting></regeling></body></cvdr>