<?xml version="1.0" encoding="utf-8"?><cvdr xmlns="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/" xmlns:dcterms="http://purl.org/dc/terms/" xmlns:overheid="http://standaarden.overheid.nl/owms/terms/" xmlns:overheidrg="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/meta/" xmlns:xsi="http://www.w3.org/2001/XMLSchema-instance" xsi:schemaLocation="http://standaarden.overheid.nl/cvdr/terms/  http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xsd/cvdr.xsd"><!--export0.91--><!--volledig0.92--><!--wrapper0.90--><!--modificeer_20.90--><!--cvdr2gvop0.94--><!--pre_struct0.90--><!--pre_source0.93--><!--meta.xsl(cvdr2gvop)0.92--><!--metadata_tussenformaat0.91--><meta xmlns:msxsl="urn:schemas-microsoft-com:xslt" xmlns:xhtml="http://www.w3.org/1999/xhtml"><owmskern><dcterms:identifier>CVDR70352_3</dcterms:identifier><dcterms:title>Verordening Wet inburgering gemeente Waterland</dcterms:title><dcterms:language>nl</dcterms:language><dcterms:type scheme="overheid:Informatietype">regeling</dcterms:type><dcterms:creator scheme="overheid:Gemeente">Waterland</dcterms:creator><dcterms:modified>2013-04-12</dcterms:modified><dcterms:spatial scheme="overheid:Gemeente">Waterland</dcterms:spatial></owmskern><owmsmantel><dcterms:isFormatOf resourceIdentifier="">Gemeenteblad, 2013, 15</dcterms:isFormatOf><dcterms:alternative>Verordening Wet inburgering gemeente Waterland</dcterms:alternative><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet inburgering, art. 8</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet inburgering, art. 19 lid 5</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet inburgering, art. 23 lid 3</dcterms:source><dcterms:source resourceIdentifier="">Wet inburgering, art. 35</dcterms:source><overheid:isRatifiedBy scheme="overheid:BestuursorgaanGemeente">gemeenteraad</overheid:isRatifiedBy><dcterms:subject>maatschappelijke zorg en welzijn</dcterms:subject><dcterms:issued>2013-03-14</dcterms:issued><dcterms:rights>De tekst in dit document is vrij van auteursrecht en
                    databankrecht</dcterms:rights></owmsmantel><cvdripm><overheidrg:inwerkingtredingDatum>2013-04-12</overheidrg:inwerkingtredingDatum><overheidrg:uitwerkingtredingDatum>2014-01-01</overheidrg:uitwerkingtredingDatum><overheidrg:betreft>Wijziging artikelen 1, 2, 3, 4 en 8</overheidrg:betreft><overheidrg:kenmerk>193-12</overheidrg:kenmerk><overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><al>Geen</al></overheidrg:gedelegeerdeRegelgeving><overheidrg:redactioneleToevoeging><al>1. Voor de inburgeringsplichtigen voor wie voor 1 januari 2012 een voorziening is vastgesteld door de gemeente Waterland, blijven de Verordening inburgering gemeente Waterland en de ondertekende inburgeringsovereenkomst van toepassing.</al><al>2. Voor de vrijwillige inburgeraar voor wie voor 1 januari 2012 een voorziening is vastgesteld door de gemeente Waterland, blijft de Verordening inburgering gemeente Waterland en de ondertekende inburgeringsovereenkomst van toepassing.</al></overheidrg:redactioneleToevoeging></cvdripm></meta><body><intitule>Verordening Wet inburgering gemeente Waterland</intitule><regeling><aanhef><preambule><al><vet>B E S L U I T :</vet></al><al/><al>overwegende dat de raad bij verordening regels dient te stellen over de
                        informatieverstrekking door de gemeente aan inburgeringsplichtigen, het
                        aanbieden van een inburgeringsvoorziening aan bijzondere groepen
                        inburgeringsplichtigen en de rechten en plichten van de
                        inburgeringsplichtige voor wie een inburgeringsvoorziening is vastgesteld,
                        alsmede dat de raad bij verordening het bedrag dient vast te stellen van de
                        bestuurlijke boete die voor de verschillende overtredingen kan worden
                        opgelegd;</al><al/><al>De Verordening Wet inburgering gemeente Waterland vast te stellen.</al><al/></preambule></aanhef><regeling-tekst><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>1.</nr><titel>Begripsomschrijvingen en informatieverstrekking</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>1</nr><titel>Begripsomschrijvingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>In deze verordening wordt verstaan onder: </al><al>a. het college: het college van burgemeester en wethouders van de
                                gemeente Waterland; </al><al>b. de wet: de Wet inburgering, zoals deze luidde op 31 december
                                2012;</al><al>c. voorziening: een inburgeringsvoorziening of
                                taalkennisvoorziening, eventueel in combinatie met een andere
                                voorziening op het gebied van re-integratie of participatie;</al><al>d. de wetswijziging: de wet van 13 september 2012 tot wijziging van
                                de Wet inburgering en enkele andere wetten in verband met de
                                versterking van de eigen verantwoordelijkheid van de
                                inburgerinsplichtige (Stb. 2012, 430);</al><al>e. inburgerinsplichtige: persoon bedoeld in artikel X, 2e t/m 5e lid
                                van de wetswijziging.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De begripsomschrijvingen in de wet en de daarop berustende
                                regelingen zijn van toepassing op de begrippen die in deze
                                verordening worden gebruikt.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>2</nr><titel>De informatieverstrekking aan inburgeringsplichtigen en
                                vrijwillige inburgeraars</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al> Het college draagt er zorg voor dat de inburgeringsplichtigen op
                                een doeltreffende en doelmatige wijze worden geïnformeerd over hun
                                rechten en plichten uit hoofde van de wet en over het aanbod van en
                                de toegang tot de voorzieningen. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college maakt bij de informatieverstrekking aan de
                                inburgeringsplichtigen in ieder geval gebruik van de volgende
                                middelen: </al><al>a. Algemene informatie via de website van de gemeente Waterland
                                aangevuld met digitale informatie van de rijksoverheid;</al><al>b. Specifieke informatie wordt mondeling gegeven tijdens een
                                (intake) gesprek en via brieven, beschikkingen, e-mail en
                                telefoon.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>2.</nr><titel>Doelgroepen en samenstelling van de voorziening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>3</nr><titel>Inburgeringsaanbod</titel></kop><al>Het college biedt een inburgeringsvoorziening of taalkennisvoorziening
                            aan de inburgeringsplichtige, te weten:</al><al>a. de houder van een verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 28 van
                            de Vreemdelingenwet 2000 en</al><al>b. de geestelijke bedienaar, bedoeld in artikel 1, onderdeel g van de
                            wet, die geen oudkomer is als bedoeld in artikel 1, onderdeel c, van de
                            wet.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>4</nr><titel>De samenstelling van de voorziening</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college stemt de inburgeringsvoorziening, met uitzondering van
                                de inburgeringsvoorziening aan geestelijke bedienaren of de
                                taalkennisvoorziening, af op het startniveau en de vaardigheden, de
                                persoonlijke omstandigheden en de maatschappelijke positie van de
                                inburgeringsplichtige.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Indien de inburgeringsplichtige een reïntegratietraject wordt
                                aangeboden, draagt het college er zorg voor dat de
                                inburgeringsvoorziening of de taalkennis-voorziening op de het
                                reïntegratietraject wordt afgestemd. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>Aan de inburgersinsplichtige bedoeld in artikel 3 onderdeel a biedt
                                het college maatschappelijke begeleiding aan.</al><al/></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>5</nr><titel>De inning van de eigen bijdrage</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De eigen bijdrage, bedoeld in artikel 23, tweede lid, van de wet
                                wordt in ten hoogste tien termijnen betaald.</al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>Het college legt in de beschikking tot toekenning van een
                                inburgeringsvoorziening de termijnen van betaling vast. Indien het
                                college de eigen bijdrage verrekent met de algemene bijstand, wordt
                                dat in de beschikking vastgelegd. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>6</nr><titel>Opleggen van verplichtingen</titel></kop><al>Het college kan een inburgeringsplichtige bij beschikking een of meer
                            van de volgende verplichtingen opleggen: </al><lijst><li nr="a."><al>het deelnemen aan de aangeboden voorziening;</al></li><li nr="b."><al>het deelnemen aan gesprekken met de trajectbegeleider;</al></li><li nr="c."><al>het deelnemen aan voortgangsgesprekken;</al></li><li nr="d."><al>het voor de eerste maal deelnemen aan het inburgeringsexamen of
                                    het staatsexamen Nederlands als tweede taal I of II op een
                                    tijdstip dat door het college wordt bepaald;</al></li><li nr="e."><al>het melden indien door ziekte dan wel door andere relevante
                                    omstandigheden niet aan de verplichtingen in de beschikking kan
                                    worden voldaan;</al></li><li nr="f."><al>het zo spoedig mogelijk melden van resultaten van de aangeboden
                                    voorziening;</al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>3.</nr><titel>Het aanbod van een voorziening</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7</nr><titel>De procedure van het doen van een aanbod</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>Het college doet het aanbod, bedoeld in artikel 19, eerste of tweede
                                lid, van de wet schriftelijk. Het aanbod wordt gestuurd naar het
                                adres waar de inburgeringsplichtige zoals bekend in de gemeentelijke
                                basisadministratie. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>In het aanbod is een omschrijving gegeven van de voorziening die
                                wordt aangeboden en staan de rechten en verplichtingen vermeld die
                                aan de inburgeringsvoorziening zijn verbonden. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De inburgeringsplichtige aan wie een aanbod wordt gedaan, deelt
                                binnen twee weken het college schriftelijk mee of hij het aanbod al
                                dan niet aanvaardt. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>Wanneer de inburgeringsplichtige het aanbod aanvaardt, neemt het
                                college binnen twee weken na ontvangst van deze mededeling het
                                besluit tot toekenning van de voorziening, overeenkomstig het gedane
                                aanbod. </al></lid><lid><lidnr>5.</lidnr><al>Als redelijkerwijs aannemelijk is, dat een inburgeringsplichtige het
                                aanbod niet aanvaardt, stelt het college een termijn vast waarbinnen
                                het examen gehaald moet worden.</al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>7a</nr><titel>De voorziening in de vorm van een persoonlijk
                                inburgeringsbudget</titel></kop><lijst><li nr="1."><al>Op verzoek van de inburgeringsplichtige kan het college de
                                    voorziening, de taalkennisvoorziening of de
                                    inburgeringscomponent van de gecombineerde voorziening bedoeld
                                    in artikel 20, eerste lid en 24b eerste lid van de wet aanbieden
                                    in de vorm van een persoonlijk inburgeringsbudget aan de
                                    inburgeringsplichtige die</al><lijst><li nr="a."><al>Onderdelen van het traject al beheerst en met een
                                            individueel traject sneller kan opgaan voor het
                                            inburgeringsexamen of het staatsexamen, dan wel sneller
                                            een taalkennisvooriening kan afronden;</al></li><li nr="b."><al>Met zijn scholingsbehoefte een voorziening wenst die
                                            niet past binnen het reguliere aanbod; </al></li></lijst></li><li nr="2."><al>Het college kan aan andere inburgeringsplichtigen dan bedoeld
                                    onder a en b van het eerste lid een persoonlijk
                                    inburgeringsbudget aanbieden, als hiertoe naar het oordeel van
                                    het college aanleiding bestaat. </al></li></lijst></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>8</nr><titel>De inhoud van de beschikking</titel></kop><al>Het besluit tot toekenning van een inburgeringsvoorziening bevat in
                            ieder geval: </al><lijst><li nr="a."><al>een beschrijving van de voorziening;</al></li><li nr="b."><al>een opgave van de rechten en verplichtingen van de
                                    inburgeringsplichtige; </al></li><li nr="c."><al>de datum waarop het inburgeringsexamen of staatsexamen
                                    Nederlands als tweede taal I of II moet zijn behaald, dan wel de
                                    vereiste MBO-opleiding moet zijn behaald;</al></li><li nr="d."><al>de termijnen en wijze van betaling van de eigen bijdrage;
                                    en</al></li><li nr="e."><al>vervalt. </al></li></lijst></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>4.</nr><titel>De bestuurlijke boete</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>9</nr><titel>De hoogte van de bestuurlijke boetes voor de verschillende
                                overtredingen</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 62,50 indien de
                                inburgeringsplichtige of de persoon ten aanzien van wie het college
                                op redelijke gronden kan vermoeden dat deze inburgeringsplichtig is
                                geen of onvoldoende medewerking verleent aan het onderzoek, bedoeld
                                in artikel 25, vierde lid, van de wet. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 125,- indien de
                                inburgeringsplichtige geen of onvoldoende medewerking verleent aan
                                de uitvoering van de voor hem vastgestelde voorziening, bedoeld in
                                artikel 23, eerste lid, van de wet of aan de verplichtingen, bedoeld
                                in artikel 6 van deze verordening.</al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De bestuurlijke boete bedraagt ten hoogste € 250,- indien de
                                inburgeringsplichtige niet binnen de in artikel 7, eerste lid, van
                                de wet bedoelde termijn of binnen de door het college op grond van
                                artikel 31, tweede lid, onderdeel a, van de wet verlengde termijn
                                het inburgeringsexamen heeft behaald. </al></lid></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>10</nr><titel>Verhoging van de bestuurlijke boete bij herhaling van de
                                overtreding</titel></kop><lid><lidnr>1.</lidnr><al>De bestuurlijke boete voor overtredingen, bedoeld in artikel 9,
                                eerste lid, wordt verhoogd naar € 125, als de inburgeringsplichtige
                                zich binnen twaalf maanden na de vorige als verwijtbaar aangemerkte
                                overtreding opnieuw schuldig maakt aan dezelfde overtreding. </al></lid><lid><lidnr>2.</lidnr><al>De bestuurlijke boete voor overtredingen, bedoeld in artikel 9,
                                tweede lid,wordt verhoogd naar € 250, als de inburgeringsplichtige
                                zich binnen twaalf maanden na de vorige als verwijtbaar aangemerkte
                                overtreding opnieuw schuldig maakt aan dezelfde overtreding. </al></lid><lid><lidnr>3.</lidnr><al>De bestuurlijke boete wordt verhoogd naar € 500, als de
                                inburgeringsplichtige niet binnen de door het college op grond van
                                artikel 32 van de wet vastgestelde termijn het inburgeringsexamen
                                heeft behaald. </al></lid><lid><lidnr>4.</lidnr><al>De bestuurlijke boete wordt verhoogd naar € 500, als de
                                inburgeringsplichtige niet binnen de door het college op grond van
                                artikel 33 van de wet vastgestelde termijn het inburgeringsexamen
                                heeft behaald.</al></lid></artikel></hoofdstuk><hoofdstuk><kop><label>Hoofdstuk</label><nr>5.</nr><titel>Slotbepalingen</titel></kop><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>11</nr><titel>Inwerkingtreding</titel></kop><al>Deze verordening treedt in werking op de datum waarop de Wet inburgering
                            van kracht wordt.</al></artikel><artikel><kop><label>Artikel</label><nr>12</nr><titel>Citeertitel</titel></kop><al>De verordening wordt aangehaald als: Verordening Wet inburgering
                            gemeente Waterland. </al></artikel></hoofdstuk></regeling-tekst><regeling-sluiting><!--ontbrekende slotformulering die wel verplicht is in CVDR dus leeg neergezet--><slotformulering><al/></slotformulering><ondertekening>Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente
                        Waterland,</ondertekening><ondertekening>gehouden op 30 november 2006</ondertekening><ondertekening>De raad voornoemd,</ondertekening><ondertekening> De griffier, De voorzitter,</ondertekening><ondertekening>(Drs. E.G.H. Dijk) (Mr. E.F. Jongmans)</ondertekening><ondertekening/></regeling-sluiting></regeling></body></cvdr>