<lvbbu:Consolidaties schemaversie="1.2.0" xmlns:map="http://marklogic.com/xdmp/map" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xmlns:xs="http://www.w3.org/2001/XMLSchema" xmlns:lvbbu="https://standaarden.overheid.nl/lvbb/stop/uitlevering/">
  <lvbbu:Consolidatie>
    <consolidatie:ConsolidatieIdentificatie xmlns:consolidatie="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/consolidatie/">
      <consolidatie:FRBRWork>/akn/nl/act/provincie/2024/CVDR706275</consolidatie:FRBRWork>
      <consolidatie:soortWork>/join/id/stop/work_006</consolidatie:soortWork>
      <consolidatie:isConsolidatieVan>
	<consolidatie:WorkIdentificatie>
	  <consolidatie:FRBRWork>/akn/nl/act/pv24/2022/omgevingsverordening</consolidatie:FRBRWork>
	  <consolidatie:soortWork>/join/id/stop/work_019</consolidatie:soortWork>
	</consolidatie:WorkIdentificatie>
      </consolidatie:isConsolidatieVan>
    </consolidatie:ConsolidatieIdentificatie>
    <consolidatie:Toestanden xmlns:consolidatie="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/consolidatie/">
      <consolidatie:bekendOp>2023-12-11</consolidatie:bekendOp>
      <consolidatie:ontvangenOp>2023-12-11</consolidatie:ontvangenOp>
      <consolidatie:BekendeToestand>
	<consolidatie:FRBRExpression>/akn/nl/act/provincie/2024/CVDR706275/nld@2024-01-01</consolidatie:FRBRExpression>
	<consolidatie:gerealiseerdeDoelen>
	  <consolidatie:doel>/join/id/proces/pv24/2023/3_80_nieuweregeling</consolidatie:doel>
	</consolidatie:gerealiseerdeDoelen>
	<consolidatie:geldigheid>
	  <consolidatie:Geldigheidsperiode>
	    <consolidatie:juridischWerkendOp>
	      <consolidatie:Periode>
		<consolidatie:vanaf>2024-01-01</consolidatie:vanaf>
		<consolidatie:tot>2025-01-01</consolidatie:tot>
	      </consolidatie:Periode>
	    </consolidatie:juridischWerkendOp>
	    <consolidatie:geldigOp>
	      <consolidatie:Periode>
		<consolidatie:vanaf>2024-01-01</consolidatie:vanaf>
	      </consolidatie:Periode>
	    </consolidatie:geldigOp>
	  </consolidatie:Geldigheidsperiode>
	  <consolidatie:Geldigheidsperiode>
	    <consolidatie:juridischWerkendOp>
	      <consolidatie:Periode>
		<consolidatie:vanaf>2025-01-01</consolidatie:vanaf>
	      </consolidatie:Periode>
	    </consolidatie:juridischWerkendOp>
	    <consolidatie:geldigOp>
	      <consolidatie:Periode>
		<consolidatie:vanaf>2024-01-01</consolidatie:vanaf>
		<consolidatie:tot>2025-01-01</consolidatie:tot>
	      </consolidatie:Periode>
	    </consolidatie:geldigOp>
	  </consolidatie:Geldigheidsperiode>
	</consolidatie:geldigheid>
	<consolidatie:instrumentVersie>/akn/nl/act/pv24/2022/omgevingsverordening/nld@80</consolidatie:instrumentVersie>
      </consolidatie:BekendeToestand>
    </consolidatie:Toestanden>
    <lvbbu:RegelingVersie schemaversie="1.2.0">
      <data:ExpressionIdentificatie xmlns:data="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/data/">
	<data:FRBRWork>/akn/nl/act/pv24/2022/omgevingsverordening</data:FRBRWork>
	<data:FRBRExpression>/akn/nl/act/pv24/2022/omgevingsverordening/nld@80</data:FRBRExpression>
	<data:soortWork>/join/id/stop/work_019</data:soortWork>
      </data:ExpressionIdentificatie>
      <data:RegelingVersieMetadata xmlns:data="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/data/">
	<data:versienummer>v1</data:versienummer>
      </data:RegelingVersieMetadata>
      <tekst:RegelingCompact xmlns:tekst="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/tekst/">
	<tekst:RegelingOpschrift eId="longTitle" wId="longTitle">
	  <tekst:Al>Omgevingsverordening provincie Flevoland</tekst:Al>
	</tekst:RegelingOpschrift>
	<tekst:Lichaam eId="body" wId="body">
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_1" wId="pv24_80__chp_1">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>1</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Algemene bepalingen</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Artikel eId="chp_1__art_1.1" wId="pv24_80__chp_1__art_1.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>1.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Begripsbepalingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al><tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage I</tekst:IntRef> bevat de begripsbepalingen voor de toepassing van deze verordening.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Artikel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_2" wId="pv24_80__chp_2">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>2</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Activiteiten op gesloten stortplaatsen</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Titel eId="chp_2__title_2.1" wId="pv24_80__chp_2__title_2.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>2.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemeen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_2__title_2.1__art_2.1" wId="pv24_80__chp_2__title_2.1__art_2.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>2.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk zijn gesteld in het belang van de bescherming van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_32">nazorgvoorzieningen</tekst:IntRef> op gesloten stortplaatsen.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_2__title_2.1__art_2.2" wId="pv24_80__chp_2__title_2.1__art_2.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>2.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Werkingsgebied</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk gelden voor <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_38__ref_o_1" eId="chp_2__title_2.1__art_2.2__ref_1" wId="pv24_80__chp_2__title_2.1__art_2.2__ref_1">gesloten stortplaatsen</tekst:IntIoRef> als bedoeld in artikel 8.49 van de Wet milieubeheer, waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_2__title_2.2" wId="pv24_80__chp_2__title_2.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>2.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Activiteiten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_2__title_2.2__art_2.3" wId="pv24_80__chp_2__title_2.2__art_2.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>2.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Verbod activiteiten op gesloten stortplaats</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Het is verboden zonder omgevingsvergunning een activiteit te verrichten in, op, onder of over een plaats waar de eeuwigdurende zorg met betrekking tot een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_38__ref_o_1" eId="chp_2__title_2.2__art_2.3__ref_1" wId="pv24_80__chp_2__title_2.2__art_2.3__ref_1">gesloten stortplaatsen</tekst:IntIoRef> wordt uitgevoerd door:</tekst:Al>
		  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_2__title_2.2__art_2.3__list_1" wId="pv24_80__chp_2__title_2.2__art_2.3__list_1">
		    <tekst:Li eId="chp_2__title_2.2__art_2.3__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_2__title_2.2__art_2.3__list_1__item_a">
		      <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al><tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">Werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_2__title_2.2__art_2.3__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_2__title_2.2__art_2.3__list_1__item_b">
		      <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al><tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_47">Stoffen</tekst:IntRef> of voorwerpen, niet zijnde afvalstoffen, te storten, te plaatsen of neer te leggen, of deze te laten staan of liggen;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_2__title_2.2__art_2.3__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_2__title_2.2__art_2.3__list_1__item_c">
		      <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>andere dan de onder a of b bedoelde handelingen te verrichten indien die handelingen de uitvoering van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_32">nazorgvoorzieningen</tekst:IntRef> en -maatregelen kunnen belemmeren, dan wel de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_32">nazorgvoorzieningen</tekst:IntRef> kunnen beschadigen.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_2__title_2.2__art_2.4" wId="pv24_80__chp_2__title_2.2__art_2.4">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>2.4</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Aanvraagvereisten omgevingsvergunning activiteiten op gesloten stortplaatsen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Bij de aanvraag om omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_2__title_2.2__art_2.3">Artikel 2.3</tekst:IntRef> worden in aanvulling op artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling tenminste de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:</tekst:Al>
		  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1" wId="pv24_80__chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1">
		    <tekst:Li eId="chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_a">
		      <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>het voorgenomen gebruik van de gesloten stortplaats en van het gebied waarin <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_32">nazorgvoorzieningen</tekst:IntRef> zijn gelegen;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_b">
		      <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>een kadastrale kaart, die uiterlijk dertien weken voor de aanvraag door het kadaster is afgegeven, waarop het grondgebied van het voorgenomen gebruik is aangegeven;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_c">
		      <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de naam en het adres van een ieder die een zakelijk of een persoonlijk recht heeft op het grondgebied bedoeld onder b;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_d">
		      <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>een overzicht van de benodigde vergunningen, meldingen en toestemmingen om het voorgenomen gebruik te kunnen realiseren;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_e">
		      <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de maatregelen die worden getroffen om:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_e__list_1" wId="pv24_80__chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_e__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_e__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_e__list_1__item_1">
			  <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de bereikbaarheid van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_32">nazorgvoorzieningen</tekst:IntRef> te garanderen;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_e__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_e__list_1__item_2">
			  <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>aantasting van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_32">nazorgvoorzieningen</tekst:IntRef> te voorkomen en de goede werking daarvan te waarborgen;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_e__list_1__item_3" wId="pv24_80__chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_e__list_1__item_3">
			  <tekst:LiNummer>3.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>anderszins de uitvoering van de nazorg niet te belemmeren.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_2__title_2.2__art_2.4__list_1__item_f">
		      <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de wijze van evaluatie van en rapportage over de uitvoering van de onder e bedoelde maatregelen.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_2__title_2.3" wId="pv24_80__chp_2__title_2.3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>2.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_2__title_2.3__art_2.5" wId="pv24_80__chp_2__title_2.3__art_2.5">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>2.5</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Bevoegd gezag: beoordelingsregels omgevingsvergunning activiteiten op gesloten stortplaatsen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_2__title_2.2__art_2.3">Artikel 2.3</tekst:IntRef> wordt alleen verleend als wordt voldaan aan de volgende criteria:</tekst:Al>
		  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_2__title_2.3__art_2.5__list_1" wId="pv24_80__chp_2__title_2.3__art_2.5__list_1">
		    <tekst:Li eId="chp_2__title_2.3__art_2.5__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_2__title_2.3__art_2.5__list_1__item_a">
		      <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de activiteit veroorzaakt geen significante milieuverontreiniging;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_2__title_2.3__art_2.5__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_2__title_2.3__art_2.5__list_1__item_b">
		      <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>alle passende preventieve maatregelen tegen milieuverontreiniging worden getroffen;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_2__title_2.3__art_2.5__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_2__title_2.3__art_2.5__list_1__item_c">
		      <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de activiteit veroorzaakt geen nadelige gevolgen voor de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_32">nazorgvoorzieningen</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_3" wId="pv24_80__chp_3">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>3</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Stiltegbieden</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Titel eId="chp_3__title_3.1" wId="pv24_80__chp_3__title_3.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>3.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemeen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_3__title_3.1__art_3.1" wId="pv24_80__chp_3__title_3.1__art_3.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>3.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk zijn gesteld met het oog op het belang van het voorkomen of beperken van geluidhinder in bij de verordening aangewezen stiltegebieden.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_3__title_3.1__art_3.2" wId="pv24_80__chp_3__title_3.1__art_3.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>3.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Aanwijzing stiltegebieden</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_3__title_3.1__art_3.2__para_1" wId="pv24_80__chp_3__title_3.1__art_3.2__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_55__ref_o_1" eId="chp_3__title_3.1__art_3.2__para_1__ref_1" wId="pv24_80__chp_3__title_3.1__art_3.2__para_1__ref_1">stiltegebied</tekst:IntIoRef> is de locatie waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_3__title_3.1__art_3.2__para_2" wId="pv24_80__chp_3__title_3.1__art_3.2__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_43__ref_o_1" eId="chp_3__title_3.1__art_3.2__para_2__ref_1" wId="pv24_80__chp_3__title_3.1__art_3.2__para_2__ref_1">invloedgebied stilte</tekst:IntIoRef> is de zone van een straal van 1,5 kilometer buiten een stiltegebied waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_3__title_3.1__art_3.2__para_3" wId="pv24_80__chp_3__title_3.1__art_3.2__para_3">
		  <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het begin en het eind van een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_55__ref_o_1" eId="chp_3__title_3.1__art_3.2__para_3__ref_1" wId="pv24_80__chp_3__title_3.1__art_3.2__para_3__ref_1">stiltegebied</tekst:IntIoRef> wordt aangeduid door middel van borden, waarvan een model is opgenomen in <tekst:IntRef ref="cmp_3">Bijlage III</tekst:IntRef>. De borden worden geplaatst langs alle openbare wegen aan de buitengrens van de stiltegebieden die worden doorkruist. De borden worden voorzien van een onderbord waarop is aangegeven waar verstoringen van de stilte dienen te worden gemeld.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_3__title_3.1__art_3.3" wId="pv24_80__chp_3__title_3.1__art_3.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>3.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Specifieke zorgplicht en informatieplicht</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_3__title_3.1__art_3.3__para_1" wId="pv24_80__chp_3__title_3.1__art_3.3__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Degene die in een stiltegebied handelingen of activiteiten verricht en weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat die handelingen of activiteiten nadelige gevolgen kunnen hebben voor het bijzondere belang met het oog waarop het gebied als stiltegebied is aangewezen, is verplicht dergelijk handelen of activiteiten achterwege te laten .</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_3__title_3.1__art_3.3__para_2" wId="pv24_80__chp_3__title_3.1__art_3.3__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Indien het achterwege laten van de handelingen of activiteiten bedoeld in het eerste lid redelijkerwijs van diegene kan worden gevraagd, is diegene verplicht:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="chp_3__title_3.1__art_3.3__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_3__title_3.1__art_3.3__para_2__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_3__title_3.1__art_3.3__para_2__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_3__title_3.1__art_3.3__para_2__list_1__item_1">
			<tekst:Al>alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van diegene kunnen worden gevraagd om de nadelige gevolgen bedoeld in het eerste lid te voorkomen; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_3__title_3.1__art_3.3__para_2__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_3__title_3.1__art_3.3__para_2__list_1__item_2">
			<tekst:Al>voor zover de nadelige gevolgen bedoeld in het eerste lid niet kunnen worden voorkomen: die nadelige gevolgen zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_3__title_3.1__art_3.3__para_3" wId="pv24_80__chp_3__title_3.1__art_3.3__para_3">
		  <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>&#x200b;&#x200b;leder die kennis draagt van een voorval binnen een stiltegebied, waarbij aannemelijk is dat het bijzondere belang met het oog waarop het gebied als stiltegebied is aangewezen, wordt of kan worden geschaad, is verplicht gedeputeerde staten hierover onmiddellijk te informeren.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_3__title_3.2" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>3.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Activiteiten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_3__title_3.2__art_3.4" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.4">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>3.4</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Verbod op verstoring van ervaring natuurlijke geluiden in een stiltegebied</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_3__title_3.2__art_3.4__para_1" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.4__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het is binnen een stiltegebied verboden zonder omgevingsvergunning een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_49">toestel</tekst:IntRef> te gebruiken waardoor de ervaring van de natuurlijke geluiden kan worden verstoord.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_3__title_3.2__art_3.4__para_2" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.4__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het is verboden zich met motorvoertuig of bromfiets te bevinden buiten de openbare weg of buiten andere voor bestemmingsverkeer openstaande wegen of terreinen. </tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_3__title_3.2__art_3.4__para_3" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.4__para_3">
		  <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het is verboden een toertocht voor motorvoertuigen of bromfietsen te houden of aan een zodanige toertocht deel te nemen waarvoor geen ontheffing op grond van de Wegenverkeerswet 1994 is verleend.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_3__title_3.2__art_3.5" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.5">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>3.5</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Uitzondering op verstoring van ervaring natuurlijke geluiden in een stiltegebied</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Het verbod op verstoring van de ervaring van de natuurlijke geluiden in een stiltegebied geldt niet voor zover zij betrekking hebben op:</tekst:Al>
		  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1">
		    <tekst:Li eId="chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1__item_a">
		      <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_49">toestel</tekst:IntRef> dat wordt gebruikt voor de uitoefening van land-, tuin- of bosbouw of beroepsmatige visserij of ten behoeve van het onderhoud van het gebied of van daarin aanwezige bouwwerken en andere constructies;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1__item_b">
		      <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>het gebruik van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_49">toestel</tekst:IntRef> als bedoeld in onderdeel b van het begrip <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_49">toestel</tekst:IntRef>, indien dat noodzakelijk is ter afwending van dreigend gevaar of anders&#173;zins uit een oogpunt van algemene veiligheid;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1__item_c">
		      <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>een geluidsapparaat als bedoeld in onderdeel b van het begrip <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_49">toestel</tekst:IntRef>, dat wordt gebruikt binnen 50 meter van een woonhuis en mits niet hoorbaar op een afstand van meer dan 50 meter van het apparaat;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1__item_d">
		      <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>een werktuig als bedoeld in onderdeel c van het begrip <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_49">toestel</tekst:IntRef>, dat wordt gebruikt ten behoeve van directe woonaansluitingen;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1__item_e">
		      <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>een vuurwapen als bedoeld in onderdeel e van het begrip <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_49">toestel</tekst:IntRef>, indien dat wordt gebruikt</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1__item_e__list_1" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1__item_e__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1__item_e__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1__item_e__list_1__item_1">
			  <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>door een persoon met opsporingsbevoegdheid in de uitoefening van zijn functie;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1__item_e__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1__item_e__list_1__item_2">
			  <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>in geval het een noodseinmiddel betreft: in geval van nood;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1__item_e__list_1__item_3" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.5__list_1__item_e__list_1__item_3">
			  <tekst:LiNummer>3.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>voor de jacht met inachtneming van het bepaalde in de Omgevingswet.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_3__title_3.2__art_3.6" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.6">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>3.6</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Aanvraagvereisten omgevingsvergunning</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Bij de aanvraag om omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_3__title_3.2__art_3.4__para_1">Artikel 3.4, eerste lid</tekst:IntRef> worden in aanvulling op artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:</tekst:Al>
		  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_3__title_3.2__art_3.6__list_1" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.6__list_1">
		    <tekst:Li eId="chp_3__title_3.2__art_3.6__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.6__list_1__item_a">
		      <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>een opgave van de uitvoerende van de activiteit,</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_3__title_3.2__art_3.6__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.6__list_1__item_b">
		      <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de datum van begin en eind van de activiteit,</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_3__title_3.2__art_3.6__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.6__list_1__item_c">
		      <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>het tijdstip op de dag dat de activiteit wordt uitgevoerd,</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_3__title_3.2__art_3.6__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.6__list_1__item_d">
		      <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_49">toestel</tekst:IntRef> dat wordt gebruikt,</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_3__title_3.2__art_3.6__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.6__list_1__item_e">
		      <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de locatie van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_49">toestel</tekst:IntRef> binnen het invloedgebied stilte of het stiltegebied,</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_3__title_3.2__art_3.6__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.6__list_1__item_f">
		      <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de hoeveelheid decibel die het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_49">toestel</tekst:IntRef> maakt op een afstand van 50 meter,</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_3__title_3.2__art_3.6__list_1__item_g" wId="pv24_80__chp_3__title_3.2__art_3.6__list_1__item_g">
		      <tekst:LiNummer>g.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>andere vergunningen of ontheffingen die voor de activiteit benodigd zijn.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_3__title_3.3" wId="pv24_80__chp_3__title_3.3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>3.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Kwaliteit stiltegebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_3__title_3.3__art_3.7" wId="pv24_80__chp_3__title_3.3__art_3.7">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>3.7</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Richtwaarde maximale geluidbelasting geluidbron binnen het invloedgebied stilte</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Als richtwaarde voor de maximale geluidbelasting vanwege een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_20">geluidbron</tekst:IntRef> binnen het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_43__ref_o_1" eId="chp_3__title_3.3__art_3.7__ref_2" wId="pv24_80__chp_3__title_3.3__art_3.7__ref_2">invloedgebied stilte</tekst:IntIoRef> geldt een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_21">geluidniveau</tekst:IntRef> van 35 dB(A) gemiddeld per uur op 50 meter in het stiltegebied gerekend vanaf de grens van het stiltegebied.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_3__title_3.3__art_3.8" wId="pv24_80__chp_3__title_3.3__art_3.8">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>3.8</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Richtwaarde maximale geluidbelasting geluidbron binnen het stiltegebied</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Als richtwaarde voor de maximale geluidbelasting vanwege een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_20">geluidbron</tekst:IntRef> binnen het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_55__ref_o_1" eId="chp_3__title_3.3__art_3.8__ref_2" wId="pv24_80__chp_3__title_3.3__art_3.8__ref_2">stiltegebied</tekst:IntIoRef> geldt een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_21">geluidniveau</tekst:IntRef> van 35 dB(A) gemiddeld per uur op 50 meter van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_20">geluidbron</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_3__title_3.4" wId="pv24_80__chp_3__title_3.4">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>3.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_3__title_3.4__art_3.9" wId="pv24_80__chp_3__title_3.4__art_3.9">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>3.9</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Beoordelingsregels omgevingsvergunning voor verstoring van ervaring natuurlijke geluiden in een stiltegebied</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De omgevingsvergunning voor het gebruik van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_49">toestel</tekst:IntRef> als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_3__title_3.2__art_3.4__para_1">Artikel 3.4, eerste lid</tekst:IntRef>, wordt alleen verleend indien het belang waartoe het stiltegebied is aangewezen zich daartegen niet verzet en voldoende rekening wordt gehouden met de in <tekst:IntRef ref="chp_3__title_3.3__art_3.7">Artikel 3.7</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_3__title_3.3__art_3.8">Artikel 3.8</tekst:IntRef> bedoelde richtwaarden.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_3__title_3.4__art_3.10" wId="pv24_80__chp_3__title_3.4__art_3.10">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>3.10</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Doorwerking omgevingswaarden</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_3__title_3.4__art_3.10__para_1" wId="pv24_80__chp_3__title_3.4__art_3.10__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Bij het uitoefenen van de navolgende bevoegdheden wordt rekening gehouden met de in <tekst:IntRef ref="chp_3__title_3.3__art_3.7">Artikel 3.7</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_3__title_3.3__art_3.8">Artikel 3.8</tekst:IntRef> bedoelde richtwaarden:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_3__title_3.4__art_3.10__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_3__title_3.4__art_3.10__para_1__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_3__title_3.4__art_3.10__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_3__title_3.4__art_3.10__para_1__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>het beslissen over een omgevingsvergunning voor een milieubelastende activiteit;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_3__title_3.4__art_3.10__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_3__title_3.4__art_3.10__para_1__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>het vaststellen van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_3__title_3.4__art_3.10__para_1__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_3__title_3.4__art_3.10__para_1__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de bevoegdheden als bedoeld in de Algemene Plaatselijke Verordeningen van de gemeenten als bedoeld in artikel 147 van de Gemeentewet;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_3__title_3.4__art_3.10__para_1__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_3__title_3.4__art_3.10__para_1__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de bevoegdheden tot het treffen van verkeersmaatregelen op basis van de Wegenverkeerswet 1994.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_3__title_3.4__art_3.10__para_2" wId="pv24_80__chp_3__title_3.4__art_3.10__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het bepaalde in het eerste lid is niet van toepassing indien de ge&#173;noemde bevoegdheden betrekking hebben op een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_49">toestel</tekst:IntRef> dat wordt gebruikt voor de uitoefening van land-, tuin- of bosbouw of beroepsmatige visserij of ten behoeve van het onderhoud van het gebied of van daarin aanwezige bouwwerken en andere constructies.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_4" wId="pv24_80__chp_4">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>4</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Grondwaterbeschermingsgebieden</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Titel eId="chp_4__title_4.1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemeen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.1__art_4.1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>4.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk zijn gesteld met het oog op het belang van de bescherming van het grondwater ten behoeve van de openbare drinkwatervoorziening.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.1__art_4.2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>4.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Aanwijzing grondwaterbeschermingsgebieden</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al><tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_41__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_1__ref_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_1__ref_1">Grondwaterbeschermingsgebieden</tekst:IntIoRef> bestaan uit de zones waterwingebied, beschermingsgebied voor grondwater en boringsvrije zone Zuidelijk Flevoland.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_66__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_2__ref_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_2__ref_1">zone beschermingsgebied voor grondwater</tekst:IntIoRef> bestaat uit de locaties <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_8__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_2__ref_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_2__ref_2">Beschermingsgebied voor grondwater Bremerberg 2 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_13__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_2__ref_3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_2__ref_3">Beschermingsgebied voor grondwater Harderbroek 8 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_9__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_2__ref_4" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_2__ref_4">Beschermingsgebied voor grondwater Harderbroek 11 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_10__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_2__ref_5" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_2__ref_5">Beschermingsgebied voor grondwater Harderbroek 14 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_11__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_2__ref_6" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_2__ref_6">Beschermingsgebied voor grondwater Harderbroek 17 meter</tekst:IntIoRef> en <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_12__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_2__ref_7" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_2__ref_7">Beschermingsgebied voor grondwater Harderbroek 20 meter</tekst:IntIoRef>, waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_3">
		  <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_68__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_3__ref_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_3__ref_1">zone waterwingebied</tekst:IntIoRef> bestaat uit de locaties <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_58__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_3__ref_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_3__ref_2">Waterwingebied Bremerberg 2 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_62__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_3__ref_3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_3__ref_3">Waterwingebied Harderbroek 11 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_63__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_3__ref_4" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_3__ref_4">Waterwingebied Harderbroek 14 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_59__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_3__ref_5" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_3__ref_5">Waterwingebied Fledite 26 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_60__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_3__ref_6" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_3__ref_6">Waterwingebied Fledite 29 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_61__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_3__ref_7" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_3__ref_7">Waterwingebied Fledite 32 meter</tekst:IntIoRef> en <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_64__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_3__ref_8" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_3__ref_8">Waterwingebied Spiekzand 35 meter</tekst:IntIoRef>, waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4">
		  <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_67__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_1">zone Boringsvrije zone Zuidelijk Flevoland</tekst:IntIoRef> bestaat uit de locaties <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_30__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_2">Boringsvrije zone Zuidelijk Flevoland 8 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_17__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_3">Boringsvrije zone Zuidelijk Flevoland 11 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_18__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_4" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_4">Boringsvrije zone Zuidelijk Flevoland 14 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_19__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_5" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_5">Boringsvrije zone Zuidelijk Flevoland 17 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_20__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_6" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_6">Boringsvrije zone Zuidelijk Flevoland 20 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_21__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_7" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_7">Boringsvrije zone Zuidelijk Flevoland 23 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_22__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_8" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_8">Boringsvrije zone Zuidelijk Flevoland 26 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_23__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_9" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_9">Boringsvrije zone Zuidelijk Flevoland 29 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_24__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_10" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_10">Boringsvrije zone Zuidelijk Flevoland 32 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_25__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_11" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_11">Boringsvrije zone Zuidelijk Flevoland 35 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_26__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_12" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_12">Boringsvrije zone Zuidelijk Flevoland 38 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_27__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_13" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_13">Boringsvrije zone Zuidelijk Flevoland 41 meter</tekst:IntIoRef>, <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_28__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_14" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_14">Boringsvrije zone Zuidelijk Flevoland 44 meter</tekst:IntIoRef> en <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_29__ref_o_1" eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_15" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_4__ref_15">Boringsvrije zone Zuidelijk Flevoland 47 meter</tekst:IntIoRef>, waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_5" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.2__para_5">
		  <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het begin en het eind van de beschermingsgebieden voor grondwater 'Bremerberg' en 'Harderbroek' en het waterwingebied 'Fledite' worden aange&#173;duid door middel van borden, waarvan een model in <tekst:IntRef ref="cmp_4">Bijlage IV</tekst:IntRef> is opgeno&#173;men. De borden worden geplaatst langs alle openbare wegen en vaarwe&#173;gen aan de buitengrens van de gebieden die worden doorkruist. De borden worden voorzien van een onderbord waarop is aangegeven waar bedreigingen ten aanzien van de grondwaterkwaliteit dienen te worden gemeld.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.1__art_4.3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>4.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Specifieke zorgplicht</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_4__title_4.1__art_4.3__para_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.3__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Degene die in een grondwaterbeschermingsgebied handelingen of activiteiten verricht en weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat die handelingen of activiteiten nadelige gevolgen kunnen hebben voor het bijzondere belang met het oog waarop het gebied als grondwaterbeschermingsgebied is aangewezen, is verplicht dergelijk handelen of activiteiten achterwege te laten.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_4__title_4.1__art_4.3__para_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.3__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Indien het achterwege laten van de handelingen of de activiteiten bedoeld in het eerste lid redelijkerwijs niet van diegene kan worden gevraagd is diegene verplicht:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.1__art_4.3__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.3__para_2__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_4__title_4.1__art_4.3__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.3__para_2__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van diegene kunnen worden gevraagd om de nadelige gevolgen bedoeld in het eerste lid te voorkomen; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_4__title_4.1__art_4.3__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.3__para_2__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>voor zover de gevolgen bedoeld in het eerste lid niet kunnen worden voorkomen: die nadelige gevolgen zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_4__title_4.1__art_4.3__para_3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.1__art_4.3__para_3">
		  <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>leder die kennis draagt van een voorval binnen een grondwaterbeschermingsgebied, waarbij aannemelijk is dat het bijzondere belang met het oog waarop het gebied als grondwaterbeschermingsgebied is aangewezen, wordt of kan worden geschaad, is verplicht dat terstond te melden aan gedeputeerde staten.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_4__title_4.2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Activiteiten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>4.2.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Verboden, vergunningplichten en uitzonderingen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>4.2.1.1</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Beschermingsgebied voor grondwater</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>4.4</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Verboden activiteiten in beschermingsgebied voor grondwater</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een milieubelastende activiteit te verrichten als bedoeld in:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.5 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op het exploiteren van een vergunningplichtige stookinstallatie;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.24 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op het opslaan van gevaarlijke vloeistoffen;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_c">
			    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.27 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op het opslaan van gevaarlijke stoffen;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_d">
			    <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.36 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op het opslaan van gevaarlijke meststoffen;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_e">
			    <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.39 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op het opslaan, mengen en scheiden van bedrijfsafvalstoffen of gevaarlijke vloeistoffen;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_f">
			    <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>afdeling 3.3 Besluit activiteiten leefomgeving, complexe bedrijven;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_g" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_g">
			    <tekst:LiNummer>g.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.103 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op de metaalproductenindustrie;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_h" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_h">
			    <tekst:LiNummer>h.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.118 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op de chemische producten industrie;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_i" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_i">
			    <tekst:LiNummer>i.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.122 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op de leerindustrie;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_j" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_j">
			    <tekst:LiNummer>j.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.170 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op de milieustraat;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_k" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_k">
			    <tekst:LiNummer>k.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.184 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op het verwerken van bedrijfsafvalstoffen en gevaarlijke afvalstoffen;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_l" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_l">
			    <tekst:LiNummer>l.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.232 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op de chemische wasserij; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_m" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1__list_1__item_m">
			    <tekst:LiNummer>m.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.329 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op militaire kazernes.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden bestrijdingsmiddelen, gewasbeschermingsmiddelen of biociden te gebruiken.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 2 meter ten opzichte van maaiveld.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_4" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_4">
		      <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 8 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_5" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_5">
		      <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 11 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_6" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_6">
		      <tekst:LidNummer>6.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 14 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_7" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_7">
		      <tekst:LidNummer>7.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 17 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_8" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_8">
		      <tekst:LidNummer>8.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 20 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9">
		      <tekst:LidNummer>9.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden om zonder omgevingsvergunning voor <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> en handelingen:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al><tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef>, daaronder begrepen leidingen en installaties, te maken of te houden met het kennelijke doel het vervoeren, bergen, opslaan, overslaan, storten of verzinken van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_46">schadelijke stoffen</tekst:IntRef> door of in de bodem mogelijk te maken met uitzondering van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef>die voorzien in:</tekst:Al>
			    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9__list_1__item_a__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9__list_1__item_a__list_1">
			      <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9__list_1__item_a__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9__list_1__item_a__list_1__item_1">
				<tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
				<tekst:Al>het vervoer van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_46">schadelijke stoffen</tekst:IntRef> ten behoeve van niet bedrijfsmatig gebruik;</tekst:Al>
			      </tekst:Li>
			      <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9__list_1__item_a__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9__list_1__item_a__list_1__item_2">
				<tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
				<tekst:Al>het doelmatig verwijderen van binnen het gebied vrijkomende <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_46">schadelijke stoffen</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
			      </tekst:Li>
			    </tekst:Lijst>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>wegen, parkeergelegenheden, terreinen voor zover deze -al dan niet tijdelijk- voor gemotoriseerd verkeer openstaan, waterwegen of spoorwegen aan te leggen, te hebben of te <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_41">reconstrueren</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9__list_1__item_c">
			    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>kampeergelegenheden, recreatiecentra of kampementen aan te leggen, te hebben, in exploitatie te nemen of te exploiteren;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9__list_1__item_d">
			    <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een lozing op of in de bodem uit te voeren met uitzondering van lozingen waarvoor de regels gelden zoals gesteld in de hoofdstukken 2 tot en met 5 van het Besluit activiteiten leefomgeving over lozingsactiviteiten op een oppervlaktewaterlichaam en lozingsactiviteiten op een zuiveringtechnisch <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werk</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9__list_1__item_e">
			    <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de bodem onder oppervlaktewater te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen of te verstoren met uitzondering van onderhoudsbaggerwerkzaam&#173;heden.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_10" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_10">
		      <tekst:LidNummer>10.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Waar sprake is van oprichten, maken of aanleggen, wordt daaronder mede verstaan wijzigen of uitbreiden.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>4.5</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Uitzondering verboden activiteiten beschermingsgebied voor grondwater</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het verbod op het gebruik van bestrijdingsmiddelen, gewasbeschermingsmiddelen of biociden, als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_2">Artikel 4.4, tweede lid</tekst:IntRef>, geldt niet, indien uit de toelatingsbeschikking blijkt dat het middel in een met het oog op de bescherming van het grondwater aangewezen gebied mag worden toegepast.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het verbod op bodemverstoring, als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_3">Artikel 4.4, derde lid</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_4">Artikel 4.4, vierde lid</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_5">Artikel 4.4, vijfde lid</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_6">Artikel 4.4, zesde lid</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_7">Artikel 4.4, zevende lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_8">Artikel 4.4, achtste lid</tekst:IntRef>, geldt niet voor:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het verrichten van werkzaamheden ten behoeve van grondwateronttrekkingen, met het oog op de openbare drinkwaterproductie, waaronder inbegrepen het oprichten, in exploitatie nemen of hebben van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorputten</tekst:IntRef> voor de grondwater&#173;monitoring;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het oprichten, in exploitatie nemen of hebben van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorputten</tekst:IntRef> ten behoeve van het grondwaterbeheer door of op last van het college van dijkgraaf en heemraden of gedeputeerde staten;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_c">
			    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het onderzoeken en <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_45">saneren</tekst:IntRef> van de bodem en het grondwater dan wel het verrichten van activiteiten ten gevolge van waarvan een verontreiniging van de bodem en het grondwater wordt verminderd of verplaatst, indien voor het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_45">saneren</tekst:IntRef> of die activiteiten <tekst:IntRef ref="chp_6">Hoofdstuk 6</tekst:IntRef> of het overgangsrecht als bedoeld in hoofdstuk 3 van de Aanvullingswet bodem Omgevingswet van toepassing is;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_d">
			    <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het verrichten van werkzaamheden ter uitvoering van een verleende omgevingsvergunning voor een ontgrondingsactiviteit;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_e">
			    <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het slaan of hebben van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_38">prefab betonnen heipalen</tekst:IntRef>, mits wordt voldaan aan <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.12">Artikel 4.12</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_f">
			    <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het uitvoeren van sonderingen, mits:</tekst:Al>
			    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_f__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_f__list_1">
			      <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_f__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_f__list_1__item_1">
				<tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
				<tekst:Al>na het trekken van de sondeerstangen het gehele sondeergat volledig wordt opgevuld met zwelklei met behulp van de "Naprikmethode" en</tekst:Al>
			      </tekst:Li>
			      <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_f__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_f__list_1__item_2">
				<tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
				<tekst:Al>ten minste vier weken voor het begin van de sondering een melding wordt gedaan als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13">Artikel 4.13</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			      </tekst:Li>
			    </tekst:Lijst>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_g" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2__list_1__item_g">
			    <tekst:LiNummer>g.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>onderhoudsbaggerwerkzaamheden.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2">Artikel 4.5, tweede lid</tekst:IntRef> vindt geen toepassing indien het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werk</tekst:IntRef> of de handeling valt onder de in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1">Artikel 4.4, eerste lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9">Artikel 4.4, negende lid</tekst:IntRef> gestelde verboden.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>4.2.1.2</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Waterwingebied</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>4.6</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Verboden activiteiten in waterwingebied</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een milieubelastende activiteit te verrichten als bedoeld in:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.5 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op het exploiteren van een vergunningplichtige stookinstallatie;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.24 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op het opslaan van gevaarlijke vloeistoffen;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_c">
			    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.27 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op het opslaan van gevaarlijke stoffen;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_d">
			    <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.36 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op het opslaan van gevaarlijke meststoffen;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_e">
			    <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.39 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op het opslaan, mengen en scheiden van bedrijfsafvalstoffen of gevaarlijke vloeistoffen;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_f">
			    <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>afdeling 3.3 Besluit activiteiten leefomgeving, complexe bedrijven;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_g" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_g">
			    <tekst:LiNummer>g.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.103 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op de metaalproductenindustrie;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_h" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_h">
			    <tekst:LiNummer>h.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.118 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op de chemische producten industrie</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_i" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_i">
			    <tekst:LiNummer>i.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.122 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op de leerindustrie;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_j" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_j">
			    <tekst:LiNummer>j.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.170 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op de milieustraat;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_k" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_k">
			    <tekst:LiNummer>k.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.184 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op het verwerken van bedrijfsafvalstoffen en gevaarlijke afvalstoffen;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_l" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_l">
			    <tekst:LiNummer>l.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.232 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op de chemische wasserij; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_m" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1__list_1__item_m">
			    <tekst:LiNummer>m.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>artikel 3.329 Besluit activiteiten leefomgeving gericht op militaire kazernes.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden bestrijdingsmiddelen, gewasbeschermingsmiddelen of biociden te gebruiken.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 2 meter beneden maaiveld.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_4" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_4">
		      <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 11 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_5" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_5">
		      <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 14 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_6" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_6">
		      <tekst:LidNummer>6.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 26 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_7" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_7">
		      <tekst:LidNummer>7.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 29 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_8" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_8">
		      <tekst:LidNummer>8.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 32 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_9" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_9">
		      <tekst:LidNummer>9.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 35 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10">
		      <tekst:LidNummer>10.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden om zonder omgevingsvergunning:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al><tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef>, daaronder begrepen leidingen en installaties, te maken of te houden met het kennelijke doel het vervoeren, bergen, opslaan, overslaan, storten of verzinken van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_46">schadelijke stoffen</tekst:IntRef> door of in de bodem mogelijk te maken met uitzondering van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef>die voorzien in:</tekst:Al>
			    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10__list_1__item_a__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10__list_1__item_a__list_1">
			      <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10__list_1__item_a__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10__list_1__item_a__list_1__item_1">
				<tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
				<tekst:Al>het vervoer van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_46">schadelijke stoffen</tekst:IntRef> ten behoeve van niet bedrijfsmatig gebruik;</tekst:Al>
			      </tekst:Li>
			      <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10__list_1__item_a__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10__list_1__item_a__list_1__item_2">
				<tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
				<tekst:Al>het doelmatig verwijderen van binnen het gebied vrijkomende <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_46">schadelijke stoffen</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
			      </tekst:Li>
			    </tekst:Lijst>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>wegen, parkeergelegenheden, terreinen voor zover deze - al dan niet tijdelijk - voor gemotoriseerd verkeer openstaan, waterwegen of spoorwegen aan te leggen, te hebben of te <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_41">reconstrueren</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10__list_1__item_c">
			    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>kampeergelegenheden, recreatiecentra of kampementen aan te leggen, te hebben, in exploitatie te nemen of te exploiteren;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10__list_1__item_d">
			    <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een lozing op of in de bodem uit te voeren met uitzondering van lozingen waarvoor de regels gelden zoals gesteld in de hoofdstukken 2 tot en met 5 van het Besluit activiteiten leefomgeving over lozingsactiviteiten op een oppervlaktewaterlichaam en lozingsactiviteiten op een zuiveringtechnisch <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werk</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10__list_1__item_e">
			    <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de bodem onder oppervlaktewater te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen met uitzondering van onderhoudsbaggerwerkzaam&#173;heden.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_11" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_11">
		      <tekst:LidNummer>11.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Waar sprake is van oprichten, maken of aanleggen, wordt daaronder mede verstaan wijzigen of uitbreiden.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>4.7</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Uitzondering verboden activiteiten in waterwingebied</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het verbod van <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1">Artikel 4.6, eerste lid</tekst:IntRef> geldt niet met betrekking tot grondwateronttrekkingsactiviteiten gericht op de openbare drinkwaterproductie.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het verbod op het gebruik van bestrijdingsmiddelen, gewasbeschermingsmiddelen of biociden als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_2">Artikel 4.6, tweede lid</tekst:IntRef> geldt niet, indien uit de toelatingsbeschikking blijkt dat het middel in een met het oog op de bescherming van het grondwater aangewezen gebied mag worden toegepast.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het verbod op bodemverstoring als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_3">Artikel 4.6, derde lid</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_4">Artikel 4.6, vierde lid</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_5">Artikel 4.6, vijfde lid</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_6">Artikel 4.6, zesde lid</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_7">Artikel 4.6, zevende lid</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_8">Artikel 4.6, achtste lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_9">Artikel 4.6, negende lid</tekst:IntRef> geldt niet voor:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het verrichten van werkzaamheden ten behoeve van een grondwateronttrekkingsactiviteit met het oog op de openbare drinkwaterproductie, waaronder inbegrepen het oprichten, in exploitatie nemen of hebben van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorputten</tekst:IntRef> voor de grondwater&#173;monitoring;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het oprichten, in exploitatie nemen of hebben van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorputten</tekst:IntRef> ten behoeve van het grondwaterbeheer door of op last van het college van dijkgraaf en heemraden of gedeputeerde staten;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_c">
			    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het onderzoeken en <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_45">saneren</tekst:IntRef> van de bodem en het grondwater dan wel het verrichten van activiteiten ten gevolge van waarvan een verontreiniging van de bodem en het grondwater wordt verminderd of verplaatst, indien voor het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_45">saneren</tekst:IntRef> of die activiteiten hoofdstuk 6 of het overgangsrecht als bedoeld in hoofdstuk 3 van de Aanvullingswet bodem Omgevingswet van toepassing is;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_d">
			    <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het verrichten van werkzaamheden ter uitvoering van een door gedeputeerde staten verleende omgevingsvergunning voor een ontgrondingsactiviteit;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_e">
			    <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het slaan of hebben van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_38">prefab betonnen heipalen</tekst:IntRef>, mits wordt voldaan aan <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.15">Artikel 4.15</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_f">
			    <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het uitvoeren van sonderingen, mits:</tekst:Al>
			    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_f__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_f__list_1">
			      <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_f__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_f__list_1__item_1">
				<tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
				<tekst:Al>na het trekken van de sondeerstangen het gehele sondeergat volledig wordt opgevuld met zwelklei met behulp van de "Naprikmethode" en</tekst:Al>
			      </tekst:Li>
			      <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_f__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_f__list_1__item_2">
				<tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
				<tekst:Al>ten minste vier weken voor het begin van de sondering een melding wordt gedaan als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16">Artikel 4.16</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			      </tekst:Li>
			    </tekst:Lijst>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_g" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3__list_1__item_g">
			    <tekst:LiNummer>g.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>onderhoudsbaggerwerkzaamheden.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_4" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_4">
		      <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3">Artikel 4.7, derde lid</tekst:IntRef> vindt geen toepassing indien het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werk</tekst:IntRef> of de handeling valt onder de in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1">Artikel 4.6, eerste lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10">Artikel 4.6, tiende lid</tekst:IntRef> gestelde verboden.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>4.2.1.3</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Boringsvrije zone</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>4.8</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Verbod op bodemverstoring in de boringsvrije zone</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 8 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 11 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 14 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_4" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_4">
		      <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 17 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_5" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_5">
		      <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 20 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_6" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_6">
		      <tekst:LidNummer>6.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 23 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_7" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_7">
		      <tekst:LidNummer>7.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 26 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_8" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_8">
		      <tekst:LidNummer>8.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 29 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_9" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_9">
		      <tekst:LidNummer>9.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 32 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_10" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_10">
		      <tekst:LidNummer>10.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 35 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_11" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_11">
		      <tekst:LidNummer>11.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 38 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_12" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_12">
		      <tekst:LidNummer>12.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 41 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_13" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_13">
		      <tekst:LidNummer>13.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 44 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_14" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8__para_14">
		      <tekst:LidNummer>14.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden de bodem te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen en te verstoren door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken of te behouden of handelingen te verrichten dieper dan 47 meter ten opzichte van NAP.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>4.9</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Uitzondering verbod op bodemverstoring in de boringsvrije zone</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het verbod op bodemverstoring als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8">Artikel 4.8</tekst:IntRef> geldt niet voor:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het verrichten van werkzaamheden ten behoeve van een grondwateronttrekkingsactiviteit, met het oog op de openbare drinkwaterproductie, waaronder inbegrepen het oprichten, in exploitatie nemen of hebben van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorputten</tekst:IntRef> voor de grondwater&#173;monitoring;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het oprichten, in exploitatie nemen of hebben van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorputten</tekst:IntRef> ten behoeve van het grondwaterbeheer door of op last van het college van dijkgraaf en heemraden of gedeputeerde staten;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het onderzoeken en <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_45">saneren</tekst:IntRef> van de bodem en het grondwater dan wel het verrichten van activiteiten ten gevolge van waarvan een verontreiniging van de bodem en het grondwater wordt verminderd of verplaatst, indien voor het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_45">saneren</tekst:IntRef> of die activiteiten hoofdstuk 6 of het overgangsrecht als bedoeld in hoofdstuk 3 van de Aanvullingswet bodem Omgevingswet van toepassing is;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_d">
			  <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het verrichten van werkzaamheden ter uitvoering van een door gedeputeerde staten verleende omgevingsvergunning voor een ontgrondingsactiviteit;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_e">
			  <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het slaan of hebben van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_38">prefab betonnen heipalen</tekst:IntRef>, mits wordt voldaan aan <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.18">Artikel 4.18</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_f">
			  <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het uitvoeren van sonderingen, mits:</tekst:Al>
			  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_f__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_f__list_1">
			    <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_f__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_f__list_1__item_1">
			      <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			      <tekst:Al>na het trekken van de sondeerstangen het gehele sondeergat volledig wordt opgevuld met zwelklei met behulp van de "Naprikmethode" en</tekst:Al>
			    </tekst:Li>
			    <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_f__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_f__list_1__item_2">
			      <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			      <tekst:Al>ten minste vier weken voor het begin van de sondering een melding wordt gedaan als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19">Artikel 4.19</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			    </tekst:Li>
			  </tekst:Lijst>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_g" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9__list_1__item_g">
			  <tekst:LiNummer>g.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>onderhoudsbaggerwerkzaamheden.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.4" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.4">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>4.2.1.4</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.4__art_4.10" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.4__art_4.10">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>4.10</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Aanvraagvereisten omgevingsvergunning</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.4__art_4.10__para_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.4__art_4.10__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Bij de aanvraag om omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9">Artikel 4.4 , negende Lid</tekst:IntRef> wordt in aanvulling op artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling relevante gegevens en bescheiden verstrekt over de voorgenomen activiteit.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.4__art_4.10__para_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.4__art_4.10__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Bij de aanvraag om omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10">Artikel 4.6, tiende lid</tekst:IntRef> wordt in aanvulling op artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling relevante gegevens en bescheiden verstrekt over de voorgenomen activiteit.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>4.2.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Algemene regels en meldingen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>4.2.2.1</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Beschermingsgebied voor grondwater</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>4.11</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Melding: boorputten onttrekken grondwater of uitwisseling energie in een beschermingsgebied voor grondwater</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 2 meter ten opzichte van maaiveld een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 8 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 11 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_4" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_4">
		      <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 14 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_5" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_5">
		      <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 17 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_6" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_6">
		      <tekst:LidNummer>6.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 20 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_7" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_7">
		      <tekst:LidNummer>7.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden af te wijken van de gegevens en bescheiden die bij een melding zijn verstrekt, zonder dit ten minste vier weken voor die afwijking te melden.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_8" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_8">
		      <tekst:LidNummer>8.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>In aanvulling op <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> bevat een melding voor een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> geschikt voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie gegevens en bescheiden over:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_8__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_8__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_8__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_8__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de begrenzing van de activiteit;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_8__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_8__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de verwachte datum van het begin van de activiteit.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_9" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_9">
		      <tekst:LidNummer>9.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Een melding voor een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> geschikt voor de uitwisseling van energie bevat aanvullend:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_9__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_9__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_9__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_9__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de kadastrale aanduiding van de plaats van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_9__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_9__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de co&#246;rdinaten van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> conform artikel 7.1b Omgevingsregeling;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_9__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_9__list_1__item_c">
			    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een beschrijving van het systeem waar de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> deel vanuit maakt;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_9__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_9__list_1__item_d">
			    <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een beschrijving van de constructie van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> inclusief de materiaalkeuze en de te gebruiken vloeistoffen;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_9__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_9__list_1__item_e">
			    <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de wijze waarop de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> wordt opgericht of gewijzigd;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_9__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_9__list_1__item_f">
			    <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de diepte van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> ten opzichte van Normaal Amsterdams Peil respectievelijk maaiveld.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_10" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_10">
		      <tekst:LidNummer>10.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_8">Artikel 4.11 , achtste Lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.11__para_9">Artikel 4.11 , negende Lid</tekst:IntRef> zijn van overeenkomstige toepassing als eerder verstrekte gegevens of bescheiden wijzigen.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.12" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.12">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>4.12</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Algemene regels prefab betonnen heipalen bij werkzaamheden aan de fundering van een bouwwerk in een beschermingsgebied voor grondwater</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Bij werkzaamheden aan de fundering van een bouwwerk worden de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_38">prefab betonnen heipalen</tekst:IntRef> als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2">Artikel 4.5, tweede lid</tekst:IntRef> onder e, minimaal twee meter beneden maaiveld afgewerkt door middel van de methodes 'afzagen' of 'afknabbelen'.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>4.13</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Melding: uitvoeren van sonderingen in een beschermingsgebied voor grondwater</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 2 meter ten opzichte van maaiveld zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 8 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 11 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_4" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_4">
		      <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 14 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_5" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_5">
		      <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 17 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_6" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_6">
		      <tekst:LidNummer>6.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 20 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_7" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_7">
		      <tekst:LidNummer>7.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2">Artikel 4.5, tweede lid</tekst:IntRef> onder f, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_8" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_8">
		      <tekst:LidNummer>8.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden af te wijken van de gegevens en bescheiden die bij een melding zijn verstrekt, zonder dit ten minste vier weken voor die afwijking te melden.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_9" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_9">
		      <tekst:LidNummer>9.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>In aanvulling op <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> bevat een melding gegevens en bescheiden over:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_9__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_9__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_9__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_9__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de begrenzing van de activiteit;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_9__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_9__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de verwachte datum van het begin van de activiteit;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_9__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_9__list_1__item_c">
			    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>gegevens en bescheiden over de uitvoerder;de voor de sondering te gebruiken methode;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_9__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_9__list_1__item_d">
			    <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de kadastrale aanduiding van de plaats van de sondering;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_9__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_9__list_1__item_e">
			    <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de co&#246;rdinaten van de sondering(en) conform artikel 7.1b Omgevingsregeling.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_10" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_10">
		      <tekst:LidNummer>10.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13__para_9">Artikel 4.13 , negende Lid</tekst:IntRef> is van overeenkomstige toepassing als eerder verstrekte gegevens of bescheiden wijzigen.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>4.2.2.2</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Waterwingebied</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>4.14</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Melding: boorputten onttrekken grondwater of uitwisseling energie in een waterwingebied</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 2 meter ten opzichte van maaiveld een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 11 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 14 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_4" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_4">
		      <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 26 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_5" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_5">
		      <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 29 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_6" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_6">
		      <tekst:LidNummer>6.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 32 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_7" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_7">
		      <tekst:LidNummer>7.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 35 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_8" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_8">
		      <tekst:LidNummer>8.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden af te wijken van de gegevens en bescheiden die bij een melding zijn verstrekt, zonder dit ten minste vier weken voor die afwijking te melden.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_9" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_9">
		      <tekst:LidNummer>9.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>In aanvulling op <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> bevat een melding voor een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> geschikt voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie gegevens en bescheiden over:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_9__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_9__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_9__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_9__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de begrenzing van de activiteit;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_9__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_9__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de verwachte datum van het begin van de activiteit.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_10" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_10">
		      <tekst:LidNummer>10.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Een melding voor een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> geschikt voor de uitwisseling van energie bevat aanvullend:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_10__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_10__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_10__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_10__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de kadastrale aanduiding van de plaats van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_10__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_10__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de co&#246;rdinaten van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> conform artikel 7.1b Omgevingsregeling;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_10__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_10__list_1__item_c">
			    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een beschrijving van het systeem waar de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> deel vanuit maakt;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_10__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_10__list_1__item_d">
			    <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een beschrijving van de constructie van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> inclusief de materiaalkeuze en de te gebruiken vloeistoffen;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_10__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_10__list_1__item_e">
			    <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de wijze waarop de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> wordt opgericht of gewijzigd;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_10__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_10__list_1__item_f">
			    <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de diepte van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> ten opzichte van Normaal Amsterdams Peil respectievelijk maaiveld.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_11" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_11">
		      <tekst:LidNummer>11.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_9">Artikel 4.14 , negende Lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14__para_10">Artikel 4.14 , tiende Lid</tekst:IntRef> zijn van overeenkomstige toepassing als eerder verstrekte gegevens of bescheiden wijzigen.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.15" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.15">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>4.15</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Algemene regels prefab betonnen heipalen bij werkzaamheden aan de fundering van een bouwwerk in een waterwingebied</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Bij werkzaamheden aan de fundering van een bouwwerk worden de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_38">prefab betonnen heipalen</tekst:IntRef> als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3">Artikel 4.7, derde lid</tekst:IntRef> onder e, minimaal twee meter beneden maaiveld afgewerkt door middel van de methodes 'afzagen' of 'afknabbelen'.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>4.16</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Melding: uitvoeren van sonderingen in een waterwingebied</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 2 meter ten opzichte van maaiveld zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 11 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 14 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_4" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_4">
		      <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 26 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_5" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_5">
		      <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 29 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_6" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_6">
		      <tekst:LidNummer>6.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 32 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_7" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_7">
		      <tekst:LidNummer>7.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 35 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_8" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_8">
		      <tekst:LidNummer>8.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3">Artikel 4.7, derde lid</tekst:IntRef> onder f, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_9" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_9">
		      <tekst:LidNummer>9.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden af te wijken van de gegevens en bescheiden die bij een melding zijn verstrekt, zonder dit ten minste vier weken voor die afwijking te melden.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_10" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_10">
		      <tekst:LidNummer>10.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>In aanvulling op <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> bevat een melding gegevens en bescheiden over:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_10__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_10__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_10__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_10__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de begrenzing van de activiteit;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_10__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_10__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de verwachte datum van het begin van de activiteit;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_10__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_10__list_1__item_c">
			    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>gegevens en bescheiden over de uitvoerder; de voor de sondering te gebruiken methode;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_10__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_10__list_1__item_d">
			    <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de kadastrale aanduiding van de plaats van de sondering;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_10__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_10__list_1__item_e">
			    <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de co&#246;rdinaten van de sondering(en) conform artikel 7.1b Omgevingsregeling.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_11" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_11">
		      <tekst:LidNummer>11.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16__para_10">Artikel 4.16 , tiende Lid</tekst:IntRef> is van overeenkomstige toepassing als eerder verstrekte gegevens of bescheiden wijzigen.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>4.2.2.3</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Boringsvrije zone</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>4.17</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Melding: boorputten onttrekken grondwater of uitwisseling energie in de boringsvrije zone</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 8 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 11 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 14 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_4" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_4">
		      <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 17 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_5" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_5">
		      <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 20 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_6" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_6">
		      <tekst:LidNummer>6.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 23 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_7" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_7">
		      <tekst:LidNummer>7.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 26 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_8" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_8">
		      <tekst:LidNummer>8.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 29 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_9" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_9">
		      <tekst:LidNummer>9.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 32 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_10" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_10">
		      <tekst:LidNummer>10.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 35 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_11" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_11">
		      <tekst:LidNummer>11.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 38 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_12" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_12">
		      <tekst:LidNummer>12.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 41 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_13" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_13">
		      <tekst:LidNummer>13.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 44 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_14" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_14">
		      <tekst:LidNummer>14.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden tot een diepte van 47 meter ten opzichte van NAP een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> op te richten of te wijzigen die geschikt is voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_15" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_15">
		      <tekst:LidNummer>15.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden af te wijken van de gegevens en bescheiden die bij een melding zijn verstrekt, zonder dit ten minste vier weken voor die afwijking te melden.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_16" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_16">
		      <tekst:LidNummer>16.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>In aanvulling op <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> bevat een melding voor een boorput geschikt voor het onttrekken van grondwater of de uitwisseling van energie gegevens en bescheiden over:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_16__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_16__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_16__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_16__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de begrenzing van de activiteit;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_16__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_16__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de verwachte datum van het begin van de activiteit.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_17" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_17">
		      <tekst:LidNummer>17.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Een melding voor een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> geschikt voor de uitwisseling van energie bevat aanvullend:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_17__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_17__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_17__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_17__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de kadastrale aanduiding van de plaats van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_17__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_17__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een beschrijving van het systeem waar de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> deel vanuit maakt;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_17__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_17__list_1__item_c">
			    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een beschrijving van de constructie van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> inclusief de materiaalkeuze en de te gebruiken vloeistoffen;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_17__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_17__list_1__item_d">
			    <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de wijze waarop de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> wordt opgericht of gewijzigd;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_17__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_17__list_1__item_e">
			    <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de diepte van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">boorput</tekst:IntRef> ten opzichte van Normaal Amsterdams Peil respectievelijk maaiveld.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_18" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_18">
		      <tekst:LidNummer>18.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_16">Artikel 4.17, zestiende lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17__para_17">Artikel 4.17, zeventiende lid</tekst:IntRef> zijn van overeenkomstige toepassing als eerder verstrekte gegevens of bescheiden wijzigen.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.18" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.18">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>4.18</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Algemene regels prefab betonnen heipalen bij werkzaamheden aan de fundering van een bouwwerk in de boringsvrije zone</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Bij werkzaamheden aan de fundering van een bouwwerk worden de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_38">prefab betonnen heipalen</tekst:IntRef> als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9">Artikel 4.9</tekst:IntRef>, aanhef en onder e, minimaal twee meter beneden maaiveld afgewerkt door middel van de methodes 'afzagen' of 'afknabbelen'.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>4.19</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Melding: uitvoeren van sonderingen in de boringsvrije zone</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 8 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 11 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 14 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_4" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_4">
		      <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 17 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_5" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_5">
		      <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 20 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_6" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_6">
		      <tekst:LidNummer>6.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 23 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_7" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_7">
		      <tekst:LidNummer>7.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 26 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_8" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_8">
		      <tekst:LidNummer>8.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 29 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_9" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_9">
		      <tekst:LidNummer>9.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 32 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_10" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_10">
		      <tekst:LidNummer>10.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 35 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_11" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_11">
		      <tekst:LidNummer>11.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 38 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_12" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_12">
		      <tekst:LidNummer>12.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 41 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_13" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_13">
		      <tekst:LidNummer>13.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 44 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_14" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_14">
		      <tekst:LidNummer>14.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren tot een diepte van 47 meter ten opzichte van NAP zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_15" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_15">
		      <tekst:LidNummer>15.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden een sondering uit te voeren als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9">Artikel 4.9</tekst:IntRef>, aanhef en onder f, zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_16" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_16">
		      <tekst:LidNummer>16.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het is verboden af te wijken van de gegevens en bescheiden die bij een melding zijn verstrekt, zonder dit ten minste vier weken voor die afwijking te melden.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_17" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_17">
		      <tekst:LidNummer>17.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>In aanvulling op <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> bevat een melding gegevens en bescheiden over:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_17__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_17__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_17__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_17__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de begrenzing van de activiteit;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_17__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_17__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de verwachte datum van het begin van de activiteit;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_17__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_17__list_1__item_c">
			    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>gegevens en bescheiden over de uitvoerder;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_17__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_17__list_1__item_d">
			    <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de kadastrale aanduiding van de plaats van de sondering;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_17__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_17__list_1__item_e">
			    <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de co&#246;rdinaten van de sondering(en) conform artikel 7.1b Omgevingsregeling;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_17__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_17__list_1__item_f">
			    <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de voor de sondering te gebruiken methode.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_18" wId="pv24_80__chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_18">
		      <tekst:LidNummer>18.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19__para_17">Artikel 4.19 , zeventiende Lid</tekst:IntRef> is van overeenkomstige toepassing als eerder verstrekte gegevens of bescheiden wijzigen.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_4__title_4.3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.3__art_4.20" wId="pv24_80__chp_4__title_4.3__art_4.20">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>4.20</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Waterschap Zuiderzeeland: grondwateronttrekkingsactiviteit in grondwaterbeschermingsgebieden</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_4__title_4.3__art_4.20__para_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.3__art_4.20__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De algemene vergadering regelt in de waterschapsverordening voor de behartiging van de taken die het waterschap zijn opgedragen, dat het absoluut verboden is grondwater te onttrekken of water te retourneren of te <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_26">infiltreren van water</tekst:IntRef>, indien de onttrekking of infiltratie plaatsvindt op een grotere diepte dan in een beschermingszone voor grondwater, een waterwingebied en de boringsvrije zone is toegestaan.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_4__title_4.3__art_4.20__para_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.3__art_4.20__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De algemene vergadering regelt in de waterschapsverordening, dat vergunningen voor onttrekkingen die op 22 december 2009 vallen onder het verbod als bedoeld in artikel 6.4 van de Verordening voor de fysieke leefomgeving Flevoland blijven bestaan tot het moment dat de onttrekking wordt be&#235;indigd of tot 1 januari 2025.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_4__title_4.3__art_4.20__para_3" wId="pv24_80__chp_4__title_4.3__art_4.20__para_3">
		  <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De instructieregel als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.3__art_4.20__para_1">Artikel 4.20 , eerste Lid</tekst:IntRef> heeft geen betrekking op:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_4__title_4.3__art_4.20__para_3__list_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.3__art_4.20__para_3__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_4__title_4.3__art_4.20__para_3__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_4__title_4.3__art_4.20__para_3__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>onttrekkingen ten behoeve van de grondwatermonitoring, met het oog op de openbare drinkwaterproductie;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_4__title_4.3__art_4.20__para_3__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_4__title_4.3__art_4.20__para_3__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>onttrekkingen ten behoeve van het grondwaterbeheer door of op last van het college van dijkgraaf en heemraden of gedeputeerde staten;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_4__title_4.3__art_4.20__para_3__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_4__title_4.3__art_4.20__para_3__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>onttrekkingen ten behoeve van het onderzoeken en saneren van de bodem en het grondwater dan wel het verrichten van activiteiten ten gevolge van waarvan een verontreiniging van de bodem en het grondwater wordt verminderd of verplaatst, indien voor het saneren of die activiteiten <tekst:IntRef ref="chp_6">Hoofdstuk 6</tekst:IntRef> of het overgangsrecht als bedoeld in hoofdstuk 3 van de Aanvullingswet bodem Omgevingswet van toepassing is.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_4__title_4.3__art_4.21" wId="pv24_80__chp_4__title_4.3__art_4.21">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>4.21</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Bevoegd gezag: beoordelingsregels werken en handelingen voor een milieubelastende activiteit in een beschermingsgebied voor grondwater of een waterwingebied)</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_4__title_4.3__art_4.21__para_1" wId="pv24_80__chp_4__title_4.3__art_4.21__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De omgevingsvergunning voor <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> en handelingen in een beschermingsgebied voor grondwater als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9">Artikel 4.4 , negende Lid</tekst:IntRef>, wordt alleen verleend indien het belang waartoe het betreffende grondwaterbeschermingsgebied is aangewezen zich daartegen niet verzet.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_4__title_4.3__art_4.21__para_2" wId="pv24_80__chp_4__title_4.3__art_4.21__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De omgevingsvergunning voor <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> en handelingen in een waterwingebied als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10">Artikel 4.6, tiende lid</tekst:IntRef>, wordt alleen verleend indien het belang waartoe het betreffende grondwaterbeschermingsgebied is aangewezen zich daartegen niet verzet.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_5" wId="pv24_80__chp_5">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>5</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Grondwateronttrekkingen</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Titel eId="chp_5__title_5.1" wId="pv24_80__chp_5__title_5.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemeen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_5__title_5.1__art_5.1" wId="pv24_80__chp_5__title_5.1__art_5.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>5.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk zijn gesteld met het oog op het de bescherming van de grondwaterkwaliteit, doelmatig waterbeheer en doelmatig gebruik van bodemenergie.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_5__title_5.1__art_5.2" wId="pv24_80__chp_5__title_5.1__art_5.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>5.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Werkingsgebied</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk gelden voor het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_39__ref_o_1" eId="chp_5__title_5.1__art_5.2__ref_1" wId="pv24_80__chp_5__title_5.1__art_5.2__ref_1">grondgebied van de provincie Flevoland</tekst:IntIoRef>, waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_5__title_5.2" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Activiteiten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>5.2.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Grondwateronttrekkingen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.3" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.3">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>5.3</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>(Toepassingsbereik)</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Deze paragraaf gaat over:</tekst:Al>
		    <tekst:Al>a. het onttrekken van grondwater door een daarvoor bedoelde voorziening of het in de bodem het in de bodem brengen van water ter aanvulling van het grondwater, in samenhang met het onttrekken van grondwater door een daarvoor bedoelde voorziening als bedoeld in artikel 16.3 van het Besluit activiteit leefomgeving; en</tekst:Al>
		    <tekst:Al>b. het onttrekken van grondwater in verband met de aanleg of gebruik van een open bodemenergiesysteem als bedoeld in artikel 3.18 van het Besluit activiteiten leefomgeving.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.4" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.4">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>5.4</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>(Meetverplichting onttrekken van grondwater en infiltratie van water)</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.4__para_1" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.4__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Degene die grondwater onttrekt als bedoeld in artikel 5.3, onder a meet de in elk kwartaal onttrokken hoeveelheid grondwater of ge&#239;nfiltreerd water met een nauwkeurigheid van ten minste 95%.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.4__para_2" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.4__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Voor kortdurende of seizoensgebonden onttrekkingen of infiltraties kan Gedeputeerde Staten in de voorschriften van de omgevingsvergunning voor de wateronttrekkingsactiviteit bij maatwerkvoorschrift bepalen dat de hoeveelheid over een kortere tijdsspanne wordt gemeten.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.4__para_3" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.4__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Degene die water in de bodem brengt, ter aanvulling van het grondwater, in samenhang met het onttrekken van grondwater door een daarvoor bedoelde voorziening, meet de kwaliteit van dat water door het nemen van representatieve monsters en het analyseren van de in <tekst:IntRef ref="cmp_5">Bijlage V</tekst:IntRef><tekst:u/> opgenomen parameters met de in die tabel aangegeven frequentie.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.4__para_4" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.4__para_4">
		    <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Uiterlijk op 31 januari van elk jaar of, als de onttrekking of infiltratie is be&#235;indigd, binnen een maand na het tijdstip van be&#235;indiging, worden aan Gedeputeerde Staten de volgende gegevens verstrekt:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.4__para_4__list_1" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.4__para_4__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.4__para_4__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.4__para_4__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de in het voorgaande kalenderjaar gemeten hoeveelheden onttrokken grondwater en ge&#239;nfiltreerd water; en</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.4__para_4__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.4__para_4__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de kwaliteit van het ge&#239;nfiltreerde water.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.4__para_4__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.4__para_4__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de analyse van de monsters vindt plaats overeenkomstig bijlage 4 bij de Drinkwaterregeling.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>5.2.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Aanleg en gebruik van een open bodemenergiesysteem</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.5" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.5">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>5.5</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>(Toepassingsbereik)</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Deze paragraaf gaat over de aanleg en gebruik van een open bodemenergiesysteem als bedoeld in artikel 3.18 van het Besluit activiteiten leefomgeving.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.6" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.6">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>5.6</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>(Vergunningvrije bodemenergiesystemen)</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.6__para_1" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.6__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Met het oog op doelmatig gebruik van bodemenergie of doelmatig waterbeheer is geen omgevingsvergunning vereist voor de milieubelastende activiteit, bedoeld in artikel 3.18 van het Besluit activiteiten leefomgeving, voor zover het gaat om het aanleggen of gebruiken van een open bodemenergiesysteem als de hoeveelheid grondwater die wordt onttrokken niet meer is dan 10 m<tekst:sup>3</tekst:sup> per uur.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.6__para_2" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.6__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het eerste lid is niet van toepassing in een bij <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> of deze verordening aangewezen interferentiegebied.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.7" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.7">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>5.7</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>(Gegevens en bescheiden)</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>In aanvulling op de gegevens en bescheiden zoals opgenomen in artikel 2.17 van het Besluit activiteiten leefomgeving worden bij een melding voor het aanleggen en gebruiken van een open bodemenergiesysteem als bedoeld in artikel 4.1149 van het Besluit activiteit leefomgeving de gegevens en bescheiden verstrekt zoals opgenomen in artikel 7.35 van de Omgevingsregeling.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.8" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.8">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>5.8</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>(Registratieplicht)</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.8__para_1" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.8__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In aanvulling op de registratieplicht zoals opgenomen in artikel 4.1150 van het Besluit activiteiten leefomgeving worden van de volgende gegevens een registratie bijgehouden:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.8__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.8__para_1__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.8__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.8__para_1__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>gemiddelde chloride-gehalte per jaar van het grondwater dat door het systeem in de bodem wordt teruggeleid.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.8__para_2" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.8__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Jaarlijks voor 1 maart worden de gegevens en bescheiden, bedoeld in het eerste lid als ook de gegevens en bescheiden bedoeld in artikel 4.1150 van het Besluit activiteiten leefomgeving aan bevoegd gezag verstrekt.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.9" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.9">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>5.9</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>(Vrijstelling registratieplicht)</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De in artikel 4.1150, onder a, van het Besluit activiteiten leefomgeving opgenomen registratieplicht ten aanzien van de hoeveelheid warmte en koude die aan de bodem zijn toegevoegd, als ook de in artikel 4.1150 van het Besluit activiteiten leefomgeving bedoelde jaarlijkse verstrekking van deze gegevens en bescheiden, is niet van toepassing bij een open bodemenergiesysteem als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.6__para_1">Artikel 5.6, eerste lid</tekst:IntRef> waarbij het onttrokken water in een aaneengesloten systeem weer volledig wordt teruggebracht in hetzelfde watervoerende pakket als waaraan het is onttrokken.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.10" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.10">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>5.10</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>(Energie: Energierendement)</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.10__para_1" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.10__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Met het oog op doelmatig gebruik van bodemenergie behaalt een open bodemenergiesysteem als bedoeld in artikel 3.18 van het Besluit activiteiten leefomgeving jaarlijks minimaal een energierendement van SPF 5.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.10__para_2" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.10__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Indien uit de jaarlijkse verstrekte gegevens en bescheiden als bedoeld in artikel 4.1155a van het Besluit activiteiten leefomgeving blijkt dat het energierendement beneden SPF 5 komt of minder is dan 80% is afgenomen ten opzichte van het jaar ervoor worden maatregelen getroffen.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.10__para_3" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.10__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Maatregelen als bedoeld in het tweede lid dienen ertoe te strekken dat het energierendement verhoogd wordt, waarbij minimaal een energierendement van SPF 5 behaald wordt.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.11" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.11">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>5.11</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>(Water: voorkomen verzilting)</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Met het oog op het beschermen van de grondwaterkwaliteit wordt vermenging van zoet met zout of brak grondwater als bedoeld in tabel 1 van de Zoet-zout studie van provincie Flevoland (Deltares rapport d.d. 14 mei 2008, kenmerk 2008-U-R0546/A) zoveel als wat redelijkerwijs kan voorkomen.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>5.2.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Interferentiegebieden</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.12" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.12">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>5.12</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>(Toepassingsbereik)</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Deze paragraaf is van toepassing op de aanleg of gebruik van een open bodemenergiesysteem als bedoeld in artikel 3.18 van het Besluit activiteiten leefomgeving, gelegen in het interferentiegebied bedrijventerrein Zwolsehoek als bedoel in de Verordening <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_42__ref_o_1" eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.12__ref_1" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.12__ref_1">interferentiegebieden bodemenergiesystemen Gemeente Urk</tekst:IntIoRef> 2019.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.13" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.13">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>5.13</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>(Energie: opslagsysteem)</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.13__para_1" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.13__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een open bodemenergiesysteem als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.12">Artikel 5.12</tekst:IntRef> moet uitgevoerd worden als een doubletsysteem in het gecombineerde tweede en derde watervoerende pakket tussen 60 en 225 meter minus maaiveld.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.13__para_2" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.13__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In afwijking van het eerste lid kan afgeweken van een doubletsysteem indien aangetoond kan worden dat dit past binnen het bodemenergieplan Bedrijventerrein Zwolsehoek op Urk, [IF Technology Creating energy, d.d. 26 februari 2019, kenmerk68122/SV20190226, versie 3.0].</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.13__para_3" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.13__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het is verboden om een open bodemenergiesysteem als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.12">Artikel 5.12</tekst:IntRef> uit te voeren als recirculatiesysteem.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.14" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.14">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>5.14</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>(Voorkomen interferentie)</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.14__para_1" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.14__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De warme en koude bronnen van een open bodemenergiesysteem, als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.12">Artikel 5.12</tekst:IntRef>, moeten worden gepositioneerd binnen de daarvoor bestemde zones, op de kaart van het bodemenergieplan Bedrijventerrein Zwolsehoek op Urk, [IF Technology Creating energy, d.d. 26 februari 2019, kenmerk68122/SV20190226, versie 3.0] aangegeven als rode en blauwe zoekgebieden.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.14__para_2" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.14__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Binnen een zoekgebied kunnen open bodemenergiesystemen, als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.12">Artikel 5.12</tekst:IntRef>, met een totale capaciteit van 500m&#179;/uur en 750.000 m&#179;/seizoen gerealiseerd worden.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.14__para_3" wId="pv24_80__chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.14__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De minimale filterlengte van een open bodemenergiesysteem, als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.12">Artikel 5.12</tekst:IntRef>, bedraagt 40 meter.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_5__title_5.3" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>5.3.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Gedeputeerde Staten</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.15" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.15">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>5.15</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Grondwaterregister</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.15__para_1" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.15__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Gedeputeerde staten houden een register bij waarin wateronttrekkingsactiviteiten, inhoudende het onttrekken van grondwater door een daarvoor bedoelde voorziening of het in de bodem brengen van water, ter aanvulling van het grondwater, in samenhang met het onttrekken van grondwater door een daarvoor bedoelde voorziening, worden opgenomen.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.15__para_2" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.15__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In het grondwaterregister wordt de wateronttrekkingsactiviteit als bedoeld in artikel 16.3 van het Besluit activiteiten leefomgeving ingeschreven met vermelding van de gegevens en bescheiden die in het kader van deze wateronttrekkingsactiviteit aan gedeputeerde staten verstrekt worden.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.15__para_3" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.15__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een niet in het grondwaterregister opgenomen wateronttrekkingsactiviteit, als bedoeld in artikel 16.3 van het Besluit activiteit leefomgeving, wordt ambtshalve door gedeputeerde staten in het grondwaterregister opgenomen. De datum van de ambtshalve inschrijving is de aanvangsdatum van de wateronttrekkingsactiviteit.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.16" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.16">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>5.16</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>(Beoordelingsregel omgevingsvergunning bodemenergiesystemen)</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.16__para_1" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.16__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Op het beoordelen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor de aanleg en het gebruik van open bodemenergiesystemen die op grond van artikel 3.19 van het Besluit activiteiten leefomgeving is vereist, is de Handreiking provinciale besluiten bodemenergiesystemen (BUM BE deel 1) van overeenkomstige toepassing.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.16__para_2" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.16__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In aanvulling op het eerste lid is voor het beoordelen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor de aanleg en het gebruik van open bodemenergiesystemen gelegen in het interferentiegebied bedrijventerrein Zwolse Hoek, zoals aangewezen in de Verordening interferentiegebieden bodemenergiesystemen Gemeente Urk 2019] het bodemenergieplan Bedrijventerrein Zwolsehoek op Urk, [IF Technology Creating energy, d.d. 26 februari 2019, kenmerk 68122/SV20190226, versie 3.0] van toepassing.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.16__para_3" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.16__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een omgevingsvergunning wordt enkel verleend indien er geen vermenging optreedt van zoet met zout of brak grondwater als bedoeld in tabel 1 van de Zoet-zout studie van provincie Flevoland (Deltares rapport d.d. 14 mei 2008, kenmerk 2008-U-R0546/A).</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.16__para_4" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.16__para_4">
		    <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In afwijking van het derde lid kan de omgevingsvergunning verleend worden indien aangetoond wordt dat de vermenging van zoet met zout of brak water niet leidt tot aanzienlijke verzilting van het grondwater.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.17" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.17">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>5.17</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>(Voorschriften omgevingsvergunning bodemenergiesystemen)</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Op het verbinden van voorschriften aan een omgevingsvergunning voor de aanleg en het gebruik van open bodemenergiesystemen die op grond van artikel 3.19 van het Besluit activiteiten leefomgeving is vereist, is de Handreiking provinciale besluiten bodemenergiesystemen (BUM BE deel 1) van overeenkomstige toepassing.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.2" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>5.3.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Waterschap Zuiderzeeland</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.2__art_5.18" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.2__art_5.18">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>5.18</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Gegevens verstrekking en grondwaterregister</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.2__art_5.18__para_1" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.2__art_5.18__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het dagelijks bestuur van het waterschap neemt de volgende gegevens op in het grondwaterregister als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.15__para_1">Artikel 5.15, eerste lid</tekst:IntRef>:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.2__art_5.18__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.2__art_5.18__para_1__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.2__art_5.18__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.2__art_5.18__para_1__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>een overzicht van de op grond van de waterschapsverordening vereiste vergunningen en gegevens en bescheiden op basis waarvan de wateronttrekkingsactiviteit, inhoudende het onttrekken van grondwater door een daarvoor bedoelde voorziening of het in de bodem brengen van water, ter aanvulling van het grondwater, in samenhang met het onttrekken van grondwater door een daarvoor bedoelde voorziening, plaatsvindt.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.2__art_5.18__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.2__art_5.18__para_1__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de gegevens die op grond van de waterschapsverordening vereist zijn in het kader van de wateronttrekkingsactiviteit, inhoudende het onttrekken van grondwater door een daarvoor bedoelde voorziening of het in de bodem brengen van water, ter aanvulling van het grondwater, in samenhang met het onttrekken van grondwater door een daarvoor bedoelde voorziening, door de houder van de omgevingsvergunning of door degene op wie een informatieplicht rust aan het dagelijks bestuur van het waterschap worden verstrekt.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.2__art_5.18__para_2" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.2__art_5.18__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De in het eerste lid opgenomen registratieplicht geldt niet voor wateronttrekkingsactiviteiten waar minder of gelijk aan 10.000 m3 grondwater onttrokken wordt.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.2__art_5.18__para_3" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.2__art_5.18__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De op grond van het eerste en tweede lid vermelde gegevens worden daarnaast aan gedeputeerde staten verstrekt in verband met de grondwateronttrekkingsheffing als bedoeld in artikel 13.4b van de Omgevingswet.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.2__art_5.18__para_4" wId="pv24_80__chp_5__title_5.3__subchp_5.3.2__art_5.18__para_4">
		    <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Gedeputeerde staten kunnen nadere regels stellen aangaande het tijdstip en de wijze waarop de gegevens, bedoeld in het derde lid, worden aangeleverd.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_6" wId="pv24_80__chp_6">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>6</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Grondwaterkwaliteit</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Titel eId="chp_6__title_6.1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemeen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.1__art_6.1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.1__art_6.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>6.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk zijn gesteld uit oogpunt van de bescherming van de grondwaterkwaliteit en het beperken van risico&#x2019;s voor verontreiniging van het grondwater en verdere verspreiding van verontreiniging in het grondwater.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.1__art_6.2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.1__art_6.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>6.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Toepassingsbereik</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Dit hoofdstuk is van toepassing op activiteiten die redelijkerwijs kunnen leiden tot verontreiniging van het grondwater of be&#239;nvloeding van een historische verontreiniging in het grondwater.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.1__art_6.3" wId="pv24_80__chp_6__title_6.1__art_6.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>6.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Aanwijzing werkingsgebieden historische grondwaterverontreiniging</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_6__title_6.1__art_6.3__para_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.1__art_6.3__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_7__ref_o_1" eId="chp_6__title_6.1__art_6.3__para_1__ref_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.1__art_6.3__para_1__ref_1">bekende historische grondwaterverontreiniging</tekst:IntIoRef> is de locatie waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_6__title_6.1__art_6.3__para_2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.1__art_6.3__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_47__ref_o_1" eId="chp_6__title_6.1__art_6.3__para_2__ref_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.1__art_6.3__para_2__ref_1">margegebied historische grondwaterverontreiniging</tekst:IntIoRef> is de bekende historische grondwaterverontreiniging inclusief een zone van 500 meter buiten de bekende historische grondwaterverontreiniging waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_6__title_6.1__art_6.3__para_3" wId="pv24_80__chp_6__title_6.1__art_6.3__para_3">
		  <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al><tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_32__ref_o_1" eId="chp_6__title_6.1__art_6.3__para_3__ref_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.1__art_6.3__para_3__ref_1">Buiten het margegebied historische grondwaterverontreiniging</tekst:IntIoRef> is de zone waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_6__title_6.1__art_6.3__para_4" wId="pv24_80__chp_6__title_6.1__art_6.3__para_4">
		  <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_31__ref_o_1" eId="chp_6__title_6.1__art_6.3__para_4__ref_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.1__art_6.3__para_4__ref_1">bron van een bekende historische grondwaterverontreiniging</tekst:IntIoRef> is de locatie waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_6__title_6.2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Activiteiten die invloed hebben op grondwater</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>6.2.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Risicobeoordeling bij be&#239;nvloeding bekende historische verontreinigingen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>6.4</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Toets op be&#239;nvloeding</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Voorafgaand aan het verrichten van een activiteit in een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_47__ref_o_1" eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_1__ref_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_1__ref_1">margegebied historische grondwaterverontreiniging</tekst:IntIoRef> wordt een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_44">risicobeoordeling grondwater</tekst:IntRef> uitgevoerd als blijkt dat die activiteit in staat is:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_1__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_1__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het grondwater, en daarmee de grondwaterstroming, te be&#207;nvloeden; en</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_1__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de bekende historische grondwaterverontreiniging in het grondwater te be&#207;nvloeden.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_44">risicobeoordeling grondwater</tekst:IntRef> is gericht op het bepalen of sprake is van onaanvaardbare verspreidingsrisico&#x2019;s van de bekende historische grondwaterverontreiniging als gevolg van de activiteit.<tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_47__ref_o_1" eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_2__ref_2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_2__ref_2">Margegebied historische grondwaterverontreiniging</tekst:IntIoRef></tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_3" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Bij het uitvoeren van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_44">risicobeoordeling grondwater</tekst:IntRef>, wordt voldaan aan de regels over het voorafgaand bodemonderzoek, bedoeld in paragraaf 5.2.2 van het Besluit activiteiten leefomgeving.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_4" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_4">
		    <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Voor het bepalen of sprake is van onaanvaardbare verspreidingsrisico&#x2019;s wordt gebruik gemaakt van de Risicotoolbox Grondwater of een gelijkwaardige methode.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.5" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.5">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>6.5</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden:  resultaten risicobeoordeling</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Ten minste vier weken voor aanvang van de activiteit als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_1">Artikel 6.4, eerste lid</tekst:IntRef> worden de gegevens en bescheiden verstrekt aan gedeputeerde staten over:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.5__list_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.5__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.5__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.5__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de resultaten van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_44">risicobeoordeling grondwater</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.5__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.5__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de resultaten van het voorafgaand bodemonderzoek als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4__para_3">Artikel 6.4, derde lid</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.6" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.6">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>6.6</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Maatregelen na uitvoering risicobeoordeling grondwater</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.6__para_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.6__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het is verboden om een activiteit te verrichten in een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_47__ref_o_1" eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.6__para_1__ref_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.6__para_1__ref_1">margegebied historische grondwaterverontreiniging</tekst:IntIoRef> indien de activiteit een bekende historische grondwaterverontreiniging be&#207;nvloedt waarbij op grond van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_44">risicobeoordeling grondwater</tekst:IntRef> is bepaald dat een onaanvaardbaar verspreidingsrisico ontstaat.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.6__para_2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.6__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.6__para_1">Artikel 6.6, eerste lid</tekst:IntRef> is niet van toepassing indien de initiatiefnemer van de activiteit als bedoeld in het eerste lid, gelijktijdig of voorafgaand aan de activiteit een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_25">grondwatersanering</tekst:IntRef> uitvoert, conform een op grond van <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.3__art_6.10">Artikel 6.10</tekst:IntRef>, verleende omgevingsvergunning.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.7" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.7">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>6.7</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden bij be&#235;indiging activiteit</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Bij be&#235;indiging van een activiteit in een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_47__ref_o_1" eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.7__ref_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.7__ref_1">margegebied historische grondwaterverontreiniging</tekst:IntIoRef> worden, indien de bekende historische grondwaterverontreiniging verminderd of verplaatst is, de gegevens en bescheiden over de grondwaterkwaliteit na be&#235;indiging van de activiteit verstrekt aan gedeputeerde staten.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>6.2.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Onderzoeksplicht bij aantreffen onbekende historische grondwaterverontreinigingen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.2__art_6.8" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.2__art_6.8">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>6.8</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden: onbekende historische grondwaterverontreiniging</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Gedeputeerde staten ontvangen onverwijld een afschrift van de resultaten van een voorafgaand bodemonderzoek, bedoeld in paragraaf 5.2.2 van het Besluit activiteiten leefomgeving die aan burgemeester en wethouders worden verstrekt op grond van het Besluit activiteiten leefomgeving of <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef>, indien uit het voorafgaand bodemonderzoek dat plaatsvindt <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_32__ref_o_1" eId="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.2__art_6.8__ref_2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.2__subchp_6.2.2__art_6.8__ref_2">buiten het margegebied historische grondwaterverontreiniging</tekst:IntIoRef> blijkt dat voor &#233;&#233;n of meer verontreinigende stoffen de signaleringsparameter beoordeling <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_25">grondwatersanering</tekst:IntRef>, bedoeld in Bijlage Vd van het Besluit kwaliteit leefomgeving, wordt overschreden.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_6__title_6.3" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Grondwatersanering</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.3__art_6.9" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.9">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>6.9</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Melding grondwatersanering</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_6__title_6.3__art_6.9__para_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.9__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het is verboden een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_25">grondwatersanering</tekst:IntRef> te verrichten zonder dit ten minste vier weken voor het begin ervan te melden.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_6__title_6.3__art_6.9__para_2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.9__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>In aanvulling op <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> bevat een melding:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_6__title_6.3__art_6.9__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.9__para_2__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.3__art_6.9__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.9__para_2__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de resultaten van voorafgaand bodemonderzoek, bedoeld in paragraaf 5.2.2 van het Besluit activiteiten leefomgeving;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.3__art_6.9__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.9__para_2__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de keuze voor de saneringsaanpak, waarbij aangetoond wordt dat de gekozen saneringsaanpak leidt tot het beheren, beperken of ongedaan maken van verontreiniging van het grondwater;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.3__art_6.9__para_2__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.9__para_2__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>omschrijving van de werkzaamheden, waaronder ten minste het maximale volume van bodem en grondwater waarin de werkzaamheden plaatsvinden en de maximale hoeveelheid te onttrekken grondwater;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.3__art_6.9__para_2__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.9__para_2__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een beschrijving van de maatregelen of voorzieningen die zijn of worden getroffen om de negatieve gevolgen van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_25">grondwatersanering</tekst:IntRef> te voorkomen of te beperken;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.3__art_6.9__para_2__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.9__para_2__list_1__item_e">
			<tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>als afvalwater wordt geloosd: de lozingsroutes; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.3__art_6.9__para_2__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.9__para_2__list_1__item_f">
			<tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de naam van de milieukundig begeleider.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_6__title_6.3__art_6.9__para_3" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.9__para_3">
		  <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het is verboden af te wijken van de gegevens en bescheiden die bij een melding zijn verstrekt, zonder dit ten minste een week voor die afwijking te melden.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_6__title_6.3__art_6.9__para_4" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.9__para_4">
		  <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.3__art_6.9">Artikel 6.9</tekst:IntRef> is niet van toepassing als de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_25">grondwatersanering</tekst:IntRef> als vergunningplichtig is aangewezen in <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.3__art_6.10">Artikel 6.10</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.3__art_6.10" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.10">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>6.10</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning grondwatersanering</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_6__title_6.3__art_6.10__para_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.10__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het is verboden zonder omgevingsvergunning een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_25">grondwatersanering</tekst:IntRef> uit te voeren waarbij sprake is van onaanvaardbare verspreidingsrisico&#x2019;s, bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4">Artikel 6.4</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Bij de aanvraag om omgevingsvergunning, bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.3__art_6.10__para_1">Artikel 6.10, eerste lid</tekst:IntRef>, worden in aanvulling op artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de resultaten van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_44">risicobeoordeling grondwater</tekst:IntRef>, bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4">Artikel 6.4</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de resultaten van voorafgaand bodemonderzoek, bedoeld in paragraaf 5.2.2 van het Besluit activiteiten leefomgeving;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een beschrijving van de effecten die met de saneringsaanpak wordt beoogd, waaronder mede begrepen een nadere beschrijving van de kwaliteit van het grondwater die met de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_25">grondwatersanering</tekst:IntRef> zal worden bereikt, waarbij minimaal de onaanvaardbare verspreidingsrisico&#x2019;s worden weggenomen;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de keuze voor de saneringsaanpak, waarbij aangetoond wordt dat de gekozen saneringsaanpak leidt tot het beheren, beperken of ongedaan maken van verontreiniging van het grondwater;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2__list_1__item_e">
			<tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een omschrijving van de werkzaamheden, waaronder ten minste het maximale volume van bodem en grondwater waarin de werkzaamheden plaatsvinden en de maximale hoeveelheid te onttrekken grondwater;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2__list_1__item_f">
			<tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een beschrijving van de maatregelen of voorzieningen die zijn of worden getroffen om de negatieve gevolgen van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_25">grondwatersanering</tekst:IntRef> te voorkomen of te beperken;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2__list_1__item_g" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2__list_1__item_g">
			<tekst:LiNummer>g.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>als afvalwater wordt geloosd: de lozingsroutes; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2__list_1__item_h" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.10__para_2__list_1__item_h">
			<tekst:LiNummer>h.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de naam van de milieukundig begeleider.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.3__art_6.11" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.11">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>6.11</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Kwaliteitsborging grondwatersanering</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Met het oog op het beschermen van de gezondheid, het beschermen van de kwaliteit van de bodem en het grondwater en het doelmatig beheer van afvalstoffen wordt een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_25">grondwatersanering</tekst:IntRef>:</tekst:Al>
		  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_6__title_6.3__art_6.11__list_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.11__list_1">
		    <tekst:Li eId="chp_6__title_6.3__art_6.11__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.11__list_1__item_a">
		      <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>uitgevoerd door een onderneming met een erkenning bodemkwaliteit voor BRL SIKB 7000; en</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_6__title_6.3__art_6.11__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.11__list_1__item_b">
		      <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>begeleid door een onderneming met een erkenning bodemkwaliteit voor BRL SIKB 6000.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.3__art_6.12" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.12">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>6.12</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden: be&#235;indigen grondwatersanering</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_6__title_6.3__art_6.12__para_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.12__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Ten hoogste vier weken na be&#235;indiging van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_25">grondwatersanering</tekst:IntRef> worden aan het bevoegde gezag gegevens en bescheiden verstrekt in de vorm van een evaluatieverslag, bedoeld in artikel 4.1246 van het Besluit activiteiten leefomgeving.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_6__title_6.3__art_6.12__para_2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.12__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Als er sprake is van gebruiksbeperkingen of nazorg worden ook gegevens en bescheiden bij het evaluatieverslag verstrekt over:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_6__title_6.3__art_6.12__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.12__para_2__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.3__art_6.12__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.12__para_2__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de gebruiksbeperkingen die wenselijk zijn ter bescherming van de chemische en ecologische kwaliteit van het grondwaterlichaam en de aan het grondwaterlichaam toegekende maatschappelijke functies; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.3__art_6.12__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.12__para_2__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een voorstel voor nazorgmaatregelen als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.3__art_6.13">Artikel 6.13</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.3__art_6.13" wId="pv24_80__chp_6__title_6.3__art_6.13">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>6.13</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Nazorg na uitvoeren grondwatersanering</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Degene die de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_25">grondwatersanering</tekst:IntRef> verricht, is belast met de uitvoering van de nazorgmaatregelen, bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.3__art_6.12__para_2">Artikel 6.12, tweede lid</tekst:IntRef> onder b, tenzij in het evaluatieverslag een ander daartoe is aangewezen.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_6__title_6.4" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>6.4.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Instructieregels voor het omgevingsplan</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>6.4.1.1</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Activiteiten op een bron van bekende historische grondwaterverontreiniging</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>6.14</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Bouwen op een bron van bekende historische grondwaterverontreiniging</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> bepaalt dat het bouwen van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_18">gebouw</tekst:IntRef> of gedeelte van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_18">gebouw</tekst:IntRef> dat de bodem raakt op een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_31__ref_o_1" eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_1__ref_4" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_1__ref_4">bron van een bekende historische grondwaterverontreiniging</tekst:IntIoRef> alleen is toegelaten als een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_15">bronaanpak</tekst:IntRef> overeenkomstig <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.15">Artikel 6.15</tekst:IntRef> wordt uitgevoerd voor zover er sprake is van een mobiele bodemverontreiniging.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Er is sprake van een mobiele bodemverontreiniging als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_1">Artikel 6.14, eerste lid</tekst:IntRef> indien de verontreinigende stof:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_2__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_2__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>in het vaste deel van de bodem voorkomt in concentraties hoger dan de interventiewaarde bodemkwaliteit als bedoeld in bijlage IIA van het Besluit activiteiten leefomgeving; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_2__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>in het grondwater voorkomt in concentraties hoger dan de signaleringsparameter beoordeling <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_25">grondwatersanering</tekst:IntRef> als bedoeld in bijlage Vd van het Besluit kwaliteit leefomgeving</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_3" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het aannemelijk maken of er sprake is van een mobiele bodemverontreiniging kan volgen uit:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_3__list_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_3__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_3__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_3__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het uitvoeren van een voorafgaand bodemonderzoek, als bedoeld in paragraaf 5.2.2 van het Besluit activiteiten leefomgeving; of</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_3__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_3__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het overleggen van een beschikking krachtens artikel 29 juncto artikel 37, eerste lid, van de Wet bodembescherming, zoals die artikelen luidden voor het tijdstip van inwerkingtreding van de Omgevingswet, waarin is vastgesteld dat bij het huidig dan wel voorgenomen gebruik van de bodem of bij een mogelijke verspreiding van een verontreiniging, geen sprake is van zodanige risico's voor mens, plant of dier dat spoedige sanering noodzakelijk is.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_4" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_4">
		      <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_18">gebouw</tekst:IntRef> als bedoeld in het eerste lid omvat ook de daaraan grenzende aaneengesloten tuin of het daaraan aangrenzende aaneengesloten terrein.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_5" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_5">
		      <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_1">Artikel 6.14, eerste lid</tekst:IntRef> geldt niet voor <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_12">bijbehorende bouwwerken</tekst:IntRef> als bedoeld in bijlage I bij het Besluit bouwwerken leefomgeving van ten hoogste 50 m<tekst:sup>2</tekst:sup>.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.15" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.15">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>6.15</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Eisen aan bronaanpak</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.15__para_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.15__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> bepaalt dat bij de uitvoering van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_15">bronaanpak</tekst:IntRef>, bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_1">Artikel 6.14, eerste lid</tekst:IntRef>, afdekken als saneringsaanpak, bedoeld in artikel 4.1241 van het Besluit activiteiten leefomgeving, niet is toegestaan.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.15__para_2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.15__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> regelt dat een maatwerkvoorschrift met betrekking tot de uitvoering van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_15">bronaanpak</tekst:IntRef>, bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_1">Artikel 6.14, eerste lid</tekst:IntRef>, waarin een andere saneringsaanpak dan bedoeld in artikel 4.1240 van het Besluit activiteiten leefomgeving is toegestaan, alleen kan worden gesteld als de andere saneringsaanpak leidt tot het voorkomen of beperken van verontreinigende stoffen naar het grondwater.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.15__para_3" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.15__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Burgemeester en wethouders dragen er zorg voor dat gedeputeerde staten een afschrift krijgen van:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.15__para_3__list_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.15__para_3__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.15__para_3__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.15__para_3__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de melding, bedoeld in artikel 4.1236 van het Besluit activiteiten leefomgeving; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.15__para_3__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.15__para_3__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het evaluatieverslag, bedoeld in artikel 4.1246 van het Besluit activiteiten leefomgeving na be&#235;indiging van de bodemsanering.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.15__para_4" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.15__para_4">
		      <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.15__para_3">Artikel 6.15, derde lid</tekst:IntRef> is enkel van toepassing indien het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_45">saneren</tekst:IntRef> van de bodem wordt uitgevoerd vanwege een op grond van <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.14__para_1">Artikel 6.14, eerste lid</tekst:IntRef> verplichte <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_15">bronaanpak</tekst:IntRef></tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.16" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.16">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>6.16</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Activiteiten op een bron van een bekende historische grondwaterverontreiniging</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> bepaalt dat degene die een activiteit uitvoert op een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_31__ref_o_1" eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.16__ref_2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.16__ref_2">bron van een bekende historische grondwaterverontreiniging</tekst:IntIoRef> in het belang van bescherming van de bodem en het watersysteem maatregelen neemt die redelijkerwijs van hem kunnen worden verlangd om verdere verontreiniging van de bodem en het grondwater te voorkomen of te beperken of, als dat redelijkerwijs mogelijk is in samenhang met de activiteit die wordt verricht, ongedaan te maken.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>6.4.1.2</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Lozen op of in de bodem</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>6.17</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Lozen van grondwater op of in de bodem</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Met het oog op het beschermen van de bodem- en het watersysteem stelt een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> voorwaarden aan het lozen van grondwater op of in de bodem dat afkomstig is van:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_1__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_1__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een bodemsanering of <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_25">grondwatersanering</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_1__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een onderzoek voorafgaand aan een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_25">grondwatersanering</tekst:IntRef>; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_1__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_1__list_1__item_c">
			    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>graven in een bodem met een kwaliteit boven de interventiewaarde bodemkwaliteit.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> bepaalt dat ten minste vier weken voor het begin van de activiteit, bedoeld in het eerste lid, en ten minste vier weken voor de activiteit wijzigt, aan het college van burgemeester en wethouders gegevens en bescheiden worden verstrekt over:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_2__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_2__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de aard en omvang van de lozing; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_2__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de verwachte datum van het begin van de activiteit.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_3" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> bepaalt dat voor het lozen van dat grondwater op of in de bodem, dat afkomstig is van een activiteit als bedoeld in het eerste lid, de emissiegrenswaarden:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_3__list_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_3__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_3__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_3__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de waarden, bedoeld in bijlage XIX, onder A bij het Besluit kwaliteit leefomgeving zijn; of</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_3__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_3__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de concentraties van verontreinigende stoffen als bedoeld in bijlage XIX, onder B bij het Besluit kwaliteit leefomgeving waaronder gevaar van verontreiniging van het grondwater uit te sluiten is voor zover die stoffen niet zijn aangegeven in bijlage XIX, onder A bij het Besluit kwaliteit leefomgeving.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_4" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_4">
		      <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_2">Artikel 6.17, tweede lid</tekst:IntRef> is niet van toepassing bij het lozen van grondwater afkomstig van graven in bodem met een kwaliteit boven de interventiewaarde bodemkwaliteit als:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_4__list_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_4__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_4__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_4__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het lozen niet langer dan 48 uur duurt;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_4__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_4__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het lozen plaatsvindt bij wonen.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_5" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_5">
		      <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.17__para_3">Artikel 6.17, derde lid</tekst:IntRef> is niet van toepassing bij het lozen van grondwater afkomstig van graven in bodem met een kwaliteit boven de interventiewaarde bodemkwaliteit indien dit gaat om graven in een bodemvolume kleiner dan 25 m<tekst:sup>3</tekst:sup>.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.18" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.18">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>6.18</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Verbod op rechtstreeks lozen van verontreinigende stoffen in het grondwater</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.18__para_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.18__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> bepaalt dat het rechtstreeks lozen van verontreinigende stoffen zonder doorsijpeling door bodem of ondergrond, in het grondwater verboden is.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.18__para_2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.18__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.18__para_1">Artikel 6.18, eerste lid</tekst:IntRef> geldt niet voor wateronttrekkingsactiviteiten waarvoor op grond van artikel 16.4 van het Besluit activiteiten leefomgeving, de omgevingsverordening of waterschapsverordening een omgevingsvergunning is vereist of waar op grond van de waterschapsverordening voorschriften aan zijn gesteld.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.19" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.19">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>6.19</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Maatwerkvoorschrift verbod op rechtstreeks lozen in het grondwater</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> bepaalt dat bij maatwerkvoorschrift een rechtstreekse lozing van verontreinigende stoffen in het grondwater als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.18__para_1">Artikel 6.18, eerste lid</tekst:IntRef> kan worden toegestaan, indien de lozing is toegestaan op grond van artikel 11, derde lid onder j van de Kaderrichtlijn Water en op voorwaarde dat de lozing niet verhindert dat de voor dat grondwaterlichaam vastgestelde milieudoelstellingen worden bereikt.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.20" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.20">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>6.20</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Maatwerkvoorschrift lozen van brijnwater</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Met een maatwerkvoorschrift als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.19">Artikel 6.19</tekst:IntRef> kan eveneens een rechtstreekse lozing van verontreinigde stoffen afkomstig van brijnwater in het grondwater worden toegestaan.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>6.4.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Instructieregels bevoegd gezag omgevingsvergunning</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>6.4.2.1</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning grondwatersanering</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>6.21</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Beoordelingsregels omgevingsvergunning grondwatersanering</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>De omgevingsvergunning voor een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_25">grondwatersanering</tekst:IntRef> als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.3__art_6.10">Artikel 6.10</tekst:IntRef> wordt alleen verleend als de activiteit verenigbaar is met het belang van:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_1__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_1__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het voorkomen en waar nodig beperken van overstromingen, wateroverlast en waterschaarste;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_1__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het beschermen en verbeteren van de chemische en ecologische kwaliteit van watersystemen; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_1__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_1__list_1__item_c">
			    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het vervullen van maatschappelijke functies door watersystemen.Bij de beoordeling van de aanvraag wordt rekening gehouden met de waterbeheerprogramma&#x2019;s, de regionale waterprogramma&#x2019;s, de stroomgebiedsbeheerplannen, de overstromingsrisicobeheerplannen en het nationale waterprogramma, die betrekking hebben of dat betrekking heeft op het betreffende krw-oppervlaktewaterlichaam of grondwaterlichaam.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Bij de beoordeling van de aanvraag wordt rekening gehouden met de waterbeheerprogramma&#x2019;s, de regionale waterprogramma&#x2019;s, de stroomgebiedsbeheerplannen, de overstromingsrisicobeheerplannen en het nationale waterprogramma, die betrekking hebben of dat betrekking heeft op het betreffende krw-oppervlaktewaterlichaam of grondwaterlichaam.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_3" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het verlenen van de omgevingsvergunning mag er in ieder geval niet toe leiden dat:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_3__list_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_3__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_3__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_3__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>niet wordt voldaan aan de omgevingswaarden, bedoeld in de artikelen 2.10, eerste lid, 2.11, eerste lid, 2.13, eerste lid, 2.14, eerste lid, en 2.15, eerste lid, Besluit kwaliteit leefomgeving, in voorkomend geval in samenhang met de termijn, bedoeld in artikel 2.18, eerste lid, Besluit kwaliteit leefomgeving;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_3__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_3__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een goed ecologisch potentieel als bedoeld in artikel 2.12, eerste lid, Besluit kwaliteit leefomgeving, niet wordt bereikt, in voorkomend geval in samenhang met de termijn, bedoeld in artikel 2.18, tweede lid, Besluit kwaliteit leefomgeving; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_3__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_3__list_1__item_c">
			    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een minder strenge doelstelling als bedoeld in artikel 2.17, tweede lid, aanhef en onder d, Besluit kwaliteit leefomgeving, niet wordt bereikt; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_3__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_3__list_1__item_d">
			    <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de doelstelling van ombuiging van significante en aanhoudend stijgende trends, bedoeld in artikel 4.17 van het Besluit kwaliteit leefomgeving, niet wordt bereikt; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_3__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_3__list_1__item_e">
			    <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de doelstelling van het voorkomen van achteruitgang en streven naar verbetering van de kwaliteit van water bestemd voor menselijke consumptie, bedoeld in artikel 4.21 van het Besluit kwaliteit leefomgeving, niet wordt bereikt.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_4" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_4">
		      <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_3">Artikel 6.21, derde lid</tekst:IntRef> is niet van toepassing:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_4__list_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_4__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_4__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_4__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>voor zover het gaat om de omgevingswaarde, bedoeld in artikel 2.10, eerste lid, Besluit kwaliteit leefomgeving, als het niet voldoen aan die omgevingswaarde wordt veroorzaakt door een buiten Nederland gelegen verontreinigingsbron en toepassing is gegeven aan artikel 2.17, derde lid, Besluit kwaliteit leefomgeving; of</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_4__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_4__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>als het niet voldoen aan een omgevingswaarde of het niet bereiken van een goed ecologisch potentieel of een minder strenge doelstelling het gevolg is van:</tekst:Al>
			    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_4__list_1__item_b__list_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_4__list_1__item_b__list_1">
			      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_4__list_1__item_b__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_4__list_1__item_b__list_1__item_1">
				<tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
				<tekst:Al>nieuwe veranderingen van de fysische kenmerken van een krw-oppervlaktewaterlichaam of wijzigingen in de stand van een grondwaterlichaam; en</tekst:Al>
			      </tekst:Li>
			      <tekst:Li eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_4__list_1__item_b__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_4__list_1__item_b__list_1__item_2">
				<tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
				<tekst:Al>toepassing is gegeven aan artikel 2.17, vierde lid, Besluit kwaliteit leefomgeving.</tekst:Al>
			      </tekst:Li>
			    </tekst:Lijst>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_5" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_5">
		      <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het verlenen van de omgevingsvergunning mag er in ieder geval ook niet toe leiden dat de doelstelling van het voorkomen van achteruitgang van de chemische en ecologische toestand van krw-oppervlaktewaterlichamen en van de chemische toestand en kwantitatieve toestand van grondwaterlichamen, bedoeld in artikel 4.15, eerste lid, Besluit kwaliteit leefomgeving, niet wordt bereikt.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.22" wId="pv24_80__chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.22">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>6.22</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Voorschriften omgevingsvergunning grondwatersanering</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Aan een omgevingsvergunning voor een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_25">grondwatersanering</tekst:IntRef> worden met het oog op het beschermen van de chemische en ecologische kwaliteit van grondwaterlichamen als aan een grondwaterlichaam toegekende maatschappelijke functies voorschriften verbonden die een inbreng van verontreinigende stoffen naar het (omliggende) grondwater ten tijde van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_25">grondwatersanering</tekst:IntRef> als na be&#235;indiging voorkomen of beperken.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_7" wId="pv24_80__chp_7">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>7</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Ontgrondingen</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Titel eId="chp_7__title_7.1" wId="pv24_80__chp_7__title_7.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>7.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemeen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_7__title_7.1__art_7.1" wId="pv24_80__chp_7__title_7.1__art_7.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>7.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk over ontgrondingsactiviteiten zijn gesteld met het oog op de doelen van de Omgevingswet.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_7__title_7.1__art_7.2" wId="pv24_80__chp_7__title_7.1__art_7.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>7.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Werkingsgebied</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk zijn van toepassing op ontgrondingsactiviteiten op land en in regionale wateren in het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_40__ref_o_1" eId="chp_7__title_7.1__art_7.2__ref_1" wId="pv24_80__chp_7__title_7.1__art_7.2__ref_1">grondgebied van de provincie Flevoland met uitzondering van de rijkswateren</tekst:IntIoRef> waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_7__title_7.1__art_7.3" wId="pv24_80__chp_7__title_7.1__art_7.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>7.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Aanwijzing beschermingszones archeologie</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_7__title_7.1__art_7.3__para_1" wId="pv24_80__chp_7__title_7.1__art_7.3__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_14__ref_o_1" eId="chp_7__title_7.1__art_7.3__para_1__ref_1" wId="pv24_80__chp_7__title_7.1__art_7.3__para_1__ref_1">beschermingszone Provinciale Archeologische en Aardkundige Kerngebieden</tekst:IntIoRef> is de locatie waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_7__title_7.1__art_7.3__para_2" wId="pv24_80__chp_7__title_7.1__art_7.3__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_15__ref_o_1" eId="chp_7__title_7.1__art_7.3__para_2__ref_1" wId="pv24_80__chp_7__title_7.1__art_7.3__para_2__ref_1">beschermingszone Top-10 Archeologische Locaties</tekst:IntIoRef> is de locatie waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_7__title_7.2" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>7.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Activiteiten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>7.2.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Aanwijzing vergunningvrije gevallen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>7.4</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Aanwijzing vergunningvrije gevallen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>In aanvulling op artikel 16.7 van het Besluit activiteiten leefomgeving, geldt het verbod van artikel 5.1, van de Omgevingswet, om zonder omgevingsvergunning een ontgrondingsactiviteit te verrichten niet voor ontgrondingsactiviteiten, voor zover het gaat om het ontgronden:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4__list_1" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>waarbij niet meer dan 500 m<tekst:sup>2</tekst:sup> wordt ontgrond en bovendien een diepte van 3 meter beneden maaiveld niet wordt overschreden; of</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>voor een waterput, reservoir, bassin, vijver, poel of een daarmee vergelijkbare voorziening, als:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4__list_1__item_b__list_1" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4__list_1__item_b__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4__list_1__item_b__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4__list_1__item_b__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>grondlagen dieper dan 3 meter onder het oorspronkelijke maaiveld ongemoeid blijven;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4__list_1__item_b__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4__list_1__item_b__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>niet meer dan 1.500 m<tekst:sup>3</tekst:sup> wordt ontgraven; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4__list_1__item_b__list_1__item_3" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4__list_1__item_b__list_1__item_3">
			    <tekst:LiNummer>3.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>deze voorziening niet in open verbinding staat met een oppervlaktewaterlichaam.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>7.5</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Melding</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_1" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het is verboden een ontgrondingsactiviteit, bedoeld in artikel 16.7 van het Besluit activiteiten leefomgeving en <tekst:IntRef ref="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4">Artikel 7.4</tekst:IntRef>, te verrichten zonder dit ten minste vier werken voor het begin ervan te melden.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_2" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het is verboden af te wijken van de gegevens en bescheiden die bij een melding zijn verstrekt, zonder dit ten minste vier weken voor die afwijking te melden.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In aanvulling op <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> bevat een melding gegevens en bescheiden over:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de kadastrale ligging van de ontgrondingslocatie;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de periode waarbinnen de ontgrondingsactiviteit wordt uitgevoerd;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>een beschrijving van het doel van de ontgrondingsactiviteit;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1__item_d">
			  <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de toestand en de functie van het terrein na het afronden van de ontgrondingsactiviteit;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1__item_e">
			  <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de oppervlakte van het te ontgronden terreingedeelte in m<tekst:sup>2</tekst:sup>;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1__item_f">
			  <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de beoogde maximale diepte in meter beneden maaiveld;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1__item_g" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1__item_g">
			  <tekst:LiNummer>g.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de huidige maaiveldhoogte in meters ten opzichte van NAP;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1__item_h" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1__item_h">
			  <tekst:LiNummer>h.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de opbouw van het bodemprofiel tot de grootste diepte van de voorgenomen ontgrondingsactiviteit; en</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1__item_i" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3__list_1__item_i">
			  <tekst:LiNummer>i.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de hoeveelheid te ontgraven en af te voeren oppervlaktedelfstof in m<tekst:sup>3</tekst:sup>.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_4" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_4">
		    <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_3">Artikel 7.5, derde lid</tekst:IntRef> is van overeenkomstige toepassing als eerder verstrekte gegevens of bescheiden wijzigen.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_5" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5__para_5">
		    <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5">Artikel 7.5</tekst:IntRef> is niet van toepassing op een ontgrondingsactiviteit waarbij minder dan 1500 m<tekst:sup>3</tekst:sup> wordt ontgraven.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.2" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>7.2.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Afwijken van aanwijzing vergunningvrije gevallen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.2__art_7.6" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.2__art_7.6">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>7.6</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Afwijking algemeen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.2__art_7.6__para_1" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.2__art_7.6__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In afwijking van artikel 16.7, onder e en g, van het Besluit activiteiten leefomgeving geldt de uitzondering van het verbod van artikel 5.1, van de Omgevingswet, om zonder omgevingsvergunning een ontgrondingsactiviteit te verrichten, enkel als een diepte van 3 meter beneden maaiveld niet wordt overschreden en andere belangen niet of nauwelijks zijn betrokken.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.2__art_7.6__para_2" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.2__art_7.6__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Artikel 16.7 van het Besluit activiteiten leefomgeving en <tekst:IntRef ref="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4">Artikel 7.4</tekst:IntRef> gelden niet voor twee of meer uit te voeren ontgrondingsactiviteiten die in elkaars directe nabijheid plaatsvinden en een samenhangend geheel vormen.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.2__art_7.7" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.2__art_7.7">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>7.7</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Afwijking Provinciale Archeologische en Aardkundige Kerngebieden</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Artikel 16.7 van het Besluit activiteiten leefomgeving en <tekst:IntRef ref="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4">Artikel 7.4</tekst:IntRef>, gelden niet voor ontgrondingsactiviteiten met een diepte van meer dan 0,3 meter beneden het maaiveld in de beschermingszone van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_3">provinciale Archeologische en Aardkundige Kerngebieden</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.2__art_7.8" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.2__art_7.8">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>7.8</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Afwijking Top-10 Archeologische Locaties</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Artikel 16.7 van het Besluit activiteiten leefomgeving en <tekst:IntRef ref="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4">Artikel 7.4</tekst:IntRef>, gelden niet voor ontgrondingsactiviteiten met een diepte van meer dan 0,3 meter beneden het maaiveld in de beschermingszone van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_4">top-10 Archeologische Locaties</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.3" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>7.2.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning ontgrondingsactiviteit</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.3__art_7.9" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.3__art_7.9">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>7.9</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Aanvraagvereisten omgevingsvergunning ontgrondingsactiviteit in het kader van archeologische monumentenzorg</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.3__art_7.9__para_1" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.3__art_7.9__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Bij de aanvraag om omgevingsvergunning voor een ontgrondingsactiviteit wordt in aanvulling op artikel 7.3, 7.4 en 7.207 Omgevingsregeling een rapport verstrekt, waarin de archeologische waarde van de locatie naar het oordeel van gedeputeerde staten in voldoende mate is vastgesteld.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.3__art_7.9__para_2" wId="pv24_80__chp_7__title_7.2__subchp_7.2.3__art_7.9__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het rapport bedoeld in het eerste lid voldoet aan de Kwaliteitsnorm Nederlandse Archeologie en is uitgevoerd overeenkomstig een door gedeputeerde staten goedgekeurd plan van aanpak of programma van eisen.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_8" wId="pv24_80__chp_8">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>8</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Bescherming landschap</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Titel eId="chp_8__title_8.1" wId="pv24_80__chp_8__title_8.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>8.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemeen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_8__title_8.1__art_8.1" wId="pv24_80__chp_8__title_8.1__art_8.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>8.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk zijn gesteld met het oog op het belang van de bescherming van het landschapsschoon en zijn gericht op het behoud en de ontwikkeling van een specifiek en karakteristiek landschapspatroon.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_8__title_8.1__art_8.2" wId="pv24_80__chp_8__title_8.1__art_8.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>8.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Werkingsgebied activiteiten bescherming landschap</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk zijn van toepassing op activiteiten in het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_45__ref_o_1" eId="chp_8__title_8.1__art_8.2__ref_1" wId="pv24_80__chp_8__title_8.1__art_8.2__ref_1">landelijk gebied van Flevoland</tekst:IntIoRef> buiten de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_8">bebouwde kom</tekst:IntRef> en binnen het beperkingengebied <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_53__ref_o_1" eId="chp_8__title_8.1__art_8.2__ref_3" wId="pv24_80__chp_8__title_8.1__art_8.2__ref_3">provinciale wegen</tekst:IntIoRef>, waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef></tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_8__title_8.2" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>8.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Activiteiten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_8__title_8.2__art_8.3" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>8.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Verbod op het plaatsen borden in het buitengebied</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_8__title_8.2__art_8.3__para_1" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.3__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het is verboden zonder omgevingsvergunning een activiteit te verrichten om &#233;&#233;n of meer <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">borden</tekst:IntRef> te plaatsen, te doen plaatsen, geplaatst te houden, aan te brengen, te doen aanbrengen of aangebracht te houden op of aan een onroerende zaak.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_8__title_8.2__art_8.3__para_2" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.3__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het is de zakelijk gerechtigde of gebruiker van enige onroerende zaak verboden deze onroerende zaak te gebruiken of te laten gebruiken voor het plaatsen, doen plaatsen, geplaatst te houden, aanbrengen, doen aanbrengen of aangebracht te houden van &#233;&#233;n of meer <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">bord</tekst:IntRef>en zonder omgevingsvergunning.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_8__title_8.2__art_8.4" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>8.4</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Uitzondering verboden activiteiten bescherming landschap</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Het in <tekst:IntRef ref="chp_8__title_8.2__art_8.3">Artikel 8.3</tekst:IntRef> neergelegde verbod geldt niet voor het plaatsen, houden en/of verwijderen van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">borden</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
		  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1">
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_a">
		      <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>die niet zichtbaar zijn vanaf een openbare weg, een openbaar water, een spoorweg of een andere voor het publiek toegankelijke plaats;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_b">
		      <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>die betrekking hebben op enig beroep, enig bedrijf of enige dienst, en die <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">borden</tekst:IntRef> zijn geplaatst of aangebracht op de bouwkavel waar dat beroep, bedrijf of die dienst wordt uitgeoefend of op of in de directe nabijheid van de inrit daarnaar toe;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_c">
		      <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>die zijn geplaatst of aangebracht op, in of aan een wachtruimte bij een halteplaats voor het openbaar vervoer;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_d">
		      <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>die op of aan een onroerende zaak zijn geplaatst of aangebracht ten behoeve van de verkoop, verhuur of verpachting van deze zaak, mits niet langer aanwezig dan voor de verkoop, verhuur of verpachting noodzakelijk is;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_e">
		      <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>die ofwel zijn geplaatst of aangebracht op een terrein waar een grootschalige publieke gebeurtenis, zoals een openbare wedstrijd, manifestatie, tentoonstelling of <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_16">evenement</tekst:IntRef>, plaatsvindt, ofwel zijn geplaatst of aangebracht ter bekendmaking van of de bewegwijzering naar die gebeurtenis en mits;</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_e__list_1" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_e__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_e__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_e__list_1__item_1">
			  <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>die gebeurtenis niet behoort tot de gebruikelijke commerci&#235;le uitoefening van een beroep, bedrijf of dienst;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_e__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_e__list_1__item_2">
			  <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>op <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">borden</tekst:IntRef>, die zijn geplaatst buiten het terrein waar de gebeurtenis plaatsvindt, eventuele handelsreclame duidelijk ondergeschikt is aan de bekendmaking c.q. bewegwijzering en;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_e__list_1__item_3" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_e__list_1__item_3">
			  <tekst:LiNummer>3.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">bord</tekst:IntRef> niet langer aanwezig is dan gedurende &#233;&#233;n maand voor die gebeurtenis tot &#233;&#233;n week erna, die zijn geplaatst of aangebracht op een overeenkomstig een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> in gebruik zijnde sportterrein, mits het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">bord</tekst:IntRef> dient ter bekendmaking van sponsorering van het sportterrein en niet zichtbaar is vanaf de openbare weg;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_f">
		      <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>die zijn geplaatst of aangebracht op een overeenkomstig een omgevingsplan in gebruik zijnde sportterrein, mits het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">bord</tekst:IntRef> dient ter bekendmaking van sponsorering van het sportterrein en niet zichtbaar is vanaf de openbare weg;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_g" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_g">
		      <tekst:LiNummer>g.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>die zijn geplaatst of aangebracht op een overeenkomstig een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> in gebruik zijnde bedrijventerrein;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_h" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_h">
		      <tekst:LiNummer>h.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>die betrekking hebben op een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werk</tekst:IntRef> in uitvoering, waarvoor van overheidswege opdracht is gegeven, voor zover zij in de directe nabijheid van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werk</tekst:IntRef> zijn geplaatst of aangebracht en niet langer aanwezig zijn dan de uitvoering van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werk</tekst:IntRef> duurt;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_i" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_i">
		      <tekst:LiNummer>i.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>die zijn geplaatst of aangebracht in een wegberm en kunnen worden beschouwd als een herdenkingsteken zoals bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25">Artikel 9.25</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32">Artikel 11.32</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_j" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_j">
		      <tekst:LiNummer>j.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>die vanwege of met toestemming van het bevoegd gezag zijn geplaatst of aangebracht ten behoeve van de verkeersveiligheid of de verkeersinformatie;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_k" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_k">
		      <tekst:LiNummer>k.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>die zijn geplaatst of aangebracht op of aan zuilen, muren en andere constructies, die daarvoor door de overheid zijn aangewezen of ten aanzien waarvan gedeputeerde staten in een ander kader met het gebruik daarvoor hebben ingestemd;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_l" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_l">
		      <tekst:LiNummer>l.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>die zijn geplaatst of aangebracht ter voldoening aan een wettelijke verplichting;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_m" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_m">
		      <tekst:LiNummer>m.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>die dienen tot het openbaren van gedachten of gevoelens in de zin van artikel 7 van de Grondwet, mits niet meer dan &#233;&#233;n <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">bord</tekst:IntRef> per onroerende zaak wordt aangebracht en mits dat <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">bord</tekst:IntRef> niet langer dan drie maanden ter plaatse aanwezig is;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_n" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_n">
		      <tekst:LiNummer>n.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>die dienen tot het aankondigen van verkiezingen voor een gemeenteraad, provinciale staten, de Tweede Kamer, de algemene vergadering of het Europees parlement en tot het presenteren van daaraan deelnemende politieke partijen, mits niet langer aanwezig dan gedurende &#233;&#233;n maand voor de verkiezing tot &#233;&#233;n week na die verkiezing;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_o" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_o">
		      <tekst:LiNummer>o.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>die dienen ter aanduiding van gewassen, proefvelden, productinformatie of demonstratievelden, ter plaatse waar het product geteeld wordt, mits het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">bord</tekst:IntRef> geen merknaam bevat, niet verlicht of reflecterend is en het oppervlak niet groter is dan 3 m2;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_p" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_p">
		      <tekst:LiNummer>p.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>die dienen ter bewegwijzering naar een verkooppunt van agrarische producten, naar een mini camping of naar een andere, aan het agrarisch bedrijf gerelateerde nevenactiviteit, mits het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">bord</tekst:IntRef> niet verlicht of reflecterend is en het oppervlak niet groter is dan 3 m2;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_q" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_q">
		      <tekst:LiNummer>q.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>die dienen ter bewegwijzering naar een natuurgebied, mits het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">bord</tekst:IntRef> niet verlicht of reflecterend is en het oppervlak niet groter is dan 3 m2;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_r" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_r">
		      <tekst:LiNummer>r.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>langs openbare wegen, niet zijnde openbare wegen in beheer van de provincie Flevoland, die een georganiseerd buurtinitiatief voor sociale veiligheid laten zien, mits;</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_r__list_1" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_r__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_r__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_r__list_1__item_1">
			  <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het geen commercieel initiatief is;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_r__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_r__list_1__item_2">
			  <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>er maximaal twee van deze <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">borden</tekst:IntRef> aan dezelfde weg staan;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_r__list_1__item_3" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_r__list_1__item_3">
			  <tekst:LiNummer>3.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">borden</tekst:IntRef> door of vanwege de gemeente, in beginsel geclusterd met andere <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">borden</tekst:IntRef> en aan de rechterzijde van de weg, worden geplaatst;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_r__list_1__item_4" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.4__list_1__item_r__list_1__item_4">
			  <tekst:LiNummer>4.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">bord</tekst:IntRef> maximaal 0,6 bij 0,3 meter groot is en maximaal de laagste reflectieklasse heeft.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_8__title_8.2__art_8.5" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.5">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>8.5</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Algemene regels vergunningvrij plaatsen borden buitengebied</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">borden</tekst:IntRef> als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_8__title_8.2__art_8.4">artikel 8.4</tekst:IntRef> zijn deugdelijk geconstrueerd en verkeren in goede staat van onderhoud.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_8__title_8.2__art_8.6" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.6">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>8.6</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Aanvraagvereisten omgevingsvergunning</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Bij de aanvraag om omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_8__title_8.2__art_8.3">Artikel 8.3</tekst:IntRef> worden in aanvulling op artikel 7.2 en 7.3 Omgevingsregeling tenminste de volgende gegevens en bescheiden verstrekt;</tekst:Al>
		  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_8__title_8.2__art_8.6__list_1" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.6__list_1">
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.6__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.6__list_1__item_a">
		      <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>een tekening van de voorgenomen constructie;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.6__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.6__list_1__item_b">
		      <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>een opsomming van de te gebruiken materialen;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.6__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.6__list_1__item_c">
		      <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de verwachte begin- en einddatum van de activiteit; en</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_8__title_8.2__art_8.6__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_8__title_8.2__art_8.6__list_1__item_d">
		      <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>een beschrijving van de vorm, afmetingen, het doel en het opschrift van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">bord</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_8__title_8.3" wId="pv24_80__chp_8__title_8.3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>8.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_8__title_8.3__art_8.7" wId="pv24_80__chp_8__title_8.3__art_8.7">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>8.7</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Beoordelingsregels omgevingsvergunning plaatsen borden</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De omgevingsvergunning voor het plaatsen van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">borden</tekst:IntRef> als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_8__title_8.2__art_8.3">Artikel 8.3</tekst:IntRef> wordt alleen verleend indien het belang van de bescherming van het landschap en het belang van de verkeersveiligheid zich daartegen niet verzet.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_9" wId="pv24_80__chp_9">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>9</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Wegen</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Titel eId="chp_9__title_9.1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Inleidende bepalingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.1__art_9.1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>9.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk zijn gesteld met het oog op de volgende belangen:</tekst:Al>
		  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.1__art_9.1__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.1__list_1">
		    <tekst:Li eId="chp_9__title_9.1__art_9.1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.1__list_1__item_a">
		      <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>het veilig en doelmatig gebruik van de <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_53__ref_o_1" eId="chp_9__title_9.1__art_9.1__list_1__item_1__ref_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.1__list_1__item_1__ref_1">provinciale wegen</tekst:IntIoRef> overeenkomstig de functie daarvan voor het openbaar verkeer;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_9__title_9.1__art_9.1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.1__list_1__item_b">
		      <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>het beschermen van de <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_53__ref_o_1" eId="chp_9__title_9.1__art_9.1__list_1__item_2__ref_2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.1__list_1__item_2__ref_2">provinciale wegen</tekst:IntIoRef> met inbegrip van het belang van het onderhoud of wijziging van de weg.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.1__art_9.2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>9.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Toepassingsbereik</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_9__title_9.1__art_9.2__para_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.2__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Dit hoofdstuk gaat over beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot wegen in beheer bij de provincie Flevoland.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_9__title_9.1__art_9.2__para_2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.2__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Voor activiteiten die niet vallen onder het beperkingengebied met betrekking tot wegen in beheer bij de provincie Flevoland, geldt dat dit hoofdstuk ook van toepassing is voor activiteiten op/nabij locaties, binnen het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_39__ref_o_1" eId="chp_9__title_9.1__art_9.2__para_2__ref_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.2__para_2__ref_1">grondgebied van de provincie Flevoland</tekst:IntIoRef>, die vallen onder het beheer bij de provincie Flevoland.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_9__title_9.1__art_9.2__para_3" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.2__para_3">
		  <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Dit hoofdstuk is niet van toepassing op activiteiten door de provincie Flevoland, ten behoeve van de aanleg, de wijziging, het beheer en/of onderhoud van de weg, de toezicht en handhaving van de weg of de regeling van het wegverkeer over die weg.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.1__art_9.3" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>9.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Werkingsgebied Provinciale Wegen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk gelden voor het beperkingengebied <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_53__ref_o_1" eId="chp_9__title_9.1__art_9.3__ref_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.3__ref_1">provinciale wegen</tekst:IntIoRef> waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef> bij deze verordening.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.1__art_9.4" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.4">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>9.4</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Normadressaat</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Dit hoofdstuk is van toepassing op degene die de activiteit verricht, tenzij anders is bepaald. Diegene draagt zorg voor de naleving van de regels over de activiteit.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.1__art_9.5" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.5">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>9.5</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Specifieke zorgplicht</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_9__title_9.1__art_9.5__para_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.5__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Degene die activiteiten uitvoert in het beperkingengebied van de provinciale wegen, anders dan overeen&#173;komstig de functie daarvan, en weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat die activiteit nadelige gevolgen kan hebben voor de belangen bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.1__art_9.1">Artikel 9.1</tekst:IntRef>, is verplicht:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.1__art_9.5__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.5__para_1__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.1__art_9.5__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.5__para_1__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van diegene kunnen worden gevraagd om die gevolgen te voorkomen;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.1__art_9.5__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.5__para_1__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>voor zover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen, die gevolgen zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.1__art_9.5__para_1__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.5__para_1__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>als die gevolgen onvoldoende kunnen worden beperkt, die activiteit achterwege te laten voor zover dat redelijkerwijs van diegene kan worden gevraagd.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_9__title_9.1__art_9.5__para_2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.5__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Deze plicht houdt in ieder geval in dat:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.1__art_9.5__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.5__para_2__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.1__art_9.5__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.5__para_2__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>het voor het verkeer noodzakelijke uitzicht op of bij de weg zo min mogelijk wordt belemmerd;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.1__art_9.5__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.5__para_2__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>geen gevaar wordt veroorzaakt voor de verkeersveiligheid of de doorstroming van het verkeer; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.1__art_9.5__para_2__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.5__para_2__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de staat van het wegdek niet wordt aangetast op een wijze dat hoogteverschillen ontstaan of afwatering van de weg wordt gehinderd.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.1__art_9.6" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.6">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>9.6</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Maatwerkvoorschriften</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_9__title_9.1__art_9.6__para_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.6__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Een maatwerkvoorschrift kan worden gesteld, of een vergunningvoorschrift kan aan een omge&#173;vingsvergunning als bedoeld in dit hoofdstuk worden verbonden, met uitzondering van bepa&#173;lingen over meldingen.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_9__title_9.1__art_9.6__para_2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.6__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Met een maatwerkvoorschrift of een vergunningvoorschrift kan worden afgeweken van bij of krachtens <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.1">Afdeling 9.2.1</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2">Afdeling 9.2.2</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3">Afdeling 9.2.3</tekst:IntRef> gestelde regels voor het gebruik en onderhoud van de provinciale wegen, tenzij anders is bepaald.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_9__title_9.1__art_9.6__para_3" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.6__para_3">
		  <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Met een maatwerkvoorschrift wordt <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.1__art_9.7">Artikel 9.7</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.1__art_9.8">Artikel 9.8</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.1">Afdeling 9.3.1</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2">Afdeling 9.3.2</tekst:IntRef> niet versoepeld.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.1__art_9.7" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.7">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>9.7</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Algemene regels bij een melding</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>In aanvulling op <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> gelden de volgende regels bij een melding:</tekst:Al>
		  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.1__art_9.7__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.7__list_1">
		    <tekst:Li eId="chp_9__title_9.1__art_9.7__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.7__list_1__item_a">
		      <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>een melding vervalt als met de uitvoering van een activiteit binnen zes maanden, na het doen van de melding, geen start is gemaakt;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_9__title_9.1__art_9.7__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.7__list_1__item_b">
		      <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de melding met alle daarbij behorende gegevens en bescheiden zijn tijdens de uitvoering van de activiteit op de locatie aanwezig. Op verzoek van het bevoegd gezag wordt deze melding onmiddellijk getoond;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_9__title_9.1__art_9.7__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.7__list_1__item_c">
		      <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de melder van de activiteit stelt tenminste 5 werkdagen voor aanvang van de activiteit de toezichthouder van de provincie Flevoland hiervan in kennis.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.1__art_9.8" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.8">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>9.8</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Algemene regels bij een omgevingsvergunning</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_9__title_9.1__art_9.8__para_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.8__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Voor zover een aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft tot een activiteit in dit hoofdstuk wordt die alleen verleend als de activiteit verenigbaar is met het oogmerk genoemd in <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.1__art_9.1">Artikel 9.1</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_9__title_9.1__art_9.8__para_2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.1__art_9.8__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Een omgevingsvergunning wordt niet geweigerd als door het stellen van voorschriften het te beschermen belang gelijkwaardig kan worden gediend.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_9__title_9.2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Regels wegen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>9.2.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Algemene regels met betrekking tot activiteiten in het beperkingengebied</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.1__art_9.9" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.1__art_9.9">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.9</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Verwijderen van werken en objecten</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.1__art_9.9__para_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.1__art_9.9__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Bij een verruiming of wijziging van een weg waarvoor geen omgevingsvergunning is vereist, worden bouwwerken, werken die geen bouwwerk zijn of andere objecten verplaatst of verlegd in het geval ze een belemmering vormen voor de voorbereiding of uitvoering van de werkzaamheden door of namens de wegbeheerder.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.1__art_9.9__para_2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.1__art_9.9__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Indien met de rechthebbende geen schriftelijke overeenstemming wordt bereikt over de termijn waarop het bouwwerk, <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werk</tekst:IntRef> of object wordt verplaatst of verlegd, stelt het bevoegd gezag die termijn bij maatwerkvoorschrift vast.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>9.2.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Onderhoud en werkzaamheden van de weg</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.10" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.10">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.10</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Activiteiten gepaard met tijdelijke verkeersmaatregelen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>In het beperkingengebied Provinciale Wegen is het verboden zonder omgevingsvergunning activiteiten uit te voeren waarbij (tijdelijke) verkeersmaatregelen moeten worden genomen ten behoeve van het reguleren van verkeer.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.11" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.11">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.11</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning werken</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>In het beperkingengebied Provinciale Wegen is het verboden zonder omgevingsvergunning <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken, plaatsen, hebben, wijzigen of verwijderen, met inbegrip van;</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.11__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.11__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.11__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.11__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>het bouwen, in stand houden en slopen van bouwwerken die daarmee samenhangen;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.11__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.11__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>het aanleggen, plaatsen, in stand houden en verwijderen van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> die geen bouwwerken zijn, die daarmee samenhangen; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.11__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.11__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>het wijzigen van de vorm, de loop, de constructie of het profiel van de weg.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.12</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning uitweg</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12__para_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In het beperkingengebied Provinciale Wegen is het verboden zonder omgevingsvergunning een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_50">uitweg</tekst:IntRef> te maken, te wijzigen, aan te sluiten of verandering te brengen in de wijze van aanleg op een provinciale weg.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12__para_2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een omgevingsvergunning voor een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_50">uitweg</tekst:IntRef> per perceel wordt verleend indien wordt voldaan aan de volgende eisen:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12__para_2__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12__para_2__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_50">uitweg</tekst:IntRef> wordt geplaatst conform de beoordelingsregels zoals opgenomen in <tekst:IntRef ref="cmp_6">Bijlage VI</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12__para_2__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de afstand van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_50">uitweg</tekst:IntRef> tot bestaande kruisingen, wegaansluitingen, oversteekplaatsen, in-en uitwegen en bochten meer dan 200 meter bedraagt;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12__para_2__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12__para_2__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_50">uitweg</tekst:IntRef> wordt dusdanig geconstrueerd dat het verkeer vooruitrijdend de kavel, zonder nadere manoeuvres, op kan rijden en verlaten;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12__para_2__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12__para_2__list_1__item_d">
			  <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_50">uitweg</tekst:IntRef> heeft een gesloten of elementenverharding; en</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12__para_2__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12__para_2__list_1__item_e">
			  <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_50">uitweg</tekst:IntRef> sluit vloeiend aan op de weg of het fietspad.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.13" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.13">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.13</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning tweede uitweg</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.13__para_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.13__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In het beperkingengebied Provinciale Wegen is het verboden zonder omgevingsvergunning een tweede <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_50">uitweg</tekst:IntRef> te maken, te wijzigen, aan te sluiten of verandering te brengen in de wijze van aanleg op een provinciale weg.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.13__para_2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.13__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het aanleggen, maken, hebben, wijzigen of aansluiten van een tweede <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_50">uitweg</tekst:IntRef> op een provinciale weg wordt alleen toegestaan, met inachtneming van <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12__para_2">Artikel 9.12, tweede lid</tekst:IntRef>, indien:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.13__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.13__para_2__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.13__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.13__para_2__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>geen tweede <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_50">uitweg</tekst:IntRef> mogelijk is die aansluit op een gemeentelijke weg;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.13__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.13__para_2__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>er sprake is van bedrijfssplitsing, aanvullende bedrijfsactiviteiten of een overmacht situatie; of</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.13__para_2__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.13__para_2__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het verkeer geen keermogelijkheid heeft op het terrein.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.14" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.14">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.14</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning kabels en leidingen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>In het beperkingengebied Provinciale Wegen is het verboden zonder omgevingsvergunning kabels en leidingen aan te leggen, te houden, te wijzigen of te verwijderen.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.15</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Technische eisen kabels en leidingen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15__para_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Kabels en leidingen moeten voldoen aan de volgende technische eisen:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15__para_1__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15__para_1__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>stalen transportleidingen: de NEN 3650;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15__para_1__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>stalen leidingen in kruisingen met belangrijke waterstaatswerken: de NEN 3651;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15__para_1__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15__para_1__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>stalen leidingen voor transport van gas, drinkwater en afvalwater, stuiklassen voor bui&#173;zen en hulpstukken van PE met een dichtheid van tenminste 930 kg/m3: de NEN 7200;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15__para_1__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15__para_1__list_1__item_d">
			  <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>roosters en deksels voor putten en kolken voor verkeerszones voor voorvoetgangers en voertuigen, met een maximale dagmaat tot en met 1000 mm: de NEN-EN 124;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15__para_1__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15__para_1__list_1__item_e">
			  <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>kabels en leidingen zijn, met inachtneming van de te verwachte gronddruk, berekend op een verkeersbelasting volgens belastingmodel 3 (Load Model 3) conform NEN-EN 1991-2;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15__para_1__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15__para_1__list_1__item_f">
			  <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>kabels en leidingen ten behoeve van de riolering hebben een dekking van ten min&#173;ste 1.00 meter.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15__para_2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.15__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De normadressaat dient voorafgaand aan het leggen van een kabel of leiding een KLIC melding te doen en overleg te plegen met de betrokken netbeheerder.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.16" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.16">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.16</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Gestuurde boringen en persen bij bomen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.16__para_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.16__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Bij het leggen van kabels en leidingen nabij bomen wordt onder bomen door geboord.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.16__para_2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.16__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Er worden geen boomwortels afgehakt of beschadigd.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.17" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.17">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.17</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Wegkruisingen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Bij een kruising van een kabel of leiding met een weg wordt;</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.17__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.17__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.17__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.17__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een mantelbuis gebruikt;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.17__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.17__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een gestuurde boring toegepast; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.17__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.17__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de mantelbuis zoveel mogelijk haaks op de weg as geplaatst.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.18" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.18">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.18</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Slopen of verwijderen van kabels en leidingen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Kabels en leidingen die niet meer in gebruik zijn worden te allen tijde verwijderd.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.19" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.19">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.19</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Merktekens</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Bij het plaatsen van merktekens ten behoeve van kabels en leidingen dient het merkteken 0.50 meter boven het maaiveld uit te steken.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.20" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.20">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.20</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Grondwerkzaamheden</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Grondwerkzaamheden ten behoeve van kabels en leidingen moeten onder de vol&#173;gende omstandigheden worden uitgevoerd:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.20__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.20__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.20__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.20__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>ontgravingen dienen gescheiden plaats te vinden en aangevuld te worden;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.20__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.20__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>ontgravingen dienen na afloop van iedere dag te worden dichtgemaakt of, indien dit niet mo&#173;gelijk is, veilig te worden afgezet;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.20__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.20__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>opengebroken weggedeelten, bestratingen en andere in verband met de werkzaamheden aan&#173;wezige obstakels dienen duidelijk te worden gemarkeerd;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.20__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.20__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>kabels en leidingen dienen in den droge te worden gelegd of verlegd, zo nodig met behulp van bronbemaling van voldoende capaciteit nabij de verharding tot 0.25 meter beneden de onder&#173;kant van de boorbuizen of mantelbuizen;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.20__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.20__list_1__item_e">
			<tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de bovenste laag van de aanvulling mag geen puin bevatten.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>9.2.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Gebruik van de weg</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.21" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.21">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.21</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning voorwerpen en objecten</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.21__para_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.21__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het is binnen het beperkingengebied Provinciale Wegen verboden zonder omgevingsvergunning voorwerpen en objecten te storten, plaatsen, leggen, hebben, behouden of wijzigen.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.21__para_2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.21__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het verbod geldt niet voor activiteiten die betrekking hebben op;</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.21__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.21__para_2__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.21__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.21__para_2__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het plaatsen, hebben, wijzigingen of verwijderen van verkeertekens en onderborden als bedoeld in artikel 14 van de Wegenverkeerswet 1994; en</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.21__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.21__para_2__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>herdenkingstekens zoals bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25">Artikel 9.25</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.22" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.22">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.22</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning standplaats/verkooppunt</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.22__para_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.22__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het is binnen het beperkingengebied Provinciale Wegen verboden zonder omgevingsvergunning een standplaats in te nemen.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.22__para_2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.22__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Onder de volgende voorwaarden kan een omgevingsvergunning worden verleend voor een standplaats:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.22__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.22__para_2__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.22__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.22__para_2__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het betreft een parkeer- of carpoolplaats;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.22__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.22__para_2__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de omgevingsvergunning wordt verleend voor een periode van maximaal een jaar; en</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.22__para_2__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.22__para_2__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de veiligheid en de doelmatigheid van de parkeer- of carpoolplaats worden niet onacceptabel aangetast naar het oordeel van het bevoegd gezag.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.23</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning borden</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In het beperkingengebied Provinciale Wegen is het verboden om zonder omgevingsvergunning <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">borden</tekst:IntRef> te plaatsen.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het verbod zoals bedoeld in het eerste lid geldt niet voor het plaatsen, hebben, wijzigen of verwijderen van borden ten behoeve van recreatieve bewegwijzering.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De voorzieningen zoals bedoeld in het eerste lid:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>worden geplaatst;</tekst:Al>
			  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1">
			    <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_1">
			      <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			      <tekst:Al>buiten de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_8">bebouwde kom</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			    </tekst:Li>
			    <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_2">
			      <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			      <tekst:Al>op een deugdelijke wijze, dit betekent dat borden op stalen palen bevestigd en met grondankers geplaatst moeten worden;</tekst:Al>
			    </tekst:Li>
			    <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_3" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_3">
			      <tekst:LiNummer>3.</tekst:LiNummer>
			      <tekst:Al>het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">bord</tekst:IntRef> in een goede staat van onderhoud verkeert en/of wordt onderhouden;</tekst:Al>
			    </tekst:Li>
			    <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_4" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_4">
			      <tekst:LiNummer>4.</tekst:LiNummer>
			      <tekst:Al>het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">bord</tekst:IntRef> niet groter is dan 1.00 meter bij 1.00 meter;</tekst:Al>
			    </tekst:Li>
			    <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_5" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_5">
			      <tekst:LiNummer>5.</tekst:LiNummer>
			      <tekst:Al>er niet meer dan twee borden bij elkaar op een locatie worden aangebracht;</tekst:Al>
			    </tekst:Li>
			    <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_6" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_6">
			      <tekst:LiNummer>6.</tekst:LiNummer>
			      <tekst:Al>de borden worden geplaatst in de onverharde buitenberm op een afstand van ten min&#173;ste 1.80 meter uit de kant van de verharding;</tekst:Al>
			    </tekst:Li>
			    <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_7" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_7">
			      <tekst:LiNummer>7.</tekst:LiNummer>
			      <tekst:Al>zelfstandig en niet aan bestaande bebording en/of OV-masten bevestigd;</tekst:Al>
			    </tekst:Li>
			    <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_8" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_8">
			      <tekst:LiNummer>8.</tekst:LiNummer>
			      <tekst:Al>minimaal 2 meter van OV-masten;</tekst:Al>
			    </tekst:Li>
			    <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_9" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_9">
			      <tekst:LiNummer>9.</tekst:LiNummer>
			      <tekst:Al>zonder spiegeling, fluorisering, verlichting en bewegende delen;</tekst:Al>
			    </tekst:Li>
			    <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_10" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_10">
			      <tekst:LiNummer>10.</tekst:LiNummer>
			      <tekst:Al>minimaal 0.5 meter en maximaal 2 meter boven het maaiveld is bevestigd;</tekst:Al>
			    </tekst:Li>
			    <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_11" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_11">
			      <tekst:LiNummer>11.</tekst:LiNummer>
			      <tekst:Al>200 meter van bestaande kruisingen, wegaansluitingen, oversteekplaatsen, in-en uitwegen en bochten; en</tekst:Al>
			    </tekst:Li>
			    <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_12" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_a__list_1__item_12">
			      <tekst:LiNummer>12.</tekst:LiNummer>
			      <tekst:Al>meer dan 50 meter voor of 50 meter voorbij bestaande bewegwijzering of verkeersborden.</tekst:Al>
			    </tekst:Li>
			  </tekst:Lijst>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>worden verwijderd door degene die de voorzieningen plaatst:</tekst:Al>
			  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_b__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_b__list_1">
			    <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_b__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_b__list_1__item_1">
			      <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			      <tekst:Al>indien de voorzieningen waar ze betrekking op hebben niet langer aanwezig zijn en/of noodzakelijk zijn; en</tekst:Al>
			    </tekst:Li>
			    <tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_b__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_3__list_1__item_b__list_1__item_2">
			      <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			      <tekst:Al>na verwijdering van de borden wordt de berm in oorspronkelijke staat terug gebracht.</tekst:Al>
			    </tekst:Li>
			  </tekst:Lijst>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_4" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23__para_4">
		    <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Voordat het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">bord</tekst:IntRef> wordt geplaatst dient een KLIC melding gedaan te worden.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.24" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.24">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.24</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning evenementen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>In het beperkingengebied Provinciale Wegen is het met het oog op een veilig en doelmatig gebruik van wegen verboden om zonder een omgevingsvergunning een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_16">evenement</tekst:IntRef> te houden.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.25</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Meldingsplicht herdenkingstekens</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In het beperkingengebied Provinciale Wegen is het verboden om zonder voorafgaande melding als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> herdenkingstekens te plaatsen.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Met het oog op een veilig en doelmatig gebruik van de weg wordt een herdenkingsteken:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_2__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_2__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>door aanwezigheid, grootte, plaats of vormgeving op een deugdelijke wijze geplaatst;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_2__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>zonder knipperende, bewegende of verlichtende delen geplaatst;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_2__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_2__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>minimaal op 0.5 meter en maximaal 2 meter boven het maaiveld geplaatst;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_2__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_2__list_1__item_d">
			  <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>in de onverharde buitenberm op een afstand van tenminste 1.80 meter uit de kant van de verharding geplaatst;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_2__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_2__list_1__item_e">
			  <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>niet in bochten geplaatst; en </tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_2__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_2__list_1__item_f">
			  <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>in het geval van meerdere slachtoffers wordt het een gecombineerde herdenkingsteken</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_3" wId="pv24_80__chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.25__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het herdenkingsteken wordt na vijf jaar door de melder verwijderd.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_9__title_9.3" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>9.3.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Algemene gegevens</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.1__art_9.26" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.1__art_9.26">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.26</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Algemene gegevens bij het verstrekken van gegevens en bescheiden omgevingsvergunning</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Bij een aanvraag van een omgevingsvergunning voor een beperkingengebiedactiviteit op basis van dit hoofdstuk worden in aanvulling op artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling de volgende gegevens en bescheiden verstrekt aan het bevoegd gezag en worden die ondertekend en voorzien van:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.1__art_9.26__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.1__art_9.26__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.1__art_9.26__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.1__art_9.26__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een aanduiding van de begrenzing van de locatie waarop de activiteit wordt verricht; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.1__art_9.26__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.1__art_9.26__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de verwachte datum van het begin van de activiteit en de verwachte duur ervan.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>9.3.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Aanvullende gegevens en bescheiden voor activiteiten</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.27</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot werken</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Tenminste vier weken voor het begin van een activiteit als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.11">Artikel 9.11</tekst:IntRef> worden in aanvulling op artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>als het gaat om bouwen van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werk</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1__item_a__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1__item_a__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1__item_a__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1__item_a__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een tekening of plattegrond van de betrokken locatie van de activiteit;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1__item_a__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1__item_a__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een tekening van de voorgenomen constructie;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1__item_a__list_1__item_3" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1__item_a__list_1__item_3">
			    <tekst:LiNummer>3.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een opsomming van de te gebruiken materialen; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1__item_a__list_1__item_4" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1__item_a__list_1__item_4">
			    <tekst:LiNummer>4.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de verwachte begin- en einddatum van de activiteit.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>als het gaat om het verwijderen van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werk</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1__item_b__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1__item_b__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1__item_b__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.27__list_1__item_b__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de verwachte begin- en einddatum van de activiteit.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.28" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.28">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.28</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot uitwegen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12">Artikel 9.12</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.13">Artikel 9.13</tekst:IntRef> worden in aanvulling op artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.28__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.28__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.28__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.28__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een tekening of plattegrond van de betrokken locatie van de activiteit;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.28__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.28__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een tekening van de voorgenomen constructie;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.28__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.28__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een opsomming van de te gebruiken materialen; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.28__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.28__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de verwachte begin- en einddatum van de activiteit.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.29" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.29">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.29</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot kabels en leidingen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Bij de aanvraag om omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.14">Artikel 9.14</tekst:IntRef> worden in aanvulling op artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.29__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.29__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.29__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.29__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een tekening of plattegrond van de betrokken locatie;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.29__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.29__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een tekening van de voorgenomen constructie inclusief maatvoering;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.29__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.29__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een opsomming van de te gebruiken materialen; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.29__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.29__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de verwachte begin- en einddatum van de activiteit.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.30</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot standplaats/verkooppunt</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Bij de aanvraag om omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.22">Artikel 9.22</tekst:IntRef> worden in aanvulling op artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de totale afmetingen van de ruimte die de aanvrager wil gaan gebruiken;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een beschrijving van de verkoopinrichting waaronder begrepen de afmeting van de (mobiele) wagen of kar inclusief de daaraan vast gemaakte uitbreidingen zoals luifels en zijschotten;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>omschrijving van de waren die de aanvrager op de standplaats wenst te verkopen;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de periode van verkoop van waren;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_e">
			<tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een plaatsaanduiding op de weg waar de aanvrager de standplaats wil betrekken, onder vermelding van het wegnummer van de weg en de hectometrering; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_f">
			<tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een plattegrondtekening met een schaal die niet kleiner mag zijn dan 1:1.000. Op de plattegrond is aangegeven:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_f__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_f__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_f__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_f__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al> schaalaanduiding, </tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_f__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_f__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>adres, </tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_f__list_1__item_3" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_f__list_1__item_3">
			    <tekst:LiNummer>3.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>kadastrale aanduiding, </tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_f__list_1__item_4" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_f__list_1__item_4">
			    <tekst:LiNummer>4.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>wegnummer van de provinciale weg, </tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_f__list_1__item_5" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_f__list_1__item_5">
			    <tekst:LiNummer>5.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>hectometrering en </tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_f__list_1__item_6" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.30__list_1__item_f__list_1__item_6">
			    <tekst:LiNummer>6.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>plek waar de verkoopinrichting moet komen.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.31" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.31">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.31</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot borden</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Bij de aanvraag om omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.23">Artikel 9.23</tekst:IntRef> worden in aanvulling op artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.31__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.31__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.31__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.31__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een tekening of plattegrond van de betrokken locatie van de activiteit;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.31__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.31__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een tekening van de voorgenomen constructie inclusief maatvoering;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.31__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.31__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een opsomming van de te gebruiken materialen; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.31__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.31__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de voorgenomen duur van de aanwezigheid van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">bord</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.32" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.32">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>9.32</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot evenementen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Bij de aanvraag om omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.3__art_9.24">Artikel 9.24</tekst:IntRef> worden in aanvulling op artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.32__list_1" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.32__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.32__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.32__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>aard van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_16">evenement</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.32__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.32__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>te treffen veiligheidsmaatregelen ten behoeve van het verkeer; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.32__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2__art_9.32__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>omleidingsroutes indien de aanvrager wenst dat het verkeer wordt gestremd.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_10" wId="pv24_80__chp_10">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>10</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Luchtvaart</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Titel eId="chp_10__title_10.1" wId="pv24_80__chp_10__title_10.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>10.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemeen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_10__title_10.1__art_10.1" wId="pv24_80__chp_10__title_10.1__art_10.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>10.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels zijn gesteld ter verduidelijking.<tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_46__ref_o_1" eId="chp_10__title_10.1__art_10.1__ref_1" wId="pv24_80__chp_10__title_10.1__art_10.1__ref_1">Luchthaven gelegen in de provincie Flevoland</tekst:IntIoRef></tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_10__title_10.1__art_10.2" wId="pv24_80__chp_10__title_10.1__art_10.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>10.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Werkingsgebied</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Dit hoofdstuk is van toepassing op:</tekst:Al>
		  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_10__title_10.1__art_10.2__list_1" wId="pv24_80__chp_10__title_10.1__art_10.2__list_1">
		    <tekst:Li eId="chp_10__title_10.1__art_10.2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_10__title_10.1__art_10.2__list_1__item_a">
		      <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>aanvragen tot het vaststellen of wijzigen van een luchthavenbesluit voor een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_46__ref_o_1" eId="chp_10__title_10.1__art_10.2__list_1__item_1__ref_1" wId="pv24_80__chp_10__title_10.1__art_10.2__list_1__item_1__ref_1">luchthaven gelegen in de provincie Flevoland</tekst:IntIoRef>, waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_10__title_10.1__art_10.2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_10__title_10.1__art_10.2__list_1__item_b">
		      <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>aanvragen tot het vaststellen of wijzigen van een luchthavenregeling voor een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_46__ref_o_1" eId="chp_10__title_10.1__art_10.2__list_1__item_2__ref_3" wId="pv24_80__chp_10__title_10.1__art_10.2__list_1__item_2__ref_3">luchthaven gelegen in de provincie Flevoland</tekst:IntIoRef>, waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_10__title_10.2" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>10.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Activiteiten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_10__title_10.2__art_10.3" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2__art_10.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>10.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Een aanvraag tot vaststelling van een luchthavenbesluit of luchthavenregeling bevat de volgende gegevens en bescheiden:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>naam, adres, contactgegevens, rechtspersoonlijkheid, contactperso(o)n(en) en eventuele adviseurs van de aanvrager, en indien de aanvrager niet de (beoogde) exploitant is, tevens de genoemde gegevens van de (beoogde) exploitant;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een aanduiding van het terrein dat bestemd is om als luchthaven te worden ingericht, met een topografische kaart op een schaal van 1:10.000 en de kadastrale aanwijzing van het terrein;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de eigendomssituatie met betrekking tot het terrein, en voor zover de aanvrager niet de eigenaar is, een verklaring van de eigenaar of eigenaren dat deze instemt of instemmen met het voorgenomen gebruik als luchthaven;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een of meer tekeningen waaruit de beoogde ruimtelijke indeling van het gebied van en rond de luchthaven blijkt, met inbegrip van (maximale) hoogte van objecten;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_e">
			<tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een plan voor het gebruik van de luchthaven voor een periode in de eerste vijf jaar na inwerkingtreding van het luchthavenbesluit;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_f">
			<tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de wijze waarop in naderingsluchtverkeersleiding zal worden voorzien;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_g" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_g">
			<tekst:LiNummer>g.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de voor het beoogde gebruik noodzakelijke berekeningen als bedoeld in hoofdstuk 2 van de Regeling burgerluchthavens en artikel 10.44, derde lid van de Wet luchtvaart met betrekking tot het bepalen van de geluidsbelasting en het externe-veiligheidsrisico van het luchthavenluchtverkeer;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_h" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_h">
			<tekst:LiNummer>h.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een bij het voornemen passende beschrijving van de mogelijke effecten op het milieu;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_i" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_i">
			<tekst:LiNummer>i.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de wijze waarop in naderingsluchtverkeersleiding zal worden voorzien en de voor het beoogde gebruik noodzakelijke berekeningen als bedoeld in artikel 10.44, derde lid, van de Wet luchtvaart met betrekking tot de lokale luchtverontreiniging;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_j" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_j">
			<tekst:LiNummer>j.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een onderbouwing voor de aanvraag van een luchthavenregeling;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_k" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2__art_10.3__para_1__list_1__item_k">
			<tekst:LiNummer>k.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de wijze waarop invulling wordt gegeven aan de eisen ingevolge artikel 29 van de Regeling veilig gebruik luchthavens en andere terreinen;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_10__title_10.2__art_10.3__para_2" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2__art_10.3__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het eerste en tweede lid zijn van overeenkomstige toepassing op een aanvraag tot wijziging van een luchthavenbesluit respectievelijk luchthavenregeling, met dien verstande dat de aanvrager:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_10__title_10.2__art_10.3__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2__art_10.3__para_2__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_10__title_10.2__art_10.3__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2__art_10.3__para_2__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>alle gegevens indient die afwijken van de situatie die in het geldende besluit respectievelijk de geldende regeling is neergelegd, en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_10__title_10.2__art_10.3__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2__art_10.3__para_2__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>verklaart dat alle overige gegevens gelijkluidend zijn aan de gegevens in het geldende besluit respectievelijk de geldende regeling.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_10__title_10.2__art_10.3__para_3" wId="pv24_80__chp_10__title_10.2__art_10.3__para_3">
		  <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Indien zich wijzigingen voordoen ten aanzien van de gegevens die op grond van het eerste lid zijn overgelegd in het kader van de aanvraag, dan dient binnen drie maanden nadat een wijziging zich voordoet een aanvraag tot wijziging van de luchthavenregeling te worden ingediend die voldoet aan het bepaalde in dit artikel.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_10__title_10.3" wId="pv24_80__chp_10__title_10.3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>10.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_10__title_10.3__art_10.4" wId="pv24_80__chp_10__title_10.3__art_10.4">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>10.4</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Instructieregels aan Gedeputeerde Staten</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Gedeputeerde staten zijn belast met de voorbereiding van een voorstel over een aanvraag van een luchthavenbesluit voor provinciale staten, met inbegrip van het opstellen van een ontwerpvoorstel en het toepassing geven aan afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_11" wId="pv24_80__chp_11">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>11</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Vaarwegen</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Titel eId="chp_11__title_11.1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Inleidende bepalingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.1__art_11.1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>11.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk zijn gesteld met het oog op de volgende doelen:</tekst:Al>
		  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.1__art_11.1__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.1__list_1">
		    <tekst:Li eId="chp_11__title_11.1__art_11.1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.1__list_1__item_a">
		      <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>het veilig en doelmatig gebruik van de <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_52__ref_o_1" eId="chp_11__title_11.1__art_11.1__list_1__item_1__ref_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.1__list_1__item_1__ref_1">provinciale vaarwegen</tekst:IntIoRef> overeenkomstig de functie daarvan voor het openbaar vaarwegverkeer;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_11__title_11.1__art_11.1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.1__list_1__item_b">
		      <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>het beschermen van de <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_52__ref_o_1" eId="chp_11__title_11.1__art_11.1__list_1__item_2__ref_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.1__list_1__item_2__ref_2">provinciale vaarwegen</tekst:IntIoRef> met inbegrip van het belang van het onderhoud of wijziging van de vaarweg.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.1__art_11.2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>11.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Toepassingsbereik</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_11__title_11.1__art_11.2__para_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.2__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Dit hoofdstuk gaat over beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot vaarwegen in beheer bij de provincie Flevoland.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_11__title_11.1__art_11.2__para_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.2__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Voor activiteiten die niet vallen onder het beperkingengebied met betrekking tot vaarwegen in beheer bij de provincie Flevoland, geldt dat dit hoofdstuk ook van toepassing is voor activiteiten op/nabij locaties die vallen onder het beheer bij de provincie Flevoland.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_11__title_11.1__art_11.2__para_3" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.2__para_3">
		  <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Dit hoofdstuk is niet van toepassing op activiteiten door de provincie Flevoland ten behoeve van de aanleg, de wijziging, het beheer en/of onderhoud van de vaarweg, de toezicht en handhaving van de vaarweg of de regeling van het vaarwegverkeer over die vaarweg.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.1__art_11.3" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>11.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Werkingsgebied Provinciale Vaarwegen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk gelden voor het beperkingengebied <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_52__ref_o_1" eId="chp_11__title_11.1__art_11.3__ref_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.3__ref_1">provinciale vaarwegen</tekst:IntIoRef> waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef> bij deze verordening.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.1__art_11.4" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.4">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>11.4</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Normadressaat</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Dit hoofdstuk is van toepassing op degene die de activiteit verricht, tenzij anders is bepaald. Diegene draagt zorg voor de naleving van de regels over de activiteit.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.1__art_11.5" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.5">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>11.5</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Specifieke zorgplicht</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_11__title_11.1__art_11.5__para_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.5__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Degene die activiteiten uitvoert in het beperkingengebied van de provinciale vaarwegen, anders dan overeenkomstig de functie daarvan, en weet of redelijkerwijs kan vermoeden dat die activiteit nadelige gevolgen kan hebben voor de belangen, bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.1__art_11.1">Artikel 11.1</tekst:IntRef> is verplicht;</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.1__art_11.5__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.5__para_1__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.1__art_11.5__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.5__para_1__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>alle maatregelen te nemen die redelijkerwijs van diegene kunnen worden gevraagd om die gevolgen te voorkomen;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.1__art_11.5__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.5__para_1__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>voor zover die gevolgen niet kunnen worden voorkomen, die gevolgen zoveel mogelijk te beperken of ongedaan te maken; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.1__art_11.5__para_1__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.5__para_1__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>als die gevolgen onvoldoende kunnen worden beperkt, die activiteit achterwege te laten voor zover dat redelijkerwijs van diegene kan worden gevraagd.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_11__title_11.1__art_11.5__para_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.5__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Deze plicht houdt in ieder geval in dat;</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.1__art_11.5__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.5__para_2__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.1__art_11.5__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.5__para_2__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>het voor het vaarwegverkeer noodzakelijke uitzicht op of bij de vaarweg zo min mogelijk wordt belemmerd;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.1__art_11.5__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.5__para_2__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>geen gevaar wordt veroorzaakt voor de veiligheid of de doorstroming van het vaarwegverkeer; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.1__art_11.5__para_2__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.5__para_2__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de vaarweg niet wordt verontreinigd.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.1__art_11.6" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.6">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>11.6</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Maatwerkvoorschriften</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_11__title_11.1__art_11.6__para_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.6__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Een maatwerkvoorschrift kan worden gesteld, of een vergunningvoorschrift kan aan een omgevingsvergunning als bedoeld in dit hoofdstuk worden verbonden, met uitzondering van bepalingen over meldingen.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_11__title_11.1__art_11.6__para_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.6__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Met een maatwerkvoorschrift of een vergunningvoorschrift kan worden afgeweken van bij of krachtens <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1">Afdeling 11.2.1</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.2">Afdeling 11.2.2</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3">Afdeling 11.2.3</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4">Afdeling 11.2.4</tekst:IntRef> gestelde regels, tenzij anders is bepaald.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_11__title_11.1__art_11.6__para_3" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.6__para_3">
		  <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Met een maatwerkvoorschrift worden <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.1__art_11.7">Artikel 11.7</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.1__art_11.8">Artikel 11.8</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.1">Afdeling 11.3.1</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2">Afdeling 11.3.2</tekst:IntRef> niet versoepeld.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.1__art_11.7" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.7">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>11.7</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Algemene regels bij een melding</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>In aanvulling op <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> gelden de volgende regels bij een melding:</tekst:Al>
		  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.1__art_11.7__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.7__list_1">
		    <tekst:Li eId="chp_11__title_11.1__art_11.7__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.7__list_1__item_a">
		      <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>een melding vervalt als met de uitvoering van een activiteit binnen zes maanden na het doen van de melding geen start is gemaakt.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_11__title_11.1__art_11.7__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.7__list_1__item_b">
		      <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de melding met alle daarbij behorende gegevens en bescheiden is tijdens de uitvoering van de activiteit op de locatie aanwezig. Op verzoek van het bevoegd gezag wordt deze melding onmiddellijk getoond.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_11__title_11.1__art_11.7__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.7__list_1__item_c">
		      <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de melder van de activiteit stelt tenminste 5 werkdagen voor aanvang van de activiteit de opzichter van de provincie Flevoland hiervan in kennis.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.1__art_11.8" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.8">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>11.8</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Algemene regels bij een omgevingsvergunning</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_11__title_11.1__art_11.8__para_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.8__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Voor zover een aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit in dit hoofdstuk wordt die alleen verleend als de activiteit verenigbaar is met het oogmerk genoemd in <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.1__art_11.1">Artikel 11.1</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_11__title_11.1__art_11.8__para_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.1__art_11.8__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Een omgevingsvergunning wordt niet geweigerd als door het stellen van voorschriften het te beschermen belang gelijkwaardig kan worden gediend.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_11__title_11.2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Regels vaarwegen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>11.2.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Regels met betrekking tot vaarwegactiviteiten</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.9" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.9">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.9</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning vaarwegactiviteiten</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.9__para_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.9__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In het beperkingengebied Provinciale Vaarwegen is het verboden zonder omgevingsvergunning vaarwegverkeeractiviteiten uit te voeren.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.9__para_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.9__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Deze afdeling is niet van toepassing indien het stremmen of belemmeren van de scheepvaart door of namens het bevoegd gezag het gevolg is van extreem weer of calamiteiten.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.10" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.10">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.10</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Verboden activiteiten</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.10__para_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.10__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het is verboden gebruik te maken van spudpalen in provinciale vaarwegen.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.10__para_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.10__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het is verboden te ankeren in de provinciale vaarweg.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.11</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Stremmen of belemmeren van de scheepvaart</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het vaarwegverkeer wordt alleen gestremd of belemmerd indien is voldaan aan de aanvraag- en publicatievereisten voor een stremming;</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>indien er geen sprake is van hinder:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_a__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_a__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_a__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_a__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de aanmelding voor stremming dient 1 week voor uitvoering te worden gedaan;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_a__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_a__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>er is geen publicatie voor de scheepvaart nodig.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>indien er sprake is van maximaal 2 uur hinder:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_b__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_b__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_b__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_b__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de aanmelding voor stremming dient 2 weken voor uitvoering te worden gedaan;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_b__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_b__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de publicatie voor het scheepvaartverkeer dient minimaal 1 week voor uitvoering te worden gepubliceerd.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>indien er sprake is van maximaal 2 dagen hinder:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_c__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_c__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_c__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_c__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de aanmelding voor een stremming dient 6 weken voor uitvoering bij de vaarwegbeheerder te worden gedaan;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_c__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_c__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de publicatie voor het scheepvaartverkeer dient minimaal 4 weken voor uitvoering te worden gepubliceerd.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>indien er sprake is van maximaal 7 dagen hinder:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_d__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_d__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_d__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_d__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de aanmelding voor een stremming dient 8 weken voor uitvoering te worden gedaan;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_d__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_d__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de publicatie voor het scheepvaartverkeer dient minimaal 6 weken voor uitvoering te worden gepubliceerd.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_e">
			<tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>indien er sprake is van maximaal 4 weken hinder:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_e__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_e__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_e__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_e__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de aanmelding voor een stremming dient 26 weken voor uitvoering te worden gedaan;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_e__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_e__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de publicatie voor het scheepvaartverkeer dient minimaal 13 weken voor uitvoering te worden gepubliceerd.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_f">
			<tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>indien er sprake is van meer dan 4 weken hinder:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_f__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_f__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_f__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_f__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de aanmelding voor een stremming dient 52 weken voor uitvoering te worden gedaan;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_f__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_f__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de publicatie voor het scheepvaartverkeer dient minimaal 39 weken voor uitvoering te worden gepubliceerd.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_g" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.11__list_1__item_g">
			<tekst:LiNummer>g.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>Bij <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_16">evenement</tekst:IntRef> zijn afwijkende voorwaarden met betrekking tot het stremmen van de scheepsvaart opgenomen in <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30">Artikel 11.30</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.12" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.12">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.12</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Schepen met afwijkende afmetingen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Een vaartuig die afwijkt van de toegestane afmetingen/diepgang wordt alleen geschut in die gevallen zoals opgenomen in <tekst:IntRef ref="cmp_7">Bijlage VII</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="cmp_8">Bijlage VIII</tekst:IntRef> en:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.12__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.12__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.12__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.12__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>indien er een aanvaardbare situatie is ten aanzien van de bereikbaarheid door hulpdiensten en de afwikkeling van het verkeer;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.12__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.12__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>buiten de bloktijden van 07.00 - 09.00 en 16.00 - 18.00 uur.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.13" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.13">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.13</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Geen bediening</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Een vaartuig wordt alleen buiten bedientijden bediend in die gevallen zoals opgenomen in <tekst:IntRef ref="cmp_9">Bijlage IX</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.14" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.14">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.14</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Maximale snelheid</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.14__para_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.14__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De maximale snelheid op de vaarweg is 12 km/h.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.14__para_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.14__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een afwijking van de maximale snelheid is alleen toegestaan indien:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.14__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.14__para_2__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.14__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.14__para_2__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het gaat om vaartuigen ten behoeve van hulpdiensten; of</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.14__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.14__para_2__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het gaat om vaartuigen ten behoeve van toezicht en handhaving.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.15" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.15">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.15</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Watersport zonder schip</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Watersport zonder schip is alleen toegestaan indien:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.15__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.15__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.15__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.15__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de activiteit niet binnen 50 meter van een brug plaatsvindt;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.15__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.15__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de activiteit niet binnen 200 meter van de deuren van een sluis wordt uitgeoefend; of</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.15__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.15__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de activiteit niet wordt uitgeoefend in de Oostervaart.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.16" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.16">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.16</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Betreden sluiscomplexen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het is enkel toegestaan een sluiscomplex te betreden indien:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.16__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.16__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.16__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.16__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>dit nodig is voor het passeren met een schip;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.16__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.16__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>dit nodig is voor het af- en opzetten van een voertuig door een schip op de daarvoor bestemde locaties; of</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.16__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.16__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>er sprake is van een acute situatie of calamiteit voor hulpdiensten en hulpverleners.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>11.2.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Algemene regels met betrekking tot activiteiten in het beperkingengebied</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.2__art_11.17" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.2__art_11.17">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.17</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Verwijderen van werken, objecten en/of schepen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.2__art_11.17__para_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.2__art_11.17__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Bij een verruiming of wijziging van een vaarweg waarvoor geen omgevingsvergunning is vereist, worden bouwwerken, <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> die geen bouwwerk zijn of andere objecten, verplaatst of verlegd in het geval ze een belemmering vormen voor de voorbereiding of uitvoering van de werkzaamheden door of namens de vaarwegbeheerder.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.2__art_11.17__para_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.2__art_11.17__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Indien met de rechthebbende geen schriftelijke overeenstemming wordt bereikt over de termijn waarop het bouwwerk, <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werk</tekst:IntRef> of object wordt verplaatst of verlegd, stelt het bevoegd gezag die termijn bij maatwerkvoorschrift vast.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>11.2.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Onderhoud en werkzaamheden aan de vaarweg</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.18" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.18">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.18</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning werken</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>In het beperkingengebied Provinciale Vaarwegen is het verboden zonder omgevingsvergunning <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> te maken, plaatsen, hebben, wijzigen of verwijderen met betrekking tot de vaarweg, met inbegrip van;</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.18__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.18__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.18__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.18__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>het bouwen, in stand houden en slopen van bouwwerken die daarmee samenhangen;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.18__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.18__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>het aanleggen, plaatsen, in stand houden en verwijderen van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werken</tekst:IntRef> die geen bouwwerken zijn, die daarmee samenhangen; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.18__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.18__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>het wijzigen van de vorm, de loop, de constructie of het profiel van de vaarweg.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.19" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.19">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.19</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning kabels en leidingen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>In het beperkingengebied Provinciale Vaarwegen is het verboden zonder omgevingsvergunning beperkingengebiedactiviteiten met betrekking tot het aanleggen, houden, wijzigen en verwijderen van kabels en leidingen te verrichten.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.20</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Technische eisen kabels en leidingen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20__para_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Kabels en leidingen moeten voldoen aan de volgende technische eisen:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20__para_1__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20__para_1__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>stalen transportleidingsystemen: de NEN 3650;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20__para_1__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>stalen leidingen in kruisingen met belangrijke waterstaatswerken: de NEN 3651;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20__para_1__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20__para_1__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>stalen leidingen voor transport van gas, drinkwater en afvalwater, stuiklassen voor buizen en hulpstukken van PE met een dichtheid van tenminste 930 kg/m3: de NEN 7200;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20__para_1__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20__para_1__list_1__item_d">
			  <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>eisen, typebeproevingen, markering en kwaliteitsbeheersing voor roosters en deksels voor putten en kolken voor verkeersgebieden: de NEN-EN 124;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20__para_1__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20__para_1__list_1__item_e">
			  <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>kabels en leidingen zijn, met inachtneming van de te verwachte gronddruk, berekend op een verkeersbelasting volgens belastingmodel 3 (Load Model 3) conform NEN-EN 1991-2;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20__para_1__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20__para_1__list_1__item_f">
			  <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>kabels en leidingen ten behoeve van de riolering een dekking hebben van ten minste 1.00 meter.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20__para_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.20__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De normadressaat dient voorafgaand aan het leggen van een kabel of leiding een KLIC melding te doen en overleg te plegen met de betrokken netbeheerder.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.21" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.21">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.21</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Gestuurde boringen en persen bij bomen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.21__para_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.21__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Bij het leggen van kabels en leidingen nabij bomen wordt onder de bomen door geboord.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.21__para_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.21__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Er worden geen boomwortels afgehakt of beschadigd.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.22" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.22">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.22</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Vaarwegkruisingen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Bij een kruising van een kabel of leiding met een vaarweg wordt:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.22__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.22__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.22__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.22__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een mantelbuis gebruikt;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.22__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.22__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een gestuurde boring toegepast; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.22__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.22__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een onderlinge afstand van ten minste 50 meter aangehouden.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.23" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.23">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.23</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Slopen of verwijderen van kabels en leidingen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Kabels en leidingen die niet meer in gebruik zijn worden te allen tijde verwijderd.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.24" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.24">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.24</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Grondwerkzaamheden</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Grondwerkzaamheden met betrekking tot kabels en leidingen moeten onder de volgende omstandigheden worden uitgevoerd:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.24__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.24__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.24__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.24__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>ontgravingen dienen gescheiden plaats te vinden en aangevuld te worden;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.24__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.24__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>ontgravingen dienen na afloop van iedere dag te worden dichtgemaakt of, indien dit niet mogelijk is, dienen ontgravingen veilig te worden afgezet;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.24__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.24__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>opengebroken weggedeelten, bestratingen en ander in verband met de werkzaamheden aanwezige obstakels dienen duidelijk te worden gemarkeerd;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.24__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.24__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>kabels en leidingen dienen in den droge te worden gelegd of verlegd, zo nodig met behulp van bronbemaling van voldoende capaciteit nabij de verharding tot 0.25 meter beneden de onderkant van de boorbuizen of mantelbuizen; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.24__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.24__list_1__item_e">
			<tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de bovenste laag van de aanvulling mag geen puin bevatten.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.25</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning ligplaatsen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In het beperkingengebied Provinciale Vaarwegen is het verboden om zonder een omgevingsvergunning:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_1__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_1__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_31">ligplaats</tekst:IntRef> in te nemen door een schip of drijvend bouwsel;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_1__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>een schip of drijvend bouwsel te meren.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het verbod geldt niet voor vaartuigen en drijvende voorwerpen aangemeerd op plaatsen waarbij een van de verkeerstekens E.5 tot en met E.7.1 van bijlage 7 bij het Binnenvaartpolitiereglement en bijlage 7 van het Rijnvaartpolitiereglement zijn geplaatst.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_3" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een omgevingsvergunning voor de activiteiten in het eerste lid wordt in ieder geval niet verleend:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_3__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_3__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_3__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_3__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>ten behoeve van (semi-) permanente bewoning;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_3__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_3__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>ter hoogte van trailerhellingen;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_3__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_3__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>binnen 200 meter van sluizen;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_3__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_3__list_1__item_d">
			  <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>binnen 50 meter van bruggen.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.26" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.26">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.26</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Ligplaatsen beroepsvaart</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Een omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_1">Artikel 11.25, eerste lid</tekst:IntRef>, sub a voor het innemen van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_31">ligplaats</tekst:IntRef> door de beroepsvaart wordt enkel toegestaan indien;</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.26__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.26__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.26__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.26__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de beroepsvaart de aanwezige kades en loswallen gebruikt ten behoeve van de naastgelegen bedrijvigheid; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.26__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.26__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de beroepsvaart tijdelijk gebruik maakt van de aanwezige kades en loswallen.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.27</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Ligplaatsen recreatievaart</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27__para_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25__para_1">Artikel 11.25, eerste lid</tekst:IntRef> sub a voor het innemen van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_31">ligplaats</tekst:IntRef> door de recreatievaart wordt enkel toegestaan indien;</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27__para_1__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27__para_1__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_31">ligplaats</tekst:IntRef> gelegen is aan een provinciale beheerstrook welke wordt gehuurd bij de provincie;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27__para_1__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het vaartuig het gebruik van de vaarweg niet belemmert;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27__para_1__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27__para_1__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het vaartuig het beheer en onderhoud door de provincie van de oevers niet belemmert;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27__para_1__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27__para_1__list_1__item_d">
			  <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het vaartuig niet langer is dan de breedte van het perceel waarbij aan de voor- en achterkant van de afmeerlocatie nog 1 meter tussenruimte over blijft;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27__para_1__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27__para_1__list_1__item_e">
			  <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>er sprake is van vrij zicht op de watergangen die aantakken op de provinciale vaarwegen.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27__para_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het is slechts toegestaan &#233;&#233;n recreatievaartuig af te meren.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27__para_3" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.27__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Er mag alleen worden afgemeerd in het vaarseizoen van 1 april tot 1 november.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>11.2.4</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Gebruik van de vaarweg</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.28" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.28">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.28</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning voorwerpen en objecten</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.28__para_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.28__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In het beperkingengebied Provinciale Vaarwegen is het verboden zonder omgevingsvergunning beperkingengebiedactiviteiten te verrichten met betrekking tot het storten, plaatsen, leggen, hebben, behouden of wijzigen van voorwerpen en objecten.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.28__para_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.28__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het verbod geldt niet voor activiteiten die betrekking hebben op:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.28__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.28__para_2__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.28__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.28__para_2__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het plaatsen, hebben, wijzigingen of verwijderen van verkeertekens en onderborden als bedoeld in artikel 4 van de Scheepvaartverkeerswet; en</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.28__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.28__para_2__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>herdenkingstekens zoals bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32">Artikel 11.32</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.29</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning borden</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In het beperkingengebied Provinciale Vaarwegen is het verboden om zonder omgevingsvergunning <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">borden</tekst:IntRef> te plaatsen.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De voorzieningen zoals bedoeld in het eerste lid;</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_2__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_2__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>mogen niet vast worden gemaakt aan bestaande bebording en/of OV-masten;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_2__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>mogen niet vast worden gemaakt aan bestaande constructies/steigers/afmeervoorzieningen/bruggen/sluizen etc.;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_2__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_2__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>moeten worden geplaatst met een extra 'schoor';</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_2__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_2__list_1__item_d">
			  <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>worden alleen op stalen palen bevestigd en met grondankers geplaatst;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_2__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_2__list_1__item_e">
			  <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>moeten minimaal 1.80 meter uit de zijkant van de verharding worden geplaatst;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_2__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_2__list_1__item_f">
			  <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>moeten zichtbaar zijn vanaf de vaarweg en het zicht op de verkeerstekens mag niet worden belemmerd; en</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_2__list_1__item_g" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_2__list_1__item_g">
			  <tekst:LiNummer>g.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de oevervegetatie/begroeiing mag niet zonder toestemming van de provincie worden verwijderd.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_3" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Voordat het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">bord</tekst:IntRef> wordt geplaatst, dient een KLIC-melding gedaan te worden.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_4" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_4">
		    <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De voorzieningen zoals bedoeld in het eerste lid dienen in een goede staat van onderhoud te verkeren.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_5" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_5">
		    <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De voorzieningen zoals bedoeld in het eerste lid dienen daarnaast nog aan de volgende eisen te voldoen;</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_5__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_5__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_5__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_5__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>voorzieningen mogen niet groter zijn dan 1 m2;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_5__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_5__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>voorzieningen mogen niet spiegelen;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_5__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_5__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>voorzieningen mogen niet fluoresceren;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_5__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_5__list_1__item_d">
			  <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>voorzieningen mogen niet zijn verlicht; en</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_5__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_5__list_1__item_e">
			  <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>voorzieningen mogen geen bewegende delen bevatten.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_6" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.29__para_6">
		    <tekst:LidNummer>6.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Na verwijdering van de voorzieningen worden de bermen in oorspronkelijke staat teruggebracht.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.30</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning evenementen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>In het beperkingengebied Provinciale Vaarwegen is het verboden om zonder een omgevingsvergunning een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_16">evenement</tekst:IntRef> te houden. Een vaarweg wordt ten behoeve van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_16">evenement</tekst:IntRef> alleen gestremd indien:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>bij categorie 1 <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_16">evenementen</tekst:IntRef> met een (inter)nationaal karakter;</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_a__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_a__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_a__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_a__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de stremmingsduur zo kort mogelijk wordt gehouden en er sprake is van een stremmingsduur van eenmalig maximaal 8 uur of 2 keer maximaal 6 uur op een dag waarbij er voor en na of tussen het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_16">evenement</tekst:IntRef> een periode van minimaal een uur is voor vrije doorvaart voor de scheepvaart in de periode van 1 april - 31 oktober; of</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_a__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_a__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de stremmingsduur zo kort mogelijk wordt gehouden en er sprake is van een stremmingsduur van maximaal 10 uur of waarbij er op werkdagen voor en na en in het weekend voor of na afloop van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_16">evenement</tekst:IntRef> een periode van minimaal een uur is voor vrije doorvaart voor de scheepvaart in de periode van 1 november - 31 maart.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>bij categorie 2 <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_16">evenementen</tekst:IntRef> die bepalend zijn voor Flevoland;</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_b__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_b__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_b__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_b__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de stremmingsduur zo kort mogelijk wordt gehouden en er sprake is van een stremmingsduur van eenmalig maximaal 6 uur of 2 keer maximaal 4 uur op een dag waarbij er voor en na of tussen het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_16">evenement</tekst:IntRef> een periode van minimaal een uur is voor de vrije doorvaart voor de scheepvaart in de periode van 1 april - 31 oktober; of</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_b__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_b__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de stremmingsduur zo kort mogelijk wordt gehouden en er sprake is van een stremmingsduur van maximaal 8 uur, of waarbij er op werkdagen voor en na en in het weekend voor of na afloop van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_16">evenement</tekst:IntRef> een periode is van vrije doorvaart voor de scheepvaart in de periode van 1 november - 31 maart.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>bij categorie 3 <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_16">evenementen</tekst:IntRef> die niet bepalend zijn voor Flevoland maar waarbij de organisatie wel een binding heeft met de betreffende vaarweg(en);</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_c__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_c__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_c__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_c__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de stremmingsduur zo kort mogelijk wordt gehouden en er sprake is van een zeer korte stremmingsduur van een eenmalig maximaal 2 uur en voor en afloop van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_16">evenement</tekst:IntRef> een periode is van vrije doorvaart voor de scheepvaart van de vaarweg in de periode van 1 april - 31 oktober; of</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_c__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30__list_1__item_c__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de stremmingsduur zo kort mogelijk wordt gehouden en er sprake is van een korte stremmingsduur van eenmalig maximaal 4 uur en voor en na afloop van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_16">evenement</tekst:IntRef> een periode is van vrije doorvaart voor de scheepvaart in de periode van 1 november - 31 maart.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.31" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.31">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.31</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Meldingsplicht werkzaamheden nabij een sluiscomplex</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.31__para_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.31__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In het beperkingengebied Provinciale Vaarwegen is het verboden om zonder een voorafgaande melding werkzaamheden uit te voeren in of nabij een sluiscomplex.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.31__para_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.31__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het uitvoeren van werkzaamheden nabij een sluiscomplex wordt enkel toegestaan indien:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.31__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.31__para_2__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.31__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.31__para_2__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>bij het uitvoeren van de werkzaamheden te allen tijde de Arbowet in acht wordt genomen; en</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.31__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.31__para_2__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>bij het uitvoeren van werkzaamheden ten minste &#233;&#233;n bhv'er aanwezig is.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.32</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Meldingsplicht herdenkingstekens</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32__para_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In het beperkingengebied Provinciale Vaarwegen is het verboden om zonder voorafgaande melding herdenkingstekens te plaatsen.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32__para_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Met het oog op een veilig en doelmatig gebruik van de vaarweg wordt een herdenkingsteken;</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32__para_2__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32__para_2__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>op een deugdelijke wijze geplaatst;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32__para_2__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>zonder knipperende, bewegende of verlichtende delen geplaatst;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32__para_2__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32__para_2__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>op minimaal 0.5 meter en maximaal 2 meter boven het maaiveld geplaatst;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32__para_2__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32__para_2__list_1__item_d">
			  <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>in de onverharde buitenberm op een afstand van tenminste 1.80 meter uit de kant van de oeverbeschoeiing geplaatst;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32__para_2__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32__para_2__list_1__item_e">
			  <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>in geval van meerdere slachtoffers wordt het een gecombineerde herdenkingsteken.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32__para_3" wId="pv24_80__chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.32__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het herdenkingsteken wordt na vijf jaar door de melder verwijderd.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_11__title_11.3" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>11.3.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Algemene gegevens</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.1__art_11.33" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.1__art_11.33">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.33</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Algemene gegevens bij het verstrekken van gegevens en bescheiden omgevingsvergunning</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Bij een aanvraag van een omgevingsvergunning voor een beperkingengebiedactiviteit op basis van dit hoofdstuk worden in aanvulling op artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling de volgende gegevens en bescheiden verstrekt aan het bevoegd gezag en worden die ondertekend en voorzien van:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.1__art_11.33__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.1__art_11.33__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.1__art_11.33__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.1__art_11.33__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een aanduiding van de begrenzing van de locatie waarop de activiteit wordt verricht; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.1__art_11.33__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.1__art_11.33__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de verwachte datum van het begin van de activiteit en de verwachte duur ervan.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>11.3.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Aanvullende gegevens en bescheiden voor activiteiten</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.34</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot vaarwegactiviteiten</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.9">Artikel 11.9</tekst:IntRef> worden in aanvulling op artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>activiteiten met betrekking tot stremmingen van het vaarwegverkeer;</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_a__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_a__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_a__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_a__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>aard van de activiteit;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_a__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_a__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>datum en periode dat er gestremd gaat worden; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_a__list_1__item_3" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_a__list_1__item_3">
			    <tekst:LiNummer>3.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>te treffen veiligheidsmaatregelen ten behoeve van het vaarwegverkeer.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>schepen met afwijkende afmetingen;</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>reden van de aanvraag;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>afmetingen van het vaartuig;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b__list_1__item_3" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b__list_1__item_3">
			    <tekst:LiNummer>3.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>geplande route;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b__list_1__item_4" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b__list_1__item_4">
			    <tekst:LiNummer>4.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>datum en periode wanneer gevaren wordt;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b__list_1__item_5" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b__list_1__item_5">
			    <tekst:LiNummer>5.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>object(en) die gepasseerd gaan worden;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b__list_1__item_6" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b__list_1__item_6">
			    <tekst:LiNummer>6.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>datum en tijd dat de schutting plaats zou moeten vinden;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b__list_1__item_7" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b__list_1__item_7">
			    <tekst:LiNummer>7.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>te treffen veiligheidsmaatregelen ten behoeve van het vaarwegverkeer; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b__list_1__item_8" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_b__list_1__item_8">
			    <tekst:LiNummer>8.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>te treffen maatregelen ter beperking van schade.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>schepen die buiten bedientijden worden bediend;</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_c__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_c__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_c__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_c__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>reden van de aanvraag;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_c__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_c__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>object(en) die gepasseerd gaan worden;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_c__list_1__item_3" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_c__list_1__item_3">
			    <tekst:LiNummer>3.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>datum / tijd dat de schutting plaats zou moeten vinden;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_c__list_1__item_4" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_c__list_1__item_4">
			    <tekst:LiNummer>4.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>te treffen veiligheidsmaatregelen ten behoeve van het vaarverkeer; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_c__list_1__item_5" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.34__list_1__item_c__list_1__item_5">
			    <tekst:LiNummer>5.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>motivatie voor de afwijking van de bedientijden.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.35</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot werken</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Bij een aanvraag van een omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.18">Artikel 11.18</tekst:IntRef> worden in aanvulling op artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling en in aanvulling op <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.1__art_11.33">Artikel 11.33</tekst:IntRef> de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>als het gaat om het bouwen van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werk</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_a__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_a__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_a__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_a__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een tekening of plattegrond van de betrokken locatie van de activiteit;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_a__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_a__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een tekening van de voorgenomen constructie;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_a__list_1__item_3" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_a__list_1__item_3">
			    <tekst:LiNummer>3.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een opsomming van de te gebruiken materialen;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_a__list_1__item_4" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_a__list_1__item_4">
			    <tekst:LiNummer>4.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de te nemen maatregelen ten behoeve van de doorstroming van het vaarwegverkeer; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_a__list_1__item_5" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_a__list_1__item_5">
			    <tekst:LiNummer>5.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de verwachte begin- en einddatum van de activiteit.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>als het gaat om het verwijderen van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">werk</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_b__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_b__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_b__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_b__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de verwachte begin- en einddatum van de activiteit; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_b__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.35__list_1__item_b__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de te nemen maatregelen ten behoeve van de doorstroming van het weg- en/of vaar-wegverkeer.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.36" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.36">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.36</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot kabels en leidingen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.19">Artikel 11.19</tekst:IntRef> worden in aanvulling op artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling en in aanvulling op <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.1__art_11.33">Artikel 11.33</tekst:IntRef> de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.36__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.36__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.36__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.36__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een tekening of plattegrond van de betrokken locatie;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.36__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.36__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een tekening van de voorgenomen constructie inclusief maatvoering;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.36__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.36__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een opsomming van de te gebruiken materialen; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.36__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.36__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de verwachte begin- en einddatum van de activiteit.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.37</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot ligplaatsen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.3__art_11.25">Artikel 11.25</tekst:IntRef> worden in aanvulling op artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>ten aanzien van beroepsvaartuigen;</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_a__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_a__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_a__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_a__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>naam/titel van het schip;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_a__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_a__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>afmetingen van het schip;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_a__list_1__item_3" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_a__list_1__item_3">
			    <tekst:LiNummer>3.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>beoogde afmeerlocatie; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_a__list_1__item_4" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_a__list_1__item_4">
			    <tekst:LiNummer>4.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>reden van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_5">afmeren</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>ten aanzien van recreatievaartuigen;</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_b__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_b__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_b__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_b__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>naam/titel van het schip;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_b__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_b__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>afmetingen van het schip;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_b__list_1__item_3" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_b__list_1__item_3">
			    <tekst:LiNummer>3.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>beoogde afmeerlocatie;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_b__list_1__item_4" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_b__list_1__item_4">
			    <tekst:LiNummer>4.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>huurovereenkomst medegebruik provinciale beheerstrook; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_b__list_1__item_5" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.37__list_1__item_b__list_1__item_5">
			    <tekst:LiNummer>5.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>huurovereenkomst <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_31">ligplaats</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.38" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.38">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.38</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot voorwerpen en objecten</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.28">Artikel 11.28</tekst:IntRef> worden in aanvulling op artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling de volgende gegevens en bescheiden verstrekt:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.38__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.38__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.38__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.38__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een tekening of plattegrond van de betrokken locatie van de activiteit;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.38__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.38__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een tekening van de voorgenomen constructie;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.38__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.38__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een opsomming van de te gebruiken materialen; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.38__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.38__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de verwachte begin- en einddatum van de activiteit.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.39" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.39">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.39</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot evenementen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Bij de aanvraag van een omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30">Artikel 11.30</tekst:IntRef> worden in aanvulling op artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling en in aanvulling op <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.1__art_11.33">Artikel 11.33</tekst:IntRef> de volgende gegevens en bescheiden verstrekt over:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.39__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.39__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.39__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.39__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>aard van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_16">evenement</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.39__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.39__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>bebordingsplan;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.39__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.39__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>datum en periode dat er gestremd gaat worden; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.39__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.39__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>te treffen veiligheidsmaatregelen ten behoeve van het vaarwegverkeer.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.40" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.40">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>11.40</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot een sluiscomplex</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>In aanvulling op <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.2">Artikel 21.2</tekst:IntRef> worden bij een melding met betrekking tot een sluiscomplex, de volgende gegevens en bescheiden verstrekt;</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.40__list_1" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.40__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.40__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.40__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>het object/de objecten;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.40__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.40__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>welke activiteiten er worden uitgevoerd;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.40__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.40__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>te gebruiken gereedschappen;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.40__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.40__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>welke beheersmaatregelen er worden getroffen; en</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.40__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2__art_11.40__list_1__item_e">
			<tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>welke beschermingsmiddelen worden gebruikt.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_12" wId="pv24_80__chp_12">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>12</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Watersysteem</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Titel eId="chp_12__title_12.1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemeen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.1__art_12.1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.1__art_12.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>12.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk zijn gesteld met het oog op het doelmatig beheren, gebruiken en ontwikkelen van een robuust regionale watersysteem in Flevoland.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.1__art_12.2" wId="pv24_80__chp_12__title_12.1__art_12.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>12.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Toedeling vaarwegbeheer</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De provincie Flevoland is belast met het vaarwegbeheer op de <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_49__ref_o_1" eId="chp_12__title_12.1__art_12.2__ref_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.1__art_12.2__ref_1">openbare vaarwegen binnen Flevoland</tekst:IntIoRef> waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_12__title_12.2" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingswaarden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>12.2.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Regionale waterkeringen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.3" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.3">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>12.3</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Aanwijzing en geometrische begrenzing regionale waterkeringen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.3__para_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.3__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_54__ref_o_1" eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.3__para_1__ref_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.3__para_1__ref_1">regionale waterkeringen</tekst:IntIoRef> zijn de locaties waarvan de geometrische begrenzing indicatief is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.3__para_2" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.3__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het waterschap bepaalt de geometrische begrenzingen nader in de legger bedoeld in artikel 2.39 van de Omgevingswet.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.4" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.4">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>12.4</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingswaarden veiligheid regionale waterkeringen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.4__para_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.4__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Voor de veiligheid van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_42">regionale waterkeringen</tekst:IntRef> gelden de omgevingswaarden aangegeven in <tekst:IntRef ref="cmp_10">Bijlage X</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.4__para_2" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.4__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De omgevingswaarden voor elke <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_42">regionale waterkering</tekst:IntRef> worden aangegeven als gemiddelde overschrijdingskans per jaar.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.5" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.5">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>12.5</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Termijn en aard omgevingswaarde</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.5__para_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.5__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De algemene vergadering van het waterschap draagt er zorg voor dat de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_42">regionale waterkeringen</tekst:IntRef> voldoen aan de omgevingswaarden.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.5__para_2" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.5__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De omgevingswaarden voor de veiligheid van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_42">regionale waterkeringen</tekst:IntRef> zijn resultaatverplichtingen.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>12.2.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Wateroverlast</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.6" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.6">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>12.6</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Geometrische begrenzing wateroverlast</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.6__para_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.6__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De geometrische begrenzing van het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_35__ref_o_1" eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.6__para_1__ref_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.6__para_1__ref_1">gebied binnen de bebouwde kom</tekst:IntIoRef>, bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.8">artikel 12.8</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.9">artikel 12.9</tekst:IntRef>, is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.6__para_2" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.6__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De geometrische begrenzing van de <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_37__ref_o_1" eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.6__para_2__ref_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.6__para_2__ref_1">gebieden zonder omgevingswaarden wateroverlast</tekst:IntIoRef>, bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.8">artikel 12.8</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.9">artikel 12.9</tekst:IntRef>, is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.6__para_3" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.6__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De geometrische begrenzing van het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_36__ref_o_1" eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.6__para_3__ref_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.6__para_3__ref_1">gebied buiten de bebouwde kom</tekst:IntIoRef>, bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.8">artikel 12.8</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.9">artikel 12.9</tekst:IntRef>, is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.7" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.7">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>12.7</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingswaarden wateroverlast</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.7__para_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.7__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Met het oog op de bergings- en afvoercapaciteit waarop regionale wateren moeten zijn ingericht, gelden de omgevingswaarden bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.8">Artikel 12.8</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.9">Artikel 12.9</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.10">Artikel 12.10</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.7__para_2" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.7__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De omgevingswaarden voor de bergings- en afvoercapaciteit van regionale wateren zijn inspanningsverplichtingen.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.8" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.8">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>12.8</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingswaarden wateroverlast binnen bebouwde kom</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Voor het gebied binnen de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_8">bebouwde kom</tekst:IntRef> geldt een overstromingskans van ten hoogste 1/100 per jaar.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.9" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.9">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>12.9</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omgevingswaarden wateroverlast buiten bebouwde kom</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Voor het gebied buiten de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_8">bebouwde kom</tekst:IntRef> geldt een overstromingskans van ten hoogste 1/50 per jaar en gemiddeld per deelgebied 1/80 per jaar.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.10" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.10">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>12.10</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Afwijking omgevingswaarden wateroverlast</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>In afwijking van <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.8">Artikel 12.8</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.9">Artikel 12.9</tekst:IntRef> gelden geen omgevingswaarden wateroverlast ten aanzien van onroerende zaken in de <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_37__ref_o_1" eId="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.10__ref_3" wId="pv24_80__chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.10__ref_3">gebieden zonder omgevingswaarden wateroverlast</tekst:IntIoRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_12__title_12.3" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>12.3.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Gedeputeerde Staten</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.1__art_12.11" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.1__art_12.11">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>12.11</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Inhoud regionaal waterprogramma</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het regionaal waterprogramma bevat, onverminderd het bepaalde in artikel 4.4 van het Besluit kwaliteit leefomgeving, &#233;&#233;n of meer kaarten met bijbehorende verklaring waarin de hoofdlijnen van het waterbeleid in beeld zijn gebracht.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>12.3.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Waterschap Zuiderzeeland</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.1">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>12.3.2.1</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Wateroverlast</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.1__art_12.12" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.1__art_12.12">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>12.12</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Inrichten regionale wateren conform normering wateroverlast</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De algemene vergadering van het waterschap draagt er zorg voor dat de regionale wateren zijn ingericht volgens de in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.8">Artikel 12.8</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.9">Artikel 12.9</tekst:IntRef> opgenomen omgevingswaarden.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>12.3.2.2</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Waterbeheerprogramma</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.13" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.13">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>12.13</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Inhoud waterbeheerprogramma</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.13__para_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.13__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het waterbeheerprogramma bevat in aanvulling op artikel 4.3 van het Besluit kwaliteit leefomgeving, tenminste:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.13__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.13__para_1__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.13__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.13__para_1__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een beschrijving van de bestaande toestand van het watersysteem waarover het beheer zich uitstrekt;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.13__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.13__para_1__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het beleid inzake het beheer van het watersysteem gericht op de aan het watersysteem toegekende functies en doelstellingen;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.13__para_1__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.13__para_1__list_1__item_c">
			    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>&#233;&#233;n of meer toelichtende kaarten waarop de bestaande en geplande waterstaatswerken zijn aangegeven en waarop een overzicht wordt gegeven van de bestaande en nagestreefde toestand van het watersysteem;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.13__para_1__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.13__para_1__list_1__item_d">
			    <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een omschrijving van de maatregelen die door de beheerder en/of door derden moeten worden genomen om de in het regionaal waterprogramma en in het waterbeheerprogramma genoemde doelstellingen te bereiken, alsmede de fasering en prioriteitenstelling bij deze maatregelen;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.13__para_1__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.13__para_1__list_1__item_e">
			    <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een raming van de kosten van de maatregelen, voor zover deze gedurende de planperiode tot stand worden gebracht, een overzicht van de wijze waarop deze worden gedekt, alsmede een indicatie van de kosten van door derden te nemen maatregelen als gevolg van het plan.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.13__para_2" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.13__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het waterbeheerprogramma gaat vergezeld van een toelichting waarin tenminste is opgenomen de aan het plan ten grondslag liggende afwegingen en uitkomsten van verrichte onderzoeken.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.14" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.14">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>12.14</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Uitwerking waterbeheerprogramma</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.14__para_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.14__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>In het waterbeheerprogramma kan worden bepaald dat het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap het waterbeheerprogramma of onderdelen daarvan moet of kan uitwerken volgens in het waterbeheerprogramma gegeven regels.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.14__para_2" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.14__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het besluit van het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap tot uitwerking van het waterbeheerprogramma maakt deel uit van het waterbeheerprogramma.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.15" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.2__art_12.15">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>12.15</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Algemene voortgangsrapportage</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap rapporteert tenminste eenmaal per jaar aan gedeputeerde staten over de voortgang van de uitvoering van het geldende waterbeheerprogramma, de mate waarin de gestelde doelen worden bereikt, de redenen van eventuele afwijkingen en de voorgestelde maatregelen.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>12.3.2.3</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Peilbesluiten</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.16" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.16">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>12.16</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Aanwijzing verplichte peilbesluiten</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.16__para_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.16__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>De algemene vergadering van het waterschap stelt voor de oppervlaktewaterlichamen onder zijn beheer &#233;&#233;n of meer peilbesluiten vast.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.16__para_2" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.16__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Gedeputeerde staten verlenen op verzoek van het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap van het bepaalde in het eerste lid ontheffing ten aanzien van gebiedsdelen waar een regeling van de waterstand redelijkerwijs niet mogelijk is.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>12.17</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Inhoud van het peilbesluit</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17__para_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het peilbesluit bevat onverminderd het bepaalde in artikel 2.41, lid 3 van de Omgevingswet:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17__para_1__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17__para_1__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een kaart met de begrenzing van de gebieden waarbinnen oppervlaktewateren gelegen zijn waarop het peilbesluit betrekking heeft; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17__para_1__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de te handhaven waterstanden, aangegeven in hoogte ten opzichte van NAP, met daarbij aangegeven de perioden en de peilvakken waarvoor de waterstanden gelden.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17__para_2" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het peilbesluit gaat vergezeld van een toelichting waarin tenminste zijn opgenomen:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17__para_2__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17__para_2__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de aan het besluit ten grondslag liggende afwegingen en uitkomsten van de verrichte onderzoeken; en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17__para_2__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de verwachte grondwaterstanden waarop de gekozen waterstanden gebaseerd zijn en de afwijking ten opzichte van het optimale grond- en oppervlaktewater regime.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.18" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.18">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>12.18</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Herziening</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Op een herziening en een wijziging van een peilbesluit zijn <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.16">Artikel 12.16</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17">Artikel 12.17</tekst:IntRef> van overeenkomstige toepassing.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.4" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.4">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>12.3.2.4</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Legger</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.4__art_12.19" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.4__art_12.19">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>12.19</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Legger waterstaatswerken</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De legger bevat onverminderd het bepaalde in artikel 2.39, lid 1 en 3 van de Omgevingswet in ieder geval:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.4__art_12.19__list_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.4__art_12.19__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.4__art_12.19__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.4__art_12.19__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de dwarsprofielen van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_42">regionale waterkeringen</tekst:IntRef>, oppervlaktewaterlichamen en bergingsgebieden; en</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.4__art_12.19__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.4__art_12.19__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>een omschrijving van de ondersteunende kunstwerken en de bijzondere constructies die deel uitmaken van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_42">regionale waterkering</tekst:IntRef>, oppervlaktewaterlichamen en bergingsgebieden.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.4__art_12.20" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.4__art_12.20">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>12.20</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Uitzondering leggerplicht</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Gedeputeerde staten kunnen voor waterstaatswerken vrijstelling verlenen van de leggerplicht indien deze waterstaatswerken zich naar hun aard of functie niet lenen voor omschrijving van die elementen dan wel van geringe afmetingen zijn.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.4__art_12.21" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.4__art_12.21">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>12.21</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Voorbereiding</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht is van toepassing op voorbereiding van de legger.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>12.3.2.5</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Meten en beoordelen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.22" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.22">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>12.22</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Verslag toetsing watersysteem</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.22__para_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.22__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap brengt, vanwege de zorg die op hem rust voor de handhaving van de omgevingswaarden, bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.4">Artikel 12.4</tekst:IntRef>, iedere zes jaar verslag uit aan gedeputeerde staten over de algemene waterstaatkundige toestand van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_42">regionale waterkeringen</tekst:IntRef> onder zijn beheer.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.22__para_2" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.22__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het verslag, bedoeld in het eerste lid, bevat een beoordeling van de veiligheid. Die beoordeling geschiedt onder meer in het licht van de omgevingswaarden, technische leidraad, hydraulische randvoorwaarden en voorschriften bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.4">Artikel 12.4</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.23">Artikel 12.23</tekst:IntRef> en de legger bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.4__art_12.19">Artikel 12.19</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.22__para_3" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.22__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap brengt, vanwege de zorg die op hem rust voor de handhaving van de omgevingswaarden, bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.8">artikel 12.8</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.9">artikel 12.9</tekst:IntRef>, iedere zes jaar verslag uit aan gedeputeerde staten over de algemene waterstaatkundige toestand van de regionale wateren onder zijn beheer.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.22__para_4" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.22__para_4">
		      <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het verslag, bedoeld in het derde lid, bevat een beoordeling van de regionale wateren met het oog op de bergings- en afvoercapaciteit waarop de regionale wateren moeten zijn ingericht. Die beoordeling geschiedt onder meer in het licht van de omgevingswaarden en voorschriften bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.8">artikel 12.8</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.9">artikel 12.9</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.24">Artikel 12.24</tekst:IntRef> en de legger bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.4__art_12.19">Artikel 12.19</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.22__para_5" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.22__para_5">
		      <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Indien de beoordeling daartoe aanleiding geeft, bevatten de verslagen bedoeld in het eerste en derde lid een omschrijving van de voorzieningen die op een daarbij aan te geven termijn nodig worden geacht.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.22__para_6" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.22__para_6">
		      <tekst:LidNummer>6.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Gedeputeerde staten kunnen afwijken van de termijn bepaald in het eerste en derde lid.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.23" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.23">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>12.23</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Toetsing regionale waterkeringen</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.23__para_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.23__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>De beoordeling van de veiligheid van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_42">regionale waterkeringen</tekst:IntRef> bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.22__para_2">Artikel 12.22, tweede lid</tekst:IntRef> geschiedt op basis van de door de Stichting Toegepast Onderzoek Waterbeheer ontwikkelde Leidraad toetsen op veiligheid <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_42">regionale waterkeringen</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.23__para_2" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.23__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>De hydraulische randvoorwaarden bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.22__para_2">Artikel 12.22, tweede lid</tekst:IntRef> zijn afgeleid van de modellen Hydra-NL.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.24" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.24">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>12.24</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Rekenregels normering wateroverlast</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.24__para_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.24__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>De gemiddelde overstromingskans, bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.9">Artikel 12.9</tekst:IntRef>, wordt per deelgebied bepaald.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.24__para_2" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.24__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Voor de toetsing per deelgebied aan een overstromingskans van gemiddeld 1/80 per jaar, bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.9">Artikel 12.9</tekst:IntRef>, geldt dat het totaal areaal van het gebied met een overstromingskans van lager dan 1/100 per jaar minimaal 1,5 keer zo groot is als het totaal areaal van het gebied met een overstromingskans tussen 1/50 per jaar en 1/80 per jaar.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.24__para_3" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.24__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Gebieden die niet voldoen aan de in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.8">Artikel 12.8</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.9">Artikel 12.9</tekst:IntRef> voorgeschreven norm onderwerpt het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap aan een technisch oordeel om de oorzaak daarvan te achterhalen.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.24__para_4" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.24__para_4">
		      <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Als uit het technisch oordeel, bedoeld in derde lid, blijkt dat sprake is van een knelpunt dan onderzoekt het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap in welke richting maatregelen genomen moeten worden.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.6" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.6">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>12.3.2.6</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Projectprocedure voor waterstaatswerken</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.6__art_12.25" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.6__art_12.25">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>12.25</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Projectprocedure</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.6__art_12.25__para_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.6__art_12.25__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Afdeling 5.2 van de Omgevingswet is van toepassing op de aanleg, verlegging of versterking van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_42">regionale waterkeringen</tekst:IntRef> als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.3">Artikel 12.3</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.6__art_12.25__para_2" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.6__art_12.25__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Gedeputeerde staten kunnen afdeling 5.2 van de Omgevingswet van toepassing verklaren op:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.6__art_12.25__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.6__art_12.25__para_2__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.6__art_12.25__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.6__art_12.25__para_2__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de aanleg of wijziging van bergingsgebieden in regionale watersystemen, of</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.6__art_12.25__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.6__art_12.25__para_2__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de aanleg en wijziging van oppervlaktewaterlichamen.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.6__art_12.25__para_3" wId="pv24_80__chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.6__art_12.25__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het tweede lid is van toepassing indien sprake is van aanleg of wijziging van bovenlokale betekenis en dit met spoed en op geco&#246;rdineerde wijze tot stand moet worden gebracht.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_13" wId="pv24_80__chp_13">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>13</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Zwemwater</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Artikel eId="chp_13__art_13.1" wId="pv24_80__chp_13__art_13.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>13.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk zijn gesteld met het oog op de veiligheid en hygi&#235;ne van bezoekers van daartoe door gedeputeerde staten aangewezen <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_69__ref_o_1" eId="chp_13__art_13.1__ref_1" wId="pv24_80__chp_13__art_13.1__ref_1">zwemlocaties</tekst:IntIoRef> in oppervlaktewater.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Artikel>
	    <tekst:Artikel eId="chp_13__art_13.2" wId="pv24_80__chp_13__art_13.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>13.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Werkingsgebied zwemwater</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk gelden voor de <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_69__ref_o_1" eId="chp_13__art_13.2__ref_1" wId="pv24_80__chp_13__art_13.2__ref_1">zwemlocaties</tekst:IntIoRef> waarvan de geometrische begrenzing indicatief is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Artikel>
	    <tekst:Artikel eId="chp_13__art_13.3" wId="pv24_80__chp_13__art_13.3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>13.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Beheer en onderhoud zwemlocatie</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De houder van de zwemlocatie draagt zorg voor het beheer en onderhoud van de zwemlocatie gericht op de veiligheid en hygi&#235;ne voor de bezoekers.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Artikel>
	    <tekst:Artikel eId="chp_13__art_13.4" wId="pv24_80__chp_13__art_13.4">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>13.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Beheersmaatregelen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Lid eId="chp_13__art_13.4__para_1" wId="pv24_80__chp_13__art_13.4__para_1">
		<tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De houder van de zwemlocatie neemt tijdig passende beheersmaatregelen indien sprake is van een situatie die een negatief effect heeft of redelijkerwijs kan hebben op de kwaliteit van de zwemlocatie en op de gezondheid en veiligheid van zwemmers.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Lid>
	      <tekst:Lid eId="chp_13__art_13.4__para_2" wId="pv24_80__chp_13__art_13.4__para_2">
		<tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De houder van de zwemlocatie informeert onverwijld gedeputeerde staten en de beheerder van het oppervlaktewaterlichaam indien sprake is van een situatie, bedoeld in het eerste lid.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Lid>
	    </tekst:Artikel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_14" wId="pv24_80__chp_14">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>14</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Duurzame energie</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Titel eId="chp_14__title_14.1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Windenergie</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>14.1.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Algemeen windenergie</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.1">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>14.1</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Oogmerk windenergie</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De regels in de titel Windenergie zijn gesteld voor het cyclisch <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_37">opschalen en saneren</tekst:IntRef> van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> zodat steeds meer windenergie met minder <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> kan worden opgewekt.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>14.2</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Werkingsgebieden windenergie</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De regels voor windenergie zijn gesteld voor het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_39__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_1__ref_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_1__ref_1">grondgebied van de provincie Flevoland</tekst:IntIoRef> , waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_65__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_2__ref_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_2__ref_1">windgebied</tekst:IntIoRef> is een gebied in de provincie waar nieuwe <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> -onder voorwaarden- mogelijk kunnen worden opgericht en waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_3" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het gebied <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_33__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_3__ref_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_3__ref_1">buiten windgebied</tekst:IntIoRef> is het gebied in de provincie dat is gelegen buiten een windgebied en waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_4" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_4">
		    <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_51__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_4__ref_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_4__ref_1">projectgebied</tekst:IntIoRef> is een gebied waarbinnen voldoende perspectief voor een initiatiefnemer is om een project van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_36">opschalen</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_45">saneren</tekst:IntRef> in zijn geheel te realiseren en waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_5" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_5">
		    <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het gebied <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_16__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_5__ref_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_5__ref_1">binnen windgebied-buiten projectgebied</tekst:IntIoRef> is het gebied dat binnen het windgebied maar tevens buiten een projectgebied is gelegen en waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_6" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_6">
		    <tekst:LidNummer>6.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_50__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_6__ref_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.2__para_6__ref_1">plaatsingszone</tekst:IntIoRef> is een zone binnen een projectgebied voor het plaatsen van nieuwe <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> en waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef></tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.3" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.3">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>14.3</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Werkingsgebieden windenergie: aanwijzen en begrenzen projectgebieden, indieningsvereiste aanvraag</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.3__para_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.3__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Gedeputeerde staten kunnen in de omgevingsverordening projectgebieden in een windgebied aanwijzen en wijzigen. Het aanwijzen en wijzigen van de begrenzing van een projectgebied kan ambtshalve en op aanvraag plaatsvinden.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.3__para_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.3__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een aanwijzing of wijziging van de begrenzing van een projectgebied wordt gebaseerd op een (voorstel tot aanpassing van een goedgekeurd) <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> voor <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_37">opschalen en saneren</tekst:IntRef><tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_36">opschalen</tekst:IntRef> van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolen</tekst:IntRef>s. Het (aangepaste) <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> toont de noodzaak van de aanwijzing of wijziging van de begrenzing aan.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.4" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.4">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>14.4</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Werkingsgebieden windenergie: aanwijzen en begrenzen plaatsingszones, indieningsvereiste aanvraag</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.4__para_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.4__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Gedeputeerde staten kunnen in de omgevingsverordening plaatsingszones in een projectgebied aanwijzen en wijzigen. Het aanwijzen en wijzigen van de begrenzing in een projectgebied kan ambtshalve en op aanvraag plaatsvinden.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.4__para_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.1__art_14.4__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een aanwijzing of wijziging van de begrenzing van een plaatsingszone wordt gebaseerd op een (voorstel tot aanpassing van een goedgekeurd) <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> voor <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_36">opschalen</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_45">saneren</tekst:IntRef> van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef>. Het (aangepaste) <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> toont de noodzaak van de aanwijzing of wijziging van de begrenzing aan.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>14.1.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Activiteiten windenergie</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.5" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.5">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>14.5</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Verbod wijzing bestaand gebruik windmolens</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.5__para_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.5__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het is verboden het gebruik -waaronder mede bouwen wordt verstaan- van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_11">bestaande windmolen</tekst:IntRef> te wijzigen in een ander gebruik, waardoor het provinciaal grondgebied van Flevoland minder geschikt wordt voor het verwezenlijken van het beleid voor <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_37">opschalen en saneren</tekst:IntRef>, inclusief ruimtelijke doelstellingen. Het verbod geldt niet voor gebruik dat nodig is vanwege het normale <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_9">beheer en onderhoud van een windmolen</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.5__para_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.5__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Onder een ander gebruik, als bedoeld in het eerste lid, wordt mede verstaan een vorm van gebruik die op grond van het geldende <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> is toegestaan.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.5__para_3" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.5__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een ander gebruik dat het provinciaal grondgebied van Flevoland minder geschikt maakt voor het verwezenlijken van het beleid voor <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_36">opschalen</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_45">saneren</tekst:IntRef> inclusief ruimtelijke doelstellingen omvat in ieder geval:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.5__para_3__list_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.5__para_3__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.5__para_3__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.5__para_3__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het wijzigen van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolen</tekst:IntRef> waardoor het vermogen, de levensduur en/of afmeting van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolen</tekst:IntRef> toeneemt (<tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_36">opschalen</tekst:IntRef>) zonder de daarbij behorende sanering;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.5__para_3__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.5__para_3__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het vervangen van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_11">bestaande windmolen</tekst:IntRef> door een nieuwe <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolen</tekst:IntRef> op dezelfde locatie danwel nabij die locatie zonder dat aangetoond is dat deze vervanging onderdeel uitmaakt van een project van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_36">opschalen</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_45">saneren</tekst:IntRef>. Daarbij maakt het niet uit of de nieuwe <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolen</tekst:IntRef> voor bepaalde of onbepaalde tijd is bedoeld.<tekst:br/><tekst:br/></tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.5__para_4" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.5__para_4">
		    <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het verbod genoemd in dit artikel geldt zolang en voor zover er nog geen onherroepelijk <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> is dat in overeenstemming is met het verbod.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>14.6</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Nieuwe windmolens alleen toegestaan conform een goedgekeurd projectplan</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Nieuwe <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> zijn alleen toegestaan als deze passen binnen een door gedeputeerde staten goedgekeurd <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> voor <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_36">opschalen</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_45">saneren</tekst:IntRef> van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> dat gelegen is in het windgebied.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> bevat in ieder geval:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_2__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_2__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>een voorstel voor een projectgebied en plaatsingszones;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_2__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>een beschrijving van de ruimtelijke invulling van het plan;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_2__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_2__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>inzicht in de haalbaarheid van het plan, waaronder compenserende maatregelen;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_2__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_2__list_1__item_d">
			  <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>een planning, waaronder begrepen de fasering van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_36">opschalen</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_45">saneren</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_2__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_2__list_1__item_e">
			  <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>inzicht in de invulling van de financi&#235;le participatie en de gebiedsgebonden bijdrage aan kwaliteitscompensatie;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_2__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_2__list_1__item_f">
			  <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het voorstel voor de planparticipatie.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_3" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Per projectgebied wordt een goedgekeurd <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> voor <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_37">opschalen en saneren</tekst:IntRef> door een initiatiefnemer in zijn geheel uitgevoerd.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_4" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.6__para_4">
		    <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>4. De initiatiefnemer kan een samenwerkingsverband van meerdere partijen zijn.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.7" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.7">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>14.7</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Hardheidsclausule</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Ambtshalve of op verzoek van het college van burgemeester en wethouders van een gemeente kunnen gedeputeerde staten een of meer bepalingen van <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.1">Titel 14.1</tekst:IntRef> Windenergie buiten toepassing verklaren of daarvan afwijkingen toestaan voor zover toepassing daarvan gelet op het doel en het belang dat de desbetreffende bepaling beoogt te beschermen, zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard jegens een belanghebbende. Dit kan binnen het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_39__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.7__ref_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.2__art_14.7__ref_2">grondgebied van de provincie Flevoland</tekst:IntIoRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>14.1.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Instructieregels windenergie</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>14.1.3.1</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Beoordelingsregels projectplan</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.8" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.8">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>14.8</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Projectplan: voorstel voor projectgebied en plaatsingszones</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> bevat een voorstel voor een projectgebied en plaatsingszones die in het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_65__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.8__ref_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.8__ref_2">windgebied</tekst:IntIoRef> liggen, weergegeven op een verbeelding met als ondergrond de GBKN 1:10.000.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.9" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.9">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>14.9</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Projectplan: eisen ruimtelijke invulling</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> voldoet aan de volgende eisen inzake de ruimtelijke invulling:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.9__list_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.9__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.9__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.9__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al><tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> worden geplaatst in een opstelling;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.9__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.9__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de rotorbladen draaien in eenzelfde richting;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.9__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.9__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> hebben eenzelfde verschijningsvorm;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.9__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.9__list_1__item_d">
			  <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> hebben een maximale ashoogte van 120 meter met daarbij steeds het maximaal haalbare vermogen per <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolen</tekst:IntRef>. Indien initiatiefnemer een hogere <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_7">ashoogte van een windmolen</tekst:IntRef> wil voor een hoger vermogen (MW) dient te worden aangetoond dat het maximaal haalbare vermogen per turbine bij een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolen</tekst:IntRef> met as-hoogte van 120 meter ontoereikend is.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.10" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.10">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>14.10</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Projectplan: eisen bijdrage ten behoeve van het compenseren van de kwaliteit van het gebied</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.10__para_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.10__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> voldoet aan de volgende eisen inzake de bijdrage ten behoeve van het compenseren van de kwaliteit van het gebied:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.10__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.10__para_1__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.10__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.10__para_1__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> maakt inzichtelijk hoe de beoogde ruimtelijke ontwikkeling inzake windenergie gepaard gaat met het verbeteren van de kwaliteit van de fysieke leefomgeving in of in de directe omgeving van het projectgebied.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.10__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.10__para_1__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de kwaliteitscompensatie kan zien op een fysieke verbetering van de aanwezige of potenti&#235;le kwaliteiten van bodem, water, natuur, landschap, cultuurhistorie of van de extensieve recreatieve mogelijkheden van het gebied of de omgeving.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.10__para_1__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.10__para_1__list_1__item_c">
			    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> bevat een voorstel voor de wijze waarop de kwaliteitscompensatie financieel, juridisch en feitelijk wordt geborgd en beschrijft hoe die past binnen de hoofdlijnen van het te voeren ruimtelijk beleid voor het gebied.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.10__para_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.10__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>De waarde van de kwaliteitscompensatie bedraagt gedurende de gebruikstermijn jaarlijks gemiddeld &#x20ac; 1.050,-- per MW opgesteld vermogen in de betreffende plaatsingszone. Er wordt jaarlijks ge&#207;ndexeerd. Indien een kwaliteitscompensatie als bedoeld in het eerste lid niet is verzekerd, wordt het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> slechts vastgesteld indien een passende financi&#235;le bijdrage in een windmolenparkfonds is verzekerd.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.11" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.11">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>14.11</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Projectplan: eisen aan fasering opschalen en saneren</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> voldoet aan de volgende eisen inzake de fasering van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_37">opschalen en saneren</tekst:IntRef>:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.11__list_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.11__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.11__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.11__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>Alle bestaande <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> binnen het projectgebied worden gesaneerd;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.11__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.11__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>De sanering wordt zeker gesteld met een bindende overeenkomst met de rechthebbende(n);</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.11__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.11__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>De sanering vindt plaats binnen een half jaar na de ingebruikname van de nieuwe <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> in de plaatsingszones (saneringstermijn);</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.11__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.11__list_1__item_d">
			  <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>Indien uit het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> blijkt dat het vanwege de economische uitvoerbaarheid noodzakelijk is om af te wijken van de saneringstermijn van een half jaar, kan een te <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_45">saneren</tekst:IntRef><tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolen</tekst:IntRef> gedurende een aaneengesloten periode van maximaal vijf jaar gelijktijdig met de nieuwe <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> in werking blijven, onder de voorwaarde dat zekerheid is gesteld met een bindende overeenkomst waaruit blijkt dat de sanering van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_11">bestaande windmolen</tekst:IntRef> binnen die termijn van uiterlijk vijf jaar na ingebruikname is verzekerd;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.11__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.11__list_1__item_e">
			  <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>De sanering van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> wordt vastgelegd in een uitvoeringsprogramma dat de locatie van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> vermeldt en het tijdstip waarop deze uiterlijk worden gesaneerd;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.11__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.11__list_1__item_f">
			  <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>Bij het bepalen van de volgorde van de sanering wordt door initiatiefnemer de beoogde landschappelijke verbetering meegewogen, waarbij het uitgangspunt is dat het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_45">saneren</tekst:IntRef> van de oudste <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> en van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> nabij de nieuwe opstelling voorrang krijgt boven het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_45">saneren</tekst:IntRef> van de jongere <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> en van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> die verder weggelegen zijn van de nieuwe windmolenopstelling. Het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> maakt de gemaakte afweging inzichtelijk.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>14.12</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Projectplan: eisen financi&#235;le participatie</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> voldoet aan de volgende eisen inzake financi&#235;le participatie:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_1__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_1__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> maakt inzichtelijk hoe de omgeving gelegenheid krijgt om financieel te participeren;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_1__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> maakt inzichtelijk hoe die financi&#235;le participatie per fase op een eerlijke, eenvoudige en evenwichtige wijze wordt uitgewerkt;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Ten aanzien van de financi&#203;le participatie gelden per fase de volgende eisen:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_2__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_2__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>In de ontwikkel- en bouwfase biedt initiatiefnemer in ieder geval aan bewoners en ondernemers gevestigd in het projectgebied, de gelegenheid om vanaf de eerste risicodragende (ontwikkel-)fase financieel risicodragend te participeren bij de ontwikkeling van de nieuwe <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> binnen dat projectgebied;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_2__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>In de exploitatiefase biedt initiatiefnemer alle bewoners en ondernemers die gevestigd zijn in Zuidelijk en Oostelijk Flevoland gelegenheid om financieel te participeren in de exploitatie van de nieuwe <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> (vanaf de fase vanaf ingebruikname);<tekst:br/>1. Uitgangspunt is dat in de exploitatiefase minimaal 2,5% van de initi&#235;le totale investeringsomvang door middel van participatie wordt ingevuld;<tekst:br/>2. Van dit minimumpercentage van 2,5% wordt alleen afgeweken indien de initiatiefnemer kan aantonen dat er een gebrek aan belangstelling voor participatie bestaat dat niet te wijten is aan voldoende participatiemogelijkheden en/of communicatie daarover.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_3" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Uitgangspunten bij de financi&#235;le participatie zijn in elke fase:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_3__list_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_3__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_3__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_3__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>De risico's en de verwachte financi&#235;le rendementen van de participatie worden helder in beeld gebracht;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_3__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_3__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>Er wordt een redelijke vergoeding gegeven voor het risico in relatie tot de potentiele winstgevendheid;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_3__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_3__list_1__item_c">
			    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>Participaties zijn vrij verhandelbaar, eventueel na een lock-in periode van maximaal 2 jaar;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_3__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.12__para_3__list_1__item_d">
			    <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>De initiatiefnemer legt de mogelijkheden voor bewoners en ondernemers tot financi&#235;le projectparticipatie vast in een overeenkomst met de gemeente.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.13" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1__art_14.13">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>14.13</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Projectplan: eisen planparticipatie</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> maakt inzichtelijk hoe het draagvlak voor en burgerparticipatie bij het initiatief worden verzekerd en hoe de omgeving in een vroeg stadium van de planvorming actief wordt betrokken bij de uitwerking van het initiatief, daaronder in ieder geval doch niet limitatief begrepen de planvorming rond de nieuwe windmolenopstellingen en de mogelijke inrichting van plaatsingszones.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>14.1.3.2</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Beoordelingsregels werkingsgebieden</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2__art_14.14" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2__art_14.14">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>14.14</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Beoordelingsregels aanwijzen en begrenzen projectgebied</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2__art_14.14__para_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2__art_14.14__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het aan te wijzen of de te wijzigen begrenzing van een projectgebied maakt deel uit van een goedgekeurd (aangepast) <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> dat is gelegen in een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_65__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2__art_14.14__para_1__ref_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2__art_14.14__para_1__ref_2">windgebied</tekst:IntIoRef>;</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2__art_14.14__para_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2__art_14.14__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Een aanwijzing of wijziging van de begrenzing van het projectgebied heeft geen onevenredig negatief effect op de projecten voor <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_36">opschalen</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_45">saneren</tekst:IntRef> binnen een eventueel resterend deel van het projectgebied en/of binnen de andere aangewezen projectgebieden of op de omgeving;</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2__art_14.14__para_3" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2__art_14.14__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Een wijziging van de begrenzing van een projectgebied is noodzakelijk vanwege veranderende omstandigheden, ontwikkelingen in de techniek of regelgeving, bedrijfseconomische redenen en de uitvoeringspraktijk.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2__art_14.15" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2__art_14.15">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>14.15</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Beoordelingsregels aanwijzen en begrenzen plaatsingszones</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2__art_14.15__para_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2__art_14.15__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>De aan te wijzen of de te wijzigen begrenzing van een plaatsingszone maakt deel uit van een goedgekeurd (aangepast) <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef> voor het desbetreffende <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_51__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2__art_14.15__para_1__ref_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2__art_14.15__para_1__ref_2">projectgebied</tekst:IntIoRef>;</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2__art_14.15__para_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.2__art_14.15__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Een aanwijzing of wijziging van de begrenzing van een plaatsingszone vindt plaats op basis van een integrale afweging en evenwichtige balans tussen de omgevingskwaliteit, het maatschappelijk draagvlak en het economisch perspectief.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.3" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.3">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>14.1.3.3</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Beoordelingsregels omgevingsvergunningen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.3__art_14.16" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.3__art_14.16">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>14.16</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Beoordelingsregels omgevingsvergunning: tijdelijkheid windmolens</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.3__art_14.16__para_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.3__art_14.16__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>De realisatie van een nieuwe <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolen</tekst:IntRef> wordt uitsluitend toegestaan als deze deel uitmaakt van een goedgekeurd <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.3__art_14.16__para_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.3__art_14.16__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Voor de realisatie van een nieuwe <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolen</tekst:IntRef> binnen het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_39__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.3__art_14.16__para_2__ref_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.3__art_14.16__para_2__ref_2">grondgebied van de provincie Flevoland</tekst:IntIoRef> wordt uitsluitend een omgevingsvergunning voor een bepaalde aaneengesloten gebruiksperiode verleend, waarbij in ieder geval de volgende voorwaarden aan de omgevingsvergunning worden verbonden:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.3__art_14.16__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.3__art_14.16__para_2__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.3__art_14.16__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.3__art_14.16__para_2__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de omgevingsvergunning geldt voor een bepaalde aaneengesloten gebruiksperiode, die maximaal 25 jaar bedraagt;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.3__art_14.16__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.3__art_14.16__para_2__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>na het verstrijken van de gebruiksperiode als bedoeld in onderdeel a wordt de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolen</tekst:IntRef> verwijderd.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>14.1.3.4</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Instructieregels omgevingsplan</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.17" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.17">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>14.17</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Instructieregels omgevingsplan: geen windmolens buiten een windgebied</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> sluit uit dat <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_33__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.17__ref_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.17__ref_2">buiten windgebied</tekst:IntIoRef> nieuwe <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> worden gerealiseerd of dat bestaande <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> worden opgeschaald.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.18" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.18">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>14.18</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Instructieregels omgevingsplan: windmolens binnen een windgebied-plaatsingszones</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.18__para_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.18__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Binnen een windgebied voorziet een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef>, binnen twee jaar na de goedkeuring van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef>, uitsluitend in nieuwe <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> in een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_50__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.18__para_1__ref_4" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.18__para_1__ref_4">plaatsingszone</tekst:IntIoRef> binnen een projectgebied conform dat <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.18__para_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.18__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> mag op een locatie niet meer voorzien in een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolen</tekst:IntRef>, zodra de gebruiksperiode (maximaal 25 jaar) van de omgevingsvergunning voor de betreffende <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolen</tekst:IntRef> op die locatie is verstreken.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.19" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.19">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>14.19</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Instructieregels omgevingsplan: windmolens binnen een windgebied-projectgebieden</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Binnen een windgebied voorziet een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef>, binnen twee jaar na de goedkeuring van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef>, in de sanering van alle <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> binnen een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_51__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.19__ref_4" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.19__ref_4">projectgebied</tekst:IntIoRef> conform dat <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">projectplan</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.20" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.20">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>14.20</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Instructieregels omgevingsplan: windmolens binnen een windgebied-buiten projectgebieden</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Binnen een windgebied voorziet een bestemmingsplan in een regeling die tegengaat dat er <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_16__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.20__ref_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.20__ref_1">binnen windgebied-buiten projectgebied</tekst:IntIoRef> nieuwe <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> worden gerealiseerd of dat bestaande <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">windmolens</tekst:IntRef> worden opgeschaald.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.5" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.5">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>14.1.3.5</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Instructieregels hardheidsclausule</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.5__art_14.21" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.5__art_14.21">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>14.21</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Beoordelingsregels hardheidsclausule</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.5__art_14.21__para_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.5__art_14.21__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Er kan binnen het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_39__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.5__art_14.21__para_1__ref_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.5__art_14.21__para_1__ref_1">grondgebied van de provincie Flevoland</tekst:IntIoRef> alleen van een of meer bepalingen van titel Windenergie buiten toepassing worden verklaard of afwijking daarvan worden toegestaan, voor zover dit gelet op het doel en het belang dat de desbetreffende bepaling beoogt te beschermen, niet zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard jegens een belanghebbende.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.5__art_14.21__para_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.5__art_14.21__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>De statencommissie wordt gehoord over een voornemen om een of meer bepalingen van titel Windenergie buiten toepassing verklaren of daarvan afwijkingen toestaan.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_14__title_14.2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Zonne-energie</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>14.2.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Algemeen zonne-energie</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1__art_14.22" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1__art_14.22">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>14.22</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Oogmerk zonne-energie</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De regels in de titel Zonne-energie zijn gesteld om ruimte te bieden aan <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_22">grondgebonden opstellingen voor zonne-energie</tekst:IntRef> in het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_45__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1__art_14.22__ref_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1__art_14.22__ref_2">landelijk gebied van Flevoland</tekst:IntIoRef> waarbij de ruimtelijke kwaliteit van het landelijke gebied niet onevenredig wordt aangetast.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1__art_14.23" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1__art_14.23">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>14.23</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Werkingsgebieden zonne-energie</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1__art_14.23__para_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1__art_14.23__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De regels voor <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_22">grondgebonden opstellingen voor zonne-energie</tekst:IntRef> gelden voor het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_45__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1__art_14.23__para_1__ref_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1__art_14.23__para_1__ref_2">landelijk gebied van Flevoland</tekst:IntIoRef>, zijnde het landzijdige deel van Flevoland met uitzondering van bestaand stedelijk gebied, waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1__art_14.23__para_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1__art_14.23__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_57__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1__art_14.23__para_2__ref_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1__art_14.23__para_2__ref_1">Uitzonderingsgebied voor zonne-energie op agrarische gronden</tekst:IntIoRef> is een gebied voor het realiseren en instandhouden van grondgebonden opstellingen voor zonneenergie op <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_6">agrarische gronden</tekst:IntRef> en waarvan de geometrische begrenzing Is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1__art_14.23__para_3" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1__art_14.23__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al><tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_56__ref_o_1" eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1__art_14.23__para_3__ref_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1__art_14.23__para_3__ref_1">Uitzondering glastuinbouw i.r.t. zonne-energie in landelijk gebied</tekst:IntIoRef> is het gebied waaraan in een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> de functie van glastuinbouw is toegedeeld en waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>14.2.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Activiteiten ontwikkelruimte zonne-energie</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.24" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.24">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>14.24</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Werkingsgebieden zonne-energie: aanwijzen uitzonderingsgebieden voor zonne-energie op agrarische gronden</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.24__para_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.24__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Provinciale staten kunnen in de omgevingsverordening uitzonderingsgebieden voor zonne-energie op <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_6">agrarische gronden</tekst:IntRef> aanwijzen en wijzigen.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.24__para_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.24__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een aanvraag tot aanwijzing of wijziging van de begrenzing van uitzonderingsgebieden voor zonne-energie op <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_6">agrarische gronden</tekst:IntRef> gaat vergezeld van een motivering die op basis van de Flevolandse zonneladder en bouwstenen voor zonne-energie zoals opgenomen in het provinciale beleid voor grondgebonden zon de toelaatbaarheid aantoont voor het realiseren van een opstelling voor zonne-energie op de betreffende <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_6">agrarische gronden</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.25" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.25">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>14.25</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Ontwikkelruimte zonne-energie</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.25__para_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.25__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Voor de realisatie van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_22">grondgebonden opstellingen voor zonne-energie</tekst:IntRef> in het landelijk gebied van de provincie Flevoland is maximaal 1000 hectare netto beschikbaar. Hiervan is de eerste 500 hectare netto vanaf 15 november 2018 opengesteld.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.25__para_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.25__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Na verzending van het evaluatieverslag als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.27">Artikel 14.27</tekst:IntRef> kunnen gedeputeerde staten besluiten over de openstelling van de tweede 500 hectare netto ontwikkelruimte voor de realisatie van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_22">grondgebonden opstellingen voor zonne-energie</tekst:IntRef> in het landelijk gebied van de provincie Flevoland.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>14.2.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Instructieregels zonne-energie</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.26" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.26">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>14.26</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Beoordelingsregels omgevingsvergunning: tijdelijkheid grondgebonden opstelling voor zonne-energie</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.26__para_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.26__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Voor de realisatie van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_22">grondgebonden opstellingen voor zonne-energie</tekst:IntRef> wordt uitsluitend een omgevingsvergunning voor een bepaalde aaneengesloten gebruiksperiode verleend.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.26__para_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.26__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Aan een omgevingsvergunning voor <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_22">grondgebonden opstellingen voor zonne-energie</tekst:IntRef> verbindt het bevoegd gezag in ieder geval de volgende voorschriften:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.26__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.26__para_2__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.26__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.26__para_2__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>De omgevingsvergunning geldt voor een bepaalde aaneengesloten gebruiksperiode, die maximaal 25 jaar bedraagt;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.26__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.26__para_2__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>Na het verstrijken van de gebruiksperiode als bedoeld in onderdeel a wordt de grondgebonden opstelling voor zonne-energie verwijderd.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.27" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.27">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>14.27</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Monitoring en evaluatie: zonne-energie</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.27__para_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.27__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Gedeputeerde staten monitoren de ontwikkeling van de in <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.25__para_1">Artikel 14.25, eerste lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.25__para_2">Artikel 14.25, tweede lid</tekst:IntRef> genoemde ontwikkel-ruimte voor <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_22">grondgebonden opstellingen voor zonne-energie</tekst:IntRef> en zenden provinciale staten hiervan uiterlijk binnen twee maanden na het vollopen van de afzonderlijke ontwikkelruimtes ter kennisname een evaluatieverslag.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.27__para_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.27__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het evaluatieverslag gaat in ieder geval in op:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.27__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.27__para_2__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.27__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.27__para_2__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>het verloop van de besluitvormingsprocedures voor <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_22">grondgebonden opstellingen voor zonne-energie</tekst:IntRef>,</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.27__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.27__para_2__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de locaties waar <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_22">grondgebonden opstellingen voor zonne-energie</tekst:IntRef> worden gerealiseerd, en</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.27__para_2__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.27__para_2__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de toetsing van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_22">grondgebonden opstellingen voor zonne-energie</tekst:IntRef> aan de bouwstenen van de Structuurvisie zon zoals opgenomen in het Omgevingsprogramma Flevoland.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>14.28</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Instructieregels omgevingsplan zonne-energie</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28__para_1" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Gerekend vanaf 15 november 2018 mag een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> voorzien in <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_22">grondgebonden opstellingen voor zonne-energie</tekst:IntRef> tot maximaal 500 hectare netto van het landelijk gebied van de provincie Flevoland&#x2019;, waarvan de locatie en de omvang zijn aangegeven in de monitor met betrekking tot zonne-energie in het landelijk gebied.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28__para_2" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Vanaf het moment dat gelet op de monitor met betrekking tot zonne-energie in het landelijk gebied de eerste 500 hectare netto ontwikkelruimte als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.25__para_1">Artikel 14.25, eerste lid</tekst:IntRef> lid is volgelopen en de tweede 500 hectare netto ontwikkelruimte als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.25__para_2">Artikel 14.25, tweede lid</tekst:IntRef> een aanvang neemt, laat een nieuw(e wijziging van het) een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> buiten de aangewezen uitzonderingsgebieden voor zonneenergie op <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_6">agrarische gronden</tekst:IntRef> geen grondgebonden opstelling voor zonne-energie op <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_6">agrarische gronden</tekst:IntRef> toe.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28__para_3" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In afwijking van <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28__para_2">Artikel 14.28, tweede lid</tekst:IntRef> lid mag een nieuw(e wijziging van een) <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> een grondgebonden opstelling voor zonne-energie toelaten op gietwaterbassins in het gebied Uitzondering glastuinbouw i.r.t. zonne-energie in landelijk gebied.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28__para_4" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28__para_4">
		    <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Vanaf het moment dat gelet op de monitor met betrekking tot zonne-energie in het landelijk gebied de eerste 500 hectare netto ontwikkelruimte als bedoeld In <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.25__para_1">Artikel 14.25, eerste lid</tekst:IntRef> is volgelopen en de tweede 500 hectare netto ontwikkelruimte als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.25__para_2">Artikel 14.25, tweede lid</tekst:IntRef> een aanvang neemt mag een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> voorzien in <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_22">grondgebonden opstellingen voor zonne-energie</tekst:IntRef> tot in totaal maximaal 1000 hectare netto van het landelijk gebied van de provincie Flevoland, gerekend vanaf 15 november 2018, mits de locatie en de omvang zijn aangegeven in de monitor met betrekking tot zonne-energie in het landelijk gebied.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28__para_5" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28__para_5">
		    <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> mag op een locatie niet meer voorzien in <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_22">grondgebonden opstellingen voor zonne-energie</tekst:IntRef>, nadat de gebruiksperiode van de omgevingsvergunning voor de betreffende opstelling op die locatie is verstreken.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28__para_6" wId="pv24_80__chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28__para_6">
		    <tekst:LidNummer>6.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In afwijking van het <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28__para_5">Artikel 14.28, vijfde lid</tekst:IntRef> mag een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef>, nadat de gebruiksperiode van de omgevingsvergunning voor de betreffende opstelling op die locatie is verstreken, blijven voorzien in <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_22">grondgebonden opstellingen voor zonne-energie</tekst:IntRef>, indien voor die locatie opnieuw een omgevingsvergunning wordt verleend voor het realiseren van een nieuwe grondgebonden opstelling voor zonne-energie.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_15" wId="pv24_80__chp_15">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>15</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Natuurnetwerk Nederland</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Afdeling eId="chp_15__subchp_15.1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>15.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemeen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_15__subchp_15.1__art_15.1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.1__art_15.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>15.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Oogmerk en toepassingsgebied</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_15__subchp_15.1__art_15.1__para_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.1__art_15.1__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Dit hoofdstuk geeft regels als bedoeld in artikel 2.31a en 2.44 vierde lid van de Omgevingswet</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_15__subchp_15.1__art_15.1__para_2" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.1__art_15.1__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk zijn gesteld met het oog op:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_15__subchp_15.1__art_15.1__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.1__art_15.1__para_2__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.1__art_15.1__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.1__art_15.1__para_2__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>het begrenzen, aanwijzen en beschermen van op het land gelegen <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef>;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.1__art_15.1__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.1__art_15.1__para_2__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>het aanwijzen en veiligstellen van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_52">wezenlijke kenmerken en waarden</tekst:IntRef> van de begrensde gebieden;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.1__art_15.1__para_2__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.1__art_15.1__para_2__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>het geven van een afwegingskader voor ruimtelijke ontwikkelingen binnen het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef> en voorwaarden voor herbegrenzing;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.1__art_15.1__para_2__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.1__art_15.1__para_2__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>het instellen van een registratie voor planologische besluiten bij het wijzigen van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_15__subchp_15.1__art_15.2" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.1__art_15.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>15.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Werkingsgebied en aanwijzing gebieden</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_15__subchp_15.1__art_15.2__para_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.1__art_15.2__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk gelden voor het Werkingsgebied <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_48__ref_o_1" eId="chp_15__subchp_15.1__art_15.2__para_1__ref_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.1__art_15.2__para_1__ref_1">natuurnetwerk Nederland</tekst:IntIoRef>, waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef></tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_15__subchp_15.1__art_15.2__para_2" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.1__art_15.2__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef> is de locatie, waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef> en op <tekst:ExtRef ref="https://nnn.flevoland.nl/" soort="URL">https://nnn.flevoland.nl/</tekst:ExtRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_15__subchp_15.1__art_15.2__para_3" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.1__art_15.2__para_3">
		  <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al><tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_34__ref_o_1" eId="chp_15__subchp_15.1__art_15.2__para_3__ref_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.1__art_15.2__para_3__ref_1">Compensatie NNN binnen het zoekgebied Oosterwold</tekst:IntIoRef> is de locatie die is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef> en op <tekst:ExtRef ref="https://nnn.flevoland.nl/" soort="URL">https://nnn.flevoland.nl/</tekst:ExtRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_15__subchp_15.1__art_15.2__para_4" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.1__art_15.2__para_4">
		  <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_44__ref_o_1" eId="chp_15__subchp_15.1__art_15.2__para_4__ref_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.1__art_15.2__para_4__ref_1">kiekendieffoerageergebied</tekst:IntIoRef> is de locatie, waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef> en op <tekst:ExtRef ref="https://nnn.flevoland.nl/" soort="URL">https://nnn.flevoland.nl/</tekst:ExtRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_15__subchp_15.1__art_15.2__para_5" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.1__art_15.2__para_5">
		  <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_52">wezenlijke kenmerken en waarden</tekst:IntRef> van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef> zijn vastgelegd op <tekst:ExtRef ref="https://nnn.flevoland.nl/" soort="URL">https://nnn.flevoland.nl/</tekst:ExtRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Afdeling>
	    <tekst:Afdeling eId="chp_15__subchp_15.2" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>15.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Activiteiten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>15.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Wijziging begrenzing: saldobenadering en herbegrenzing</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Activiteiten die nadelige gevolgen kunnen hebben voor de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_52">wezenlijke kenmerken en waarden</tekst:IntRef> van het natuurnetwerk kunnen alleen worden toegelaten indien de gevolgen tijdig worden gecompenseerd, zodanig dat de kwaliteit, oppervlakte en samenhang van het natuurnetwerk behouden blijven.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De begrenzing van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef> of de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_52">wezenlijke kenmerken en waarden</tekst:IntRef> kunnen worden gewijzigd:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>ten behoeve van een combinatie van projecten of handelingen die tevens tot doel heeft de kwaliteit en kwantiteit van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef> op gebiedsniveau per saldo te verbeteren,</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>ten behoeve van andere activiteiten dan mogelijk gemaakt op grond van <tekst:IntRef ref="chp_15__subchp_15.3__art_15.5">Artikel 15.5</tekst:IntRef>, eerste lid, sub b indien:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1__item_b__list_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1__item_b__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1__item_b__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1__item_b__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>een ingreep onvermijdelijk blijkt,</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1__item_b__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1__item_b__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>er sprake is van een groot openbaar belang,</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1__item_b__list_1__item_3" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1__item_b__list_1__item_3">
			    <tekst:LiNummer>3.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>er geen re&#235;le alternatieven zijn, en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1__item_b__list_1__item_4" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1__item_b__list_1__item_4">
			    <tekst:LiNummer>4.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de negatieve effecten op de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_52">wezenlijke kenmerken en waarden</tekst:IntRef>, oppervlakte en samenhang worden beperkt en de overblijvende effecten gelijkwaardig worden gecompenseerd.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>ten behoeve van de herijking van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef>,</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>naar aanleiding van wijziging in hogere beleidskaders en wet en regelgeving.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3">
		  <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De begrenzing van het Natuurnetwerk of de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_52">wezenlijke kenmerken en waarden</tekst:IntRef> kunnen worden gewijzigd:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>ten behoeve van een verbetering van de samenhang van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef>, of een betere planologische inpassing van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef>, voor zover:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_a__list_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_a__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_a__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_a__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_52">wezenlijke kenmerken en waarden</tekst:IntRef> van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef> worden behouden, en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_a__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_a__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de oppervlakte van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef> tenminste gelijk blijft.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>ten behoeve van een enkelvoudige ontwikkeling, voor zover:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_b__list_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_b__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_b__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_b__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de aantasting van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_52">wezenlijke kenmerken en waarden</tekst:IntRef> en de samenhang van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef> beperkt is,</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_b__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_b__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de ontwikkeling per saldo gepaard gaat met een versterking van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_52">wezenlijke kenmerken en waarden</tekst:IntRef> van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef> en een vergroting van de oppervlakte van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef>,</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>ten behoeve van de aanwijzing compensatie NNN binnen het zoekgebied Oosterwold,</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>ten behoeve van de begrenzing van het kiekendieffoerageergebied.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_4" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_4">
		  <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_52">wezenlijke kenmerken en waarden</tekst:IntRef> kunnen tevens worden gewijzigd naar aanleiding van natuurlijke ontwikkelingen in het gebied.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.4" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.4">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>15.4</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Verzoek wijziging begrenzingen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.4__para_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.4__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Burgemeesten en wethouders kunnen verzoeken de begrenzing van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef> en de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_52">wezenlijke kenmerken en waarden</tekst:IntRef> te wijzigen ten behoeve van een combinatie van projecten of handelingen als genoemd in <tekst:IntRef ref="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_2">Artikel 15.3, tweede lid</tekst:IntRef>, onderdeel a of een enkelvoudige ontwikkeling als genoemd in <tekst:IntRef ref="chp_15__subchp_15.2__art_15.3__para_3">Artikel 15.3, derde lid</tekst:IntRef> onderdeel b.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.4__para_2" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.4__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het verzoek om wijziging van de begrenzing van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef> gaat vergezeld van een toelichting of onderbouwing waarin wordt aangetoond dat:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.4__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.4__para_2__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.4__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.4__para_2__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de uitvoering en langdurige instandhouding van de versterking of vergroting van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef> is gewaarborgd,</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.4__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.4__para_2__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de uitvoering van de versterking en vergroting uiterlijk aansluitend aan het realiseren van de enkelvoudige ontwikkeling plaats vindt.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_15__subchp_15.2__art_15.4__para_3" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.2__art_15.4__para_3">
		  <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Wanneer de beoogde ontwikkeling of activiteit ten behoeve waarvan het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef> is gewijzigd niet of niet geheel plaats vindt verzoeken burgemeester en wethouders tot het geheel of gedeeltelijk intrekken van de wijziging.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Afdeling>
	    <tekst:Afdeling eId="chp_15__subchp_15.3" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>15.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_15__subchp_15.3__art_15.5" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.3__art_15.5">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>15.5</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Gemeenteraad: Bescherming NNN</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_15__subchp_15.3__art_15.5__para_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.3__art_15.5__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef>, voor zover het betrekking heeft op een gebied binnen of nabij het aangewezen <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef>:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_15__subchp_15.3__art_15.5__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.3__art_15.5__para_1__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.3__art_15.5__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.3__art_15.5__para_1__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>strekt mede tot bescherming, instandhouding en ontwikkeling van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_52">wezenlijke kenmerken en waarden</tekst:IntRef> van dat gebied,</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_15__subchp_15.3__art_15.5__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.3__art_15.5__para_1__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>maakt alleen activiteiten mogelijk die per saldo niet leiden tot de achteruitgang van de kwaliteit en oppervlakte van het natuurnetwerk, vermindering van de samenhang tussen die gebieden of tot nadelige gevolgen voor de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_52">wezenlijke kenmerken en waarden</tekst:IntRef> van het natuurnetwerk.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_15__subchp_15.3__art_15.6" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.3__art_15.6">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>15.6</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Gedeputeerde Staten: Registratie begrenzing NNN</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_15__subchp_15.3__art_15.6__para_1" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.3__art_15.6__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Gedeputeerde Staten houden een actuele en digitale registratie bij van de besluiten in verband met wijzigingen van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">Natuurnetwerk Nederland</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_15__subchp_15.3__art_15.6__para_2" wId="pv24_80__chp_15__subchp_15.3__art_15.6__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De registratie is gericht op het inzichtelijk maken van een sluitende compensatieboekhouding en het volgen van de uitvoering.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Afdeling>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_16" wId="pv24_80__chp_16">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>16</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Natuurbescherming</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Titel eId="chp_16__title_16.1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>16.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemeen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.1__art_16.1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>16.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Toepassingsbereik</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Dit hoofdstuk is van toepassing op:</tekst:Al>
		  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_16__title_16.1__art_16.1__list_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.1__list_1">
		    <tekst:Li eId="chp_16__title_16.1__art_16.1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.1__list_1__item_a">
		      <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>flora- en fauna-activiteiten als bedoeld in afdeling 11.2 van het Besluit activiteiten leefomgeving;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_16__title_16.1__art_16.1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.1__list_1__item_b">
		      <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>het vellen van houtopstanden en het herbeplanten van grond, als bedoeld in artikel 11.3 van het Besluit activiteiten leefomgeving;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_16__title_16.1__art_16.1__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.1__list_1__item_c">
		      <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de Natura 2000-activiteiten, bedoeld in afdeling 11.1 van het Besluit activiteiten leefomgeving.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.1__art_16.2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>16.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Oogmerken</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_16__title_16.1__art_16.2__para_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.2__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De regels over flora- en fauna-activiteiten en Natura 2000-activiteiten zijn gesteld met het oog op de natuurbescherming.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_16__title_16.1__art_16.2__para_2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.2__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De regels over handelen volgens <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef> en de uitoefening van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_27">jacht</tekst:IntRef> zijn gesteld met het oog op:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_16__title_16.1__art_16.2__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.2__para_2__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_16__title_16.1__art_16.2__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.2__para_2__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de natuurbescherming;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_16__title_16.1__art_16.2__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.2__para_2__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>goed jachthouderschap;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_16__title_16.1__art_16.2__para_2__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.2__para_2__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>het voorkomen en bestrijden van schade door dieren;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_16__title_16.1__art_16.2__para_2__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.2__para_2__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>het waarborgen van de veiligheid.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_16__title_16.1__art_16.2__para_3" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.2__para_3">
		  <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De regels over het vellen en herbeplanten van houtopstanden zijn gesteld met het oog op: </tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_16__title_16.1__art_16.2__para_3__list_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.2__para_3__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_16__title_16.1__art_16.2__para_3__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.2__para_3__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de natuurbescherming; </tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_16__title_16.1__art_16.2__para_3__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.2__para_3__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>de instandhouding van het bosareaal in Nederland;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_16__title_16.1__art_16.2__para_3__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.2__para_3__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>het beschermen van landschappelijke waarden.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.1__art_16.3" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>16.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Werkingsgebied natuurbescherming</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk Natuurbescherming gelden voor het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_39__ref_o_1" eId="chp_16__title_16.1__art_16.3__ref_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.1__art_16.3__ref_1">grondgebied van de provincie Flevoland</tekst:IntIoRef>, waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_16__title_16.2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>16.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Activiteiten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>16.2.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Natura 2000-activiteiten (gereserveerd)</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Gereserveerd/>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>16.2.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Activiteiten met betrekking tot dieren of planten in het wild</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Paragraaf eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>16.2.2.1</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Flora- en fauna activiteiten: omgevingsvergunning andere soorten</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.4" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.4">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>16.4</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Maatwerkregel bestrijding van schadeveroorzakende dieren</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.4__para_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.4__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Het verbod, bedoeld in artikel 5.1 tweede lid. aanhef en onder g van de wet in samenhang met artikel 11.54 eerste lid van het Besluit activiteiten leefomgeving, om zonder omgevingsvergunning in het wild levende zoogdieren van de soorten, genoemd in bijlage IX onder A van het Besluit activiteiten leefomgeving, opzettelijk te doden of te vangen geldt niet als deze flora- en fauna-activiteiten door <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_24">grondgebruiker</tekst:IntRef>s worden verricht ter voorkoming of bestrijding van belangrijke schade aan gewassen, vee, bossen, bedrijfsmatige visserij en wateren met betrekking tot de soorten en onder de voorschriften genoemd in <tekst:IntRef ref="cmp_11">Bijlage XI</tekst:IntRef> onder A..</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.4__para_2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.4__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>In aanvulling op het eerste lid geldt de vrijstelling uitsluitend:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.4__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.4__para_2__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.4__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.4__para_2__list_1__item_a">
			    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>voor handelingen ter voorkoming van in het lopende of daarop volgende jaar dreigende schade;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.4__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.4__para_2__list_1__item_b">
			    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>voor de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_24">grondgebruiker</tekst:IntRef> respectievelijk een door hem op grond van de artikelen 11.44, vijfde lid, 11.52, vijfde lid en 11.58, zesde lid van het Besluit activiteiten leefomgeving aangewezen persoon;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.4__para_2__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.4__para_2__list_1__item_c">
			    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>op de door de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_24">grondgebruiker</tekst:IntRef> gebruikte gronden, in of aan door de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_24">grondgebruiker</tekst:IntRef> gebruikte opstallen, of in het omringende gebied.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.5" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.5">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>16.5</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Vergunningvrije activiteiten ruimtelijke inrichting of ontwikkeling bestendig beheer of onderhoud</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De verboden, bedoeld in artikel 5.1, eerste lid van de Omgevingswet, met uitzondering van het verbod tot opzettelijk doden, gelden niet voor soorten genoemd in <tekst:IntRef ref="cmp_11">Bijlage XI</tekst:IntRef> onder B ten aanzien van de belangen genoemd in artikel 11.56 van het Besluit activiteiten leefomgeving.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.6" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.6">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>16.6</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Bescherming vogels tegen landbouwwerkzaamheden</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.6__para_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.6__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>De verboden, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid onder g van de Omgevingswet en artikel 11.37, eerste lid van het Besluit activiteiten leefomgeving, gelden met uitzondering van het verbod tot doden, niet ten behoeve van activiteiten bestemd en geschikt voor de bescherming van vogels, hun nesten en eieren en hun niet vliegvlugge jongen tegen landbouwwerkzaamheden en vee.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.6__para_2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.6__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>De op basis van het eerste lid gevangen niet vliegvlugge jongen worden onmiddellijk na afloop van de landbouwwerkzaamheden bedoeld in het eerste lid weer in vrijheid gesteld.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.7" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.7">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>16.7</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Vrijstelling amfibieen en ringslangen ter veiligstelling tegen verkeer</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.7__para_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.7__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>De verboden om in het wild levende dieren te vangen en opzettelijk te verstoren, bedoeld in artikel 5.1, tweede lid onder g van de Omgevingswet en artikel 11.46, eerste lid van het Besluit activiteiten leefomgeving, alsmede het verbod om amfibieen te vangen, als bedoeld in arikel 11.54, eerste lid van het Besluit activiteiten leefomgeving, gelden niet ten aanzien van deze amfibieen en de ringslang indien de betrokken handelingen plaatsvingen ter veiligstelling van deze dieren tegen het verkeer.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.7__para_2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.7__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>De in het eerste lid genoemde vrijstelling geldt slechts voor het vervoer van de dieren over een afstand van ten hoogtste 50 meter vanaf de vangplaats en voor zover de dieren na het vervoeren onmiddellijk weer in vrijheid worden gesteld.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.7__para_3" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.7__para_3">
		      <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>De in het eerste lid genoemde vrijstelling geldt slechts voor het vervoer van de ringslang over een afstand van ten hoogste 100 meter vanaf de vangplaats en voor zover de dieren na het vervoeren onmiddellijk weer in vrijheid worden gesteld.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		  <tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.8" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.8">
		    <tekst:Kop>
		      <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		      <tekst:Nummer>16.8</tekst:Nummer>
		      <tekst:Opschrift>Sluiten van de jacht</tekst:Opschrift>
		    </tekst:Kop>
		    <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.8__para_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.8__para_1">
		      <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Gedeputeerde Staten kunnen bij besluit de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_27">jacht</tekst:IntRef> op wildsoorten beperken of stopzetten in de gehele provincie of een gedeelte daarvan zolang bijzondere weersomstandigheden dat noodzakelijk maken.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		    <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.8__para_2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.8__para_2">
		      <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		      <tekst:Inhoud>
			<tekst:Al>Gedeputeerde Staten kunnen bij besluit de vrijstelling, bedoeld in artikel 16.4, opschorten als dat noodzakelijk is vanwege bijzondere weersomstandigheden.</tekst:Al>
		      </tekst:Inhoud>
		    </tekst:Lid>
		  </tekst:Artikel>
		</tekst:Paragraaf>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>16.2.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Activiteiten die houtopstanden betreffen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.9" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.9">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>16.9</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Activiteiten</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Deze afdeling is van toepassing op het vellen van houtopstanden en het herbeplanten van grond na het vellen van houtopstanden als bedoeld in afdeling 11.3 van het Besluit activiteiten leefomgeving.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>16.10</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Maatwerkregel: vrijstelling meldplicht vellen houtopstanden</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>In aanvulling op artikel 11.126, tweede lid, van het Besluit activiteiten leefomgeving is het in het eerste lid van artikel 11.126 geregelde verbod niet van toepassing op:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>Beheerders die meer dan 75 ha bos en natuur in de provincie Flevoland beheren en beschikken over een certificaat natuurbeheer afgegeven door de Stichting Certificering SNL, indien de grond, waarop de te vellen houtopstand zich bevindt, binnen drie jaar na velling of teniet gaan op bosbouwkundig verantwoorde wijze wordt herbeplant;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>De vrijstelling als bedoeld onder a is niet van toepassing indien:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_b__list_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_b__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_b__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_b__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>Een afzonderlijke voorgenomen velling groter is dan 3 hectare;</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_b__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_b__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>De te vellen houtopstand niet ter plaatse wordt herplant.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>Een beheerder die gebruik maakt van de vrijstelling als bedoeld onder a verstrekt gedeputeerde staten voor 1 oktober een overzicht over het voorafgaande jaar met:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_c__list_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_c__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_c__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_c__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de omvang en ligging van de grond waarop herplantplicht rust per 1 oktober van het voorgaande jaar en</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_c__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_c__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>de omvang en ligging van de grond waarop gedurende het voorgaande jaar bos is geveld of anderszins is teniet gegaan.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_d">
			<tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>Voorts is het in artikel 11.126, eerste lid van het Besluit activiteiten leefomgeving bepaakde niet van toepassing bij:</tekst:Al>
			<tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_d__list_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_d__list_1">
			  <tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_d__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_d__list_1__item_1">
			    <tekst:LiNummer>1.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>Het maximaal 1 keer per 4 jaar kappen van verjongingsgaten indien deze groter zijn dan 1,5 maal de boomhoogte en gezamenlijk niet meer oppervlakte beslaan dan 10 procent van het bosperceel.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_d__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_d__list_1__item_2">
			    <tekst:LiNummer>2.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>Het vrijstellen van oevers van bestaande poelen en plassen over een breedte van 30 meter gerekend vanaf de bestaande gemiddelde voorjaarslijn.</tekst:Al>
			  </tekst:Li>
			  <tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_d__list_1__item_3" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_d__list_1__item_3">
			    <tekst:LiNummer>3.</tekst:LiNummer>
			    <tekst:Al>Het door natuurlijke ontwikkelingen te niet gaan van houtopstanden in de volgende gevallen:</tekst:Al>
			    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_d__list_1__item_3__list_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_d__list_1__item_3__list_1">
			      <tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_d__list_1__item_3__list_1__item_I" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_d__list_1__item_3__list_1__item_I">
				<tekst:LiNummer>I.</tekst:LiNummer>
				<tekst:Al>vernatting door natuurlijke processen en/of vernatting als onderdeel van anti-verdrogingsmaatregelen;</tekst:Al>
			      </tekst:Li>
			      <tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_d__list_1__item_3__list_1__item_II" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_d__list_1__item_3__list_1__item_II">
				<tekst:LiNummer>II.</tekst:LiNummer>
				<tekst:Al>op natuurlijke wijze teniet gaan van bossen op gronden die van nature geen bosvorming kennen;</tekst:Al>
			      </tekst:Li>
			      <tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_d__list_1__item_3__list_1__item_III" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.10__list_1__item_d__list_1__item_3__list_1__item_III">
				<tekst:LiNummer>III.</tekst:LiNummer>
				<tekst:Al>teniet gaan door vraat van bevers (Castor fiber).</tekst:Al>
			      </tekst:Li>
			    </tekst:Lijst>
			  </tekst:Li>
			</tekst:Lijst>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.11" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.11">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>16.11</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Maatwerkregel: uitzondering op plicht tot herbeplanting</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>In aanvulling op artikel 11.129 van het Besluit activiteiten leefomgeving geldt de plicht tot herbeplanting niet wanneer het gaat om:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.11__list_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.11__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.11__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.11__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>Het door natuurlijke ontwikkelingen teniet gaan van houtopstanden indien dit het gevolg is van vernatting door natuurlijke processen of vernatting als onderdeel van anti-verdrogingsmaatregelen;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.11__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.11__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>Teniet gaan door vraat van bevers (Castor fiber), mits de stobben niet verwijderd worden.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.12" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.12">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>16.12</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Afbakening mogelijkheid maatwerkvoorschrift: plicht tot herbeplanting</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.12__para_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.12__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In afwijking van artikel 11.129 van het Besluit activiteiten leefomgeving en met inachtneming van artikel 11.30 van het Besluit activeiten leefomgeving kunnen gedeputeerde staten bij maatwerkvoorschrift toestemming verlenen voor herbeplanting op andere grond dan de grond, bedoeld in artikel 11.129 van het Besluit activiteiten leefomgeving, eerste lid, indien:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.12__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.12__para_1__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.12__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.12__para_1__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>De toestemming er niet toe leidt dat de oppervlakte van het oorspronkelijke bos kleiner wordt dan 15 hectare;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.12__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.12__para_1__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>De andere grond is gelegen in de provincie Flevoland;Beplanting van andere grond niet ten koste gaat van beschermde natuurwaarden en bijzondere landschappelijke waarden;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.12__para_1__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.12__para_1__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>onbeplant is en vrij van een herbeplantingsplicht als bedoeld in artikel 11.129 van het Besluit activiteiten leefomgeving is;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.12__para_1__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.12__para_1__list_1__item_d">
			  <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>vrij is van (natuur)compensatieverplichtingen;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.12__para_1__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.12__para_1__list_1__item_e">
			  <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>en geen wettelijke doelstelling kent die aan de herbeplanting in de weg staat.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.12__para_2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.2__subchp_16.2.3__art_16.12__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Bij maatwerkvoorschrift kan van het eerste lid worden afgeweken als dit in overeenstemming is met het belang van een doelgerichte of evenwichtige besluitvorming, en naar het oordeel van gedeputeerde staten niet tot onevenredig bezwarende gevolgen zou leiden.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_16__title_16.3" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>16.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Handelen volgens faunabeheerplan</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>16.3.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Faunabeheereenheid</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.1__art_16.13" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.1__art_16.13">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>16.13</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Werkgebied en werkwijze faunabeheereenheid</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.1__art_16.13__para_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.1__art_16.13__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Er is &#233;&#233;n (1) faunabeheereenheid als bedoeld in artikel 8.1, eerste lid van de Omgevingswet in de provincie Flevoland.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.1__art_16.13__para_2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.1__art_16.13__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het werkgebied van de faunabeheereenheid omvat het gehele grondgebied van de provincie Flevoland. </tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>16.3.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Faunabeheerplan</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>16.14</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Eisen aan faunabeheerplan</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef> bevat ten minste de volgende algemene gegevens:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_1__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_1__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de omvang van het werkgebied van de faunabeheereenheid;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_1__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>een kaart waarop de begrenzing van het werkgebied van de faunabeheereenheid is aangegeven.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef> bevat voor wat betreft populatiebeheer en schadebestrijding ten minste de volgende nadere gegevens:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>kwantitatieve gegevens over de populatieontwikkeling van de diersoorten ten aanzien waarvan een duurzaam beheer en schadebestrijding noodzakelijk wordt geacht, met inbegrip van gegevens over de aanwezigheid van de populaties in het betrokken gebied gedurende het jaar;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>per diersoort een onderbouwing van de aard en de noodzaak van activiteiten om schade te voorkomen of beperken en een beschrijving van de plaatsen in het werkgebied van de faunabeheereenheid waar, en de perioden in het jaar waarin, deze activiteiten plaatsvinden;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>een beschrijving van de mate waarin de in onderdeel b bedoelde belangen in de 6 jaren voorafgaand aan het ter goedkeuring indienen van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef> zijn geschaad, inclusief de getroffen beheermaatregelen waaronder het naar soort onderscheiden aantal gedode dieren;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_d">
			  <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de huidige en gewenste stand van de in onderdeel a bedoelde diersoorten;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_e">
			  <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>per diersoort een beschrijving van de aard, omvang en noodzaak van de handelingen die zullen worden verricht om de gewenste stand, bedoeld in onderdeel d, te bereiken en schade te voorkomen;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_f">
			  <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>per diersoort en gewas een beschrijving van de handelingen die in de periode, bedoeld in onderdeel c, zijn verricht om het schaden van de in onderdeel b bedoelde belangen te voorkomen, alsmede, voor zover daarover redelijkerwijs kwantitatieve gegevens beschikbaar zijn, een beschrijving van de effectiviteit van die handelingen;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_g" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_g">
			  <tekst:LiNummer>g.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>voor zover het plan betrekking heeft op het beheer van edelherten, damherten, ree&#235;n of wilde zwijnen, een beschrijving van het voedselaanbod, de relatie tussen dit voedselaanbod en de grootte van de populatie van de betrokken dieren alsmede de mogelijkheden van uitwisseling met aangrenzende terreinen;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_h" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_h">
			  <tekst:LiNummer>h.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>een beschrijving van de plaatsen in het werkgebied van de faunabeheereenheid waar en de perioden in het jaar waarin de in onderdeel e bedoelde handelingen zullen plaats vinden;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_i" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_i">
			  <tekst:LiNummer>i.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>voor zover daarover kwantitatieve gegevens beschikbaar zijn, een onderbouwde inschatting van de verwachte effectiviteit van de in onderdeel e bedoelde handelingen;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_j" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_2__list_1__item_j">
			  <tekst:LiNummer>j.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>een beschrijving van de wijze waarop de effectiviteit van de voorgenomen handelingen zal worden bepaald.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_3" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef> bevat voor wat betreft de uitoefening van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_27">jacht</tekst:IntRef> de volgende gegevens:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_3__list_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_3__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_3__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_3__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>kwantitatieve gegevens over de populatieontwikkeling van de diersoorten waarop wordt gejaagd;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_3__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14__para_3__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>een overzicht van de gerealiseerde afschotgegevens per diersoort in de 6 jaren voorafgaand aan het ter goedkeuring indienen van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>16.15</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Aanvullende eisen faunabeheerplan</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef> wordt aangegeven dat het plan een geldigheidsduur van ten hoogste 5 jaar heeft.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De faunabeheereenheid kan het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef> gedeeltelijk wijzigen gedurende het in het eerste lid genoemde tijdvak waarvoor het is vastgesteld.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_3" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Gedeputeerde Staten kunnen op verzoek van de faunabeheereenheid de in het eerste lid genoemde geldigheidsduur van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef> met maximaal twaalf maanden verlengen.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_4" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_4">
		    <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De faunabeheereenheid geeft in het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef> het werkingsgebied van het plan weer.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_5" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_5">
		    <tekst:LidNummer>5.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef> bevat ten minste de volgende algemene gegevens:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_5__list_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_5__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_5__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_5__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de omvang van het werkgebied van de faunabeheereenheid;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_5__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_5__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>een kaart waarop de begrenzing van het werkgebied van de faunabeheereenheid is aangegeven;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_5__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_5__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>kaart werkgebieden van wildbeheereenheden in de provincie.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6">
		    <tekst:LidNummer>6.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>In aanvulling op het in artikel 6.2, eerste en tweede lid van het Omgevingsbesluit daaromtrent bepaalde bevat het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef> voor wat betreft populatiebeheer en schadebestrijding ten minste de volgende nadere gegevens:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>kwantitatieve gegevens over de populatieontwikkeling van de diersoorten ten aanzien waarvan een duurzaam beheer en schadebestrijding noodzakelijk wordt geacht, met inbegrip van gegevens over de aanwezigheid van de populaties in het betrokken gebied gedurende het jaar;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>per diersoort een onderbouwing van de aard en de noodzaak van activiteiten om schade te voorkomen of beperken en een beschrijving van de plaatsen in het werkgebied van de faunabeheereenheid waar, en de perioden in het jaar waarin, deze activiteiten plaatsvinden;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>een beschrijving van de mate waarin de in onderdeel b bedoelde belangen in de 5 jaren voorafgaand aan het ter goedkeuring indienen van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef> zijn geschaad, inclusief de getroffen beheermaatregelen waaronder het naar soort onderscheiden aantal gedode dieren;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_d">
			  <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>de huidige en gewenste stand van de in onderdeel a bedoelde diersoorten;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_e">
			  <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>per diersoort een beschrijving van de aard, omvang en noodzaak van de handelingen die zullen worden verricht om de gewenste stand, bedoeld in onderdeel d, te bereiken en schade te voorkomen;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_f">
			  <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>per diersoort en gewas een beschrijving van de handelingen die in de periode, bedoeld in onderdeel c, zijn verricht om het schaden van de in onderdeel b bedoelde belangen te voorkomen, alsmede, voor zover daarover redelijkerwijs kwantitatieve gegevens beschikbaar zijn, een beschrijving van de effectiviteit van die handelingen;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_g" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_g">
			  <tekst:LiNummer>g.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>voor zover het plan betrekking heeft op het beheer van edelherten, damherten, ree&#235;n of wilde zwijnen, een beschrijving van het voedselaanbod, de relatie tussen dit voedselaanbod en de grootte van de populatie van de betrokken dieren alsmede de mogelijkheden van uitwisseling met aangrenzende terreinen;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_h" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_h">
			  <tekst:LiNummer>h.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>een beschrijving van de plaatsen in het werkgebied van de faunabeheereenheid waar en de perioden in het jaar waarin de in onderdeel e bedoelde handelingen zullen plaats vinden;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_i" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_i">
			  <tekst:LiNummer>i.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>voor zover daarover kwantitatieve gegevens beschikbaar zijn, een onderbouwde inschatting van de verwachte effectiviteit van de in onderdeel e bedoelde handelingen;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_j" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_6__list_1__item_j">
			  <tekst:LiNummer>j.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>een beschrijving van de wijze waarop de effectiviteit van de voorgenomen handelingen zal worden bepaald.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_7" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_7">
		    <tekst:LidNummer>7.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef> bevat voor wat betreft de uitoefening van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_27">jacht</tekst:IntRef> de volgende gegevens:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_7__list_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_7__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_7__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_7__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>kwantitatieve gegevens over de populatieontwikkeling van de diersoorten waarop wordt gejaagd;</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_7__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_7__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>een overzicht van de gerealiseerde afschotgegevens per diersoort in de 5 jaren voorafgaand aan het ter goedkeuring indienen van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.16" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.16">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>16.16</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Reikwijdte faunabeheerplan</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef> geldt voor het gehele werkgebied van de faunabeheereenheid.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.17" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.17">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>16.17</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Goedkeuring faunabeheerplan</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.17__para_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.17__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Teneinde voor goedkeuring als bedoeld in artikel 8.1, tweede lid van de Omgevingswet in aanmerking te komen, voldoet een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef> aan de eisen, opgenomen in <tekst:IntRef ref="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.14">Artikel 16.14</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15">Artikel 16.15</tekst:IntRef> van deze verordening.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.17__para_2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.17__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het eerste lid is van overeenkomstige toepassing op een gehele of gedeeltelijke wijziging van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef> als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_2">Artikel 16.15, tweede lid</tekst:IntRef> en een verzoek als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_16__title_16.3__subchp_16.3.2__art_16.15__para_3">Artikel 16.15, derde lid</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_16__title_16.4" wId="pv24_80__chp_16__title_16.4">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>16.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Wildbeheereenheid</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>16.4.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Wildbeheereenheid</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.18" wId="pv24_80__chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.18">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>16.18</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Omvang en begrenzing werkgebied</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.18__para_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.18__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Er zijn in Flevoland drie wildbeheereenheden.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.18__para_2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.18__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een wildbeheereenheid heeft een aaneengesloten werkgebied met een duidelijke geografische begrenzing.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.18__para_3" wId="pv24_80__chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.18__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De werkgebieden van de drie wildbeheereenheden zijn: </tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.18__para_3__list_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.18__para_3__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.18__para_3__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.18__para_3__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>Noordelijk Flevoland: <tekst:br/>Land:     Gemeente Noordoostpolder, Gemeente Urk<tekst:br/>Water:   IJsselmeer</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.18__para_3__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.18__para_3__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>Oostelijk Flevoland: <tekst:br/>Land:     Gebied ten oosten van de Knardijk<tekst:br/>Water:   Ketelmeer, Randmeren ten oosten van N302 (aquaduct)</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.18__para_3__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.18__para_3__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>Zuidelijk Flevoland: <tekst:br/>Land:     Gebied ten westen van de Knardijk<tekst:br/>Water:   Flevolands deel Markermeer (inclusief dijk Enkhuizen-Lelystad), Randmeren ten westen N302 (aquaduct)</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.19" wId="pv24_80__chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.19">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>16.19</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Jachthouders met jachtakte en verenigd in een wildbeheereenheid</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.19__para_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.19__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al><tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_28">Jachthouder</tekst:IntRef>s met een jachtakte, met een jachtveld dat met het geweer bejaagbaar is, gelegen in het gebied waarover zich de zorg van een wildbeheereenheid uitstrekt, zijn aangesloten bij deze wildbeheereenheid.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.19__para_2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.19__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De aansluiting zoals bedoeld in het eerste lid heeft de vorm van een lidmaatschap van de vereniging </tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.20" wId="pv24_80__chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.20">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>16.20</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Vrijstelling aansluitplicht wildbeheereenheid</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De verplichting in <tekst:IntRef ref="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.19">Artikel 16.19</tekst:IntRef> is niet van toepassing op medewerkers van Staatsbosbeheer, de Vereniging Natuurmonumenten of Stichting Flevolandschap, wanneer het jachtveld in eigendom is van deze organisatie, opvoorwaarde dat deze organisatie zich heeft aangesloten bij een faunabeheereenheid en op grond daarvan deelneemtaan de gegevensverzameling als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.21">Artikel 16.21</tekst:IntRef> en de uitvoering van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef> ten aanzien vanwildsoorten.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.21" wId="pv24_80__chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.21">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>16.21</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Rapportage</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De wildbeheereenheid neemt, in het kader van het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef>, deel aan trendtellingen van diersoorten, afschotregistratie en de registratie van dood-gevonden dieren voor het gehele gebied waarover zich de zorg van de wildbeheereenheid uitstrekt.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.22" wId="pv24_80__chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.22">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>16.22</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Lidmaatschap en geschillen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.22__para_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.22__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het lidmaatschap van een wildbeheereenheid kan worden opgezegd wanneer het lid bij de uitoefening van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_27">jacht</tekst:IntRef> niet handelt conform het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">faunabeheerplan</tekst:IntRef>, dit ter beoordeling van het bestuur van de wildbeheereenheid, gehoord het bestuur van de faunabeheereenheid.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.22__para_2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.22__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De wildbeheereenheid stelt een geschillenregeling in die geschillen behandelt die voortkomen uit bestuursbesluiten zoals bedoeld in het eerste lid.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_16__title_16.5" wId="pv24_80__chp_16__title_16.5">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>16.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Schade door in het wild levende dieren</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Paragraaf eId="chp_16__title_16.5__subsec_16.5.1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.5__subsec_16.5.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>16.5.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Schade</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.5__subsec_16.5.1__art_16.23" wId="pv24_80__chp_16__title_16.5__subsec_16.5.1__art_16.23">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>16.23</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>De aanvraag om tegemoetkoming in schade</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.5__subsec_16.5.1__art_16.23__para_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.5__subsec_16.5.1__art_16.23__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Gedeputeerde Staten verstrekken een tegemoetkoming in schade als bedoeld in artikel 15.53 van de Omgevingswet alleen op aanvraag.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.5__subsec_16.5.1__art_16.23__para_2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.5__subsec_16.5.1__art_16.23__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een aanvraag om tegemoetkoming in schade als bedoeld in het eerste lid wordt door de aanvrager bij <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_1">BIJ12</tekst:IntRef> ingediend binnen zeven werkdagen nadat hij de schade heeft geconstateerd, met gebruikmaking van een daartoe vastgesteld formulier met bijlagen of via een vastgesteld electronische wijze.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.5__subsec_16.5.1__art_16.23__para_3" wId="pv24_80__chp_16__title_16.5__subsec_16.5.1__art_16.23__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Schade welke niet binnen 7 werkdagen na constatering door de aanvrager op het in het tweede lid vermelde formulier met bijlagen bij <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_1">BIJ12</tekst:IntRef> is ingediend, komt niet voor een tegemoetkoming in aanmerking.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_16__title_16.5__subsec_16.5.1__art_16.24" wId="pv24_80__chp_16__title_16.5__subsec_16.5.1__art_16.24">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>16.24</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Taxatie van de schade</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.5__subsec_16.5.1__art_16.24__para_1" wId="pv24_80__chp_16__title_16.5__subsec_16.5.1__art_16.24__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De aanvrager zal het gewas, de teelt of de producten, waarop de aanvraag om tegemoetkoming betrekking heeft, niet eerder oogsten of anderszins van zijn bedrijf afvoeren, dan nadat de schade definitief is getaxeerd door de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_48">taxateur</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_16__title_16.5__subsec_16.5.1__art_16.24__para_2" wId="pv24_80__chp_16__title_16.5__subsec_16.5.1__art_16.24__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Indien de aanvrager opmerkingen over het formulier "bevestiging taxatie <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_24">grondgebruiker</tekst:IntRef>" kenbaar wil maken, zendt hij zijn reactie binnen acht werkdagen per e-mail of per post naar <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_1">BIJ12</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Paragraaf>
	    </tekst:Titel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_17" wId="pv24_80__chp_17">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>17</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Geitenhouderijen</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Titel eId="chp_17__title_17.1" wId="pv24_80__chp_17__title_17.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>17.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemeen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_17__title_17.1__art_17.1" wId="pv24_80__chp_17__title_17.1__art_17.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>17.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in deze titel zijn gesteld met het oog op het verbieden van nieuwvestiging en uitbreiding van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_19">geitenhouderijen</tekst:IntRef> om daarmee gezondheidseffecten in de omgeving te voorkomen.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_17__title_17.1__art_17.2" wId="pv24_80__chp_17__title_17.1__art_17.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>17.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Werkingsgebied geitenhouderijen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk gelden voor het grondgebied van de <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_40__ref_o_1" eId="chp_17__title_17.1__art_17.2__ref_1" wId="pv24_80__chp_17__title_17.1__art_17.2__ref_1">grondgebied van de provincie Flevoland met uitzondering van de rijkswateren</tekst:IntIoRef>, genoemd in bijlage II onder 1 onder A bij het Omgevingsbesluit en waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_17__title_17.2" wId="pv24_80__chp_17__title_17.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>17.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Activiteiten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_17__title_17.2__art_17.3" wId="pv24_80__chp_17__title_17.2__art_17.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>17.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Tijdelijke Geitenstop</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_17__title_17.2__art_17.3__para_1" wId="pv24_80__chp_17__title_17.2__art_17.3__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het is met ingang van 2 februari 2019 verboden om een nieuwe <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_19">geitenhouderij</tekst:IntRef> te vestigen of op te richten en daarvoor onder andere:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_17__title_17.2__art_17.3__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_17__title_17.2__art_17.3__para_1__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_17__title_17.2__art_17.3__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_17__title_17.2__art_17.3__para_1__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een dierenverblijf voor het houden van geiten op te richten,</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_17__title_17.2__art_17.3__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_17__title_17.2__art_17.3__para_1__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een bouwwerk, gebouw of gronden voor het houden van geiten in gebruik te nemen,</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_17__title_17.2__art_17.3__para_1__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_17__title_17.2__art_17.3__para_1__list_1__item_c">
			<tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>een bouwwerk, gebouw of gronden tijdelijk te gebruiken voor het houden van geiten.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_17__title_17.2__art_17.3__para_2" wId="pv24_80__chp_17__title_17.2__art_17.3__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het is verboden voor een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_10">bestaande geitenhouderij</tekst:IntRef> gelegen binnen twee kilometer van de rand van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_54">woonkern</tekst:IntRef> om het aantal geiten uit te breiden.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_17__title_17.2__art_17.3__para_3" wId="pv24_80__chp_17__title_17.2__art_17.3__para_3">
		  <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De verboden genoemd in het eerste en tweede lid gelden zolang en voor zover er nog geen onherroepelijk <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> is dat in overeenstemming is met die verboden.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_17__title_17.3" wId="pv24_80__chp_17__title_17.3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>17.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructies omgevingsplan</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1" wId="pv24_80__chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>17.3.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Instructieregels omgevingsplan</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1__art_17.4" wId="pv24_80__chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1__art_17.4">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>17.4</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Instructieregels omgevingsplan</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1__art_17.4__para_1" wId="pv24_80__chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1__art_17.4__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> sluit de nieuwvestiging van <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_19">geitenhouderij</tekst:IntRef> uit.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1__art_17.4__para_2" wId="pv24_80__chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1__art_17.4__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Bij <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> worden aangewezen als vrijwaringszone geitenhouderijen de gebieden bestaande uit een zone van twee kilometer van de rand van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_54">woonkern</tekst:IntRef> en wordt de geometrische begrenzing daarvan vastgelegd.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1__art_17.4__para_3" wId="pv24_80__chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1__art_17.4__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> sluit de uitbreiding van bestaande geitenhouderijen gelegen binnen twee kilometer van de rand van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_54">woonkern</tekst:IntRef> uit.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1__art_17.4__para_4" wId="pv24_80__chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1__art_17.4__para_4">
		    <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De gemeenteraad stelt uiterlijk voor 1 januari 2025 een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> vast met inachtneming van de regels uit dit hoofdstuk.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_18" wId="pv24_80__chp_18">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>18</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Ontgassen binnenvaart</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Titel eId="chp_18__title_18.1" wId="pv24_80__chp_18__title_18.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>18.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemeen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_18__title_18.1__art_18.1" wId="pv24_80__chp_18__title_18.1__art_18.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>18.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels zijn gesteld om zoveel mogelijk te voorkomen en te beperken van luchtverontreiniging, zodat een goede luchtkwaliteit wordt bereikt en de bescherming van de volksgezondheid.<tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_49__ref_o_1" eId="chp_18__title_18.1__art_18.1__ref_1" wId="pv24_80__chp_18__title_18.1__art_18.1__ref_1">Openbare vaarwegen binnen Flevoland</tekst:IntIoRef></tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_18__title_18.1__art_18.2" wId="pv24_80__chp_18__title_18.1__art_18.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>18.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Werkingsgebied</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Dit hoofdstuk is van toepassing op de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_35">openbare vaarweg</tekst:IntRef>en binnen Flevoland, waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef> .</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_18__title_18.2" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>18.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Activiteiten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>18.2.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Verbodsbepaling</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>18.3</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Verbodsbepaling</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_1" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Het is verboden om zonder omgevingsvergunning vanaf een binnenschip een milieubelastende activiteit te verrichten, voor zover het gaat om het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_34">ontgassen</tekst:IntRef> van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_30">ladingtank</tekst:IntRef> met <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_43">restladingdampen</tekst:IntRef> van:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_1__list_1" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_1__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_1__list_1__item_a">
			  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>benzeen (UN-nummer 1114);</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_1__list_1__item_b">
			  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>ruwe aardolie met meer dan 10% benzeen (UN-nummer 1267);</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_1__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_1__list_1__item_c">
			  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>aardoliedestillaten N.E.G. met meer dan 10% benzeen of aardolieproducten N.E.G met meer dan 10% benzeen (UN 1268);</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_1__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_1__list_1__item_d">
			  <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>brandstof voor straalvliegtuigen met meer dan 10% benzeen (UN 1863);</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_1__list_1__item_e" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_1__list_1__item_e">
			  <tekst:LiNummer>e.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>brandbare vloeistoffen, N.E.G. met meer dan 10% benzeen (UN 1993), of</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_1__list_1__item_f" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_1__list_1__item_f">
			  <tekst:LiNummer>f.</tekst:LiNummer>
			  <tekst:Al>koolwaterstoffen, vloeibaar met meer dan 10% benzeen (UN 3295).</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_2" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_43">restladingdamp</tekst:IntRef> als bedoeld in het eerste lid, is sprake bij een concentratie van die damp in de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_30">ladingtank</tekst:IntRef> groter dan of gelijk aan 10% van de onderste explosiegrens.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.2" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2__subchp_18.2.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>18.2.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Afwijking van verbodsbepaling</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.2__art_18.4" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2__subchp_18.2.2__art_18.4">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>18.4</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Voorafgaande belading</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het verbod om zonder omgevingsvergunning een milieubelastende activiteit te verrichten, voor zover het gaat om het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_34">ontgassen</tekst:IntRef> van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_30">ladingtank</tekst:IntRef> met <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_43">restladingdampen</tekst:IntRef>, is niet van toepassing indien kan worden aangetoond dat de drie voorafgaande ladingen in de desbetreffende <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_30">ladingtank</tekst:IntRef> niet bestonden uit <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_47">stoffen</tekst:IntRef> als genoemd in <tekst:IntRef ref="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_1">Artikel 18.3, eerste lid</tekst:IntRef> of aangewezen krachtens <tekst:IntRef ref="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.3__art_18.6">Artikel 18.6</tekst:IntRef>, dan wel indien kan worden aangetoond dat de desbetreffende <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_30">ladingtank</tekst:IntRef> bij de voorafgaande belading voor meer dan 95% gevuld was met een andere stof dan vermeld in <tekst:IntRef ref="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3__para_2">Artikel 18.3, tweede lid</tekst:IntRef> of aangewezen krachtens <tekst:IntRef ref="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.3__art_18.6">Artikel 18.6</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.2__art_18.5" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2__subchp_18.2.2__art_18.5">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>18.5</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Veiligheidsredenen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het gestelde verbod om zonder omgevingsvergunning een milieubelastende activiteit te verrichten, voor zover het gaat om het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_34">ontgassen</tekst:IntRef> van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_30">ladingtank</tekst:IntRef> met <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_43">restladingdampen</tekst:IntRef>, is niet van toepassing, wanneer het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_34">ontgassen</tekst:IntRef> plaatsvindt:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.2__art_18.5__list_1" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2__subchp_18.2.2__art_18.5__list_1">
		      <tekst:Li eId="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.2__art_18.5__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2__subchp_18.2.2__art_18.5__list_1__item_a">
			<tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>om redenen van drukverevening die om redenen van veiligheid moet plaatsvinden;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.2__art_18.5__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2__subchp_18.2.2__art_18.5__list_1__item_b">
			<tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
			<tekst:Al>tijdens of na een calamiteit met het binnenschip, indien het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_34">ontgassen</tekst:IntRef> om redenen van veiligheid noodzakelijk is.</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.3" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2__subchp_18.2.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>18.2.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Instructieregels</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.3__art_18.6" wId="pv24_80__chp_18__title_18.2__subchp_18.2.3__art_18.6">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>18.6</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Beoordelingsregels ontgassen ladingtank</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>De omgevingsvergunning voor het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_34">ontgassen</tekst:IntRef> van een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_30">ladingtank</tekst:IntRef> met restladingdampen van aangewezen <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_47">stoffen</tekst:IntRef> wordt alleen verleend indien het belang van het voorkomen of zoveel mogelijk beperken van luchtverontreiniging zich daartegen niet verzet en wordt voldaan aan de in <tekst:IntRef ref="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.1__art_18.3">Artikel 18.3</tekst:IntRef> bedoelde concentratie van damp(en). </tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_19" wId="pv24_80__chp_19">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>19</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Schaliegas</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Titel eId="chp_19__title_19.1" wId="pv24_80__chp_19__title_19.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>19.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemeen schaliegas</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_19__title_19.1__art_19.1" wId="pv24_80__chp_19__title_19.1__art_19.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>19.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Oogmerk opsporen en winnen schaliegas en schalieolie</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels voor schaliegas zijn gesteld om ervoor te zorgen dat bij het opsporen en winnen van schaliegas en schalieolie de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_40">provinciale belangen</tekst:IntRef> niet worden geschaad.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_19__title_19.1__art_19.2" wId="pv24_80__chp_19__title_19.1__art_19.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>19.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Werkingsgebied: opsporen en winnen schaliegas en schalieolie</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk gelden voor het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_39__ref_o_1" eId="chp_19__title_19.1__art_19.2__ref_1" wId="pv24_80__chp_19__title_19.1__art_19.2__ref_1">grondgebied van de provincie Flevoland</tekst:IntIoRef>, waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in bijlage II.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_19__title_19.2" wId="pv24_80__chp_19__title_19.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>19.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels schaliegas</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_19__title_19.2__art_19.3" wId="pv24_80__chp_19__title_19.2__art_19.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>19.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Instructieregels omgevingsplan: opsporen en winnen van schaliegas en schalieolie</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>In een <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> dat ziet op het toelaten van het opsporen of winnen van schaliegas en schalieolie wordt in de toelichting op het <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">omgevingsplan</tekst:IntRef> basis van onderzoek gemotiveerd dat <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_40">provinciale belangen</tekst:IntRef> niet worden geschaad.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_20" wId="pv24_80__chp_20">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>20</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Kwaliteit vergunningverlening, toezicht en handhaving</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Titel eId="chp_20__title_20.1" wId="pv24_80__chp_20__title_20.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>20.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemeen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_20__title_20.1__art_20.1" wId="pv24_80__chp_20__title_20.1__art_20.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>20.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Reikwijdte</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Dit hoofdstuk is van toepassing op de uitvoerings- en handhavingstaak bedoeld in artikel 18.18, tweede lid, en artikel 18.1 van de Omgevingswet door of in opdracht van gedeputeerde staten.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_20__title_20.1__art_20.2" wId="pv24_80__chp_20__title_20.1__art_20.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>20.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Werkingsgebied</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk gelden voor het <tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_39__ref_o_1" eId="chp_20__title_20.1__art_20.2__ref_1" wId="pv24_80__chp_20__title_20.1__art_20.2__ref_1">grondgebied van de provincie Flevoland</tekst:IntIoRef>, waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_20__title_20.2" wId="pv24_80__chp_20__title_20.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>20.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_20__title_20.2__art_20.3" wId="pv24_80__chp_20__title_20.2__art_20.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>20.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Betrokkenheid van provinciale staten</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Provinciale staten zien toe op de hoofdlijnen van het beleid voor de kwaliteit van de uitvoerings- en de handhavingstaak in het licht van de voor de provincie vastgestelde beleidskaders voor de fysieke leefomgeving.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_20__title_20.2__art_20.4" wId="pv24_80__chp_20__title_20.2__art_20.4">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>20.4</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Kwaliteitsdoelen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Gedeputeerde staten beoordelen de kwaliteit van de uitvoerings- en handhavingstaak in het licht van daarvoor door hen gestelde doelen in de uitvoerings- en handhavingsstrategie&#235;n.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_20__title_20.2__art_20.5" wId="pv24_80__chp_20__title_20.2__art_20.5">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>20.5</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Kwaliteitsborging</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_20__title_20.2__art_20.5__para_1" wId="pv24_80__chp_20__title_20.2__art_20.5__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Op de uitvoerings- en handhavingstaak door of in opdracht van gedeputeerde staten zijn de in <tekst:IntRef ref="cmp_12">Bijlage XII</tekst:IntRef> opgenomen <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_29">kwaliteitscriteria</tekst:IntRef> van toepassing.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_20__title_20.2__art_20.5__para_2" wId="pv24_80__chp_20__title_20.2__art_20.5__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Gedeputeerde staten rapporteren jaarlijks over de naleving van de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_29">kwaliteitscriteria</tekst:IntRef>. </tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_20__title_20.2__art_20.5__para_3" wId="pv24_80__chp_20__title_20.2__art_20.5__para_3">
		  <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Voor zover de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_29">kwaliteitscriteria</tekst:IntRef> niet zijn of niet konden worden nageleefd, doen gedeputeerde staten daarvan gemotiveerd opgave. </tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_20__title_20.2__art_20.5__para_4" wId="pv24_80__chp_20__title_20.2__art_20.5__para_4">
		  <tekst:LidNummer>4.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Het derde lid is niet van toepassing op de <tekst:IntRef ref="cmp_1__content_o_1__list_1__item_29">kwaliteitscriteria</tekst:IntRef> ten aanzien van de uitvoering en handhaving van activiteiten met betrekking tot installaties als bedoeld in bijlage I, categorie 4, bij de richtlijn industri&#235;le emissies en waarop de Seveso-richtlijn van toepassing is. </tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_21" wId="pv24_80__chp_21">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>21</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Procedures en Adviseurs</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Titel eId="chp_21__title_21.1" wId="pv24_80__chp_21__title_21.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>21.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Meldingen en verstrekken van gegevens en bescheiden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_21__title_21.1__art_21.1" wId="pv24_80__chp_21__title_21.1__art_21.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>21.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Algemene gegevens bij een melding</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Een melding wordt ondertekend en bevat ten minste:</tekst:Al>
		  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_21__title_21.1__art_21.1__list_1" wId="pv24_80__chp_21__title_21.1__art_21.1__list_1">
		    <tekst:Li eId="chp_21__title_21.1__art_21.1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_21__title_21.1__art_21.1__list_1__item_a">
		      <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de aanduiding van de activiteit;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_21__title_21.1__art_21.1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_21__title_21.1__art_21.1__list_1__item_b">
		      <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de naam en het adres van degene die de activiteit verricht;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_21__title_21.1__art_21.1__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_21__title_21.1__art_21.1__list_1__item_c">
		      <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>het adres waarop de activiteit wordt verricht; en</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_21__title_21.1__art_21.1__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_21__title_21.1__art_21.1__list_1__item_d">
		      <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de dagtekening.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_21__title_21.1__art_21.2" wId="pv24_80__chp_21__title_21.1__art_21.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>21.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Algemene gegevens bij het verstrekken van gegevens en bescheiden</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Als gegevens en bescheiden worden verstrekt aan het bevoegd gezag worden die ondertekend en voorzien van:</tekst:Al>
		  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_21__title_21.1__art_21.2__list_1" wId="pv24_80__chp_21__title_21.1__art_21.2__list_1">
		    <tekst:Li eId="chp_21__title_21.1__art_21.2__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_21__title_21.1__art_21.2__list_1__item_a">
		      <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de aanduiding van de activiteit;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_21__title_21.1__art_21.2__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_21__title_21.1__art_21.2__list_1__item_b">
		      <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de naam en het adres van degene die de activiteit verricht;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_21__title_21.1__art_21.2__list_1__item_c" wId="pv24_80__chp_21__title_21.1__art_21.2__list_1__item_c">
		      <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>het adres waarop de activiteit wordt verricht; en</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_21__title_21.1__art_21.2__list_1__item_d" wId="pv24_80__chp_21__title_21.1__art_21.2__list_1__item_d">
		      <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de dagtekening.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_21__title_21.1__art_21.3" wId="pv24_80__chp_21__title_21.1__art_21.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>21.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Gegevens bij wijzigen naam, adres of normadressaat</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_21__title_21.1__art_21.3__para_1" wId="pv24_80__chp_21__title_21.1__art_21.3__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Voordat de naam of het adres bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.2">Artikel 21.2</tekst:IntRef> wijzigen, worden de daardoor gewijzigde gegevens verstrekt aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_21__title_21.1__art_21.3__para_2" wId="pv24_80__chp_21__title_21.1__art_21.3__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Ten minste vier weken voordat de activiteit door een ander zal gaan worden verricht, worden de daardoor gewijzigde gegevens verstrekt aan het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_21__title_21.1__art_21.4" wId="pv24_80__chp_21__title_21.1__art_21.4">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>21.4</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden op verzoek van het bevoegd gezag</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Lid eId="chp_21__title_21.1__art_21.4__para_1" wId="pv24_80__chp_21__title_21.1__art_21.4__para_1">
		  <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Op verzoek van het bevoegd gezag worden de gegevens en bescheiden verstrekt die nodig zijn om te bezien of de algemene regels en de maatwerkvoorschriften voor de activiteit toereikend zijn gezien de ontwikkelingen van de technische mogelijkheden tot het beschermen van de met de algemene regels te dienen belangen.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
		<tekst:Lid eId="chp_21__title_21.1__art_21.4__para_2" wId="pv24_80__chp_21__title_21.1__art_21.4__para_2">
		  <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Gegevens en bescheiden worden verstrekt voor zover degene die de activiteit verricht er redelijkerwijs de beschikking over kan krijgen.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Lid>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_21__title_21.2" wId="pv24_80__chp_21__title_21.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>21.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Adviseurs</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_21__title_21.2__art_21.5" wId="pv24_80__chp_21__title_21.2__art_21.5">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>21.5</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Advies grondwaterbescherming</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Voor een aanvraag om omgevingsvergunning die betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9">Artikel 4.4 , negende Lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10">Artikel 4.6, tiende lid</tekst:IntRef> ten aanzien van verboden activiteiten in een beschermingsgebied voor grondwater en een waterwingebied zijn adviseur:</tekst:Al>
		  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_21__title_21.2__art_21.5__list_1" wId="pv24_80__chp_21__title_21.2__art_21.5__list_1">
		    <tekst:Li eId="chp_21__title_21.2__art_21.5__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_21__title_21.2__art_21.5__list_1__item_a">
		      <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>burgemeester en wethouders van de gemeente waarin de activiteit plaatsvindt of zal plaatsvinden;</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_21__title_21.2__art_21.5__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_21__title_21.2__art_21.5__list_1__item_b">
		      <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de directeur van het waterleidingbedrijf dat grondwater ten behoeve van de openbare drinkwatervoorziening onttrekt in Flevoland.</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_21__title_21.3" wId="pv24_80__chp_21__title_21.3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>21.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Geco&#246;rdineerde voorbereiding</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_21__title_21.3__art_21.6" wId="pv24_80__chp_21__title_21.3__art_21.6">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>21.6</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Geco&#246;rdineerde voorbereiding wijziging begrenzing Natuurnetwerk Nederland</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De voorbereiding en bekendmaking van de besluiten tot het wijzigen van de begrenzing van Natuurnetwerk Nederland in de omgevingsverordening als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_15__subchp_15.2__art_15.3">Artikel 15.3</tekst:IntRef> en het vaststellen van het omgevingsplan voor de voorgenomen ontwikkeling worden in voorkomend geval geco&#246;rdineerd.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	  <tekst:Hoofdstuk eId="chp_22" wId="pv24_80__chp_22">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
	      <tekst:Nummer>22</tekst:Nummer>
	      <tekst:Opschrift>Overgangs- en slotbepalingen</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Titel eId="chp_22__title_22.1" wId="pv24_80__chp_22__title_22.1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>22.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Intrekking oude verordeningen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_22__title_22.1__art_22.1" wId="pv24_80__chp_22__title_22.1__art_22.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>22.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Intrekken verordeningen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>De volgende verordeningen worden ingetrokken: </tekst:Al>
		  <tekst:Lijst type="expliciet" eId="chp_22__title_22.1__art_22.1__list_1" wId="pv24_80__chp_22__title_22.1__art_22.1__list_1">
		    <tekst:Li eId="chp_22__title_22.1__art_22.1__list_1__item_a" wId="pv24_80__chp_22__title_22.1__art_22.1__list_1__item_a">
		      <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>de Omgevingsverordening Flevoland, </tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		    <tekst:Li eId="chp_22__title_22.1__art_22.1__list_1__item_b" wId="pv24_80__chp_22__title_22.1__art_22.1__list_1__item_b">
		      <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		      <tekst:Al>het Reglement 2009 voor de Provinciale Omgevingscommissie Flevoland (POCF).</tekst:Al>
		    </tekst:Li>
		  </tekst:Lijst>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_22__title_22.2" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>22.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Overgangsbepalingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.1" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.1">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>22.2.1</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Overgangsrecht algemeen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.1__art_22.2" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.1__art_22.2">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>22.2</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Overgangsrecht plannen, meldingen, ontheffingen en vergunningen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.1__art_22.2__para_1" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.1__art_22.2__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Op procedures op grond van de Omgevingsverordening Flevoland die zijn aangevangen voor de datum van inwerkingtreding van deze verordening blijft het op dat moment geldende recht van toepassing</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.1__art_22.2__para_2" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.1__art_22.2__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De op de dag voorafgaande aan de inwerkingtreding van deze verordening geldende besluiten die op grond van de Omgevingsverordening Flevoland of diens voorgangers zijn genomen, blijven van kracht zolang het bevoegde bestuursorgaan niet anders heeft beslist.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.1__art_22.2__para_3" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.1__art_22.2__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Meldingen die op grond van de Omgevingsverordening Flevoland of diens voorgangers zijn afgedaan, worden gelijkgesteld met een melding op grond van deze verordening.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.1__art_22.3" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.1__art_22.3">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>22.3</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Overgangsrecht uitvoeringsregelingen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Na de inwerkingtreding van deze verordening berusten beleidsregels, voor zover deze op het tijdstip onmiddellijk voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening berustten op de Omgevingsverordening Flevoland of diens voorgangers, op deze verordening.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.1__art_22.4" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.1__art_22.4">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>22.4</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Overgangsrecht aanwijzing toezichthouders</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Na de inwerkingtreding van deze verordening berusten besluiten, voor zover deze op het tijdstip onmiddellijk voor het tijdstip van inwerkingtreding van deze verordening berustten op artikel 17.6 van de Omgevingsverordening Flevoland, op artikel 18.6 van de Omgevingswet.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>22.2.2</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Overgangsrecht grondwaterbeschermingsgebieden</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.5" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.5">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>22.5</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Overgangsrecht algemene regels voor boorputten</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Een melding of een vergunning voor een inrichting op grond van de Grondwaterverordening Flevoland 1996 ondieper dan de aangegeven diepte in <tekst:IntRef ref="cmp_13">Bijlage XIII</tekst:IntRef> opgenomen kaart Boringsvrije zone overgangsrecht, die voor 1 september 2007 respectievelijk is ontvangen of verleend, wordt gelijkgesteld met een melding als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17">Artikel 4.17</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19">Artikel 4.19</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.6" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.6">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>22.6</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Overgangsrecht bodemverstoringen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.6__para_1" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.6__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een melding of een vergunning op grond van de Grondwaterverordening Flevoland 1996 voor een inrichting tot een diepte van 20 meter beneden maaiveld die voor 1 september 2007 respectievelijk is ontvangen of verleend wordt gelijkgesteld met een omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9">Artikel 4.4, negende lid</tekst:IntRef>, en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10">Artikel 4.6, tiende lid</tekst:IntRef>, indien voor de inrichting op de in <tekst:IntRef ref="cmp_13">Bijlage XIII</tekst:IntRef> opgenomen kaart Boringsvrije zone overgangsrecht een dieptegrens van 10 meter is opgenomen terwijl op grond van kaartnummer G6 van de Provinciale milieuverordening Flevoland een dieptegrens van 20 meter van toepassing was.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.6__para_2" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.6__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een bestaande bodemverstoring tot maximaal 20 meter beneden maaiveld, waarvoor de Grondwaterwet niet gold en binnen twee maanden na 1 september 2007 is gemeld, wordt gelijk gesteld met een omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9">Artikel 4.4, negende lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10">Artikel 4.6, tiende lid</tekst:IntRef>, indien voor de bodemverstoring op de in <tekst:IntRef ref="cmp_13">Bijlage XIII</tekst:IntRef> opgenomen kaart Boringsvrije zone overgangsrecht een dieptegrens van 10 meter is opgenomen terwijl op grond van kaartnummer G6 van de Provinciale milieuverordening Flevoland een dieptegrens van 20 meter van toepassing was.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
		<tekst:Artikel eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.7" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.7">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>22.7</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Overgangsrecht voor onttrekkingen in derde watervoerende pakket</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.7__para_1" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.7__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Ontheffingen voor boorputten die op 22 december 2009 vallen onder het verbod als bedoeld in artikel 4.7 en 4.11 van de Verordening voor de fysieke leefomgeving Flevoland blijven van kracht tot het moment dat het gebruik van de boorput wordt be&#235;indigd of tot 1 januari 2025.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.7__para_2" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.7__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een boorput gelegen binnen een inrichting die valt onder het verbod van artikel 5.14, eerste lid onder a van de Omgevingsverordening Flevoland wordt gelijkgesteld met een boorput die valt onder het overgangsrecht als bedoeld in het eerste lid, indien:</tekst:Al>
		      <tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.7__para_2__list_1" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.7__para_2__list_1">
			<tekst:Li eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.7__para_2__list_1__item_1" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.7__para_2__list_1__item_1">
			  <tekst:Al>de boorput is opgericht v&#243;&#243;r 22 december 2009, en</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.7__para_2__list_1__item_2" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.7__para_2__list_1__item_2">
			  <tekst:Al>het gebruik daarvan niet na 22 december 2009 is be&#235;indigd, en</tekst:Al>
			</tekst:Li>
			<tekst:Li eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.7__para_2__list_1__item_3" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.7__para_2__list_1__item_3">
			  <tekst:Al>door wijzigingen in landelijke regelgeving of door wijzigingen van activiteiten de inrichting is gewijzigd van type C in een type A of B zoals bedoeld in het Activiteitenbesluit milieubeheer en daardoor voor inwerkingtreding van de Omgevingswet is komen te vallen onder het verbod als bedoeld in artikel 5.14, eerste lid onder a van de Omgevingsverordening Flevoland.</tekst:Al>
			</tekst:Li>
		      </tekst:Lijst>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.3" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.3">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>22.2.3</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Overgangsrecht grondwateronttrekkingen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.3__art_22.8" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.3__art_22.8">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>22.8</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Overgangsrecht grondwateronttrekkingen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Lid eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.3__art_22.8__para_1" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.3__art_22.8__para_1">
		    <tekst:LidNummer>1.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De artikelen 4.1149 tot en met 4.1156 van het Besluit activiteiten leefomgeving als ook de regels zoals opgenomen in paragraaf 5.2.2 van deze omgevingsverordening zijn niet van toepassing op een open bodemenergiesysteem waarvoor een vergunning is verleend en waarbij de aanvraag van die vergunning is gedaan voor 1 juli 2013.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.3__art_22.8__para_2" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.3__art_22.8__para_2">
		    <tekst:LidNummer>2.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>De regels zoals opgenomen in <tekst:IntRef ref="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3">Afdeling 5.2.3</tekst:IntRef> zijn niet van toepassing op open bodemenergiesystemen in het in <tekst:IntRef ref="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.12">Artikel 5.12</tekst:IntRef> bedoelde interferentiegebied die ge&#239;nstalleerd zijn v&#243;&#243;r de datum waarin het interferentiegebied als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.3__art_5.12">Artikel 5.12</tekst:IntRef> is aangewezen in de gemeentelijke verordening als bedoeld in artikel 2.2b, eerste lid van het Besluit omgevingsrecht dan wel in het omgevingsplan.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		  <tekst:Lid eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.3__art_22.8__para_3" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.3__art_22.8__para_3">
		    <tekst:LidNummer>3.</tekst:LidNummer>
		    <tekst:Inhoud>
		      <tekst:Al>Een melding op grond van de Grondwaterverordening Flevoland 1996, gedaan voor 1 september 2007, die betrekking heeft op grondwateronttrekkingen dieper dan de op de in <tekst:IntRef ref="cmp_13">Bijlage XIII</tekst:IntRef> opgenomen kaart Boringsvrije zone overgangsrecht aangegeven maximale diepte wordt gelijkgesteld met een vergunning als bedoeld in artikel 6.4 van de Waterwet en daarmee op grond van artikel 4.13 van de Invoeringswet Omgevingswet gelijkgesteld aan een omgevingsvergunning.</tekst:Al>
		    </tekst:Inhoud>
		  </tekst:Lid>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.4" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.4">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>22.2.4</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Overgangsrecht bescherming landschap</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.4__art_22.9" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.4__art_22.9">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>22.9</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Overgangsrecht voor bescherming landschap</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Ontheffingen of meldingen die op grond van de Verordening voor de fysieke leefomgeving 2012 en de Verordening fysieke leefomgeving Flevoland zijn afgedaan, worden gelijkgesteld met een omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_8">Hoofdstuk 8</tekst:IntRef> van deze verordening.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.5" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.5">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>22.2.5</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Overgangsrecht wegen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.5__art_22.10" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.5__art_22.10">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>22.10</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Overgangsrecht voor wegen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Voor werken die op 1 september 2007 op grond van een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke toestemming van de provincie Flevoland of haar rechtsvoorgangers aanwezig waren, wordt de door deze verordening vereiste vergunning geacht te zijn verleend respectievelijk de vereiste melding te zijn gedaan als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_9">Hoofdstuk 9</tekst:IntRef> van deze verordening.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	      <tekst:Afdeling eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.6" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.6">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>22.2.6</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Overgangsrecht vaarwegen</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Artikel eId="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.6__art_22.11" wId="pv24_80__chp_22__title_22.2__subchp_22.2.6__art_22.11">
		  <tekst:Kop>
		    <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		    <tekst:Nummer>22.11</tekst:Nummer>
		    <tekst:Opschrift>Overgangsrecht voor vaarwegen</tekst:Opschrift>
		  </tekst:Kop>
		  <tekst:Inhoud>
		    <tekst:Al>Voor werken die op 1 september 2007 op grond van een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke toestemming van de provincie Flevoland of haar rechtsvoorgangers aanwezig waren, wordt de door deze verordening vereiste vergunning geacht te zijn verleend respectievelijk de vereiste melding te zijn gedaan als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_11">Hoofdstuk 11</tekst:IntRef> van deze verordening.</tekst:Al>
		  </tekst:Inhoud>
		</tekst:Artikel>
	      </tekst:Afdeling>
	    </tekst:Titel>
	    <tekst:Titel eId="chp_22__title_22.3" wId="pv24_80__chp_22__title_22.3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>22.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Slotbepalingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Artikel eId="chp_22__title_22.3__art_22.12" wId="pv24_80__chp_22__title_22.3__art_22.12">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>22.12</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Evaluatie</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Gedeputeerde staten zenden binnen vijf jaar na inwerkingtreding van deze verordening en vervolgens telkens om de vijf jaar, aan provinciale staten een verslag over de doeltreffendheid en de effecten van deze verordening.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_22__title_22.3__art_22.13" wId="pv24_80__chp_22__title_22.3__art_22.13">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>22.13</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Inwerkingtreding</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Deze verordening treedt in werking op het tijdstip waarop de Omgevingswet in werking treedt.</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	      <tekst:Artikel eId="chp_22__title_22.3__art_22.14" wId="pv24_80__chp_22__title_22.3__art_22.14">
		<tekst:Kop>
		  <tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		  <tekst:Nummer>22.14</tekst:Nummer>
		  <tekst:Opschrift>Citeertitel</tekst:Opschrift>
		</tekst:Kop>
		<tekst:Inhoud>
		  <tekst:Al>Deze verordening wordt aangehaald als "Omgevingsverordening provincie Flevoland".</tekst:Al>
		</tekst:Inhoud>
	      </tekst:Artikel>
	    </tekst:Titel>
	  </tekst:Hoofdstuk>
	</tekst:Lichaam>
	<tekst:Bijlage eId="cmp_1" wId="pv24_80__cmp_1">
	  <tekst:Kop>
	    <tekst:Label>Bijlage</tekst:Label>
	    <tekst:Nummer>I</tekst:Nummer>
	    <tekst:Opschrift>Begripsbepalingen</tekst:Opschrift>
	  </tekst:Kop>
	  <tekst:Divisietekst eId="cmp_1__content_o_1" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1">
	    <tekst:Inhoud>
	      <tekst:Begrippenlijst eId="cmp_1__list_1" wId="pv24_80__cmp_1__list_1">
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_1" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_1">
		  <tekst:Term>BIJ12</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>uitvoeringsorganisatie van de gezamenlijke provincies, zijnde onderdeel van de Vereniging Interprovinciaal Overleg;</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_2" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_2">
		  <tekst:Term>Natuurnetwerk Nederland</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>stelsel van natuurgebieden van internationaal of nationaal belang dat strekt tot de veiligstelling van ecosystemen met de daarbij behorende soorten.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_3" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_3">
		  <tekst:Term>Provinciale Archeologische en Aardkundige Kerngebieden</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>de gebieden Rivierduingebied Swifterbant, UNESCO-monument Schokland, Urk en omgeving en Om-geving Kuinderschans en Kuinderburcht die in het Omgevingsprogramma Flevoland zijn aangemerkt als Provinciaal Archeologische en Aardkundige Kerngebieden</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_4" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_4">
		  <tekst:Term>Top-10 Archeologische Locaties</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>de gebieden die een dwarsdoorsnede van de Flevolandse archeologie vertegenwoordigen en die in het Omgevingsprogramma Flevoland zijn aangemerkt als Top-10 Archeologische locatie.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_5" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_5">
		  <tekst:Term>afmeren</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>alle vormen waarbij een schip voor korte of langere tijd aan of dicht langs de oever van de vaarweg ligt, ongeacht waar dit is en op welke manier dit gebeurt (ketting, touw, anker, spudpalen, etc.).</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_6" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_6">
		  <tekst:Term>agrarische gronden</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>gronden die worden ingezet voor de agrarische bedrijfsvoering ten<tekst:br/>behoeve het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen<tekst:br/>en/of het houden van dieren met uitzondering van:<tekst:br/>- de (voormalige) agrarische bouwpercelen waar zelfstandige, bij elkaar horende<tekst:br/>bebouwing is toegelaten en<tekst:br/>- bij de afwezigheid van een expliciet bouwperceel de voor bewoning en daarbij<tekst:br/>behorende voorzieningen zoals voor stalling en opslag bedoelde gebouwen bij het<tekst:br/>agrarisch (glastuinbouw) bedrijf;</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_7" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_7">
		  <tekst:Term>ashoogte van een windmolen</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>de afstand vanaf het aansluitende afgewerkte terrein tot het middelpunt van de as, met dien verstande dat in geaccidenteerd terrein de afstand wordt gemeten vanaf het niveau van het afgewerkte terrein dat direct aansluit op de dichtstbijzijnde weg als bedoeld in de Wegenverkeerswet 1994</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_8" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_8">
		  <tekst:Term>bebouwde kom</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>bebouwde kom, vastgesteld krachtens artikel 20a van de Wegenverkeerswet 1994.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_9" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_9">
		  <tekst:Term>beheer en onderhoud van een windmolen</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>het normale onderhoud en beheer, met dien verstande dat dit niet mag leiden tot een uiteindelijke (vrijwel) gehele vernieuwing of vervanging van de windturbine</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_10" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_10">
		  <tekst:Term>bestaande geitenhouderij</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>een geitenhouderij die op 2 februari 2019 in gebruik is in overeenstemming met het op dat moment geldende bestemmingsplan &#232;n beschikt over de benodigde omgevingsvergunning(en) op grond van de op dat moment geldende Wet algemene bepalingen omgevingsrecht, dan wel dat daar een ontvankelijke en vergunbare aanvraag voor is ingediend, of een melding op grond van het Activiteitenbesluit milieubeheer is ingediend.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_11" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_11">
		  <tekst:Term>bestaande windmolen</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>een windmolen die 12 maart 2015 feitelijk bestaat dan wel mag worden opgericht en gebruikt conform een reeds verleende omgevingsvergunning</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_12" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_12">
		  <tekst:Term>bijbehorend bouwwerk</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Uitbreiding van een hoofdgebouw of functioneel met een zich op hetzelfde perceel bevindend hoofdgebouw verbonden, daar wel of niet tegen aangebouwd gebouw, of ander bouwwerk, met een dak.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_13" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_13">
		  <tekst:Term>boorput</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>een door boring of verdringing gevormde kokervormige al dan niet opgevulde diepte</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_14" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_14">
		  <tekst:Term>bord</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>opschriften, aankondigingen, ver- of afbeeldingen, borden, vlaggen, spandoeken, bijbehorende constructies en kennelijk voor deze doeleinden gebezigde transportmiddelen en constructies, in welke vorm dan ook</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_15" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_15">
		  <tekst:Term>bronaanpak</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>het beperken of ongedaan maken van verontreiniging van de bodem in verband met het voorkomen of beperken van een inbreng van verontreinigende stoffen naar het grondwater.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_16" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_16">
		  <tekst:Term>evenement</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>tijdelijke, niet route-gebonden activiteiten zoals feesten, markten en braderie&#235;n</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_17" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_17">
		  <tekst:Term>faunabeheerplan</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Faunabeheerplan als bedoeld in afdeling 16.3.2</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_18" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_18">
		  <tekst:Term>gebouw</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Bouwwerk dat een voor mensen toegankelijke overdekte geheel of gedeeltelijk met wanden omsloten ruimte vormt.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_19" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_19">
		  <tekst:Term>geitenhouderij</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>het houden van 10 geiten of meer</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_20" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_20">
		  <tekst:Term>geluidbron</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>toestel of activiteit in het kader van de ontwikkeling of bestemming van de in een omgevingsplan begrepen gronden;</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_21" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_21">
		  <tekst:Term>geluidniveau</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>geluidniveau gemeten en berekend volgens voorschriften gegeven bij of krachtens de Omgevingswet.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_22" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_22">
		  <tekst:Term>grondgebonden opstellingen voor zonne-energie</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>een samenstel van bouwwerken of een andere constructie voor het opwekken van elektriciteit of warmte door het opvangen van de straling van de zon, geplaatst op het maaiveld of op water</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_23" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_23">
		  <tekst:Term>grondgebonden opstellingen voor zonne-energie</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>een samenstel van bouwwerken of een andere constructie voor het opwekken van elektriciteit of warmte door het opvangen van de straling van de zon, geplaatst op het maaiveld of op water. Voor de toepassing van deze titel wordt met een grondgebonden opstelling voor zonne-energie gelijk gesteld, elke opstelling voor zonne-energie in het landelijk gebied, al dan niet op een dak, waarbij de oppervlakte aan zonnepanelen groter is dan &#233;&#233;n hectare.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_24" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_24">
		  <tekst:Term>grondgebruiker</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>degene die gerechtigd is de grond te gebruiken krachtens een zakelijk of persoonlijk recht;</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_25" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_25">
		  <tekst:Term>grondwatersanering</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Het beheren, beperken of ongedaan maken van verontreiniging van het grondwater.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_26" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_26">
		  <tekst:Term>infiltreren van water</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>in de bodem brengen van water, ter aanvulling van het grondwater, in samenhang met het onttrekken van grondwater</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_27" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_27">
		  <tekst:Term>jacht</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Bemachtigen, opzettelijk doden of met het oog daarop opsporen van dieren van soorten, genoemd in artikel 8.3, vierde lid, en het doen van pogingen daartoe, in een jachtveld, in overeenstemming met de regels over de uitoefening van de jacht, gesteld op grond van artikel 4.3, eerste lid, onder k.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_28" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_28">
		  <tekst:Term>jachthouder</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>Degene die op grond van artikel 8.3 gerechtigd is tot het uitoefenen van de jacht in een jachtveld.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_29" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_29">
		  <tekst:Term>kwaliteitscriteria</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>de vastgestelde kwaliteitscriteria gegrond op de in landelijke samenwerking tussen bevoegde gezagen ontwikkelde en beschikbaar gestelde kwaliteitscriteria voor vergunningverlening, toezicht en handhaving inzake de beschikbaarheid en de deskundigheid van organisaties die met de uitvoerings- en handhavingstaak zijn belast</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_30" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_30">
		  <tekst:Term>ladingtank</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>tank vast verbonden met een binnenvaartschip waarvan de wanden hetzij door de scheepsromp zelf, hetzij door van de scheepsromp onafhankelijke wanden zijn gevormd</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_31" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_31">
		  <tekst:Term>ligplaats</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>gelegenheid om een schip af te meren</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_32" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_32">
		  <tekst:Term>nazorgvoorziening</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>voorziening ter bescherming van het milieu, bedoeld in artikel 8.49 eerste en tweede lid Wet milieubeheer.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_33" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_33">
		  <tekst:Term>omgevingsplan</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>omgevingsplan (inclusief het tijdelijk deel van het omgevingsplan), projectbesluit, gemeentelijke project van publiek belang, omgevingsvergunning voor een (buitenplanse) omgevingsplanactiviteit</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_34" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_34">
		  <tekst:Term>ontgassen</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>afvoeren van restladingdamp uit een ladingtank waarbij restladingdampen terecht komen in de open lucht</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_35" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_35">
		  <tekst:Term>openbare vaarweg</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>elk binnen de provincie gelegen water dat openstaat voor openbaar scheepvaartverkeer met alle bijbehorende werken, voorzieningen en begroeiingen</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_36" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_36">
		  <tekst:Term>opschalen</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>vervangen van een bestaande windmolen door een windmolen met een groter vermogen en/of grotere afmetingen</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_37" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_37">
		  <tekst:Term>opschalen en saneren</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>aanpak gericht op het opwekken van meer windenergie met significant minder windmolens binnen Flevoland</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_38" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_38">
		  <tekst:Term>prefab betonnen heipaal</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>geprefabriceerde betonpaal met constante dwarsafmeting die middels heien is ge&#239;nstalleerd, met uitzondering van palen met verbrede voet en palen geschikt voor de uitwisseling van energie</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_39" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_39">
		  <tekst:Term>projectplan</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>door initiatiefnemer opgesteld plan dat uitsluitsel geeft over de wijze en de gronden (gebied) waarop een initiatiefnemer een project voor opschalen en saneren van wil realiseren</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_40" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_40">
		  <tekst:Term>provinciaal belang</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>een belang dat de provincie gelet op artikel 2.3 Omgevingswet kan behartigen</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_41" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_41">
		  <tekst:Term>reconstrueren</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>het aanbrengen van wijzigingen op of aan een weg, parkeergelegenheid, terrein voor zover dit &#x2013;al dan niet tijdelijk- voor gemotoriseerd verkeer openstaat, waterweg of spoorweg, die verandering brengt in de bestaande of te verwachten risico&#x2019;s voor de grondwaterkwaliteit, met uitzondering van het uitvoeren van de gebruikelijke onderhoudswerkzaamheden</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_42" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_42">
		  <tekst:Term>regionale waterkering</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>een waterkering, niet zijnde een primaire waterkering als bedoeld in Bijlage E, onderdeel A. van de Omgevingswet, die beveiliging biedt tegen overstroming en die als zodanig is aangewezen in deze verordening.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_43" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_43">
		  <tekst:Term>restladingdamp</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>damp die na het lossen in de ladingtank achterblijft</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_44" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_44">
		  <tekst:Term>risicobeoordeling grondwater</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>risicobeoordeling grondwater als bedoeld in artikel 6.4 die, bij activiteiten die in staat zijn een bekende historische grondwaterverontreiniging te be&#239;nvloeden, bepaalt of de activiteit leidt tot een onaanvaardbaar verspreidingsrisico van de bekende historische grondwaterverontreiniging</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_45" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_45">
		  <tekst:Term>saneren</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>het slopen en afvoeren van een bestaande windmolen tot minimaal een meter onder het maaiveld, waarbij de omgevingsplanregeling zodanig is (gewijzigd) dat herbouw van de windmolen met hetzelfde of een lager vermogen op of nabij de locatie van de gesaneerde windmolen blijvend onmogelijk is gemaakt</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_46" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_46">
		  <tekst:Term>schadelijke stoffen</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>stoffen, combinaties van stoffen, preparaten of andere producten, in welke vorm ook, waarvan hetzij in het algemeen, hetzij in het gegeven geval kan worden verwacht dat ze - op of in de bodem gebracht of gerakend - de bodem verontreinigen of kunnen verontreinigen</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_47" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_47">
		  <tekst:Term>stoffen</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>chemische elementen, verbindingen daarvan dan wel mengsels van die elementen of verbindingen.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_48" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_48">
		  <tekst:Term>taxateur</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>een taxateur die werkzaam is voor een door BIJ12 aangewezen taxatiebureau of een consulent faunazaken van BIJ12;</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_49" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_49">
		  <tekst:Term>toestel</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>toestel : een toestel dat bij gebruik anders dan door menselijke energie geluidhinder kan veroorzaken, een luchtvaartuig daaronder niet begrepen, waaronder in ieder geval wordt begrepen:<tekst:br/>a. een airgun of soortgelijk apparaat en knalapparaat;<tekst:br/>b. een toestel om geluid elektrisch versterkt voort te brengen of een ander vergelijkbaar geluidsapparaat al dan niet gekoppeld aan een geluidsversterker, waaronder een muziekinstrument, een omroepinstallatie, een sirene en een hoorn;<tekst:br/>c. een motorisch aangedreven werktuig met bijbehorende transportmiddelen, te gebruiken bij seismologisch onderzoek, opsporingsonderzoek naar de ontginning van bodemstoffen en de aanleg van kabels en buisleidingen in of op de bodem; <tekst:br/>d. een modelvliegtuig, modelboot en modelauto, indien deze wordt aangedreven door een verbrandingsmotor;<tekst:br/>e. een vuurwapen.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_50" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_50">
		  <tekst:Term>uitweg</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>elke rechtstreekse, niet openbare ontsluitingsmogelijkheid naar of vanaf een in deze verordening bedoelde openbare weg</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_51" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_51">
		  <tekst:Term>werk</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>een grondwerk, wegenbouwkundig werk, waterbouwkundig werk of bouwwerk.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_52" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_52">
		  <tekst:Term>wezenlijke kenmerken en waarden</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>aanwezige natuurwaarden en, voor gebieden die bestemd zijn voor natuur of zijn aangewezen voor natuurdoeleinden, tevens de potenti&#235;le natuurwaarden en de daarvoor vereiste milieu condities.</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_53" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_53">
		  <tekst:Term>windmolen</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>een turbine voorzien van rotorbladen geplaatst op een hoge mast, waarmee de bewegingsenergie van de lucht (wind) wordt omgezet in rotatie-energie voor het opwekken van elektriciteit, inclusief de bij dit bouwwerk behorende (infrastructurele) voorzieningen, met uitzondering van:<tekst:br/>a.	maximaal 12 prototypes van windmolens op de testlocatie te Lelystad als integraal onderdeel van het kennis- en ontwikkelcentrum voor duurzame energie;<tekst:br/>b.	solitaire windmolen op bedrijventerreinen in &#x2018;hoofdkernen&#x2019; van het stedelijk gebied, zijnde de kernen Almere, Dronten, Emmeloord, Lelystad, Urk en Zeewolde, indien de windmolen overwegend een ander doel dient dan de opwekking van energie;<tekst:br/>c.	kleine windmolen, waaronder wordt verstaan: <tekst:br/>i.	windmolen in het stedelijk gebied met (tip)hoogte van maximaal 5 meter ten opzichte van de grond of het dak waarop hij is geplaatst;<tekst:br/>ii.	windmolen met een tiphoogte van maximaal 15 meter ten opzichte van het maaiveld, voor zover hij in het landelijk gebied op een (voormalig agrarisch) bouwperceel staat</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_1__content_o_1__list_1__item_54" wId="pv24_80__cmp_1__content_o_1__list_1__item_54">
		  <tekst:Term>woonkern</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al>een ge&#239;soleerd rastervierkant of een aaneengesloten gebied van rastervierkanten van 500 x 500 meter waarvan ieder vierkant 25 woonadressen of meer bevat alsmede de (plan)gebiedenwaar de Intergemeentelijke structuurvisie Oosterwold en het bestemmingsplan Wellerwaard -parti&#235;le herziening betrekking op hebben</tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
	      </tekst:Begrippenlijst>
	    </tekst:Inhoud>
	  </tekst:Divisietekst>
	</tekst:Bijlage>
	<tekst:Bijlage eId="cmp_2" wId="pv24_80__cmp_2">
	  <tekst:Kop>
	    <tekst:Label>Bijlage</tekst:Label>
	    <tekst:Nummer>II</tekst:Nummer>
	    <tekst:Opschrift>Overzicht Informatieobjecten</tekst:Opschrift>
	  </tekst:Kop>
	  <tekst:Divisietekst eId="cmp_2__content_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1">
	    <tekst:Inhoud>
	      <tekst:Begrippenlijst eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1">
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_1">
		  <tekst:Term>Beoordelingsregels uitwegen</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_1__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_1__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34pdf_5e43b0a7-fd85-4ea9-b5b7-0b8eb20c3a24/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34pdf_5e43b0a7-fd85-4ea9-b5b7-0b8eb20c3a24/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_2" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_2">
		  <tekst:Term>Geen bediening</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_2__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_2__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34pdf_38194633-1806-4807-b24a-ccb503e97224/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34pdf_38194633-1806-4807-b24a-ccb503e97224/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_3" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_3">
		  <tekst:Term>Kaart Boringsvrije zone overgangsrecht</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_3__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_3__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34pdf_8f8885b8-bdb8-4a1e-989a-dab4954a4bc8/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34pdf_8f8885b8-bdb8-4a1e-989a-dab4954a4bc8/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_4" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_4">
		  <tekst:Term>Kwaliteitscriteria VTH 2.3</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_4__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_4__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34pdf_f1cbf78f-8e31-4554-a02f-01b0db280da6/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34pdf_f1cbf78f-8e31-4554-a02f-01b0db280da6/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_5" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_5">
		  <tekst:Term>Schepen met afwijkende afmetingen I</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_5__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_5__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34pdf_c90be83d-0a1a-438c-8462-0a609214b2ff/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34pdf_c90be83d-0a1a-438c-8462-0a609214b2ff/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_6" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_6">
		  <tekst:Term>Schepen met afwijkende afmetingen II</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_6__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_6__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34pdf_8e41f2db-5ec1-4aa8-8676-d588b1e3a418/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34pdf_8e41f2db-5ec1-4aa8-8676-d588b1e3a418/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_7" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_7">
		  <tekst:Term>bekende historische grondwaterverontreiniging</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_7__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_7__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio386/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio386/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_8" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_8">
		  <tekst:Term>beschermingsgebied voor grondwater bremerberg 2 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_8__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_8__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio388/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio388/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_9" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_9">
		  <tekst:Term>beschermingsgebied voor grondwater harderbroek 11 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_9__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_9__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio392/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio392/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_10" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_10">
		  <tekst:Term>beschermingsgebied voor grondwater harderbroek 14 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_10__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_10__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio394/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio394/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_11" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_11">
		  <tekst:Term>beschermingsgebied voor grondwater harderbroek 17 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_11__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_11__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio396/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio396/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_12" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_12">
		  <tekst:Term>beschermingsgebied voor grondwater harderbroek 20 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_12__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_12__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio398/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio398/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_13" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_13">
		  <tekst:Term>beschermingsgebied voor grondwater harderbroek 8 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_13__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_13__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio390/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio390/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_14" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_14">
		  <tekst:Term>beschermingszone provinciale archeologische en aardkundige kerngebieden</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_14__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_14__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio400/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio400/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_15" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_15">
		  <tekst:Term>beschermingszone top-10 archeologische locaties</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_15__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_15__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio402/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio402/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_16" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_16">
		  <tekst:Term>binnen windgebied-buiten projectgebied</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_16__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_16__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio380/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio380/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_17" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_17">
		  <tekst:Term>boringsvrije zone zuidelijk flevoland 11 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_17__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_17__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio406/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio406/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_18" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_18">
		  <tekst:Term>boringsvrije zone zuidelijk flevoland 14 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_18__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_18__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio408/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio408/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_19" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_19">
		  <tekst:Term>boringsvrije zone zuidelijk flevoland 17 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_19__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_19__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio410/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio410/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_20" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_20">
		  <tekst:Term>boringsvrije zone zuidelijk flevoland 20 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_20__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_20__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio412/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio412/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_21" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_21">
		  <tekst:Term>boringsvrije zone zuidelijk flevoland 23 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_21__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_21__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio414/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio414/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_22" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_22">
		  <tekst:Term>boringsvrije zone zuidelijk flevoland 26 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_22__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_22__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio416/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio416/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_23" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_23">
		  <tekst:Term>boringsvrije zone zuidelijk flevoland 29 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_23__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_23__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio418/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio418/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_24" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_24">
		  <tekst:Term>boringsvrije zone zuidelijk flevoland 32 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_24__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_24__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio420/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio420/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_25" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_25">
		  <tekst:Term>boringsvrije zone zuidelijk flevoland 35 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_25__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_25__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio422/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio422/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_26" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_26">
		  <tekst:Term>boringsvrije zone zuidelijk flevoland 38 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_26__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_26__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio424/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio424/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_27" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_27">
		  <tekst:Term>boringsvrije zone zuidelijk flevoland 41 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_27__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_27__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio426/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio426/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_28" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_28">
		  <tekst:Term>boringsvrije zone zuidelijk flevoland 44 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_28__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_28__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio430/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio430/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_29" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_29">
		  <tekst:Term>boringsvrije zone zuidelijk flevoland 47 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_29__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_29__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio428/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio428/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_30" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_30">
		  <tekst:Term>boringsvrije zone zuidelijk flevoland 8 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_30__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_30__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio404/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio404/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_31" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_31">
		  <tekst:Term>bron van een bekende historische grondwaterverontreiniging</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_31__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_31__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio432/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio432/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_32" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_32">
		  <tekst:Term>buiten het margegebied historische grondwaterverontreiniging</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_32__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_32__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio434/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio434/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_33" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_33">
		  <tekst:Term>buiten windgebied</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_33__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_33__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio376/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio376/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_34" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_34">
		  <tekst:Term>compensatie nnn binnen het zoekgebied oosterwold</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_34__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_34__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio436/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio436/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_35" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_35">
		  <tekst:Term>gebied binnen de bebouwde kom</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_35__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_35__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio438/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio438/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_36" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_36">
		  <tekst:Term>gebied buiten de bebouwde kom</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_36__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_36__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio440/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio440/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_37" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_37">
		  <tekst:Term>gebieden zonder omgevingswaarden wateroverlast</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_37__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_37__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio442/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio442/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_38" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_38">
		  <tekst:Term>gesloten stortplaatsen</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_38__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_38__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio370/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio370/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_39" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_39">
		  <tekst:Term>grondgebied van de provincie flevoland</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_39__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_39__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio258/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio258/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_40" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_40">
		  <tekst:Term>grondgebied van de provincie flevoland met uitzondering van de rijkswateren</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_40__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_40__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio255/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio255/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_41" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_41">
		  <tekst:Term>grondwaterbeschermingsgebieden</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_41__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_41__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio444/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio444/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_42" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_42">
		  <tekst:Term>interferentiegebieden bodemenergiesystemen gemeente urk</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_42__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_42__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio446/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio446/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_43" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_43">
		  <tekst:Term>invloedgebied stilte</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_43__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_43__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio448/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio448/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_44" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_44">
		  <tekst:Term>kiekendieffoerageergebied</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_44__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_44__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio450/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio450/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_45" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_45">
		  <tekst:Term>landelijk gebied van flevoland</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_45__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_45__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio452/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio452/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_46" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_46">
		  <tekst:Term>luchthaven gelegen in de provincie flevoland</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_46__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_46__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio454/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio454/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_47" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_47">
		  <tekst:Term>margegebied historische grondwaterverontreiniging</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_47__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_47__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio456/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio456/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_48" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_48">
		  <tekst:Term>natuurnetwerk nederland</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_48__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_48__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio458/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio458/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_49" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_49">
		  <tekst:Term>openbare vaarwegen binnen flevoland</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_49__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_49__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio460/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio460/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_50" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_50">
		  <tekst:Term>plaatsingszone</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_50__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_50__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio378/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio378/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_51" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_51">
		  <tekst:Term>projectgebied</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_51__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_51__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio377/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio377/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_52" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_52">
		  <tekst:Term>provinciale vaarwegen</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_52__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_52__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio384/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio384/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_53" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_53">
		  <tekst:Term>provinciale wegen</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_53__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_53__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio382/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio382/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_54" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_54">
		  <tekst:Term>regionale waterkeringen</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_54__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_54__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio462/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio462/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_55" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_55">
		  <tekst:Term>stiltegebied</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_55__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_55__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio371/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio371/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_56" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_56">
		  <tekst:Term>uitzondering glastuinbouw i.r.t. zonne-energie in landelijk gebied</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_56__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_56__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio464/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio464/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_57" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_57">
		  <tekst:Term>uitzonderingsgebied voor zonne-energie op agrarische gronden</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_57__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_57__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio466/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio466/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_58" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_58">
		  <tekst:Term>waterwingebied bremerberg 2 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_58__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_58__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio468/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio468/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_59" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_59">
		  <tekst:Term>waterwingebied fledite 26 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_59__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_59__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio470/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio470/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_60" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_60">
		  <tekst:Term>waterwingebied fledite 29 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_60__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_60__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio472/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio472/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_61" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_61">
		  <tekst:Term>waterwingebied fledite 32 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_61__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_61__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio474/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio474/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_62" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_62">
		  <tekst:Term>waterwingebied harderbroek 11 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_62__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_62__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio476/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio476/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_63" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_63">
		  <tekst:Term>waterwingebied harderbroek 14 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_63__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_63__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio478/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio478/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_64" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_64">
		  <tekst:Term>waterwingebied spiekzand 35 meter</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_64__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_64__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio480/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio480/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_65" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_65">
		  <tekst:Term>windgebied</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_65__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_65__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio375/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio375/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_66" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_66">
		  <tekst:Term>zone beschermingsgebied voor grondwater</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_66__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_66__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio482/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio482/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_67" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_67">
		  <tekst:Term>zone boringsvrije zone zuidelijk flevoland</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_67__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_67__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio484/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio484/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_68" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_68">
		  <tekst:Term>zone waterwingebied</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_68__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_68__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio486/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio486/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
		<tekst:Begrip eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_69" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_69">
		  <tekst:Term>zwemlocaties</tekst:Term>
		  <tekst:Definitie>
		    <tekst:Al><tekst:ExtIoRef eId="cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_69__ref_o_1" wId="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_69__ref_o_1" ref="/join/id/regdata/pv24/2023/34gio488/nld@2023-12-07;80">/join/id/regdata/pv24/2023/34gio488/nld@2023-12-07;80</tekst:ExtIoRef></tekst:Al>
		  </tekst:Definitie>
		</tekst:Begrip>
	      </tekst:Begrippenlijst>
	    </tekst:Inhoud>
	  </tekst:Divisietekst>
	</tekst:Bijlage>
	<tekst:Bijlage eId="cmp_3" wId="pv24_80__cmp_3">
	  <tekst:Kop>
	    <tekst:Label>Bijlage</tekst:Label>
	    <tekst:Nummer>III</tekst:Nummer>
	    <tekst:Opschrift>Borden stiltegebied</tekst:Opschrift>
	  </tekst:Kop>
	  <tekst:Divisietekst eId="cmp_3__content_1" wId="pv24_80__cmp_3__content_1">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Opschrift>Borden stiltegebied</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Inhoud>
	      <tekst:Al>Bijlage bij <tekst:IntRef ref="chp_3__title_3.1__art_3.2__para_3">artikel 3.2 , derde Lid</tekst:IntRef></tekst:Al>
	      <tekst:Figuur wId="pv24_80__cmp_3__content_1__img_1" eId="cmp_3__content_1__img_1">
		<tekst:Illustratie naam="jpg_6568f3c7-fd25-44a1-8347-d203cbb85bb1.jpg" hoogte="439" breedte="300" uitlijning="start" formaat="image/jpeg" dpi="150"/>
	      </tekst:Figuur>
	      <tekst:Figuur wId="pv24_80__cmp_3__content_1__img_2" eId="cmp_3__content_1__img_2">
		<tekst:Illustratie naam="jpg_645c17ad-676d-4343-85ce-1ceeee857c97.jpg" hoogte="442" breedte="300" uitlijning="start" formaat="image/jpeg" dpi="150"/>
	      </tekst:Figuur>
	    </tekst:Inhoud>
	  </tekst:Divisietekst>
	</tekst:Bijlage>
	<tekst:Bijlage eId="cmp_4" wId="pv24_80__cmp_4">
	  <tekst:Kop>
	    <tekst:Label>Bijlage</tekst:Label>
	    <tekst:Nummer>IV</tekst:Nummer>
	    <tekst:Opschrift>Borden grondwaterbeschermingsgebieden</tekst:Opschrift>
	  </tekst:Kop>
	  <tekst:Divisietekst eId="cmp_4__content_1" wId="pv24_80__cmp_4__content_1">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Opschrift>Borden grondwaterbeschermingsgebieden</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Inhoud>
	      <tekst:Al>Bijlage bij <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.1__art_4.2__para_5">Artikel 4.2, vijfde lid</tekst:IntRef></tekst:Al>
	      <tekst:Figuur wId="pv24_80__cmp_4__content_1__img_1" eId="cmp_4__content_1__img_1">
		<tekst:Illustratie naam="jpg_0861544a-9529-4b62-bf20-7173c11fa50a.jpg" hoogte="436" breedte="300" uitlijning="start" formaat="image/jpeg" dpi="150"/>
	      </tekst:Figuur>
	      <tekst:Figuur wId="pv24_80__cmp_4__content_1__img_2" eId="cmp_4__content_1__img_2">
		<tekst:Illustratie naam="jpg_65811dd1-b6a9-4dc2-b22b-1c0dfca115c3.jpg" hoogte="438" breedte="300" uitlijning="start" formaat="image/jpeg" dpi="150"/>
	      </tekst:Figuur>
	    </tekst:Inhoud>
	  </tekst:Divisietekst>
	</tekst:Bijlage>
	<tekst:Bijlage eId="cmp_5" wId="pv24_80__cmp_5">
	  <tekst:Kop>
	    <tekst:Label>Bijlage</tekst:Label>
	    <tekst:Nummer>V</tekst:Nummer>
	    <tekst:Opschrift>Parameters en meetfrequenties onttrekken grondwater en infiltratie water</tekst:Opschrift>
	  </tekst:Kop>
	  <tekst:Divisietekst eId="cmp_5__content_1" wId="pv24_80__cmp_5__content_1">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Opschrift>Tabel Parameters en meetfrequenties onttrekken grondwater en infiltratie water</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Inhoud>
	      <tekst:Al>Bijlage bij <tekst:IntRef ref="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.4__para_3">Artikel 5.4, derde lid</tekst:IntRef></tekst:Al>
	      <tekst:table wId="pv24_80__cmp_5__content_1__table_1" eId="cmp_5__content_1__table_1">
		<tekst:tgroup align="left" cols="3">
		  <tekst:colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="55.243*"/>
		  <tekst:colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="20.1745*"/>
		  <tekst:colspec colname="col3" colnum="3" colwidth="24.5894*"/>
		  <tekst:tbody valign="top">
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al><tekst:strong>Parameter</tekst:strong><tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al><tekst:strong>Afkorting</tekst:strong><tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al><tekst:strong>Frequentie</tekst:strong></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>bacteri&#235;n van de coligroep<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry/>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>4 wekelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>kleur<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry/>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>4 wekelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>zwevende stof<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>SS<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>4 wekelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>geleidingsvermogen voor elektriciteit<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry/>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>4 wekelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>temperatuur<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>T<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>4 wekelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>zuurgraad<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>pH<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>4 wekelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>opgelost zuurstof<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>O<tekst:sub>2</tekst:sub><tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>4 wekelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>totaal organisch koolstof<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>TOC<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>4 wekelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>bicarbonaat<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>HCO<tekst:sub>3</tekst:sub><tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>4 wekelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>nitriet<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>NO<tekst:sub>2</tekst:sub><tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>4 wekelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>nitraat<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>NO<tekst:sub>3</tekst:sub><tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>4 wekelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>ammonium<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>NH<tekst:sub>4</tekst:sub><tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>4 wekelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>totaal fosfaat<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Totaal P<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>4 wekelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>fluoride<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>F<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>3 maandelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>chloride<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Cl<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>4 wekelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>sulfaat<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>SO<tekst:sub>4</tekst:sub><tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>3 maandelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>natrium<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Na<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>3 maandelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>ijzer<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Fe<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>3 maandelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>mangaan<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Mn<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>3 maandelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>chroom<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Cr<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>3 maandelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>lood<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Pb<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>3 maandelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>koper<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Cu<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>3 maandelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>zink<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Zn<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>3 maandelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>cadmium<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Ca<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>3 maandelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>arseen<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>As<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>3 maandelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>cyanide<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>CN<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>3 maandelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>minerale olie<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry/>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>4 wekelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>adsorbeerbaar organisch halogeen<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>AOX<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>4 wekelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>vluchtig organisch gebonden chloor<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>VOC<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>4 wekelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>vluchtige aromaten<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry/>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>4 wekelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>polycyclische aromaten<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>PAK<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>3 maandelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>fenolen<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry/>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>3 maandelijks<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		  </tekst:tbody>
		</tekst:tgroup>
	      </tekst:table>
	    </tekst:Inhoud>
	  </tekst:Divisietekst>
	</tekst:Bijlage>
	<tekst:Bijlage eId="cmp_6" wId="pv24_80__cmp_6">
	  <tekst:Kop>
	    <tekst:Label>Bijlage</tekst:Label>
	    <tekst:Nummer>VI</tekst:Nummer>
	    <tekst:Opschrift>Uitwegen</tekst:Opschrift>
	  </tekst:Kop>
	  <tekst:Divisietekst eId="cmp_6__content_1" wId="pv24_80__cmp_6__content_1">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Opschrift>Uitwegen</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Inhoud>
	      <tekst:Al>Bijlage bij <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.2__subchp_9.2.2__art_9.12__para_2">Artikel 9.12, tweede lid</tekst:IntRef></tekst:Al>
	      <tekst:Al><tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_1__ref_o_1" eId="cmp_6__content_1__ref_2" wId="pv24_80__cmp_6__content_1__ref_2">Beoordelingsregels uitwegen.PDF</tekst:IntIoRef></tekst:Al>
	    </tekst:Inhoud>
	  </tekst:Divisietekst>
	</tekst:Bijlage>
	<tekst:Bijlage eId="cmp_7" wId="pv24_80__cmp_7">
	  <tekst:Kop>
	    <tekst:Label>Bijlage</tekst:Label>
	    <tekst:Nummer>VII</tekst:Nummer>
	    <tekst:Opschrift>Schepen met afwijkende afmetingen I</tekst:Opschrift>
	  </tekst:Kop>
	  <tekst:Divisietekst eId="cmp_7__content_1" wId="pv24_80__cmp_7__content_1">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Schepen met afwijkende afmetingen I</tekst:Label>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Inhoud>
	      <tekst:Al>Bijlage bij <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.12">Artikel 11.12</tekst:IntRef></tekst:Al>
	      <tekst:Al><tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_5__ref_o_1" eId="cmp_7__content_1__ref_2" wId="pv24_80__cmp_7__content_1__ref_2">Schepen met afwijkende afmetingen I.PDF</tekst:IntIoRef></tekst:Al>
	    </tekst:Inhoud>
	  </tekst:Divisietekst>
	</tekst:Bijlage>
	<tekst:Bijlage eId="cmp_8" wId="pv24_80__cmp_8">
	  <tekst:Kop>
	    <tekst:Label>Bijlage</tekst:Label>
	    <tekst:Nummer>VIII</tekst:Nummer>
	    <tekst:Opschrift>Schepen met afwijkende afmetingen II</tekst:Opschrift>
	  </tekst:Kop>
	  <tekst:Divisietekst eId="cmp_8__content_1" wId="pv24_80__cmp_8__content_1">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Schepen met afwijkende afmetingen II</tekst:Label>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Inhoud>
	      <tekst:Al>Bijlage bij <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.12">Artikel 11.12</tekst:IntRef></tekst:Al>
	      <tekst:Al><tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_6__ref_o_1" eId="cmp_8__content_1__ref_2" wId="pv24_80__cmp_8__content_1__ref_2">Schepen met afwijkende afmetingen II.PDF</tekst:IntIoRef></tekst:Al>
	    </tekst:Inhoud>
	  </tekst:Divisietekst>
	</tekst:Bijlage>
	<tekst:Bijlage eId="cmp_9" wId="pv24_80__cmp_9">
	  <tekst:Kop>
	    <tekst:Label>Bijlage</tekst:Label>
	    <tekst:Nummer>IX</tekst:Nummer>
	    <tekst:Opschrift>Geen bediening</tekst:Opschrift>
	  </tekst:Kop>
	  <tekst:Divisietekst eId="cmp_9__content_1" wId="pv24_80__cmp_9__content_1">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Label>Geen bediening</tekst:Label>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Inhoud>
	      <tekst:Al>Bijlage bij <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.1__art_11.13">Artikel 11.13</tekst:IntRef></tekst:Al>
	      <tekst:Al><tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_2__ref_o_1" eId="cmp_9__content_1__ref_2" wId="pv24_80__cmp_9__content_1__ref_2">Geen bediening.PDF</tekst:IntIoRef></tekst:Al>
	    </tekst:Inhoud>
	  </tekst:Divisietekst>
	</tekst:Bijlage>
	<tekst:Bijlage eId="cmp_10" wId="pv24_80__cmp_10">
	  <tekst:Kop>
	    <tekst:Label>Bijlage</tekst:Label>
	    <tekst:Nummer>X</tekst:Nummer>
	    <tekst:Opschrift>Omgevingswaarden voor de regionale waterkeringen</tekst:Opschrift>
	  </tekst:Kop>
	  <tekst:Divisietekst eId="cmp_10__content_1" wId="pv24_80__cmp_10__content_1">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Opschrift>Omgevingswaarden voor de regionale waterkeringen</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Inhoud>
	      <tekst:Al>Bijlage bij <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.4__para_1">Artikel 12.4, eerste lid</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
	      <tekst:Al><tekst:strong>Omgevingswaarden voor de regionale waterkeringen<tekst:br/></tekst:strong></tekst:Al>
	      <tekst:table wId="pv24_80__cmp_10__content_1__table_1" eId="cmp_10__content_1__table_1">
		<tekst:tgroup align="left" cols="2">
		  <tekst:colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="39.7496*"/>
		  <tekst:colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="60.2504*"/>
		  <tekst:tbody valign="top">
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al><tekst:strong>Regionale waterkering</tekst:strong><tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al><tekst:strong>Omgevingswaarde voor de regionale waterkering als gemiddelde overschrijdingskans per jaar (bij<tekst:br/>gebruik van een overslagcriterium van 1 l/s/m<tekst:sup>1</tekst:sup>) [1/jaar]</tekst:strong><tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Almere Haven<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>1/10<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Flevocentrale<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>1/1.000<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Harderhaven<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>1/10<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Haven Zeewolde<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>1/10<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Havenkwartier Zeewolde*<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>1/1.000<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Langs Noordoostpolder achter Kadoelerkeersluis<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>1/30<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Muiderzand<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>1/10<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Parkhaven<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>1/15<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Schokkerhaven<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>1/10<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Urk<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>1/10<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Zuiderzee op zuid<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>1/1.000<tekst:br/></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		  </tekst:tbody>
		</tekst:tgroup>
	      </tekst:table>
	      <tekst:Al>* De aanwijzing en normering van Havenkwartier Zeewolde als regionale waterkering heeft op 13 december 2017 plaatsgevonden, maar is nog niet inwerking getreden. Op het moment dat het rijk deze kering niet langer als primaire waterkering heeft aangewezen bepalen gedeputeerde staten het moment van inwerkingtreding en wordt Havenkwartier Zeewolde vanaf dat moment een regionale waterkering. Verwezen wordt naar  Artikel 22.14 van de Omgevingsverordening.</tekst:Al>
	    </tekst:Inhoud>
	  </tekst:Divisietekst>
	</tekst:Bijlage>
	<tekst:Bijlage eId="cmp_11" wId="pv24_80__cmp_11">
	  <tekst:Kop>
	    <tekst:Label>Bijlage</tekst:Label>
	    <tekst:Nummer>XI</tekst:Nummer>
	    <tekst:Opschrift>Vrijgestelde soorten</tekst:Opschrift>
	  </tekst:Kop>
	  <tekst:Divisietekst eId="cmp_11__content_1" wId="pv24_80__cmp_11__content_1">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Opschrift>Vrijgestelde soorten</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Inhoud>
	      <tekst:Al>Bijlage bij <tekst:IntRef ref="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.4__para_1">Artikel 16.4, eerste lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.5">Artikel 16.5</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
	      <tekst:Al><tekst:strong>A. Vrijgestelde soorten als bedoeld in artikel 11.54 Besluit activiteiten leefomgeving en <tekst:IntRef ref="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.4__para_1">Artikel 16.4, eerste lid</tekst:IntRef></tekst:strong></tekst:Al>
	      <tekst:table wId="pv24_80__cmp_11__content_1__table_1" eId="cmp_11__content_1__table_1">
		<tekst:tgroup align="left" cols="2">
		  <tekst:colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="50.0000*"/>
		  <tekst:colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="50.0000*"/>
		  <tekst:tbody valign="top">
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al><tekst:strong>Nederlandse naam</tekst:strong></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al><tekst:strong>Wetenschappelijke naam</tekst:strong></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Bosmuis</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Apodermus sylvaticus</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Veldmuis</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Microtus arvalis</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		  </tekst:tbody>
		</tekst:tgroup>
	      </tekst:table>
	      <tekst:Al><tekst:strong>Voorschriften</tekst:strong></tekst:Al>
	      <tekst:Lijst type="expliciet" eId="cmp_11__content_1__list_1" wId="pv24_80__cmp_11__content_1__list_1">
		<tekst:Li eId="cmp_11__content_1__list_1__item_a" wId="pv24_80__cmp_11__content_1__list_1__item_a">
		  <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		  <tekst:Al>Het doden van bosmuizen en veldmuizen is gedurende het gehele jaar en in de gehele provincie toegestaan.</tekst:Al>
		</tekst:Li>
		<tekst:Li eId="cmp_11__content_1__list_1__item_b" wId="pv24_80__cmp_11__content_1__list_1__item_b">
		  <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		  <tekst:Al>Bij het doden van bosmuizen en veldmuizen is het gebruik van middelen die krachtens de Wet gewasbeschermingsmiddelen en biociden zijn toegelaten of vrijgesteld, klemmen en kastvallen toegestaan.</tekst:Al>
		</tekst:Li>
		<tekst:Li eId="cmp_11__content_1__list_1__item_c" wId="pv24_80__cmp_11__content_1__list_1__item_c">
		  <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
		  <tekst:Al>Het gebruik van klemmen die niet direct dodelijk zijn, zoals pootklemmen, is niet toegestaan.</tekst:Al>
		</tekst:Li>
		<tekst:Li eId="cmp_11__content_1__list_1__item_d" wId="pv24_80__cmp_11__content_1__list_1__item_d">
		  <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
		  <tekst:Al>Het opstellen van klemmen gebeurt zodanig dat de vangst van andere beschermde diersoorten zoveel mogelijk wordt voorkomen.</tekst:Al>
		</tekst:Li>
	      </tekst:Lijst>
	      <tekst:Al><tekst:strong>B. Vrijgestelde soorten als bedoeld in artikel 11.56 Besluit activiteiten leefomgeving en <tekst:IntRef ref="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.5">Artikel 16.5</tekst:IntRef><tekst:br/></tekst:strong></tekst:Al>
	      <tekst:table wId="pv24_80__cmp_11__content_1__table_2" eId="cmp_11__content_1__table_2">
		<tekst:tgroup align="left" cols="2">
		  <tekst:colspec colname="col1" colnum="1" colwidth="50.0000*"/>
		  <tekst:colspec colname="col2" colnum="2" colwidth="50.0000*"/>
		  <tekst:tbody valign="top">
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al><tekst:strong>Nederlandse naam</tekst:strong></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al><tekst:strong>Wetenschappelijke naam</tekst:strong></tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Bosmuis</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Apodermus sylvaticus</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Egel</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Erinaceus europaeus</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Haas</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Lepus europaeus</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Konijn</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Oryctolagus cuniculus</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Ree</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Capreolus capreolus</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Vos</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Vulpes vulpes</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Bruine kikker</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Rana temporaria</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Gewone pad</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Bufo bufo</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Kleine watersalamander</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Lissotriton vulgaris</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Aardmuis</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Microtus agrestis</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Dwergmuis</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Micromys minutus</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Dwergspitsmuis</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Sorex minutus</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Gewone bosspitsmuis</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Sorex araneus</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Huisspitsmuis</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Crocidura russula</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Ondergrondse woelmuis</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Pitymys subterraneus</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Rosse woelmuis</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Clethrionomys glareolus</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Tweekleurige bosspitsmuis</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Sorex coronatus</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Veldmuis</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Microtus arvalis</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Woelrat</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Arvicola amphibius</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Meerkikker</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Pelophylax ridibundus</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		    <tekst:row>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Bastaardkikker</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		      <tekst:entry>
			<tekst:Al>Pelophylax klepton esculenta</tekst:Al>
		      </tekst:entry>
		    </tekst:row>
		  </tekst:tbody>
		</tekst:tgroup>
	      </tekst:table>
	    </tekst:Inhoud>
	  </tekst:Divisietekst>
	</tekst:Bijlage>
	<tekst:Bijlage eId="cmp_12" wId="pv24_80__cmp_12">
	  <tekst:Kop>
	    <tekst:Label>Bijlage</tekst:Label>
	    <tekst:Nummer>XII</tekst:Nummer>
	    <tekst:Opschrift>Kwaliteitscriteria VTH</tekst:Opschrift>
	  </tekst:Kop>
	  <tekst:Divisietekst eId="cmp_12__content_1" wId="pv24_80__cmp_12__content_1">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Opschrift>Kwaliteitscriteria VTH</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Inhoud>
	      <tekst:Al>Bijlage bij <tekst:IntRef ref="chp_20__title_20.2__art_20.5__para_1">Artikel 20.5, eerste lid</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
	      <tekst:Al><tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_4__ref_o_1" eId="cmp_12__content_1__ref_2" wId="pv24_80__cmp_12__content_1__ref_2">Kwaliteitscriteria VTH 2.3.PDF</tekst:IntIoRef></tekst:Al>
	    </tekst:Inhoud>
	  </tekst:Divisietekst>
	</tekst:Bijlage>
	<tekst:Bijlage eId="cmp_13" wId="pv24_80__cmp_13">
	  <tekst:Kop>
	    <tekst:Label>Bijlage</tekst:Label>
	    <tekst:Nummer>XIII</tekst:Nummer>
	    <tekst:Opschrift>Boringsvrije zone overgangsrecht</tekst:Opschrift>
	  </tekst:Kop>
	  <tekst:Divisietekst eId="cmp_13__content_1" wId="pv24_80__cmp_13__content_1">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Opschrift>Kaart Boringsvrije zone overgangsrecht</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Inhoud>
	      <tekst:Al>Bijlage bij <tekst:IntRef ref="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.5">Artikel 22.5</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.6">Artikel 22.6</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.3__art_22.8__para_3">Artikel 22.8, derde lid</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
	      <tekst:Al><tekst:IntIoRef ref="pv24_80__cmp_2__content_o_1__list_o_1__item_o_3__ref_o_1" eId="cmp_13__content_1__ref_4" wId="pv24_80__cmp_13__content_1__ref_4">Kaart Boringsvrije zone overgangsrecht.PDF</tekst:IntIoRef></tekst:Al>
	    </tekst:Inhoud>
	  </tekst:Divisietekst>
	</tekst:Bijlage>
	<tekst:Toelichting eId="recital" wId="recital">
	  <tekst:Kop>
	    <tekst:Opschrift>Toelichting</tekst:Opschrift>
	  </tekst:Kop>
	  <tekst:AlgemeneToelichting eId="genrecital" wId="genrecital">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Opschrift>Algemene toelichting</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Divisietekst eId="genrecital__content_o_1" wId="genrecital__content_o_1">
	      <tekst:Gereserveerd/>
	    </tekst:Divisietekst>
	  </tekst:AlgemeneToelichting>
	  <tekst:ArtikelgewijzeToelichting eId="artrecital" wId="artrecital">
	    <tekst:Kop>
	      <tekst:Opschrift>Artikelsgewijze toelichting</tekst:Opschrift>
	    </tekst:Kop>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_1" wId="pv24_80__artrecital__content_1">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>1.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Begripsbepalingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De begripsbepalingen zijn in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage I</tekst:IntRef> alfabetisch geordend. Bij de begripsomschrijvingen is zoveel mogelijk aansluiting gezocht bij de in wettelijke bepalingen gehanteerde begrippen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_2" wId="pv24_80__artrecital__content_2">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>2.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al><tekst:i>Omgevingswet</tekst:i></tekst:Al>
		<tekst:Al>In dit hoofdstuk zijn de bepalingen
opgenomen over de bescherming van de nazorgvoorzieningen op gesloten
stortplaatsen. Deze bepalingen waren voorheen gebaseerd op de Wet milieubeheer
en golden voor activiteiten buiten een inrichting als bedoeld in de Wet
milieubeheer. Onder de Omgevingswet is dit anders.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De provincie is op grond van de
Wet milieubeheer (artikel 8.49 Wet milieubeheer) het bevoegd gezag voor de
eeuwigdurende nazorg van gesloten stortplaatsen. Al sinds jaar en dag is in de
provinciale verordening geregeld dat een ontheffing van gedeputeerde staten
nodig is voor activiteiten buiten een inrichting in, op, onder of over een
gesloten stortplaats. De grondslag van deze regeling was de Wet milieubeheer en
gold aanvullend op hetgeen landelijk geregeld was voor het bestaan van
inrichtingen op een gesloten stortplaats (denk aan de golfbaan op stortplaats
Het Friese Pad). Voor dergelijke inrichtingen was een omgevingsvergunning
vereist van gedeputeerde staten (artikel 3.4 en bijlage 1 onderdeel B onder 1c
Besluit omgevingsrecht).</tekst:Al>
		<tekst:Al>In eerste instantie zou dit
onder de Omgevingswet ongewijzigd blijven; geregeld zou worden (in artikel 5.10
eerste lid aanhef en onder g Omgevingswet) dat gedeputeerde staten het bevoegd
gezag zijn voor activiteiten die plaatsvinden op een gesloten stortplaats. Met
de Invoeringswet Omgevingswet is het betreffende artikel echter komen te
vervallen. De Memorie van Toelichting bij de Invoeringswet zegt hierover het
volgende: "Het is de bedoeling dat onder de Omgevingswet de regulering van
activiteiten die plaatsvinden op een locatie waar de in artikel 8.49 van de Wet
milieubeheer bedoelde zorg voor een gesloten stortplaats wordt uitgevoerd,
geheel via de omgevingsverordening zal verlopen. Deze activiteiten zullen niet
langer vergunningplichtig zijn op grond van rijksregelgeving." Het rijk
reguleert dit niet langer en laat het over aan de decentrale regelgever.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In verband met de eeuwigdurende
nazorg van gesloten stortplaatsen is het voor de provincie van belang inzicht
te hebben in de activiteiten die op de gesloten stortplaats plaatsvinden. De
provincie heeft ervoor gekozen om de bestaande uitvoeringspraktijk te laten
voortbestaan en in de omgevingsverordening een vergunningplicht in het leven te
roepen die ook de voormalige inrichtingen omvat. Gedeputeerde staten zijn voor
deze omgevingsvergunning het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Gebruik gesloten stortplaats</tekst:i></tekst:Al>
		<tekst:Al>Titel 8.3 van de Wet
milieubeheer heeft betrekking op gesloten stortplaatsen, waar op of na 1
september 1996 nog afval is gestort en het Stortbesluit bodembescherming van
toepassing is, dan wel uitsluitend baggerspecie is gestort. De provincie is
aangewezen als instantie, die verantwoordelijk is voor de 'eeuwig durende'
nazorg. Dit geldt niet voor gesloten stortplaats waar baggerspecie is gestort
en die wordt gedreven door de Minister (in Flevoland baggerdepot IJsseloog).
Onder nazorg wordt verstaan het nemen van maatregelen om de milieuvoorzieningen
in stand te houden, te controleren en te vervangen. Met name het vervangen van
de bovenafdichting is een aanzienlijke kostenpost. De totale kosten van nazorg
in Nederland worden geraamd op vele honderden miljoenen euro's. De provincie
heeft daarom groot belang bij een goed functionerend systeem van
nazorgvoorzieningen en nazorgmaatregelen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor de nazorg -zowel voor de
instandhouding van de nazorgvoorzieningen als voor het nemen van
nazorgmaatregelen- is het van belang dat voorwaarden kunnen worden gesteld aan
de activiteiten die na het aanbrengen van de eindafdichting op de stortplaats
zullen worden verricht: de 'eindbestemming' en het gebruik van de gesloten
stortplaats. De aan deze activiteiten te stellen voorwaarden hebben tot doel
dat de nazorgvoorzieningen bereikbaar blijven, milieumaatregelen genomen kunnen
worden en aantasting van de nazorgvoorzieningen voorkomen wordt. Om deze
voorwaarden te kunnen stellen is een regeling in de verordening noodzakelijk.
Hoewel deze regeling niet direct betrekking heeft op de afvalstoffen, bestaat
er wel een verband met de aanwezigheid van deze afvalstoffen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_3" wId="pv24_80__artrecital__content_3">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>2.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Werkingsgebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk
gelden alleen voor gesloten stortplaatsen. De geometrische begrenzing van
gebieden waar zich gesloten stortplaatsen bevinden (tot op heden alleen Het
Friese Pad in Emmeloord) is vastgelegd in het werkingsgebied met de noemer
'gesloten stortplaatsen'. De in dit gebied geldende regels zijn gekoppeld aan
het werkingsgebied. Dit maakt het mogelijk dat in het DSO bij een klik op de
kaart alleen de in het werkingsgebied geldende regels zichtbaar worden. </tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_4" wId="pv24_80__artrecital__content_4">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>2.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Verbod activiteiten op gesloten stortplaats</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In deze bepaling wordt het
verbod geregeld ten aanzien van het gebruik van de voormalige stortlocatie. De
omschrijving van de verboden gedragingen is vergelijkbaar met hetgeen in de Wet
beheer rijkswaterstaatswerken onderworpen is aan een vergunningstelsel ter
bescherming van waterstaatswerken. Zo is het verboden in, op, onder of over een
plaats waar de in artikel 8.49 van de Wet milieubeheer bedoelde nazorg met
betrekking tot een gesloten stortplaats wordt uitgevoerd, werken te maken of te
behouden en stoffen of voorwerpen te storten, te plaatsen of neer te leggen, of
deze te laten staan of liggen. Onder stoffen vallen vaste stoffen,
vloeistoffen, combinaties van stoffen en preparaten.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Dit verbod geldt voor alle activiteiten die een nadelig effect kunnen hebben op de nazorgvoorzieningen. Dit komt voort uit het feit dat onder de Omgevingswet de regulering van activiteiten die plaatsvinden op een locatie waar de in artikel 8.49 van de Wet milieubeheer bedoelde zorg voor een gesloten stortplaats wordt uitgevoerd, geheel via de omgevingsverordening zal verlopen. Deze activiteiten zullen niet langer vergunningplichtig zijn op grond van rijksregelgeving (zie ook de toelichting bij <tekst:IntRef ref="artrecital__content_2">Artikel 2.1</tekst:IntRef>).</tekst:Al>
		<tekst:Al>In deze bepaling zijn uitgezonderd
'afvalstoffen', omdat het verbod om zich van afvalstoffen te ontdoen door deze
op of in de bodem te brengen al is geregeld in artikel 10.2 van de Wet
milieubeheer (huishoudelijke afvalstoffen) en artikel 3.40b van het Besluit
activiteiten leefomgeving (bedrijfsafvalstoffen). Vanwege het bijzondere
karakter van nazorgvoorzieningen is daaraan toegevoegd dat ook andere
handelingen die nazorgvoorzieningen kunnen beschadigen (bijvoorbeeld het
bewerken van grond), verboden zijn zonder omgevingsvergunning. De voorzieningen
kunnen zich ook buiten de locatie van de gesloten stortplaats bevinden,
bijvoorbeeld in geval van peilbuizen. Ook voor gebruik van grond buiten de
stortplaats waar zich dergelijke voorzieningen bevinden<tekst:i>,</tekst:i> is een omgevingsvergunning nodig.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_5" wId="pv24_80__artrecital__content_5">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>2.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Aanvraagvereisten omgevingsvergunning activiteiten op gesloten stortplaatsen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Degene die een gesloten
stortplaats (of een deel daarvan) wil gebruiken, dient tevoren terdege na te
gaan welke nazorgvoorzieningen en welke maatregelen zijn getroffen en hij zal
zijn plan waar nodig daaraan moeten aanpassen. Hij heeft daarvoor inzicht nodig
in de getroffen en te treffen nazorgmaatregelen. Deze zullen onder meer blijken
uit het nazorgplan. De actuele informatie over de nazorgmaatregelen en
-voorzieningen kan altijd worden verkregen bij de provincie.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In <tekst:IntRef ref="chp_2__title_2.2__art_2.4">Artikel 2.4</tekst:IntRef> wordt aangegeven aan welke eisen de aanvraag in ieder geval dient te voldoen. Dit artikel geldt aanvullend op artikel 7.3 (algemene aanvraagvereisten) en 7.4 (participatie) van de Omgevingsregeling. Op grond van artikel 7.4 Omgevingsregeling geldt ook de eis dat de aanvrager bij de aanvraag dient aan te geven of burgers, bedrijven, maatschappelijke organisaties en bestuursorganen bij de voorbereiding van de aanvraag zijn betrokken. Als dit is gebeurd, verstrekt de aanvrager bij de aanvraag gegevens over hoe zij zijn betrokken en wat de resultaten daarvan zijn.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De onder a bedoelde gegevens
over het voorgenomen gebruik van de stortplaats moeten het mogelijk maken te
beoordelen of een omgevingsvergunning kan worden verleend voor de werken,
stoffen, voorwerpen en handelingen die de aanvrager nodig heeft voor het voorgenomen
gebruik van de stortplaats. De aanvrager zal daarover dus informatie moeten
verschaffen. Bij het verzoek om omgevingsvergunning moet de aanvrager aangeven
hoe hij de bereikbaarheid van de nazorgvoorzieningen denkt te garanderen, hoe
aantasting van de nazorgvoorzieningen zal worden voorkomen en welke andere
maatregelen hij zal nemen om te voorkomen dat de uitvoering van de nazorg wordt
belemmerd.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Met onderdeel c wordt beoogd dat de aanvrager aangeeft welke personen en bedrijven als zakelijk gerechtigde of gebruiker mogelijk belang hebben bij het voorgenomen gebruik van aanvrager. De provincie kan zo nodig de zakelijk of persoonlijk gerechtigden in de gelegenheid stellen op de aanvraag te reageren.<tekst:br/>De overige onderdelen behoeven geen toelichting.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Opgemerkt wordt nog dat gedeputeerde
staten zo nodig op grond van artikel 4:5 Algemene wet bestuursrecht aanvullende
informatie kunnen vragen indien de verstrekte informatie onvoldoende is voor de
beoordeling van de aanvraag. Zo kan bijvoorbeeld in geval van het neerleggen
van stoffen of voorwerpen (<tekst:IntRef ref="chp_2__title_2.2__art_2.3">Artikel 2.3</tekst:IntRef> onder b) informatie worden gevraagd over
de aard en samenstelling van die stoffen of voorwerpen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Ten overvloede wordt erop
gewezen dat artikel 7.216 Omgevingsregeling regels stelt voor de situatie dat
de aangevraagde of verleende omgevingsvergunning zal gaan gelden voor een ander
dan de aanvrager of de vergunninghouder.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_6" wId="pv24_80__artrecital__content_6">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>2.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Bevoegd gezag: beoordelingsregels omgevingsvergunning activiteiten op gesloten stortplaatsen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het bevoegd gezag kan de omgevingsvergunning verlenen van het in <tekst:IntRef ref="chp_2__title_2.2__art_2.3">Artikel 2.3</tekst:IntRef> gestelde verbod voor een toekomstig gebruik van de gesloten stortplaats. Gedeputeerde staten zijn op grond van de artikelen 4.3, eerste lid en 4.6, eerste lid Omgevingsbesluit bevoegd gezag voor de enkel- of meervoudige aanvraag om omgevingsvergunning als de aanvraag alleen betrekking heeft op een of meer 'provincie-activiteiten'. Dit geldt ook voor de activiteiten waarvoor in de omgevingsverordening de vergunningplicht wordt ge&#207;ntroduceerd ('omgevingsverordeningsactiviteit' als bedoeld in artikel 4.6, lid 1 onderdeel f Ob).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Als er sprake is van een
meervoudige aanvraag met ook andere dan provincie-activiteiten geldt de
hoofdregel van artikel 5.12, tweede lid, Omgevingswet dat burgemeester en
wethouders het bevoegd gezag zijn. Gedeputeerde staten hebben in zo'n situatie
de beschikking over de bevoegdheid tot advies met instemming (afdeling 4.2
Omgevingsbesluit). Het gaat dan om het uitbrengen van advies over de aanvraag
om omgevingsvergunning voor de betreffende 'omgevingsverordeningsactiviteit'
(artikel 16.11 en 16.15 eerste en derde lid Omgevingswet en artikel 4.25 eerste
lid onder f Omgevingsbesluit) en het binnen 4 weken na het verzoek om instemming
(artikel 16.18 Omgevingswet) beslissen omtrent instemming met het voorgenomen
besluit (artikel 16.16 Omgevingswet en artikel 4.25 derde lid
Omgevingsbesluit). Artikel 16.17 Omgevingswet en artikel 4.38 Omgevingsbesluit
bepalen dat de gronden voor het verlenen of onthouden van instemming gelijk
zijn aan de beoordelingsregels.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Een uitzondering op deze
hoofdregel doet zich voor als er sprake is van een provinciale
magneetactiviteit (artikel 4.6 tweede lid Omgevingsbesluit). Een
magneetactiviteit trekt alle andere daarmee in combinatie aangevraagde
activiteiten naar het bevoegd gezag voor de magneetactiviteit. Wanneer een
vergunning wordt aangevraagd voor een provinciale magneetactiviteit
-bijvoorbeeld een omgevingsplanactiviteit van provinciaal belang, een grote
ontgronding of een complex bedrijf- in combinatie met een andere activiteit
beslissen gedeputeerde staten altijd op de aanvraag. De
'omgevingsverordeningsactiviteit' zelf is overigens niet aangemerkt als
magneetactiviteit.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Ingevolge artikel 5.34 en 5.30 Omgevingswet kunnen aan een omgevingsvergunning voor een 'omgevingsverordeningsactiviteit' voorschriften worden verbonden die nodig zijn gelet op de beoordelingsregels zoals opgenomen in <tekst:IntRef ref="chp_2__title_2.3__art_2.5">Artikel 2.5</tekst:IntRef>. Dergelijke voorschriften kunnen betrekking hebben op de aanlegfase (de wijze waarop werken worden gemaakt of voorwerpen worden geplaatst), maar ook op het feitelijke gebruik nadien. Dat volgt uit de omschrijving van <tekst:IntRef ref="chp_2__title_2.2__art_2.3">Artikel 2.3</tekst:IntRef> waaruit blijkt dat het verbod op voortgezette handelingen
betrekking heeft (werken behouden, stoffen of voorwerpen laten staan of liggen,
handelingen verrichten).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het risico bestaat dat door het
voorgenomen gebruik de nazorgvoorzieningen worden beschadigd of maatregelen
niet kunnen worden genomen. Dit risico kan door het stellen van financi&#203;le
zekerheid worden beperkt. Het is echter gelet op artikel 13.5 Omgevingswet en
de artikelen 8.5 en 8.6 Omgevingsbesluit slechts voor een beperkt aantal
activiteiten mogelijk aan de omgevingsvergunning het voorschrift te verbinden
dat de gebruiker financi&#203;le zekerheid stelt.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De consultatieversie van de AMvB
tot wijziging van het Omgevingsbesluit in verband met verplicht stellen van
financi&#235;le zekerheid voor bepaalde gevallen van activiteiten scherpt het
instrument financi&#203;le zekerheid voor majeure risicobedrijven aan en verbreedt
de mogelijkheid tot toepassing van het instrument naar bepaalde activiteiten
die betrekking hebben op afvalverwerking.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor ontgrondingenactiviteiten, wateractiviteiten en een aantal specifieke milieubelastende activiteiten met betrekking tot het afvalbeheer van gevaarlijke afvalstoffen of bedrijfsafvalstoffen en enkele daarmee samenhangende stoffen wordt in artikel 8.5 Omgevingsbesluit een bevoegdheid gecre&#235;erd voor het bevoegd gezag om bij vergunningverlening financi&#235;le zekerheid te eisen van de aanvrager van de vergunning. Het zijn bedrijfstakoverstijgende activiteiten, complexe bedrijven, nutssectoren en industrie respectievelijk (bedrijven in het) afvalbeheer. Voor de in artikel 8.5 Omgevingsbesluit genoemde activiteiten kan het stellen van financi&#235;le zekerheid in de omgevingsvergunning worden voorgeschreven. Daarmee wordt een voorziening voor financi&#203;le zekerheid voor milieuschade onderdeel van de normale bedrijfsvoering van deze bedrijven.<tekst:br/>Daarnaast geldt op grond van artikel 8.6 Omgevingsbesluit voor majeure risicobedrijven, zoals een Seveso-inrichting of een IPPC-installatie basischemie, de verplichting om bij vergunningverlening financi&#235;le zekerheid te eisen van de aanvrager van de vergunning.<tekst:br/>Voor activiteiten die niet onder artikel 8.5 en 8.6 Omgevingsbesluit vallen is er geen mogelijkheid om financi&#235;le zekerheid te eisen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het lijkt niet voor de hand
liggend dat bedrijven respectievelijk activiteiten als genoemd zich gaan
vestigen dan wel gaan plaatsvinden op een gesloten stortplaats. Het opnemen van
een voorschrift over het stellen van financi&#235;le zekerheid behoort dan niet tot
de mogelijkheden. Als de te treffen maatregelen het risico op beschadiging van
de nazorgvoorzieningen onvoldoende kunnen beperken, wordt de
omgevingsvergunning geweigerd. Anders kan immers niet worden gewaarborgd dat de
gesloten stortplaats geen nadelige gevolgen voor het milieu veroorzaakt
(hetgeen volgens artikel 8.49 Wet milieubeheer de doelstelling van nazorg is).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Ten overvloede wordt erop
gewezen dat artikel 7.216 Omgevingsregeling regels stelt voor de situatie dat
de aangevraagde of verleende omgevingsvergunning zal gaan gelden voor een ander
dan de aanvrager of de vergunninghouder.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_7" wId="pv24_80__artrecital__content_7">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>3.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al><tekst:i>Aanwijzing van stiltegebieden</tekst:i></tekst:Al>
		<tekst:Al>De Omgevingswet belegt in artikel 2.18 eerste lid onder b bij de provincie de taak om geluid in stiltegebieden te voorkomen of te beperken. Aan deze provinciale taak is in artikel 7.11 Besluit kwaliteit leefomgeving de verplichting gekoppeld om in de omgevingsverordening regels op te nemen over het voorkomen of beperken van geluidbelasting in bij de omgevingsverordening aangewezen gebieden. Met <tekst:IntRef ref="chp_3__title_3.1__art_3.2">Artikel 3.2</tekst:IntRef> worden de stiltegebieden aangewezen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Zowel de (rech&#173;tens rele&#173;vante)
aan&#173;wij&#173;zing als de regel&#173;geving voor die ge&#173;bieden worden in hoofdstuk 3
gegeven. Voor alle stiltegebieden is in titel 3.1 een specifieke zorgplicht
opgeno&#173;men die dient als vangnet voor het geval van een duide&#173;lijk voorzien&#173;bare
aantasting van het gebied sprake is en de specifieke ge&#173;dragsre&#173;gels niet de
vereiste bescherming bieden. Daarnaast is een meldplicht opgenomen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In titel 3.3 zijn normen opgenomen om de omgevingskwaliteit in stiltegebieden te beschermen. Deze normen richten zich tot het bestuursor&#173;gaan, die bij de uitoefe&#173;ning van de in <tekst:IntRef ref="chp_3__title_3.4__art_3.10">Artikel 3.10</tekst:IntRef> aangegeven bevoegdheden rekening moet houden met de gestelde norm. Verder
bevat dit onderdeel ook rechtstreeks werkende bepalingen: verbodsbepalingen
voor activiteiten zoals het gebruik van toestellen. In die verbodsbepalingen
komt de essentie van de regelgeving met betrekking tot het voor&#173;komen of
beperken van geluidhinder in stiltegebieden tot uitdrukking: het weren van
gedra&#173;gingen, die zodanig lawaaiig en wezensvreemd aan een stiltegebied zijn,
dat zij het stille karakter van het gebied verstoren.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Toestellenlijst</tekst:i></tekst:Al>
		<tekst:Al>Een belangrijk begrip in dit hoofdstuk is het begrip
toestel. Hieronder vallen mobiele geluidsbronnen, die door hun niet-permanente
karakter moeilijk via de ruimtelijke ordening te weren zijn. In de begripsbepaling
is een toestellenlijst opgenomen:</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onder b:</tekst:i>Voor het gebruik van de onder b genoemde toestellen is een uitzonde&#173;ring gecre&#203;erd als het gaat om noodsituaties. Klokgeluid ter gelegenheid van godsdienstige en levensbeschouwelijke plechtigheden en lijkplechtig&#173;heden, alsmede oproepen tot het belijden van godsdienst of levensover&#173;tuiging zijn toegestaan.<tekst:br/>Muziekinstrumenten zijn toegestaan in het normale gebruik in en om woningen binnen het gebied.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onder c:</tekst:i>Het
seismologisch onderzoek dient ter beantwoording van de vraag of zich in de
ondergrond gas&#173;voerende structuren van voldoende omvang bevinden. Het wordt
uitgevoerd met zogenaamde airgun-apparatuur. Hieronder wordt verstaan de
apparatuur voor het door middel van de gecom&#173;primeerde lucht onder water
opwekken van trillingen. Daarnaast wordt ook de schotgatmethode toegepast. Bij
deze laatste methode worden kleine explosieve ladingen in de bodem tot
ontsteking gebracht. Ook deze methode valt onder de omschrijving van de
categorie. Hoewel seismologisch onderzoek doorgaans van korte duur is, wordt
gevreesd voor verstoring van rust en stilte, vooral in kwetsbare gebieden.
Reden om bedoelde activiteit onder de werking van de verordening te plaatsen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De boorvergunning ten behoeve van opsporingsboringen
heeft in het algemeen betrekking op een redelijk omvangrijk gebied, waarbinnen
door middel van een aantal op elkaar volgende opsporings&#173;boringen vanaf een
boorplatform getracht wordt de aanwezigheid van olie en gas aan te tonen. Het
gaat dus om een tijdelijke activiteit, die zich met een zekere regelmaat
verplaatst binnen het gebied. De bij de boringen gebruikte lawaaiige toestellen
be&#207;nvloeden het natuurlijk achtergrond&#173;geluid&#173;niveau in stiltegebieden
negatief. In die gevallen waarin booractivi&#173;teiten in stiltegebieden op grond
van besluitvor&#173;ming op rijksniveau onvermijdelijk zijn ge&#173;worden, kan via de
verordening worden bevorderd dat zodanige maatregelen en voorzieningen worden
getroffen dat hinderlijk geluid, met name piekgeluid, zoveel mogelijk wordt
voorko&#173;men.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De winning van delfstoffen brengt langdurige activiteiten
met zich mee. Een structureel verstorende activiteit als winning dient alleen
mogelijk gemaakt te worden door wijziging van het Omgevingsprogramma Flevoland
en van de kaarten 'Stiltegebied Horsterwold', 'Stiltegebied Roggebotzand' en
'Stiltegebied Kuinderbos , waar het de aanduiding c.q. aanwij&#173;zing van
stiltegebieden betreft. Na afloop van de concessieperiode zou de aanduiding
c.q. aanwijzing van het gebied heroverwogen moeten worden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Ook activiteiten in het kader van de aanleg van kabels en
buisleidingen, waarbij gebruik wordt ge&#173;maakt van motorisch aangedreven
werktuigen, behoren onder het regime van deze verordening te vallen. Immers de
verstoring van deze activiteiten, hoewel van tijdelijke aard, is zodanig dat,
indien de onvermijdelijkheid van de aanleg is aangetoond, slechts ontheffing
kan worden verleend onder geluidsreducerende voorwaarden. De aanleg van kabels
en leidingen ten behoeve van woonhuis&#173;aansluitin&#173;gen kan worden begrepen als
onderdeel van de aanleg of reconstructie van wegen dan wel van de bouw van
woningen, welke activiteiten via de ruimtelijke ordening en niet via de
verordening worden gereguleerd.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onder e</tekst:i>: Onder
vuurwapens worden verstaan vuurwapens als bedoeld in de zin van artikel 1 van
de Wet wapens en munitie.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_8" wId="pv24_80__artrecital__content_8">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>3.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Aanwijzing stiltegebieden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Met dit artikel worden
'Stiltegebied Horsterwold', 'Stiltegebied Roggebotzand' en 'Stiltegebied
Kuinderbos' aangewezen als stiltegebied. Kan in het Omgevingsprogramma
Flevoland worden volstaan met een min of meer globa&#173;le aanduiding van het
gebied, voor de toepassing van de verorde&#173;ning is een zo duidelijk mogelijke
begrenzing van het gebied nood&#173;zakelijk. De bij de verorde&#173;ning behorende werkingsgebieden
hebben daarom een schaal waarbij de kavelgrenzen duidelijk zichtbaar zijn.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_9" wId="pv24_80__artrecital__content_9">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>3.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Specifieke zorgplicht en informatieplicht</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit artikel is een specifieke
zorgplicht opgenomen. Met de formulering van dit artikel is zoveel mogelijk
aansluiting gezocht bij de formulering van de specifieke zorgplichtbepalingen
in het Besluit activiteiten leefomgeving. De specifieke zorgplicht betreft
alleen aan&#173;tasting van het bijzonde&#173;re belang met het oog waarop het gebied als
stiltegebied is aangewezen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Naast deze zorgplicht is
voorzien in een informatieplicht. Deze verplicht een ieder die wetenschap heeft
van een voor het gebied schadelijk voorval, hierover Gedeputeerde Staten te
informeren.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_10" wId="pv24_80__artrecital__content_10">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>3.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Verbod op verstoring van ervaring natuurlijke geluiden in een stiltegebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al><tekst:i>eerste lid</tekst:i></tekst:Al>
		<tekst:Al>In het eerste lid is op grond van artikel 4.4 tweede lid en artikel 5.4 Omgevingswet het verbod opgenomen om zonder omgevingsvergunning door middel van het gebruik van een toestel de ervaring van de natuurlijke geluiden in een stiltegebied te verstoren. Op grond van de Wet milieubeheer was deze toestemming een ontheffing van gedeputeerde staten. In <tekst:IntRef ref="chp_3__title_3.4__art_3.9">Artikel 3.9</tekst:IntRef> staan de beoordelingsregels voor het bevoegd gezag.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het begrip toestel is gedefinieerd in <tekst:IntRef ref="chp_1__art_1.1">Artikel 1.1</tekst:IntRef>. In deze begripsbepaling is een toestellenlijst opgenomen van toestellen die in ieder geval onder het begrip vallen. Zie <tekst:IntRef ref="chp_3__title_3.1__art_3.1">Artikel 3.1</tekst:IntRef> voor een toelichting bij deze toestellen. Nieuwe lawaaiige
toestellen die nog niet op de toestellenlijst van deze begripsbepaling
voorkomen noch in andere regelgeving ten aanzien van het geluidsaspect
gereguleerd zijn, kunnen echter ook een toestel zijn en daarmee onder het
verbod vallen.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Tweede en derde lid</tekst:i></tekst:Al>
		<tekst:Al>Het tweede en derde lid bevatten
absolute verboden voor het gebruiken van voertuigen buiten de openbare weg en
voor het houden van toertochten. Voor deze activiteiten wordt geen toestemming
verleend door middel van een omgevingsvergunning. Deze verboden gelden niet
voor rijwielen die zijn voorzien van een elektro-(hulp)motor. Dit gelet op de
geringe geluidsemissie van deze voertui&#173;gen. De verkeerswetgeving regelt het
gebruik van motorvoertuigen en bromfietsen op de voor het open&#173;bare rij- of
ander verkeer openstaande wegen of paden. Op grond van jurisprudentie mogen bij
beschikkingen op grond van de Wegenverkeerswet 1994 milieu&#173;factoren worden
meegewogen, tot nadere eisen of zelfs weigering leiden. Dit is van belang in
geval van voor&#173;genomen activiteiten zoals autoral&#173;ly's in stiltegebieden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_11" wId="pv24_80__artrecital__content_11">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>3.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Uitzondering op verstoring van ervaring natuurlijke geluiden in een stiltegebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het gebruik van toestellen ten
behoeve van de normale uitoefening van agrarische bedrijvigheid, de
beroepsvisserij en onderhoudswerkzaamheden in het kader van natuur- en
landschapsbeheer, waarvan de geluiden overeenko&#173;men met het
verwachtingspatroon, dat men uit de bestemming van de grond of uit de aard van
het landschap kan afleiden, zal als gevolg van dit artikel niet worden beperkt.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_12" wId="pv24_80__artrecital__content_12">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>3.6</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Aanvraagvereisten omgevingsvergunning</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit artikel is bepaald welke gegevens ingediend moeten worden bij een vergunningaanvraag als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_3__title_3.2__art_3.4__para_1">Artikel 3.4, eerste lid</tekst:IntRef>. Dit geldt aanvullend op het bepaalde in artikel 7.3
Omgevingsregeling.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_13" wId="pv24_80__artrecital__content_13">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>3.7</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Richtwaarde maximale geluidbelasting geluidbron binnen het invloedgebied stilte</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het streven is om de natuurlij&#173;ke
rust in de stiltegebieden niet te verstoren. Om deze rust te ervaren dient het
referentieniveau circa 35 dB(A) te bedragen. Door het stellen van een
richtwaarde van 35 dB(A) als uurgemiddelde geluidniveau wordt het
referentieniveau juri&#173;disch vastge&#173;legd als de gewenste maximaal toelaat&#173;bare
geluidbelasting. Een richtwaarde geeft de kwaliteit aan zoveel mogelijk moet
zijn bereikt, en die, waar zij aanwezig is, zoveel mogelijk in stand moet
worden gehouden.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_3__title_3.3__art_3.7">Artikel 3.7</tekst:IntRef> normeert de
omgevingskwaliteit in een stiltegebied door middel van een richtwaarde van 35
dB(A) als uurgemiddelde geluidniveau voor stiltegebieden. Voor geluidsbron&#173;nen
buiten het stiltegebied (en binnen het invloedgebied stilte) geldt een afstand
van 50 meter in het stiltegebied gerekend vanaf de grens van het gebied. Deze
afstandsgrens is gekozen om rechtsongelijkheid te voorkomen indien de
geluidsbron grenst aan het stiltege&#173;bied.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_14" wId="pv24_80__artrecital__content_14">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>3.8</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Richtwaarde maximale geluidbelasting geluidbron binnen het stiltegebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het streven is om de natuurlij&#173;ke
rust in de stiltegebieden niet te verstoren. Om deze rust te ervaren dient het
referentieniveau circa 35 dB(A) te bedragen. Door het stellen van een richtwaarde
van 35 dB(A) als uurgemiddelde geluidniveau wordt het referentieniveau juri&#173;disch
vastge&#173;legd als de gewenste maximaal toelaat&#173;bare geluidbelasting. Een
richtwaarde geeft de kwaliteit aan zoveel mogelijk moet zijn bereikt, en die,
waar zij aanwezig is, zoveel mogelijk in stand moet worden gehouden.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_3__title_3.3__art_3.8">Artikel 3.8</tekst:IntRef> normeert de
omgevingskwaliteit in een stiltegebied door middel van een richtwaarde van 35
dB(A) als uurgemiddelde geluidniveau voor stiltegebieden. Voor geluidsbronnen
binnen het stiltegebied is bepaald dat de maximale geluidsbelasting op 50 meter
afstand van de bron niet meer mag bedragen dan 35dB(A) uurgemiddelde
geluidniveau.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_15" wId="pv24_80__artrecital__content_15">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>3.9</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Beoordelingsregels omgevingsvergunning voor verstoring van ervaring natuurlijke geluiden in een stiltegebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit artikel is bepaald dat het bevoegd gezag de omgevingsvergunning als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_3__title_3.2__art_3.4">Artikel 3.4</tekst:IntRef> verlenen, indien het belang waartoe het stiltegebied is aangewezen zich daartegen niet verzet. Het bevoegd gezag voor deze omgevingsvergunning volgt uit paragraaf 5.1.2 Omgevingswet en afdeling 4.1 Omgevingsbesluit. Over het algemeen zal dit het college van gedeputeerde staten zijn.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het bevoegd gezag toetst of voldoende rekening wordt gehouden met de richtwaarden van de <tekst:IntRef ref="chp_3__title_3.3__art_3.7">Artikel 3.7</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_3__title_3.3__art_3.8">Artikel 3.8</tekst:IntRef>. De
essentie betreft het voor&#173;komen of beperken van geluidhinder door het weren van
gedra&#173;gingen, die zodanig lawaaiig en wezensvreemd aan een stiltegebied zijn,
dat zij het stille karakter van het gebied verstoren.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_16" wId="pv24_80__artrecital__content_16">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>3.10</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Doorwerking omgevingswaarden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In het eerste lid zijn de bevoegdheden aangewezen waar bij de uitoefening daarvan rekening moet worden gehouden met de in <tekst:IntRef ref="chp_3__title_3.3__art_3.7">Artikel 3.7</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_3__title_3.3__art_3.8">Artikel 3.8</tekst:IntRef> opgenomen richtwaarden. Hieronder
valt de vergunningverlening ingevolge de Omgevingswet en de Algemene
plaatselijke verordeningen als&#173;mede het vaststellen van omgevingsplannen en
projectbesluiten in het kader van de Omgevingswet. Afwij&#173;ken van een
richtwaarde is wel mogelijk, maar de motivering van het desbetreffende besluit
moet dan wel vermelden welke gewichtige redenen daartoe hebben geleid.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het tweede lid zijn de
reguliere zogeheten gebiedseigen werkzaamheden uitgezonderd van de verplichte
doorwerking.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_17" wId="pv24_80__artrecital__content_17">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit hoofdstuk bevat voornamelijk
de juridische vertaling vanuit het voorzorgprincipe voor de bescherming van het
voor drinkwater bestemde grondwater van het in het Omgevingsprogramma Flevoland
neergelegde beleid voor grondwaterbeschermingsgebieden. Aan de uitspraken in
het Omgevingsprogramma Flevoland met betrekking tot de milieubescher&#173;mingsgebieden
zijn als zodanig voor burgers of andere overheden geen rechtsgevolgen
verbonden. Voor hen ontstaan eventu&#173;ele rechtsgevolgen eerst als in de
omgevingsverordening voor die gebieden regels worden gesteld. De moge&#173;lijkheid
dat uit andere hoofde rechtsgevolgen intreden, bijvoorbeeld op grond van de
aanwijzing van een gebied ingevolge de Natuurbescher&#173;mings&#173;wet, door het
opnemen van een aanlegvergunningenstelsel in een bestem&#173;mings&#173;plan of door het
opnemen van strafbepalingen in de algemene plaatse&#173;lijke verorde&#173;ningen, wordt
hier niet uitgewerkt.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Van het begrip inrichting
naar het begrip milieubelastende activiteit<tekst:br/></tekst:i>Regels voor grondwaterbeschermingsgebieden stelt de provincie al sinds jaar en dag op grond van de Wet milieubeheer. Deze wet beperkte de regelgevende bevoegdheid van de provincie tot niet-vergunningplichtige inrichtingen. Ten aanzien van beide aspecten kent de Omgevingswet een verandering. Zo geldt onder de Omgevingswet niet langer de beperking dat provinciale regels geen betrekking mogen hebben op vergunningplichtige inrichtingen (activiteiten).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Ten tweede laat het rijk met de
Omgevingswet het inrichtingenbegrip los. De Omgevingswet vervangt het
inrichtingenbegrip uit de Wet milieubeheer door het begrip milieubelastende activiteit.
Argument voor het loslaten van het begrip 'inrichting' is dat het begrip sterk
aan betekenis heeft ingeboet doordat voor de meeste inrichtingen / bedrijven
algemene regels gelden in plaats van een vergunning. De Omgevingswet kiest
daarom voor het begrip 'activiteit' als overkoepeld begrip. Dit begrip kent een
hoger abstractieniveau dan het begrip inrichting.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Onder een milieubelastende
activiteit wordt verstaan een activiteit die nadelige gevolgen voor het milieu
kan veroorzaken, niet zijnde een lozingsactiviteit op een
oppervlaktewaterlichaam of een lozingsactiviteit op een zuiveringtechnisch werk
of een wateronttrekkingsactiviteit. Een milieubelastende activiteit omvat
daarmee nadelige gevolgen die bedrijven kunnen veroorzaken en ook een veelheid
aan milieubelastende activiteiten buiten bedrijven.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Doordat beide onder &#233;&#233;n begrip
zijn gevangen, zijn de (algemene) regels ge&#239;ntegreerd. Het begrip 'activiteit'
is het centrale aangrijpingspunt voor het aanwijzen van de vergunningplicht
voor activiteiten met nadelige gevolgen voor het milieu en voor het stellen van
algemene regels hierover. De redactie van de regels is aangepast aan deze
veranderingen. Dit heeft tot gevolg dat de reikwijdte van de regels ruimer is
geworden.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Absoluut verbod voor grondwateronttrekkingen/bodemverstoringen <tekst:br/></tekst:i>Uit een oogpunt van een heldere en
doelmatige regelgeving is in 2009 een absoluut verbod voor
grondwateronttrekkingen/bodemverstoringen beneden bepaalde dieptes (met
uitzondering van onttrekkingen voor openbare drinkwatervoorziening) in een deel
van Zuidelijk Flevoland ingevoerd (<tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_3">Artikel 4.4, derde lid</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_3">Artikel 4.6, derde lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8">Artikel 4.8</tekst:IntRef>). Dit ter bescherming van het grondwater dat exclusief is gereserveerd voor
de openbare drinkwatervoorziening.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het absoluut verbod is beleidsmatig vastgelegd in het Omgevingsprogramma Flevoland en diens voorgangers. Het absoluut verbod sluit beter aan bij het beleid van de provincie zoals dat al vanaf 1992 in Zuidelijk Flevoland wordt gevoerd. Sinds 1992 is veel kennis opgebouwd van de ondergrond waardoor het in 2009 mogelijk was om met grote nauwkeurigheid de bovenkant van de weerstandbiedende laag te bepalen die het grondwater beschermd dat exclusief is gereserveerd voor de openbare drinkwatervoorziening. Hierdoor werd het mogelijk een absoluut verbod voor bodemverstorende activiteiten in te voeren. Met het absoluut verbod wordt voorkomen dat vergunningaanvragen moeten worden beoordeeld en telkens, omwille van gevoerd beleid, moeten worden afgewezen. Het merendeel van de vergunningaanvragen werden ingediend voor bodemverstorende activiteiten die samenhangen met het onttrekken van grondwater. Daarom is in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.3__art_4.20">Artikel 4.20</tekst:IntRef> de
instructie aan het waterschap opgenomen met betrekking tot de regulering van
grondwateronttrekkingen in Zuidelijk Flevoland.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Ten behoeve van de invoering
van het absoluut verbod zijn in 2009 de bestaande dieptegrenzen herijkt.
Hierdoor wordt waar mogelijk ruimte geboden voor onttrekkingen in hoger gelegen
watervoerende pakketten. De herijkte grenzen zijn neergelegd in de
werkingsgebieden van de grondwaterbeschermingsgebieden 'Boringsvrije zone
Zuidelijk Flevoland', 'beschermingsgebied Bremerberg',
'Grondwaterbeschermingsgebied Fledite', 'Grondwaterbeschermingsgebied
Harderbroek' en 'Grondwaterbeschermingsgebied Spiekzand'.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_18" wId="pv24_80__artrecital__content_18">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Aanwijzing grondwaterbeschermingsgebieden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De Omgevingswet belegt in artikel 2.18 eerste lid onder c bij de provincie de taak om de kwaliteit van het grondwater in grondwaterbeschermingsgebieden, in verband met de winning daarvan voor de bereiding van voor menselijke consumptie bestemd water te beschermen. Aan deze provinciale taak is in artikel 7.11 Besluit kwaliteit leefomgeving de verplichting gekoppeld om in de omgevingsverordening regels op te nemen over het beschermen van de kwaliteit van het grondwater vanwege de waterwinning in bij de omgevingsverordening aangewezen gebieden. Dit is een voortzetting van de regeling die in artikel 1.2 van de Wet milieubeheer stond. Met <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.1__art_4.2">Artikel 4.2</tekst:IntRef> worden de verschillende grondwaterbeschermingsgebieden
aangewezen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Zowel de (rech&#173;tens rele&#173;vante)
aan&#173;wij&#173;zing als de regel&#173;geving voor die ge&#173;bieden worden in hoofdstuk 4
gegeven. De geometrische begrenzing van de drie verschillende soorten
grondwaterbescher-mingsgebieden is vastgelegd in werkingsgebieden. De in die
gebieden geldende regels zijn gekoppeld aan het werkingsgebied. Dit maakt het
mogelijk dat in het DSO bij een klik op de kaart alleen de in de geldende
regels zichtbaar worden.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Beschermingsgebieden
en zones</tekst:i><tekst:br/>In het Omgevingsprogramma Flevoland zijn de gebieden aangegeven waar het grondwater ten behoeve van de openbare drinkwatervoorziening dient te worden beschermd. Binnen die gebieden gelden regels die tot doel hebben de kwaliteit van het grondwater te beschermen. Die bescherming ligt niet in alle gebieden op hetzelfde niveau. Er is namelijk vanuit gegaan dat met een geringer beschermingsniveau kan worden volstaan, naarmate:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_18__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_18__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_18__list_1__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_18__list_1__item_1">
		    <tekst:Al>op het maaiveld de (horizontale) afstand tot de winningsmiddelen toeneemt;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_18__list_1__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_18__list_1__item_2">
		    <tekst:Al>in de bodem het aantal slecht doorlatende lagen boven het watervoerende pakket waaruit wordt onttrokken (de verticale afstand) toeneemt.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>Dit heeft geleid tot een
onderverdeling van de grondwaterbeschermingsgebieden. In volgorde van afnemend
beschermingsregime kunnen de zones waterwingebied, beschermingsgebied voor
grondwater en boringsvrije zone worden onderscheiden. De ligging van de
bovengenoemde zones is aangegeven in de werkingsgebieden.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Waterwingebied <tekst:br/></tekst:i>Het waterwingebied ligt direct rondom
een grondwaterwinning van het waterleidingbedrijf. In beginsel worden in het
waterwingebied alleen activiteiten ten behoeve van de drinkwaterwinning
toegestaan. In Flevoland liggen de winningen Bremerberg, Fledite, Harderbroek
en Spiekzand.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Beschermingsgebied voor
grondwater</tekst:i><tekst:br/>Indien aanwezig ligt rondom het waterwingebied een beschermingsgebied voor grondwater. Dit beschermingsgebied is erop gericht de waterwinning ook op langere termijn (25 jaar) zeker te kunnen stellen. In deze gebieden zijn bepaalde mogelijk risicovolle activiteiten of handelingen verboden. Rond de winningen Spiekzand en Fledite in Zuidelijk Flevoland liggen geen beschermingsgebieden. Deze winningen worden goed beschermd door dikke kleilagen in de ondergrond, waardoor een beschermingsgebied niet nodig is. Wel moet de aantasting van de beschermende kleilagen worden voorkomen.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Boringsvrije zone <tekst:br/></tekst:i>Een groot deel van Zuidelijk Flevoland
is als boringsvrije zone aangewezen om aantasting van de beschermende kleilagen
te voorkomen. In dit gebied geldt sinds eind 2009 een absoluut verbod de bodem
te roeren, te doorboren of anderszins te doordringen beneden bepaalde dieptes.
Dit ter bescherming van de voorraad diep zoet grondwater dat exclusief is
gereserveerd voor de openbare drinkwatervoorziening en beschermd tegen
negatieve invloeden van buitenaf. Het absoluut verbod sluit aan bij het beleid
van de provincie zoals dat al vanaf 1992 in Zuidelijk Flevoland wordt gevoerd.
Sinds 1992 is veel kennis opgebouwd van de ondergrond waardoor het mogelijk is
geworden met een grote nauwkeurigheid de bovenkant van de weerstandbiedende
laag te bepalen die het grondwater beschermd. Omdat een nauwkeurig beeld
bestaat van de bodemopbouw in Zuidelijk Flevoland is een absoluut verbod voor
bodemverstorende activiteiten mogelijk. Met het absoluut verbod wordt voorkomen
dat vergunningaanvragen moeten worden beoordeeld en telkens, omwille van het
gevoerde beleid, moeten worden afgewezen. Het absoluut verbod is beleidsmatig
vastgelegd in het Omgevingsprogramma Flevoland.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_19" wId="pv24_80__artrecital__content_19">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Specifieke zorgplicht</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit artikel is een specifieke
zorgplichtbepaling opgenomen. Met de formulering van dit artikel is zoveel
mogelijk aansluiting gezocht bij de formulering van de specifieke
zorgplichtbepalingen in het Besluit activiteiten leefomgeving. De specifieke
zorgplicht betreft alleen aantasting van het bijzondere belang met het oog
waarop het gebied als grondwaterbeschermingsgebied is aangewezen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Naast deze zorgplicht is
voorzien in een informatieplicht. Deze verplicht een ieder die wetenschap heeft
van een voor het gebied schadelijk voorval hierover Gedeputeerde Staten te
informeren.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_20" wId="pv24_80__artrecital__content_20">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Verboden activiteiten in beschermingsgebied voor grondwater</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al><tekst:i>Eerste lid: Verboden
milieubelastende activiteiten<tekst:br/></tekst:i>In <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1">Artikel 4.4, eerste lid</tekst:IntRef> is een absoluut verbod opgenomen voor het verrichten van bepaalde categorie&#235;n van milieubelastende activiteiten binnen een beschermingsgebied voor grondwater. Het gaat om milieubelastende activiteiten die grote risico's voor het grondwater kunnen hebben en daarom geweerd moeten worden in het beschermingsgebied voor grondwater. Het voorzorgs&#173;beginsel dat wordt gehanteerd kan tot gevolg hebben dat ook mogelijke minder risicovolle milieubelastende activiteiten worden geweerd. In verband met het absolute verbod is het niet mogelijk een omgevingsvergunning te verlenen voor de in het eerste lid genoemde milieubelastende activiteiten.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De opsomming van milieubelastende activiteiten komt voor uit een lijst met verboden categorie&#235;n van inrichtingen zoals opgenomen in de voorgangers van deze omgevingsverordening Vanwege de relatief goede natuurlijke bescherming van het grondwater is bij het opstellen van die lijst uitgegaan van de categorie&#235;n met een bodemindex 3 in de publicatie 'Bedrijven en milieuzonering', 2e druk, juli 1992 van de VNG. Deze 'oude' lijst is jarenlang ongewijzigd gebleven en is nu zo goed mogelijk beleidsneutraal omgezet naar milieubelastende activiteiten door de voormalige lijst te vergelijken met de branches zoals opgenomen in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving. De verwachting is dat de opsomming in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1">Artikel 4.4, eerste lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1">Artikel 4.6, eerste lid</tekst:IntRef> in een volgende wijziging van de omgevingsverordening zal worden aangevuld en verbeterd.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Derde tot en met achtste lid:
Verbod op bodemverstoring<tekst:br/></tekst:i>In het derde tot en met achtste lid worden binnen een beschermingsgebied voor grondwater alle werken of handelingen waarbij de bodem vanaf maaiveld wordt geroerd, doorboord of anderszins doordrongen verboden voorzover deze dieper gaan dan de in het werkingsgebied aangegeven diepte. Hierdoor wordt voorkomen dat eventuele van nature aanwezige barri&#232;res worden aangetast, waardoor verontreinigingen in het voor de drinkwatervoorziening bestemde grondwater terecht kunnen komen. Zie de toelichting bij <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.1__art_4.1">Artikel 4.1</tekst:IntRef> voor meer achtergrondinformatie over dit absolute verbod. In<tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2">Artikel 4.5, tweede lid</tekst:IntRef> is een limitatieve lijst opgenomen van werken en handelingen die wel zijn toegestaan.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Negende lid: Vergunningplichtige werken en handelingen <tekst:br/></tekst:i>Voor de activiteiten in het beschermingsgebied voor grondwater en in het waterwingebied zoals genoemd in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9">Artikel 4.4, negende lid</tekst:IntRef> respectievelijk <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10">Artikel 4.6, tiende lid</tekst:IntRef> kan een omgevingsvergunning worden verleend. In verband met het absolute verbod in Zuidelijk Flevoland om het watervoerende pakket te beschermen geldt er geen vergunningplicht voor het uitvoeren van de bodemverstorende werken en handelingen in de boringsvrije zone. In het werkingsgebied zijn de dieptegrenzen aangegeven waar beneden het absolute verbod geldt. Daarmee zijn overigens niet alle bodemverstorende activiteiten verboden. In <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5">Artikel 4.5</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7">Artikel 4.7</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9">Artikel 4.9</tekst:IntRef> is een limitatieve lijst opgenomen van activiteiten die wel zijn toegestaan in een beschermingsgebied voor grondwater, een waterwingebied respectievelijk de boringsvrije zone.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In de nabijheid van de grondwaterwinning voor de openbare drinkwatervoorziening dient ondergronds vervoer en opslag van schadelijke stoffen tegen te worden gegaan. Hierbij kan gedacht worden aan bijvoorbeeld ondergrondse rioolpersleidingen of brandstofleidingen. Het negende lid sub a is een aanvulling op de specifieke zorgplicht in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.1__art_4.3">Artikel 4.3</tekst:IntRef>. Bij werken moet worden gedacht aan aardgasleidingen
en dergelijke naar woningen en het afvoeren van binnen het gebied vrijkomend
afvalwater via het riool.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Tevens worden risicovolle
activiteiten zoals het aanleggen, hebben of reconstrueren van wegen, kampeer-
en parkeergelegenheden verboden. Met reconstructie wordt gedoeld op het
wijzigen van de bestaande situatie door: verplaatsen, verbreden, verdiepen en
uitbreiden. Gebruikelijk onderhoud heeft geen zodanige wijziging van de
bestaande situatie tot gevolg dat er veranderingen worden verwacht in de
bestaande of te verwachten risico's voor de grondwaterkwaliteit. In de
definitiebepaling van het begrip reconstrueren staan enkele voorbeelden van
gebruikelijk onderhoud. Met een kampeergelegenheid wordt bedoeld een terrein
met daarbij behorende voorzieningen, ter beschikking gesteld voor het houden
van recreatief nachtverblijf.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Ook lozingen in de bodem zijn
verboden, met uitzondering van bepaalde bodemlozingen. Het verbod geldt onder
voorwaarden bijvoorbeeld niet voor een lozing van hemelwater, drinkwater of een
lozing via een vloeiveld, rietveld of door beregening van gewassen. Voor een
volledige opsomming en bijbehorende voorwaarden werd in het verleden verwezen
naar artikel 2 van het inmiddels vervallen Lozingenbesluit bodembescherming.
Deze verwijzing is vervangen door een verwijzing naar de regels in de
hoofdstukken 2 tot en met 5 van het Besluit activiteiten leefomgeving over
lozingsactiviteiten op een oppervlaktewaterlichaam en lozingsactiviteiten op
een zuiveringtechnisch werk. Hiermee is geen inhoudelijke wijziging beoogd.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In onderdeel e, wordt het
roeren, doorboren of doordringen van een bodem onder oppervlaktewater, ook wel
aangeduid als een waterbodem, verboden. Een waterbodem met een dikke sliblaag
fungeert als een barri&#232;re tussen het oppervlaktewater in een beschermings&#173;gebied
en het grondwater dat als bron voor de drinkwaterproductie wordt gebruikt. Door
het roeren van de water&#173;bodem wordt deze barri&#232;re al dan niet tijdelijk
opgeheven, waardoor verontreinigingen vanuit het oppervlaktewater in de
drinkwaterwinning kunnen geraken. Om het onderhoud aan vaarwegen mogelijk te
maken zijn onderhoudsbaggerwerkzaamheden uitgezonderd van het verbod.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_21" wId="pv24_80__artrecital__content_21">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Uitzondering verboden activiteiten beschermingsgebied voor grondwater</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit artikel zijn de vrijstellingen van het verbod op bodemverstoring van <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4">Artikel 4.4</tekst:IntRef> derde tot en met achtste lid opgenomen. De vrijstellingen kennen geen diepte beperking. De vrijstellingen betreffen in eerste instantie handelingen of werken die in het belang van het grondwaterbeheer, bodemkwaliteit of drinkwatervoorziening worden uitgevoerd. Daarnaast zijn ontgrondingsactiviteiten vrijgesteld waarvoor omgevingsvergunning is verleend.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Ook heipalen in de bodem zijn
vrijgesteld (tweede lid onder e), mits deze palen in de bodem worden geslagen
en niet geboord en het geen palen met verbrede voet betreft of palen geschikt
voor ondergrondse energie-uitwisseling. In de begripsomschrijving is de prefab
betonnen heipaal gedefinieerd als geprefabriceerde betonpaal met constante
dwarsafmeting die middels heien is ge&#239;nstalleerd met uitzondering van palen met verbrede voet en palen geschikt voor de
uitwisseling van energie. Met het eerste zinsdeel wordt aangesloten op de
beschrijving in tabel 7.c van de geotechnische norm NEN 9997- 1+C2:2017.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Vanuit het voorzorgsbeginsel voor de bescherming van het voor drinkwater bestemde grondwater staat de provincie alleen die heipalen toe die de risico&#x2019;s voor het drinkwater maximaal beperken. Dit zijn de prefab betonnen heipalen, omdat deze een minder groot risico op lekstromen langs de paal kennen. Op deze wijze wordt enerzijds de drinkwatervoorraad zo goed mogelijk beschermd en kan anderzijds het gebied worden gebruikt van voor wonen en bedrijvigheid. Voor nagenoeg ieder pand in Zuidelijk Flevoland zijn namelijk heipalen nodig. Voor een enkel bedrijfspand kan het reeds gaan om honderden heipalen.<tekst:br/>Daarnaast mogen de palen niet worden gebruikt voor ondergrondse energie-uitwisseling. Met ondergrondse energie-uitwisseling wordt bedoeld het uitwisselen van energie door gebruikmaking van een transportmedium in de heipaal meestal met als doel een ruimte te verwarmen of te koelen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Onder f. worden sonderingen met behulp van de &#x201c;naprikmethode&#x201d; vrijgesteld. Dit betekent dat met deze vorm van sonderen de bodem verstoord mag worden op een grotere diepte dan de in het werkingsgebied aangegeven maximale diepte. Hierbij geldt dat het gehele sondeergat direct na uitvoering van de sondering wordt opgevuld met een waterondoorlatend materiaal (zwelklei) door middel van de met de Vereniging Ondernemers Technisch Bodemonderzoek (brancheorganisatie van bedrijven met werkzaamheden op het gebied van de geotechniek) afgestemde zogeheten "naprikmethode". Voor sonderen met behulp van de &#x201c;naprikmethode&#x201d; geldt, evenals bij ondiepe sonderingen door middel van andere methodes, op grond van <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.12">Artikel 4.12</tekst:IntRef> een meldingsplicht.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De &#x201c;naprikmethode&#x201d; wordt
toegepast om het risico op verontreiniging van het grondwater via sondeergaten
te minimaliseren. Bij de "naprikmethode" wordt met tijdelijke stalen
casingbuizen en een verloren punt (bij voorkeur biologisch afbreekbaar) gewerkt.
Zijn alle benodigde casingbuizen geplaatst, dan worden deze buizen eerst
opgevuld met staven zwelklei. Schoon kraanwater moet worden toegevoegd op een
zodanige manier dat de kleistaven niet mee omhoog getrokken worden met de
casingbuizen en dat het sondeergat geheel opgevuld wordt met deze zwelklei,
zodat de zwelklei goed hecht in de bodem. De gebruikte zwelklei moet voor de
specifieke situatie het meest geschikt zijn om de aangetaste beschermende
werking van de doorboorde/gesondeerde klei- en leemlagen te herstellen. Het
&#x201c;na-prikken&#x201d; met de stalen casingbuizen moet gelogd worden en de log moet op
verzoek van de toezichthouder getoond kunnen worden ter controle van het
behalen van de sondeerdiepte.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Als tijdens het sonderen te
verwachten is dat de naprikmethode bij verder sonderen niet goed meer is uit te
voeren volgens de regels van deze Omgevingsverordening, moet de sondering
onmiddellijk gestaakt worden. Deze situatie kan zich bijvoorbeeld voordoen als
de sondeerdruk de 50 megapascal (MPa) gaat naderen door bijvoorbeeld de
aanwezigheid van compacte formaties in de bodem. Door dit tijdig staken kan het
dan gemaakte sondeergat alsnog met de naprikmethode opgevuld worden (als de
maximale diepte van de boringsvrije zone is bereikt of onderschreden is). De
aanwezigheid van deze compacte lagen is bekend en deze lagen zijn aangetroffen
op onder andere de volgende locaties: tussen de Gooimeerdijk-Oost en de
Lijsterweg, tussen de Lijsterweg en Wittevrouwen, in de omgeving van de Marie
Curielaan te Nobelhorst, bij de Vinkweg en bij de Molenbuurt te Zeewolde
(omgeving Zeewolderweg en Wolderwijd).</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_22" wId="pv24_80__artrecital__content_22">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.6</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Verboden activiteiten in waterwingebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al><tekst:i>Eerste lid: Verboden
milieubelastende activiteiten<tekst:br/></tekst:i>In <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1">Artikel 4.6, eerste lid</tekst:IntRef> is een absoluut verbod opgenomen voor het verrichten van bepaalde categorie&#235;n van milieubelastende activiteiten binnen een waterwingebied. Het gaat om milieubelastende activiteiten die grote risico's voor het grondwater kunnen hebben en daarom geweerd moeten worden in het beschermingsgebied voor grondwater. Het voorzorgs&#173;beginsel dat wordt gehanteerd kan tot gevolg hebben dat ook mogelijke minder risicovolle milieubelastende activiteiten worden geweerd. In verband met het absolute verbod is het niet mogelijk een omgevingsvergunning te verlenen voor de in het eerste lid genoemde milieubelastende activiteiten.<tekst:br/>De milieubelastende activiteit tot het verrichten van grondwateronttrekkingen ten behoeve van de drinkwaterproductie is zekerheidshalve expliciet vrijgesteld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_1">Artikel 4.7, eerste lid</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De opsomming van milieubelastende activiteiten komt voor uit een lijst met verboden categorie&#235;n van inrichtingen zoals opgenomen in de voorgangers van deze omgevingsverordening Vanwege de relatief goede natuurlijke bescherming van het grondwater is bij het opstellen van die lijst uitgegaan van de categorie&#235;n met een bodemindex 3 in de publicatie 'Bedrijven en milieuzonering', 2e druk, juli 1992 van de VNG. Deze 'oude' lijst is jarenlang ongewijzigd gebleven en is nu zo goed mogelijk beleidsneutraal omgezet naar milieubelastende activiteiten door de voormalige lijst te vergelijken met de branches zoals opgenomen in hoofdstuk 3 van het Besluit activiteiten leefomgeving. De verwachting is dat de opsomming in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_1">Artikel 4.4, eerste lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_1">Artikel 4.6, eerste lid</tekst:IntRef> in een volgende wijziging van de omgevingsverordening zal worden aangevuld en verbeterd.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Derde tot en met negende lid:
Verbod op bodemverstoring<tekst:br/></tekst:i>In het derde tot en met negende lid worden binnen een waterwingebied alle werken of handelingen waarbij de bodem vanaf maaiveld wordt geroerd, doorboord of anderszins doordrongen verboden voorzover deze dieper gaan dan de in het werkingsgebied aangegeven diepte. Hierdoor wordt voorkomen dat eventuele van nature aanwezige barri&#232;res worden aangetast, waardoor verontreinigingen in het grondwater bestemd voor de drinkwatervoorziening terecht kunnen komen. Zie de toelichting bij <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.1__art_4.1">Artikel 4.1</tekst:IntRef> voor meer achtergrondinformatie over dit absolute verbod. In <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3">Artikel 4.7, derde lid</tekst:IntRef> is een limitatieve lijst opgenomen met werken en handelingen die wel zijn toegestaan.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Tiende lid:
Vergunningplichtige werken en handelingen<tekst:br/></tekst:i>Voor de activiteiten in het beschermingsgebied voor grondwater en in het waterwingebied zoals genoemd in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9">Artikel 4.4, negende lid</tekst:IntRef> resp. <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10">Artikel 4.6, tiende lid</tekst:IntRef> kan een omgevingsvergunning worden verleend. In verband met het absolute verbod in Zuidelijk Flevoland om het watervoerende pakket te beschermen geldt er geen vergunningplicht voor het uitvoeren van de bodemverstorende werken en handelingen in de boringsvrije zone. In het werkingsgebied zijn de dieptegrenzen aangegeven waar beneden het absolute verbod geldt. Daarmee zijn overigens niet alle bodemverstorende activiteiten verboden. In <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5">Artikel 4.5</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7">Artikel 4.7</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9">Artikel 4.9</tekst:IntRef> is een limitatieve lijst opgenomen van activiteiten die wel zijn toegestaan in een beschermingsgebied voor grondwater, een waterwingebied respectievelijk de boringsvrije zone.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In de nabijheid van de grondwaterwinning voor de openbare drinkwatervoorziening dient ondergronds vervoer en opslag van schadelijke stoffen tegen te worden gegaan. Hierbij kan gedacht worden aan bijvoorbeeld ondergrondse rioolpersleidingen of brandstofleidingen. Het tiende lid sub a is een aanvulling op de specifieke zorgplicht in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.1__art_4.3">Artikel 4.3</tekst:IntRef>. Bij werken moet worden gedacht aan aardgasleidingen
en dergelijke naar woningen en het afvoeren van binnen het gebied vrijkomend
afvalwater via het riool.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Tevens worden risicovolle
activiteiten buiten inrichtingen zoals het aanleggen, hebben of reconstrueren
van wegen, kampeer- en parkeergelegenheden verboden. Met reconstructie wordt
gedoeld op het wijzigen van de bestaande situatie door: verplaatsen, verbreden,
verdiepen en uitbreiden. Gebruikelijk onderhoud heeft geen zodanige wijziging
van de bestaande situatie tot gevolg dat er veranderingen worden verwacht in de
bestaande of te verwachten risico's voor de grondwaterkwaliteit. In de definitiebepaling
van het begrip reconstrueren staan enkele voorbeelden van gebruikelijk
onderhoud. Met een kampeergelegenheid wordt bedoeld een terrein met daarbij
behorende voorzieningen, ter beschikking gesteld voor het houden van recreatief
nachtverblijf.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Ook lozingen in de bodem zijn
verboden, met uitzondering van bepaalde bodemlozingen. Het verbod geldt onder
voorwaarden bijvoorbeeld niet voor een lozing van hemelwater, drinkwater of een
lozing via een vloeiveld, rietveld of door beregening van gewassen. Voor een
volledige opsomming en bijbehorende voorwaarden werd in het verleden verwezen
naar artikel 2 van het inmiddels vervallen Lozingenbesluit bodembescherming.
Deze verwijzing is vervangen door een verwijzing naar de regels in de
hoofdstukken 2 tot en met 5 van het Besluit activiteiten leefomgeving over
lozingsactiviteiten op een oppervlaktewaterlichaam en lozingsactiviteiten op
een zuiveringtechnisch. Hiermee is geen inhoudelijke wijziging beoogd.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In onderdeel e, wordt het
roeren, doorboren of doordringen van een bodem onder oppervlaktewater, ook wel
aangeduid als een waterbodem, verboden. Een waterbodem met een dikke sliblaag
fungeert als een barri&#232;re tussen het oppervlaktewater in een beschermings&#173;gebied
en het grondwater dat als bron voor de drinkwaterproductie wordt gebruikt. Door
het roeren van de water&#173;bodem wordt deze barri&#232;re al dan niet tijdelijk
opgeheven, waardoor verontreinigingen vanuit het oppervlaktewater in de
drinkwaterwinning kunnen geraken. Om het onderhoud aan vaarwegen mogelijk te maken
zijn onderhoudsbaggerwerkzaamheden uitgezonderd van het verbod.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_23" wId="pv24_80__artrecital__content_23">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.7</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Uitzondering verboden activiteiten in waterwingebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In het derde lid zijn de vrijstellingen van het verbod op bodemverstoring van <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6">Artikel 4.6</tekst:IntRef> derde tot en met negende lid opgenomen. De vrijstellingen kennen geen diepte beperking. De vrijstellingen betreffen in eerste instantie handelingen of werken die in het belang van het grondwaterbeheer, bodemkwaliteit of drinkwatervoorziening worden uitgevoerd. Daarnaast zijn ontgrondingsactiviteiten vrijgesteld waarvoor een omgevingsvergunning is verleend.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Ook heipalen in de bodem zijn
vrijgesteld (tweede lid onder e), mits deze palen in de bodem worden geslagen
en niet geboord en het geen palen met verbrede voet betreft of palen geschikt
voor ondergrondse energie-uitwisseling. In de begripsomschrijving is de prefab
betonnen heipaal gedefinieerd als geprefabriceerde betonpaal met constante
dwarsafmeting die middels heien is ge&#239;nstalleerd met uitzondering van palen met verbrede voet en palen geschikt voor de
uitwisseling van energie. Met het eerste zinsdeel wordt aangesloten op de
beschrijving in tabel 7.c van de geotechnische norm NEN 9997- 1+C2:2017.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Vanuit het voorzorgsbeginsel voor de bescherming van het voor drinkwater bestemde grondwater staat de provincie alleen die heipalen toe die de risico&#x2019;s voor het drinkwater maximaal beperken. Dit zijn de prefab betonnen heipalen, omdat deze een minder groot risico op lekstromen langs de paal kennen. Op deze wijze wordt enerzijds de drinkwatervoorraad zo goed mogelijk beschermd en kan anderzijds het gebied worden gebruikt van voor wonen en bedrijvigheid. Voor nagenoeg ieder pand in Zuidelijk Flevoland zijn namelijk heipalen nodig. Voor een enkel bedrijfspand kan het reeds gaan om honderden heipalen.<tekst:br/>Daarnaast mogen de palen niet worden gebruikt voor ondergrondse energie-uitwisseling. Met ondergrondse energie-uitwisseling wordt bedoeld het uitwisselen van energie door gebruikmaking van een transportmedium in de heipaal meestal met als doel een ruimte te verwarmen of te koelen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Onder f. worden sonderingen met behulp van de &#x201c;naprikmethode&#x201d; vrijgesteld. Dit betekent dat met deze vorm van sonderen de bodem verstoord mag worden op een grotere diepte dan de in het werkingsgebied aangegeven maximale diepte. Hierbij geldt dat het gehele sondeergat direct na uitvoering van de sondering wordt opgevuld met een waterondoorlatend materiaal (zwelklei) door middel van de met de Vereniging Ondernemers Technisch Bodemonderzoek (brancheorganisatie van bedrijven met werkzaamheden op het gebied van de geotechniek) afgestemde zogeheten "naprikmethode". Voor sonderen met behulp van de &#x201c;naprikmethode&#x201d; geldt, evenals voor ondiepe sonderingen door middel van andere methodes, op grond van <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.14">Artikel 4.14</tekst:IntRef> een
meldingsplicht.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De &#x201c;naprikmethode&#x201d; wordt
toegepast om het risico op verontreiniging van het grondwater via sondeergaten
te minimaliseren. Bij de "naprikmethode" wordt met tijdelijke stalen
casingbuizen en een verloren punt (bij voorkeur biologisch afbreekbaar)
gewerkt. Zijn alle benodigde casingbuizen geplaatst, dan worden deze buizen
eerst opgevuld met staven zwelklei. Schoon kraanwater moet worden toegevoegd op
een zodanige manier dat de kleistaven niet mee omhoog getrokken worden met de
casingbuizen en dat het sondeergat geheel opgevuld wordt met deze zwelklei,
zodat de zwelklei goed hecht in de bodem. De gebruikte zwelklei moet voor de
specifieke situatie het meest geschikt zijn om de aangetaste beschermende
werking van de doorboorde/gesondeerde klei- en leemlagen te herstellen. Het
&#x201c;na-prikken&#x201d; met de stalen casingbuizen moet gelogd worden en de log moet op
verzoek van de toezichthouder getoond kunnen worden ter controle van het
behalen van de sondeerdiepte.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Als tijdens het sonderen te
verwachten is dat de naprikmethode bij verder sonderen niet goed meer is uit te
voeren volgens de regels van deze Omgevingsverordening, moet de sondering
onmiddellijk gestaakt worden. Deze situatie kan zich bijvoorbeeld voordoen als
de sondeerdruk de 50 megapascal (MPa) gaat naderen door bijvoorbeeld de
aanwezigheid van compacte formaties in de bodem. Door dit tijdig staken kan het
dan gemaakte sondeergat alsnog met de naprikmethode opgevuld worden (als de
maximale diepte van de boringsvrije zone is bereikt of onderschreden is). De
aanwezigheid van deze compacte lagen is bekend en deze lagen zijn aangetroffen
op onder andere de volgende locaties: tussen de Gooimeerdijk-Oost en de
Lijsterweg, tussen de Lijsterweg en Wittevrouwen, in de omgeving van de Marie
Curielaan te Nobelhorst, bij de Vinkweg en bij de Molenbuurt te Zeewolde
(omgeving Zeewolderweg en Wolderwijd).</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_24" wId="pv24_80__artrecital__content_24">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.8</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Verbod op bodemverstoring in de boringsvrije zone</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Binnen de boringsvrije zone zijn alle werken of handelingen waarbij de bodem vanaf maaiveld wordt geroerd, doorboord of anderszins doordrongen verboden voorzover deze dieper gaan dan de in het werkingsgebied Boringsvrije zone Zuidelijk Flevoland aangegeven diepte. Hierdoor wordt voorkomen dat eventuele van nature aanwezige barri&#232;res worden aangetast, waardoor verontreinigingen in het grondwater bestemd voor de drinkwatervoorziening terecht kunnen komen. Zie de toelichting bij <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.1__art_4.1">Artikel 4.1</tekst:IntRef> voor meer achtergrondinformatie over dit absolute verbod. In <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9">Artikel 4.9</tekst:IntRef> is een limitatieve lijst opgenomen van werken en handelingen die wel zijn toegestaan.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_25" wId="pv24_80__artrecital__content_25">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.9</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Uitzondering verbod op bodemverstoring in de boringsvrije zone</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit artikel zijn de vrijstellingen van het verbod op bodemverstoring van <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8">Artikel 4.8</tekst:IntRef> opgenomen. De vrijstellingen kennen geen diepte beperking. De vrijstellingen betreffen in eerste instantie handelingen of werken die in het belang van het grondwaterbeheer, bodemkwaliteit of drinkwatervoorziening worden uitgevoerd. Daarnaast zijn ontgrondingsactiviteiten vrijgesteld waarvoor een omgevingsvergunning is verleend.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Ook heipalen in de bodem zijn
vrijgesteld (tweede lid onder e), mits deze palen in de bodem worden geslagen
en niet geboord en het geen palen met verbrede voet betreft of palen geschikt
voor ondergrondse energie-uitwisseling. In de begripsomschrijving is de prefab
betonnen heipaal gedefinieerd als geprefabriceerde betonpaal met constante
dwarsafmeting die middels heien is ge&#239;nstalleerd met uitzondering van palen met verbrede voet en palen geschikt voor de
uitwisseling van energie. Met het eerste zinsdeel wordt aangesloten op de
beschrijving in tabel 7.c van de geotechnische norm NEN 9997- 1+C2:2017.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Vanuit het voorzorgsbeginsel voor de bescherming van het voor drinkwater bestemde grondwater staat de provincie alleen die heipalen toe die de risico&#x2019;s voor het drinkwater maximaal beperken. Dit zijn de prefab betonnen heipalen, omdat deze een minder groot risico op lekstromen langs de paal kennen. Op deze wijze wordt enerzijds de drinkwatervoorraad zo goed mogelijk beschermd en kan anderzijds het gebied worden gebruikt van voor wonen en bedrijvigheid. Voor nagenoeg ieder pand in Zuidelijk Flevoland zijn namelijk heipalen nodig. Voor een enkel bedrijfspand kan het reeds gaan om honderden heipalen.<tekst:br/>Daarnaast mogen de palen niet worden gebruikt voor ondergrondse energie-uitwisseling. Met ondergrondse energie-uitwisseling wordt bedoeld het uitwisselen van energie door gebruikmaking van een transportmedium in de heipaal meestal met als doel een ruimte te verwarmen of te koelen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Onder f worden sonderingen met behulp van de &#x201c;naprikmethode&#x201d; vrijgesteld. Dit betekent dat met deze vorm van sonderen de bodem verstoord mag worden op een grotere diepte dan de in het werkingsgebied aangegeven maximale diepte. Hierbij geldt dat het gehele sondeergat direct na uitvoering van de sondering wordt opgevuld met een waterondoorlatend materiaal (zwelklei) door middel van de met de Vereniging Ondernemers Technisch Bodemonderzoek (brancheorganisatie van bedrijven met werkzaamheden op het gebied van de geotechniek) afgestemde zogeheten 'naprikmethode'. Voor sonderen met behulp van de &#x201c;naprikmethode&#x201d; geldt, evenals bij ondiepe sonderingen door middel van andere methodes, op grond van <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16">Artikel 4.16</tekst:IntRef> een meldingsplicht.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De &#x201c;naprikmethode&#x201d; wordt
toegepast om het risico op verontreiniging van het grondwater via sondeergaten
te minimaliseren. Bij de 'naprikmethode' wordt met tijdelijke stalen
casingbuizen en een verloren punt (bij voorkeur biologisch afbreekbaar)
gewerkt. Zijn alle benodigde casingbuizen geplaatst, dan worden deze buizen
eerst opgevuld met staven zwelklei. Schoon kraanwater moet worden toegevoegd op
een zodanige manier dat de kleistaven niet mee omhoog getrokken worden met de
casingbuizen en dat het sondeergat geheel opgevuld wordt met deze zwelklei,
zodat de zwelklei goed hecht in de bodem. De gebruikte zwelklei moet voor de
specifieke situatie het meest geschikt zijn om de aangetaste beschermende
werking van de doorboorde/gesondeerde klei- en leemlagen te herstellen. Het
'na-prikken' met de stalen casingbuizen moet gelogd worden en de log moet op
verzoek van de toezichthouder getoond kunnen worden ter controle van het
behalen van de sondeerdiepte.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Als tijdens het sonderen te
verwachten is dat de naprikmethode bij verder sonderen niet goed meer is uit te
voeren volgens de regels van deze Omgevingsverordening, moet de sondering
onmiddellijk gestaakt worden. Deze situatie kan zich bijvoorbeeld voordoen als
de sondeerdruk de 50 megapascal (MPa) gaat naderen door bijvoorbeeld de
aanwezigheid van compacte formaties in de bodem. Door dit tijdig staken kan het
dan gemaakte sondeergat alsnog met de naprikmethode opgevuld worden (als de
maximale diepte van de boringsvrije zone is bereikt of onderschreden is). De
aanwezigheid van deze compacte lagen is bekend en deze lagen zijn aangetroffen
op onder andere de volgende locaties: tussen de Gooimeerdijk-Oost en de Lijsterweg,
tussen de Lijsterweg en Wittevrouwen, in de omgeving van de Marie Curielaan te
Nobelhorst, bij de Vinkweg en bij de Molenbuurt te Zeewolde (omgeving
Zeewolderweg en Wolderwijd).</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_26" wId="pv24_80__artrecital__content_26">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.10</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Aanvraagvereisten omgevingsvergunning</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Op grond van <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9">Artikel 4.4, negende lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10">Artikel 4.6, tiende lid</tekst:IntRef> geldt een vergunningplicht voor bepaalde werken en handelingen in beschermingsgebieden voor grondwater en in waterwingebieden. Welke gegevens en bescheiden bij een aanvraag voor een dergelijke vergunning moeten worden gevoegd, is geregeld in landelijke en provinciale regelgeving.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In de eerste plaats geldt de
Algemene wet bestuursrecht (Awb). Titel 4.1 van de Awb stelt regels over het
aanvragen, voorbereiden en beslissen van beschikkingen. Deze regels gelden
tenzij de bijzondere wet iets anders voorschrijven. Artikel 4:2 Awb bepaalt dat
een aanvraag wordt ondertekend en dat het ten minste de naw-gegevens van de
aanvrager bevat, de dagtekening en de aanduiding van de beschikking die wordt
gevraagd. Ook regelt dit artikel dat de aanvrager de gegevens en bescheiden
verschaft die voor de beslissing op de aanvraag nodig zijn.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Artikel 16.55 Omgevingswet
bepaalt dat de wijze van aanvragen wordt geregeld bij Algemene Maatregel van
Bestuur (hoofdstuk 14 Omgevingsbesluit) en dat de Omgevingsregeling regels
stelt over de door de aanvrager te verstrekken gegevens en bescheiden. De
Omgevingsregeling bepaalt welke algemene gegevens en bescheiden
(indieningsvereisten) bij een aanvraag voor een omgevingsvergunning op grond
van de omgevingsverordening moet worden gevoegd (artikel 7.3). Ook bepaalt het
dat bij de aanvraag informatie moet zijn gevoegd over de wijze waarop de
participatie over de aanvraag is ingericht en wat de resultaten daarvan zijn
(artikel 7.4).</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.4__art_4.10">Artikel 4.10</tekst:IntRef> van deze
omgevingsverordening regelt aanvullend op de Omgevingsregeling dat bij de
aanvraag om omgevingsvergunning voor werken en handelingen in
beschermingsgebieden voor grondwater en in waterwingebieden relevante gegevens
en bescheiden moeten worden verstrekt over de voorgenomen activiteit. Omdat er
diverse werkzaamheden vallen onder de vergunningplichtige werken en handelingen
wordt bewust gesproken over relevante gegevens en bescheiden, omdat op voorhand
niet expliciet gemaakt kan worden welke gegeven en bescheiden het precies
betreft.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_27" wId="pv24_80__artrecital__content_27">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.11</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Melding: boorputten onttrekken grondwater of uitwisseling energie in een beschermingsgebied voor grondwater</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit artikel is als algemene
regel een meldingsplicht opgenomen voor boorputten geschikt voor het onttrekken
van grondwater of de uitwisseling energie tot en met de in het werkingsgebied
aangegeven diepte. Door de introductie van een meldingsysteem is het mogelijk
om zonder omgevingsvergunning in een groot deel van Zuidelijk Flevoland tot een
bepaalde diepte bodemverstorende activiteiten toe te staan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Aangezien de in het
werkingsgebied aangegeven diepte gebaseerd is op de werkelijke diepte van de
bescher&#173;mende lagen is een verplichting voor het melden van de datum en tijd
waarop een boorput wordt het opgericht en gewijzigd opgenomen. Op basis van de
melding kan ter plaatse worden toegezien of de boorput in oprichting voldoet
aan de voorwaarden. De gegevens en bescheiden die bij een melding moeten worden
ingediend, zijn beschreven in het achtste lid.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Naast boorputten geschikt voor
het onttrekken van grondwater dienen ook boorputten voor het uitwisselen van
energie te worden gemeld. Hieronder vallen ook de zogenaamde verticale
bodemwisselaars. Een melding is nodig bij het oprichten of het wijzigen van een
boorput. Onder wijzigen van een boorput wordt onder meer verstaan het plaatsen
van een nieuwe binnenbuis, terugslagkleppen of het opvullen van het boorgat. De
gegevens en bescheiden die bij een melding moeten worden ingediend, zijn
beschreven in het vierde lid.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het achtste en negende lid wordt geregeld welke gegevens en bescheiden bij de melding moeten worden ingediend. Dit is aanvullend op <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> van deze verordening, dat vergelijkbaar met
artikel 2.17 Besluit activiteiten leefomgeving regelt welke algemene informatie
bij de melding moet worden gevoegd. Het betreft o.a. de kadastrale aanduiding
van de plaats van de boorput, een beschrijving van de constructie van de
boorput inclusief de materiaalkeuze en de te gebruiken vloeistoffen en de
diepte van de boorput ten opzichte van Normaal Amsterdams Peil.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Gedeputeerde staten zijn op
grond van artikel 4.8 Omgevingswet het bevoegd gezag waaraan een melding wordt
gedaan.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_28" wId="pv24_80__artrecital__content_28">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.12</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemene regels prefab betonnen heipalen bij werkzaamheden aan de fundering van een bouwwerk in een beschermingsgebied voor grondwater</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Bij werkzaamheden
waarbij de bestaande fundering, waar heipalen onderdeel van vormen, gesloopt of
gewijzigd wordt, mag het beschermingsniveau voor het diepe grondwater niet
geschaad worden. Dit betekent dat de aan de heipalen verbonden delen van de
fundering uit de bodem verwijderd mogen worden maar de heipalen zelf niet. Aan
de heipalen mag niet geduwd, getrokken en gewrikt worden. Uitgangspunt is dat
de bodem zo min als mogelijk verstoord mag worden. De heipalen moeten op
minimaal 2 meter minus maaiveld afgewerkt worden met bij voorkeur de methode
'afzagen' en als dat niet kan of veel problemen oplevert met de methode
'afknabbelen'. Bij afwijken van de methode 'afzagen' verdient het
aanbeveling om te overleggen
met de toezichthouder van OFGV.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_29" wId="pv24_80__artrecital__content_29">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.13</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Melding: uitvoeren van sonderingen in een beschermingsgebied voor grondwater</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4">Artikel 4.4</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6">Artikel 4.6</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8">Artikel 4.8</tekst:IntRef> zijn de verboden voor bodemverstoring binnen de beschermingsgebieden voor grondwater, de waterwingebieden en de boringsvrije zone beschreven. Alle werken of handelingen waarbij de bodem vanaf maaiveld wordt geroerd, doorboord of anderszins doordrongen, zijn verboden voorzover deze dieper gaan dan de in het werkingsgebied aangegeven diepte. Het uitvoeren van een sondering dieper dan deze diepte valt in principe onder dit verbod, tenzij er wordt gesondeerd met behulp van de "naprikmethode". Zie hiervoor <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2">Artikel 4.5, tweede lid</tekst:IntRef> onder f, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_2">Artikel 4.7, tweede lid</tekst:IntRef> onder f en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9">Artikel 4.9</tekst:IntRef> aanhef en onder f.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Hieruit volgt dat ondiepe
sonderingen en diepe sonderingen met behulp van de "naprikmethode" zijn
toegestaan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13">Artikel 4.13</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16">Artikel 4.16</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19">Artikel 4.19</tekst:IntRef> is een meldingsplicht opgenomen voor het uitvoeren van sonderingen. Deze verplichting geldt voor ondiepe sonderingen (tot en met de in het werkingsgebied aangegeven diepte) en diepe sonderingen met behulp van de "naprikmethode". Door het meldingsysteem is het mogelijk om zonder omgevingsvergunning in een groot deel van Zuidelijk Flevoland ondiepe en bepaalde diepe sonderingen toe te staan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Aangezien de in het
werkingsgebied aangegeven diepte gebaseerd is op de werkelijke diepte van de
beschermende lagen is een verplichting voor het melden van de datum en tijd
waarop een sondering wordt het opgericht en gewijzigd opgenomen. Op basis van
de melding kan ter plaatse worden toegezien of de sondering voldoet aan de
voorwaarden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het derde lid wordt geregeld welke gegevens en bescheiden bij de melding moeten worden ingediend. Dit is aanvullend op <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> van deze verordening, dat vergelijkbaar met artikel
2.17 Besluit activiteiten leefomgeving regelt welke algemene informatie bij de
melding moet worden gevoegd. Het betreft o.a. gegevens en bescheiden over de
uitvoerder, de kadastrale aanduiding van de plaats van de sondering en de
co&#246;rdinaten van de sondering(en).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Gedeputeerde staten zijn op
grond van artikel 4.8 Omgevingswet het bevoegd gezag waaraan een melding wordt
gedaan.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_30" wId="pv24_80__artrecital__content_30">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.14</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Melding: boorputten onttrekken grondwater of uitwisseling energie in een waterwingebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit artikel is als algemene
regel een meldingsplicht opgenomen voor boorputten geschikt voor het onttrekken
van grondwater of de uitwisseling energie tot en met de in het werkingsgebied
aangegeven diepte. Door de introductie van een meldingsysteem is het mogelijk
om zonder omgevingsvergunning in een groot deel van Zuidelijk Flevoland tot een
bepaalde diepte bodemverstorende activiteiten toe te staan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Aangezien de in de
werkingsgebieden aangegeven diepte gebaseerd is op de werkelijke diepte van de
bescher&#173;mende lagen is een verplichting voor het melden van de datum en tijd
waarop een boorput wordt het opgericht en gewijzigd opgenomen. Op basis van de
melding kan ter plaatse worden toegezien of de boorput in oprichting voldoet
aan de voorwaarden. De gegevens en bescheiden die bij een melding moeten worden
ingediend, zijn beschreven in het derde lid.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Naast boorputten geschikt voor
het onttrekken van grondwater dienen ook boorputten voor het uitwisselen van
energie te worden gemeld. Hieronder vallen ook de zogenaamde verticale
bodemwisselaars. Een melding is nodig bij het oprichten of het wijzigen van een
boorput. Onder wijzigen van een boorput wordt onder meer verstaan het plaatsen
van een nieuwe binnenbuis, terugslagkleppen of het opvullen van het boorgat. De
gegevens en bescheiden die bij een melding moeten worden ingediend, zijn
beschreven in het vierde lid.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het derde en vierde lid wordt geregeld welke gegevens en bescheiden bij de melding moeten worden ingediend. Dit is aanvullend op <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> van deze verordening, dat vergelijkbaar met
artikel 2.17 Besluit activiteiten leefomgeving regelt welke algemene informatie
bij de melding moet worden gevoegd. Het betreft o.a. de kadastrale aanduiding
van de plaats van de boorput, een beschrijving van de constructie van de
boorput inclusief de materiaalkeuze en de te gebruiken vloeistoffen en de diepte
van de boorput ten opzichte van Normaal Amsterdams Peil.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Gedeputeerde staten zijn op
grond van artikel 4.8 Omgevingswet het bevoegd gezag waaraan een melding wordt
gedaan.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_31" wId="pv24_80__artrecital__content_31">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.15</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemene regels prefab betonnen heipalen bij werkzaamheden aan de fundering van een bouwwerk in een waterwingebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Bij werkzaamheden
waarbij de bestaande fundering, waar heipalen onderdeel van vormen, gesloopt of
gewijzigd wordt, mag het beschermingsniveau voor het diepe grondwater niet
geschaad worden. Dit betekent dat de aan de heipalen verbonden delen van de
fundering uit de bodem verwijderd mogen worden maar de heipalen zelf niet. Aan
de heipalen mag niet geduwd, getrokken en gewrikt worden. Uitgangspunt is dat
de bodem zo min als mogelijk verstoord mag worden. De heipalen moeten op
minimaal 2 meter minus maaiveld afgewerkt worden met bij voorkeur de methode
'afzagen' en als dat niet kan of veel problemen oplevert met de methode
'afknabbelen'. Bij afwijken van de methode 'afzagen' verdient het
aanbeveling om te overleggen
met de toezichthouder van OFGV.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_32" wId="pv24_80__artrecital__content_32">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.16</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Melding: uitvoeren van sonderingen in een waterwingebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4">Artikel 4.4</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6">Artikel 4.6</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8">Artikel 4.8</tekst:IntRef> zijn de verboden voor bodemverstoring binnen de beschermingsgebieden voor grondwater, de waterwingebieden en de boringsvrije zone beschreven. Alle werken of handelingen waarbij de bodem vanaf maaiveld wordt geroerd, doorboord of anderszins doordrongen, zijn verboden voorzover deze dieper gaan dan de in het werkingsgebied aangegeven diepte. Het uitvoeren van een sondering dieper dan deze diepte valt in principe onder dit verbod, tenzij er wordt gesondeerd met behulp van de "naprikmethode". Zie hiervoor <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2">Artikel 4.5, tweede lid</tekst:IntRef> onder f, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_2">Artikel 4.7, tweede lid</tekst:IntRef> onder f en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9">Artikel 4.9</tekst:IntRef> aanhef en onder f.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Hieruit volgt dat ondiepe sonderingen
en diepe sonderingen met behulp van de "naprikmethode" zijn toegestaan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13">Artikel 4.13</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16">Artikel 4.16</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19">Artikel 4.19</tekst:IntRef> is een meldingsplicht opgenomen voor het uitvoeren van sonderingen. Deze verplichting geldt voor ondiepe sonderingen (tot en met de in het werkingsgebied aangegeven diepte) en diepe sonderingen met behulp van de "naprikmethode". Door het meldingsysteem is het mogelijk om zonder omgevingsvergunning in een groot deel van Zuidelijk Flevoland ondiepe en bepaalde diepe sonderingen toe te staan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Aangezien de in het
werkingsgebied aangegeven diepte gebaseerd is op de werkelijke diepte van de
beschermende lagen is een verplichting voor het melden van de datum en tijd
waarop een sondering wordt het opgericht en gewijzigd opgenomen. Op basis van
de melding kan ter plaatse worden toegezien of de sondering voldoet aan de
voorwaarden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het derde en vierde lid wordt geregeld welke gegevens en bescheiden bij de melding moeten worden ingediend. Dit is aanvullend op <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> van deze verordening, dat vergelijkbaar met
artikel 2.17 Besluit activiteiten leefomgeving regelt welke algemene informatie
bij de melding moet worden gevoegd. Het betreft o.a. gegevens en bescheiden
over de uitvoerder, de kadastrale aanduiding van de plaats van de sondering en
de co&#246;rdinaten van de sondering(en).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Gedeputeerde staten zijn op
grond van artikel 4.8 Omgevingswet het bevoegd gezag waaraan een melding wordt
gedaan.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_33" wId="pv24_80__artrecital__content_33">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.17</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Melding: boorputten onttrekken grondwater of uitwisseling energie in de boringsvrije zone</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit artikel is als algemene
regel een meldingsplicht opgenomen voor boorputten geschikt voor het onttrekken
van grondwater of de uitwisseling energie tot en met de op de kaart
'Boringsvrije zone Zuidelijk Flevoland' aangegeven diepte. Door de introductie
van een meldingsysteem is het mogelijk om zonder omgevingsvergunning in een
groot deel van Zuidelijk Flevoland tot een bepaalde diepte bodemverstorende
activiteiten toe te staan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Aangezien de in het
werkingsgebied aangegeven diepte gebaseerd is op de werkelijke diepte van de
bescher&#173;mende lagen is een verplichting voor het melden van de datum en tijd
waarop een boorput wordt het opgericht en gewijzigd opgenomen. Op basis van de
melding kan ter plaatse worden toegezien of de boorput in oprichting voldoet
aan de voorwaarden. De gegevens en bescheiden die bij een melding moeten worden
ingediend, zijn beschreven in het derde lid.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Naast boorputten geschikt voor
het onttrekken van grondwater dienen ook boorputten voor het uitwisselen van energie
te worden gemeld. Hieronder vallen ook de zogenaamde verticale bodemwisselaars.
Een melding is nodig bij het oprichten of het wijzigen van een boorput. Onder
wijzigen van een boorput wordt onder meer verstaan het plaatsen van een nieuwe
binnenbuis, terugslagkleppen of het opvullen van het boorgat. De gegevens en
bescheiden die bij een melding moeten worden ingediend, zijn beschreven in het
vierde lid.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het derde en vierde lid wordt geregeld welke gegevens en bescheiden bij de melding moeten worden ingediend. Dit is aanvullend op <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> van deze verordening, dat vergelijkbaar met
artikel 2.17 Besluit activiteiten leefomgeving regelt welke algemene informatie
bij de melding moet worden gevoegd. Het betreft o.a. de kadastrale aanduiding van
de plaats van de boorput, een beschrijving van de constructie van de boorput
inclusief de materiaalkeuze en de te gebruiken vloeistoffen en de diepte van de
boorput ten opzichte van Normaal Amsterdams Peil.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Gedeputeerde staten zijn op
grond van artikel 4.8 Omgevingswet het bevoegd gezag waaraan een melding wordt
gedaan.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_34" wId="pv24_80__artrecital__content_34">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.18</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemene regels prefab betonnen heipalen bij werkzaamheden aan de fundering van een bouwwerk in de boringsvrije zone</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Bij werkzaamheden
waarbij de bestaande fundering, waar heipalen onderdeel van vormen, gesloopt of
gewijzigd wordt, mag het beschermingsniveau voor het diepe grondwater niet
geschaad worden. Dit betekent dat de aan de heipalen verbonden delen van de
fundering uit de bodem verwijderd mogen worden maar de heipalen zelf niet. Aan
de heipalen mag niet geduwd, getrokken en gewrikt worden. Uitgangspunt is dat
de bodem zo min als mogelijk verstoord mag worden. De heipalen moeten op
minimaal 2 meter minus maaiveld afgewerkt worden met bij voorkeur de methode
'afzagen' en als dat niet kan of veel problemen oplevert met de methode
'afknabbelen'. Bij afwijken van de methode 'afzagen' verdient het
aanbeveling om te overleggen
met de toezichthouder van OFGV.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_35" wId="pv24_80__artrecital__content_35">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.19</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Melding: uitvoeren van sonderingen in de boringsvrije zone</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4">Artikel 4.4</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6">Artikel 4.6</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.8">Artikel 4.8</tekst:IntRef> zijn de verboden voor bodemverstoring binnen de beschermingsgebieden voor grondwater, de waterwingebieden en de boringsvrije zone beschreven. Alle werken of handelingen waarbij de bodem vanaf maaiveld wordt geroerd, doorboord of anderszins doordrongen, zijn verboden voorzover deze dieper gaan dan de in het werkingsgebied aangegeven diepte. Het uitvoeren van een sondering dieper dan deze diepte valt in principe onder dit verbod, tenzij er wordt gesondeerd met behulp van de "naprikmethode". Zie hiervoord<tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2">Artikel 4.5, tweede lid</tekst:IntRef> onder f, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_2">Artikel 4.7, tweede lid</tekst:IntRef> onder f en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9">Artikel 4.9</tekst:IntRef> aanhef en onder f. Hieruit volgt dat ondiepe sonderingen en diepe sonderingen met behulp van de "naprikmethode" zijn toegestaan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.1__art_4.13">Artikel 4.13</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.2__art_4.16">Artikel 4.16</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19">Artikel 4.19</tekst:IntRef> is als algemene regel een meldingsplicht opgenomen voor het uitvoeren van sonderingen. Deze verplichting geldt voor ondiepe sonderingen (tot en met de in het werkingsgebied aangegeven diepte) en diepe sonderingen met behulp van de "naprikmethode". Door het meldingsysteem is het mogelijk om zonder omgevingsvergunning in een groot deel van Zuidelijk Flevoland ondiepe en bepaalde diepe sonderingen toe te staan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Aangezien de in het
werkingsgebied aangegeven diepte gebaseerd is op de werkelijke diepte van de
beschermende lagen is een verplichting voor het melden van de datum en tijd
waarop een sondering wordt het opgericht en gewijzigd opgenomen. Op basis van
de melding kan ter plaatse worden toegezien of de sondering voldoet aan de
voorwaarden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het derde en vierde lid wordt geregeld welke gegevens en bescheiden bij de melding moeten worden ingediend. Dit is aanvullend op <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> van deze verordening, dat vergelijkbaar met
artikel 2.17 Besluit activiteiten leefomgeving regelt welke algemene informatie
bij de melding moet worden gevoegd. Het betreft o.a. gegevens en bescheiden
over de uitvoerder, de kadastrale aanduiding van de plaats van de sondering en
de co&#246;rdinaten van de sondering(en).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Gedeputeerde staten zijn op
grond van artikel 4.8 Omgevingswet het bevoegd gezag waaraan een melding wordt
gedaan.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_36" wId="pv24_80__artrecital__content_36">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.20</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Waterschap Zuiderzeeland: grondwateronttrekkingsactiviteit in grondwaterbeschermingsgebieden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Artikel 2.22 van de Omgevingswet biedt de provincie de bevoegdheid om de waterschappen bij omgevingsverordening algemene instructies te geven, onder andere met betrekking tot de inhoud van de op grond van deze wet vast te stellen plannen en besluiten. Deze instructies kunnen worden gegeven met het oog op een samenhangend en doelmatig regionaal waterbeheer. De in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.3__art_4.20">Artikel 4.20</tekst:IntRef> opgenomen instructies richten zich op de regulering van de grondwateronttrekkingen in de grondwaterbeschermingsgebieden door Waterschap Zuiderzeeland. Op grond van de Omgevingswet is regulering van de grondwateronttrekkingen overgelaten aan Waterschap Zuiderzeeland, behoudens drie specifieke categorie&#235;n van grondwateronttrekkingen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het beleid van de provincie Flevoland
is erop gericht het derde watervoerende pakket in Zuidelijk Flevoland exclusief
te reserveren voor de openbare drinkwatervoorziening. Andere onttrekkingen dan
ten behoeve van de openbare drinkwatervoorziening worden niet toegestaan en
waar nodig gesaneerd. Vergunningen voor onttrekkingen worden op grond van het
provinciaal beleid nooit toegestaan. In het Omgevingsprogramma Flevoland is
aangegeven dat, gelet op het voornoemde beleid, een absoluut verbod voor
onttrekkingen (anders dan voor de openbare drinkwatervoorziening) in de
onderhavige verordening wordt opgenomen. Een uitzondering op dit verbod moet
worden gemaakt voor onttrekkingen ten behoeve van grond(water)saneringen, het
grondwaterbeheer en grondwatermonitoring.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De provincie kan op grond van de
Omgevingswet geen absoluut verbod instellen voor onttrekkingen onder haar
bevoegd gezag (onttrekkingen ten behoeve van de openbare drinkwatervoorziening,
bodemenergiesystemen en industri&#235;le onttrekkingen groter dan 150.000 m<tekst:sup>3</tekst:sup>).
Wel kan de provincie via de grondwaterbeschermingsregelgeving een absoluut
verbod instellen voor boringen en daarmee onttrekkingen absoluut verbieden. Van
deze mogelijkheid is gebruik gemaakt in het hoofdstuk
Grondwaterbeschermingsgebieden van deze verordening.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Andere dan voornoemde grondwateronttrekkingen vallen onder het bevoegd gezag van Waterschap Zuiderzeeland. Voor de grondwateronttrekkingen onder bevoegd gezag van het waterschap moet het absoluut verbod ook gelden. Daarvoor moet in de waterverordening van Waterschap Zuiderzeeland eenzelfde absoluut verbod worden opgenomen. Gelet op de grote belangen die zijn gemoeid met de bescherming van het grondwater dat exclusief is gereserveerd voor de openbare drinkwatervoorziening is in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.3__art_4.20">Artikel 4.20</tekst:IntRef> een instructieregel opgenomen die de Algemene Vergadering verplicht in de waterschapsverordening van Waterschap Zuiderzeeland een absoluut verbod op te nemen voor het onttrekken van grondwater en voor het infiltreren of retourneren van water op een grotere diepte dan aangegeven in de werkingsgebieden. Van het begrip infiltreren is een definitie opgenomen in de begripsbepalingen (<tekst:IntRef ref="chp_1__art_1.1">Artikel 1.1</tekst:IntRef>). Het is water in de
bodem brengen met het doel dit later op te pompen. Retourneren is het weer in
de bodem brengen van water dat eerst is opgepompt.<tekst:br/>Dit absoluut verbod houdt in dat het college van dijkgraaf en heemraden geen omgevingsvergunning kunnen verlenen voor onttrekkingen als bedoeld in het eerste lid.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_37" wId="pv24_80__artrecital__content_37">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>4.21</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Bevoegd gezag: beoordelingsregels werken en handelingen voor een milieubelastende activiteit in een beschermingsgebied voor grondwater of een waterwingebied)</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het bevoegd gezag kan omgevingsvergunning verlenen van de in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9">Artikel 4.4, negende lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10">Artikel 4.6, tiende lid</tekst:IntRef> genoemde verboden werken en handelingen. In verband met het absolute verbod in Zuidelijk Flevoland voor activiteiten die het derde watervoerende pakket beschermen geldt er geen mogelijkheid om omgevingsvergunning te verlenen voor het uitvoeren van bodemverstorende werken en handelingen in de boringsvrije zone. Door de diepte van de werkingsgebieden te benoemen in de artikelleden zijn de dieptegrenzen aangegeven waar beneden het absolute verbod geldt. Daarmee zijn overigens niet alle bodemverstorende activiteiten verboden. In <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.5__para_2">Artikel 4.5, tweede lid</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.7__para_3">Artikel 4.7, derde lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.3__art_4.9">Artikel 4.9</tekst:IntRef> is een limitatieve lijst van
activiteiten opgenomen die wel zijn toegestaan.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Bevoegd gezag<tekst:br/></tekst:i>Gedeputeerde staten zijn op grond van de
artikelen 4.3, eerste lid en 4.6, eerste lid Omgevingsbesluit bevoegd gezag
voor de enkel- of meervoudige aanvraag om omgevingsvergunning als de aanvraag
alleen betrekking heeft op een of meer 'provincie-activiteiten'. Dit geldt ook
voor de activiteiten waarvoor in de omgevingsverordening de vergunningplicht
wordt ge&#239;ntroduceerd ('omgevingsverordeningsactiviteit' als bedoeld in artikel
4.6, lid 1 onderdeel f Omgevingsbesluit).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Als er sprake is van een
meervoudige aanvraag met ook andere dan provincie-activiteiten geldt de
hoofdregel van artikel 5.12, tweede lid, Omgevingswet dat burgemeester en
wethouders het bevoegd gezag zijn. Gedeputeerde staten hebben in zo'n situatie
de beschikking over de bevoegdheid tot advies met instemming (afdeling 4.2
Omgevingsbesluit). Het gaat dan om het uitbrengen van advies over de aanvraag
om omgevingsvergunning voor de betreffende 'omgevingsverordeningsactiviteit'
(artikel 16.11 en 16.15 eerste en derde lid Omgevingswet en artikel 4.25 eerste
lid onder f Omgevingsbesluit) en het binnen 4 weken na het verzoek om instemming
(artikel 16.18 Omgevingswet) beslissen omtrent instemming met het voorgenomen
besluit (artikel 16.16 Omgevingswet en artikel 4.25 derde lid Omgevingsbesluit).
Artikel 16.17 Omgevingswet en artikel 4.38 Omgevingsbesluit bepalen dat de
gronden voor het verlenen of onthouden van instemming gelijk zijn aan de
beoordelingsregels.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Een uitzondering op deze
hoofdregel doet zich voor als er sprake is van een provinciale
magneetactiviteit (artikel 4.6 tweede lid Omgevingsbesluit). Een
magneetactiviteit trekt alle andere daarmee in combinatie aangevraagde
activiteiten naar het bevoegd gezag voor de magneetactiviteit. Wanneer een
vergunning wordt aangevraagd voor een provinciale magneetactiviteit
-bijvoorbeeld een omgevingsplanactiviteit van provinciaal belang, een grote
ontgronding of een complex bedrijf- in combinatie met een andere activiteit
beslissen gedeputeerde staten altijd op de aanvraag. De 'omgevingsverordeningsactiviteit'
zelf is overigens niet aangemerkt als magneetactiviteit.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Op grond van artikel 5.34
Omgevingswet kunnen overigens aan een omgevingsvergunning voorschriften worden
verbonden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_38" wId="pv24_80__artrecital__content_38">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk gaan over het onttrekken van grondwater, al dan niet in verband met de aanleg of gebruik van een open bodemenergiesysteem en zijn gesteld met het oog op de bescherming van de grondwaterkwaliteit, doelmatig waterbeheer en doelmatig gebruik van bodemenergie.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_39" wId="pv24_80__artrecital__content_39">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Werkingsgebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk gelden alleen voor grondwateronttrekkingen in het grondgebied van de provincie Flevoland, waarvan de geometrische begrenzing is vastgelegd in bijlage II.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_40" wId="pv24_80__artrecital__content_40">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>(Toepassingsbereik)</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Deze afdeling is van toepassing op de grondwateronttrekkingen waarvoor de provincie bevoegd gezag is.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Dit zijn allereerst de in artikel 16.3 van het Besluit activiteiten leefomgeving bedoelde grondwateronttrekkingen waar op grond van artikel 4.3. van het Omgevingsbesluit Gedeputeerde Staten beslist op de aanvraag van een omgevingsvergunning voor een dergelijke grondwateronttrekking. Dit zijn de grondwateronttrekkingen voor industri&#235;le toepassingen van meer dan 150.000m3/jaar water of de grondwateronttrekkingen voor de openbare drinkwatervoorziening. De grondwateronttrekkingen omvatten zowel het onttrekken van grondwater door een daarvoor bedoelde voorziening omvat het ook het in de bodem brengen van water ter aanvulling van het grondwater, in samenhang met het onttrekken van grondwater door een daarvoor bedoelde voorziening.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Daarnaast is deze afdeling van toepassing op het onttrekken van grondwater in verband met de aanleg of gebruik van een open bodemenergiesysteem als bedoeld in artikel 3.18 van het Besluit activiteiten leefomgeving. Op grond van artikel 2.5. van het Besluit activiteiten leefomgeving is Gedeputeerde Staten het bevoegd gezag waaraan de melding gedaan wordt. Ook is Gedeputeerde Staten degene die op grond van 4.6. beslist op de aanvraag van een omgevingsvergunning voor een open bodemenergiesysteem.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_41" wId="pv24_80__artrecital__content_41">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>(Meetverplichting onttrekken van grondwater en infiltratie van water)</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit artikel zijn de meetverplichtingen van het voormalige artikel 6.11 van het Waterbesluit en het voormalige artikel 6.5 van de Waterregeling voortgezet voor wat betreft de grondwateronttrekkingen zoals bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.1__art_5.3">Artikel 5.3</tekst:IntRef>. De meetverplichting geldt voor zowel vergunningplichtige als vergunningvrije gevallen. Op grond van het eerste lid moet de hoeveelheid onttrokken grondwater en de hoeveelheid water die wordt ge&#239;nfiltreerd worden gemeten. Op grond van het derde lid moet daarnaast ook de kwaliteit van het water dat wordt ge&#239;nfiltreerd worden gemeten. In deze omgevingsverordening kan een bepaling staan waarin gevallen worden aangewezen waarvoor de meetverplichtingen niet gelden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_42" wId="pv24_80__artrecital__content_42">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>(Toepassingsbereik)</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Deze afdeling is van toepassing op de in artikel 3.18 van het Besluit activiteiten leefomgeving aangewezen milieubelastende activiteit &#x201c;aanleg of gebruik van een open bodemenergiesysteem&#x201d;. Op grond van artikel 2.12, eerste en derde lid van het Besluit activiteiten leefomgeving kunnen er in de omgevingsverordening maatwerkregels opgenomen voor de in het Besluit activiteiten leefomgeving aangewezen milieubelastende activiteiten.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Gedeputeerde Staten is op grond van artikel 2.5. van het Besluit activiteiten leefomgeving het bevoegd gezag waaraan de melding gedaan wordt. Ook is Gedeputeerde Staten degene die op grond van 4.6. beslist op de aanvraag van een omgevingsvergunning voor een open bodemenergiesysteem.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_43" wId="pv24_80__artrecital__content_43">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.6</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>(Vergunningvrije bodemenergiesystemen)</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Op grond van artikel 2.16 van het Besluit activiteiten leefomgeving kan bij provinciale verordening worden bepaald dat er geen omgevingsvergunning vereist is voor de op grond van artikel 3.19 van het Besluit activiteiten leefomgeving als vergunningplichtig aangemerkte milieubelastende activiteit aanleg en gebruik van een open bodemenergiesysteem. Het aanwijzen van vergunningvrije open bodemenergiesystemen kan met het oog op doelmatig gebruik van bodemenergie en kan enkel gelden voor onttrekkingen waarbij de onttrokken hoeveelheid ten hoogste 10m&#179; per uur bedraagt. Voor dergelijke vergunningvrije open bodemenergiesystemen is op grond van artikel 4.119 van het Besluit activiteiten leefomgeving een melding verplicht. Deze melding wordt op grond van artikel 2.5 van het Besluit activiteiten leefomgeving aan Gedeputeerde Staten gedaan. De algemene regels zoals opgenomen in paragraaf 4.112 van het Besluit activiteiten leefomgeving zijn van toepassing op open bodemenergiesystemen en gelden dus ook voor de meldingsplichtige open bodemenergiesystemen, tenzij in deze omgevingsverordening anders bepaald is.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.6__para_1">Artikel 5.6, eerste lid</tekst:IntRef> artikel voorziet, omwille van het streven naar een (landelijk) vergelijkbaar speelveld in deze vrijstelling voor bodemenergiesystemen met een pompcapaciteit die niet meer bedraagt dan 10m&#179; per uur.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In <tekst:IntRef ref="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.6__para_2">Artikel 5.6, tweede lid</tekst:IntRef> is bepaald dat in interferentiegebieden de vrijstelling van de vergunningplicht niet geldt ter voorkoming van negatieve interferentie. In deze gebieden kan beleid worden gevoerd om de vraag naar een beschikbare ruimte voor bodemenergie op elkaar af te stemmen. In die gevallen dat gemeenten of de provincie besluiten interferentiegebieden aan te wijzen zullen gezamenlijk masterplannen voor de ondergrond en daarvan afgeleide regels in het omgevingsplan of omgevingsverordening worden opgenomen. Voor reeds ge&#239;nstalleerde systemen die zijn gemeld voordat een interferentiegebied is aangewezen, is overgangsrecht opgenomen. Daar blijft het oude recht op van toepassing.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_44" wId="pv24_80__artrecital__content_44">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.7</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>(Gegevens en bescheiden)</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Aangezien de meldplicht op grond van het Besluit activiteiten leefomgeving verplicht is, zijn de in artikel 2.17 van het Besluit activiteiten leefomgeving opgenomen algemene gegevens bij een melding van toepassing. In aanvulling op deze algemene gegevens wordt met dit artikel geregeld dat dezelfde gegevens en bescheiden bij een melding worden verstrekt aan bevoegd gezag als de gegevens en bescheiden die op grond van artikel 7.35 van de Omgevingsregeling verstrekt moeten worden bij de aanvraag om een omgevingsvergunning voor het aanleggen en gebruiken van een open bodemenergiesysteem, bedoeld in artikel 3.19, eerste lid, van het Besluit activiteiten leefomgeving.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Dit is een voortzetting van de in artikel 6.29 van de Waterregeling opgenomen gegevens en bescheiden die verstrekt moesten worden bij de aanvraag van een vergunning die betrekking heeft op het onttrekken van grondwater of het brengen van water in de bodem ten behoeve van een bodemenergiesysteem en die op grond van artikel 6.4, tweede lid van de Waterregeling ook verstrekt moesten worden bij een melding.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_45" wId="pv24_80__artrecital__content_45">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.8</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>(Registratieplicht)</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In aanvulling op de in artikel 4.1150 van het Besluit activiteiten leefomgeving opgenomen registratieplicht wordt in het eerste lid gevraagd een registratie bij te houden van het jaarlijkse chloride-gehalte. Het chloride-gehalte is nodig om te beoordelen of voldaan wordt aan artikel 5.11 van de omgevingsverordening.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het tweede lid is gesteld dat de registratie in het eerste lid als ook de in artikel 4.1150 van het Besluit activiteiten leefomgeving opgenomen registraties voor 1 maart jaarlijks verstrekt moeten worden aan het bevoegd gezag. Tegenwoordig zijn de meeste installateurs in staat om automatisch op afstand data uit te lezen, waardoor het verstrekken van de gevraagde gegevens en bescheiden relatief eenvoudig is.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_46" wId="pv24_80__artrecital__content_46">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.9</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>(Vrijstelling registratieplicht)</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel bevat een vrijstelling van de in artikel 4.1150, onderdeel a van het Besluit activiteiten leefomgeving opgenomen registratie als ook het jaarlijks verstrekken ervan zoals bedoeld in artikel 4.1150a van het Besluit activiteiten leefomgeving van deze gegevens. De vrijstelling geldt enkel voor de in <tekst:IntRef ref="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.6">Artikel 5.6</tekst:IntRef> bedoelde vergunningvrije bodemenergiesystemen waarbij het onttrokken water via een gesloten systeem weer volledig wordt teruggebracht in hetzelfde watervoerende pakket. Dit om onnodige bestuurlijke lasten en de administratieve lastendruk voor burgers en bedrijven te voorkomen en omdat voor de onttrekking geen grondwaterheffing betaald hoeft te worden op grond van artikel 13.4b van de Omgevingswet. Er geldt geen vrijstelling voor de verplichting tot melden als bedoeld in artikel 4.1149 van het Besluit activiteiten leefomgeving.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het gaat enkel om de in artikel 4.1150, onderdeel a van het Besluit activiteiten leefomgeving opgenomen registratie ten aanzien van de hoeveelheid warmte en koude van een wateronttrekkingsactiviteit die aan de bodem zijn toegevoegd. De overige gegevens dienen alsnog te worden aangeleverd in verband met de handhaafbaarheid op doelmatigheid van het bodemenergiesysteem.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_47" wId="pv24_80__artrecital__content_47">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.10</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>(Energie: Energierendement)</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Op grond van artikel 4.1154, tweede lid van het Besluit activiteiten leefomgeving dient een open bodemenergiesysteem een energierendement te leveren dat past bij een doelmatig gebruik. De aanvrager van het bodemenergiesysteem verstrekt op grond van artikel 7.35 Omgevingsregeling voor vergunningplichtige bodemenergiesystemen of <tekst:IntRef ref="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.7">Artikel 5.7</tekst:IntRef> van deze omgevingsverordening voor vergunningvrije bodemenergiesystemen een verklaring van degene die het bodemenergiesysteem ontwerpt over het energierendement dat het systeem zal behalen. Voorts dient de aanvrager jaarlijks op grond van artikel 4.1150 en 4.1150a van het Besluit activiteiten leefomgeving het jaarlijkse energierendement te registreren en verstrekken aan bevoegd gezag.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Dit artikel geeft invulling aan het energierendement dat minimaal past bij doelmatig gebruik van bodemenergie en zorgt ervoor dat er maatregelen genomen worden indien in de tijd het energierendement afneemt.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het eerste lid stuurt op een minimaal te behalen energierendement van SPF 5 omdat een lager energierendement als niet doelmatig gebruik van bodemenergie gezien wordt. Het eerste lid verlangd een energierendement van minimaal SPF 5 hetgeen met de huidige stand der techniek goed haalbaar is.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het tweede lid zorgt ervoor dat als uit de jaarlijkse verstrekte gegevens en bescheiden blijkt dat het energierendement minder dan het minimale te behalen energierendement van SPF 5 is of als het minder is dan 80% ten opzichte van het jaar ervoor er maatregelen getroffen worden om het energierendement te verhogen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De maatregelen dien op grond van het derde lid er minimaal toe te leiden dat het minimale te behalen energierendement van SPF 5 behaald wordt.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_48" wId="pv24_80__artrecital__content_48">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.11</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>(Water: voorkomen verzilting)</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel is een omzetting van het deel in paragraaf 2.2.1 algemeen van de beleidsregel vergunningverlening milieuwetgeving die zich richt tot het voorkomen dat zoet met zout of brak water vermengd wordt. Of er sprake is van zoet, zout of brak water volgt uit de in <tekst:IntRef ref="chp_5__title_5.2__subchp_5.2.2__art_5.8">Artikel 5.8</tekst:IntRef> opgenomen registratie van het jaarlijkse chloride-gehalte. De indeling in zoet, zout of brak water volgt uit tabel 1 van de Zoet-zout studie van provincie Flevoland (Deltares rapport d.d. 14 mei 2008, kenmerk 2008-U-R0546/A).</tekst:Al>
		<tekst:Al>In tegenstelling tot de huidige beleidsregels, is deze regel van toepassing op zowel de vergunningplichtige als vergunningvrije bodemenergiesystemen. De kleinere, meldingsplichtige open bodemenergiesystemen worden vaak uitgevoerd met een mono-bron waarbij er een verhoogde kans op verzilting. Dergelijke mono-bronnen worden vaker ondieper geplaatst waarbij de kans groter is dat zoet water vermengd raakt met brak of zout water. Met deze regel beoogd de provincie meer handvatten te hebben om te sturen op het voorkomen van verzilting, mede met het oog op het beschermen van de grondwaterkwaliteit waaronder grondwater dat bestemd is voor menselijke consumptie.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_49" wId="pv24_80__artrecital__content_49">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.12</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>(Toepassingsbereik)</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Deze paragraaf is van toepassing op de aanleg of gebruik van een open bodemenergiesysteem als bedoeld in artikel 3.18 van het Besluit activiteiten leefomgeving, gelegen in het interferentiegebied bedrijventerrein Zwolsehoek als bedoel in de Verordening interferentiegebieden bodemenergiesystemen Gemeente Urk 2019. De regels betreffen een omzetting van de regels in paragraaf 2.2.2. Interferentiegebieden van de beleidsregel vergunningverlening milieuwetgeving en zijn in lijn met de ordeningsregels en positioneringsvoorwaarden van de verschillende bodemenergiesystemen zoals opgenomen in het Bodemenergieplan Bedrijventerrein Zwolsehoek op Urk.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_50" wId="pv24_80__artrecital__content_50">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.13</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>(Energie: opslagsysteem)</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In het eerste lid is bepaald dat een open bodemenergiesysteem uitgevoerd moet worden als een doubletsysteem in het gecombineerde tweede en derde watervoerende pakket tussen 60 en 225 meter minus maaiveld. Het tweede lid bepaald dat er afgeweken kan worden van het doubletsysteem, bijvoorbeeld met een monobron, indien aangetoond wordt dat deze past binnen het bodemenergieplan Bedrijventerrein Zwolsehoek op Urk, [IF Technology Creating energy, d.d. 26 februari 2019, kenmerk68122/SV20190226, versie 3.0].</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het eerste watervoerende pakket is niet geschikt voor een (groot) open bodemenergiesysteem. Ten einde de hydrologische effecten op ondiepe omgevingsbelangen te beperken, moeten de bronfilters van de open bodemenergiesystemen op grotere diepte gerealiseerd worden en niet direct bovenin het gecombineerde tweede en derde watervoerende pakket. Daarom is een diepte van minimaal 60 meter minus maaiveld aangehouden voor het plaatsen van de bronfilters.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het derde lid zorgt ervoor dat het gebruik van recirculatiesystemen niet toegestaan is, omdat het rendement van deze systemen lager is dan bij een opslagsysteem en daarmee het beschikbare bodempotentieel niet optimaal gebruikt wordt.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_51" wId="pv24_80__artrecital__content_51">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.14</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>(Voorkomen interferentie)</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In het eerste lid is bepaald dat de warme en koude bronnen van een open bodemenergiesysteem gepositioneerd moeten worden binnen de daarvoor bestemde zones, op de kaart van het bodemenergieplan Bedrijventerrein Zwolsehoek op Urk aangegeven als rode en blauwe zoekgebieden. Er zijn zones gedefinieerd om ervoor te zorgen dat binnen Zwolsehoek optimaal gebruik gemaakt kan worden van open bodemenergiesystemen en zodat voldoende bodemenergie voor alle bedrijven binnen het plangebied beschikbaar is.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het tweede lid is bepaald dat binnen een zoekgebied open bodemenergiesystemen gerealiseerd kunnen worden met een totale capaciteit van 500 m&#179;/uur en 750.000 m&#179;/seizoen. Omdat de bronfilters van de open bodemenergiesystemen relatief ondiep gerealiseerd kunnen worden en om de hydrologische effecten te beperken, is een limiet gesteld aan de totale broncapaciteit binnen een zoekgebied. De afstand tussen de zoekgebieden is bepaald op basis van de maximale waterverplaatsing per seizoen. De limiet voor de waterverplaatsing binnen een zoekgebied is afgestemd op basis van de verwachte maximaal benodigde waterplaatsing om de bedrijven te voorzien van de benodigde (proces)koeling en/of verwarming. Binnen een zoekgebied kunnen meerdere bronnen gerealiseerd worden, zolang de totale maximale broncapaciteit en waterverplaatsing binnen het betreffende zoekgebied maar niet wordt overschreden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het derde lid is bepaald dat de minimale filterlengte van een open bodemenergiesysteem 40 meter moet bedragen. Naast de waterverplaatsing is ook de filterlengte bepalend voor de afstand tussen de zoekgebieden. Voor het bepalen van de afstand tussen de zoekgebieden is uitgegaan van een filterlengte van40 meter. Dit is de minimale filterlengte die nodig is voor een bron met een capaciteit van 250m&#179;/uur. Dit betekent dat onafhankelijk van de broncapaciteit een filterlengte van minimaal 40meter aangehouden moet worden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_52" wId="pv24_80__artrecital__content_52">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.15</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Grondwaterregister</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Een betrouwbaar grondwaterregister is essentieel, zowel voor beleidsinhoudelijke beslissingen door provincie en waterschap (zoals belangenafweging bij vergunningverlening). Een betrouwbaar grondwaterregister heeft met name waarde indien zowel de wateronttrekkingsactiviteiten waarvoor Gedeputeerde Staten bevoegd zijn als de wateronttrekkingsactiviteiten waarvoor het Dagelijks Bestuur van het waterschap bevoegd is onder de registratieplicht vallen. Op die manier ontstaat een dekkend beeld van de belangrijkste wateronttrekkingsactiviteiten waar sprake is van het onttrekken van grondwater als ook de gegevens en bescheiden die daarbij aan gedeputeerde staten dan wel dagelijks bestuur van het waterschap verstrekt worden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De inrichting van het grondwaterregister is niet expliciet geregeld in de Omgevingswet, maar er wordt naar verwezen in artikel 13.4b van de Omgevingswet die over de provinciale grondwateronttrekkingsheffing gaat. De grondwateronttrekkingsheffing kan geheven worden over de wateronttrekkingsactiviteiten waar op grond van het Besluit activiteiten leefomgeving, de omgevingsverordening of waterschapsverordening een omgevingsvergunning vereist is. Dit houdt in dat de provincie bevoegd is daarin zelf bij of krachtens de omgevingsverordening in te voorzien.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In overleg tussen IPO en Unie van Waterschappen is in 2009 een landelijk register opgezet: het Landelijk grondwater Register (LGR). Het LGR is ondergebracht bij TNO/DINO (https://www-new.lgronline.nl/). Ook bij een landelijk register is het noodzakelijk de verantwoordelijkheid voor het grondwaterregister bij een daar toe aangewezen bestuursorgaan neer te leggen. Gelet op de koppeling met de grondwateronttrekkingsheffing is in het eerste lid het beheer van het grondwaterregister neergelegd bij Gedeputeerde Staten.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het tweede lid is bepaald dat gedeputeerde staten de wateronttrekkingsactiviteiten waar zij bevoegd voor is als de daarbij behorende gegevens inschrijft in het grondwaterregister. Het gaat hierbij om wateronttrekkingsactiviteiten waarbij sprake is van het onttrekken van grondwater als het in de bodem brengen van water ter aanvulling van het grondwater, de zogeheten infiltraties. De provincie is op grond van het Omgevingsbesluit bevoegd gezag voor de onttrekkingen of infiltraties voor industri&#235;le toepassingen indien het om meer dan 150.000 m3/jaar gaat en onttrekkingen of infiltraties in verband met de openbare drinkwatervoorziening. Het waterschap is bevoegd voor de overige grondwateronttrekkingen voor zover het niet plaatsvindt in een oppervlaktewaterlichaam dat in beheer van het Rijk is. <tekst:IntRef ref="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.2__art_5.18">Artikel 5.18</tekst:IntRef> bevat de registratieplicht voor het waterschap voor de wateronttrekkingsactiviteiten waar het waterschap bevoegd voor is.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het derde lid bepaalt dat de provincie wateronttrekkingsactiviteiten als bedoeld in het tweede lid ambtshalve kan inschrijven indien, waarbij de datum van inschrijving terugwerkt tot de datum waarop de onttrekking is aangevangen. Dit is noodzakelijk in verband met de grondwateronttrekkingsheffing.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_53" wId="pv24_80__artrecital__content_53">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.16</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>(Beoordelingsregel omgevingsvergunning bodemenergiesystemen)</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel is een omzetting en voortzetting van paragraaf 2.2.1 algemeen van de (oude) beleidsregel vergunningverlening milieuwetgeving 2011.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het eerste lid is bepaald dat de actuele versie van de &#x2018;Handreiking provinciale besluiten bodemenergiesystemen (BUM BE deel 1)&#x2019; van toepassing is op het beoordelen van de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een open bodemenergiesysteem als bedoeld in artikel 3.19 van het Besluit activiteiten leefomgeving.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het tweede lid bepaald dat in aanvulling op het eerste lid, voor open bodemenergiesystemen in het interferentiegebied bedrijventerrein Zwolse Hoek, het bodemenergieplan bedrijventerrein Zwolse Hoek in Urk van toepassing is op het beoordelen van de aanvraag om een omgevingsvergunning voor een open bodemenergiesysteem als bedoeld in artikel 3.19 van het Besluit activiteiten leefomgeving.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het derde lid bepaald dat de omgevingsvergunning enkel verleend mag worden indien er geen vermenging plaatsvindt tussen zoet en zout of brak water. Voorkomen moet worden dat zoet met zout en brak grondwater mengt waardoor kostbare zoetwaterreserves in Flevoland verzilten. Hierbij is de klasseindeling zoals opgenomen in tabel 1 van de Zoet-zout studie van provincie Flevoland (Deltares rapport d.d. 14 mei 2008, kenmerk 2008-U-R0546/A) bepalend voor de indeling in zoet, zout of brak water.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het vierde lid geeft aan dat, indien vermenging van zoet met zout of brak water niet voorkomen kan worden, de vergunning alsnog verleend kan worden indien aangetoond wordt dat de vermenging niet leidt tot aanzienlijke verzilting. Dit is bijvoorbeeld aan de orde indien zoet water vermengd wordt met licht of matig brak water.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_54" wId="pv24_80__artrecital__content_54">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.17</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>(Voorschriften omgevingsvergunning bodemenergiesystemen)</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel is een omzetting en voortzetting van paragraaf 2.2.1 algemeen van de (oude) beleidsregel vergunningverlening milieuwetgeving 2011. In dit artikel is bepaald dat de actuele versie van de &#x2018;Handreiking provinciale besluiten bodemenergiesystemen (BUM BE deel 1)&#x2019; van toepassing is op het verbinden van voorschriften aan een omgevingsvergunning voor een open bodemenergiesysteem als bedoeld in artikel 3.19 van het Besluit activiteiten leefomgeving.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_55" wId="pv24_80__artrecital__content_55">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>5.18</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens verstrekking en grondwaterregister</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het grondwaterregister als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_5__title_5.3__subchp_5.3.1__art_5.15">Artikel 5.15</tekst:IntRef> omvat alle wateronttrekkingsactiviteiten waarbij sprake is van het onttrekken van grondwater als het in de bodem brengen van water ter aanvulling van het grondwater. Het gaat hierbij om een overzicht van de vergunningplichtige en vergunningvrije grondwateronttrekkingen en infiltraties als de aan gedeputeerde staten of dagelijks bestuur van het waterschap bijbehorende verstrekte gegevens en bescheiden. Het eerste lid bevat een registratieplicht voor het dagelijks bestuur van het waterschap van de wateronttrekkingsactiviteiten waar het waterschap bevoegd voor is.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het tweede lid regelt dat in ieder geval alle onttrekkingen groter 10.000 m3, die onder het bevoegd gezag vallen van het waterschap, onder de registratieplicht moeten vallen. Deze instructiebepaling hangt samen met de provinciale grondwaterontrekkingsheffing als bedoeld in artikel 13.4b van de Omgevingswet is nodig voor een actuele registratie van potentieel heffingsplichtige onttrekkingsinrichtingen. Op grond van de grondwaterheffingsverordening zijn onttrekkingen van groter dan 20.000 m3 per jaar heffingsplichtig. De onttrekkingen die onder de heffingsplicht vallen fluctueren in de tijd. Het is om die reden dat de registratieplicht niet bij 20.000 m3 is gelegd maar bij 10.000 m3.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het derde lid bepaald dat de gegevens waarvoor een registratieplicht geldt, ook aan gedeputeerde staten verstrekt worden. Dit is nodig in verband met het vaststellen van de provinciale grondwaterontrekkingsheffing als bedoeld in artikel 13.4b van de Omgevingswet. Volstaan kan worden met een eenmalige verstrekking tenzij als gevolg van tussentijdse wijzigingen de gegevens zijn gewijzigd. Het vierde lid bevat de mogelijkheid voor gedeputeerde staten om aanvullende regels te stellen over de wijze van aanleveren van deze gegevens.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_56" wId="pv24_80__artrecital__content_56">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Grondwaterkwaliteit</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Met de komst
van de Omgevingswet vervalt, behoudens voor de overgangsrechtgevallen, de Wet
bodembescherming. Het bodembeleid wordt beleidsrijk herzien en gaat gepaard met
een verschuiving van bevoegdheden. De gemeente is onder de Omgevingswet primair
verantwoordelijk voor de fysieke leefomgeving met inbegrip van de bodem. De
provincie blijft onder de Omgevingswet primair verantwoordelijk voor de
grondwaterkwaliteit. Hiermee verschuift de
provinciale beleidsinzet naar verontreinigingen die de doelen van de
Kaderrichtlijn Water (KRW) en de Grondwaterrichtlijn (GWR) bedreigen. Het Rijk
kent onder de Omgevingswet niet langer een saneringsplicht. Het is aan de
provincie om te bepalen wanneer een historische bodem- of
grondwaterverontreiniging een bedreiging vormt voor de grondwaterkwaliteit en
wanneer dit aanleiding geeft tot maatregelen. </tekst:Al>
		<tekst:Al>In
dit hoofdstuk zijn daarom regels opgenomen in verband met het beheren, beperken
of ongedaan maken van historische verontreiniging van het grondwater. Deze
regels vertalen zich in een viertal sporen en omvatten curatieve maatregelen
gericht op het verbeteren van de grondwaterkwaliteit. Daarnaast zijn er in
paragraaf 6.4.1.2 regels opgenomen die verband houden met het voorkomen van
verontreiniging van het grondwater. De regels in paragraaf 6.4.1.2 omvatten het
preventieve spoor.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De
curatieve sporen zijn hieronder uiteengezet en daarnaast in onderstaand figuur
ge&#239;llustreerd:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_56__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_56__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_56__list_1__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_56__list_1__item_1">
		    <tekst:Al>Spoor
1. Regels die een grondwatersanering verlangen bij een activiteit die een
bekende historische grondwaterverontreiniging dusdanig be&#239;nvloedt dat dit leidt
tot een onaanvaardbaar verspreidingsrisico.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_56__list_1__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_56__list_1__item_2">
		    <tekst:Al>Spoor
2. Regels die een bron(zone) aanpak verlangen indien er gebouwd wordt op een
bekende bron van bekende historische
grondwaterverontreiniging dan wel indien de gemeente op een bron van bekende
historische grondwaterverontreiniging een bodemsanering op grond van het
omgevingsplan verlangd. De bron(zone)aanpak kan uitgevoerd worden met de in het
Besluit activiteiten leefomgeving opgenomen rijksregels voor het saneren van de
bodem.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_56__list_1__item_3" wId="pv24_80__artrecital__content_56__list_1__item_3">
		    <tekst:Al>Spoor
3. Regels voor het ontsluiten van informatie bij het ontdekken van een nog
onbekend verontreiniging van het grondwater; en</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_56__list_1__item_4" wId="pv24_80__artrecital__content_56__list_1__item_4">
		    <tekst:Al>Spoor
4. Regels voor het uitvoeren van een vrijwillige grondwatersanering.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Figuur wId="pv24_80__artrecital__content_56__img_1" eId="artrecital__content_56__img_1">
		  <tekst:Illustratie naam="jpg_70db09f9-f4c4-44e2-99d6-390e3a4b630b.jpg" hoogte="493" breedte="900" uitlijning="start" formaat="image/jpeg" dpi="150"/>
		</tekst:Figuur>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_57" wId="pv24_80__artrecital__content_57">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De provincie heeft onder de
Omgevingswet een regierol in het kader van de bescherming van de
grondwaterkwaliteit. Dat houdt in dat zij de strategische beleidslijnen uitzet
en de kaders vaststelt. In deze rol geeft de provincie onder andere invulling
aan de doelstellingen uit de Europese Kaderrichtlijn Water en
Grondwaterrichtlijn.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Onder de
Omgevingswet is de gemeente primair verantwoordelijk voor de fysieke leefomgeving
en daarmee ook voor bodem. Zodoende is de gemeente bevoegd voor de in het
Besluit activiteiten leefomgeving opgenomen rijksregels voor het saneren van de
bodem. Deze rijksregels omvatten niet het saneren van het grondwater. Gezien de
taak die de provincie heeft ten aanzien van de bescherming van het grondwater,
ligt het voor de hand dat de provincie regels stelt ten aanzien van historische
verontreinigingen in het grondwater en ook regels stelt voor het uitvoeren van
een grondwatersanering. </tekst:Al>
		<tekst:Al>In Flevoland
bevindt het grondwater zich dicht onder maaiveld en niet alle verontreinigingen
onder het grondwaterpeil vormen een bedreiging voor het grondwater. Er is
sprake van verontreiniging van het grondwater indien er sprake is van een verontreinigende
stof in het grondwater die voorkomt in een concentratie boven de natuurlijke
achtergrondconcentratie en die vanwege mobiele eigenschappen in staat is zich
met het grondwater te verspreiden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_58" wId="pv24_80__artrecital__content_58">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Toepassingsbereik</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De regels in
dit hoofdstuk zijn gericht op het op duurzame en doelmatige wijze beheren van
historische verontreinigingen met het oog op het beschermen van de
grondwaterkwaliteit. Historische verontreinigingen zijn ontstaan voor de
inwerkingtreding van de Wet bodembescherming op 1 januari 1987. De regels
richten zich tot degene die een activiteit uitvoert op een bron van een bekende
historische grondwaterverontreiniging of tot degene die een activiteit uitvoert
die in staat is een bekende historische grondwaterverontreiniging te
be&#239;nvloeden. Ook zijn er regels opgenomen die zich richten tot een tot nu toe
onbekende historische grondwaterverontreiniging. Tot slot zijn er regels voor
het lozen van grondwater op of in de bodem dat verontreinigd kan zijn indien
het grondwater onttrokken is ter plaatse van een historische
grondwaterverontreiniging.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De regels in
dit hoofdstuk zien niet op nieuwe verontreinigingen die ontstaan zijn na
1 januari 1987 maar voor inwerkingtreding van de Omgevingswet omdat
hierop, vanwege het overgangsrecht, de zorgplicht van artikel 13 van de Wet
bodembescherming onverkort van kracht blijft. Ook zien deze regels niet op
nieuwe verontreinigingen ontstaan na inwerkingtreding van de Omgevingswet omdat
het zorgplichtbeginsel van de Omgevingswet, dat opgenomen is in zowel de Omgevingswet
zelf als onderliggende (decentrale) uitvoeringsregelgeving, verontreiniging van
de fysieke leefomgeving voorkomt met inbegrip van het grondwater.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_59" wId="pv24_80__artrecital__content_59">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Aanwijzing werkingsgebieden historische grondwaterverontreiniging</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De regels in afdeling 6.2.1 van
de verordening hebben als doel te voorkomen dat activiteiten leiden tot
onaanvaardbare verspreiding van bekende historische
grondwaterverontreinigingen. De geometrische begrenzing van deze
verontreinigingen zijn weergegeven in bijlage 2 bij de verordening. Het gaat
hier enkel om historische grondwaterverontreinigingen waarbij de
verontreinigingscontour van de signaleringsparameter beoordeling
grondwatersanering als bedoeld in bijlage Vd van het Besluit kwaliteit
leefomgeving groter of gelijk is als 100 m<tekst:sup>3</tekst:sup> pori&#235;nverzadigd bodemvolume. Een kleiner volume of lagere concentratie wordt door de provincie gezien als een verontreiniging die als gevolg van een activiteit niet kan leiden tot een onaanvaardbare verspreiding. De regels in de verordening gelden voor alle activiteiten die plaatsvinden binnen de contour van de bekende grondwaterverontreiniging, of een marge van 500 m hierom heen. De marge van 500 m is gekozen omdat ook activiteiten nabij een grondwaterverontreiniging van invloed kunnen zijn op de verspreiding hiervan. Zowel binnen als buiten de marge van 500 m blijven daarnaast onverkort de beoordelingsregels gelden voor wateronttrekkingsactiviteiten waarvan op grond van het Besluit activiteiten leefomgeving of de waterschapsverordening een omgevingsvergunning vereist is. </tekst:Al>
		<tekst:Al>De regels in paragraaf 6.4.1.1 van
de verordening hebben tot doel om het natuurlijk moment te benutten zodat in
samenhang met een activiteit op een locatie waar de bron van bekende
historische grondwaterverontreiniging gelegen is zo veel als wat redelijkerwijs
mogelijk is van de bron(zone) van de bodemverontreiniging wordt aangepakt. Dit
uiteraard alleen als de bodemverontreiniging nog aanwezig is. Het
werkingsgebied bron van historische bekende grondwaterverontreiniging ziet toe
op het kadastrale perceel waar de bodemverontreiniging ontstaan is die de bron
van de bekende historische grondwaterverontreiniging is. In bijlage II zijn de
geometrische begrenzingen van de bronnen van bekende historische
grondwaterverontreiniging weergegeven die horen bij de bekende historische
grondwaterverontreinigingen. </tekst:Al>
		<tekst:Al>Tot slot gelden er in afdeling
6.2.2 regels voor het geval er sprake is van een nog onbekende
grondwaterverontreinigingen met concentraties hoger dan de
signaleringsparameter beoordeling grondwatersanering als bedoeld in bijlage Vd
van het Besluit kwaliteit leefomgeving. Deze regels zijn gekoppeld aan het
Flevolands grondgebied dat buiten de marge van 500 m valt en daarmee niet tot
de bekende grondwaterverontreinigingen te rekenen is. Dit geometrische
begrenzing van dit gebied, is eveneens weergegeven in bijlage II.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_60" wId="pv24_80__artrecital__content_60">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Toets op be&#239;nvloeding</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De initiatiefnemer van een activiteit die een bekende historische verontreiniging kan be&#239;nvloeden, dient een risicobeoordeling uit te voeren om te bepalen of de be&#239;nvloeding leidt tot onaanvaardbare verspreiding van de verontreiniging.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Niet elke activiteit is in staat
een bekende historische verontreiniging te be&#239;nvloeden en daarmee relevant. In
het eerste lid is daarom bepaald dat het enkel gaat om activiteiten die in
staat zijn het grondwater als massa en daarmee de grondwaterstroming te be&#239;nvloeden.
Daarnaast dient de activiteit ook het grondwater te be&#239;nvloeden waarin de
verontreiniging zich bevindt. Dit laatste is afhankelijk van de diepte en de
richting waarin het grondwater stroomt en of er sprake is van een kwelsituatie
of inzijging.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor het uitvoeren van de
risicobeoordeling zijn gegevens nodig over de aard en omvang van de
grondwaterverontreiniging. In het derde lid is daarom bepaald dat voor het
uitvoeren van de risicobeoordeling voorafgaand bodemonderzoek zoals bedoeld in
paragraaf 5.2.2. van het Besluit activiteiten leefomgeving verplicht is. Indien
uit het vooronderzoek blijkt dat er voldoende gegevens aanwezig zijn om de
risicobeoordeling uit te voeren, is er geen vervolgonderzoek nodig. Het
onderzoek dient aan te sluiten bij het doel.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor de toets op verspreidingsrisico&#x2019;s is in het vierde lid bepaalt, dat gebruik gemaakt wordt van de Risicotoolbox Grondwater (RTG) van het RIVM. De RTG bevat het beoordelingskader voor de grondwaterkwaliteit en maakt een functiespecifieke beoordeling van risico&#x2019;s mogelijk. Indien de RTG niet tijdig gereed is voor inwerkingtreding van de Omgevingswet, kan gebruik gemaakt worden van een alternatieve gelijkwaardige methode, zoals het thans geldende beslissingsondersteunende systeem Sanscrit op grond van de Circulaire bodemsanering. De beoordeling van de uitgevoerde toets ligt bij het co&#246;rdinerend bevoegd gezag.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_61" wId="pv24_80__artrecital__content_61">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden:  resultaten risicobeoordeling</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel zorgt ervoor dat de resultaten van de risicobeoordeling als ook van de uitgevoerde
onderzoeken verstrekt worden aan de provincie als bevoegd gezag. Dit stelt de provincie in staat om te beoordelen of de risicobeoordeling goed uitgevoerd is. Daarnaast stelt het de provincie in staat vroegtijdig te anticiperen indien op grond van <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.6">Artikel 6.6</tekst:IntRef>. maatregelen aan de orde zijn en deze niet door
de initiatiefnemer van de activiteit getroffen worden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_62" wId="pv24_80__artrecital__content_62">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.6</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Maatregelen na uitvoering risicobeoordeling grondwater</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel bepaalt dat een activiteit in principe verboden is als die een bekende historische verontreiniging dusdanig be&#207;nvloedt dat dit leidt tot een onaanvaardbaar verspreidingsrisico. De activiteit is in dat geval enkel toegestaan indien de initiatiefnemer aantoont dat er gelijktijdig of voorafgaand aan een grondwatersanering getroffen gaat worden om de verspreiding tegen te gaan. Hiervoor geldt op grond van <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.3__art_6.10">Artikel 6.10</tekst:IntRef> een vergunningplicht.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_63" wId="pv24_80__artrecital__content_63">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.7</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden bij be&#235;indiging activiteit</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel zorgt ervoor dat er
gegevens en bescheiden verstrekt worden aan de provincie als bevoegd gezag van
deze regels over de grondwaterkwaliteit nadat de activiteit is uitgevoerd die
een bekende historische grondwaterverontreiniging kan be&#239;nvloeden en waarvoor
een risicobeoordeling is uitgevoerd. De provincie kan op basis van deze
informatie desgewenst de geometrische begrenzing van de bekende historische
grondwaterverontreinigingen actualiseren. </tekst:Al>
		<tekst:Al>De gegevens en bescheiden zijn
ook relevant indien uit de risicobeoordeling geen grondwatersanering als
maatregel volgt. De activiteit kan immers wel degelijk de
grondwaterverontreiniging be&#239;nvloeden waarmee de grondwaterkwaliteit wijzigt
zonder dat dit tot een onaanvaardbare verspreiding leidt. Sommige activiteiten,
zoals grondwateronttrekkingen, kunnen zelfs leiden tot een verbetering van de
grondwaterkwaliteit.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_64" wId="pv24_80__artrecital__content_64">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.8</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden: onbekende historische grondwaterverontreiniging</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Buiten het invloedgebied
van de bekende historische grondwaterverontreinigingen kunnen er bij
activiteiten op grond van regels in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal)
of op grond van het omgevingsplan een voorafgaand bodemonderzoek verlangd
worden zoals bedoeld in paragraaf 5.2.2. van het Bal. Denk hierbij bijvoorbeeld
aan de milieubelastende activiteiten graven waarvoor het Bal rijksregels kent,
of bij het bouwen op een bodemgevoelige locatie waar op grond van het
omgevingsplan een voorafgaand bodemonderzoek verlangd wordt.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Bij een dergelijk
voorafgaand bodemonderzoek kan een nog onbekende historische
grondwaterverontreiniging worden aangetroffen. De provincie zorgt ervoor dat
met dit artikel de resultaten van het voorafgaand bodemonderzoek verstrekt
worden aan de provincie. Zodoende kan de provincie de geometrische begrenzingen
van de historische grondwaterverontreiniging actualiseren hetgeen bijvoorbeeld
belangrijk is voor de uitvoering van toekomstige activiteiten op die locatie.
Ook kan de provincie beoordelen of het loont om verder onderzoek te doen naar
de verontreinigingssituatie en eventuele risico&#x2019;s voor het grondwater.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De gegevens en bescheiden
hoeven alleen verstrekt te worden indien uit het voorafgaand bodemonderzoek een
overschrijding in het grondwater blijkt van de signaleringsparameter
beoordeling grondwatersanering als bedoeld in Bijlage Vd van het Besluit
kwaliteit leefomgeving. </tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_65" wId="pv24_80__artrecital__content_65">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.9</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Melding grondwatersanering</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel is van
toepassing wanneer een initiatiefnemer die een grondwatersanering uitvoert
waarbij geen sprake is van een onaanvaardbaar verspreidingsrisico. Het betreft
geen grondwatersanering die volgt uit regels in de omgevingsverordening. Het
kan zijn dat de grondwatersanering volgt uit regels in het omgevingsplan. Het
kan echter ook zijn dat een initiatiefnemer een activiteit uitvoert die tot
gevolg heeft dat een verontreiniging in het grondwater gesaneerd wordt. Een
grondwatersanering is &#x201c;het beheren, beperken of ongedaan maken van
verontreiniging van het grondwater&#x201d; (zie bijlage I, onder a van het Besluit
activiteiten leefomgeving).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Indien er sprake is van een
grondwatersanering waarvoor op grond van de omgevingsverordening geen omgevingsvergunning
vereist is, gelden de in de omgevingsverordening algemene regels. Deze algemene
regels zorgen ervoor dat de grondwatersanering zorgvuldig uitgevoerd wordt en
dat de provincie als bevoegd gezag ge&#239;nformeerd wordt over de aanvang van de grondwatersanering
als ook over het resultaat. Dit laatste is weer nodig om desgewenst de
geometrische begrenzing  in bijlage 2 van
de historische grondwaterverontreinigingen te actualiseren. Er is naar analogie
van de milieubelastende activiteit saneren van de bodem, ook voor een
grondwatersanering waarvoor algemene regels gelden, gekozen voor een
meldplicht. Dit stelt de provincie in staat om eventueel tijdig, indien nodig,
een maatwerkvoorschrift op te stellen mocht blijken dat de algemene regels niet
voldoende bescherming bieden voor de grondwaterkwaliteit.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_66" wId="pv24_80__artrecital__content_66">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.10</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning grondwatersanering</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het eerste lid bepaalt dat voor het uitvoeren van een grondwatersanering die volgt na het uitvoeren van een risicobeoordeling als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.2__subchp_6.2.1__art_6.4">Artikel 6.4</tekst:IntRef> een
omgevingsvergunning vereist is. Dat betekent dat er sprake is van
onaanvaardbare verspreidingsrisico&#x2019;s als gevolg van een activiteit die een
initiatiefnemer wenst uit te voeren.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het tweede lid zijn in
aanvulling op artikel 7.2 van de Omgevingsregeling de gegevens en bescheiden
opgenomen die nodig zijn om de aanvraag om een omgevingsvergunning te kunnen
beoordelen. Ook is hier opgenomen dat de saneringsaanpak op zijn minst de
onaanvaardbare verspreidingsrisico&#x2019;s dient weg te nemen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_67" wId="pv24_80__artrecital__content_67">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.11</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Kwaliteitsborging grondwatersanering</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel regelt dat de activiteit wordt uitgevoerd door een onderneming die daartoe op grond van het Besluit bodemkwaliteit 2021 is erkend en dat er sprake moet zijn van een op grond van BRL SIKB 6000 erkende milieukundige begeleider.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Deze eisen zijn van toepassing op de vergunningsplichtige en de meldingsplichtige grondwatersanering. De resultaten van de milieukundige begeleiding zijn op grond van <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.3__art_6.12">Artikel 6.12</tekst:IntRef> onderdeel van het evaluatieverslag.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_68" wId="pv24_80__artrecital__content_68">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.12</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden: be&#235;indigen grondwatersanering</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Binnen vier weken na be&#235;indiging
van de grondwatersanering moet het bevoegd gezag worden ge&#239;nformeerd. De
initiatiefnemer verstrekt in ieder geval gegevens en bescheiden over het resultaat
van de milieukundige processturing en het resultaat van de milieukundige
verificatie. Deze gegevens worden verstrekt in de vorm van een evaluatieverslag
zoals bedoeld in de BRL SIKB 6000. Onderdeel van de milieukundige processturing
is een omschrijving van de bijzondere omstandigheden die zich tijdens de
sanering hebben voorgedaan. De resultaten van de milieukundige verificatie gaan
vooral over het controleren van het eindresultaat van de sanering. In geval van
verwijdering van de verontreiniging gaat het om de resultaten van de
controlebemonstering, inclusief analysecertificaten en aanduiding van de
plaatsen van bemonstering op een kaart. Als sprake is van een
restverontreiniging, moeten deze eveneens worden vermeld. Het bevoegd gezag kan
naar aanleiding daarvan de gebruiksbeperkingen en nazorg vastleggen, zodat deze
ook voor toekomstige eigenaren en gebruikers van de locatie bekend zijn.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De ontvangen informatie geeft het bevoegd gezag inzicht in of de sanering conform de melding of omgevingsvergunning is uitgevoerd, welk eindresultaat is behaald en wat de bestemming is van het verontreinigde grondwater. Daarnaast wordt deze informatie gebruikt om de geometrische begrenzing in bijlage 2 van de bekende historische  grondwaterverontreinigingen te actualiseren.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Bij het be&#235;indigen van de
activiteit worden ook gegevens en bescheiden verstrekt over eventuele
gebruiksbeperkingen en nazorgmaatregelen die wenselijk zijn ter bescherming van
de chemische en ecologische kwaliteit van het grondwaterlichaam en de aan het
grondwaterlichaam toegekende maatschappelijke functies. Deze informatie stelt
het bevoegd gezag in staat om te bepalen op welke wijze en door wie de
gebruiksbeperkingen vastgelegd moeten worden zodat deze kenbaar worden gemaakt
aan huidige en toekomstige gebruikers.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_69" wId="pv24_80__artrecital__content_69">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.13</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Nazorg na uitvoeren grondwatersanering</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit artikel is bepaald dat degene die de grondwatersanering verricht de nazorgmaatregelen in stand dient te houden. Het gaat hierbij om de in het evaluatieverslag opgenomen nazorgmaatregelen die onderdeel zijn van de in <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.3__art_6.12">Artikel 6.12</tekst:IntRef> opgenomen gegevens en bescheiden die
aangeleverd moeten worden bij be&#235;indiging van de grondwatersanering.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Een nazorgmaatregel kan
bijvoorbeeld bestaan uit het instandhouden van een peilbuis. Door de initiatiefnemer
als adressant te kiezen, wordt gestimuleerd een saneringsaanpak te kiezen die
de noodzaak tot nazorgmaatregelen beperkt.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_70" wId="pv24_80__artrecital__content_70">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.14</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Bouwen op een bron van bekende historische grondwaterverontreiniging</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel is van toepassing op
het bouwen van een gebouw op een bron van bekende historische
grondwaterverontreiniging waarvan de geometrische begrenzing in bijlage II is
opgenomen. Het gaat enkel om een gebouw dat geheel of gedeeltelijk de bodem
raakt inclusief de daaraan grenzende tuin of aangrenzend terrein, met
uitzondering van kleine gebouwen die niet meer dan 50 m<tekst:sup>2</tekst:sup> zijn. Hierbij wordt aangesloten bij het toepassingsbereik van het bouwen op een bodemgevoelige locatie zoals bedoeld in Artikel 5.89g van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Indien een dergelijk gebouw gebouwd wordt op een bron van bekende historische grondwaterverontreiniging verlangt de provincie dat er een bronaanpak plaatsvindt.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Een bronaanpak is aan de orde indien de bodemverontreiniging nog steeds aanwezig is op het kadastrale perceel. Het gaat enkel om een mobiele verontreiniging die in het vaste deel van de bodem voorkomt in concentraties hoger dan de interventiewaarde bodemkwaliteit als bedoeld in bijlage IIA van het Besluit activiteiten leefomgeving als ook in het grondwater in concentraties hoger dan de signaleringsparameter beoordeling grondwatersanering als bedoeld in bijlage Vd van het Besluit kwaliteit leefomgeving.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Op basis van voorafgaand bodemonderzoek als bedoeld in paragraaf 5.2.2. van het Besluit activiteiten leefomgeving of een beschikking die op grond van de Wet bodembescherming kan aangetoond worden of er sprake is van een bodemverontreiniging op het kadastrale perceel waar de bron van de bekende historische grondwaterverontreiniging gelegen is.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Op het uitvoeren van een bronaanpak zijn de regels voor het saneren van de bodem, zoals opgenomen in paragraaf 4.121 van het Besluit activiteiten leefomgeving, van toepassing. Met dien verstande dat in <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.15">Artikel 6.15</tekst:IntRef> is bepaald dat daarmee zorg gedragen wordt
dat de saneringsaanpak leidt tot een verbetering van de grondwaterkwaliteit. De
gemeente is bevoegd gezag voor het saneren van de bodem.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Dit artikel is nodig in
aanvulling op de regels in het omgevingsplan ten aanzien van het bouwen op een
bodemgevoelige locatie omdat de regels in het omgevingsplan enkel gelden bij
een gebouw waar het aannemelijk is dat er meer dan twee uur per dag
aaneengesloten personen aanwezig zullen zijn. De regels in het omgevingsplan
voor het bouwen op een bodemgevoelige locatie gelden dus niet bij gebouwen waar
geen blootstelling plaatsvindt, zoals een datacentrum of groot logistiek pand.
Uit oogpunt van de bescherming van het grondwater is dat onwenselijk. De
provincie zet daarom de lijn van het Wet algemene bepalingen omgevingsrecht en
de Wet bodembescherming voort om bij het bouwen van een gebouw, ook zonder
verblijfsfunctie, ter bescherming van het grondwater het natuurlijk moment aan
te grijpen om een bron van bekende historische grondwaterverontreiniging te
saneren. Deze instructiebepaling voorziet daarin.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_71" wId="pv24_80__artrecital__content_71">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.15</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Eisen aan bronaanpak</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel bepaalt dat indien
een bodemsanering zoals bedoeld in paragraaf 4.121 van het Besluit activiteiten
leefomgeving wordt uitgevoerd omwille van het uitvoeren van een bronaanpak, de
saneringsaanpak moet leiden tot het verbeteren van de grondwaterkwaliteit.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Dat betekent dat de standaard
saneringsaanpak afdekken niet is toegestaan. De standaard saneringsaanpak
ontgraven tot het niveau waarop de bodem gelijk is aan de bodemkwaliteitsklasse
is wel toegestaan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het tweede lid is geregeld
dat de gemeente met een maatwerkvoorschrift een alternatieve saneringsaanpak
kan toestaan, zoals een in situ methode of het stimuleren van biologische
afbraak. De saneringsaanpak dient echter wel te leiden tot het beperken of
voorkomen van een indirecte inbreng van verontreiniging naar het grondwater. </tekst:Al>
		<tekst:Al>In het derde lid is geregeld dat
de provincie een kopie ontvangt van zowel de melding bij aanvang van het
saneren van de bodem als de gegevens en bescheiden na be&#235;indiging. Zodoende kan
de provincie eventueel in overleg treden met de gemeente indien de
saneringsaanpak niet voldoet. Ook ontvangt de provincie bij be&#235;indiging van de sanering
gegevens en bescheiden die nodig zijn om de geometrische begrenzing in bijlage II
van de bron van bekende historische grondwaterverontreiniging te actualiseren. </tekst:Al>
		<tekst:Al>Het vierde lid geeft aan dat het
enkel gaat om situaties waar het saneren van de bodem (mede) dient ter
uitvoering van een bronaanpak.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_72" wId="pv24_80__artrecital__content_72">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.16</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Activiteiten op een bron van een bekende historische grondwaterverontreiniging</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De maatregelen die in paragraaf 22.3.7.3 van de bruidsschat voor het omgevingsplan van de initiatiefnemer van een activiteit op een historische bodemverontreiniging zonder onaanvaardbaar risico verlangd worden, zijn in het belang van bescherming van de bodem en vragen om verdere verontreiniging van de bodem te voorkomen of beperken. Indien het redelijkerwijs mogelijk is, wordt verwacht dat in samenhang met de activiteit de verontreiniging van de bodem ongedaan gemaakt wordt. Hiermee wordt aangesloten bij paragraaf 3.2 van de Circulaire bodemsanering 2013 die aangeeft dat veelal bij een ontwikkeling alsnog een ernstige verontreiniging waar geen spoedige sanering noodzakelijk is, gesaneerd wordt.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In principe is de verzadigde
zone (lees: grondwater) onderdeel van de bodem en zijn de maatregelen dus net
zo zeer in het belang van de bescherming van het grondwater en zouden
maatregelen zich dan ook net zo zeer moeten richten op het voorkomen of
beperken van verdere verspreiding van het grondwater.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De provincie hecht er waarde aan dat een natuurlijk moment benut wordt om op een bron van bekende historische grondwaterverontreiniging de bron(zone) aan te pakken of om op zijn minst maatregelen te treffen die verdere verontreiniging van het grondwater voorkomen of beperken. Zodoende zorgt <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.1__art_6.16">Artikel 6.16</tekst:IntRef> ervoor dat de maatregelen niet alleen
het belang van de bodem dienen, maar ook het watersysteem (waaronder het
grondwater). Bovendien is expliciet gemaakt dat de maatregelen niet alleen
verdere verontreiniging van de bodem dienen te voorkomen of beperken, maar ook
van het grondwater. Het gaat hierbij zowel om verontreiniging van het
grondwater vanuit een mobiele bodemverontreiniging, als verdere verontreiniging
van het grondwater vanuit een reeds in het grondwater aanwezige
verontreiniging.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_73" wId="pv24_80__artrecital__content_73">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.17</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Lozen van grondwater op of in de bodem</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Met dit artikel worden eisen
gesteld aan de kwaliteit van grondwater dat op of in de bodem geloosd wordt en
dat afkomstig is van een bodem- of grondwatersanering dan wel van het graven in
een bodem met een bodemkwaliteit boven de interventiewaarde bodemkwaliteit. </tekst:Al>
		<tekst:Al>In artikel 3.1 van zowel het
Activiteitenbesluit Milieubeheer en Besluit lozen buiten inrichtingen waren
eisen gesteld aan het lozen van afvalwater afkomstig van een bodemsanering of
grondwatersanering, inclusief het daarbij gaande bodemonderzoek. De regels voor
het lozen van grondwater afkomstig van saneringen zijn opgenomen in artikel
22.139 van de bruidsschat van het omgevingsplan. Deze regels in de
omgevingsverordening dragen bij aan het adequaat blijven regelen van de
bestaande uitvoeringspraktijk. </tekst:Al>
		<tekst:Al>In artikel 3.1 van zowel het
Activiteitenbesluit Milieubeheer en Besluit lozen buiten inrichtingen waren
eisen gesteld aan het lozen van afvalwater afkomstig van ontwatering, waaronder
het graven in de bodem. Aan het lozen van afvalwater afkomstig van ontwatering
worden weinig eisen gesteld omdat dit veelal schoon water betreft dat met
eenvoudige filtering geloosd kan worden op of in de bodem. De regels voor het
lozen van grondwater afkomstig van ontwatering zijn opgenomen in artikel 22.140
van de bruidsschat van het omgevingsplan. </tekst:Al>
		<tekst:Al>Als gevolg van het wegvallen van
de Wet bodembescherming bieden de regels voor het lozen van grondwater bij
ontwatering, zoals opgenomen in de bruidsschat van het omgevingsplan niet
voldoende bescherming voor het grondwater indien er gegraven wordt in een bodem
met een kwaliteit boven de interventiewaarde bodemkwaliteit. Bij het graven in
dergelijke verontreinigende bodem is de kans groot dat het grondwater dat
vrijkomt ook verontreinigende stoffen bevat. Onder de Wet bodembescherming gold
er een saneringsdoelstelling bij het graven in verontreinigde bodem omdat er op
grond van artikel 28 van de Wet bodembescherming sprake was van een
handeling waarbij een geval van ernstige bodemverontreiniging verminderd of
verplaatst werd. Hierdoor waren bij graven in verontreinigde bodem uiteindelijk
de regels voor het lozen van afvalwater bij saneren van toepassing inclusief de
daarbij horende emissiegrenswaarde. Onder de Omgevingswet bestaat er niet
langer een saneringsplicht bij het graven in verontreinigende bodem en gelden
hier niet langer de emissiegrenswaarden voor het lozen van afvalwater bij
sanering. Deze regels in de omgevingsverordening zorgen ervoor dat er voor
grondwater dat vrijkomt bij het graven in verontreinigde bodem dezelfde
emissiegrenswaarden gelden als voor grondwater dat vrijkomt bij saneringen. </tekst:Al>
		<tekst:Al>Als emissiegrenswaarde wordt,
net zoals artikel 22.139 van de bruidsschat van het omgevingsplan dat doet,
verwezen naar de toetsingswaarden voor te infiltreren water zoals opgenomen in
bijlage XIX van het Besluit kwaliteit leefomgeving. De toetsingswaarden voor te
infiltreren water geven het niveau aan waarboven er gevaar voor verontreiniging
van het grondwater aanwezig is. </tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor verontreinigende stoffen
die geen toetsingswaarde kennen, maar die wel in bijlage XIX voorkomen onder
onderdeel B, mag de lozing niet leiden tot verontreiniging van het grondwater.
Voor dergelijke niet-genormeerde stoffen, zoals PFAS of GenX, wordt aanbevolen,
gebruik te maken 0,1 &#181;g/l als emissiegrenswaarde, tenzij het RIVM een betere
(achtergrond)waarde heeft vastgesteld die het niveau aangeeft waarboven er
sprake is van verontreiniging van het grondwater. In het protocol &#x201c;monitoring
en toetsing drinkwaterbronnen KRW&#x201d; wordt 0,1 &#181;g/l als voorzorgwaarde gebruikt.
Deze waarde is gebaseerd op de streefwaarden uit het Europese
Rivierenmemorandum (ERM), die internationaal als referentie voor eenvoudige
zuivering worden gebruikt door de drinkwatersector en die ook in algemene zin
als voorzorgswaarde wordt gehanteerd voor antropogene stoffen. </tekst:Al>
		<tekst:Al>Tot slot wordt, net als onder
het huidige recht, kortdurende lozingen (&lt; 48 uur) of particulier huis- en
tuinlozingen (lozen bij wonen) uitgezonderd zijn van de informatieplicht voor
zover het gaat om graven. De emissiegrenswaarden gelden echter wel. De
informatieplicht als ook de plicht om te voldoen aan emissiegrenswaarden is
niet van toepassing op kleinschalig grondverzet. Hier volstaat de in de
bruidsschat voor het omgevingsplan opgenomen specifieke zorgplicht.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_74" wId="pv24_80__artrecital__content_74">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.18</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Verbod op rechtstreeks lozen van verontreinigende stoffen in het grondwater</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De Kaderrichtlijn water verplicht in artikel 11, onder j de lidstaten er zorg voor te dragen dat er niet rechtstreeks, zonder doorsijpeling, verontreinigende stoffen geloosd worden in het grondwater. Er zijn een aantal situaties benoemd in dit artikel van de KRW waar onder voorwaarden alsnog een rechtstreeks lozing naar het grondwater mag plaatsvinden, mits de milieudoelstelling voor het grondwaterlichaam niet bedreigd wordt. Een rechtstreeks lozing naar het grondwater waarbij er geen sprake is van doorsijpeling in de bodem zal veelal geschieden door het lozen via een pijp die de bodem in de onverzadigde zone als het ware omzeilt.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het verbod op rechtstreeks lozen
naar het grondwater is onder het recht zoals gold voor inwerkingtreding van de
Omgevingswet geborgd in artikel 2.2 van de lozingsbesluiten: het Activiteitenbesluit
milieubeheer (Abm), Besluit lozen buiten inrichtingen (Blbi) en Besluit lozen
huishoudelijk afvalwater (Blah). Deze algemene regels die uitvoering geven aan
het KRW-verbod op rechtstreeks lozen naar het grondwater, maar daarbij ook de mogelijkheid
boden om bij maatwerkvoorschrift van het verbod af te wijken, komen niet terug
op rijksniveau. De provincie dient op grond van artikel 3.8 van de Omgevingswet
met het regionaal waterprogramma te voldoen aan de Kaderrichtlijn water. Ook
moet het regionaal waterprogramma op grond van artikel 4.4, derde lid onder a
van het Besluit kwaliteit leefomgeving maatregelen vaststellen ter uitvoering
van artikel 11 van de Kaderrichtlijn water. Het is daarmee primair aan de
provincie om een maatregel vast te stellen die het verbod op rechtstreeks lozen
naar het grondwater implementeert. Een maatregel kan ook het stellen van
(instructie)regels aan activiteiten in de omgevingsverordening inhouden,
vergelijkbaar zoals geregeld in de lozingsbesluiten die onder het recht voor
inwerkingtreding van de Omgevingswet vielen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De gemeente is, behoudens
complexe bedrijven waar de provincie bevoegd voor is, bevoegd gezag voor het
lozen op of in de bodem. Lozen op of in de bodem kent geen onderscheid in het
lozen in het onverzadigde deel of verzadigde zone deel van de bodem en dus gaat
het over beiden. De bodem omvat, conform de in de Omgevingswet opgenomen
definitie, het vaste deel van de aarde met de zich daarin bevindende vloeibare
en gasvormige bestanddelen en organismen. Grondwater, het water dat zich onder
het bodemoppervlak in de verzadigde zone bevindt, is hiermee onderdeel van de
bodem. Daarmee is de gemeente, of bij complexe bedrijven de provincie ook
bevoegd gezag voor het lozen van water rechtstreeks in het grondwater.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De provincie zorgt in lijn
met het subsidiariteitsbeginsel op grond van artikel 2.3 van de Omgevingswet en
de bevoegdheid om instructieregels te stellen over op te nemen regels voor het
omgevingsplan op grond van art. 2.23 van de wet, dat er aangesloten blijft bij
de door de wet toegekende bevoegdheidsverdeling.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het tijdelijk deel van het omgevingsplan bevat regels voor het lozen op of in de bodem. Door omkering van het stelsel van &#x201c;nee, tenzij&#x201d; naar &#x201c;ja, mits&#x201d;, is het lozen op of in de bodem op grond van het omgevingsplan toegestaan. Voor de meeste lozingen zijn algemene regels opgenomen in het tijdelijk deel van het omgevingsplan. Voor de niet in het omgevingsplan gereguleerde lozingen zorgt de in artikel 22.268 van de bruidsschat voor het omgevingsplan opgenomen vangnetbepaling dat de lozing is toegestaan indien er een omgevingsvergunning voor verleend is. Dit tenzij de lozing afkomstig is van een in het Besluit activiteiten leefomgeving aangewezen activiteit.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De regels in het tijdelijk deel van het omgevingsplan verhinderen niet een rechtstreekse lozing in het grondwater, dat immers onderdeel is van de bodem. Daarom zorgt de in <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.1__subsec_6.4.1.2__art_6.18">Artikel 6.18</tekst:IntRef> opgenomen instructieregel voor het omgevingsplan ervoor dat de gemeente bij het uitoefenen van haar bevoegdheden ten aanzien van het lozen op of in de bodem voorkomt dat er een rechtstreeks lozing van verontreinigende stoffen in het grondwater plaatsvindt. Dit gaat om zowel het lozen van verontreinigende stoffen die afkomstig zijn van de in het Besluit activiteiten leefomgeving aangewezen activiteiten als de in het omgevingsplan aangewezen activiteiten waar afvalwater of overig water bij vrij kan komen dat verontreinigende stoffen bevat en geloosd wordt op of in de bodem.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het verbod op rechtstreeks lozen
van verontreinigende stoffen in het grondwater heeft enkel betrekking op
milieubelastende activiteiten waar water bij vrijkomt dat geloosd wordt op of
in de bodem. De regels gelden, net zoals onder het huidige recht, niet voor
wateronttrekkingsactiviteiten waarbij sprake is van het onttrekken van
grondwater of het in de bodem brengen van water ter aanvulling van het
grondwater. Voor wateronttrekkingsactiviteiten waarbij water in de bodem
gebracht wordt ter aanvulling van het grondwater, zogeheten infiltraties, is de
provincie bevoegd gezag voor zover het gaat om de in artikel 16.3 van het
Besluit activiteiten leefomgeving aangewezen wateronttrekkingsactiviteiten of
anders de waterbeheerder. Regels in het Besluit activiteiten leefomgeving en in
de bruidsschat van de waterschapsverordening zorgen dat een dergelijke
infiltratie niet leidt tot verontreiniging van het grondwater.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_75" wId="pv24_80__artrecital__content_75">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.19</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Maatwerkvoorschrift verbod op rechtstreeks lozen in het grondwater</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De KRW kent in artikel 11, onder
j een aantal situaties waar onder voorwaarden alsnog een rechtstreeks lozing
naar het grondwater is toegestaan, mits de lozing niet verhinder dat de voor
dat grondwaterlichaam vastgestelde milieudoelstellingen worden bereikt. Het
richtsnoer nr. 17 &#x201c;<tekst:i>Guidance on preventing or limiting direct and
indirect inputs in the context of the Groundwater directive 2006/118/EC</tekst:i>&#x201d; behorende bij artikel 6 van de Grondwaterrichtlijn bevat in paragraaf 5.4 voorbeelden van situaties die voldoen aan deze voorwaarden. Daarom is er, net als onder het recht zoals gold voor inwerkingtreding van de Omgevingswet, een mogelijkheid geboden dat college van burgemeester en wethouders als bevoegd gezag voor het lozen op of in de bodem een lozing door middel van een maatwerkvoorschrift onder de in artikel 11, onder j van de KRW opgenomen voorwaarden toe kan staan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Overigens is de provincie &#x2013;behoudens
enkele gevallen- bevoegd gezag, indien de lozing op of in de bodem plaatsvindt
op een complex bedrijf. Uit artikel 5.13 en 18.2 in de Omgevingswet en artikel
4.14 in het Omgevingsbesluit volgt dat &#233;en bevoegd gezag toeziet op alle
activiteiten die een complex bedrijf uitvoert. Op grond van artikel 4.16
Omgevingsbesluit is de provincie het bevoegd gezag voor alle activiteiten,
waaronder lozingen op of in de bodem, die door complexe bedrijven worden
uitgevoerd. </tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_76" wId="pv24_80__artrecital__content_76">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.20</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Maatwerkvoorschrift lozen van brijnwater</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het lozen van brijnwater op of
in de bodem vindt over het algemeen rechtstreeks in het grondwater plaats. Het
lozen van brijnwater rechtstreeks in het grondwater is onder voorwaarden
toegestaan waardoor er afgeweken kan worden van het verbod op rechtstreeks
lozen van verontreinigende stoffen naar het grondwater. Het richtsnoer
nr. 17 behorende bij de Grondwaterrichtlijn maakt namelijk duidelijk dat
het lozen van brijn valt onder &#233;en de situaties die onder voorwaarden
toegestaan is om rechtstreeks in het grondwater te lozen. Het lozen van brijn
valt onder de situatie waar de lozing plaats vindt om technische redenen. De
lozing van brijnwater kan worden toegestaan met een maatwerkvoorschrift, onder
specifieke voorwaarden. </tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_77" wId="pv24_80__artrecital__content_77">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.21</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Beoordelingsregels omgevingsvergunning grondwatersanering</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Een grondwatersanering heeft gevolgen voor grondwaterlichamen en is daarmee een activiteit met gevolgen voor waterlichaam als bedoeld in artikel 7.12 van het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl). Om die reden worden ingevolge artikel 7.12 van het Bkl beoordelingsregels als bedoeld in het tweede lid en derde lid van dat artikel gesteld. Hiermee wordt eenzelfde toetsingskader verwezenlijkt als voor de wateractiviteiten die op rijksniveau een omgevingsvergunning vereisen en waarvoor het generieke toetsingskader van artikel 8.84 van het Bkl geldt. Het bevoegd gezag is op grond van dit artikel verplicht de doelstellingen voor het beheer van watersystemen bij de beoordeling van de aanvraag te betrekken en daarbij rekening te houden met de waterprogramma&#x2019;s die van toepassing zijn op het betreffende watersysteem. Ook wordt een omgevingsvergunning niet verleend in geval de verlening daarvan niet verenigbaar is met de omgevingswaarden voor de krw-oppervlaktewaterlichamen en grondwaterlichamen of het vereiste van &#x201c;het voorkomen van achteruitgang&#x201d; van de toestand van die waterlichamen. Met <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21">Artikel 6.21</tekst:IntRef> is uitvoering gegeven aan deze instructieregel van het Rijk.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De beoordelingsregels beogen dat de omgevingsvergunning alleen verleend kan worden indien deze verenigbaar is met alle voor grondwater relevante doelen die de Kaderrichtlijn Water (KRW). Het gaat hier om de in artikel 4, eerste lid, onder b van de Kaderrichtlijn water opgenomen milieudoelstellingen voor grondwater als ook de in artikel 7 van de Kaderrichtlijn water opgenomen doelstellingen voor de bescherming van water dat bestemd is voor menselijke consumptie. De beoordelingsregels opgenomen in <tekst:IntRef ref="chp_6__title_6.4__subchp_6.4.2__subsec_6.4.2.1__art_6.21__para_3">Artikel 6.21, derde lid</tekst:IntRef> onder d en e zijn in aanvulling op de op grond van artikel 7.12 Bkl verplichte beoordelingsregels en zorgen gezamenlijk dat er oog is voor alle voor grondwater relevante KRW-doelen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_78" wId="pv24_80__artrecital__content_78">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>6.22</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Voorschriften omgevingsvergunning grondwatersanering</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Gedeputeerde staten kan
voorschriften verbinden aan de omgevingsvergunning gelet op het beschermen van
de chemische en ecologische kwaliteit van grondwaterlichamen als aan een
grondwaterlichaam toegekende maatschappelijke functies. Deze voorschriften zijn
gericht op het voorkomen of beperken van de inbreng (nalevering) van verontreinigende
stoffen naar het (omliggende) grondwater zowel ten tijde van de
grondwatersanering als na be&#235;indiging van de activiteit. </tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_79" wId="pv24_80__artrecital__content_79">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>7</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Ontgrondingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Een ontgrondingsactiviteit is in de Omgevingswet
gedefinieerd als een activiteit inhoudende het ontgronden. Het begrip
ontgronden zelf is niet gedefinieerd. Voor het begrip &#171;ontgronding&#187; wordt
vastgehouden aan de praktijk zoals die bestond onder de Ontgrondingenwet. Bij
de vraag of handelingen als ontgronding zijn aan te merken gaat het vooral om
de directe strekking van de handelingen: de (al dan niet tijdelijke) verlaging
van het terrein of de bodem van het water.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Daaronder vallen in ieder geval niet:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="expliciet" eId="artrecital__content_79__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_79__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_79__list_1__item_a" wId="pv24_80__artrecital__content_79__list_1__item_a">
		    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>de werkzaamheden, die in het kader van de normale uitoefening van land-, tuin- en bosbouw worden verricht (het zogenoemde omputten alsmede het omspuiten van grond ten behoeve van bollenteelt worden niet tot de normale agrarische bedrijfsvoering gerekend) of het
uitvoeren van een archeologisch onderzoek door een daartoe gecertificeerde
instelling, in voorbereiding op de aanvraag van een omgevingsvergunning voor een ontgrondingsactiviteit;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_79__list_1__item_b" wId="pv24_80__artrecital__content_79__list_1__item_b">
		    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>het maken van ondiepe (circa 1 meter) en weer te dichten sleuven en gaten voor het leggen van buizen, drainagebuizen en kabels;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_79__list_1__item_c" wId="pv24_80__artrecital__content_79__list_1__item_c">
		    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>het reguliere onderhoud aan watergangen (baggerwerkzaamheden). Hieronder wordt mede verstaan het terug op leggerprofiel brengen van watergangen (waterlopen die noodzakelijk zijn voor de aan- en afvoer van water); en</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_79__list_1__item_d" wId="pv24_80__artrecital__content_79__list_1__item_d">
		    <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>het weer afgraven van tijdelijk ergens in depot gestorte grond. Bodemmateriaal, dat op de bodem (of waterbodem) is opgebracht, wordt na vijf jaar geacht het maaiveld te zijn.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_80" wId="pv24_80__artrecital__content_80">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>7.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk hebben als oogmerk de doelen van
de wet. Dit brede oogmerk sluit aan bij de oude regeling van de
Ontgrondingenwet gelet op de diverse belangen die spelen bij ontgrondingen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_81" wId="pv24_80__artrecital__content_81">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>7.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Werkingsgebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit hoofdstuk geldt alleen ten aanzien van
ontgrondingsactiviteiten op het land waarvoor Gedeputeerde Staten het
bevoegd gezag zijn voor de omgevingsvergunning of advies met instemming. Hieronder vallen ook de
regionale wateren en watergangen in Flevoland. Voor ontgrondingsactiviteiten in
de Rijkswateren is het Rijk het bevoegde gezag.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_82" wId="pv24_80__artrecital__content_82">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>7.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Aanwijzing beschermingszones archeologie</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit artikel worden de gebieden
in Flevoland aangewezen met te beschermen unieke archeologische en waardevolle
aardkundige waarden. Dit zijn de Provinciale Archeologische en Aardkundige
Kerngebieden en de Top-10 Archeologische Locaties.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_83" wId="pv24_80__artrecital__content_83">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>7.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Aanwijzing vergunningvrije gevallen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In hoofdstuk 16 van het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) worden vergunningvrije gevallen aangewezen voor ontgrondingsactiviteiten op land en regionale wateren (artikelen 16.7 en 16.8 van het Bal). Op grond van artikel 16.9 Bal kunnen Provinciale Staten in de omgevingsverordening afwijken van de aanwijzing van vergunningvrije gevallen in artikel 16.7 van het Bal. Zij kunnen afwijkende cijfermatige begrenzingen vaststellen, vergunningvrije gevallen toevoegen of juist buiten toepassing verklaren. De mogelijkheden voor regionaal maatwerk zoals die onder Ontgrondingenwet bestonden, worden hiermee gecontinueerd. In <tekst:IntRef ref="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.4">Artikel 7.4</tekst:IntRef> zijn aanvullende vrijstellingen opgenomen. Het betreffen vrijstellingen die onder Ontgrondingenwet ook al bestonden in de provinciale verordening. Dit maakt dat het vrijstellingsregime in Flevoland vrijwel niet wijzigt. Daar waar het Bal zorgt voor versoepeling van de regels ten opzichte van de toen geldende Omgevingsverordening Flevoland is samen met de omgevingsdienst naar de consequenties gekeken en beoordeeld dat deze passen binnen het vigerende beleid en dat de te beschermen belangen in Flevoland niet worden geschaad.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onder a</tekst:i><tekst:br/>Dit betreft een meer algemene vrijstelling voor ontgrondingsactiviteiten in Flevoland. Dit zijn de gangbare kleine ontgrondingen die vanwege hun omvang nauwelijks van invloed zullen zijn op andere belangen dan die van de initiatiefnemer. Aan deze algemene vrijstelling is een dieptebeperking gekoppeld vanuit de gedachte dat bij ontgron&#173;dingen in Flevoland dieper dan 3 meter veelal de deklaag zal worden doorsneden. Het doorsnijden van de deklaag kan ingrijpende gevolgen hebben voor het waterhuishoudkundige systeem.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onder b</tekst:i></tekst:Al>
		<tekst:Al>Dit betreft een verruiming van de vrijstelling in artikel 16.7, onder a, Bal. De verruiming van de hoeveelheid grond die wordt ontgraven sluit aan de bij de praktijk in Flevoland onder de Ontgrondingenwet.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_84" wId="pv24_80__artrecital__content_84">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>7.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Melding</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De Omgevingswet biedt net als onder Ontgrondingenwet de
mogelijkheid om ontgrondingen die vrijgesteld zijn van de vergunningplicht te
koppelen aan een meldingsplicht. Enerzijds geeft dit de provincie de
mogelijkheid om te bezien of de ontgronding plaatsvindt overeenkomstig de
gestelde regels. Anderzijds geeft deze meldingsplicht de mogelijkheid inzicht
te verkrijgen in het vrijkomende materiaal en in welke mate dat voor de
duurzame grondstoffenvoorziening in Flevoland kan worden ingezet. Ook wordt zo
inzicht verkregen in de verstoring van het archeologisch bodemarchief.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Bij de melding ingevolge <tekst:IntRef ref="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.1__art_7.5">Artikel 7.5</tekst:IntRef> moet inzicht worden ge&#173;geven in de hoeveelheden en de bestemming van de te ontgraven oppervlaktedelfstoffen. Om deze beschikbaar komende informatie te kunnen structureren en toegankelijk te maken voor belanghebbenden worden de gemelde gegevens opgenomen in een oppervlaktedelfstoffen&#173;register. Op deze wijze ontstaat een beeld van het provinciale aanbod van oppervlakte&#173;delfstoffen uit secundaire ontgrondingen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_85" wId="pv24_80__artrecital__content_85">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>7.6</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Afwijking algemeen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Met het eerste lid worden de vergunningvrije gevallen van
artikel 16.7, onder e en g, van het Bal beperkt tot een diepte van 3 meter
minus maaiveld. Deze dieptebeperking is aan de vrijstelling gekoppeld vanuit de
gedachte dat bij ontgrondingen in Flevoland dieper dan 3 meter veelal de
deklaag zal worden doorsneden. Het doorsnijden van de deklaag kan ingrijpende
gevolgen hebben voor het waterhuishoudkundige systeem. Voor de betreffende
ontgrondingactiviteiten dieper dan 3 meter geldt de vergunningplicht.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het tweede lid worden ontgrondingsactiviteiten
die in elkaars directe nabijheid liggen en een samenhangend geheel vormen
worden als &#201;&#201;n ontgronding beschouwd. Van een samen&#173;hangend geheel is sprake
als de handelingen in geografische, technische, economische en/of functionele
zin verweven zijn. Indien dit het geval dan zijn de in het Besluit activiteiten
leefomgeving en de omgevingsverordening opgenomen vrijstellingen niet van
toepassing en geldt de vergunningplicht.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Overigens heeft <tekst:IntRef ref="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.2__art_7.6">Artikel 7.6</tekst:IntRef> feitelijk alleen betekenis buiten de PArK-gebieden en TOP 10-locaties. <tekst:IntRef ref="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.2__art_7.7">Artikel 7.7</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_7__title_7.2__subchp_7.2.2__art_7.8">Artikel 7.8</tekst:IntRef> bepalen dat de vergunningvrije gevallen van artikel 16.7 Bal niet gelden ontgrondingsactiviteiten met een diepte van meer dan 0,3 meter beneden het maaiveld in de genoemde gebieden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_86" wId="pv24_80__artrecital__content_86">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>7.7</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Afwijking Provinciale Archeologische en Aardkundige Kerngebieden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Met dit
artikel wordt bewerkstelligd dat voor ontgrondingsactiviteiten die worden
uitgevoerd in gebieden met unieke archeologische en waardevolle aardkundige
waarden in principe altijd een vergunning nodig is. De in het Bal en de
verordening opgenomen vrijstellingen van de vergunningplicht gelden hier niet.
Slechts heel oppervlakkige ontgrondingen -minder dan 30 cm onder het maaiveld-
zijn niet vergunningplichtig. Dit betekent overigens niet dat een ontgronding
van meer dan 30 cm diep niet is toegestaan. Met de vergunningplicht wordt
veeleer beoogd vooraf te bezien hoe schade aan archeologische waarden zoveel
mogelijk kan worden voorkomen dan wel kan worden be&#173;perkt. Volledigheidshalve
wordt nog opgemerkt dat deze vergunningplicht geen gevolgen heeft voor
gedragingen in het kader van de normale uitoefening van de land- en tuinbouw.
Deze ge&#173;dragingen vallen namelijk niet onder de definitie ontgrondingen en
blijven daarmee buiten het bereik van deze verordening.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_87" wId="pv24_80__artrecital__content_87">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>7.8</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Afwijking Top-10 Archeologische Locaties</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Met dit
artikel wordt bewerkstelligd dat voor ontgrondingsactiviteiten die worden
uitgevoerd in gebieden met unieke archeologische en waardevolle aardkundige
waarden in principe altijd een vergunning nodig is. Slechts heel oppervlakkige
ontgrondingen -minder dan 30 cm onder het maaiveld- zijn niet
vergunningplichtig. Dit betekent overigens niet dat een ontgronding van meer
dan 30 cm diep niet is toegestaan. Met de vergunningplicht wordt veeleer beoogd
vooraf te bezien hoe schade aan archeologische waarden zoveel mogelijk kan
worden voorkomen dan wel kan worden be&#173;perkt. Volledigheidshalve wordt nog
opgemerkt dat deze vergunningplicht geen gevolgen heeft voor gedragingen in het
kader van de normale uitoefening van de land- en tuinbouw. Deze ge&#173;dragingen
vallen namelijk niet onder de definitie ontgrondingen en blijven daarmee buiten
het bereik van deze verordening.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_88" wId="pv24_80__artrecital__content_88">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>7.9</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Aanvraagvereisten omgevingsvergunning ontgrondingsactiviteit in het kader van archeologische monumentenzorg</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Voor
alle ontgrondingsactiviteit in Flevoland geldt dat bij aanvragen om
omgevingsvergunning een archeologisch onderzoek van voldoende kwaliteit dient te
worden overgelegd. Bij de belangenafweging wordt speciale aandacht gegeven aan
de archeologie, vanwege het groot aantal archeologisch gebieden in Flevoland.
Deze archeologische gebieden zijn aangegeven in de Archeologische beleidskaart
bij paragraaf 2.3 van het Omgevingsprogramma Flevoland.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_89" wId="pv24_80__artrecital__content_89">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>8.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Met dit hoofdstuk wordt beoogd ongewenste opschriften en reclame-uitingen in het landelijk gebied van Flevoland te reguleren. Het doel van de regeling is in de eerste plaats de bescherming van het landschapsschoon. Het provinciaal landschapsbeleid is gericht op het behoud en de verdere ontwikkeling van een voor Flevoland specifiek en karakteristiek en voor Nederland uniek landschapspatroon. Daarnaast speelt het aspect van de verkeersveiligheid, met name op die plekken waar de opschriften kunnen leiden tot een onoverzichtelijke of complexe verkeerssituatie.&#x2019;</tekst:Al>
		<tekst:Al>De regels in
dit hoofdstuk zijn alleen van toepassing voor borden en vergelijkbare objecten
buiten de bebouwde kom. Voor de uitleg van de term 'bebouwde kom' wordt
aangesloten bij artikel 20a van de Wegenverkeerswet 1994. De regels gelden voor
tal van uitingen in het buitengebied.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_90" wId="pv24_80__artrecital__content_90">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>8.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Werkingsgebied activiteiten bescherming landschap</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De
regels in dit hoofdstuk zijn alleen van toepassing voor het grondgebied van de
provincie Flevoland. De geometrische begrenzing is vastgelegd in bijlage II.
Daarnaast gelden de regels in dit hoofdstuk alleen voor borden buiten de
bebouwde kom en binnen het beperkingengebied met betrekking tot wegen in beheer
bij de provincie Flevoland. </tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_91" wId="pv24_80__artrecital__content_91">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>8.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Verbod op het plaatsen borden in het buitengebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De kern is het verbod op het plaatsen of aanbrengen van opschriften, aankondigingen of afbeeldingen in het buitengebied van de provincie Flevoland op of aan een onroerende zaak. Het verbod is niet absoluut. In <tekst:IntRef ref="chp_8__title_8.2__art_8.4">Artikel 8.4</tekst:IntRef> zijn diverse vrijstellingen opgenomen. Het is mogelijk om van het verbod een omgevingsvergunning aan te vragen bij Gedeputeerde Staten. Van deze mogelijkheid zal door Gedeputeerde Staten terughoudend gebruik worden gemaakt.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_8__title_8.2__art_8.3__para_1">Artikel 8.3, eerste lid</tekst:IntRef> richt zich met name op de opdrachtgever voor de plaatsing
van een bord. In de regel zal de opdrachtgever een bedrijf zijn (c.q. degene
die de zeggenschap heeft over dat bedrijf) dat door middel van het betreffende
opschrift voor het bedrijf reclame maakt. Deze bepaling is zodanig geformuleerd
dat ook degene die feitelijk het bord aanbrengt onder het verbod valt. Het
tweede lid heeft specifiek betrekking op de eigenaar, andere zakelijk
gerechtigde of gebruiker van de onroerende zaak waar of waarop het bord is
geplaatst. Het betreft hier de persoon die een zakelijk recht (bijvoorbeeld
eigendom of erfpacht) of gebruiksrecht (bijvoorbeeld pacht of huur) kan laten
gelden op het onroerende goed waar het bord is geplaatst. Meestal zal deze
persoon de eigenaar of pachter van het land zijn. De opzet van dit artikel biedt
de benodigde flexibiliteit om afhankelijk van de situatie van het geval diegene
aan te spreken die in hoofdzaak verantwoordelijk dient te worden gehouden voor
het niet naleven van dit hoofdstuk van de verordening en te kiezen voor de
meest effici&#203;nte wijze om een eind te maken aan de illegale situatie.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_92" wId="pv24_80__artrecital__content_92">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>8.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Uitzondering verboden activiteiten bescherming landschap</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit
artikel worden een aantal borden vrijgesteld van het algemene verbod: wanneer
een bord voldoet aan de criteria van een van de opgesomde artikelen van dit
artikel is het verbod niet van toepassing en is plaatsing conform de genoemde
criteria toegestaan.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onderdeel a</tekst:i><tekst:br/>Van het verbod zijn uitgezonderd borden die niet met het blote oog waarneembaar zijn vanaf een voor het publiek toegankelijke plaats. Bijvoorbeeld borden die aan het zicht worden onttrokken door bebouwing of bosschages of die op een zodanige grote afstand van een weg zijn geplaatst dat deze niet meer zichtbaar zijn voor het publiek.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onderdeel b</tekst:i><tekst:br/>Hierbij valt te denken aan restaurants, hotels, maneges
en benzinestations. Ook de agrarische bedrijven vallen onder deze bepaling. Als
voorwaarde geldt dat er een inhoudelijke relatie dient te bestaan tussen het
opschrift en de aard van de uitgeoefende activiteit. Bovendien is een visuele
relatie vereist; het bord dient bij de aanwezige bebouwing aan te sluiten omdat
dan de aantasting van het landschap minimaal is. Wanneer die bebouwing op enige
afstand van de weg is gelegen ligt het in de rede het bord bij de inrit
daarnaartoe te plaatsen. De term 'op of in de directe nabijheid van een inrit'
ziet in dat geval op de vereiste visuele relatie. Voor 'directe nabijheid' kan
geen absolute afstand worden gegeven. Of bord en inrit optisch &#233;&#233;n geheel
vormen is afhankelijk van aard en schaal van de omgeving.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In dit hoofdstuk van de verordening is de term
'bouwkavel' gehanteerd. Voor agrarische bedrijven staat dat in vrijwel alle
gevallen gelijk aan het erf. In sommige gevallen is echter bebouwing buiten het
erf ook toegestaan, bijvoorbeeld in een glastuinbouwgebied waar veelal de bouw
van staand glas mogelijk is gemaakt in het productiegebied. Wanneer vanuit een
bepaalde kas een product te koop wordt aangeboden kan het in de rede liggen het
bord, waarop dat wordt aangekondigd, direct naast deze kas te plaatsen. In dat
geval wordt de grond waarop de kas is geplaatst dus ook als bouwkavel
beschouwd.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Bij recreatieve voorzieningen zoals een camping is veelal
op het hele terrein bebouwing (zoals toiletgebouwtjes) of plaatsing van
vergelijkbare objecten (zoals stacaravans) mogelijk. Ook in die gevallen kan de
term bouwkavel dan ruim worden opgevat.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onderdeel c</tekst:i><tekst:br/>Het gaat hier om borden die zijn geplaatst in
wachtruimtes van halteplaatsen voor het openbaar vervoer.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onderdeel d</tekst:i><tekst:br/>Het gaat hier om borden ten behoeve van de verkoop,
verhuur of verpachting van de zaak. Het gaat alleen om onroerende zaken. Er is
voorgeschreven dat de borden niet langer aanwezig zijn dan voor de verkoop,
verhuur of verpachting noodzakelijk is.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onderdeel e</tekst:i><tekst:br/>Het gaat hier om borden waarop grootschalige evenementen
e.d. worden aangekondigd of bewegwijzerd. Deze kunnen informatie over die
gebeurtenis bevatten maar ook reclame van bijvoorbeeld sponsors. Reclame op
borden elders dient duidelijk ondergeschikt te zijn aan de hoofdboodschap
(bewegwijzering c.q. bekendmaking). Ook zijn borden toegestaan op het
evenemententerrein zelf. Aan de inhoud daarvan is geen beperking opgelegd.
Verder is aangegeven dat het moet gaan om grootschalige publieke evenementen:
een plaatselijke voetbalwedstrijd is geen aanleiding om elders in het
buitengebied borden - al dan niet met eventuele sponsorreclame - toe te staan.
Bewegwijzering naar kleinschalige evenementen e.d. komt in onderdeel j aan de
orde.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Er is voorgeschreven dat de borden maximaal een maand
voor de gebeurtenis waarop zij betrekking hebben kunnen worden geplaatst, en
binnen een termijn van een week dienen te worden verwijderd.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onderdeel f</tekst:i><tekst:br/>Tegen borden op sportterreinen die als zodanig
planologisch zijn bestemd, zoals voetbalvelden, hockeyvelden en
motorsportterreinen, bestaan uit landschappelijk oogpunt in beginsel geen
bezwaren, mits deze niet zichtbaar zijn vanaf de openbare weg (dus gericht op het
sportterrein zelf). Daar komt bij dat in dat soort gevallen vaak sprake is van
sponsering van de verenigingen die gebruik maken van het betreffende terrein.
Deze regeling heeft niet als oogmerk om daaraan beperkingen te verbinden.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onderdeel g</tekst:i><tekst:br/>Dit onderdeel betreft bedrijventerreinen buiten de
bebouwde kom, die op grond van een omgevingsplan als zodanig zijn aangewezen.
In dit soort situaties is sprake van een zodanige bebouwing dat de plaatsing
van borden in de meeste gevallen geen aantasting van het landelijk gebied zal
opleveren. Als voorbeeld kan worden genoemd het bedrijventerrein Larserpoort
bij Lelystad.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onderdeel h</tekst:i><tekst:br/>Hierbij kan worden gedacht aan borden waarop de
uitvoering van werken in het kader van de aanleg of onderhoud van wegen staat vermeld
of een naamlijst van opdrachtgevers en aannemers e.d. Deze uitzondering zal
veelal ook van toepassing zijn op borden die in het kader van de uitvoering van
Europese projecten moeten worden geplaatst. Het gaat hierbij dus om borden voor
werken in het algemeen belang.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De term 'werk in uitvoering' kan echter ook betrekking
hebben op particuliere 'werken' zoals bijvoorbeeld de aanleg van een golfbaan
of de ontwikkeling van een recreatieterrein. In dat geval is het wenselijk het
belang van het landschap expliciet tegen het private commerci&#235;le belang te
kunnen afwegen in het kader van vergunningverlening, waarbij dan tevens nadere
eisen aan bijvoorbeeld omvang van de borden en duur van de plaatsing kunnen
worden gesteld. Daarom is bepaald dat de vrijstelling alleen geldt in geval er
voor het wek van overheidswege opdracht is gegeven.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor wat betreft de uitleg van de term 'in de directe
nabijheid van' wordt verwezen naar hetgeen daarover onder onderdeel b is
opgemerkt. Ook in dit geval is een duidelijke visuele relatie vereist.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onderdeel i</tekst:i><tekst:br/>De ervaring leert dat nabestaanden van
verkeersslachtoffers soms de behoefte hebben om op of bij de plaats van het
ongeval een herdenkingsteken te plaatsen. Gedeputeerde Staten hebben al in 2000
besloten om de plaatsing van dergelijke herdenkingsteken langs provinciale
wegen toe te staan. Voor de plaatsing van dergelijke herdenkingsteken worden
regels gesteld in hoofdstuk Wegen en het hoofdstuk Vaarwegen van de
Omgevingsverordening.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onderdeel j</tekst:i><tekst:br/>Deze bepaling heeft in de eerste plaats betrekking op de
plaatsing van verkeerstekens en verkeersborden op grond van de
verkeerswetgeving. Ook een lokale, regionale of landelijke actie waarbij
speciale aandacht gevraagd wordt voor veiligheid in het verkeer wordt geacht
onder de regeling te vallen. Te denken valt aan spandoeken ('wij gaan weer naar
school') die worden opgehangen in verband met de start van een nieuw
schooljaar, acties van 3VO of van Rijkswaterstaat over aan te houden afstanden,
BOB in het verkeer e.d. Voorts staan er langs wegen landelijk vormgegeven
informatieborden over radiofrequenties en de nadering van benzinestations en
wegrestaurants. Ook deze worden geacht onder de vrijstellingsregels te vallen,
evenals de borden waarmee toeristische routes bewegwijzerd worden en de
aanduidingen van gemeente- en provinciegrenzen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Bewegwijzeringsborden naar grootschalige publieke evenementen e.d. zijn in onderdeel e onder voorwaarden vrijgesteld. Maar ook ten behoeve van kleinschalige evenementen worden in de praktijk vaak door de organistoren borden geplaatst, waarvoor zij dan aan de betreffende wegbeheerder toestemming vragen. Ook worden wel tijdelijke uitritten e.d. bewegwijzerd. Omdat het daarbij gaat om een tijdelijke bewegwijzering, die vaak op korte termijn moet worden geregeld, wordt het voldoende geacht wanneer daarvoor toestemming in het kader van het wegbeheer wordt gegeven. Die toestemming wordt alleen verleend voor borden die strikt noodzakelijk zijn voor de verkeersgeleiding. In de praktijk bestaat ook de mogelijkheid om op de provinciale bewegwijzering commerci&#203;le bedrijven op te nemen.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onderdeel k</tekst:i><tekst:br/>Gedacht wordt aan opschriften op zuilen die specifiek ten
behoeve van reclame zijn opgericht (zoals bijvoorbeeld in de nabijheid van de
wegrestaurants langs de A6). Met de bouw daarvan hebben Gedeputeerde Staten in
het verleden reeds ingestemd in het kader van de goedkeuring van het
betreffende bestemmingsplan of in het kader van een procedure als bedoeld in
artikel 2.12 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (oud). In zo'n
procedure is het belang van het landschap dan al afgewogen. In het stelsel van
de Omgevingswet gaat het dan om o.a. de procedure voor het vaststellen van een
omgevingsplan of een omgevingsvergunning voor een buitenplanse
omgevingsplanactiviteit.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Door sommige gemeenten worden bij de entree van de gemeente
borden geplaatst waarop de evenementen worden aangekondigd, die in die gemeente
zullen worden gehouden. Ook dergelijke borden vallen onder de onderhavige
vrijstelling.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onderdeel l</tekst:i><tekst:br/>Dit heeft betrekking op gevallen waarbij uit een
wettelijk voorschrift de verplichting voortvloeit om opschriften te plaatsen.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onderdeel m</tekst:i><tekst:br/>Door het opnemen van deze vrijstelling wordt
tegemoetgekomen aan de jurisprudentie van de Hoge Raad met betrekking tot de
vrijheid van meningsuiting. De lagere wetgever mag volgens de Hoge Raad geen
beperking stellen aan de grondwettelijke vrijheid van meningsuiting als
zodanig, maar hij mag wel beperkingen stellen aan de verspreiding, mits er geen
algemeen verbod daartoe wordt gegevens en mits het verbod voor het te beperken
verspreidingsmiddel nog gebruik van enige betekenis overlaat (Hoge Raad, NJ
1990, 222). Met het oog op de bescherming van het landschapsschoon en de
verkeersveiligheid zijn aan het openbaren van gedachten en gevoelens door
middel van opschriften e.d. wel beperkingen gesteld ten aanzien van aantal en
plaatsingsduur. Bepaald is dat per onroerende zaak &#233;&#233;n bord is geoorloofd. Voor
het vaststellen van de begrenzing van de onroerende zaak, is in beginsel het
eigendomsrecht doorslaggevend. Tevens is de toegestane plaatsingsduur beperkt
tot drie maanden. In deze periode kan de rechthebbende eventueel een
omgevingsvergunning aanvragen voor een langere plaatsingsduur.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onderdeel n</tekst:i><tekst:br/>Vanwege het belang dat aan de verkiezingen van de
verschillende democratische organen wordt gehecht wordt een ruime mogelijkheid
geboden om de bevolking via borden met posters e.d. op deze verkiezingen te
attenderen en om 'reclame' te maken voor de daaraan deelnemende politieke partijen.
Deze mogelijkheid wordt alleen beperkt wat betreft de duur van de plaatsing (te
weten in een effectieve periode rond de verkiezingen).</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onderdeel o</tekst:i><tekst:br/>Proefveldborden zijn nodig om in proefvelden aan te geven
waar welke soorten van een product staan. Gewasborden bevatten informatie over
het product dat ter plaatse geteeld wordt. Deze borden kunnen eveneens een
educatieve functie hebben: ze informeren de burger over de gewassen die in het
agrarisch gebied staan. Het betreft hier tijdelijke borden, omdat ze alleen
geplaatst zullen zijn zolang het product op het veld aanwezig is. Het opnemen
van een merknaam valt gelet op de functie van de borden niet onder de
vrijstelling. Dit betreft handelsreclame. Om te voorkomen dat voorbij wordt
gegaan aan het doel van deze verordening (voorkomen van aantasting van het
landschap en de natuur en met het oog op het belang van de verkeersveiligheid),
wordt wel een maximale oppervlaktemaat (3 m&#178;) gehanteerd en mag het bord niet
verlicht of reflecterend zijn.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onderdeel p</tekst:i><tekst:br/>Kenmerkend voor Flevoland is de landelijke inrichting en
agrarische activiteiten die hier plaatsvinden. Het beleid is gericht op
instandhouding van de landbouw en stimulering van de leefbaarheid op het
platteland. In Flevoland wordt ruimte gegeven aan initiatieven om deze
doelstellingen te bereiken. Daarbij hecht de provincie belang aan de mogelijkheid dat
deze initiatieven aan de burger zichtbaar gemaakt kunnen worden. Daarom zijn
borden die dienen ter bewegwijzering naar een verkooppunt van agrarische
producten, naar een minicamping of naar een andere aan het agrarisch bedrijf
gerelateerde nevenactiviteit onder voorwaarden vrijgesteld. De middels deze
borden bewegwijzerde nevenactiviteiten moeten wel een duidelijke functionele
relatie hebben met de primaire activiteiten die op het betreffende agrarische
bedrijf plaatsvinden. De relatie blijkt bijvoorbeeld uit het verwerken van door
het bedrijf voortgebrachte producten, het tentoonstellen, het laten zien van
activiteiten of het kunnen deelnemen aan activiteiten op het als zodanig
functionerende agrarische bedrijf. Zo valt een handel in autobanden niet onder
deze vrijstelling, maar een boer die zelfgemaakt ijs verkoopt wel. Bij een
mini-camping gaat het om kamperen bij de boer. Om te voorkomen dat voorbij
wordt gegaan aan het doel van deze verordening (voorkomen van aantasting van
het landschap en de natuur en met het oog op het belang van de
verkeersveiligheid), wordt wel een maximale oppervlaktemaat (3 m&#178;) gehanteerd
en mag het bord niet verlicht of reflecterend zijn.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onderdeel q</tekst:i><tekst:br/>De natuurgebieden vormen een belangrijk onderdeel van de
toeristisch-recreatieve structuur van Flevoland. Openstelling van en ook een
goede bewegwijzering naar de natuurgebieden is belangrijk voor het draagvlak
onder de bevolking en voor toerisme en recreatie. Daarbij kan bewegwijzering
bovendien gebruikt worden ter ondersteuning van zonering van het recreatief
gebruik in grotere natuurgebieden. Daarom zijn borden ter bewegwijzering van
die natuurgebieden ook vrijgesteld van het verbod wanneer zij voldoen aan
dezelfde eisen die aan de in onderdeel p vrijgestelde 'agrarische borden' zijn
gesteld. Voor eventueel gewenste grotere borden kan een vergunning worden
aangevraagd, in welk verband de (grotere) effecten op het landschap kunnen
worden beoordeeld.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Er worden geen eisen gesteld ten aanzien van bijvoorbeeld
het aantal borden per bedrijf of per kavel of de hoogte van een bord. Evenmin
worden eisen gesteld aan de plaatsingsduur van een bord, waardoor een bord
permanent in het landelijk gebied aanwezig kan zijn. Om te voorkomen dat
voorbij wordt gegaan aan het doel van deze verordening (voorkomen van
aantasting van het landschap en de natuur en met het oog op het belang van de
verkeersveiligheid), wordt wel een maximale oppervlaktemaat (3 m&#178;) gehanteerd
en mag het bord niet verlicht of reflecterend zijn.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Onderdeel r</tekst:i><tekst:br/>Het gaat
hier om borden langs openbare wegen die een georganiseerd buurtinitiatief voor
sociale veiligheid laten zien. Uitgezonderd zijn borden langs openbare wegen
die in beheer zijn bij de provincie Flevoland. Daarnaast worden er nog
aanvullende voorschriften gesteld. Het moet gaan om een niet commercieel
initiatief. Er mogen maximaal twee van deze borden aan dezelfde weg staan. De
borden moeten door of vanwege de gemeente, in beginsel geclusterd met andere
borden, aan de rechterzijde van de weg worden geplaatst. Tot slot mag het bord
niet groter zijn dan 0,6 bij 0,3 en heeft het de laagste reflectieklasse.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_93" wId="pv24_80__artrecital__content_93">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>8.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemene regels vergunningvrij plaatsen borden buitengebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit artikel wordt aangegeven aan welke eisen de borden moeten voldoen die zijn uitgezonderd van de verbodsbepaling van <tekst:IntRef ref="chp_8__title_8.2__art_8.3">Artikel 8.3</tekst:IntRef>. De borden
dienen deugdelijk geconstrueerd te worden en moeten verkeren in een goede staat
van onderhoud.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_94" wId="pv24_80__artrecital__content_94">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>8.6</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Aanvraagvereisten omgevingsvergunning</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit artikel wordt aangegeven aan welke vereisten een omgevingsvergunning dient te voldoen alvorens deze wordt ingediend. Zo moet in ieder geval worden aangegeven op een tekening of plattegrond waar het bord wordt geplaatst. Ook moet worden aangegeven uit welke constructie het bord bestaat en welke materialen hiervoor worden gebruikt. Tot slot dient te worden aangegeven wanneer het bord wordt geplaatst en wanneer het bord wordt verwijderd.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_95" wId="pv24_80__artrecital__content_95">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>8.7</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Beoordelingsregels omgevingsvergunning plaatsen borden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_8__title_8.2__art_8.3">Artikel 8.3</tekst:IntRef> voorziet in een omgevingsvergunningsregeling. Een omgevingsvergunning kan alleen worden verleend als de plaatsing van een opschrift niet in strijd is met het belang van de bescherming van het landschap en het belang van de verkeersveiligheid. De borden waarvan de plaatsing op grond van de regeling wel zijn toegestaan zijn in <tekst:IntRef ref="chp_8__title_8.2__art_8.4">Artikel 8.4</tekst:IntRef> zo uitputtend mogelijk opgesomd. Alleen in
bijzondere gevallen, waarvoor die regeling geen aanvaardbaar alternatief biedt,
kan door het bevoegd gezag eventueel een omgevingsvergunning worden verleend.
Hierbij kan worden gedacht aan borden die informatie bevatten over
(cultuurhistorische) monumenten en natuurterreinen. Ook voor tijdelijke borden
en opschriften (voor bijvoorbeeld een particulier werk in uitvoering) is een
omgevingsvergunning denkbaar. De plaatsing van dergelijke borden wordt getoetst
aan de belangen van landschap en verkeersveiligheid. Met het oog op deze
aspecten kunnen eventueel ook voorschriften of beperkingen aan de vergunning
worden verbonden. Dat kan ertoe leiden dat een dergelijk bord op een bepaalde
plaats in het geheel niet wordt toegestaan (waarbij eventueel een suggestie
wordt gedaan voor een andere plaats), dan wel dat de plaatsing van het bord wel
wordt toegestaan, maar dat aan vorm, de afmetingen of de duur van de plaatsing
van het opschrift door het bevoegd gezag beperkingen worden gesteld.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_96" wId="pv24_80__artrecital__content_96">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk gelden alleen voor de wegen waar de provincie
Flevoland het beheer en onderhoud over uitvoert, en waar de provincie eigenaar
van is. De provincie Flevoland is eigenaar en beheerder van circa 686 kilometer
rijbaanlengte en 360 kilometer fietspad. De primaire functie van de
weginfrastructuur is tweeledig. De primaire functie van wegen is het verbinden
van plaatsen, bereikbaarheid en het veilig verplaatsen van personen. De
hoofddoelstelling van het provinciale wegennet is dat mensen zich vlot en op
een veilige wijze kunnen verplaatsen en zorg te dragen voor een goede
bereikbaarheid door het in stand houden van verbindingen met omliggende
regio's. </tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_97" wId="pv24_80__artrecital__content_97">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Toepassingsbereik</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit hoofdstuk worden regels gesteld over activiteiten
in het beperkingengebied met betrekking tot provinciale wegen, die nadelige
gevolgen kunnen hebben voor de staat en werking van die weg. Het gaat niet
alleen om het plaatsen van bijvoorbeeld objecten, maar ook om het aanpassen,
verwijderen of beheren daarvan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Onder het beperkingen vallen ook activiteiten buiten het beperkingengebied die van invloed kunnen zijn op met name de veiligheid of doorstroming van het verkeer. Denk aan evenementen op een nabij de provinciale weg gelegen evenemententerrein.&#x201c;</tekst:Al>
		<tekst:Al>Uitgezonderd van het toepassingsbereik zijn die
activiteiten die door de provincie zelf worden uitgevoerd. De
activiteiten die de provincie als wegbeheerder uitvoert, zijn gericht op de
staat en werking van de weg. Ook zijn uitgezonderd de activiteiten die vallen
onder toezicht en handhaving van de provinciale weg of de regeling van het
wegverkeer over die weg door de provincie. Ook hier zijn de
betreffende activiteiten gericht op de staat en werking van die betreffende
weg.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_98" wId="pv24_80__artrecital__content_98">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Werkingsgebied Provinciale Wegen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Alle regels in dit hoofdstuk zijn gekoppeld aan het werkingsgebied zoals geometrisch is bepaald en vastgesteld in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef> van deze verordening.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De geometrische begrenzing van het beperkingengebied provinciale wegen is ontleend aan de richtlijnen van het kennisplatform CROW voor de obstakelvrije zone langs de verschillende types wegen:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_98__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_98__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_98__list_1__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_98__list_1__item_1">
		    <tekst:Al>voor een regionale stroomweg (snelheid 100 km/h): 10 meter,</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_98__list_1__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_98__list_1__item_2">
		    <tekst:Al>voor een gebiedsontsluitingsweg (snelheid 80 km/h): 6 meter,</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_98__list_1__item_3" wId="pv24_80__artrecital__content_98__list_1__item_3">
		    <tekst:Al>voor een erftoegangsweg (snelheid 60 km/h): 2,5 meter.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>De obstakelvrije zone wordt gemeten vanuit de kantverharding.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Alle provinciale regels over de fysieke leefomgeving moeten in de omgevingsverordening staan. Gedeputeerde Staten kunnen gelet op artikel 2.22 lid 2 Omgevingswet in de omgevingsverordening regels stellen over de geometrische begrenzing van locaties of concretisering van de uitoefening van een taak of bevoegdheid waarop de regel ziet of uitvoeringstechnische, administratie en meet- of rekenvoorschriften. Voorheen was in de Omgevingsverordening Flevoland in artikel 15.13 aan Gedeputeerde Staten de mogelijkheid gegeven om nadere regels te stellen voor door hen aangewezen openbare wegen mits de belangen zich daar niet tegen verzetten.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_99" wId="pv24_80__artrecital__content_99">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Normadressaat</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De regels van dit
hoofdstuk zijn gericht tot degene die de activiteit verricht waarop die regels
betrekking hebben. Diegene moet zorg dragen voor de naleving van de regels die voor de activiteit gelden. Dit geldt ook voor degene die
de werkzaamheden voor de provincie uitvoert. Ook in gevallen waarin
maatwerkvoorschriften of maatwerkregels over een activiteit worden gesteld, zal
de normadressaat de regels hebben na te leven.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Een omgevingsvergunning voor activiteiten die in opdracht worden uitgevoerd, wordt verstrekt op naam van de opdrachtgever. Het gaat dan bijvoorbeeld om het realiseren van een werk. Een toekomstige wijziging of intrekking van de omgevingsvergunning wordt zodoende gericht aan de rechthebbende op dat werk en niet op de aannemer die het werk ooit heeft uitgevoerd.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_100" wId="pv24_80__artrecital__content_100">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Specifieke zorgplicht</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De specifieke zorgplicht bevat algemene regels die van toepassing zijn op
alle activiteiten, dus ook activiteiten waarvoor een meldingsplicht of
vergunningsplicht geldt. Lid 1 van de specifieke zorgplicht ziet vooral toe op algemene
bepalingen. Lid 2 van het betreffende artikel betreft een nadere uitwerking van
deze algemene regels. In ieder geval moet aan de genoemde regels worden
voldaan. Gedragingen die gevaar of hinder voor het wegverkeer kunnen veroorzaken,
zijn niet uitputtend opgesomd. Dat betekent dat er meer gedragingen kunnen zijn
die hinder of gevaar kunnen veroorzaken dan in de opsomming zijn opgenomen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_101" wId="pv24_80__artrecital__content_101">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.6</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Maatwerkvoorschriften</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het bevoegd gezag kan maatwerkvoorschriften stellen over de bepalingen opgenomen in <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.2">Titel 9.2</tekst:IntRef>. Maatwerkvoorschriften kunnen niet worden gesteld als
het mogelijk is om over dat onderwerp een voorschrift aan een
omgevingsvergunning voor een beperkingengebiedactiviteit met betrekking tot die
weg te verbinden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Specifiek is opgenomen dat geen maatwerkvoorschriften over meldingen kunnen
worden gesteld. Hierbij moet worden gedacht aan de mogelijkheid dat met een
maatwerkvoorschrift niet kan worden bepaald dat voor een melding die afwijkt
van de algemene regels een vergunningsplicht gaat gelden. Maatwerkvoorschriften
zien dus specifiek op de algemene regels die zijn opgenomen dit hoofdstuk.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Lid 3 ziet er specifiek op dat het niet mogelijk is om een maatwerkvoorschrift te stellen over de bepalingen zoals opgenomen in <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.1__art_9.7">Artikel 9.7</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.1__art_9.8">Artikel 9.8</tekst:IntRef> en de bepalingen opgenomen in <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.3">Titel 9.3</tekst:IntRef>.
De provincie acht het van dusdanig belang dat aan dergelijke bepalingen wordt
voldaan en dat niet middels een maatwerkvoorschrift alsnog hiervan af kan
worden geweken.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_102" wId="pv24_80__artrecital__content_102">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.7</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemene regels bij een melding</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Bij een melding is het bevoegd gezag van oordeel dat er een mogelijk nadelig gevolg kan zijn voor de fysieke leefomgeving. Het is om die reden gewenst dat de activiteit niet start, voordat het bevoegd gezag daarvan op de hoogte is gebracht. In <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> is bepaald aan welke eisen een melding te allen tijde moet voldoen. In het geval een melding is gedaan bij het bevoegd gezag moet worden gestart met de activiteit binnen 6 maanden. Wordt niet gestart met de activiteit, dan moet er opnieuw een melding worden gedaan. Tenminste 5 dagen voor de start van de melding wordt de toezichthouder op de hoogte gesteld. De provincie werkt hiernaast ook met opzichters, de opzichters zijn ook toezichthouders. De benodigde gegevens en bescheiden zijn op locatie aanwezig. Deze aanvullende eisen zijn gesteld zodat de provincie precies weet wanneer een activiteit wordt uitgevoerd en in welke periode hiermee wordt gestart. Na een melding wordt erop toegezien dat de gemelde activiteit voldoet aan de algemene regels. Ook zorgt de melding ervoor dat het bevoegd gezag rekening kan houden met de gemelde activiteit.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_103" wId="pv24_80__artrecital__content_103">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.8</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemene regels bij een omgevingsvergunning</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De omgevingsverordening bevat regels over het verlenen of weigeren van een omgevingsvergunning voor activiteiten, die in die omgevingsverordening als vergunningplichtig zijn aangemerkt. Het is verboden zonder omgevingsvergunning een activiteit te verrichten wanneer dat in de omgevingsverordening is bepaald. Als algemene beoordelingsregel is opgenomen dat de activiteit verenigbaar moet zijn met het oogmerk genoemd in <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.1__art_9.1">Artikel 9.1</tekst:IntRef>. Dit oogmerk kan in specifieke paragrafen met beoordelingsregels per activiteit expliciet worden gemaakt<tekst:i>.</tekst:i>Een omgevingsvergunning wordt alleen verleend als deze in overeenstemming is met de beoordelingsregels opgenomen in de omgevingsverordening.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_104" wId="pv24_80__artrecital__content_104">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.9</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Verwijderen van werken en objecten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Bij verruiming of wijziging van een provinciale weg kunnen in het beperkingengebied gelegen werken, objecten en/of voorwerpen zodanige nadelige gevolgen hebben voor de verruiming of wijziging, dat deze moeten worden verwijderd. Onder werken niet zijnde een bouwwerk wordt tevens verstaan een net bestaande uit een of meer kabels of leidingen, bestemd voor transport van vaste, vloeibare of gasvormige stoffen, van energie of van informatie.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Bij activiteiten met een meldingsplicht is de algemene regel van toepassing die tot verwijderen of verleggen dwingt, als deze activiteiten een belemmering vormen voor de voorbereiding of uitvoering van de verruiming of wijziging van een weg door of namens de wegbeheerder. De wegbeheerder stelt eerst de rechthebbende in de gelegenheid tot verwijderen of verlegging. De rechthebbende
zal op eerste verzoek overgaan tot verwijdering of verlegging. Als de
rechthebbende niet overgaat tot verwijderen of verleggen, dan kan dit door het
bevoegd gezag bij maatwerkvoorschrift worden opgelegd.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_105" wId="pv24_80__artrecital__content_105">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.10</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Activiteiten gepaard met tijdelijke verkeersmaatregelen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Voorj de uitoefening van
elke activiteit waarbij het verkeer (tijdelijk) geregeld moet worden of waarbij
tijdelijke verkeersmaatregelen moeten worden getroffen, dient een
omgevingsvergunning te worden aangevraagd voor die activiteit. Om het veilig
en doelmatig gebruik van wegen te waarborgen moeten bij de werkzaamheden in ieder geval rekening worden gehouden met de
volgende CROW richtlijnen:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_105__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_105__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_105__list_1__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_105__list_1__item_1">
		    <tekst:Al>'CROW-publicatie 96a 'Richtlijnen werk in
uitvoering'.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_105__list_1__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_105__list_1__item_2">
		    <tekst:Al>'CROW-publicatie 96b 'Richtlijnen werk in
uitvoering'.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_106" wId="pv24_80__artrecital__content_106">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.11</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning werken</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Alle
activiteiten in het beperkingengebied met betrekking tot die weg in beheer bij
de provincie Flevoland zijn in principe beperkingengebiedactiviteiten. Dit
artikel ziet specifiek op activiteiten ten aanzien van het maken, plaatsen,
hebben, wijzigen of verwijderen van bouwwerken en werken die geen bouwwerken
zijn. Ook ziet de bepaling op het wijzigen van de vorm, de loop, de constructie
of het profiel van de weg. Vorenstaande activiteiten kunnen nadelige gevolgen
hebben voor de staat en werking van de provinciale weg.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_107" wId="pv24_80__artrecital__content_107">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.12</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning uitweg</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In gevallen dat de
activiteit de aanleg, wijziging of het hebben van een uitweg betreft, voorziet
dit artikel in algemene regels waar de uitweg aan moet voldoen. Naast
technische eisen gaat het ook om verkeersveiligheidsaspecten.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Van belang is dat de uitweg
een gesloten (asfaltconstructie) of elementenverharding (o.a. klinkerconstructie)
heeft. Er is een aantal principe oplossingen als bijlagen opgenomen. Hiervoor
geldt dat de tekeningen minimum afmetingen betreffen en afwijkende
constructievormen in overleg mogelijk zijn. Voor de vormgeving van de uitwegen
is van belang dat op erftoegangswegen de volledige breedte van de weg mag
worden gebruikt en dat op overige wegen bij rechtsaf-manoeuvres de asstreep
niet wordt overschreden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_108" wId="pv24_80__artrecital__content_108">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.13</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning tweede uitweg</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit
artikel ziet specifiek op de realisatie, wijzigingen en het hebben van een
tweede uitweg op een provinciale weg. Een
omgevingsvergunning voor een tweede uitweg wordt alleen toegestaan als sprake
is van bedrijfssplitsing, aanvullende bedrijfsactiviteiten of een overmacht situatie. In eerste instantie wordt de aanvrager geacht keermogelijkheden op het
eigen terrein te realiseren. Vanuit verkeersveiligheid wil het bevoegd gezag
dat men voorwaarts het terrein verlaat.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Indien
het verkeer geen keermogelijkheid heeft of kan
cre&#235;ren op het eigen terrein en voldoet aan de andere twee voorwaarden kan een tweede
uitweg worden vergund. Voor gebiedsontsluitingswegen geldt dat in principe gestreefd moet worden naar
maximaal &#233;&#233;n uitweg per bedrijf/woning/kavel. Er dient daarbij voor gezorgd te
worden dat er voldoende ruimte bij het bedrijf aanwezig is/blijft om te kunnen
keren. Het achteruitsteken op een gebiedsontsluitingsweg dient te worden
vermeden. Indien dit niet mogelijk is, is een tweede uitweg gewenst of dient de
uitweg extra breed te zijn om de achteruit-manoeuvre zo snel mogelijk uit te
kunnen voeren. Voor erftoegangswegen geldt dat vooral de aandacht moet liggen
op het terugdringen van het snelheidsniveau.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_109" wId="pv24_80__artrecital__content_109">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.14</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning kabels en leidingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit
artikel ziet op kabels en leidingen in het beperkingengebied van de provinciale
weg. Niet alleen het plaatsen, maar ook het hebben, wijzigen of verwijderen van
kabels en leidingen valt hieronder. Kabels en leidingen kunnen nadelige
gevolgen hebben voor de staat en werking van de provinciale weg. Denk hierbij aan verzakkingen of gaten
in de weg. Om deze schade zoveel mogelijk te beperken heeft het bevoegd gezag
algemene regels opgesteld voor het leggen van kabels en leidingen in het
beperkingengebied van de provinciale weg.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Om het veilig en doelmatig gebruik van wegen te borgen bij
het leggen van kabels en leidingen moeten de werkzaamheden onafgebroken worden
uitgevoerd. De provincie kan aanvullende
vergunningsvoorschriften stellen. In ieder geval zijn de volgende wetten,
regelgeving en richtlijnen van toepassing:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_109__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_109__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_109__list_1__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_109__list_1__item_1">
		    <tekst:Al>Omgevingswet: de regels inzake bescherming van de bodem en de regels inzake bescherming van de natuur;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_109__list_1__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_109__list_1__item_2">
		    <tekst:Al>Wet Informatie-uitwisseling Ondergrondse Netwerken (WION);</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_109__list_1__item_3" wId="pv24_80__artrecital__content_109__list_1__item_3">
		    <tekst:Al>Richtlijn 500 van het CROW: zorgvuldig graafproces;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_109__list_1__item_4" wId="pv24_80__artrecital__content_109__list_1__item_4">
		    <tekst:Al>CROW-publicatie 96b 'Richtlijnen werk in uitvoering'.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_110" wId="pv24_80__artrecital__content_110">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.15</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Technische eisen kabels en leidingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het gaat in
dit artikel om de technische eisen waaraan de kabels en leidingen moeten
voldoen. Met deze eisen hebben de kabels en leidingen een hoog kwaliteitsniveau
waardoor de kans op schade af neemt. De KLIC-melding moet worden gedaan
om ervoor te zorgen dat bekend is waar de kabels en leidingen precies lopen. </tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_111" wId="pv24_80__artrecital__content_111">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.16</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gestuurde boringen en persen bij bomen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Ook ten behoeve van gestuurde boringen en persen heeft het bevoegd gezag algemene regels opgesteld. Zo mogen bomen niet worden beschadigd. Om dit te bewerkstelligen moet moet in de nabijheid van bomen worden geboord. Daarbij moet zoveel mogelijk worden voorkomen dat boomwortels worden
afgehakt of worden beschadigd.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_112" wId="pv24_80__artrecital__content_112">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.17</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Wegkruisingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In de
situatie van kabels en leidingen bij een wegkruising is het risico groter op
het ontstaan van schade, denk aan verzakkingen, doordat de bestaande kabels en
leidingen worden doorkruist. In principe moet er gekeken worden om de kabels
zoveel mogelijk langs &#233;&#233;n kant van de weg te geleiden. In sommige gevallen is
het echter nodig om de weg te kruisen. Om deze schade zoveel mogelijk te
voorkomen stelt de provincie een aantal aanvullende eisen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_113" wId="pv24_80__artrecital__content_113">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.18</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Slopen of verwijderen van kabels en leidingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het bevoegd gezag vindt het belangrijk dat bij het slopen of verwijderen
van kabels en leidingen deze ook daadwerkelijk worden verwijderd. Dit opdat er
zo min mogelijk leidingen in het beperkingengebied van de provinciale weg
liggen die niet meer in gebruik zijn.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_114" wId="pv24_80__artrecital__content_114">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.19</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Merktekens</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Bij
het leggen van kabels en leidingen moeten merktekens minimaal 0.50 meter boven
het maaiveld worden geplaatst. In het geval de merktekens lager worden
geplaatst vallen ze niet goed genoeg op.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_115" wId="pv24_80__artrecital__content_115">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.20</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Grondwerkzaamheden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit
artikel ziet specifiek op grondwerkzaamheden bij het leggen van kabels en leidingen.
Om schade zoveel mogelijk te voorkomen zijn er aanvullende eisen gesteld. Bij
ontgravingen moet de grond die men bij het graven van sleuven verwijderd ook
weer terug in de gleuf stoppen en wel in de omgekeerde volgorde waardoor de grondlagen
niet worden verstoord. Wanneer blijkt
dat het onvoldoende is moet de grond aangevuld worden en wat over is moet
worden afgevoerd.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_116" wId="pv24_80__artrecital__content_116">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.21</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning voorwerpen en objecten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel ziet specifiek op activiteiten ten aanzien van het realiseren,
plaatsen, hebben, wijzigen of verwijderen van voorwerpen of objecten in het
beperkingengebied van de provinciale weg. De hiervoor genoemde&#173; activiteiten
kunnen nadelige gevolgen hebben voor de staat en werking van de provinciale
weg. Onder deze aanwijzing vallen uitdrukkelijk niet het plaatsen, hebben,
wijzigen of verwijderen van verkeerstekens en onderborden zoals bedoeld in de
Wegenverkeerswet 1994. Voor dergelijke borden geldt namelijk al dat een
verkeersbesluit, indien voldaan aan de daarvoor gestelde voor&#173;waarden, wordt
genomen door het bevoegd gezag.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_117" wId="pv24_80__artrecital__content_117">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.22</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning standplaats/verkooppunt</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Standplaatsen en verkooppunten kunnen verkeersonveilige situaties opleveren op een parkeer-
of carpoolplaats. Deze kunnen de weggebruiker afleiden waardoor de
verkeersveiligheid in gevaar komt. Daarom moet een omgevingsvergunning
worden aangevraagd. Deze wordt maximaal verleend voor de duur van &#233;&#233;n
jaar. Daarna moet opnieuw een omgevingsvergunning worden aangevraagd.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_118" wId="pv24_80__artrecital__content_118">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.23</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning borden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Voor borden
is een omgevingsvergunningsplicht opgenomen. In lid 3 zijn de algemene regels
opgenomen ten aanzien van het plaatsen en verwijderen van borden. In lid 4 is
opgenomen dat voor het plaatsen van een bord een KLIC melding gedaan dient te
worden, dit omdat bij het plaatsen van een bord mogelijk een kabel/leiding
geraakt kan worden. Ook is opgenomen dat de borden in een goede staat van
onderhoud moeten verkeren. Tot
slot geldt voor degene die de activiteit verricht dat bij het verwijderen van
de voorwerpen de berm in oorspronkelijke staat wordt teruggebracht.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het verbod geldt niet voor
borden ten behoeve van toeristische recreatieve bewegwijzering. Voor het
plaatsen van toeristische recreatieve bewegwijzering dient toestemming te
worden gevraagd aan een private partij. Een nadere uitwerking voor toeristische
recreatieve bewegwijzering is te vinden in de beleidsregel Plaatsen borden Flevoland.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_119" wId="pv24_80__artrecital__content_119">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.24</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning evenementen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit
artikel ziet specifiek op het houden van evenementen in het beperkingengebied
van de provinci&#173;ale weg. Het uitvoeren van activiteiten ten behoeve van
evenementen kan nadelige gevolgen hebben voor de staat en werking van de
provinciale weg. Daarnaast hangen veel activiteiten samen met evenementen, denk
bijvoorbeeld aan verkeer belemmerende maatregelen en het plaatsen van borden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_120" wId="pv24_80__artrecital__content_120">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.25</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Meldingsplicht herdenkingstekens</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Een herdenkingsteken is ter
nagedachtenis van een bij een dodelijk verkeersongeval omgekomen persoon. Het plaatsen en hebben van herdenkingstekens houdt veelal
verband met emoties van de nabestaanden. Om die reden is ervoor gekozen om voor
het plaatsen, hebben en verwijderen van herdenkingstekens geen vergunningsplicht
in te stellen, maar wel een meldingsplicht. Het bevoegd gezag heeft het van
belang geacht om een aantal algemene regels op te stellen waar de normadressaat
zich aan dient te houden. Deze regels worden gesteld om de veiligheid van
de normadressaat en de weggebruiker te waarborgen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_121" wId="pv24_80__artrecital__content_121">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.26</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemene gegevens bij het verstrekken van gegevens en bescheiden omgevingsvergunning</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling is opgenomen welke algemene gegevens en bescheiden te allen tijde verstrekt moeten worden. In aanvulling op deze gegevens en bescheiden moet bij een omgevingsvergunning de verwachte datum en duur van het evenement worden verstrekt. In <tekst:IntRef ref="chp_9__title_9.3__subchp_9.3.2">Afdeling 9.3.2</tekst:IntRef> is per activiteit aangegeven welke aanvullende gegevens en bescheiden verstrekt moeten worden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_122" wId="pv24_80__artrecital__content_122">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.27</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot werken</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De aanvullende
gegevens en bescheiden worden gevraagd bij deze activiteiten omdat het bevoegd
gezag van oordeel is dat er een potentieel nadelig gevolg kan zijn voor de
fysieke leefomgeving. Met de genoemde gegevens kan de wegbeheerder toezicht houden
en in sommige gevallen zelfs maatregelen nemen in verband met de
verkeersveiligheid.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_123" wId="pv24_80__artrecital__content_123">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.28</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot uitwegen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De aanvullende
gegevens en bescheiden worden gevraagd bij deze activiteiten omdat het bevoegd
gezag van oordeel is dat er een potentieel nadelig gevolg kan zijn voor de
fysieke leefomgeving. Met de genoemde gegevens kan de wegbeheerderde aanvraag beoordelen, toezicht houden
en in sommige gevallen zelfs maatregelen nemen in verband met de
verkeersveiligheid.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_124" wId="pv24_80__artrecital__content_124">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.29</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot kabels en leidingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De aanvullende
gegevens en bescheiden worden gevraagd bij deze activiteiten omdat het bevoegd
gezag van oordeel is dat er een potentieel nadelig gevolg kan zijn voor de
fysieke leefomgeving. Met de genoemde gegevens kan de wegbeheerderde aanvraag beoordelen, toezicht houden
en in sommige gevallen zelfs maatregelen nemen in verband met de
verkeersveiligheid.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_125" wId="pv24_80__artrecital__content_125">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.30</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot standplaats/verkooppunt</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De aanvullende gegevens en bescheiden worden gevraagd bij deze activiteiten omdat het bevoegd gezag van oordeel is dat er een potentieel nadelig gevolg kan zijn voor de fysieke leefomgeving. Met de genoemde gegevens kan de wegbeheerder de aanvraag beoordelen, toezicht houden
en in sommige gevallen zelfs maatregelen nemen in verband met de
verkeersveiligheid.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_126" wId="pv24_80__artrecital__content_126">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.31</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot borden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De aanvullende gegevens en bescheiden worden gevraagd bij deze activiteiten omdat het bevoegd gezag van oordeel is dat er een potentieel nadelig gevolg kan zijn voor de fysieke leefomgeving. Met de genoemde gegevens kan de wegbeheerder de aanvraag beoordelen, toezicht houden
en in sommige gevallen zelfs maatregelen nemen in verband met de
verkeersveiligheid.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_127" wId="pv24_80__artrecital__content_127">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>9.32</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot evenementen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De aanvullende
gegevens en bescheiden worden gevraagd bij deze activiteiten omdat het bevoegd
gezag van oordeel is dat er een potentieel nadelig gevolg kan zijn voor de
fysieke leefomgeving. Met de genoemde gegevens kan de wegbeheerder de aanvraag beoordelen, toezicht houden
en in sommige gevallen zelfs maatregelen nemen in verband met de
verkeersveiligheid.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_128" wId="pv24_80__artrecital__content_128">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>10.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemeen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Sinds de inwerkingtreding op 1 november 2009 van de Regeling
burgerluchthavens en militaire luchthavens (RBML), die is opgenomen in de Wet
luchtvaart, zijn Provinciale Staten het bevoegde gezag om te besluiten over het
zogeheten 'landzijdige' gebruik van een regionale luchthaven, dat wil zeggen de
milieugebruiksruimte (geluid, externe veiligheid, luchtkwaliteit) en daarmee
samenhangend de consequenties voor het ruimtegebruik in de omgeving.
Vaststelling van een luchthavenbesluit (artikel 8.43 Wet luchtvaart) is aan de
orde als de gevolgen van het luchthavenluchtverkeer wat betreft geluid en
externe veiligheid zodanig zijn dat dit consequenties heeft voor de ruimtelijke
indeling c.q. het ruimtegebruik buiten de luchthaven. Voor luchthavens zonder ruimtelijke
impact buiten de terreingrenzen (zowel de geluidscontour als de externe
veiligheidscontour valt op of binnen het luchthavengebied) kan met een
luchthavenregeling (artikel 8.64 Wet luchtvaart) worden volstaan. Gedeputeerde
Staten zijn op grond van artikel 8.64 van de Wet luchtvaart bevoegd tot het
vaststellen van een luchthavenregeling. Zowel een luchthavenbesluit als een
luchthavenregeling wordt bij verordening vastgesteld.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De bevoegdheden met betrekking tot het 'luchtzijdige'
gebruik, dat wil zeggen het gebruik van het luchtruim, maar ook de interne
veiligheid en beveiliging van de luchthaven, blijven een rijksaangelegenheid.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Op de uitvoering van de Wet
luchtvaart zijn, naast de Wet luchtvaart, van toepassing het op die wet
gebaseerde Besluit burgerluchthavens, en de eveneens op die wet gebaseerde
ministeri&#203;le Regeling burgerluchthavens en Regeling veilig gebruik van
luchthavens en andere terreinen. De aanvrager zal zich moeten realiseren of aan
deze regels wordt voldaan. De handhaving van deze regels blijft een bevoegdheid
van het rijk. Luchthavenregelingen en -besluiten treden niet in werking dan
nadat de Minister van Infrastructuur en Waterstaat heeft verklaard dat het
veilig gebruik van het luchtruim door het luchthavenverkeer is gewaarborgd.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Er zijn in Flevoland drie regionale
luchthavens als bedoeld in de Wet luchtvaart: een helikopterhaven (bij het
Nationaal Lucht- en Ruimtevaartlaboratorium te Marknesse) en twee
zweefvliegterreinen (te weten van Zweefvliegclub Flevo in Biddinghuizen en van
Zweefvliegclub Noordoostpolder bij Kraggenburg). Daarnaast wordt door een
zogenoemd amfibieluchtvaartuig, dat zowel op het land als op het water kan
landen en opstijgen, gebruik gemaakt van delen van de grote wateren. Voor deze
luchthavens gelden reeds luchthavenregelingen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_129" wId="pv24_80__artrecital__content_129">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>10.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Werkingsgebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Op de voorbereiding van de besluiten van Provinciale Staten
is op grond van de Wet luchtvaart de openbare voorbereidingsprocedure van
Afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht van toepassing. Dat betekent in
principe dat Provinciale Staten niet alleen het luchthavenbesluit en de
luchthavenregeling, maar ook het ontwerpbesluit dienen vast te stellen en de
correspondentie in het kader van de voorbereiding dienen te voeren.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_130" wId="pv24_80__artrecital__content_130">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>10.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De verordening stelt eisen aan de aanvragen. Bij het
vereiste dat een aanvraag een bij het voornemen passende beschrijving van de
mogelijke effecten op het milieu bevat, kan worden aangetekend dat uiteraard
het Besluit m.e.r. van toepassing is. Beoogd is om ook bij een niet
m.e.r.-plichtige aanvraag het aspect milieu wel een duidelijke plaats te geven.
Daarbij is ook van belang dat de aanvrager nagaat of er in de relevante omgeving
van de beoogde luchthaven gebieden zijn met een bijzondere status, bijvoorbeeld
in het kader van Natura 2000, Natuurnetwerk Nederland (voorheen ecologische
hoofdstructuur), Wet natuurbescherming,
grondwaterbeschermingsgebied, stiltegebied, waterwingebied. Met de toevoeging
van sub K: "de wijze waarop invulling wordt
gegeven aan de eisen ingevolge artikel 29 van de Regeling veilig gebruik
luchthavens en andere terreinen.", wordt de exploitant expliciet gehouden aan
deze belangrijke verantwoordelijkheid en wordt die ook direct gekoppeld aan de
luchthavenregeling.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Met het derde lid wordt de aanvrager verplicht om bij een wijziging ten
opzichte van de vorige aanvraag, binnen drie maanden zelf een aanvraag te doen.
Hiermee wordt voorkomen dat een aanvrager, die zelf het beste weet welke
wijzigingen er zijn, daarmee wegkomt door niets te doen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_131" wId="pv24_80__artrecital__content_131">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>10.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels aan Gedeputeerde Staten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De Provinciewet gaat er echter van uit dat de voorbereiding
van PS- besluiten door Gedeputeerde Staten kan worden gedaan. Teneinde onduidelijkheid
daarover te voorkomen wordt door middel van deze verordening ondubbelzinnig
door Provinciale Staten aan Gedeputeerde Staten opgedragen
het besluit voor te bereiden, inclusief het vaststellen van het ontwerpbesluit.
Gedeputeerde Staten kunnen bij de voorbereiding van een voorstel toepassing
geven aan artikel 3:18, tweede lid van de Algemene wet bestuursrecht. Artikel
8.48 van de Wet luchtvaart is hier ook van toepassing.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_132" wId="pv24_80__artrecital__content_132">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk gelden alleen voor de vaarwegen waarvan de
provincie Flevoland nautisch en/of technisch vaarwegbeheerder van is en om aspecten
die van belang zijn voor het huidige en toekomstige gebruik. De provincie is eigenaar van acht
provinciale vaarwegen met in totaal 168,8 kilometer lengte. Daar&#173;naast is de
provincie eigenaar van 14 beweegbare bruggen en objecten in de provinciale
vaarten. Daarnaast bedient de provincie een aantal objecten voor andere
overheden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De vaarwegen in de provincie Flevoland hebben meerdere functies, die elk in
verschillende mate impact hebben. Gezien de economische functie van Flevoland
en de geografische ligging ten opzichte van de rest van Nederland worden de
vaarwegen vooral gebruikt door de beroepsvaart en de doorgaande recreatievaart.
De beheerstrook langs de meeste provinciale vaarten heeft de functie van
ecologische verbindingszone. Dit betekent dat er voor deze gebieden
beschermende maatrege&#173;len van kracht zijn om natuur en milieu in stand te
houden en te ontwikkelen. Dit zijn ook de gebieden waar natuurvriendelijke
oevers zijn of worden aangelegd. Het landschap in het grootste deel van de
provincie Flevoland is volgens strakke en lange zichtlijnen aangelegd. De
provinciale vaarten moeten, als cultuurhistorisch kenmerk van het ontwerp van
Flevoland, deze kenmerken behouden. De vaarten liggen voor een klein deel
binnen de bebouwde kom van de Flevolandse woonkernen en maken daarom deel uit
van het woon- en leefmilieu aldaar. Aan de ene kant betekent dit dat individuele
bewoners of bedrijven de vaarten zien als deel van hun leefgebied en ze ook zo
ge&#173;bruiken. Aan de andere kant overheerst echter vanuit het algemene belang dat
de aanwezigheid van de vaarten bijdraagt aan de kwaliteit van het woonmilieu en
dat daarom de instandhouding ervan prioriteit heeft. Tenslotte hebben de
vaarten ook de functie als afvoerkanaal voor het overtollige polderwater, met
de waterbeheerder Waterschap Zuiderzeeland als hoofdverantwoordelijke.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_133" wId="pv24_80__artrecital__content_133">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Toepassingsbereik</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit hoofdstuk worden regels gesteld aan activiteiten in het
beperkingengebied met betrekking tot provinciale vaarwegen die nadelige
gevolgen kunnen hebben voor de staat en werking van die vaar&#173;weg. Het gaat niet
alleen om het plaatsen van bijvoorbeeld objecten, maar ook om het aanpassen,
verwijderen of beheren daarvan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Uitgezonderd van het toepassingsbereik zijn die
activiteiten die door de provincie zelf worden uitgevoerd. De
activiteiten die de provincie als vaarwegbeheerder uitvoert zijn gericht op de staat
en werking van de vaarweg. Ook zijn uitgezonderd de activi&#173;teiten die vallen
onder toezicht en handhaving van de provinciale vaarweg of de regeling van het
vaarwegverkeer over die vaarweg door of namens de provincie. Ook hier zijn de
betreffende activi&#173;teiten gericht op de staat en werking van die betreffende
vaarweg.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_134" wId="pv24_80__artrecital__content_134">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Werkingsgebied Provinciale Vaarwegen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Alle regels in dit hoofdstuk zijn gekoppeld aan het werkingsgebied zoals geometrisch is bepaald en vastgesteld in <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage II</tekst:IntRef> van deze verordening. </tekst:Al>
		<tekst:Al>De geometrische begrenzing van het beperkingengebied provinciale vaarwegen omvat de vaarweg met een strook van 10 meter aan weerszijde van de vaarweg, gemeten vanaf de insteek. De insteek is de snijlijn van het schuine oevertalud (oeverhelling) met het horizontaal gelegen maaiveld.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Alle provinciale regels over de fysieke leefomgeving moeten in de omgevingsverordening staan. Gedeputeerde Staten kunnen gelet op artikel 2.22 lid 2 Omgevingswet in de omgevingsverordening regels stellen over de geometrische begrenzing van locaties of concretisering van de uitoefening van een taak of bevoegdheid waarop de regel ziet of uitvoeringstechnische, administratie en meet- of rekenvoorschriften. Voorheen was in de Omgevingsverordening Flevoland in artikel 15.13 aan Gedeputeerde Staten de mogelijkheid gegeven om nadere regels te stellen voor door hen aangewezen openbare wegen mits de belangen zich daar niet tegen verzetten. Een voorbeeld hiervan waren de Nadere regels voor ligplaatsen en afmeervoorzieningen in provinciale vaarwegen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_135" wId="pv24_80__artrecital__content_135">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Normadressaat</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De regels van dit hoofdstuk zijn gericht tot degene die
de activiteit verricht waarop die regels betrekking hebben. Diegene moet zorg
dragen voor de naleving van de regels die voor de activiteit gelden. Dit geldt
ook voor degene die de werkzaamheden voor de provincie
uitvoert. Ook in gevallen waarin maatwerkvoorschriften of maatwerkregels over
een activiteit worden gesteld, zal de normadressaat de regels hebben na te
leven.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_136" wId="pv24_80__artrecital__content_136">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Specifieke zorgplicht</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De specifieke zorgplicht bevat algemene regels die van toepassing zijn op
alle activiteiten, dus ook activiteiten waarvoor een meldingsplicht of
vergunningsplicht geldt. Lid 1 van de specifieke zorgplicht ziet vooral op
algemene bepalingen. Lid 2 van het betreffende artikel betreft een nadere
uitwerking van deze algemene regels. In ieder geval dient aan de genoemde regels
te worden voldaan. Gedragingen die gevaar of hinder voor het
scheepvaartverkeer kunnen veroorzaken, zijn niet uitputtend opgesomd. Dat
betekent dat er meer gedragingen kunnen zijn die hinder of gevaar kunnen
veroorzaken dan in de opsomming zijn opgenomen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_137" wId="pv24_80__artrecital__content_137">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.6</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Maatwerkvoorschriften</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Maatwerkvoorschriften kunnen niet worden gesteld
als het mogelijk is om over dat onderwerp een voorschrift aan een
omgevingsvergunning voor een beperkingengebiedactiviteit met betrekking tot die
vaarweg te verbinden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Specifiek is opgeno&#173;men dat geen maatwerkvoorschriften over meldingen
kunnen worden gesteld. Hierbij moet worden gedacht aan de mogelijkheid dat met
een maatwerkvoorschrift niet kan worden bepaald dat voor een melding die
afwijkt van de algemene regels dan een vergunningsplicht gaat gelden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Lid 3 ziet er specifiek op dat het niet mogelijk is om een maatwerkvoorschrift te stellen over de bepalingen zoals opgenomen in <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.1__art_11.7">Artikel 11.7</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.1__art_11.8">Artikel 11.8</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.1">Afdeling 11.3.1</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2">Afdeling 11.3.2</tekst:IntRef>. De provincie acht het van dusdanig belang dat aan dergelijke bepalingen wordt voldaan, dat niet middels een maatwerkvoorschrift alsnog hiervan af kan worden geweken.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_138" wId="pv24_80__artrecital__content_138">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.7</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemene regels bij een melding</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Na een melding wordt erop toegezien dat de gemelde activiteit voldoet aan de algemene regels. Ook zorgt de melding ervoor dat het bevoegd gezag rekening kan houden met de gemelde activiteit. Het is om die reden gewenst dat de activiteit niet start, voordat het bevoegd gezag daarvoor op de hoogte is gebracht. In <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> is bepaald aan welke eisen een melding te allen tijde moet voldoen. In het geval een melding is gedaan bij het bevoegd gezag moet worden gestart met de activiteit binnen 6 maanden. Wordt niet gestart met de activiteit dan moet er opnieuw een melding worden gedaan. Tenminste 5 dagen voor de start van de melding wordt de toezichthouder op de hoogte gesteld. De provincie werkt hiernaast ook met opzichters, de opzichters zijn ook toezichthouders. De benodigde gegevens en bescheiden zijn op locatie aanwezig. Deze aanvullende eisen zijn gesteld zodat de provincie precies weet wanneer een activiteit wordt uitgevoerd en in welke periode hiermee wordt gestart.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_139" wId="pv24_80__artrecital__content_139">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.8</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemene regels bij een omgevingsvergunning</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De omgevingsverordening bevat regels over het verlenen of weigeren van een omgevingsvergunning voor activiteiten die in die omgevingsverordening als vergunningplichtig zijn aangemerkt. Het is verboden zonder omgevingsvergunning een activiteit te verrichten wanneer dat in de omgevingsverordening is bepaald. Als algemene beoordelingsregel is opgenomen dat de activiteit verenigbaar moet zijn met het belang/oogmerk. Dit oogmerk kan in specifieke paragrafen met beoordelingsregels per activiteit expliciet worden gemaakt<tekst:i>.</tekst:i>Een omgevingsvergunning wordt alleen verleend als deze in overeenstemming is met de beoordelingsregels opgenomen in de omgevingsverordening.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_140" wId="pv24_80__artrecital__content_140">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.9</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning vaarwegactiviteiten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel
ziet op diverse soorten vaarwegverkeeractiviteiten waarvoor een
omgevingsvergunning moet worden aangevraagd. Deze activiteiten kunnen nadelige gevolgen
hebben voor de staat en werking van de provinciale vaarweg.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_141" wId="pv24_80__artrecital__content_141">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.10</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Verboden activiteiten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Er zijn een
tweetal verbodsbepalingen. De eerste verbodsbepaling ziet op het gebruik mogen
maken van spudpalen. In verband met de veilige staat en werking van de vaarweg
is dit niet wenselijk. Ook is het verboden om te ankeren in de provinciale
vaarweg.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_142" wId="pv24_80__artrecital__content_142">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.11</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Stremmen of belemmeren van de scheepvaart</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Bij het stremmen van het vaarweg zijn algemene regels opgenomen. Er gelden
specifieke regels voor de aanvraag en publicatievereisten voor een stremming.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het stremmen of belemmeren van een vaar&#173;weg kan ook plaatsvinden bij extreme weersomstandigheden. Hierbij kan gedacht worden aan bij&#173;voorbeeld ijsvorming. Er vindt in de provinciale vaarwegen geen ijsbestrijding ten behoeve van de doorgang van de scheepvaart plaats. Bij vorst kan wel een vaarverbod worden afgekondigd ter voor&#173;koming van schade aan de oevers en/of andere provinciale eigendommen. Een stremming door ijs&#173;vorming wordt bekendgemaakt middels een melding aan de Waterkamer van RWS. Naast ijsvorming kan ook gedacht worden aan een ernstige calamiteit. Ook in die gevallen kan een vaarverbod worden afgekondigd. Dit vaarverbod zal duren zolang als dit nodig is voor het afhandelen van de calamiteit, eventueel nader onderzoek en/of het repareren van de schade. Indien zich er een (ernstige) calamiteit voordoet kan per direct een gedeelte van de vaarweg worden gestremd. In dat geval in&#173;formeert het bevoegd gezag de scheepvaart die in de directe omgeving vaart over het afgesloten vaarweggedeelte. Indien de stremming langer dan 2 uur gaat duren wordt een scheepvaartbericht via de Waterkamer geplaatst. Indien de stremming is verholpen wordt dit middels een scheepvaart&#173;bericht kenbaar gemaakt. Tot slot kan in geval van onderhoudswerkzaamheden een stremming plaatsvinden. Bij evenementen zijn afwijkende voorwaarden met betrekking tot het stremmen van de scheepsvaart opgenomen in <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.2__subchp_11.2.4__art_11.30">Artikel 11.30</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_143" wId="pv24_80__artrecital__content_143">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.12</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Schepen met afwijkende afmetingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Voor schepen
met afwijkende afmetingen zijn ook algemene regels opgesteld. Het is alleen
mogelijk om te worden geschut indien er een aanvaardbare situatie is ten
aanzien van de bereikbaarheid door hulpdiensten en de afwikkeling van het
verkeer. Daarnaast is het alleen toegestaan buiten de blok&#173;tijden. De maximale
afmetingen van de schepen op de provinciale vaarten is gelijk aan de maximaal
toegelaten afmetingen van de sluizen. Alleen via de provinciale sluizen kunnen
de provinciale vaar&#173;ten bereikt worden. uitzondering hierop is het
Vollenhoverkanaal. Per object zijn de maximale afme&#173;tingen van een te passeren
schip vastgelegd.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_144" wId="pv24_80__artrecital__content_144">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.13</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Geen bediening</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Algemene
regels zijn opgenomen voor het bedienen buiten bedientijden. Deze algemene
regels staan verder uitgewerkt in de bijlage behorende bij het hoofdstuk.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_145" wId="pv24_80__artrecital__content_145">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.14</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Maximale snelheid</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In verband met de staat en werking van de provinciale vaarweg is
vastgesteld dat de maximale snel&#173;heid op de provinciale vaarweg 12 km/h is.
Alleen onder voorwaarden is het mogelijk dat hiervan kan worden afgeweken,
namelijk voor hulpdiensten of schepen ten behoeve van toezicht en handha&#173;ving.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_146" wId="pv24_80__artrecital__content_146">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.15</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Watersport zonder schip</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De algemene regels behorende bij dit artikel houden verband met het Binnenvaartpolitiereglement. Het bevoegd gezag heeft dit nader uitgewerkt door aan te geven dat het niet is toegestaan om binnen 50 meter van een brug of binnen 200 meter van een sluis watersport uit te oefenen zonder schip. Hierbij kan gedacht worden aan een persoon die zwemt dan wel die op andere wijze watersport bedrijft zonder gebruik te maken van een schip zoals kano&#203;n, waterfietsen of een roeiboot.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Rondom bruggen en sluizen is een vaste afstand gewenst de gevaarzetting van
het zwemmen e.d. vanaf of rondom een brug of sluis te voorkomen. Daarnaast is
specifiek opgenomen dat watersport zonder schip niet is toegestaan bij de
Oostervaart. De Oostervaart maakt deel uit van de relatief intensief gebruikte
vaarroute voor de beroepsvaart Noordersluis-Industrieterrein Oostervaart. De
Oostervaart is in deze vaarroute het smalste gedeelte, waarbij het vanuit
veiligheidsoogpunt niet gewenst is dat er wordt gezwommen of watersport zonder
schip wordt beoefend.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_147" wId="pv24_80__artrecital__content_147">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.16</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Betreden sluiscomplexen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel voorziet in een aantal algemene regels ten behoeve van het
betreden van sluiscomplexen. Omdat het betreden van sluiscomplexen, onder
andere vanwege het hoogteverschil, risico's met zich mee kan brengen, is
voorzien in een aantal algemene regels om zo het betreden van deze sluis&#173;complexen
tegen te gaan.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_148" wId="pv24_80__artrecital__content_148">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.17</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Verwijderen van werken, objecten en/of schepen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Bij verruiming of wijziging van een provinciale weg
kunnen in het beperkingengebied gelegen werken, objecten en/of voorwerpen
zodanige nadelige gevolgen hebben voor de verruiming of wijziging, dat deze
moeten worden verwijderd.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Bij activiteiten met een meldingsplicht is de
algemene regel van toepassing die tot verwijderen of verleggen dwingt, als deze
activiteiten een belemmering vormen voor de voorbereiding of uitvoering van de
verruiming of wijziging van een vaarweg door of namens de vaarwegbeheerder. De vaarwegbeheerder stelt eerst
de rechthebbende in de gelegenheid tot verwijderen of verlegging. Als de
rechthebbende niet overgaat tot verwijderen of verleggen, dan kan dit door het
bevoegd gezag bij maatwerkvoorschrift worden opgelegd.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_149" wId="pv24_80__artrecital__content_149">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.18</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning werken</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Alle activiteiten in het beperkingengebied met betrekking tot die vaarweg
in beheer bij de provincie Flevoland zijn in principe
beperkingengebiedactiviteiten. Dit artikel ziet specifiek op activiteiten ten
aanzien van het maken, plaatsen, hebben, wijzigen of verwijderen van bouwwerken
en werken die geen bouwwerken zijn. Ook ziet de bepaling op het wijzigen van de
vorm, de loop, de constructie of het profiel van de vaarweg. Vorenstaande
activiteiten kunnen nadelige gevolgen hebben voor de staat en werking van de
provinciale vaarweg.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_150" wId="pv24_80__artrecital__content_150">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.19</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning kabels en leidingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel ziet
op kabels en leidingen in het beperkingengebied van de provinciale vaarweg.
Niet alleen het plaatsen, maar ook het hebben, wijzigen en verwijderen van
kabels en leidingen valt hier&#173;onder. Kabels en leidingen kunnen nadelige
gevolgen hebben voor de staat en werking van de provinciale weg. Denk hierbij aan verzakkingen of gaten in de weg. Om deze schade zoveel
mogelijk te beperken heeft het bevoegd gezag algemene regels
opgesteld voor het leggen van kabels en leidingen in het beperkingengebied van de
provinciale vaarweg.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Om het veilig en doelmatig gebruik van wegen te
borgen bij het leggen van kabels en leidingen moeten de werkzaamheden
onafgebroken worden uitgevoerd. De
provincie kan aanvullende vergunningsvoorschriften stellen. In ieder geval zijn
de volgende wetten, regelgeving en richtlijnen van toepassing:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_150__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_150__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_150__list_1__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_150__list_1__item_1">
		    <tekst:Al>Omgevingswet: de regels inzake bescherming van de bodem en de regels inzake bescherming van de natuur;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_150__list_1__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_150__list_1__item_2">
		    <tekst:Al>Wet Informatie-uitwisseling Ondergrondse Netwerken (WION);</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_150__list_1__item_3" wId="pv24_80__artrecital__content_150__list_1__item_3">
		    <tekst:Al>Richtlijn 500 van het CROW: zorgvuldig graafproces;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_150__list_1__item_4" wId="pv24_80__artrecital__content_150__list_1__item_4">
		    <tekst:Al>CROW-publicatie 96b 'Richtlijnen werk in uitvoering'.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_151" wId="pv24_80__artrecital__content_151">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.20</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Technische eisen kabels en leidingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het
gaat in dit artikel om de technische eisen waaraan de kabels en leidingen
moeten voldoen. Met deze eisen hebben de kabels en leidingen een hoog
kwaliteitsniveau waardoor de kans op schade af neemt. De KLIC-melding
moet worden gedaan om ervoor te zorgen dat bekend is waar de kabels en
leidingen precies lopen. </tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_152" wId="pv24_80__artrecital__content_152">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.21</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gestuurde boringen en persen bij bomen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Ook ten behoeve van
gestuurde boringen en persen heeft het bevoegd gezag algemene regels opgesteld.
Zo mogen bomen niet worden beschadigd. Om dit te bewerkstelligen moet er worden
geboord bij bomen. Daarbij moet zoveel mogelijk worden voorkomen dat boomwortels
worden afgehakt of worden beschadigd.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_153" wId="pv24_80__artrecital__content_153">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.22</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Vaarwegkruisingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In de situatie van kabels en
leidingen bij een vaarwegkruising is het risico groter op het ontstaan van
schade doordat de bestaande kabels en leidingen worden doorkruist. In principe
moet er gekeken worden om de kabels zoveel mogelijk langs &#233;&#233;n kant van de vaarweg
te geleiden. In sommige gevallen is het echter nodig om de vaarweg te kruisen. Om
deze schade zoveel mogelijk te voorkomen stelt de provincie een aantal
aanvullende eisen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_154" wId="pv24_80__artrecital__content_154">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.23</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Slopen of verwijderen van kabels en leidingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het bevoegd
gezag acht het van belang dat bij het slopen of verwijderen van kabels en
leidingen deze ook daadwerkelijk worden verwijderd. Dit zodat er zo min
mogelijk leidingen in het beperkingengebied van de provinciale vaarweg liggen
die niet meer in gebruik zijn.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_155" wId="pv24_80__artrecital__content_155">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.24</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Grondwerkzaamheden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel
ziet specifiek op grondwerkzaamheden bij het leggen van kabels en leidingen. Om
schade zoveel mogelijk te voorkomen zijn er aanvullende eisen gesteld. Bij
ontgravingen moet de grond die men bij
het graven van sleuven verwijderd ook weer terug in de gleuf stoppen en wel in
de omgekeerde volgorde waardoor de grondlagen niet worden
verstoord. Wanneer
blijkt dat het onvoldoende is moet de
grond aangevuld worden en wat over is moet worden afgevoerd.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_156" wId="pv24_80__artrecital__content_156">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.25</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning ligplaatsen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel
ziet op activiteiten met betrekking tot ligplaatsen in het beperkingengebied
provinciale vaarwegen. Deze activiteiten kunnen nadelige gevolgen hebben voor
de staat en werking van de pro&#173;vinciale vaarweg. Van belang is om vast te
leggen of en zo ja waar de oevers van de provinciale vaarten gebruikt kunnen
worden om schepen af te meren.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Daarbij gaat
het om een aantal aspecten:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_156__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_156__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_156__list_1__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_156__list_1__item_1">
		    <tekst:Al>het aangeven
van locaties die niet zijn bestemd en bedoeld als ligplaats en het handhaven in
situaties als wordt afgeweken van de geformuleerde bepalingen;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_156__list_1__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_156__list_1__item_2">
		    <tekst:Al>het aangeven
van locaties waar onder voorwaarden bestaande voorzieningen gebruikt kun&#173;nen
worden voor het afmeren van schepen en waar zo nodig nieuwe voorzieningen
kunnen worden aangelegd om de doorgaande scheepvaart te faciliteren;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_156__list_1__item_3" wId="pv24_80__artrecital__content_156__list_1__item_3">
		    <tekst:Al>het aan
bewoners toestaan om, onder voorwaarden, achter hun woning af te meren.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>Ligplaatsen
zijn een schaars recht. Het uitgangspunt
is dat geen schepen mogen worden afgemeerd langs de oevers van de provinciale
vaarten anders dan aan daartoe ingerichte afmeervoorzieningen en dat er geen
voorzieningen door derden worden aangelegd. Dit om tegen te gaan dat er schepen
worden afgemeerd op locaties die nadelig zijn voor een veilige en vlotte
scheepvaart, voor de instandhouding van de vaarweg of voor functies van
gebieden die direct langs de vaarwegen zijn gelegen. Tevens kan het afmeren van
sche&#173;pen het doelmatig en effici&#235;nt beheer en onderhoud van de vaarweg negatief
be&#207;nvloeden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In vier gevallen is het
verboden om een ligplaats in te nemen. Dit is allereerst het geval ten behoeve van
(semi-)permanente bewoning. Hieronder vallen niet alleen de woonarken, maar ook
alle andere schepen die tijdelijk of permanent als woon- of verblijfplaats
dienen. Een uitzondering hierop vormen de initiatieven van gemeenten voor wonen
op het water die zijn vastgelegd in bestemmingsplannen en via een insteekhaven
zijn aangetakt op de provinciale vaarten. Daarnaast is het verboden om af te
meren ter hoogte van of nabij trailerhellingen. Trailerhellingen zijn bestemd
om kleine schepen te water te kunnen laten die op een aanhanger/trailer worden
vervoerd en mogen daarom niet worden gebruikt als aanlegplaats voor schepen.
Deze trailerhellingen zijn in meerderheid in eigendom van de gemeenten, die ook
het beheer en onder&#173;houd uitvoeren. Tot slot is het verboden om een ligplaats in te nemen, gelet op de veiligheid, binnen 50 meter van een brug of binnen
200 meter van een sluis.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In gevallen een bouwwerk,
of een werk dat geen bouwwerk is, in de vorm van een afmeervoorziening wordt
gerealiseerd, zijn er algemene regels opgenomen. Het bevoegd gezag staat alleen
nieuwe af-meervoorzieningen toe in de vorm van een insteekhaven. Daarnaast
wordt een insteekhaven alleen toegestaan bij bedrijventerreinen ten behoeve van
de aldaar uit te oefenen bedrijfsactiviteiten. Ten behoeve van de staat en
werking van de provinciale vaarweg wordt daarnaast gesteld dat de oevers te
allen tijde vrij toegankelijk dienen te zijn. Tot slot zijn
afmeervoorzieningen alleen maar voor tijdelijk gebruik. Dit valt samen met de
verbodsbepaling dat de provinciale vaarwegen niet bedoeld zijn voor
(semi-)permanente bewoning.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_157" wId="pv24_80__artrecital__content_157">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.26</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Ligplaatsen beroepsvaart</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Diverse
bedrijventerreinen zijn aangelegd langs de vaarten, teneinde de aan- en afvoer
van grond&#173;stoffen en producten per schip te faciliteren. Niet elk aan het
vaarwater gelegen bedrijf maakt daar gebruik van en in de tijd gezien kunnen
hier ook veranderingen in optreden. De aanwezige kades en loswallen zijn
bestemd voor de beroepsvaart en mogen daarvoor worden gebruikt. Ze zijn niet ge&#173;schikt
voor het gebruik door de recreatievaart en het is ook niet toegestaan om daar
recreatiesche&#173;pen tijdelijk of permanent af te meren. De bestaande
afmeervoorzieningen bij bedrijventerreinen zijn alleen bedoeld als tijdelijke
ligplaats voor de beroepsvaart, gekoppeld aan de naastgelegen be&#173;drijvigheid.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_158" wId="pv24_80__artrecital__content_158">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.27</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Ligplaatsen recreatievaart</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De strook
langs de vaarten die in bezit is van de provincie Flevoland heeft een specifiek
en onmisbare functie voor de instandhouding en het beheer en onderhoud van de
vaarweg. Het is daarom belang&#173;rijk dat deze strook toegankelijk blijft voor de
provincie uit oogpunt van effici&#235;nt en doelmatig be&#173;heer en onderhoud van de
beschoeiingen. Onder voorwaarden is het toegestaan voor bewoners die aan de
vaarweg wonen voor het gebruik van de beheerstrook achter de woonpercelen. In
dat geval wordt met de betreffende bewoner op individuele basis een
overeenkomst afgesloten, waarin vier zaken worden geregeld:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_158__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_158__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_158__list_1__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_158__list_1__item_1">
		    <tekst:Al>vrije toegang
voor de provincie tot de beheerstrook in geval van beheer en onderhoud aan de
beschoeiing;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_158__list_1__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_158__list_1__item_2">
		    <tekst:Al>een verbod om
belemmerende constructies aan te leggen. Als die er al zijn, dan moeten deze op
kosten van de eigenaar worden weggehaald indien de situatie en de onderhoudswerk&#173;zaamheden
daar aanleiding toe geven;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_158__list_1__item_3" wId="pv24_80__artrecital__content_158__list_1__item_3">
		    <tekst:Al>een verbod op
het aanbrengen van bomen en grote struiken aangezien die beschadigingen kunnen
toebrengen aan de oeververdediging. Als die er al zijn dan moeten deze op
kosten van de eigenaar worden weggehaald indien de situatie en de
onderhoudswerkzaamheden daar aanleiding toe geven;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_158__list_1__item_4" wId="pv24_80__artrecital__content_158__list_1__item_4">
		    <tekst:Al>het in
rekening brengen van een jaarlijkse vergoeding voor het medegebruik van een
strook grond die niet tot het eigendom behoort van de bewoner.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_159" wId="pv24_80__artrecital__content_159">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.28</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning voorwerpen en objecten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel
ziet specifiek op activiteiten ten aanzien van het realiseren, plaatsen,
hebben, wijzigen of verwijderen van voorwerpen of objecten in het
beperkingengebied van de provinciale vaarweg. Vorenstaande activiteiten kunnen
nadelige gevolgen hebben voor de staat en werking van de provinciale vaarweg.
</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_160" wId="pv24_80__artrecital__content_160">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.29</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning borden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In lid 1 is voor borden een
omgevingsvergunningsplicht opgenomen. In lid 2 zijn de algemene regels opgenomen ten aanzien
van het plaatsen en verwijderen van borden. In lid 3 is opgenomen dat voor het
plaatsen van een bord een KLIC melding gedaan moet worden, dit omdat bij het
plaatsen van een bord mogelijk een kabel/leiding geraakt kan worden. Ook is
opgenomen dat de borden in een goede staat van onderhoud dienen te verkeren. In
lid 5 zijn een aantal algemene regels opgenomen ten aanzien van technische
eisen. Zo mag een bord niet verlicht zijn, niet bewegend zijn, niet fluoresceren
en niet spiegelen, dit allemaal ten behoeve van de staat en werking van de
provinciale vaarweg. Tot slot geldt voor diegene die de activiteit verricht dat
bij het verwijderen van de voorwerpen de berm in oorspronkelijke staat wordt
teruggebracht.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_161" wId="pv24_80__artrecital__content_161">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.30</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingsvergunning evenementen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel
ziet specifiek op het houden van evenementen in het beperkingengebied van de
provinci&#173;ale vaarweg. Het uitvoeren van activiteiten ten behoeve van
evenementen kunnen nadelige gevolgen hebben voor de staat en werking van de
provinciale vaarweg. Daarnaast hangen veel activiteiten samen met evenementen,
denk bijvoorbeeld aan afmeren, het gebruik van de sluizen/bruggen en het
plaatsen van borden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Er gelden tevens een
aantal algemene regels ten behoeve van evenementen in relatie tot het strem&#173;men
van de vaarweg. Onderscheid wordt gemaakt in de volgende soorten evenementen:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_161__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_161__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_161__list_1__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_161__list_1__item_1">
		    <tekst:Al>Categorie 1 evenementen zijn
evenementen met een (inter-) nationaal karakter. Denk hierbij aan een WK, NK of
vergelijkbaar.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_161__list_1__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_161__list_1__item_2">
		    <tekst:Al>Categorie 2
evenementen zijn evenementen die bepalend zijn voor de provincie Flevoland.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_161__list_1__item_3" wId="pv24_80__artrecital__content_161__list_1__item_3">
		    <tekst:Al>Categorie 3 evenementen zijn evenementen die niet bepalend zijn voor Flevoland. Het gaat hierbij om lokale gerichte activi&#173;teiten.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>Van belang hierbij is wel
dat diegene die de activiteit uitvoert een binding heeft met de des&#173;betreffende
vaart. Omdat de impact van het stremmen van een provinciale vaarweg groot is,
zijn er beperkingen gesteld aan de mogelijkheid om de vaarweg te stremmen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_162" wId="pv24_80__artrecital__content_162">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.31</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Meldingsplicht werkzaamheden nabij een sluiscomplex</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel ziet op
activiteiten met betrekking tot het uitvoeren van werkzaamheden nabij een sluis&#173;complex.
Deze activiteiten kunnen in verband met het hoogteverschil nadelige gevolgen
hebben voor de staat en werking van de provinciale vaarweg. Er
gelden algemene regels voor het uitvoeren van werkzaamheden nabij een
sluiscomplex. Zo is van belang dat te allen tijde de Arbowetgeving in acht
wordt genomen. Daarnaast is van belang dat mi&#173;nimaal 1 bhv'er aanwezig is
tijdens de uitvoering van de werkzaamheden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_163" wId="pv24_80__artrecital__content_163">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.32</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Meldingsplicht herdenkingstekens</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Een herdenkingsteken is ter nagedachtenis van een
bij een dodelijk verkeersongeval omgekomen persoon. Het plaatsen en
hebben van herdenkingstekens houdt veelal verband met emoties van de
nabestaanden. Om die reden is ervoor gekozen om voor het plaatsen, hebben en
verwijderen van herdenkingstekens geen vergunningsplicht in te stellen, maar
wel een meldingsplicht. Het bevoegd gezag heeft het van belang geacht om een
aantal algemene regels op te stellen waar de normadressaat zich aan dient te
houden. Deze regels worden
gesteld om de veiligheid van de normadressaat en de vaarweggebruiker te waarborgen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_164" wId="pv24_80__artrecital__content_164">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.33</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemene gegevens bij het verstrekken van gegevens en bescheiden omgevingsvergunning</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In artikel 7.3 en 7.4 Omgevingsregeling is opgenomen welke algemene gegevens en bescheiden te allen tijde verstrekt dienen te worden. In aanvulling op deze gegevens en bescheiden moeten bij een omgevingsvergunning een aanduiding van de begrenzing van de locatie en de verwachte datum en duur hiervan worden verstrekt. In <tekst:IntRef ref="chp_11__title_11.3__subchp_11.3.2">Afdeling 11.3.2</tekst:IntRef> is per activiteit aangegeven welke aanvullende gegevens en bescheiden
aanvullend verstrekt moeten worden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_165" wId="pv24_80__artrecital__content_165">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.34</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot vaarwegactiviteiten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De aanvullende gegevens en
bescheiden worden gevraagd bij deze activiteiten omdat het bevoegd gezag van
oordeel is dat er een potentieel nadelig gevolg kan zijn voor de fysieke
leefomgeving. Met de genoemde gegevens kan de wegbeheerder toezicht houden en
in sommige gevallen zelfs maatregelen nemen in verband met de
verkeersveiligheid.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_166" wId="pv24_80__artrecital__content_166">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.35</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot werken</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De aanvullende gegevens en
bescheiden worden gevraagd bij deze activiteiten omdat het bevoegd gezag van
oordeel is dat er een potentieel nadelig gevolg kan zijn voor de fysieke
leefomgeving. Met de genoemde gegevens kan de wegbeheerder toezicht houden en
in sommige gevallen zelfs maatregelen nemen in verband met de
verkeersveiligheid.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_167" wId="pv24_80__artrecital__content_167">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.36</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot kabels en leidingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De aanvullende gegevens en
bescheiden worden gevraagd bij deze activiteiten omdat het bevoegd gezag van
oordeel is dat er een potentieel nadelig gevolg kan zijn voor de fysieke
leefomgeving. Met de genoemde gegevens kan de wegbeheerder toezicht houden en
in sommige gevallen zelfs maatregelen nemen in verband met de
verkeersveiligheid.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_168" wId="pv24_80__artrecital__content_168">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.37</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot ligplaatsen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De aanvullende gegevens en
bescheiden worden gevraagd bij deze activiteiten omdat het bevoegd gezag van
oordeel is dat er een potentieel nadelig gevolg kan zijn voor de fysieke
leefomgeving. Met de genoemde gegevens kan de wegbeheerder toezicht houden en
in sommige gevallen zelfs maatregelen nemen in verband met de
verkeersveiligheid.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_169" wId="pv24_80__artrecital__content_169">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.38</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot voorwerpen en objecten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De aanvullende gegevens en
bescheiden worden gevraagd bij deze activiteiten omdat het bevoegd gezag van
oordeel is dat er een potentieel nadelig gevolg kan zijn voor de fysieke
leefomgeving. Met de genoemde gegevens kan de wegbeheerder toezicht houden en
in sommige gevallen zelfs maatregelen nemen in verband met de
verkeersveiligheid.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_170" wId="pv24_80__artrecital__content_170">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.39</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot evenementen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De aanvullende gegevens en
bescheiden worden gevraagd bij deze activiteiten omdat het bevoegd gezag van
oordeel is dat er een potentieel nadelig gevolg kan zijn voor de fysieke
leefomgeving. Met de genoemde gegevens kan de wegbeheerder toezicht houden en
in sommige gevallen zelfs maatregelen nemen in verband met de
verkeersveiligheid.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_171" wId="pv24_80__artrecital__content_171">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>11.40</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden met betrekking tot een sluiscomplex</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De aanvullende gegevens en
bescheiden worden gevraagd bij deze activiteiten omdat het bevoegd gezag van
oordeel is dat er een potentieel nadelig gevolg kan zijn voor de fysieke
leefomgeving. Met de genoemde gegevens kan de wegbeheerder toezicht houden en
in sommige gevallen zelfs maatregelen nemen in verband met de
verkeersveiligheid.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_172" wId="pv24_80__artrecital__content_172">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De bepalingen in dit hoofdstuk hebben
betrekking op de totstandkoming en de inhoud van het provinciaal regionaal
waterprogramma, het waterbeheerprogramma van het waterschap en de daarbij
behorende jaarlijkse voortgangsrapportage. Daarnaast bevat dit hoofdstuk
bepalingen over onder meer de aanwijzing en normering van regionale
waterkeringen, de legger voor waterstaatswerken, de verslaglegging over de
waterstaatkundige toestand van de regionale waterkeringen en
oppervlaktewaterlichamen en de projectprocedure voor waterstaatswerken.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_173" wId="pv24_80__artrecital__content_173">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Toedeling vaarwegbeheer</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Bij provinciale verordening (het
huidige Reglement voor Waterschap Zuiderzeeland 2008) wordt, met inachtneming
van artikel 2, tweede lid, van de Waterschapswet, het beheer van regionale
wateren toegedeeld aan waterschappen. Op grond van artikel 2.18, lid 2 Ow kan bij
omgevingsverordening (a) het beheer van regionale wateren worden toegedeeld aan
andere openbare lichamen en (b) het beheer van vaarwegen worden toegedeeld aan
waterschappen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Op een aantal
oppervlaktewateren in Flevoland, zoals gespecifieerd in bijlage II, vindt een
actief vaarwegbeheer plaats door de Provincie Flevoland. Het betreft het
technisch beheer, zoals het onderhoud aan infrastructurele voorzieningen (bv.
oevers en oeverbeschoeiingen), het toezicht op vaarwegen en het beheer en de
bediening van sluizen / bruggen, die nodig zijn om een water als vaarweg te
kunnen gebruiken. In de andere gevallen wordt geen vaarwegbeheer onderscheiden
en maken de eventuele werkzaamheden en maatregelen onderdeel uit van de
zorgtaak (het waterkwantiteitsbeheer) door het waterschap. Met de komst van de
Waterwet in 2009 is samen met de Flevolandse gemeenten en het waterschap ge&#207;nventariseerd
op welke oppervlaktewateren sprake is van vaarwegbeheer. Resultaat hiervan was
het formaliseren van de gegroeide situatie (staande praktijk) in de Verordening
voor de fysieke leefomgeving Flevoland 2012. Dit artikel maakt expliciet dat de
provincie Flevoland belast is met het vaarwegbeheer op de in Bijlage II aangegeven
regionale wateren. Voor alle andere wateren in Flevoland geldt dat het
vaarwegbeheer ondergeschikt is aan het watersysteembeheer door het waterschap
en derhalve geen vaarwegbeheerder onderscheiden wordt.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_174" wId="pv24_80__artrecital__content_174">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Aanwijzing en geometrische begrenzing regionale waterkeringen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Op grond van artikel 2.13, lid 1 van de
Omgevingswet is het aan provinciale staten om bij omgevingsverordening andere
dan primaire waterkeringen en die in beheer zijn bij een andere beheerder dan
het Rijk, aan te wijzen. In de volksmond ook wel regionale waterkeringen
genoemd. In bijlage II zijn de geometrische begrenzingen van de trac&#233;s van de regionale
waterkeringen vastgelegd. Het trac&#233; is gekarakteriseerd door per buitendijks
gebied zowel het verloop van de oeverlijn als het verloop van de
buitenkruinlijn weer te geven. Het trac&#201; is bepaald aan de hand van gehouden
veldbezoeken, waarbij gekeken is welke bebouwing bescherming behoeft en
getracht is zoveel mogelijk aan te sluiten bij in het veld herkenbare
waterstaatkundige objecten (zoals waterkerende grondlichamen, harde bekledingen
en damwanden) en andere kenmerkende gebiedsobjecten (zoals wegen, kavelsloten
of zichtbare hoogteverschillen).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Volledigheidshalve wordt
hierbij opgemerkt dat met de aanwijzing in de omgevingsverordening het trac&#233;
van de regionale waterkering globaal (indicatief) wordt vastgelegd. De nadere
detaillering en de vorm en constructie van de regionale waterkering is door
Waterschap Zuiderzeeland vastgelegd in de legger, als bedoeld in artikel 2.39
Omgevingswet.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_175" wId="pv24_80__artrecital__content_175">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingswaarden veiligheid regionale waterkeringen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Op grond van artikel 2.13, lid 1 van de Omgevingswet moet bij omgevingsverordening voor de in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.3">Artikel 12.3</tekst:IntRef> aangewezen
regionale waterkeringen omgevingswaarden worden vastgesteld. Het eerste lid van
dit artikel voorziet daarin. Vastgelegd is wat het gewenste beschermingsniveau
is van de waterkeringen die op grond van hun functie van regionale betekenis
worden geacht. De omgevingswaarde is aangegeven bij de betreffende regionale
waterkering in bijlage II. De omgevingswaarde wordt uitgedrukt in een
gemiddelde overschrijdingskans per jaar (tweede lid).</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_176" wId="pv24_80__artrecital__content_176">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Termijn en aard omgevingswaarde</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In het eerste lid van dit artikel wordt vastgelegd dat het waterschap zorgdraagt dat de aangewezen regionale waterkeringen aan de in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.4">Artikel 12.4</tekst:IntRef> van de omgevingsverordening opgenomen
omgevingswaarden voldoen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het twee lid bepaalt dat de
omgevingswaarden voor de veiligheid van regionale waterkeringen een
resultaatverplichting van het waterschap inhouden. Dit sluit aan bij de
kwalificatie van de omgevingswaarden voor de veiligheid van primaire en andere
dan primaire waterkeringen in beheer bij het Rijk, als bedoeld in de artikelen
2.0d en 2.0j van het Besluit
kwaliteitseisen leefomgeving, en het doel van het waterveiligheidsbeleid als
geheel: het bieden van bescherming tegen overstromingen, en bij keringen met
een compartimenteringsfunctie, het vertragen van overstroming van het
achterland in geval van een falen van de primaire waterkering en
gebruiksmogelijkheden van de kering in geval van een calamiteit.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_177" wId="pv24_80__artrecital__content_177">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.6</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Geometrische begrenzing wateroverlast</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In Flevoland worden met het
oog op beperking van wateroverlast twee soorten omgevingswaarden onderscheiden.
Een omgevingswaarde voor binnen de bebouwde kom en een omgevingswaarde buiten
de bebouwde kom. Daarnaast zijn er gebieden - bos en natuur - waar geen
omgevingswaarde geldt. In dit artikel worden de geometrische begrenzingen van
deze gebieden bepaald.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_178" wId="pv24_80__artrecital__content_178">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.7</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingswaarden wateroverlast</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Op grond van artikel 2.13, lid 1 Omgevingswet dienen Provinciale Staten voor het voorkomen of beperken van wateroverlast
omgevingswaarden vast te stellen. Het gaat om een normering die is gerelateerd
aan de bergings- en afvoercapaciteit van de regionale watersystemen in
Flevoland. De omgevingswaarden hebben betrekking op overlast die veroorzaakt
wordt door een teveel aan oppervlaktewater. Wateroverlast als gevolg van een
teveel of een tekort aan grondwater of aan onvoldoende capaciteit van het
rioolstelsel valt hier niet onder.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het eerste lid van dit artikel bepaalt dat het waterschap zorgdraagt dat de regionale wateren in Flevoland zodanig ingericht zijn dat ze voldoende bergings- en afvoercapaciteit hebben. De omgevingswaarden zijn in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.8">Artikel 12.8</tekst:IntRef> (<tekst:i>binnen</tekst:i> de bebouwde kom) en <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.9">Artikel 12.9</tekst:IntRef> (<tekst:i>buiten</tekst:i> de bebouwde kom) opgenomen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het tweede lid van dit
artikel is gekozen om de verplichting die hoort bij deze omgevingswaarden te
kwalificeren als inspanningsverplichting. Dit sluit aan bij het provinciale
beleid met betrekking tot het voorkomen en beperken van wateroverlast, waarbij
als streefdoel geldt dat de omgevingswaarden voor de aangewezen gebieden op een
doelmatige wijze worden verwezenlijkt.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_179" wId="pv24_80__artrecital__content_179">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.8</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingswaarden wateroverlast binnen bebouwde kom</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In het eerste lid is de omgevingswaarde opgenomen voor de inrichting van regionale wateren <tekst:i>binnen</tekst:i> de bebouwde kom. De norm wordt uitgedrukt als gemiddelde overstromingskans (per jaar) van gebieden en geeft daarmee de hoogste toelaatbaar geachte kans op overstroming weer.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het waterschap heeft gelet op <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.1__art_12.12">Artikel 12.12</tekst:IntRef> de
inspanningsverplichting om zorg te dragen dat het watersysteem aan de
omgevingswaarden voor wateroverlast voldoet.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_180" wId="pv24_80__artrecital__content_180">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.9</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omgevingswaarden wateroverlast buiten bebouwde kom</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In het eerste lid is de
omgevingswaarde opgenomen voor de inrichting van regionale wateren buiten de bebouwde kom. De norm wordt uitgedrukt als gemiddelde
overstromingskans (per jaar) van gebieden en geeft daarmee de hoogte
toelaatbaar geachte kans op overstroming weer.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het waterschap heeft gelet op <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.1__art_12.12">Artikel 12.12</tekst:IntRef> de
inspanningsverplichting om zorg te dragen dat het watersysteem aan de
omgevingswaarden voor wateroverlast voldoet.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_181" wId="pv24_80__artrecital__content_181">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.10</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Afwijking omgevingswaarden wateroverlast</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Voor de gebieden met de functie 'water voor bos en natuur' zijn geen omgevingswaarden vastgelegd.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_182" wId="pv24_80__artrecital__content_182">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.11</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Inhoud regionaal waterprogramma</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Op grond van artikel 3.8 van de Omgevingswet
stellen Gedeputeerde Staten ter uitvoering van de grondwaterrichtlijn, de
kaderrichtlijn water, de richtlijn overstromingsrisico's, de zwemwaterrichtlijn
en andere Europese richtlijnen over water een regionale waterprogramma vast.
Het waterschap dient met dit plan rekening te houden bij het opstellen van hun
waterbeheerprogramma. Dit is de waarborg dat het uitvoeringsgerichte
waterbeheerprogramma goed is ingebed in het breder afgewogen regionaal
waterprogramma.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het Besluit kwaliteit
leefomgeving geeft in artikel 4.4
duidelijk aan welke onderdelen het regionaal waterprogramma moet bevatten. De
omgevingsverordening is op dit punt dan ook beknopt en dit artikel spreekt voor
zich.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_183" wId="pv24_80__artrecital__content_183">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.12</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Inrichten regionale wateren conform normering wateroverlast</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het waterschap heeft de inspanningsverplichting om zorg te dragen dat het watersysteem  voldoet aan de omgevingswaarden voor wateroverlast als bedoeld in artikel 12.8 en 12.9.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_184" wId="pv24_80__artrecital__content_184">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.13</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Inhoud waterbeheerprogramma</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In aanvulling op artikel 4.3 van het Besluit kwaliteit leefomgeving worden
op grond van de artikelen 2.3, 2.22 en 2.23 van de Omgevingswet nadere eisen
gesteld aan de inhoud van het waterbeheerprogramma van het waterschap. Zo bevat
het waterbeheerprogramma op de schaal van het waterschap, een uitwerking van de
strategische doelen die de provincie in haar regionaal waterprogramma heeft
geformuleerd. De uitwerking bevat ten minste concrete maatregelen, de
bijbehorende planning en de kosten die nodig zijn om deze maatregelen te
realiseren.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_185" wId="pv24_80__artrecital__content_185">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.14</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Uitwerking waterbeheerprogramma</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel biedt de algemene vergadering van het waterschap de
grondslag om het college van dijkgraaf en heemraden van het waterschap de
bevoegdheid te verlenen dan wel te verplichten tot het, onder nader beschreven
voorwaarden, uitwerken van bepaalde onderdelen van het waterbeheerprogramma. Deze
uitwerking verkrijgt vervolgens dezelfde status als het waterbeheerprogramma
doordat het daar onderdeel van uitmaakt.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_186" wId="pv24_80__artrecital__content_186">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.15</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemene voortgangsrapportage</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel regelt de
jaarlijkse voortgangsrapportage over het waterbeheerprogramma door het
waterschap. Dit artikel ziet op de voortgang van de uitvoering van het geldende
waterbeheerprogramma, de mate waarin de gestelde doelen van het programma worden
bereikt, de redenen van eventuele afwijkingen en de voorgestelde maatregelen.
Het gaat bij de voortgangsrapportage om de prestaties en om de effecten. Het
opnemen van een rapportageverplichting is in overeenstemming met de
Omgevingswet (artikel 2.22, lid 1, onder b) en de landelijke afspraken tussen
IPO en de Unie van Waterschappen over rol en taakomvatting.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_187" wId="pv24_80__artrecital__content_187">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.16</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Aanwijzing verplichte peilbesluiten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Artikel 2.41, lid 1 van de Omgevingswet geeft
de provincie de opdracht gevallen aan te wijzen, waarbij het waterschap
verplicht is een of meer peilbesluiten vast te stellen die zoveel mogelijk
worden gehandhaafd. Op verzoek van het college van dijkgraaf en heemraden van
het waterschap verlenen Gedeputeerde Staten ontheffing van deze verplichting
indien een regeling van de waterstand redelijkerwijs niet mogelijk is. Voor
beken en dijkkwelsloten is hiervan gebruik gemaakt.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_188" wId="pv24_80__artrecital__content_188">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.17</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Inhoud van het peilbesluit</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In artikel 2.41, lid 3 van de
Omgevingswet wordt aangegeven welke informatie het peilbesluit tenminste bevat.
In dit artikel zijn een aantal aanvullende bepalingen opgenomen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_189" wId="pv24_80__artrecital__content_189">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.18</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Herziening</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel bepaalt dat bij een herziening of een wijziging van een bestaand peilbesluit <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.16">Artikel 12.16</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.3__art_12.17">Artikel 12.17</tekst:IntRef> van overeenkomstige toepassing zijn.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_190" wId="pv24_80__artrecital__content_190">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.19</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Legger waterstaatswerken</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Voor de vast te leggen gegevens in de legger van de regionale waterkering (en ondersteunende kunstwerken) zijn maatgevend de gestelde omgevingswaarden, technische leidraad, hydraulische randvoorwaarden en voorschriften bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.4">Artikel 12.4</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.23">Artikel 12.23</tekst:IntRef>. Met behulp van
situatietekeningen en, waar mogelijk, dwarsprofielen wordt in de legger
aangegeven wat de vereiste en te handhaven afmetingen van (de primaire en
regionale) waterkering en de daaraan grenzende beschermingszones zijn.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor de vast te leggen gegevens in de legger van de oppervlaktewaterlichamen en bergingsgebieden (en ondersteunende kunstwerken) zijn maatgevend de omgevingswaarden en voorschriften bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.8">Artikel 12.8</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.9">Artikel 12.9</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.5__art_12.24">Artikel 12.24</tekst:IntRef>, met het oog op de bergings- en afvoercapaciteit
waarop de regionale wateren moeten zijn ingericht (het voorkomen en tegengaan
van wateroverlast).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Met behulp van
situatietekeningen en, waar mogelijk, overige gegevens met betrekking tot de
bergings- en afvoercapaciteit, wordt in de legger aangegeven wat de vereiste en
te handhaven afmetingen van de te onderscheiden oppervlaktewaterlichamen of
categorie&#235;n van oppervlaktewaterlichamen en daaraan grenzende
beschermingszones, alsmede van de bergingsgebieden, zijn.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_191" wId="pv24_80__artrecital__content_191">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.20</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Uitzondering leggerplicht</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Voor waterstaatswerken waarvoor het
vaststellen van een legger redelijkerwijs niet mogelijk is bestaat de
mogelijkheid deze vrij te stellen van de leggerplicht. Gedeputeerde Staten
kunnen zelf bepalen met welke procedure dit besluit wordt voorbereid. Het
besluit heeft geen rechtsgevolg en tegen het besluit staat derhalve geen
bezwaar en beroep open.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_192" wId="pv24_80__artrecital__content_192">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.21</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Voorbereiding</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De gegevens in de legger
zijn mede van belang voor de ruimtelijke reikwijdte van verbods- en
beheerbepalingen ingevolge de Omgevingswet of de waterschapsverordening. Omdat
hieruit gevolgen kunnen voortvloeien voor belanghebbende eigenaren en
gebruikers van onroerende zaken die nabij waterstaatswerken zijn gelegen, ligt
het in de rede dat bij de voorbereiding van de legger de procedure, bedoeld in
afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht, wordt gevolgd. Deze procedure
is in de omgevingsverordening voorgeschreven aangezien de Waterschapswet enkel
procedurele bepalingen bevat met betrekking tot de voorbereiding en
vaststelling van de onderhoudslegger als bedoeld in artikel 78, lid 2 van de
Waterschapswet (toepassing inspraakverordening).</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_193" wId="pv24_80__artrecital__content_193">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.22</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Verslag toetsing watersysteem</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het waterschap draagt zorg voor
de periodieke beoordeling van het watersysteem, meer specifiek de beoordeling
van de regionale waterkeringen, de oppervlaktewaterlichamen en de
ondersteunende kunstwerken. Daarbij wordt beoordeeld in hoeverre de
waterstaatwerken voldoen aan de gestelde omgevingswaarden met betrekking tot de
veiligheid van de regionale waterkering respectievelijk het tegengaan van
wateroverlast. Het waterschap (het college van dijkgraaf en heemraden)
rapporteert de uitkomsten van deze beoordeling periodiek aan gedeputeerde
staten zodat gedeputeerde staten kunnen nagaan of onder andere aan de
omgevingswaarden wordt voldaan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In verband met de vereiste
veiligheid, het tegengaan van wateroverlast en discussies met betrekking tot
schaderegelingen en kostenverdeling is het van belang dat de toetsing van
watersystemen op uniforme wijze kan worden uitgevoerd, zodat eenduidig kan
worden bepaald wanneer het watersysteem kan worden gekwalificeerd als 'op
orde'.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het artikel wordt in het
eerste en derde lid aangegeven dat iedere zes jaar verslag wordt uitgebracht
over de toetsing van het watersysteem. In het zevende lid wordt aangegeven dat
Gedeputeerde Staten mogen afwijken van de termijn. Hierdoor is het mogelijk om,
indien het verslag daartoe aanleiding geeft, ook tussentijds te rapporteren.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_194" wId="pv24_80__artrecital__content_194">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.23</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Toetsing regionale waterkeringen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In de omgevingsverordening zijn
regionale waterkeringen aangewezen (<tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.3">Artikel 12.3</tekst:IntRef>) en is voor elke regionale
waterkering de omgevingswaarde bepaald (<tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.4">Artikel 12.4</tekst:IntRef>). Periodiek dient het waterschap verslag uit te brengen over de algemene waterstaatskundige toestand van de regionale waterkeringen. Het gaat hierbij om de bepaling van het waterkerend vermogen en de door het waterschap te verrichten beoordeling van de veiligheid van de regionale waterkeringen. Om dit kunnen doen dient het waterschap te beschikken over toetsinstrumentarium. Dit artikel voorziet daarin. Het betreft op grond van het Delegatiebesluit Omgevingsverordening provincie Flevoland een bevoegdheid van gedeputeerde
staten om deze regels te stellen (en dus ook te wijzigen).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor het beoordelen van de
veiligheid van de regionale keringen dient het waterschap de Leidraad toetsen
op veiligheid regionale waterkeringen van de STOWA te gebruiken (eerste lid).
Ten aanzien van de hydraulische randvoorwaarden geldt dat deze zijn afgeleid
van de modellen Hydra-NL. Door de verscheidenheid in ligging en opbouw van de
regionale waterkeringen is het aan het waterschap om de best passende
beoordelingsmethode te kiezen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_195" wId="pv24_80__artrecital__content_195">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.24</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Rekenregels normering wateroverlast</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het waterschap dient er voor
zorg te dragen dat de regionale wateren voldoen aan de geldende omgevingswaarde
in de omgevingsverordening (<tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.8">artikel 12.8</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.2__art_12.9">artikel 12.9</tekst:IntRef>). Omdat de omgevingswaarde ruimte laat voor interpretatie heeft de provincie samen met het waterschap een stappenplan ontwikkeld (Rekenvoorschrift Flevolandse norm, HKV Lijn in water en Deltares, januari 2011). Dit stappenplan (1) schept helderheid in de toepassing van de norm, (2) maakt de keuzen rond deze toepassing expliciet (3) laat deze keuzen goed aansluiten op de perspectieven van zowel de provincie als het waterschap. Dit stappenplan wordt door het waterschap als uitgangspunt gebruikt voor de beoordeling van de bergings- en afvoercapaciteit van de regionale wateren.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het kader
van de wateropgave in Flevoland worden vier deelgebieden onderscheiden. Dit
zijn:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="expliciet" eId="artrecital__content_195__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_195__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_195__list_1__item_a" wId="pv24_80__artrecital__content_195__list_1__item_a">
		    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>de Lage afdeling in Zuidelijk en Oostelijk Flevoland</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_195__list_1__item_b" wId="pv24_80__artrecital__content_195__list_1__item_b">
		    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>de Hoge afdeling in Zuidelijk en Oostelijk Flevoland</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_195__list_1__item_c" wId="pv24_80__artrecital__content_195__list_1__item_c">
		    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>de Lage afdeling in de Noordelijk Flevoland (Noordoostpolder)</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_195__list_1__item_d" wId="pv24_80__artrecital__content_195__list_1__item_d">
		    <tekst:LiNummer>d.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>de Hoge afdeling in de Noordelijk Flevoland (Noordoostpolder)</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>De grenzen
van de deelgebieden kunnen als gevolg van peilbesluiten (licht) wijzigen. Het
waterschap legt daarom voor elke 6-jaarlijkse toetsronde de grenzen van de
deelgebieden opnieuw vast op basis van de dan vigerende peilbesluiten. De
afwatering in hoogwatersituaties is daarbij leidend.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De
Flevolandse norm hanteert voor gebieden buiten de bebouwde kom (met
uitzondering van bos en natuur), oftewel het agrarisch gebied, een gemiddelde
inundatiekans van ten hoogste 1/80 per jaar. De ondergrens bedraagt 1/50 per
jaar. Deze norm bleek in de praktijk moeilijk uitvoerbaar en is daarom nader
uitgewerkt (zie stappenplan). Het deelgebied voldoet aan de Flevolandse norm
voor agrarisch gebied als het totaal areaal van een gebied met inundatiekans
van lager dan 1/100 jaar minstens 1,5 keer zo groot is als het totaal areaal
van een gebied met inundatiekans tussen 1/50 en 1/80 per jaar. De factor 1,5
volgt uit de eis dat het gewogen gemiddelde op 1/80 per jaar moet uitkomen,
immers (1*50 + 1,5*100)/2,5 = 200/2,5 = 80.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Indien uit de toetsing blijkt dat gebieden in eerste aanleg niet aan de norm voldoen dan onderwerpt het waterschap elk gebied aan een technisch oordeel, zodat de oorzaak van de berekende inundatie duidelijk wordt.<tekst:br/>Het technisch
oordeel kan leiden tot twee conclusies:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="expliciet" eId="artrecital__content_195__list_2" wId="pv24_80__artrecital__content_195__list_2">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_195__list_2__item_a" wId="pv24_80__artrecital__content_195__list_2__item_a">
		    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>(sommige) gebieden inunderen naar verwachting niet, omdat er een fout zit in de berekende waterhoogte en/of het hoogtegrid. Het is aan het waterschap om te beoordelen of aanpassing van de berekening nodig is.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_195__list_2__item_b" wId="pv24_80__artrecital__content_195__list_2__item_b">
		    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>(sommige) gebieden
inunderen naar verwachting wel. Hier is sprake van een knelpunt en neemt het
waterschap maatregelen.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>Het betreft op grond van het Delegatiebesluit Omgevingsverordening provincie Flevoland  een bevoegdheid van gedeputeerde staten om deze rekenregels te stellen (en dus ook te wijzigen).</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_196" wId="pv24_80__artrecital__content_196">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>12.25</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Projectprocedure</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit artikel worden projecten
aangewezen die zodanig belangrijk zijn voor het goed functioneren van het
watersysteem dat deze moeten worden gerealiseerd door gebruikmaking van de projectprocedure
van afdeling 5.2 van de Omgevingswet. Dit betekent dat het waterschap hiervoor
een projectbesluit dient te nemen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor alle in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.2__subchp_12.2.1__art_12.3">Artikel 12.3</tekst:IntRef> aangewezen regionale waterkeringen geldt dat deze regionale keringen van bovenlokale betekenis zijn. Deze waterkeringen beschermen een hoog economisch belang, gezien het oppervlak beschermd gebied. Derhalve ligt het ook in de rede dat bij aanleg, verlegging of versterking van deze regionale keringen meerdere uitvoeringsbesluiten nodig zullen zijn, die op geco&#214;rdineerde wijze tot stand moeten worden gebracht. Deze regionale keringen worden derhalve middels het eerste lid van dit artikel onder de projectprocedure van afdeling 5.2 van de Omgevingswet gebracht.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De bevoegdheid tot een mogelijke
inzet van de projectprocedure voor de aanleg of wijziging van
waterbergingsgebieden of oppervlaktewaterlichamen wordt bij gedeputeerde staten
neergelegd. Het is niet mogelijk om hiertoe duidelijke criteria in de
omgevingsverordening zelf op te nemen, omdat naast de omvang ook de ligging en
de functie zeer bepalend zijn voor de mate waarin de aanleg van bovenlokale
betekenis is en met spoed en op geco&#246;rdineerde wijze tot stand moet worden
gebracht.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Gedeputeerde Staten kunnen alleen de projecten onder de projectprocedure brengen die in <tekst:IntRef ref="chp_12__title_12.3__subchp_12.3.2__subsec_12.3.2.6__art_12.25__para_2">Artikel 12.25, tweede lid</tekst:IntRef> zijn genoemd. De projectprocedure brengt belangrijke gevolgen met zich mee. Projectbesluiten worden onder de goedkeuring van gedeputeerde staten gebracht en bij het vaststellen van de bijbehorende uitvoeringsbesluiten kunnen gedeputeerde staten, indien nodig, in de plaats treden van mede overheden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Om te voorkomen dat ook
projecten van een zeer beperkte omvang onder de werking van de projectprocedure
vallen kan deze alleen worden ingezet als het project van bovenlokale betekenis
is en met spoed en op geco&#214;rdineerde wijze tot stand moet worden gebracht (het
derde lid). Bij besluiten over de inzet van de projectprocedure zal dan ook
worden gekeken naar het aantal uitvoeringsbesluiten en de spoedeisendheid die
samenhangen met de uitvoering van het projectbesluit.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_197" wId="pv24_80__artrecital__content_197">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>13.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Gedeputeerde staten wijzen jaarlijks op grond van artikel
3.2 van het Besluit kwaliteit leefomgeving de zwemlocaties in Flevoland aan.
Voor de veiligheid van zwemmers is het van belang dat het (dagelijks) beheer en
het onderhoud op deze zwemlocaties in oppervlaktewater gewaarborgd is.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_198" wId="pv24_80__artrecital__content_198">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>13.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Werkingsgebied zwemwater</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De regels in dit hoofdstuk hebben alleen betrekking op de (jaarlijks) door gedeputeerde staten aangewezen
offici&#235;le zwemlocaties in oppervlaktewater in Flevoland.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_199" wId="pv24_80__artrecital__content_199">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>13.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Beheer en onderhoud zwemlocatie</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel schrijft voor dat de houder van de zwemlocatie verantwoordelijk
is voor het beheer en onderhoud gericht op de veiligheid en hygi&#203;ne voor de
bezoekers. De houder van de zwemlocatie is degene die gelegenheid biedt tot
baden en zwemmen op een zwemlocatie en de feitelijke zeggenschap heeft over die
locatie. In de praktijk zal dit de exploitant van de zwemlocatie zijn of indien
geen sprak is van exploitatie bijvoorbeeld de grondeigenaar, een gemeente, een
natuur beherende organisatie, of een recreatieschap. Dat zij "zorg dragen voor"
houdt in dat zij de verantwoordelijkheid hebben, maar dat zij het
daadwerkelijke beheer en onderhoud ook door derden kunnen laten uitvoeren
(waarbij zij indien nodig eindaanspreekpunt blijven).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Onder beheer en onderhoud wordt verstaan het
(dagelijks) treffen van maatregelen gericht op de veiligheid en hygi&#203;ne voor de
bezoekers, zoals het op orde brengen van onderwatertaluds, het verwijderen van
gevaarlijke voorwerpen (bijvoorbeeld glas) uit de zwemzones, het verwijderen
van feces van vogels en huisdieren, het legen van prullenbakken, en het
schoonhouden van douches en toiletten.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_200" wId="pv24_80__artrecital__content_200">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>13.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Beheersmaatregelen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel regelt in het eerste lid dat
de houder van de zwemlocatie (de feitelijk beheerder) tijdig passende
beheersmaatregelen neemt als zich situaties voordoen waarvan redelijkerwijs
verwacht kan worden dat ze een negatief gevolg hebben of kunnen hebben voor de
kwaliteit van de zwemlocatie om de gezondheid en de veiligheid van zwemmers te
beschermen. Hierbij kan worden gedacht aan:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_200__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_200__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_200__list_1__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_200__list_1__item_1">
		    <tekst:Al>ontwikkelen van blauwalgen;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_200__list_1__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_200__list_1__item_2">
		    <tekst:Al>botulisme (dode watervogels) en ziekte van Weil (bruine ratten);</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_200__list_1__item_3" wId="pv24_80__artrecital__content_200__list_1__item_3">
		    <tekst:Al>scherpe en gevaarlijke voorwerpen in de zwemzone en/of op het strand (strandfeest);</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_200__list_1__item_4" wId="pv24_80__artrecital__content_200__list_1__item_4">
		    <tekst:Al>verontreiniging in het water (olie, wier e.d.);</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_200__list_1__item_5" wId="pv24_80__artrecital__content_200__list_1__item_5">
		    <tekst:Al>zwemmersjeuk veroorzaakt door poelslakken;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_200__list_1__item_6" wId="pv24_80__artrecital__content_200__list_1__item_6">
		    <tekst:Al>de aanwezigheid van eikenprocessierups.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>Het tweede lid bepaalt dat de houder van de
zwemlocatie direct gedeputeerde staten &#201;n de beheerder van het
oppervlaktewaterlichaam (Waterschap Zuiderzeeland of Rijkswaterstaat) in kennis
stellen van de onverwachte situatie die zich heeft voorgedaan en welke passende
beheersmaatregelen zijn getroffen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_201" wId="pv24_80__artrecital__content_201">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Oogmerk windenergie</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De regeling over windenergie is opgenomen in de omgevingsverordening met het oog op het cyclisch opschalen en saneren van windmolens zodat steeds meer windenergie met minder molens kan worden opgewekt. Daarbij wordt ingespeeld op technologische ontwikkelingen. De regels in deze titel hebben niet alleen betrekking op omgevingsplannen, maar ook op projectbesluiten, gemeentelijke projecten van publiek belang, omgevingsvergunningen voor (buitenplanse) omgevingsplanactiviteiten en het tijdelijk deel van het omgevingsplan als bedoeld in artikel 22.1 Omgevingswet (ook wel omgevingsplan van rechtswege genoemd).</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Rijkscontext windbeleid</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>In de Rijksstructuurvisie Windenergie op land zijn de ambities vastgelegd die het rijk op het gebied van windenergie heeft. Het kabinet stelt dat de ontwikkeling van windenergie op land een cruciale bijdrage levert aan de kabinetsdoelstellingen voor duurzame energie. Het nut en de noodzaak van windenergie op land zijn daarmee evident. De ruimte binnen de in deze structuurvisie aangewezen gebieden en binnen de door provincies a</tekst:Al>
		<tekst:Al>an te wijzen gebieden zal tenminste nodig zijn om de opgave van 6000 MW windenergie op land te realiseren. Daarnaast is in het Klimaatakkoord afgesproken 35 TWh duurzame elektriciteit op land op te wekken. De Rijksambities sluiten goed aan bij de ambities van de provincie Flevoland. Deze zijn gericht op een wezenlijke herstructurering van de windenergie in Flevoland om een forse groei van de (wind)energieproductie mogelijk te maken. Flevoland wil dus meer energie opwekken met minder windmolens.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Provinciale context windbeleid</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>De provincie voert vanaf 2006 een beleid dat is gericht op 'opschalen en saneren' van windmolens. Het 'opschalen' betekent dat nieuwe windmolens groter zijn dan de oude en meer stroom opwekken. Het 'saneren' betekent dat windmolens van de vorige generatie worden weggehaald. Nieuwe plannen voor windparken moeten aan een aantal voorwaarden voldoen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Doelstellingen van het provinciale beleid zijn: een mooier landschap, een duurzamere energiehuishouding en een sterkere economie. De landschappelijke verbetering ontstaat door de afname van het totale aantal windmolens en de clustering in (lijn)opstellingen die aansluiten op bestaande lijnen in het landschap - soms zijn aanvullende investeringen in het landschap noodzakelijk. De duurzamere energiehuishouding ontstaat doordat er veel meer windenergie aan het elektriciteitsnet wordt geleverd, en wind een oneindige en schone bron van energie is. De economische versterking ontstaat door de extra banen die aan de windenergie verbonden zijn, maar vooral doordat de opbrengsten zoveel mogelijk in de provincie zelf terecht komen. Nu ontlenen veel agrarische bedrijven een substantieel neveninkomen aan windenergie. De aanpak is erop gericht dat dit in de toekomst mogelijk blijft en dat ook andere bewoners en ondernemers in de ontwikkeling of de exploitatie kunnen participeren. Een evenredige verdeling van de maatschappelijke baten is een voorwaarde om het brede maatschappelijke draagvlak voor windenergie, dat nu in de provincie aanwezig is, op lange termijn te behouden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het (cyclisch) opschalen en saneren van windmolens raakt daarmee belangen die niet tot het grondgebied van &#233;&#233;n gemeente beperkt zijn. Om te komen tot haalbare projecten voor opschalen en saneren moet doorgaans over grenzen van gemeenten heen en langdurig samengewerkt worden. Het beleid voor opschalen en saneren van windmolens is van provinciaal belang en vraagt om regeling in een omgevingsverordening.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het beleid bevat geen voor burgers bindende bepalingen. Een verordening bevat die wel.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Met de Omgevingswet is niet beoogd om de bestaande jurisprudentie te wijzigen. Dat houdt onder meer in dat in geval een rijksprojectbesluit wordt vastgesteld, daarbij in het kader van een evenwichtige toedeling van functies aan locaties wordt aangegeven en gemotiveerd hoe rekening is gehouden met de provinciale belangen, zoals deze in de omgevingsverordening zijn verankerd.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>De systematiek </tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Het grondgebied van de provincie is verdeeld in windgebieden en niet-windgebieden. De reden voor deze indeling is het feit dat windmolens in de niet-windgebieden ongewenst zijn uit oogpunt van ruimtelijke kwaliteit (landschap, natuur, en andere functies). Het betreft de openheid en functie van de wateren en het kenmerkende landschap van de Noordoostpolder waarin de principes voor occupatie -in dit geval de kristallertheorie- afleesbaar zijn.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Een windgebied kan worden aangewezen door Provinciale Staten. De beoogde projectlocatie zal binnen een windgebied moeten liggen. Binnen een aangewezen windgebied is het onder voorwaarden mogelijk nieuwe windmolens te realiseren. Buiten een windgebied zijn nieuwe windmolens uitgesloten.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De aanvraag om een omgevingsvergunning staat niet op zichzelf maar gaat noodzakelijkerwijs gepaard met een projectplan voor opschalen en saneren. Immers, het saneren van alle bestaande/oude windmolens binnen een projectgebied is onlosmakelijk verbonden met de bouw van nieuwe windmolens binnen dat projectgebied. Hierop dient de businesscase voor het projectplan gebaseerd en haalbaar te zijn. Het projectgebied is daarmee ook de begrenzing van het te saneren gebied. De nieuwe windmolens komen niet terug op de plaats van de oude (gesaneerde) windmolens. Gedeputeerde staten zullen op basis van het projectplan projectgebieden en plaatsingszones aanwijzen dan wel aanpassen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De omgevingsverordening beschrijft waaraan een projectplan nog meer moet voldoen. Onderdeel van een projectplan is een beschrijving van de mogelijkheden om financieel te participeren. Voorts wordt bijgedragen aan kwaliteitsbehoud/verbetering in de omgeving van de nieuwe windmolens met een gebiedsgebonden bijdrage.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Begrippen</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>In bijlage I van de omgevingsverordening zijn de begripsbepalingen opgenomen. Hierin zijn definities opgenomen voor beheer en onderhoud van een windmolen, bestaande windmolen, omgevingsplan, nieuwbouw van een windmolen, opschalen, opschalen en saneren, projectplan, saneren en windmolen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Vanwege de omschrijving van 'omgevingsplan' zijn de bepalingen van de titel over windmolens niet alleen van toepassing op omgevingsplannen en de wijzigingen ervan, maar ook projectbesluiten, gemeentelijke projecten van publiek belang, omgevingsvergunningen voor (buitenplanse) omgevingsplanactiviteiten en het tijdelijk deel van het omgevingsplan als bedoeld in artikel 22.1 Omgevingswet (ook wel omgevingsplan van rechtswege genoemd).</tekst:Al>
		<tekst:Al>De definitie van 'windmolen' in de begripsbepalingen maakt helder dat de regels over wind niet van toepassing zijn op een aantal specifieke categorie&#235;n windmolens. Uitgezonderd zijn immers de maximaal 12 prototypes van windmolens op de testlocatie in Lelystad (de testlocatie wordt begrensd door de Edelhertweg, Swifterringweg, Runderweg en de A6 en van dit gebied is het beoogde biosciencepark langs de A6 uitgesloten), solitaire windmolens op bedrijventerreinen in hoofdkernen van het stedelijk gebied indien de windmolen overwegend een ander doel dient dan de opwekking van energie. Tenslotte zijn ook de zogenoemde 'kleine windmolens' uitgezonderd omdat de impact op het landschap minimaal is.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In aanvulling daarop geldt dat in de begripsbepalingen een definitie is opgenomen van een 'bestaande windmolen'. Daaruit volgt dat de regels over wind in deze titel ook van toepassing zijn op windmolens die nog zijn opgericht met een toenmalige bouwvergunning. Bij de definitie van ashoogte van een windmolen en rotorbladlengte van een windmolen is aangegeven hoe deze worden gemeten.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_202" wId="pv24_80__artrecital__content_202">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Werkingsgebieden windenergie</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Uit de voornoemde systematiek volgen de verschillende werkingsgebieden: windgebied, buiten windgebied, projectgebied, plaatsingszone. De geometrische begrenzing van deze werkingsgebieden zijn in bijlage II van de omgevingsverordening vastgelegd.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In de Omgevingsverordening provincie Flevoland is de geometrische begrenzing opgenomen van onder andere de werkingsgebieden windgebied, buiten windgebieden, plaatsingszones en projectgebieden. In deze gebieden gelden instructieregels voor gemeenten met betrekking tot het opschalen en saneren van windmolens c.q. het uitsluiten daarvan. Geometrische begrenzingen van werkingsgebieden geven aan waar deze regels precies gelden. De werkingsgebieden worden weergegeven in een GML-bestand, dat kan worden bekeken via een viewer. Met de viewer wordt de specifieke locatie zichtbaar gemaakt op een digitale kaart van Nederland.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Werkingsgebieden:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_202__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_202__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_202__list_1__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_202__list_1__item_1">
		    <tekst:Al>De begrenzing van het werkingsgebied windgebied geeft aan binnen welk gebied windmolens mogelijk zijn (windgebied). Dit gebied omvat de optelsom van alle bestaande windparken, reeds gerealiseerde en nog te realiseren projectplannen op basis van het Regioplan Windenergie. Het is daarmee een weergave van de werkelijkheid.<tekst:br/>Het werkingsgebied windgebied omvat het projectgebied voor windplan west en de (plaatsings)zones van de gerealiseerde projectplannen noord, oost, rodenburg en zuid als bedoeld in het Regioplan Windenergie en de locaties van de windparken Noordoostpolder, Sternweg en Alexia. Met deze aanduiding blijft duidelijk dat op deze locaties windmolens gerealiseerd mogen worden. In de windgebieden is gelet op <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.18">Artikel 14.18</tekst:IntRef>, <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.19">Artikel 14.19</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.20">Artikel 14.20</tekst:IntRef> het realiseren van windmolens toegestaan.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_202__list_1__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_202__list_1__item_2">
		    <tekst:Al>Het werkingsgebied buiten windgebied omvat alle overige gebieden binnen de provinciegrens. In de niet-windgebieden is gelet op <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4__art_14.17">Artikel 14.17</tekst:IntRef> het realiseren van windmolens uitgesloten.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_202__list_1__item_3" wId="pv24_80__artrecital__content_202__list_1__item_3">
		    <tekst:Al>Het werkingsgebied projectgebied omvat de reeds gerealiseerde en nog te realiseren projectplannen op basis van het Regioplan Windenergie. Van de gerealiseerde projectplannen voor noord, oost, rodenburg en zuid is het werkingsgebied beperkt tot de locaties waar de windmolens zijn geplaatst. Van het nog te realiseren projectplan west is het projectgebied ongewijzigd.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_202__list_1__item_4" wId="pv24_80__artrecital__content_202__list_1__item_4">
		    <tekst:Al>Het werkingsgebied plaatsingszone omvat de locatie van de reeds gerealiseerde projectplannen voor noord, oost, rodenburg en zuid en de plaatsingszone van het nog te realiseren projectplan West op basis van het Regioplan Windenergie.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_202__list_1__item_5" wId="pv24_80__artrecital__content_202__list_1__item_5">
		    <tekst:Al>De werkingsgebieden plaatsingszone en projectgebied zijn nodig om te voldoen aan de systematiek van regeling dat alleen in het werkingsgebied windgebied het werkingsgebied projectgebied en werkingsgebied plaatsingszone kunnen voorkomen.De werkingsgebieden plaatsingszones en projectgebieden geven een feitelijke weergave van de werkelijkheid en omvatten de reeds gerealiseerde en nog te realiseren projectplannen op basis van het Regioplan Windenergie. Van de gerealiseerde projectplannen voor noord, oost, rodenburg en zuid is het op de nieuwe kaart aangewezen gebied beperkt tot de (plaatsings)zones waar de windmolens zijn geplaatst. Van het nog te realiseren projectplan west zijn het projectgebied en de plaatsingszones ongewijzigd. </tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_203" wId="pv24_80__artrecital__content_203">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Verbod wijzing bestaand gebruik windmolens</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Zolang er nog geen omgevingsplannen zijn vastgesteld waarin invulling is gegeven aan de regels over het opschalen en saneren van windmolens, moeten de regels van dit artikel in acht worden genomen. Dit houdt in dat het verboden is het gebruik (waaronder ook bouwen wordt verstaan) van een bestaande windmolen te wijzigen in een ander gebruik waardoor het provinciaal grondgebied van Flevoland minder geschikt wordt voor het verwezenlijken van het beleid voor opschalen en saneren, inclusief de ruimtelijke doelstellingen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_204" wId="pv24_80__artrecital__content_204">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.6</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Nieuwe windmolens alleen toegestaan conform een goedgekeurd projectplan</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Nieuwe windmolens zijn alleen toegestaan als aan voorwaarden wordt voldaan. Binnen een windgebied zijn nieuwe windmolens mogelijk, maar uitsluitend (1) in een plaatsingszone (2) binnen een projectgebied en (3) op basis van een door gedeputeerde staten goedgekeurd projectplan. Nieuwe windmolens zijn alleen mogelijk als zij deel uitmaken van een project voor opschalen en saneren. Per project moet een projectplan worden opgesteld. In een projectplan moet worden aangetoond dat aan de verschillende voorwaarden wordt voldaan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De gegeven opsomming maakt duidelijk welke informatie een projectplan in ieder geval bevat. Centraal staat de begrenzing van het projectgebied en de plaatsingszones (onderdeel a). De uitwerking daarvan is beschreven in de onderdelen b tot en met f. De meeste onderdelen spreken voor zich en worden in <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.1">Paragraaf 14.1.3.1</tekst:IntRef> nader uitgewerkt. Het projectplan bevat een planning (onderdeel d), waaronder wordt begrepen de fasering van opschalen en saneren. Fasering houdt in dat 'dubbeldraaien' onder omstandigheden mogelijk is, zodat binnen een project voor opschalen en saneren de te saneren windmolens en de nieuwe windmolens gedurende een termijn gelijktijdig opgesteld en in werking zijn. Vanwege de ruimtelijke kwaliteit is het ongewenst dat er lange tijd dubbel gedraaid wordt met bestaande en nieuwe windmolens.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Een projectplan is van toepassing op een projectgebied, waarbinnen de uitvoering van het opschalen en saneren als geheel geborgd moet zijn. Dit is nodig omdat het projectplan winstgevende en verliesgevende onderdelen bevat. De initiatiefnemer is verantwoordelijk voor het geheel. Die initiatiefnemer kan bestaan uit een samenwerkingsverband van meerdere partijen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_205" wId="pv24_80__artrecital__content_205">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.7</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Hardheidsclausule</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De regels en initi&#235;le indeling in projectgebieden en plaatsingszones is gebaseerd op het Regioplan wind uit 2016. Ontwikkelingen hebben sindsdien niet stilgestaan. Het is daarom voorstelbaar dat een stricte toepassing van de bepalingen over windmolens in deze omgevingsverordening een haalbaar projectplan voor opschalen en saneren of het inspelen op nieuwe ontwikkelingen onbedoeld in de weg staan. Om dan toch medewerking te kunnen verlenen aan gewenste ontwikkelingen is deze hardheidsclausule opgenomen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_206" wId="pv24_80__artrecital__content_206">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.8</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Projectplan: voorstel voor projectgebied en plaatsingszones</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In het projectplan wordt aangegeven op welk projectgebied het betrekking heeft en wat daarbinnen de plaatsingszones zijn waar de nieuwe windmolens gewenst zijn. Dit moet op een eenduidige ondergrond worden weergegeven.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_207" wId="pv24_80__artrecital__content_207">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.9</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Projectplan: eisen ruimtelijke invulling</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Onderdeel a geeft aan dat de windmolens in een opstelling worden geplaatst. Meestal zal dit een lijnopstelling zijn, maar dit is niet altijd noodzakelijk. Onderdeel d legt vast dat er een hoogtebeperking geldt. De maximale windmolen(as)hoogte is bepaald op 120 meter. Ook is het verplicht de windmolen te voorzien van het maximaal haalbare vermogen. Als een hogere ashoogte gewenst is, dan moet in het projectplan worden aangetoond dat het maximaal haalbare vermogen per turbine bij een windmolen met ashoogte van 120 meter ontoereikend is (nee, tenzij-regeling).</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_208" wId="pv24_80__artrecital__content_208">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.10</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Projectplan: eisen bijdrage ten behoeve van het compenseren van de kwaliteit van het gebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel beschrijft dat een projectplan inzichtelijk maakt hoe een nieuw windpark een bijdrage levert aan de kwaliteit van het gebied. De kwaliteitscompensatie wordt - veelal in nauwe samenwerking met de gemeente - door de initiatiefnemer in het projectplan uitgewerkt. Compensatie kan zien op een verbetering van de fysieke leefomgeving, zoals beschreven in onderdeel b. De verbetering kan bijvoorbeeld mede betreffen: de landschappelijke inpassing van bebouwing; het toevoegen, versterken of herstellen van landschapselementen die een bijdrage leveren aan de versterking van de landschapsstructuur of de relatie stad-land; activiteiten gericht op behoud of herstel van cultuurhistorisch waardevolle bebouwing of terreinen; het wegnemen van verharding; het slopen van bebouwing; projecten in het kader van ecologie, zoals een fysieke bijdrage aan de realisering van de ecologische hoofdstructuur en ecologische verbindingszones. In overleg met de gemeente kan de aandacht ook uitgaan naar (fysieke) projecten in het kader van leefbaarheid of duurzaamheid ten gunste van de (lokale) bevolking en maatschappelijke doeleinden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het tweede lid is bepaald dat de kwaliteitscompensatie in geld gedurende de gebruikstermijn (25 jaar), jaarlijks gemiddeld &#x20ac; 1050,00 per MW opgesteld vermogen in de betreffende plaatsingszones bedraagt. Het projectplan kan nader uitwerken of de bijdrage jaarlijks constant wordt geleverd of dat deze afhankelijk wordt gemaakt van andere factoren. In het projectplan moet ook aandacht worden besteed aan de indexatie van de bijdrage.Indien een kwaliteitsverbetering niet is verzekerd, wordt in het uiterste geval het omgevingsplan slechts vastgesteld indien een passende financi&#235;le bijdrage in een windmolenparkfonds is verzekerd. Het windmolenparkfonds is in zoverre een vangnetbepaling. Uitgangspunt is dat over de compensatie en de bestedingsdoelen juist concrete afspraken tussen de gemeente en initiatiefnemer worden gemaakt en in een overeenkomst worden vastgelegd.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het Delegatiebesluit Omgevingsverordening provincie Flevoland is bepaald dat Gedeputeerde Staten (nadere) regels kunnen stellen over de wijze waarop compensatie met toepassing van een windmolenparkfonds plaats heeft. Doel van die regels is te garanderen dat de ruimtelijke kwaliteit behouden blijft. Uitgangspunt blijft evenwel dat de initiatiefnemer vooraf goede afspraken maakt met de gemeente over de maatregelen en anders over de gelden die gestort worden in een fonds. Dat kan zowel een gemeentelijk als een provinciaal fonds zijn. Nadere regels zijn in dat geval mogelijk niet nodig. Nadere regels zouden bijvoorbeeld kunnen zien op specifieke intergemeentelijke, bovenlokale vraagstukken of over de besteding.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_209" wId="pv24_80__artrecital__content_209">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.11</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Projectplan: eisen aan fasering opschalen en saneren</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In principe worden de bestaande molens in een projectgebied binnen een half jaar na de start van ingebruikname van de nieuwe windmolens gesaneerd. In het projectplan kan onderbouwd worden dat dit geen haalbare planning is en dat verlenging van de periode van een half jaar verlengd moet worden. Als (alleen) met een periode van dubbeldraaien (oude molens blijven nadat de nieuwe molens in gebruik zijn genomen nog langer dan een half jaar draaien) het plan aantoonbaar wel economisch uitvoerbaar is, dan kan de termijn bij wijze van uitzondering worden opgerekt. De maximale dubbeldraai termijn is altijd vijf jaar - en die termijn zal niet voor alle molens in het projectgebied gaan gelden. Het projectplan dient inzicht te geven in welke molens wanneer gesaneerd worden, waarbij de eisen van dit artikel voor zich spreken.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_210" wId="pv24_80__artrecital__content_210">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.12</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Projectplan: eisen financi&#235;le participatie</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel beschrijft de noodzaak om in het projectplan te voorzien in financi&#235;le participatie. Per fase (ontwikkel-, bouw- en exploitatiefase) gelden verschillende eisen, maar steeds dient deze participatie op een eerlijke, eenvoudige en evenwichtige wijze te worden uitgewerkt. Er gelden vier heldere uitgangspunten bij de financi&#235;le participatie. Het projectplan wordt hieraan getoetst. De mogelijkheden voor financi&#235;le participatie voor bewoners en ondernemers moeten voorafgaand aan de goedkeuring van een projectplan in een overeenkomst tussen initiatiefnemer en gemeente te zijn vastgelegd.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_211" wId="pv24_80__artrecital__content_211">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.13</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Projectplan: eisen planparticipatie</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Initiatiefnemer dient te zorgen voor draagvlak voor en burgerparticipatie bij het plan. Het projectplan maakt inzichtelijk op welke wijze de omgeving vroegtijdig is en wordt betrokken.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_212" wId="pv24_80__artrecital__content_212">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.1.3.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Beoordelingsregels werkingsgebieden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het grondgebied van de provincie is verdeeld in windgebieden en niet-windgebieden. De reden voor deze indeling is het feit dat windmolens in de niet-windgebieden ongewenst zijn uit oogpunt van ruimtelijke kwaliteit (landschap, natuur, en andere functies). Het betreft de openheid van de wateren en het ken-merkende landschap van de Noordoostpolder waarin de principes voor occupatie -in dit geval de kristal-lertheorie- afleesbaar zijn.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Een windgebied kan worden aangewezen door provinciale staten. Binnen een aangewezen windgebied is het onder voorwaarden mogelijk nieuwe windmolens te realiseren.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Binnen een windgebied zijn nieuwe windmolens mogelijk, maar uitsluitend (1) in een plaatsingszone (2) binnen een projectgebied en (3) op basis van een door gedeputeerde staten goedgekeurd projectplan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Een projectgebied is het gebied waarbinnen de bestaande molens worden gesaneerd. De nieuwe windmolens komen immers niet terug op de plaats van de oude (gesaneerde) windmolens maar op de door gedeputeerde staten aangewezen plaatsingszones. In het projectplan moet de afbakening van het projectgebied zodanig worden bepaald dat daarbinnen het project van opschalen en saneren in zijn geheel kan worden gerealiseerd met een haalbare business case. Het saneren van alle bestaande/oude windmolens binnen een projectgebied is onlosmakelijk verbonden met de bouw van nieuwe windmolens binnen dat projectgebied. Alle windmolens binnen het projectgebied worden gesaneerd. Het projectgebied is daarmee ook de begrenzing van het saneringsgebied. Gedeputeerde staten beslissen over de goedkeuring van het projectplan. Op basis van het projectplan kunnen gedeputeerde staten de begrenzing van een projectgebied en/of een plaatsingszone.<tekst:br/><tekst:br/></tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_213" wId="pv24_80__artrecital__content_213">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.14</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Beoordelingsregels aanwijzen en begrenzen projectgebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel bepaalt dat gedeputeerde staten een projectgebied kunnen aanwijzen. Projectgebieden zijn aangewezen aan de hand van het Regioplan wind en kan geschieden op basis van een projectplan. Onder omstandigheden kan een aangewezen projectgebied naderhand nog worden aangepast. Een aanvraag wordt afgewezen als de afweging van de betrokken belangen daartoe noopt. Daarbij moet de noodzaak ertoe worden aangetoond evenals dat de aanpassing van het projectgebied geen onevenredig negatief effect heeft op de projecten voor opschalen en saneren binnen een eventueel resterend deel van het projectgebied en/of binnen de andere aangewezen projectgebieden of op de omgeving.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Er is een zekere omvang nodig om tot projectplannen te kunnen komen die voldoende economisch perspectief bieden. Een indeling in deelgebieden is nodig gebleken om ervoor te zorgen dat alle windmolens worden gesaneerd &#233;n om te voorkomen dat er onuitvoerbare delen overblijven waar projecten voor opschalen en saneren geen economisch perspectief hebben. Projectgebieden zijn zo afgebakend, dat er evenwicht mogelijk is tussen de nieuwbouwcapaciteit, de saneringsopgave en de financi&#235;le participatie. De projectgebieden bieden perspectief op opstellingen met een goede landschappelijke kwaliteit. De indeling in deelgebieden is daarmee passend voor de opgave van opschalen en saneren en sluit daarmee ook aan bij de robuuste landschappelijke schaal in Flevoland.<tekst:br/><tekst:br/></tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_214" wId="pv24_80__artrecital__content_214">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.15</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Beoordelingsregels aanwijzen en begrenzen plaatsingszones</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Op basis van een projectplan kunnen gedeputeerde staten plaatsingszones aanwijzen. Dit vraagt een integrale afweging in het kader van het gehele projectplan. Om die reden wordt naderhand de beslissing om een eenmaal aangewezen plaatsingszones aan te passen, eveneens gebaseerd op een integrale afweging en evenwichtige balans tussen de omgevingskwaliteit, het maatschappelijk draagvlak en het economisch perspectief.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Uit de geschiedenis van het Flevolandse windenergiebeleid (waarbij eerst de markt gevraagd is om tot plannen te komen) blijkt dat voor het verkrijgen van een voldoende ruimtelijke kwaliteit er helderheid over de locatie van plaatsingszones voor nieuwe windmolens nodig is.<tekst:br/><tekst:br/></tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_215" wId="pv24_80__artrecital__content_215">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.16</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Beoordelingsregels omgevingsvergunning: tijdelijkheid windmolens</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De technische en economische levensduur van een windmolen is beperkt. Deze levensduur ligt rond de 25 jaar. Gelet op de duurzaamheidsdoelstelling en de landschappelijke doelstelling is het gewenst dat ook in de toekomst mogelijkheden beschikbaar zijn om danwel nieuwe toepassingen voor het opwekken van duurzame energie te realiseren danwel een nieuwe ronde van opschalen en saneren uit te voeren. Het opschalen en saneren heeft een cyclisch karakter. Uit oogpunt van doelmatig en effici&#235;nt gebruik van de ruimte is het daarom gewenst dat voor windmolens geen omgevingsvergunningen voor onbepaalde tijd worden verstrekt.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De Omgevingswet laat tijdelijke vergunningen toe, lees: omgevingsvergunningen voor een bepaalde tijd. De verordening laat toe dat tijdelijke vergunningen voor een gebruikstermijn van maximaal 25 jaar worden afgegeven. In de omgevingsvergunning zal de aanvang van de gebruikstermijn nader bepaald worden. Na het verstrijken van de gebruikstermijn van 25 jaar moet de windmolen worden verwijderd.<tekst:br/><tekst:br/></tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_216" wId="pv24_80__artrecital__content_216">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Paragraaf</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.1.3.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels omgevingsplan</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.1__subchp_14.1.3__subsec_14.1.3.4">Paragraaf 14.1.3.4</tekst:IntRef> staan de instructieregels voor de gemeentelijke omgevingsplannen. Hierin worden een aantal gebieden onderscheiden: windgebieden en niet-windgebieden, projectgebieden en plaatsingszones. Binnen de windgebieden zijn 5 projectgebieden aangewezen met binnen elk projectgebied plaatsingszones. Het gaat om de projectgebieden en plaatsingszones Noord, Oost, Rodenburg, West en Zuid. De windplannen in bijna alle projectgebieden zijn gerealiseerd. Alleen het windplan voor projectgebied West is nog in ontwikkeling.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In deze paragraaf zijn de instructieregels voor het omgevingsplan opgenomen. Daarin is o.a. bepaald:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_216__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_216__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_216__list_1__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_216__list_1__item_1">
		    <tekst:Al><tekst:u>buiten</tekst:u> een windgebied verbiedt een omgevingsplan dat nieuwe windmolens worden gerealiseerd of dat bestaande windmolens worden opgeschaald.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_216__list_1__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_216__list_1__item_2">
		    <tekst:Al><tekst:u>binnen</tekst:u> een windgebied voorziet een omgevingsplan:</tekst:Al>
		    <tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_216__list_1__item_2__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_216__list_1__item_2__list_1">
		      <tekst:Li eId="artrecital__content_216__list_1__item_2__list_1__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_216__list_1__item_2__list_1__item_1">
			<tekst:Al>in een regeling die verbiedt dat er <tekst:u>buiten</tekst:u> de projectgebieden nieuwe windmolens worden gerealiseerd of dat bestaande windmolens worden opgeschaald;</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		      <tekst:Li eId="artrecital__content_216__list_1__item_2__list_1__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_216__list_1__item_2__list_1__item_2">
			<tekst:Al>uitsluitend in nieuwe windmolens <tekst:u>in</tekst:u> een plaatsingszone <tekst:u>binnen</tekst:u> een projectgebied &#232;n in de sanering van alle windmolens <tekst:u>binnen</tekst:u> dat projectgebied (dit moet binnen twee jaar na de goedkeuring door gedeputeerde staten van een projectplan zijn vastgelegd in het omgevingsplan).</tekst:Al>
		      </tekst:Li>
		    </tekst:Lijst>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>Op basis van deze instructieregels verbieden de gemeentelijke omgevingsplannen windmolens <tekst:u>buiten</tekst:u> deze projectgebieden. En <tekst:u>binnen</tekst:u> een projectgebied zijn windmolens alleen toegestaan conform een door gedeputeerde staten goedgekeurd projectplan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Conform de Omgevingsverordening zijn alleen nieuwe windmolens mogelijk binnen de daarvoor in projectgebieden (in windgebieden) aangewezen plaatsingszones. De gemeentelijke omgevingsplannen sluiten windmolens uit in de niet-windgebieden en buiten de projectgebieden (in windgebieden). Met de realisatie van de projectplannen (op basis van het Regioplan en de destijds reeds bestaande windmolenparken) zijn de mogelijkheden van de omgevingsverordening volledig uitgeput.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_217" wId="pv24_80__artrecital__content_217">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.17</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels omgevingsplan: geen windmolens buiten een windgebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het grondgebied van de provincie is verdeeld in windgebieden en niet-windgebieden. Dit artikel bepaalt dat het uitgesloten is om buiten een windgebied nieuwe windmolens te realiseren of bestaande windmolens op te schalen. De reden voor deze indeling is het feit dat windmolens in de niet-windgebieden ongewenst zijn uit oogpunt van ruimtelijke kwaliteit (landschap, natuur, en andere functies). Het betreft de openheid en functie van de wateren en het kenmerkende landschap van de Noordoostpolder waarin de principes voor occupatie -in dit geval de kristallertheorie- afleesbaar zijn.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_218" wId="pv24_80__artrecital__content_218">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.18</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels omgevingsplan: windmolens binnen een windgebied-plaatsingszones</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Binnen een windgebied zijn nieuwe windmolens mogelijk, maar uitsluitend (1) in een plaatsingszone (2) binnen een projectgebied en (3) op basis van een door gedeputeerde staten goedgekeurd projectplan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Nadat een projectplan door Gedeputeerde Staten is goedgekeurd, mogen in de desbetreffende plaatsingszones nieuwe windmolens worden geplaatst. Een nieuwe windmolen krijgt een omgevingsvergunning voor een bepaalde termijn die maximaal 25 jaar bedraagt. Een omgevingsplan moet binnen 2 jaar na goedkeuring van het projectplan zodanig zijn aangepast dat plaatsing van nieuwe windmolens conform het projectplan mogelijk is. Zodra de termijn van (maximaal 25 jaar) van de omgevingsvergunning verstrijkt, mag het omgevingsplan niet meer voorzien de desbetreffende windmolens. Hiermee wordt voorkomen dat het omgevingsplan de molen nog toelaat, terwijl de molen op grond van de omgevingsvergunning dient te worden verwijderd.<tekst:br/><tekst:br/></tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_219" wId="pv24_80__artrecital__content_219">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.19</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels omgevingsplan: windmolens binnen een windgebied-projectgebieden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Binnen de projectgebieden vindt zowel het opschalen als het saneren plaats. Het plaatsen van nieuwe windmolens mag alleen binnen de plaatsingszones. Alle bestaande windmolens in een projectgebied moeten worden gesaneerd. Voor de sanering geldt dat er enige tijd dubbel gedraaid mag worden met de nieuwe windmolens. Daarom moet een projectplan de helderheid verschaffen wanneer de bestaande windmolens gesaneerd moeten zijn. De regeling in het omgevingsplan moet in de sanering van de bestaande windmolens voorzien, conform hetgeen daarover is gesteld in een door gedeputeerde staten goedgekeurd projectplan. Die regeling in het omgevingsplan moet er zijn binnen 2 jaar nadat gedeputeerde staten het projectplan hebben goedgekeurd. </tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_220" wId="pv24_80__artrecital__content_220">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.20</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels omgevingsplan: windmolens binnen een windgebied-buiten projectgebieden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In de gebieden die liggen binnen een windgebied, maar buiten een projectgebied, mogen geen nieuwe windmolens worden gerealiseerd en mogen bestaande windmolens niet worden opgeschaald. Een omgevingsplan dient hierin te voorzien.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De locatie Houtribdijk neemt een bijzondere positie in. De locatie Houtribdijk valt binnen een windgebied, maar was wel steeds uitgezonderd van het beleid voor opschalen en saneren. Dat laat onverlet dat de algemene werking van de verordening wel op de locatie Houtribdijk van toepassing is. Dat brengt met zich mee dat nu alsnog geldt dat nieuwe windmolens uitsluitend zijn toegestaan als zij onderdeel zijn van een project voor opschalen en saneren. Het geografisch karakter van de Houtribdijk (in het water) en het feit dat er geen relevante saneringsopgave in de omgeving is, maakt dat de Houtribdijk nu niet eenvoudig tot ontwikkeling kan worden gebracht. De locatie is ook niet nodig voor de provinciale doelstelling voor windenergie.<tekst:br/><tekst:br/></tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_221" wId="pv24_80__artrecital__content_221">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.21</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Beoordelingsregels hardheidsclausule</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het is niet de bedoeling dat een hardheidsclausule lichtvaardig wordt toegepast. Toepassing ervan mag niet leiden tot een onbillijkheid jegens belanghebbenden. Verder is het gewenst om de Statencommissie te horen over het toepassen van de hardheidsclausule.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_222" wId="pv24_80__artrecital__content_222">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.22</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Oogmerk zonne-energie</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De regeling over zonne-energie heeft als doel om ruimte te bieden voor de ontwikkeling van grondgebonden zonne-energie in het landelijk gebied, waarbij de ruimtelijke kwaliteit van het landelijk gebied niet onevenredig wordt aangetast. Buiten het landelijk gebied is het aan de gemeenten om te bepalen of opstellingen voor zonne-energie worden toegestaan. Deze titel stelt uitsluitend regels voor het mogelijk maken van grondgebonden opstellingen van zonne-energie in landelijk gebied.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Provinciaal beleid zonne-energie </tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>In de Omgevingsvisie FlevolandStraks heeft de provincie zich ten doel gesteld om in 2030 energieneutraal te zijn. Dit betekent dat het, naast het verminderen van energieverbruik, nodig is om duurzame energie op te wekken. E&#233;n van deze duurzame energiebronnen betreft zonne-energie.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De provincie ziet de opwekking van zonne-energie als een belangrijke pijler onder de duurzame energieambitie. Dit is ook vastgelegd in de in het Omgevingsprogramma Flevoland opgenomen Structuurvisie Zon, waarin het provinciale beleid over zonne-energie is opgenomen. Hierin zijn tevens bouwstenen opgenomen die een leidraad geven voor de ontwikkeling van nieuwe grondgebonden opstellingen voor zonne-energie in het landelijk gebied.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Vanuit het belang van zorgvuldig en zuinig ruimtegebruik zal opwekking van zonne-energie voor het grootste deel binnen stedelijk gebied plaatsvinden. De energieambitie zal naar verwachting niet behaald worden met uitsluitend de opwekking van zonne-energie binnen stedelijk gebied. Om deze reden wil de provincie, onder voorwaarden, de oprichting van grondgebonden opstellingen van zonne-energie in het landelijk gebied toestaan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Om enerzijds de realisatie van zonne-energie in het stedelijk gebied te stimuleren en anderzijds om de ruimtelijke kwaliteit van het landelijke gebied en de belangen te beschermen die op het landelijke gebied zijn aangewezen, stelt de provincie een grens aan de totale oppervlakte in het landelijk gebied die in beslag wordt genomen door grondgebonden zonnepanelen. Gelet op de energie-ambitie is het voorts belangrijk om gebruik te maken van voortschrijdende technologische ontwikkelingen. Daarom is de provincie van mening dat installaties voor zonne-energie na een re&#203;le termijn van 25 jaar moeten worden vervangen door nieuwe, modernere installaties. Met die termijn van 25 jaar wordt aangesloten bij de (huidige) economische afschrijvingstermijnen. Na het verwijderen van de zonnepanelen is het een keuze om die plek weer te benutten andere doeleinden dan wel om een nieuw plan voor zonnepanelen in te dienen. Dit beleid voor zonne-energie is van provinciaal belang en vraagt om regeling in een omgevingsverordening.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>De systematiek</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>De provincie wil gemeenten en initiatiefnemers ruimte geven voor de ontwikkeling van nieuwe initiatieven. Uitsluitend daar waar de bescherming van provinciale ruimtelijke belangen dat vereist, worden in de Omgevingsverordening regels gesteld. Deze regels hebben betrekking op de tijdelijkheid van grondgebonden opstellingen voor zonne-energie in het landelijk gebied en het maximale areaal aan ontwikkelruimte, waarbinnen in het landelijk gebied nieuwe grondgebonden opstellingen voor zonne-energie kunnen worden gerealiseerd. Het is aan de gemeenten onderling om met inachtneming van hun eigen ruimtelijk beleid afspraken te maken over de invulling van de ontwikkelruimte in het landelijk gebied. De provincie monitort en evalueert dit proces met de gemeenten.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Grondgebonden opstelling voor zonne-energie </tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Met de begripsomschrijving &#x2018;grondgebonden opstelling voor zonne-energie&#x2019; wordt elke omvangrijke oppervlakte aan zonnepanelen in het landelijk gebied gelijkgesteld aan grondgebonden zon. Ook als deze zonnepanelen niet zijn aan te merken als grondgebonden zon. Dit is van belang vanwege het ruimtelijk effect dat een grote oppervlakte aan zonnepanelen het landelijk gebied heeft op omgeving. Dergelijke initiatieven wil de provincie gelijk behandelen als grondgebonden zon. Dit betreft het meetellen van deze initiatieven bij de beschikbare ontwikkelruimte voor grondgebonden zon en de toetsing aan de bouwstenen zoals opgenomen in paragraaf 6.1.2.2 (zonne-energie) van het Omgevingsprogramma Flevoland. Hierbij wordt opgemerkt dat toetsing aan de bouwstenen vooral aan de orde is bij initiatieven die bestaan uit het realiseren van een combinatie van een bouwwerk met zonnepanelen (zoals een solar carport) die omgevingsvergunningplichtig is en niet op initiatieven die bestaan uit het realiseren van zonnepanelen op een dak van een bestaand bouwwerk (zoals een bestaande loods). In die laatste situatie zijn de meeste elementen uit de bouwstenen al getoetst in het kader van het toelaten van dat bouwwerk en is het realiseren van de zonnepanelen gelet op artikel 2.26 en artikel 2.29, onder d, van het Besluit bouwwerken leefomgeving veelal omgevingsvergunningsvrij.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Er is voor gekozen om de omvang van de oppervlakte aan zonnepanelen waarvoor de gelijkstelling geldt te bepalen op &#233;&#233;n hectare. Bij het bepalen van deze oppervlaktemaat is acht geslagen op de oppervlakte van daken van agrarische gebouwen en de oppervlakte van agrarische bouwpercelen. De oppervlaktemaat van de agrarische bouwpercelen was oorspronkelijk &#233;&#233;n hectare. Een opstelling voor zonne-energie in het landelijk gebied van meer dan &#233;&#233;n hectare wordt, ook op dak, gelijkgesteld met een grondgebonden opstelling. Inmiddels zijn veel bouwpercelen vergroot. Ook al wordt een bebouwingspercentage van 100% toegestaan, een bouwperceel kan niet volledig worden benut voor bebouwing vanwege ruimten die open gehouden moeten worden (denk aan de ruimte voor de voorgevelrooilijn en manoeuvreerruimte). Effectief gaat het doorgaans om ca. 60% dat bebouwd kan worden. Een maat van &#233;&#233;n hectare lijkt daarmee ook &#x2018;passend&#x2019; voor de meeste bouwpercelen die vergroot zijn, alleen op de heel grote bouwpercelen is meer dan &#233;&#233;n hectare zonnepanelen op dak mogelijk en deze worden dan meegeteld. De gedachte is dat opstellingen voor zonne-energie op een agrarisch bouwperceel in beginsel niet op zwaarwegende ruimtelijke bezwaren stuit en om die reden buiten de beschikbare ruimte voor zonne-energie in het landelijk gebied blijven. Echter, boven &#233;&#233;n hectare wordt een opstelling voor zonne-energie, ook op dak, gelijkgesteld met een grondgebonden opstelling.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Begrippen</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>In <tekst:IntRef ref="cmp_1">Bijlage I</tekst:IntRef> van de omgevingsverordening zijn de begripsbepalingen opgenomen. Hierin zijn definities opgenomen voor agrarische grond, grondgebonden opstelling voor zonne-energie (zie toelichting hierboven) en omgevingsplan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Vanwege de omschrijving van 'omgevingsplan' zijn de bepalingen van het hoofdstuk over zonne-energie niet alleen van toepassing op omgevingsplannen en de wijzigingen ervan, maar ook projectbesluiten, gemeentelijke projecten van publiek belang, omgevingsvergunningen voor (buitenplanse) omgevingsplanactiviteiten en het tijdelijk deel van het omgevingsplan als bedoeld in artikel 22.1 Omgevingswet (ook wel omgevingsplan van rechtswege genoemd.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_223" wId="pv24_80__artrecital__content_223">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.23</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Werkingsgebieden zonne-energie</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Uit de voornoemde systematiek volgt dat het werkingsgebied voor de regels voor zonne-energie die in deze omgevingsverordening zijn opgenomen, het landelijk gebied van Flevoland is. Dit is geregeld in het eerste lid van dit artikel.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Tweede lid<tekst:br/></tekst:i>In het tweede lid is het Uitzonderingsgebied voor zonne-energie op agrarische gronden aangewezen. Dit is een gebied voor het realiseren en instandhouden van grondgebonden opstellingen voor zonne-energie op agrarische gronden. Binnen dit werkingsgebied is het gelet op <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.24">Artikel 14.24</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28__para_2">Artikel 14.28, tweede lid</tekst:IntRef> onder omstandigheden mogelijk om grondgebonden opstellingen voor zonne-energie te realiseren. Dit als uitzondering op het verbod op zonne-energie op agrarische gronden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Bij het begrip &#x2018;agrarische grond&#x2019; gaat het gelet op de definitie in de begripsbepalingen om gronden in het landelijk gebied die worden ingezet voor de agrarische bedrijfsvoering, dat gedefinieerd wordt als het voortbrengen van producten door middel van het telen van gewassen en/of het houden van dieren. Bepalend hiervoor is de planologische situatie, dat wil zeggen dat de toedeling van functies aan locaties in het omgevingsplan (voorheen de bestemming in het bestemmingsplan) doorslaggevend is en niet de feitelijke situatie. Het betreft onder het recht voorafgaand aan de Omgevingswet bijvoorbeeld de bestemmingen gangbare landbouw, glastuinbouw, bollenteelt, fruit- en boomteelt, pot- en containerteelt, intensieve veehouderij, geitenhouderijen en biologische landbouw.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Uitgezonderd van het begrip &#x2018;agrarische gronden&#x2019; zijn:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_223__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_223__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_223__list_1__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_223__list_1__item_1">
		    <tekst:Al>(voormalige) agrarische bouwpercelen (werkingsgebieden waar bebouwing is toegestaan) waar zelfstandige, bij elkaar horende bebouwing is toegelaten. Dit betreft de gronden waarop bebouwing is toegestaan. Hier worden geen gewassen geteeld of dieren gehouden. Het gaat concreet om bedrijfswoningen, loodsen en stallen. Het plaatsen van (grondgebonden) opstellingen voor zonne-energie op (voormalige) agrarische bouwpercelen valt hiermee in principe buiten de regeling in de omgevingsverordening. Indien een opstelling voor zonne-energie groter is dan &#233;&#233;n hectare wordt de opstelling overigens gelet op de definitie van het begrip grondgebonden opstelling voor zonne-energie daarmee wel gelijkgesteld.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_223__list_1__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_223__list_1__item_2">
		    <tekst:Al>voor bewoning en daarbij behorende voorzieningen zoals voor stalling en opslag bedoelde gebouwen bij het agrarisch (glastuinbouw) bedrijf In de glastuinbouwgebieden is in een gedeelte bij Luttelgeest rondom de woningen van de glastuinbouwbedrijven geen apart bouwperceel ingetekend. Dit heeft het ongewenste gevolg dat ook de opstellingen voor zonne-energie op die woningen en opstallen anders dan kassen in beginsel vallen onder de regeling in de omgevingsverordening. Dit is in de rest van Flevoland niet het geval, omdat rondom die bebouwing een bouwperceel is ingetekend.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al><tekst:i>Derde lid<tekst:br/></tekst:i>In het derde lid is het Uitzondering glastuinbouw i.r.t. zonne-energie in landelijk gebied aangewezen. Dit is het gebied waaraan in een omgevingsplan de functie van glastuinbouw is toegedeeld. De aanwijzing van dit werkingsgebied is nodig gelet op <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28__para_3">Artikel 14.28, derde lid</tekst:IntRef>, waarmee een zonnepanelen op gietwaterbassins behorend tot glastuinbouwbedrijven zijn uitgezonderd van het verbod op zonnepanelen op agrarische gronden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_224" wId="pv24_80__artrecital__content_224">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.24</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Werkingsgebieden zonne-energie: aanwijzen uitzonderingsgebieden voor zonne-energie op agrarische gronden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De mogelijkheid om toch grondgebonden opstellingen voor zonne-energie toe te staan in het landelijk gebied op agrarische gronden is vorm gegeven door middel van door provinciale staten aangewezen uitzonderingsgebieden voor zonne-energie op agrarische gronden. In deze uitzonderingsgebieden wordt grondgebonden zonne-energie wel toegestaan. Het betreft de agrarische gronden waarop enerzijds in de eerste tranche een grondgebonden opstelling voor zonne-energie is toegestaan en anderzijds de agrarische gronden die in de tweede tranche op verzoek daaraan door provinciale staten worden toegevoegd.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Daarmee is het binnen het werkingsgebied Uitzonderingsgebied voor zonne-energie op agrarische gronden zoals aangewezen in artikel 14.24 onder omstandigheden mogelijk om grondgebonden opstellingen voor zonne-energie te realiseren. Dit als uitzondering op het verbod op zonne-energie op agrarische gronden zoals vastgelegd in <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28__para_2">Artikel 14.28, tweede lid</tekst:IntRef>. Hiervoor is nodig dat provinciale staten dit werkingsgebied -op verzoek- wijzigen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In een verzoek tot wijziging van dit werkingsgebied dient de initiatiefnemer op basis van de Flevolandse zonneladder aan te tonen dat het realiseren van een opstelling voor zonne-energie op de betreffende agrarische gronden toelaatbaar is. Daarbij dient ook te worden ingegaan op de andere treden van de zonneladder. Het initiatief dient eveneens te voldoen aan de in het beleid geformuleerde bouwstenen voor zonne-energie. Met de zonneladder en de bouwstenen wordt gedoeld op het beleid voor zon op land dat is opgenomen in paragraaf 6.1.2.2 van het Omgevingsprogramma Flevoland, zoals gewijzigd per 9 december 2022.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Doorlooptijd initiatieven <tekst:br/></tekst:i>Voor de doorlooptijd van een initiatief betekent dit dat een grondgebonden opstelling voor zonne-energie niet mogelijk is op agrarische gronden in het landelijk gebied. Een initiatief hiertoe behoeft medewerking van gemeente en provincie. Als die medewerking er is, dient de initiatiefnemer gelet op <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.24">Artikel 14.24</tekst:IntRef> een onderbouwd verzoek in bij provinciale staten om de betreffende agrarische gronden aan te wijzen als uitzonderingsgebied.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor het aanwijzen en wijzigen van het werkingsgebied Uitzonderingsgebieden voor zonne-energie op agrarische gronden in het landelijk gebied is een wijziging van de Omgevingsverordening nodig. Dit wordt voorbereid met afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht. Dit betekent dat er eerst sprake is van een ontwerpbesluit van provinciale staten waar gedurende zes weken inspraak op mogelijk is. Daarna wordt het definitieve besluit genomen door provinciale staten. Pas dan zijn op die agrarische gronden grondgebonden opstellingen voor zonne-energie toegestaan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Als het ontwerpbesluit inhoudt dat provinciale staten de agrarische gronden uit het verzoek willen aanwijzen als uitzonderingsgebied, kan de gemeente de procedure starten voor aanpassing of afwijking van het omgevingsplan. Wordt voor het omgevingsplan ook de uitgebreide voorbereidingsprocedure van afdeling 3.4 van de Algemene wet bestuursrecht gevolgd dan kan de gemeente op z&#x2019;n vroegst gelijktijdig met het positieve ontwerpbesluit van provinciale staten het ontwerpbesluit voor het omgevingsplan vaststellen. Het definitieve omgevingsplan volgt vervolgens op z&#x2019;n vroegst gelijktijdig met het definitieve besluit van provinciale staten om de agrarische gronden uit het verzoek aan te wijzen als uitzonderingsgebied.<tekst:br/>Bij een reguliere procedure voor het omgevingsplan is dit anders. De gemeente neemt dan direct een definitief besluit over het omgevingsplan, er is geen sprake van een ontwerpbesluit met inspraak. In die situatie kan de gemeente niet eerder het omgevingsplan vaststellen dan op z&#x2019;n vroegst gelijktijdig met het positieve besluit van provinciale staten op het verzoek van de initiatiefnemer om de agrarische gronden aan te wijzen als uitzonderingsgebied.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_225" wId="pv24_80__artrecital__content_225">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.25</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Ontwikkelruimte zonne-energie</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De provincie wil in het landelijk gebied ruimte bieden voor de ontwikkeling van grondgebonden opstel-lingen voor zonne-energie. Tegelijkertijd moet voorkomen worden dat de ruimtelijke kwaliteit van het landelijk gebied onevenredig wordt aangetast. We willen bij voorkeur dat zo min mogelijk landelijk gebied aan zijn functie wordt onttrokken.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De provinciale ambitie is om als regio in 2030 energieneutraal te zijn. Hiervoor is het nodig om, naast het verminderen van het energieverbruik, 41,5 Petajoules (PJ) duurzame energie op te wekken. In de in het Omgevingsprogramma Flevoland opgenomen Structuurvisie Zon is bepaald dat het grootste deel van de opwekking van zonne-energie is voorzien op daken &#200;n in stedelijk gebied. Daarbij gaat het om opwekking van zonne-energie op daken in landelijk en stedelijk gebied &#232;n grondgebonden locaties binnen het stedelijk gebied. Om aan de energieambitie te voldoen is het daarnaast vereist om ruimte te bieden voor grondgebonden zonneparken in landelijk gebied. In de structuurvisie zon is de ambitie opgenomen dat er in 2025 minimaal 3,5 PJ energie wordt opgewekt in het landelijk gebied door middel van grondgebon-den zonne-energie. Voor deze vraag van 3,5 PJ is circa 1.000 ha aan grondgebonden zon in het landelijk gebied nodig (zie het rapport 'Zonneparken in het buitengebied van de provincie Flevoland, een econo-mische en ruimtelijke verkenning' van Wing / E&amp;E advies uit oktober 2017). Dit is de maximale hoeveelheid grond die de provincie op dit moment ziet als bijdrage aan de invulling van de Flevolandse energie-opgave. Bij de bepaling van 1.000 hectare netto is uitgegaan van de vuistregel van een opwekcapaciteit van 1 MWp per hectare. Bij de monitoring van de eerste tranche is, om zeker te stellen dat de minimaal beoogde opwekcapaciteit wordt behaald, ervoor gekozen om bij het oppervlak van het zonnepark, dat meetelt, uit te gaan van het netto-paneeloppervlak.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Ter bescherming van de ruimtelijke kwaliteit van het landelijk gebied is in eerste instantie een ontwikkelruimte met een oppervlakte van 500 hectare netto in het landelijk gebied vrijgegeven voor het realiseren van nieuwe grondgebonden opstellingen voor zonne-energie. Zodra de ontwikkelruimte van 500 ha netto is gebruikt zal er een evaluatie plaatsvinden (zie <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.27">Artikel 14.27</tekst:IntRef>). Afhankelijk van de uitkomsten van de evaluatie kan aanvullende ontwikkelruimte -al dan niet met aanpassingen of nadere voorwaarden- beschikbaar komen. In deze omgevingsverordening is dit geborgd door de eerste 500 hectare netto ontwikkelruimte (eerste tranche) bij recht toe te staan. Afhankelijk van de uitkomsten van de evaluatie kan aanvullende ontwikkelruimte met een maximale oppervlakte van 500 hectare netto worden vrijgegeven door middel van een besluit van gedeputeerde staten. Dit is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.25__para_2">Artikel 14.25, tweede lid</tekst:IntRef>. De aanvullende ontwikkelruimte bevat een maximale oppervlakte van 500 hectare netto. Bij een positieve evaluatie zal in totaal maximaal 1000 hectare netto landelijk gebied (eerste en tweede tranche tezamen) beschikbaar komen voor de realisatie van grondgebonden opstellingen voor zonne-energie.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De provincie heeft de ontwikkeling van deze proefhectaren in 2021 gemonitord en ge&#235;valueerd conform <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.27">Artikel 14.27</tekst:IntRef>. Ten behoeve van de openstelling van de tweede tranche is in 2022 in Provinciale Staten van Flevoland uitgebreid gesproken over de aanbevelingen uit de beleidsevaluatie en het verwerken daarvan in het provinciale beleid en regelgeving over zonne-energie. Belangrijke onderwerpen daarbij waren de inzet van een provinciale zonneladder, het niet toestaan van zonnepanelen op agrarische gronden, het ruimtelijke effect van zon op dak op het landelijke gebied en het toestaan van zonnepanelen op gietwaterbassins. Dit heeft per 9 december 2022 geleid tot de openstelling van de tweede tranche (zie provinciaal blad 2022, 10940) aanpassing van het zonbeleid in het omgevingsprogramma (zie provinciaal blad 2022, 14411) en aanpassing van de provinciale regels in de omgevingsverordening (zie provinciaal blad 2022, 14410).</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_226" wId="pv24_80__artrecital__content_226">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.26</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Beoordelingsregels omgevingsvergunning: tijdelijkheid grondgebonden opstelling voor zonne-energie</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Opwekking van zonne-energie is een relatief nieuwe vorm van energieopwekking. De opwekking vindt plaats door opstellingen die veelal een groot ruimtebeslag vergen. Deze opstellingen hebben invloed op de ruimtelijke kwaliteit en op de oorspronkelijke gebruiksmogelijkheden van het landelijk gebied.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De verwachting is dat technologische ontwikkelingen op het gebied van opwekking van zonne-energie ertoe leiden dat op termijn de ruimtebehoefte zal veranderen; ook de inrichting van de opstellingen als zodanig zal door technologische ontwikkeling wijzigen. Om de ruimtelijke kwaliteit van het landelijk gebied te beschermen mogen grondgebonden opstellingen voor zonne-energie alleen tijdelijk worden gehandhaafd. Voor de duur daarvan wordt aangesloten bij de technisch-economische levensduur van zonne-opstellingen, die maximaal 25 jaar bedraagt. Deze voorwaarde volgt uit provinciaal beleid waarin alleen tijdelijk ruimte wordt geboden aan grondgebonden opstellingen voor zonne-energie in het landelijk gebied. De grondslag voor deze bepaling is artikel 5.36 van de Omgevingswet.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Dit betekent dat een gerealiseerde opstelling dient na 25 jaar verwijderd te worden, omdat de opstelling alsdan verouderd is. Ook zal het omgevingsplan na ommekomst van de termijn van maximaal 25 jaar niet meer dienen te voorzien in zonnepanelen (zie <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28__para_3">Artikel 14.28, derde lid</tekst:IntRef>). De regeling laat onverlet dat na het verwijderen van de 'oude' opstelling een 'nieuwe' opstelling op (nagenoeg) dezelfde plek kan worden gerealiseerd. Immers, bij realisatie van een nieuwe opstelling met ook weer een tijdelijke omgevingsvergunning voor een nieuwe periode, wordt weer aan de omgevingsverordening voldaan. Dit maakt het mogelijk dat de alsdan bekende jongste techniek wordt toegepast.<tekst:br/><tekst:br/></tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_227" wId="pv24_80__artrecital__content_227">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.27</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Monitoring en evaluatie: zonne-energie</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Gedeputeerde Staten evalueren de eerste en tweede tranche van 500 hectare netto ontwikkelruimte. Uiterlijk twee maanden nadat de ontwikkelruimte va 500 hectare netto als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.25__para_1">Artikel 14.25, eerste lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.25__para_2">Artikel 14.25, tweede lid</tekst:IntRef> is gebruikt, zenden Gedeputeerde Staten ter kennisname een evaluatieverslag aan Provinciale Staten. In dit evaluatieverslag wordt in ieder geval aandacht besteed aan de besluitvormingsprocedures die voor de benodigde besluiten voor de realisering van de grondgebonden opstellingen voor zonne-energie in het landelijk gebied doorlopen zijn. Verder wordt inzicht geboden in de locaties waar grondgebonden opstellingen voor zonne-energie worden gerealiseerd en de planning en het tempo, waarin projecten worden gerealiseerd.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De evaluatie van de ontwikkelruimte als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.25__para_1">Artikel 14.25, eerste lid</tekst:IntRef> is van belang voor het vrijgeven van de eventuele aanvullende ontwikkelruimte als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.25__para_2">Artikel 14.25, tweede lid</tekst:IntRef>. Afhankelijk van de resultaten van de evaluatie kan een aanvullende ontwikkelruimte van maximaal 500 hectare netto grondgebonden opstellingen voor zonne-energie in het landelijk gebied beschikbaar worden gesteld. De evaluatie is tevens het moment om te beoordelen of bijsturing nodig is. Per 9 december 2022 is de tweede tranche van 500 hectare netto ontwikkelruimte opengesteld. Het is belangrijk deze tweede tranche (<tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.25__para_2">Artikel 14.25, tweede lid</tekst:IntRef>) ook te monitoren. Op het moment dat de tweede tranche is volgelopen is eveneens de 1000 hectare netto van de structuurvisie zon, zoals opgenomen in het Omgevingsprogramma Flevoland, volledig uitgenut. Het is dan relevant te bezien of er aanleiding bestaat om het beleid en de provinciale regelgeving over zon in het landelijk gebied te herijken.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_228" wId="pv24_80__artrecital__content_228">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>14.28</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels omgevingsplan zonne-energie</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Concreet is het de bedoeling dat gemeenten de instructieregels uitwerken in het omgevingsplan. In de Omgevingsverordening is geen gebruik gemaakt van de mogelijkheid om een termijn te stellen voor het uitwerken van de instructieregels in de omgevingsplannen (artikel 2.23 vierde lid Omgevingswet.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Eerste lid</tekst:i><tekst:br/>Uitgangspunt is de maximale ontwikkelruimte van in eerste instantie 500 hectare netto, die in de verordening is opgenomen. De door de gemeenten vast te stellen omgevingsplannen voor het landelijk gebied mogen uitsluitend voorzien in ontwikkelruimte voor grondgebonden opstellingen voor zonne-energie tot een maximale oppervlakte van 500 hectare netto. Voor deze maximale ontwikkelruimte komen uitsluitend (bestemmings- en omgevings)plannen in aanmerking, die zijn vastgesteld na inwerkingtreding van de Structuurvisie Zon per 15 november 2018.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Tweede lid<tekst:br/></tekst:i>In <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28__para_2">Artikel 14.28, tweede lid</tekst:IntRef> is het verbod opgenomen om grondgebonden zonne-energie te realiseren en in stand te houden op agrarische gronden in het landelijk gebied met uitzondering van de aangewezen uitzonderingsgebieden (zie de toelichting bij <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.1__art_14.23">Artikel 14.23</tekst:IntRef>). Om te bewerkstelligen dat gemeenten aan dit verbod voldoen is dit vorm gegeven als instructieregel. Dit artikellid bevat de inhoudelijke instructieregel aan de gemeenten om geen grondgebonden zonne-energie op agrarische gronden toe te staan. Het omgevingsplan dient het realiseren of hebben van een grondgebonden opstelling voor zonne-energie op agrarische gronden buiten de in het werkingsgebied Uitzonderingsgebieden voor zonne-energie op agrarische gronden aangewezen agrarische gronden uit te sluiten.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het werkingsgebied Uitzonderingsgebieden voor zonne-energie op agrarische gronden in het landelijk gebied zijn de agrarische gronden opgenomen waarop enerzijds in de eerste tranche een grondgebonden opstelling voor zonne-energie is of wordt toegestaan en anderzijds de agrarische gronden die in de tweede tranche op verzoek daaraan door provinciale staten zijn toegevoegd (zie ook de toelichting bij <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.24">Artikel 14.24</tekst:IntRef>). Hiermee worden de Flevolandse agrarische gronden als volgt onderverdeeld:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_228__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_228__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_228__list_1__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_228__list_1__item_1">
		    <tekst:Al>agrarische gronden buiten de uitzonderingsgebieden voor zonne-energie op agrarische gronden (waar grondgebonden zonne-energie niet is toegestaan) en</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_228__list_1__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_228__list_1__item_2">
		    <tekst:Al>agrarische gronden zoals door provinciale staten aangewezen als uitzonderingsgebieden voor zonne-energie op agrarische gronden (waar grondgebonden zonne-energie wel wordt toegestaan).</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>Feitelijk betekent dit dat het in de tweede tranche mogelijk is om zonne-energie op agrarische gronden te realiseren, mits de betreffende agrarische gronden zijn aangewezen in het werkingsgebied Uitzonderingsgebieden voor zonne-energie op agrarische gronden. Zie de regeling in <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.24">Artikel 14.24</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Derde lid</tekst:i><tekst:br/>Zonnepanelen op gietwaterbassins behorend tot glastuinbouwbedrijven binnen het werkingsgebied zijn uitgezonderd van het verbod op zonnepanelen op agrarische gronden. In de instructieregels van <tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.28">Artikel 14.28</tekst:IntRef> is bepaald dat het omgevingsplan het realiseren of hebben van een grondgebonden opstelling voor zonne-energie toelaat op gietwaterbassins in het werkingsgebied Uitzondering glastuinbouw i.r.t. zonne-energie in landelijk gebied. Hiermee wordt geregeld dat de uitzondering alleen geldt voor zonnepanelen op gietwaterbassins voor zover deze zich in het werkingsgebied bevinden. Dit werkingsgebied omvat de glastuinbouwgebieden in het landelijk gebied van de provincie. Het gaat concreet om glastuinbouwgebieden rondom Luttelgeest/Marknesse en Ens. Het glastuinbouwgebied in Almere ligt in stedelijk gebied en is om die reden geen onderdeel van dit werkingsgebied.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Vierde lid<tekst:br/></tekst:i>Afhankelijk van de resultaten van de evaluatie wordt mogelijk aanvullende ontwikkelruimte beschikbaar gesteld. Voor deze maximale ontwikkelruimte komen uitsluitend omgevingsplannen in aanmerking die zijn vastgesteld na inwerkingtreding van het besluit van Gedeputeerde Staten per 9 december 2022 (<tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.2__art_14.25__para_2">Artikel 14.25, tweede lid</tekst:IntRef>).</tekst:Al>
		<tekst:Al>De maximale ontwikkelruimte van het eerste en vierde lid geldt provinciebreed en het is aan de gemeenten om hieraan onderling nader invulling te geven. De provincie monitort de maximale ontwikkelruimte.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Vijfde en zesde lid</tekst:i><tekst:br/>Er mogen uitsluitend omgevingsvergunningen met een maximale gebruiksduur van 25 jaar worden verleend voor grondgebonden opstellingen voor zonne-energie in het landelijk gebied (<tekst:IntRef ref="chp_14__title_14.2__subchp_14.2.3__art_14.26">Artikel 14.26</tekst:IntRef>). Na ommekomst van de maximale geldingsduur van de omgevingsvergunning mag een bestemmingsplan niet langer voorzien in (bouw- en) gebruiksmogelijkheden voor grondgebonden opstellingen voor zonne-energie. Hierop is &#233;&#233;n uitzondering geformuleerd. Deze uitzondering betreft de situatie dat na het verwijderen van de 'oude' opstelling een 'nieuwe' opstelling op (nagenoeg) dezelfde plek wordt gerealiseerd. Immers, bij realisatie van een nieuwe opstelling met ook weer een tijdelijke omgevingsvergunning voor een nieuwe periode, wordt weer aan de omgevingsverordening voldaan. Dit maakt het mogelijk dat de alsdan bekende jongste techniek wordt toegepast.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_229" wId="pv24_80__artrecital__content_229">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>15.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemeen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Sinds 2014 zijn de provincies verantwoordelijk voor de realisatie en instandhouding van de ecologische hoofstructuur (EHS). Sinds 2017 wordt hiervoor de term Natuurnetwerk Nederland (NNN) gebruikt. Het NNN is een Nederlands netwerk van bestaande en nieuw aan te leggen natuurgebieden. De provincies zijn verantwoordelijk voor de begrenzing en de ontwikkeling van dit natuurnetwerk. Het NNN is ruimer van omvang datn de in het bestuursakkoord herijkte EHS, maar heeft een beperktere omvang dan de oorspronkelijke EHS. In het Natuurpact hebben de provincies met het Rijk afgesproken om tot 2027 80.000 hectare natuur in te richten.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het Rijk heeft het algemene NNN-beleid in de Omgevingswet en het Besluit kwaliteit leefomgeving (Bkl) vastgelegd. Op grond van artikel 7.6 Bkl moeten provincies bij provinciale verordening de NNN-gebieden aanwijzen en nauwkeurig begrenzen. Op grond van artikel 7.7 Bkl moeten zij ook de wezenlijke kenmerken en waarden van die gebieden vastleggen. Daarnaast wijze de provincies de natuurdoelen in het NNN aan. Elk NNN-gebied heeft een zogenaamd natuurdoel. Een natuurdoel beschrijft een bepaalde natuurkwaliteit en wordt gebruikt als een toetsbare doelstelling voor een natuurgebied.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_230" wId="pv24_80__artrecital__content_230">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>15.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Oogmerk en toepassingsgebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Niet voor iedereen is altijd even duidelijk op welke wijze het NNN nu bescherming geniet. De rechtstreekse werking van het NNN vindt plaats door toetsing van bestemmingsplannen en omgevingsvergunningen voor het afwijken van de bestemmingsplannen aan het NNN-beleid.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Artikel 7.5 Bkl bepaalt dat provincies slechts bevoegd zijn om gebieden op het landzijdige deel van hun grondgebied aan te wijzen als onderdeel van het natuurnetwerk.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Op grond van artikel 7.8 Bkl geldt er een algemeen beschermingsregime voor NNN-gebieden. Dit algemene regime bestaat eruit dat er geen toestemming mag worden verleend aan activiteiten die per saldo leiden tot nadelige gevolgen voor de wezenlijke kenmerken en waarden, of tot een vermindering van de kwaliteit, oppervlakte van of samenhang tusen die gebieden. Toestemming voor dergelijke activiteiten kan wel worden verkregen indien (1) er sprake is van een groot openbaar belang, (2) er geen re&#203;le alternatieven zijn en (3) de negatieve effecten op de wezenlijke kenmerken en waarden, de oppervlakte en de samenhang worden beperkt en de overblijvende effecten gelijkwaardig worden gecompenseerd. In de provinciale verordening moet dit 'nee tenzij'-regime zo worden vastgelegd dat hieraan in alle omgevingsplannen en/of projectbesluiten voor het afwijken van omgevingsplannen wordt voldaan. Ten slotte moeten in de provinciale verordening regels in het belang van de bescherming, instandhouding en ontwikkeling van de wezenlijke kenmerken en waarden worden vastgelegd.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De begrenzing van de NNN-gebieden mag worden gewijzigd bij provinciale verordening. Rijk en provincies hebben gezamenlijk een beleidskader opgesteld voor mogelijke ingrepen in de EHS: 'Spelregels EHS - Beleidskader voor compensatiebeginsel, EHS-Saldobenadering en herbegrenzen EHS' (augustus 2007). Uit het bestuursakkoord Natuur volgt dat deze spelregels ook voor het NNN blijven gelden. Dit NNN-beleid werkt vervolgens door op het gemeentelijk niveau. Gemeenten dienen bij vaststelling van omgevingsplannen en het verlenen van projectbesluiten voor het afwijken van een omgevingsplan de regels met betrekking tot het NNN toe te passen, zoals deze voortvloeien uit de provinciale verordening.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_231" wId="pv24_80__artrecital__content_231">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>15.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Werkingsgebied en aanwijzing gebieden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Per aangewezen gebied zijn/worden de te beschermen natuurwaarden vastgelegd door een beschrijving van de wezenlijke kenmerken en waarden. De provincie heeft hiertoe de EHS-doelbenadering ontwikkeld, waarmee het mogelijk is om de wezenlijke kenmerken en waarden objectief en eenduidig te beschrijven.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_232" wId="pv24_80__artrecital__content_232">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>15.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Activiteiten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al><tekst:i>Taakverdeling Gedeputeerde Staten en Provinciale Staten</tekst:i></tekst:Al>
		<tekst:Al>Provinciale Staten stellen de kaders vast en wijzen de gebieden aan, terwijl Gedeputeerde Staten de nadere uitwerking van de wezenlijke kenmerken en waarden voor hun rekening nemen. Voor wat betreft wijzigingen van het NNN is het instrument 'herbegrenzing' aan Gedeputeerde Staten en het instrument 'saldobenadering' aan Provinciale Staten. In lijn daarmee besluiten Provinciale Staten over de verordening en nemen Gedeputeerde Staten, indien aan de orde, zo spoedig mogelijk daarna een besluit over de wezenlijke kenmerken en waarden.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Herbegrenzing</tekst:i></tekst:Al>
		<tekst:Al>Om planologische medewerking te behoeve van inpasbare ontwikkelingen mogelijk te maken moet eerst herbegrenzing plaatsvinden en, indien aan de orde, aanpassing van de wezenlijke kenmerken en waarden. In de praktijk zal de initiatiefnemer aan de gemeente verzoeken het omgevingsplan aan te passen of een projectbesluit aanvragen. Wanneer dit initiatief niet past binnen het geldende omgevingsplan en strijdig is met de betreffende wezenlijke kenmerken en waarden wordt in overleg met de provincie nagegaan of herbegrenzing mogelijk is of de saldobenadering. Wanneer uit vooroverleg blijkt dat zich een van deze mogelijkheden voordoet, kan de gemeente een ruimtelijk plan in procedure brengen en Gedeputeerde Staten verzoeken de verordening hierop aan te passen. De verordening stelt dat de ontwerpwijziging en het ontwerp van het omgevingsplan of projectbesluit tegelijkertijd ter inzage moet worden gelegd. Het alternatief zou zijn om het ontwerp pas ter inzage te leggen na het inwerkingtreden van de wijziging, waardoor de totale doorlooptijd behoorlijk zou toenemen en de kans groter wordt dat het omgevingsplan door zich wijzigende omstandigheden niet meer van de grond komt. Dit is ongewenst en leidt bij nader inzien tot onnodige administratieve herbegrenzing.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Wanneer onverhoopt een initiatief wordt afgeblazen nadat het omgevingsplan is aangepast of het projectbesluit is verleend ontstaat er een vergelijkbare ongewenste situatie. Allereerst is dan de gemeente gehouden het planologisch regime opnieuw in overeenstemming te brengen met de bestaande situatie of het toekomstig gewenst gebruik. Er volgt dan een handhavingstraject waarbij steeds ook de vraag aan de orde is of inpassen van de bestaande situatie (legaliseren) mogelijk is. In praktijk betekent dit een nieuw planologisch besluit, of terugkeer naar de oorspronkelijke situatie. In beide gevallen wordt dan een nieuwe procedure gevolgd die ook als zodanig wordt doorlopen en bestaat uit de combinatie van wijzigen verordening en herzien omgevingsplan of intrekken projectbesluit. Is legaliseren niet mogelijk of wenselijk, dan zal handhavend moeten worden opgetreden, in dit verband met name gericht op het alsnog geheel en tijdig doen realiseren van de compensatie.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_233" wId="pv24_80__artrecital__content_233">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>15.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Wijziging begrenzing: saldobenadering en herbegrenzing</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het doel van deze verordening is mede om in bepaalde situaties wijzigingen van de begrenzing en de wezenlijke kenmerken en waarden mogelijk te maken. Deze mogelijkheden vloeien voort uit <tekst:IntRef ref="chp_15__subchp_15.2__art_15.3">Artikel 15.3</tekst:IntRef> en zijn beschreven in de zogenaamde Spelregels EHS.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Nieuwe, meervoudige, ontwikkelingen die strijdig zijn met de wezenlijke kenmerken en waarden maar voldoen aan het criterium van 'groot openbaar belang' en waarvoor geen re&#203;le alternatieven zijn kunnen worden toegestaan. In dat geval moet de inpassing zorgvuldig gebeuren (mitigeren) en dient compensatie plaats te vinden van de resterende negatieve effecten. Bij dit type ontwikkelingen kan het bijvoorbeeld gaan om inpassing van infrastructuur, ingrepen in verband met waterveiligheid en energievoorziening.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Bij enkelvoudige ontwikkelingen met beperkte effecten kan eveneens de begrenzing worden gewijzigd wanneer 'per saldo' de natuurkwaliteit verbetert en, afhankelijk van de ontwikkeltijd van de te ontwikkelen natuur, de oppervlakte ten minste gelijk blijft. Voor dit type ingrepen zijn GS bevoegd om de bijlagen bij de verordening te wijzigen. Daarnaast zijn GS bevoegd tot wijzigingen die voortvloeien uit natuurontwikkelingen zelf en een kwalitatieve of kwantitatieve versterking inhouden van het NNN.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Na het aanpassen van de wezenlijke kenmerken en waarden als gevolg van natuurlijke ontwikkelingen ontstaat feitelijk opnieuw een opgave voor gemeenten om deze te laten doorwerken in het omgevingsplan. Tot dat moment kunnen de ontwikkelingsmogelijkheden binnen het omgevingsplan ruimer zijn dan wenselijk is.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_234" wId="pv24_80__artrecital__content_234">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>15.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Verzoek wijziging begrenzingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het wijzigen van de verordening ten behoeve van een initiatief zal in de praktijk doorgaans plaats vinden op verzoek van een gemeente. De gemeenste wenst planologische medewerking te verlenen ten behoeve van een lokaal initiatief of is verzocht het omgevingsplan aan te passen vanwege een regionaal of rijksproject. Tijdens het vooroverleg zal worden afgestemd of en onder welke voorwaarden de wijziging in procedure kan worden gebracht. De plantoelichting van het ontwerpplan dient vervolgens als onderbouwing van de wijziging.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het plan geeft inzicht in de aard en omvang van de uit te voeren compensatie zodat de gestelde voorwaarden voorafgaand aan de besluitvorming kunnen worden getoetst. Na het inwerkingtreden van de planologische besluiten kan de uitvoering starten, waarbij is aangegeven dat de uitvoering van de compensatie uiterlijk aansluitend dient plaats te vinden. In de praktijk is eens te meer voorgekomen dat compensaties later dan voorzien of slechst gedeeltelijk worden uitgevoerd. In zo'n situatie ligt de verantwoordelijkheid bij de gemeente op handhavend op te treden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_235" wId="pv24_80__artrecital__content_235">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>15.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De provincie is verantwoordelijk voor de instandhouding van het NNN en daardoor belanghebbend bij een goede signalering. Het inzichtelijk registreren van de afzonderlijke besluiten draagt bij aan het borgen en nakomen van de gemaakte afspraken. In deze verordening is daarom de verplichting tot het bijhouden van een digitale registratie van planologische besluiten opgenomen. Het tweede doel van de registratie is de compensatieboekhouding, zodat eenduidig wordt bijgehouden welke compensaties aan welke ingrepen kunnen worden toegerekend. Het is immers denkbaar dat er compensaties worden gerealiseerd voor toekomstige ingrepen waarover pas later besluitvorming zal plaatsvinden of dat de locatie van het project en de compensatie zo ver uiteen liggen of in een andere gemeente waardoor deze niet in &#201;&#201;n besluit zijn ondergebracht. Wanneer latere initiatieven zich dan aandienen kan direct worden aangetoond dat al aan de verplichtingen is voldaan.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_236" wId="pv24_80__artrecital__content_236">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>15.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gemeenteraad: Bescherming NNN</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel regelt dat het NNN in omgevingsplannen moet worden voorzien van een bestemming die aansluit bij actuele en potenti&#203;le natuurwaarden en de doelstelling van het NNN. Dit moet tot uitdrukking komen in de doeleindenomschrijving bij de bestemming en bij de gebruiks- en bouwbepalingen. Welke benaming de bestemming krijgt is als zodanig minder relevant en is daarom niet voorgeschreven. Bij afwijking van het omgevingsplan met een projectbesluit behoeven geen planregels te worden opgesteld en zal uit de planopzet en de onderbouwing moeten blijken in hoeverre de wezenlijke kenmerken en waarden worden beschermd.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Nadelige gevolgen voor de wezenlijke kenmerken en waarden kunnen ook het gevolg zijn van planologische ontwikkelingen in de nabijheid van de aangewezen gebieden. Om deze mogelijkheid niet impliciet te laten optreden zal in voorkomende gevallen ook ontwikkelingen nabij het NNN-gebied moeten worden getoetst op mogelijke effecten. Deze worden zoals gebruikelijk betrokken bij de integrale belangenafweging. Wat als nabij moet worden aangemerkt is niet gebonden aan een vaste maat, maar situtatieafhankelijk. Zowel type en omvang van de ontwikkeling als de specifieke kenmerken en waarden in de nabijheid spelen daarbij een rol. Wanneer in redelijkheid valt te voorzien dat zich nadelige gevolgen kunnen voordoen moet dit worden betrokken in de ruimtelijke afweging.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_237" wId="pv24_80__artrecital__content_237">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>15.6</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gedeputeerde Staten: Registratie begrenzing NNN</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het doel van de registratie is om inzicht te verkrijgen in de compensatieboekhouding zodat de relatie tussen ingreep en compensatie steeds kan worden vastgesteld. Zo wordt het mogelijk om al uitgevoerde compensaties te labelen voor toekomstige ingrepen en ontstaat er tevens een toetsingskader voor handhaving. Deze registratie wordt beheerd door de provincie en is openbaar toegankelijk</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_238" wId="pv24_80__artrecital__content_238">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>16.2.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Natura 2000-activiteiten (gereserveerd)</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Er is geen aanleiding om in de omgevingsverordening regels te stellen over Natura 2000-activiteiten bovenop de Rijksregels. In de verordening is hiervoor wel een paragraaf gereserveerd.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_239" wId="pv24_80__artrecital__content_239">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>16.2.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Activiteiten met betrekking tot dieren of planten in het wild</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In afdeling 16.2.2 is een aantal vergunningvrije gevallen en activiteiten opgenomen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het gaat hierbij onder meer om de volgende gevallen:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_239__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_239__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_239__list_1__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_239__list_1__item_1">
		    <tekst:Al>Vergunningvrije activiteiten ruimtelijke inrichting of ontwikkeling, bestendig beheer of onderhoud)<tekst:br/>Op
grond van de Omgevingswet zijn ruimtelijke ingrepen die een nadelig effect
hebben op de aanwezige beschermde flora en fauna vergunningplichtig.
Provinciale Staten kunnen bij verordening vergunningvrije activiteiten
aanwijzen.<tekst:br/>De provincie hanteert het uitgangspunt dat gestreefd wordt naar een beperking van de uitvoeringslast bij initiatiefnemers en in de eigen organisatie. Dit uitgangspunt blijft bestaan in deze omgevingsverordening, die zoveel mogelijk beleidsneutraal is. Met de vrijstelling van de vergunningplicht voor de &#x2018;flora- en fauna-activiteit&#x2019;  in <tekst:IntRef ref="chp_16__title_16.2__subchp_16.2.2__subsec_16.2.2.1__art_16.4__para_1">Artikel 16.4, eerste lid</tekst:IntRef> met betrekking tot het opzettelijk vangen of doden van in het wild levende zoogdieren op grond van de Omgevingswet (artikel 11.54 Bal) wordt het beleid voortgezet dat alleen de bosmuis en veldmuis zonder omgevingsvergunning mogen worden gevangen en gedood als dat nodig is voor het voorkomen van schade aan gewassen. Deze diersoorten zijn opgenomen in bijlage XI onder A.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_239__list_1__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_239__list_1__item_2">
		    <tekst:Al>Vrijstelling amfibie&#235;n en ringslangen ter veiligstelling tegen verkeer<tekst:br/>Naast
het overzetten van amfibie&#235;n worden er ook ringslangen verplaatst naar habitats
waar zij meer kans tot overleven hebben.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_240" wId="pv24_80__artrecital__content_240">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>16.2.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Activiteiten die houtopstanden betreffen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De
regels ter bescherming van houtopstanden zijn opgenomen in de Omgevingswet en
het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Artikel 4.4, eerste lid, van de Omgevingswet voorziet in de mogelijkheid om in de algemene maatregel van bestuur een meldingsplicht op te nemen. Op grond van de artikelen 4.5 en 4.6 van de Omgevingswet is in het Bal geregeld dat het bevoegd gezag maatwerkvoorschriften of maatwerkregels kan stellen ter afwijking van de algemene regels. Gedeputeerde Staten zijn het bevoegd gezag waaraan de melding moet worden gedaan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Anders
dan in de Wet natuurbescherming worden in het systeem van de Omgevingswet
regels over de wijze waarop door het Rijk voorgeschreven meldingen worden
gedaan, bij algemene maatregel van bestuur vastgesteld (artikel 16.88, eerste
lid, onder c, van de Omgevingswet) en niet door provinciale staten. Dit met het
oog op uniformiteit voor alle vanwege regelgeving van het Rijk te melden
activiteiten, zoals ten aanzien van digitalisering en de termijnen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het stellen van maatwerkregels door provincies geschiedt bij omgevingsverordening (artikel 4.6 van de Omgevingswet).</tekst:Al>
		<tekst:Al>De
bevoegdheid tot het opleggen van een kapverbod is in de systematiek van de
Omgevingswet als maatwerkvoorschrift of maatwerkregel opgelegd, ter afwijking
van de hoofdregel (meldingsplicht en plicht tot he</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Eisen aan de melding van een velling</tekst:i><tekst:br/>Gedeputeerde Staten dienen zich aan de hand van de gegevens die
de initiatiefnemer verstrekt, een goed beeld te kunnen vormen van de locatie,
aard en omvang van de houtopstand en de reden van de velling. Gedeputeerde
Staten zullen hiertoe een formulier vaststellen waarin de genoemde gegevens
verwerkt kunnen worden.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Termijnen voor meldingen</tekst:i><tekst:br/>De in artikel 11.126 van het Bal opgenomen termijn van minimaal
vier weken biedt Gedeputeerde Staten de gelegenheid om zo nodig een kapverbod
op te leggen. Wanneer de aanvrager een gerechtvaardigde reden heeft waarom hij
het voornemen tot velling niet minimaal 4 weken tevoren heeft gemeld, dan
kunnen Gedeputeerde Staten toestemming verlenen om voor het verstrijken van de
termijn van 4 weken tot velling over te gaan.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Eisen
aan herplantplicht</tekst:i><tekst:br/>Het doel van deze eisen is om de hoofddoelstelling, namelijk het niet achteruit laten gaan van de oppervlakte houtopstanden in Nederland, vorm te geven. Daarnaast is ook de kwaliteit van de houtopstanden van belang. Daarbij wordt gelet op de doelstellingen die de betreffende houtopstand kent. Van belang is bijvoorbeeld dat de houtopstand de functies voor natuur, landschap, houtproductie en recreatie in zekere mate evenwichtig kan vervullen. Gelet op deze punten, verdient het begrip &#x201c;bosbouwkundig verantwoord&#x201d; om breed uitgelegd te worden. Het gaat niet alleen om de houtteeltkundige kwaliteit van de houtopstand, maar ook om de natuur- en landschappelijke waarde.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Dat
roept de vraag op of de herplant van de houtopstand op enige manier ook een
relatie dient te hebben met de gevelde houtopstand. De Boswet stelde in de
toelichting dat de herplant in verhouding diende te staan tot het gevelde. Deze
koppeling wordt nu ook weer aangebracht. Derhalve is in artikel 8.27 sub f
gesteld dat de houtopstand tenminste vergelijkbare ecologische en
landschappelijke waarden moet kunnen vertegenwoordigen. Hiermee wordt niet
bedoeld dat er precies dezelfde soorten geplant moeten worden als er voor de
velling aanwezig waren; wel is het de bedoeling dat een houtopstand die een
ecologische waarde vertegenwoordigde ook na herplant weer ecologische waarden
kan herbergen. Hierbij is het toegestaan deze ecologische waarden uit te
wisselen. Als voorbeelden: Zo kan de inheemse loofboomsoort vervangen worden
door de andere inheemse loofboomsoort. Het is echter niet te de bedoeling om
een soortenrijk loofbos te vervangen door een soortenarme populieren plantage.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het
vellen van een houtopstand kan grote impact op de omgeving hebben. Het is
daarom van belang deze op zo kort mogelijke termijn te herstellen, zodat de
functie die de houtopstand vervulde ook snel weer hersteld wordt. Daarom worden
er eisen gesteld aan de oppervlakte, de te kiezen soorten (het kunnen vormen
van een volwaardige duurzame houtopstand) en het spoedig in sluiting kunnen
komen van het kronendak. Dit laatste behelst dat er voldoende plantmateriaal
gebruikt dient te worden of dat er voldoende zaailingen aanwezig zijn. Snel
groeiende soorten behoeven minder plantmateriaal per ha.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het
kunnen vormen van een duurzame en volwaardige houtopstand houdt in dat soorten
die gebruikt worden volledig tot wasdom kunnen komen op de bodem waarin ze
geplant worden. Het planten van schietwilg op droge zandgronden zal
bijvoorbeeld niet leiden tot een duurzame houtopstand, omdat bomen voortijdig
zullen afsterven en/of niet tot volle wasdom kunnen komen. Het zelfde geldt
bijvoorbeeld voor het gebruik van beuk op bodems met hoge stagnerende
grondwaterstanden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Naar
inzicht van Gedeputeerde Staten kan in bepaalde omstandigheden kleinschalige
verjonging gezien worden als een verzorgingsmaatregel die de blijvende
houtopstand kan bevorderen. Hiervan is sprake als de kwaliteit van de bestaande
houtopstand gering is of pleksgewijs is aangetast door ziekte of plaagdieren,
en met het oog op het verbeteren van de kwaliteit een verjonging van kleine
delen van de houtopstand wordt ingezet. Provinciale Staten trekken daarbij in
het eerste lid onder d de volgende grens. Het kappen van verjongingsgaten die
niet groter zijn dan 1,5 maal de boomhoogte en gezamenlijk niet meer beslaan
dan 10% van de oppervlakte van het bosperceel worden gezien als een dunning
waarvoor geen meldingsplicht aan de orde is. Wel is hier sprake van een
herplantplicht die binnen de gebruikelijke termijn dient te zijn ingevuld. Deze
regeling is specifiek bedoeld voor het realiseren van een gevarieerd vitaal
bos, door de inzet van verjonging. Het is niet toegestaan om andere doelen via
deze regeling te realiseren.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Boscompensatie</tekst:i><tekst:br/>Het uitgangspunt is dat na kappen, of anderszins verloren gaan
van bos, op dezelfde plek weer bos wordt aangeplant of spontaan kan ontstaan.
Soms zal de grond echter een andere bestemming krijgen. In dat geval kunnen
Gedeputeerde Staten ontheffing verlenen van de verplichting tot herplant van
dezelfde grond en toestaan dat op een andere plaats worden herplant. Voor deze
herplant gelden dezelfde eisen ten aanzien van een bosbouwkundig verantwoorde
uitvoering als bij herplant op het oorspronkelijke perceel. Om versnippering
van bos te voorkomen geldt voor bos groter dan 15 ha, dat compensatie er niet
toe mag leiden dat een bos kleiner dan 15 ha overblijft. In dat geval is alleen
compensatie mogelijk aangrenzend aan het bos.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_241" wId="pv24_80__artrecital__content_241">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>16.3.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Faunabeheereenheid</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Faunabeheereenheden vervullen in het huidige faunabeleid een essenti&#235;le rol, omdat zij zorgen voor een maatschappelijke en gebiedsgerichte inbedding van het faunabeheer. In het bestuur van de faunabeheereenheden zijn de maatschappelijke geledingen vertegenwoordigd die belang hebben bij de uitvoering van het faunabeleid, zoals jagers, de landbouwsector en de organisaties die natuurterreinen beheren. Provinciale Staten dienen bij verordening regels te stellen waaraan in hun provincie werkzame faunabeheereenheden dienen te voldoen. Deze regels hebben betrekking op de omvang en begrenzing van het werkgebied van de faunabeheereenheid. In de provincie Flevoland is een faunabeheereenheid werkzaam waarvan het werkgebied overeenkomt met het grondgebied van de provincie. In de verordening is deze situatie vastgelegd.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In de Omgevingswet en in de bijbehorende algemene maatregelen van bestuur (o.a. het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal) zijn regels opgenomen over faunabeheereenheden, wildbeheereenheden en faunabeheerplannen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_242" wId="pv24_80__artrecital__content_242">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>16.3.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Faunabeheerplan</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Uitgangspunt van het systeem van faunabeheer is dat er in een bepaald gebied gedurende een langere periode integraal beheer wordt gevoerd. Om dat te bereiken moet het faunabeheerplan gelden voor een deel van het werkgebied van de faunabeheereenheid dat groot genoeg is om een verantwoord en duurzaam faunabeheer te kunnen voeren in samenhang met schadebestrijding en de uitoefening van de jacht.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Schadebestrijding en beheer</tekst:i><tekst:br/>Voor het doden en vangen van in het wild levende dieren van beschermde soorten is in beginsel op grond van artikel 5.1, tweede lid van de Omgevingswet in beginsel een omgevingsvergunning voor een flora- en fauna-activiteit vereist.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Bij algemene maatregel van bestuur als bedoeld in artikel 5.1, tweede lid, van de Omgevingswet worden de diersoorten aangewezen die in het gehele land schade veroorzaken en waarvoor bij ministeri&#235;le regeling op grond van het voorgestelde nieuwe artikel 5.2, tweede lid, onder daarbij te stellen voorwaarden mag worden afgeweken van de vergunningplicht om deze te bestrijden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Provincies hebben de bevoegdheid om bij omgevingsverordening voor de door daarbij aan te wijzen soorten die in delen van het land schade veroorzaken, onder daarbij te stellen voorwaarden af te wijken van de vergunningplicht ( artikel 5.2, eerste lid van de  Omgevingswet).</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_243" wId="pv24_80__artrecital__content_243">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>16.4.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Wildbeheereenheid</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Op grond van de Omgevingswet geldt dat jachthouders met een jachtakte zich met anderen verplicht organiseren in een wildbeheereenheid, ter uitvoering van het door de faunabeheereenheid vastgestelde faunabeheerplan en om te bevorderen dat een duurzaam beheer van populaties van in het wild levende dieren, bestrijding van schadeveroorzakende dieren en jacht worden uitgevoerd in samenwerking met en ten dienste van grondgebruikers of terreinbeheerders. In de voormalige Wet natuurbescherming hebben de wildbeheereenheden een prominente rol gekregen. Het zijn over het algemeen de wildbeheereenheden die uitvoering zullen geven aan het faunabeheerplan. Zij zullen in de praktijk het beheer uitvoeren op grond van de omgevingsvergunning voor beheer en zij bevorderen dat de aangesloten jachthouders de jacht en de schadebestrijding uitvoeren overeenkomstig het faunabeheerplan en ten dienste van de grondgebruikers. Daarnaast adviseren de wildbeheereenheden de faunabeheereenheid over de inhoud van de faunabeheerplannen en leveren zij &#x2013;op basis van tellingen en een afschotregistratie&#x2013; de gegevens aan ten behoeve van het faunabeheerplan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De toekenning van deze taken en verantwoordelijkheden aan de wildbeheereenheden vindt haar rechtvaardiging in het feit dat deze samenwerkingsverbanden bij uitstek streekgebonden zijn. Om de wildbeheereenheden deze taken effectief te kunnen laten uitvoeren, is in de Omgevingswet voorzien dat alle van het geweer gebruikmakende jachthouders &#x2013;jachthouders met een jachtakte&#x2013; binnen het werkgebied van een wildbeheereenheid zich bij deze eenheid moeten aansluiten. Dit versterkt het streekgebonden karakter van schadebestrijding, beheer en jacht met het geweer nog verder. De wildbeheereenheden zijn gehouden uitvoering te geven aan het door de faunabeheereenheid vastgestelde faunabeheerplan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In de voormalige Omgevingsverordening Flevoland was in artikel 8.18 vastgelegd dat er in Flevoland maximaal vier wildbeheereenheden zijn. Ondanks deze bepaling was in Flevoland slechts &#233;&#233;n wildbeheereenheid werkzaam. Gebleken is dat dit niet goed is voor de regionale herkenbaarheid van de jachthouders, het duiden van faunaschade in de provincie en het verkrijgen van regio specifieke adviezen over faunabeheerplannen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Om dit te verbeteren heeft de provincie ervoor gekozen in de omgevingsverordening nadrukkelijk vast te leggen welke wildbeheereenheden er zijn en welk werkgebied zij hebben. Hier liggen de adviezen van de bestuurlijk verkenner Van Hemmen (2018), BIJ12 faunazaken (2020), Faunabeheereenheid (2020) en de Oprichtingscommissie drie of vier wildbeheereenheden (2021) aan ten grondslag.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Gekozen is voor de drie herkenbare regio&#x2019;s in Flevoland: Noordelijk Flevoland bevat het grondgebied van de gemeenten Noordoostpolder en Urk. De Knardijk is de grens tussen Oostelijk Flevoland en Zuidelijk Flevoland. De dijk Enkhuizen-Lelystad valt onder het werkgebied van Zuidelijk Flevoland. Bij besluit van 25 mei 2022 (zie provinciaal blad 2022, 7665) is vastgelegd in <tekst:IntRef ref="chp_16__title_16.4__subchp_16.4.1__art_16.18">Artikel 16.18</tekst:IntRef> van deze verordening welke wildbeheereenheden er zijn en welk werkgebied zij hebben.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_244" wId="pv24_80__artrecital__content_244">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>16.18</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Omvang en begrenzing werkgebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In de kern houdt de regeling in dat er sprake is van drie wildbeheereenheden. Doordat Flevoland wordt opgedeeld in 3 regio&#x2019;s wordt meer invulling gegeven aan de streekgebonden verschillen die er zijn tussen de regio&#x2019;s. Ook ontstaat er een gedetailleerder beeld van de regionale verschillen in schade aan gewassen en de afschotcijfers in de provincie. Dit is noodzakelijk voor de onderbouwing in de faunabeheerplannen en voor de juridische houdbaarheid van de besluiten. Er komt dus meer maatwerk op regioniveau.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Met het tweede lid wordt beoogt dat er geen enclaves ontstaan binnen een andere wildbeheereenheid.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Met het derde lid wordt beoogt om de streekgebonden werkgebieden vast te stellen, zodat er gewaarborgd is dat er 3 wildbeheereenheden komen van relatief gelijke omvang en met een duidelijk geografische begrenzing. Hierbij is ook rekening gehouden met de doorsnijding van bestaande jachtvelden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Werkgebied Noordelijk Flevoland betreft het land van de Gemeente Noordoostpolder en de Gemeente Urk. In het water loopt het werkgebied door in het IJsselmeer tot aan de voet van de dijk Enkhuizen &#x2013; Lelystad.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Werkgebied Oostelijk Flevoland betreft het landgebied ten oosten van de Knardijk in de gemeente Dronten, een deel van de Gemeente Lelystad en een klein stukje van de gemeente Zeewolde. In het water loopt het werkgebied door in het Ketelmeer en de randmeren (o.a. Vossenmeer, Veluwemeer) ten oosten van N302 (aquaduct).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Werkgebied Zuidelijk Flevoland betreft het landgebied ten westen van de Knardijk in de gemeenten Zeewolde, Lelystad en Almere. In het water loopt het werkgebied door in het Flevolands deel van de Markermeer (inclusief dijk Enkhuizen-Lelystad) en de randmeren (o.a. Wolderwijd, Gooimeer, Eemmeer, IJmeer) ten westen N302 (aquaduct).</tekst:Al>
		<tekst:Al>In de praktijk zal jacht, beheer en schadebestrijding vooral op het land optreden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_245" wId="pv24_80__artrecital__content_245">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>16.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Schade door in het wild levende dieren</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Artikel 15.17 van de Omgevingswet bepaalt dat gedeputeerde staten in voorkomende gevallen tegemoetkomingen verlenen in geleden schade door natuurlijk in het wild levende:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="expliciet" eId="artrecital__content_245__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_245__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_245__list_1__item_a" wId="pv24_80__artrecital__content_245__list_1__item_a">
		    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>vogels van vogelsoorten als bedoeld in artikel 1 van de Vogelrichtlijn, of</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_245__list_1__item_b" wId="pv24_80__artrecital__content_245__list_1__item_b">
		    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>dieren die worden genoemd in bijlage IV, onderdeel a, bij de Habitatrichtlijn, bijlage II bij het Verdrag van Bern, bijlage I bij het Verdrag van Bonn of de bijlage, onderdeel a, bij deze Wet natuurbescherming.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>Ter invulling van deze bevoegdheid stellen Gedeputeerde Staten beleidsregels vast.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In IPO-verband hebben de gezamenlijke provincies ervoor gekozen het verlenen van tegemoetkomingen in faunaschade te mandateren aan de uitvoeringsorganisatie BIJ12. Uit oogpunt van effici&#235;ntie is een landelijke uitvoering met &#233;&#233;n loket en gebundelde kennis te prefereren. Daarnaast wordt uniformiteit in de uitvoering en rechtsgelijkheid over heel Nederland nagestreefd. In een afzonderlijk besluit zijn de bevoegdheden met betrekking tot het verlenen van tegemoetkomingen gemandateerd aan BIJ12.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>De aanvraag om tegemoetkoming</tekst:i><tekst:br/>Op grond van artikel 4:1 van de Algemene wet bestuursrecht wordt de aanvraag schriftelijk ingediend. Aan de eis van schriftelijkheid wordt ook voldaan als de aanvraag langs elektronische weg wordt gedaan. Vereist is dat de schade zo spoedig mogelijk (binnen 7 werkdagen) bij BIJ12 wordt gemeld. BIJ12 is dan in de gelegenheid een taxateur ter plaatse een onderzoek naar de schadeveroorzakende diersoorten en de omvang van de schade te laten instellen.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Taxatie van de schade</tekst:i><tekst:br/>BIJ12 heeft een raamovereenkomst met taxatiebureaus die schade veroorzaakt door in het wild levende beschermde dieren taxeren. De taxateur zal zijn bevindingen direct na de eindtaxatie bij de grondgebruiker achterlaten of deze zo spoedig mogelijk toesturen. Voorzien is in de mogelijkheid dat de aanvrager zijn opmerkingen over de taxatie kan vermelden, dat de taxateur die opmerkingen van commentaar voorziet en dat de aanvrager kennis kan nemen van het commentaar van de taxateur.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Een en ander wordt nader uitgewerkt in de beleidsregels.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_246" wId="pv24_80__artrecital__content_246">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>17.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De provincie Flevoland
constateerde in 2019 een toenemende maatschappelijke onrust over de toename van
het aantal geiten. Die onrust houdt onder meer verband met de negatieve
gevolgen van geitenhouderijen voor de volksgezondheid. Aanleiding is een aantal
onderzoeken en adviezen van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu
(RIVM) en GGD's, waaronder het in augustus 2016 verschenen RIVM-rapport
Veehouderij en gezondheid omwonenden (VGO-1)) en het in juni 2017 verschenen
RIVM-rapport Veehouderij en gezondheid omwonenden (aanvullende studies):
Analyse van gezondheidseffecten, risicofactoren en uitstoot van bio-aerosolen
(VOG-2). Die onderzoeken tonen aan dat er een mogelijke samenhang is tussen
geitenhouderijen en longontsteking bij omwonenden binnen een straal van 2
kilometer rondom een geitenhouderij. Zodra de precieze oorzaken van de
gezondheidseffecten duidelijk zijn, wordt ook duidelijk of, en zo ja welke,
(bedrijfs-)maatregelen genomen kunnen worden. Zolang er onduidelijkheid bestaat
over de precieze oorzaken, is het vanuit het voorzorgprincipe nodig dat er een
stop komt op de ontwikkelingsmogelijkheden voor geitenhouderijen. Zie het
Omgevingsprogramma Flevoland (paragraaf 1.2.1.6 en plan-ID
NL.IMRO.9924.GeconsOPFlevoland-GV01) voor meer achtergrondinformatie.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Aanvullend wordt opgemerkt dat op
27 oktober 2020 GGD-richtlijn Veehouderij en gezondheid is gepubliceerd. De GGD
heeft twee uitgangspunten bij zijn adviezen. De eerste is voorzorg: wees
terughoudend met het plaatsen van gevoelige bestemmingen en veehouderijen
binnen 250 meter van elkaar (bij geitenhouderijen binnen 2 kilometer).
Gevoelige bestemmingen zijn bijvoorbeeld woningen, scholen, en ziekenhuizen.
Het tweede uitgangspunt is het streven om de uitstoot van geur, stof,
endotoxinen (kleine stukjes bacteri&#203;n) en ammoniak van veehouderijen te
verminderen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Omdat nog onbekend is waardoor
mensen die wonen in de buurt van geitenhouderijen vaker een longontsteking
hebben, zijn in opdracht van het Rijk in 2019 verschillende
vervolgonderzoeken gestart door de RIVM, Nederlands Instituut voor onderzoek
van de gezondheidszorg (NIVEL), Wageningen University &amp; Research (WUR) en
het Institute for Risk Assessment Sciences van de Universiteit van Utrecht
(IRAS). Onderzoek naar oorzaken van longontstekingen rond geitenhouderijen (VGO
III) bestaat uit verschillende onderdelen. Hierin wordt onderzocht welke
ziekteverwekkers longontstekingen veroorzaken, aan welke ziekteverwekkers
geitenhouders blootstaan (of hebben gestaan) en worden onder meer veegmonsters
en luchtmonsters op geitenhouderijen genomen. Hiermee willen de onderzoekers
achterhalen waarom mensen die wonen in de buurt van geitenhouderijen vaker een
longontsteking hebben. De deelprojecten zijn als gevolg van de COVID-19
epidemie later gestart in september 2020 en de resultaten worden naar
verwachting eind 2022 gepubliceerd. Mogelijk leidt dit vervolgonderzoek naar
het verband tussen geitenhouderijen en een groter aantal longontstekingen voor
omwonenden tot nieuwe inzichten. Indien uit dit landelijk onderzoek oorzaken
van de ziektelast door geitenhouderijen blijken en er zicht is op
oplossingsgerichte maatregelen, kan besloten worden in hoeverre en op welke
wijze dit hoofdstuk van de omgevingsverordening wordt aangepast.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het kader van het provinciaal belang van het beschermen en realiseren van een gezonde en veilige leefomgeving heeft de provincie er voor gekozen om provinciebreed met een doelmatige en doeltreffende regeling te komen. Uit voorzorg voor de gezondheid van omwonenden in samenhang met de provinciale zorg voor een veilige en gezonde fysieke leefomgeving en de daarmee verbonden bevordering van de kwaliteit van de leefomgeving, waaronder de volksgezondheid, hebben Provinciale Staten van Flevoland d.d. 30 januari 2019, nr. 2368315 en plan-ID NL.IMRO.9924.VBGeitenstop-VA01, met een voorbereidingsbesluit de verdere ontwikkeling van geitenhouderijen tijdelijk verboden op het grondgebied van de provincie (geitenstop). Dit voorbereidingsbesluit is inwerking getreden op 2 februari 2019.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Dit hoofdstuk in de omgevingsverordening bouwt voort op dit voorbereidingsbesluit. Met de inwerkingtreding van het hoofdstuk Geitenhouderijen in de Omgevingsverordening Flevoland per 1 augustus 2019 is het voorbereidingsbesluit van rechtswege (artikel4.1, vijfde lid, van de Wet ruimtelijke ordening) vervallen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De geitenstop bestaat uit het verbod op nieuwvestiging van geitenhouderijen (oprichten, vestigen e.d.) en op uitbreiding van bestaande geitenhouderijen voorzover gelegen binnen een straal van twee kilometer van de rand van een woonkern (de vrijwaringszone geitenhouderijen).</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_247" wId="pv24_80__artrecital__content_247">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>17.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Tijdelijke Geitenstop</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al><tekst:i>Eerste
en tweede lid.</tekst:i><tekst:br/>Deze
artikelleden bevatten rechtstreeks voor de geitenhouderij geldende verboden. De
verboden betreffen (eerste lid) de nieuwvestiging van geitenhouderijen en
(tweede lid) de uitbreiding van bestaande geitenhouderijen gelegen binnen een
straal van 2 kilometer van de rand van een woonkern. Deze regels zijn gesteld
met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties als bedoeld
in artikel 4.2, tweede lid Omgevingswet (voorheen artikel 4.1, derde lid Wet
ruimtelijke ordening). Gekozen is voor een combinatie met instructieregels
(<tekst:IntRef ref="chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1__art_17.4">Artikel 17.4</tekst:IntRef>) als bedoeld in artikel 2.22, eerste lid Omgevingswet. Het in deze vorm stellen van de
regels in voorkomt dat de Flevolandse gemeenten al direct bij de
inwerkingtreding van de Omgevingswet in de omgevingsverordening gestelde
instructieregels zouden moeten hebben vertaald in alle omgevingsplannen. Dat
zou niet doelmatig en doeltreffend zijn en ook de overgangstermijn doorkruisen waarin
gemeenten kunnen toewerken naar een volledig en samenhangend omgevingsplan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Deze verboden continueren het al
in het voorbereidingsbesluit opgenomen verbod, dat voor alle duidelijkheid wat
meer is uitgewerkt dan de in het voorbereidingsbesluit gebruikte algemene
formulering. Beoogd is een bevriezing van de op de dag van inwerkingtreding van
het voorbereidingsbesluit legaal bestaande situatie. De peildatum is daarmee 2
februari 2019.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Eerste</tekst:i> lid<tekst:br/>Verboden is
de nieuwvestiging van geitenhouderijen. De term 'geitenhouderij' lijkt op
zichzelf voldoende duidelijk en wordt in de verordening niet anders bedoeld dan
in het gangbare spraakgebruik. Het toevoegen van een begripsbepaling voor
'geitenhouderij' is nodig om de toepassing van het verbod tot nieuwvestiging
(<tekst:IntRef ref="chp_17__title_17.2__art_17.3__para_1">Artikel 17.3, eerste lid</tekst:IntRef>) en uitbreiding (<tekst:IntRef ref="chp_17__title_17.2__art_17.3__para_2">Artikel 17.3, tweede lid</tekst:IntRef>) toe te
snijden op geitenhouderijen van een bepaalde omvang. Voor het bepalen van de
ondergrens van deze omvang heeft Flevoland in 2019 aansluiting gezocht bij
regelgeving en jurisprudentie. Voor het aantal geiten dat gehouden kan worden,
bieden de artikelen 1.18 en 3.111 van het Activiteitenbesluit milieubeheer een
duidelijke aanwijzing. In die artikelen wordt als ondergrens het houden van 10
geiten genoemd. De ondergrens van 10 geiten wordt bovendien door meerdere
provincies gehanteerd bij de geitenstop. Bij deze ondergrens heeft de provincie
aansluiting gezocht.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het op kleine schaal houden van
geiten, zoals kinderboerderijen met minder dan 10 geiten, valt niet onder deze
begripsbepaling en daarmee dus ook niet onder het verbod tot nieuwvestiging en
uitbreiding.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Onder de definitie van
geitenhouderij vallen eveneens gemengde veehouderijbedrijven en agrarische
bedrijven, waarbinnen het houden van geiten niet de hoofdzaak van de bedrijfsvoering
inhoudt. De regeling geldt voor de geitenhouderij als geheel, ongeacht de
verschijning in de vorm van grondgebonden, intensief en biologisch. Hieruit
volgt dat het (geheel of gedeeltelijk) wijzigen van (gemengde)
veehouderijbedrijven en/of agrarische bedrijven met de ontwikkeling van een
nieuwe (neven-)tak voor het houden van 10 geiten of meer eveneens verboden is.
Een dergelijke ontwikkeling is gelet op de definitie van geitenhouderij op te
vatten als nieuwvestiging.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor alle duidelijk wordt nog opgemerkt
dat met 'geiten' de soortnaam wordt bedoeld. Onder de term 'geitenhouderij'
valt dus ook de 'bokkenhouderij'.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Tweede lid</tekst:i><tekst:br/>Bestaande geitenhouderijen
gelegen buiten de straal van twee kilometer van de rand van een woonkern mogen
uitbreiden, uiteraard mits de uitbreiding voldoet aan een veilige en gezonde
fysieke leefomgeving (en daarmee juridisch planologisch inpasbaar) en voor de
uitbreiding een omgevingsvergunning kan worden verleend.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Om duidelijk te maken hoever de
geitenstop reikt, is een definitie van bestaande geitenhouderij opgenomen. Deze
definitie beschrijft de legaal geldende situatie per de peildatum 2 februari
2019. Hiermee wordt gedoeld op geitenhouderijen die op dat moment enerzijds in
overeenstemming zijn met het bestemmingsplan of met een omgevingsvergunning
voor het afwijken van het bestemmingsplan &#200;n anderzijds voor alle onderdelen
beschikken over de benodigde omgevingsvergunningen op grond van de Wet algemene
bepalingen omgevingsrecht (bouwen, milieu, beperkte milieutoets) dan wel in
werking zijn conform een melding op grond van het Activiteitenbesluit
milieubeheer. Deze legale bestaande geitenhouderijen mogen uitbreiden,
uiteraard mits de uitbreiding voldoet aan een veilige en gezonde fysieke
leefomgeving (en daarmee juridisch planologisch inpasbaar) en voor de
uitbreiding een omgevingsvergunning kan worden verleend.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De legaal geldende situatie kan
echter afwijken van de feitelijke situatie. De situatie kan zich bijvoorbeeld
voordoen dat er sprake is van een geitenhouderij waarvoor een
omgevingsvergunning onderdeel milieu (artikel 2.1, eerste lid onder e en i, van
de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht) is afgegeven, die niet voldoet aan
de planologische situatie. Anderzijds is het mogelijk dat voor een situatie die
past binnen het bestemmingsplan mogelijk geen omgevingsvergunning onderdeel
milieu is verleend of een melding Activiteitenbesluit milieubeheer is gedaan.
Tenslotte kan er ook sprake zijn van strijdigheid ten aanzien van het
bestemmingsplan in combinatie met het ontbreken van de benodigde
omgevingsvergunning(en). Het moge duidelijk zijn dat deze geitenhouderijen niet
vallen onder de definitie van bestaande geitenhouderijen en als gevolg daarvan
niet mogen uitbreiden.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1__art_17.4">Artikel 17.4</tekst:IntRef> staat geen afwijking van het omgevingsplan toe en dus kan ook geen omgevingsvergunning voor een omgevingsplanactiviteit worden verleend (artikel 5.1, eerste lid, onder a, van de Omgevingswet).</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Derde
lid</tekst:i><tekst:br/>Totdat een onherroepelijk omgevingsplan in overeenstemming is met de verboden van <tekst:IntRef ref="chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1__art_17.4__para_1">Artikel 17.4, eerste lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1__art_17.4__para_2">Artikel 17.4, tweede lid</tekst:IntRef>, geldt <tekst:IntRef ref="chp_17__title_17.2__art_17.3__para_3">Artikel 17.3, derde lid</tekst:IntRef> als rechtstreeks werkende regel met het oog op een evenwichtige toedeling van functies aan locaties als bedoeld in artikel 4.2, tweede lid Omgevingswet (voorheen artikel 4.1, derde lid Wet ruimtelijke ordening). Hiermee wordt er voor gezorgd dat -als onverhoopt de onderzoeken (zie de toelichting bij <tekst:IntRef ref="chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1__art_17.4">Artikel 17.4</tekst:IntRef>) geen
duidelijkheid bieden over de precieze oorzaak van de verhoogde kans op
longontsteking- de tijdelijke verbodsbepaling in de omgevingsverordening en de
implementatie daarvan in de omgevingsplannen naadloos (in de tijd) op elkaar
aansluiten.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_248" wId="pv24_80__artrecital__content_248">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>17.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels omgevingsplan</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al><tekst:i>Eerste en derde lid</tekst:i><tekst:br/>Gekozen is voor een combinatie van rechtstreeks werkende regels (<tekst:IntRef ref="chp_17__title_17.2__art_17.3">Artikel 17.3</tekst:IntRef>) met instructieregels als bedoeld in artikel 2.22, eerste lid Omgevingswet. <tekst:IntRef ref="chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1__art_17.4__para_1">Artikel 17.4, eerste lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1__art_17.4__para_3">Artikel 17.4, derde lid</tekst:IntRef> bevatten de inhoudelijke instructieregels aan de gemeenten om de geitenstop in het omgevingsplan op te nemen. Het omgevingsplan dient (eerste lid) de nieuwvestiging van geitenhouderijen en (derde lid) de uitbreiding van bestaande geitenhouderijen gelegen in de vrijwaringszone geitenhouderijen uit te sluiten. De rechtstreeks werkende regels van <tekst:IntRef ref="chp_17__title_17.2__art_17.3">Artikel 17.3</tekst:IntRef> gelden zolang en voor zover gemeenten nog geen uitvoering hebben gegeven aan de instructieregels (<tekst:IntRef ref="chp_17__title_17.2__art_17.3__para_3">Artikel 17.3, derde lid</tekst:IntRef>).</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Tweede lid</tekst:i><tekst:br/>In onderzoeken en adviezen van het RIVM en GGD&#x2019;s zijn mogelijke gezondheidsrisico&#x2019;s aangetoond voor omwonenden rondom geitenhouderijen. Deze risico&#x2019;s zijn met name aanwezig in een straal van twee kilometer van de rand van een woonkern. Daarom is aanvullend op de inhoudelijke instructieregels van het eerste en derde lid een instructie opgenomen om in de omgevingsplannen een vrijwaringszone op te nemen bestaande uit een zone van 2 kilometer rondom de in Flevoland aanwezige woonkernen gemeten vanaf de rand van de woonkern.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor de definitie van het begrip woonkern is aangesloten bij het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS). Onder deze definitie kunnen in de Flevolandse situatie ook ontwikkelingen vallen woonmilieus zoals landgoederen en de objecten waar permanente bewoning is toegestaan. Aanvullend daarop zijn bekende toekomstige ontwikkelingen bij Almere en Zeewolde (Oosterwold) en in Noordoostpolder (Wellerwaard) beschermd door in de definitie te verwijzen naar de Intergemeentelijke structuurvisie Oosterwold (NL.IMRO.0034.SV5ADEHVZ01-vg01 / NL.IMRO.0050.ISVOosterwold-VS01) en het bestemmingsplan Wellerwaard &#x2013; parti&#235;le herziening (NL.IMRO.0171.BP00560-VS01).</tekst:Al>
		<tekst:Al>De geometrische begrenzing van de vrijwaringszone moet worden vastgelegd in een werkingsgebied. De in dit gebied geldende regels, in ieder geval het verbod op het uitbreiden van bestaande geitenhouderijen, zijn gekoppeld aan het werkingsgebied. Dit maakt het mogelijk dat in het DSO bij een klik op de kaart alleen de in de vrijwaringszone geitenhouderijen geldende regels zichtbaar worden.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Vierde lid</tekst:i><tekst:br/>Gelet op artikel 2.23, derde lid, Omgevingswet kan bij instructieregels een termijn worden gesteld waarbinnen aan de instructie uitvoering moet zijn gegeven. Binnen de systematiek van de Wet ruimtelijke ordening gold hiervoor een termijn van &#233;&#233;n jaar na inwerkingtreding van de verordening, dus oorspronkelijk tot 1 augustus 2020. Omdat de verwachting is dat het verbod slechts tijdelijk van aard is, wil de provincie onnodige administratieve lasten bij gemeenten voorkomen. Daarom is in 2019 in <tekst:IntRef ref="chp_17__title_17.3__subchp_17.3.1__art_17.4__para_3">Artikel 17.4, derde lid</tekst:IntRef> de onder de Wet ruimtelijke ordening verplichte termijn van &#233;&#233;n jaar verlengd tot 1 januari 2024. Deze datum is destijds gekozen door twee jaar op te tellen bij de verwachte datum van publicatie van het rapport van het RIVM/IRAS per januari 2022. Dit in verband met de benodigde tijd voor het opstellen, vaststellen en onherroepelijk worden van een bestemmingsplan voor het landelijk gebied.<tekst:br/>Inmiddels is bekend dat de resultaten van de onderzoeken waarschijnlijk eind 2022 worden gepubliceerd, een jaar later dan werd aangenomen. In verband hiermee is de termijn waarbinnen gemeenten uitvoering aan de instructie moet hebben gegeven aangepast in 1 januari 2025.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In de tussentijd geldt <tekst:IntRef ref="chp_17__title_17.2__art_17.3">Artikel 17.3</tekst:IntRef>. Hiermee wordt er voor gezorgd dat &#x2013;als onverhoopt de onderzoeken geen duidelijkheid bieden over de precieze oorzaak van de verhoogde kans op longontsteking&#x2013; de tijdelijke verbodsbepaling in de omgevingsverordening en de implementatie daarvan in de omgevingsplannen naadloos (in de tijd) op elkaar aansluiten.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_249" wId="pv24_80__artrecital__content_249">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>18.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemeen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Op voorstel van Nederland is het internationale
Scheepsafvalstoffenverdrag (CDNI) in juni 2017 aangepast om het varend
ontgassen zo snel mogelijk overal in Nederland te stoppen is. Met dit besluit
wordt het varend ontgassen van de meeste gevaarlijke stoffen op termijn
verboden. In drie tranches zal het verbod op steeds meer stoffen van toepassing
worden verklaard (1e fase 2020, 2de fase in 2022 en laatste fase 2023). Er is
voor een gefaseerde invoering gekozen omdat de andere lidstaten bezorgd waren
dat de benodigde voorzieningen om te ontgassen anders niet tijdig beschikbaar
zouden zijn. In principe wordt in het CDNI de lijn van de provinciale
verordening gevolgd, waarbij eerst motorbrandstoffen en benzeen worden
verboden, vervolgens alle meer dan 10%-benzeen houdende stoffen en tenslotte
alle andere vervoerde gevaarlijke stoffen met een dampspanning van meer dan
5kPa. Het provinciale verbod kan (tijdelijk) nog naast het landelijk verbod
bestaan omdat in de eerste en tweede fase sowieso (nog) niet alle stoffen
worden verboden die wel in de het provinciale verbod zijn meegenomen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De inwerkingtreding van de wijziging van CDNI is afhankelijk
van de bekrachtiging, aanvaarding of goedkeuring door de laatste
verdragsluitende partij. Na deze inwerkingtreding zullen de diverse
verplichtingen gefaseerd van kracht worden. De wijziging van de CDNI zal worden
in ge&#207;mplanteerd in het Scheepsafvalstoffenbesluit en uiteindelijk in het
Besluit activiteiten leefomgeving. De regels over ontgassen in de provinciale
verordening zullen na het van kracht worden van de landelijke
uitvoeringsregelgeving voor benzeen en benzeenhoudende koolwaterstoffen van
rechtswege komen te vervallen en/of kunnen worden ingetrokken. Indien de
landelijke regelgeving net als de internationale regels ten aanzien van benzeen
en benzeenhoudende koolwaterstoffen gefaseerd in werking treden, zullen de
provinciale regels ook (in fasen) worden ingetrokken.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_250" wId="pv24_80__artrecital__content_250">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>18.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Oogmerk</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De specifieke regels voor het ontgassen hebben gevolg voor de fysieke leefomgeving en zijn gesteld met het oog op de doelen van de Omgevingswet (artikel 4.1, eerste lid Omgevingswet).</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_251" wId="pv24_80__artrecital__content_251">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>18.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Verbodsbepaling</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De verbodsbepaling is gericht tot de vervoerder en de
schipper en strekt zich in het grondgebied van Flevoland. Met name de
Buitendijkse openbare vaarwegen (de verlengde ARA [Antwerpen, Rotterdam,
Amsterdam] route, de vaargeul Amsterdam-Lemmer en vice versa inclusief de route
Randmeren) wordt vaak door de beroepsvaart gevaren, maar dit kunnen tevens
andere vaarwegen binnen Flevoland zijn.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het is wenselijk aan te geven bij welke concentratiegrens
een ladingtank voor belading als gasvrij kan worden beschouwd. Een ladingtank
zal nooit helemaal vrij zijn van vorige ladingrestanten, alleen al omdat resten
achterblijven in de scheepswand en daaruit na verdamping weer vrijkomen. Er is
gekozen voor een concentratie van restladingsdamp van 10% onder de onderste
explosiegrens.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Een concentratie van die damp van 10% of meer onder de
onderste explosiegrens is voor de naleving van een aantal voorschriften van het
ADN maatgevend. Grofweg gaat het om 90 procent emissiereductie. Dit betekent
dat we met een dergelijk verbod gaan van een enorme naar een beperkte
overschrijding op water. Voor de concentratie restladingdamp van 10% of meer
onder de onderste explosiegrens is gekozen omdat dit in de praktijk uitvoerbaar
is en kan rekenen op de steun van de schippers en bedrijven. Een dergelijke
aanpak is ook in lijn met de voorgestelde toekomstige (inter)nationale
regelgeving.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Dat neemt niet weg dat ook met het behalen van 90 %
emissiereductie nog een flinke hoeveelheid benzeen in de ladingtank
achterblijft die uiteindelijk in de atmosfeer terecht komt. De concentratie is
honderdduizend keer hoger dan de grenswaarde op grond van de Europese
regelgeving voor luchtkwaliteit en ongeveer 5.000 keer hoger dan de maximaal te
emitteren concentraties benzeen voor installaties op het land. De situatie op
land is anders dan op water: op land geldt een minimalisatieplicht, terwijl op
water door de wetgever niets geregeld was.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_252" wId="pv24_80__artrecital__content_252">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>18.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Voorafgaande belading</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.2__art_18.4">Artikel 18.4</tekst:IntRef> bevat een aantal gevallen
waarin het verbod, om een milieubelastende activiteit te verrichten voor zover
het gaat om het ontgassen van een ladingtank, niet van toepassing is. Dit houdt
verband met de veronderstelling dat de concentratie benzeen en benzeenhoudende
koolwaterstoffen van de restladingdamp in de ladingtank dan lager is dan 10%
onder de onderste explosiegrens of in ieder geval voldoende laag is. Ten eerste
wordt verondersteld dat dit het geval is wanneer kan worden aangetoond dat de
drie voorafgaande ladingen niet bestonden uit benzeenhoudende restladingdampen.
Van belang daarbij is onder meer het vervoerdocument, zoals omschreven in het
ADN. Ook is het ontgassingsverbod niet van toepassing wanneer kan worden
aangetoond dat de tank van het schip bij de voorafgaande belading voor meer dan
95% gevuld was met een andere stof dan waarop het verbod van toepassing is. Ook
dan wordt verondersteld dat de restladingdamp in de ladingtank verwaarloosbare
concentraties benzeen en benzeenhoudende koolwaterstoffen bevat. De vullingsgraad
van een tank kan worden aangetoond met behulp van de tanktabel en de
ladingpapieren die op elk schip aanwezig zijn. De vullingsgraad wordt bepaald
door per tank het volume van de lading conform de ladingspapieren te delen door
het volume van de tank.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_253" wId="pv24_80__artrecital__content_253">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>18.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Veiligheidsredenen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Ontgassen is wel toegestaan bij
drukverevening om veiligheidsredenen. De noodzaak tot drukverevening kan aan de
orde zijn bij toenemende temperaturen en daarmee toenemende druk in de
ladingtank van het schip. Drukverevening om veiligheidsredenen kan ook aan de
orde zijn bij metingen en monsternames. De dampen verlaten dan via de
veiligheidsoverdrukkleppen de tank. Ook bij calamiteiten kan het ontgassen aan
de orde zijn. Calamiteiten met een schip kunnen zich altijd voordoen en het zou
de veiligheid niet ten goede komen om marktpartijen te verplichten om tijdens
een calamiteit of gedurende de herstelwerkzaamheden na een calamiteit de
benzeenhoudende restladingdampen in de ladingtank van het schip te houden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_254" wId="pv24_80__artrecital__content_254">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>18.6</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Beoordelingsregels ontgassen ladingtank</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Provinciale Staten hebben aan Gedeputeerde Staten enkele bevoegdheden opgelegd, welke in <tekst:IntRef ref="chp_18__title_18.2__subchp_18.2.3__art_18.6">Artikel 18.6</tekst:IntRef> zijn opgesomd als instructieregels aan Gedeputeerde Staten.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Met de komst van de Omgevingswet komt het instrument ontheffing te vervallen. De omgevingsvergunning komt in de plaats van de nu soms gehanteerde ontheffing. Een vergunning is een beschikking waarbij een bepaalde handeling wordt toegestaan. Een vergunning heeft dus een ruimere strekking dan een ontheffing. Op dit moment kan nog niet geheel worden voorzien wanneer naleving van het ontgassingsverbod, buiten de in hoofdstuk 18 genoemde gevallen, in redelijkheid niet kan worden verlangd. Daarom is dan ook voorzien in de mogelijkheid van een door Gedeputeerde Staten te verlenen omgevingsvergunning voor een individuele situatie.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het is denkbaar dat door ontwikkelingen, zoals een technische verbetering van de dampverwijdering, deze norm naar een niveau kan worden teruggebracht vergelijkbaar met die voor installaties op het land. Een dergelijke bijstelling kan dan plaatsvinden via een besluit van Gedeputeerde Staten.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_255" wId="pv24_80__artrecital__content_255">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>19.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemeen schaliegas</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De regeling voor schaliegas heeft als doel dat bij het opsporen en winnen van schaliegas en schalieolie de provinciale belangen niet worden geschaad.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Schaliegas en schalieolie is aardgas of aardolie dat in andere soorten gesteenten en lagen zit opgesloten dan conventioneel aardgas en aardolie. Daardoor moet het met andere, intensievere technieken gewonnen worden. Schaliegas is aardgas, dat rechtstreeks uit het gas- of moedergesteente wordt gewonnen. Dit betreft merendeels kleisteen met een zeer slechte doorlatendheid. Schalieolie is olie, die rechtstreeks uit het moedergesteente wordt gewonnen. Om de gas-/oliestroom op gang te brengen dient het gesteente gestimuleerd te worden, bijvoorbeeld door "hydraulic fraccing". Hierbij wordt het (klei-)gesteente onder hoge druk gebroken.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Op dit moment is nog niet aangetoond dat de opsporing en winning van schaliegas en -olie veilig kan. Zowel het opsporen als het winnen van schaliegas of -olie kan effecten hebben op vele andere belangen die in het gebied spelen. De vergunningverlening ten behoeve van het opsporen en winnen van aardgas en aardolie is geregeld in de Mijnbouwwet. Deze wet is vooral geschreven vanuit economische en technische motieven. Inmiddels is de wetgeving aangepast. De aspecten waarop gelet wordt vanwege de Mijnbouwwet is verbreed en er is een vergunningplicht voor milieu ge&#207;ntroduceerd.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het Rijk (minister van EZK) is bevoegd gezag voor een opsporingsvergunning en een winningsvergunning op grond van de Mijnbouwwet. De provincie (GS) heeft adviesrecht en dient daarbij de relevante colleges van burgemeester en wethouders en het dagelijks bestuur van het waterschap in dat advies te betrekken. Gemeenten en waterschap kunnen dus indirect hun advies geven. De minister kan de vergunning weigeren of voorwaarden en beperkingen aan de vergunning verbinden vanwege veiligheid van omwonenden of het voorkomen van ernstige schade aan gebouwen of infrastructurele werken of de functionaliteit daarvan, het planmatig gebruik of beheer van delfstoffen, aardwarmte en andere natuurlijke rijkdommen (waaronder grondwater met het oog op de drinkwatervoorziening), de nadelige gevolgen voor het milieu, de nadelige gevolgen voor de natuur en het belang van de landsverdediging.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Vervolgens is voor daadwerkelijke winning een goedgekeurd winningsplan vereist. De minister van EZK is degene die winningsplannen goedkeurt. Voordat de minister daarover een besluit neemt, hebben zowel provincies, gemeenten als waterschappen elk een adviesrecht.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Onder de Omgevingswet zijn de milieugevolgen voor mijnbouwactiviteiten geregeld in het Besluit activiteiten leefomgeving (Bal). Het Rijk (minister van EZK) is het bevoegd gezag voor de milieubelastende activiteiten van een mijnbouwwerk. Daarbij geldt het als magneetactiviteit, zodat ook de andere omgevingsvergunningen die nodig zijn, in de omgevingsvergunning voor de milieubelastende activiteit opgaan. Gemeente, provincie en waterschap hebben bij de omgevingsvergunning voor een milieubelastende mijnbouwactiviteit adviesrecht. GS hebben adviesrecht als het gaat om aanleg van een boorgat of het winnen van delfstoffen of aardwarmte. Als er afgeweken wordt van het omgevingsplan heeft de gemeenteraad (van de gemeente waar het project in hoofdzaak is gelegen) advies met instemming. Het waterschap heeft adviesrecht voor lozingen op het riool vanuit een mijnbouwwerk.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Als de opsporing of winning geprojecteerd is in of onder een Natura 2000-gebied of een nationaal natuurgebied als bedoeld in de Wet natuurbescherming, moet het Rijk hiervoor een projectbesluit opstellen. Het projectbesluit is de opvolger van de Rijksco&#246;rdinatieregeling. Bij de projectprocedure kunnen regels uit de omgevingsverordening, omgevingsplan of waterschapsverordening buiten toepassing worden gelaten. Dat kan wanneer deze regels onevenredig belemmerend werken voor de uitvoering van het projectbesluit en wanneer hiervoor dringende redenen bestaan. Bijvoorbeeld voor uitvoeringsbesluiten zoals het verlenen van een omgevingsvergunning voor een milieubelastende mijnbouwactiviteit. In het projectbesluit moet verantwoord worden hoe participatie was vormgegeven en wat met de inbreng is gedaan. Tegen een besluit tot vaststelling van een projectbesluit staat voor belanghebbenden beroep open bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Provinciaal belang in relatie tot schaliega</tekst:i><tekst:i>s</tekst:i><tekst:br/>Omdat de bodem de grond is van ons bestaan en veel eigenschappen van de bodem en ondergrond niet hernieuwbaar zijn en gebruik ervan vaak eenmalig en onomkeerbaar is, is ten aanzien van het opsporen en winnen van schaliegas en -olie grote zorgvuldigheid geboden. Ook om in de toekomst gebruik te blijven maken van het grote potentieel van de ondergrond, is duurzaam beheer van bodem en ondergrond nodig. Tevens hebben alle opsporings- en winningsactiviteiten die in de ondergrond plaatsvinden bovengrondse effecten en risico's, bijvoorbeeld op leefbaarheid, bereikbaarheid, veiligheid, ruimtelijke ordening, natuur, milieu, cultuurhistorie en landschap. Maar ook op regionaal economische ontwikkelingen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Gelet op de provinciale rol en taakopvatting inzake duurzaamheid, de kwaliteit van de leefomgeving, een goede ruimtelijke ordening en evenwichtige toedeling van functies aan locaties, acht de provincie zich verantwoordelijk voor het beschermen van deze ondergrondse en bovengrondse belangen tegen risico's en negatieve effecten. Vanuit het voorzorgsprincipe wil de provincie negatieve effecten ten gevolge van onder andere schaliegasboringen zoveel mogelijk voorkomen. Ontwrichting is in ieder geval niet toelaatbaar. De provinciale belangen zijn neergelegd in beleid, politieke opvattingen (zoals moties) en landelijke en provinciale regelgeving. Deze worden samengevat in een zogenoemde lijst van provinciale belangen die GS vaststelt en actueel houdt.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Gelet op de hiervoor geschetste provinciale belangen was in de omgevingsverordening een regeling opgenomen die deels ge&#235;nt was op de Wet ruimtelijke ordening (Wro) en deels ge&#235;nt op de autonome verordenende bevoegdheid van de provincie, voor zover die niet valt onder de Wet milieubeheer.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Gelet op de huidige Mijnbouwwet en de Omgevingswet, moet er vanuit worden gegaan dat de regeling voor milieubelastende activiteiten uitputtend in de wetgeving is geregeld. Dat houdt in dat in de provinciale omgevingsverordening hiervoor geen vergunningsplicht meer kan worden opgenomen. Met betrekking tot een evenwichtige toedeling van functies, lijkt die ruimte nog wel te bestaan. Daarom zijn de instructieregels voor een (Wro) bestemmingsplan in de omgevingsverordening omgezet naar instructieregels voor een (Ow) omgevingsplan. Deze instructieregels kan de gemeente betrekken bij haar advies met instemming die de gemeente heeft vanwege het moeten afwijken van het omgevingsplan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In de Verordening voor de fysieke leefomgeving was in een bijlage ervan een lijst van provinciale belangen opgenomen die in ieder geval in ogenschouw genomen moeten worden bij schaliegas. Vanwege de komst van de Omgevingswet stellen gedeputeerde staten een zogenoemde communicatielijst van provinciale belangen op, welke actueel gehouden wordt. Daarom wordt ervoor gekozen om naar deze communicatielijst van provinciale belangen te verwijzen, in plaats van een bijlage met een beperkt aantal provinciale belangen dat minimaal in ogenschouw genomen moet worden.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het Rijk heeft 8 juni 2018 de Structuurvisie Ondergrond vastgesteld. Daarin is aangegeven dat de winning van schaliegas wordt uitgesloten. Dit is niet in regelgeving vastgelegd, zodat een provinciale regeling gewenst blijft.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_256" wId="pv24_80__artrecital__content_256">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>19.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Werkingsgebied: opsporen en winnen schaliegas en schalieolie</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Om invulling te geven aan de provinciale belangen in relatie tot schaliegas is het werkingsgebied het gehele grondgebied van de provincie Flevoland. De geometrische begrenzing van dit werkingsgebied is in bijlage II van de omgevingsverordening vastgelegd.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In bijlage I van de omgevingsverordening zijn de begripsbepalingen opgenomen. Hierin zijn definities opgenomen voor omgevingsplan en provinciaal belang. Een provinciaal belang is een belang dat de pro-vincie gelet op artikel 2.3 Omgevingswet kan behartigen. Een overzicht van de provinciale belangen is opgenomen in de zogenoemde 'lijst van provinciale belangen' die Gedeputeerde Staten vaststellen. De lijst bestaat uit:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_256__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_256__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_256__list_1__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_256__list_1__item_1">
		    <tekst:Al>een lijst van provinciale belangen die onder meer wordt gehanteerd voor deelname van de provincie aan een omgevingstafel;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_256__list_1__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_256__list_1__item_2">
		    <tekst:Al>een lijst van 'gevallen van provinciaal belang' als bedoeld in artikel 16.15a Omgevingswet, waarop de gevallen staan waarin Gedeputeerde Staten advies met instemming hebben bij een buitenplanse omgevingsplanactiviteit.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_257" wId="pv24_80__artrecital__content_257">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>19.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Instructieregels omgevingsplan: opsporen en winnen van schaliegas en schalieolie</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Voor het stellen van provinciale regels met het oog op toedeling van functies aan locaties, geldt - gelet op artikel 4.2 lid 2 Ow - dat deze primair in de vorm van instructieregels voor een omgevingsplan gesteld moeten worden. De instructieregels houden in dat op basis van onderzoek gemotiveerd moet worden dat bij de opsporing en winning van schaliegas/-olie de provinciale belangen niet worden geschaad. </tekst:Al>
		<tekst:Al>In bijlage I van de omgevingsverordening zijn de begripsbepalingen opgenomen. Hierin zijn definities opgenomen voor omgevingsplan en provinciaal belang. Een provinciaal belang is een belang dat de pro-vincie gelet op artikel 2.3 Omgevingswet kan behartigen. Een overzicht van de provinciale belangen is opgenomen in de zogenoemde 'lijst van provinciale belangen' die Gedeputeerde Staten vaststellen. De lijst bestaat uit:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_257__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_257__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_257__list_1__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_257__list_1__item_1">
		    <tekst:Al>een lijst van provinciale belangen die onder meer wordt gehanteerd voor deelname van de provincie aan een omgevingstafel;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_257__list_1__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_257__list_1__item_2">
		    <tekst:Al>een lijst van 'gevallen van provinciaal belang' als bedoeld in artikel 16.15a Omgevingswet, waarop de gevallen staan waarin Gedeputeerde Staten advies met instemming hebben bij een buitenplanse omgevingsplanactiviteit.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_258" wId="pv24_80__artrecital__content_258">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>20</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Kwaliteit vergunningverlening, toezicht en handhaving</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit hoofdstuk regelt de
kwaliteit van de door en in opdracht van gedeputeerde staten uitgevoerde
vergunningverlening, toezicht en handhaving (VTH) van het omgevingsrecht als
bedoeld in artikel 18.20, tweede lid en artikel 18.23, eerste lid onder b van
de Omgevingswet.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Achtergrond en aanleiding</tekst:i><tekst:br/>Samen met het kabinet
werken gemeenten en provincies aan het verbeteren van de uitvoering van het
omgevingsrecht. De visie van het kabinet over de verbetering staat beschreven
in het kabinetsstandpunt (november 2008) waarin het kabinet reageert op de
analyses en voorstellen van de commissie Mans, Oosting, Lodders, d'Hondt en de
invoering van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht (Wabo). De
verbeterpunten zijn terug te brengen tot drie hoofdpunten:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="expliciet" eId="artrecital__content_258__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_258__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_258__list_1__item_a" wId="pv24_80__artrecital__content_258__list_1__item_a">
		    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>De kwaliteit van de
uitvoering van de VTH-taken;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_258__list_1__item_b" wId="pv24_80__artrecital__content_258__list_1__item_b">
		    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>Het verbeteren van de afstemming strafrecht-bestuursrecht;</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_258__list_1__item_c" wId="pv24_80__artrecital__content_258__list_1__item_c">
		    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>De bevoegdheidsverdeling overheden, interbestuurlijk toezicht en
bestuurlijke drukte.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>Het IPO en de VNG
hebben afspraken gemaakt met het kabinet over hoe zij gezamenlijk met de
departementen werken aan het verbeteren van deze punten. Deze afspraken zijn
deels vastgelegd in de Package Deal (29 september 2009). Hiertoe is een
gezamenlijk programma (PumA, programma uitvoering met ambitie) opgezet, dat
inmiddels is afgerond. Zo is er nu onder meer een landelijk stelsel van
omgevingsdiensten, zijn de kwaliteitscriteria VTH 2.1 voor de uitvoering van de
Wabo in brede samenwerking tussen bevoegde gezagen ontwikkeld, bestuurlijk
vastgesteld (in juni 2012) en beschikbaar gesteld en is er een landelijke
handhavingsstrategie voor bestuurs- en strafrecht. Vervolgens hebben in 2018 en 2019 onder leiding van IPO en VNG
gemeenten, provincies en omgevingsdiensten zich actualisatie gebogen over de
actualisatie van de kwaliteitscriteria. Dit heeft geleid tot de
kwaliteitscriteria VTH 2.2, die elk bevoegd gezag (gemeente en provincie) dient
toe te passen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Bij het verankeren van
de afspraken in de wet zijn door de VNG en het IPO nieuwe afspraken gemaakt met
het kabinet. De Wet Verbetering vergunningverlening, toezicht en handhaving
(Wet VTH), die paragraaf 5.2 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht
vervangt, is geschreven vanuit een stelsel dat gebaseerd is op vertrouwen en
decentralisatie. Dit betekent dat een belangrijk deel van de besluitvorming
over de kwaliteit van de uitvoering decentraal plaatsvindt door de
desbetreffende bevoegde gezagen. Leidend hierin is de afspraak met het kabinet
dat er een landelijk kwaliteitsniveau moet worden gerealiseerd en behouden. In
de praktijk blijkt dat de kwaliteit van de uitvoering en handhaving afhankelijk
is van de wijze waarop alle betrokken partijen bij de vergunningverlening, het
toezicht en de handhaving zich daarvoor inzetten door samenwerking. Hier geldt
dat de ketting zo sterk is als de zwakste schakel.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Dit gegeven laat onverlet dat verschillende snelheden bestaan in het bereiken van kwaliteit, bijvoorbeeld waar het de beschikbaarheid en deskundigheid van de betrokken organisaties betreft. Dit geldt overigens niet alleen voor de diensten van gemeenten en provincies, maar ook voor omgevingsdiensten. De eisen die dit hoofdstuk aan de organisatie van de provinciebesturen en in hun opdracht de omgevingsdiensten stelt, berusten daarom op het vertrekpunt van de Kwaliteitscriteria VTH 2.2 die door de betrokken organisaties toegepast dienen te worden volgens de regel "comply or explain" (zie daarover verder de artikelsgewijze toelichting bij <tekst:IntRef ref="chp_20__title_20.2__art_20.5">Artikel 20.5</tekst:IntRef>).</tekst:Al>
		<tekst:Al>In alle gevallen
zullen gedeputeerde staten, als bevoegd gezag, op grond van artikel 13.5 Omgevingsbesluit
beleid moeten voeren over uitvoering en handhaving van het basistakenpakket
enerzijds en anderzijds de plus- en thuistaken. Dit hoofdstuk regelt dat de
verrichtingen van de organisatie van de provincie en de omgevingsdiensten, waar
het de VTH-taken betreft, in het licht van de in het beleid geformuleerde
doelen worden beoordeeld. Tot slot regelt het dat provinciale staten, in het
kader van horizontale verantwoording, inhoudelijk debat voeren over de
hoofdlijnen van het meerjarige kwaliteitsbeleid dat door gedeputeerde staten
wordt gevoerd.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Dit hoofdstuk beoogt zo veel
mogelijk aan te sluiten bij bestaande rapportage en informatiestromen op basis
van het Omgevingsbesluit en de organieke wetgeving en introduceert geen nieuwe
rapportageverplichtingen. Het vereist wel extra input over kwaliteit voor
bestaande rapportages. Het is van groot belang dat een tijdige en transparante
uitvoering van bestaande verplichtingen bijdragen aan de mogelijkheid voor de
ambtelijke diensten, het bevoegde college en provinciale staten om ieders rol
in de kwaliteitsketen te kunnen spelen. Dit hoofdstuk is vanuit deze bestaande
competentieverdeling gericht op horizontale verantwoording.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Hoofdlijnen van de regeling</tekst:i><tekst:br/>Dit hoofdstuk vormt het kader voor de kwaliteit van de VTH-taken bij de provincie en in opdracht daarvan handelende (omgevings)diensten. Met dit hoofdstuk binden provinciale staten het college van gedeputeerde staten, en de in opdracht daarvan handelende omgevingsdiensten, aan een uniforme ambitie voor kwaliteit. Vertrekpunt zijn de kwaliteitscriteria VTH (die zijn verankerd in <tekst:IntRef ref="chp_20__title_20.2__art_20.5">Artikel 20.5</tekst:IntRef>,
zie ook de artikelsgewijze toelichting) en andere standaarden en methoden die
door het bevoegde gezag al veel worden gehanteerd. Deze zijn ontwikkeld en
worden toegepast met als doel de kwaliteit van vergunningverlening, toezicht en
handhaving te waarborgen en te bevorderen. Of dat het geval is, moet jaarlijks
worden beoordeeld door gedeputeerde staten. Hiervoor is input nodig van de
omgevingsdiensten en de interne provinciale organisatie. gedeputeerde staten
zullen beoordelen 'of het goed gaat' op basis van de door henzelf geformuleerde
beleidsdoelen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Uiteindelijk leggen
gedeputeerde staten hierover verantwoording af aan provinciale staten
(horizontale verantwoording). Provinciale staten vormen immers een eigen
oordeel "of het goed gaat" in het licht van de kwaliteit van de
leefomgeving. De politiek-bestuurlijke overwegingen van provinciale staten
zullen betrekking hebben op de meerjarige hoofdlijnen van het beleid, niet op de
organisatorische kwesties van bezetting die tot de competentie van de
directeuren van de diensten behoort. Daarbij zal ook het verband gelegd kunnen
worden tussen de strategische plannen en visies over de hoofdlijnen van het
omgevingsbeleid binnen de provincie, zoals de Omgevingsvisie FlevolandStraks en
het Omgevingsprogramma Flevoland. Provinciale staten oefenen invloed uit op de
formulering van doelen en indicatoren door gedeputeerde staten en op de
bijstelling daarvan zoals bijvoorbeeld welke informatie zij willen terug zien
in de verantwoordingsrapportages van gedeputeerde staten. In die zin worden de
kaders voor de beoordeling van provinciale staten overgelaten aan het politieke
debat over kwaliteit.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Zo ordent <tekst:IntRef ref="chp_20">Hoofdstuk 20</tekst:IntRef> de kwaliteit van vergunningverlening, toezicht en
handhaving door de betrokken actoren met elkaar te verbinden vanuit ieders
competentie:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_258__list_2" wId="pv24_80__artrecital__content_258__list_2">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_258__list_2__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_258__list_2__item_1">
		    <tekst:Al>De organisaties werken
onder leiding van hun directie overeenkomstig de kwaliteitscriteria VTH met
betrekking tot deskundigheid en beschikbaarheid, en leggen rekenschap af aan
gedeputeerde staten die hiervoor verantwoording aflegt aan provinciale staten.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_258__list_2__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_258__list_2__item_2">
		    <tekst:Al>Gedeputeerde staten
zijn, als bevoegde bestuursorgaan, belast met het stellen van beleidsdoelen
voor de kwaliteit van de vergunningverlening, toezicht en handhaving,
overeenkomstig de procesregels van het Omgevingsbesluit en de
Omgevingsregeling.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_258__list_2__item_3" wId="pv24_80__artrecital__content_258__list_2__item_3">
		    <tekst:Al>Provinciale staten
oefenen horizontaal toezicht uit op "hun" college en gebruiken waar nodig de
krachtens de organieke wetten de aan hun toekomende mogelijkheden met het oog
op de hoofdlijnen en de continu&#207;teit het beleid over de kwaliteit van VTH, als
belangrijk onderdeel van de zorg voor een veilige en gezonde leefomgeving.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_259" wId="pv24_80__artrecital__content_259">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>20.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Reikwijdte</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De reikwijdte van
hoofdstuk 20 heeft een inhoudelijke afbakening en een afbakening naar bevoegd
gezag. Ten eerste moet het gaan om de uitvoering en handhaving van de
Omgevingswet. De terminologie 'uitvoering en handhaving' komt oorspronkelijk
uit de Wet VTH, die per 14 april 2016 paragraaf 5.2 van de Wet algemene
bepalingen omgevingsrecht verving. Deze systematiek is overgenomen in afdeling
18.3 Omgevingswet. "Uitvoering en handhaving" betekent dan vergunningverlening,
toezicht en handhaving. Dat wil zeggen alle taken tot uitvoering en handhaving
van de Omgevingswet. Ten tweede moet het gaan om de uitvoering en handhaving
door of in opdracht van gedeputeerde staten. Dit hoofdstuk is dus van
toepassing als het gaat om de uitvoering van de Omgevingswet door gedeputeerde
staten zelf of in opdracht van gedeputeerde staten door een omgevingsdienst.
Waar hier wordt gesproken over de uitvoering en handhaving van taken door of in
opdracht van het bevoegd gezag wordt gedoeld op de uitvoering door provinciale
diensten en omgevingsdiensten.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_260" wId="pv24_80__artrecital__content_260">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>20.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Werkingsgebied</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>De regels in dit
hoofdstuk gelden in heel Flevoland. De geometrische begrenzing van de provincie
Flevoland is vastgelegd in het werkingsgebied met de noemer 'grondgebied van de
provincie Flevoland'. De in dit gebied geldende regels zijn gekoppeld aan het
werkingsgebied. Dit maakt het mogelijk dat in het DSO bij een klik op de kaart
alleen de in het werkingsgebied geldende regels zichtbaar worden.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_261" wId="pv24_80__artrecital__content_261">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>20.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Betrokkenheid van provinciale staten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel is van
belang in verband met de rolverdeling tussen provinciale staten en Gedeputeerde
Staten. Ingevolge de systematiek van het Omgevingsbesluit, is de jaarlijkse
beoordeling van en rapportage over uitvoering en handhaving een taak voor het
bevoegd gezag. Dat wil zeggen: gedeputeerde staten. Bezien vanuit de
Provinciewet is kaderstelling juist de taak van provinciale staten.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De kaderstellende rol
voor VTH krijgt allereerst gestalte door dit hoofdstuk. Daarnaast is het echter,
gelet op de samenhang met het Omgevingsbesluit, van belang uitdrukking te geven
aan het feit dat provinciale staten vooral vanuit de hoofdlijnen betrokken is
bij het beleid en zal toezien op de continu&#207;teit van de kwaliteit over meerdere
jaren.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De horizontale
verantwoording van gedeputeerde staten aan provinciale staten op het
uitvoerings- en handhavingsbeleid zal daarom plaatsvinden in het licht van het
strategische beleid dat op hoofdlijnen wordt gevoerd voor de fysieke
leefomgeving met de Omgevingsvisie FlevolandStraks.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_20__title_20.2__art_20.3">Artikel 20.3</tekst:IntRef> richt
zich tot provinciale staten. Indirect is het eveneens van belang voor
gedeputeerde staten, en de omgevingsdiensten die in hun opdracht werken, omdat
de rol van provinciale staten zich juist bij de meerjarenprogrammering en
hoofdlijnen laat gelden. Voor het waarmaken van deze rol, beschikken
provinciale staten reeds over de mogelijkheden die de organieke wetgeving haar
biedt en de kaders die zij op strategisch niveau voor de fysieke leefomgeving
in plannen en visies heeft vastgelegd. Om deze rol waar te kunnen maken is het
vanzelfsprekend van belang dat het college haar daartoe door tijdige
informatieverstrekking in staat stelt. Dat daarvoor eveneens informatie van de
omgevingsdienst van belang kan zijn, spreekt voor zich en is op grond van de
Wet gemeenschappelijke regelingen en de opdrachten aan de omgevingsdiensten
voldoende gewaarborgd.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_262" wId="pv24_80__artrecital__content_262">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>20.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Kwaliteitsdoelen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Artikel 13.5, eerste
lid en tweede, van het Omgevingsbesluit verplicht het bevoegd gezag (lees: gedeputeerde
staten) om beleid te formuleren voor de uitvoering en handhaving van de
VTH-taken. Over het uitvoeringsbeleid en handhavingsbeleid met betrekking tot
het basistakenpakket dient onderlinge afstemming plaats te vinden tussen de
bevoegde gezagen op het niveau van de omgevingsdienst. Welk beleid moet worden
geformuleerd laat het Omgevingsbesluit inhoudelijk open. </tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_20__title_20.2__art_20.4">Artikel 20.4</tekst:IntRef> strekt
ertoe een inhoudelijke ambitie te geven aan de procesverplichting om
kwaliteitsbeleid te vormen. Dit door voor te schrijven dat gedeputeerde staten
naar de kwaliteit van de uitvoering en handhaving kijken in het licht van het
geformuleerde regionale beleid, waarbij de doelen van dat beleid betrekking
moeten hebben op een aantal voorgeschreven inhoudelijke thema's. Het gaat er
daarbij telkens om die doelen te zien, niet vanuit elke mogelijke factor die
daaraan kan bijdragen, maar vanuit het perspectief van de prestaties en
kwaliteit van de uitvoering van de eigen organisatie.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_263" wId="pv24_80__artrecital__content_263">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>20.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Kwaliteitsborging</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al><tekst:i>Lid 1</tekst:i><tekst:br/>Dit artikel geeft een verankering aan de kwaliteitscriteria. Voorgeschreven wordt dat de kwaliteitscriteria moeten worden toegepast op de uitvoering en handhaving door gedeputeerde staten als bevoegd gezag. Dit betekent dat de provinciale organisatie en de omgevingsdiensten waaraan gedeputeerde staten opdracht hebben gegeven moeten voldoen aan deze kwaliteitscriteria.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het begrip kwaliteitscriteria is gedefinieerd in <tekst:IntRef ref="chp_1__art_1.1">Artikel 1.1</tekst:IntRef>. De kwaliteitscriteria waar het hier om gaat zijn de, oorspronkelijk door gedeputeerde staten vastgestelde, kwaliteitscriteria gegrond op de bekende Kwaliteitscriteria 2.1 voor VTH, die in brede samenwerking door de bevoegde gezagen zijn ontwikkeld en beschikbaar gesteld voor de kwaliteit van vergunningverlening, toezicht en handhaving, op het gebied van de beschikbaarheid en de deskundigheid van de daarmee belaste organisaties. Deze liggen aan de basis van het VTH-stelsel. Sinds 1 oktober 2019 wordt gewerkt met de set Kwaliteitscriteria 2.2 voor VTH.</tekst:Al>
		<tekst:Al>De kwaliteitscriteria zijn opgenomen in bijlage XIII bij de omgevingsverordening. Onder de Omgevingswet is gelaagdheid van regelgeving namelijk niet meer toegestaan. Alle provinciale regels over de fysieke leefomgeving moeten in de omgevingsverordening staan. De bevoegdheid om deze bijlage met uitvoeringstechnische regels te wijzigen, ligt op grond van artikel 2.22, tweede lid onder b, Omgevingswet bij gedeputeerde staten.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Voorheen was dit anders. Sinds 1 juli 2016 was in de voorlopers van dit hoofdstuk, de Verordening kwaliteit VTH omgevingsrecht provincie Flevoland en de Omgevingsverordening Flevoland, directief aan gedeputeerde staten opgedragen de kwaliteitscriteria vast te stellen in de juridische vorm van nadere regels. Gedeputeerde staten hebben hieraan invulling gegeven door de set kwaliteitscriteria VTH 2.1 vast te stellen als nadere regel. Deze nadere regel is per 1 juli 2016 inwerking getreden. Sinds 1 oktober 2019 geldt de verbeterde en geactualiseerde set kwaliteitscriteria VTH 2.2, die in 2019 onder leiding van IPO en VNG beschikbaar is gekomen.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het ligt in de rede dat in de loop van de jaren verbeterde en geactualiseerde versies beschikbaar zullen komen. Het college zal, als de landelijke set gewijzigd wordt vastgesteld door het Bestuurlijk Omgevingsberaad (overleg op landelijk niveau tussen IPO, VNG en Rijk), die nieuwe c.q. aangepaste set vastleggen door bijlage XIII bij de omgevingsverordening te wijzigen. Gelet op artikel 18.23, tweede lid Omgevingswet zullen gedeputeerde staten zorgdragen voor afstemming op het niveau van de omgevingsdienst.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Lid 2</tekst:i><tekst:br/>Met dit artikel wordt beoogd te regelen dat van de kwaliteitscriteria voor de uitvoering van VTH-taken in de praktijk gebruik gemaakt wordt. Het gaat immers om criteria waaraan zorgvuldig en met grote deskundigheid is gewerkt door de betrokken bevoegde gezagen. Van belang is dat deze criteria relevante input leveren voor de kwaliteit. Dat geeft vanzelfsprekend geen garantie dat de doelen die door gedeputeerde staten zijn gesteld in het uitvoerings- en handhavingsbeleid ook zonder meer in alle gevallen worden gehaald. Het bereiken van deze doelen zal immers niet alleen afhankelijk zijn van de goede verrichtingen van de uitvoerende organisaties. Van de naleving van de kwaliteitscriteria zal daarom jaarlijks mededeling gedaan moeten worden aan provinciale staten. Het gaat hier om een belangrijke inhoudelijke mededelingsplicht die kan worden meegenomen in bestaande jaarlijkse rapportages, in de op grond van het Omgevingsbesluit op te stellen documenten.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Lid 3</tekst:i><tekst:br/>Omgekeerd wil het evenmin zeggen dat, als de criteria (nog) niet in alle relevante taken worden toegepast, de kwaliteit per definitie te wensen zal overlaten. In dit geval zal echter wel gemotiveerd moeten worden waarom de criteria niet toegepast zijn of konden worden en hoe wel voor de gestelde kwaliteit wordt gezorgd. De kwaliteitscriteria VTH zijn derhalve een cruciaal richtsnoer waarvoor geldt: pas toe of leg uit, "comply or explain".</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Lid 4</tekst:i><tekst:br/>In het vierde lid is een uitzondering gemaakt op de "comply of explain-regel". Deze uitzondering ziet op de criteria voor de kritieke massa voor de uitvoering en handhaving voor Brzo-inrichtingen en RIE 4-bedrijven. Voor de meest risicovolle bedrijven in Nederland geldt dat de vereiste, geschoolde en ervaren menskracht altijd op het niveau van de kwaliteitscriteria 2.2 moet zijn. Per 1 januari 2016 zijn de colleges van gedeputeerde staten het bevoegd gezag voor alle Brzo-inrichtingen en RIE 4-bedrijven in Nederland. De Minister van Infrastructuur en Waterstaat is interbestuurlijk toezichthouder voor al deze inrichtingen. De vergunningverlening, het toezicht en de handhaving is opgedragen aan de zes Brzo-omgevingsdiensten in Nederland. Voor het grondgebied van de Provincie Flevoland is dit de Omgevingsdienst Noordzeekanaalgebied.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_264" wId="pv24_80__artrecital__content_264">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Hoofdstuk</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>21</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Procedures en Adviseurs</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al><tekst:strong>Bevoegd
gezag omgevingsvergunning</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>In de
omgevingsverordening zijn vergunningplichten opgenomen voor:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="ongemarkeerd" eId="artrecital__content_264__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_264__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_264__list_1__item_1" wId="pv24_80__artrecital__content_264__list_1__item_1">
		    <tekst:Al>Activiteiten op
gesloten stortplaatsen (hoofdstuk 2),</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_264__list_1__item_2" wId="pv24_80__artrecital__content_264__list_1__item_2">
		    <tekst:Al>Verstoring van ervaring natuurlijke geluiden in een stiltegebied
(hoofdstuk 3),</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_264__list_1__item_3" wId="pv24_80__artrecital__content_264__list_1__item_3">
		    <tekst:Al>Activiteiten in een beschermingsgebied voor grondwater
(hoofdstuk 4),</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_264__list_1__item_4" wId="pv24_80__artrecital__content_264__list_1__item_4">
		    <tekst:Al>Activiteiten in een waterwingebied (hoofdstuk 4),</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_264__list_1__item_5" wId="pv24_80__artrecital__content_264__list_1__item_5">
		    <tekst:Al>Grondwatersaneringsactiviteit (hoofdstuk 6),</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_264__list_1__item_6" wId="pv24_80__artrecital__content_264__list_1__item_6">
		    <tekst:Al>Vanaf een binnenschip ontgassen van een ladingtank met
bepaalde restladingdampen (hoofdstuk 18),</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_264__list_1__item_7" wId="pv24_80__artrecital__content_264__list_1__item_7">
		    <tekst:Al>Opsporen en winnen
schaliegas en schalieolie (hoofdstuk 19).</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
		<tekst:Al>Het
bevoegd gezag voor deze omgevingsvergunningen is afhankelijk van de situatie.
Dit wordt hieronder toegelicht.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Gedeputeerde staten zijn op grond van de artikelen 4.3, eerste lid en 4.6, eerste lid Omgevingsbesluit bevoegd gezag voor de enkel- of meervoudige aanvraag om omgevingsvergunning als de aanvraag alleen betrekking heeft op een of meer 'provincie-activiteiten'. Dit geldt ook voor de activiteiten waarvoor in de omgevingsverordening de vergunningplicht wordt ge&#207;ntroduceerd ('omgevingsverordeningsactiviteit' als bedoeld in artikel 4.6, lid 1 onderdeel f Ob).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Als er sprake is van
een meervoudige aanvraag met ook andere dan provincie-activiteiten geldt de hoofdregel
van artikel 5.12, tweede lid, Omgevingswet dat burgemeester en wethouders het
bevoegd gezag zijn. Gedeputeerde staten hebben in zo'n situatie de beschikking
over de bevoegdheid tot advies met instemming (afdeling 4.2 Omgevingsbesluit).
Het gaat dan om het uitbrengen van advies over de aanvraag om
omgevingsvergunning voor de betreffende 'omgevingsverordenings-activiteit'
(artikel 16.11 en 16.15 eerste en derde lid Omgevingswet en artikel 4.25 eerste
lid onder f Omgevingsbesluit) en het binnen 4 weken na het verzoek om
instemming (artikel 16.18 Omgevingswet) beslissen omtrent instemming met het
voorgenomen besluit (artikel 16.16 Omgevingswet en artikel 4.25 derde lid
Omgevingsbesluit). Artikel 16.17 Omgevingswet en artikel 4.38 Omgevingsbesluit
bepalen dat de gronden voor het verlenen of onthouden van instemming gelijk
zijn aan de beoordelingsregels.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Een uitzondering op deze hoofdregel doet zich voor als er sprake is van een provinciale magneetactiviteit (artikel 4.6 tweede lid Omgevingsbesluit). Een magneetactiviteit trekt alle andere daarmee in combinatie aangevraagde activiteiten naar het bevoegd gezag voor de magneetactiviteit. Wanneer een vergunning wordt aangevraagd voor een provinciale magneetactiviteit -bijvoorbeeld een omgevingsplanactiviteit van provinciaal belang, een grote ontgronding of een complex bedrijf- in combinatie met een andere activiteit beslissen gedeputeerde staten altijd op de aanvraag. De 'omgevingsverordeningsactiviteit' zelf is overigens niet aangemerkt als magneetactiviteit.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Aanvraagvereisten</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Artikel 7.3 (algemene
aanvraagvereisten) en 7.4 (participatie) van de Omgevingsregeling bepalen aan
welke eisen de aanvraag om omgevingsvergunning in ieder geval dient te voldoen.
Op grond van artikel 7.4 Omgevingsregeling geldt ook de eis dat de aanvrager
bij de aanvraag dient aan te geven of burgers, bedrijven, maatschappelijke
organisaties en bestuursorganen bij de voorbereiding van de aanvraag zijn
betrokken. Als dit is gebeurd, verstrekt de aanvrager bij de aanvraag gegevens
over hoe zij zijn betrokken en wat de resultaten daarvan zijn. In deze
verordening wordt bij de diverse thematische hoofdstukken informatie gevraagd aanvullend
op de Omgevingsregeling.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Eventuele aanvullende aanvraagvereisten zijn opgenomen in de betreffende thematische hoofdstukken.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Voorschriften omgevingsvergunning</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Ingevolge artikel 5.34
Omgevingswet kunnen aan een omgevingsvergunning voorschriften worden verbonden<tekst:strong>.</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:strong>Wijziging
normadressaat</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Ten overvloede wordt
erop gewezen dat artikel 7.216 Omgevingsregeling regels stelt voor de situatie
dat de aangevraagde of verleende omgevingsvergunning zal gaan gelden voor een
ander dan de aanvrager of de vergunninghouder.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_265" wId="pv24_80__artrecital__content_265">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Titel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>21.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Meldingen en verstrekken van gegevens en bescheiden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al><tekst:strong>Bevoegd gezag melding</tekst:strong></tekst:Al>
		<tekst:Al>Gelet
op artikel 4.1 Omgevingswet kunnen in de omgevingsverordening (decentrale)
algemene regels worden gesteld over activiteiten. Dit kan inhouden een verbod
om de activiteiten te verrichten zonder voorafgaande melding (artikel 4.4 Omgevingswet).
Van deze mogelijkheid is in deze verordening veelvuldig gebruik gemaakt. Gedeputeerde
staten zijn op grond van artikel 4.8 Omgevingswet het bevoegd gezag voor
decentrale regels in de omgevingsverordening:</tekst:Al>
		<tekst:Lijst type="expliciet" eId="artrecital__content_265__list_1" wId="pv24_80__artrecital__content_265__list_1">
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_265__list_1__item_a" wId="pv24_80__artrecital__content_265__list_1__item_a">
		    <tekst:LiNummer>a.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>waaraan een melding wordt
gedaan,</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_265__list_1__item_b" wId="pv24_80__artrecital__content_265__list_1__item_b">
		    <tekst:LiNummer>b.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>dat een maatwerkvoorschrift kan
stellen,</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		  <tekst:Li eId="artrecital__content_265__list_1__item_c" wId="pv24_80__artrecital__content_265__list_1__item_c">
		    <tekst:LiNummer>c.</tekst:LiNummer>
		    <tekst:Al>dat beslist op een aanvraag om
toestemming tot het treffen van een gelijkwaardige maatregel.</tekst:Al>
		  </tekst:Li>
		</tekst:Lijst>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_266" wId="pv24_80__artrecital__content_266">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>21.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemene gegevens bij een melding</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Ten aanzien van de bij de melding te verstrekken gegevens en bescheiden geldt artikel 7.3 Omgevingsregeling. Aanvullend daarop is in dit hoofdstuk met <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> geregeld welke inhoudelijke gegevens en bescheiden daarnaast in ieder geval bij de melding overlegd moeten worden. Dit artikel is vergelijkbaar geformuleerd met artikel 2.17 Besluit activiteiten leefomgeving voor milieubelastende activiteiten.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.1">Artikel 21.1</tekst:IntRef> regelt dat bij iedere melding die wordt gedaan een aantal algemene gegevens wordt verstrekt. Er is aansluiting gezocht bij de algemene gegevens die op grond van artikel 4:2 van de Algemene wet bestuursrecht bij een aanvraag voor een beschikking worden gevraagd. In plaats van de aanduiding van de beschikking die wordt gevraagd, gaat het bij het melden van een activiteit om een aanduiding van welke activiteit er zal worden verricht. Onder a wordt dus gevraagd om de activiteit die moet worden gemeld, bijvoorbeeld het sonderen in een grondwaterbeschermingsgebied, bedoeld in afdeling 4.2.2. Daarnaast is ter identificatie van belang de naam en het adres van degene die de activiteit verricht. Als het adres waarop de activiteit wordt verricht een ander adres is dan het adres van degene die de activiteit verricht, bijvoorbeeld omdat er meerdere bedrijfslocaties zijn, wordt ook dat adres doorgegeven.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Daarnaast worden in de diverse thematische hoofdstukken van deze verordening
aanvullende inhoudelijke informatie gevraagd.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_267" wId="pv24_80__artrecital__content_267">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>21.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Algemene gegevens bij het verstrekken van gegevens en bescheiden</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Als op grond van de omgevingsverordening gegevens en bescheiden aan het bevoegd gezag worden verstrekt, worden die gegevens, net als de melding, begeleid door een aantal algemene gegevens.Ten aanzien hiervan geldt artikel 7.3 Omgevingsregeling. Aanvullend daarop is in dit hoofdstuk met <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.2">Artikel 21.2</tekst:IntRef> geregeld welke inhoudelijke gegevens en bescheiden daarnaast moeten worden overlegd. Dit artikel is vergelijkbaar geformuleerd met artikel 2.18 Besluit activiteiten leefomgeving voor milieubelastende activiteiten.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.2">Artikel 21.2</tekst:IntRef> is aansluiting gezocht bij de algemene gegevens die op grond van artikel 4:2 van de Algemene wet bestuursrecht bij een aanvraag voor een beschikking worden gevraagd. In plaats van de aanduiding van de beschikking die wordt gevraagd, gaat het bij het verstrekken van gegevens en bescheiden over een activiteit om een aanduiding van welke activiteit er zal worden verricht. Onder a is daarom opgenomen dat moet worden aangegeven welke activiteit waarover gegevens worden verstrekt, het betreft. Daarnaast is ter identificatie van belang de naam en het adres van degene die de activiteit verricht. Als het adres waarop de activiteit waarover gegevens worden verstrekt, een ander adres is dan het adres van degene die de activiteit verricht, bijvoorbeeld omdat er meerdere bedrijfslocaties zijn, wordt ook dat adres verstrekt.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Daarnaast worden in de diverse thematische hoofdstukken van deze verordening aanvullende inhoudelijke informatie gevraagd.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_268" wId="pv24_80__artrecital__content_268">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>21.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens bij wijzigen naam, adres of normadressaat</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel regelt, in tegenstelling tot de twee artikelen die hiervoor zijn toegelicht, een verplichting om gegevens te verstrekken in twee situaties.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.1__art_21.3__para_1">Artikel 21.3, eerste lid</tekst:IntRef> regelt dat een naamswijziging of adreswijziging wordt doorgegeven aan het bevoegd gezag v&#243;&#243;rdat de wijziging een feit is. Dat is vooral voor de initiatiefnemer zelf van belang: diegene wil immers dan correspondentie van het bevoegd gezag op het juiste adres aankomt. Het tweede lid regelt dat bij overdracht van de activiteit naar iemand anders, de daardoor gewijzigde gegevens aan het bevoegd gezag worden verstrekt. Bijvoorbeeld omdat een bedrijf onder dezelfde bedrijfsnaam en op hetzelfde adres wordt voorgezet, maar wisselt van eigenaar. Dit sluit aan op artikel 5.37 van de wet, waar hetzelfde over vergunninghouders is geregeld.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_269" wId="pv24_80__artrecital__content_269">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>21.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Gegevens en bescheiden op verzoek van het bevoegd gezag</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel regelt, vergelijkbaar met artikel 2.20 Besluit activiteiten leefomgeving, dat gegevens en bescheiden moeten worden verstrekt aan het bevoegd gezag, als dat bevoegd gezag die gegevens en bescheiden nodig heeft om voor een specifieke activiteit of een specifieke locatie te beoordelen of de algemene regels en eventuele maatwerkvoor-schriften die voor die activiteit of die locatie gelden, nog volstaan. Het gaat om gegevens en bescheiden waar het bevoegd gezag om vraagt. Degene die de activiteit verricht hoeft dus niet uit eigen beweging gegevens of bescheiden op te sturen; al staat dat natuurlijk vrij. Ook kan in het kader van toezicht op de naleving om gegevens worden gevraagd. Zulke bevoegdheden van toezichthouders zijn geregeld in titel 5.2 van de Algemene wet bestuursrecht; dit artikel staat daar niet aan in de weg.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het gaat in dit artikel alleen om de situatie dat het bevoegd gezag wil bekijken of de algemene regels en maatwerkvoorschriften voor de activiteit nog toereikend zijn gezien ontwikkelingen van de technische mogelijkheden tot het beschermen van het milieu en de ontwikkelingen met betrekking tot de kwaliteit van het milieu. Bij ontwikkelingen van de technische mogelijkheden tot het beschermen van het milieu kan gedacht worden aan het beschikbaar komen van nieuwe passende preventieve maatregelen of de actualisatie van de beste beschikbare technieken. De ontwikkelingen met betrekking tot de kwaliteit van het milieu kunnen bijvoorbeeld aan de orde zijn als er door cumulatie van activiteiten een verslechtering van de kwaliteit van lucht, oppervlaktewater of grondwater optreedt. Met deze formulering is aangesloten op dezelfde regeling voor vergunningplichtige gevallen, zoals opgenomen in artikel 16.56 in combinatie met artikel 5.38 van de Omgevingswet. Zie de artikelsgewijze toelichting op die artikelen voor verdere uitleg van de termen &#171;ontwikkelingen van de technische mogelijkheden tot het beschermen van het milieu&#187; en &#171;ontwikkelingen met betrekking tot de kwaliteit van het milieu&#187;.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Gegevens waarover degene die de activiteit niet redelijkerwijs de beschikking kan krijgen hoeven uiteraard niet te worden verstrekt.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_270" wId="pv24_80__artrecital__content_270">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>21.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Advies grondwaterbescherming</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Op grond van artikel 16.15
tweede lid Omgevingswet kunnen in de omgevingsverordening bestuursorganen of
andere instanties worden aangewezen als adviseur.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In <tekst:IntRef ref="chp_21__title_21.2__art_21.5">Artikel 21.5</tekst:IntRef> worden de adviseurs aangewezen die betrokken worden bij een aanvraag om omgevingsvergunning voor vergunningplichtige werken en handelingen in een beschermingsgebied voor grondwater of een waterwingebied als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9">Artikel 4.4, negende lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10">Artikel 4.6, tiende lid</tekst:IntRef>. Dit zijn drinkwaterbedrijf Vitens en
burgemeester en wethouders van de gemeente waarin de activiteit plaatsvindt.
Zij brengen advies uit over een aanvraag om omgevingsvergunning voor de
genoemde activiteiten.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_271" wId="pv24_80__artrecital__content_271">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>21.6</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Geco&#246;rdineerde voorbereiding wijziging begrenzing Natuurnetwerk Nederland</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Omdat de besluitvorming van de provincie en van de gemeente nauw met elkaar samenhangen is de co&#246;rdinatieregeling uit de Omgevingswet van toepassing verklaard, zodat er geen verschillen kunnen ontstaan tussen beide besluiten.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_272" wId="pv24_80__artrecital__content_272">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>22.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Intrekken verordeningen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Met dit artikel worden de Omgevingsverordening Flevoland en het Reglement 2009 voor de
Provinciale Omgevingscommissie Flevoland (POCF) ingetrokken.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_273" wId="pv24_80__artrecital__content_273">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Afdeling</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>22.2.1</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Overgangsrecht algemeen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het overgangsrecht van de Omgevingswet
is opgenomen in hoofdstuk 4 van de Invoeringswet Omgevingswet (Staatsblad 2020,
172). Het overgangsrecht regelt de overgang van de bestaande wet- en
regelgeving naar het nieuwe stelsel van de Omgevingswet. Daarmee is er
helderheid over de rechtsgeldigheid van besluiten onder het oude recht, zoals
omgevingsvergunningen. In dit landelijke overgangsrecht is onder meer geregeld
onder welk recht een voor inwerkingtreding van de Omgevingswet ingediende
aanvraag wordt afgehandeld. En ook dat een onherroepelijke ontheffing of
vergunning voor een activiteit die omgevingsvergunningplichtig is als bedoeld
in paragraaf 5.1.1 van de Omgevingswet geldt als een omgevingsvergunning voor
die activiteit. Aanvullend hierop geldt het overgangsrecht van deze
verordening.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_274" wId="pv24_80__artrecital__content_274">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>22.2</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Overgangsrecht plannen, meldingen, ontheffingen en vergunningen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Met <tekst:IntRef ref="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.1__art_22.2__para_1">Artikel 22.2, eerste lid</tekst:IntRef> wordt geregeld dat procedures die zijn aangevangen voor de inwerkingtreding van de verordening onder het 'oude' rechtsregime kunnen worden afgehandeld. De lopende voorbereidings- en rechtsbeschermingsprocedures worden als gevolg hiervan afgehandeld overeenkomstig het oude recht. De ratio daarvan is rechtszekerheid te bieden voor de diverse betrokkenen (aanvrager, bevoegd gezag en derdebelanghebbenden). Dit geldt niet alleen voor meldingen, ontheffingen en<tekst:br/>vergunningen maar ook voor bijvoorbeeld lopende handhavingsprocedures.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:IntRef ref="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.1__art_22.2__para_2">Artikel 22.2, tweede lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.1__art_22.2__para_3">Artikel 22.2, derde lid</tekst:IntRef> regelen het overgangsrecht voor besluiten en meldingen die zijn genomen respectievelijk ingediend en afgedaan op basis van de verordening die nu wordt ingetrokken respectievelijk de verordeningen die eerder zijn ingetrokken.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_275" wId="pv24_80__artrecital__content_275">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>22.3</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Overgangsrecht uitvoeringsregelingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Als gevolg van deze verordening vervalt de Omgevingsverordening Flevoland. Daarmee vervalt ook de grondslag van beleidsregels die op deze verordening berusten. Dit artikel voorziet erin dat de bestaande beleidsregels op grond van de Omgevingsverordening Flevoland en diens voorgangers na de inwerkingtreding van deze verordening zullen berusten op deze verordening. Met deze bepaling wordt dus bewerkstelligd dat de betrokken (onderdelen van deze) beleidsregels na de inwerkingtreding van de Omgevingsverordening provincie Flevoland hun geldigheid behouden. Het betreft in ieder geval de Beleidsregel bescherming landschap 2008 en de Beleidsregel
toeristische bewegwijzering Flevoland.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_276" wId="pv24_80__artrecital__content_276">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>22.4</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Overgangsrecht aanwijzing toezichthouders</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Met dit artikel wordt bewerkstelligd dat de bestaande
aanwijzingsbesluiten met betrekking tot het uitoefenen van toezicht op de naleving
op de uitvoering en handhaving na de inwerkingtreding van deze verordening hun
geldigheid blijven behouden. Artikel 18.6 van de Omgevingswet voorziet in een
bepaling voor de aanwijzing van toezichthouders.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_277" wId="pv24_80__artrecital__content_277">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>22.5</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Overgangsrecht algemene regels voor boorputten</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel regelt het overgangsrecht voor de verandering van de toetsdiepte voor boorputten in het kader van de grondwaterbescherming. Boorputten die onder de meldingsplicht vallen en in een eerder stadium al bij de provincie zijn gemeld worden geacht met een melding als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.17">Artikel 4.17</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.2__subsec_4.2.2.3__art_4.19">Artikel 4.19</tekst:IntRef> van deze verordening
aanwezig te zijn.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_278" wId="pv24_80__artrecital__content_278">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>22.6</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Overgangsrecht bodemverstoringen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het overgangsrecht voor bodemverstoringen
is van vergelijkbare orde als het overgangsrecht voor boorputten<tekst:i>.</tekst:i><tekst:IntRef ref="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.6">Artikel 22.6</tekst:IntRef> regelt dat een voor 1 september 2007 verleende vergunning op grond van de op dat moment geldende verordening gelijkt wordt gesteld met een omgevingsvergunning op grond van deze verordening (<tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.1__art_4.4__para_9">Artikel 4.4, negende lid</tekst:IntRef> en <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.2__subchp_4.2.1__subsec_4.2.1.2__art_4.6__para_10">Artikel 4.6, tiende lid</tekst:IntRef>).</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_279" wId="pv24_80__artrecital__content_279">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>22.7</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Overgangsrecht voor onttrekkingen in derde watervoerende pakket</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al><tekst:i>Eerste lid</tekst:i></tekst:Al>
		<tekst:Al>Ten behoeve van de invoering van
het absoluut verbod voor boringen en onttrekkingen in het derde watervoerende
pakket in Zuidelijk Flevoland zijn in 2009 de dieptegrenzen voor de ontheffing-
en vergunningplicht herijkt. Hierdoor wordt waar mogelijk ruimte geboden voor
onttrekkingen in hoger gelegen watervoerende pakketten. De herijkte grenzen
zijn aangegeven in het werkingsgebied Boringsvrije zone Zuidelijk Flevoland.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Bij de invoering van de nieuwe dieptegrenzen is gebleken dat er vergunde onttrekkingen onder de dieptegrens plaatsvinden. Op basis van inzichten ten tijde van de herijking van de dieptegrenzen is gebleken dat het niet wenselijk is de grens van het absoluut verbod aan te laten sluiten bij de reeds vergunde onttrekkingen. Voor de vergunde onttrekkingen die onder de nieuwe dieptegrenzen vallen is in dit artikel overgangsrecht opgenomen dat regelt dat deze onttrekkingen, in afwijking van het absoluut verbod mogen blijven bestaan totdat de onttrekking wordt be&#235;indigd of tot uiterlijk 1 januari 2025.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Voor de grondwateronttrekkingen onder bevoegd gezag van het waterschap geldt hetzelfde overgangsrecht (zie de toelichting bij <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.3__art_4.20">Artikel 4.20</tekst:IntRef>). De instructieregel in <tekst:IntRef ref="chp_4__title_4.3__art_4.20__para_2">Artikel 4.20, tweede lid</tekst:IntRef> voorziet hierin.</tekst:Al>
		<tekst:Al><tekst:i>Tweede lid </tekst:i></tekst:Al>
		<tekst:Al>Door wijzigingen in wet- en regelgeving zijn enkele Wabo-vergunningplichtige inrichtingen in Zuidelijk Flevoland voor inwerkingtreding van de Omgevingswet onder de werkingssfeer van het Activiteitenbesluit milieubeheer komen te vallen. De wijziging van vergunningplicht (inrichting type C) naar algemene regels (inrichting type A of B) heeft tot gevolg dat boorputten van deze inrichtingen puur door wijzigingen in de regelgeving zijn komen te vallen &#243;nder het absolute verbod van de Omgevingsverordening Flevoland (artikel 5.14, lid 1 onder a).</tekst:Al>
		<tekst:Al>Reeds bestaande boorputten vallen, mits tijdig bij het college van Gedeputeerde Staten van Flevoland aangemeld, sinds de invoering van het absolute verbod onder het overgangsrecht. Dit overgangsrecht is echter niet van toepassing op de nu ontstane situatie. Om te voorkomen dat deze onvoorziene situatie tot verdere problemen leidt wordt, is in de Beleidsregel toezicht en handhaving boorputten Zuidelijk Flevoland (zoals per 2 april 2020 inwerking getreden), aangesloten bij het bestaande overgangsrecht voor de reeds bestaande boorputten van AMvB-inrichtingen. Deze beleidsregel is ook van toepassing op bedrijven die door wijzigingen in de bedrijfsvoering van een inrichting type C naar een type A of B zijn gegaan. Zoals in de toelichting bij de beleidsregel aangegeven is de beleidsregel verwerkt in dit overgangsrecht en opgenomen in <tekst:IntRef ref="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.7__para_2">Artikel 22.7, tweede lid</tekst:IntRef>.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Concreet betekent dit dat de provincie boorputten, zolang het gebruik hiervan niet is be&#235;indigd en door wetswijzigingen of door wijzigingen in de bedrijfsvoering onder het absolute verbod zijn komen te vallen, in het kader van de handhaving op dezelfde wijze behandelt als andere &#x2018;oudere&#x2019; boorputten, die op grond van het overgangsrecht in <tekst:IntRef ref="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.2__art_22.7__para_1">Artikel 22.7, eerste lid</tekst:IntRef> (eerder: artikel III.7, eerste lid van de
Omgevingsverordening Flevoland) tot 1 januari 2025 zijn toegestaan.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_280" wId="pv24_80__artrecital__content_280">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>22.8</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Overgangsrecht grondwateronttrekkingen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Het eerste lid bevat overgangsrecht voor open bodemenergiesystemen die ge&#239;nstalleerd zijn voor inwerkingtreding van de vergunningplicht in artikel 6.4 van de Waterwet op 1 juli 2013 en de daarbij horende regels voor open bodemenergiesystemen. Met dit overgangsrecht wordt duidelijk dat voor vergunningen die verleend zijn voor 1 juli 2013 het recht zoals toen gold van toepassing is. Dit is in lijn met het overgangsrecht zoals opgenomen in artikel 4.1157a van het Besluit activiteiten leefomgeving.</tekst:Al>
		<tekst:Al>In het tweede lid is overgangsrecht opgenomen voor aanwezige meldingsplichtige bodemenergiesystemen die met een aanwijzing van een interferentiegebied in een gemeentelijke verordening op grond van artikel 2.2b van het Besluit omgevingsrecht automatisch vergunningplichtig zouden worden. Voor bestaande systemen is dat onwenselijk en dient het bestaande recht gehandhaafd te blijven. <tekst:IntRef ref="chp_22__title_22.2__subchp_22.2.3__art_22.8__para_2">Artikel 22.8, tweede lid</tekst:IntRef> voorziet daarin. Artikel 8.2.11 van het Invoeringsbesluit regelt het overgangsrecht waardoor de gemeentelijke verordening als bedoeld in artikel 2.2b, eerste lid, van het Besluit omgevingsrecht van kracht blijft tot 2029. Daarna moeten de regels omgezet worden naar het omgevingsplan.</tekst:Al>
		<tekst:Al>Het derde lid regelt het overgangsrecht tussen 1 september 2007 en 22 december 2009 voor de verandering van de toetsdiepte voor een grondwaterwetvergunningen. De toetsdiepte voor grondwaterwetvergunningen is per 1 september 2007 veranderd van een vaste grens van 30 meter in een meer gebiedsspecifieke toetsdiepte zoals opgenomen in de boringsvrije zone. Voor die onttrekkingen die voor die datum onder de meldingsplicht vielen maar door de introductie van de nieuwe toetsdiepten vanaf 1 september 2007 onder de vergunningplicht komen te vallen is overgangsrecht opgesteld. De meldingen worden in dat geval gelijkgesteld met een vergunning.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_281" wId="pv24_80__artrecital__content_281">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>22.9</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Overgangsrecht voor bescherming landschap</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In het kader van de rechtszekerheid is van groot
belang dat de toestemming voor borden die op grond van deze verordening op
grond van een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke toestemming van de
provincie Flevoland of haar rechtsvoorgangers aanwezig waren onder het regime
van deze verordening rechtsgeldig aanwezig blijven. Om die reden worden
ontheffingen of meldingen die zijn verleend voor de inwerkingtreding van deze
verordening, gelijkgesteld met een omgevingsvergunning als bedoeld in hoofdstuk
8 van deze verordening.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_282" wId="pv24_80__artrecital__content_282">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>22.10</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Overgangsrecht voor wegen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In het kader van de rechtszekerheid is het van groot belang dat werken die ten tijde van de inwerkingtreding van deze verordening op grond van een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke toestemming van de provincie Flevoland of haar rechtsvoorgangs aanwezig waren onder het regime van deze verordening rechtsgeldig aanwezig blijven. Dit artikel geeft hiervoor een regeling ten aanzien van werken langs provinciale wegen. De met een toestemming aanwezige werken worden met de op grond van deze verordening vereiste vergunning respectievelijk de vereiste melding te zijn gedaan als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_9">Hoofdstuk 9</tekst:IntRef> van deze verordening.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_283" wId="pv24_80__artrecital__content_283">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>22.11</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Overgangsrecht voor vaarwegen</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In het kader van de rechtszekerheid is het van groot belang dat werken die ten tijde van de inwerkingtreding van deze verordening op grond van een privaatrechtelijke of publiekrechtelijke toestemming van de provincie Flevoland of haar rechtsvoorgangs aanwezig waren onder het regime van deze verordening rechtsgeldig aanwezig blijven. Dit artikel geeft hiervoor een regeling ten aanzien van werken langs provinciale vaarwegen. De met een toestemming aanwezige werken worden met de op grond van deze verordening vereiste vergunning respectievelijk de vereiste melding te zijn gedaan als bedoeld in <tekst:IntRef ref="chp_11">Hoofdstuk 11</tekst:IntRef> van deze verordening.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_284" wId="pv24_80__artrecital__content_284">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>22.12</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Evaluatie</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Vanuit een oogpunt van duidelijkheid en rechtszekerheid verdient het aanbeveling de werking van de verordening periodiek te evalueren. Met dit artikel wordt aan deze evaluatie invulling gegeven.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_285" wId="pv24_80__artrecital__content_285">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>22.13</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Inwerkingtreding</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>Dit artikel regelt dat de verordening in werking treedt gelijktijdig met de Omgevingswet. </tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	    <tekst:Divisietekst eId="artrecital__content_286" wId="pv24_80__artrecital__content_286">
	      <tekst:Kop>
		<tekst:Label>Artikel</tekst:Label>
		<tekst:Nummer>22.14</tekst:Nummer>
		<tekst:Opschrift>Citeertitel</tekst:Opschrift>
	      </tekst:Kop>
	      <tekst:Inhoud>
		<tekst:Al>In dit artikel is de citeertitel van de verordening opgenomen.</tekst:Al>
	      </tekst:Inhoud>
	    </tekst:Divisietekst>
	  </tekst:ArtikelgewijzeToelichting>
	</tekst:Toelichting>
      </tekst:RegelingCompact>
    </lvbbu:RegelingVersie>
    <lvbbu:AnnotatieBijToestand>
      <data:ExpressionIdentificatie xmlns:data="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/data/">
	<data:FRBRWork>/akn/nl/act/provincie/2024/CVDR706275</data:FRBRWork>
	<data:FRBRExpression>/akn/nl/act/provincie/2024/CVDR706275/nld@2024-01-01</data:FRBRExpression>
	<data:soortWork>/join/id/stop/work_006</data:soortWork>
      </data:ExpressionIdentificatie>
      <data:RegelingMetadata xmlns:data="https://standaarden.overheid.nl/stop/imop/data/">
	<data:heeftCiteertitelInformatie>
	  <data:CiteertitelInformatie>
	    <data:citeertitel>Herziening Omgevingsverordening provincie Flevoland 2024</data:citeertitel>
	    <data:isOfficieel>true</data:isOfficieel>
	  </data:CiteertitelInformatie>
	</data:heeftCiteertitelInformatie>
	<data:eindverantwoordelijke>/tooi/id/provincie/pv24</data:eindverantwoordelijke>
	<data:grondslagen>
	  <data:grondslag>
	    <data:TekstReferentie>
	      <data:uri>jci1.3:c:BWBR0037885&amp;artikel=2.6</data:uri>
	      <data:label>Artikel 2.6 Omgevingswet</data:label>
	      <data:soortRef>JCI</data:soortRef>
	    </data:TekstReferentie>
	  </data:grondslag>
	</data:grondslagen>
	<data:maker>/tooi/id/provincie/pv24</data:maker>
	<data:officieleTitel>Omgevingsverordening provincie Flevoland</data:officieleTitel>
	<data:onderwerpen>
	  <data:onderwerp>/tooi/def/concept/c_9af4b880</data:onderwerp>
	</data:onderwerpen>
	<data:rechtsgebieden>
	  <data:rechtsgebied>/tooi/def/concept/c_638d8062</data:rechtsgebied>
	</data:rechtsgebieden>
	<data:soortRegeling>/join/id/stop/regelingtype_004</data:soortRegeling>
	<data:soortBestuursorgaan>/tooi/def/thes/kern/c_411b4e4a</data:soortBestuursorgaan>
      </data:RegelingMetadata>
    </lvbbu:AnnotatieBijToestand>
  </lvbbu:Consolidatie>
</lvbbu:Consolidaties>
